857907 - Achteruitrijcamera CONRAD - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis 857907 CONRAD in PDF-formaat.

📄 60 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag ⚙️ Specs
Notice CONRAD 857907 - page 45
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : CONRAD

Model : 857907

Categorie : Achteruitrijcamera

SKIP

Veelgestelde vragen - 857907 CONRAD

Download de handleiding voor uw Achteruitrijcamera in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 857907 - CONRAD en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 857907 van het merk CONRAD.

GEBRUIKSAANWIJZING 857907 CONRAD

Deze gebruiksaanwijzing hoort bij dit product. Er staan belangrijke aanwijzingen in betreffende de ingebruikname en gebruik, ook als u dit product doorgeeft aan derden. Bewaar deze handleiding zorgvuldig, zodat u deze later nog eens kunt nalezen!3

Inleiding Geachte klant, Hartelijk dank voor de aanschaf van het achteruitrijd-videosysteem. Met deze set heeft u een betrouwbaar product verworven dat volgens de nieuwste technische inzichten is vervaardigd en veilig is in gebruik. Dit product voldoet aan de voorwaarden van de geldende Europese en nationale richtlijnen. De con- formiteit is aangetoond, terwijl de bijbehorende verklaringen en documenten zijn gedeponeerd bij de fabrikant. Volg de instructies van de gebruiksaanwijzing op om deze status van het apparaat te handhaven en een ongevaarlijke werking te garanderen! Voor meer informatie kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be.46 Beoogd gebruik Het achteruitrijd-videosysteem dient om bij het parkeren of achteruitrijden met een motorvoertuig hin- dernissen weer te geven. Het werkt met ultrasone sensoren en een achteruitrijdcamera met IR-verlich- ting. Het beeld en de afstand tot mogelijke hindernissen bij het achteruitrijden wordt op een TFT-kleu- renmonitor weergegeven, die in de achteruitkijkspiegel is geïntegreerd. Bovendien worden eventuele obstakels akoestisch door een pieptoon aangegeven. Dit product is uitsluitend geschikt voor de aansluiting op een 12 V DC boordnet met de negatieve pool van de autoaccu naar de carrosserie en mag alleen in auto's en vrachtwagens met dit type boordspan- ning worden ingebouwd en in gebruik worden genomen. De geïntegreerde monitor (schermdiagonaal ca. 8,5 cm (3,5")) in de achteruitkijkspiegel is alleen toege- staan voor achteruitrijden bij parkeren. Met behulp van de klemmen kan de TFT-achteruitkijkspiegel zon- der veel problemen worden bevestigd aan de eigen achteruitkijkspeigel van het voertuig. Door het soort inbouw dient de gebruiker ervoor te zorgen dat de besturingselektronica, de signaalge- nerator en de aansluitbox tegen vocht en natheid worden beschermd. Een andere toepassing dan hierboven beschreven, kan leiden tot beschadiging van het product. Daar- naast bestaat het risico van bijv. kortsluiting, brand of elektrische schokken. Het gehele product mag niet gewijzigd resp. omgebouwd worden!

  • Neem altijd de veiligheidsinstructies in acht! Inhoudsopgave Inleiding p. 45
  • Beoogd gebruik p. 46
  • Productbeschrijving p. 47
  • Verklaring van symbolen p. 47
  • Veiligheidsvoorschriften p. 48
  • Beschrijving van de onderdelen p. 50
  • Voorbereiding p. 51
  • Inbouw p. 51
  • Aansluiten p. 53
  • Ingebruikname p. 55
  • Reiniging p. 56
  • Verwijderen p. 57
  • Verhelpen van storingen p. 57
  • Technische gegevens Productbeschrijving Het achteruitrijd-videosysteem zendt via vier sensoren aan de achterzijde van het voertuig ultrasone gol- ven uit en vangt deze weer op wanneer deze door een hindernis worden gereflecteerd. Door het berekenen van de retourtijd wordt de afstand tot de hindernis vastgesteld en via de in de ach- teruitkijkspiegel geïntegreerde TFT-kleurenmonitor optisch en akoestisch aangegeven. De tooninterval van de signaalgenerator verandert in verhouding met de afstand tot de hindernis. Het achteruitrijd-videosysteem, de monitor en het camerabeeld worden automatisch ingeschakeld door het inschakelen van de versnelling achteruit. De kleurencamera schakelt bij slechte verlichtingsomstandigheden automatisch over naar de gevoeliger monochrome modus. Als het donker is wordt bovendien de geïntegreerde infrarood verlichting inge- schakeld. De verlichting volstaat in absolute duisternis voor een gebied van ong. 2m. Dankzij voorgeconfectioneerde afzonderlijke onderdelen is de installatie eenvoudig. De ultrasone sensoren zijn water- en stofdicht en afgezien van reiniging van de buitenkant onderhouds- vrij. De achteruitkijkspiegel is getint en heeft dus geen verduisteringsfunctie meer nodig. Het apparaat voldoet aan de motorvoertuigenrichtlijn (aangegeven met het "e"-nummer) en is dus goed- gekeurd voor het gebruik in het openbare verkeer in de landen van de EU. Verklaring van symbolen p. 5847

Een uitroepteken in een driehoek wijst op belangrijke instructies in deze gebruiksaanwijzing die absoluut opgevolgd dienen te worden.

Het hand-symbool vindt u bij bijzondere tips of instructies die nuttig kunnen zijn bij het omgaan met het product.48 Veiligheidsinstructies

Lees voor de ingebruikname de volledige gebruiksaanwijzing door, deze bevat belang- rijke aanwijzingen voor het juiste gebruik. Bij schade veroorzaakt door het niet opvolgen van de gebruiksaanwijzing, vervalt de garantie! Voor gevolgschade zijn wij niet aansprakelijk! Voor materiële schade of persoonlijk letsel, veroorzaakt door ondeskundig gebruik of het niet opvolgen van de veiligheidsaanwijzingen, aanvaarden wij geen aansprakelijk- heid! In zulke gevallen vervalt de garantie. Om gevaren te voorkomen moeten de veiligheids- en waarschuwingsvoorschriften van deze gebruiks- aanwijzing steeds in acht worden genomen. Uit veiligheids- en toelatingsoverwegingen is het eigenmachtig ombouwen en/of wijzigen van het appa- raat niet toegestaan. Het apparaat dient slechts als hulpmiddel bij het achteruitrijden, het ontslaat de bestuurder niet van zijn verantwoordelijkheidsplicht. Sommige hindernissen kunnen op basis van de werkwijze van het apparaat mogelijk niet of niet precies worden herkend. Het apparaat werkt alleen probleemloos bij langzaam achteruitrijden. Bij sneller rijden kan de waarschu- wing evt. niet meer op tijd worden gegeven. De werking van het apparaat kan door sterke vervuiling van de sensoren of door de ontwikkeling van uit- laatgassen negatief worden beïnvloed. De sensoren en de camera mogen de achterlichten, het kenteken of andere elementen van het voertuig niet bedekken of buiten de autocarrosserie uitsteken. Neem bij de montage en ingebruikname de geldende keuringsvoorschriften en het wegenverkeersregle- ment in acht. Maak voor alle installatiewerkzaamheden aan de voertuigelektronica altijd de minpool van de batterij los. Het gevaar van kortsluiting wordt hierdoor voorkomen. Sluit de minpool van de accu pas weer aan als u het apparaat volledig heeft aangesloten en de aansluiting goed is gecontroleerd. Neem hieromtrent de instructies van de voertuigfabrikant in acht, om ervoor te zorgen dat voertuigspecifieke geheugens niet verloren gaan. Gebruik voor de controle van de spanning aan boordspanningskabels alleen een voltmeter of een dio- detester, omdat normale controlelampen te hoge stromen opnemen en daardoor de boordelektronica zou kunnen beschadigen.49 Let bij het leggen van leidingen op, dat deze niet ingeklemd worden of tegen scherpe kanten aan schuren; gebruik bij doorvoeringen rubber kokers. Wijzigingen aan het voertuig, die door het inbouwen van de parkeerhulp nodig zijn, moeten altijd zo wor- den uitgevoerd, dat hierdoor geen beperking van de verkeersveiligheid of van de constructieve stabiliteit van de auto ontstaat. Neem contact op met uw autodealer als u twijfelt over de keuze van de montageplaats. Let op dat bij het boren van montagegaten elektrische kabels, remleidingen, brandstoftank enz. niet wor- den beschadigd. Neem bij gebruik van gereedschap voor het inbouwen van uw parkeerhulp altijd de veiligheidsinstructies van de fabrikant van het betreffende gereedschap in acht. Houd bij de inbouw van de componenten rekening met het gevaar dat kan voortkomen uit losgerukte bouwelementen in het geval van een ongeluk. Bevestig daarom elk onderdeel stevig op een plaats waar het geen gevaar vormt voor inzittenden. Mocht een reglementaire werking van het apparaat niet meer mogelijk zijn, dan dient het direct buiten bedrijf te worden gesteld en tegen opnieuw aanzetten te worden beveiligd. Voorkom een grote mechanische belasting van het apparaat. Laat het verpakkingsmateriaal niet achteloos slingeren. Dit kan voor kinderen gevaarlijk speelgoed zijn. Houd het apparaat buiten het bereik van kinderen. Het is geen speelgoed. Bij vragen met betrekking tot de correcte aansluiting of met betrekking tot problemen waar u in de gebruiksaanwijzing geen oplossing voor kunt vinden, dient u contact op te nemen met onze technische helpdesk of met een andere vakman. Indien kan worden aangenomen dat een veilig gebruik niet meer mogelijk is, mag het toestel niet meer worden gebruikt en moet het worden beveiligd tegen onbedoeld gebruik. U mag ervan uitgaan dat een veilig gebruik niet meer mogelijk is indien: - het apparaat zichtbaar is beschadigd, - het apparaat niet meer werkt en - het apparaat voor langere tijd onder ongunstige omstandigheden is opgeslagen geweest of - het apparaat tijdens transport te zwaar is belast.50 Omschrijving van de onderdelen 1 Stuureenheid 2 Ultrasone sensoren 3 Waarschuwingszoemer 4 Camera-aansluitkabel 5 PWR-aansluitkabel voor stroomvoorziening (achteruitrijdverlichting) 6 Gatensnijder 21 mm 7 Gatensnijder 28 mm 8 Afstandringen voor kleurencamera (reeds op de camera (9) gemonteerd) 9 CMOS-kleurencamera 10 Monitor-verbindingskabel 11 Achteruitkijkspiegel met geïntegreerde TFT-monitor 12 Aansluitkabel voor stroomvoorziening camera met achteruitrijdverlichting51 Voorbereiding Door het gebruik van vier ultrasone sensoren wordt het achteruitrijdbereik nagenoeg compleet bewaakt. De sensoren moeten gelijkmatig verdeeld over de voertuigbreedte worden gemonteerd. De afbeelding geeft het sensorbereik vanuit twee perspectieven weer. Inbouw Om de sensoren te kunnen inbouwen, heeft u een boormachine nodig om de benodigde gaten in de bumper te boren. Teken voordat u gaat boren de posities van de gaten zorgvuldig aan. Let er hierbij op, dat de sensorhoek niet door voertuigonderdelen wordt belemmerd. Dit kan storingen tot gevolg hebben. De ultrasone sensoren moeten gelijkmatig ver- deeld over de voertuigbreedte worden gemon- teerd. De afstand tussen de sensoren mag 30 - 40 cm niet overschrijden. De montagehoogte moet in het bereik tussen 50 - 80 cm liggen. Monteer de camera centraal in het midden voor een optimale kijkhoek. Bevestigingsgaten boren

Volg tijdens het boren de veiligheids- instructies van de boormachine op. Let op, dat u geen leidingen en kabels beschadigt, die zich in het boorbereik bevinden. Boor de gaten voor de vier ultrasoon sensoren met de meegeleverde 21mm gatenboor, de ope- ning voor de camera met de 28 mm gatenboor.

Verwijder na het boren eventuele rafels met een vijl of een scherp mes.52 Plaatsen van de ultrasone detectoren en de camera De ultrasone sensoren moeten altijd waterpas worden gemonteerd, aangezien er anders foute metingen kunnen ontstaan. Druk de sensoren in de juiste volgorde in de openingen, totdat deze vlak tegen de bumper aanliggen. Maak de kartel- schroef op de camera los en pas hem evt. met de metalen afstandsringen (8) aan op de bumper. Schroef de camera nog niet vast, omdat de zichthoek nog moet worden afgeregeld.

Let op, dat de ultrasone sensoren in de juiste volgorde worden aangesloten. Begin met sensor A links achter (zie ook de afbeelding in het hoofdstuk "Inbouw"). Wordt de volgorde verwisseld, dan komt de richtingstoekenning in de indicator (11) niet overeen. Leidingen en componenten aanleggen Leid de aansluitleidingen van de ultrasone sensoren van buiten door de bumper naar de opening van de kofferruimte. Verleg de kabels zorgvuldig naar binnen, zodat geen vocht binnen in het voertuig kan komen. Bevestig de besturingseenheid (1) m.b.v. het meegeleverde kleef- pad. Een geschikte plaats hiervoor is de zijwand van de waterdich- ter kofferruimte in de buurt van een achteruitrijlamp. Let erop dat de aansluitkabels van de sensoren lang genoeg zijn om de bestu- ringseenheid (1) te bereiken. Leg de verbindingsleidingen van de sensoren volgens het aan- sluitschema in het hoofdstuk "Aansluiting". De waarschuwingszoemer (3) bevestigt u ook met het meegele- verde kleefpad. Trek hiervoor het beschermingspapier van het kleefpad. De ideale plek voor het bevestigen van de waarschu- wingszoemer kunt u het beste zelf bepalen. De geluidssterkte van de zoemer kan per montage verschillen. Een geschikte plek is bv. de hoedenplank resp. afdekking van de kofferbak.

De montageplaats moet absoluut stof- en vetvrij zijn. Vermijdt het plakken onder de 5 °C, omdat daardoor de lijm misschien niet goed houdt. Let er bij het leggen van de leidingen in deurbalken enz. op dat geen veiligheidsrelevante inrichtingen (bv. een zij-airbag) worden belemmerd of beschadigd.53 Montage van de achteruitkijkspiegel Het kernonderdeel van het achteruitrijd-videosysteem is de achteruitkijkspiegel met geïntegreerde TFT- kleurenmonitor. Trek de klembeugel aan de achterzijde van de achteruitkijkspiegel open en plaats hem op de achteruit- kijksiepgel van het voertuig. Leg de aansluitleiding in de sponning van de bovenbekleding.

Let er bij de keuze van de montageplaats op, dat de indicator zich niet in het directe zichtveld van de bestuurder resp. in veiligheidsrelevante bereiken (airbags etc.) bevindt. Aansluiten Na de installatie en plaatsing van alle onderdelen moeten de steekverbindingen van de indicator en de voedingsspanning tot stand worden gebracht. De volgende schets geeft de bedrading van alle componenten. Maak alle steekverbindingen volgens het aansluitschema hieronder. - Verbind de zwarte stekker van de monitorkabel aan de spiegel (11) met de zwarte stekker van de aan- sluitkabel aan de permanente stroomvoorziening (10).54 - Steek de kleine witte stekker van de camera-aansluitleiding (4) gemarkeerd met "NTSC" in de "Camera/CAM" in het contactslot op de besturingseenheid. De stekker past alleen met de juiste pola- riteit in de bus. Aan het einde van de camera-aansluiting is een signaalleiding (gele cinch-stekker). - Verbind de gele cinch-stekker "NTSC" met het gele cinch-contactslot op de camer (9). - Verbind de zwarte stekker van de camera (9) met de aansluitkabel voor de stroomvoorziening (12) - Verbind de vier stekkers van de ultrasone sensoren (A tot en met D) in de juiste volgorde met de bus- sen "A, B, C en D" van de besturingseenheid (1). Let er hierbij op de juiste volgorde van de letters bij de leidingen en de steekbussen. - Stop de kabel van de waarschuwingszoemer (3) in de bus "ALM" van de stuureenheid (1). Nadat alle verbindingen zijn gemaakt moeten alleen nog de stroomvoorziening voor de spiegelmonitor en de aansluiting aan de achteruitrijdlichten worden verbonden. Het radio-parkeersysteem bestaat uit twee delen, die op verschillende stroombronnen moeten worden aangesloten. De aansluiting van de monitor is aan de plus van de ontsteking. Het ultrasone systeem zelf daarentegen mag alleen werken als de versnelling in de achteruit is gescha- keld. Daarom wordt het gevoed door de achteruitrijdverlichting. Zoek de juiste leidingen uit met een voltmeter of een diodeproeflamp.

Met een optionele kabelsnijdverbinder kan zeer eenvoudig een veilige verbinding worden gemaakt, zonder dat de leiding van de lichten doorgeknipt moet worden. Plaats daartoe een kabelkoppeling rond de spanningsleiding en de aan te sluiten geleider in de koppeling. Druk nu met een tang de contactbrug op de leidingen. Let hierbij in elk geval op een duurzame isolatie van de contactplaats (bv. geïsoleerde knijp- verbinders, isolatietape, enz.). Monitor-aansluiting - Verbind de rode plusleiding (+) van de monitor-verbindingskabel (10) met de plus van de ontsteking. Dit stroomcircuit wordt beveiligd door een zekering in de zekeringenbox. Een extra zekering is niet vereist. - Sluit de zwarte minleiding (-) van de monitor-verbindingskabel (10) aan op een massacontact (bv. de carosserie).55 Geschakelde plus-aansluiting (acheruitrijdlichten) Bepaal met de versnelling in achteruit en het contact aan, de juiste leiding van de achteruitrijdschijnwer- per. De verlichting en de knipperlichten dienen hierbij uit te zijn. Kon de juiste leiding worden vastgesteld, schakel dan het contact weer uit. - Sluit de rode plusleiding van de PWR-aansluitkabel (5) aan op het pluscontact van de achteruitrijd- verlichting. - De zwarte minleiding van de PWR-aansluitkabel (5) moet met de massa (carosserie) worden ver- bonden. - Verbind de kleine witte stekker van de PWR-aansluitkabel (5) met de bus "PWR" van de stuureen- heid (1). - Sluit de rode plusleiding van de camera-aansluitkabel (12) aan op het pluscontact van de achteruit- rijdverlichting. - De zwarte minleiding van de aansluitkabel (12) moet met de massa (carosserie) worden verbonden. Eindcontrole en afstellen van de camera Controleer de bedrading nogmaals. Neem de elektriciteit van het voertuig terug in bedrijf. De monitor wordt bij de eerste in bedrijfname ingeschakeld. Het signaal van de camera wordt per radio van de besturingseenheid (1) naar de monitor (11) gezonden. Zet het contact aan en schakel in achteruit. Het achteruitrijdsysteem schakelt zichzelf automatisch na enkele ogenblikken in en is klaar voor gebruik. Op de monitor wordt het beeld van de camera zichtbaar. Als er een hindernis wordt waargenomen, dan worden ook de afstand en richting weergegeven. Draai de camera achterop het voertuig in de juiste horizontale positie. Schroef de camera vast met de bevestigingsringen. Bij schuine oppervlakken kunnen de metalen afstandsringen op de camera ten opzichte van elkaar worden verschoven, om deze oneffenheden uit te vlakken. Draai beide kartelschroeven aan de camera vast. Ingebruikname Het achteruitrijd-videosysteem bestaat uit twee met elkaar verbonden systemen. De achteruitkijkspiegel met geïntegreerde monitor en het ultrasone achteruitrijdsysteem. Bij ingeschakelde achteruit worden het ultrasonore achteruitrijdsysteem en de camera geactiveerd. De camera zendt de beelden per radio naar de in de achteruitkijkspiegel geïntegreerde kleurenmonitor. Als er een hindernis wordt waargenomen, dan worden ook de afstand en richting op de monitor weerge- geven.

Test het systeem voordat u het echt in gebruik neemt om te wennen aan de indicatoren en sig- nalen.56 Schakel het contact in (boordspanning) en zet de versnelling in de achteruit. De monitor geeft naast de sensorgegevsn ook het beeld achteraan. Vraag aan iemand anders om de "hindernis" achter uw auto te simuleren. De hindernispersoon komt dan vanaf ongeveer 2 meter afstand steeds dichterbij de achterkant van de auto. De kortste afstand tussen de beide zijden van het voertuig en een hindernis wordt bovenaan het beeld in meters weergegeven. De balkindicatie geeft de richting en de afstand van de 4 sensoren tot een hin- dernis. Des te meer balken er worden getoond, des te dichterbij is de hindernis. De afstand tot een hindernis wordt ook akoestisch met toenemende intensiteit van de signaaltoon weer- gegeven (grote afstand = langzame pieptoon; geringe afstand = snelle pieptoon). De volgende waarschuwingsbereiken moeten in acht genomen worden. Veilige afstand van 2,0 - 1,6 m (geen toon, afstandsweergave). Veilige afstand van 1,5 - 0,9 m (langzame waarschuwingstoon, afstandsweergave). Waarschuwingsafstand van 0,8 - 0,5 m (versnelde waarschuwingstoon, afstandsweergave). Gevaarlijke afstand van 0,4 m - 0 m (snelle waarschuwingstoon, monitorweergave "STOP" <0,4 m). In bepaalde situaties werkt het ultrasone meetprincipe niet geheel betrouwbaar. Dit is bijvoorbeeld het geval bij lichte hellingen, bij afgeronde voorwerpen of bij zachte voorwerpen en bij regen, die de ultraso- ne golven mogelijk absorberen. Reiniging Reinig de buitensensoren regelmatig om storingen te voorkomen. Gebruik hiervoor een zachte, schone, enigszins bevochtigde doek. U kunt de lens van de camera ook met een zachte, schone, enigszins bevochtigde doek schoonmaken. De achteruitkijkspiegel kunt u het beste reinigen met een zachte, schone, enigszins vochtige en pluis- vrije doek zonder schurende en chemische reinigingsmiddelen. Druk nooit op het display, het zou beschadigd kunnen raken. Hindernis links Hindernis in het midden Hindernis rechts57 Verwijdering Gebruikte elektronische apparaten zijn grondstoffen en horen niet thuis bij het huisafval. Indien het apparaat onbruikbaar is geworden, dient het in overeenstemming met de geldende wettelijke voorschriften te worden afgevoerd. Afvoer via het huisvuil is niet toegestaan. Zo vol- doet u aan uw wettelijke verplichtingen en draagt u bij aan bescherming van het milieu! Verhelpen van storingen Met het achteruitrijd-videosysteem heeft u een product verworven dat volgens de nieuwste technische inzichten vervaardigd werd en veilig is in gebruik. Toch kunnen zich problemen of storingen voordoen. Hieronder vindt u enkele maatregelen om eventuele storingen eenvoudig zelf te verhelpen:

Neem beslist de veiligheidsvoorschriften in acht! Fouten Mogelijke oorzaken Oplossing Het achteruitrijdsysteem De achteruitversnelling is niet Schakel de achteruitversnelling in. schakelt niet in. ingeschakeld. De contactspanning is niet Schakel de ontsteking in. beschikbaar. De bekabeling is foutief. Controleer de contactverbindingen (zie aansluitingsschema), de zekering in de "zekeringenbox" aan de verbindingskabel (10) of de platte zekering van de stroom- voorziening van het voertuig. Het scherm toont foutieve Programmafouten Neem de versnelling uit de afstandswaarden en laat een achteruit en schakel die signaaltoon horen, hoewel er opnieuw in (reset). voldoende plaats is. De sensoren zijn sterk vervuild. Reinig de sensoren regelmatig.

Andere reparaties dan hierboven beschreven, mogen uitsluitend door een bevoegde vakman worden uitgevoerd. Afzonderlijke, defecte beeldpunten (heldere of donkere pixels) zijn eigen aan het onderdeel en vallen niet onder de garantie. Dit vermindert of beïnvloedt de functionali- teit van het systeem niet. De zekering is defect.58 Vervangen van zekeringen De monitorverbindingskabel (10) is tegen overbelasting beschermd met een eigen nauwkeurige zeke- ring. De zekeringen moeten worden vervangen als monitor niet meer kan worden ingeschakeld. Voor het vervangen van een zekering gaat u als volgt te werk: Schroef de zekeringenbox voorzichtig open. Vervang de defecte zekering door een nieuwe zekering van hetzelfde type en nominale stroomsterkte. Nauwkeurige zekering 5 x 20 mm, 3 A, 250 V. Schroef na het plaatsen de zekeringenbox weer dicht. Technische gegevens BC bedrijfsspanning ..........................................12V/DC voertuig-boordnet, met minpool aan de massa Stroomopname besturingsapparaat ..................ca. 180 mA Stroomopname camera......................................ca. 50 mA Stroomopname monitor......................................ca. 225 mA Dekkingsgebied camera ....................................80° / 70° (horizontaal / verticaal) Radiozendbereik ................................................ca. 8 m Radiotransmissiefrequentie................................2,4 GHz Grootte van de monitor ......................................8,5 cm (3,5") Dekkingsgebied sensoren..................................ca. 30 – 200 cm Lengte sensorkabel............................................2,5 m Lengte monitorkabel ..........................................3,5 m Lengte camerakabel ..........................................1,7 m Lengte zoemerkabel ..........................................2,4 m Cameraverlichting ............................................9 IR LED Zekering ............................................................Nauwkeurige zekering F3AL/250V (5 x 20 mm) Bedrijfsstemperatuur ........................................-20° tot +70° C Afmeting besturingseenheid (b x h x d) ............99 x 72 x 26 mm Afmeting achteruitkijkspiegel (b x h x d) ............287 x 75 x 50 mm Gewicht besturingseenheid................................85g Gewicht spiegel..................................................270g59CONRAD IM INTERNET http://www.conrad.com

Colofon Deze gebruiksaanwijzing is een publicatie van de firma Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1, D-92240 Hirschau (www.conrad.com). Alle rechten, vertaling inbegrepen, voorbehouden. Reproducties van welke aard dan ook, bijvoorbeeld fotokopie, microver- filming of de registratie in elektronische gegevensverwerkingsapparatuur, vereisen de schriftelijke toestemming van de uitgever. Nadruk, ook van uittreksels, verboden. Deze gebruiksaanwijzing voldoet aan de technische stand bij het in druk bezorgen. Wijziging van techniek en uitrusting voorbehouden. © Copyright 2011 by Conrad Electronic SE. V3_0911_01/AB