AIR-MAG magnétique - Roeimachine CARE FITNESS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis AIR-MAG magnétique CARE FITNESS in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Roeimachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AIR-MAG magnétique - CARE FITNESS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AIR-MAG magnétique van het merk CARE FITNESS.
GEBRUIKSAANWIJZING AIR-MAG magnétique CARE FITNESS
Veiligheid Deze gebruikshandleiding aandachtig lezen en zorgvuldig bewaren. Dit toestel mag alleen op de aangegeven manier worden gebruikt. Dit toestel moet door volwassenen worden gemonteerd en gebruikt. Uw toestel voldoet aan de norm EN-957 categorie SA voor privé, in een sportzaal. Voor een veilig gebruik moet het toestel op een vlakke en stabiele ondergrond worden geplaatst. U kunt uw vloerbedekking beschermen met een mat. Het toestel mag niet in een vochtige ruimte (zoals een zwembad, sauna enz.) worden gebruikt. Kinderen mogen in geen geval met het toestel spelen. Voor eventueel letsel van kinderen wijst de firma CARE elke verantwoordelijkheid af. Tijdens uw training mogen geen kinderen in de buurt van het toestel komen. CARE wijst elke verantwoordelijkheid af voor technische wijzigingen die door de gebruiker aan onze artikelen wordt aangebracht. Maximaal gewicht van de gebruiker: 150 kg. Voor het begin van uw training moet u uw arts raadplegen om de intensiteit van uw programma vast te stellen. Een excessieve of slecht geprogrammeerde training kan uw gezondheid ernstig schaden. Tijdens de oefeningen moet uw rug recht blijven. Het wordt sterk aangeraden geschikte kleding en schoenen te dragen. Voor de instelbare delen moet u rekening met de maximale standen houden. Onderhoud: De goede bevestiging van alle onderdelen met schroeven en moeren moet regelmatig worden gecontroleerd. Uw toestel moet regelmatig worden nagelopen om het veiligheidsniveau in stand te houden. Het is absoluut nodig elk defect onderdeel te vervangen en het toestel niet meer te gebruiken tot het volledig is gerepareerd. De bewegende onderdelen moeten regelmatig worden gesmeerd. Zweet is heel corrosief en mag niet in contact worden gelaten met geëmailleerde of verchroomde delen van het toestel, met name de computer. Zweet moet dan ook onmiddellijk na de training worden afgeveegd. Geëmailleerde onderdelen kunnen met een vochtige spons en water worden afgenomen. Het gebruik van agressieve of bijtende producten moet worden vermeden. Garantie: Op het frame wordt een garantie van 5 jaar en op de slijtagegevoelige onderdelen een garantie van 2 jaar verleend. De garantie kan alleen in het geval van een normaal privé-gebruik thuis worden ingeroepen. Garantie registratie Recyclage : Het symbooltje van de « doortreepte vuilnisemmer « betekent dat dit product en de batterijen niet met het gewone huisafval mogen worden weggeworpen maar selectief moeten worden verwijderd. Deponeer de batterijen en het elektronische product wanneer ze versleten zijn in een speciaal daartoe voorziene plaats voor recyclage. Zo helpt u mee het milieu en de volksgezondheid te beschermen.
1. Bereid de werkplek voor
we raden u aan om u te laten helpen bij de montage omdat een aantal van de onderdelen behoorlijk zwaar is. het is belangrijk dat u het product monteert in een schone en opgeruimde ruimte. controleer of er waarschuwingen op de doos staan en zorg ervoor dat u deze met de goede kant naar boven heeft.
Controleer of u de volgende onderdelen heeft: Onderdeelnr. Hoofdframe
Onderdeelnr. Roeirails x 1
Voorste stabilisator Onderdeelnr.
Onderdeel- Achterste nr. Onderdeelnr.
Dit roeiapparaat heeft een vloerruimte nodig van 223,5 cm x 61,4 cm voor gebruik, 61,5 x 76 x 223,5 cm voor ingeklapte opslag en weegt 49 kg handgreep
Gereedschap en verbruiksmateriaal Bevestigingsmateriaal Onderdeelnr. Smeerolie
Als u denkt dat er onderdelen ontbreken, neemt u contact met ons op voordat u teruggaat naar de verkoper.
1. De handgreep zoeken
Plaats de handgreep tegen de handgreephaken in de weergegeven positie.
Trek de stop-pin uit het trekkoord en verwijder de stop voorzichtig.
De stop van het trekkoord wordt gebruikt voor bescherming bij de verpakking en wordt niet meer gebruikt bij de montage.
Alle vereiste bouten en ringen zijn vooraf gemonteerd om de installatiekwaliteit te waarborgen, verwijder de bouten en ringen en draai ze daarna vast volgens de instructies om de montage van het roeiapparaat te voltooien.
Draai de twee M8 x 16 mm inbusbouten uit de kartonnen buis en verwijder de kartonnen buis.
De twee inbusbouten en de kartonnen buis worden gebruikt voor bescherming bij de verpakking en worden niet meer gebruikt bij de montage.
Verwijder de vier M8 x 16 mm inbusbouten en M8 x 19 mm x 1,5 mm gebogen ringen van de voorste stabilisator (B) met de 6 mm inbussleutel zoals weergegeven.
Bevestig de voorste stabilisator (B) op het hoofdframe (A) met vier M8 x 16mm inbusbouten (B5) en M8 x 19 mm x 1,5 mm gebogen ringen (B6) en draai deze bouten aan met de 6 mm inbussleutel.
Zorg ervoor dat u de onderdelen in dezelfde volgorde bevestigt als weergegeven in de tekeningen. Zorg ervoor dat de bouten goed worden vastgedraaid met de inbussleutel. Zorg ervoor dat de bewegende wielen op de voorste stabilisator naar buiten wijzen na de montage. BEVESTIGINGSMIDDEBEVESTILEN: GINGSMIDDELEN: Onderdeelnr.
3. Bevestig de voetensteun
3-1. Verwijder de bouten voor de roeirails
Rower Track Klap het hoofdframe van het roeiapparaat van achteren Mounting Tube omhoog en zet het hele hoofdframe verticaal zoals weergegeven. Verwijder de M8 x 16 mm inbusbout (B5) en M8 x 16mm x 1,5 mm vlakke ring (B7) van de bovenste en onderste montagestang voor de roeirails met de 6 mm inbussleutel zoals weergegeven. Bewaar deze bouten en ringen goed tot stap 5. Roeirails monteren SMEREN VOOR MONTAGE LUBRICATE BEFORE ASSEMBLY nr.
Verwijder de M8 x 30 mm inbusbouten (B8) en M8 x 16mm x 1,5 mm vlakke ringen (B7) van de montagesteun voor de voetsteun met de 6 mm inbussleutel zoals weergegeven. Steek de voetsteun in en bevestig deze voorzichtig aan de montagesteun op het hoofdframe met vier M8 x 30 mm inbusbouten (B8) en M8 x 16 mm x 1,5 mm vlakke ringen (B7) en draai deze bouten aan met de 6 mm inbussleutel. BEVESTIBEVESTIGINGSMIDDEGINGSMIDDELEN: LEN: Onderdeelnr.
Zorg ervoor dat u de onderdelen in dezelfde volgorde bevestigt als weergegeven in de tekeningen. Zorg ervoor dat de bouten goed worden vastgedraaid met de inbussleutel. Montagesteun van hoofdframe
Verwijder de M8 x 20 mm inbusbouten (B5) en M8 x 16mm x 1,5 mm vlakke ringen (B7) van beide zijden van het achterste uiteinde van de roeirails met de 6 mm inbussleutel zoals weergegeven. Onderdeelnr.
Bevestig de achterste stabilisator (C) aan het achterste uiteinde van de roeirails met vier M8 x 20 mm inbusbouten (B5) en M8 x 16 mm x 1,5 mm vlakke ringen (B7) en draai deze bouten aan met de 6 mm inbussleutel.
Zorg ervoor dat u de onderdelen in dezelfde volgorde bevestigt als weergegeven in de tekeningen. BEVESTITOOLS: GINGSMIDDELEN: Zorg ervoor dat de achterste stabilisator goed wordt vastgedraaid met de inbussleutel. roeirails
Verwijder de vier M6 x 16 mm inbusbouten (B9) van de roeirails met de 5 mm inbussleutel zoals weergegeven.
Bevestig de achterste handgreep (G) aan de middenpositie van de roeirails met vier M6 x 16 mm inbusbouten (B9) en draai deze bouten aan met de 5 mm inbussleutel.
Knip de tie-wrap door die het zittingkarretje aan de voorzijde van de roeirails bevestigde.
BEVESTITOOLS: GINGSMIDDELEN: Zorg ervoor dat u de onderdelen in dezelfde volgorde bevestigt als weergegeven in de tekeningen. Zorg ervoor dat de bouten goed worden vastgedraaid met de inbussleutel. roeirails
Houd de roeirails vast en schuif deze voorzichtig op de montagebuis van het hoofdframe.
Draai twee M8 x 16 mm inbusbouten (B5) en M8 x 16 mm x 1,5 mm platte ringen (B7) voorzichtig met de hand vast vanaf de onderzijde van de roeirails.
Til het zittingkarretje met een hand op en houd deze vast, draai met de andere hand de twee M8 x 16 mm inbusbouten (B5) en M8 x 16 mm x 1,5 mm platte ringen (B7) voorzichtig vast vanaf de bovenzijde van de roeirails.
Als alle vier de bouten en ringen zijn aangebracht, draait u deze stevig vast met de 6 mm inbussleutel.
Breng het zittingkarretje voorzichtig omlaag tot deze stopt.
Zorg ervoor dat u de onderdelen in dezelfde volgorde bevestigt als weergegeven in de tekeningen. Zorg ervoor dat de roeirails goed wordt vastgedraaid met de inbussleutel.
Monteer de bevestigingen voor de montage door wat “universeel vet” aan te brengen op elke bout. Zittingkarretje BEVESTIGINGSMIDDELEN: BEVESTIGINGSMIDDELEN: Onderdeelnr.
6. De roeizitting monteren
Verwijder de vier M8 x 16 mm inbusbouten (B5) van de onderzijde van de roeizitting met de 6 mm inbussleutel zoals weergegeven.
Monteer de roeizitting aan het zittingkarretje met vier M8 x 16 mm inbusbouten (B5) zoals weergegeven.
Draai deze bouten stevig vast met de 6 mm inbussleutel. OPMERKING: De voorzijde (kortere rand) van de zitting moet naar de grond wijzen.
BEVESTITOOLS: GINGSMIDDELEN: Zorg ervoor dat u de onderdelen in dezelfde volgorde bevestigt als weergegeven in de tekeningen. Zorg ervoor dat de bouten goed worden vastgedraaid met de inbussleutel. Zittingkarretje Zitting
Plaats de AA-batterijen x4 op de juiste manier in het batterijvakje aan de achterzijde van de console, Laatste controles Uw roeiapparaat is nu gemonteerd. Voer de volgende controles uit voordat u deze voor de eerste keer in gebruik neemt.. Controleer of alle schroeven, bouten en moeren goed zijn vastgedraaid. Controleer of het roeiapparaat op een vlakke en rechte ondergrond staat.
Uitleg over de functies van de Air Rower De voetsteun afstellen
Om de voetsteun af te stellen, trekt u met een hand aan de gele hendel en met de andere schuift u de hielsteun omhoog of omlaag voor de beste afstelling. Laat vervolgens de gele hendel los om te vergrendelen.
Begin door de hielsteun zo af te stellen dat het bandje over de bal van uw voet gaat.
Als u beter gewend bent aan uw roeiapparaat kunt u de hielsteun iets omhoog of omlaag verplaatsen voor meer flexibiliteit of comfort. Gele hendel Voetbandje Heel In de optimale instelling zijn knie, onderbeen en enkel loodrecht ten opzichte van de vloer in de startpositie. Als de hielsteun omlaag wordt verplaatst, kan de zitting verder bewegen. Als de hielsteun omhoog wordt verplaatst, hoeft het been minder te buigen.
Voor u begint met de training, plaatst u de trekgreep in de greephaak zodat u deze gemakkelijker kunt pakken als u op het roeiapparaat zit. De console afstellen
1. Stel de consolearm en het consolescherm af op de juiste hoogte en hoek door de arm en console te draaien
zoals weergegeven. Greephaak De weerstand aanpassen
Dit roeiapparaat heeft een systeem dat onafhankelijk is van de snelheid (16 instelbare niveaus).
Hoe harder u trekt, hoe meer weerstand u voelt. Als u meer kracht verbruikt bij het roeien, gaat u sneller, produceert u meer Watt en verbrandt u meer calorieën. Maar het is belangrijker Draaiknop om langere tijd te roeien dan om harder te trekken.
De weerstand wordt geregeld door een magneetsamenstel, dat dichterbij of verder van het vliegwiel wordt bewogen hoe dichter de magneet bij het vliegwiel is, hoe hoger de weerstand.
De magneet wordt handmatig ingesteld door aan de draaiknop te draaien.
De weerstandsniveaus lopen van 1 = licht tot 16 = zwaar. De Air Rower horizontaal afstellen
1. Om u te helpen uw roeiapparaat horizontaal af te stellen op een oneven oppervlak, zijn er 2 hoogte-afstellers
aanwezig op de achterste stabilisator.
2. Draai aan de dubbel vergrendelde handgreep op de
achterste stabilisator om de hoogte in te stellen zoals vereist. De Air Rower verplaatsen
Het roeiapparaat heeft 4 transportwieltjes aan de voorste stabilisator en het hoofdframe.
Klap het roeiapparaat omhoog met de achterste handgreep onder de roeirails en trek of duw hem dan om hem te verplaatsen. Vergrendelde handgreep Het roeiapparaat opklappen en uitklappen
UW ROEIAPPARAAT INKLAPPEN
Stel de console-arm en console af voor opslag zoals weergegeven. Beweeg het zittingkarretje naar de voorzijde.
Ga comfortabel achter het roeiapparaat staan en houd de handgreep vast met de linkerhand zoals weergegeven. Gebruik uw rechtervoet om de voorste stabilisator tegen te houden en beweeg het roeiapparaat voorzichtig omlaag.
- Houd met uw rechterhand het achtereinde van de roeirails vast, houd met de andere hand stevig de handgreep vast zoals weergegeven.
- Houd met uw rechterhand het achtereinde van de roeirails vast, houd met de andere hand stevig de handgreep vast zoals weergegeven. Til het roeiapparaat vanaf de achterzijde op en laat het hele roeiapparaat verticaal staan.
leg de hele roeier op de vlakke, vlakke en stevige vloer
OPMERKING: Gebruik uw rechtervoet om de voorste stabilisator tegen te houden en uw linkerhand om het roeiapparaat vast te houden. Dit kan het inklappen vergemakkelijken.
Stel de console-arm en console af voor goed zicht zoals weergegeven. Beweeg het zittingkarretje naar de juiste positie voordat u gaat zitten.
Bedieningspaneel computer Snelstart Gebruik deze modus als u een snelle trainingssessie wilt en geen persoonlijke gegevens wilt instellen. Roei een paar seconden om de console in te schakelen. Druk op de knop “START”. De waarden voor WATTS, CALORIES, TIME, TIME/ 500M, DISTANCE, STROKES, S/M, HEART RATE (als er een hartslagsignaal wordt gedetecteerd) worden weergegeven. De waarden van WATTS, CALORIES, TIME, DISTANCE, STROKES beginnen op te tellen.
“U kunt op elk moment tijdens de training de weerstand aanpassen via de draaiknop. “ Om deze snelle trainingssessie te stoppen en het overzicht van uw training te zien Stop met roeien. Druk op de toets “STOP”. De waarden voor WATTS, CALORIES, TIME, TIME/ 500M, DISTANCE, STROKES, S/M, HEART RATE (als er een hartslagsignaal wordt gedetecteerd) worden weergegeven.
“Als u stopt met roeien zonder op de toets “STOP” te drukken, pauzeert het programma automatisch na 5 seconden. U kunt verder gaan met het programma, door weer te roeien. Na 1 minuut van inactiviteit stopt het programma. “ Toetsfuncties RESET Cal./hr ENTER
Druk op de toets “RESET” tijdens het instellen van het programma om terug te gaan naar de modus “START” op het scherm. Druk op de toets “RESET” in de modus “STOP”/”PAUSE” (pauze) om alle waarden op het scherm te resetten naar nul en terug te gaan naar de modus “START”. Om de programma's voor TIME (tijd), DISTANCE (afstand), CALORIES (calorieën), STROKES (slagen), S/M (slagen/minuut), INT 20/10 (interval 20/10), INT 20/30 (interval 20/30) en INT CUST (interval aangepast) te selecteren in de modus “START”. Om de waarden te verhogen bij het instellen van het doel van het programma. Houd ingedrukt voor een snelle waardeverandering. Heart rate monitoring systems may be inaccurate. If you feel faint, stop exercising immediately ST ART ST OP ENTER:
Om de doelinstellingen/programmaselectie te bevestigen. Voor het selecteren van de programma's INT CUST (interval aangepast), INT 20/30 (interval 20/30), INT 20 /10 (interval 20/10), S/M (slagen/minuut), STROKES (slagen), CALORIES (calorieën), DISTANCE (afstand) en TIME (tijd) in de modus “START “. Om de waarden te verlagen bij het instellen van het doel van het programma. Houd ingedrukt voor een snelle waardeverandering. START/STOP
Om te beginnen met een training of verder te gaan met een gepauzeerd programma Om een training te stoppen of te pauzeren. Consolescherm en feedback
Geeft aan hoeveel energie (vermogen) er wordt gegenereerd in deze sessie (alleen ter vergelijking, niet voor medische doeleinden), standaard wordt opgeteld van nul tot 999.
Geeft het tekstbericht van het huidige programma weer voor referentie.
Geeft de huidige hartslag aan in slagen per minuut (bpm), die worden gedetecteerd door een draadloze hartslagband om de borst. Weergave 30 ~ 220 bpm. OPMERKING: Uw hartslag wordt tijdens de training gemeten via een
Het hartslagcontrolesysteem kan onnauwkeurig zijn. Te zware training kan leiden tot ernstig letsel of overlijden. Stop onmiddellijk met trainen als u zich licht in het hoofd voelt! Cal./hr
Geeft aan hoeveel calorieën er ongeveer zijn verbrand in deze sessie (alleen ter vergelijking, niet voor medische doeleinden), standaard wordt opgeteld van nul tot 9999 cal, maar telt af als er een doel is ingesteld(10~ 990).
Geeft aan hoeveel tijd er getraind is in deze sessie, standaard wordt opgeteld van nul tot 99: 59, maar telt af als er een doel is ingesteld(05:00~ 99:00).
Geeft aan hoeveel tijd nodig is om 500 meter af te legen, dit wordt automatisch berekend, standaard wordt opgeteld van 00:00 tot 9:59, maar telt af als er een doel is ingesteld (1:00 ~9:55). Meter
Geeft het weerstandsniveau aan dat is ingesteld voor deze sessie, 1 = licht en 16 = zwaar.
Geeft aan hoeveel afstand er afgelegd is in deze sessie, standaard wordt opgeteld van nul tot 999,9 km, maar telt af als er een doel is ingesteld (100 ~ 9900).
Geeft aan hoeveel cycli er is getraind in deze sessie, standaard wordt opgeteld van 0 tot 9999, maar telt af als er een doel is ingesteld (10 ~ 990).
Geeft aan met hoeveel slagen per minuut u roeit, standaard wordt opgeteld van 0 tot 99, maar telt af als er een doel is ingesteld (10 ~ 99). De S/M-meting wordt automatisch berekend en weergegeven als het roeiapparaat wordt gebruikt en moet worden gebruikt als richtlijn voor de snelheid van de training. Trainingsprogramma's gebruiken TARGET-programma's De console heeft 5 doelprogramma's: Target TIME (doeltijd), Target DISTANCE (doelafstand), Target CALORIES (doelcalorieën), Target STROKES doelslagen) en Target S/M (doelslagen/minuut). Als u uw doel bereikt, klinkt er een kort alarm uit de console en wordt de training beëindigd doordat het roeiapparaat tot stilstand komt. Meter Meter Doel TIJD
1. Zorg ervoor dat de console is ingeschakeld.
“SELECT PROGRAM OR QUICK START” (selecteer programma of snelstart) loopt door het bovenste segment van het scherm.
2. Gebruik de toetsen “ / ” om de programmamodus te selecteren.
“TIME” (tijd) knippert in het bovenste schermsegment.
3. Druk op “ ENTER” om uw selectie te bevestigen.
4. De standaardwaarde “20:00” knippert in het venster TIME(tijd).
5. Gebruik de toetsen “ / ” om de trainingstijd in te stellen
(05:00 ~ 99: 00 minuten).
6. Druk op “ENTER” om uw instellingen te bevestigen.
“START” wordt weergegeven in het bovenste schermsegment.
7. Druk op “START” om te beginnen met de training en begin met
roeien. Het programma start pas als u begint te roeien. OPMERKING: U kunt op elk moment op de toets “STOP” drukken om het programma te beëindigen. Het trainingsoverzicht wordt weergegeven op het scherm. OPMERKING: U kunt het weerstandsniveau (1 ~16) op elk moment tijdens de training wijzigen met de draaiknop en een aantal van de metingen op het scherm worden dan aangepast. Doel AFSTAND
1. Zorg ervoor dat de console is ingeschakeld.
“SELECT PROGRAM OR QUICK START” (selecteer programma of snelstart) loopt door het bovenste segment van het scherm.
2. Gebruik de toetsen “ / ” om de programmamodus te selecteren.
"DISTANCE" (afstand) knippert in het bovenste schermsegment.
3. Druk op “ENTER” om uw selectie te bevestigen.
4. De standaardwaarde “1000 knippert in het venster DISTANCE(afstand).
5. Gebruik de toetsen “ / ” om uw doelafstand in te stellen
6. Druk op “ENTER” om uw instellingen te bevestigen.
“START” wordt weergegeven in het bovenste schermsegment.
7. Druk op “START” om te beginnen met de training en begin met
roeien. Het programma start pas als u begint te roeien. OPMERKING: U kunt op elk moment op de toets “STOP” drukken om het programma te beëindigen. Het trainingsoverzicht wordt weergegeven op het scherm. OPMERKING: U kunt het weerstandsniveau (1 ~16) op elk moment tijdens de training wijzigen met de draaiknop en een aantal van de metingen op het scherm worden dan aangepast. Meter Meter Meter Doel CALORIEËN
1. Zorg ervoor dat de console is ingeschakeld.
“SELECT PROGRAM OR QUICK START” (selecteer programma of snelstart) loopt door het bovenste segment van het scherm.
2. Gebruik de toetsen “ / ” om de programmamodus te selecteren.
“CALORIE”knippert in het bovenste schermsegment.
3. Druk op “ENTER” om uw selectie te bevestigen.
4. De standaardwaarde “150” knippert in het venster CALORIES(calorieën).
5. Gebruik de toetsen “ / ” om uw doelcalorieën in te stellen
(10 ~ 990 calorieën).
6. Druk op “ENTER” om uw instellingen te bevestigen.
“START” wordt weergegeven in het bovenste schermsegment.
7. Druk op “START” om te beginnen met de training en begin met
roeien. Het programma start pas als u begint te roeien. OPMERKING: U kunt op elk moment op de toets “STOP” drukken om het programma te beëindigen. Het trainingsoverzicht wordt weergegeven op het scherm. OPMERKING: U kunt het weerstandsniveau (1 ~16) op elk moment tijdens de training wijzigen met de draaiknop en een aantal van de metingen op het scherm worden dan aangepast. Doel SLAGEN
1. Zorg ervoor dat de console is ingeschakeld.
“SELECT PROGRAM OR QUICK START” (selecteer programma of snelstart) loopt door het bovenste segment van het scherm.
2. Gebruik de toetsen “ / ” om de programmamodus te selecteren.
"STROKES" (slagen) knippert in het bovenste schermsegment.
3. Druk op “ENTER” om uw selectie te bevestigen.
4. De standaardwaarde “300” knippert in het venster STROKE(slagen).
5. Gebruik de toetsen “ / ” om uw doelslagen in te stellen (10 ~
6. Druk op “ENTER” om uw instellingen te bevestigen.
“START” wordt weergegeven in het bovenste schermsegment.
7. Druk op “START” om te beginnen met de training en begin met
roeien. Het programma start pas als u begint te roeien. OPMERKING: U kunt op elk moment op de toets “STOP” drukken om het programma te beëindigen. Het trainingsoverzicht wordt weergegeven op het scherm. OPMERKING: U kunt het weerstandsniveau (1 ~16) op elk moment tijdens de training wijzigen met de draaiknop en een aantal van de metingen op het scherm worden dan aangepast. Target S/M (doelslagen per minuut)
1. Zorg ervoor dat de console is ingeschakeld.
“SELECT PROGRAM OR QUICK START” (selecteer programma of snelstart) loopt door het bovenste segment van het scherm.
2. Gebruik de toetsen “ / ” om de programmamodus te selecteren.
“S / M” knippert in het bovenste schermsegment.
3. Druk op “ENTER” om uw selectie te bevestigen.
4. De standaardwaarde “30“ knippert in het venster S/M.
5. Gebruik de toetsen “ / ” om uw doel-PACE (doeltempo) in te
7. Druk op “START” om te beginnen met de training en begin met
roeien. Het programma start pas als u begint te roeien. OPMERKING: Er knippert een “ ” pijl in het venster S/M om aan te geven dat uw huidige S/M sneller is dan de instelling. “SLOWER” beweegt door het bovenste schermsegment. Er knippert een “ ” pijl in het venster S/M om aan te geven dat uw huidige S/M langzamer is dan de instelling. “FASTER” beweegt door het bovenste schermsegment. “GREAT” beweegt door het bovenste schermsegment als u dezelfde S/M bereikt als is ingesteld. OPMERKING: U kunt op elk moment op de toets “STOP” drukken om het programma te beëindigen. Het trainingsoverzicht wordt weergegeven op het scherm. OPMERKING: U kunt het weerstandsniveau (1 ~16) op elk moment tijdens de training wijzigen met de draaiknop en een aantal van de metingen op het scherm worden dan aangepast. INTERVAL-programma's Deze console heeft 3 intervalprogramma's: INTERVAL 20/10, INTERVAL 20/30 en INTERVAL CUSTOM (aangepast). De INTERVAL 20/10 en INTERVAL 20/30 programma's bieden de gebruiker een serie van intensieve trainingsintervallen met vooraf ingestelde tijdsegmenten. Deze hoge intensiteit intervaltraining (H.I.I.T.) programma's geven automatisch de start van elke GO (gaan) en REST (rust) interval aan. Als u het laatste “REST” (rust) segment bereikt, klinkt er een kort alarm uit de console en wordt de training beëindigd doordat de fiets tot stilstand komt. INTERVAL 20 /10
1. Zorg ervoor dat de console is ingeschakeld.
“SELECT PROGRAM OR QUICK START” (selecteer programma of snelstart) loopt door het bovenste segment van het scherm.
2. Gebruik de toetsen “ / ” om de programmamodus te selecteren.
“INT 20 /10” knippert in het bovenste schermsegment.
3. Druk op “ ENTER” om uw selectie te bevestigen.
4. Het standaard intervalaantal “CYCLE 10” (cycli 10) knippert in het
bovenste schermsegment.
5. Gebruik de toetsen “ / ” om het totaal aantal intervallen in te
6. Druk op “ENTER” om uw instellingen te bevestigen.
7. Druk op “START” om te beginnen met de training en begin met
roeien. Het programma start pas als u begint te roeien. OPMERKING: U kunt op elk moment op de toets “STOP” drukken om het programma te beëindigen. Het trainingsoverzicht wordt weergegeven op het scherm. OPMERKING: U kunt het weerstandsniveau (1 ~16) op elk moment tijdens de training wijzigen met de draaiknop en een aantal van de metingen op het scherm worden dan aangepast. Meter Meter Meter Meter Meter Meter INTERVAL 20/30
1. Zorg ervoor dat de console is ingeschakeld.
“SELECT PROGRAM OR QUICK START” (selecteer programma of snelstart) loopt door het bovenste segment van het scherm.
2. Gebruik de toetsen “ / ” om de programmamodus te selecteren.
“INT 20 /30” knippert in het bovenste schermsegment.
3. Druk op “ENTER” om uw selectie te bevestigen.
4. Het standaard intervalaantal “CYCLE 10” (cycli 10) knippert in het bovenste
5. Gebruik de toetsen “ / ” om het totaal aantal intervallen in te stellen (1 ~
6. Druk op “ENTER” om uw instellingen te bevestigen.
7. Druk op “START” om te beginnen met de training en begin met roeien.
Het programma start pas als u begint te roeien. OPMERKING: U kunt op elk moment op de toets “STOP” drukken om het programma te beëindigen. Het trainingsoverzicht wordt weergegeven op het scherm. OPMERKING: U kunt het weerstandsniveau (1 ~16) op elk moment tijdens de training wijzigen met de draaiknop en een aantal van de metingen op het scherm worden dan aangepast. INTERVAL CUSTOM
1. Zorg ervoor dat de console is ingeschakeld.
“SELECT PROGRAM OR QUICK START” (selecteer programma of snelstart) loopt door het bovenste segment van het scherm.
2. Gebruik de toetsen “ / ” om de programmamodus te selecteren.
“ INT CUST” (interval aangepast) knippert in het bovenste schermsegment.
3. Druk op “ ENTER” om uw selectie te bevestigen.
4. De standaard werksegmenttijd “WORK 20” (werk 20) knippert in het bovenste
5. Gebruik de toetsen “ / ” om de werksegmenttijd in te stellen (5 ~ 599
6. Druk op “ENTER” om uw instellingen te bevestigen.
7. De standaard rustsegmenttijd “REST 10” (rust 10) knippert in het bovenste
8. Gebruik de toetsen “ / ” om de restsegmenttijd in te stellen (5 ~ 599
9. Druk op “ENTER” om uw instellingen te bevestigen.
10. Het standaard intervalaantal “CYCLE 10” (cycli 10) knippert in het bovenste
11. Gebruik de toetsen “ / ” om het totaal aantal intervallen in te stellen (1
12. Druk op “ENTER” om uw instellingen te bevestigen.
13. Druk op “START” om te beginnen met de training en begin met roeien.
Het programma start pas als u begint te roeien. OPMERKING: U kunt op elk moment op de toets “STOP” drukken om het programma te beëindigen. Het trainingsoverzicht wordt weergegeven op het scherm. OPMERKING: U kunt het weerstandsniveau (1 ~16) op elk moment tijdens de training wijzigen met de draaiknop en een aantal van de metingen op het scherm worden dan aangepast.
BESTELLING VAN VERVANGENDE ONDERDELEN
Voor een snellere afhandeling van uw bestelling vragen wij u de volgende elementen onder bereik te houden alvorens onze Klantendienst te bellen: De naam of de referentie van het artikel. Het fabricagenummer dat op het hoofdframe en op de verpakking staat vermeld. Klantendienst E-mail: service-nl@carefitness.com Trainen met de Air Rower Controleer voor de training of:
- U voldoende ruimte heeft, d.w.z. Minimaal 60 cm (2 ft) ruimte aan beide zijden. bouten en borgpennen vastzitten en uitsteken. Controleer alle bouten en pennen ook op slijtage, vervang
- Alle onderdelen bij twijfel voor u het apparaat gebruikt.
- Gebruik uw Air Rower altijd op een vlakke, stevige ondergrond.
- Werk altijd binnen uw trainingsniveau, werkt niet tot u uitgeput bent.
- Als u pijn heeft of zich onaangenaam voelt STOP ONMIDDELLIJK MET DE TRAINING
- Gezondheidsschade kan worden veroorzaakt door onjuist of overmatig trainen.
- Zorg dat u de veiligheidsrichtlijnen heeft gelezen.
- Raadpleeg uw arts om er zeker van te zijn dat het voor u niet gevaarlijk is om een inspannend trainingsprogramma te volgen.
- Trek de handgreep recht naar achteren met beide handen.
- Laat de handel niet tegen de trekkabelbescherming schieten.
- Roei niet met maar een hand, verkeerd gebruik van de trekkabel kan letsel veroorzaken.
- Draai de trekkabel nooit en trek niet van de ene naar de andere kant.
- Zorg dat uw kleding niet tussen het zittingkarretje op de roeirails komt.
- Houd er rekening mee dat de zitting naar voren rolt op de roeirails als deze niet in gebruik is.
- Controleer of u de Juiste roeitechnieken gebruikt zoals hieronder weergegeven: A. Voorwaartse lichaamshouding bij de “START” De schenen mogen niet verder dan verticaal zijn, en de lichaamshouding voorwaarts mag niet groter zijn dan 30 graden. Het moet voelen als een comfortabele hoeveelheid voorwaartse strekking.
B. Coördineren van het “TREKKEN” Begin het trekken door uw benen omlaag te drukken, houd de armen recht en verander de hoek van de rug nog niet. Als uw benen ongeveer half uitgestrekt zijn, begint u uw rug te openen. Tot slot eindigt u het trekken door de handgreep helemaal naar uw buik te trekken. C. Achterwaartse beweging bij het “EINDE” Uw rug moet ongeveer 25 graden voorbij verticaal bewegen aan het einde van de slag. Deze achterwaartse positie moet comfortabel aanvoelen, niet gespannen. U moet voelen dat uw buikspieren moeten werken als u in de eindpositie zit. Neem rekoefeningen op in uw trainingsroutine. Verschillende pijnen kunnen worden verminderd of voorkomen door wat tijd te steken in rekken zonder veren. Begin elke training met enkele minuten rustig roeien als warming-up. Neem minimaal 5 minuten om de intensiteit op te bouwen voor een zware work-out. Begin uw trainingsprogramma rustig en bouw op naar zwaar werk. Als u meer dan een week niet heeft geroeid, doet u het rustig aan bij de eerste keer. Verwacht niet dat u meteen weer verder kunt waar u gebleven bent en probeer geen intensief intervalwerk. Begin met constant roeien op een aangename snelheid en probeer de intensiteit rustig op te bouwen via verschillende intervallen van 1-3 minuten vanaf de volgende keer dat u roeit. Gebruik een weerstandsniveau van 8. De beste, algemene weerstandsinstelling voor een geweldige cardio-training ligt tussen 6-10. Roeien met een te hoog ingestelde weerstand kan afbreuk doen aan uw trainingsprogramma door uw output te verminderen en uw risico op blessures te verhogen.
Bij een lagere instelling moet u iets sneller zijn bij het toepassen van kracht, wat u, uiteindelijk, een betere work-out geeft. Ga voor een slagensnelheid/SPM van tussen 24 ~30 spm. Trek wat tijd uit voor een warming-up en begin heel licht. Verwacht niet dat u meteen een zware intervaltraining kunt doen. Het is belangrijk om uw lichaam voldoende rust te geven, ook al voelt u zich zo goed door het roeien dat u het elke dag wilt doen. We raden aan om minimaal een dag per week niet te roeien. Hierdoor krijgt u er nog meer zin in en heeft u de volgende dag een betere work-out. Roeien is een extreem effectieve vorm van training. Het versterkt het hart, verbetert de bloedsomloop en traint alle belangrijke spiergroepen - rug, middel, armen, schouders, heupen en benen. Roeien is ook vrij van schokken en u draagt geen gewicht, wat het heel geschikt en waardevol maakt als hulpmiddel bij herstel en revalidatie en voor mensen van alle leeftijden. De onderstaande afbeeldingen tonen de juiste lichaamspositie tijdens elk deel van de slag. START
- Strek uw armen recht uit richting het vliegwiel.
- Leun uw bovenlichaam iets naar voren met een rechte, maar niet stijve rug.
- Schuif naar voren op de zitting tot uw schenen verticaal zijn (of zo dicht mogelijk hierbij als uw flexibiliteit mogelijk maakt). PULLING
- Begin de slag door van de voetplaten af te drukken met uw benen.
- Houd uw armen recht en als uw benen recht zijn, leunt u iets naar achteren
- Voltooi de beweging door de handgreep naar uw lichaam te trekken, net onder de borst. RETURN
- Strek uw armen uit richting het vliegwiel.
- Leun uw bovenlichaam naar voren vanuit de heupen om de armen te volgen.
- Buig de benen geleidelijk om naar voren te schuiven met de zitting. Zorg ervoor dat uw armen zijn uitgestrekt vooru uw knieën buigt. FINISH Trek de handgreep helemaal in uw buik.
- Laat uw bovenlichaam iets naar achteren leunen. REPEAT
- Trek uw lichaam naar voren tot de schenen weer verticaal zijn.
- Het bovenlichaam leunt naar voren vanuit de heupen.
- De armen zijn volledig gestrekt.
- U bent nu klaar voor de volgende slag. OPMERKING:
Laat iemand naar u kijken om u te helpen uw lichaamsposities overeen te laten komen met de bovenstaande afbeeldingen. Deze posities moeten in elkaar overlopen voor een soepele en doorlopende slag zonder te stoppen bij een van de posities in de slag. Uw greep moet los en comfortabel zijn en uw polsen niet gebogen tijdens het roeien. Zorg ervoor dat de vingers niet binnen de rails worden gehouden bij het verplaatsen van het product. Als u uw trainingspositie moet aanpassen en uzelf moet vasthouden aan het roeiapparaat, zorg er dan voor dat u de onderzijde van de zittingbekleding vastgrijpt.
Notice-Facile