GM-6500F - Autoversterker PIONEER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GM-6500F PIONEER in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Autoversterker in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GM-6500F - PIONEER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GM-6500F van het merk PIONEER.
GEBRUIKSAANWIJZING GM-6500F PIONEER
Vóór u begint Deponeer dit product niet bij het gewone huishoudelijk afval wanneer u het wilt verwijderen. Er bestaat een speciaal wettelijk voorgeschreven verzamelsysteem voor de juiste behandeling, het opnieuw bruikbaar maken en de recycling van gebruikte elektronische producten. In de lidstaten van de EU en in Zwitserland en Noorwegen kunnen particulieren afgedankte elektronische producten gratis bij de daarvoor bestemde verzamelplaatsen inleveren. Als u een soortgelijk nieuw product koopt, kunt u het afgedankte product ook bij uw verkooppunt inleveren. Als u in een ander land woont, neem dan contact op met de plaatselijke overheid voor informatie over het weggooien van afgedankte producten. Op die manier zorgt u ervoor dat uw afgedankte product op de juiste wijze wordt verwerkt, hergebruikt en gerecycled, zonder schadelijke gevolgen voor het milieu en de volksgezondheid. Hartelijk dank voor uw keuze voor dit Pioneer-product. Lees deze handleiding voordat u het product in gebruik neemt zodat u het goed leert gebruiken. Lees vooral de gedeelten die met WAARSCHUWING en LET OP gemarkeerd zijn aandachtig. Bewaar deze handleiding na het lezen op een veilige, bereikbare plaats zodat u hem indien nodig altijd bij de hand hebt. Bezoek onze website Hier vindt u onze site:
http://www.pioneer.nl ! Registreer uw product. Wij bewaren de gegevens van het product dat u hebt aangeschaft zodat u deze eenvoudig kunt opvragen als u die nodig mocht hebben voor de verzekering, bijvoorbeeld na verlies of diefstal. ! Op onze website vindt u de laatste informatie over PIONEER CORPORATION. Bij problemen Als dit product niet naar behoren functioneert, kunt u uw leverancier of het dichtstbijzijnde erkende Pioneer-servicecentrum raadplegen. Vóór u de versterker aansluit of installeert WAARSCHUWING ! Aanbevolen wordt gebruik te maken van de speciale rode accu- en aardkabels RD-223 die afzonderlijk verkrijgbaar zijn. Sluit de accukabel rechtstreeks op de positieve (+) pool van de accu van het voertuig aan, en de aardkabel op de carrosserie. ! Dit toestel is bedoeld voor voertuigen met een accu van 12 volt en negatieve aarding. Voordat u het toestel in een camper, recreatievoertuig, vrachtwagen of bus installeert, moet u het voltage van de accu controleren. ! Gebruik alleen zekeringen van de aangegeven waarde. Het gebruik van ongeschikte zekeringen kan oververhitting, rookontwikkeling, schade aan het product en lichamelijk letsel zoals brandwonden veroorzaken. ! Indien de zekering van de los verkrijgbare accudraad of de versterker smelt, moet u de aansluiting van de voeding en de luidsprekers controleren. Verhelp eerst de oorzaak van het probleem en vervang de zekering vervolgens door een gelijkwaardige zekering. Hoofdstuk Vóór u begint
! Zorg ervoor dat het toestel niet met vloeistof in aanraking komt. Dat kan een elektrische schok of rookvorming, oververhitting en schade aan het toestel veroorzaken. De behuizing van de versterker en erop aangesloten luidsprekers kan ook heet worden en lichte brandwonden veroorzaken. ! Bij een storing wordt de stroomvoorziening van de versterker afgebroken om verdere schade te voorkomen. In dit geval schakelt u het systeem uit (OFF) en controleert u de stroomvoorziening en luidsprekeraansluitingen. Als u de oorzaak van het probleem niet zelf kunt bepalen, neemt u contact op met uw leverancier. ! Koppel steeds eerst de negatieve * pool van de accu los om een elektrische schok of kortsluiting tijdens de installatie te voorkomen. LET OP ! Zet het volume nooit zo hoog dat u geluiden buiten het voertuig niet meer kunt horen. ! Gebruik van het audiosysteem met stilgelegde of stationaire motor kan de accu uitputten. Informatie over de beveiligingsfunctie Nederlands De beveiligingsfunctie treedt in de volgende situaties in werking. Als de beveiligingsfunctie in werking treedt, gaan het voedingslampje en de versterker uit. ! Als er kortsluiting optreedt bij de luidsprekeruitgang en de luidsprekerkabels. ! Als de temperatuur in de versterker te hoog oploopt. ! Als er gelijkspanning wordt gezet op de luidsprekeruitgang.
Het toestel installeren Wat is wat Voorzijde Achterzijde Gebruik indien nodig een platte schroevendraaier om een schakelaar te verzetten. 1 Selectieschakelaar LPF/HPF (low pass filter/high pass filter) Selecteer de gewenste filter voor de aangesloten luidspreker. ! Indien een subwoofer is aangesloten: Selecteer LPF. Deze filter houdt de hoge frequenties tegen en laat de lage tonen door. ! Indien een luidspreker met vol bereik is aangesloten: Selecteer HPF of OFF. HPF houdt de lage frequenties tegen en laat de hoge tonen door. OFF laat het volledige frequentiebereik door. 2 GAIN-regelknop (versterkingsfactor) Met de regelknoppen CHANNEL A (kanaal A) en CHANNEL B (kanaal B) kunt u de uitgang van de autoradio en de Pioneer-versterker op elkaar afstemmen. De standaardinstelling is NORMAL. Als het geluidsniveau laag blijft hoewel u de autoradio luider zet, zet u de regelknoppen lager. Als het geluid vervormd wordt wanneer de autoradio luider wordt gezet, zet u de regelknoppen hoger. ! Als u maar één ingang gebruikt, zet u de regelknoppen voor luidsprekeruitgangen A en B op dezelfde waarde.
! Voor gebruik met een autoradiosysteem met RCA (standaarduitgang 500 mV) stelt u de knoppen af op NORMAL. Voor gebruik met Pioneer-autoradiosystemen met RCA en een maximale uitgangsspanning van 4 V of hoger, stemt u het niveau af op de uitgangswaarde van de autoradio. 3 INPUT SELECT-schakelaar (ingangsselectie) Selecteer 2CH voor een tweekanaalsingang en 4CH voor een vierkanaalsingang. ! Ingangsselectie is alleen beschikbaar voor aansluitingen met een RCA-ingang. Voor aansluitingen met luidsprekerdraad wordt ongeacht de instelling automatisch 4CH gebruikt. 4 FREQ-regelknop (drempelfrequentie) Als de selectieschakelaar LPF/HPF is ingesteld op LPF of HPF kunt u de drempelfrequentie instellen tussen 40 Hz en 500 Hz. ! U kunt de drempelfrequentie alleen voor CHANNEL B selecteren. 5 Voedingslampje Het voedingslampje brandt wanneer de voeding is ingeschakeld (ON). De versterkingsfactor (gain) instellen ! Een correcte instelling van de versterkingsfactor beschermt het toestel en/of de luidsprekers tegen schade door een te hoog uitgangsniveau, onjuist gebruik of een verkeerde aansluiting. ! Als het geluidsniveau enz. te hoog wordt, sluit deze functie het uitgangssignaal enkele seconden af. Het signaal wordt pas weer doorgelaten wanneer het volume op het hoofdtoestel daalt. Hoofdstuk Het toestel installeren ! Onderbrekingen in de geluidsweergave kunnen erop duiden dat de versterkingsfactor niet juist is afgesteld. Om geluidsonderbrekingen bij een hoog volume van het hoofdtoestel te vermijden, moet u de versterkingsfactor bij de versterker afstemmen op het maximale preout-uitgangsniveau van het hoofdtoestel, zodat het volume ongewijzigd blijft en een te sterk uitgangssignaal wordt voorkomen. ! Het kan gebeuren dat het geluid toch wordt afgebroken als de versterkingsfactor en het volume correct zijn ingesteld. Neem in dat geval contact op met het dichtstbijzijnde erkende servicecentrum van Pioneer.
Golfvormig signaal bij hoog uitgangsvolume met gain-regeling voor versterker De golfvorm wordt vervormd bij een hoog uitgangsniveau. Het vermogen neemt nauwelijks toe door de gain van de versterker te verhogen. De gain-regelknop op dit toestel Op de afbeelding hierboven ziet u de instelling NORMAL. Verband tussen gain van de versterker en uitgangsvermogen van het hoofdtoestel Nederlands Een onjuiste verhoging van de gain van de versterker resulteert slechts in meer vervorming en weinig vermogenstoename.
De toestellen aansluiten Aansluitschema
1 Speciale rode accukabel RD-223 (apart verkrijgbaar) Pas nadat u alle andere aansluitingen op de versterker hebt voltooid, verbindt u het aansluitpunt op de versterker met de positieve (+) accupool. 2 Aardkabel (zwart) RD-223 (apart verkrijgbaar) Sluit deze aan op een metalen gedeelte van de carrosserie of het chassis. 3 Autoradio met RCA-uitgangen (apart verkrijgbaar) 4 Externe uitgang Als u maar één ingang gebruikt, mag u niets anders aansluiten op RCA-ingang B. 5 Aansluitkabel met RCA-stekkers (apart verkrijgbaar) 6 RCA-ingang A 7 RCA-ingang B 8 Aansluiting luidsprekeringang (gebruik de meegeleverde connector)
Raadpleeg het volgende gedeelte voor meer informatie over het aansluiten van de luidsprekers. Raadpleeg Aansluiting via de luidsprekeringangkabel op bladzijde 73. Luidsprekeraansluiting Raadpleeg het volgende gedeelte voor meer informatie over het aansluiten van de luidsprekers. Raadpleeg Aansluiting via de luidsprekeringangkabel op bladzijde 73. Kabel systeemafstandsbediening (apart verkrijgbaar) Verbind het mannelijke aansluitpunt van deze kabel met het aansluitpunt voor de systeemafstandsbediening van de autoradio. Het vrouwelijke aansluitpunt kan worden verbonden met de bedieningsaansluiting van de automatische antenne. Indien de autoradio niet is voorzien van een aansluiting voor de systeemafstandsbediening, verbindt u het mannelijke aansluitpunt via de contactschakelaar met de voedingsaansluiting. Zekering (25 A) × 2 Zekering (30 A) × 2 Doorvoerring Achterzijde Voorzijde Opmerking Schakelaar INPUT SELECT (ingangsselectie) moet worden ingesteld. Raadpleeg Het toestel installeren op bladzijde 68 voor meer informatie. Vóór u de versterker aansluit WAARSCHUWING ! Gebruik kabelklemmen of plakband om de bekabeling op een veilige manier aan te brengen. Wikkel kabels die tegen metalen onderdelen liggen ter bescherming in tape. ! Snijd in geen geval de isolatie van de voedingskabel open om andere apparatuur van stroom te voorzien. De stroomcapaciteit van de voedingskabel is beperkt. Hoofdstuk De toestellen aansluiten LET OP ! U mag kabels nooit inkorten omdat daardoor storing kan optreden in het beveiligingscircuit. ! Luidsprekerkabels mogen niet rechtstreeks worden geaard. Negatieve (*) fasedraden van verschillende luidsprekers mogen niet samen worden gebundeld. ! Als de systeemafstandsbedieningskabel van de versterker met de voeding is verbonden via de contactschakelaar (12 V gelijkstroom), blijft de versterker ingeschakeld zolang het contact aan staat (ongeacht of de autoradio is in- of uitgeschakeld). Hierdoor kan de accu worden uitgeput wanneer de motor stationair draait. ! Installeer de apart verkrijgbare accukabel zo ver mogelijk van de luidsprekerkabels. Installeer de apart verkrijgbare accukabel, aardkabel, luidsprekerkabels en de versterker zelf zo ver mogelijk van de antenne, antennekabel en tuner. Informatie over de brugschakeling
lingen: twee luidsprekers van 8 W parallel geschakeld voor een belasting van 4 W of één luidspreker van 4 W per kanaal. Voor meer inlichtingen kunt u contact opnemen met uw erkende Pioneer-leverancier of -klantendienst. Luidsprekerspecificaties De luidsprekers die u gebruikt moeten aan de volgende vereisten voldoen, anders bestaat er een risico op rookontwikkeling, brand of andere schade. De luidsprekerimpedantie bedraagt 2 W tot 8 W, of 4 W tot 8 W voor twee kanalen en andere brugschakelingen. Subwoofer Luidsprekerkanaal Vermogen 4-kanaalsuitgang Nominale ingang: Min. 60 W 2-kanaalsuitgang Nominale ingang: Min. 180 W 3-kanaalsluidsprekeruitgang A Nominale ingang: Min. 60 W 3-kanaalsluidsprekeruitgang B Nominale ingang: Min. 180 W Andere dan de subwoofer Vermogen 4-kanaalsuitgang Maximale ingang: Min. 120 W 2-kanaalsuitgang Maximale ingang: Min. 360 W 3-kanaalsluidsprekeruitgang A Maximale ingang: Min. 120 W 3-kanaalsluidsprekeruitgang B Maximale ingang: Min. 360 W Nederlands De luidsprekerimpedantie is maximaal 4 W; controleer dit zorgvuldig. Een foutieve aansluiting op de versterker kan storingen of lichamelijk letsel (brandwonden door oververhitting) veroorzaken. Voor een brugschakeling voor een 2-kanaalsversterker met een belasting van 4 W sluit u ofwel twee luidsprekers van 8 W parallel aan, met links + en rechts * (zie schema A), ofwel gebruikt u één 4 W-luidspreker. Voor andere versterkers volgt u het volgende aansluitschema voor brugschake- Luidsprekerkanaal
Hoofdstuk De toestellen aansluiten
De luidsprekers aansluiten 3-kanaalsuitgang De luidsprekeruitgang kan 4, 3 (stereo en mono) of 2 (stereo of mono) kanalen hebben. Sluit de luidsprekerdraden aan volgens het aantal gebruikte kanalen en de volgende afbeeldingen.
Hoofdstuk De toestellen aansluiten 2-kanaalsuitgang (mono)
Als u maar één ingang gebruikt (bijvoorbeeld omdat de autoradio maar één RCA-uitgang heeft) maakt u de aansluiting op RCA-ingang A en niet B. 2-kanaalsuitgang (stereo) / (mono) ! Zet schakelaar INPUT SELECT (ingangsselectie) op positie 2CH.
1 Luidspreker (mono) Aansluiting via de RCA-ingang Sluit de RCA-uitgang van de autoradio aan op de RCA-ingang van de versterker.
4- of 3-kanaalsuitgang
! Zet schakelaar INPUT SELECT (ingangsselectie) op positie 4CH.
1 RCA-ingang A Bij een 2-kanaalsuitgang sluit u de RCA-stekkers aan op RCA-ingang A. 2 Aansluitkabel met RCA-stekkers (apart verkrijgbaar) 3 Vanuit autoradio (RCA-uitgang) Aansluiting via de luidsprekeringangkabel
Nederlands Verbind de luidsprekeruitgangen van de autoradio met de versterker d.m.v. het bijgeleverde luidsprekerdraad. ! Verbind de RCA-ingang en de luidsprekeringang niet beide tegelijk. 1 RCA-ingang A 2 RCA-ingang B 3 Aansluitkabels met RCA-stekkers (apart verkrijgbaar) 4 Vanuit autoradio (RCA-uitgang)
Hoofdstuk De toestellen aansluiten
Autoradio Luidsprekeruitgang Wit/zwart: Kan. A, links * Wit: Kan. A, links + Grijs/zwart: Kan. A, rechts * Grijs: Kan. A, rechts + Groen/zwart: Kan. B, links * Groen: Kan. B, links + Paars/zwart: Kan. B, rechts * Paars: Kan. B, rechts + Luidsprekeraansluiting Aan te sluiten op de luidsprekeringangen van dit toestel. De voedingsaansluiting verbinden Aanbevolen wordt gebruik te maken van de speciale rode accu- en aardkabels RD-223 die afzonderlijk verkrijgbaar zijn. Sluit de accukabel rechtstreeks op de positieve (+) pool van de accu van het voertuig aan, en de aardkabel op de carrosserie.
Motorcompartiment Voertuiginterieur Zekering (30 A) × 2 Plaats de rubberen doorvoerring in de carrosserie van het voertuig. 6 Boor een opening van 14 mm in de carrosserie. 2 Vervlecht de accukabel, de aardkabel en de kabel van de systeemafstandsbediening. Vervlechten 3 Bevestig de verbindingslippen aan de kabeluiteinden. Gebruik een tang om de lippen stevig aan de kabels vast te maken. WAARSCHUWING Indien de accukabel niet goed (met de aansluitschroeven) wordt aangesloten, bestaat er een risico op oververhitting, storingen en lichamelijk letsel zoals lichte brandwonden. 1 Trek de accukabel vanuit het motorcompartiment door naar het voertuiginterieur. Pas nadat u alle andere aansluitingen op de versterker hebt voltooid, verbindt u het aansluitpunt op de versterker met de positieve (+) accupool. 1 Positieve (+) pool
1 Bevestigingslip (los verkrijgbaar) 2 Accukabel 3 Aardkabel 4 Sluit de kabels aan. Schroef de kabels stevig vast. Hoofdstuk De toestellen aansluiten
1 Bevestigingslip (los verkrijgbaar) 2 Luidsprekerkabel 3 Sluit de luidsprekerkabels op de luidsprekeruitgangen aan. Schroef de luidsprekerkabels stevig vast.
Aansluiting systeemafstandsbediening Aardaansluiting Voedingsaansluiting Aansluitschroeven Accukabel Aardkabel Kabel systeemafstandsbediening De luidsprekeraansluitingen 1 Strip met een draadkniptang of geschikt mes het uiteinde van de luidsprekerkabel. Leg ongeveer 10 mm kabel bloot en vervlecht het uiteinde. 1 Aansluitschroeven 2 Luidsprekerkabel 3 Luidsprekeraansluiting Vervlechten Nederlands 2 Bevestig de verbindingslippen aan de kabeluiteinden. Gebruik een tang om de lippen stevig aan de kabels vast te maken.
Installatie Vóór u de versterker installeert
WAARSCHUWING ! Voor een correcte installatie moet u de geleverde onderdelen op de aangegeven wijze gebruiken. Andere onderdelen dan de geleverde kunnen het binnenwerk van de versterker beschadigen of los raken en de versterker alle dienst doen weigeren. ! Installeer het toestel niet: — op een plaats waar de bestuurder of passagiers erdoor verwond kunnen raken wanneer het voertuig plotseling moet worden afgeremd. — op plaatsen waar het de bestuurder kan hinderen, bijvoorbeeld op de vloer bij de bestuurdersplaats. ! Plaats schroeven zo dat de punt van de schroef geen kabels raakt. Dit is belangrijk omdat de kabel anders door voertuigtrillingen door de schroef kan worden ingesneden, wat brand kan veroorzaken. ! Let erop dat de kabels niet vast kunnen komen te zitten in de stoelrails en niet in aanraking kunnen komen met een lichaamsdeel van de inzittenden van het voertuig. Dit kan kortsluiting veroorzaken. ! Let er bij het boren op dat zich aan de achterkant van het paneel geen onderdelen bevinden. Scherm alle kabels en vitale onderdelen (bijvoorbeeld brandstof- en remleidingen, andere bekabeling) eerst zorgvuldig af. LET OP ! Let tijdens de installatie op de volgende punten om te zorgen dat de versterker goed warmte kan afgeven: — Laat voldoende ventilatieruimte vrij boven de versterker. — Leg geen mat of ander materiaal over de versterker. ! De beveiligingsfunctie kan in werking treden om de versterker te beschermen tegen oververhitting wanneer het toestel door zijn opstelling of zware belasting enz. te warm wordt. In
zulke gevallen wordt versterker automatisch uitgeschakeld tot deze voldoende afgekoeld is. Trek de kabels niet door zones die warm worden, bijvoorbeeld langs een verwarmingsrooster. Door de warmte kan de isolatie worden beschadigd, wat kan leiden tot kortsluiting naar de carrosserie. De optimale installatieplek verschilt van voertuig tot voertuig. Plaats de versterker op een plek die voldoende sterk en stijf is. Maak eerst tijdelijke verbindingen en controleer of de versterker en het audiosysteem goed functioneren. Controleer, nadat u de versterker hebt geïnstalleerd, of het reservewiel en het bijbehorende gereedschap nog ongehinderd bereikbaar zijn. Voorbeeld van een installatie op de vloermat of het chassis 1 Plaats de versterker op de gewenste installatieplaats. Plaats de meegeleverde zelftappende schroeven (4 mm × 18 mm) in de schroefgaten en duw erop met een schroevendraaier zodat de punt een afdruk laat op de plaats waar de boorgaten moeten komen. 2 Boor op deze plaatsen een gat met een diameter van 2,5 mm door de vloerbekleding of rechtstreeks in het chassis. Hoofdstuk Installatie
3 Bevestig de versterker met de bijgeleverde zelftappende schroeven (4 mm × 18 mm). 1 Zelftappende schroeven (4 mm × 18 mm) 2 Boor een gat met een diameter van 2,5 mm 3 Vloermat of chassis Nederlands
Opmerkingen ! Technische gegevens en ontwerp kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. ! De gemiddelde stroomafname van dit toestel benadert de maximale stroomafname wanneer een geluidssignaal wordt ingevoerd. Gebruik deze waarde om de totale stroomafname te berekenen bij gebruik van meerdere versterkers.
Notice-Facile