SRP-265N - Thermische printer CITIZEN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SRP-265N CITIZEN in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over SRP-265N CITIZEN
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Thermische printer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SRP-265N - CITIZEN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SRP-265N van het merk CITIZEN.
GEBRUIKSAANWIJZING SRP-265N CITIZEN
Basisbewerkingen (Inclusief bewerkingen met haakjes) 11
Constante bewerkingen 12
Geheugenbewerkingen 12
FUNCTIEBWERKINGEN 13
Sexagesimale Decimale conversie 13
Bewerkingen met breuken 13
Trigonometrische / Inverse trigonometrische functies 13
Hyperbolische functies en inverse hyperbolische functies 14
Gewone en natururlijke logarithmes / machtsverheffingen 14
Machtsverheffingen, wortels, omgekeerde waarden en facultteiten14
Eenheidconversies 15
Constanten 15
STANDAARDAFWIJKINGEN 15
PROGRAMMEREN 16
ALGEMENE DEFINITIES
De toetsen
Om de rekenmachine zo compact möglich te make, hebben sommige toetsen meer dan eén functie. U kunt de functie van een toets veranderen door eerst op een andere toets te drukken, of door de rekenmachine in een bepaalde modus in te stellen.
De volgende paging's geen u een gedetailleerde beschrijving over het gebruik en de functie van elke toets.
De tweede functie selectietoets: [ 2ndF ]
Sommige toetsen hebben een tweede functie. De namen van de tweede functies staan boven de respectievelijke toetsen. Om de tweede functie uit te voeren, drukt u op [2ndF] en het scherm zal "2F" weergeven. Druk hierna op de toets met de gewenste tweede functie.
ALGEMENE TOETSEN
Toetsen voor het invoeren van gegevens: [0] [9][·]
Druk de toetsen in hun logische volgorde in om de getallen in te voeren.
Toetsen voor de basisbewerkingen: [ + ] [ - ] [ x ] [ ÷ ] [ = ]
Druk de toetsen in hun logische volgorde in om optelingen, aftrekkingen, vermenigvuldigingen en delingen uit te voeren en antevoorden wee ter given.
Toets voor het aanzetten enIRON: [ ON/C ]
Druk op [ ON/C ] om de rekenmachine aan te zetten en om alles met uitzondering van het geheugen, het constante geheugen (Ka, Kb) en het programmageheugen, te wissen.
Toets voor het wissen van invoor: [ CE ]
Druk op [CE] om onjuiste invoer te wissen.
Toets voor het maar rechts schuiven: [00 0]
Druk op deze toets om het minst significante cijfer van de weergegeven waarde te wissen.
(Voorbeeld) 123456
123456.
[00→0]
12345.
[00→0]
1234.
Toets voor het veranderen van het teken: [+/-]
Druk op [+ / - ] om het weergegeven getal negatief of positief te make.
GEHEUGENTOETSEN
De toets voor het opvragen van het geheugen: [ MR ]
Druk op [ MR ] om de inhoud van het geheugen waar te gehen.
-D2-
Toets voor het opslaan in het geheugen: [X M]
Druk op [X M] om de weergegeven waarde in het geheugen op te sloan. De vorige waarde die zich het geheugen bevond, worden automatisch gewist.
Toets voor het optellen met geheugeninhoud: [M+ ]
Druk op [ M+ ] om de som van de berekening te make en om het resultaat op te tellen met de waarde die in het geheugen opgeslagen is.
Toetsen voor het opslaan in het constante geheugen Ka en Kb: [2ndF] [Ka x K ], [2ndF] [Kb x K ]
Druk op deze toetsen om de weergegeven waarde in het constante geheugen Ka of Kb op te slaan.
Toetsen voor opvragen het geheugen: [Ka^x K],[Kb^x K]
Druk op deze toetsen om de inhoud van het constante geheugen Ka of Kb waar te gehen.
Opmerkingen:
- De constante geheugens Ka en Kb können een waarde van 0 opslaan.
- Indien u na het invoeren van een getal of na hetuitvoeren van een bewerking op [Ka^x K] of [Kb^x K] drukt, zal de weergegeven waarde vermenigvuldigd worden met de inhoud van Ka of Kb.
SPECIAL TOETSEN
De haakjestoetsen: [ ( ] en [ ])
Gebruik de haakjestoetsen om de standard bewerkingsvolgorde te veranderen en de uitdukking:tussen haakjes voorrang te given op alle andere bewerkingen. U(Int) maximaal 6 niveaus van haakjes in een enkele bewerking gebruiken.
De exponenttoets: [EXP]
Om een getal in de wetenschappelijk notatie waar te gehen, voert u eerst de waarde van de mantisse in, drukt uervovalgens op [EXP], en voert u tenslotte de waarde van de exponent in.
De toets voor de weergave van : [2ndF] [ ]
Druk op [2ndF] [] om de waarde van waar te gehen; is deverhouding van de cirkelomtrek van een cirkel en zijn diameter (ondeveer 3.141592654).
De toets voor het verwisselen van de registers: [2ndF] [X Y]
Druk op [2ndF] [X Y] om de weergegeven waarde (X-register) met de inhoud van het actief register (Y-register) te verwisselen.
(Voorbeeld) 123 [+] 456 [=] 579.
[2ndF][X Y] 456.
[2ndF][X Y] 579.
-D3-
De toets voor het instellen van het decimalteken: [2ndF] [FIX]
Gebruik deze toets voor het instellen van het,aantal cijfers die weergegeven worden na het decimaalteken in eind- of tussenresultaten. De rekenmachine zar intern nog steeds het volledige getal gebruiken en rond slechts de getallen af voor de weergave.
- [2ndF] [FIX] [0]~[6] — Selecteert hoeveel cijfers er maximaal aan de rechterkant van het decimaalteken weergegeven worden.
- [2ndF] [FIX] [7], [8], [9], [·] — Selecteert het drijvende komma formaat.
| (Voorbeeld) | 5 [÷] 9 [=] | 0.555555556 |
| [2ndF] [FIX] [2] | 0.56 | |
| [2ndF] [FIX] [5] | 0.55556 | |
| [2ndF] [FIX] [·] | 0.555555556 |
Opmerking : Tijdens en onmiddelijk na het invoeren van numerieke gegevens, is [ 2ndF ] [ FIX ] inactief.
De wetenschappelijk toets: [SCI]
Convertiert het weergegeven getal in een macht van tien, en omgekeerd.
| (Voorbeeld): | 12.3456 [ x ] 10 [ = ] | 123.456 |
| [ SCI ] | 1.23456 02 | |
| [ SCI ] | 123.456 | |
| [ SCI ] | 1.23456 02 |
De toets voor hoekconversie: [DRG]
Druk op deze toets om de hoekmodus te veranderen maar DEG (graden), RAD (radialen), of GRAD (gradient).
TOETSEN VOOR DE CONVERSIE VAN EENHEDEN
Deze rekenmachine heeft 13 toetsen voor de conversie van eenheden. Ledere toets hebft twee conversiefuncties. Bijvoorbeeld, door op [A B] te drukken en verwolgens op [in cm] convertiert u een getal van inches (duim) maar centimeters; door op [2ndF] [A B] te drukken en verwolgens op [in cm] convertiert u een getal van centimetersaar inches (duim).
| Toets | Betekenis |
| in←cm ] | inch←centimeter |
| feet←m ] | feet←meter |
| feet2←m2] | feet2←meter2 |
| B.gal←I ] | Britse gallon←liter |
| gal←I ] | gallon←liter |
| [Pint←I ] | Pint←liter |
| [Tr.oz←g ] | Troy ounce←gram |
| oz←g ] | ounce←gram |
| [lb←kg ] | pound←kilogram |
| [atm←kpa ] | atmosferisch druk←kilopascal |
| cal←KJ ] | calorie←Kilo-Joule |
-D4-
FUNCTIETOETSEN
De sexagesimale notatie / decimal noteatie conversietoetsen: [2ndF] [ , ] en [2ndF] [ 0,1]
Om de sexagesimale (zestigdelig) notatie (graden, minuten, seconden) te converteren maar de decimalie notatie (graden) drukt u op [ 2ndF ] [0,1] = 0 . Om de decimalie notatie te veranderen maar de sexagesimale notatie, voert u het getal in zijn decimale vorm in en drukt u op [ 2ndF ] [0,1] = 0 .
De toetsen voor het berekenen van sinus, cosinus en tangens: [sin ], [cos] en [tan]
Berekent de trigonometrische functies van de weergegeven waarde.
De toetsen voor het berekenen van inverse sinus, inverse cosinus en inverse arctangens: [2ndF] [sin ^-1 ], [2ndF] [cos ^-1 ] en [2ndF] [tan ^-1 ]
Berekent de inverse trigonometrische functies van de weergegeven waarde.
De hyperbolische toetsen: [2ndF] [HYP] [sin], [2ndF] [HYP] [cos] en [2ndF] [HYP] [tan]
Berekent de hyperbolische functies van de weergegeven waarde.
Berekent de inverse hyperbolische functies van de weergegeven waarde.
De toetsen voor het berekenen van gewone logarithme en gewone antilogaritme: [log] en [2ndF] [10\*]
Berekent de gewone logarithme van de weergegeven waarde. Om de gewone antilogaritme van de weergegeven waarde te berekenen, drukt u op [2ndF] [10^x] .
De toetsen voor het berekenen van natuurlijke logarithme en natuurlijke antilogaritme: [In] en [2ndF] [e ^x ]
Om de natuurlijke logaritme van de weergegeven waarde te berekenen, drukt u op [ In ]. Om de natuurlijke antilogaritme van de weergegeven waarde te berekenen, drukt u op [ 2ndF ] [ e ^× ].
De toetsen voor het berekenen van vierkantswortel en kwadraat: [] en [x^2]
Druk op [] om de vierkantstwortel van de weergegeven waarde te berekenen. Druk op [x^2] om het kwadraat van de weergegeven waarde te berekenen.
De toets voor het berekenen van de 3^de machtswortel: [2ndF] [[3]34]
Druk op [2ndF] [[3]-] om de 3^de machtswortel van de weergegeven waarde te berekenen.
De toets voor het berekenen van de omgekeerde waarde: [2ndF] [1/x]
Druk op [2ndF] [1/x] om de omgekeerde waarde van de weergegeven waarde te berekenen.
De toets voor het berekenen van de faculteit: [2ndF] [x! ]
Druk op [2ndF] [x!] om de faculteit van de weergegeven waarde te berekenen.
De toets voor het berekenen van een machtsverheffing: [x^y]
Voer een getal voor [x] in, druk op[x y], voer een getal voor [y] in, en druk op [=] om het getal X tot de y^de macht te verheffen.
De toets voor het berekenen van een machtswortel: [2ndF] [√x]
Voer een getal voor [x] in, druk op [2ndF] [[y]x] , voer een getal voor [y] in, en druk op [=] om de y^de machtswortel van x te berekenen.
De breuktoetsen [a^b / c] en [2ndF] [ d / e]
Druk op [a^b / c] om een breuk in te voeren of een breuk maar een decimal getal te converteren. Druk op [2ndF] [ d / e] om een gemengd getal� aen een breuk te converteren, en omgekeerd.
De toets voor het weergeven van constanten: [CONST]
Met deze rekenmachine kurz u bewerkingen uitvoeren met 15 ingebouwde constanten. Door ononderbroken op de [CONST] toets te drukken kurz u de volgende symbolen en waarden weergeven.
| Symbool | Betekenis | Waarde |
| c | Lichtsnelheid in een vacuum | 299792458 m / s |
| g | Aardeversnelling door de zwaartekracht | 9.80665 m s-2 |
| G | Zwaartekrachtconstante | 6.6725985 x 10-11Nm2kg-2 |
| Vm | Molaire volume van ideaal gas | 0.0224141 m3mol-1 |
| NA | Avagadro getal | 6.022136736 x 1023mol-1 |
| R | Gasconstante | 8.3145107 J/K mol |
| e | Elektronlading | 1.6021773349 x 10-19C |
| me | Massa van een elektron | 9.109389754 x 10-31kg |
| mp | Massa van een proton | 1.67262311 x 10-27kg |
| mn | Massa van een neutron | 1.67492861 x 10-27kg |
| u | Geünificeerde | |
| atoommassa-constante | 1.66054021 x 10-27kg | |
| h | Plank constante | 6.62607554 x 10-34J.S |
| k | Boltzmann constante | 1.38065812 x 10-23J.K- |
-D6-
_0 Magnetische doordringbaarheid 1.2566370614 × 10^-06 Hm^-1
ε0 Dielektrische doordringbaarheid 8.854187817 x 10-12 Fm -1
PROGRAMMEERTOETSEN
(ENKEL VOOR GEBRUK IN DE PGM-MODUS)
De toets voor het inschakelen van de programmeermodus of het\ wissen: [2ndF] [PGM]
Wanner u de rekenmachine in de programmeermodus zet, zal PGM op het beeldscherm verschijnen en de vorige inhoud van het programmageheugen gewist worden.
Wanner ukaar bent met het invoeren van het programma, drukt u op [ 2ndF ] [ PGM ] om het zojuist ingevoerde programma in het programmageheugen op te slaan. De PGM indicator verdwijnt van het scherm en de rekenmachine sluit de programmeermodus af.
De berekeningstoets: [RUN]
Voert het opgeslagen programma uit.
De toets voor het opgeven van een variabile: [2ndF] [X]
Laat de rekenmachine wachten voor invoer van gegevensijdens hetuitvoeren van een programme.
De toets voor hetijdelijk stopzetten van een berekening: [ 2ndF ] [ HALT ]
Pauzeert een programmeijdelijk, zodate tussenresultaten of onderbroken berekeningen kunt zich.
DE STATISTISCHE TOETSEN
De selectietoets van de statistische modus: [2ndF] [STAT]
Wanner u de rekenmachine in de statistische bewerkingsmodus zet,
zal STAT op het scherm verschijnen.
De toets voor het wissen van het statistische register: [2ndF] [CAD]
Wist de registers van de statistische bewerkingen.
De toetsen voor het invoeren en verwijderen van gegevens: [DATA] en [DEL]
In de STAT-modus, voert u gegevens in door de gewenste getallen in te drukken en daarna op [ DATA ] te drukken. Indien u onjuiste gegevens invoerde en u merkte uw fout pas op nadat u op [ DATA ] gedrukt heeft, voer dandezelfde onjuiste gegevens nogmaals in en druk verwolgens op [ DEL ] om ze te verwijderen.
De toets voor het berekenen van het wiskundig gemiddelde: [ ]
Berekent het wiskundig gemiddelde () van de gegevens.
Toets voor het berekenen van de standardafwijking van de population: [2ndF] [σ]
Berekent de standardafwijking van de populatie van de gegevens.
Toets voor het berekenen van de standardafwijking van de steekproof: [S]
Berekent de standardafwijking van de steekproof van de gegevens.
Toets voor het berekenen van de som der kwadraten: [2ndF] [ x^2]
Berekent de som van de kwadraten ( x^2) van de gegevens.
De toets voor het berekenen van de som der waarden: [2ndF] [Σx]
Berekent de som der waarden ( x) van de gegevens.
De toets voor het weergeven van het+aantal gegevens: [ n ]
Toont het aantal ingevoerde gegevens (n).
Het beeldschemm
De indicators verschijnen op het beeldscherm om de huidige status van de rekenmachine aan te gehen.
- De vrijende komma notatie kan maximaal 10 cijfers weergeven.
- De mantisse kan maximaal 8 cijfers weergeven. De exponent kan maximaal ± 99 weergeven.
STAT : Geeft aan dat de rekenmachine zich in de statistische modus befindt.
M : Geeft aan dat er een waarde in het geheugen is opgeslagen.
Wordt aan de linkerkant van de mantisse of exponent weergegeven om aan te given dat de respectievelijke waarde negatief is.
E : Geeft aan dat er een fout is.
PGM : Geeft aan dat de rekenmachine zich in de programmeermodus bevindt.
CONST : Geeft aan dat de rekenmachine zich in de constante modus bevindt.
GRAD : Geeft aan dat de gradient-modus geselecteerd is.
RAD : Geeft aan dat de radiaalmodus geselecteerd is.
DEG : Geeft aan dat de gradenmodus geselecteerd is.
BUSY : Er worden een bewerking uitgevoerd.
Geeft de waarde van de afwijking aan.
2F : Verschijnt wanner de tweede functie geselecteerd is.
-D8-
HYP : Verschijnt wanneer de hyperbolische functie geselecteerd is.
( : Verschijnt wanner u op [ ( ] drukt. Het toont aan hoeveel haakjes er zich op verschillende niveaus bevinden.
(n) Verschijnt wanner u in de programmeermodus op [SHIFT] [ [X] ] drukt en wanner een programma zich pauzeert om u een variabele teCTX invoeren. Het getal tussen haakjes toont u de plaats van de variabele en gaat van 1 tot en met 40.
VOLGORDE VAN DE BEWERKINGEN
Elke berekening worden uitgevoerd in de volgende prioriteitsvolgorde:
1) Functies die het invoeren van waarden vereisen alvorens u op de functietoets=kunt drukken, bijvoorbeeld, cos, sin, tan, cos ^-1 , sin ^-1 , tan ^-1 , log, In, x ^2 , 1/x, , , [3] , x!, % , 0 , , en de 13 eenheid conversies.
2) Bewerkingen tussen haakjes
3) Functies die het indrukken van de functietoets vereisen alvorens het invoeren, bijvoorbeeld de [EXP] toets.
4) Breuken
5) + / -
6) y , x^y
7) x, ÷
8) +, -
NAUWKEURIGHEID EN CAPACITEIT
| Functions | Invoerbereik |
| sin x, cos x, tan x | Deg: |x| < 1 x 1011deg Rad: |x| < 1745329252 rad Grad: |x| < 1.111111111 x 1011grad Voor tan x is dit darüber: Deg: |x| ≠ 90 (2n+1) Rad: |x| ≠ π/2 (2n+1) Grad: |x| ≠ 100 (2n+1) (n is een geheel getal) |
| sin-1x, cos-1x | |x| ≤ 1 |
| tan-1x | |x| < 1 x 10100 |
| sinh x, cosh x | |x| ≤ 230.2585092 |
| tanh x | |x| < 1 x 10100 |
-D9-
| sinh-1x | |x|<5 x 1099 |
| cosh-1x | 1 ≤ x < 5 x 1099 |
| tanh-1x | |x|<1 |
| log x, ln x | 1 x 10-99 ≤ x < 1 x 10100 |
| 10x | |x|<100 |
| ex | |x|≤230.2585092 |
| √x | 0 ≤ x < 1 x 10100 |
| x2 | |x|<1 x 1050 |
| 1/x | 1 x 10-99 ≤ |x| < 1 x 10100, x ≠ 0 |
| 3√x | |x|<1 x 10100 |
| x! | 0 ≤ x ≤ 69, x is een geheel getal. |
| →0,, , 0,, → | |x|<1 x 10100 |
| x^y | x > 0: -1 x 10100 < y log x < 100 x = 0: y > 0 x < 0: y = n, 1/(2n+1), n is een geheel getal. Maar: -1 x 10100 < y log |x| < 100 |
| √x | x > 0: y ≠ 0, -1 x 10100 < 1/y log x < 100 x = 0: y > 0 x<0: y = 2n+1, l/n, n is een geheel getal.(n≠0) Maar: -1 x 10100 < 1/y log |x| 100 |
| a b/c | Invoer: Het,aantal cijfers van het geheel getal,teller en noemer mag zicheer dan 10,zijn(scheidingsteken inbegrenpen) Resultaat: Het,resultaat worden weergegeven als,een breuk, wanner het geheel getal, de teller en de noemerkleiner+zijn dan 1 x 1010 |
| STAT | |x|<1 x 1050, |Σx|<1 x 10100 0 ≤ Σx2<1 x 10100, 0 ≤ n<1 x 10100 x: n ≠ 0; s: n>1; σ: n>0 |
OVERFLOW / FOUTMELDINGEN
Een symbolism "E" worden op het beeldscherm weergegeven en verdere berekeningen zullen onmogelijk worden wanner er zich een van de onderstaande situatuies voordoet. Druk gewoonweg op [ON/C] om de overflow of fouitmelding te wissen en ga door met het uitvoeren van de volgende bewerking.
- Een tussen- of eindberekening overschrijdt 1 × 10^100 (inclusief geheugenbewerkingen).
-D10-
- U hebt geprobeerd een deling door 0 uit te voeren.
- Het aantal lage prioriteit opslagniveaus is meer dan 6 in een bewerking met haakjes of ismeer dan 7 in een bewerking met haakjes op eén niveau. (Zelfs wanneer het aantal niveaus onder 6 is kan er een foulmeling verschijnen indien u de geheugens Ka of Kb, of programmegeugens gelebruikt.)
- U hebt geprobeerd [2ndF] [Ka x K ] of [2ndF] [Kb x K ] te gebruiken verwijl geheugens Ka en Kb gebruikt worden voor de opslag van bewerkingen met een lage prioriteit.
- U voert een bewerking uit die buiten het bereik van de fonctionele en statistische bewerkingen ligt.
- U hebt geprobeerd meer dan 40 stappen in een programma op te slaan.
Druk op [ON/C] om de berekeningen na een overflow-situatie te wissen.
VOEDING
Om de rekenmachine aan te zetten, drukt u op [ ON/C ]; Om de rekenmachine uit te zetten, drukt u op [ OFF ]. Deze rekenmachine schakelt automatisch uit na ongeveer 9 minutes zonder activiteit. Zet de rekenmachine opnieuw aan door op de toets [ ON/C ] te drukken. Het beeldscherm, het geheugen en de instellingen worden onthouden en zullen nicht beinvloed worden wanner de rekenmachine automatisch uitschakelt.
De rekenmachine gebruikt twee G13 (LR44) alkalische- batterijen. Als het beeldscherm zwakker worden en de gegevens moeilijk leesbaar worden,要去 u de batterijen verrangen. Let op dat u zichzelf nicht verwondtijdens het verrangen van de batterij.
- Draai de schroeven aan de achterkant van de rekenmachine los.
- Plaats een platte schroevendraaier in de sleuf:tussen de bovenste en onderste behuizing en draai hem voorzichtig om de behuizing te verwijderen.
- Verwijder de oude batterijen enwerp ze onmiddelijk weg. Hou debatterijen buiten bereik van kinderen.
- Veeg de neue batterijen af met een droge en propere vod om een goed contact te garanderen.
- Plaats de neue batterijen in het compartment met de platte kant (positieve kant) maar boven.
- Plaats de bovenste en onderste behuizing terug.
- Draai de schroeven vast.
NORMALE BEWERKINGEN
Basisbewerkingen (Inclusief bewerkingen met haakjes)
(Bv.): -3.5 + 8 ÷ 2 = 0.5
-D11-
| 3.5 [ +/-] [ + ] 8 [ ÷ ] 2 [ = ] | DEG | 0.5 |
| (Bv.): (5 - 2 x 1.5) x 3 + 0.8 x (-4) = ? | ||
| [ () 5 [ - ] 2 [ x ] 1.5 [ ) ] [ x ] 3 [ + ] 0.8 [ x ] 4 [ +/- ] [ = ] | DEG | 2.8 |
| (Bv): 2 x [7 + 6 x (5 + 4) ] = 122 | ||
| 2 [ x ] [ () 7 [ + ] 6 [ x ] [ () 5 [ + ] 4 [ = ] | DEG | 122. |
(Opmerking): Het is overbodig om voor de [=] toets, op de [ ]) toets te drukken.
Constante bewerkingen
| (Bv.): 3 + 2.3 = 5.3 6 + 2.3 = 8.3 | ||
| 3 [+] 2.3 [=] | DEG | 5.3 |
| 6 [=] | DEG | 8.3 |
| (Bv.): 7 - 5.6 = 1.4 -4.5 - 5.6 = -10.1 | ||
| 7 [−] 5.6 [=] | DEG | 1.4 |
| 4.5 [+/-] [=] | DEG | -10.1 |
| (Bv.): 12 x 2.3 = 27.6 12 x (-9) = -108 | ||
| 12 [x] 2.3 [=] | DEG | 27.6 |
| 9 [+/-] [=] | DEG | -108. |
| (Bv.): 74 ÷ 2.5 = 29.6 85.2 ÷ 2.5 = 34.08 | ||
| 74 [÷] 2.5 [=] | DEG | 29.6 |
| 85.2 [=] | DEG | 34.08 |
Geheugenbewerkingen
- Zet de functiemodus nicht op "STAT" wonneer u geheugenbewerkingen UITvoert.
- Een{niew getal dat in het geheugen wordt ingevoerd door op [X M] te drukken, verwangt het hiervoor opgeslagen getal.
- Om de inhoud van het geheugen te wissen, drukt u op [0] [X M] of [ON/C] [X M] .
- M verschijnt op het beeldscherm wonneer u een waarde, met uitzondering van "0", in het geheugen opslaat.
- Druk op [ MR ] en verwolgens op [X M] om het weergegeven getal met de inhoud van het geheugen te verwisselen.
| (Bv.): (3-5) + (56÷7) + (74-8×7) = 24 | ||
| 0 [X→M] | DEG | 0. |
| 3[-]5[M+] | M | DEG -2. |
| 56 [÷] 7 [M+] | M | DEG | 8. |
| 74 [−] 8 [x] 7 [M+] | M | DEG | 18. |
| [MR] | M | DEG | 24. |
| 0 [X→M] | DEG | 0. |
FUNCTIEBWERKINGEN
Sexagesimale Decimale conversie
| (Bv.): 12° 45' 30" = 12.75833333 | |
| 12 [ · ] 4530 [ 2ndF ] [0,]"→] | DEG 12.75833333 |
| (Bv.): 2.12345 = 2° 7' 24.42" | |
| 2.12345 [ 2ndF ] [→0,"] | DEG 2.072442 |
Alvorens de volgende bewerking uit te voeren, moet u nagaan of het weergaveformaat van de rekenmachine ingesteld is op 2 decimalen.
Bewerkingen met breucken
- Druk op [2ndF] [ d / e] om de weergegeven waarde maar een breuk te converteren.
- Wanner u na het drukken op de [ = ] toets of na een bewerking met een breuk en een decimal getal, op de [a^b / c] toets drukt, zal het resultaat als een decimal getal weergegeven worden.
Hyperbolische functies en inverse hyperbolische functies
Gewone en tatsächlijke logaritmes / machtsverheffingen
| (Bv.): In7 + log100 = 3.95 | |
| 7 [In] [+] 100 [log] [=] | DEG 3.95 |
| (Bv.): 102 = 100.00 | |
| 2 [2ndF] [10x] [=] | DEG 100.00 |
| (Bv.): e5 - e-2 = ? | |
| 5 [2ndF] [ex] [−] 2 [+/-] [2ndF] [ex] [=] | DEG 148.28 |
Machtsverheffingen, wortels, omgekeerde waarden en facultteiten
| (Bv.): √2 + √3 × √5 = 5.29 | |
| 2 [√ ] [+] 3 [√ ] [x] 5 [√ ] [=] | DEG 5.29 |
| (Bv.): 3√5 + 3√-27 = -1.29 | |
| 5 [2ndF ] [3√ ] [+] 27 [+/−] [2ndF ] [3√ ] [=] | DEG -1.29 |
| (Bv.): 7^5 = 16807 | |
| 7 [x^y] 5 [=] | DEG 16807.00 |
| (Bv.): 5√32 = 2 | |
| 32 [2ndF ] [y√x ] 5 [=] | DEG 2.00 |
-D14-
| (Bv.): 1/1-1/3-4=12.00 | |
| 3 [2ndF] [1/x] [-] 4 [2ndF] [1/x] [=] [2ndF] [1/x] | DEG 12.00 |
| (Bv.): 123 + 30² = 1023.00 | |
| 123 [+] 30 [x²] [=] | DEG 1023.00 |
| (Bv.): 8 != 1 x 2 x 3 x ....... x 7 x 8 = 40320.00 | |
| 8 [2ndF] [x!] | DEG 40320.00 |
Eenheidconversies
- Druk op [ 2ndF ] [ STAT ] om de rekenmachine in de statistische bewerkingsmodus te zetten.
- Druk op [2ndF] [CAD] om het statistisch geheugen te wissen voor het starten van een nieuwe bewerking.
- Wanner verschillende gegevensdezelfde Waarde hebben,hoeft u Niet steeds deze waarde opniew in te voeren. U kunt gewoonweg het aantal keer, dat een bepaalde waarde zich herhaalt, opgeven.
(Bv.): Voer de volgende gegevens in voor het berekenen van: n, x , x^2 , , S, , waar bij gegeven 1 = 2 , gegevens 2 4 = 5 en gegevens 5 6 = 9
-D15-
| [2ndF][STAT] | STAT | DEG | 0. |
| [2ndF][CAD] | STAT | DEG | 0. |
| 2 [DATA] 5 [DATA] 5 [DATA] 5 [DATA]9 [DATA] 9 [DATA]- of -2 [DATA] 5 [x] 3 [DATA] 9 [x] 2 [DATA] | STAT | DEG | 6. |
| [n] | STAT | DEG | 6. |
| [2ndF][Σx2] | STAT | DEG | 241. |
| [2ndF][Σx] | STAT | DEG | 35. |
| [x] | STAT | DEG | 5.833333333 |
| [S] | STAT | DEG | 2.714160398 |
| [2ndF][σ] | STAT | DEG | σ |
| 2.477678125 |
Opmerkingen:
De standaardafwijking van de steekproof S is gedefiniereld als:
$$ \sqrt {\frac {\sum x ^ {2} - \frac {(\sum x) ^ {2}}{n}}{n - 1}} $$
De standaardafwijking van de populatie is gedefinierd als:
$$ \sqrt {\frac {\sum x ^ {2} - \frac {(\sum x) ^ {2}}{n}}{n}} $$
Het rekenkundig gemiddelde x is gedefiniert als: xn
- Druk op [DEL] om een onjuiste invoer te verwijderen.
PROGRAMMEREN
Aan de hand van uw programmeerbare wetenschappelijkere rekenmachine,+zijn ingewikkelde,herhalende bewerkingen Niet languiertijdrovende taken.Het enigste wat u要去 doen is de rekenmachine latent verstaan wat u wilt去做 (m.a.w.de rekenmachine programmeren).
Uw rekenmachine kan een procedure met maximaal 40 stappen opslaan. Deze "stappen" können stappen (zoals mathematische functies) of tekens (zoals getallen) zijn. Elke functie teelt voor een stap. Zelfs wonneer u de rekenmachine uitschakelt, worden de procedure onthouden. U kunt meer dan een variabile in uw bewerking hebben. Het invoeren van de mathematische procedures of programma's gebeurt in de programmeermodus (PGM). Om de rekenmachine in de
programmeermodus te zetten, drukt u op [ 2ndF ] [ PGM ] en de PGM-indicator zar op het scherm verschijnen.
Voer de procedure nu in, alsof u ze slechts eenmaal zou berekenen. Het enigste verschil is dat u op [ 2ndF ] [ [X] ] moet drukken, alvorens de variabele gegevens in te voeren. U verkrijgt uw eerste antwoord wanner de rekenmachine zich nog in de PGM modus bevindt.
Opmerking: Wanner u eerst op stappen [2ndF] [X] drukt, gevolgd door [·] of een getal, en u drukt tenslotte op [EXP], [+/-] , [·] of [CE], dan za het getal en de eerste functie na het getal, behandeld worden als eén variabile – ze worden nicht in het programma geschreveen als stappen.
Vergeet zich dat u maximaal 40 tappen=kunt invoeren. Indien u probeert een 41^st stap in te voeren dan za de rekenmachine een foulmelding E weergeven. Druk op [ON/C] om de foulmelding te wissen.
Om het opslaan van een programma te annuleren, drukt u nogmaals op [ 2ndF ] [ PGM ]. De PGM -indicator verdwijnt van het scherm en de rekenmachine sluit de programmeermodus af. Druk op [RUN] omdezelfde mathematische procedure te herhalen met andere variabelen.
Wanneer u op [RUN] drukt,=kunt u beginnen met de invoer van uw variabelen. Voer elke variabile in de volgorde in waarin het op de formule verschijnt en druk op [RUN] na iedere variabile. Het antwoord verschijnt op het beeldschemr.
Opgeslagen programm's worden automatisch gewist wanner u op [2ndF] [PGM] drukt. Selecteer de programmeermodus dus enkel wanner u een新模式 programm wilt invoeren.
U kurz uw rekenmachine zodanig programmeren dat u tussenresultaten kurz zich. Tijdens het programmeren van de rekenmachine (in de PGM modus), drukt u op [=] wanneer u het punt bereikt heeft waar u een tussenresultaat wilt weergeven. Druk verzolgens op [2ndF] [HALT] en ga door met het invoeren van de formule.
Tijdens de uitvoering van het programma, drukt u na het weergeven van een tussenresultaat op [RUN] om het programma verder uit te voeren. U(Int) sunt deze methode ook gebruiken om uw rekenmachine twee of meer formules na elkaar te latent uitvoeren.
| (Bv.)Zoek het totale bedrag van de hoofdsom en interest op een lening (x) van $5,000 aan een Jaarlijkse interest (y) van 6% gespreid over eenperiode van 7aar (z)? | ||
| Formule : totale bedrag = x (1 + y)z | ||
| (Bv.): (1) x = $5,000 y = 6 % z = 7aar | (2) x = $1,000 y = 10 % z = 5aar | |
| [2ndF] [PGM] | PGM DEG 0. | |
| [2ndF] [X] | PGM DEG [1] | |
-D17-
| 5000 | PGM | DEG | 5000. |
| [x][(+]1[+]2ndF)[[X]] | PGM | DEG | [2] |
| 6 | PGM | DEG | 6. |
| [÷]100[)][xy][2ndF][[X]] | PGM | DEG | [3] |
| 7 | PGM | DEG | 7. |
| [=] | PGM | DEG | 7518.151295 |
| [2ndF][PGM] | DEG | 0. | |
| [RUN] | DEG | [1] | |
| 1000 | DEG | 1000. | |
| [RUN] | DEG | [2] | |
| 10 | DEG | 10. | |
| [RUN] | DEG | [3] | |
| 5 | DEG | 5. | |
| [RUN] | DEG | 1610.51 |
| Beschrijving: | △→Y | |
| R1R2R3→R6R4 | R1=R1·R2/R1+R2+R3 | |
| R5=R2·R3/R1+R2+R3 | ||
| R6=R3·R1/R1+R2+R3 | ||
| (Ex): (1) R1=12(Ω) | (2) R1=10(Ω) | |
| R2=47(Ω) | R2=20(Ω) | |
| R3=82(Ω) | R3=30(Ω) | |
| 12 [2ndF] [KaX→K] | DEG | |
| 12. | ||
| 47 [2ndF] [KbX→K] | DEG | |
| 47. | ||
| 82 [X→M] | M DEG | |
| 82. | ||
| [2ndF] [PGM] | M PGM DEG | |
| 0. | ||
| [KaX→K] [KbX→K] | M PGM DEG | |
| 564. | ||
-D18-
| [÷][() [KaX→K][+] [KbX→K][+][MR][]=[] | M PGM DEG 4. | R4 |
| [2ndF][HALT] | M PGM DEG 4. | |
| [MR][KbX→K] | M PGM DEG 3854. | R2×R3 |
| [=] | M PGM DEG 27.33333333 | R5 |
| [2ndF][HALT] | M PGM DEG 27.33333333 | |
| [MR][KaX→K] | M PGM DEG 984. | R3×R1 |
| [=] | M PGM DEG 6.978723404 | R6 |
| [2ndF][PGM] | M DEG 0. | |
| 10 [2ndF][KaX→K] 20 [2ndF] [KbX→K] 30 [X→M] | M DEG 30. | |
| [ON/C][RUN] | M DEG 3.333333333 | R4 |
| [RUN] | M DEG 10. | R5 |
| [RUN] | M DEG 5. | R6 |
-D19-