AJ 4 Plus 100/57 AUT - Waterpomp T.I.P. - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis AJ 4 Plus 100/57 AUT T.I.P. in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over AJ 4 Plus 100/57 AUT T.I.P.
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Waterpomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AJ 4 Plus 100/57 AUT - T.I.P. en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AJ 4 Plus 100/57 AUT van het merk T.I.P..
GEBRUIKSAANWIJZING AJ 4 Plus 100/57 AUT T.I.P.
Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing Diepbronpomp

NL EG-verklaring van overeenstemming
Wij, de firma T.I.P. Technische Industrie Produkte GmbH, Siemensstr. 17, D-74915 Waibstadt, verklaren op eigen verantwoordelijkheid dat de hieronder genoemde producten aan de fundamentele eisen van de hieronder vermelde EUrichtlijnen - en alle navolgende wijzigingen - voldoen: 2014/35/EU, 2014/30/EU, 2011/65/EU, 2009/125/EG
Van harte gefeliciteerd met de aanschaf van uw nieuwe T.I.P. toestel!
Zoals al onze producten is ok dit toestel ontwikkeld volgens de nieuwste stand van de techniek. Voor de fabricage en montage van het toestel hebben wij gebruik gemaakt van de nieuwste pomptechniek en de meest betrouwbare elektrische resp. elektronische en mechanische onderdelen, om een hoge kwaliteit en lange levensduur van uw nieuwe product te kunnen garanderen.
Lees deze handleiding goed door, zodat u alle technische mogelijkheden van deze pomp optimaal kunt gebruiken. Verklarende afbeeldingen vindt u in het aanhangsel aan het einde van deze handleiding. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe toestel.
Inhoudsopgave
- Algemene veiligheidswaarschuwingen....1
- Technische gegevens 2
- Toepassingsgebied 2
- Leveringsomvang....3
- Installatie....3
- Elektrische aansluiting 4
- Ingebruikname 4
- Automatisch bedrijf / droogloopbeveiliging....5
- Onderhoud en hulp bij storingen 5
- Garantie 7
- Bestelling van reserveonderdelen 8
- Service 8
Aanhangsel: afbeeldingen
1. Algemene veiligheidswaarschuwingen
Lees deze handleiding zorgvuldig door en maak uzelf vertrouwd met de bedienelementen en het juiste gebruik van dit product. Wij zijn niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door het niet navolgen van aanwijzingen en instructies in deze handleiding. Schade die ontstaat door het niet navolgen van aanwijzingen en instructies in deze handleiding valt tevens niet onder de garantiedekking. Bewaar deze handleiding goed en voeg deze bij het toestel als u dit aan anderen doorgeeft.
Personen die niet op de hoogte zijn van deze gebruiksaanwijzing mogen dit apparaat niet gebruiken.
De pomp mag niet door kinderen worden gebruikt.
De pomp kan door personen met beperkte fysieke, motorieke of mentale bekwaamheden of gebrekkige ervaring en/of kennis worden gebruikt als deze onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd over een veilig gebruik van het apparaat en de hieruit voortvloeiende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Het apparaat en de aansluitleiding buiten bereik van kinderen houden.
De pomp mag niet worden gebruikt als er zich personen in het water bevinden.
De pomp moet via een foutstroom veiligheidsinrichting (RCD / FI-schakelaar) met een meetfoutstrom van niet meer dan 30 mA worden voorzien.
Als de netkabel van dit apparaat wordt beschadigd, moet deze door de fabrikant of de klantenservice of een soortgelijk deskundig gekwalificeerd persoon worden vervangen om risico's te vermijden.
Besteed vooral aandacht aan aanwijzingen en instructies die met de volgende symbolen zijn gekenmerkt:

Het niet navolgen van deze aanwijzing kan persoonlijke en/of materiële schade veroorzaken.

Niet-inachtneming van deze instructie gaat gepaard met gevaar voor een elektrische schok, die kan leiden tot lichamelijke letsels en/of materiële schade.
Controleer het toestel op transportschade. In geval van schade moet de winkelier onmiddellijk - echter uiterlijk binnen 8 dagen na koopdatum - hierover worden ingelicht.
| Model | AJ 4 Plus 100/57 AUT |
| Netspanning / frequentie | 220-240 V~ / 50 Hz |
| Nominaal vermogen | 1.100 Watt |
| Beschermingsklasse | IPX8 |
| Drukaansluiting | 30,93 mm (1"), binnenschroefdraad |
| Max. Doorvoercapaciteit ( Q_max )1) | 6.000 l/h |
| Max. druk | 5,7 bar |
| Max. opvoerhoogte ( H_max )1) | 57 m |
| Maximale indompeldiepte ▽ | 20 m |
| MEI2) | ≥ 0,40 |
| Cut-in druk | ~ 3 bar |
| Max. grootte van gepompte vaste deeltjes | 2 mm |
| Maximumtemperatuur van de gepompte vloeistof ( T_max ) | 35 °C |
| Max. aantal starts binnen een uur | 30, gelijkmatig verdeeld |
| Lengte aansluitkabel | 23 m |
| Kabelsoort | H07RN8-F |
| Gewicht (netto) | ~ 12,6 kg |
| Afmetingen (b x d x h) | 9,8 x 9,8 x 88 cm |
| Artikelnummer | 30082 |
1) De aangegeven maximale prestaties zijn gemeten bij vrije, ongereduceerde afvoer.
2.1. Informatie in overeenstemming met Richtlijn 2009/125/EG

line
| Time (min) | Efficiency (%) | | ---------- | -------------- | | 10 | 0.17 | | 20 | 0.30 | | 30 | 0.42 | | 40 | 0.52 | | 50 | 0.56 | | 60 | 0.54 | | 70 | 0.48 | | 80 | 0.38 | | 90 | 0.18 |2) Minimale Efficiëntie index" (MEI) is een relatieve schaaleenheid voor de hydraulische pompefficiëntie in het werkpunt alsook bij onderbelasting en overbelasting. De referentiewaarde MEI voor waterpompen met de beste efficiëntie is ≥ 0,70. Informatie betreffende de efficiëntiereferentiewaarde kunt u vinden onder http://www.europump.org/efficiencycharts. De overeenkomstige referentiecurves voor de pompen van de AJ-serie vindt u bij .MEI = 0,40 for Multistage Submersible 2900 rpm. Het gebruik van deze waterpomp bij
verschillende bedrijfspunten kan efficiënter en zuiniger zijn, als deze bijv. middels een variabele toerentalaansturing wordt aangestuurd, die de pompaan-drijving aan het systeem aanpast.
3. Toepassingsgebied
Dieptebronpompen van T.I.P. zijn speciaal ontworpen en uiterst efficiënte dompeldrukpompen voor het oppompen van water vanuit grote diepten. Met hun compacte bouwwijze en professionele techniek kunnen deze pompen ook worden gebruikt in smalle boorputten en schachten. Deze hoogwaardige producten met hun overtuigende specificaties werden ontwikkeld voor uiteenlopende irrigatiedoeleinden en voor het verdere transport van de opgepompte vloeistof onder hoge druk.
De apparaten zijn geschikt voor het verpompen van zuiver, helder water dat vaste deeltjes bevat tot op de maximale grootte die vermeld is in de technische gegevens.
Tot de typische toepassingsgebieden van dieptebronpompen behoren: irrigatie en besproeiing van tuinen en plantsoenen, huishoudwatervoorziening met gebruikswater uit water- of regenputten en waterreservoirs, toevoer voor irrigatiesystemen, reiniging van terrassen en trottoirs, oppompen van water uit grote diepte, watervoorziening uit grote diepten.
Dieptebronpompen van T.I.P. zijn geschikt voor vaste installaties of voor tijdelijke installaties. Dit product is bestemd voor particulier gebruik in huishoudelijke omgeving en niet voor commerciële resp. industriële doeleinden of voor continue circulatiebedrijf.

Het apparaat is niet geschikt voor gebruik in het zwembad en voor de drinkwatervoorziening.

De pomp is niet geschikt voor het verpompen van zoutwater, uitwerpselen, ontvlambare, bijtende, explosieve of andere gevaarlijke vloeistoffen. De temperatuur van de te verpompen vloeistof mag niet boven de in de technische gegevens aangegeven maximumtemperatuur liggen.

In de pomp worden smeermiddelen gebruikt die bij onjuist gebruik of beschadiging van het toestel de te verpompen vloeistof kunnen verontreinigen. De gebruikte smeermiddelen zijn biologisch afbreekbaar en schaden de gezondheid niet.
4. Leveringsomvang
Tot de leveringsomvang van dit product behoort het volgende:
Een pomp met aansluitkabel, een neerlaatkabel, een gebruiksaanwijzing.
Controleer de leveringsomvang op volledigheid. Afhankelijk van het gebruiksdoeleinde kunnen andere accessoires noodzakelijk zijn (zie hoofdstuk „Installatie“, „Automatisering met speciale accessoires en „Bestelling van reserveonderdelen“).
Bewaar de verpakking indien mogelijk tot aan het verstrijken van de garantieperiode. Voer de verpakkingsmaterialen op milieuvriendelijke wijze af.
5. Installatie
5.1. Algemene installatie-instructies

Tijdens de gehele installatieprocedure mag het toestel niet aan het elektriciteitsnet zijn aangesloten.

De pomp en het gehele aansluitsysteem moeten tegen vorst worden beschermd.
Raadpleeg ook de afbeeldingen die in de tekst, resp. in de bijlage aan het einde van deze gebruiksaanwijzing zijn opgenomen. De cijfers die in de hieronder vermelde weergaven tussen haakjes worden vermeld, hebben betrekking op afb. 5 achterin de gebruiksaanwijzing.
Alle aangesloten leidingen moeten absoluut water- en luchtdicht zijn, omdat lekkende leidingen de prestatie van de pomp verminderen en aanzienlijke schade kunnen veroorzaken. Gebruik eventueel geschikt afdichtmateriaal om een luchtdichte montage te garanderen.
Gebruik niet te veel kracht bij het aandraaien van schroefverbindingen, om beschadiging te voorkomen.
Let er bij het leggen van de aangesloten leidingen op dat er geen druk door gewicht, trillingen of spanningen op de pomp wordt uitgeoefend. Bovendien mogen de aangesloten leidingen geen knikken of tegenhellingen vertonen.
5.2. Installatie van de drukleiding
De drukleiding brengt de te verpompen vloeistof van de pomp naar het aftappunt. Om stromingsverliezen te voorkomen, is het raadzaam een drukleiding te gebruiken, die tenminste dezelfde diameter heeft als de drukaansluiting (5) van de pomp.
Als drukleiding moet een voor dit gebruiksdoeleinde geschikte flexibele slang worden gebruikt – bijvoorbeeld een speciaal ontwikkelde afvoerslang.
In geval van een vaste installatie vormen vaste buizen een ideale drukleiding.
De pomp beschikt over een geïntegreerd terugslagventiel. Dit verhindert dat na afloop van de werking vloeistof uit de drukleiding terug in de pomp loopt en het biedt bescherming tegen beschadigingen van het apparaat door drukstoten.
Monteer de drukleiding op de drukaansluiting (5) van de pomp.
5.3. Bevestigen van neerlaatkabel

Geleid het in de leveringsomvang opgenomen lostouw, zoals u in afb.1 kunt zien, door de drie ogen bovenaan de pomp. Vervolgens fixeert u het touw met een dubbele knoop (afb.2). Let op dat het lostouw goed op de pomp is gefixeerd.
5.4. Positie van de pomp

Voor het neerlaten of optrekken mag enkel een geschikte neerlaatkabel en in geen geval de drukslang of de aansluitkabel worden gebruikt.
De pomp mag enkel met een daarvoor geschikte neerlaatkabel in de vloeistof worden neergelaten en eruit worden getrokken. Gebruik een kabel uit roestvrij staal of synthetische materialen zoals nylon. Kabels die als gevolg van weersinvloeden en vocht neigen tot roestvorming, verwering, verrotting enz., mogen omwille van het daarmee verbonden gevaar voor scheuren niet worden gebruikt. De kabel moet niet alleen het gewicht van de pomp, van de met water gevulde drukleiding en van de aansluitkabel kunnen dragen, maar moet daarnaast ook bestand zijn tegen de belastingen, die bij de werking optreden.
De standaard uitrusting van dit model omvat een hoogwaardige neerlaatkabel (1).
Voor de bevestiging van de neerlaatkabel dienen twee ogen (2) aan het bovenste gedeelte van de pomp.
Zorg ervoor dat de pomp in een verticale positie hangt, wanneer ze aan de kabel wordt opgetrokken.
De neerlaatkabel, de aansluitkabel (3) en de drukleiding moeten met een geschikte tape of met kabelbinders op afstanden van ongeveer twee meter worden samengebonden, zodat ze bij het neerlaten of optrekken van de pomp niet in elkaar verwikkeld geraken.
Laat de pomp met de neerlaatkabel voorzichtig in de pompvloeistof zakken. Bij het neerlaten moet de pomp verticaal hangen. Zorg ervoor dat het apparaat niet tegen de rand van de put slaat of hiertegen schuurt. De pomp moet volledig in de vloeistof worden ondergedompeld. De afstand tot de grond moet minstens 0,5 m bedragen, om het aanzuigen van slib, zand, stenen enz. te verhinderen.
Om dit te kunnen waarborgen, adviseren wij de pomp tot op de bodem van de bronschacht neer te laten, en de zo gemeten diepte op het gespannen touw te markeren. Maak nu een tweede markering 0,5 meter daaronder (richting pomp). Trek nu de pomp 50 cm. naar boven en fixeer het apparaat in deze positie met in acht neming van de tweede markering. Let op dat de maximale diepte van de pomp in vloeistof 20 m. is.
6. Elektrische aansluiting
Het toestel beschikt over een netsnoer met stekker. Om gevaren te voorkomen, mogen het netsnoer en de stekker uitsluitend door een vakman worden vervangen. Draag de pomp nooit aan het netsnoer en gebruik het snoer niet om de stekker uit het stopcontact te trekken. Bescherm de stekker en het netsnoer tegen hitte, olie en scherpe randen.

De gebruikte netspanning moet met de in de technische gegevens aangegeven waarden overeenstemmen. De persoon die verantwoordelijk is voor de installatie moet verzekeren, dat de elektrische aansluiting beschikt over een aarding die beantwoordt aan de norm.

De elektrische aansluiting moet van een gevoelige aardlekschakelaar (FI-schakelaar) zijn voorzien: = 30 mA (DIN VDE 0100-739).

Verlengkabels mogen geen kleinere doorsnede hebben dan rubberslangen met het symbool H07RN-F (3 x 1,0 mm²) conform VDE. Netstekkers en koppelingen moeten spatwaterdicht zijn.
7. Ingebruikname

Tijdens het gebruik van de pomp mogen zich geen personen in het water bevinden.

De pomp mag uitsluitend voor het op het typeplaatje aangegeven toepassingsgebied worden gebruikt.

Drooglopen - het pompen van het toestel zonder waterdoorvoer - moet worden voorkomen, omdat de pomp bij watergebrek oververhit kan raken. Dit kan aanzienlijke schade aan het toestel veroorzaken.

Zorg ervoor dat de elektrische steekverbindingen zich buiten het bereik van overstromend water bevinden.

Het is absoluut verboden de handen in de opening van de pomp te steken zolang het toestel aan het elektriciteitsnet is aangesloten.

De pomp mag niet werken, wanneer de drukaansluiting of de drukleiding gesloten is.
Voer voor elk gebruik van de pomp een visuele controle uit. Dit geldt in het bijzonder voor het netsnoer en de stekker. Controleer of alle schroeven goed vast zitten en de aansluitingen in goede staat zijn. Gebruik nooit een beschadigde pomp. In geval van schade moet de pomp door een vakman worden gecontroleerd.
Open eventueel aanwezige afsluitinrichtingen - bijv. een waterkraan - in de drukleiding. Sluit de netstekker aan op een 230V-wisselstroomcontactdoos. Bij de eerste keer in gebruik nemen, schakelt de geïntegreerde
droogloopbeveiliging na een vertraging van ca. 10 seconden in. Na een korte tijd pompt de pomp water.
Voor het beëindigen van het gebruik, de verbruiker sluiten (bijv. waterkraan). De pomp zal dan na het bereiken van de maximale druk worden gestopt Zodra u weer een verbruiker opent en de druk in het systeem onder 3 bar komt, start de pomp weer.
De pomp is weliswaar uitgerust met een geïntegreerde droogloopbeveiliging, maar desondanks moet het gebruik van de pomp zonder het pompen van water worden voorkomen, omdat watergebrek tot het heetlopen van de pomp zal leiden. Dit kan aanzienlijke beschadigingen aan het apparaat veroorzaken. Tot de meest voorkomende oorzaken van drooglopen behoren verstopte aanzuigopeningen en een tekort aan pompvloeistof. Houd er in dit verband rekening mee, dat het waterpeil kan veranderen door wateronttrekking, weersinvloeden, het wisselen van de seizoenen of door andere oorzaken. Daarom is het aan te bevelen om automatische waterpeilcontroles aan te brengen.
De elektrische pompen uit de serie T.I.P. AJ 4 Plus beschikken over een geïntegreerde thermische motorbeveiliging. Bij overbelasting slaat de motor vanzelf af en gaat na voldoende te zijn afgekoeld weer vanzelf aan. Mogelijke oorzaken en de daarbijbehorende oplossingen vindt u in het hoofdstuk "Onderhoud en hulp bij storingen".
8. Automatisch bedrijf / droogloopbeveiliging
Het geïntegreerde elektronische besturingssysteem maakt automatisch bedrijf van de pomp mogelijk, zodat de gepompte vloeistof net zo kan worden gebruikt als uit de waterleiding. De pomp wordt eenvoudig door het openen of sluiten van waterkranen of andere verbruikers in-, resp. uitgeschakeld.
Zodra de verbinding met de netspanning tot stand is gebracht, start de pomp na een vertraging van 10 seconden en begint met het pompen van water. Na het sluiten van de gebruikers en het bereiken van de maximale druk, schakelt de pomp uit. Het automatisch inschakelen van de pomp gebeurt als door het openen van een verbruiker de druk in het leidingsysteem onder ca. 3 bar komt.
De automatische uitschakeling van de pomp gebeurt - in tegenstelling tot pompen met drukaccumulatoren, zoals hydrofoorpompen - niet door het bereiken van een bepaalde uitschakeldruk, maar door de vermindering van het debiet naar een minimale waarde door het sluiten van de verbruikers. Het leidingsysteem heeft dan de maximaal bereikbare druk van de pomp (ca. 5,7 bar). De elektronische pompbesturing vertraagd hierbij de uitschakeling maximaal 40 seconden. Deze techniek verlaagt de inschakelfrequentie van de pomp bij lage debieten en zorgt zo voor een besparend gebruik. Bij het drooglopen van de pomp wordt deze functie eveneens geactiveerd en zorgt zo voor een bescherming van het apparaat tegen schade die door gebruik bij watergebrek kan ontstaan.
Bij watergebrek probeert de pomp ca. 40 seconden water te pompen en schakelt daarna 10 seconden uit. Daarna probeert hij opnieuw te starten en herhaalt deze pogingen in totaal nog 3 keer. Na een pauze van één uur worden opnieuw 4 startcycli uitgevoerd. Is het pompen van water dan nog steeds niet mogelijk, bijv. door een verstopte aanzuigopening of een te laag waterpeil, schakelt de pomp naar de storingsmodus en kan niet meer zonder ingreep van de gebruiker worden gestart. Verhelp de oorzaak van het drooglopen en zorg dat het waterpeil voldoende is voor een correct pompopbrengst. Om de pomp weer te starten, moet u een reset uitvoeren door de pomp ca. 10 seconden door het uittrekken van de netstekker van de voedingsspanning te scheiden. Het in gebruik nemen gebeurt door het weer verbinden met de voedingsspanning.
9. Onderhoud en hulp bij storingen

Trek voor het verrichten van onderhoudswerkzaamheden altijd de stekker van de pomp uit het stopcontact. Als de stroomtoevoer niet wordt onderbroken, kan bijv. gevaar ontstaan door per ongeluk starten van de pomp.

Wij zijn niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door onvakkundige reparaties of pogingen daartoe. Schade die is veroorzaakt door onvakkundige pogingen tot reparatie leidt tot het vervallen van alle garantieaanspraken.
NL
Als u zich houdt aan de voor dit toestel geldende gebruiksomstandigheden en toepassingsgebieden, wordt het gevaar op mogelijke storingen kleiner en helpt u de levensduur van uw toestel te verlengen. Schurende stoffen in de te verpompen vloeistof - bijvoorbeeld zand - bespoedigen de slijtage en verminderen de prestatie van de pomp.
Bij juiste handhaving is dit toestel onderhoudsvrij.
Als het gepompte water niet schoon genoeg is, kan het noodzakelijk zijn, om het aanzuigfilter (4) met een staalborstel te reinigen om het vuil dat zich aan het buitenoppervlak heeft verzameld, te verwijderen. Hiertoe moet de pomp van de stroomvoorziening worden losgekoppeld en uit het water worden gehaald. Als de uitwendige reiniging niet voldoende is, kan het roestvrijstalen filter (4) van de pomp worden verwijderd door twee kruiskopschroeven (afb.3) los te draaien. Aansluitend kan de binnenzijde van het aanzuigfilter (4) worden gereinigd met een staalborstel. Vervolgens moet het filter met helder water worden gespoeld en weer op de pomp worden gemonteerd (afb.4). Elke overige demontage en het vervangen van onderdelen mag uitsluitend door de fabrikant of een erkend servicestation worden uitgevoerd, teneinde risico's te vermijden.
| DemontageAfb.3 | MontageAfb.4 |
Eventueel is het raadzaam om het aanzuigfilter (4) te reinigen, dat van de pomp kan worden verwijderd door de desbetreffende schroeven los te draaien. Vervolgens kan de binnen- en buitenzijde van het aanzuigfilter met een stalen borstel worden gereinigd. Daarna moet het aanzuigfilter met zuiver water worden gespoeld en opnieuw op de pomp worden aangebracht. De reiniging van de hydraulische onderdelen mag uitsluitend worden uitgevoerd door een geautoriseerde dealer of klantendienst.
Om gevaar te voorkomen, mag elke andere demontage en vervanging van onderdelen uitsluitend door de fabrikant of een gemachtigde reparatiedienst worden uitgevoerd.
Bij vorst kan water dat in de pomp is achtergebleven door bevriezing aanzienlijke schade veroorzaken. Haal daarom bij vriesweer de pomp uit de te verpompen vloeistof en laat hem volledig leeglopen. Bewaar de pomp op een droge, vorstveilige plek.
Ga in geval van storing eerst na of er sprake is van een bedieningsfout of een andere oorzaak die niet aan een defect aan het toestel te wijten is - bijvoorbeeld een stroomstoring.
In de volgende lijst vindt u een aantal voorkomende gevallen van storing van het toestel, mogelijke oorzaken en tips hoe u deze kunt oplossen. Alle genoemde maatregelen mogen uitsluitend worden uitgevoerd als de pomp niet met het elektriciteitsnet is verbonden. Als u een storing niet zelf kunt oplossen, neem dan contact op met de klantenservice resp. uw winkelier. Ingrijpendere reparaties mogen uitsluitend door een vakman worden uitgevoerd. Wij wijzen er met klem op dat in geval van schade die is veroorzaakt door onvakkundige reparaties of pogingen daartoe alle aanspraken op garantievergoeding vervallen en wij niet aansprakelijk zijn voor de daaruit resulterende.
| STORING | MOGELIJKE OORZAAK | OPLOSSING |
| 1. Toestel pompt geen vloeistof, de motor loopt niet. | 1. Geen elektriciteitstoevoer.2. De thermische motorbeveiliging is geactiveerd.3. De condensator is defect.4. De rotor blokkeert. | 1. Met een gekeurd apparaat controleren of er spanning aanwezig is (neem de veiligheidsinstructies in acht!). Controleer of de stekker correct aangesloten is.2. Stekker uit het stopcontact trekken, systeem laten afkoelen, oorzaak verhelpen.3. Neem contact op met de klantenservice.4. Hef de blokkering van de rotor op. |
| 2. De motor loopt, maar het toestel pompt geen vloeistof. | 1. De aanzuigopeningen zijn verstopt.2. De drukleiding is verstopt.3. Knikken of gelijkardige storingen in de aansluitleidingen.4. Blokkering of beschadiging van het terugslagventiel.5. De aanzuigopeningen zijn niet ondergedompeld in de pompvloeistof.6. De bij de technische gegevens vermelde maximale opvoerhoogte van de pomp is overschreden. | 1. Verstopping verwijderen.2. Verstopping verwijderen.3. Verwijderen van de knikken of verhelpen van andere storingen in de aansluitleidingen.4. De blokkering uit het terugslagventiel verwijderen of het terugslagventiel bij beschadiging vervangen.5. Onderdompelen van de aanzuigopeningen in de pompvloeistof.6. Verandering van de installatie, zodat de opvoerhoogte de maximale waarde niet overschrijdt. |
| 3. Het toestel stopt na een korte bedrijfsduur met pompen, omdat de thermische motorbeveiliging is geactiveerd. | 1. De stroomaansluiting is niet in overeenstemming met de gegevens op het typeplaatje.2. Zie punten 2.1. tot 2.5.3. De vloeistof is te dik.4. De temperatuur van de vloeistof is te hoog.5. De pomp loopt droog. | 1. Met een gekeurd apparaat de spanning op de leidingen van de aansluitkabel controleren (neem de veiligheidsinstructies in acht!).2. Zie punten 2.1. tot 2.5.3. De pomp is niet geschikt voor deze vloeistof. Eventueel de vloeistof verdunnen.4. Zorg ervoor dat de temperatuur van de te verpompen vloeistof de max. toegestane waarde niet overschrijdt.5. Oorzaak van het drooglopen verhelpen. |
| 4. Pomp loopt met onderbrekingen resp. onregelmatig. | 1. Zie punten 2.1. tot 2.5.2. Zie punt 3.3.3. Zie punt 3.4.4. Netspanning buiten tolerantiebereik.5. De motor is defect. | 1. Zie punten 2.1. tot 2.5.2. Zie punt 3.3.3. Zie punt 3.4.4. Zorg ervoor dat de netspanning overeenkomt met de aangegeven waarde op het typeplaatje.5. Neem contact op met de klantenservice. |
| 5. Het toestel pompt te weinig water. | 1. Zie punten 2.1. tot 2.5. | 1. Zie punten 2.1. tot 2.5. |
10. Garantie
Dit toestel is volgens de nieuwste methods geproduceerd en gekeurd. De verkoper verleent garantie op materiaal- en fabricagefouten volgens de wettelijke bepalingen van het land waarin het toestel is gekocht. De garantieperiode begint met de dag van aankoop onder de volgende voorwaarden:
Binnen de garantieperiode worden alle gebreken die door materiaal- of fabricagefouten zijn veroorzaakt kosteloos verholpen. Reclamaties moeten onmiddellijk na constatering worden gemeld.
Het recht op garantievergoeding vervalt in geval van reparaties of wijzigingen aan het toestel door de koper of door derden. Schade die door onvakkundige omgang met of bediening van het toestel, door onjuiste opstelling of bewaring, onvakkundige aansluiting of installatie, door overmacht of andere externe invloeden ontstaat, valt niet onder de garantie.
Slijtbare delen zoals rotor en glijringafdichtingen vallen niet onder de garantie.
Alle onderdelen zijn met de grootste zorgvuldigheid en uit materialen van hoge kwaliteit geproduceerd en voor een lange levensduur ontwikkeld. Slijtage is echter afhankelijk van soort en intensiteit van gebruik en de regelmaat van onderhoud. De navolging van de installatie- en onderhoudsinstructies in deze handleiding draagt daarom aanzienlijk bij tot de lange levensduur van de slijtbare delen.
Wij behouden ons het recht voor in geval van reclamatie de defecte delen te repareren of te vervangen of een vervangend toestel te leveren. Vervangen onderdelen worden ons eigendom.
Er kan geen aanspraak worden gemaakt op schadevergoeding voor zover de schade niet op opzet of grove nalatigheid door de fabrikant berust.
Verdere aanspraken kunnen op basis van deze garantie niet worden gemaakt. De koper moet d.m.v. een aankoopbon de aanspraak op garantie kunnen aantonen. Deze garantie is geldig in het land waarin het toestel is gekocht.
NL
Bijzondere instructies:
- Mocht het toestel niet meer goed functioneren, controleer dan eerst of er sprake is van een bedieningsfout of een oorzaak die niet aan een defect van het toestel te wijten is.
- Als u het defecte toestel ter reparatie inlevert of opstuurt, sluit dan tenminste de volgende documenten bij: - aankoopbon
beschrijving van de opgetreden fout (een nauwkeurige beschrijving zorgt voor een snellere reparatie). - Verwijder alle door u toegevoegde onderdelen die niet in overeenstemming zijn met de originele toestand van het toestel, voor u het defecte toestel inlevert of opstuurt. Mochten deze door u aangebrachte onderdelen bij teruggave van het toestel ontbreken, zijn wij hiervoor niet aansprakelijk.
11. Bestelling van reserveonderdelen
De snelste, eenvoudigste en voordeligste manier om reserveonderdelen te bestellen, is via internet. Op onze website www.tip-pumpen.de vindt u een comfortabele onderdelenshop waar u met slechts enkele clicks onderdelen kunt bestellen. Bovendien vindt u op deze website uitgebreide informatie en handige tips over onze producten en accessoires, nieuwe toestellen en nieuwe trends en innovaties op het gebied van de pomptechniek.
12. Service
Neem in geval van reclamaties en storingen contact op met uw verkoper.
De meest actuele bedieningshandleiding kan, indien gewenst, als PDF per e-mail via: service@tip-pumpen.de worden aangevraagd.

Alleen voor EU-landen
Gooi elektrische apparaten niet weg bij het huisvuil!
Overeenkomstig de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende gebruikte elektrische en elektronische apparatuur en de omzetting in nationaal recht moeten gebruikte elektrische apparaten apart worden ingezameld en worden ingeleverd voor een milieuvriendelijke recycling. Bij vragen dient u contact op te nemen met uw lokaal afvalverwerkingsbedrijf.
Αγαπητέ πελάτη,
Onderdelen / details
1 Neerlaatkabel 3 Netsnoer 5 Drukaansluiting
2 Ogen voor de bevestiging van de neerlaatkabel 4 Aanzuigfilter / Aanzuigopeningen