SRP-285N - Thermische printer CITIZEN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SRP-285N CITIZEN in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Thermische printer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SRP-285N - CITIZEN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SRP-285N van het merk CITIZEN.
GEBRUIKSAANWIJZING SRP-285N CITIZEN
Het contrast bijregelen................................... 4
Het beeldscherm ............................................ 4 Alvorens het uitvoeren van berekeningen .... 5
Een optie in het weergegeven menu kiezen.............................................................. 5
Verbeteringen maken tijdens het intoetsen ......................................................... 6
Berekeningen met het geheugen ................... 7
Berekeningen met haakjes ........................... 12
Bewerkingen met breuken ........................... 13
Waarschijnlijkheid ........................................ 15
Andere functies ( x , √,
Conversie van eenheden.............................. 15
Statistieken met één of twee variabelen ...... 16
Waarschijnlijkheidsdistributie ..................... 18
Negatieve uitdrukking .................................. 20
Aan- en uitzetten Om de rekenmachine aan te zetten, drukt u op [ ON ]. Om de rekenmachine uit te zetten, drukt u op [ 2nd ] [ OFF ].
De batterij vervangen De SRP-280N gebruikt één alkaline batterij (G13/LR44). De SRP285N wordt gevoed door één alkaline batterij (G13/LR44) en één zonnecel. Als het beeldscherm zwakker wordt en de gegevens moeilijk leesbaar worden (in het bijzonder wanneer de verlichting zwak is voor de SRP-285N), moet u de batterij zo snel mogelijk vervangen. Het vervangen van de batterij:
1) Draai de schroef los en verwijder het achterdeksel.
2) Verwijder de oude batterij en plaats de nieuwe batterij zoals
aangegeven wordt op het polariteitschema dat is aangebracht in het batterijcompartiment en plaats vervolgens het achterdeksel terug.
3) Na het vervangen van de batterij, dient u een fijn, puntig
voorwerp te gebruiken om de reset-knop, aan de achterkant van de rekenmachine, in te drukken.
Automatisch uitschakelen (Auto Power-Off) Deze rekenmachine schakelt automatisch uit na ongeveer 6~12 minuten zonder activiteit. Zet de rekenmachine opnieuw aan door op de toets [ ON ] te drukken. Het beeldscherm, het geheugen en de instellingen worden onthouden en zullen niet beïnvloed worden wanneer de rekenmachine automatisch uitschakelt.
Het opnieuw instellen Wanneer de rekenmachine tijdens de werking niet reageert of ongewone resultaten vertoont, drukt u op [ 2nd ] [ RESET ]. Op het beeldscherm zal nu een bericht verschijnen dat u vraagt of u al dan niet de rekenmachine opnieuw wil instellen en de geheugeninhoud wil wissen.
Gebruik de [ ] toets om de cursor naar " Y " te verplaatsen en druk vervolgens op [ ] om alle variabelen, programma’s, wachtende taken, statistische gegevens, antwoorden, vorige invoer en geheugen te wissen. Kies " N " indien u het opnieuw instellen van de rekenmachine wilt annuleren. Wanneer de rekenmachine geblokkeerd is en niet op toetsaanslagen reageert, gebruik dan een fijn, puntig voorwerp om de reset-knop, aan de achterkant van de rekenmachine, in te D–3 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26 drukken en deze situatie te verhelpen. Deze handeling zal alle instellingen terugzetten naar de standaardinstellingen.
Het contrast bijregelen Druk op de [ MODE ] toets en druk vervolgens op [ ] of [ ] om het contrast te verlagen of te verhogen. Hou één van beide toetsen ingedrukt om het beeldscherm donkerder of lichter te maken.
Het beeldscherm Het beeldscherm bestaat uit het de invoerregel, de resultaatregel, en de indicators Indicator MAIN D EG Indicator 74 – 8 / 7 Invoerregel
Resultaatregel Invoerregel De rekenmachine kan ingevoerde getallen weergeven met maximaal 76 cijfers. De ingevoerde getallen beginnen aan de linkerkant; getallen met meer dan 11 cijfers schuiven op naar links. Druk op [ ] of [ ] om de cursor doorheen een ingevoerd getal te verplaatsen. Druk op [ 2nd ] [ ] of [ 2nd ] [ ] om de cursor onmiddellijk naar het begin of het einde van het ingevoerde getal te verplaatsen. Resultaatregel Het beeldscherm kan een resultaat met 10 cijfers, weergeven in decimale vorm, met een minteken, met een " x10 " indicator en met een positieve of negatieve exponent van 2 cijfers. Resultaten die het maximaal aantal cijfers overschrijden worden weergegeven in de wetenschappelijke notatie. Indicators De volgende indicators verschijnen beeldscherm om de huidige status rekenmachine aan te geven. Indicator
2nd MODE MAIN STAT Base-n VLE CPLX DEGRAD ENGSCI Betekenis Zelfstandig geheugen Het resultaat is negatief De tweede functietoets is actief Modusselectie is actief De hoofdmodus is actief De statistische modus is actief De getalbasis modus is actief De variabele lineaire vergelijkingmodus is actief De kwadratische vergelijkingmodus is actief De complexe getalmodus is actief Hoekmodus: DEGrees, GRADs, of RADs ENGineering of SCIentific notatie D–4 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26 op het van de TAB HYP BUSY
Het aantal decimalen dat getoond wordt staat vast De hyperbolische functie zal berekend worden Er wordt een bewerking uitgevoerd Er staan nog meer cijfers aan de linker- of rechterkant van het beeldscherm Er zijn vroegere of latere resultaten die weergegeven kunnen worden Alvorens het uitvoeren van berekeningen
Een modus selecteren Druk op [ MODE ] om een menu met de verschillende modi weer te geven. U kunt één van de volgende zes modi selecteren " 0) MAIN ", " 1)STAT ", " 2)Base-n ", " 3)CPLX ", " 4)VLE ", " 5)QE ". Voorbeeld: selectie van de modus " 2)Base-n ": Methode 1: Schuif doorheen het menu aan de hand van [ ] of ] totdat " 2)Base-n " weergegeven wordt. Selecteer de gewenste modus door op [ ] te drukken. Methode 2: Toets onmiddellijk het nummer van de modus, [ 2 ] , in om de gewenste modus te selecteren.
Een optie in het weergegeven menu kiezen Er zijn vele functies en instellingen beschikbaar in de menu’s. Een menu is een lijst met opties die weergegeven worden op de invoerregel. Voorbeeld: Door te drukken op de [ DRG ] toets wordt het menu voor de keuze van de hoekinstelling in de MAIN modus weergegeven: Methode : Druk op [ DRG ] om het menu weer te geven en verplaats de cursor aan de hand van [ ] of [ ] naar de gewenste optie. Druk op [ ] wanneer de gewenste onderlijnd is. Een menu-optie die gevolgd wordt door een argumentwaarde kan u ] te drukken wanneer de optie onderlijnd selecteren door op [ is of door rechtstreeks de overeenkomstige argumentwaarde in te toetsen.
De " 2nd " toetsen gebruiken Wanneer u op de [ 2nd ] toets drukt, zal de " 2nd " indicator op het beeldscherm verschijnen om u te verwittigen dat u de tweede functie gaat openen van de volgende toets die u indrukt. Indien u per ongeluk op de [ 2nd ] toets drukt, druk dan nogmaals op de [ 2nd ] toets om de " 2nd " indicator te laten verdwijnen. D–5 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26
De cursor Druk op de [ ] of [ ] toets om de cursor naar links of rechts verplaatsen. Hou één van beide toetsen ingedrukt om de cursor aan een hoge snelheid te verplaatsen. Druk op de [ ] of [ ] toets om het beeldscherm naar boven of beneden te schuiven en eerdere invoer of antwoorden te bekijken. U kunt eerdere invoer opnieuw gebruiken of wijzigen wanneer het zich op de invoerregel bevindt.
Verbeteringen maken tijdens het intoetsen Om een teken met de cursor te wissen, onderlijnt u het teken door de cursor aan de hand van de [ ] of [ ] toets op de gewenste plaats te brengen en drukt u op [ DEL ] om het teken te wissen. Elke keer dat u op [ DEL ] drukt, zal u het teken direct links van de cursor wissen. Om een teken te vervangen, onderlijnt u het teken door de cursor aan de hand van de [ ] of [ ] toets op de gewenste plaats te brengen en toetst u het nieuwe getal in om het vorige teken te vervangen. Om een teken in te voegen, verplaatst u de cursor naar de positie waar u het teken wilt invoegen. Vervolgens drukt u op [ 2nd ] [ INS ] en toetst u het gewenste teken in. (Opmerking) : De knipperende cursor " " betekent dat de rekenmachine zich in de invoermodus bevindt. Wanneer de knipperende cursor als " _ " weergegeven wordt dan bevindt rekenmachine zich in de overschrijfmodus. Druk op de [ CL ] toets om alle ingevoerde tekens te wissen
De herhaalfunctie (Replay) slaat de laatst uitgevoerde bewerking op. Nadat de bewerking is uitgevoerd kunt u op de [ ] of [ toets drukken om de bewerking vanaf het begin of het einde weer te geven. U kunt de cursor verder verplaatsen aan de hand van ] of [ ] om de waarden of opdrachten te bewerken. Om een cijfer te verwijderen, drukt u op [ DEL ]. (of, in de overschrijfmodus, typt u gewoon over het cijfer). Zie Voorbeeld 1.
De herhaalfunctie van kan ingevoerde gegevens tot 254 tekens opslaan. Na de uitvoering of tijdens het invoeren, kunt u op [ of [ ] drukken om de invoerstappen weer te geven en waarden of opdrachten te bewerken voor volgende uitvoering. Zie Voorbeeld 2. (Opmerking) : De herhaalfunctie wordt niet gewist, zelfs wanneer u op [ CL ] drukt of de rekenmachine uitschakelt. U kunt dus zelf de inhoud opvragen nadat u op [ CL ] gedrukt heeft. De inhoud van de herhaalfunctie wordt wel gewist wanneer u van modus veranderd. D–6 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26
Foutieve invoer weergeven Wanneer er een ongeldige rekenkundige bewerking wordt ingevoerd dan zal de cursor u tonen waar de fout is. Druk op [ ] of [ ] om de cursor te verplaatsen en toets vervolgens de correcte waarde in. U kunt ook een fout wissen door op [ CL ] te drukken en vervolgens de waarden en de uitdrukking opnieuw in te toetsen vanaf het begin. Zie Voorbeeld 3.
Berekeningen met het geheugen
Druk op [ M+ ] om een resultaat aan het actieve geheugen toe te voegen. Druk op [ 2nd ] [ M– ] om de waarde uit het actief geheugen te wissen. Om de waarde in het actief geheugen op te vragen, drukt u op [ MRC ]. Om het actief geheugen te wissen drukt u tweemaal op [ MRC ]. Zie Voorbeeld 4.
De rekenmachine heeft tien geheugenvariabelen voor herhaaldelijk gebruik: A, B, C, X, Y, M, X1, X2, PROG1 en PROG2. U kunt een werkelijk getal in de variabelen A, B, C, X, Y, M, X1, X2 en een uitdrukking in PROG1 en PROG2 opslaan. Zie Voorbeeld
[ P/V RCL ] vraagt alle variabelen op. [ SAVE ] slaat de waarden op in de variabelen. [ 2nd ] [ RECALL ] vraagt de waarde van de variabele op. [ 2nd ] [ CL-VAR ] verwijdert alle variabelen, uitgezonderd PROG1 en PROG2.
- [ 2nd ] [ CL-PROG ] verwijdert de inhoud van PROG1 en PROG2. (Opmerking):
U kunt niet alleen waarden opslaan door op de [ SAVE ] toets te drukken, maar u kunt ook waarden toewijzen aan de geheugenvariabele M door op [ M+ ] of [ 2nd ] [ M– ] te drukken. Wanneer u dit doet dan zal de huidige waarde die in de variabele M opgeslagen is, verwijderd en vervangen worden door de nieuwe toegewezen waarde. Volgorde van de bewerkingen Elke berekening wordt uitgevoerd in de volgende prioriteitsvolgorde:
Uitdrukking tussen haakjes. Coördinaattransformatie en functies van het type B die het indrukken van de functietoets vereisen alvorens het
invoeren, bijvoorbeeld, sin, cos, tan, sin , cos , tan ,
sinh, cosh, tanh, sinh , cosh , tanh , log, ln, 10 , e , √, NEG, NOT, X'( ) , Y'( ) Functies van het type A die het invoeren van waarden vereisen alvorens u op de functietoets kunt drukken,
bijvoorbeeld, x , , ! , x , %, r, g.
Verkort vermenigvuldigingsformaat dat zich voor de variabelen bevindt,π, RANDM, RANDMI. Verkort vermenigvuldigingsformaat dat zich voor functies van het type B, 2 3 , Alog2, enz…. bevindt. nPr, nCr
- Wanneer functies met dezelfde prioriteit gebruikt worden in een reeks, dan worden deze functies uitgevoerd van rechts naar links.
e ln120 Æ e { ln (120 ) } In andere gevallen gebeurt de uitvoering van links naar rechts.
- Samengestelde functies worden uitgevoerd van rechts naar links.
- De gegevens binnen de haakjes hebben altijd de hoogste prioriteit Nauwkeurigheid en capaciteit Uitvoer: tot 10 cijfers Berekening: tot 24 cijfers In het algemeen wordt elke logische berekening weergegeven door een mantisse (het getal dat voor de exponent staat) met maximum 10 cijfers of een mantisse met 10 cijfers plus een exponent met 2 ± 99 cijfers tot 10 De ingevoerde getallen moeten zich bevinden in het bereik van de onderstaande functies: Functies sin x cos x tan x Invoerbereik Deg : x < 4.5 x 10 10 deg Rad : x < 2.5 x 10 8πrad
y=0:x>0 y < 0 : x=2n+1, 1/n, n is een geheel getal. (n≠0)
1–VAR : n ≤ 40, 2–VAR : n ≤ 40 : n is een geheel FREQ. = n, 0 ≤ n < 10 getal in de 1–VAR modus. σx,σy, x , y ,a, b, r : n≠0 Sx, Sy:n, n≠0, 1 DEC : – 2147483648 ≤ x ≤ 2147483647 BIN : 10000000000000000000000000000000 ≤ x ≤ 11111111111111111111111111111111 (voor negatieve getallen) 0≤x≤ (voor nul, positieve getallen) OCT : 20000000000 ≤ x ≤ 3777777777(voor negatieve getallen) 0 ≤ x ≤ 17777777777 (voor nul of positieve getallen) HEX : 80000000 ≤ x ≤ FFFFFFFF (voor negatieve getallen) 0 ≤ x ≤ 7FFFFFFF (voor nul of positieve getallen) Foutmeldingen Een foutmelding zal op het beeldscherm verschijnen en verdere berekeningen zullen onmogelijk worden wanneer er zich één van de onderstaande situaties voordoet. DOMAIN Er (1) Wanneer een opgegeven argument buiten het geldig bereik van de functie ligt. (2) De FREQ-waarde (in 1–VAR stats) < 0 of is geen geheel getal. (3) Wanneer de USL-waarde < LSL-waarde DIVIDE BY 0 U hebt geprobeerd een deling door 0 uit te voeren. OVERFLOW Er Wanneer het resultaat van de functieberekeningen het opgegeven bereik overschrijdt. STAT Er Wanneer u in de MAIN, CPLX, VLE, of QEmodus, op [ DATA ] of [ STATVAR ] drukt. SYNTAX Er (1) Er werden invoerfouten gemaakt. (2) Wanneer er onjuiste argumenten gebruikt zijn in opdrachten of functies die argumenten vereisen. NO SOL MULTI SOLS De simultane vergelijking heeft geen oplossing of is oneindig in de VLE-modus.
De kwadratische vergelijking heeft geen reële oplossing in de QE-modus. D – 10 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26 LENGTH Er Een invoer overschrijdt 84 cijfers na een impliciete vermenigvuldiging met autocorrectie.
U heeft een negatieve CPU of CPL waarde ingevoerd, wanneer: X – LSL USL – X , CPL = CPU =
Druk op de [ CL ] toets om de bovenstaande foutmeldingen te wissen. Modus 0 - MAIN
Rekenkundige bewerkingen worden uitgevoerd door de toetsen in te drukken in dezelfde volgorde als de uitdrukking. Zie Voorbeeld
Voor negatieve waarden, drukt u op [ (−) ] alvorens de waarde in te geven. Zie Voorbeeld 7.
In gemengde rekenkundige bewerkingen hebben vermenigvuldigingen en delingen een hogere prioriteit dan optellingen en aftrekkingen. Zie Voorbeeld 8.
Resultaten die groter zijn dan 10 of kleiner zijn dan 10 worden weergegeven in de exponentiële vorm. Zie Voorbeeld 9.
Druk op [ 2nd ] [ TAB ] om het menu weer te geven voor het selecteren van het formaat van het aantal decimale plaatsen. Om het aantal decimale plaatsen in te stellen op n ( F0123456789 ), toets u de n-waarde rechtstreeks in of drukt u op de [ ] toets wanneer het gewenste getal onderlijnd is. (De standaardinstelling is de drijvende komma notatie F en de n-waarde is •). Zie Voorbeeld 10.
Zelfs wanneer het aantal decimale plaatsen ingesteld is, wordt de interne berekening voor een mantisse uitgevoerd tot op 24 cijfers en wordt de weergavewaarde opgeslagen in 10 cijfers. Om deze waarden af te ronden op het ingestelde aantal decimale plaatsen, drukt u op [ 2nd ] [ RND ]. Zie Voorbeeld 11~12.
De weergaveformaten voor getallen kunnen in het menu weergegeven worden door op [ 2nd ] [ SCI/ENG ] te drukken. De menu-opties in het menu zijn: FLO (drijvende komma notatie), SCI (wetenschappelijke notatie), en ENG (technische notatie). Druk op [ ] of [ ] totdat het gewenste formaat onderlijnd is, en druk vervolgens op [ ]. Zie Voorbeeld 13. (Opmerking) : In het technisch (engineering) formaat worden de getallen op dezelfde wijze weergegeven als in het wetenschappelijk formaat, alleen kan in het technisch formaat de mantisse drie cijfers links van het decimaalteken hebben in plaats van D – 11 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26
slechts één. In het technisch formaat is de exponent dus steeds een veelvoud van drie. Dit is nuttig wanneer ingenieurs eenheden converteren gebaseerd op veelvouden van 10 3. U kunt een getal invoeren in mantisse of in de exponentiële vorm door te drukken op de [ EXP ] toets. Zie Voorbeeld 14. Berekeningen met haakjes
Bewerkingen binnen de haakjes worden altijd eerst uitgevoerd. De rekenmachine kan 13 niveaus van opeenvolgende haakjes in een enkele berekening verwerken. Zie Voorbeeld 15.
Gesloten haakjes die zich onmiddellijk voor de bewerking van de ] toets bevinden, kunnen weggelaten worden, ongeacht hoeveel er vereist zijn. Zie Voorbeeld 16.
Een vermenigvuldigingsteken " x " dat zich onmiddellijk voor een open haakje bevindt kan weggelaten worden. Zie Voorbeeld 17.
(Opmerking) : De rekenmachine kan een automatische verbetering (autocorrectie) doen van afgekorte vermenigvuldigingen die zich voor alle functies bevinden, uitgezonderd geheugenvariabelen, linkse haakjes en functies van het type B. Van nu af aan zullen de vermenigvuldigingen van het afgekorte type niet meer in deze handleiding gebruikt worden. Zie Voorbeeld 18. Het correcte resultaat kan niet verkregen worden door [ ( ] 2 [ + ] 3 [ ) ] [ EXP ] 2 in te voeren. Zorg ervoor dat u in het onderstaand voorbeeld [ x ] 1 tussen [ ) ] en [ EXP ] invoegt. Zie Voorbeeld 19. Procentberekening Druk op [ 2nd ] [ % ] om het getal op het beeldscherm te delen door 100. Gebruik deze knop om percentages, intresten, kortingen en percentageverhoudingen te berekenen. Zie Voorbeeld 20~21. Doorlopend berekenen
U kunt de laatst uitgevoerde bewerking herhalen door op de ] toets te drukken voor verdere berekening. Zie Voorbeeld
Zelfs wanneer de berekeningen beëindigd worden met de [ toets, kan u het bekomen resultaat toch nog gebruiken voor verdere berekeningen. Zie Voorbeeld 23.
Antwoordfunctie De antwoordfunctie slaat het meest recente resultaat op. Het resultaat wordt zelfs bewaard wanneer u de rekenmachine afzet. Eens dat er een numerieke waarde of een numerieke uitdrukking ingevoerd wordt en u drukt op [ ], wordt het resultaat opgeslagen door deze functie. Zie Voorbeeld 24. D – 12 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26 (Opmerking) : Zelfs wanneer de uitvoering van een berekening resulteert in een fout wordt de huidige waarde toch nog bewaard in het antwoordgeheugen.
Logaritme en antilogaritme De rekenmachine kan algemene en natuurlijke logaritmes en antilogaritmes berekenen aan de hand van de toetsen [ log ], [ ln ],
[ 2nd ] [ 10 ], en [ 2nd ] [ e ]. Zie Voorbeeld 25~27. Bewerkingen met breuken Breuken worden als volgt op het beeldscherm voorgesteld: 5 / 12 56 ∪ 5 /12 Op het beeldscherm:
Op het beeldscherm: 56
Om een gemengd getal in te voeren, toetst u het geheel getal in,
drukt u op [ a /c ], toetst u de teller in, drukt u op [ a /c ], en toetst u de noemer in. Om een breuk in te voeren, toetst u de teller in, drukt u op [ a /c ], en toets u de noemer in. Zie Voorbeeld 28.
Wanneer u tijdens een bewerking met een breuk op een functieopdracht toets, zoals: ( [ + ], [ – ], [ x ] of [ ] ) of de [ toets drukt, zal de breuk zoveel mogelijk vereenvoudigd worden.
Door op [ 2nd ] [ a /c /e ] te drukken kunt u overschakelen tussen de meest nauwkeurige waarde en eenvoudigste waarde. Zie Voorbeeld 29.
Om de weergave van het resultaat over te schakelen tussen een decimaal en een breuk, drukt u op [ 2nd ] [ F D ] en vervolgens op [ ]. Zie Voorbeeld 30.
Berekeningen die zowel breuken als decimale getallen bevatten worden berekend in decimaal formaat. Zie Voorbeeld 31.
Hoekconversie Druk op [ DRG ] om het hoekmenu weer te geven en de eenheid van de hoek (DEG, RAD, GRAD) in te stellen. De verhouding tussen de drie hoekeenheden is: 180°=πrad = 200 grad Hoekconversies ( Zie Voorbeeld 32. ) :
1. Verander de standaard hoekinstelling naar de eenheid
waarnaar u wilt converteren.
2. Voer de waarde van de te converteren eenheid in.
3. Druk op [ DMS ] om het menu weer te geven. De eenheden
die u kunt selecteren zijn: ° (graden), ′ (minuten), ″ (seconden), r (radialen), g ( gradians ) of Minuten-Seconden). DMS (Graden- D – 13 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26
4. Kies de eenheid waarvan u wilt converteren.
5. Druk tweemaal op [
Selecteer " DMS " om de vooraf ingevoerde hoekwaarde naar de DMS-notatie te converteren. Als het resultaat van deze conversie bijvoorbeeld 1°30′0″ zou zijn, dan is de waarde van de hoek: 1 graad, 30 minuten en 0 seconden. Zie Voorbeeld 33. Om een DMS-notatie naar een decimale notatie te converteren, selecteert u ° (graden), ′ (minuten), ″ (seconden). Zie Voorbeeld
Trigonometrische / inverse trigonometrische functies De rekenmachine is voorzien van de standaard trigonometrische functies en inverse trigonometrische functies - sin, cos, tan, sin ,
cos en tan . Zie Voorbeeld 35~37. (Opmerking) : Wanneer u deze toetsen gebruikt, moet u ervoor zorgen dat de rekenmachine ingesteld staat op de gewenste hoekeenheid.
inverse hyperbolische functies, – sinh, cosh, tanh, sinh , cosh en tanh te berekenen. Zie Voorbeeld 38~39. (Opmerking) : Wanneer u deze toetsen gebruikt, moet u ervoor zorgen dat de rekenmachine ingesteld staat op de gewenste hoekeenheid.
Coördinaattransformatie Druk op [ 2nd ] [ R P ] om een menu weer te geven voor de conversie van rechthoekige coördinaten naar polaire coördinaten of omgekeerd. Zie Voorbeeld 40~41. Rechthoekige coördinaten Polaire coördinaten x + y i = r (cosθ+ i sinθ) (Opmerking) : Wanneer u deze toetsen gebruikt, moet u ervoor zorgen dat de rekenmachine ingesteld staat op de gewenste hoekeenheid. D – 14 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26
Waarschijnlijkheid Druk op [ PRB ] om het waarschijnlijkheidsmenu weer te geven. Zie Voorbeeld 42~46. Dit menu heeft de volgende functies: Berekent het aantal mogelijke permutaties van r uit n objecten. Berekent het aantal mogelijke combinaties van r uit n nCr objecten. Berekent de faculteit van een opgegeven positief geheel getal n , waarbij n ≦ 69. RANDM Genereert een willekeurig getal tussen 0 en 1. RANDMI Genereert een willekeurig geheel getal tussen twee gehele getallen, A en B, waarbij A ≦ willekeurige waarde ≦ B nPr Andere functies ( x–1, √,
Conversie van eenheden De rekenmachine heeft een ingebouwde functie voor de conversie van eenheden, die u toelaat getallen van het metriek stelsel te converteren naar het Engels stelsel en omgekeerd. Zie Voorbeeld 51.
, x 2, ^ ) Met de rekenmachine kunt u ook de volgende functies uitvoeren: inverse machtsverheffing ( [ x ] ), vierkantswortel ( [ √ ] ), universele wortel ( [ X ] ), kwadraat ( [ x ] ) en exponentiële functies ( [ ^ ] ). Zie Voorbeeld 47~50.
Toets het getal in dat u wilt converteren. Druk op [ 2nd ] [ CONV ] om het menu weer te geven. Er zijn 7 submenu’s die afstand, oppervlakte, temperatuur, capaciteit, gewicht, energie en druk behandelen. Gebruik de [ ] of [ ] toets om doorheen de lijst met de verschillende eenheden te schuiven en selecteer de ] te drukken. gewenste eenheid door op [ Druk op [ ] of [ ] om het ingevoerde getal naar een andere eenheid te converteren. Constanten Het CONST-menu heeft u toegang tot een aantal ingebouwde constanten voor het gebruik in uw berekeningen. Zie onderstaande tabel : Symbool
Betekenis Waarde Lichtsnelheid in een vacuüm 299792458 m / s Aardeversnelling door de zwaartekracht Zwaartekrachtconstante Molaire volume van ideaal gas 9.80665 m.s –11
Avagadro getal 6.022136736 x10 Elektronlading Massa van een elektron 1.6021773349 x 10 –31 9.109389754 x 10
Diëlektrische doordringbaarheid 8.854187818 x10 –12
Magnetische doordringbaarheid 1.256637061 x 10
Magnetisch moment van een neutron 5.050786617 x 10 –27 F/ m H/m
J/ T Volg de onderstaande stappen om een constante op de plaats van de cursor in te voegen ( Zie Voorbeeld 52. ):
Druk op [ CONST ] om het constantenmenu weer te geven.
Druk op [ ] totdat de gewenste constante onderlijnd is.
Modus 1 - STAT Er zijn drie menuwerkingen in het statistisch menu: 1–VAR ( voor het analyseren van gegevens in één enkele gegevensset), 2–VAR (voor het analyseren van gepaarde gegevens in twee gegevenssets) en D–CL ( voor het wissen van alle gegevenssets ).
Statistieken met één of twee variabelen Stappen:
1. Kies in het statistisch menu 1–VAR of 2–VAR en druk op
2. Druk op [ DATA ] en drie menu’s zullen op het scherm
verschijnen: DATA–INPUT, LIMIT–SET, DISTR. Selecteer DATA–INPUT en druk op [
3. Voer een x –waarde in en druk op [
4. Voer de frequentie ( FREQ ) van de x-waarde in (in 1–VAR
modus) of de overeenkomende y-waarde ( in 2–VAR modus ) en druk op [
5. Herhaal stap 3 om meer gegevens in te voeren.
het statistische resultatenmenu te schuiven en de statistische variabelen te vinden die u wilt. ( Zie onderstaande tabel ) Variabele Betekenis Het aantal ingevoerde x-waarden of y-waarden. Gemiddelde van de x-waarden of y-waarden. Xmax of Ymax Maximum van de x-waarden of y-waarden. Xmin of Ymin Minimum van de x-waarden of y-waarden. Voorbeeld standaardafwijking van de xSx of Sy waarden of y-waarden.
Standaardafwijking van de populatie van de xwaarden of y-waarden σx =
Procesbegrenzing Stappen : ( Zie Voorbeeld 53~54. )
1. Druk op [ DATA ] en drie menu’s zullen op het scherm
verschijnen: DATA–INPUT, LIMIT–SET, DISTR. Selecteer LIMIT–SET en druk op [
2. Voer een bovenste grenswaarde in ( X USL of Y USL) en druk
3. Voer een bovenste grenswaarde in ( X LSL of Y LSL ) en
druk vervolgens op [
] om door het ] of [ statistische resultatenmenu te schuiven en de variabelen van de procesbegrenzing te vinden die u wilt. ( Zie onderstaande tabel). Variabele Betekenis Cax of Cay Begrenzingnauwkeurigheid van de x-waarden of y-waarden
D – 17 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26 Cpx of Cpy Potentiële begrenzingprecisie van de xwaarden of y-waarden,
Cpkx of Cpky Minimum (CPU, CPL) van de x-waarden of ywaarden, waarbij CPU de bovenste grenswaarde van de begrenzingprecisie is en CPL de onderste grenswaarde van de begrenzingprecisie is. C pkx = Min (C PUX , C PLX) = C px(1 – C ax ) C pky = Min (C PUY , C PLY) = C py(1 – C ay ) (Opmerking) : Wanneer u de procesbegrenzing in de 2–VAR modus berekent dan zijn x n en y n onafhankelijk van elkaar.
Waarschijnlijkheidsdistributie Stappen : ( Zie Voorbeeld 55. )
1. Gebaseerd op de gegevenssets in de 1–VAR modus, drukt u
op [ DATA ] en drie menu’s zullen op het scherm verschijnen: DATA–INPUT, LIMIT–SET, DISTR. Selecteer DISTR en druk op
2. Voer een a x waarde in en druk vervolgens op [
3. Druk op [ STATVAR ] en gebruik [
] om door het ] of [ statistische resultatenmenu te schuiven en de statistische waarschijnlijkheidsdistributie variabelen te vinden die u wilt. ( Zie onderstaande tabel ) Variabele Betekenis
Testwaarde P(t) Stelt de cumulatieve breuk voor van de standaard normale distributie die kleiner is dan de waarde t Stelt de cumulatieve breuk voor van de standaard normale distributie die tussen de waarde t en 0 ligt. R ( t ) =1 – P( t ) Stelt de cumulatieve breuk voor van de standaard normale distributie die groter is dan de waarde t Q ( t ) = | 0.5 – R( t ) | R(t) Q(t)
Lineaire regressie Stappen: ( Zie Voorbeeld 56. )
1. Gebaseerd op de gegevenssets in de 2–VAR modus, drukt u
op [ STATVAR ] en gebruikt u [ ] om door het ] of [ statistische resultatenmenu te schuiven en a, b, of r te vinden.
2. Om een waarde voor x (of y) te voorspellen wanneer er een
waarde voor y (of x) gegeven is, selecteer de x ' (of y ') variabele, druk op [ ], voer de opgegeven waarde in en ]. (Zie onderstaande tabel) druk nogmaals op [ D – 18 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26 Variabele Betekenis
Snijpunt met de y-as van de lineaire regressie ∑y −b ∑x
Voorspelde x-waarde, wanneer a, b, en ywaarde opgegeven zijn. x' =
Voorspelde y-waarde, wanneer a, b, en xwaarde opgegeven zijn. y' = a + bx
Gegevens corrigeren Stappen : ( Zie Voorbeeld 57. )
1. Druk op [ DATA ].
2. Om de x-waarden of de frequentie van de x-waarde in de 1–
VAR modus ( of de overeenkomende y-waarde in de 2–VAR modus) te veranderen, kiest u DATA–INPUT. Om de bovenste grenswaarde of onderste grenswaarde te veranderen, selecteert u LIMIT–SET. Om ax te veranderen, kiest u DISTR.
] om door de gegevens te schuiven die u ingevoerd heeft.
4. Om een ingevoerde waarde te veranderen, dient u het weer
te geven en vervolgens de nieuwe gegevens in te voeren. De nieuwe ingevoerde gegevens zullen de vroegere invoer overschrijven. Druk op [ ] om de verandering op ] of [ te slaan. (Opmerking) : Zelfs wanneer u de STAT modus afsluit, zullen alle gegevens in de 1–VAR en 2–VAR modus bewaart blijven tenzij u alle gegevens wist door de D–CL modus te selecteren. D – 19 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26 Modus 2 - Base-n
Grondtalconversie In deze modus kunt u de getalbasis (10, 16, 2, 8) instellen door op [ 2nd ] [ dhbo ] te drukken. Selecteer de gewenste getalbasis in het weergegeven menu door het te onderlijnen en vervolgens op ] te drukken. Het overeenkomstig symbool – " d ", " h ", " b ", " o " zal op het beeldscherm weergegeven worden. (De standaardinstelling is d: decimale getalbasis). Zie Voorbeeld 58. (Opmerking) : In deze mode kunt u werken met de volgende cijfers: 0, 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, /A, IB, IC, ID, IE en IF. Indien er een waarde gebruikt wordt die niet geldig is voor de gekozen getalbasis, wijs dan de overeenkomstige indicator (d, h, b, o) toe, of er zal een foutmelding verschijnen. Binaire getalbasis ( b ) : 0, 1 Octale getalbasis( o ) : 0, 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7 Decimale getalbasis ( d ) : 0, 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9 Hexadecimale getalbasis ( h ) : 0, 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, /A, IB, IC,ID, IE, IF ] te drukken kunt u de blokfunctie gebruiken om een Door op [ resultaat met meer dan 8 cijfers in de octale of binaire getalbasis weer te geven. Het systeem kan maximaal 4 blokken weergeven. Zie Voorbeeld 59.
Negatieve uitdrukking In de binaire, octale, en hexadecimale getalbasissen, stelt de rekenmachine negatieve nummers voor aan de hand van de complementnotatie. Het complement is het resultaat dat bekomen wordt deze getalbasis door het getal van 100000000000000000000000000000000 af te trekken, door op de [ NEG ] toets in een niet-decimale getalbasis te drukken. Zie Voorbeeld 60. Rekenkundige basisbewerkingen in andere getalbasissen Met de rekenmachine kunt u berekeningen maken met nietdecimale grondtallen. De rekenmachine kan binaire, octale en hexadecimale getallen optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. Zie Voorbeeld 61. Logische functies Logische functies worden uitgevoerd aan de hand van logische operators (AND), negatieve logische operators (NAND), logische sommen (OR), exclusieve logische sommen (XOR), negaties (NOT), en negaties van exclusieve logische sommen (XNOR). Zie Voorbeeld 62. D – 20 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26 Modus 3 - CPLX
In de complexe getalmodus kunt u complexe getallen optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. Zie Voorbeeld 63. De resultaten van een complexe bewerking worden als volgt weergegeven:
Reële waarde Absolute waarde
Imaginaire waarde Argument waarde Modus 4 - VLE De lineaire vergelijkingsmodus met variabelen (VLE) kan een stelsel van simultane vergelijkingen met twee onbekenden, zoals de onderstaande, oplossen:
ax+by=c d x + e y = f, waarbij x en y onbekend zijn. In de VLE modus, dient u enkel elke coëfficiënt ( a, b, c, d, e, f ) in de juiste volgorde in te voeren en de rekenmachine zal automatisch de waarde van x en y berekenen. Zie Voorbeeld 64. Modus 5 - QE De kwadratische vergelijkingsmodus (QE) kan een vergelijking, zoals de onderstaande, oplossen:
a x 2 + b x + c = 0, waarbij x onbekend is. In de QE modus, dient u enkel elke coëfficiënt ( a, b, c ) in de juiste volgorde in te voeren en de rekenmachine zal automatisch de waarde van x berekenen. Zie Voorbeeld 65. D – 21 File name : CBM_SR285,A_HDBSR285T19_Dutch.doc version : 2010/04/26 Generel vejledning .............................................. 3
Deponeer dit product niet bij het gewone huishoudelijk afval wanneer u het wilt verwijderen. Erbestaat ingevolge de WEEE-richtlijn (Richtlijn 2002/ 96/EG) een speciaal wettelijk voorgeschreven verzamelsysteem voor gebruikte elektronische producten, welk alleen geldt binnen de Europese Unie.
Notice-Facile