TE5700 - Telefoon TOPCOM - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TE5700 TOPCOM in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over TE5700 TOPCOM
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Telefoon in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TE5700 - TOPCOM en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TE5700 van het merk TOPCOM.
GEBRUIKSAANWIJZING TE5700 TOPCOM
Om de ‘Nummerweergave’ te kunnen gebruiken, moet deze dienst geactiveerd zijn op uw telefoonlijn. Om deze dienst te activeren, hebt U hiervoor meestal een apart abonnement van uw telefoonmaatschappij nodig. Indien U geen nummerweergavefunctie hebt op uw telefoonlijn, zullen de inkomende telefoonnummers NIET op de display van uw toestel verschijnen.
FR: Important
NL: Geschikt voor aansluiting op het openbare analoog geschakelde telefoonnetwerk.
NL De in deze handleiding beschreven mogelijkheden worden gepubliceerd onder voorbehoud van wijzigingen.
Dit product voldoet aan de basiseisen en andere relevante bepalingen van de R&TTE richtlijn.
Dit wordt bevestigd door de CE-markering.
De conformiteitsverklaring kan gevonden worden op: http://www.topcom.net/cedeclarations.asp
FR
1.1 Het basisstation installeren
Volg voor installatie de volgende stappen:
1 Steek de stroomstekker van de adapter in het stopcontact en de stroomplug in de aansluiting aan de onderkant van het basisstation.
2 Steek de telefoonstekker in het telefoonstopcontact en de telefoonplug in de connector aan de onderkant van het basisstation.
3 Steek de telefoon- en stroomkabel in de aansluitingen van het basisstation, zoals weergegeven in afbeelding 1A.

- 1A Onderaanzicht van het basisstation –
A. Stroomkabel
B. Telefoonstopcontact
C. Telefoonkabel
1.2 De handset installeren
1Open het batterijvak zoals weergegeven in afbeelding 1B.
2Plaats de batterijen en let daarbij op de polariteit (+ en -).
3Sluit het batterijvak.
4Laat de handset 15 uur in het basisstation staan.

text_image
A - 1B Achterganzicht
text_image
B + - + - + - endset1B Achteraanzicht van handset
A. Deksel
B. Oplaadbare batterijen

Voordat u de telefoon voor het eerst gebruikt, moet u controleren of de batterij 15 uur is opgeladen. De telefoon zal niet optimaal werken als u dat niet doet.
1.3 De lader installeren (alleen voor Butler E700 Twin/Triple/Quattro)
Steek één uiteinde van de adapter in het stopcontact en het andere uiteinde in de adapteraansluiting op de onderkant van de lader.

text_image
- 1C Lader - A. Adapter met stroomkabel1.4 Toetsen / Leds
Handset
① Luidspreker
② Display
③ Toets Esc / Microfoon uit
④ Toets Omhoog / Oproeplog
⑤ Toets Aan-Uit / Opleggen
⑥ Alfanumerieke toetsen
⑦ Beltoon aan/uit
⑧ INT-toets
⑨ Microfoon
⑩ Toets Handenvrij
⑪ Nummerherhalingstoets
⑬ Toets Omlaag / Telefoonboek
⑭ Toets Opnemen / Opnieuw bellen
⑮ Toets Menu / OK
⑫ Toets voor toetsenbordvergrendeling

text_image
TOPCOM ① ② ③ ④ ⑤ ⑥ ⑦ ⑧ ⑨ ⑩ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ⑴ ⑵ ⑶ ⑷ ⑸ ⑨ R OK +LF ESC 2 ABC 3 DEF 4 GHI 5 JKL 6 MNO 7 PQRS 8 TUV 9WXYZ 0 # INT- 1D Handset -
Basisstation
⑯ Toets Paging

1.5 Verklaring van de symbolen
| Symbool Betekenis | |
| Oproep in uitvoering | |
| Laardniveau van de oplaadbare batterijen | |
![]() | De antenne geeft de kwaliteit van de ontvangst aan.De antenne knippert wanneer de handset buiten bereik is! |
| Er zijn meer cijfers aan de rechterkant | |
| Tijdens handenvrij | |
| Belzoemer is uitgeschakeld | |
| U hebt records in de oproeplog | |
![]() | Mogelijke scrollrichting |
| [C4KS] | Tijdens telefoonbockinvoer |
| [G6KA] | Het alarm op deze handset is geactiveerd |
| [Z75C] | U hebt een ingesproken bericht |
| [CTBD] | De huidige selectie bevestigen. |
![]() | Teruggaan in de menuselectie of wissen van vorig teken bij een nummer- of naaminvoer. |
1.6 Deze gebruikshandleiding gebruiken
In deze gebruikshandleiding is de volgende methode gebruikt om de instructies te verduidelijken:

In te drukken toets.

text_image
1 Tekst .... "Display". 2...... 3......
text_image
Stappen voor gebruikDe tekst die verschijnt op de display van de telefoon wordt tussen aanhalingstekens weergegeven in de rechterkolom.
1.7 Door het menu bladeren
De Butler E700 heeft een gebruiksvriendelijk menusysteem. Elk menu toont een lijst met opties. De functie van de 2 toetsen onder de display (toetsen Menu en Esc) 3veränderen afhankelijk van de gebruiksmodus:
![]() | Druk op deze toets om naar het menu te gaan of om de huidige selectie te bevestigen. | |
![]() | Door de menuopties gaan | |
![]() | Teruggaan in de menuselectie of wissen van vorig teken bij een nummer-of naaminvoer. |
2 De telefoon gebruiken
2.1 De handset aan- en afzetten
[Non-Text]
1Druk op de aan/uit-toets en houd deze ingedrukt totdat de display wordt ingeschakeld. De handset zoekt nu het basisstation.
[Non-Text]
2Houd de aan/uit-toets 5 seconden ingedrukt. De display wordt uitgeschakeld.
2.2 De menutaal veranderen



1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken. ⑮

2 Selecteer "PERS, INSTEL" en bevestig.
3 Select "TAAL" en bevestig.

4Kies een taal en bevestig.
2.3 Een oproep ontvangen
Om de oproep aan te nemen:

1Druk op de opnemen-toets.
OF
Neem de handset van het basisstation als u de functie "Automatisch antwoorden" hebt geactiveerd.
(Zie "6.4 Automatisch antwoorden")
U bent verbonden met de beller.

2Druk op de opleggen-toets om de oproep te beëindigen of zet de handset terug op het basisstation.
2.4 Een externe oproep doen
Direct kiezen

1Druk op de opnemen-toets om het nummer te bellen.
2Voer het telefoonnummer in.
3Druk op de opleggen-toets om de oproep te beëindigen of zet de handset terug op het basisstation.
Voorkiezen

1Voer het telefoonnummer in.
2Druk op de opnemen-toets om het nummer te bellen.
3Druk op de opleggen-toets om de oproep te beëindigen of zet de handset terug op het basisstation.
4Om een nummer te corrigeren, gebruikt u de wissen-toets om een ingevoerd cijfer te wissen.
Een nummer bellen uit de oproeploglijst

1Druk op de oproeplog-toets om toegang te krijgen tot de oproeplog.
2Selecteer de gewenste oproeploginvoer.
3Druk op de opnemen-toets om het geselecteerde nummer te bellen.
4Druk op de opleggen-toets om de oproep te beëindigen of zet de handset terug op het basisstation.
Een nummer bellen uit de nummerherhalingslijst
U kunt de laatste 5 oproepen terugbellen.

1Druk op de nummerherhalingstoets om toegang te krijgen tot de nummerherhalingslijst.
2Selecteer het gewenste nummer.
3Druk op de opnemen-toets om het geselecteerde nummer te bellen.
4Druk op de opleggen-toets om de oproep te beëindigen of zet de handset terug op het basisstation.
2.5 Een interne oproep doen

1Druk op de toets INT.
2Voer het nummer van de interne handset in (1 tot 5). Druk op de *-toets om alle handsets te bellen.
3Druk op de opleggen-toets om de oproep te beëindigen of zet de handset terug op het basisstation.
2.6 Een interne oproep doorschakelen
Een externe oproep naar een andere handset doorschakelen.

1Druk op de toets INT.
2Voer het nummer van de interne handset in (1 tot 5). De externe beller wordt nu in de wacht geplaatst.
3Wanneer de andere handset opneemt, druk dan op de opleggen-toets om op te hangen en de oproep door te schakelen.
INT Wanneer de interne gesprekspartner niet opneemt, drukt u opnieuw op de INT-toets om uw externe beller weer aan de lijn te krijgen.

4Druk op de opleggen-toets om de oproep te beëindigen of zet de handset terug op het basisstation.
2.7 Een conferentiegesprek met 3 handsets voeren
Met de functie conferentiegesprek kunt u één externe oproep delen met twee handsets. Tijdens een externe oproep:

1Druk op de toets INT.
2Voer het nummer van de interne handset in (1 tot 5). De externe beller wordt nu in de wacht geplaatst.
3Wanneer de andere handset wordt opgenomen, drukt u op de INT-toets om het conferentiegesprek mogelijk te maken.

Wanneer de interne beller niet opneemt, drukt u opnieuw op de opleggen-toets om de externe beller aan de lijn te krijgen.
2.8 Luidsprekervolume tijdens het gesprek

1 Tijdens het gesprek drukt u op de omhoog/omlaag-toets om het volume aan te passen.
2.9 Microfoon uitschakelen
Het is mogelijk om de microfoon tijdens een gesprek uit te schakelen.

1Druk op de microfoon uit-toets. U kunt vrijuit spreken zonder dat de beller u hoort. "GELUID UIT" wordt weergegeven.

2Druk opnieuw op de microfoon uit-toets om terug te keren naar de normale modus.
2.10 Het alfanumerieke toetsenbord gebruiken
Met uw telefoon kunt u ook alfanumerieke tekens invoeren. Dit is handig om een naam in het telefoonboek te zetten, een naam te geven aan de handset enz.
Om een letter te selecteren, drukt u zo vaak als nodig op de bijbehorende toets. Bijvoorbeeld: druk één keer op "2" om "A" te kiezen. Druk twee keer op "2" om "B" te kiezen enz. Om de letter "A" en daarna de "B" te kiezen, druk eenmaal op "2", wacht enkele seconden en druk dan tweemaal op "2".

Druk op "1" om een spatie te kiezen.

Druk op de Esc-toets om een teken te verwijderen of houd de Esc-toets ingedrukt om alle tekens te verwijderen.
3 Nummerherhalingslijst
U kunt de laatste 5 oproepen terugbellen. Wanneer de naam van het gekozen nummer is opgeslagen in het telefoonboek, wordt de naam in de nummerherhalingslijst getoond.
Zie “2.4 Een externe oproep doen” – “Een nummer bellen uit de nummerherhalingslijst” om een nummer te bellen uit de nummerherhalingslijst.
Zie “4.4 Een ingevoerd item naar het telefoonboek kopieren” om een nummer uit de nummerherhalingslijst in het telefoonboek op te slaan.
3.1 Een herhalingsnummer verwijderen of alle herhalingsnummers uit de nummerherhalingslijst verwijderen

1Druk op de nummerherhalingstoets.
2Selecteer het gewenste nummer.
3Druk op Menu.
4 Selecteer "WISSEN" om de huidige invoer te verwijderen en bevestig. OF
5 Selecteer "ALLES WISSEN" om alle invoer te verwijderen en bevestig.
6Bevestig nogmaals om te verwijderen.
4 Telefoonboek
Elke handset kan tot 20 telefoonnummers en namen opslaan. Namen kunnen 12 tekens en nummers 24 cijfers lang zijn.
Zie “2.10 Het alfanumerieke toetsenbord gebruiken” voor het invoeren van alfanumerieke tekens.
4.1 Een nummer aan het telefoonboek toevoegen

1Kies het menu.

2 Selecteer "TELEFOONBOEK" en bevestig.

3 Selecteer "NWE GEGEVENS" en bevestig.

4Voer de naam in en bevestig.

5Voer het nummer in en bevestig.

6Kies een belmelodie (1-10) en bevestig.
4.2 Een nummer in het telefoonboek bewerken
| 1Kies het menu. | ||
| ▲▼ | OK | 2 Selecteer “TELEFOONBOEK” en bevestig. |
| ▲▼ | OK | 3 Selecteer “BEWERK GEGEV” en bevestig. |
| ▲▼ | 4 Kies een naam of voer de eerste letter van de naam in. (De lijst staat in alfabetische volgorde.) | |
| OK | 5Bevestig om te wijzigen. | |
| OK | 6Voer de naam in en bevestig. | |
| OK | 7Voer het nummer in en bevestig. | |
| ▲▼ | OK | 8Kies een belmelodie (1-10) en bevestig. |
4.3 Een nummer uit het telefoonboek bellen
| 1Druk op de telefoonboek-toets. | |
| ▲▼ | 2 Kies een naam of voer de eerste letter van de naam in. (De lijst staat in alfabetische volgorde.) |
| 3Druk op de opnemen-toets om het nummer te bellen. | |
| 4Druk op de opleggen-toets om de oproep te beëindigen of zet de handset terug op het basisstation. |
4.4 Een ingevoerd item naar het telefoonboek kopiëren
| ○ | 1Druk op de nummerherhalingstoets. | |
| ▲▼ | 2Selecteer het gewenste nummer. | |
| 3Druk op Menu. | ||
| ▲▼ | OK | 4 Selecteer “KOP.IN TELB.” om de huidige invoer te kopieren en bevestig. |
| OK | 5Voer de naam in en bevestig. | |
| OK | 6Voer het nummer in en bevestig. | |
| ▲▼ | OK | 7Selecteer de gewenste melodie en bevestig. |
4.5 Een ingevoerd telefoonboekitem of alle ingevoerde telefoonboekitems verwijderen
| 1Kies het menu. | |
| ▲▼OK | 2 Selecteer “TELEFOONBOEK” en bevestig. |
| ▲▼OK | 3 Selecteer “WISSEN” of “ALLES WISSEN” en bevestig. |
| ▲▼ | 4 Kies een naam of voer de eerste letter van de naam in. (De lijst staat in alfabetische volgorde.) |
| OK | 5Bevestig om te verwijderen. |
| OK | 6Druk opnieuw op OK om te bevestigen. |
Deze dienst werkt alleen als u bent geabonneerd op een dienst met nummerherkenning van de oproeper (CLIP).
Neem hiervoor contact op met uw telefoonmaatschappij.
Wanneer u een externe oproep ontvangt, verschijnt het nummer van de beller op de display van de handset. De telefoon kan oproepen in zowel FSK als DTMF ontvangen. U kunt ook de naam van de beller zien als die door het netwerk wordt verzonden. Als de naam in het telefoonboek is geprogrammeerd, wordt de naam uit het telefoonboek weergegeven!

Na 15 seconden verbinding wordt de naam van de beller vervangen door de gespreksduur.
De telefoon kan 20 oproepen opslaan in een oproeplijst (ontvangen en gemiste oproepen), die later bekeken kunnen worden. Deze functie is alleen beschikbaar wanneer u geabonneerd bent op een dienst voor nummerweergave.
Als het geheugen vol is, vervangen de nieuwe oproepen automatisch de oudste oproepen in het geheugen.
Nieuwe of gemiste oproepen worden op de display aangegeven door “NWE OPROEPEN” en een knipperend pictogram.
De oproeplijst raadplegen:

1Druk op de oproeplog-toets.
Wanneer er geen oproepen zijn, verschijnt in de lijst "GEEN NUMMER".

2Doorloop de oproepen. De namen van de bellers worden getoond wanneer de naam door het netwerk wordt doorgestuurd of in het telefoonboek is opgeslagen. Wanneer u aan het eind van de lijst komt, hoort u een dubbele pieptoon.
Wanneer het, pictogram wordt weergegeven, is de oproep nog niet in het oproeplog bekeken.


3Druk op de Menu-toets om het eventueel nieuwe nummer aan het telefoonboek toe te voegen. Druk op OK wanneer "KOP.IN TELB." op de display verschijnt.



Voer de naam in of wijzig hem en druk op OK.


Voer het telefoonnummer in of wijzig het en druk op OK.

Kies de melodie (1-10) die moet klinken als u door dit nummer wordt gebeld. Druk op OK: het nummer wordt in het telefoonboek opgeslagen.


4Druk op de opnemen-toets om iemand terug te bellen, wanneer het telefoonnummer of de naam wordt getoond.
De gegevens van de invoer in de oproeplijst bekijken:

1Druk in de oproeplijst op de Menu-toets.

2 Selecteer "BEKIIK" en druk op OK.

3Druk meerdere malen op OK voor meer informatie.
U kunt elk nummer afzonderlijk verwijderen:


1Blader naar de oproep die u wilt verwijderen en druk op de Menu-toets.

2 Selecteer "WISSEN" en druk op OK.

3Druk opnieuw op OK om te bevestigen.
Om alle items gelijktijdig te wissen:


OK
OK
1Druk in de oproeplijst op de Menu-toets.
2Selecteer "ALLES WISSEN" en druk op OK.
3Druk opnieuw op OK om te bevestigen.
6 De handset personaliseren

Elke programmering wordt aan het einde bevestigd door een dubbele of een enkele lange pieptoon.
Een dubbele pieptoon geeft de bevestiging van uw keuze aan.
6.1 Het volume van de beltoon aanpassen
Belvolume van de handset voor interne/externe oproepen
U kunt het belvolume niet afzonderlijk voor interne of externe oproepen instellen. U kunt kiezen uit 1 t/m 5 en Uit (Off).





OK
OK
1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
2 Selecteer "PERS, INSTEL" en bevestig.
3 Selecteer "HS TONEN" en bevestig.
4 Selecteer "BEL VOLUME" om het interne en externe volume te wijzigen, en bevestig.
5 Kies een volumeniveau (1-5 of "UIT").
6Bevestig of keer terug naar het vorige menu.
6.2 Stille modus
U kunt met één druk op de toets de beltoon van de handset uitschakelen, zodat u niet wordt gestoord:

1Houd de beltoon uit-toets 3 seconden ingedrukt. De beltoon wordt uitgeschakeld en wordt op het scherm weergegeven.

2Houd de beltoon uit-toets opnieuw ingedrukt om deze weer in te schakelen.
6.3 Een beltoon kiezen
Er kan voor elke handset een andere melodie worden ingesteld. U kunt de handset ook zodanig instellen dat er voor interne of externe oproepen een andere beltoon wordt gebruikt. U kunt kiezen uit 10 verschillende beltonen:





OK
OK
1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
2 Selecteer "PERS, INSTEL" en bevestig.
3 Selecteer "HS TONEN" en bevestig.
4 Selecteer “BELTOON INT.” om de interne beltoon, of “BELTOON EXT.” om de externe beltoon te wijzigen, en bevestig.
5Kies een beltoon (1 tot 10).
6Druk op de OK-toets om te bevestigen of naar het vorige menu terug te keren.
6.4 Automatisch antwoorden
Wanneer er een oproep wordt ontvangen en de handset staat in het basisstation, dan neemt de telefoon automatisch op wanneer u de handset pakt.

1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
▲▼ OK 2 Selecteer "PERS, INSTEL" en bevestig.
▲▼ OK 3 Selecteer "AUTO.ANTW." en bevestig.
▲▼ OK 4 Selecteer "AAN" voor inschakelen en "UIT" voor uitschakelen, en bevestig.
6.5 Toetsenbordvergrendeling
Het toetsenbord kan worden vergrendeld zodat er geen instellingen kunnen worden gewijzigd en geen telefoonnummers kunnen worden ingevoerd. "TOETS,GEBL," verschijnt op het scherm als het toetsenbord is vergrendeld.
Het toetsenbord vergrendelen

1Houd de toets voor toetsenbordvergrendeling 3 seconden ingedrukt. Het toetsenbord wordt vergrendeld.
Het toetsenbord ontgrendelen.

1Houd de toets voor toetsenbordvergrendeling 3 seconden ingedrukt.
2 "TOETS,GEBL," verdwijnt van het scherm.
6.6 De datum, de tijd en de datumnotatie instellen

1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
▲▼ OK 2 Selecteer "KLOK & ALARM" en bevestig.
▲▼ OK 3 Selecteer "DATUM/TIJD" en bevestig.
OK 4Geef de datum (DD/MM) op en bevestig.
ok 5Geef de tijd (UU/MM) op en bevestig.
▲▼ OK 6 Selecteer "FORMAAT INST" en bevestig.
▲▼ OK 7 Selecteer "TIJDSFORMAAT" en bevestig.
▲▼ OK 8 Selecteer "12-UUR" of "24-UUR" en bevestig.
▲▼ OK 9 Selecteer "DATUMFORMAAT" en bevestig.
▲▼ OK 10 Selecteer de notatie "DD/MM" of "MM/DD" en bevestig.
6.7 Automatische tijdsinstelling
Als deze functie is ingeschakeld, worden de datum en de tijd bijgewerkt met behulp van gegevens die bij nummerweergave worden ontvangen. De functie kan als volgt worden uitgeschakeld:

1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
▲▼ OK 2 Selecteer "KLOK & ALARM" en bevestig.
▲▼ OK 3 Selecteer "AUTO KLOK" en bevestig.
▲▼ OK 4 Selecteer "AAN" voor inschakelen en "UIT" voor uitschakelen, en bevestig.
6.8 Handsetnaam instellen
U kunt de standaardnaam voor de handset (10 tekens) wijzigen die op de display in stand-by verschijnt:

1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
▲▼ OK 2 Selecteer "PERS, INSTEL" en bevestig.
▲▼ OK 3 Selecteer "HANDSETNAAM" en bevestig.
OK 4 Voer de naam van de handset in en bevestig.
6.9 De display van de handset selecteren
U kunt kiezen of u de tijd of de handsetnaam wilt weergeven op het inactieve display van de handset:

1Houd de Menu-toets ingedrukt om te schakelen tussen tijd/datum of handsetnaam.
6.10 Alarminstellingen
U kunt de handset gebruiken om een wekker in te stellen. Als er een wekker is ingesteld, verschijnt het pictogram op het scherm. Tijdens het afgaan van de wekker, verschijnen het -pictogram en "ALARM AAN" gedurende 60 seconden op het scherm. U kunt op een willekeurige toets drukken om de wekker uit te schakelen.
Wekker in-/uitschakelen

1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.

OK
2 Selecteer "KLOK & ALARM" en bevestig.

OK
3 Selecteer "ALARM" en bevestig.

OK
4 Selecteer "EENMALIG AAN", "DAGEL. AAN" of "UIT" en bevestig.
De wektijd instellen

1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.

OK
2 Selecteer "KLOK & ALARM" en bevestig.

OK
3 Selecteer "ALARM" en bevestig.

OK
4 Selecteer "EENMALIG AAN" of "DAGEL. AAN" en bevestig.

OK
5Geef de tijd (UU/MM) in 24-uurs formaat op en bevestig.

U kunt op elke willekeurige toets drukken om het alarm uit te schakelen, ook al is het toetsenbord vergrendeld.
Het wekvolume is gelijk aan het beltoonvolume; wanneer het beltoonvolume is uitgeschakeld, gaat de wekker af op volume 1.
Als de wekker tijdens een oproep afgaat, hoort u een waarschuwingssignaal, en u kunt dit uitschakelen door op een willekeurige toets te drukken.
Tijdens paging of bellen kunt u geen wekker horen.
Wekkermelodie

1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.

OK
2 Selecteer "KLOK & ALARM" en bevestig.

OK
3 Selecteer "ALARMMELODIE" en bevestig.

OK
4Selecteer de gewenste melodie en bevestig.
6.11 Toontjes
Als u, wanneer de batterij bijna leeg is, op een toets drukt, hoort u terwijl u de handset in de lader plaatst of als de handset buiten bereik is, een waarschuwingssignaal. U kunt deze functie in- of uitschakelen:

1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.

OK
2 Selecteer "PERS, INSTEL" en bevestig.

OK
3 Selecteer "HS TONEN" en bevestig.

OK
4 Selecteer "TOETSEN TOON", "BATT, LAAG", "LAADT TOON" of "SIGNL.ZWAK", en bevestig.

OK
5 Selecteer "AAN" voor inschakelen en "UIT" voor uitschakelen, en bevestig.
Als u nieuwe berichten in uw voicemail hebt, knippert op de display. U kunt uw toegangsnummer programmeren, zodat u uw bericht kunt beluisteren als u op de knop '1' drukt.
U stelt uw toegangsnummer voor voicemail als volgt in:



1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
2 Selecteer "PERS, INSTEL" en bevestig.


3 Selecteer "VOICEMAIL" en bevestig.


4Geef uw toegangsnummer op (maximaal 24 cijfers) en bevestig.
U beluistert uw voicemail als volgt:

1Houd de 'l'-toets ingedrukt in stand-by.
6.13 Paging
U kunt naar een ontbrekende handset zoeken door op de Paging-toets te drukken •op het basisstation. Alle handsets die op het basisstation zijn geregistreerd, geven een paging-signaal af en "PAGING" wordt weergegeven. U kunt paging stoppen door op een willekeurige toets op de handset te drukken of door de Paging-toets •op het basisstation nogmaals in te drukken.
7 Basisinstellingen
7.1 De flashtijd instellen
Druk op de Flash-toets R (toets 14 – afbeelding 1D Handset) om bepaalde diensten op uw externe lijn te gebruiken, zoals “tweede oproep” (wanneer uw telefoonbedrijf deze dienst aanbiedt); of om oproepen door te schakelen wanneer u een telefooncentrale (PABX) gebruikt. De Flash-toets R is een korte onderbreking van de lijn. U kunt de flashtijd instellen op 100 ms, 300 ms of 600 ms (“KORT”, “MIDDEL” of “LANG”):



1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
2 Selecteer "GEAVANC,INST" en bevestig.


3 Selecteer "FLASHDUUR" en bevestig.


4 Selecteer "KORT", "MIDDEL" of "LANG" en bevestig.
7.2 De pincode voor het systeem instellen
Bepaalde functies zijn alleen beschikbaar voor gebruikers die de pincode kennen. De standaardpincode is 0000. U wijzigt de pincode als volgt:



1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
2 Selecteer "GEAVANC,INST" en bevestig.


3 Selecteer "VERANDER PIN" en bevestig.


4Voer de huidige pincode in en bevestig.


5Voer de nieuwe pincode in en bevestig.
7.3 Eerste beltoon
U kunt de eerste beltoon als volgt uitschakelen:



1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
2 Selecteer "GEAVANC,INST" en bevestig.


3 Selecteer "1STE BELTOON" en bevestig.


4 Selecteer "AAN" of "UIT" en bevestig.
7.4 De belmodus instellen
Er zijn twee verschillende kiesmodi die bij het maken van oproepen kunnen worden gebruikt:
- DTMF = dual tone multiple frequency of toonkiezen (moderne kiesmodus van tegenwoordig)
• Pulskiezen (in oudere toestellen)
Moderne toestellen zijn voorzien van beide functies, die afhankelijk van de toepassing kunnen worden ingesteld. DTMF is nodig voor programmerings- en regelfuncties, bijvoorbeeld als het toestel via een PBX werkt. Als toonkiezen wordt gebruikt, kunnen er zich bij normaal gebruik storingen voordoen in een PBX omdat het systeem de signalen voor toonkiezen verkeerd interpreteert.


OK
1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
2 Selecteer "GEAVANC,INST" en bevestig.

OK
3 Selecteer "KIESMODUS" en bevestig.

OK
4 Selecteer "PULS" of "TOON", en bevestig.
8 Meerdere handsets gebruiken
8.1 Een nieuwe handset toevoegen

Alleen nodig wanneer u de aanmelding van een handset hebt verwijderd of wanneer u zich een nieuwe hebt aangeschaft.
U kunt twee handsets aanmelden op het basisstation wanneer deze handsets het DEC GAP-protocol ondersteunen. Het basisstation kan tot 5 handsets ondersteunen. Wanneer u reeds 5 handsets hebt en u wenst een bijkomende handset toe te voegen of een handset te vervangen, moet u eerst een handset verwijderen en vervolgens de nieuwe aanmelden.


OK
1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.

OK
2 Selecteer "GEAVANC,INST" en bevestig.

OK
3 Selecteer "AANMELDEN" en bevestig.
4Voer de oude 4-cijferige pincode van het systeem in en bevestig.

5Houd de Paging-toets op het basisstation gedurende 5 seconden ingedrukt.

Het DECT GAP-profiel zorgt er alleen voor dat de basistelefoonfuncties correct werken tussen de verschillende merken/typen. Het is mogelijk dat sommige diensten (zoals CLIP – nummerweergave oproeper) niet correct werken.
8.2 Een handset verwijderen


OK
1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.

OK
2 Selecteer "GEAVANC,INST" en bevestig.

OK
3 Selecteer "AFMELDEN" en bevestig.
4Voer de oude 4-cijferige pincode van het systeem in en bevestig.

OK
5Selecteer de handset die u wilt verwijderen en bevestig.
9 De telefoon resetten
U kunt de standaardinstellingen voor de telefoon terugzetten. Dit zijn de instellingen die zijn geïnstalleerd wanneer u de telefoon aankoopt. Na het resetten worden al uw persoonlijke instellingen en ingevoerde items in de oproeplijst verwijderd, maar uw telefoonboek blijft behouden.
U keert als volgt terug naar de standaardinstellingen:


OK

OK
OK
1Selecteer het menu door op de Menu-toets te drukken.
2 Selecteer "GEAVANC,INST" en bevestig.
3 Selecteer "RESETTEN" en bevestig.
4Bevestig opnieuw.
10 Probleemoplossing
| Symptoom Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| Geen weergave Batterijen zijn leeg Controleer de plaatsing van de batterijen | ||
| Laad de batterijen op | ||
| Handset uitgeschakeld Schakel de handset in | ||
| Geen toon Telefoonkabel is slecht aangesloten | Controleer de aansluiting van de telefoonkabel | |
| De lijn is bezet door een andere handset | Wacht totdat de andere handset het gesprek heeft beëindigd | |
| Het pictogram nhippert Handset is buiten bereik Breng de handset dichter in de buurt van het basisstation | ||
| Het basisstation heeft geen stroom | Controleer de aansluiting van de stroomkabel bij het basisstation | |
| De handset is niet aangemeld op het basisstation | Meld de handset aan bij het basisstation | |
| Basisstation of handset laat geen beltoon horen | Het beltoonvolume staat uit of is te laag | Pas het volume van de beltoon aan |
| Niet mogelijk om een gesprek naar de binnencentrale (PABX) door te schakelen | De flashtijd is te kort of te lang | De flashtijd wijzigen |
| De telefoon reageert niet op het indrukken van de toetsen | Gebruikersfout | Verwijder de batterijen en plaats ze weer terug |
11 Technische specificaties
Aantal kanalen 120 duplexkanalen
Modulatie GFSK
Spraakcodering 32 kbit/s
Emissievermogen 10 mW (gemiddeld vermogen per kanaal)
Bereik maximaal 300 m in open ruimten / 10-50 m binnenshuis
Aantal handsets Maximaal 5
Netspanning basisstation 100-240 V \~ 50/60 Hz / 6 V DC 210 mA (SIL SSA-5AP-09 EU 060021)
Netspanning lader 100-240 V \~ 50/60 Hz / 6 V DC --- 210 mA (SIL SSA-5AP-09 EU 060021)
Batterijen van de handset 2 oplaadbare batterijen AAA, NiMh 1,2 V – 400 mAh
Autonomie van handset 140 uur in stand-by
Gesprekstijd van handset 8 uur
Normale +5 °C tot +45 °C
gebruiksomstandigheden
Flashtijd 100,250 of 600 ms.
12 Topcom-garantie
12.1 Garantieperiode
Op de Topcom-toestellen wordt een garantie van 24 maanden verleend. De garantieperiode gaat in op de dag waarop het nieuwe product werd gekocht. Er is geen garantie op standaard- of oplaadbare batterijen (type AA/AAA).
Kleine onderdelen of defecten die een verwaarloosbaar effect hebben op de werking of waarde van het product, worden niet door de garantie gedekt.
De garantie moet worden aangetoond door overlegging van het originele aankoopbewijs of een kopie waarop de aankoopdatum en het typenummer van het product staan vermeld.
12.2 Garantiebeperkingen
Schade of defecten die te wijten zijn aan onjuist gebruik of bediening en schade die te wijten is aan het gebruik van niet-originele onderdelen of accessoires worden niet door de garantie gedekt.
De garantie dekt geen schade die te wijten is aan externe factoren, zoals bliksem, water en brand of transportschade. Er kan geen aanspraak worden gemaakt op de garantie als het serienummer op het product gewijzigd, verwijderd of onleesbaar gemaakt is.
Garantieclaims zijn ongeldig wanneer het product door de koper werd gerepareerd, gewijzigd of aangepast.
Dit apparaat mag alleen worden gebruikt met oplaadbare batterijen. Als u de oorspronkelijk bijgeleverde batterijen wilt vervangen, let dan goed op of de batterijen die u gaat gebruiken geschikt zijn en oplaadbaar zijn. Gebruik in GEEN geval alkalinebatterijen in de handsets. Als u alkalinebatterijen gebruikt en de handset op het basisstation plaatst, worden deze batterijen opgewarmd en kunnen ze exploderen. Mogelijke schade die zo wordt veroorzaakt kan niet worden geclaimd bij de fabrikant. De hierdoor veroorzaakte schade aan het apparaat valt niet onder de garantievoorwaarden. Eventuele reparaties worden in dat geval aan u in rekening gebracht.
13 Het product afvoeren (milieu)

Na afloop van de levenscyclus van het product mag u het niet met het normale huishoudelijke afval weggooien, maar moet u het naar een inzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparatuur brengen. Dit wordt aangeduid door het symbool op het product, in de gebruiksaanwijzing en/of op de verpakking.
Sommige materialen waaruit het product is vervaardigd, kunnen worden hergebruikt als
u ze naar een inzamelpunt brengt. Door onderdelen of grondstoffen van gebruikte producten te hergebruiken, levert u een belangrijke bijdrage aan de bescherming van het milieu. Wend u tot de plaatselijke overheidsinstantie voor meer informatie over de inzamelpunten bij u in de buurt.
14 Reiniging
Reinig de telefoon met een vochtige of antistatische doek. Gebruik nooit reinigingsmiddelen of agressieve oplosmiddelen.





