HQ738155E - Inbouwoven SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HQ738155E SIEMENS in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over HQ738155E SIEMENS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Inbouwoven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HQ738155E - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HQ738155E van het merk SIEMENS.
GEBRUIKSAANWIJZING HQ738155E SIEMENS
Le four se met en marche.
GEBRUKSAANWIJZING 55
Belangrijke veiligheidsvoorschriften 55
Oorzaken van schade. 58
Uw neue apparatus 58
Het bedieningspaneel 59
De kookplaat 59
De oven 60
Toebehoren 60
Voor het eerste gebruik 61
Tijd instellen 61
Oven verwarmen 61
Branderdeksels en -kelken reinigen 61
Toebehoren reinigen 61
Zo bedient u de kookplaat. 61
Gas-kookzones bedienen 61
Zo bedient u de oven 62
Oven in- en uitschakelen 62
Geluidssignaal instellen 62
Automatische tijdschakeling instellen 62
Onderhoud en reiniging 63
Schoonmaakmiddelen 63
Binnenruimte voorzien van laagje email. 64
Apparaatdeur verwijderen en inbrengen 64
Wat te doeen bij storingen? 65
Ovenlamp verrangen 65
Servicedienst 65
Energie-en milieutips 66
Energie bespare met de oven 66
Energie bespare met de kookplaat. 66
Milieuvriendelijk afvoeren 66
INSTALLATIEVOORSCHRIFT 67
Veiligheidsvoorschriften 67
Vór de opstelling 67
Uitpakken 67
Apparaatklassen 67
Afmetingen van het apparatus 67
Aangrenzende meubels 67
Typeplaatje 68
Richtlijnen voor be- en ontluchting 68
Montage 68
Instelvoeten monteren 68
Spatbescherming monteren 68
Elektrische aansluiting. 69
Apparaat aansluiten 69
Gasaansluiting 69
Gasaansluiting aan het apparaat. 69
Voorinstelling van de brander 69
Toebehoren 69
Aardgas aansluiten 69
Vloeibaar gas aansluiten 70
Flexible slangen 70
Veiligheidsventiel installeren 70
Dichtheid controlleren 70
Ingebruikname 70
Omschakenaar eenandergastype 70
Kookzonebranders 70
Algemene koppentabel 71
Algemene koppentabel voor stadsgas 71
Positioneren en uitrachten 72
Apparaat positioneren 72
Apparaat afstellen 72
GEBRUIKSAANWIJZING
Belangrijke veiligheidsvoorschriften
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kurz u uw apparaat goed en veilig bedieren. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik of om door te gehen aan een volgende eigenaar.
Controleer het apparaat na het uitpakken.
Niet aansluiten in geval van transportschade.
Alleen een daartoe bevoegdvakman mag het toestel aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie. Neem voor de omschakeling maar een ander type gas contact op met de klantenservice.
Dit toestel is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Het toestel alleen gebruiken voor de bereiding van voedsel en drank, nooit om te verwarmen. Zorg ervoor dat het toestel alsijd onder toezicht gebruikt worden. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.
Dit apparaat is Niet bestemd voor gebruik met een externe tijsdschakelklok of een afstandbediening.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8aar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijkke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanner zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust+zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen nicht met het apparaat spelten. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen Niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8aar of ouder zich en onder toezurecht staan.
Zorg ervoor dat kinderen diejonger zijn dan 8aar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatsen. Zie beschrijving toebehoren in de gebruiksaanwijzing.
Veiligheidsventiel aansluiten op de gastoevoerleiding wanner het apparaat langereijd Niet in gebruik is.
WAT TE DOEN WANNEER HET NAAR GAS RUIKT!
Als er gas vrijkomt, kan dit leiden tot een explosie.
Worden er storingen aan de gasinstallatie/ gaslucht geconstasteerd
- Direct de gastoevoer of het ventiel van de gasfles sluiten.
- Direct open vuur en sigaretten doven.
- Licht- en apparaatschakelaars nicht meer aanraken, geen stekker uit het stopcontact halen. InUISIGS (mobiele) telefoon gebruiken.
- Ramen openen en de ruimte goed luchtten.
Telefonisch contact opnemen met de klantenservice of de elektriciteitsmaatschappij.
Gevaar van verstikking!
Door het gebruik ontstaan er verbrandingsproducten, warmte en vocht in de ruimte waarin het gaskooktoestel zich bevindt. Let erop dat deze ruimte goed worden geventileerd. De natuurlijke ventilatieoppeningen要去en open worden gehonden of er dient een mechanische ventilatie-inrichting voorhanden te zijn (bijv. een stofafzuigkap). Bij intensief en langdurig gebruik van het toestel kan extra ventilatie, bijv. een open raam, of een effectievere ventilatie, bijv. het gebruik van een beschikbare mechanische ventilatie-inrichting op een hoger vermogensniveau, vereistহ.
Risico van brand!
Wonneer de apparaatdeur geopend worden, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten. Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier algijd met een vom. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het bakpapier mag Niet uitsteken over de toebehoren.
- Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard+kunnen vlam vatten. Geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte bewaren. Nooit de deur openen wanner er sprake is van rookontwikkeling in het toestel. Schakel het toestel uit en haal de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Gastoevoer afsluiten.
Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken.
- De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen.
- Het apparaat wordt zeer heet, brandbaar materiaal kan vlam vatten. Nooit brandbaar materiaal (bijv. sprayflacons, reinigingsmiddelen) onder het apparaat of in de onmiddelijkne nabijheid ervan opslaan of gebruiken. Nooit brandbare voorwerpen op of in het apparaat leggen.
Wanner er gas-kookzones inseschakeld waar waar geen kookgerei op staat, worden erijdens het gebruik zeer veel warmte ontwikkel. Het toestel en eenaarboven aangebrachte afzuigkap hunnen beschadigd raken of vlam vatten. Vetresten in de filter van de stofafzuigkap hunnen vlam vatten. Gebruik de gaskookzones alleen wanner er kookgerei op staat.
- De hinterkant van het toestel wordt zeer heet. Dit kan leiden tot beschadiging van de aansluitleidingen. Elektriciteits- en gasleidingen mogen nicht met de hinterkant van het toestel in aanraking komen.
Risico van verbranding!
- Het toestel worden zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat.altijdlaten afkoelen.Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hete toebehoren en vormen alkijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
Alcoholdampen können in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleenkleine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen. - De kookzones en hun omgeving, in het bijzonder de omlijsting van de kookplaat, worden erg heet. Nooit de hete vlakken aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt�n.
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt+zijn.
Wanneer er leeg kookgerei op ingeschakelde gas-kookzones staat, worden dit zeer heet. Nooit leeg kookgerei verwarmen.
Kans op verbranding!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt+zijn.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkommen. De deur van het
toestel voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
- Door water in de hete binnruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenuimte gieten.
Risico van letsel!
Wanner er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
- Ondeskundige reparations zijn gevaarlijk. Reparations en verrangingen van beschadigde elektriciteits- en gasleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici dieijken geinstrueerd door de klantenservice. Is het toestel defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit, de gastoevoer sluiten. Contact opnemen met de klantenservice.
Storingen of beschadigingen aan het apparaat�n gevaarlijk. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekkeruit het stopcontact halen of de zekering in demeterkast uitschakelen. Gastroevoer afsluiten. Contact opnemen met de klantenservice.
Wanneer de pannen onjuiste afmetingen hebben, beschadigd of verkeerd geplaatst zich, kunden ze ernstig letselveroorzaken. Neem de aanwijzingen voor het kookgerei in acheit
- Wordt het toestel onbevestigd op een Sokkel geplaatst, dan kan het hiervan afglijden. Het toestel要去 goed aan de dokkel worden bevestigd.
Kans op een elektrische schok!
- De kabelisolation van hetetoestelonderdelen kan smelten. Zorgervoor dat er nooit aansluitkabels vanelektrische toestellen in contactkommenet hete onderdelen van het apparaat.
■ Binnendringend vocht kan een schokveroorzaken. Geen hagedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
Bij verranging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot verranging overgaat de netstekker uith het stopcontact trekken of schakel dezekering in de meterkast uit.
Oorzaken van schade
Kookplaat
Attentie!
- Gebruik de kookzones alleen wanner er kook- of bakgerei op staat. Verwarm geen lege pannen. De bodems van de pannen raken dan beschadigd.
- Overgelopen voedsel direct verwijderen. Gebruik voor gerechten met veel vloeistof hoge pannen. Dan kan er niets overkoken.
- Gebruik geen braadpan wonneer deze door twee branders verwarmd要去en worden. Er onstaat dan een opeenhoping van warmte. Het apparaat kan beschadigd worden.
Tijdens het koken op de gas-kookzones komt extra warmte en vocht vrij. Aangrenzende meubels können op den duur beschadigd raken. Schakel bij een langere kookitijd de afzuigkap in of ventileer de ruimte.
Houd u bij speciala bak- en braadgerei aan de aanwijzingen van de fabrikant. Aluminium folie en kunststof vormen smelten vast aan de hete kookzones.
Zet de pan midden boven de brander. Daardoor worden de warmte van de brandervlam optimaal aan de panbodem doorgegeven. Handvatten of stelen worden nicht beschadigd, en er worden een hogere energiebesparing gerealiseerd.
Let erop dat de gasbranders schoon en droog+zijn. Het branderdeksel moet alttijd exact op de branderkelk liggen.
Oven
Attentie!
-
Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen folie, van welk type dan ook, of bakpapier op de bodem van de binnenruimte leggen. Plaats geen vormen op de bodem van de binnenruimte. Er ontstaat dan een opeenhoping van warmte. De bak- en braadtijden kloppen Niet meer en het email worden beschadigd.
-
Toebehoren inschuiven: afhankelijk van het type toestel kuren de toebehoren krassen geven op de deur. Toebehoren algijd tot de aanslag in de binnenruimte schuiven.
Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte giieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door deverandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan.
Vochtige levensmiddelen: Geen vouchtige levensmiddelen langere tijd in de afgesloten binnenruimte bewaren. Het email raakt dan beschadigd.
Vruchtensap: De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak Niet te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt,That vlekken ache ter die nicht更是kunden worden verwijderd. Gebruik zo möglichk de diepere braadslede.
■ Afkoelen met open apparaatdeur: De binnenruimte alleen latent afkoelen wonneer deze afgesloten is. Ook wonneer de deur slechts op een kier openstaat, kan de voorzijde van aangrenzende meubels op den duur worden beschadigd. - Sterk verwulde overdichting: Is de overdichting sterk verwulld, dan sluit de ovendeurijdens het gebruik Niet meer goed. De voorzijde van aangrenzende meubels kan worden beschadigd. De overdichting alsijd schoon honden.
- Ovendeur als vlak om iets op te zetten: Niets op de open ovendeur leggen ofplaatsen. Niet aan de ovendeur hangen.
Apparaat transporteren: Het apparaat Niet aan de deurgreep vasthouden of dragen. De deurgreep houdt op den duur het gewicht van het apparaat Niet en kan afbreken.
Zware toebehoren: Zwaar beladen toebehoren Niet te ver maar buiten trekken zonder deze te ontlasten. Zware toebehoren kantelen wonneer ze�aar buiten worden getrokken. Er ontstaat een druk op de ribben van de binnenruimte, waardoor het email kan worden beschadigd. Ontlast deaar buiten getrokken toebehoren door ze met een hand een beetje op te tillen. Let op! Bij hare toebehoren.altijd een pannenlap gebruiken.
■ Grillen: De bakplaat of braadslede bij het grillen Niet boven hoogte 3 inschuiven. Door de sterke ditte verrormen ze en bij verwijdering beschadigen ze het email. Gril bij hoogte 4 en 5 alleen direct op het rooster.
Uw neue apparaat
Hier leert u uw nieuwe apparaat kennen. U krijgt zowel informatatie over het bedieningspaneel en de kookplaat als over de verwarmingsmethoden en toebehoren.
Afhankelijk van het apparaattype zijn detailafwijkingen möglichk.

Verklaring
| 1 | Stoomuitlaat |
| 2 | Spatbescherming |
| 3 | Kookplaat |
| 4 | Bedieningspaneel |
| 5 | Oven |
| 6 | Opbergvak |
Het bedieningspaneel

Verklaring
| 1 | Elektronische klok |
| 2 | Bedieningsknop oven temperatuur |
| 3 | Indicatielampje oven |
| 4 | Bedieningsknop oven functies |
| 5 | Bedieningsknop gas-kookzones |
De kookplaat

Verklaring
| 1 | Sterke brander (3,0 kW) |
| 2 | Wokbrander (3,9 kW) |
| 3 | Normale brander (1,8 kW) |
| 4 | Stoomuitlaat |
| 5 | Saarbrander (1,0 kW) |
Soorten gasbranders
| Gasbrander | Diameter van de pan |
| Saarbrander | 12 - 14 cm |
| Normale brander | 16 - 24 cm |
| Sterke brander | 18 - 26 cm |
| Wokbrander | 18 - 26 cm |
Bedieningsknoppen kookzones
Met deze bedieningsknoppen=kunt u het verwarmingsvermogen van de gasbranders van de kookzone instellen.
Aan de hand van de symbolen boven de bedieningsknoppen Aunt u zien bij welke gasbrander de bedieningsknop hoort.
| Stand | Betekenis |
| ● | Uit |
| ◇ | grote vlam, hoogste stand |
| ◆ | spaarvlam = laagste stand |
Toebehoren
| Toebehoren | Beschrijving |
| Espresso-opzetring | |
| Opzetring voor een effestsvan; om op de spasoorbrander te leggen. |
Extra toebehoren
Extra toebehoren kurz u kopen bij de klantenservice of in specialzaken.
Extra toebehoren Beschrijving

Wok-opzetring
Opzetrung voor een wok, om op de wokbrander te leggen.
Bij gebruik van de wok-opzerting konnen vormen met een grotere diameter dan 26 cm worden gebruikt (wokpan, braadpannen, kookpannen, gerei met gewelfde bodems etc.).
Klantenservicenummer: 741706
Vrijkomendstoom
Risico van verbranding!
Uit de stoomuitlaat van de kookplaat stroomt hete lucht uit de oven. Raak de stoomuitlaat nooit aan.
Let er bij apparaten met een afdekplaat op dat de branders in de oven ook alleen bij een geopende afdekplaat moot worden ingeschakeld.
De oven
Om de oven te bedieren heeft u twee bedieningsknoppen nodig. De functiekeuzeknop en de temperatuurknop.
Bedieningsknop oven
Functiekeuzeknop
Met de functiekeuzeknop stelt u de functies in.
| Symbool | Betekenis |
| □ | Boven- en onderwarmte |
| □ | Onderwarmte |
| □ | Grill |
| □ | Grill, groot |
| □ | Circulatiegrill |
| □ | Boven- en onderwarmte & hete lucht |
| □ | Hete lucht |
| □* | Ontdooistand |
Temperatuurkeuzeknop
Met de temperatuurknop stelt u de temperatuur in.
| Stand | Betekenis |
| ● | Uit |
| 50 - 260 | Temperatuurbereik in °C |
Tussen de standen 260 en o bevindt zich een aanslag. Nicht verder draaien.
Toebehoren
De toebehoren kuren op 4 verschillende hoogtes in de binnenruimte geschoven worden. Altijd tot de aanslag inschuiven, zodate ze de deurruit Niet raken. Let erop dat u de toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatst.

U=kunt de toebehoren tot twee derde maar buiten trekken zonder dat ze kantelen. Zo können de gerechten gemakkelijk worden uitgenomen.
Wanneer de toebehoren heet worden,{kunnen ze cervormen. Zodra ze wee aufgekoeld zich,verdwijnt de cervorming en de werking worden hierdoor Niet beinvloed.
Toebehoren=kunt u nabestellen bij de klantenservice, in de vakhandel of via Internet.
| Toebehoren | Beschrijving |
| Bak- en braadrooster | |
| Voor servies, taartvormen, braad, grillstukken en diepvriesgerechten. | |
| Geëmailleerde bakplaat | |
| Voor vochtig gebak, taarten, diepvriesgerechten en grote braadstukken. Onder het rooster of de draaispit geschoven ook te gebruiken als vom om het vet op te van-gen. |
Met de elektronische klok kurz u de oven regelen. Zo kurz u bijv. vooraf het tijdstip instellen waarop de oven要去 inschaken of waarop het bak- of kookproces door de automatische tijdsinschakeling dient te worden beeindigd. De elektronische klok kan ook als kookwekker worden gebruikt.



→

一

+
Functietoetsen
U kiest de functie uit door meerereKaren op de betreffende functietoets te drukken. Met de toetsen ^+ en - stelt u de tijsdsduur of de tijd in. Op het display kurz u de ingestelde waarden aflezen.
| Symbool | Betekenis | Gebruik |
| △ | Kookwekker | Tijdsduur instellen |
| →I | Einde werkingsduur | Tijd instellen voor automatisch uitschakelen |
| I→I | Werkingsduur | Tijdsduur instellen voor automatisch uitschakelen |
| - | Min | Tijdsduur ofijd verkarten |
| + | Plus | Tijdsduur ofijd verlungen |
Het opbergvak
Open het opbergvak door de wandplaat waar beneden te klappen.

In dit vak kunt u de toebehoren van de kookplaat of oven bewaren.
Risico van brand!
Geen brandbare voorwerpen in het opbergvak bewaren.
Voor het eerste gezruik
Hier vindt u alles wat u要去 doen voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met de oven of de kookplaat. Lees eerst het hoofdstuk Veiligheidsvoorschriften.
Verwijder de verpakking van het apparaat en voer deze volgens voorschrift af.
Tijd instellen
1.Drukgelijktdigopdefunctietoets I I en I
2. Stel met de functietoetsen + en - de actuèle hijd in.
Na enkele seconden worden de tijd overgenomen.
Oven verwarmen
Binnenruimte voorreinigen
Neem de toebehoren uit de ovenruimte. Verpakkingsresten, zoals stukjes piepschuim, dienen volledig uit de ovenruimte verwijderd te worden. Enkele onderdelen zichn voorzien van kraswerende folie. U dient deze te verwijderen.
- Reinig de buitenkant van het apparaat met een zachte, vochtige doek.
- Verwijder de inhangroosters wanneer deze al zich aangebracht. Volg hiervoorde aanwijzingen op in de paragraaf "Inhangroosters verwijderen en inbrengen".
- Maak de binnenruimte schoon met warm zeepsop.
Oven verwarmen
Om de geur van het neue te verwijderen, warmth u de lege, gesloten oven op.
-
Draai de functiekeuzeknop op de functie Boven- en onderwarmte.
-
Draai de temperatuurknop op de maximale temperatuur.
- Schakel de oven na 40 minutes aft.
Binnenruimte nareinigen
Maak de binnenruimte schoon met warm zeepsop. Plaats de inhangroosters.
Branderdeksels en -kelken reinigen
HiervoorGaatualsvolgttewerk:

- Maak de branderdeksels (A) en -kelken (B) schoon met water en afwasmiddel.
- Droog de onderdelen goed af.
- Plaats de betreffende branderkelk (B) op de kookzone (C).
- Leg de branderdeksel (A) precies op branderkelk (B).
Toebehoren reinigen
Reinig de toebehoren eerst grondig met warm zeepsop en een afwasdoek voordat u ze gebruikt.
Zo bedient u de kookplaat
Let er bij apparaten met een afdekplaat op dat de kookzones alleen bij een geopende afdekplaat moot worden ingeschakeld.
Gas-kookzones bedienen
Let erop dat de brandenderdeksen als tijd exact op de branderkelk zit. De sleuven bij de branderkelk要去en vrij়. Alle onderdelen dieren droog te+zijn.
Let erop dat er bij de kookzone geen directe trek ontstaat door airco's, ventilatoren, e.d.
Gasbrander inschakelen
- Druk op de bedieningsknop voor de gewenste kookzone en draai deze maar de stand .
De gasbrander ontsteekt. - Houd de bedieningstoets enkele seconden lang ingedrukt, tot de vlam is gestabiliseerd.
- Stel het gewenste vermogen in.
| Stand | Betekenis |
| ♀ | spaarvlam = laagste stand |
| ♂ | grote vlam, hoogste stand |
Tussen de stand ● en is de vlam nicht stabel. Kies waarom algijd een stand tussen en .
Gasbrander uitschakelen
Draai de bedieningsknop voor de gewenste kookzoneaar de stand
Wanner de vlam weeer uitgaat
Schakelt u de bedieningsknopuit. Wacht een minuut en herhaal punt 1 tot 3.
Risico van brand!
Wanner de vlam uitgaat, stroomt gas waar buiten. Houdt algijd toezicht wanner de gasbranders in werkig zich. Let erop dat er geen spijzen overkoken of dat er bij het koken geen,tocht ontstaat.
Wanner de gasbrander Niet kan worden aangezet
Bij een stroomonderbreking of vochtige ontstekingskaarsenkest u de gasbrander aansteken met een gasaansteker of een lucifer.
Zo bedient u de oven
U heeft de möglichkheid de oven op verschillende manieren in te stellen. U=kunt de oven regelen via de elektronische klok.
Functies
| Functie | Toepassing | |
| □ | Boven- en onder-warmte | Voor cake in vormen, ovenschotels, magere braadstukken van rund- en kalfsvlees en wild. |
| □ | Onderwarmte | Voor au bain-marie-toepassingen, zoals crema catalana, of voor het inkoken. Ook voor het verbeteren ach-teraf, wanner de bodem nicht geheel doorbakken is |
| □ | Grill | Voor afzonderlijke porties of Kleinere hoeveelheden steaks, worstjes, vis en toast. |
| □ | Grill, groot | Voor steaks, worstjes, vis en toast. |
| □ | Circulatiegrill | Voor bevogelte en grotere stukken vlees. |
| □ | Boven- en onder-warmte & hete lucht | Voor taarten en gebak met een zeer vochtige vulling. |
| Functie | Toepassing | |
| ® | Hete lucht | Voor taarten, cakes, pizza's en gebak op twee niveaus, om te braden en te drogen. |
| ®* | Ontdooistand | Voor het ontdooien van vlees, gevo-gelte, vis en gebak. |
Oven in- en uitschakelen
Oven inschakelen
Houd de apparaatdeurijdens het gebruik steeds gesloten.
- Draai de functiekeuzeknop op de gewenste functie.
- Draai de temperatuurknop op de gewenste temperatuur. De oven.gaat aan.
Wanner de oven warm wordt, brandt het indicatielampje. In de verwarmingspauzes gaat het UIT.
Oven uitschakelen
1.Draai de functiekeuzeknop in de stand
2. Draai de temperatuurknop in de stand De oven schakelt zichzelfuit.
U kurz de elektronische klok met de hand bedieren. Eerst op de betreffende functietoets drukken en cervolgens de tijd of de tijsdsduur met de toetsen + en - instellen. De ingestelde waarde worden overgenomen.
U=kunt de instellingen ook tijdens het gebruik veranderen of wissen en het proces zo afbreken.
1.Druk op de betreffende functietoets. Het symbol is verlicht.
2. Wijzig de instellingen met de toetsen + en-.
Installingen wissen
1.Druk op de betreffende functietoets . Het symbol is verlicht.
2. Druk op de toets -, tot 0·00 op het display verschijnt.
3. Wanneer de automatische tijsdschakeling in gebruik is geweest schakelt u de ovenuit.
Geluidssignaal instellen
U kurz kiezen:tussen drie tonen op een moment dat er geenprogramma loopt.
Druk herhaaldelijk op de toets - tot u het gewenste geluid hoor. Het geluid worden overgenomen.
Na de elektrische aansluiting van het apparaat of een stroomonderbreking verschijnen er drie nullen op het display.
Tijd instellen
U=knt de tijd alleen instellen wanner er geen andere functie worden gebruikt.
1.Drukgelijktiigodipodefunctietoets 工 工 en 工
2. Stel met de functietoetsen + en - de actuèle tijd in.
Kookwerker instellen
De kookwekker loopt anscheruit en geeft na afloop van de ingestelde tjidsduur een geluidssignaal. De kookwekker heeft geen invloed op de functies van de oven.
Tijdsduur instellen
1.Druk op de toets
2. Stel met de functietoetsen + en - de tijsdsuur in. Het symbool wordt op het display weergegeven.
3. Om de resterende tijsduur op het display wee ter given, drukt u op de toets
Aan het einde van de ingesteldeijd klinkt een signal.
Automatische tijdschakeling instellen
Via de elektronische klok kurz u de oven automatisch uit- of inen uitschakelen.
Automatisch uitschakelen
Werkingduur instellen
- Draai de functiekeuzeknop op de gewenste functie.
- Draai de temperatuurknop op de gewenste temperatuur. De oven.gaat aan.
3.Druk op de functietoets I I - Stel met de toetsen + en - de werkingsduur in. De oven start en op het display verschijnt het symbol A en de actuèleijd.
De werkingsduur is afgelopen
Er klinkt een signaal en op het display verschijnt het symbol met de actuèlearend.
De oven gaat UIT.
Wilt u het signaal voortijdig beeindigen, druk dan op een van de functietoetsen.
Automatisch in- en uitschakelen
Het bakken of braden begint voor de ingestelde tijdsduur op een door u gekozen, laterijdstip.
Werkingsduur instellen
- Draai de functiekeuzeknop op de gewenste functie.
- Draai de temperatuurknop op de gewenste temperatuur. De oven.gaat aan.
- Druk op de functietoets I I
- Stel met de toetsen + en - de werkingsduur in.
De oven start en op het display verschijnt het symbol A en de actuèleijd.
Einde werkingsduur instellen
1.Druk op de toets I.
Op het display wordt de actuèleijd samen met de werkingsduur weergegeven.
- Houd de toets ingedrukt en wijzig het einde van de gebruikstijd met de toetsen + en-.
De oven schakelt uit en start later automatisch. Op het display verschijnt het symbol A en de actuèleijd.
De werkingsduur is afgelopen
Er klinkt een signaal en op het display verschijnt het symbool met de actuèleijd.
De oven gaat UIT.
Wilt u het signala voortijdig beeindigen, druk dan op een van de functietoetsen.
Onderhoud en reiniging
Wanner u de oven goed verzorgt en schoonmaakt, blijft hij lang mooti en intact. Hieronder wordt uitgelegd hoe u de oven op de juiste manier verzorgt en schoonmaakt.
Aanwijzingen
Geringe kleurverschillen op de voorzijde van de oven zijn het gevolg van het gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
Schaduwen op de ruit van de deur, die eruit zich als strepen, zichlichtreflexen van de ovenlamp.
Het email wordeningebrand op zeer hoge temperaturen. Hierdoor kuren erkleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normal en heeft geen nadelige invloed op de werkung. De smalle randen van de bakplaten kuren Niet volledig worden geemailleerd. Ze kuren waarom ruw zijn. De bescherming gegen corrosie blijft hierbij intact.
Kans op een elektrische schok!!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hagedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
Risico van verbranding!
Het toestel worden zeer heet. Nooit de hare vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat.altijd latent afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt+zijn.
Schoonmaakmiddelen
Om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen beschadigd worden, dient u zich te honden aan de volgende aanwijzingen.
Gebruik
voor de kookplaat
- geen onverdunde middelen voor de vaatwas of reinigingsmiddelen voor de vaatwasmachine
- geen schuurmiddelen, geen krassende sponzen
- geen agressieve reinigingsmiddleslen, zoals ovensprays of middelen om vlekken te verwijderen
- geen hagedrukreinigers of stoomstraalapparaten.
Gebruik
voordeoven
- geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen
- geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen
jeen harde schuur- of schoonmaaksponsjes - geen hagedrukreiners of stoomstraalapparaten.
Was neue vaatdoekjes voor het gebruik goed UIT.
| Bereik | Schoonmaakmiddelen |
| Buitenzijde apparaat | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
| Roestvrij staal | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken.altijd onmiddelijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan gemakkelijkCORROSIE ont-staan.Bij de klantenservice of in de vakhandel zichn speciale schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal verkrijgbaar die geschikt zichn voor warme oppervlakken. Het schoonmaakmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. |
| Aluminium en kunst-stof | Glasreiniger: met een zachte doek schoonmaken. |
| Gaskookplaat en pannenhoulders | Warm zeepsop.Weinig water gebruiken, het mag Niet door de brandonderdelen in het toestel komen.Overgelopen voedsel en kookrestendirect verwijdersen.U(Int)de pannenhoulders afnemen.Pan-nenhoulders nicht in de vaatwasmachine reinigen. |
| Gasbranders kook-zone | Verwijder de branderkelken en -deksels, schoonmaken met zeepsop. De gasuitlaatopeningen要去en algijd vrijelijk. Ontstekingskaarsen:kleine zachtebor-stel. De gasbranders functioneren alleen wan- neer de ontstekingskaarsen schoon+zijn. Alle onderdelen goed drogen. Let er bij het terugplaatsen op dat ze precies goed zitten. De branderdeksels zich twart geëmail-leerd. In de loop van de tijd verandert de kleur. Dit heeft geen invloed op de wer-king. Branderdeksels Niet in de vaatwasma-chine reinigen. |
| Oppervlakken van email (glad oppervlak) | Om de ruiten gemakkelijker schoon te makekunt u de verlichting van de bin-nenruimte inschakelen en eventuele de apparaatdeur verwijderen. Een in de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel of azijnwater met een zachté, vochtige doek of Zoem opbrengen; met een zachtedeok nadrogen. Gebruik een vochtig doekje met schoonmaakmiddel om inge-brande voedselresten te latent weken. Bij sterke verontreiniging raden wij u oven-reiniger in gelfvorm aan. Deze kan direct op de betreffende plek worden opge-bracht. De binnenruimte na de reiniging open latent om te dorogen. |
| Zelfreinigende oppervlakken (ruw oppervlak) | Houd u aan de aanwijzingen in het hoofdstuk: Zelfreinigende oppervlakken |
| Ruiten van de deur | Glasreiniger: met een zachtde doek schoonmaken. Geen schraper gebruiken. |
| Glazen afters- ming van de oven-lamp | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen. |
| Afdichting Niet afnemen! | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen. Niet schuren. |
| Inschuiftrails | Warm zeepsop: laten weken en reinigen met een schoon-maakdoekje of borstel. |
| Toebehoren | Warm zeepsop: laten weken en reinigen met een schoon-maakdoekje of borstel. |
Binnenruimte voorzien van laagje email
De binnenruimte is voorzien van een laagje zelfreinigend@email.
De vlakken worden automatisch gereinigd verwijl de oven in gebruik is. Grotere speitters verdwijnen vaak pas nadat de oven meerdere malen is gebruikt.
Zelfreinigende oppervlakken
De zichwanden zijn voorzien van een laagje email. Maak deze vlakken nooit schoon met ovenreiniger. Een lichte verkleuring van het email heeft geen invloed op de zelfreiniging.
Apparaatdeur verwijderen en inbrengen
Om gemakkelijker schoon te makek Aunt u de apparaatdeur verwijderen.
Apparaatdeur verwijderen
Risico van letsell!
Wanner de scharnieren Niet beveiligd zich, klappen ze met große kracht dicht. Let erop dat de blokkeerhendels tijdens het verwijderen van de ovendeur—helemaal omhooggeklapt zich.
1.Ovendeur helemaal openen.
2. De beiden blockeerhendels links en rechts omhoogklappen. Let erop dat u de ovendeur nicht sluit wanner de blockeerhendels omhoog geklapt zich. De scharnieren können verbogen worden en er kan schade aan het email ontstaan.


- Ovendeur schuin zetten. Met beiden handen links en rechts vastpakken. Nog wat verder sluiten en eruit trekken.

Apparaatdeur inbrengen
- Let er bij het inbrengen van de ovendeur op dat de keep onder bij de scharnieren in de sleuf sluit.
- De bye blockeerhendels links en rechts waar maar beneden leggen en de ovendeur sluiten.


Risico van letsel!
Wanner de ovendeur er per ongeluk uityalt of een scharnier dichtklapt, het scharnier Niet met uw hand aanraken. Neem contact op met de klantenservice.
Wat te doeen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door eenkleinigheid. Raadpleeg de volgende tabel voordat u contact opneemt met de serviceddienst. Wellicht kunt u zich de storing verhelpen.

Risico van letsel!
Ondeskundige reparations konnen aanzienlijke risico's met zich meebrengen. Het apparaat mag alleen door een vakkracht
worden gerepareerd. Neem in het geval van een reparatie contact op met de klantenservice.
Storingstabel
| Storing | Mogelijk oorzaak | Oplossing / aanwijzing |
| Het apparaat werkt nicht. | Zekering defect | Kijk in de meterkast na of de zekering in orde is. |
| Stroomonderbreking | Controleer of de keukenverlichting werkt. | |
| De ovenverlichting is uitgevallen. | Ovenlamp defect | Vervang de ovenlamp. (Zie de paragraaf “Ovenlamp verrangen”) |
| De gasbrander ontsteekt nicht. | Stroomonderbreking of vochtige ontste- kingskaarsen | Steen de gasbranders aan met een gasaan- steker of een lucifer. |
| De vlam (oven) brandt nicht uit alle uit- laatoppeningen. | Normale verontreiniging | De brander要去 door een vakman worden schoongemaaakt. |
| Alle gerechten die in de oven worden klaargemaakt, verbranden binnen de kortstearend. | Thermostat defect | Neem contact op met de klantenservice. |
| De deurruit beschaat bij het verwarmen van de oven. | Normaal verschijnsel vanwege tempera- tuurverschil | Niet möglichk; geen invloed op de werkinq. |
Ovenlamp verrangen
Als de ovenlamp is uitgevalten,要去 deze worden verrangen. Temperatuurbestendige reservelampen kunt u kopen bij de klantenservice of in specialzaken. Vermeld a.u.b. het E-nummer en het FD-nummer van uw apparaat. Gebruikuitsluitend originele lampen.
- Schakel de zekering uit of haal de stekker uit het stopcontact.
- Open de apparaatdeur.
- Leg een theedoek in de onverwarmde binnenruimte, om schade te voorkomen.
- Verwijder de glazen afterscherming van de defecte ovenlamp in de binnenruimte door hem maar links te draaien.

- Vervang de ovenlamp door een van hetzelfde type.
Spanning: 230V
Vermogen: 25 W;
Schroefdraad: E14;
Temperatuurbestendigkeit: 300^
- Draai de glazen afterscherming van de ovenlamp wee in.
- Neem de theedoek UIT de oven en schakel de zekering weer in of steek de stekker wee in het stopcontact.
Druk op de functietoets voor de ovenverlichting tot deze inklikt om te controlleren of de oververlichting functioneert.
Servicedienst
Wonneer uw apparaat gerepareerd要去 worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Het adres en telefoonnummer van de dichtstbijzijnde servicedienst vindt u in het telefoonboek. Ook de aangegeven servicediensten konnen u helpen aan een service-adres bij u in de buurt.
E-summernFD-nummer
Geef wanner u contact opneemt met de serviceddienst alsijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van het apparaat op. U vindt het typeplaatje met de nummers aan de binnenkant van de klep van het opbergvak. Om in het geval van een storing Niet te lang te hoeven zoeken, kutu u hier direct de gegevens van uw apparaat invullen.
E-nr.
FD
Servicedienst
Energie- en milieutips
Hier krijgt u tips over de manier waarop u bij het bakken en braden in de oven en bij het koken op de kookplaat energia bespaart en het apparaat op de juiste manier afvoert.
Energie besparen met de oven
- De oven alleen voorverwarmen als dit in het recept of in de tabellen van de gebruiksaanwijzing is opgegeven.
- Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de hitte bijzonder goed op.
- Open de ovendeurijdens het garen, bakken of braden zo weinig möglichk.
- Meerdere taarten of cakes Aunt u het Beste na elkaar bakken. De oven is dan nog warm. Daardoor is de baktijd voor het tweede gerecht korter. U Aunt ook 2 rechthoekige bakvormen naast elkaar in de oven plaatsen.
Bij langere bereidingsstijden kut u de oven 10 minuten voor het einde van de bereidingsstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken.
Energie besparen met de kookplaat
■ Kies alkijd een pan die de juiste grootte heeft voor uw gerechten. Een grote, slechts weinig bevulde pan hebft veel energie nodig.
Sluit de pan.altijd af met een passend deksel.
Schakelijdig terug maar een lagere kookstand.
- De gasvlam moet altijd contact met de bodem van de pan hebben.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijkie manier af.

Dit apparaat beantwoordt aan de Europese richtlijn 2002/96/EG inzake gebruikte elektro- en elektronicaapparatuur (WEEE - waste electrical and electronic equipment). De richtlijn bildet het kader voor de terugname en verworking van gebruikte apparaten geldend voor de hele EU.
INSTALLATIEVOORSCHRIFT
Veiligheidsvoorschriften
Lees deze gelebruiksaanwijzing zorgvuldig door en bewaar hem goed. Alleen als de inbouw op deskundige wijze en conform dit installmentievoorschrift worden uitgevoerd, is de verilgheid bij het gelebruik gegarandeerd.
Alleen een daartoe bevoegd vakman mag het apparaat aansluiten.
Neem voor de omschakeling maar een ander type gas contact op met de klantenservice.
Bij schade of storingen door een verkeerde montage of installmentie is de monteur resp. de installmentaansprakelijk.
Voor de installmentie dienen de toepasselijkke bouwvoorschriften en de voorschriften van deplaatselijkke elektriciteits- en
gasmaatschappij te worden nageleefd (bijv. Duitsland: DVGW-TRGI/TRGF; Oostenrijk: ÖVGW-TR).
Sluit voor aanvang van alle werkzaamheden algijd de stroomen gastroevoer af.
De gevevens over de spanning, de gasdruk en het Gastype op het typeplaatje dienen met de plaatselijke aansluitvoorwaarden overeen te stemmen.
Elektrische apparaten要去en altijd geaard worden.
Wanner er een afzuigkap worden aangebracht, dient dit te gebeuren volgens het bijbehorende installmentatievoorschrift. Houd hierbij een minimale afstand van 750~mm tot de kookplaat aan.
Dit toestel nicht bij boten of vaartuigen inbouwen.
Vóró de opstelling
Deze gebruiksaanwijzing is voor meerdere modellen bestemd.
Afhankelijk van het model zijn detailafwijkingen möglichk.
Houd u aan de volgende opgaven voor het apparaat en de richtlijnen voor be- en ontluchting.
In dit hoofdstuk vindt u informatatie over
Het toestel uitypakken
de apparatusatklassen
deafmetingen van het toestel
de afstanden tot aangrenzende meubels
het typeplaatje
Uitpakken
Controleer het apparaat na het uitpakken. Bij transportschade mag u het apparaat Niet aansluiten.
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.
Apparaatklassen
Dit toestel voldoet aan de volgende apparaatklassen:
| Apparaatklasse | Beschrijving |
| Klasse 1 niet vlak aangebouwd kooktoestel | |
| Klasse 2 - subklasse 1 Kooktoestel direct aansluitend:tussen twee eenheden, bestaande uit een afzonderlijke eenheid, kan城县 oder ook zo worden geinstalleelrd dat de zich-wanden toegankelijk় |
Afmetingen van het apparatus
Houd u aan de aangegeven afmetingen.

Aangrenzende meubels
Aangrenzende meubels dieren uit nicht-brandhaar materiaal te bestaan. Aangrenzende voorzijden van meubels dieren tot minstens 90^ temperatuurbestendig te+zijn. Wordt het toestel direct in de buurt van andere eenheden geinstalleerd, dan dient u de in de afbeelding aangegeven minimale afstanden aan te honden.

Typeplaatje
U vindt de technische gegevens van het apparaat op het typeplaatje.
Het typeplaatje bevindt zich aan de binnenkant van de klep van het opbergvak.
De instelwaarden staan aangegeven op een sticker op de apparaatverpakking.
Voer productnummer (E-ner.), fabricagenummer (FD), fabrieksinstellungen voor Gastype / gasdruk en het eventuele omgezette gastype in de tabel onder in. De wijzigingen die aan
het toestel worden aangebracht en het type aansluiting zich Doorslaggebend voor een veilig en juist gebruik ervan.
| E-nr. | FD-nr. |
| Servicedienst | |
| Gastype / Gasdruk | |
| Fabrieksinstelling | |
| Gastype / Gasdruk | |
| Omschakeling |
Richtlijnen voor be- en ontluchting
Dit toestel mag alleen in een ruimte die voldoende kan worden geventileerd en volgens de geldende voorschriften en ventilatiebepalingen worden opgesteld.
Let erop dat het voor de verbrandingoodzakelijkle luchtvolume Niet lager mag+zijn dan 2m^3 per kW vermogen (zie kW totaalvermögen op het typeplaatje).
Voor toestellen met een totaalvermogen tot 11 kW volstaat het wanner de opstellingsruimte een inhoud vaneer dan 20m^3 heeft en tenminste een deur maar buiten heeft of een raam dat kan worden geopend.
Aanwijzing: In enkele landen bestaan er afwijkende eisen ten aanzien van de minimale kubieke inhoud. Vraag informatie aan bij uw klantenservice.
Montage
Dit apparaat worden als tijd met een set instelvoeten, afhankelijk van het model, een spatbescherming geleverd. Het toestel kan ook worden gezruikt zonder spatbescherming.
Instelvoeten monteren
- Verwijder alle nicht vast gemonteerde onderdelen, met name pannenhoulders en branders.
- Neem de toebehorenuitde oven.
- Til het apparaat aan een kant van de vloer af en kantel het.
- Schroef de instelvoeten in de opnameopeningen aan de onderkant van het toestel. Moet u daarna aan het toestel trekken, schroef de instelvoeten dan helemaal in.

- Nivelleer het apparaat pas definitief wanner de elektrische aansluiting, de gasaansluiting en alle installmentiewerkzaamheden afgesloten+zijn.
Spatbescherming monteren
- Verwijder de verpakking en de beschemfolie van de spatbescherming.
- Draai de 4 schroeven aan de achechterkant van het apparaat los.
- Plaats de spatbescherming met de hiervoor bestemde groeven op de schroeven.

- Plaats de 2 meegeleverde schroeven van bovenaf in de waar voor bestemde gaten in de spatbescherming.

5.Trek alle schroeven stevig aan.
Elektrische aansluiting
Alleen een daartoe bevoegdvakman mag het toestel aansluiten. Het apparaat dient volgens de{nieuwste IEE-richtlijnen (Institution of Electrical Engineers) te worden geinstalleerd. Bij een verkeerde aansluiting kan het toestel worden beschadigd.
Verzeker u ervan dat de spanningswaarde van het elektriciteitsnet overeenkomt met de aangegeven waarde op het typeplaatje. U vindt het typeplaatje aan de binnenkant van de klep van het opbergvak.
Zorg ervoor dat het elektriciteitsnet volgens voorschrift geaard is en de zekering en het betreffende kabel- en leidingsysteme bestand zijn gegen de belasting van het toestel.
Het is aan te bevelen het stroomcircuit van het toestel te beveiligien met een zekering van 16 ampère.
Let er bij het leggen van de kabel op dat:
de kabel nicht ingeklemd of bekneld worden.
de kabel bijv. nicht in contact kommt met snij- of scherpe kanten.
de kabel nicht in contact kommt met onderdelen die een temperatuur van meer dan 50^ boven kamertemperatuur konnen krijgen.
Apparaat aansluiten
Het toestel voldoet aan beveiligingsklasse 1 en mag alleen met een geaarde aansluiting worden gebruikt.
Bij alle montagewerkzaaamheden要去 het apparaat spanningsloos zich.
Het toestel mag alleen met de meegeleverde aansluitkabel worden aangesloten.
De bescherming gegen aanraking dient door de inbouw te zich gewaarborgd.
Alleen een daartoe bevoegd vakman mag het toestel aansluiten. Voor hem gelden de bepalingen van de regionale elektriciteitsmaatschappij.
Aansluitkabel zonder geaarde stekker
De installmentie dient te beschikken over een schakelaar met een contactopening van minstens 3mm . Fase- en neutraal- ("nul-") leider in het stopcontact identificeren. Bij een verkeerde aansluiting kan het toestel worden beschadigd.
Aansluiting op de nominale spanning 220-240 V. De aders van de hoofdleiding (netaansluiting) aansluten volgens de kleurcodering: groen-geel = aardleiding ± , blauw = (nul) neutraalleiding, bruin = fase (buitenleiding).
GB, IE, NZ, IL, DK en AU
Alleen een vaste aansluiting.
Aansluitkabel met geaarde stekker
Het toestel kan ook met de bijgevoegde geaarde stekker op een volgens voorschrift aangebracht geaard stopcontact worden aangesloten. Dit要去 na de inbouw toegankelijk+zijn. Is dit Niet het geval, dan要去 er op het apparaat een schakelaar met een contactafstand van minstens 3 mm worden aangebracht.
Gasaansluiting
Het apparaat dient te worden aangesloten volgens de op dat moment geldende voorschriften. Controlleroor voor de installmentie van het apparaat of deplaatselijke voorwaarden (gastype en -druk) en de apparaatinstelleningen met elkaar overeenkomen. De voorwaarden voor de apparaatinstelling vindt u op het typeplaatje. De aansluiting op de gasleidingen en de afdichtingen dient vakkundig en volgens de op dat moment geldende normen te worden uitgevoerd.
Gasaansluiting aan het apparatus
De gasaansluiting (EN ISO 228 G1/2) bevindt zich linksachter het toestel. De volgende aansluitingen zijn bij het apparaat gevoegt:

Elleboogstuk EN ISO 228 G1/2 -
EN 10226 R1/2 (met platte
afdichting)
Voorinstelling van de brander
De branders zijn vooraf ingesteld op aardgas G20 (20 mbar). Een set koppen voor vloeijaar gas G30/31 (28-30/37mbar) is bij het apparaat gevoed.
Toebehoren
Toebehoren kurz u nabestellen bij de klantenservice, in de vakhandel of via Internet.
Stadsgaskop G110 (8 mbar)
Stadsgaskop G120 (8 mbar)
Aardgas aansluiten
Gebruik alleen aansluitleidingen of flexibele slangen die voldoen aan de geldende voorschriften en voor dit doel zijn toegelaten.
- Schroef het adapterstuk (3) en de afdichting (2) vast aan de gasaansluiting (1).
- Houd met een sleutel het adapterstuk (3) vast en schroef het aansluitstuk aan een vaste aansluitleiding (4) of een flexible gas-aansluitslang.

Voor het afldachten van het schroefdraad alleen goedgekeurd afldichtingsmaterial gebruiken.
Vloeibaar gas aansluten
Wanner u het toestel op vloeijaar gas aansluit, moet u altijd een passende gasdrukregelaar installeren. Kijk op het typeplaatje voor het totale gasverbruik van het apparaat en kies dan een overeenkomstige gasdrukregelaar.
Gebruik alleen aansluitleidingen of flexibele slangen die voldoen aan de geldende voorschriften en voor dit doel zich toegelaten.
- Schroef de geribbbelde pijpnippel (3) en de afdichting (2) vast aan de gasaansluiting (1).
- Schuif een flexibele gas-aansluitslang (5) op de geribbelde pijpnippel (3).
3.Draai de klem (4) vast.

Voor het afldichten van het schroefdraad alleen goedgekeurd afldichtingsmaterial gebruiken.
Flexible slangen


Gebruikt u flexibele slangen, zorg er dan voor dat:
de slangen nicht ingeklemd of bekneld raken.
de slangen nicht worden onderworpen aan trek- of draaikrachten.
de slangen bijv. Niet in contact komen met snijkanten, scherpe kanten.
de slangen nicht in contactkommen met onderdelen die een temperatuur vaneer dan 70^ boven kamertemperatuur kunnen krijgen.
Zorg ervoor dat de slang in de volle lenghte toegankelijk is voor controles.
Veiligheidsventiel installeren
De montage van een veiligheidsventiel voor het openen en sluiten van de gastoevoer is verplicht. Bouw het veiligheidsventiel inussen de gastoevoerleidingaar de betreffende ruimte en het toestel.Zorg ervoor dat dit ventiel vrij toegankelijk is.
Dichtheid controlleren
Controleer na aansluiting van de gasleiding de dichtheid van de verbindingen met zeepsop.
Ingebruikname
Neem het toestel volgens de gebruiksaanwijzing in gebruik.
Steen alle branders aan en controllerer of de vlammen stabel bijn wanner ze hoog en laag+zijn ingesteld.
Omschakelen maar een ander gastype
Wonneer het apparaat Niet is ingesteld op het beschikbare gastype, dient het omgeschakeld te worden. Ook de omschakeling maar een ander gastype dient door een erkendvakman en met inachtneming van de geldende regelingen te worden uitgevoerd. Op het typeplaatje staat aangegeven welkgastype en welke gasdruk in de fabriek zichin ingesteld.
Het typeplaatje bevindt zich aan de binnenkant van de klep van het opbergvak.
Om maar een ander gastype om te schakelen,要去en de koppen worden verrangen en gedeelelijk dekleine stand en primaire lucht worden ingesteld.
Kookzonebranders
Koppen verrangen
1.Haal de stekker van het toestel uit het stopcontact.
2. Verwijder de pannenhoulders.
3. Verwijder de brandenderdeksels (A) en branderkelken (B) van de kookzone (C).

- Verwijder de kop (D) en verrang deze door een kop die geschikt is voor het neue gastype (zie paragraaf "Algemene koppentabel").

-
Vervang het gasetiket door het neue gasetiket dat bij de koppenset meegeleverd is.
-
Plaats de betreffende branderkelk (B) op de kookzone (C).
- Leg de betreffende brandenderdeksel (A) exact op de branderkelk (B).

- Plaats de pannenhoulders wee terug.
Minimale gastoevoer instellen
- Schakel de gasbrander in.
-
Draai de bedieningsknop voor de gasbrander in de richting van dekleine vlam.
-
Trek de bedieningsknop voor de gasbrander eraf.
- Draai aan de binnenste instelschroef tot er een goede, stabiele vlam brandt.
Draai de instelschroef los om de gastoevoer te verhogen of draai hem vast om de gastoevoer te verminderen.
Zorg ervoor dat de vlam Niet uitgaat bij een snelle wisseling tussen maximale en minimale gastoevoer.
De instelling is correct wanner de grootte van dekleine vlam ca. 3 tot 4 mm bedraagt.

- Plaats de bedieningskop voor de gasbrander wee terug.
Algemene koppentabel
| Type gas | mbar | kPa | Kop | Brandertype | vermogen(W) | vermogenmin. (W) | Verbruik max.G20 | G30 | G31 | |
| Nummer | Bypass | |||||||||
| Aardgas - NG | 20 | 2.0 | 115 (Y) | Spleet | Sterke brander | 3000 | 800 | 283 h | ||
| G20 | 97 (Z) | Spleet | Normale bran-der | 1800 | 500 | 167 h | ||||
| 72 (X) | Spleet | Saarbrander | 1000 | 400 | 97 h | |||||
| 135 (S) | Spleet | Wokbrander | 3900 | 1600 | 359 h | |||||
| Vloeibaar gas - LPG | 28 - 30/37 | 2.8 - 3.0/3.7 | 85 | 0,45 | Sterke brander | 3000 | 800 | 218 g/h | 214 g/h | |
| Butaan | 65 | 0,33 | Normale bran-der | 1800 | 500 | 131 g/h | 129 g/h | |||
| Propaan | 50 | 0,30 | Saarbrander | 1000 | 400 | 73 g/h | 71 g/h | |||
| G30/G31 | 100 | 0,63 | Wokbrander | 3900 | 1600 | 284 g/h | 278 g/h | |||
Algemene koppentabel voor stadsgas
De koppen voor stadsgasংn Niet bij het apparaat gevoegd. U kunt de koppen via de klantenservice bestellen.
| Type gas | mbar | kPa | Kop | Brandertype | vermogen(W) | vermogenmin.(W) | Verbruik max.G110 | G120 | |
| Nummer | Bypass | ||||||||
| Stadsgas | 8 | 0.8 | 260 | Spleet | Sterke brander | 3000 | 800 | 648 h | |
| G110 | 185 | Spleet | Normale brander | 1750 | 500 | 384 h | |||
| 145 | Spleet | Saarbrander | 1000 | 400 | 219 h | ||||
| 340 | Spleet | Wokbrander | 3700 | 1400 | 833 h | ||||
| Stadsgas | 8 | 0.8 | 240 | Spleet | Sterke brander | 3000 | 800 | 582 h | |
| G120 | 175 | Spleet | Normale brander | 1800 | 500 | 354 h | |||
| 135 | Spleet | Saarbrander | 1000 | 400 | 201 h | ||||
| 315 | Spleet | Wokbrander | 3900 | 1400 | 764 h | ||||
Nominate bedrijfsdruk
De nominale bedrijfsdruk van uw toestel is:
■ voor aardgas - NG (G20) 20 mbar / 2.0 kPa;
■ voor vloeibaar gas - LPG (G30) 30 mbar / 3.0 kPa;
■ voor vloeibaar gas - LPG (G31) 37 mbar / 3.7 kPa.
Nominale bedrijfsdruk voor stadsgas
De nominale bedrijfsdruk van uw toestel is:
■ voor stadsgas (G110) 8 mbar / 0,8 kPa;
■ voor stadsgas (G120) 8 mbar / 0,8 kPa.
Uw toestel要去 met deze drukwaarden worden bediend. Alle informatie van het typeplaatje heeft betrekking op deze drukwaarden. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de bediening, het vermogen van het apparaat of andere risico's, wanner het apparaat met andere drukwaarden worden bediend dan aangegeven.
Aanwijzing: Gebruik bij vloeijaar gas uit veiligheidsoverwegingen een gasdrukregelaar. Aansluiting en onderhoud van de drukregelaar dient door een erkendvakmanuitgevoerd te worden.
Positoneren en uitrachten
Apparaat positioneren
Wonneer het toestel op de definitieve plaats worden opgesteld, let er dan op dat er genoeg ruimte is om het waar voren te trekken voor onderhouds- en schoonmaakwerkzaamheden.
De ondergrond moet hard en stabel zich. De wand direct après het toestel dient uit nicht-brandbaar materiaal, zoals tegels, te bestaan.
Wanneruijdens deplaatsing aan het toestel moet trekken, let er dan op dat de instelvoeten goed vastgeschroefd zichn.
Apparaat afstellen
Stel het apparaat na afloop van alle werkzaamheden af. Draai hiervoor aan de instelvoeten.
