YAMAHA RS201 - Stereoversterker

RS201 - Stereoversterker YAMAHA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis RS201 YAMAHA in PDF-formaat.

📄 193 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice YAMAHA RS201 - page 146
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : YAMAHA

Model : RS201

Categorie : Stereoversterker

Download de handleiding voor uw Stereoversterker in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RS201 - YAMAHA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RS201 van het merk YAMAHA.

GEBRUIKSAANWIJZING RS201 YAMAHA

  • Las especificaciones están sujetas a cambios sin previo aviso. Información para usuarios sobre recolección y disposición de equipamiento viejo y baterías usadas INFORMACIÓN ADICIONAL Estos símbolos en los productos, embalaje, y/o documentación que se acompañe significan que los productos electrónicos y eléctricos usados y las baterías usadas no deben ser mezclados con desechos domésticos corrientes. Para el tratamiento, recuperación y reciclado apropiado de los productos viejos y las baterías usadas, por favor llévelos a puntos de recolección aplicables, de acuerdo a su legislación nacional y las directivas 2002/96/EC y 2006/66/EC. Al disponer de estos productos y baterías correctamente, ayudará a ahorrar recursos valiosos y a prevenir cualquier potencial efecto negativo sobre la salud humana y el medio ambiente, el cual podría surgir de un inapropiado manejo de los desechos. Para más información sobre recolección y reciclado de productos viejos y baterías, por favor contacte a su municipio local, su servicio de gestión de residuos o el punto de venta en el cual usted adquirió los artículos. [Información sobre la disposición en otros países fuera de la Unión Europea] Estos símbolos sólo son válidos en la Unión Europea. Si desea deshacerse de estos artículos, por favor contacte a sus autoridades locales y pregunte por el método correcto de disposición. Este símbolo podría ser utilizado en combinación con un símbolo químico. En este caso el mismo obedece a un requerimiento dispuesto por la Directiva para el elemento químico involucrado. 23 Es Español Nota sobre el símbolo de la batería (ejemplos de dos símbolos de la parte inferior) LET OP: LEES HET VOLGENDE VOOR U DIT TOESTEL IN GEBRUIK NEEMT. LET OP: LEES HET VOLGENDE VOOR U DIT TOESTEL IN GEBRUIK NEEMT. 1 Om er zeker van te kunnen zijn dat u de optimale prestaties uit uw toestel haalt, dient u deze handleiding zorgvuldig door te lezen. Bewaar de handleiding op een veilige plek zodat u er later nog eens iets in kunt opzoeken. 2 Installeer dit geluidssysteem op een goed geventileerde, koele, droge en schone plek uit de buurt van direct zonlicht, warmtebronnen, trillingen, stof, vocht, en/of kou. Houd de volgende minimumruimte rond het toestel aan voor ventilatiedoeleinden. Boven: 30 cm Achter: 20 cm Zijkanten: 20 cm 3 Plaats dit toestel uit de buurt van andere elektrische apparatuur, motoren of transformatoren om storend gebrom te voorkomen. 4 Stel dit toestel niet bloot aan plotselinge temperatuurswisselingen van koud naar warm en plaats het toestel niet in een omgeving met een hoge vochtigheidsgraad (bijv. in een ruimte met een luchtbevochtiger) om te voorkomen dat zich binnenin het toestel condens vormt, wat zou kunnen leiden tot elektrische schokken, brand, schade aan dit toestel en/of persoonlijk letsel. 5 Vermijd plekken waar andere voorwerpen op het toestel kunnen vallen, of waar het toestel blootstaat aan druppelende of spattende vloeistoffen. Plaats de volgende dingen niet bovenop dit toestel: – Andere componenten, daar deze schade kunnen veroorzaken en/of de afwerking van dit toestel kunnen doen verkleuren. – Brandende voorwerpen (bijv. kaarsen), daar deze brand, schade aan dit toestel en/of persoonlijk letsel kunnen veroorzaken. – Voorwerpen met vloeistoffen, daar deze elektrische schokken voor de gebruiker en/of schade aan dit toestel kunnen veroorzaken wanneer de vloeistof daaruit in het toestel terecht komt. 6 Dek het toestel niet af met een krant, tafellaken, gordijn enz. zodat de koeling niet belemmerd wordt. Als de temperatuur binnenin het toestel te hoog wordt, kan dit leiden tot brand, schade aan het toestel en/of persoonlijk letsel. 7 Steek de stekker van dit toestel pas in het stopcontact als alle aansluitingen gemaakt zijn. 8 Gebruik het toestel niet wanneer het ondersteboven is geplaatst. Het kan hierdoor oververhit raken, wat kan leiden tot schade. 9 Gebruik geen overdreven kracht op de schakelaars, knoppen en/of snoeren. 10 Wanneer u de stekker uit het stopcontact haalt, moet u aan de stekker zelf trekken, niet aan het snoer. 11 Maak dit toestel niet schoon met chemische oplosmiddelen; dit kan de afwerking beschadigen. Gebruik alleen een schone, droge doek. 12 Gebruik alleen het op dit toestel aangegeven voltage. Gebruik van dit toestel bij een hoger voltage dan aangegeven is gevaarlijk en kan leiden tot brand, schade aan het toestel en/of persoonlijk letsel. Yamaha aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enige schade veroorzaakt door gebruik van dit toestel met een ander voltage dan aangegeven staat. i Nl 13 Om schade door blikseminslag te voorkomen, dient u de stekker uit het stopcontact te halen wanneer het onweert. 14 Probeer niet zelf wijzigingen in dit toestel aan te brengen of het te repareren. Neem contact op met erkend Yamaha servicepersoneel wanneer u vermoedt dat het toestel reparatie behoeft. Probeer in geen geval de behuizing open te maken. 15 Wanneer u dit toestel voor langere tijd niet zult gebruiken (bijv. vakantie), dient u de stekker uit het stopcontact te halen. 16 Lees het hoofdstuk "VERHELPEN VAN STORINGEN" over veel voorkomende vergissingen bij de bediening voor u de conclusie trekt dat het toestel een storing of defect vertoont. 17 Voor u het toestel verplaatst, dient u op A (aan/uit) te drukken om het toestel in wachtstand te zetten, en vervolgens de stekker uit het stopcontact te halen. 18 Er zal zich condens vormen wanneer de omgevingstemperatuur plotseling verandert. Haal de stekker uit het stopcontact en laat het toestel met rust. 19 Wanneer het toestel langere tijd achter elkaar gebruikt wordt, kan het warm worden. Schakel de stroom uit en laat het toestel afkoelen. 20 Installeer dit toestel in de buurt van een stopcontact op een plek waar u de stekker gemakkelijk kunt bereiken. 21 De batterijen mogen niet worden blootgesteld aan hitte, zoals door direct zonlicht, vuur of iets dergelijks. 22 Een te hoge geluidsdruk (volume) van een oortelefoon of hoofdtelefoon kan leiden tot gehoorschade. De stroomvoorziening van dit toestel is niet afgesloten zolang de stekker in het stopcontact zit, ook al is het toestel zelf uitgeschakeld met A. Dit is de zogenaamde wachtstand. In deze toestand is het toestel ontworpen een zeer kleine hoeveelheid stroom te verbruiken. WAARSCHUWING OM DE RISICO’S VOOR BRAND OF ELEKTRISCHE SCHOKKEN TE VERMINDEREN, MAG U DIT TOESTEL IN GEEN GEVAL BLOOTSTELLEN AAN VOCHT OF REGEN. Dit etiket moet op het product worden aangebracht wanneer de bovenkant heet kan worden tijdens gebruik. INHOUD BASISBEDIENING NUTTIGE FUNCTIES .......................................... 1 MEEGELEVERDE ACCESSOIRES................... 1
  • Voorkeuzefuncties gebruiken p. 14
  • Radio Data System-gegevens ontvangen (alleen het model voor Europa) p. 18
  • GEAVANCEERDE BEDIENING VOORBEREIDINGEN AANSLUITINGEN p. 9
  • Luidsprekers en broncomponenten aansluiten p. 9
  • De FM- en AM-antennes aansluiten p. 11
  • Het netsnoer aansluiten p. 11

HET OPTIEMENU INSTELLEN VOOR

INVOERBRONNEN.........................................19 Optiemenu-items ..................................................... 19 AANVULLENDE INFORMATIE ■ Over deze handleiding

  • y geeft een bedieningstip aan.
  • De instructies in deze handleiding beschrijven de bediening van het toestel met de meegeleverde afstandsbediening. U kunt ook de knoppen en regelaars op het voorpaneel gebruiken als ze dezelfde of vergelijkbare namen hebben als die op de afstandsbediening. GEAVANCEERDE BEDIENING NUTTIGE FUNCTIES ◆ Energie besparen met de functie AUTO POWER STANDBY (zie bladzijde 19) AANVULLENDE INFORMATIE MEEGELEVERDE ACCESSOIRES Controleer of u alle volgende onderdelen ontvangen heeft. Afstandsbediening FM-binnenantennes
  • SPECIFICATIES p. 23
  • Met dit toestel kunt u: ◆ Luisteren naar FM- en AM-radiostations (zie bladzijde 14) ◆ De afstandsbediening van dit toestel gebruiken voor het bedienen van een Yamaha cd-speler (zie bladzijde 7) VOORBEREIDINGEN Voorpaneel p. 2
  • Voorpaneelscherm p. 4
  • Achterpaneel p. 5
  • Afstandsbediening p. 6
  • De afstandsbediening gebruiken p. 8
  • AFSPELEN INLEIDING INLEIDING Afhankelijk van de regio waarin het toestel wordt aangekocht wordt één van de bovenstaande meegeleverd. AM-ringantenne Batterijen (x2) (AA, R6, UM-3) Nederlands 1 Nl INLEIDING p. 12

A (aan/uit) Schakelt het toestel in en uit, of activeert wachtstand. Opmerking Zelfs indien het toestel in wachtstand staat, verbruikt het nog een kleine hoeveelheid stroom. 2 FM MODE Wijzigt de ontvangstmodus voor FM (stereo of mono) als TUNER wordt gekozen als ingangsbron (zie bladzijde 14). 3 Sensor voor de afstandsbediening Ontvangt infrarode signalen van de afstandsbediening. 4 STANDBY/ON-lampje Lampje 2 Nl Status Helder brandend Het toestel is ingeschakeld. Gedempt Het toestel staat in wachtstand. Uit Het toestel is uitgeschakeld. Trek de stekker van het netsnoer uit het stopcontact om dit toestel uit te schakelen. 5 MEMORY Slaat het huidige FM/AM-station op als voorkeuze wanneer TUNER is geselecteerd als ingangsbron (zie bladzijde 15). 6 FM/AM Stelt de FM/AM-tunerband in op FM of AM wanneer TUNER is geselecteerd als ingangsbron (zie bladzijde 14). 7 PRESET j / i Selecteert een FM/AM-voorkeuzestation wanneer TUNER is geselecteerd als ingangsbron (zie bladzijde 16). 8 TUNING jj / ii Selecteert de afstemfrequentie wanneer TUNER is geselecteerd als ingangsbron (zie bladzijde 14). 9 Voorpaneelscherm Geeft informatie weer over de status van het toestel.

REGELAARS EN HUN FUNCTIES

INLEIDING 0 PHONES-aansluiting Voert audio uit naar uw hoofdtelefoon zodat u privé kunt luisteren. Opmerking Druk op SPEAKERS A/B zodat de lampjes SP A/B (zie bladzijde 4) uitgaan voordat u uw hoofdtelefoon aansluit op de PHONES-uitgang.

Schakelt telkens als de overeenkomstige knop wordt ingedrukt de luidsprekerset in of uit die aangesloten is op de SPEAKERS A- en/of SPEAKERS Baansluitingen op het achterpaneel (zie bladzijde 12). B BASS –/+ Verhoogt of verlaagt de versterking van de lage tonen. Bedieningsbereik: –10 dB tot +10 dB C TREBLE –/+ Verhoogt of verlaagt de versterking van de hoge tonen. Bedieningsbereik: –10 dB tot +10 dB D INPUT l / h Hiermee kiest u de ingangsbron waar u naar wilt luisteren. E VOLUME-regelaar Verhoogt of verlaagt het geluidsniveau. Nederlands 3 Nl

REGELAARS EN HUN FUNCTIES

Voorpaneelscherm 1 PRESET-lampje Lampje Brandt Status Een voorkeuzestation wordt teruggeroepen. Een FM/AM-station handmatig zoeken om te registreren als voorkeuze. knippert Er wordt gezocht naar FMstations om te registreren als voorkeuze. 2 MEMORY-lampje Lampje Brandt knippert Status Het registreren van een FM/ AM-station als voorkeuze is voltooid. Een FM/AM-station handmatig zoeken om te registreren als voorkeuze. Er wordt gezocht naar FMstations om te registreren als voorkeuze. 3 SP (SPEAKERS) A/B-lampjes Branden afhankelijk van welke luidsprekers u hebt geselecteerd. Beide lampjes branden als beide luidsprekersets zijn geselecteerd. 4 Nl 4 TUNED-lampje Brandt wanneer het toestel is afgestemd op een FM- of AM-station met een krachtig signaal. 5 SLEEP-lampje Brandt als de sluimerklok ingeschakeld is (zie bladzijde 13). 6 ST-lampje Brandt wanneer het toestel ontvangt in stereo en is afgestemd op een FM-station met een stereouitzending. 7 kHz/MHz-lampje Gaan branden afhankelijk van de geselecteerde uitzendfrequentie. kHz: AM MHz: FM 8 Multi-infoscherm Geeft gegevens weer tijdens het aanpassen of wijzigen van instellingen.

REGELAARS EN HUN FUNCTIES

Achterpaneel INLEIDING 3 CD-aansluitingen Hier sluit u een cd-speler aan (zie bladzijde 9). 6 SPEAKERS-aansluitingen Hier sluit u luidsprekers aan (zie bladzijde 9). 4 LINE 1-2-aansluitingen Hier sluit u audiocomponenten aan (zie bladzijde 9). 7 VOLTAGE SELECTOR (alleen voor het universele model) Nederlands 2 Netsnoer Toestel aansluiten op een stopcontact (zie bladzijde 11). 5 LINE 3-aansluitingen PB-aansluitingen (Afspelen) Hier sluit u audio-uitgangen van een audiocomponent aan. REC-aansluitingen (Opname) Hier sluit u audio-ingangen van een audiocomponent aan. 1 ANTENNA-aansluitingen Hier sluit u FM- en AM-antennes aan (zie bladzijde 11). 5 Nl

REGELAARS EN HUN FUNCTIES

Afstandsbediening 4 Invoerkeuzetoetsen Hiermee kiest u de ingangsbron waar u naar wilt luisteren.

  • De namen van de ingangsbronnen stemmen overeen met de namen van de aansluitingen op het achterpaneel.
  • Druk op FM of AM als u op de afstandsbediening TUNER wilt selecteren als invoerbron. 5 TREBLE –/+ Verhoogt of verlaagt de versterking van de hoge tonen. Bedieningsbereik: –10 dB tot +10 dB 6 BASS –/+ Verhoogt of verlaagt de versterking van de lage tonen. Bedieningsbereik: –10 dB tot +10 dB

Regelt de geluidsbalans van de linker- en rechterluidsprekers om onevenwichtig geluid te compenseren. Bedieningsbereik: (+20 dB) (midden) (+20 dB) De uitvoer via het andere De uitvoer via het andere kanaal is uitgeschakeld. kanaal is uitgeschakeld.

8 B / C / D / E / ENTER

Selecteert en bevestigt onderdelen in het optiemenu (zie bladzijde 19). 9 MENU Schakelt het optiemenu in en uit (zie bladzijde 19). 0 VOLUME +/– Verhoogt of verlaagt het geluidsniveau. ■ Algemene toetsen

Schakelt telkens als de overeenkomstige knop wordt ingedrukt de luidsprekerset in of uit die aangesloten is op de SPEAKERS A- en/of SPEAKERS Baansluitingen op het achterpaneel (zie bladzijde 12). 1 Infraroodsignaalzender Verzendt infrarode signalen. B DIMMER Druk meerdere malen op deze toets om één van de 3 niveaus voor helderheid van het voorpaneelscherm te selecteren. De volgende toetsen en onderdelen kunt u gebruiken, ongeacht welke ingangsbron u hebt geselecteerd.

Schakelt het toestel in en uit, of activeert wachtstand.

  • Deze instelling wordt behouden, zelfs als u dit toestel uitschakelt.
  • De helderste instelling is de standaardinstelling. 3 SLEEP Stelt de sluimerklok in (zie bladzijde 13). 6 Nl C MUTE Hiermee schakelt u de uitvoer van geluid uit. Druk nog eens op deze toets om de geluidsweergave te hervatten op het oorspronkelijke volumeniveau.

REGELAARS EN HUN FUNCTIES

■ FM/AM-regelaar ■ Toetsen voor Yamaha cd-spelers D TUNING jj / ii Selecteert de afstemfrequentie (zie bladzijde 14). E Bedieningstoetsen Yamaha cd-speler Stopt het afspelen Pauzeert het afspelen Start het afspelen DISC SKIP Springt naar de volgende cd in een cd-wisselaar Springt terug Springt vooruit Voert de schijf uit Spoelt terug Speelt versneld vooruit De volgende toetsen kunt u gebruiken als u TUNER hebt geselecteerd als ingangsbron. MEMORY Slaat het huidige FM/AM-station op als voorkeuze (zie bladzijde 15). INFO Alleen het model voor Europa: Selecteert de informatie die op het voorpaneelscherm moet worden weergegeven (zie bladzijde 18). INLEIDING PRESET j / i Selecteert een FM/AM-voorkeuzestation (zie bladzijde 16). Met de volgende toetsen kunt u een Yamaha cd-speler bedienen. Opmerking Ook al gebruikt u een Yamaha cd-speler, toch zijn bepaalde componenten en functies misschien niet beschikbaar. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing bij uw component voor nadere informatie. Nederlands 7 Nl

REGELAARS EN HUN FUNCTIES

De afstandsbediening gebruiken ■ Batterijen plaatsen ■ Werkingsbereik Richt de afstandsbediening binnen het hieronder weergegeven bedieningsbereik op de afstandsbedieningssensor op het toestel. Ongeveer AA, R6, UM-3-batterijen Afstandsbediening

Opmerkingen over de afstandsbediening en batterijen Er mogen zich geen grote obstakels bevinden tussen de afstandsbediening en het toestel. Mors geen water of andere vloeistoffen op de afstandsbediening. Laat de afstandsbediening niet vallen. Laat de afstandsbediening niet liggen en bewaar hem niet op de volgende plaatsen: – zeer vochtige plaatsen, bijvoorbeeld bij een badkamer – zeer warme plekken, zoals bij een kachel of fornuis – zeer koude plaatsen – stoffige plaatsen Vervang alle batterijen als u merkt dat het werkingsbereik van de afstandsbediening kleiner wordt. Als de batterijen leeg raken, haal ze dan onmiddellijk uit de afstandsbediening om ontploffing of zuurlekkage te voorkomen. Als u lekkende batterijen vindt, doe de batterijen dan onmiddellijk weg waarbij u ervoor zorgt dat u het weggelekte materiaal niet aanraakt. Als het weggelekte materiaal in contact komt met uw huid, uw ogen of uw mond, spoel het dan onmiddellijk weg en raadpleeg een arts. Maak het batterijvak goed schoon voordat u nieuwe batterijen plaatst. Gebruik geen oude en nieuwe batterijen door elkaar. Hierdoor kan de levensduur van de nieuwe batterijen verkort worden of kunnen de oude batterijen gaan lekken. Gebruik geen verschillende types batterijen door elkaar (zoals alkaline- en mangaanbatterijen). Batterijen die er hetzelfde uitzien, kunnen een verschillende specificatie hebben. Voordat u nieuwe batterijen plaatst, dient u het batterijvak schoon te vegen. Voer batterijen af volgens de plaatselijke wet- en regelgeving. Berg batterijen op buiten het bereik van kinderen. Batterijen kunnen gevaarlijk zijn als een kind ze in de mond stopt. Haal de batterijen uit het toestel als u van plan bent het toestel gedurende langere tijd niet te gebruiken. Anders lopen de batterijen leeg en bestaat het gevaar van lekkage van batterijvloeistof met als gevolg mogelijke beschadiging van het toestel. 8 Nl VOORBEREIDINGEN AANSLUITINGEN Luidsprekers en broncomponenten aansluiten Alle aansluitingen moeten correct zijn: L (links) op L, R (rechts) op R, "+" op "+" en "–" op "–". Als de aansluitingen niet kloppen, wordt er geen geluid weergegeven via de luidsprekers en als de polariteit van de luidspreker-aansluitingen niet correct is, klinkt de weergave onnatuurlijk met te weinig lage tonen. Raadpleeg de gebruikershandleiding van elk van uw componenten. Gebruik RCA-kabels voor het aansluiten van audiocomponenten.

  • Sluit dit toestel of andere componenten pas op het lichtnet aan nadat alle aansluitingen tussen componenten gemaakt zijn.
  • Laat blootliggende luidsprekerdraden niet met elkaar of met metalen onderdelen van het toestel in contact komen. Hierdoor kunnen het toestel en/of de luidsprekers beschadigd raken. Luidsprekers A Rechts Links Bandrecorder, enz. Cd-speler Audiouitgang VOORBEREIDINGEN LET OP Audiouitgang Audiouitgang Audioingang Cd-recorder, enz. Rechts Links Nederlands Dvd-speler, enz. Audiouitgang Luidsprekers B 9 Nl AANSLUITINGEN ■ REC-aansluitingen
  • De REC-aansluitingen voeren audiosignalen uit van de geselecteerde ingangsbron (behalve als LINE 3 is geselecteerd).
  • Instellingen voor volumeniveau, toonregeling en balans zijn niet van invloed op de REC-aansluitingen. ■ Luidsprekerkabels aansluiten ■ Dubbel bedrade aansluiting Een dubbel bedrade aansluiting scheidt de woofer (lagetonenluidspreker) van het gecombineerde deel voor de middentonen en de tweeters (hogetonenluidsprekers). Een luidsprekerkast voor dubbele bedrading heeft vier aansluitklemmen. Met deze twee sets aansluitingen kan de luidsprekerkast gesplitst worden in twee onafhankelijke delen. Met deze verbindingen wordt de reproductie van de middentonen en hoge tonen via de ene set aansluitingen geleid en die van de lage tonen via een andere set aansluitingen. Achterpaneel Luidspreker Verwijder ongeveer 10 mm van de isolatie van het einde van de luidsprekerkabels. Opmerking Wanneer u luidsprekerkabels in de luidsprekeraansluitingen steekt, steek dan alleen de blootliggende luidsprekerdraad in. Als u geïsoleerde kabel insteekt, kan de verbinding slecht zijn en hoort u mogelijk geen geluid. LET OP Stel de impedantie van de luidsprekers in als hieronder weergegeven. Luidsprekeraansluiting Luidsprekerimpedantie SPEAKERS A of SPEAKERS B 8 Ω of hoger SPEAKERS A en SPEAKERS B 16 Ω of hoger (behalve het model voor Noord-Amerika) Dubbele bedrading 8 Ω of hoger Sluit de andere luidspreker op dezelfde manier aan op de andere set aansluitingen. Opmerking Bij het maken van dubbel bedrade aansluitingen dient u de kortsluitbruggen of kabels van de luidspreker te verwijderen.

Wilt u dubbel bedrade aansluitingen gebruiken, druk dan op SPEAKERS A en SPEAKERS B, zodat SP A en B beide gaan branden op het voorpaneelscherm.

10 Nl AANSLUITINGEN ■ De meegeleverde AM-ringantenne in elkaar zetten De FM- en AM-antennes aansluiten Bij dit toestel zijn binnenantennes meegeleverd voor FMen AM-uitzendingen. In het algemeen zouden deze antennes voldoende signaalsterkte moeten leveren. Sluit de antennes aan op de daarvoor bedoelde aansluitingen. Opmerking FM-buitenantenne VOORBEREIDINGEN Als u last hebt van een slechte ontvangst, kunt u een buitenantenne installeren. Vraag bij uw dichtstbijzijnde erkende Yamaha-verkoper of -servicecentrum naar de mogelijkheden met buitenantennes. ■ De draad van de AM-ringantenne aansluiten AM-buitenantenne* AM-ringantenne (meegeleverd)** FMbinnenantenne (meegeleverd) Het netsnoer aansluiten Steek de stekker van het netsnoer in het stopcontact nadat u alle andere aansluitingen hebt gemaakt. LET OP Alleen voor het universele model: Stel de VOLTAGE SELECTOR van het toestel in op het lokale voltage voordat u het netsnoer aansluit. Bij onjuiste instelling van de VOLTAGE SELECTOR bestaat brandgevaar en kan schade aan het apparaat ontstaan. *AM-buitenantenne Naar stopcontact met netsnoer Gebruik 5 tot 10 meter met plastic geïsoleerd draad dat u uit een raam naar buiten spant. **AM-ringantenne (meegeleverd)

  • De AM-ringantenne moet altijd aangesloten blijven, zelfs als er een AM-buitenantenne op dit toestel is aangesloten.
  • De AM-ringantenne moet niet te dicht bij het toestel geplaatst worden.
  • De draden van de AM-antenne hebben geen polariteit. Nederlands 11 Nl BASISBEDIENING AFSPELEN Een bron afspelen

Druk op A (aan/uit) om het toestel aan te zetten.

Druk op een van de invoerkeuzetoetsen om de gewenste ingangsbron te kiezen.

Druk op SPEAKERS A en/of SPEAKERS B om de gewenste luidsprekersset(s) te kiezen. A (aan/uit) Invoerkeuzetoetsen Opmerkingen TREBLE –/+

  • Wanneer u één set luidsprekers hebt aangesloten met dubbele bedrading of wanneer u twee luidsprekersets tegelijkertijd gebruikt (A en B), let er dan op dat SP A en SP B beide worden weergegeven op het voorpaneelscherm.
  • Schakel de luidsprekers uit als u met een hoofdtelefoon luistert.

Druk op VOLUME +/– om het geluidsuitvoerniveau te regelen. U kunt de klankkwaliteit bijregelen met behulp van de regelaars voor BASS –/+ en TREBLE –/+, en de geluidsbalans van de linker- en rechterluidsprekers met behulp van de regelaar BALANCE L/R (zie bladzijde 6). VOLUME +/–

Druk, als u stopt met luisteren, op A (aan/uit) om het toestel in wachtstand te zetten. Druk nogmaals op A (aan/uit) om het toestel weer in te schakelen.

  • U kunt ook de knoppen en regelaars op het voorpaneel gebruiken als ze dezelfde of vergelijkbare namen hebben als die op de afstandsbediening.
  • Voor opname, zie bladzijde 5. 12 Nl AFSPELEN De sluimerklok gebruiken Gebruik deze functie om het toestel automatisch in wachtstand te zetten na een bepaalde tijdsduur. De sluimerklok is nuttig als u gaat slapen terwijl het toestel een bron afspeelt of opneemt. SLEEP A (aan/uit) BASISBEDIENING Druk herhaaldelijk op SLEEP om de tijdsduur in te stellen voordat het toestel in wachtstand gaat. Bij elke keer dat u op SLEEP drukt, wordt op het voorpaneelscherm een volgende stap van de onderstaande cyclus weergegeven. Het SLEEP-lampje knippert terwijl u de tijdsduur voor de sluimerklok instelt. Als de sluimerklok is ingesteld, gaat het SLEEPlampje op het voorpaneelscherm branden. Wilt u de sluimerklok onderbreken, kies dan een van de volgende methoden: – Selecteer "SLEEP OFF". – Zet het toestel in wachtstand. Nederlands 13 Nl
  • Radiofrequenties verschillen per land of regio waar het toestel wordt gebruikt. In dit gedeelte worden illustraties gebruikt van het voorpaneelscherm van het model voor Europa.
  • Alleen voor het model voor Azië en het universele model: Stel de afstemfrequentiestap in op de frequentieruimte in uw regio voordat u afstemt op een radiostation (zie bladzijde 19). Voorkeuzefuncties gebruiken U kunt 40 stations registreren als voorkeuzestations. Als u eenmaal voorkeuzestations hebt geregistreerd, kunt u daar eenvoudig op afstemmen door de voorkeuzen op te roepen. FM/AM TUNING jj / ii ■ Automatisch voorkeuzen instellen (alleen FM-stations) U kunt automatisch FM-stations met een krachtig signaal registreren.

Druk op FM/AM om TUNER te selecteren als invoerbron en selecteer de frequentieband. Houd TUNING jj / ii ingedrukt om het afstemmen te starten. Druk op ii om af te stemmen op een hogere frequentie. Druk op jj om af te stemmen op een lagere frequentie. Als het toestel afstemt op een station, gaat het TUNED-lampje op het voorpaneelscherm branden. Opmerkingen

  • Als u een station registreert naar een voorkeuzenummer waar al een station op is geregistreerd, wordt het eerder geregistreerde station overschreven.
  • Druk herhaaldelijk op TUNING jj / ii om af te stemmen op het gewenste station, als het signaal van het station zwak is.
  • Alleen het model voor Europa: Alleen stations die uitzenden met het Radio Data System kunnen worden geregistreerd als voorkeuze.

FM-stations die zijn geregistreerd als voorkeuze met de automatische voorkeuzeregistratie klinken in stereo. Opmerking Als de procedure voor het afstemmen niet stopt bij het gewenste station omdat het signaal te zwak is, drukt u herhaaldelijk op TUNING jj / ii om op het station af te stemmen.

PRESET j / i U kunt ook de knoppen op het voorpaneel gebruiken als ze dezelfde of vergelijkbare namen hebben als die op de afstandsbediening. ■ FM-ontvangst verbeteren Als het signaal van het station zwak en de geluidskwaliteit niet goed is, stel dan de ontvangstmodus voor FM-radio in op mono om de ontvangst te verbeteren. Voorpaneel Druk op FM MODE en controleer of het ST-lampje is gedoofd (zie bladzijde 4). Afstandsbediening Druk op FM MODE in het optiemenu om MONO (mono) te selecteren (zie bladzijde 19). 14 Nl B/C/D ENTER MENU

Druk op FM om TUNER te selecteren als invoerbron.

Druk op MENU om het optiemenu te openen. Het optiemenu voor TUNER wordt weergegeven (zie bladzijde 19).

Stem af op het gewenste FM/AM-station. Zie bladzijde 14 voor aanwijzingen over het afstemmen op een station.

Druk op MEMORY. "MANUAL PRESET" wordt kort weergegeven op het voorpaneelscherm en vervolgens wordt het voorkeuzenummer weergegeven waarop het station zal worden geregistreerd. Druk op B / C om "AUTO PRESET" te selecteren en druk dan op ENTER.

Het toestel zoekt ongeveer 3 seconden later de FMband af vanaf de laagste frequentie omhoog.

  • Voordat het zoeken begint, kunt u het eerste voorkeuzenummer opgeven door op PRESET j / i of B/C te drukken.
  • Druk op D om het zoeken stop te zetten. Voorkeuzenummer

Frequentie Wanneer een station voor voorkeuze is gevonden, wordt informatie weergegeven op het voorpaneelscherm zoals hierboven weergegeven. Wanneer het zoeken klaar is, wordt "FINISH" weergegeven en keert het scherm terug naar het optiemenu. Druk op MENU om terug te keren naar de oorspronkelijke status. ■ Handmatig voorkeuzen instellen U kunt de gewenste stations handmatig registreren. Druk op PRESET j / i om het voorkeuzenummer voor registratie van het station te selecteren. Wanneer u een voorkeuzenummer selecteert waarvoor geen station is geregistreerd, wordt "EMPTY" weergegeven. Wanneer u een voorkeuzenummer selecteert waarvoor al een station is geregistreerd, wordt de frequentie van het station weergegeven. BASISBEDIENING Houdt u MEMORY op het voorpaneel meer dan 2 seconden ingedrukt, dan kunt u de volgende stappen overslaan en automatisch het geselecteerde station registreren onder een leeg voorkeuzenummer (d.w.z. het voorkeuzenummer dat volgt op het laatste gebruikte voorkeuzenummer). Voorkeuzenummer

Druk op MEMORY. Wanneer de registratie voltooid is, keert het scherm terug naar de oorspronkelijke status.

  • Selecteer een andere frequentieband of voer gedurende 30 seconden geen handelingen uit als u het registreren wilt annuleren.
  • U kunt ook de knoppen en regelaars op het voorpaneel gebruiken als ze dezelfde of vergelijkbare namen hebben als die op de afstandsbediening om voorkeuzestations in te stellen. Nederlands PRESET j / i 15 Nl

■ Voorkeuzestations terugroepen U kunt voorkeuzestations terugroepen die zijn geregistreerd met de automatische of de handmatige voorkeuzemethode. ■ Een voorkeuzestation wissen Volg de onderstaande stappen om een voorkeuzestation te wissen. FM/AM FM/AM PRESET j / i PRESET j / i

Druk op FM/AM om TUNER te selecteren als invoerbron.

Druk op PRESET j / i om een voorkeuzenummer te selecteren. B/C/D ENTER

  • Voorkeuzenummers waarvoor geen stations zijn geregistreerd, worden overgeslagen.
  • "NO PRESET" wordt weergegeven als er geen stations zijn geregistreerd.
  • Probeer handmatig af te stemmen op voorkeuzestations met een zwak signaal.
  • U kunt ook op PRESET j / i drukken op het voorpaneel om een voorkeuzestation terug te roepen. MENU

Druk op FM/AM om TUNER te selecteren als invoerbron.

Druk op MENU om het optiemenu te openen. Het optiemenu voor TUNER wordt weergegeven (zie bladzijde 19).

Druk op B / C om "CLEAR PRESET" te selecteren en druk dan op ENTER.

Druk meerdere keren op B / C om het gewenste voorkeuzenummer te selecteren. Het geselecteerde voorkeuzenummer knippert op het voorpaneelscherm.

  • U kunt ook PRESET j / i gebruiken.
  • Wilt u het wissen van het voorkeuzestation annuleren, druk dan op D of doe 30 seconden lang niets met het toestel. 16 Nl

Druk nogmaals op ENTER om de opdracht te bevestigen. "CLEARED" wordt weergegeven op het voorpaneelscherm. Vervolgens wordt een ander voorkeuzestation weergegeven op het voorpaneelscherm. Als er geen voorkeuzestations meer zijn, wordt "NO PRESET" weergegeven en keert het scherm terug naar het optiemenu. Druk op MENU om terug te keren naar de oorspronkelijke status.

Druk op FM/AM om TUNER te selecteren als invoerbron.

Druk op MENU om het optiemenu te openen. Het optiemenu voor TUNER wordt weergegeven (zie bladzijde 19).

Druk op B / C om "CLEAR ALL PRESET" te selecteren en druk dan op ENTER. ■ Alle voorkeuzestations wissen Volg de onderstaande stappen om alle voorkeuzestations te wissen.

Druk op B / C om "CLEAR OK" te selecteren en druk dan op ENTER. BASISBEDIENING Druk op D om de handeling te annuleren en terug te keren naar het optiemenu.

B/C/D ENTER MENU Wilt u het wissen van de voorkeuzes annuleren, selecteer dan "CLEAR NO". Wanneer alle voorkeuzes zijn gewist, wordt "CLEARED" weergegeven en keert het scherm terug naar het optiemenu. Druk op MENU om terug te keren naar de oorspronkelijke status. Nederlands 17 Nl

Radio Data System-gegevens ontvangen (alleen het model voor Europa) Radio Data System is een systeem voor gegevensoverdracht dat door FM-stations in een groot aantal landen wordt gebruikt.

Druk op FM om TUNER te selecteren als invoerbron. Stem af op het gewenste Radio Data Systemstation. Druk meerdere keren op INFO om de gewenste weergavemodus voor Radio Data System te selecteren. Keuze Beschrijving Frequentie Het toestel geeft de frequentie van het huidige station weer. Programmaservice Standaardinstelling. Het toestel geeft de naam weer van het Radio Data Systemprogramma waar u naar luistert. Programmatype Het toestel geeft het type Radio Data System-programma weer waar u naar luistert. Radiotekst Het toestel geeft informatie over het Radio Data Systemprogramma weer waar u naar luistert. Kloktijd Het toestel geeft de huidige tijd weer. 18 Nl Wanneer u programmatype selecteert, worden de volgende programmatypenamen weergegeven. Programmatype Beschrijving NEWS Nieuws AFFAIRS Actualiteiten INFO Algemene informatie SPORT Sport EDUCATE Educatief DRAMA Drama CULTURE Cultuur SCIENCE Wetenschap VARIED Licht amusement POP M Popmuziek ROCK M Rockmuziek EASY M Middle-of-the-road muziek (easy-listening) LIGHT M Licht klassiek CLASSICS Ernstig klassiek OTHER M Overige muziek GEAVANCEERDE BEDIENING

HET OPTIEMENU INSTELLEN VOOR INVOERBRONNEN

In het optiemenu kunt u allerlei instellingen configureren voor de diverse invoerbronnen en deze instellingen automatisch oproepen wanneer u een invoerbron selecteert. Invoerkeuzetoetsen

Druk op een van de invoerkeuzetoetsen om de gewenste ingangsbron te kiezen.

Druk op B / C om het gewenste menu-item te selecteren en druk dan op ENTER.

Druk op B / C om de instellingen te wijzigen.

  • Bij bepaalde menu-items moet u op ENTER drukken om de nieuwe instelling op te slaan.
  • Druk op D om terug te keren naar het scherm voor het selecteren van menu-items. B/C/D ENTER

Druk op MENU om het optiemenu te sluiten. MENU GEAVANCEERDE BEDIENING Optiemenu-items Welke menu-items beschikbaar zijn, is afhankelijk van de geselecteerde invoerbron. Menu-item Beschrijving Stelt het maximale volumeniveau in zodat het volume niet per ongeluk boven een bepaald niveau kan worden ingesteld. Instelbaar bereik: 01 tot 99, MAX* INITIAL VOLUME (INIT VOL) Stelt het volume in dat gebruikt wordt als het toestel wordt ingeschakeld. Wanneer deze parameter wordt ingesteld op "OFF" (uit), wordt het volumeniveau toegepast dat was ingesteld toen het toestel in wachtstand ging. Instelbaar bereik: OFF*, MUTE, 01 tot 99, MAX TUNER STEP (TUNER STP) Alleen voor het model voor Azië en het universele model Stelt de afstemfrequentiestap in. Keuzes: AM10/FM100, AM9/FM50* FM MODE Wijzigt de ontvangstmodus voor de FM-band (zie bladzijde 14). Keuzes: STEREO*, MONO AUTO PRESET (A, PREST) Detecteert automatisch FM-radiostations en registreert ze als voorkeuzestations (zie bladzijde 14). CLEAR PRESET (C, PREST) Wist een voorkeuzestation (zie bladzijde 16). CLEAR ALL PRESET (C,A, PREST) Wist alle voorkeuzestations (zie bladzijde 17).

(AUTO STBY) Zet het toestel automatisch in wachtstand als gedurende de ingestelde tijd geen handelingen zijn verricht. Keuzes: OFF/2H/4H/8H*/12H

De standaardinstellingen zijn aangegeven met "*". 19 Nl Nederlands MAX VOL AANVULLENDE INFORMATIE

VERHELPEN VAN STORINGEN

Raadpleeg de tabel hieronder indien dit toestel niet naar behoren functioneert. Als het probleem niet hieronder vermeld staat, of als de aanwijzingen het probleem niet verhelpen, zet het toestel dan in wachtstand, haal de stekker uit het stopcontact en neem contact op met uw dichtstbijzijnde Yamaha-dealer of -servicecentrum. ■ Algemeen Probleem Het toestel kan niet worden ingeschakeld. Geen geluid Oorzaak Oplossing Zie bladzijde Het netsnoer is niet goed aangesloten of de stekker is niet goed in het stopcontact gestoken. Sluit het netsnoer stevig aan. De instelling voor impedantie van de luidspreker is te laag. Gebruik luidsprekers met de juiste impedantie. De beveiliging is in werking getreden door een kortsluiting, enz. Controleer of de luidsprekerdraden elkaar niet raken en zet dan het toestel opnieuw aan. Het toestel heeft blootgestaan aan een sterke, externe elektrische schok (bijvoorbeeld een blikseminslag of een ontlading van statische elektriciteit). Schakel het toestel in wachtstand, koppel het netsnoer los, sluit het weer aan na 30 seconden en gebruik het toestel vervolgens normaal. Invoer- of uitvoerkabels verkeerd aangesloten. Verbind de kabels correct. Als dit het probleem niet verhelpt, zijn de kabels mogelijk defect.

Er is geen geschikte ingangsbron geselecteerd. Druk op een van de invoerkeuzetoetsen op de afstandsbediening om een geschikte ingangsbron te kiezen (INPUT l / h of FM/AM op het voorpaneel).

De SPEAKERS A/B-schakelaars zijn niet correct ingesteld. Zet de juiste luidsprekers aan (SPEAKERS A of SPEAKERS B).

De luidsprekeraansluitingen zitten niet goed vast. Zet de aansluitingen goed vast.

Uitvoer is uitgeschakeld. Schakel de dempingsfunctie uit. MAX VOL of INITIAL VOLUME is te laag ingesteld. Stel de instelling in op een hoger niveau. De component die hoort bij de gekozen invoerkeuzetoets is uitgeschakeld of speelt niet af. Zet de component aan en zorg ervoor dat hij afspeelt. De beveiliging is in werking getreden door een kortsluiting, enz. Controleer of de luidsprekerdraden elkaar niet raken en zet dan het toestel opnieuw aan.

Het toestel is te warm geworden. Let erop dat de openingen in het bovenpaneel niet worden geblokkeerd.

De functie AUTO POWER STANDBY of de functie SLEEP heeft het toestel in wachtstand gezet. Verhoog de instelling voor AUTO POWER STANDBY of schakel de instelling uit (OFF) in het optiemenu door op MENU te drukken.

Bedrading niet op de juiste manier aangesloten. Verbind de kabels correct. Als dit het probleem niet verhelpt, zijn de kabels mogelijk defect.

De BALANCE L/R-regelaar is verkeerd ingesteld. Stel de BALANCE L/R-regelaar in op de geschikte stand.

De lage tonen klinken te zwak en de weergave is sfeerloos. De plus- en min-kabels (+ en –) zijn verkeerd om aangesloten op de versterker of de luidsprekers. Sluit de luidsprekerkabels aan op de juiste fase (+ en –). U hoort een "gezoem". Bedrading niet op de juiste manier aangesloten. Sluit de audiostekers stevig aan. Als dit het probleem niet verhelpt, zijn de kabels mogelijk defect. Het volumeniveau kan niet verhoogd worden of het geluid is vervormd. De component aangesloten op de LINE 3 PB/REC-aansluitingen van dit toestel is uitgeschakeld. Schakel de component in. Het geluid valt plotseling weg. Er komt slechts aan één kant geluid uit de luidspreker. 20 Nl

Probleem Oorzaak Het geluid is van mindere kwaliteit wanneer u luistert met een hoofdtelefoon verbonden met de cdspeler die op dit toestel aangesloten is. Het toestel is in wachtstand gezet. De afstandsbediening werkt niet of niet correct. Verkeerde afstand of hoek. Oplossing Zie bladzijde Schakel het toestel in.

De afstandsbediening werkt binnen een maximaal bereik van 6 m en binnen een hoek van 30 graden ten opzichte van het voorpaneel. Direct zonlicht of sterke verlichting (van fluorescentielampen met een voorschakelapparaat, enz.) valt op de afstandsbedieningssensor van dit toestel. Verplaats het toestel. De batterijen zijn bijna leeg. Vervang alle batterijen. U kunt de cd-speler niet bedienen met de afstandsbediening. De afstandsbediening ondersteunt de cdspeler niet. Raadpleeg de gebruikershandleiding van de cd-speler. "OVER HEAT" wordt weergegeven op het voorpaneelscherm. Het toestel is te warm geworden. Let erop dat de openingen in het bovenpaneel niet worden geblokkeerd. "CHECK SP" wordt weergegeven op het voorpaneelscherm. Er is kortsluiting ontstaan tussen de luidsprekerkabels.

Draai de naakte strengen van de luidsprekerkabels goed in elkaar en verbind ze dan goed met het toestel en de luidsprekers.

AANVULLENDE INFORMATIE Nederlands 21 Nl

22 Nl Oplossing Zie bladzijde Dit probleem is inherent aan FMuitzendingen in stereo wanneer de zender te ver weg is of het signaal dat binnenkomt via de antenne niet sterk genoeg is. Controleer de aansluitingen van de antenne. Probeer een hoogwaardige richtingsgevoelige FMantenne.

Er is vervorming en ook een goede FM-antenne zorgt niet voor een betere ontvangst. U ondervindt interferentie doordat hetzelfde signaal op verschillende manieren ontvangen wordt. Verander de opstelling van de antenne zodat u van deze interferentie geen last meer hebt. Er kan niet automatisch worden afgestemd op de gewenste zender. Het radiosignaal is te zwak. "NO PRESET" wordt weergegeven. Er zijn geen voorkeuzestations geregistreerd. Registreer stations waarnaar u wilt luisteren als voorkeuzestations. Er kan niet automatisch worden afgestemd op de gewenste zender. Het signaal is te zwak of de antenneaansluitingen zitten los. Controleer de aansluitingen van de AM-ringantenne en stel deze zo op dat u de beste ontvangst verkrijgt. Automatisch voorkeuzestation werkt niet. Automatische voorkeuzestations zijn niet beschikbaar voor AM. Gebruik handmatige voorkeuzestations. U hoort doorlopend gekraak en gesis. Deze geluiden kunnen het gevolg zijn van bliksem, tl-verlichting, motoren, thermostaten en andere elektrische apparatuur. Gebruik een buitenantenne en een goede aarding. Dit kan in sommige gevallen helpen, maar het blijft moeilijk om alle storingsbronnen te elimineren. U hoort gezoem en gefluit. Er wordt in de buurt van het toestel een tv gebruikt. Zet het toestel verder bij de tv vandaan. Veel ruis bij de ontvangst van FM-stereo.

Probeer een hoogwaardige richtingsgevoelige FMantenne.

  • Minimaal RMS-uitgangsvermogen (8 Ω, 40 Hz tot 20 kHz, 0,2% THV) [Modellen voor Noord-Amerika, Australië en Europa en universeel model] ............................................. 100 W + 100 W [Model voor Azië] ................................................ 85 W + 85 W
  • Afstembereik [Model voor Noord-Amerika] ....................... 87,5 tot 107,9 MHz [Model voor Azië en universeel model] ................................. 87,5 tot 107,9 MHz/87,50 tot 108,00 MHz [Modellen voor Europa en Australië] ........ 87,50 tot 108,00 MHz
  • Afstembereik [Model voor Noord-Amerika] ........................... 530 tot 1710 kHz [Model voor Azië en universeel model] ............................................ 530 tot 1710 kHz/531 tot 1611 kHz [Modellen voor Europa en Australië] ............... 531 tot 1611 kHz ALGEMEEN
  • Voeding [Model voor Noord-Amerika] ............ 120 V wisselstroom, 60 Hz [Universeel model] .... 110-120/220-240 V wisselstroom, 50/60 Hz [Model voor Australië] ....................... 240 V wisselstroom, 50 Hz [Model voor Europa] .......................... 230 V wisselstroom, 50 Hz [Model voor Azië] ................. 220-240 V wisselstroom, 50/60 Hz
  • Stroomverbruik [Modellen voor Noord-Amerika, Australië en Europa en universeel model] ............................................................ 175 W [Model voor Azië] .............................................................. 140 W
  • Stroomverbruik in wachtstand [Modellen voor Noord-Amerika, Australië en Europa en Azië] ........................................................................... 0,5 W of minder
  • Afmetingen (B × H × D) ................................. 435 × 141 × 322 mm
  • Gewicht .................................................................................. 6,7 kg
  • Technische gegevens kunnen zonder kennisgeving gewijzigd worden. Informatie voor gebruikers over inzameling en verwijdering van oude apparaten en gebruikte batterijen AANVULLENDE INFORMATIE Deze tekens op de producten, verpakkingen en/of bijgaande documenten betekenen dat gebruikte elektrische en elektronische producten en batterijen niet mogen worden gemengd met algemeen huishoudelijk afval. Breng alstublieft voor de juiste behandeling, herwinning en hergebruik van oude producten en gebruikte batterijen deze naar daarvoor bestemde verzamelpunten, in overeenstemming met uw nationale wetgeving en de instructies 2002/96/EC en 2006/66/EC. Door deze producten en batterijen correct te verwijderen, helpt u natuurlijke rijkdommen te beschermen en voorkomt u mogelijke negatieve effecten op de menselijke gezondheid en de omgeving, die zich zouden kunnen voordoen door ongepaste afvalverwerking. Voor meer informatie over het inzamelen en hergebruik van oude producten en batterijen kunt u contact opnemen met uw plaatselijke gemeentebestuur, uw afvalverwerkingsbedrijf of het verkooppunt waar u de artikelen heeft gekocht. [Informatie over verwijdering in andere landen buiten de Europese Unie] Opmerking bij het batterijteken (onderste twee voorbeelden): Dit teken wordt mogelijk gebruikt in combinatie met een scheikundig symbool. In dat geval voldoet het aan de eis en de richtlijn, die is opgesteld voor het betreffende chemisch product. 23 Nl Nederlands Deze symbolen zijn alleen geldig in de Europese Unie. Mocht u artikelen weg willen gooien, neem dan alstublieft contact op met uw plaatselijke overheidsinstantie of dealer en vraag naar de juiste manier van verwijderen. ПРЕДУПРЕЖДЕНИЕ: ВНИМАТЕЛЬНО ПРОЧИТАЙТЕ ЭТО ПЕРЕД ИСПОЛЬЗОВАНИЕМ АППАРАТА.