TP 20 Tectro - Airconditioning ZIBRO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TP 20 Tectro ZIBRO in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TP 20 Tectro - ZIBRO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TP 20 Tectro van het merk ZIBRO.
GEBRUIKSAANWIJZING TP 20 Tectro ZIBRO
1 VEILIGHEID ALGEMEEN Bestudeer voor de veiligheid deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig! Personen, die met
de gebruiksaanwijzing niet vertrouwd zijn, mogen deze airconditioner niet gebruiken.
Wij raden u aan deze gebruiksaanwijzing op een veilige plaats te bewaren voor latere
A. Gebruik geen beschadigde kabel.
B. Kabel niet afklemmen of knikken.
C. Plaats op een vlakke ondergrond.
D. Niet voor een open raam plaatsen.
E. Niet met chemicaliën in contact brengen.
F. Niet bij een warmtebron plaatsen.
G. Niet onderdompelen.
I. Niets in het apparaat steken.
J. Geen verlengkabel gebruiken.
K. Buiten bereik van kinderen houden.
L. Niet zelf repareren.
A. Non usare il cavo, se danneggiato.
1. LEES EERST DE GEBRUIKSAANWIJZING.
Geachte mevrouw, meneer,
Van harte gefeliciteerd met de aankoop van uw airconditioner. Naast het koelen van lucht
heeft deze airconditioner nog een tweetal functies, namelijk luchtontvochtiging en
-circulatie. De verrijdbare airconditioner is uiterst gemakkelijk te bedienen en te
verplaatsen. U heeft een kwaliteitsproduct aangeschaft waar u nog vele jaren plezier van
zult hebben, mits u de airconditioner verantwoord gebruikt. Lees daarom eerst deze
gebruiksaanwijzing voor een optimale levensduur van uw airconditioner.
Wij wensen u veel koelte en comfort met uw airconditioner.
Met vriendelijke groeten,
PVG International B.V.
Afdeling klantenserviceA V E I L I G H E I D S V O O R S C H R I F T E N De installatie moet volledig in overeenstemming zijn met de ter plaatse geldende
voorschriften, bepalingen en normen. Het apparaat is uitsluitend geschikt voor
g e b r uik, op droge plaatsen, binnenshuis. Controleer de netspanning. Dit
apparaat is uitsluitend geschikt voor een geaard stopcontact, aansluitspanning
Controleer voor het aansluiten van het apparaat of:
• de aansluitspanning overeenkomt met die op het typeplaatje;
• stopcontact en stroomvoorziening geschikt zijn voor het apparaat;
• de stekker van het snoer in het stopcontact past;
• het apparaat op een stabiele en vlakke ondergrond staat.
Laat de elektrische installatie contro l e ren door een erkend vakman als u er niet
zeker van bent dat alles in orde is.
• Dit apparaat is volgens de CE veiligheidsnormen gefabriceerd. Toch dient u,
zoals bij ieder elektrisch apparaat, voorzichtig te zijn.
• Het luchtinlaat- en uitblaasrooster nooit afdekken.
• Leeg het waterreservoir voordat u het apparaat verplaatst.
• Breng het apparaat nooit in contact met chemicaliën.
• Het apparaat nooit in contact brengen met water, met water besproeien of in
water onderdompelen.
• Steek geen voorwerpen in de openingen van het apparaat.
• Haal altijd eerst de stekker uit het stopcontact voordat het apparaat of een
onderdeel ervan moet worden schoongemaakt of vervangen.
• Sluit het apparaat NOOIT aan met behulp van een verlengsnoer. Is een
geschikt geaard stopcontact niet voorhanden, laat dit dan installeren door
een erkend elektricien.
• Wees uit veiligheidsoverwegingen altijd voorzichtig met kinderen in de buurt
van dit apparaat, zoals met ieder elektrisch apparaat.
• Laat eventuele reparaties altijd uitvoeren door een erkend servicemonteur of
uw leverancier. Volg de onderhoudsinstructies
• Haal altijd de stekker van het apparaat uit het stopcontact als het niet word t
• Een beschadigd elektriciteitssnoer alleen laten vervangen door de leverancier
of een bevoegd persoon/servicepunt
B E L A N G R I J K Het apparaat MOET altijd geaard worden aangesloten. Als de
stroomvoorziening niet geaard is, mag u het apparaat absoluut niet
aansluiten. De stekker moet altijd makkelijk toegankelijk zijn als het
apparaat is aangesloten. Lees deze gebruiksinstructie zorgvuldig en volg
B DE INSTA L L AT I E De airconditioner is verplaatsbaar en kan gemakkelijk ergens anders word e n
geplaatst. Let daarbij op het volgende:
Zorg dat het apparaat rechtop en op een vlakke ondergrond staat.
Het apparaat niet in badkamer, douche of in een andere vochtige omgeving
Voor een goede luchtcirculatie tenminste 50 cm rondom het apparaat vrij
Steek beide uiteinden van de luchtafvoerslang J in de ronde verbindings-
stukken 9. Draai deze met de klok mee op de slang.
Steek één rond verbindingsstuk 9 aan de achterzijde in het apparaat 7.
Bevestig het tweede ronde verbindingsstuk 9 aan de raamdoorvoer K.
Z o rg dat raamdoorvoer K een vrije doorgang heeft naar buiten. Sluit hierbij
het raam of de deur zo ver mogelijk.
O P M E R K I N G De flexibele lucht afvoer slang moet tijdens werking van het apparaat
korter zijn dan 1 meter, om de best mogelijke prestaties te leveren. De
lengte van deze slang is op de capaciteit van het apparaat berekend, het
gebruik van een andere slang of van een verlengstuk kan storingen van
het apparaat veroorzaken. De afgevoerde lucht moet ongehinderd
kunnen verdwijnen, anders kan dit oververhitting van het apparaat tot
gevolg hebben. Zorg er daarom voor dat er geen knikken of kronkels in
de afvoerslang zitten.
Vóór de ingebruikname van uw airconditioner moet deze minimaal 2
uur rechtop hebben gestaan.
• Gebruik het apparaat nooit met een beschadigd snoer of stekker.
Klem het snoer nooit af en voorkom contact met scherpe kanten.
• De ruimte waarin dit apparaat wordt gebruikt nooit volledig
luchtdicht afsluiten. Dit voorkomt onderdruk in deze ruimte.
Onderdruk kan de veilige werking van geisers, afzuigkappen, ovens
• Niet volgen van de aanwijzingen kan leiden tot het vervallen van de
garantie op het apparaat.C B E D I E N I N G Steek de stekker in het stopcontact.
Druk op de -toets om de airconditioner in te schakelen.
Met de -toets kunt u de gewenste functie instellen. Door op de -toets te
drukken verspringt de functie van het apparaat als volgt:
• Koelen, het groene lampje gaat branden.
• Ontvochtigen, het oranje lampje gaat branden.
• Lucht circuleren, het gele lampje gaat branden.
KOELEN Wanneer het apparaat in deze functie is ingesteld kunt u de volgende
handelingen verrichten:
• Met de -toets kunt u de gewenste ventilatorsnelheid instellen. Door op
de -toets te drukken verspringt de ventilatorsnelheid als volgt:
- Middelste snelheid
• Met de knoppen en w o r dt de gewenste temperatuur ingesteld
(tussen 16°C en 32°C). Het display toont deze instelling. Tijdens het
instellen van de temperatuur gaat het lampje “set temp” branden. Na 15
seconden zal de gemeten kamertemperatuur verschijnen. Het lampje
“Room temp” zal gaan branden.
ONTVOCHTIGEN Als het apparaat (vrijwel) uitsluitend als ontvochtiger wordt gebruikt, bre n g
dan niet de luchtafvoerslang aan en laat de warme lucht teru g s t romen in de
te ontvochtigen ruimte. U dient wel een waterafvloerslang op de vaste
afvoer aan te brengen (zie hoofdstuk G).
Bij gebruik van de ontvochtigings functie kunt u geen gebruik maken van de
-toets: “Ventilatorsnelheid”. Deze zal automatisch op ‘middelste snelheid’
staan. Tevens kunt u de temperatuur niet meer instellen met de knoppen
Het hangt af van de omgevingscondities af of de gewenste temperatuur
ook werkelijk bereikt kan worden: Het is normaal wanneer de kamer
temperatuur boven de “set temp” blijft.
LUCHTCIRCULATIE In deze functie zal het apparaat alleen de lucht circ u l e ren. De ingaande lucht
wordt dus niet gekoeld of ontvochtigd.
Als het apparaat in deze functie ingesteld is kunt u de volgende handelingen
• Met de -toets kunt u de gewenste ventilatorsnelheid instellen. Door op
de -toets te drukken verspringt de ventilatorsnelheid als volgt:
- Middelste snelheid
Bij het uitschakelen van het apparaat zal de laatst ingestelde functie word e n
Indien gewenst kunt u gebruik maken van de timer functie. Met deze functie
kunt u het apparaat op een vooraf ingestelde tijd laten in- of uitschakelen.
Ga hiervoor als volgt te werk:
• Zorg ervoor dat het apparaat in de juiste functie staat: , of .
• Zet het apparaat uit door op -toets te drukken, zorg er wel voor dat de
stekker goed in het stopcontact zit.
• Druk op de -toets. Het lampje “Timer set” zal gaan knipperen.
• Stel nu met de knoppen en een tijd in tussen de 1 en 12 uur.
• Als de ingestelde tijd voorbij is zal het apparaat inschakelen.
• D r uk tijdens de werking van het apparaat op de -toets. Het lampje
“Timer set” zal gaan knipperen.
• Stel nu met de knoppen en een tijd in tussen de 1 en 12 uur.
• Als de ingestelde tijd voorbij is zal het apparaat uitschakelen.
O P M E R K I N G E N Om de levensduur van de compressor te verlengen is deze zo ingesteld,
dat deze pas drie minuten na het (weer) aanzetten van het apparaat
Het koelsysteem wordt uitgezet zodra de omgevingstemperatuur lager
is dan de ingestelde waarde. De ventilator blijft op de ingestelde
snelheid werken. Als de omgevingstemperatuur weer boven de
ingestelde waarde stijgt, wordt het koelen hervat.AFSTANDSBEDIENING
a. LCD Scherm (TP25)
b. Stroom aan/uit knop
c. Timer en thermostaat insteltoetsen
d. Functietoets (selectie A/C, Ventilator of Ontvochtiger)
e. Toets voor A/C Ventilatorsnelheid (Hoog, Middel, Laag)
f. Timer AAN / UIT toets
g. Celsius / Fahrenheit keuzeschakelaar (TP 25)
De afstandsbediening werkt in combinatie met het bedieningspaneel. Richt de
v o o rzijde van de afstandsbediening op het rode venster. De maximale afstand tot
de airconditioner is ca. 5 mtr. Plaats voor gebruik 2 AAA batterijen.
PROGRAMMERING TIMER Druk op de toets op de afstandsbediening of op de “Timer Setting” (timer
instelling) toets van het controlepaneel om de Timer Functie in te schakelen.
D ruk op de of de toets op de afstandsbediening of op de of de
toets van het controlepanel om de gewenste uitschakeltijd in te stellen.
Het apparaat wordt uitgeschakeld zodra de ingestelde tijd is verstreken.
BEDIENING ONTVOCHTIGING Door op de toets op de afstandsbediening of op de MODE (FUNCTIE) toets van
het controlepaneel te drukken selecteert u de ontvochtigingsfunctie. Wanneer de
ontvochtigingsfunctie is ingeschakeld, functioneren de temperatuurtoetsen en de
ventilatortoetsen niet. De ventilator werkt dan op de middelste snelheid.
Het ontvochtiger lampje gaat branden en blijft aan terwijl het apparaat
ontvochtigt. Denk eraan dat de afvoerslang niet gebruikt hoeft te worden in de
ontvochtigingsfunctie.
D L U C H T F I LT E R De airconditioner is uitgerust met een gaasfilter waarmee gro t e re stofdeeltjes
worden tegengehouden.
Het gaasfilter moet bij normaal gebruik iedere 2 weken schoongemaakt word e n
met een stofzuiger. Dit om verstoppen van de luchtstroom te voorkomen.
E RICHTING LUCHTUITBLAAS Kantelen om de stand van de horizontale lamellen te veranderen.
F LEGEN WAT E R R E S E R V O I R In extreme omstandigheden kan het noodzakelijk zijn om het intern e
waterreservoir te legen. Bij een vol waterreservoir gaat het -lampje branden en
h o o r t u een onderbroken pieptoon. De airconditioner slaat automatisch af. Ga
voor het legen van het waterreservoir als volgt te werk:
Verplaats de unit niet. Heftige bewegingen kunnen waterlekkage geven.
Eerst het apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact halen.
Leg een pannetje of een passend bakje op de grond onder de afvoeropening.
Haal de ru b b e r en afsluitdop 8 uit de afvoer en laat het water er uit lopen
Schuif de afsluitdop 8 terug in de afvoer, steek de stekker in het stopcontact
en zet het apparaat aan. Het controlelampje gaat weer uit.
• Verwijder het actief koolfilter voordat u het apparaat aan het eind
van het seizoen weer opbergt en plaats nieuwe filter pas aan het
begin van het nieuwe seizoen. De oude filters mogen worden
weggegooid bij het huisvuil (niet bij het GFT-afval).
• Gebruik de airconditioner nooit zonder het gaasfilter.
• Het gebruiken van de unit zonder actief koolfilter brengt geen
schade toe aan uw airconditioner. In dat geval worden
rondzwevende micro-organismen niet geneutraliseerd en worden
onaangename luchtjes niet verwijderd.
• Gebruik enkel en alleen de geschikte Tectro filters. Dit voorkomt
schade aan uw airconditioner
• Het geschikte filterpakket is verkrijgbaar bij uw dealer.G OP EEN VASTE AFVOER AANSLUITEN Eerst het apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact halen.
Plaats een pannetje of een passend bakje onder de waterafvoer om even-
tueel weglopend water op te vangen.
Haal de rubberen afsluitdop 8 uit de afvoer.
Schuif een waterafvoerslang (ø 0,5 inch inwendig) over de waterafvoer-
Het andere einde van de waterafvoerslang naar een daarvoor geschikte
plaats (afvoerputje) laten lopen. Let er daarbij speciaal op dat de afvoerslang
niet gedraaid is of knikken heeft. De slang moet aflopend geplaatst zijn over
ONTVOCHTIGEN Als het apparaat (vrijwel) uitsluitend als ontvochtiger wordt gebruikt, breng dan
de l u c h tafvoerslang J niet aan en laat de warme lucht teru g s t r omen in de te
ontvochtigen ruimte. U dient wel een waterafvoerslang (ø 0,5 inch inwendig)
naar een daarvoor geschikte plaats te leiden.
H O N D E R H O U D G e b r uik voor het regelmatig schoonmaken van de buitenkant van het apparaat
uitsluitend een zachte, vochtige doek.
Het gaasfilter moet regelmatig worden schoongemaakt. Gebruik daarvoor een
stofzuiger. Zie ook hoofdstuk D “Luchtfilter”.
O P M E R K I N G Gebruik het apparaat nooit zonder gaasfilter.
Schakel eerst de unit uit en trek de stekker uit het stopcontact voor u
het apparaat of filter gaat schoonmaken of het filter gaat vervangen.
O P M E R K I N G Bij gebruik als airconditioner wordt onder normale condities het
condenswater via de luchtafvoerslang afgevoerd.
I O P B E R G E N Leeg het waterreservoir (zie hoofdstuk F).
Maak het filter schoon.
Zet het apparaat enkele uren aan in luchtcirculatiestand, waardoor het
binnenwerk volledig droog wordt.
B e s c h e r m tegen stof en op een droge, niet voor kinderen bere i k b a re, plaats
J S T O R I N G E N P r obeer nooit zelf het apparaat uit elkaar te nemen of te re p a r e r en. Bij
onvakkundige reparatie vervalt de garantie. Niet vakkundige reparatie kan de
gebruiker van het apparaat in gevaar brengen.
Storing Oorzaak Oplossing
Geen stroomvoorziening
De stekker in een stopcontact steken waarop spanning staat
Tank vol lampje brandt
Waterreservoir legen (zie hoofdstuk F)
Apparaat uit het zonlicht plaatsen
Ramen of deuren staan open, er zijn veel mensen of warmtebronnen in de ruimte
Sluit ramen en/of deuren, of plaats een extra airconditioner
Filter vuil Schoonmaken of vervangen
Luchttoevoer of luchtuitblaas verstopt of geblokkeerd
Verwijder de blokkage
Kamertemperatuur is lager dan ingestelde waarde
Stel een andere temperatuur in
Het apparaat is lawaaiig
Apparaat staat op een oneffen ondergrond
Zet het apparaat op een effen ondergrond (minder trilling)
De compressor werkt niet
De oververhittingsbescherming is in werking getreden
Wacht 3 minuten totdat de temperatuur is gedaald en zet het apparaat opnieuw aan
Afstandsbediening wordt niet gezien door bedieningspaneel
Batterijen leeg Vernieuw de batterijen
Het apparaat werkt onvoldoende
Het apparaat werkt niet
Afstandsbedie-ning geeft geen reactie
Zorg dat de afstandsbediening op het bedieningspaneel gericht
isK G A R A N T I E B E PA L I N G E N U krijgt op de airconditioner 24 maanden garantie vanaf de aankoopdatum.
Binnen deze periode worden alle materiaal- en fabricagefouten kosteloos
verholpen. Hierbij gelden de volgende regels:
1. Alle verd e re aanspraken op schadevergoeding, inclusief gevolgschade wijzen
wij uitdrukkelijk af.
2. Reparatie of vervanging van onderdelen binnen de garantietermijn leidt niet
tot verlenging van de garantie.
3. De garantie geldt niet wanneer veranderingen zijn aangebracht, niet-
originele onderdelen zijn gemonteerd of reparaties zijn verricht door derden.
4. O n d e r delen die aan normale slijtage onderhevig zijn, zoals de filter, vallen
5. De garantie geldt uitsluitend als u de originele, gedateerde aankoopbon
overlegt en als daarop geen veranderingen zijn aangebracht.
6. De garantie geldt niet bij schade ontstaan door handelingen die afwijken van
die in de gebruiksaanwijzing of door verwaarlozing.
7. De verzendkosten en het risico van het opsturen van de airconditioner of
onderdelen daarvan, komen altijd voor rekening van de koper.
8. Schade, veroorzaakt door het niet gebruiken van de geschikte Te c t ro filters,
valt buiten de garantie.
Om onnodige kosten te voorkomen, raden wij u aan eerst altijd zorgvuldig de
g e b ruiksaanwijzing te raadplegen. Wanneer deze geen uitkomst biedt, kunt u de
airconditoner ter reparatie aanbieden bij uw dealer.
L TECHNISCHE SPECIFICAT I E S Indicatief gebruiken, wijzigingen voorbehouden
** ontvochtiging bij 32°C / 80% RH Defecte elektrische apparaten horen niet bij het huisafval. Zorg voor een goede
recycling waar mogelijk. Vraag eventueel uw gemeente of uw lokale handelaar
voor een deskundig recycling advies.
Koelcapaciteit* W 2000 2500
Opgenomen vermogen W 800 1000
Stroomverbruik nom. A 3,6 4,5
V/Hz/F Luchtverplaatsing max.
Notice-Facile