DENON PMA-1500RII - Audioversterker

PMA-1500RII - Audioversterker DENON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis PMA-1500RII DENON in PDF-formaat.

📄 82 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice DENON PMA-1500RII - page 52
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over PMA-1500RII DENON

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Audioversterker in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PMA-1500RII - DENON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PMA-1500RII van het merk DENON.

GEBRUIKSAANWIJZING PMA-1500RII DENON

Wij verklaren uitsluitend op once verantwoordelijkheid dat dit produit, waarop deze verklaring betrekking heeft, in overeenstemming is met de volgende normen:

EN60065, EN55013, EN55020, EN61000-3-2 en EN61000-3-3.

Volgens de bepalingen van de Richtlijnen 73/23/EEC, 89/336/ EEC en 93/68/EEC.

ÖVERENSSÄMMELSESINTYG

Vermijd hoge temperaturen.

Zorg voor een degelijk hitteafvoer indien het apparaat op een rek worden geplaatst.

  • Undvik hoga temperaturer.

Hanteer het netsnoer voorrichtig. Houd het snoer bij de stekker vast wanner deze moet worden aan- of losgekoppeld.

  • Hantera nătkabeln varsamt.
    Hàll i kabeln narr den koplas fran el-uttaget.

  • Manuseie com cuidado o fio conductor de energia.

  1. Zorg er.altijd voor dat de stroomschakelaar (POWER) van het hoofdtoestel in de ingeschakelde stand staat.
  2. Schakel de stroom in en uit m.b.v. de afstandsbediening.
  3. Trek het netsnoer uit wanner u denkt het toestel gedurende een lange periode Niet te gebruiken.

WAARSCHUWING:

Alleen wanner het spanningslampje rood oplicht, betekent, dit dat de spanning is uitgeschakeld met de afstandsbediening. Schakel de spanning in met de afstandsbediening.

OBSERVERA:

Kontroleer of de volgende accessoires bij het hoofdtoestel in de doos+zijn verpakt:

(1) Gebruiksaanwijzing. 1
(2) Afstandsbediening (RC-885). 1
(3) Batterijen R6P (AA). 2
(4) Netsnoer 1
(5) Ligst van service-centra 1

—INNEHÄLL —

[BETECKNINGAR OCH FUNKTIONER HOS KONTROLLERNA PÄ FRONTPANELEN 61, 62]
2 ANSLUTNINGAR 63,64
3 MANÖVRERING 65
FJARRKONTROLLEN 66,67
[5] FELsOkNING. 68
[SpecIFICATIONER 69

Laat voor een goede warmteafvoer minstens 10 cm ruimte tussen de boven-, achefter- en zijkanten van dit toestel en de muur of andere elementen.

OBSERVERA VID INSTALLATIONEN

1 BENAMINGEN EN FUNKTIES VAN DE BEDIERINGSORGANEN OP HET VOORPANEL (Zie bladzijde 5)

1 Spanningsschakelaar (POWER)

Wanneer de spanningsschakelaar is ingeschakeld (ON)

Wanner de spanningsschakelaar worden aangezet (ON), wordt spanning toegevoerd maar het toestel. Na inschakelen van de spanning duurt het slechts eenaar sekonden voor het toestel is opgewarmed. Dit is te danken aan het ingebouwde dampingscircuit dat ruis uitschakeltijdens het in/uitschakelen.

Koptelefoonaansluiting (PHONES)

Deze aansluiting worden gebruikt om de koptelefoo n op aan te sluiten.

(De SPEAKER-uitgang worden UITgeschakeld wanner de hooftelefoon worden ingestoken.)

Zet, om gehoorverlies te vermijden, het volumeniveau niet te hoog wanner u een hocfdtelefoon gebruikt.

3 Lage toonregelaar (BASS)

Deze knop worden gebruikt om de kwaliteit van de hoge tonen van het geluid te regelen.

Wanner de knop in de middenstand worden gezet, worden de frekwentiekarakteristieken afgevlakt in het bereik boven de 1000Hz .De hoge tonen worden versterkt als de knop vanuit het midden maar rechts () (20
wordt gedraaid, en verzwakt als dezeaar links () (20
wordt gedraaid.

Hoge toonregelaar (TREBLE)

Deze knop worden gebruikt om de kwaliteit van de hoge tonen van het geluid te regelen.

Wanner de knop in de middenstand worden gezet, worden de frekwentiekarakteristieken aufgevakt in het bereik boven de 1000Hz .De hoge tonen worden versterkt als de knop vanuit het midden maar rechts () (204 wordt gedraaid, en verzwakt als deze maar links () (204 wordt gedraaid.

OPMERKING:

Wanner de volumeregelaar 7aar rechts (C)
wordt gedraaid vanuit de middelste stand, verkleint
het instelbereik van de regelaars BASS 3, TREBLE

en LOUDNESS (lage en hoge tonen). Wanner de volumeregelaar volledig maar rechts worden gedraaid, können de lage en de hoge tonen nicht worden ingesteld.

Loudness-schakelaar (LOUDNESS)

Bij een laag volume is het voor het menselijkoor moeilijk een duidelijk on-derscheid te makeen tussen tonen in het lage- en het hogefrequentiebe-reik. Dit probleem worden verholpen door een "eén-toets" correctie met de loudness-schakelaar. Zet de loudness-schakelaar aan (ON) () wonneer u luistert maar muziek met een laag volume. De lage en hoge to-nen worden gecorrigeerd, zodat een natuurlijke klank ontstaat.

Balansregelaar (BALANCE)

Deze knop worden gebruikt om de balans:tussen de inkerenrechterekanalen bij te regelen.

Wanner deze in de middenpositie worden gezet, is de amplitude van de versterker aan beiden zichden gegiek. Als het volume aan de rechterkant te laag is, dient u de knop maar rechts () te draaien om dit bij te regelen. Als het volume aan de linkerkant te laag is, dient u de knop maar links () te draaien. Hierdoor worden een gelijke balans aan de linker-en rechterkant verzregen.

Volumeregelaar (VOLUME)

Deze knop regelt het totale volumeniveau.

Draai de knop maar rechts () om het volume te verhogen enaar links () om het volume te verlagen.

Opname-uitgangskeuzeschakelaar (REC OUT SELECTOR)

Gebruik deze toets om de uitgangsbron te kiezen voor opname op een cassettedeck, enz.

- TAPE-2 1:

Gebruik deze stand voor het kopieren van tapes met twee cassettedecks. Het ingangssignaal van het deck aangesloten op de TAPE-2/MD-ingangsklemmen worden maar de TAPE-1/DAT REC OUT-klemmen (opname-uitgang) gestuurd.

- TAPE-1▶2:

Gebruik deze stand voor het kopieren van tapes met twee cassettedecks. Het ingangssignaal van het deck aangesloten op de TAPE-1/DAT-ingangsklemmen worden maar de TAPE-2/MD REC OUT-klemmen (opname-uitgang) gestuurd.

PHONO:

Dient om op te nemen van de platenspeler.

CD:

Dient om op te nemen van de kompakt diskspeler.

TUNER:

Dient om op te nemen van de tuner.

DVD/AUX

Voor het opnemen van een element aangesloten op de DVD/AUX-klemmen gezruikt.

9 Ingangskeuzeschakelaar (INPUT SELECTOR)

Deze schakelaar worden gebruikt om het ingangssignaal te kienzen voor de programmabron.

- TAPE-2/MD:

Gebruik deze stand wanner u het cassettedeck, enz., aangesloten op de TAPE-2/MD-klemmen gebruikt.

TAPE-1/DAT:

Gebruik deze stand wanner u het cassettedeck, enz., aangesloten op de TAPE-1/DAT-klemmen gebruikt.

PHONO:

Gebruik deze stand wanner u de platenspeler aangesloten op de PHONO-klemmen gekruikt.

Gebruik de elementkeuzeschakelaar (CARTRIDGE)

17 om de gevoeligheid over te schakelen overeenkomstig het gebruikte type element.

CD:

Gebruikt om maar een compact-discspeler of een ander element te luisteren dat is aangesloten op de CD-klemmen.

TUNER:

Gebruikt voor het weergeven van een element, zoals een FM/AM-tuner of een TV-tuner, dat is aangesloten op de TUNER-klemmen.

DVD/AUX:

Gebruikt voor het weergeven van een element, zoals een HiFi-videorecorder, een TV-tuner of een cassettedeck, dat is aangesloten op de DVD/AUX-klemmen.

10 Brondirekt-schakelaar (SOURCE DIRECT)

De regelaars (BASS 3, TREBLE 4 ,LOUDNESS 5

en BALANCE (6) (lage tonen, hoge tonen, Loudnessschakelaar en balans) können worden gebrukt wannerdeze schakelaar in de stand OFF (■) staat.

In de stand ON (—) worden bovenstaande regelaars genegeerd en worden de signalenrechtstreeksaar het volumeregelcircuit gezonden voor een klank van hoge kwaliteit.

11 POWER LED

De LED geeft de werkingsstand van het toestel aan.

Spanningschake-laarhoofdtoestelStand hoofdtoes- telKleur van LED
ON ( )In werkungBrandt oranje
DempingKnippertgroen ↔ oranje
Stand-by (toesteluitgeschakeld metbehulp van deafstandsbediening)Brandt rood
OFF( )Uit

De dampingsfunctie worden gedurende enkele seconden ingeschakeld zodra de netschakelaar van het toestel op ON ( ) worden gezet of wanner het toestel met behulp van de afstandsbediening van stand-by worden gehaald.

12 Ontvanger afstandsbediening

(REMOTE SENSOR)

Deze ontvanger ontvangt het infrarood-licht dat worden overgeseind vanuit de draadloze afstandsbediening.

Richt de draadloze afstandsbediening op de ontvangen voor de bediening van het toestel.

13 Ingang-aansluitpunten (INPUTS)

Dit zijn ingangsaansluitpunten voor CD-spelers, draaitafels, AM/FM-tuners, cassettedecks en andere weergavecomponenten.

OPMERKING:

  • De PHONO-ingangsklemmen zijn voorzien van een korte penstekker. Verwijder deze stekker om een platenspeler aan te sluiten.

Bewaar de verwijderde korte penstekker op een veilige plaats, zodate u hem Niet verliest.

  • Steek geen stekker met korte pinnen in de RECKlammen (opname-uitgang).Dit zal leiden tot geluidsverlies en kan de aangesloten uitrusting beschädigen.

14 Aansluitingen voor cassetteergave- en opname (TAPE-1/DAT, TAPE-2/MD)

Weergave- en opnameaansluitingen.

  • Weergaveaansluitingen (PB).
  • Opnameaansluitingen (REC).

15 Vooruitgangsaansluitingen (PRE OUT)

Gebruik deze aansluitingen voor het aansluten van een vermogenversterker, subwoofer met ingebouwde vermogensversterker, enz.

Sluit de vooruitgangsansluitingen aan op de ingangsaansluitingen van de vermogensversterker, subwoofer, enz.

OPMERKING:

De signalen worden zichs wanner een hoofdtelefoon worden gebruikt via de vooruitgangsaansluitingen uitgevoerd. Om deze signalen uit te schakelen dient u het aangesloten component (vermogensversterker, enz.) Te bedieren.

16 Luidsprekersystemen-aansluitpunten (SPEAKER SYSTEMS)

Sluit hierop de luidsprekersystemen aan.

Elementkeuzeschakelaar (CARTRIDGE)

Deze schakelaar is ingesteld overeenkomstig het type platenspelerelement dat worden gebruikt.

Zet besteht schakelaar op MM ( ) of MC ( ) overeenkomstig het type element dat uw platenspeler gebruikt.

18 Aarding-aansluitpunt (SIGNAL GND)

Sluit hierop het aardingssnoer van de draaitafel aan.

OPMERKING:

Deze klem worden gebruikt om ruis te onderdukken
wonneer een platenspeler enz. is aangesloten.
De klem is nicht volledig geaard.

19 Aansluitingen (AC OUTLETS)

Netuitgangen worden gebruikt voor de aansluiting van versterker-komponentunits, zoals een tuner, platenspeler, tape-deck, enz.

  • SWITCHED

Deze uitgangen worden in-/uitgeschakeld (ON/OFF) als de hoofdspanningssschakelaar worden in-/uitgeschakeld.

20 Netingang (AC IN)

Sluit hierop het bijgeleverde netsnoer aan.

Gebruik uitsluitend het bijgeleverde netsnoer.

2 AANSLUITINGEN

Aansluiten van de luidsprekers

Luidsprekerimpedantie

  • Wannerl luidsprekersystemen A en B afzonderlijk worden gezrukt,{kunnen luidsprekers met een impedantie van 4 tot 16 /ohm worden aangesloten.
  • In geval van een luidsprekersystem met dubbele bedrading, können luidsprekers met een impedantie van 4 tot 16/ohm worden aangesloten.
  • Merk op dat, wonneer u twee sets luidspekersystemen samen gebruikt (A + B), het gebruik van luidspekers met een impedantie die nicht:tussen 8 en 16 /ohm ligt,kan leiden tot schade.

Merk op dat dit toestel Niet is uitergerust met een schakelaar waarmee u het luidsprekersystemeem kunt kiezen. De luidsprekeruitgangsklemmen van A en B zijn parallel verbonden.

  • Het beveiligingscircuit treedt möglichk in werkung als luidsprekers met een andere impedantie worden aangesloten.

Sluit de snoeren die de luidsprekerklemmen verbinden met de luidsprekersystemen aan met de juiste polariteiten ( op , op ). Indien u dit nicht doet, zal de centrale klank zwak klinken en is de positie van de verschillende instrumenten onduid elijk, met nefaste gezolgen voor het stereo-effect.
Zorg er bij het aansluiten van de luidsprekers voor dat de kerndraten van de luidsprekersnoeren Niet uit de klemmen steken en met andere klemmen, met elkaar of met het achterpaneel in contact komen.
Aansluiten van de luidsprekersnoeren

  1. Verwijder de isolatie van het uiteinde van het snoer.
  2. Strengel de kerndraden in elkaar.
  3. Draai de luidsprekerklem in gegenwijzerzin om los te draaien.
  4. Steek de kerndraden volledig in de klem en draai dan de klem in wijzerzin om vast te zetten.

WAARSCHUWING:

Raak NOOIT de luidsprekerklemmen aan wanner de spanning is ingeschakeld.

Dit zou künnen resulteren in een elektrische schok.

OPMERKING:

Beschermingscircuit

Dit toestel is uitergerust met een ingebouwd uiterst snel beschermingscircuit. Dit circuit beschermt de luidsprekers in geval van kortsluiting van de versterkeruitgangen of een abnormale omgevingstemperatuur. Wanner het beschermingscircuit in werkig treedt, worden de luidsprekeruitvoer automatisch onderbroken. Als dit geleurt, schakelt u het toestel uit, controleert u de aansluitingen van de luidspekerkabels en schakelt u het toestel weein. Na enkele seconden, zodia het dampingscircuit is uitgeschakeld, zal het toestel weeer normala werken.

Waarschuwingen en aansluitingen

  • Steek het netsnoer pas in nadat alle aansluitingen zijn voltooid.
  • Sluit de linker-en rechterkanalen juist aan.
  • Steek de stekkers stevig in. Losse aansluitingen können ruis veroorzaken.
  • Gebruik de geschakelde netuitgangen (SWITCHED) om audiocomponenten op aan te sluiten. Gebruik ze Niet voor haardrogers of andere apparaten.

  • Merk op dat als u de penstekkersnoeren in de buurt van netsnotoeren of vermogensversterkers legt, dit aanleiding kan gehen tot bromruis of andere storingen.

  • De PHONO-ingangsaansluitingen zijn uiterst gevoelig; vermijd dus onnodig verhogen van het volume wanner geen penstekkersnoeren zijn aangesloten. Als u dit wel doet, kan dit leiden tot inductieruis (gebulder) in de luid-sprekers. Wanner geen penstekke rsnoeren zijn aangesloten,要去 u de bijgeleverde kortsluit-penstekker insteken.

DENON PMA-1500RII - Waarschuwingen en aansluitingen - 1

3 BEDIENING (Zie bladzijde 5)

VOORBEREIDING

1. KONTROLEREN VAN DE AANSLUITINGEN

  • Kontroleer of alle aansluitingen goed tot stand zich gebracht door het中断paneel te bekijken.
  • Kontroleer de polariteit (positieve en negatieve) van de aansluitingen en de gevoeligheid van de stereoscheiding (rechtsnoor op rechterkanaalaansluitpunt, en linkersnoor op linkerkanaalaansluitpunt).
  • Kontroleer de gevoeligheid van de pensnoeraansluiting.

2. NSTELLING VAN IEDERE KNOP

  • Draai de volumeknop ⑦aar links (O) in de minimumstand.
  • Zet de toonregelaars 3, 4 en de balansregelaar 6 in de middenpositie.
  • Om de LOUDNESS-schakelaar ⑤ op “OFF (■)” te zetten.
  • Zet de SOURCE DIRECT (directe bron) op “OFF (■)” (uitgeschakeld).

Na kontroleren van bovenstaande punten, de spanning inschakelen, waarna na eenaar sekonden de versterker waar is voor gebruik.

WEERGAVE VAN EEN PLAAT

  1. Stel de elementkeuzeschakelaar 17 in op "MC ( )" of "MM ( ).
  2. Zet de ingangskeuzeschakelaar (INPUT SELECTOR) in de stand "PHONO".
  3. Stel de platenspeler in werkung en geef de staat werden.
  4. Draai aan de volumeregelaar 7, de toonregelaars 3

4 en de balansregelaar 6 om het gewenste volume en de gewenste geluidskwaliteit te verkrijgen.

WEERGAVE MET DE KOMPAKT DISKSPELER

  1. Zet de ingangskeuzeschakelaar (INPUT SELECTOR)
    9 in de stand "CD".
  2. Stel de kompakt diskspeler in werkinq.
  3. Draai aan de volumeregelaar 7, de toonregelaars 3

4 en de balansregelaar 6 om het gewenste volume en de gewenste geluidskwaliteit te verkrijgen.

ONTVANGST VAN RADIOPROGRAMMA'S

  1. Zet de ingangskeuzeschakelaar (INPUT SELECTOR)
    9 in de stand "TUNER".
  2. Stel de tuner in werkinq en stem af op een radioprogramma.
  3. Draai aan de volumeregelaar 7, de toonregelaars 3

4 en de balansregelaar 6 om het gewenste volume en de gewenste geluidskwaliteit te verkrijgen.

AANSLUITINGEN VAN AUDIO-APPARATUUR OP DE DVD/AUX-AAN-SLUITPUNTEN

  1. Zet de ingangskeuzeschakelaar (INPUT SELECTOR)
    9 in de stand "DVD/AUX".
  2. Stel de audio-systemen in werkinq.
  3. Draai aan de volumeregelaar 7, de toonregelaars 3

4 en de balansregelaar 6 om het gewenste volume en de gewenste geluidskwaliteit te verkrijgen.

WEERGAVE MET EEN CASSETTEDCK, DAT-RECORDER OF MD-RECORDER

  1. Zet de ingangskeuzeschakelaar (INPUT SELECTOR) in de stand "TAPE-1/DAT" of "TAPE-2/MD".
  2. Bedien het cassettedeck, de DAT-recorder, of de MD-recorder.
  3. Draai aan de volumeregelaar 7, de toonregelaars 3, 4 en de balansregelaar 6 om het gewenste volume en de gewenste geluidskwaliteit te verkrijgen.

OPNAME MET EEN CASSETTEDECK, DAT-RECORDER OF MD-RECORDER

  1. Stel de REC OUT SELECTOR-schakelaar (opname-uit-gangskiezer) 8 in op de programmabron die u wilt opnemen.
  2. Start de weergave van de programmabron.
  3. Start de opname met het component dat is aangesloten op "TAPE-1/DAT" of "TAPE-2/MD".
  4. In de PMA-1500RII, worden het REC OUT-signaal (opname-uitgang) en het luidsprekersignaal (hoofdtelefoonsignaal) verzonden via afzonderlijke circuits, zodate de knappen en schakelaars die de toon en het volume regelen geen enkele invloed hebben op het geluid dat wordt opgenomen. Bovendien kan, aangezien de opnamefunctie worden gekozen met de REC OUT SELECTOR-schakelaar (opname-uitgangskiezer) ⑧ , de vrije programmabron worden weergegeven door de luidsprekers (of door de hoofdtelefoon), zichsijdens de opname.

KONTROLEREN VAN DE OPNAME

  • Een opname die aan de gang is kan worden gekontroleerd indien een tape-deck met drie afzonderlijke koppen voor opname en weergave worden ge-bruikt. Een tape-deck met een gewone kop die worden gebruikt voor zowel opname als weergave kan nicht worden gebruikt voor het meeluistenen metde opname. Indien een opname worden gemaakt m.b.v. TAPE-1/DAT, en TAPE-1/DAT worden gekozen met de ingangskiezer (INPUT SELECTOR) zal de opnamemonitor (RECORDING MONITOR) worden ingeschakeld en een kontrôle van de opnamekonditie maybeijk worden.

4 WERKING AFSTANDBEDIENING

De bijgeleverde afstandsbediening dient om de versterker vanuit uw stoel te konnen bedieren.

■ Inleggen van de droge cel batterijen

  1. Verwijder de batterij-afdekking op de afstandsbediening.

DENON PMA-1500RII - ■ Inleggen van de droge cel batterijen - 1

  1. Leg twee droge cel batterijen in zoals op het schema op de voedingseenheid van de batterij worden aangegeven.

DENON PMA-1500RII - ■ Inleggen van de droge cel batterijen - 2

  1. Breng de batterij-afdekking weeop+zijnplaats aan.

DENON PMA-1500RII - ■ Inleggen van de droge cel batterijen - 3

Richtlijnen voor gebruik

DENON PMA-1500RII - Richtlijnen voor gebruik - 1

Opmerkingen m.b.t. het gebruik van batterijen

■ De RC-885 gezruikt droge cel batterijen van het formaat R6P (AA).
De batterijen moeten ongeveeriens per Jaar worden verrangen door niece-we. Dit is afhankelijk van hoe vaak u de afstandsbediening gelebruikt.
■ Indien, na hinter dan een jaar dat u neue batterijen heeft ingelegd, de afstandsbediening de versterker nicht更是 van een Niet te grote afstand kan bedieren, is hetijd om de batterijen te verrangen.
De bijgeleverde batterij dient enkel om de werkking te controeren. Vervang ze zo snel möglichk door een neue.
Leg de batterijen korrekt in, waar bij u het polariteitenschema binnenin het batterijenkompartiment volgt.
■ Batterijen zijn gevoelig voor schade enlekken. Om deze reden:

  • Geen{nieuwe en oude batterijen door elkaar gebruiken.
  • Geen verschillende soorten batterijen gebruiken.
  • De gegenovergestelde polen van de batterijen nicht geleiden; de batterijen Niet bloatstellen aan warmte, ze evenmin openbreken of in de open haard gooien.

■ Als de batterijen zijn gaanlekken, eventuele sporen van batterijvloeistof grondig uit het batterijkompartiment vegen met een droog doeke. Daarna legt u neue batterijen in.

  • Gebruik de afstandsbediening door deze op de ontvanger voor de afstandsbediening op de versterker teRCTen (zie links op het schema).
    De afstandsbediening kan worden gebrukt op afstanden van maximaal 8 meter in een rechte lijn tot de versterker. Deze afstand neemt af als voorwerpen de infraroodlicht-transmissie blokkeren of als de afstandsbediening Nietrecht op de versterker worden gericht.

Opmerking bij bediening

  • Druk Niet tegelijk op de bedieningstoetsen op de versterker en op de afstandsbediening. Dit veroorzaakt slechte werkinq.
  • De afstandsbediening werkkt minder goed of maakt fouten als de infrarood ontvanger op de versterker worden bootgesteld aan fel Licht of als zich voorwerpenCUSen de afstandsbediening en de ontvanger bevinden.
  • Gebruik nicht tegelijk toetsen op twee verschillende afstandsbedieningen als u een VCR, TV of andere componenten met afstandsbediening bedient. Dit veroorzaakt slechte werking.

U kurz met deutsche handige en zeer functionele afstandsbediening nicht alleen de geintegreerde versterker PMA-1500RII, maar ook een cassettedeck, MD-recorder, tuner en CD-speler van DENON bedieren.

Afstandsbediening RC-885 bijgeleverd bij de PMA-1500RII

AMP

Spanningstoetsen (POWER)

Deze toets kan worden gebruikt voor het inschakelen van de netspanning en het stand-by zetten van de versterker.

Deze toets kan darüber alleen worden gebruikt om het toestel in te schakelen of stand-by te zetten wonneer de stekker van het netsnoer in het stopcontact zit en de netschakelaar van het hoofdtoestel op aan/stand-by staat.

Deze toets werkst Niet als de spanning is uitgevalten, als het netsnoer Niet is aangesloten, of bij gebruik van een audiotimer.

Deze toets kan worden gebruikt wanner de POWER LED 1 brandt.

Dempingstoets (MUTING)

Als u deze schakelaar indrukt worden het geluid gedempt en worden geen signalen maar de luidsprekers uitgevoerd.

Andere toetsen

De andere toetsen zijn uitsluitend voor de PMA-1500RII, en ze werkden opdezelfde manier als de overeenstemmende toetsen op het toestel.

CD

▶PLAYWEERGAVETOETS
■STOPSTOPTOETS
↓←Automatische opsporingsachteruit-TOETS
▶IAutomatische opsporingsvooruit-TOETS
II PAUSEPAUZETOETS
DISC SKIPRaadpleeg de handleidingvan uw DENON CD-speler
←←TERUGSPOELTOETS
▶→SNEL VOORWAARTS

DENON PMA-1500RII - Andere toetsen - 1

  • De afstandsbediening RC-885 kan worden gezruikt voor het bedieren van CD-spelers, MD-recorders, tuners en cassettecks van DENON.
  • Merk op dat bij bepaalde modellen de bediening eventuele nicht möglichk is.
    Toetsen zin handig in groepen onnderdeeld, warbij elke groep een bepaald component bedient. De groepen zin als volgt aangeduid AMP, CD, MD, DECK en TUNER, enz.

Raadpleeg de gebruiksaanwijzingen van de CD-spelers, de MD-recorderm de tuner en/of het cassettedeck voor details over de bediening van deze componenten.

WAARSCHUWING:

  • Als de spanning wordenuitgeschakeld met de afstandsbediening, worden het toestel in de spanningsstandbystand geschakeld. Trek het netsnoer uit als u voor een langeperiode afwezig bent.
  • Enkel de POWER LED 1 Licht op in de spanning-standbystand.
  • U kunt experimenteren om te zien of de afstandsbediening fouten maakt als u deze gebruikt verwijl er tl-verlichting of direkt zonlicht op schijnt, vooral als dit Licht op de ontvanger op de versterker schijnt. Dit isECHTER geen teken van slechte werkig, en als het zou gebeuren, moet u de ontvanger gewoon gegen dergelijk Licht afterschermen.

5 IN GEVAL VAN PROBLEMEN

■ Controller het volgende alvorens te veronderstellen dat er een probleem is met het toestel.

  1. Zijn alle aansluitingen correct?
  2. Wort het toestel gebruikt volgens de bedieningsinstructies?
  3. Worden de luidsprekers en de ingangselementen juist bediend?

Als het toestel Niet lijkt te werkken zoals het hoor, controlleren dan onderstaande punten. Als geen van deze punten van toepassing is, is het toestel möglichk defect. Schakel de spanning onmiddelijk uit enwend u tot uw verkooppunt.

SymptomenOorzaakMaatregelenBiad-zijde
Vaak voorkomende problemen bij het luisteren� CD's platen, cassettes, FM-uitzendingen, enz.
POWER LED Licht nicht op en er is geen geluid wonneer de POWER-schakelaar worden ingeschakld.• Het netsnoer is Niet aangesloten.• Controleer of de stekker in het contact steekt.55
POWER LED Licht op,maar er is geen geluid.• De luidspreksernoeren zijn slecht aangesloten. • De INPUT SELECTOR (ingangskeuze-schakelaar) staat nicht in de juiste stand. • De VOLUME-regelaar is omlaag gedraaid.• Sluit goed aan. • Zet in de juiste stand. • Stel in op een geschikt niveau.54, 55 52, 53, 56 52, 56
De klank komt slechts van=eén kanf.• De luidspreksernoeren zijn slecht aangesloten. • De ingangssnoeren zijn slecht aangesloten. • Links/rechts-balans verkeerd ingesteld.• Sluit goed aan. • Sluit goed aan. • Stel de BALANCE-regelaar (balans) in.54, 55 55 52, 56
Volumeniveau van tuner en platenspeler is nicht hetzelfde.• Tuner-en platenspeleruitgangen ver-schillen van elkaa• Pas de uitgang van de tuner aan aan de uitgang van de platenspeler als de tuner voorzien is van een uitgangsregelaar.-
Posities van instrumenten omgeekerd bij stereobronnen.• Linkse en rechte luidspreker-of inga-ngssnoeren zijn verwisseld.• Controleer de aansluitingen links/rechts.54, 55
Problemen die zich voordoen tijdens het afspelen van grammofoonplaten.
U haret een dreunend geluid tijdens het afspelen van grammofoonplaten.• Aardingssoer van platenspeler is Niet aangesloten. • Ingangssnoeren slecht aangesloten op de PHONO-klemmen gebruikt. • Interferentie van een TV of videore-corder die dicht bij de platenspeler staat.• Sluit goed aan. • Sluit goed aan. • Verander van installmentatieplaats.55 55 -
U haret een fluittoon wanneeur hét vol-ume omhoog draait tijdens het afspelen van grammofoonplaten.• De platenspeler en de luidspreker-syste-men staan te dicht bij elkaar. • Vloer is zich en sterk onderhevig aan trillingen.• Zet de luidspreksersystemen zo ver mogelijk van de platenspeler. • Gebruik een kussen om de trillingen die van de vloer worden overgebracht maar de luidsprekers op te vangen. Als de platenspeler net is uiterust met isola-toren, moet u audio-isolatoren, verkrijg-baar in audiozaken, gebruiken.-
Geluid is verrormd.• Naalddruk Niet sterk genoeg. • Vuil op het punje van de naald. • Defect platenspelerelement.• Zorg voor de juiste druk. • Controleer het punje van de naald. • Vervang het element.-
Afstandsbediening
Dit toestel werkst Niet waar behoren wan-neer de afstandsbediening worden gebruikt.• Batterijen+zijn leeg. • Afstandsbediening te ver van het toes- tel. • Obstakel:tussen dit toestel en de afstandsbediening. • De verkeerde toets worden ingedrukt. • De ⊕ en ⊙ polen van de batterij liggen in de verkeerde richting.• Vervang de batterijen. • Breng de afstandsbediening richter. • Verwijder het obstakel. • Druk op de juiste toets. • Leg de batterijen juist in.57 57 57 58 57

Beide kanalen aangedreven

(8Ω/ohm belasting) 70 W + 70 W (20 Hz t/m 20 kHz, T.H.V. 0,07%)

(4Ω/ohm belasting) 140 W + 140 W (DIN, 1 kHz, T.H.D. 0,7 %)

0,01 % (-3 dB bij nominale uitgang, 8Ω/ohm) (1 kHz)

VOORVERSTERKERGEDEELTE

Nominaleuitgang:

Input Sensitivity/Input Impedance:

De waarde die tussen haakjes worden aangegeven ( ) verwijst maar de ingangsimpedantie indien de SOURCE DIRECT-funktie is ingeschakeld (ON).

PHONO:

150 mV (opname-uitgangsaansluting)

CD, TUNER, DVD/AUX,

Signaal-tot-ruis verhouding

(IHF A network):

PHONO

MM: 91 dB (bje een invoer van 5mV )

(ingangsaansluitingenkortgesloten) MC: 76 dB (bij een invoer van 0,5mV )

CD, TUNER, DVD/AUX, TAPE-1/DAT, TAPE-2/MD: 110 dB

5 Hz ~ 100 kHz (0 ~ -3dB)

SOURCE-DIRECT: ON

Frequentiebereik

Instelbaar bereik toonregeling:

Lage tonen (BASS):

Hoge tonen (TREBLE):

100 Hz ±8 dB

10 kHz ±8 dB

ANDERE

Voeding:

Netuitgangen (AC):

Geschakeld x 3:

Stroomverbruik:

3 V gelijkstroom, twee R6P ("AA") droge-celbatterijen

54 (B) x 155 (H) x 29 (D) mm

100 g (batterijen inbegrepen)

  • De maximale afmetingen omvatten regelaars, aansluitingen en afdekkingen.

(B) = breedte, (H) = hoogte, (D) = diepte

  • Technische gegevens en functies zijn onder voorbehoud en{kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd met het oog op verbeteringen.

1 BETECKNINGAR OCH FUNKTIONER HOS KONTROLLERNA PÅ FRONTPANELEN (Se sid. 5)

1 Strömbrytare (POWER)

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : DENON

Model : PMA-1500RII

Categorie : Audioversterker