RS201 - Audioversterker YAMAHA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis RS201 YAMAHA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over RS201 YAMAHA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Audioversterker in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RS201 - YAMAHA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RS201 van het merk YAMAHA.
GEBRUIKSAANWIJZING RS201 YAMAHA
1 Om er zeker van te kennen zijn dat u de optimale prestatiesuit uw toestel haalt,dient u deze handleiding zorgvuldig door te lezen.Bewaar de handleiding op eenavigile plek zodate u er later nog eens ie's in kunt opzoeken.
2 Installeer dit geluidssystem op een goed geventileerde, koele, droge en schone plek uit de buurt van direct zonlicht, warmtebronnen, trillingen, stof, vocht, en/of kou. Houd de volgende minimumruimte rond het toestel aan voor ventilatieidoeleinden.
Boven: 30~cm
Achter: 20~cm
Zijkanten: 20~cm
3 Plaats dit toestel uit de buurt van andere elektrische apparatuur, motoren of transformatoren om storend gebrom te voorkomen.
4 Stel dit toestel Niet bloot aan plotselinge temperatuurswisselingen van koudaar warm en plaats het toestel Niet in een omgeving met een hove vochtigheidsgraad (bijv. in een ruimte met een luchtbevochtiger) om te voorkomen dat zich binnenin het toestel condens vomt, wat zou+kunnen leiden tot elektrische schokken,brand, schade aan dit toestel en/of personlijk letsel.
5 Vermijd plekken waar andere voorwerpen op het toestel hunnen vallen, of waar het toestel blootstaat aan druppelende of spattende vloeistoffen. Plaats de volgende dingen Niet bovenop dit toestel:
- Andere componenten, waar deze schade+kennenveroorzaken en/of de afwerking van dit toestel+kennendoen verkleuren.
- Brandende voorwerpen (bijv. kaarsen), waar deze brand, schade aan dit toestel en/of persoonlijk letsel konnen veroorzaken.
- Voorwerpen met vloeistoffen, waar deze elektrische schokken voor de gebruiker en/of schade aan dit toestel+kunnen veroorzaken wanner de vloeistof waaruit in het toestel terecht komt.
6 Dek het toestel Niet af met een krant, tafellaken, gordijn enz. zodate de koeling Niet belemmerd worden. Als de temperatuur binnenin het toestel te hoog worden, kan dit leiden tot brand, schade aan het toestel en/of persoonlijk letsel.
7 Steek de stekker van dit toestel pas in het stopcontact als alle aansluitingen gemaakt zijn.
8 Gebruik het toestel Niet wonneer het ondersteboven is geplaatst. Het kan hierdoor oververhit raken, wat kan leiden tot schade.
9 Gebruik geen overdreven kracht op de schakelaars, knuppen en/of snoeren.
10 Wanner u de stekker uit het stopcontact haalt, moet u aan de stekker zichtrekken, Niet aan het snoer.
11 Maak dit toestel nicht schoon met chemische oplosmiddelen; dit kan de afwerking beschadigen. Gebruik alleen een schone, droge doek.
12 Gebruik alleen het op dit toestel aangegeven voltage. Gebruik van dit toestel bij een hoger voltage dan aangegeven is gevaarlijk en kan leiden tot brand, schade aan het toestel en/of personlijk letsel. Yamaha aanvaardt geen aansprakelijkheid voorengo schade veroorzaakt door gebruik van dit toestel met een ander voilage dan aangegeven staat.
13 Om schade door blikseminslag te voorkomen, dient u de stekker uit het stopcontact te halen wanner het onweert.
14 Probeer Niet zichigingen in dit toestel aan te brengen of het te repareren. Neem contact op met erkend Yamaha servicepersoneel wonneer u vermoedt dat het toestel reparatie behoeft. Probeer in geen geval de behuizing open te makeen.
15 Wonneer u dit toestel voor langereijd Niet zult gebruiken (bijv. vakantie), dient u de stekker uit het stopcontact te halen.
16 Lees het hoofdstuk "VERHELPEN VAN STORINGEN" over veel voorkomende vergissingen bij de bediening voor u de conclusie trekt dat het toestel een storing of defect vertoont.
17 Voor u het toestel verplaatst, dient u op (aan/uit) te drukken om het toestel in wachtstand te zetten, en nervolgens de stekker uit het stopcontact te halen.
18 Er zal zich condens vormen wonneer de omgevingstemperatuur plotseling verandert. Haal de stekker uit het stopcontact en LAST het toestel met rust.
19 Wonneer het toestel langerearend Achter elkaar gebruikt wordt, kan het warm worden. Schakel de stroom uit en laat het toestel afkoelen.
20 Installeer dit toestel in de buurt van een stopcontact op een plek waar u de stekker gemakkelijk kutn bereiken.
21 De batterijenogensnietwordenblootgesteldaanhitte, zoalsdoordirectzonlicht,vuurofietsdergelijks.
22 Een te hoge geluidsdruk (volume) van een oortelefoon of hoofdtelefoon kan leiden tot gehoorschade.
De stroomvoorziening van dit toestel is nicht afgesloten zolang de stekker in het stopcontact zit, ook al is het toestel zichuitgeschakeld met . Dit is de zogenaamde wachtstand. In deze toestand is het toestel ontworpen een zeerkleine hoeveelheid stroom te verbruiken.
WAARSCHUWING
OM DE RISICO'S VOOR BRAND OF ELEKTRISCHE SCHOKKEN TE VERMINDEREN, MAG U DIT TOESTEL IN GEEN GEVAL BLOOTSTELLEN AAN VOCHT OF REGEN.

Dit etiket moet op het product worden aangebrachte wonneer de bovenkant heet kan wordenijdens gebruik.
INHoud
INLEIDING
NUTTIGEFUNCTIES 1
MEEGELEVERDE ACCESSOIRES. 1
REGELAARS EN HUN FUNCTIONS. 2
Voorpaneel 2
Voorpaneelschemr 4
Achterpaneel 5
Afstandsbediening 6
Deafstandsbediening gebruiken 8
VOORBEREIDINGEN
AANSLUITINGEN 9
Luidsprekers en broncomponenten aansluiten. 9
De FM- en AM-antennes aansluiten. 11
Het netsnoer aansluiten 11
BASISBEDIENING
AFSPELEN. 12
Een bron afspelen 12
De sluimerklok gebruiken 13
FM/AM AFSTEMMEN. 14
Voorkeuzefuncties gebruiken 14
Radio Data System-gegevens ontvangen (alleen het model voor Europa) 18
GEAVANCEERDE BEDIENING
HET OPTIEMENU INSTELLEN VOOR
INVOERBRONNEN. 19
Optiemenu-items 19
AANVULLENDE INFORMATIE
VERHELPEN VAN STORINGEN 20
SPECIFICATIES 23
Over deze handleiding
- geeft een bedieningstip aan.
- De instructies in deze handleiding beschrijven de bediening van het toestel met de meegeleverde afstandsbediening. U kunt ook de knappen en regelaars op het voorpaneel gebruiken als ze dezelfde of vergelijkbare namen hebben als die op de afstandsbediening.
NUTTIGE FUNCTIONS
Met dit toestel kurz u:
Luisteren aan FM- en AM-radiostations (zie bladzijde 14)
De afstandsbediening van dit toestel gebruiken voor het bedieren van een Yamaha cd-speler (zie bladzijde 7)
Energie besparen met de functie AUTO POWER STANDBY (zie bladzijde 19)
MEEGELEVERDE ACCESSOIRES
Controller of u alle volgende onderden ontvangen heeft.
Afstandsbediening

FM-binnenantennes


- Afhankelijk van de regio waarin het toestel worden aangekocht worden een van de bovenstaande meegeverd.
AM-ringantenne

Batterijen (x2)
(AA, R6, UM-3)

Voorpaneel

① (aan/uit)
Schakelt het toestel in en uit, of activeert wachtstand.
Opmerking
Zelfs indien het toestel in wachtstand staat, verbruikt het nog eenkleine hoeveelheid stroom.
② FM MODE
Wijzigt de ontvangstmodus voor FM (stereo of mono) als TUNER worden gekozen als ingangsbron (zie bladzijde 14).
③ Sensor voor de afstandsbediening
Ontvangt infrarode signalen van de afstandsbediening.
④ STANDBY/ON-lampje
| Lampje | Status |
| Helder brandend | Het toestel is ingeschakeld. |
| Gedempt | Het toestel staat in wachtstand. |
| Uit | Het toestel is uitgeschakeld. Trek de stekker van het netsnoeruit het stopcontact om dit toesteluit te schaken. |
⑤ MEMORY
Slaat het huidige FM/AM-station op als voorkeuze wanner TUNER is geseleeteerd als ingangsbron (zie bladzijde 15).
⑥ FM/AM
Stelt de FM/AM-tunerband in op FM of AM wanneer TUNER is geseleede als ingangsbron (zie bladzijde 14).
⑦ PRESET<1>
Selecteert een FM/AM-voorkeuzestation wanneer TUNER is geselecteerd als ingangsbron (zie bladzijde 16).
⑧ TUNING /
Selecteert de afstemfrequentie wanner TUNER is geselecteerd als ingangsbron (zie bladzijde 14).
⑨ Voorpaneelschemr
Geeft informatieeeroverdestatusvanhetoestel.

10 PHONES-aansluiting
Voert audio uit maar uw hoofdtelefoon zodate u privé kunt luisteren.
Opmerking
Druk op SPEAKERS A/B zodate de lampjes SP A/B (zie bladzijde 4) uitgaan voordat u uw hoofdtelefoon aansluit op de PHONES-uitgang.
⑪ SPEAKERS A/B
Schakelt telkens als de overeenkomstige knop worden ingedrukt de luidsprekerset in of uit die aangesloten is op de SPEAKERS A- en/of SPEAKERS B-aansluitingen op hetchyterpaneel (zie bladzijde 12).
② BASS-/+
Verhooft of verlaagt de versterking van de lage tonen. Bedieningsbereik: -10dB tot +10dB
⑬ TREBLE -/+
Verhoogt of verlaagt de versterking van de hoge tonen.
Bedieningsbereik: -10dB tot +10 dB
14 INPUT /
Hiermee kiest u de ingangsbron waar u maar wilt luisteren.
15 VOLUME-regelaar
Verhoegt of verlaagt het geluidsniveau.
Voorpaneelschemm

① PRESET-lampje
| Lampje | Status |
| Brandt | Een voorkeuzestation worden teruggeroepen. |
| Een FM/AM-station handmatig zoeken om te registerden als Voorkeuze. | |
| knippert | Er worden gezocht waar FM-stations om te registerden als Voorkeuze. |
② MEMORY-lampje
| Lampje | Status |
| Brandt | Het registereren van een FM/AM-station als voorkeuze is voltooid. |
| knippert | Een FM/AM-station handmatigzoeken om te registereren alsvoorkeuze. |
| Er worden gezocht maar FM-stations om te registereren alsvoorkeuze. |
③ SP (SPEAKERS) A/B-lampjes
Branden afhankelijk van welke luidsprekers u hebt geseleederd.
Beide lampjes branden als beiden luidsprekersets zijn geselecteerd.
④ TUNED-lampje
Brandt wonneer het toestel is afgestemd op een FM- of AM-station met een krachtig signal.
⑤ SLEEP-lampje
Brandt als de sluimerklok ingeschakeld is (zie bladzijde 13).
⑥ ST-lampje
Brandt wanner het toestel ontvangt in stereo en is afgestemd op een FM-station met een stereouitzending.
⑦ kHz/MHz-lampje
Gaan branden afhankelijk van de geselecteer duitendfrequentie.
kHz:AM
MHz: FM
⑧ Multi-infoschem
Geeft geeverns weeerijdens het aanpassen of wijzigenvan instellingen.
Achterpaneel

① ANTENNA-aansluitingen
Hier sluit u FM- en AM-antennes aan (zie bladzijde 11).
② Netsnoer
Toestel aansluien op een stopcontact (zie bladzijde 11).
③ CD-aansluitingen
Hier sluit u een cd-speler aan (zie bladzijde 9).
④ LINE 1-2-aansluitingen
Hier sluit u audiocomponenten aan (zie bladzijde 9).
⑤ LINE 3-aansluitingen
PB-aansluitingen (Afspelen)
Hier sluit u audio-uitgangen van een audiocomponent aan.
REC-aansluitingen (Opname)
Hier sluit u audio-ingangen van een audiocomponent aan.
⑥ SPEAKERS-aansluitingen
Hier sluit u luidsprekers aan (zie bladzijde 9).
VOLTAGE SELECTOR (alleen voor het universele model)
Afstandsbediening

Algemene toetsen
De volgende toetsen en onderdelen=kunt u gebruiken, ongeacht welke ingangsbron u hebte geselecteerd.
① Infraroodsignaalzender
Verzendt infrarode signalen.
② (aan/uit)
Schakelt het toestel in en uit, of activeert wachtstand.
③ SLEEP
Stelt de sluimerklok in (zie bladzijde 13).
Invoerkeuzetoetsen
Hiermee kiest u de ingangsbron waar u maar wilt luisteren.
中
- De namen van de ingangsbronnen stemmen overeen met de namen van de aansluitingen op het achterpaneel.
- Druk op FM of AM als u op de afstandsbediening TUNER wilt selecteren als invoerbron.
(5) TREBLE -/+
Verhoogt of verlaagt de versterking van de hoge tonen.
Bedieningsbereik: -10dB tot +10 dB
(6) BASS -/+
Verhoogt of verlaagt de versterking van de lage tonen. Bedieningsbereik: -10dB tot +10dB
⑦ BALANCE L/R
Regelt de geluidsbalans van de linker- en rechterluidsprekers om onevenwichtig geluid te compenseren.
Bedieningsbereik:

De uitvoer via het andere kanaal is uitgeschakeld.
De uitvoer via het andere kanaal is uitgeschakeld.
⑧ △/V/△//ENTER
Selecteert en bevestigt onderdelen in het optiemenu (zie bladzijde 19).
(9) MENU
Schakelt het optiemenu in en uit (zie bladzijde 19).
10 VOLUME +/-
Verhoegt of verlaagt het geluidsniveau.
11 SPEAKERS A/B
Schakelt telkens als de overeenkomstige knop worden ingedrukt de luidsprekerset in of uit die aangesloten is op de SPEAKERS A- en/of SPEAKERS B-aansluitingen op hetchyterpaneel (zie bladzijde 12).
12 DIMMER
Druk meerere malen op deze toets om eén van de 3 niveaus voor helderheid van het Voorpaneelschemt te selecteren.
- Deze instelling worden behouden, zichs als u dit toestel uitschakelt.
- De holderste instelling is de standardinstelling.
13 MUTE
Hiermee schakelt u de uitvoer van geluid uit. Druk nog eens op deze toets om de geluidsweergave te hervatten op het oorspronkelijke volumeniveau.
FM/AM-regelaar
De volgende toetsen kunt u gebruiken als u TUNER hebt geselecteerd als ingangsbron.
(14) TUNING /
Selecteert de afstemfrequentie (zie bladzijde 14).
PRESET
Selecteert een FM/AM-voorkeuzestation (zie bladzijde 16).
MEMORY
Slaat het huidige FM/AM-station op als voorkeuze (zie bladzijde 15).
INFO
Alleen het model voor Europa:
Selecteert de informatatie die op het Voorpaneelschemm要去 worden weergegeven (zie bladzijde 18).
Toetsen voor Yamaha cd-spelers
Met de volgende toetsen=kunt u een Yamaha cd-speler bedieren.
Bedieningstoetsen Yamaha cd-speler
Stopt het afsplen
Pauzeert het aftspelen
Start het afsplen
DISC SKIP Springt waar de volgende cd in een cd-wisselaar
Springt terug
Springt vooruit
Voert de schijfuit
Spoelt terug
Speelt versneld vooruit
Opmerking
Ook al gebruikt u een Yamaha cd-speler, noch+zijn bepaalde componenten en functies misschien nicht beschikbaar. Raadpleeg de gebruksaanwijzing bij uw component voor nadere informatie.
De afstandsbediening gebruiken
Batterijenplaatsen

AA, R6, UM-3-batterijen
■ Werkingsbereik
Richt de afstandsbediening binnen het hieronder weergegeven bedieningsbereik op de afstandsbedieningssensor op het toestel.

Opmerkingen over de afstandsbediening en batterijen
- Er mogen zich geen große obstakels bevinden:tussen de afstandsbediening en het toestel.
Mors geen water of andere vloeistoffen op de afstandsbediening. - Laat de afstandsbediening nicht vallen.
-
Laat de afstandsbediening Niet liggen enbewaar hem Niet op de volgendeplaatsen:
-
zeer vochtigeplaatsen, bijvoorbeeld bij een badkamer
- zeer warme plekken, zoals bij een kachel of fornuis
-
zeer koude plaatsen
stoffigeplaatsen -
Vervang alle batterijen als u merkt dat het werkingsbereik van de afstandsbediening kleiner worden.
- Als de batterijen leeg raken, haal ze dan onmiddelijkukt de afstandsbediening om ontploffing of zuurlekkage te voorkomen.
- Als u lekkende batterijen vindt, doe de batterijen dan onmiddelijk weg waar bij u ervoor zorgt dat u het wegelekte materiaal nicht aanraakt. Als hetwegelekte materiaal in contact komt met uw huid, uw ogen of uw mond, spoel het dan onmiddelijk weg en raadpleeg een arts. Maak het batterijvak goed schoon voordat u weitere batterijen plaatst.
- Gebruik geen oude en nieuwe batterijen door elkaar. Hierdoor kan de levensduur van de nächste batterijen verzort worden of hunnen de oude batterijen gaanlekken.
- Gebruik geen verschillende types batterijen door elkaar (zoals alkaline- en mangaanbatterijen). Batterijen die er hetzelfde uitzien, können een verschillende specificatie hebben.
- Voordat u nieuwe batterijenplaatst, dient u het batterijvak schoon te vegen.
Voer batterijen af volgens deplaatselijke wet- en regelgeving.
Berg batterijen op buiten het bereik van kinderen.
Batterijen können gevaarlijk zijn als een kind ze in de mond stopt.
Haal de batterijen uit het toestel als u van plan bent het toestel gedurende langere vrij Niet te gebruiken. Anders lopen de batterijen leeg en bestaat het gevaar van lekkege van batterijvloeistof met als geolg mogelijkke beschadiging van het toestel.
AANSLUITINGEN
Luidsprekers en broncomponenten aansluten
Alle aansluitingen要去en correct zijn: L (links) op L, R (rechts) op R, "+" op "+" en "-" op "-" . Als de aansluitingen Niet kloppen, worden er geen geluid weergegeven via de luidsprekers en als de polariteit van de luidspreker-aansluitingen nicht correct is, klinkt de weergave onnatuurlijk met te weinig lage tonen. Raadpleeg de gebruikershandleiding van elk van uw componenten.
Gebruik RCA-kabels voor het aansluiten van audiocomponenten.
LET OP
- Sluit dit toestel of andere componenten pas op het lichtnet aan nadat alle aansluitingen:tussen componenten gemaakt bijn.
- Laat blootliggende luidsprekerdraden Niet met elkaar of met metalen onderdelen van het toestel in contact komen. Hierdoor kannen het toestel en/of de luidsprekers beschadigd raken.

REC-aansluitingen
- De REC-aansluitingen voeren audiosignalen UIT van de geselecteerde ingangsbron (behalte als LINE 3 is geselecteerd).
- Instellungen voor volumeniveau, toonregeling en balansংn Niet van invloed op de REC-aansluitingen.
Luidsprekerkabels aansluiten

Verwijder ongeveer 10mm van de isolatie van het einde van de luidsprekerkabels.
Opmerking
Wanner u luidsprekkerkabels in de luidsprekeraansluitingen steekt, steek dan alleen de blootliggende luidsprekerdraad in. Als u geisoleerde kabel insteekt, kan de verbinding slecht zijn en hoort u möglichk geen geluid.
LET OP
Stel de impedantie van de luidsprekers in als hieronder weergegeven.
| Luidsprekeraansluiting | Luidsprekerimpedantie |
| SPEAKERS A of SPEAKERS B | 8 Ω of hoger |
| SPEAKERS A en SPEAKERS B | 16 Ω of hoger (behalte het model voor Noord-Amerika) |
| Dubbele bedrading | 8 Ω of hoger |
Dubble bedrade aansluiting
Een dubbel bedrade aansluiting scheidt de woofer (lagetonenluidspreker) van het gecombineerde deel voor de middentonen en de tweeters (hogetonenluidsprekers). Een luidsprekerkast voor dubbele bedrading heeft vier aansluitklemmen. Met deze twee sets aansluitingen kan de luidsprekerkast gesplitst worden in twee onafhankelijk delen. Met deze verbindingen worden de reproductie van de middentonen en hoge tonen via de ene set aansluitingen geleid en die van de lage tonen via een andere set aansluitingen.

Achterpaneel
Sluit de andere luidspreker opdezelfde manier aan op de andere set aansluitingen.
Opmerking
Bij het makesen van dubbel bedrade aansluitingen dient u de kortsluitbruggen of kabels van de luidspreker te verwijderen.

Wilt u dubbel bedrade aansluitingen gebruiken, druk dan op SPEAKERS A en SPEAKERS B, zodat SP A en B beiden gaan branden op het Voorpaneelschem.


De FM- en AM-antennes aansluten
Bij dit toestel zijn binnenantennes meegeleverd voor FM-en AM-uitzendingen. In het algemeen zonden deze antennes voldoende signalsterkte要去en leveren. Sluit de antennes aan op de waaroor bedoelde aansluitingen.
Opmerking
Als u last hebt van een slechte ontvangst,(Intu u een buitenantenne installereren. Vraag bij uw dichtstbijzijnde erkende Yamaha-verkoper of -servicecentrum maar de mogelijkheden met buitenantennen.

FM-buitenantenne
*AM-buitenantenne
Gebruik 5 tot 10 meter met plastic geisoleerd draad dat u uit een raam maar buiten spans.
**AM-ringantenne (meegeleverd)
- De AM-ringantenne要去 als gesloten blijven, zichs als er een AM-buitenantenne op dit toestel is aangesloten.
- De AM-ringantenne要去 nicht te dicht bij het toestel geplaatst worden.
- De draden van de AM-antenne hebben geen polariteit.
De meegeleverde AM-ringantenne in elkaar zetten

De draad van de AM-ringantenne aansluiten

Het netsnoer aansluten
Steek de stekker van het netsnoer in het stopcontact nadat u alle andere aansluitingen hebt gemaakt.
LET OP
Alleen voor het universele model:
Stel de VOLTAGE SELECTOR van het toestel in op het lokale voltage voordat u het netsnoor aansluit. Bij onjuiste instelling van de VOLTAGE SELECTOR bestaat brandgevaar en kan schade aan het apparaat ontstaan.

AFSPELEN
Een bron afspelen

1 Druk op (aan/uit) om het toestel aan te zieten.
2 Druk op een van de invoerkeuzetoetsen om de gewenste ingangsbron te kiezen.
3 Druk op SPEAKERS A en/of SPEAKERS B om de gewenste luidsprekersset(s) te kiezen.
Opmerkingen
- Wanner u een set luidsprekers hebt aangesloten met dubbele bedrading of wanner u twee luidsprekersettes tegelijkkertijd gebruikt (A en B), let er dan op dat SP A en SP B beiden worden weergegeven op het Voorpaneelschemr.
- Schakel de luidsprekersuit als umet een hoofdtelefoon luistert.
4 Speel de bron af.
5 Druk op VOLUME + / - om het geluidsuitvoerniveau te regelen.

U kunt de klankkwaliteit bijregelen met behulp van de regelaars voor BASS - / + en TREBLE - / + ,en de geluidsbalans van de linker- en rechterluidsprekers met behulp van de regelaar BALANCE L/R (zie bladzijde 6).
6 Druk, als u stojt met luisteren, op (aan/uit) om het toestel in wachtstand tezetten.
Druk nogmaals op (aan/uit) om het toestel waar in te schaken.

- U kunt ook de knoppen en regelaars op het Voorpaneel gebruiken als ze bezelfde of vergelijkbare nameen hebben als die op de afstandsbediening.
- Voor opname, die bladzijde 5.
De sluimerklok gebruiken
Gebruik deze functie om het toestel automatisch in wachtstand te zetten na een bepaalde tjidsduur. De sluimerklok is nuttig als u gaat slapen werwijl het toestel een bron aftspeelt of opneemt.

Druk herhaaldelijk op SLEEP om de tijsduur in te stellen voordat het toestel in wachtstand gaat.
Bij elke keer dat u op SLEEP drukt, worden op het voorpaneelschemm een volgende stap van de onderstaande cyclus weergegeven.

Het SLEEP-lampje knippert verwijl u de tijsduur voor de sluimerklok instelt.

Als de sluimerklok is ingesteld, gaat het SLEEP-lampje op het Voorpaneelschem branden.

Wilt u de sluimerklok onderbreken, kies dan een van de volgende methoden:
- Selecteer "SLEEP OFF".
Zet het toestel in wachtstand.
FM/AM AFSTEMMEN
Opmerkingen
- Radiofrequencies verschillen per land of regio waar het toestel worden gebruikt. In dit gedeelte worden illustraties gebruikt van het voorpaneelschem van het model voor Europa.
- Alleen voor het model voor Azië en het universele model: Stel de afstemfrequentiestap in op de frequentieruimte in uw regio voordat u afstemt op een radiostation (zie bladzijde 19).

1 Druk op FM/AM om TUNER te selecteren als invoerbron en selecteer de frequentieband.
2 Houd TUNING / ingedrukt om het afstemmen te starten.
Druk op om af te stemmen op een hogere frequentie.
Druk op om af te stemmen op een lagere frequente.
Als het toestel afstemt op een station, gaat het
TUNED-lampje op het Voorpaneelschemerm branden.

Opmerking
Als de procedure voor het afstemmen Niet stopt bij het gewenste station waar dat het signaal te zwak is, drukt u herhaaldelijk op TUNING / om op het station af te stemmen.

U kunt ook de knoppen op het Voorpaneel gebruiken als ze verzijdfe of vergelijkbare nameden haben als die op de afstandsbediening.
FM-ontvangst verbeteren
Als het signal van het station zwak en de geluidskwaliteit Niet goed is, stel dan de ontvangstmodus voor FM-radio in op mono om de ontvangst te verbeteren.
Voorpaneel
Druk op FM MODE en controller en het ST-lampje is gedoofd (zie bladzijde 4).
Afstandsbediening
Druk op FM MODE in het opti菜单 om MONO (mono) te selecteren (zie bladzijde 19).
Voorkeuzefuncties gebruiken
U kunt 40 stations registeren als voorkeuzestations. Als u eenmaal voorkeuzestations hebt geregisteerd,kest u daar eenvoudig op afstemmen door de voorkeuzen op te roepen.
Automatisch voorkeuzen instellen (alleen FM-stations)
U kunt automatisch FM-stations met een krachtig signal registrieren.
Opmerkingen
- Als u een station registreert aan een voorkeuzenummer waar al een station op is geregisteerd, worden het eerder geregisteerde station overschreiben.
- Druk herhaaldelijk op TUNING / om af te stemmen op het gewenste station, als het signal van het station zwak is.
- Alleen het model voor Europa: Alleen stations die uitzenden met het Radio Data System können worden geregisteerd als Voorkeuze.

FM-stations die,zijn geregistreerd als Voorkeuze met de automatische voorkeuzeregistratie klinken in stereo.

1 Druk op FM om TUNER te selecteren als invoerbron.
2 Druk op MENU om het optiemenu te openen. Het optiemenu voor TUNER worden weergegeven (zie bladzijde 19).
3 Druk op / om "AUTO PRESET" te selectoren en druk dan op ENTER.

Het toestel zoekt ongeveer 3 seconden later de FMband af vanaf de laagste frequentie omhoog.

- Voordat het zoeken begint,(Int, kun t het eerste voorkeuzenummer opgeven door op PRESET / of / te drukken.
- Druk op om het zoeken stop tezetten.

Wanner een station voor Voorkeuze is gezonden,
wordt informatie weergegeven op het
voorpaneelschemm zoals hierboven weergegeven.
Wanner het zoeken staat, wordt "FINISH" weergegeven en keert het schermteringaar het optienu.
Druk op MENU om terug te keren maar de oorspronkelijke status.
Handmatig voorkeuzen instellen
U kunt de gewenste stations handmatig registeren.

1 Stem af op het gewenste FM/AM-station.
Zie bladzijde 14 voor aanwijzingen over het afstemmen op een station.
2 Druk op MEMORY.
"MANUAL PRESET" worden kort weergegeven op het Voorpaneelschem en cervolgens worden het voorkeuzenummer weergegeven waarop het station zal worden geregisteerd.


Houdt u MEMORY op het Voorpaneel meer dan 2 seconden ingedrukt, dan kurz u de volgende stappen overslaan en automatisch het geseleerde station registeren onder een leeg voorkeuzenummer (d.w.z. het voorkeuzenummer dat volgt op het LASTe gezruekte voorkeuzenummer).
3 Druk op PRESET / om het voorkeuzenummer voor registratie van het station te selecteren.
Wanner u een voorkeuzenummer selecteert waarvoor geen station is geregisteerd, worden "EMPTY" weergegeven. Wanner u een voorkeuzenummer selecteert waarvoor al een station is geregisteerd, worden de freiagentie van het station weergegeven.

4 Druk op MEMORY.
Wanneer de registratie voltooid is, keert het scherm terug maar de oorspronkelijke status.

- Selecteer een andere_freqentieband of voer gedurende 30 seconden geen handelingen uit als u het registeren wilt annuleren.
- U kunt ook de knoppen en regelaars op het Voorpaneel gebruiken als ze bezelfde of vergelijkbare namen hebben als die op de afstandsbediening om voorkeuzestations in te stellen.
Voorkeuzestations terugroepen
U kunt voorkeuzestations terugroepen die zich geregistreed met de automatische of de handmatige voorkeuzemethode.

1 Druk op FM/AM om TUNER te selecteren als invoerbron.
2 Druk op PRESET / om een voorkeuzenummer te selecteren.

- Voorkeuzenummers waaroor geen stations zich geregistreerd, worden overgeslagen.
- "NO PRESET" worden weergegeven als er geen stations zich geregistreerd.
- Probeer handmatig af te stemmen op voorkeuzestations met een zwak signaal.
- U kunt ook op PRESET / / drukken op het voorpaneel om een voorkeuzestationtering te roepen.
Een voorkeuzestation wissen
Volg de onderstaande stappen om een voorkeuzestation te wissen.

1 Druk op FM/AM om TUNER te selecteren als invoerbron.
2 Druk op MENU om het optiemenu te openen. Het optiemenu voor TUNER worden weergegeven (zie bladzijde 19).
3 Druk op / om "CLEAR PRESET" te selectoren en druk dan op ENTER.
4 Druk meerere keren op / om het gewenste voorkeuzenummer te selecteren. Het geselecteerde voorkeuzenummer knippert op het Voorpaneelschemr.


- U kunt ook PRESET / gebruiken.
- Wilt u het wissen van het voorkeuzestation annuleren, druk dan op of doe 30 seconden lang niets met het toestel.
5 Druk nogmaals op ENTER om de opdracht te bevestigen.
"CLEARED" wordt weergegeven op het voorpaneelschemm. Vervolgens wordt een ander voorkeuzestation weergegeven op het voorpaneelschemm. Als er geen voorkeuzestationsmeer zijn, wordt "NO PRESET" weergegeven en keert het scherm terug maar het optienu. Druk op MENU om terug te keren maar de oorspronkelijke status.
Alle voorkeuzestations wissen
Volg de onderstaande stappen om alle voorkeuzestations te wissen.

1 Druk op FM/AM om TUNER te selecteren als invoerbron.
2 Druk op MENU om het optiemenu te openen. Het optiemenu voor TUNER worden weergegeven (zie bladzijde 19).
3 Druk op / om "CLEAR ALL PRESET" te selectoren en druk dan op ENTER.


Druk op om de handeling te annuleren en谈起 te keren maar het optienu.
4 Druk op / om "CLEAR OK" te selecteren en druk dan op ENTER.


Wilt u het wissen van de voorkeuzes annuleren, selecteer dan "CLEAR NO".
Wonneer alle voorkeuzes zijn gewist, worden "CLEARED" weergegeven en keert het scherm terug waar het optienu. Druk op MENU om terug te keren maar de oorspronkelijke status.

Radio Data System-gegevens ontvangen (alleen het model voor Europa)
Radio Data System is een systemd voor gegevensoverdracht dat door FM-stations in een groot aanl landen worden gezruikt.

1 Druk op FM om TUNER te selecteren als invoerbron.
2 Stem af op het gewenste Radio Data Systemstation.
3 Druk meerdere keren op INFO om de gewenste weergavemodus voor Radio Data System te selecteren.
| Keuze | Beschrijving |
| Frequentie | Het toestel geeft de frequently van het huidige station wee. |
| Programmaservice | Standaardinstelling. Het toestel geeft de naam waar van het Radio Data System-programma waar u maar luistert. |
| Programmatype | Het toestel geeft het type Radio Data System-programma waar u maar luistert. |
| Radiotekst | Het toestel geeft informatie over het Radio Data System-programma waar=u maar luistert. |
| Kloktijd | Het toestel geeft de huidige tijd-weer. |
Wanneruprogrammatypeselecteert,wordendevolgendeprogrammatypenamenweergegeven.
| Programmatype | Beschrijving |
| NEWS | Nieuws |
| AFFAIRS | Actualiteiten |
| INFO | Algemene informatie |
| SPORT | Sport |
| EDUCATE | Educatief |
| DRAMA | Drama |
| CULTURE | Cultuur |
| SCIENCE | Wetenschap |
| VARIED | Licht amusement |
| POP M | Popmuziek |
| ROCK M | Rockmuziek |
| EASY M | Middle-of-the-road muziek (easy-listening) |
| LIGHT M | Licht klassiek |
| CLASSICS | Ernstig klassiek |
| OTHER M | Overige muziek |
HET OPTIEMENU INSTELLEN VOOR INVOERBRONNEN
In het optienuk sunt u allerlei instellingen configureren voor de diverse invoerbronnen en deze instelleningen automatisch oproepen wonneer u een invoerbron selecteert.

1 Druk op een van de invoerkeuzetoetsen om de gewenste ingangsbron te kiezen.
2 Druk op MENU.
3 Druk op / om het gewenste menu-item te selecteren en druk dan op ENTER.
4 Druk op / om de instellingen te wijzigen.

- Bij bepaalde menu-items moet u op ENTER drukken om de{nieuwe instelling op te slaan.
- Druk op om terug te keren maar het scherm voor het selecteren van menu-items.
5 Druk op MENU om het opti菜单 te sluiten.
Optiemenu-items
Welke menu-items beschikbaar zijn, is afhankelijk van de geselecteerde invoerbron.
| Menu-item | Beschrijving |
| MAX VOL | Stelt het maximale volumeniveau in zodate het volume Niet per ongeluk boven een bepaald niveau kan worden ingesteld. Instelbaar bereik: 01 tot 99, MAX* |
| INITIAL VOLUME (INIT VOL) | Stelt het volume in dat gebruikt worden als het toestel worden ingeschakeld. Wanner deze parameter worden ingesteld op "OFF" (uit), worden het volumeniveau toegepast dat was ingesteld toen het toestel in wachtstand ging. Instelbaar bereik: OFF*, MUTE, 01 tot 99, MAX |
| TUNER STEP (TUNER STP) Alleen voor het model voor Azië en het universele model | Stelt de afstemfrequentiestap in. Keuzes: AM10/FM100, AM9/FM50* |
| FM MODE | Wijzigt de ontvangstmodus voor de FM-band (zie bladzijde 14). Keuzes: STEREO*, MONO |
| AUTO PRESET (A, PREST) | Detecteert automatisch FM-radiostations en registreert ze als voorkeuzestations (zie bladzijde 14). |
| CLEAR PRESET (C, PREST) | Wist een voorkeuzestation (zie bladzijde 16). |
| CLEAR ALL PRESET (C,A, PREST) | Wist alle voorkeuzestations (zie bladzijde 17). |
| AUTO POWER STANDBY (AUTO STBY) | Zet het toestel automatisch in wachtstand als gedurende de ingesteldearend geen handelingenijken verricht. Keuzes: OFF/2H/4H/8H*/12H |

De standardinstellungen zijn aangegeven met"*".
VERHELPEN VAN STORINGEN
Raadpleeg de tabel hieronder indien dit toestel Niet waar behoren functioneert. Als het probleem Niet hieronder vermeld staat, of als de aanwijzingen het probleem Niet verhelen, zet het toestel dan in wachtstand, haal de stekker uit het stopcontact en neem contact op met uw dichtstbijzijnde Yamaha-dealer of -servicecentrum.
Algemeen
| Probleem | Oorzaak | Oplossing | Zie bladzijde |
| Het toestel kan nicht worden ingeschakeld. | Het netsnoer is nicht goed aangesloten of de stekker is nicht goed in het stopcontact gestoken. | Sluit het netsnoer stevig aan. | — |
| De instelling voor impedantie van de luidspreker is te laag. | Gebruik luidsprekers met de juiste impedantie. | 10 | |
| De beveiliging is in werkig getreden door een kortsluiting, enz. | Controleer de luidsprekerdraden elkaar net raken en zet dan het toestel opnieuw aan. | 9 | |
| Het toestel heeft blootgestaan aan een sterke, externe elektrische schok (bijvoorbeeld een blikkseminslag of een ontlading van staatische elektriciteit). | Schakel het toestel in wachtstand, koppel het netsnoer los, sluit het weer aan na 30 seconden en gebruik het toestel verwolgens normal. | — | |
| Geen geluid | Invoer- of uitvoerkabels verkeerd aangesloten. | Verbind de kabels correct. Als dit het probleem net verhelt, zijn de kabels möglichk defect. | 9 |
| Er is geen geschikte ingangsbron geseleerd. | Druk op een van de invoerkeuzetoetsen op de afstandsbediening om een geschikte ingangsbron te kiezen (INPUT </> of FM/AM op het Voorpaneel). | 12 | |
| De SPEAKERS A/B-schakelaars�损坏 net correct ingesteld. | Zet de juiste luidsprekers aan (SPEAKERS A of SPEAKERS B). | 12 | |
| De luidsprekeraansluitingen zitten net goed vast. | Zet de aansluitingen goed vast. | 9 | |
| Uitvoer is uitgeschakeld. | Schakel de dampingsfunctie uit. | 6 | |
| MAX VOL of INITIAL VOLUME is te laag ingesteld. | Stel deinstilling in op een hogeriveau. | 19 | |
| De component die hoor bij de gekozen invoerkeuzetoets is uitgeschakeld of speelt Niet af. | Zet de component aan en zorg ervoor dat hijafspeelt. | — | |
| Het geluid valt plotseling weg. | De beveiliging is in werkig getreden door een kortsluiting, enz. | Controler of de luidsprekerdraden elkaar net raken en zet dan het toestel opnieuw aan. | 9 |
| Het toestel is te warm geworden. | Let erop dat de openingen in het bovenpaneel net worden geblokkeerd. | — | |
| De functie AUTO POWER STANDBY of de functie SLEEP heeft het toestel in wachtstand gezet. | Verhoog de instilling voor AUTO POWER STANDBY of schakel de instelling uit (OFF) in het optiemanu door op MENU te drukken. | 19 | |
| Er komt slechts aan een kant geluid uit de luidspreker. | Bedrading net op de juiste manier aangesloten. | Verbind de kabels correct. Als dit het probleem net verhelt, zijn de kabels möglichk defect. | 9 |
| De BALANCE L/R-regelaar is verkeerd ingesteld. | Stel de BALANCE L/R-regelaar in op de geschekte stand. | 6 | |
| De rage tonen klinken te zwak en de weergave is sfeerloos. | De plus- en min-kabels (+ en-)+zijn verkeerd om aangesloten op de versterker of de luidsprekers. | Sluit de luidsprekerkabels aan op de juiste fase (+ en-). | 9 |
| U hoor een "gezoem". | Bedrading net op de juiste manier aangesloten. | Sluit de audiostekers stevig aan. Als dit het probleem net verhelt,+zijn de kabels möglichk defect. | 9 |
| Het volumeniveau kan Niet verhoogd worden of het geluid is verrormd. | De component aangesloten op de LINE 3 PB/REC-aansluitingen van dit toestel is uitgeschakeld. | Schakel de component in. | — |
| Het geluid is van mindere kwaliteit wanneer u luisert met een hoofdtelefoon verbonden met de cd-speler die op dit toestel aangesloten is. | Het toestel is in wachtstand gezet. | Schakel het toestel in. | 12 |
| De afstandsbediening werkkt Niet of nicht correct. | Verkeerde afstand of hoek. | De afstandsbediening werkkt binnen een maximaal bereik van 6 m en binnen een hoek van 30 graden ten opzichte van het Voorpaneel. | 8 |
| Direct zonlicht of sterke verlichting (van fluorescentielampen met een voorschakelapparaat, enz.) valt op de afstandsbedieningssensor van dit toestel. | Verplaats het toestel. | — | |
| De batterijen zijn bijna leeg. | Vervang alle batterijen. | 8 | |
| U kunt de cd-speler net bedieren met de afstandsbediening. | De afstandsbediening ondersteunt de cd-speler Niet. | Raadpleeg de gebruikershandleiding van de cd-speler. | — |
| "OVER HEAT" worden weergegeven op het voorpaneelschemm. | Het toestel is te warm geworden. | Let erop dat de openingsen in het bovenpaneel Niet worden geblokkeerd. | — |
| "CHECK SP" worden weergegeven op het voorpaneelschemm. | Er is kortsluiting ontstaanussen de liquidsprekerkabels. | Draai de naakte strengen van de liquidsprekerkabels goed in elkaar en verbind ze dan goed met het toestel en de liquidsprekers. | — |
Tuner
| Probleem | Oorzaak | Oplossing | Zie bladzijde | |
| FM | Veel ruis bij de ontvangst van FM-stereo. | Dit probleem is inherent aan FM-uitzendingen in stereo wanner de zender te verweg is of het signal dat binnenkomt via de antennene nicht sterk genoeg is. | Controleer de aansluitingen van de antennene.Probeer een hoogwaardige richtingsgevoelige FM-antenne. | 11 |
| Schakel over op mono. | 14 | |||
| Er is verworming en ook een goede FM-antenne zorgt Niet voor een betere ontvangst. | U ondervindt interferentie doordat hetzelfde signal op verschillende manieren ontvangen worden. | Verander de opstelling van de antennene zodat u van deze interferentie geen lasteer heb. | — | |
| Er kan Niet automatisch worden afgestemd op de gewenste zender. | Het radiosignal is te zwak. | Probeer een hoogwaardige richtingsgevoelige FM-antenne. | 11 | |
| Probeer handmatig af te stemmen. | 14 | |||
| FM/AM | "NO PRESET" worden weergegeven. | Erijken geen voorkeuzestations geregisteerd. | Registreer stations waarnaar u wilt luisteren als voorkeuzestations. | 14 |
| AM | Er kan Niet automatisch worden afgestemd op de gewenste zender. | Het signala is te zwak of de antennae-aansluitingen zitten los. | Controleer de aansluitingen van de AM-ringantenne en stel Zo op dat u de Beste ontvangst verkrijgt. | — |
| Probeer handmatig af te stemmen. | 14 | |||
| Automatisch voorkeuzestation werkt Niet. | Automatische voorkeuzestations zijn nicht beschikbaar voor AM. | Gebruik handmatige voorkeuzestations. | 15 | |
| U hoor doorlopend gekraak en gesis. | Deze geluiden hunnen het gevolg�aten van血液循环, tl-verlichting, motoren,thermostaten en andere elektrische apparatuur. | Gebruik een buitenantenne en een goede aarding.Dit kan in sommige geallen helpen, maar het blijft moeilijk om alle storingsbronnen te elimineren. | — | |
| U hoor gezoem en gefluit. | Er worden in de buurt van het toestel een tv gebruikt. | Zet het toestel verder bij de tv vandaan. | — | |
SPECIFICATIONS
AUDIOGEDEELTE
- Minimaal RMS-uitgangsvermogen (8Ω, 40 Hz tot 20 kHz, 0.2% THV) [Modellen voor Noord-Amerika, Australie en Europa en universeel model] 100 W + 100 W [Model voor Azie] 85 W + 85 W
- Ingangsgevoeligkeit/ingangsimpedantie (1 kHz, 100 W/8 Ω) CD, enz. 500 mV/47 kΩ
Uitgangsniveau/uitgangsimpedantie CD, enz. (Invoer 1kHz 500~mV REC 500 mV/2,2 kCD, enz. (Invoer 1kHz 500mV 8 PHONES 470 mV/470 - Frequentierespons CD, enz. (20 Hz tot 20 kHz) CD, enz. (10 Hz tot 100 kHz)
- Totale harmonische verrorming CD, enz. maar SPEAKERS (20 Hz tot 20 kHz, 50 W, 8 Ω) 0,2% of minder
- Signaal-ruisverhouding (IHF-A-netwerk) CD, enz. (500 mV ingang kortgesloten) 100 dB ofmeer
- Overblijvende ruis (IHF-A-netwerk) 70 V
- Toonregelingskarakteristieken
BASS
Versterken/verzwakken (50 Hz) ± 10 dB
TREBLE
Versterken/verzwakken (20 kHz) ± 10 dB
FM-GEDEELTE
-
Afstembereik
[Model voor Noord-Amerika] 87,5 tot 107,9 MHz
[Model voor Azië en universeel model] 87,5 tot 107,9 MHz/87,50 tot 108,00 MHz
[Modellen voor Europa en Australie] 87,50 tot 108,00 MHz -
50 dB dampingsgevoeligheid (IHF, 1 kHz, 100% MOD.)
Mono 3,0 μV (20,8 dBf) - Signalaal-ruisverhouding (IHF)
Mono/stereo 72 dB/70 dB - Harmonische vervorming (1 kHz)
Mono/stereo 0,3%/0,5% - Antenne-invoer. 75 Ω, nicht-gebalanceerd
AM-GEDEELTE
- Afstembereik [Model voor Noord-Amerika] 530 tot 1710 kHz [Model voor Azië en universeel model] 530 tot 1710 kHz/531 tot 1611 kHz [Modellen voor Europa en Australie] 531 tot 1611 kHz
ALGEMEEN
Voeding [Model voor Noord-Amerika] 120 V wisselstroom, 60 Hz [Universeel model] ... 110-120/220-240 V wisselstroom, 50/60 Hz [Model voor Australie] 240 V wisselstroom, 50 Hz [Model voor Europa] 230 V wisselstroom, 50 Hz [Model voor Azie] 220-240 V wisselstroom, 50/60 Hz
Stroomverbruik [Modellen voor Noord-Amerika, Australie en Europa en universeel model] 175 W [Model voor Azie] 140 W
- Stroomverbruik in wachtstand [Modellen voor Noord-Amerika, Australie en Europa en Azie] 0,5 W of minder
- Afmetingen (B × H × D) 435 × 141 × 322 mm
Gewicht 6,7 kg
- Technische gegevens können zonder kennisgeving gewijzigd worden.
Informatie voor gebruikers over inzameling en verwijdering van oude apparaten en gebruekte batterijen

Deze tekens op de produits, verpakkingen en/of bijgaande documenten beteken dat gebrukte elektrische en elektronische producten en batterijen Nietogens worden gemengd met algemeen huishoudelijk afval.
Breng alstublieft voor de juiste behandeling, herwinning en hergebruik van oude producten en gebruekte batterijen deze maar waaroor bestemde verzamelpunten, in overeenstemming met uw nationale wetgeving en de instructies 2002/96/EC en 2006/66/EC.

Door deze producten en batterijen correct te verwijderen, helpt u tatsächlijke rijkdommen te beschermen en voorkomt u möglichke negatieve effecten op de menselijke gezondheid en de omgeving, die zich zouden konnen voordoen door ongepaste afvalverwerking.
Voor meer informatie over het inzamelen en hergebruik van oude producten en batterijenkest u contact opnemen met uwplaatselijk gemeentebestuur, uw afvalverwerkingsbedrijf of het verkooppunt waar u de artikelen heeft gekocht.

[Informatie over verwijdering in andere landen buiten de Europese Unie]
Deze symbolen zijn alleen geldig in de Europese Unie. Mocht uarticiken weg wollen gooien, neem dan alstublieft contact op met uwplaatselijke overheidsinstantie of dealer en vraag maar de juiste manier van verwijderen.
Opmerking bij het batterijteken (onderste twee voorbeelden):
Dit teken worden möglichk gebruikt in combinatie met een scheikundig symbool. In dat geval voldoet het aan de eis en de richtlijn, die is opgesteld voor het betreffende chemisch product.