HWK 46/42 - Waterpomp T.I.P. - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HWK 46/42 T.I.P. in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over HWK 46/42 T.I.P.
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Waterpomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HWK 46/42 - T.I.P. en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HWK 46/42 van het merk T.I.P..
GEBRUIKSAANWIJZING HWK 46/42 T.I.P.
NL EG-verklaring van overeenstemming
Wij, de firma T.I.P. Technische Industrie Produkte GmbH, Siemensstr. 17, D-74915 Waibstadt, verklaren op eigen verantwoordelijkheid dat de hieronder genoemde producten aan de fundamentele eisen van de hieronder vermelde EURichtlijnen - en alle navolgende wijzigingen - voldoen: 2006/95/EC, 2004/108/EC, 2000/14/EC.
Van harte gefeliciteerd met de aanschaf van uw nieuwe T.I.P. toestel!
Zoals al onze producten is ook dit toestel ontwikkeld volgens de nieuwste stand van de techniek. Voor de fabricage en montage van het toestel hebben wij gebruik gemaakt van de nieuwste pomptechniek en de meest betrouwbare elektrische resp. elektronische en mechanische onderdelen, om een hoge kwaliteit en lange levensduur van uw nieuwe product te kunnen garanderen.
Lees deze handleiding goed door, zodat u alle technische mogelijkheden van deze pomp optimaal kunt gebruiken. Verklarende afbeeldingen vindt u in het aanhangsel aan het einde van deze handleiding. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe toestel.
Inhoudsopgave
- Algemene veiligheidswaarschuwingen....1
- Toepassingsgebied....1
- Technische gegevens 2
- Leveringsomvang....2
- Installatie....3
- Elektrische aansluiting 4
- Ingebruikname 4
- Droogloopbeveiliging 5
- Instellen van de drukschakelaar....6
- Pomp met voorfilter van T.I.P. gebruiken 6
- Onderhoud en hulp bij storingen....6
- Garantie....7
- Bestelling van reserveonderdelen 8
- Service 8
Aanhangsel: afbeeldingen
1. Algemene veiligheidswaarschuwingen
Lees deze handleiding zorgvuldig door en maak uzelf vertrouwd met de bedienelementen en het juiste gebruik van dit product. Wij zijn niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door het niet navolgen van aanwijzingen en instructies in deze handleiding. Schade die ontstaat door het niet navolgen van aanwijzingen en instructies in deze handleiding valt tevens niet onder de garantiedekking. Bewaar deze handleiding goed en voeg deze bij het toestel als u dit aan anderen doorgeeft.
Kinderen en personen die de inhoud van deze handleiding niet kennen, mogen dit toestel niet gebruiken. Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat deze met het toestel spelen. De leeftijd van de gebruiker van het toestel kan eventueel door geldende voorschriften in het betreffende land worden beperkt. Deze voorschriften moeten te allen tijde worden opgevolgd.
Personen met beperkte fysische, sensorische of mentale capaciteiten en personen met gebrekkige ervaring en/of kennis mogen het apparaat niet gebruiken, tenzij ze onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of tenzij ze van de daarvoor bevoegde persoon aanwijzingen hebben gekregen over hoe het apparaat moet worden gebruikt.
Besteed vooral aandacht aan aanwijzingen en instructies die met de volgende symbolen zijn gekenmerkt:

Het niet navolgen van deze aanwijzing kan persoonlijke en/of materiële schade veroorzaken.

Niet-inachtneming van deze instructie gaat gepaard met gevaar voor een elektrische schok, die kan leiden tot lichamelijke letsels en/of materiële schade.
Controleer het toestel op transportschade. In geval van schade moet de winkelier onmiddellijk - echter uiterlijk binnen 8 dagen na koopdatum - hierover worden ingelicht.
2. Toepassingsgebied
Hydrofoorpompen van T.I.P. zijn zelfaanzuigende elektrische pompen met een automatische mechanische of elektronische pompbesturing. Deze producten zijn van hoge kwaliteit, leveren uitstekende prestaties en zijn veelzijdig toepasbaar voor irrigatiedoeleinden, huishoudwatervoorziening, drukverhoging en het met een constante druk doorvoeren van water. Deze toestellen zijn geschikt voor het verpompen van schoon, helder water.
Typische toepassingsgebieden voor hydrofoorpompen zijn onder meer: automatische huishoudwatervoorziening met gebruikswater uit water- en regenputten; automatische irrigatie en besproeiing van tuinen en plantsoenen; drukverhoging binnen huiswaterinstallaties.
Het apparaat is niet geschikt voor gebruik in zwembaden.
Hydrofoorpompen van T.I.P. zijn voor huishoudelijk gebruik en niet voor industriële doeleinden of continu rondpompen ontwikkeld.

De pomp is niet geschikt voor het verpompen van zoutwater, uitwerpselen, ontvlambare, bijtende, explosieve of andere gevaarlijke vloeistoffen. De temperatuur van de te verpompen vloeistof mag niet boven resp. onder de in de technische gegevens aangegeven maximum-resp. minimumtemperatuur liggen.
- Technische gegevens
| Model | HWK 46/42 | HWW 3600 l |
| Netspanning / frequentie | 230 V ~ 50 Hz | 230 V ~ 50 Hz |
| Nominaal vermogen | 550 Watt | 650 Watt |
| Beschermingsklasse | IP 44 | IP X4 |
| Zuigaansluiting | 33,25 mm (1"), bu. dr. | 30,93 mm (1"), binnenschroefdraad |
| Drukaansluiting | 33,25 mm (1"), bu. dr. | 30,93 mm (1"), binnenschroefdraad |
| Max. Doorvoercapaciteit ( Q_max )1) | 2.800 l/h | 3.600 l/h |
| Max. druk | 4,2 bar | 4,0 bar |
| Max. opvoerhoogte ( H_max )1) | 42m 40 m | |
| Max. aanzuighoogte | 9 m | 9 m |
| Volume drukketel | 22 l | 22 l |
| Max. grootte van gepompte vaste deeltjes | 3 mm | 3 mm |
| Max. toegestane operationele druk | 6 bar | 6 bar |
| Min. omgevingstemperatuur | 5 °C | 5 °C |
| Max. omgevingstemperatuur | 40 °C | 40 °C |
| Minimumtemperatuur van de gepompte vloeistof | 2 °C | 2 °C |
| Maximumtemperatuur van de gepompte vloeistof ( T_max ) | 35 °C | 35 °C |
| Max. aantal starts binnen een uur | 40, gelijkmatig verdeeld | 40, gelijkmatig verdeeld |
| Lengte aansluitkabel | 1,5 m | 1,5 m |
| Kabelsoort | H05RN-F | H05RN-F |
| Gewicht (netto) | 10,6 kg | 11,2 kg |
| Gegarandeerd geluidsniveau ( L_WA )2) | 81,3 dB | 83 dB |
| Gemeten geluidsniveau ( L_WA )2) | 79,8 dB 81,3 dB | |
| Geluidsdruk ( L_pA )2) | 71,7 dB | 73,3 dB |
| Afmetingen (L x D x H) | 47 x 28 x 48 cm | 46 x 27 x 48 cm |
| Artikelnummer 31202 31188 |
1) De aangegeven maximale geluidsniveaus werden bepaald bij een vrije, niet-gereduceerde in- en uitlaat
2) Geluidsemissiewaarden verkregen in overeenstemming met de norm EN 12639. Meetmethode volgens EN ISO 3744.
4. Leveringsomvang
Tot de leveringsomvang van dit product behoort het volgende:
Een hydrofoorpomp met aansluitkabel, een gebruiksaanwijzing.
Controleer de leveringsomvang op volledigheid. Afhankelijk van het gebruiksdoeleinde kunnen andere accessoires noodzakelijk zijn (zie hoofdstuk „Installatie“, „Droogloopbeveiliging“, „Werking van de pomp met voorfilter van T.I.P.“ en „Bestelling van reserveonderdelen“).
Bewaar de verpakking indien mogelijk tot aan het verstrijken van de garantieperiode. Voer de verpakkingsmaterialen op milieuvriendelijke wijze af.
5. Installatie
5.1. Algemene installatie-instructies

Tijdens de gehele installatieprocedure mag het toestel niet aan het elektriciteitsnet zijn aangesloten.

Plaats de pomp op een droge plek. De omgevingstemperatuur mag niet boven 40 °C en niet onder 5 °C liggen. De pomp en het gehele aangesloten systeem moeten tegen vorst en weersinvloeden worden beschermd.

Let er bij de plaatsing van het toestel op dat er voldoende lucht bij de motor komt.
Alle aangesloten leidingen moeten absoluut water- en luchtdicht zijn, omdat lekkende leidingen de prestatie van de pomp verminderen en aanzienlijke schade kunnen veroorzaken. Isoleer daarom altijd de schroefverbindingen van de leidingen onderling en de verbinding naar de pomp met teflonband. Alleen het gebruik van afdichtmateriaal zoals teflonband garandeert een luchtdichte montage.
Gebruik niet te veel kracht bij het aandraaien van schroefverbindingen, om beschadiging te voorkomen.
Let er bij het leggen van de aangesloten leidingen op dat er geen druk door gewicht, trillingen of spanningen op de pomp wordt uitgeoefend. Bovendien mogen de aangesloten leidingen geen knikken of tegenhellingen vertonen.
Raadpleeg ook de afbeeldingen in het aanhangsel aan het einde van deze handleiding. De cijfers en andere gegevens die hierna tussen haakjes worden vermeld, verwijzen naar deze afbeeldingen.
5.2. Installatie van de aanzuigleiding

De ingang van de aanzuigleiding moet van een terugslagventiel met aanzuigfilter zijn voorzien.
Gebruik een aanzuigleiding (2) die dezelfde diameter heeft als de zuigaansluiting (1) van de pomp. Bij een aanzuighoogte (HA) van meer dan 4 m is het evenwel raadzaam om een 25 % grotere diameter te gebruiken - met overeenkomstige verloopstukken bij de aansluitingen.
De ingang van de aanzuigleiding moet van een terugslagventiel (3) met aanzuigfilter (4) zijn voorzien. De filter biedt bescherming tegen grotere vuildeeltjes in het water, die de pomp of het leidingsysteem zouden kunnen verstoppen of beschadigen. Het terugslagventiel voorkomt het afnemen van de druk na het uitschakelen van de pomp. Bovendien vereenvoudigt het de ontluchting van de aanzuigleiding door het bijvullen van water. Het terugslagventiel met aanzuigfilter - dus de ingang van de aanzuigleiding - moet zich tenminste 0,3 m onder het oppervlak van de te verpompen vloeistof bevinden (HI). Zo kan worden voorkomen dat lucht wordt aangezogen. Zorg voor voldoende afstand tussen aanzuigleiding en de bodem of oevers van beken, rivieren, vijvers etc. om het aanzuigen van stenen, planten etc. te voorkomen.
5.3. Installatie van de drukleiding
De drukleiding (11) brengt de te verpompen vloeistof van de pomp naar het aftappunt. Om stromingsverliezen te voorkomen, is het raadzaam een drukleiding te gebruiken, die tenminste dezelfde diameter heeft als de drukaansluiting (5) van de pomp. Breng direct na de pompuitgang een terugslagventiel (6) in de drukleiding aan, om de pomp tegen beschadiging door drukstoten te beschermen.
Bovendien raden wij aan achter pomp en terugslagventiel een afsluitventiel (7) te installeren, zodat onderhoudswerkzaamheden gemakkelijker kunnen worden uitgevoerd. Als u dan bij demontage van de pomp het afsluitventiel sluit, kan de drukleiding niet leeglopen.
5.4. Vaste installatie

Als u kiest voor een vaste installatie, zorg er dan voor dat de stekker altijd goed toegankelijk en zichtbaar is.
Bevestig de pomp op een geschikte, stevige ondergrond, als u deze vast wilt installeren. Om trillingen te verminderen, is het raadzaam vibratiedempend materiaal - bijvoorbeeld een rubberlaag - tussen pomp en ondergrond aan te brengen.
Doeltreffende trillingsdempers zijn bij T.I.P. als accessoires onder artikelnummer 30943 verkrijgbaar.
Boor eerst vier gaten voor.
Gebruik voor het markeren van de boorgaten de steunpoten (18) als sjablonen. Zet het apparaat in de gewenste positie en steek een center of pen door de boringen in de steunpoten, om de positie van de boorgaten te markeren.
Leg het apparaat opzij en boor de vier gaten met een geschikte boormachine voor. Zet het apparaat in positie en bevestig het met geschikte schroeven en borgplaatjes.
5.5. Gebruik van de pomp bij tuinvijvers en gelijkaardige plaatsen

Het gebruik van de pomp bij tuinvijvers en gelijkardige plaatsen is principieel alleen toegestaan, wanneer er geen personen in contact komen met het water.
Voor het gebruik bij tuinvijvers of gelijkardige plaatsen moet de pomp via een aardlekschakelaar (FI-schakelaar) met een nominale lekstroom ≤ 30 mA worden aangedreven (DIN VDE 0100-702 en 0100-738). Vraag bij uw elektrospeciaalzaak na of uw installatie aan deze voorwaarden voldoet.
Het gebruik op soortgelijke locaties is uitsluitend toegestaan als de pomp stabiel en beveiligd tegen overstromend water op een minimumafstand van twee meter van de waterrand is opgesteld en door een stabiele houder wordt voorkomen dat de pomp in het water kan vallen. Het toestel dient hiertoe d.m.v. de hiervoor bedoelde bevestigingspunten met schroeven aan de ondergrond te worden bevestigd (zie hoofdstuk „Vaste installatie").
6. Elektrische aansluiting
Het toestel beschikt over een netsnoer met stekker. Om gevaren te voorkomen, mogen het netsnoer en de stekker uitsluitend door een vakman worden vervangen. Draag de pomp nooit aan het netsnoer en gebruik het snoer niet om de stekker uit het stopcontact te trekken. Bescherm de stekker en het netsnoer tegen hitte, olie en scherpe randen.

De gebruikte netspanning moet met de in de technische gegevens aangegeven waarden overeenstemmen. De persoon die verantwoordelijk is voor de installatie moet verzekeren, dat de elektrische aansluiting beschikt over een aarding die beantwoordt aan de norm.

De elektrische aansluiting moet van een gevoelige aardlekschakelaar (FI-schakelaar) zijn voorzien: = 30 mA (DIN VDE 0100-739).

Verlengkabels mogen geen kleinere doorsnede hebben dan rubberslangen met het symbool H07RN-F (3 x 1,0 mm²) conform VDE. Netstekkers en koppelingen moeten spatwaterdicht zijn.
7. Ingebruikname
Raadpleeg ook de afbeeldingen in het aanhangsel aan het einde van deze handleiding. De cijfers en andere gegevens die hierna tussen haakjes worden vermeld, verwijzen naar deze afbeeldingen.

Bij de eerste ingebruikname moet ook bij zelfaanzuigende pompen de pompbehuizing altijd volledig zijn ontlucht - d.w.z. gevuld zijn met water. Als deze ontluchting achterwege blijft, zuigt de pomp de te verpompen vloeistof niet aan. Het is raadzaam, maar niet per se nodig, daarnaast de aanzuigleiding te ontluchten resp. met water te vullen.


De pomp mag uitsluitend voor het op het typeplaatje aangegeven toepassingsgebied worden gebruikt.

Drooglopen - het pompen van het toestel zonder waterdoorvoer - moet worden voorkomen, omdat de pomp bij watergebrek oververhit kan raken. Dit kan aanzienlijke schade aan het toestel veroorzaken. Bovendien bevat het systeem dan zeer heet water dat tot huidverbrandingen kan leiden. Trek in geval van oververhitting de stekker eruit en laat de installatie afkoelen.


Laat de pomp niet met direct vocht in aanraking komen (bijvoorbeeld bij gebruik in combinatie met tuinsproeiers). Laat de pomp niet in de regen staan. Let erop dat zich geen druppelende aansluitingen boven de pomp bevinden. Gebruik de pomp niet in een natte of vochtige omgeving. Zorg ervoor dat de pomp en de elektrische steekverbindingen beschermd zijn tegen overstromend water.

De pomp mag niet werken als de toevoer is afgesloten.

Het is absoluut verboden de handen in de opening van de pomp te steken zolang het toestel aan het elektriciteitsnet is aangesloten.
Bij elke ingebruikname moet er steeds nauwkeurig op worden gelet dat de pomp veilig en stabiel wordt opgesteld. Het toestel moet altijd op een vlakke ondergrond en in rechtopstaande positie worden geplaatst.
Voer voor elk gebruik van de pomp een visuele controle uit. Dit geldt in het bijzonder voor het netsnoer en de stekker. Controleer of alle schroeven goed vast zitten en de aansluitingen in goede staat zijn. Gebruik nooit een beschadigde pomp. In geval van schade moet de pomp door een vakman worden gecontroleerd.
Bij de eerste ingebruikname moet de pompbehuizing (8) volledig zijn ontlucht. Vul daarom de pompbehuizing (8) via de vulopening (9) volledig met water. Controleer of er water door lekkage verloren gaat. Sluit de vulopening weer luchtdicht af. Het is uiterst raadzaam daarnaast ook de aanzuigleiding (2) te ontluchten - dus met water te vullen. De elektrische pompen uit de serie T.I.P. HWW zijn zelfaanzuigend en kunnen daarom ook in gebruik worden genomen, als alleen de pompbehuizing met water is gevuld. In dit geval zal het echter enige tijd duren voor de pomp de te verpompen vloeistof heeft aangezogen en met de doorvoer begint. Bovendien kan het bij deze methode nodig zijn de pompbehuizing meermaals met vloeistof te vullen. Dit hangt af van de lengte en diameter van de aanzuigleiding. Open na het vullen eventueel aanwezige afsluitapparaten in de drukleiding (7), bijvoorbeeld een waterkraan, zodat tijdens het aanzuigen de lucht kan ontwijken.
Steek de stekker in een 230-V wisselstroomstopcontact. De pomp begint onmiddellijk te lopen. Zodra de vloeistof gelijkmatig en zonder luchtbellen wordt doorgevoerd, is het systeem bedrijfsklaar. Eventueel aanwezige afsluitapparaten in de drukleiding kunnen dan weer worden gesloten. Zodra de uitschakeldruk wordt bereikt, slaat de pomp automatisch af.
Als de pomp langere tijd buiten bedrijf is geweest, moeten de beschreven stappen opnieuw worden doorlopen voor het toestel weer in gebruik kan worden genomen.
De elektrische pompen uit de serie T.I.P. HWW beschikken over een geïntegreerde thermische motorbeveiliging. Bij overbelasting slaat de motor vanzelf af en gaat na voldoende te zijn afgekoeld weer vanzelf aan. Mogelijke oorzaken en de daarbijbehorende oplossingen vindt u in het hoofdstuk "Onderhoud en hulp bij storingen".
8. Droogloopbeveiliging
8.1. Algemene opmerkingen
Sommige hydrofoorpompen van T.I.P. - uit de productserie T.I.P. HWW TLS - zijn voorzien van een droogloopbeveiliging. Dit beveiligingssysteem beschermt de pomp tegen schade die kan ontstaan als de pomp met te weinig water loopt en bij oververhitting van het hydraulisch systeem.
8.2. Werkwijze
Als de temperatuur van de vloeistof in de pomp 60-70°C bereikt, onderbreekt de droogloopbeveiliging de stroomtoevoer naar de motor. De pomp wordt hierdoor uitgeschakeld en het waarschuwingslampje op de klemkast gaat branden.
8.3. Pomp opnieuw aanzetten
Als het beveiligingssysteem is geactiveerd, moet de schakelaar op de klemkast op "0" worden gezet voor het toestel opnieuw kan worden aangezet. Trek het netsnoer van de pomp uit het stopcontact en laat het gehele hydraulisch systeem afkoelen. Ga vervolgens na wat de oorzaak van de storing was en los het probleem op. Zet de schakelaar op de klemkast dan weer op "1". Steek tenslotte de stekker van de pomp weer in het stopcontact. Als het waarschuwingslampje niet meer brandt, begint de pomp weer te lopen. Als het waarschuwingslampje opnieuw brandt, moet de beschreven procedure voor herstarten worden herhaald.
8.4. Droogloopbeveiliging achteraf installeren
Hydrofoorpompen van T.I.P. die niet over een droogloopbeveiliging beschikken, kunnen desgewenst achteraf hiermee worden uitgerust. Onder artikelnummer 30915 is bij T.I.P. de buitengewoon betrouwbare droogloopbeveiliging TLS 100 E als accessoire verkrijgbaar, die eenvoudig kan worden geïnstalleerd en een uitstekende bescherming biedt.
9. Instellen van de drukschakelaar

De vooraf ingestelde inschakel- en uitschakeldruk mogen uitsluitend door een vakman worden gewijzigd.
De elektrische pompen uit de serie T.I.P. HWW slaan automatisch aan als door drukvermindering binnen het systeem - meestal door het openen van een kraan of een andere verbruiker - de inschakeldruk wordt bereikt. De pomp slaat af als door het sluiten van een verbruiker de druk binnen het systeem weer stijgt tot de uitschakeldruk wordt bereikt. De drukschakelaar is in de fabriek ingesteld op een waarde van 2 bar inschakel- en 3 bar uitschakeldruk. Het is gebleken dat deze waarden voor de meeste installaties ideaal zijn. Mocht een wijziging van deze instellingen nodig zijn, laat deze dan door uw installateur of elektricien uitvoeren.
10. Pomp met voorfilter van T.I.P. gebruiken
Schurende stoffen in de te verpompen vloeistof - bijvoorbeeld zand - bespoedigen de slijtage en verminderen de prestatie van de pomp. Bij doorvoer van vloeistoffen die soortgelijke stoffen bevatten, is het raadzaam de pomp van een voorfilter te voorzien. Dit nuttige accessoire filtert op een efficiënte manier zand en soortgelijke vaste deeltjes uit de vloeistof, vermindert daardoor slijtage en zorgt voor een langere levensduur van de pomp. Sommige hydrofoorpompen van T.I.P. zijn standaard voorzien van een voorfilter. Bij modellen zonder deze standaarduitrusting kan desgewenst achteraf een voorfilter worden geïnstalleerd.
Als accessoire zijn verschillende uitstekende voorfilters van T.I.P. verkrijgbaar. Het assortiment bestaat o.a. uit: Voorfilter G5 (artikelnummer 31052), voorfilter G7 (artikelnummer 31058), voorfilter G10 (artikelnummer 31050). De filterfunctie moet regelmatig worden gecontroleerd. Indien nodig moet de filter worden gereinigd of vervangen.
11. Onderhoud en hulp bij storingen

Trek voor het verrichten van onderhoudswerkzaamheden altijd de stekker van de pomp uit het stopcontact. Als de stroomtoevoer niet wordt onderbroken, kan bijv. gevaar ontstaan door per ongeluk starten van de pomp.

Wij zijn niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door onvakkundige reparaties of pogingen daartoe. Schade die is veroorzaakt door onvakkundige pogingen tot reparatie leidt tot het vervallen van alle garantieaanspraken.
Door regelmatig onderhoud en zorgvuldige omgang met het toestel loopt u minder gevaar op storingen en zorgt u voor een langere levensduur van uw toestel.
Om eventuele storingen te voorkomen, is het raadzaam de opgebouwde druk en de energieopname regelmatig te controleren. Ook de compressiedruk (luchtdruk) in de drukketel moet regelmatig worden gecontroleerd. Trek hiertoe de stekker van de pomp uit het stopcontact en open een verbruiker in de drukleiding - bijvoorbeeld een kraan - zodat het hydraulisch systeem niet meer onder druk staat. Draai vervolgens de beschermdop van het ketelventiel (12) eraf. Via het ketelventiel kunt u nu met een luchtdrukmeter de compressiedruk meten. Deze moet 1,5 bar bedragen en eventueel worden gecorrigeerd.
Als er water door het ketelventiel naar buiten komt, is het membraan defect en moet het worden vervangen. Een levensmiddelveilig membraan van uitstekende kwaliteit is bij T.I.P. als reserveonderdeel onder artikelnummer 30905 verkrijgbaar.
Als het toestel langere tijd niet wordt gebruikt, laat dan pomp en drukketel via de hiervoor aangebrachte uitgangen leeglopen.
Bij vorst kan water dat in de pomp is achtergebleven door bevriezing aanzienlijke schade veroorzaken. Bewaar de pomp op een droge, vorstveilige plek.
Ga in geval van storing eerst na of er sprake is van een bedieningsfout of een andere oorzaak die niet aan een defect aan het toestel te wijten is - bijvoorbeeld een stroomstoring.
In de volgende lijst vindt u een aantal voorkomende gevallen van storing van het toestel, mogelijke oorzaken en tips hoe u deze kunt oplossen. Alle genoemde maatregelen mogen uitsluitend worden uitgevoerd als de pomp niet met het elektriciteitsnet is verbonden. Als u een storing niet zelf kunt oplossen, neem dan contact op met de klantenservice resp. uw winkelier. Ingrijpendere reparaties mogen uitsluitend door een vakman worden uitgevoerd. Wij wijzen er met klem op dat in geval van schade die is veroorzaakt door onvakkundige reparaties of
pogingen daartoe alle aanspraken op garantievergoeding vervallen en wij niet aansprakelijk zijn voor de daaruit resulterende schade.
| STORING | MOGELIJKE OORZAAK | OPLOSSING |
| 1. Toestel pompt geen vloeistof, de motor loopt niet. | 1. Geen elektriciteitstoevoer.2. De thermische motorbeveiliging is geactiveerd.3. De condensator is defect.4. De motoras blokkeert.5. De drukschakelaar is verkeerd ingesteld. | 1. Met een gekeurd apparaat controleren of er spanning aanwezig is (neem de veiligheidsinstructies in acht!). Controleer of de stekker correct aangesloten is.2. Stekker uit het stopcontact trekken, systeem laten afkoelen, oorzaak verhelpen.3. Neem contact op met de klantenservice.4. Oorzaak nagaan en de blokkering van de pomp opheffen.5. Neem contact op met de klantenservice. |
| 2. De motor loopt, maar het toestel pompt geen vloeistof. | 1. De pompbehuizing is niet met vloeistof gevuld.2. Binnentreden van lucht in de aanzuigleiding.3. Aanzuighoogte en/of opvoerhoogte te hoog. | 1. Vul de pompbehuizing met vloeistof (zie hoofdstuk "Ingebruikname")2. Controleer of / zorg ervoor dat:a.) de aanzuigleiding en alle verbindingen luchtdicht zijn.b.) de ingang van de aanzuigleiding incl. terugslagventiel geheel in de te verpompen vloeistof is gedompeld.c.) het terugslagventiel met aanzuigfilter niet lek of geblokkeerd is.d.) de aanzuigleidingen geen sifon, knik, tegenhelling of vernauwing vertonen.3. Verander de opstelling van de installatie zo dat de aanzuighoogte en/of de opvoerhoogte de max. waarde niet overschrijden. |
| 3. Het toestel stopt na een korte bedrijfsduur met pompen, omdat de thermische motorbeveiliging is geactiveerd. | 1. De stroomaansluiting is niet in overeenstemming met de gegevens op het typeplaatje.2. Vaste deeltjes verstoppen de pomp of aanzuigleiding.3. De vloeistof is te dik.4. De temperatuur van de vloeistof of de omgeving is te hoog.5. De pomp loopt droog. | 1. Met een gekeurd apparaat de spanning op de leidingen van de aansluitkabel controleren (neem de veiligheidsinstructies in acht!).2. Verstopping verwijderen.3. De pomp is niet geschikt voor deze vloeistof. Eventueel de vloeistof verdunnen.4. Zorg ervoor dat de temperatuur van de te verpompen vloeistof en de omgeving de maximaal toegestane waarden niet overschrijdt.5. Oorzaak van het drooglopen verhelpen. |
| 4. De pomp slaat te vaak automatisch aan en af. | 1. Membraan van de drukketel is beschadigd.2. Te weinig compressiedruk in de drukketel.3. Binnentreden van lucht in de aanzuigleiding.4. Het terugslagventiel is lek of geblokkeerd. | 1. Laat het membraan of de hele drukketel door een vakman vervangen.2. Verhoog de druk d.m.v. het ketelventiel tot de waarde van 1,5 bar is bereikt. Open eerst een verbruiker in de drukleiding (bijv. kraan), zodat het systeem niet meer onder druk staat.3. Zie punt 2.2.4. De blokkering uit het terugslagventiel verwijderen of het terugslagventiel bij beschadiging vervangen. |
| 5. De pomp bereikt niet de gewenste druk. | 1. De uitschakeldruk is te laag ingesteld.2. Binnentreden van lucht in de aanzuigleiding. | 1. Neem contact op met de klantenservice.2. Zie punt 2.2. |
| 6. De pomp slaat niet af. | 1. De uitschakeldruk is te hoog ingesteld.2. Binnentreden van lucht in de aanzuigleiding. | 1. Neem contact op met de klantenservice.2. Zie punt 2.2. |
12. Garantie
Dit toestel is volgens de nieuwste methods geproduceerd en gekeurd. De verkoper verleent garantie op materiaal- en fabricagefouten volgens de wettelijke bepalingen van het land waarin het toestel is gekocht. De garantieperiode begint met de dag van aankoop onder de volgende voorwaarden:
Binnen de garantieperiode worden alle gebreken die door materiaal- of fabricagefouten zijn veroorzaakt kosteloos verholpen. Reclamaties moeten onmiddellijk na constatering worden gemeld.
Het recht op garantievergoeding vervalt in geval van reparaties of wijzigingen aan het toestel door de koper of door derden. Schade die door onvakkundige omgang met of bediening van het toestel, door onjuiste opstelling of bewaring, onvakkundige aansluiting of installatie, door overmacht of andere externe invloeden ontstaat, valt niet onder de garantie.
Slijtbare delen zoals rotor, glijringafdichtingen, membranen en drukschakelaars vallen niet onder de garantie.
Alle onderdelen zijn met de grootste zorgvuldigheid en uit materialen van hoge kwaliteit geproduceerd en voor een lange levensduur ontwikkeld. Slijtage is echter afhankelijk van soort en intensiteit van gebruik en de regelmaat van onderhoud. De navolging van de installatie- en onderhoudsinstructies in deze handleiding draagt daarom aanzienlijk bij tot de lange levensduur van de slijtbare delen.
Wij behouden ons het recht voor in geval van reclamatie de defecte delen te repareren of te vervangen of een vervangend toestel te leveren. Vervangen onderdelen worden ons eigendom.
Er kan geen aanspraak worden gemaakt op schadevergoeding voor zover de schade niet op opzet of grove nalatigheid door de fabrikant berust.
Verdere aanspraken kunnen op basis van deze garantie niet worden gemaakt. De koper moet d.m.v. een aankoopbon de aanspraak op garantie kunnen aantonen. Deze garantie is geldig in het land waarin het toestel is gekocht.
Bijzondere instructies:
- Mocht het toestel niet meer goed functioneren, controleer dan eerst of er sprake is van een bedieningsfout of een oorzaak die niet aan een defect van het toestel te wijten is.
- Als u het defecte toestel ter reparatie inlevert of opstuurt, sluit dan tenminste de volgende documenten bij: - aankoopbon
- beschrijving van de opgetreden fout (een nauwkeurige beschrijving zorgt voor een snellere reparatie).
- Verwijder alle door u toegevoegde onderdelen die niet in overeenstemming zijn met de originele toestand van het toestel, voor u het defecte toestel inlevert of opstuurt. Mochten deze door u aangebrachte onderdelen bij teruggave van het toestel ontbreken, zijn wij hiervoor niet aansprakelijk.
13. Bestelling van reserveonderdelen
De snelste, eenvoudigste en voordeligste manier om reserveonderdelen te bestellen, is via internet. Op onze website www.tip-pumpen.de vindt u een comfortabele onderdelenshop waar u met slechts enkele clicks onderdelen kunt bestellen. Bovendien vindt u op deze website uitgebreide informatie en handige tips over onze producten en accessoires, nieuwe toestellen en nieuwe trends en innovaties op het gebied van de pomptechniek.
14. Service
Neem in geval van reclamaties en storingen contact op met uw verkoper.

Alleen voor EU-landen
Gooi elektrische apparaten niet weg bij het huisvuil!
Overeenkomstig de Europese richtlijn 2002/96/EG betreffende gebruikte elektrische en elektronische apparatuur en de omzetting in nationaal recht moeten gebruikte elektrische apparaten apart worden ingezameld en worden ingeleverd voor een milieuvriendelijke recycling. Bij vragen dient u contact op te nemen met uw lokaal afvalverwerkingsbedrijf.
GR
Αγαπητέ πελάτη,
Onderdelen / details
| 1 | Zuigaansluiting | 7 | Afsluitventiel * | 13 | Gewapende slang |
| 2 | Aanzuigleiding * | 8 | Pompbehuizing | 14 | Drukschakelaar |
| 3 | Terugslagventiel * | 9 | Vulopening voor water | 15 | Drukketel |
| 4 | Aanzuigfilter * | 16 | Manometer | ||
| 5 | Drukaansluiting | 11 | Drukleiding * | 17 | Klemkast |
| 6 | Terugslagventiel * | 12 | Ketelventiel met beschermdop | 18 | Voeten |
HA: Aanzuighoogte HI: Afstand tussen wateroppervlak en ingang van de aanzuigleiding (min. 0,3 m) * niet inbegrepen in de leveringsomvang