PBRM 39 D3 - Grasmaaier PARKSIDE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PBRM 39 D3 PARKSIDE in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over PBRM 39 D3 PARKSIDE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PBRM 39 D3 - PARKSIDE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PBRM 39 D3 van het merk PARKSIDE.
GEBRUIKSAANWIJZING PBRM 39 D3 PARKSIDE
vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
IT MT
Tosaerba a benzina
Vouw vóór het lezen de pagina met de afbeeldingen open en maak u vertrouwd met alle functies van het apparaat.
ES
Reglementair gebruik....66
Inhoud van het pakket/accessoires......67
Overzicht....67
Functiebeschrijving......67
Veiligheidsaanwijzingen.... 69
Betekenis van de veiligheidsaanwijzingen.... 69
Pictogrammen en symbolen.... 69
Veiligheidsinstructies voor grasmaaier.... 70
Restrisico's.... 73
Voorbereiding....73
Veiligheidsvoorzieningen.... 73
Bedieningselementen.... 73
Stang monteren.... 73
Startbeugel monteren.... 74
Starterkabel-geleiding monteren.... 74
Startergreep monteren....74
Maaihoogte instellen....74
Wielen monteren....74
Grasopvanginrichting monteren....74
Grasopvanginrichting demonteren..... 75
Grasopvanginrichting legen....75
Mulchkit.... 75
Benzine bijtanken....75
Motorolie bijvullen....76
Het oliepeil controleren....76
Bedrijf....76
Voor het bedrijf.... 76
Werkinstructies.... 76
In- en uitschakelen....77
Transport....77
Reiniging, onderhoud en opslag....78
Reiniging....78
Onderhoud....78
Opslag....80
Probleemopsporing.... 81
Afvoeren/milieubescherming....82
Instructies voor het verwijderen van groenafval.... 82
Service....82
Garantie.... 82
Reparatie-service....83
Reserveonderdelen en toebehoren......84
Vertaling van de originele EU-conformiteitsverklaring......85
Explosietekening....231
Inleiding
Hartelijk gefeliciteerd met de aankoop van uw nieuwe benzine-grasmaaier (hierna product of apparaat genoemd).
U hebt voor een hoogwaardig product gekozen. Dit apparaat werd tijdens de productie op kwaliteit gecontroleerd en aan een eind-controle onderworpen. Een goede werking van uw apparaat is daarom gegarandeerd.

Deze gebruiksaanwijzing maakt deel uit van dit apparaat. Ze bevat belangrijke instructies over de veiligheid, het gebruik en de afvoer van het apparaat. Lees zorgvuldig de gebruiksaanwijzing. Maak u vertrouwd met de bedieningselementen en het juiste gebruik van het apparaat. Gebruik het apparaat alleen zoals beschreven en alleen voor de vermelde doeleinden. Bewaar de gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef alle documentatie mee wanneer u het apparaat aan derden doorgeeft.
Het apparaat is uitsluitend bedoeld voor het volgende gebruik:
- Het maaien van gazons en gras in huise- lijke context.
Het is verboden het appraat in een regen-achtige of vochtige omgeving te gebruiken. Het apparaat is bedoeld voor gebruik door volwassenen. Jongeren ouder dan 16 jaar mogen het apparaat alleen onder toezicht gebruiken.
Elk ander gebruik dat in deze handleiding niet expliciet wordt toegestaan, kan leiden tot schade aan het apparaat en kan een ernstig risico voor de gebruiker inhouden. De bediener of gebruiker van het apparaat is verantwoordelijk voor letsel- of materiële schade aan derde partijen of hun eigendom. Het apparaat is bedoeld voor huishoudelijk gebruik. Het is niet ontworpen voor continu commercieel gebruik. Bij commercieel gebruik vervalt de garantie. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die voortvloeit uit
oneigenlijk gebruik of uit een foute bedie- ning.
Inhoud van het pakket/accessoires
Pak het apparaat uit en controleer de inhoud van het pakket.
Voer het verpakkingsmateriaal af zoals reglementair voorgeschreven.
- Benzine grasmaaier
- 2x Onderste stang
- 2x Vleugelmoer
• 2x Schroef (Bovenste stang)
• 2x Sluitring (Bovenste stang)
• 2x Kruiskopschroef (Onderste stang)
- 4x Sluitring (Wielen)
- 4x Wielschroef
- Schroevendraaier*
- Bougiesleutel
- Kabelklem
- Geleiding van starterkabel
- Mulchkit
- Grasopvanginrichting
- vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
*De meegeleverde schroevendraaier kan zo-wel als sleufschroevendraaier en als kruis-kopschroevendraaier worden gebruikt. Je kunt de schroefvariant veranderen door het handvat te verplaatsen.
Overzicht

De afbeeldingen van het apparaat vindt u op de voorste en achterste uitvouwpagina.
1 Bovenste stang
2 Startbeugel
3 Bowdenkabel
4 Netsnoer
5 Kabelklem
6 Motordeksel met verluchtingsopeningen (vingerbescherming)
7 Luchtfilterafdekking
8 Luchtfilterbehuizing
9 Verzonken greep
10 Uitlaatbescherming
11 Wiel
12 Behuizing van het apparaat
13 Extra handvat (Grasopvanginrichting)
14 Grasopvanginrichting
15 Onderste stang
16 Handgreep
17 Stootbeveiliging
18 Geleiding van starterkabel
19 Startergreep met starterkabel
20 Mulchkit
21 Bougiesleutel
22 Schroevendraaier
23 Benzinepomp (primer)
24 Benzinetank
25 Tankdeksel
(Fig. A)
26 Kruiskopschroef
27 Houder (Onderste stang)
(Fig. B)
28 Schroef (Bovenste stang)
29 Vleugelmoer
30 Sluitring
(Fig. C)
31 Wielschroef
32 Sluitring
33 Houder (Wielschroef)
(Fig. F)
34 Oliepeilstok
(Fig. G)
35 Vulstop
(Fig. H)
36 Bougie
37 Bougiestekker
(Fig. I)
38 Luchtfilter fijn
39 Luchtfilter grof
(Fig. J)
40 Mes
41 Spanflens
42 Mesbout
43 Motoras
Functiebeschrijving
Het apparaat heeft een kunststof behuizing met een benzinemotor en een grasopvangin-
richting. Het snijgereedschap roteert parallel aan het 3-getrapte snijvlak.
De werking van de verschillende bedienings-elementen is hieronder beschreven.
Technische gegevens
Benzine grasmaaier ......PBRM 39 D3
Cilinderinhoud ....127,1 cm ^3 (cc)
Stationair toerental n_0 ..... 3000 min ^-1
Vermogen 2,0 kW / 2,7 PS
max. toerental 3600 min ^-1
Volume Benzinetank ....0,8 l (800 ml)
Volume Motorolietank 0,4 l (400 ml)
Snijbreedte .... ∅ 390 mm (39 cm)
Maaihoogte 30 - 66 mm
Volume Grasopvanginrichting ....35 l
Gewicht (incl. grasopvanginrichting, lege tank) 16,0 kg
Geluidsdrukniveau ( L_pA ) ..82,6 dB; K_pA=3 dB
Geluidsvermogenniveau ( L_WA )
- gegarandeerd 96 dB
- gemeten 93,5 dB; K_WA=1,81 dB
Trilling ( a_h ) aan de bovenste stang 4,7 m/s ^2 ; K= 2,4 m/s ^2
De door een EU-typegoedkeuringsprocedure voor dit apparaat vastgestelde emissiewaarde voor kooldioxide (CO2) bedraagt::1227,14 g/kWh
⚠️ VOORZICHTIG! Gehoorschade! Draag gehoorbescherming.
De geluids- en trilwaarden zijn vastgesteld in overeenstemming met de normen en bepa- lingen die in de conformiteitsverklaring zijn vermeld.
De opgegeven totale trillingswaarde werd bepaald volgens de volgende norm: ISO 5395-1:2013
De opgegeven geluidsemissiewaarden zijn bepaald in overeenstemming met de volgende norm: ISO 5395-1:2013 Annex F
De waarden zijn bepaald volgens een ge- standaardiseerde testprocedure en kunnen worden gebruikt om het ene apparaat met het andere te vergelijken. De opgegeven to- tale trillingswaarde en de opgegeven ge- luidsemissiewaarde kunnen ook worden ge- bruikt voor een voorlopige beoordeling van de belasting.
⚠ WAARSCHUWING! de trillings- en ge-luidsemissies kunnen tijdens het werkelijke
gebruik van het apparaat afwijken van de opgegeven waarde, afhankelijk van de manier waarop het apparaat wordt gebruikt. Het is noodzakelijk om veiligheidsmaatregelen te definiëren om de gebruiker te beschermen, gebaseerd op een schatting van de trillingsbelasting tijdens de werkelijke gebruiksomstandigheden (rekening houdend met alle delen van de gebruikscyclus, zoals momenten waarop het apparaat is uitgeschakeld en momenten waarop het is ingeschakeld maar niet wordt belast).
Beperk lawaai en trillingen tot een minimum!
- Gebruik alleen apparaten die perfect werken.
- Onderhoud en reinig het apparaat regelmatig.
- Pas uw werkwijze aan het apparaat aan.
• Overbelast het apparaat niet. - Laat het apparaat indien nodig controle- ren.
- Schakel het apparaat uit als het niet in gebruik is.
- Draag handschoenen.
⚠ WAARSCHUWING! Bij langdurig werk kunnen de trillingen in de handen van de machinist leiden tot doorbloedingsstoornissen (wittevingersyndroom). Het wittevingersyndroom is een vaatziekte waarbij de kleine bloedvaten in de vingers en tenen in vlagen verkrampen. De getroffen gebieden worden niet meer voldoende van bloed voorzien en zien er daardoor extreem bleek uit. Frequent gebruik van trillende producten kan zenuwschade veroorzaken bij mensen met een verminderde bloedcirculatie (bijv. rokers, diabetici). Als u ongewone effecten opmerkt, stop dan onmiddellijk met werken en zoek medische hulp.
Neem de volgende instructies in acht om de gevaren te beperken:
- Houd uw lichaam en vooral uw handen warm bij koud weer.
- Neem regelmatig pauzes en beweeg on- dertussen uw handen om de bloedcircu- latie te bevorderen.
- Houd de trillingen van het apparaat zo laag mogelijk door regelmatig onderhoud en vaste onderdelen aan het apparaat.
- Houd u aan rusttijden en beperk de duur van de werkzaamheden tot een minimum.
Veiligheidsaanwijzingen
Dit gedeelte behandelt de basisveiligheidsmaatregelen bij het gebruik van het apparaat.
Betekenis van de veiligheidsaan- wijzingen
⚠ GEVAAR! Als u deze veiligheidsaan-wijzing niet volgt, gebeurt er een ongeval. Het gevolg is ernstig lichamelijk letsel of de dood.
⚠ WAARSCHUWING! Als u deze veiligheidsaanwijzing niet volgt, gebeurt er eventueel een ongeval. Het gevolg is eventueel ernstig lichamelijk letsel of de dood.
⚠️ VOORZICHTIG! Als u deze veiligheids-aanwijzing niet volgt, gebeurt er een ongeval. Het gevolg is eventueel lichte of matig lichamelijk letsel.
AANWIJZING! Als u deze veiligheidsaanwijzing niet volgt, gebeurt er een ongeval. Het gevolg is eventueel materiële schade.
Pictogrammen en symbolen
Pictogrammen op het apparaat

Let op! Lees de gebruiksaanwijzing


Gegarandeerd geluidsvermogensni-veau LWA in dB(A)

Letselgevaar door weggeslingerde onderdelen!

Houd omstanders uit de buurt van het apparaat

Scherpe snij-inrichting! Houd voeten en handen uit de buurt.

Voordat u onderhoudswerkzaamhe- den uitvoert, moet u de motor uit- schakelen en de bougiestekker eruit trekken.

Opgelet - hete oppervlakken! Gevaar voor brandwonden

Houd omstanders uit de buurt van het apparaat

Opgelet - giftige dampen! Gebruik het apparaat niet in gesloten ruimten.


Opgelet - benzine is brandbaar! Tank niet als de motor draait.


Het is verboden het appraat in een regenachtige of vochtige omgeving te gebruiken. Let op! Nalopen van de snij-inrichting


Schakel de motor uit als u het apparaat zonder toezicht achterlaat. Houd omstanders en kinderen uit de buurt van het apparaat.


Geen open vlammen; vuur, open ont- stekingbronnen en roken verboden.

Opgelet - hete oppervlakken! Gevaar voor brandwonden

Gevaar! Handen en voeten uit de buurt houden

Maaicirkel

Druk 3x op de benzinepomp.

Motorolie bijvullen

te gebruiken brandstof
Pictogrammen op de bovenste stang

Apparaat inschakelen (ON): Startbeugel aantrekken Apparaat uitschakelen (OFF): Startbeugel loslaten
Pictogrammen op het tankdeksel

max. 10% ethanol
Pictogrammen op het aanhangetiket

Druk op de brandstofpomp

Apparaat inschakelen (ON): Startbeugel aantrekken

Trek aan de starterkabel
Pictogrammen in de gebruiksaanwijzing

Licht ontvlambaar

Giftig

Schadelijk voor het milieu

Veiligheidshandschoenen dragen
Veiligheidsinstructies voor grasmaaier
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor verwondingen. Het negeren van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kan leiden tot elektrische schok, brand en/of ernstig letsel. Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen.
Instructies
-
Lees zorgvuldig de gebruiksaanwijzing. Maak u vertrouwd met de instelmogelijk- heden en het juiste gebruik van het appa- raat.
-
Informeer u passend indien u onzeker bent over hoe u het apparaat moet ge-
bruiken en welke bedieningen verboden zijn.
- Wees aandachtig, let op wat u doet en ga verstandig te werk. Gebruik het apparaat niet als u moe of ziek bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicatie. Eén moment van onoplettendheid tijdens het gebruik van het apparaat kan leiden tot ernstige letsels.
- Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen met beperkte fysieke, sensorische of mentale vermogens of met gebrek aan ervaring en/of gebrek aan kennis over dit apparaat, tenzij ze onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of instructies ontvangen van deze persoon over het gebruik van het apparaat.
- Houd kinderen onder toezicht om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen.
- Het apparaat mag niet worden gebruikt door kinderen of door personen die niet vertrouwd zijn met de gebruiksaanwijzing. De plaatselijke wet- of regelgeving legt mogelijk een minimumleeftijd voor gebruikers op.
- Gebruik de maaier nooit wanneer er andere mensen, vooral kinderen, of huisdieren in de buurt zijn. Als u afgeleid wordt, kunt u de controle over het apparaat verliezen.
- Vergeet niet dat de gebruiker aansprakelijk is voor schade aan andere personen of hun eigendom.
- Houd rekening met de geluidshinder en de lokale voorschriften.
Voorbereiding
- Draag tijdens het maaien steeds schoenen met antislipzool en een lange broek. Maai nooit op blote voeten of met lichte sandalen. Losse kleding, juwelen of lange haren kunnen door de bewegende onderdelen worden gegrepen. Het dragen van gepaste kleding verlaagt het risico op let-sels.
- Controleer het terrein waarop u het apparaat wilt gebruiken en verwijder alle voorwerpen (bijv. stenen, stokken, draden of speelgoed) die door het apparaat kunnen worden vastgegrepen en weggeslingerd.
- Waarschuwing. Benzine is licht ontvlambaar. Brand of explosie kan ernstige brandwonden veroorzaken:
- bewaar benzine in de daarvoor voorziene vaten;
- tank alleen buiten en rook niet tijdens het tanken;
- benzine moet worden getankt vóórdat de motor wordt gestart. Als de motor loopt of als het apparaat heet is, mag de tankdop niet worden geopend en geen benzine worden toegevoegd;
- probeer nooit de motor op te starten als er benzine overgelopen is. Verwijder in plaats daarvan het apparaat uit de buurt van de met benzine bevuilde plek. Wacht eerst totdat alle benzinedampen vervlogen zijn voordat u de motor opnieuw probeert op te starten;
- een beschadigd deksel van de benzinetank of andere tank moet om veiligheidsredenen worden vervangen.
-
Vervang defecte geluidsdempers.
-
Controleer vóór elk gebruik de snijge-reedschappen, de bevestigingsbouten en het volledige messensamenstel visueel op slijtage of schade. Om een oneven-wichtige belasting te voorkomen, moeten beschadigde gereedschappen en bouten altijd set per set worden vervangen.
-
Wees voorzichtig bij het hanteren van apparaten met meerdere snijgereedschappen, want de beweging van het ene mes kan leiden tot rotatie van een ander mes.
-
Gebruik alleen reserveonderdelen en toebehoren die door de fabrikant zijn geleverd en aanbevolen. Het gebruik van andere reserveonderdelen kan leiden tot letsels en doet de garantie onmiddellijk vervallen.
Bedrijf
-
Laat de verbrandingsmotor niet draaien in gesloten ruimtes waar gevaarlijke koolmonoxide zich kan verzamelen.
-
Gebruik de grasmaaier uitsluitend bij daglicht of bij een goede kunstmatige verlichting. Onverlichte werkgebieden kunnen leiden tot ongevallen.
-
Werk niet met het apparaat als er een risico is op blikseminslag. Gevaar door elektrische schok.
-
Let op! De uitlaatgassen van de grasmaaier bevat giftige stoffen.
-
Gebruik de machine niet in slechte weersomstandigheden, vooral niet bij kans op bliksem.
-
Voorkom zoveel mogelijk het gebruik van het apparaat op nat gras.
-
Let steeds op een veilige stand, vooral op hellingen, nabije vuilnisterreinen, putten of dijken. Op die manier kunt u het apparaat in onverwachte situaties beter onder controle houden.
- Werk op een helling steeds in dwarsrichting, nooit omhoog of omlaag.
- Ga altijd uiterst voorzichtig te werk wanneer u op een helling de maairichting verandert.
- Maai niet op te steile hellingen (max. 10-15°).
-
Beweeg het apparaat altijd in staptempo.
-
Ga altijd uiterst voorzichtig te werk wan- neer u het apparaat omkeert of naar u toe trekt.
-
Zet het snijgereedschap stop wanneer u het apparaat kantelt om het over een andere ondergrond dan gras te transporteren, en wanneer u de machine naar en van het te maaien gebied verplaatst.
-
Gebruik het apparaat nooit als de veiligheidsvoorzieningen of veiligheidsroosters beschadigd zijn of als veiligheidsvoorzieningen zoals de stootbeveiliging en/of de grasopvanginrichtingen niet gemonteerd zijn. Zo wordt gegarandeerd dat de veiligheid van het apparaat behouden blijft.
-
Modificeer nooit de motorregelaar of draai er nooit te hard aan. Dat kan namelijk leiden tot schade aan het apparaat.
-
Ontkoppel eerst alle messen en aandrijvingen voordat u de motor start. Schakel het apparaat voorzichtig en volgens de instructies van de gebruiksaanwijzingen van de fabrikant in. Bewaar voldoende afstand tussen uw voeten en het snijgereedschap. Er bestaat een risico op verwondingen.
-
Bij het starten of aanzwengelen van de motor mag het apparaat niet gekanteld zijn, tenzij het noodzakelijk is om het apparaat tijdens het proces op te tillen. In dat geval kantelt u het apparaat slechts zover als absoluut noodzakelijk is en tilt u alleen die kant omhoog die weg van u wijst.
-
Start de motor niet op terwijl u voor de uitworpopening staat.
-
Zorg ervoor dat uw voeten zich op een veilige afstand van de roterende on-
derdelen van het apparaat bevinden en schakel dan pas de motor volgens de instructies in.
- Leg uw handen of voeten nooit op of onder draaiende delen. Blijf altijd uit de buurt van de uitworpopening. Eén moment van onoplettendheid bij het gebruik van het apparaat kan leiden tot ernstige letsels.
- Hef of draag het apparaat nooit terwijl de motor nog draait.
-
Zet de motor af en verwijder de bougiestekker. Zorg ervoor dat alle bewegende delen volledig stilstaan en verwijder de contactsleutel, indien aanwezig:
-
voordat u blokkades of verstoppingen in de uitworpopening verwijdert;
- voordat u het apparaat controleert, reinigt of eraan werkt;
- wanneer het apparaat tegen een vreemd voorwerp stoot. Controleer het apparaat op schade en voer de nodige reparaties uit voordat u het apparaat opnieuw opstart en gebruikt;
- als het apparaat ongewoon sterk begint te vibreren, is een onmiddellijke controle nodig.
• als u het apparaat achterlaat; -
voordat u tankt.
-
Laat het apparaat nooit zonder toezicht achter op de werkplek.
- Werk niet met een beschadigd, onvolledig of zonder toestemming van de fabrikant omgebouwd apparaat. Het gebruiken van apparaten voor andere dan de bedoelde toepassingen kan leiden tot gevaarlijke situaties.
- Bij het uitlopen van de motor moet de gasklep gesloten zijn. Als de motor een benzineafsluitklep heeft, moet deze na het maaien worden gesloten.
Reiniging, onderhoud en opslag
- Zorg ervoor dat alle moeren, bouten en schroeven goed zijn vastgedraaid en dat het apparaat zich in een veilige bedrijfs-toestand bevindt. Veel ongevallen zijn te wijten aan slecht onderhouden apparaten.
-
Bewaar het apparaat nooit met benzine in de benzinetank in een gebouw waarin eventueel benzinedampen met open vuur of vonken kunnen in contact komen.
-
Laat de motor afkoelen voordat u het apparaat in een gesloten ruimte opbergt. Er bestaat brandgevaar.
- Houd, om brandgevaar te voorkomen, de motor, uitlaat en het gebied rond de brandstoftank vrij van gras, bladeren of lekkend vet (motorolie).
- Controleer de grasbak regelmatig op slijtage of defecten.
- Vervang om veiligheidsredenen versleten of beschadigde onderdelen. Vervang defecte geluidsdempers.
- Als de brandstoftank moet worden gele- digd, moet dit in de openlucht gebeuren.
- Behandel uw apparaat met zorg. Houd het gereedschap scherp en schoon, om beter en veiliger te kunnen werken. Volg de onderhoudsvoorschriften.
- Probeer nooit het apparaat zelf te repareren, tenzij u hiervoor opgeleid bent. Al-le werkzaamheden die niet in deze ge-bruiksaanwijzing zijn vermeld, mogen al-leen worden uitgevoerd door serviceaan-bieders die door ons zijn goedgekeurd.
- Bewaar het apparaat op een droge plek en buiten het bereik van kinderen. Apparaten zijn gevaarlijk als ze door onervaren personen worden gebruikt.
- De veiligheidssystemen of -voorzieningen van de grasmaaier mogen niet worden gemanipuleerd of gedeactiveerd. De gebruiker mag geen verzegelde instellingen voor de motortoerentalregeling wijzigen of ze manipuleren.
Verdere veiligheidsmaatregelen
- Gebruik enkel toebehoren dat door PARKSIDEaanbevolen is. Ongeschikte toebehoren kunnen leiden tot elektrische schok of brand.
- Werk slechts als alles goed verlicht is. Het is noodzakelijk om derden op afstand te houden.
- Controleer het apparaat regelmatig en controleer voor elk gebruik of alle startvergrendelingen en drukknoppen goed werken.
- Wees voorzichtig bij instelwerkzaamheden aan het product en voorkom dat uw vingers bekneld raken tussen het bewegende mes en het stijve deel van het apparaat.
• ⚠ VOORZICHTIG! De grasmaaier mag niet worden gebruikt zonder dat de com-
plete grasopvanginrichting of de zelfsluitende scheidingsbeveiliging voor de uit-worpopening is gemonteerd.
- Het is noodzakelijk de grasmaaier in goede staat te houden.
Restrisico's
Zelfs als u dit apparaat volgens de instructies gebruikt, zijn er altijd restrisico's. De volgende gevaren kunnen ontstaan in verband met het ontwerp en de constructie van dit apparaat:
- Oogletsel, indien geen geschikte oogbescherming wordt gedragen.
- Gehoorschade indien geen passende gehoorbescherming wordt gedragen.
- Schade aan de gezondheid als gevolg van trillingen van hand en arm als het apparaat gedurende langere tijd wordt gebruikt of niet naar behoren wordt bewogen en onderhouden.
- Snijwonden
- Verwondingen door bewegende onderdelen of hete oppervlakken.
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar door elektromagnetisch veld dat wordt gegenereerd tijdens het bedrijf van het apparaat. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden actieve of passieve medische implantaten negatief beïnvloeden. Om het risico op ernstige of dodelijke letsels te reduceren, adviseren wij personen met medische implantaten om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat zij het apparaat bedienen.
Voorbereiding
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel door onbedoeld aanlopen van het apparaat. Instellingen aan het apparaat mogen alleen worden uitgevoerd als de motor is uitgeschakeld en het mes niet meer beweegt. Start de motor niet voordat het apparaat volledig gebruiksklaar is.
Verricht alleen die werkzaamheden waarvan u zeker weet dat u ze correct kunt uitvoeren. Bent u niet zeker, richt u dan tot een vakman of direct tot onze klantendienst.
Veiligheidsvoorzieningen
De volgende veiligheidsvoorzieningen zijn aangebracht om de gebruiker en het apparaat te beschermen:
Startbeugel (2)
Bij het loslaten van de veiligheidsbeugel stopt het apparaat.
Uitlaatbescherming (10)
Deze verhindert dat handen of brandbare materialen met de hete uitlaat in contact komen.
Stootbeveiliging (17)
Het beschermt de gebruiker tegen wegslingerende delen en tegen onopzettelijk contact met de messen wanneer zonder grasopvanginrichting (14) wordt gemaaid.
Bedieningselementen
Maak u vóór het eerste gebruik van het apparaat vertrouwd met de bedieningselementen van het apparaat.
Messenstopsysteem
Instructies
- Controleer regelmatig het messenstop-systeem.
- Het mes moet binnen 7 seconden stoppen.
Procedure
- Laat de startbeugel (2) los. De motor wordt uitgeschakeld en het mes wordt geremd.
Stang monteren
Instructies
- Zorg ervoor dat bij de montage van de stang de bowdenkabel (3) niet wordt ingeklemd.
Onderste stang monteren
(Fig. A)
-
Steek de onderste stangen (15) in de sokkels op de apparaatbehuizing (12). In rijrichting gezien moet de onderste stang (15) met de voorgemonteerde startkabelgeleider (18) in de rechter houder op de behuizing van het apparaat (12) worden geplaatst.
-
Bevestig de onderste stangen (15) met een respectievelijke kruiskopschroef (26). Hiertoe kunt u de meegeleverde schroe-vendraaier (22) gebruiken.
Bovenste stang monteren
(Fig. B)
- Plaats de bovenste stang (1) op de onderste stang (15).
- Schuif aan beide kanten een schroef (28) door de boorgaten in de stangen, zodat ze naar buiten steken.
- Draai telkens de vleugelmoer (29) op de schroef (28) en de dichtingsring (30).
- De startergreep met starterkabel (19) moet bevestigd worden aan de geleiding van de starterkabel (18) aan de rechterkant van het apparaat gezien in de rijrichting.
- Bevestig de apparaatkabel (4) met behulp van de kabelhouder (5) aan de onderste stang (15).
Startbeugel monteren
- Steek eerst het dubbelgebogen uiteinde van de startbeugel (2) in de houder van de bovenste stang (1). Gebruik hiervoor de tweede houder van boven.
- Hang de bowdenkabel (3) in de houder van de startbeugel (2).
- Steek nu de andere kant van de startbeugel (2) in de respectieve houder van de bovenste stang (1). Zorg ervoor dat dezelfde positie wordt gebruikt als aan de andere kant.
Starterkabel-geleiding monteren
Benodigde gereedschappen
• Schroevendraaier (niet meegeleverd)
Procedure
- Steek de starterkabel-geleiding (18) door de voorzien opname aan de bovenste stang (1). De schroefdraad van de starter-kabel-geleiding (18) moet naar buiten steken.
- Schroef de bijgeleverde dopmoer op de starterkabel-geleiding (18).
- Draai de dopmoer met schroevendraaier vast.
- Controleer of de starterkabel-geleiding (18) goed vastzit en juist uitgelijnd is.
Startergreep monteren
- Trek langzaam de startergreep met starterkabel (19) in de richting van de bovenste stang (1).
- Hang de startergreep met starterkabel (19) in de geleiding van de starterkabel (18).
Maaihoogte instellen
Gazononderhoud
Regelmatig maaien stimuleert de bladvorming van het gras en doet tegelijkertijd onkruid afsterven. Zo krijgt het gazon na elke maaibeurt grotere densiteit en ontstaat een gazon dat gelijkmatig tegen belasting bestand is. De eerste maaibeurt gebeurt ongeveer in april bij een grashoogte van 70-80 mm. In de groeiperiode wordt het gras minstens eenmaal per week gemaaid.
Juiste maaihoogte kiezen
Voor de eerste maaibeurt van het seizoen moet een lange maaihoogte worden ingesteld. De juiste maaihoogte voor een siergazon is ongeveer 25 - 40 mm, voor een commercieel gazon ongeveer 40 - 60 mm.
- Het apparaat heeft 3 maaihoogtes: 30 - 66 mm
- De maaihoogte wordt bij dit apparaat bepaald door de wielmontage (zie Wielen monteren, Pag. 74).
Wielen monteren
Instructies
- Monteer eerst de stangen (1+15), aangezien de toegang tot de kruiskopschroef (26) voor de montage van de stangen wordt bemoeilijkt door een gemonteerd wiel.
- Door de wielen te positioneren kiest u de maaihoogte.
Procedure (Fig. C)
- Kies voor alle vier de wielen dezelfde houder (33), zie Maaihoogte instellen, Pag. 74.
- Let er bij het monteren van het wiel op dat de wielbouten (31) met de markering "R" in de rijrichting rechts worden gebruikt en de wielbouten met de markering "L" in de rijrichting links.
- Bevestig de vier wielen (11) elk met de wielschroef (31) en de onderliggende dichtingsring (32) op de gewenste houder (33).
- De wielbouten (31) aan de linkerkant ("L") op de maaier zijn tegen de klok in ∪ vastgezet zodat ze tijdens het gebruik niet vanzelf loskomen.
Grasopvanginrichting monteren
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor verwondingen. Het apparaat mag niet zonder stoot-
bescherming of grasopvanginrichting worden gebruikt.
Procedure (Fig. D)
- Hef de stootbeveiliging (17) op.
- Houd de grasopvanginrichting (14) vast aan de handgreep (16).
- Hang de grasopvanginrichting (14) in de ophanging op de apparaatbehuizing (12).
- Klap de stootbeveiliging (17) op de grasopvanginrichting (14). Hij houdt de grasopvanginrichting (14) op de juiste plaats.
Grasopvanginrichting demonteren
(Fig. D)
- Hef de stootbeveiliging (17) op.
- Houd de grasopvanginrichting (14) vast aan de handgreep (16).
- Maak de grasopvanginrichting (14) los.
- Klap de stootbescherming (17) terug te- gen de apparaatbehuizing (12).
Grasopvanginrichting legen
(Fig. A/D)
- Zie Grasopvanginrichting demonteren, Pag. 75.
- Pak de grasopvanginrichting (14) vast aan de handgreep (16) en aan het extra handvat (13) voor een betere grip.
- Stort het gemaaide gras in een geschikte bak.
- Zie Grasopvanginrichting monteren, Pag. 74.
Mulchkit
Verschil tussen grasmaaien en gazonmulchen
Bij gebruik van de mulchkit (20) wordt het gemaaide gras niet opgevangen in een opvanginrichting, maar versnipperd en over het gazon verdeeld. De voedingsstoffen in het maaisel worden afgebroken door bodemorganismen en vormen een voedingscyclus. Een gemulcht gazon hoeft daarom veel minder vaak te worden bemest. In principe moet het gazon relatief vaak worden gemaaid, zo dat er slechts kleine hoeveelheden mulch op het gazon achterblijven. Het is daarom het beste om het gazon minstens één keer per week te mulchen en de maaier zo af te stellen dat slechts ongeveer 40% van de totale hoogte van het gazon gemulcht wordt. Als de mulch zichtbaar blijft op het gazon (bv. tijdens de eerste grasmaaibeurt van het jaar of tijdens zware groei), moet de grasopvanginrichting (14) worden gebruikt.
Mulchkit aanbrengen
Procedure (Fig. E)
- Verwijder de grasopvanginrichting (14), indien gemonteerd.
- Hef de stootbeveiliging (17) op.
- Schuif de mulchkit (20) erin.
- Klap de stootbeveiliging (17) terug op de mulchkit (20).
Mulchkit verwijderen
(Fig. E)
- Hef de stootbeveiliging (17) op.
- Verwijder de mulchkit (20).
- Klap de stootbeveiliging (17) terug op de apparaatbehuizing (12).
Benzine bijtanken

Licht ontvlambaar

Giftig

Schadelijk voor het milieu
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor verwondingen. Benzine is ontvlambaar en schadelijk voor gezondheid en milieu.
Instructies
- Bewaar benzine enkel in daartoe voorziene tank.
- Tank alleen in de openlucht en nooit bij lopende motor of hete machine.
- Open het deksel van de tank langzaam, zodat de overdruk kan ontsnappen.
- Rook niet tijdens het tanken.
- Vermijd direct huidcontact en inademing van dampen.
• Verwijder gemorste benzine. - Houd de benzine uit de buurt van vonken, open vlammen en ander ontstekingsbronnen.
- Voer restjes benzine af volgens de milieuvoorschriften (zie Afvoeren/milieubescherming, Pag. 82).
-
Gebruik geen benzine-/oliemengsel.
-
Gebruik uitsluitend loodvrije normale benzine of superbenzine. Bij het gebruik van biobrandstof mag die met niet meer dan 10% ethanol gemengd zijn.
- Gebruik uitsluitend schone, verse benzi-ne.
- Bewaar benzine niet langer dan één maand, want daarna neemt de kwaliteit af.
Procedure (Fig. G)
- Schroef de tankdop (25) af.
- Vul de benzine tot aan de onderkant van de vulbuis (35). Giet de benzinetank niet helemaal vol, zodat de benzine nog ruimte heeft om uit te zetten.
- Veeg benzineresten rond de tankdop (25) weg.
- Sluit de tankdop (25) weer.
Motorolie bijvullen
Aanwijzing
Zet het apparaat op een effen bodem.
Procedure (Fig. F)
- Draai de olietankdop met meetstok eraf (34).
- Vul de olietank met motorolie. De olietank bevat 0,4 l (400 ml) motorolie. Gebruik merkolie.
- Draai de olietankdop met meetstok eraf (34) er weer op.
Het oliepeil controleren
Aanwijzing
Controleer het oliepeil telkens voordat u het apparaat gebruikt, en giet olie bij voordat het minimumpeil is bereikt.
Procedure (Fig. F)
- Draai de olietankdop met oliepeilstok eraf (34).
- Veeg de olietankdop met oliepeilstok (34) met een zuivere doek af.
- Draai de olietanddop met de oliepeilstok (34) weer volledig vast.
- Draai de olietankdop met oliepeilstok (34) los en lees na het uittrekken de oliestand af op de oliepeilstok.
Het oliepeil moet zich in het gemarkeerde gebied (maximum: 0,4 l (400 ml) motorolie in de olietank) bevinden.

-
Veeg eventueel gemorste motorolie weg.
-
Draai de olietankdop met oliepeilstok (34) er weer op.
Bedrijf
Voor het bedrijf
Voer de volgende stappen uit voordat u het apparaat gebruikt:
- Verwijder de transportbeveiligingen
• Stang monteren, Pag. 73
• Startergreep monteren, Pag. 74 - Grasopvanginrichting monteren, Pag. 74
• Maaihoogte instellen, Pag. 74
• Benzine bijtanken, Pag. 75
• Motorolie bijvullen, Pag. 76
Werkinstructies
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor verwondingen. Nadat het apparaat is uitgeschakeld, draait het mes nog enkele seconden verder. Raak het draaiende mes niet aan.
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor verwondingen. Het apparaat mag niet zonder stootbescherming of grasopvanginrichting worden gebruikt.
Instructies
- Controleer voordat u het apparaat gebruikt altijd of alle schroeven, moeren, bouten en andere bevestigingen goed vastzitten en of de afschermingen en beschermkappen op hun plaats zitten. Versleten of beschadigde stickers moeten worden vervangen.
- Houd rekening met de geluidshinder en de lokale voorschriften.
- Beweeg het apparaat in wandeltempo in zo recht mogelijke banen. Om naadloze banen te maaien, moeten de banen elkaar telkens enkele centimeters overlappen.
- Werk op een helling steeds in dwarsrichting.
- Beweeg het apparaat niet achteruit.
- Komen de messen in contact met een vreemd voorwerp, schakel de motor dan onmiddellijk uit. Wacht tot de messen tot stilstand zijn gekomen en controleer het apparaat op schade. Hervat het werk alleen als het apparaat niet beschadigd is.
-
Maai het gras indien mogelijk als het droog is, om de grasnerf te behoeden.
-
Kies een gepaste maaihoogte, zodat het apparaat niet wordt overbelast. Anders kan de motor beschadigd raken.
- Schakel voordat u een werkpauze neemt of het apparaat vervoert, het apparaat uit en wacht tot de messen tot stilstand zijn gekomen.
- Reinig het apparaat na elk gebruik (Reiniging, onderhoud en opslag, Pag. 78).
In- en uitschakelen
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor verwondingen. Benzine is ontvlambaar. Start de motor op minstens 3 meter afstand van de plaats waar u de benzine hebt getankt. Er bestaat brandgevaar.
⚠ VOORZICHTIG! Gevaar voor verwondingen. Sta bij het apparaat wanneer u het start.
Opmerking
- Zet het apparaat op een stevige, vlakke ondergrond, het liefst niet in hoog gras. Verzeker u ervan dat het snijwerktuig geen voorwerpen of de grond raakt.
- Sta voor uw veiligheid achter het apparaat wanneer u het start.
- Controleer regelmatig het benzine- en oliepeil (zie Het oliepeil controleren, Pag. 76) en vul het tijdig bij.
Koude start
Aanwijzing
Als de benzinepomp (23) te vaak wordt ingedrukt, komt er te veel benzine in de carburator en kan de motor moeilijk starten.
Procedure
- Druk 3x op de benzinepomp (primer) (23).
- Trek de startbeugel (2) naar de bovenste stang (1) en houd deze vast.
- Trek meermaals aan de startergreep met starterkabel (19).
- Als de motor start, laat de startergreep dan langzaam in de geleiding van de starterkabel (18) terugglijden.
Warme start
Aanwijzing
Bij een warme start hoeft u de benzinepomp (23) niet in te drukken.
Procedure
- Zie Koude start, Pag. 77, vanaf 2. Handelingsstap.
Motor stoppen
- Laat de startbeugel (2) los. De motor wordt uitgeschakeld en het mes wordt geremd.
Maaien
- Start de motor (zie In- en uitschakelen, Pag. 77).
- Houd de bovenste stang (1) en de startbeugel (2) tijdens het maaien vast met beide handen.
Transport
Instructies
- Schakel de motor uit, verwijder de bougiestekker en wacht tot het mes tot stilstand is gekomen.
- Vervoer het apparaat niet ondersteboven en kantel het apparaat niet om uitlopen van de brandstof te voorkomen.
- Houd bij verplaatsingen met het apparaat een veilige afstand tot andere personen aan.
- Om brandstofverlies, schade of letsel te voorkomen, moet het apparaat worden beveiligd tegen kantelen en wegglijden tijdens transport in voertuigen.
- Let bij het vervoeren op het gewicht van het apparaat en vertil u niet.
- Leeg de benzinetank met een benzineafzuigpomp voordat u hem tussen twee locaties vervoert. Leeg de benzinetank niet in gesloten ruimtes, in de buurt van vuur of tijdens het roken. Gasdampen kunnen explosies of brand veroorzaken.
- Draag tijdens het transport handschoenen en vermijd contact met gevaarlijke onderdelen (bijv. hete motor, messen).
- Zorg ervoor dat het apparaat geen obstakels raakt tijdens transport of dat deze niet op het apparaat kunnen vallen. Plaats geen voorwerpen op het apparaat en leun niet tegen het apparaat.
Reiniging, onderhoud en opslag
⚠ WAARSCHUWING! Elektrische schok! Gevaar voor letsel door onbedoeld aanlopen van het apparaat. Voer onderhouds- en reinigingswerkzaamheden altijd bij uitgeschakel- de motor en uitgetrokken bougiestekker (37) uit.
Laat reparatiewerkzaamheden en onderhoud, die niet zijn beschreven in deze handleiding, uitvoeren door een gespecialiseerd service-center. Gebruik uitsluitend originele onderdelen.
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor verbrandingen. Laat het apparaat afkoelen voor alle onderhouds- en reinigingswerken. Sommige delen van de motor zijn heet.
Algemene instructies

Veiligheidshandschoenen dragen
- Leg een steun onder het apparaat.
- Zorg ervoor dat een tweede persoon het apparaat vasthoudt, omdat het risico bestaat dat het terugkantelt.
- Kantel het apparaat nooit opzij of naar vo-ren met een volle benzine- of olietank! Dit leidt tot schade aan de motor en doet de garantie vervallen.
Algemene reiniging en onderhoud aan de onderkant van het apparaat
- Vouw de bovenste stang (1) in.
- Kantel het apparaat naar achteren zodat de bougie (36) naar boven steekt.
Reiniging
⚠ WAARSCHUWING! Elektrische schok! Spuit het apparaat nooit schoon met water.
Aanwijzing
Beschadigingsgevaar. Chemische substanties kunnen de plastieken delen van het apparaat aantasten. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen.
Reinigen na gebruik
- Gebruik voor het reinigen van de motor geen water, want dit kan het brandstof-systeem verontreinigen.
-
Houd ventilatiesleuven, de motorbehuizing en grepen van het apparaat schoon. Gebruik daartoe een vochtige doek of een borstel.
-
Reinig in het bijzonder de motorkap met ventilatieopeningen (vingerbescherming) (6).
- Houd de motor en de uitlaat vrij van plan- tenresten of lekkende smeermiddelen om brandgevaar te voorkomen.
- Gebruik geen harde of puntige voorwerpen om schoon te maken. Dat kan namelijk leiden tot schade aan het apparaat.
- Gebruik een stuk hout of plastic om aanhangend plantenresten te verwijderen van de wielen, de ventilatieopeningen, de uit-blaasopening en het mes.
Onderhoud
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor verwondingen. Een verkeerd onderhoud kan leiden tot ernstige verwondingen.
Instructies
- Controleer het apparaat voor elk gebruik op duidelijke gebreken zoals losse, versleten of beschadigde onderdelen. Controleer of alle moeren, bouten en schroeven goed vastzitten.
- Controleer de afdekkingen en veiligheids- voorzieningen op schade en losse zit. Vervang ze indien nodig.
We nemen geen aansprakelijkheid op voor schade die voortvloeit uit onze apparaten als deze schade is veroorzaakt door ondeskundige reparaties of het gebruik van niet-originele reserveonderdelen of door oneigenlijk gebruik van het apparaat.
Motorolie vervangen
Instructies
- Vervang de motorolie bij lege benzinetank en warme motor.
- Ververs de motorolie voor de eerste keer na ongeveer de eerste 5 bedrijfsuren, daarna na elke 50 bedrijfsuren of jaarlijks.
- Voer de oude olie op een milieu-vriendelijke wijze af (zie Afvoeren/milieubescherming, Pag. 82).
Procedure (Fig. F)
-
Trek de bougiestekker (37) eraf (zie Ontstekingsbougie onderhouden, Pag. 79).
-
Open de olietankdop met meetstok (34).
-
Pomp de motorolie af met een oliepomp (niet meegeleverd).
-
Giet de motorolie bij (zie Motorolie bijvullen, Pag. 76).
Ontstekingsbougie onderhouden
Aanwijzing
Versleten bougies of een te grote ontstekingsafstand tasten het vermogen van de motor aan.
Benodigde gereedschappen en hulpmiddelen (niet meegeleverd)
- Draadborstel
• Voelermaat (verkrijgbaar bij de vakhandel)
Benodigd toebehoren
- Bougiesleutel (21)
Procedure (Fig. H)
- Verwijder de bougiestekker (37) van de bougie (36) door er tegelijkertijd aan te trekken en te draaien.
- Draai ⬆ de bougie (36) met de bougiesleutel (21) eruit.
- Controleer de ontstekingsafstand met behulp van een voelermaat. De ontstekingsafstand moet 0,7-0,8 mm bedragen.
- Stel de afstand eventueel in, waarbij u de massa-elektrode van de ontstekingsbougie voorzichtig buigt.
- Reinig de bougie (36) met een zachte draadborstel.
- Schroef ∪ de gereinigde en afgestelde bougie er weer in (aanbevolen aandraai-moment 20 Nm).
- Vervang een beschadigde bougie door een reservebougie.
Luchtfilter reinigen
Aanwijzing
De tweedelige luchtfilter bestaat uit
- Luchtfilter fijn (38)
- Luchtfilter grof (39)
Gebruik het apparaat nooit zonder luchtfilter. Anders kan stof en vuil in de motor dringen en schade veroorzaken.
Luchtfilter verwijderen (Fig. I)
-
Open de luchtfilterbehuizing (8) door de ontgrendeling ingedrukt te houden en het luchtfilterdeksel (7) open te klappen.
-
Verwijder beide luchtfilters (38/39).
Luchtfilter reinigen/vervangen
- Reinig beide luchtfilters (38/39) in een sopje.
-
Laat de luchtfilters (38/39) drogen. Kneed enkele druppels verse motorolie in de luchtfilters (38/39).
-
Vervang een defecte luchtfilter (38/39) door een nieuwe tweedelige luchtfilter.
Luchtfilter monteren (Fig. I)
- Plaats beide luchtfilters (38/39) in de luchtfilterbehuizing (8).
- Sluit de luchtfilterbehuizing (8) weer door het luchtfilterdeksel (7) dicht te klappen. Dit klikt hoorbaar vast.
Messen vervangen
Als het mes niet meer scherp is, kan het door een vakbedrijf worden geslepen. Als het mes beschadigd of vervormd is, dan moet het worden vervangen.

WAARSCHUWING! Letselgevaar door messen. Draag handschoenen als u het mes hanteert.
Instructies
- Olie- en benzinetank moeten geleegd zijn.
- Wanneer u de messchroef (42) hebt los-gemaakt, moet de spanflens (41) worden vervangen.
- Aanhaalmoment (messen): 45 Nm
Benodigde gereedschappen (niet meegeleverd)
- Schroevendraaier
Toegestane messen
- RATO 73101-G20
Procedure (Fig. J)
- Trek de bougiestekker (37) eraf.
- Kantel het apparaat naar achteren zodat de bougie (36) naar boven steekt.
- Draai het apparaat op zijn zijde. AANWIJZING! Het apparaat mag alleen op zijn kant worden gezet als de benzine-en olietanks leeg zijn!
- Doe stevige handschoenen aan en houd het mes (40) vast.
- Draai de messchroef (42) tegen de klok in Ⓗ met behulp van een schroevendraaier los van de motoras (43).
- Bouw het nieuwe mes (40) in omgekeerde volgorde weer in. Zorg ervoor dat het mes (40) juist is gepositioneerd en vlak tegen de motoras (43) ligt. Tussen de messchroef (42) en het mes (40) moet de spanflens (41) worden geplaatst.
- Draai het mes (45 Nm) vast.
Carburator instellen
De carburator is fabrieksmatig ingesteld voor optimale resultaten. Als de instellingen moe-
ten worden aangepast, laat dit dan doen door een gespecialiseerd bedrijf.
Onderhoudsintervallen
Voer de in de onderstaande tabel vermelde onderhoudswerkzaamheden regelmatig uit.
Regelmatig onderhoud van uw apparaat verlengt de levensduur van het apparaat. Dit garandeert optimale maairesultaten en voorkomt ongevallen.
| Onderhoudswer-ken | Vóór elk gebruik | Na elk ge-bruik | Na 5 be-drijfsuren | Na 8 be-drijfsuren | Na 50 be-drijfsuren | Jaarlijks |
| Schroeven, moe-ren, bouten contro-leren en vastdraai-en | √ | |||||
| Het oliepeil controleren, Pag. 76 | √ | √ | ||||
| Bedieningselemen-ten/gebied rond geluidsdemper rei-nigen | √ | √ | ||||
| Motorolie vervangen, Pag. 78 | √ √ √ | |||||
| Luchtfilter reinigen, Pag. 79* | √ | |||||
| Ontstekingsbougie onderhouden, Pag. 79 | √ | √ | ||||
| Mes reinigen/con-troleren/slijpen | √ | |||||
| Luchtkoelingssys-teem reinigen* | √ |
*Vaker vervangen bij veel stof of zware vervuiling
Opslag
⚠ WAARSCHUWING! Brandgevaar. Berg het apparaat niet op met een gevulde grasopvanginrichting. Bij warm weer begint het gras namelijk te gisten.
Opmerking
- Reinig het apparaat alvorens het op te bergen.
- Houd het apparaat altijd schoon, droog en buiten bereik van kinderen.
- Laat de motor afkoelen voordat u het apparaat in een gesloten ruimte opbergt.
- Bewaar het apparaat nooit met benzine in de tank in een gebouw waar benzinedampen in contact kunnen komen met open vuur of vonken en kunnen ontbranden.
- Gebruik geschikte en goedgekeurde containers om de brandstof in op te slaan.
- Berg het apparaat niet in een nylon zak op, want daar kan zich vocht en schimmel opstapelen.
Apparaat dichtklappen
Houd rekening met het volgende om het apparaat ruimtebesparend op te bergen:
Procedure
- Maak de startergreep met starterkabel (19) los.
- Draai de vleugelmoeren (29) los die de bovenste stang (1) met de onderste stang (15) verbinden.
- Klap de bovenste stang (1) naar onder. Zorg ervoor dat de bowdenkabel (3) niet bekneld raakt in het proces.
Opslag tijdens de winterpauze
Instructies
- Het negeren van de opslaginstructies kan door brandstofresten in de carburator lei-
den tot startproblemen of permanente schade.
- De benzinetank moet niet worden leegge- maakt als u aan de benzine een additief toevoegt.
- Maak de tank altijd leeg in open lucht.
Procedure
- Start de motor en laat de motor lopen tot alle resterende benzine verbruikt is en de motor stilvalt.
- Vervang de olie (zie Motorolie vervangen, Pag. 78).
- Verwijder de oude olie en benzine-resten op een milieuvriendelijke wij-
ze (zie Afvoeren/milieubescherming, Pag. 82).
De motor conserveren
- Draai de bougie (36) eruit (zie Ontstekingsbougie onderhouden, Pag. 79).
- Giet een eetlepel motorolie door de bougieopeningen in de motorruimte.
- Trek enkele malen langzaam aan de startergreep met de starterkabel (19) bij getrokken starterbeugel (2) om de olie langzaam in de motor te verdelen.
- Schroef de bougie (36) weer vast.
Probleemopsporing
De volgende tabel helpt u bij het oplossen van storingen:
| Problem Mögliche Ursache Fehlerbehebung | ||
| Apparaat start niet | Te weinig benzine in de benzi-netank | Benzine bijtanken |
| Verkeerde startvolgorde | Instructies voor starten van motor volgens (zie Bedrijf, Pag. 76) | |
| Bougiestekker (37) niet juist opgestoken | Bougie opsteken (zie Ontstekingsbougie onderhouden, Pag. 79) | |
| Geroeste ontstekingsbougie (36) | Ontstekingsbougie reinigen, instellen of vervangen (zie Ontstekingsbougie onderhouden, Pag. 79) | |
| Caburator, -sproeiers vervuild, slecht ingesteld carburator-mengsel | Fout laten verhelpen door een gespecialiseerde werkplaats | |
| Mortor start, apparaat draait echter niet op vol vermogen | Vervuild luchtfilter (38/39) | Luchtfilter (38/39) vervangen (zie Luchtfilter reinigen, Pag. 79) |
| Caburator, -sproeiers vervuild, slecht ingesteld carburator-mengsel | Fout laten verhelpen door een gespecialiseerde werkplaats | |
| Motor valt stil | Caburator, -sproeiers vervuild, slecht ingesteld carburator-mengsel | Fout laten verhelpen door een gespecialiseerde werkplaats |
| Geroeste ontstekingsbougie (36) | Ontstekingsbougie reinigen, instellen of vervangen (zie Ontstekingsbougie onderhouden, Pag. 79) | |
| Motor raakt oververhit | Ventilatieopeningen van de motorafdekking (6) verstopt | Ventilatieopeningen van de motorafdekking (6) reinigen |
| Verkeerde bougie (36) | Bougie (36) vervangen (zie Ontstekingsbougie onderhouden, Pag. 79 | |
| Te weinig motorolie in motor | Motorolie bijvullen (zie Motorolie bijvullen, Pag. 76) | |
| Motor rookt | Vervuild luchtfilter (38/39) | Luchtfilter (38/39) vervan-gen (zie Luchtfilter reinigen, Pag. 79) |
| Te weinig motorolie in motor | Motorolie bijvullen (zie Motorolie bijvullen, Pag. 76) | |
| Maairesultaat niet goed of mo- tor draait zwaar | Maaihoogte te laag Grotere maaihoogte instellen | |
| Mes (40) stomp | Messen (40) laten slijpen of vervangen | |
| Mesruimte verstopt Apparaat reinigen | ||
| Mes (40) draait niet | Mes (40) door gras geblok- keerd | Gras verwijderen |
| Mes (40) slecht gemonteerd Messen (40) correct monteren | ||
| Abnormale geluiden, klepperen of trillen | Mes (40) slecht gemonteerd Messen (40) correct monteren | |
| Mes (40) beschadigd Messen (40) vervangen | ||
Afvoeren/milieube- scherming
Voer het apparaat na afdanking af volgens de plaatselijke voorschriften. Neem voor meer informatie contact op met de bevoegde instantie.
- Gooi afgewerkte olie en benzineresten niet in het riool of de afvoer. Voer de oude olie- en benzineresten milieuvriendelijk af - geef deze af op een afvoerpunt.
- Voer afgedankte apparaten, toebehoren en verpakkingsmaterialen op milieuvriendelijke manier af.
- Machines horen niet bij het huishoudelijk afval.
- Leeg de olietank en de benzinetank zorgvuldig en lever uw apparaat in bij een recyclingcentrum.
- Voer de lege olietank en de lege benzine-tank op milieuvriendelijke wijze af.
- De gebruikte kunststoffen en metalen de- len kunnen naar soort worden gescheiden voor recycling.
- Bij andere vragen neemt u contact op met het "servicecenter".
Instructies voor het verwijderen van groenafval
Deponeer gemaaid gras niet in bij het huisvuil maar verwerkt het als compost of verdeel het als een laag mulch onder struiken en bomen.
Service
Garantie
Beste klant,
U krijgt op dit product een garantie van 3 jaar vanaf datum van aankoop. In geval van defecten aan dit product hebt u tegenover de verkoper van het product wettelijke rechten. Deze wettelijke rechten worden door de onderstaande garantie niet beperkt.
Garantievoorwaarden
De garantietermijn begint bij de koopdatum. Gelieve de originele kasbon goed te bewaren. Dit document is vereist als aankoopbewijs. Als een materiaal- of fabricagefout optreedt binnen drie jaar na de aankoopdatum van dit product, zullen wij – naar eigen goeddunken – het product gratis voor u repareren of vervangen. Deze garantieservice vereist dat het defecte product en het aankoopbe-
wijs (kassabon) binnen de periode van drie jaar worden overlegd en een schriftelijk kort wordt beschreven wat het defect us en wanneer het zich heeft voorgedaan.
Als het defect onder onze garantie valt, krijgt u het gerepareerde of een nieuw product terug. Na reparatie of vervanging van het product begint geen nieuwe garantieperiode.
Garantietermijn en wettelijke claims voor gebreken
De garantie verlengt de garantieperiode niet. Dit geldt ook voor vervangen en gerepareerde onderdelen. Eventuele bij aankoop reeds aanwezige beschadigingen of gebreken dienen direct na het uitpakken te worden gemeld. Voor reparaties na afloop van de garantieperiode worden kosten in rekening gebracht.
Omvang van de garantie
Het product is zorgvuldig geproduceerd volgens strenge kwaliteitsrichtlijnen en grondig getest voor levering.
De garantie is van toepassing op materiaal- of fabricagefouten. Deze garantie dekt geen productonderdelen die onderhevig zijn aan normale slijtage en daarom kunnen worden beschouwd als slijtageonderdelen (bijv. Mes) of schade aan breekbare onderdelen.
Deze garantie vervalt indien het product beschadigd, verkeerd gebruikt of niet onderhouden is. Voor een goed gebruik van het product moeten alle aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing strikt worden opgevolgd. Gebruiken en handelingen die in de gebruiksaanwijzing worden afgeraden of waartegen worden gewaarschuwd, moeten ten allen tijde worden vermeden.
Het product is uitsluitend bedoeld voor privégebruik en niet voor commercieel gebruik. De garantie vervalt bij misbruik en onoordeelkundig gebruik, het gebruik van geweld en ingrepen die niet door ons geautoriseerde servicefiliaal zijn uitgevoerd.
Verwerking bij garantie
Om ervoor te zorgen dat uw verzoek snel wordt verwerkt, volgt u de onderstaande instructies:
- Houd voor alle vragen de kassabon en het artikelnummer (IAN 478255_2410) bij de hand als bewijs van aankoop.
- Raadpleeg het typeplaatje op het product, een gravure op het product, de titelpagina van de gebruiksaanwijzing (links-
onder) of de sticker op de achterkant of onderkant van het product voor het artikelnummer.
- Neem bij functiestoringen of andere defecten eerst telefonisch of gebruik ons contactformulier dat u kunt vinden op parkside-diy.com in de categorie Service contact op met het hieronder genoemde servicecentrum.
- Als een product als defect is geregistreerd, kunt u het na overleg met ons Servicecentrum franco opsturen naar het serviceadres dat u is opgegeven, met bijvoeging van het aankoopbewijs (kassabon) en onder vermelding van wat het defect is en wanneer het defect is opgetreden. Om acceptatieproblemen en extra kosten te voorkomen, is het absoluut noodzakelijk dat u alleen het aan u opgegeven adres gebruikt. Zorg ervoor dat de zending geen vrachtvervoer is, per volumineuze goederen, expres of andere speciale vracht. Verzend het product inclusief alle toebehoren die bij de aankoop zijn geleverd en zorg ervoor dat de verpakking voldoende stevig is voor transport.

U kunt deze en vele andere hand-leidingen bekijken en downloaden op parkside-diy.com. Deze QR-code brengt u rechtstreeks naar parkside-diy.com. Selecteer uw land en gebruik het zoekmasker om de gebruiksaanwijzing te zoeken. U kunt uw gebruiksaanwijzing openen door het artikelnummer (IAN) 478255_2410 in te voeren.
Reparatie-service
Neem contact op met het servicecentrum voor reparaties die niet door de garantie
worden gedekt. U ontvangt daar een kostenraming.
- Wij kunnen alleen apparaten verwerken die voldoende verpakt en gefrankeerd zijn verzonden.
Opmerking: stuur uw apparaat schoon en met vermelding van het defect naar het adres dat door het servicecentrum is opgegeven. - Apparaten die niet vooraf zijn betaald of die zijn verzonden met omvangrijke goederen, exprespost of andere speciale vracht, worden niet geaccepteerd.
- We zullen de door u opgestuurde defecte apparaten gratis afvoeren.
Service-Center

Service Nederland
Tel.: 08000 229556
Contactformulier op
parkside-diy.com
IAN 478255_2410

Service België
Tel.: 0800 12614
Contactformulier op
parkside-diy.com
IAN 478255_2410
Importeur
Opgelet: het onderstaande adres is geen serviceadres. Neem eerst contact op met het bovenvermelde service-center.
Reserveonderdelen en toebehoren
Reserveonderdelen en toebehoren zijn beschikbaar via www.grizzlytools.shop. Als u problemen heeft met uw bestelproces, neem dan contact met ons op via onze online shop. Indien u nog vragen heeft, kunt u contact opnemen met: Service-Center, Pag. 84
| Positie Benaming Bestelnr. |
| 1 Bovenste stang 91106277 |
| 15 Onderste stang 91106271 |
| 14 Grasopvanginrichting 91106279 |
| 20 Mulchkit 91106272 |
40/41/42/43 Messenset 91106269
Vertaling van de originele EU-conformiteitsverklaring
Product: Benzine grasmaaier
Model: PBRM 39 D3
Serienummer: 000001-046800
Het hierboven beschreven voorwerp is in overeenstemming met de desbetreffende harmonisatiewetgeving van de Unie:
2006/42/EC • 2014/30/EU • 2000/14/EC & 2005/88/EC • 2011/65/EU & (EU) 2015/863
Het hierboven beschreven voorwerp is conform Richtlijn 2011/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2011 betreffende beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur.
Om de conformiteit te waarborgen, zijn de volgende geharmoniseerde normen en nationale normen en voorschriften toegepast:
EN ISO 5395-1:2013/A1:2018 • EN ISO 5395-2:2013/A2:2017 EN ISO 14982:2009 • EN IEC 63000:2018
Overeenkomstig Richtlijn 2000/14/EC betreffende de geluidsemissie wordt het volgende bevestigd: Geluidsvermogenniveau (LWA)
- gemeten: 93,5 dB;
- gegarandeerd: 96 dB
Gevolgde conformiteitsbeoordelingsprocedure volgens 2000/14/EC, bijlage VI.
Aangemelde instantie: TÜV SÜD Industrie Service GmbH • NB: 0036 • Westendstrasse 199
Deze conformiteitsverklaring wordt verstrekt onder volledige verantwoordelijkheid van de fabrikant:
Documentatie gemachtigde