TX592 - Audioreceiver YAMAHA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis TX592 YAMAHA in PDF-formaat.

📄 124 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice YAMAHA TX592 - page 106
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : YAMAHA

Model : TX592

Categorie : Audioreceiver

Download de handleiding voor uw Audioreceiver in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TX592 - YAMAHA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TX592 van het merk YAMAHA.

GEBRUIKSAANWIJZING TX592 YAMAHA

75-ohm/300-ohm antenne-adapter (Alleen modellen voor Groot-Brittannië) SUPPLIED ACCESSORIES

1. Dit apparaat is een technisch hoogwaardige stereo tuner.

Lees deze handleiding nauwkeurig door om het apparaatop de juiste wijze te kunnen bedienen en het bestmogelijke rendement te verkrijgen.

2. Kies met zorg de plaats van opstelling van het apparaat.

Plaats het apparaat niet in direct zonlicht of dicht bij eenwarmtebron. Vermijd ook plaatsen die onderhevig zijnaan trillingen en buitengewoon stoffige, warme, koude ofvochtige plaatsen. Plaats het apparaat niet in de buurtvan mogelijke storingsbronnen zoals transformators ofmotoren.

3. Open nooit de behuizing van dit apparaat, aangezien dit

beschadiging van het apparaat en de kans op eenelektrische schok tot gevolg kan hebben. Raadpleeg uwdealer, in het geval er een vreemd voorwerp in uwapparaat terechtgekomen is.

4. Wanneer u het apparaat gedurende een langere periode

niet gaat gebruiken (bijv. bij vakantie, enz.), de stekkersteeds uit het stopcontact verwijderen.

5. Verwijder tijdens een onweer de stekker van het netsnoer

van het apparaat uit het stopcontact en maak deantennekabel los om schade als gevolg van blikseminslagte voorkomen.

6. Bij het verwijderen van de stekker van het netsnoer uit het

stopcontact, steeds de stekker vastpakken; nooit aan hetnetsnoer trekken.

7. Nooit overmatige kracht uitoefenen bij de bediening van

schakelaars en regelaars.

8. Bij het verplaatsen van het apparaat, er op letten eerst de

stekker van het netsnoer uit het stopcontact te verwijderenen de verbindingen van de kabels met overige apparatuurlos te maken.

9. Probeer nooit het apparaat te reinigen met behulp van een

chemisch reinigingsmiddel, aangezien hierdoor deafwerking beschadigd kan worden. Gebruik een schone,droge doek.

10. Alvorens te concluderen dat uw apparaat defect is, eerst

het hoofdstuk “STORINGZOEKEN” doorlezen voor adviesbetreffende het opsporen van veelvoorkomendebedieningsfouten.

11. Bewaar deze handleiding op een veilige plaats voor

toekomstige referentie.Dit apparaat wordt niet losgekoppeld van de netspanningzolang als de stekker er van nog in het stopcontact steekt,ook al wordt het apparaat zelf uitgeschakeld. Deze toestandwordt de standby functie genoemd.In deze toestand zal het apparaat een zeer kleinehoeveelheid stroom verbruiken.BELANGRIJKNoteer het serienummer van dit apparaat in de ruimtehieronder.Modellen:Serienummer:Het serienummer is aangegeven op de achterzijde van hetapparaat.Bewaar deze handleiding op een veilig plaats voortoekomstige referentie.WAARSCHUWINGSTEL HET APPARAAT NIET BLOOT AAN REGEN OFVOCHT OM HET RISIKO VAN BRAND OF EENELEKTRISCHE SCHOK TE VOORKOMEN.107 Nederlands Nooit de stekker van dit apparaat en overige componenten insteken alvorens alle aansluitingen tot stand gebracht zijn. ANTENNE-AANSLUITINGEN

Elke antenne dient op correcte wijze aangesloten te worden op de daarvoor bestemde aansluitingen. Kijk hiervoor naar onderstaande illustratie.

Bij dit apparaat is zowel een AM als een FM binnenantenne bijgeleverd. In het algemeen zullen deze antennes een voldoende signaalsterkte kunnen bieden. Echter een op de juiste wijze geïnstalleerde buitenantenne zal een duidelijkere ontvangst leveren dan een binnenantenne. Indien u hinder ondervindt van een slechte ontvangstkwaliteit, zal de installatie van een buitenantenne in de meeste gevallen een oplossing bieden. AANSLUITINGEN Outdoor FM antenna Outdoor AM antenna AM loop antenna (included) Ground 75-ohm antenna adapter Indoor FM antenna (included) 75-ohm/300-ohm antenna adapter 75-ohm coaxial cable 300-ohm feeder

Binnenantenne (bijgeleverd) AM Lusantenne (bijgeleverd)108 ■ Als optie verkrijgbare FM buitenantenne Raadpleeg uw dealer of een erkend service-centrum omtrent de beste methode voor wat betreft het kiezen en opstellen van een FM buitenantenne. De keuze van de antennekabel is ook van belang. Een platte, lintvormige kabel met twee aders heeft goede elektriciteit- geleidende eigenschappen, is goedkoop en gemakkelijk aan te brengen, vooral wanneer de kabel langs raamkozijnen en binnenwanden geleid moet worden. Coaxiale kabel is duurder, veroorzaakt echter minder interferentie, is minder onderhevig aan weersinvloeden en heeft minder last van metalen voorwerpen die zich in de buurt bevinden. Coaxiale kabel heeft nagenoeg dezelfde goede geleidende eigenschappen als de gewone antennekabel, is echter moeilijker te installeren op het punt waar de kabel het huis binnenkomt. Indien u een coaxiale kabel kiest, let er dan op dat de antenne voor gebruik met dit type kabel geschikt is.

  • Gebruik voor het maken van de aansluitingen een 75- ohm/300-ohm antenne-adapter (niet bijgeleverd) of een 75- ohm antenne-adapter (niet bijgeleverd). 300-ohm aansluitkabel 75-ohm coaxiale kabel 75-ohm/300-ohm antenne-adapter Opmerkingen betreffende het installeren van een FM antenne

Plaats de antenne zover mogelijk verwijderd van zwaar verkeer, om storing veroorzaakt door automobiel- ontstekingssystemen zo veel mogelijk te beperken.

Houd de antennekabel of de coaxiale kabel zo kort mogelijk. Overtollige kabel niet bij elkaar binden of oprollen.

De antenne dient tenminste twee meter verwijderd te zijn van muren van gewapend beton of van metalen constructies. 75-ohm antenne- adapter 75-ohm coaxiale kabel Aansluiten van de FM binnenantenne Aansluiting van de AM lusantenne

  • Indien u een FM buitenantenne op dit apparaat aansluit, de FM binnenantenne niet op dit apparaat aansluiten.
  • De AM lusantenne dient op afstand van de hoofdeenheid opgesteld te worden. De antenne kan aan een muur bevestigd worden.
  • De AM lusantenne dient steeds aangesloten te blijven, ook wanneer er een AM buitenantenne op dit apparaat wordt aangesloten. Zodanig richten dat de best mogelijke ontvangst verkregen wordt. ■ Als optie verkrijgbare AM buitenantenne In gebouwen met een stalen constructie of op een grote afstand van de zender, kan het noodzakelijk zijn een buitenantenne met een lange antennedraad aan te brengen. GND aansluiting Indien dit praktisch uitvoerbaar is, deze GND aansluiting met een geschikt massapunt verbinden om verzekerd te zijn van een veilig gebruik en om storing minimaal te houden. Een goede massaverbinding is een metalen staaf.

300-ohm aansluitkabel 75-ohm coaxiale kabel109 Nederlands

Dit apparaat en de versterker of overige componenten niet op de netspanning aansluiten alvorens alle verbindingen tot stand gebracht zijn.

Let er op dat de verbindingen vanaf de linker (“L”) en rechter (“R”) LINE OUT aansluitingen worden aangesloten op de corresponderende (linker en rechter) ingangsaansluitingen van de versterker of van een ander component.

Indien u beschikt over een YAMAHA versterker waarvan de aansluitingen op het achterpaneel met de nummers 1, 2, 3, enz. worden aangegeven, kunnen de aansluitingen gemakkelijk tot stand gebracht worden door de LINE OUT aansluitingen van dit apparaat te verbinden met de ingangsaansluitingen van de versterker die door 2 worden aangegeven. OPMERKINGEN BETREFFENDE HET REGELEN VAN DIT APPARAAT MET

BEHULP VAN DE AFSTANDBEDIENING

Dit apparaat is voorzien van een sensor voor afstandbediening. Deze ontvangt signalen van de afstandbediening welke wordt geleverd met een YAMAHA versterker of receiver. Opmerkingen

Er mogen zich geen grote obstakels bevinden tussen de afstandbediening en de hoofdeenheid.

Indien de sensor van de afstandbediening door een sterke lichtinval verlicht wordt (zoals het licht van een doordringende fluorescerende lamp, enz.), kan het voorkomen dat de afstandbediening niet correct functioneert. In dat geval dient u de opstelling van de hoofdeenheid te veranderen, om de directe lichtinval te vermijden. 75Ω UNBAL.FM ANT GND AM ANTLINE OUT

Versterker Aansluitkabel (bijgeleverd) Dit apparaat (Modellen voor Europa) Naar wisselstroom- stopcontact 30° 30° Afstandbedieningssensor Binnen een bereik van ongeveer 6m

STANDBY/ON 1 STANDBY/ON schakelaar Druk deze schakelaar in om de stroomtoevoer naar dit apparaat in te schakelen. Druk de schakelaar nogmaals in om dit apparaat op de standby functie in te stellen. Standby functie In deze toestand verbruikt het apparaat een zeer geringe hoeveelheid stroom voor het ontvangen van infrarood signalen van de afstandbediening. 2 Displaypaneel Geeft de zenderfrekwenties en diverse informatie aan. (Zie de volgende pagina voor bijzonderheden.) 3 Afstandbedieningsensor Ontvangt signalen van de afstandbediening welke wordt geleverd met een YAMAHA versterker of receiver. 4 PRESET STATIONS toetsen Kies een voorkeuzezendernummer (1 tot 8). 5 TUNING (PTY SELECTOR) regelaar Deze wordt gebruikt voor het afstemmen op een gewenste zender. Deze regelaar wordt ook gebruikt voor het oproepen van een voorgeprogrammeerde RDS zender-door middel van het programmatype. 6 RDS MODE/FREQ toets Door deze toets in te drukken terwijl er een RDS zender wordt ontvangen, wordt de displayfunctie overgeschakeld naar beurtelings de PS functie, PTY functie, RT functie en/of CT functie (indien de zender gebruik maakt van de deze data- services). 7 PTY SEEK MODE toets Wanneer deze toets wordt ingedrukt, schakelt het apparaat over naar de PTY SEEK functie. 8 PTY SEEK START toets Druk deze toets in om het zenderzoeken te laten beginnen nadat het gewenste programmatype is gekozen in de PTY SEEK functie. 9 EON toets Druk deze toets in voor het kiezen van het gewenste programmatype (NEWS, INFO, AFFAIRS, SPORT) wanneer u een radioprogramma van dit programmatype automatisch wilt oproepen. 0 A/B/C/D/E toets Druk deze toets in voor het kiezen van een gewenste groep (A–E) van voorkeuzezenders. A MEMORY (MAN’L/AUTO FM) toets Wanneer deze toets wordt ingedrukt, gaat de MEMO indicator gedurende ongeveer 5 seconden knipperen. Druk tijdens deze periode de gewenste PRESET STATIONS toets in om de zender die op de display wordt aangegeven in het geheugen te programmeren. Wanneer deze toets wordt ingedrukt en meer dan 3 seconden wordt vastgehouden, zal de automatische afstemming op de voorkeuzezenders beginnen. Zie pagina 114 voor bijzonderheden. B EDIT toets Deze toets wordt gebruikt om de plaatsen van twee voorkeuzezenders met elkaar te verwisselen. C FM/AM toets Druk deze toets in om de ontvangsband over te schakelen naar FM of AM. D TUNING MODE (AUTO/MAN’L MONO) toets Druk deze toets in om de afstemfunctie op automatisch of handbediening over te schakelen. Druk voor het kiezen van de automatische afstemfunctie deze toets zodanig in dat de “AUTO” indicator op de display oplicht. Druk voor het kiezen van de handbediende afstemfunctie deze toets zodanig in dat de “AUTO” indicator van de display verdwijnt.111 Nederlands DISPLAYPANEEL

7 8 9 0 A 1 Voorkeuzezender indicator Voor het aangeven van de groep (A/B/C/D/E) en het nummer(1 tot 8) van een voorkeuzezender. 2 Zenderfrekwentie display Geeft de golfband en de frekwentie of de informatie van deontvangen zender aan. 3 AUTO indicator Licht op wanneer dit apparaat op de automatischeafstemfunctie is ingesteld. 4 ST indicator Deze licht op wanneer er een FM stereo uitzending metvoldoende signaalsterkte wordt ontvangen. 5 Signaalniveau meter Geeft het signaalniveau van de ontvangen zender aan. Indiener reflectievervorming wordt opgevangen, zal de indicatieterugvallen. 6 MEMO indicator Wanneer de MEMORY toets wordt ingedrukt, zal dezeindicator gedurende ongeveer 5 seconden gaan knipperen.Gedurende deze periode kan de zender die op de displaywordt aangegeven met behulp van de A/B/C/D/E toets en eenvan de PRESET STATIONS toetsen in het geheugengeprogrammeerd worden. 7 RDS functie indicators De naam (namen) van de RDS functie(s) die door de RDSzender die op dat moment wordt ontvangen gebruikt worden,licht(en) op. Wanneer de indicator voor aan de naam gaatbranden, geeft dit aan dat de bijbehorende RDS functie nu isgekozen. 8 EON indicator Gaat branden wanneer er een RDS zender die gebruik maaktvan de EON-PTY data-service wordt ontvangen. 9 Indicators voor naam van programmatype De naam die gekozen is in de EON functie licht op. 0 PTY HOLD indicator Gaat branden tijdens het zenderzoeken in de PTY SEEKfunctie. A EDIT indicator Gaat knipperen wanneer de EDIT toets voor de eerste keerwordt ingedrukt wanneer u voorkeuzezenders wilt verwisselenen licht bij het voor de tweede maal indrukken van de EDITtoets kortstondig op om aan te geven dat het verwisselen metsucces is uitgevoerd.112 1 Schakel het apparaat in. 2 Kies de frekwentieband (FM of AM) en controleer dit op de display.

4 Stem via handbediening op de gewenste zender af. 1 Schakel het apparaat in. 2 Kies de frekwentieband (FM of AM) en controleer dit op de display.

4 Stem af op een gewenste zender. Draai voor het afstemmen op een hogere frekwentie de regelaar een klein stukje naar rechts. Draai voor het afstemmen op een lagere frekwentie de regelaar een klein stukje naar links.

  • Indien de zender waarbij de afstemming stopt niet de gewenste zender is, de opnieuw draaien.
  • Indien het aftasten van de zenders niet stopt bij de gewenste zender (omdat de signalen van de zender te zwak zijn), overgaan naar de HANDBEDIENDE AFSTEMMING methode.

BEDIENING VAN DE AFSTEMMING

Normaal is snelle afstemming met behulp van de automatische zoekfunctie (AUTOMATISCHE AFSTEMMING) mogelijk, indien de zendsignalen voldoende sterk zijn en er geen storing optreedt. Indien echter de zendsignalen waarop u wilt afstemmen zwak zijn, dient u gebruik te maken van de handbediende afstemfunctie (HANDBEDIENDE AFSTEMMING). Opmerkingen

  • Indien u via handbediening afstemt op een FM zender wordt deze automatisch in mono ontvangen om de kwaliteit van het signaal te verbeteren.
  • Zodra er op een zender is afgestemd, wordt de frekwentie van de ontvangen zender op de display aangegeven. Indien er een RDS zender wordt ontvangen welke gebruik maakt van PS data-service, zal de frekwentie vervolgens veranderd worden in de naam van de zender. Zie pagina 118 voor nadere bijzonderheden. Wanneer u het apparaat niet meer gebruikt Druk nogmaals de STANDBY/ON schakelaar in om dit apparaat in te stellen op de standby functie.

TUNING TUNING113 Nederlands 1 Stem af op een gewenste zender. (Zie de pagina voor de afstemprocedures.) 2 Kies een gewenste groep (A – E) van voorkeuzezenders en controleer dit op de display.

4 Kies een voorkenzezendernummer waaronder u de zender wilt programmeren alvorens de aanduiding “MEMO” van de display verdwijnt.

Programmeer op dezelfde wijze de overige zenders op A2, A3 ... A8.

  • U kunt op dezelfde wijze meer zenders onder de voorkeuzezendernummers in de overige groepen programmeren door in stap 2 andere groepen te kiezen. 11 Kies de groep van de voorkeuzezenders. 22 Kies het voorkeuzezendernummer. Opmerkingen
  • In plaats van de vorige instelling kan een nieuwe zender worden geprogrammeerd.
  • Voor voorkeuzezenders wordt de instelling van de ontvangstfunctie (stereo of mono) samen met de zenderfrekwentie in het geheugen opgeslagen. Reserve-stroomvoorziening voor geheugen Indien dit apparaat op de standby functie is ingesteld de stekker uit het stopcontact wordt getrokken of indien de stroomvoorziening naar het apparaat als gevolg van een tijdelijk stroomstoring wordt onderbroken, voorkomt het circuit voor de reserve-stroomvoorziening van het geheugen dat de geprogrammeerde gegevens verloren gaan. Indien echter de netspanning gedurende langer dan 1 week wordt onderbroken, zal het geheugen gewist worden. In dat geval kan het geheugen opnieuw geprogrammeerd worden door eenvoudigweg de stappen onder “AFSTEMMEN VIA VOORKEUZEZENDERS” opnieuw te volgen.

HANDBEDIEND AFSTEMMEN VAN VOORKEUZEZENDERS

Dit apparaat kan zenderfrekwenties in het geheugen opslaan die gekozen zijn door middel van de afstemprocedure. Met deze functie kunt u elke willekeurige gewenste zender oproepen door enkel het voorkeuzezendernummer te kiezen waaronder de zender is opgeslagen. Maximaal 40 zenders (8 zenders x 5 groepen) kunnen worden geprogrammeerd.

AFSTEMMEN VIA VOORKEUZEZENDERS

Programmeren van zenders Oproepen van een voorkeuzezender MAN’L AUTO FMMEMORY MEMO

Knippert aan en uit gedurende ongeveer 5 seconden. Geeft aan de zender die op de display verschijnt op A1 is geprogrammeerd. MHz AUTO

Nu begint de automatische afstemming van de voorkeuzezenders vanaf A1. De ontvangen zenders worden achtereenvolgens geprogrammeerd onder A1, A2 ... A8.

  • Indien er meer zenders worden ontvangen, zullen deze eveneens onder de voorkeuzezendernummers in achtereenvolgens de overige groepen (B, C, D en E) worden geprogrammeerd. Nadat de automatische afstemming van voorkeuzezenders voltooid is De display geeft de frekwenties aan van de laatste voorkeuzezender. Controleer de inhoud en het nummer van de voorkeuzezenders aan de hand van de procedure beschreven in het hoofdstuk “Oproepen van een voorkeuzezender” op pagina 113. Oproepen van een voorkeuzezender Volg eenvoudig de procedure van het hoofdstuk “Oproepen van een voorkeuzezender” op pagina 113. Een opgeroepen zender wordt aangegeven door de frekwentie of de zendernaam op de display. Opmerkingen ● Het automatisch afzoeken en afstemmen van voorkeuzezenders wordt uitgevoerd via het afzoeken van alle RDS netwerk frekwenties totdat zenders opgeslagen zijn tot aan E8. Indien het aantal ontvangen zenders niet voldoende is voor opslag tot aan E8, zal na het afzoeken van alle frekwenties het zoeken automatisch stoppen. ● Met deze functie zullen enkel RDS zenders met voldoende signaalsterkte automatisch opgeslagen worden. Indien de signaalsterkte van de zender die u wilt programmeren zwak is, via handbediening in mono op deze zender afstemmen en deze programmeren door het volgen van de procedure beschreven in het hoofdstuk “Programmeren van zenders” op pagina 113.
  • Er kunnen gevallen zijn waarbij deze functie een zender niet kan ontvangen die met de automatische afstemmingsmethode wel ontvangen zou kunnen worden. Dit is omdat deze functie samen met het radiosignaal een grote hoeveelheid PI (Programma Identificatie) data ontvangt. ● Indien er tijdens het automatisch zoeken van voorkeuzezenders geen zender wordt ontvangen, zal het zoeken stoppen nadat de aanduiding “NOTHING” gedurende ongeveer 3 seconden knipperend op de display is aangegeven. ● Het is mogelijk via handbediening een voorkeuzezender te vervangen door een andere FM of AM zender door het volgen van de procedure beschreven in het hoofdstuk “Programmeren van zenders” op pagina 113.

AUTOMATISCHE AFSTEMMING VAN VOORKEUZEZENDERS

Het is ook mogelijk gebruik te maken van een automatische afstemfunctie van voorkeuzezenders voor alleen RDS zenders. Wanneer deze functie wordt gebruikt, gaat dit apparaat over op automatische afstemming en slaat het RDS zenders met krachtige zendsignalen achtereenvolgens in het geheugen op. In totaal 40 zenders worden automatisch opgeslagen, op dezelfde wijze als bij de methode voor het handbediend afstemmen van voorkeuzezenders op pagina 113. Programmeren van zenders Indrukken en langer dan 3 seconden vasthouden. Knippert. MAN’L AUTO FMMEMORY MHz AUTO

Op de manier zoals hieronder aangegeven is het mogelijk de posities van twee voorkeuzezenders met elkaar te verwisselen. Voorbeeld) Indien u de voorkeuzezender op E1 naar A5 wenst te verplaatsen en vice versa. 1 Roep de voorkeuzezender op E1 op (door het volgen van de methode van “Oproepen van een voorkeuzezender” op pagina 113).

3 Roep vervolgens de voorkeuzezender op A5 op door het volgen van dezelfde methode als bij stap 1.

Geeft aan dat de verwisseling van de zenders voltooid is. Knippert. Knippert. Licht kortstondig op. EDIT MHz

2, 4116 RDS (Radio Data Systeem) is een systeem voor data-verzending dat geleidelijk aan in vele landen door FM zenders in gebruik genomen wordt. Zenders die gebruik maken van dit systeem zenden een onhoorbare stroom data uit naast het normale radiosignaal. RDS data bevatten diverse informatie, zoals PI (programma identificatie), PS (naam van zender-service), PTY (programmasoort), RT (radio tekst), CT (kloktijd), EON (Uitgebreide Overige Netwerken), enz. De RDS functie is in werking bij de zenders in het netwerk.

  • Dit apparaat maakt gebruik van PI, PS, PTY, RT, CT en EON voor het ontvangen van RDS zenders. Uitlezing van RDS data Dit apparaat kan in een van de volgende vijf functies geschakeld worden om aanduiding van RDS data mogelijk te maken. PS functie (naam van zender- service): Geeft in plaats van de frekwentie de naam van de RDS zender aan die op dat moment wordt ontvangen. PTY functie (programmasoort): Geeft het soort programma aan dat op dat moment door de RDS zender wordt ontvangen. Er zijn 15 programma’s waarin RDS zenders onderverdeeld worden. Zie de volgende pagina voor bijzonderheden. RT functie (radio tekst): Geeft informatie weer betreffende het programma (zoals de titel van het lied, naam van de zanger, enz.) op de RDS zender die op dat moment wordt ontvangen. CT functie (kloktijd): Geeft de huidige tijd aan. Dit signaal komt van de RDS zender die op dat moment wordt ontvangen. De tijd van de ingebouwde klok kan op basis van dit signaal automatisch gecorrigeerd worden. EON functie (Uitgebreide Overige Netwerken): Ontvangt automatisch een programma van een bepaald programmatype zodra de uitzending daarvan begint, in plaats van het programma dat nu wordt ontvangen. Wanneer de uitzending van het opgeroepen programma eindigt, wordt het eerder ontvangen programma (of een ander programma op dezelfde zender) opgeroepen. AUTO

Nederlands Nieuws:Korte verslagen van feiten, gebeurtenissenen in het openbaar gebrachte meningen,reportages en actualiteiten.Actuele zaken:Actualiteitenprogramma dat nader en meeruitgebreid ingaat op het nieuws, in hetalgemeen met een andere stijl of vorm vanpresentatie, zoals documentaire debatten ofanalyses.Informatie:Programma’s die tot doel hebben van advieste dienen in de meest algemene betekenis,zoals weerberichten enweersvoorspellingen, consumentenzaken,medische hulp, enz.Sport:Programma’s die betrekking hebben op elkaspect van sport.Onderwijs:Programma’s die in eerste instantie bedoeldzijn voor onderwijs en waarvan het formeleelement de basis vormt.Toneel:Alle radio-hoorspelen en luisterseries.Culture:Programma’s die betrekking hebben op elkaspect van de nationale of regionale cultuur,zoals religieuze zaken, filosofie, socialewetenschappen, taal, theater, enz.Wetenschap:Programma’s over de natuurwetenschappenen technologie.Gevarieerd:Hoofdzakelijk gebruikt voor programma’s dieop praten gebaseerd zijn en die doorgaansbehoren tot de categorie van lichtamusement en die niet in de hierbovenaangegeven rubrieken vallen. Voorbeeldenzijn: quizzen, panelspelletjes, interviews,komedies en satires. Pop: Commercië le muziek die in het algemeenbeschouwd wordt als behorend tot eenhuidig populair genre, vaak voorkomend opde actuele of recente platenverkooplijsten.Rock:Actuele moderne muziek, gewoonlijkgeschreven en uitgevoerd door jongemusici.M.O.R.:(Middle of the Road Music). Algemene termvoor de aanduiding van muziek welkebeschouwd wordt als “easy listening”, integenstelling tot Pop, Rock of Klassiek.Muziek in deze categorie is vaak, echter nietaltijd, vocaal en gewoonlijk van een korteduur (minder dan 5 minuten).Licht klassiek:Klassieke muziek bestemd voor een meeralgemeen gehoor dan alleen voor kenners.Voorbeelden van muziek in deze categoriezijn instrumentale muziek, zanguitvoeringenen koormuziek.Serieus klassiek:Uitvoeringen van de grotere orkestwerken,symfonieën, kamermuziek, enz., inclusiefopera’s.Overige muziek:Muzikale stijlen die niet passen in een vande hierboven aangegeven categorieën.Voornamelijk gebruikt voor specialistischemuziek. Voorbeelden hiervan zijn: Jazz,Rhythm & Blues, Folk, Country en Reggae. NEWS AFFAIRS INFO SPORT EDUCATE DRAMA CULTURE SCIENCE VARIED POP M ROCK M M.O.R. M LIGHT M CLASSICS OTHER M Programmatypen in de PTY functie118 Wijzigen van de RDS functies Wanneer een RDS zender wordt ontvangen, zal de aanduiding “PS”, “PTY”, “RT” en/of “CT” al naargelang de RDS data-services waarvan door de zender gebruik gemaakt wordt, op de display oplichten. Door de RDS MODE/FREQ toets eenmaal of meerdere malen in te drukken, kunt u de displayfunctie van de RDS functies waarvan door de ontvangen zender gebruik gemaakt wordt in onderstaande volgorde wijzigen. (Een RDS functie die niet bij de betreffende zender in gebruik is, kan niet worden gekozen.) Wanneer de indicator voor aan de naam van een RDS functie gaat branden, geeft dit aan dat de bijbehorende RDS functie nu is gekozen.

  • Wanneer er een RDS zender wordt ontvangen, de RDS MODE/FREQ toets niet indrukken voordat een of meerdere namen van RDS functies op de display oplichten. Als de toets wordt ingedrukt alvorens een of meerdere namen op de display oplichten, kan de functie niet gewijzigd worden. Dit wordt veroorzaakt doordat het apparaat nog niet alle RDS data van de zender heeft ontvangen.
  • Als er geen naam van de RDS functie op de display oplicht, kan de functie niet gewijzigd worden. PS functie De naam van de zender die op dat moment wordt ontvangen wordt op de display aangegeven. Als de zender geen gebruik maakt van PS data-service, zal deze functie niet gekozen worden. PTY functie De soort van het programma op de zender die op dat moment wordt ontvangen wordt op de display aangegeven. Indien de zender geen gebruik maakt van de PTY data- service, zal deze functie niet gekozen worden. (U kunt dit apparaat laten zoeken naar een zender die een programma uitzendt van een door u gewenste soort. Zie de volgende pagina voor nadere bijzonderheden.) RT functie Informatie betreffende het programma op de zender die op dat moment wordt ontvangen wordt op de display aangegeven. Informatie wordt aangegeven door een maximum aantal van 64 romeinse alfabetische tekens, inclusief het umlaut teken. Indien er andere tekens op de RT data gebruikt worden, zullen deze door onderstreping aangegeven worden. Indien de zender geen gebruik maakt van de RT data- service, zal deze functie niet gekozen worden. CT functie De huidige tijd wordt in de volgende vorm aangegeven. De CT data van de zender die op dat moment wordt ontvangen verandert elke minuut. Indien de gegevens per ongeluk afgebroken worden, is het mogelijk dat “CT WAIT” op de display oplicht. Indien de zender geen gebruik maakt van de CT data- service, zal deze functie niet gekozen worden. Frekwentie- De frekwentie van de zender die op dat moment wordt display functie ontvangen wordt op de display aangegeven.
  • RDS data-service kan niet door dit apparaat worden gebruikt als het ontvangen signaal niek krachtig genoeg is. Vooral bij de RT functie (radio tekst functie) moeten er veel data ontvangen worden, zodat het kan voorkomen dat de RT functie niet op de display wordt aangegeven alhoewel overige RDS functies (PS, PTY, enz.) wel worden aangegeven.
  • Er kunnen zich gevallen voordoen waarbij de ontvangst van RDS data niet mogelijk is als gevolg van slechte ontvangstcondities. Druk in dat geval de TUNING MODE toets zodanig in dat de “AUTO” indicator van de display verdwijnt. Alhoewel de ontvangstfunctie door middel van deze bediening veranderd wordt naar mono, kunt u wanneer u de display naar een RDS functie overschakelt weer RDS data op de display laten verschijnen.
  • Indien de signaalsterkte tijdens de ontvangst van een RDS zender door externe storing verzwakt wordt, is het mogelijk dat de RDS data-service plotseling wordt afgebroken en dat “

WAIT” op de display oplicht. Uur Minuut119 Nederlands 1 Stel het apparaat in op de PTY SEEK functie.

  • Het programmatype van de zender die nu wordt ontvangen of “NEWS” gaat op de display knipperen. 2 Kies het gewenste programmatype. 3 Begin met het afzoeken van alle RDS voorkeuzezenders.
  • De “PTY HOLD” indicator wordt verlicht op de display aangegeven.

Indien een zender wordt gevonden die een programma van de gewenste soort uitzendt, zal het apparaat bij deze zender stoppen en zal het programmatype oplichten. Als de zender over PS data beschikt, zal de display daarna overgaan naar de PS functie.

  • Indien de opgeroepen zender niet de gewenste is, de PTY SEEK START toets nogmaals indrukken. Het apparaat begint te zoeken naar een andere zender die een programma van hetzelfde programmatype uitzendt.

Indien er geen zender wordt gevonden, verschijnt “NOTHING” op de display. Deze gaat daarna over naar de frekwentie- aanduiding. Als de zender over PS data beschikt, zal de display daarna overgaan naar de PS functie.

  • Indien tijdens het zoeken de PTY SEEK START toets nogmaals wordt ingedrukt, zal deze functie geannuleerd worden en overgaan naar de frekwentie-aanduiding. Als de zender over PS data beschikt, zal de display daarna overgaan naar de PS functie. Annuleren van deze functie Indien de PTY SEEK MODE toets nogmaals wordt ingedrukt, zal de PTY SEEK functie geannuleerd worden en overgaan naar de frekwentie-aanduiding. Als de zender over PS data beschikt, zal de display daarna overgaan naar de PS functie. Oproepen van een programma van uw gewenst programmatype uit de RDS voorkeuzezenders (PTY SEEK) Door het bepalen van een programmatype, zoekt het apparaat automatisch uit alle voorkeuzezenders een RDS zender op die een programma van dat programmatype uitzendt.
  • De RDS uitzendingen kunnen overeenkomstig 15 programmatypen onderverdeeld worden. Zie pagina 117 voor nadere bijzonderheden. Knippert. Knippert. TUNING MODE STARTPTY SEEK MODE STARTPTY SEEK AUTO
  • Indien de “EON” indicator niet op de display oplicht, een RDS zender (of een andere) zodanig ontvangen dat de “EON” indicator op de display oplicht. 2 Kies een programmatype, NEWS, INFO, AFFAIRS of SPORT. Nogmaals indrukken. Het zoeken wordt op de achtergrond uitgevoerd onder alle voorgeprogrammeerde RDS zenders. Indien er een programma wordt gevonden, zal het programma automatisch worden ontvangen zodra de uitzending ervan begint. 3 Wanneer de uitzending van het opgeroepen programma is afgelopen, wordt het voorheen ontvangen programma (of een ander programma op dezelfde zender) opgeroepen. Annuleren van deze functie Druk de EON toets eenmaal of meerdere malen in, zodat er geen programmatype-naam op de display oplicht. Knippert. Licht op. EON

PTY RT CT EON NEWS Automatisch laten oproepen van een bepaald programma bij het begin van de uitzending ervan Deze functie maakt gebruik van de EON (Enhanced Other Networks = Uitgebreide Overige Netwerken) data-service op het RDS zendernetwerk. Door uitsluitend een gewenst programmatype te kiezen (NEWS, INFO, AFFAIRS of SPORT), zal dit apparaat automatisch op de achtergrond alle voorgeprogrammeerde RDS zenders afzoeken naar een zender die een programma van dit programmatype uitzendt en indien er een dergelijk programma wordt gevonden, dit programma ontvangen op het moment dat de uitzending ervan wordt begonnen, in de plaats van het programma dat op dat moment wordt ontvangen.

  • Deze functie kan uitsluitend worden gebruikt wanneer een RDS zender die gebruik maakt van EON-PTY data-service wordt ontvangen. (Wanneer een dergelijke zender wordt ontvangen, zal de “EON” indicator op de display oplichten.) NATURAL SOUND AM/FM STEREO TUNER TX–592RDSRDS MODE/FREQPTY SEEK EON A/B/C/D/E MEMORY EDIT FM/AMTUNING MODEMODE STARTMAN'L/AUTO FM AUTO/MAN'L MONO

Nederlands STORINGZOEKEN Controleer de volgende punten, indien het apparaat niet normaal functioneert en bepaal of het probleem verholpen kan worden door de eenvoudige hieronder gesuggereerde maatregelen te nemen. Kan het probleem niet worden verholpen, of staat het probleem niet vermeld in de STORINGSINDICATIE kolom, het netsnoer van het apparaat uit het stopcontact verwijderen en voor verdere hulp contact opnemen met uw erkende YAMAHA dealer of een reparatiedienst. STORINGSINDICATIE Er doen zich van tijd tot tijd krakende geluiden voor (vooral in gebieden met een zwak zendsignaal). FM stereo ontvangst bevat storing De STEREO indicator knippert en de ontvangst bevat storing. Er is vervorming en er kan geen duidelijke ontvangst worden verkregen, ook niet met een goede FM antenne. Geen stereo effect bij afstemming op een stereo uitzending. Met behulp van de automatische afstemming kan er niet afgestemd worden op de gewenste zender. Afstemming op de voorheen geprogrammeerde zenders is niet langer mogelijk. Onvoldoende gevoeligheid. Met behulp van de automatische afstemming kan er niet afgestemd worden op de gewenste zender. Er doen zich voordurend fluittonen en krakende geluiden voor. Er doen zich zoemgeluiden en jankgeluiden voor (vooral ‘s avonds). Het doet zich voor dat dit apparaat niet normaal functioneert. MOGELIJKE OORZAAK Ontstekingsstoring van passerende voertuigen. Storing van thermostaten of van overige elektrische apparatuur. Door de karakteristieke eigenschappen van FM stereo uitzendingen is dit beperkt tot gevallen waarbij de zender ver van de antenne verwijderd is of bij een slechte antenne-aansluiting. Het antennesignaal is onvoldoende. Niet correct afgestemd. Er is sprake van meervoudige interferentie. De TUNING MODE toets bevindt zich in de stand voor handbediende afstemming. De zender is te zwak. De stekker van het netsnoer van de tuner was gedurende een lange periode uit het stopcontact verwijderd. Zwak zendsignaal of loszittende antenne- aansluitingen. Deze storingen worden veroorzaakt door onweer, fluorescerende lampen, motoren, thermostaten en overige elektrische apparatuur. De ontvangen zender wordt door een andere zender gestoord. Er wordt een televisietoestel in de buurt gebruikt. Er is een invloed van een krachtige storing van buitenaf (bliksem, buitengewoon veel statische elektriciteit, enz.) of een verkeerde bediening van dit apparaat. OPLOSSING De FM antenne dient zo hoog mogelijk aangebracht te worden, van de weg verwijderd en er dient een coaxiale kabel gebruikt te worden. Voorzie de apparatuur welke de storing veroorzaakt van een ruisonderdrukker. Controleer de aansluitingen van de antenne. Probeer een FM antenne met meerdere elementen te gebruiken. Zet de TUNING MODE toets in de stand voor handbediende afstemming. Gebruik een antenne die aangepast is aan de ontvangst-omstandigheden in uw woongebied. Stem opnieuw af. Stel de opstelling van de antenne af om het optreden van meervoudige interferentie te elimineren. Stel de toets zodanig in dat de “AUTO” indicator op de display oplicht. Gebruik de handbediende afstemfunctie. Gebruik een richtinggevoelige FM antenne van hoge kwaliteit. Herhaal de procedure voor het voorprogrammeren. Draai de aansluitingen van de AM lusantenne vast en draai de antenne om de beste ontvangst te verkrijgen. Gebruik de handbediende afstemfunctie. Gebruik een buitenantenne en een massa- verbinding. Dit zal enigszins helpen, echter het elimineren van alle storingen is moeilijk. Dit kan niet worden verholpen. Plaats dit apparaat op afstand van de TV. Schakel dit apparaat in de standby functie en verwijder de stekker van het netsnoer uit het stopcontact. Na ongeveer 30 seconden de stekker weer in het stopcontact steken, dit apparaat weer inschakelen en opnieuw proberen te bedienen.