HiKOKI C8FSE - Zaag

C8FSE - Zaag HiKOKI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis C8FSE HiKOKI in PDF-formaat.

📄 104 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice HiKOKI C8FSE - page 62

Gebruikersvragen over C8FSE HiKOKI

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding C8FSE - HiKOKI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. C8FSE van het merk HiKOKI.

GEBRUIKSAANWIJZING C8FSE HiKOKI

Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, illustraties en specifi caties die met dit elektrisch gereedschap worden meegeleverd.

Niet opvolgen van de waarschuwingen en instructies kan resulteren in een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel.

Bewaar alle waarschuwingen en aanwijzingen voor eventuele naslag in de toekomst.

De term „elektrisch gereedschap” heeft zowel betrekking op elektrisch gereedschap dat via de netvoeding van stroom wordt voorzien als gereedschap dat via een accu (snoerloos) van stroom wordt voorzien.

1) Veiligheid van de werkplek

a) Zorg voor een schone en goed verlichte werkplek.

Een rommelige of donkere werkplek verhoogt de kans op ongelukken.

b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet in een omgeving met ontvlambare of explosieve vloeistoff en, gassen of stof.

Elektrisch gereedschap kan vonken afgeven.

Deze vonkjes kunnen stofdeeltjes of gassen doen ontbranden.

c) Houd kinderen en andere omstanders tijdens het gebruik van elektrisch gereedschap uit de buurt.

A fl eidingen kunnen gevaarlijk zijn.

2) Elektrische veiligheid

a) De stekker van het elektrisch gereedschap moet geschikt zijn voor aansluiting op het stopcontact.

De stekker mag op geen enkele manier gemodifi ceerd worden. Gebruik geen verloopstekker met geaard elektrisch gereedschap.

Deugdelijke stekkers en geschikte stopcontacten verminderen het risico op een elektrische schok.

b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken zoals leidingen, radiatoren, fornuizen en koelkasten.

Wanneer uw lichaam geaard is, loopt u een groter risico op een elektrische schok.

c) Stel het elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of vochtige omstandigheden.

Het risico op een elektrische schok wordt vergroot wanneer er water in het elektrische gereedschap terechtkomt.

d) Behandel het snoer voorzichtig. Gebruik het snoer niet om het elektrisch gereedschap aan te dragen of mee te slepen en gebruik het snoer niet om de stekker uit het stopcontact te trekken.

Houd het snoer uit de buurt van warmtebronnen, olie, scherpe randen of bewegende onderdelen.

Een beschadigd of verward snoer verhoogt het risico op een elektrische schok.

e) Gebruik buitenshuis een verlengsnoer dat specifi ek geschikt is voor het gebruik buiten.

Het gebruik van een snoer dat specifiek geschikt is voor gebruik buitenshuis vermindert het risico op een elektrische schok.

f) Als het elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving gebruikt moet worden, dient een voeding met aardlekschakelaar te worden gebruikt.

Gebruik van een aardlekschakelaar vermindert de kans op een elektrische schok.

3) Persoonlijke veiligheid

a) Blijf waakzaam, let voortdurend op uw werk en gebruik uw gezond verstand wanneer u elektrisch gereedschap gebruikt.

Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen.

Eén moment van onoplettendheid kan in ernstig lichamelijk letsel resulteren.

b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd oogbescherming.

Beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, anti-slip veiligheidsschoenen, een helm of gehoorbescherming, gebruikt voor gepaste omstandigheden, verminderen het risico op lichamelijk letsel.

c) Voorkom dat het gereedschap per ongeluk kan starten. Controleer of de schakelaar in de uit-stand staat voordat u de voeding en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of gaat dragen.

Zorg ervoor dat u tijdens het verplaatsen van het elektrisch gereedschap uw vingers uit de buurt van de schakelaar houdt en sluit de stroombron niet aan terwijl de schakelaar op aan staat om ongelukken te vermijden.

d) Verwijder sleutels en moersleutels uit het gereedschap voordat u het elektrisch gereedschap aanzet.

Een (moer-)sleutel die op een bewegend onderdeel van het elektrisch gereedschap bevestigd is kan in lichamelijk letsel resulteren.

e) Reik niet te ver. Zorg ervoor dat u te allen tijde stevig staat en uw evenwicht behoudt.

Op deze manier heeft u tijdens een onverwachte situatie meer controle over het elektrisch gereedschap.

f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houdt uw kleding en haar uit de buurt van bewegende onderdelen.

Loszittende kleding, sieraden en lang haar kunnen in de bewegende onderdelen verstrikt raken.

g) Indien het elektrisch gereedschap van een aansluiting voor stofafzuiging is voorzien, dan dient u ervoor te zorgen dat de stofafzuiging aangesloten en op de juiste manier gebruikt wordt.

Het gebruik van stofafzuiging vermindert eventuele stofgerelateerde risico's.

h) Laat bekendheid opgedaan bij veelvuldig gebruik van gereedschap u niet zelfgenoegzaam worden waardoor u veiligheidsprincipes van het gereedschap negeert.

Een onzorgvuldige actie kan ernstig letsel veroorzaken binnen een fractie van een seconde.

4) Bediening en onderhoud van elektrisch gereedschap

a) Het elektrisch gereedschap mag niet geforceerd worden. Gebruik het juiste gereedschap voor het karwei.

U kunt de klus beter en veiliger uitvoeren wanneer u het juiste elektrische gereedschap gebruikt.

b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet als de schakelaar niet goed werkt.

Elektrisch gereedschap dat niet via de schakelaar bediend kan worden is gevaarlijk en moet onmiddellijk gerepareerd worden.

c) Haal de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu, als deze losgemaakt kan worden, van het elektrische gereedschap voordat u afstellingen verricht, accessoires verwisselt of voordat u het elektrische gereedschap opbergt.

Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongeluk opstart.

d) Berg elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen op en sta niet toe dat personen die niet bekend zijn met het juiste gebruik van het gereedschap of deze voorschriften dit elektrisch gereedschap gebruiken.

Eletrisch gereedschap is gevaarlijk in onbevoegde handen.

e) Verzorg het elektrische gereedschap accessoires. Controleer het gereedschap op een foutieve uitlijning, vastgelopen of defecte bewegende onderdelen en andere problemen die van invloed kunnen zijn op de juiste werking van het gereedschap. Indien het gereedschap defect of beschadigd is moet het gerepareerd worden voordat u het gereedschap opnieuw gebruikt.

Slecht onderhouden elektrisch gereedschap is verantwoordelijk voor een groot aantal doe-het-zelf ongelukken.

f) Houd snijwerktuigen scherp en schoon. Goed onderhouden snijwerktuigen met scherpe snijranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker in het gebruik.

g) Elektrisch gereedschap, toebehoren, bits enz. moeten in overeenstemming met deze instructies worden gebruikt, waarbij de werkomstandigheden en het werk dat gedaan moet worden in overweging moeten worden genomen.

Gebruik van het elektrisch gereedschap voor andere doeleinden dan waarvoor het is bedoeld, kan resulteren in een gevaarlijke situatie.

h) Houd de handvat- en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet.

Glibberige handvat- en greepoppervlakken zorgen voor onveilig gebruik en onveilige bediening van het gereedschap in onverwachte situaties.

5) Onderhoud

a) Het gereedschap mag uitsluitend door bevoegd onderhoudspersoneel worden onderhouden en er mag daarbij uitsluitend gebruik gemaakt worden van identieke vervangingsonderdelen.

Hierdoor kunt u er op rekenen dat het elektrisch gereedschap veilig blijft.

VOORZORGSMAATREGELEN

Houd kinderen en kwetsbare personen op een afstand. Het gereedschap moet na gebruik buiten het bereik van kinderen en andere kwetsbare personen worden opgeborgen.

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR VERSTEKZAAG

a) Verstekzagen zijn bedoeld om hout of houtachtige producten te zagen, ze kunnen niet worden gebruikt met schurende doorslijpschijven voor het snijden van ijzerhoudend materiaal zoals staven, stangen, tapeinden, enz.

Schurend stof zorgt ervoor dat bewegende delen, zoals de onderste beschermkap, vastlopen. Door vonken bij schurend zagen, zullen de onderste afscherming, het kerfinzetstuk en andere plastic onderdelen branden.

b) Gebruik klemmen om het werkstuk te ondersteunen wanneer dit mogelijk is. Als het werkstuk met de hand wordt ondersteunt, moet u uw hand altijd ten minste 100 mm van een van de zijden van het zaagblad houden. Gebruik deze zaag niet voor het zagen van stukken die te klein zijn om stevig te worden geklemd of met de hand vast te houden.

Als uw hand zich te dicht bij het zaagblad bevindt, verhoogt dit de kans op letsel door contact met het zaagblad.

c) Het werkstuk moet stil liggen en worden vastgeklemd of tegen zowel de geleider als de tafel gehouden worden. Voer het werkstuk niet aan tegen het zaagblad en zaag op geen enkele wijze „uit de vrije hand”.

Werkstukken die niet worden geklemd of bewegende werkstukken kunnen bij hoge snelheden worden weggeslingerd en letsel veroorzaken.

d) Duw de zaag door het werkstuk. Trek de zaag niet door het werkstuk. Als u een zaagsnede wilt maken, brengt u de zaagkop omhoog en trekt u deze zonder te zagen over het werkstuk, start u de motor, drukt u de zaagkop omlaag en duwt u de zaag door het werkstuk.

Zagen met trekkende ketting veroorzaakt waarschijnlijk dat het zaagblad boven het werkstuk klimt en het zaagblad met geweld richting de gebruiker wordt geworpen.

e) Plaats uw handen nooit over de bedoelde zaaglijn, zowel voor of achter het zaagblad.

Het werkstuk ondersteunen „met gekruiste handen“, dat wil zeggen, het werkstuk rechts van het zaagblad houden met uw linkerhand of andersom, is heel gevaarlijk.

f) Reik niet met één van uw handen achter de geleider op een afstand van minder dan 100 mm van een van de zijden van het zaagblad, om houtresten te verwijderen, of om welke andere reden dan ook, terwijl het zaagblad draait.

De afstand van het ronddraaiende zaagblad tot uw hand is mogelijk niet duidelijk en u kunt ernstig gewond raken.

g) Inspecteer uw werkstuk voordat u gaat zagen. Als het werkstuk gebogen of onregelmatig van vorm is, klem deze dan vast met de gebogen kant in de richting van de geleider. Zorg er altijd voor dat er geen ruimte is tussen het werkstuk, de geleider en de tafel langs de lijn van de zaagsnede.

Verbogen of kromme werkstukken kunnen draaien of verschuiven en kunnen tijdens het zagen vastlopen in de werkbank. Er mogen geen spijkers of andere voorwerpen in het werkstuk zitten.

h) Gebruik de zaag niet tot de tafel vrij is van alle gereedschappen, houtresten, enz., met uitzondering van het werkstuk.

Kleine stukken hout of vuil of andere voorwerpen die in contact komen met het draaiende zaagblad kunnen met hoge snelheid weggeslingerd worden.

Nederlands

i) Zaag slechts één werkstuk per keer.

Meerdere gestapelde werkstukken kunnen niet voldoende worden vastgeklemd of geschoord en kunnen tijdens het zagen op het blad of de band vastlopen.

j) Controleer of de verstekzaag is gemonteerd of geplaatst op een vlak, stevig werkoppervlak alvorens deze te gebruiken.

Een vlak en stevige werkoppervlak vermindert het risico dat de verstekzaag onstabiel wordt.

k) Plan uw werk. Elke keer dat u de hoek afschuinen of verstekzagen wijzigt, moet u ervoor zorgen de verstelbare geleider op de juiste manier is ingesteld om het werkstuk te ondersteunen en niet in contact kan komen met het zaagblad of het afschermingssysteem.

Beweeg het zaagblad, zonder het gereedschap in te schakelen en zonder werkstuk op de tafel, door een volledig nagebootste snede om te controleren dat er geen contact zal worden gemaakt met de geleider.

I) Zorg voor voldoende ondersteuning, zoals een uitschuifbaar deel van de tafel, schragen, enz., voor een werkstuk dat breder of langer is dan het bovenblad van de zaagtafel.

Werkstukken die langer of breder zijn dan de verstekzaagtafel kunnen omvallen als ze niet stevig worden ondersteund. Als het afgesneden stuk of het werkstuk kantelt, kan dit de onderste afscherming omhoog duwen of door het draaiende zaagblad worden weggeslingerd.

m) Gebruik niet een ander persoon in plaats van een uitschuifblad van de tafel of als extra ondersteuning.

Door een onstabiele ondersteuning voor het werkstuk kan het zaagblad vastlopen of kan het werkstuk verschuiven tijdens het zagen, waardoor u en de helper naar het draaiende zaagblad worden getrokken.

n) Het afgezaagde stuk mag niet worden geklemd of gedrukt, op welke manier dan ook, tegen het draaiende zaagblad.

Als het afgesneden is, dat wil zeggen met behulp van lengtestops, kan het afgesneden stuk klem komen te zitten tegen het zaagblad en krachtig worden weggeslingerd.

o) Gebruik altijd een klem of een werkstukhouder die is ontworpen voor het goed ondersteunen van rond materiaal, zoals stangen of leidingen.

Stangen hebben de neiging te rollen terwijl deze afgezaagd worden, waardoor het zaagblad „bijt” en uw werk met uw hand naar het werk trekt.

p) Laat het zaagblad op volledige snelheid komen voordat het contact komt met het werkstuk.

Hierdoor wordt het risico dat het werkstuk wordt weggeslingerd beperkt.

q) Als het werkstuk of het zaagblad bekneld raakt, schakel de verstekzaag dan uit. Wacht tot alle bewegende delen tot stilstand zijn gekomen en trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu. Maak vervolgens het vastgelopen materiaal los.

Doorgaan met zagen met een vastzittend werkstuk kan verlies van de controle of schade aan de verstekzaag veroorzaken.

r) Na het voltooien van de zaagsnede geeft u de schakelaar vrij, houdt u de zaagkop omlaag en wacht u totdat het zaagblad tot stilstand komt voordat u het afgesneden stuk materiaal verwijdert.

Het is gevaarlijk om met uw hand in de buurt van het draaiende zaagblad te komen.

s) Houd de handgreep stevig vast wanneer u een onvolledige zaagsnede maakt of wanneer u de schakelaar loslaat voordat de zaagkop geheel omlaag is.

Het afremmen van de zaag kan ertoe leiden dat de zaagkop plotseling naar beneden wordt getrokken, wat een risico op letsel veroorzaakt.

VOORZORGSMAATREGELEN BIJ HET GEBRUIK VAN DE AFKORTZAAGMACHINE MET TELESCOPISCH ZAAGARM

  1. Werk op een vlakke, horizontale ondergrond die schoon en goed opgeruimd is, dus zonder splinters en ander afvalmateriaal.

  2. Zorg voor een degelijke verlichting van de werkplek.

  3. Gebruik elektrisch gereedschap niet voor andere doeleinden dan in de gebruiksaanwijzing beschreven.

  4. Laat reparatie uitsluitend door een erkende onderhoudsfaciliteit uitvoeren. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor beschadigingen en letsel veroorzaakt door een onjuiste reparatie door een niet-erkende instantie of een onjuist gebruik van het gereedschap.

  5. Voor een veilige werking van elektrisch gereedschap mogen de geplaatste afdekkingen, kappen en schroeven nooit worden verwijderd.

  6. Raak beweegbare onderdelen of toebehoren niet direct aan tenzij het netsnoer van het gereedschap is ontkoppeld.

  7. Gebruik het gereedschap met een lager ingangsvermogen dan op het naamplaatje aangegeven; de afwerking zou anders kunnen worden aangetast en de effi ciëntie worden verminderd door een overbelaste motor.

  8. Reinig plastic onderdelen nooit met oplosmiddelen. Oplosmiddelen als bijvoorbeeld benzine, thinner, petroleum, koolstof tetrachloride en alcohol kunnen de plastic onderdelen beschadigen of veroorzaken barsten. Veeg plastic onderdelen dus nooit met doeken die met deze middelen zijn bevochtigd af. Reinig plastic onderdelen met een zachte doek die licht met een oplossing van water en een neutraal schoonmaakmiddel is bevochtigd.

  9. Gebruik uifsluitend de gespecificeerde oorspronkelijke HiKOKI onderdelen voor het vervangen van onderdelen.

  10. Dit gereedschap mag uitsluitend worden gedemonteerd voor het vervangen van de koolborstels.

  11. De gedetailleerde tekeningen van de montage in deze gebruiksaanwijzing dienen uitsluitend voor gebruik door een erkende onderhoudsfaciliteit.

  12. Probeer in geen geval metaal of steen te zagen.

  13. Er dient te worden gezorgd voor voldoende algemene of plaatselijke verlichting. Benodigdheden en afgewerkte werkstukken dienen zich in de nabijheid van de normale werkplek van de gebruiker te bevinden.

  14. Draag indien nodig geschikte beschermende kledingsstukken, zoals: Gehoorbescherming om het risico van beschadiging van uw gehoor tegen te gaan.

Oogbescherming om de kans op oogletsel te voorkomen.

Gezichtsmasker om het risico van het inademen van schadelijke stofdeeltjes tegen te gaan.

Handschoenen voor het hanteren van zaagbladen (zaagbladen dienen indien mogelijk in een houder vervoerd te worden) en ruwe materialen.

  1. De gebruiker dient voldoende getraind te zijn in het gebruik, de afstelling en de bediening van de machine.

  2. Ū mag in geen geval afgezaagde delen of andere onderdelen van het werkstuk verwijderen terwijl de machine nog loopt en de zaagkop nog niet in de ruststand is teruggekeerd.

  3. Gebruik de afkortzaagmachine nooit met de onderste afscherming vergrendeld in de geopende stand.

  4. Zorg dat de onderste afscherming soepel beweegt.
  5. Gebruik de zaag niet wanneer de afschermingen niet juist zijn aangebracht, wanneer deze niet goed werken of als ze niet in degelijke staat zijn.
  6. Gebruik scherpe zaagbladen. Neem het maximale toerental in acht dat op het zaagblad staat.
  7. Gebruik geen zaagbladen die beschadigd of vervormd zijn.

  8. Gebruik geen zaagbladen die gemaakt zijn van staal.

  9. Gebruik uitsluitend zaagbladen die door HiKOKI worden aanbevolen.

Gebruik zaagblad overeenkomstig EN847-1:2017.

  1. De zaagbladen moeten een buitendiameter hebben van 216 mm.

  2. Gebruik het juiste zaagblad voor het materiaal dat gezaagd wordt.

  3. Gebruik de afkortzaagmachine nooit met het zaagblad naar boven of naar de zijkant gekeerd.

  4. Zorg dat er geen vreemde bestanddelen zoals nagels in het werkstuk zitten.

  5. Vervang het tafel-inzetstuk wanneer dit versleten is.

  6. Gebruik de zaag enkel voor het zagen van hout, aluminium en dergelijke.

  7. Gebruik de zaag niet voor het snijden van andere materialen dan die door de fabrikant worden aanbevolen.

  8. Zorg dat het vervangen en positioneren van het za agblad juist wordt uitgevoerd en alle waarschuwingen en instructies in acht worden genomen.

  9. Sluit de afkortzaagmachine op een stofopvanginrichting aan wanneer hout gezaagd wordt.

  10. Wees voorzichtig bij het maken van gleuven.

  11. Pak niet de houder vast wanneer u het gereedschap draagt. Draag het gereedschap altijd aan de handgreep.

  12. Het gevaar bestaat dat de steunen los komen. Houd daarom de handgreep vast in plaats van de steun.

  13. Begin pas met zagen wanneer het motortoerental de maximumsnelheid heeft bereikt.

  14. Schakel het gereedschap onmiddellijk uit wanneer dit niet normaal werkt.

  15. Schakel het gereedschap uit en wacht totdat het zaagblad tot stilstand is gekomen voordat u begint met onderhoud of afstellingen.

  16. Bij afschuinen of verstekzagen mag het zaagblad pas omhooggehaald worden nadat dit volledig tot stilstand is gekomen.

  17. Bij het snijden van schijven moet de zaag weg van de bediener worden geduwd.

  18. Houd rekening met alle mogelijke gevaren bij het zagen, met name het weerkaatsen van laserstralen in uw ogen, het onbedoeld aanraken van bewegende onderdelen van de machine enzovoort.

  19. Zorg er voor dat bij elk gebruik de machine stabiel is. Gebruik alleen zaagbladen waarvan de maximaal toegestane snelheid hoger is dan de no-load-snelheid van het elektrische gereedschap.

Gebruik altijd kraag (A) bij het bevestigen van het zaagblad.

Vervang de laser of LED niet door een ander type.

  1. Sta niet in een lijn met het zaagblad voor de machine. Altijd naast het zaagblad staan. Dit beschermt uw lichaam tegen mogelijke terugslag. Houd handen, vingers en armen uit de buurt van het draaiende zaagblad.

Kruis uw armen niet tijdens het bedienen van de gereedschapsarm.

  1. Als het zaagblad vastloopt, schakel het apparaat dan uit en houd het werkstuk vast totdat het zaagblad volledig tot stilstand komt. Om tegenslag te voorkomen, mag het werkstuk niet bewogen worden tot nadat de machine volledig tot stilstand is gekomen.

Corrigeer de oorzaak van het vastlopen van het zaagblad voor het herstarten van het apparaat.

  1. Laat nooit de hand los die de handgreep vastgrijpt als de zaagkop omlaag is geklapt.

Doet u dit wel, dan kan de zaagkop omhoog schieten, waardoor het gereedschap kan vallen en mogelijk letsel kan veroorzaken.

  1. Houd het gereedschap goed vast terwijl u ermee aan het werk bent. Doet u dit niet, dan kunnen ongelukken of verwondingen het gevolg zijn. (Afb. 37)

SYMBOLEN

WAARSCHUWING

Hieronder staan symbolen afgebeeld die van toepassing zijn op deze machine. U moet de betekenis hiervan begrijpen voor u de machine gaat gebruiken.

HiKOKI C8FSE - WAARSCHUWING - 1C8FSHE / C8FSE: Afkortzaagmachine met telescopisch zaagarm
HiKOKI C8FSE - WAARSCHUWING - 2Om het risico op verwondingen te verminderen, moet de gebruiker de instructiehandleiding lezen.
HiKOKI C8FSE - WAARSCHUWING - 3Draag altijd oogbescherming.
HiKOKI C8FSE - WAARSCHUWING - 4Draag altijd gehoorbescherming.
HiKOKI C8FSE - WAARSCHUWING - 5Alleen voor EU-landenGeef elektrisch gereedschap niet met het huisvuil mee!Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU inzake oude elektrische en elektronische apparaten en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dient gebruikt elektrisch gereedschap gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar een recyclebedrijf dat voldoet aan de geldende milieu-eisen.

SPECIFICATIES

Max.snijcapaciteitHoogte ×Breedte65 mm × 312 mm**75 mm × 262 mm Met hulpplaat (30 mm)
Verstek 45°65 mm × 220 mm**75 mm × 185 mm Met hulpplaat (20 mm)
AfschuiningLinks 45°45 mm × 312 mm**50 mm × 252 mm Met hulpplaat (30 mm)
Rechts 5°60 mm × 312 mm**70 mm × 252 mm Met hulpplaat (30 mm)
SamengesteldAfschuining (Links) 45° + verstek 45°45 mm × 220 mm**50 mm × 170 mm Met hulpplaat (30 mm)
Afschuining (Rechts) 5° + verstek 45°60 mm × 220 mm**70 mm × 170 mm Met hulpplaat (30 mm)
Zaagbladafmetingen (Buitendiam. × Binnendiam. × Dikte) 216 mm × 30 mm × 2 mm
Maximale kerf 2,7 mm
Verstekhoek Rechts 0° – 57°; Links 0° – 45°
Afschuinhoek Rechts 0° – 5°; Links 0° – 48°
Samengestelde snijhoekAfschuining (Links) 0° – 45°Verstek (Rechts en links) 0° – 45°
Afschuining (Rechts) 0° – 5°
Spanning (afhankelijk van land van verkoop)*(110 V, 230 V)~
Stroomverbruik* 1050 W
Onbelast toerental C8FSHE • C8FSE: 5500 min-1
Afmetingen machine (Breedte × Diepte × Hoogte) 555 mm × 790 mm × 485 mm
Gewicht (Netto)**16,7 kg (C8FSHE) / 16,4 kg (C8FSE)
Lasermarkeerinrichting(Alleen voor model C8FSHE)Maximaal uitgangsvermogenPo<3 mW klasse II laserproduct
(Golflengte)654 nm
LasermediumLaserdiode

* Controleer de waarde op het naamplaatje van de cirkelzaagmachine daar het vermogen per gebied mogelijk vers chillend is.
Bij het zagen van een werkstuk met een afmeting van “**” is het mogelijk dat het ondereind van de cirkelzaag het werkstuk raakt, zelfs als de motorkop in de onderste stand staat. Let hier goed op bij het zagen van het werkstuk. Zie voor verdere informatie “PRACTISCHE TOEPASSINGEN”. Monteer de hulpplaat op het afschermingsvlak (zie () voor de dikte van de hulpplaat). Zie “10. Zagen van grote werkstukken” (Afb. 22, 23).
1. Minimale formaat van het werkstuk.
Alle werkstukken die kunnen worden geklemd links of rechts van het zaagblad met de meegeleverde bankschroef.
Model C8FSHE • C8FSE: 245 × 90 mm (lengte × breedte)
2. Maximale zaagdiepte.
Model C8FSHE • C8FSE: 65 mm (verstek 0° × helling 0°)
** Volgens EPTA-procedure 01/2014

STANDAARDTOEBEHOREN

○ 216 mm TCT zaagblad (gemonteerd op gereedschap) 1
○ Stofzak 1
○ 10 mm naafbussleutel ....1
○ Bankschroefmontage 1
○ Houder ....1
○ Zijgreep ....
○ Subgeleider (bevestigd op het gereedschap) ......1
○ Subtafelsamenstelling 2

Standaardtoebehoren zijn zonder voorafgaande kennisgeving wijzigbaar.

TOEPASSING

Zagen van diverse soorten hout en aluminium kozijnen.

VOOR GEBRUIK

LET OP

Maak alle nodige afstellingen alvorens de stekker van het netsnoer in een stopcontact te steken.

1. Spanningsbron

Controleer dat de te gebruiken spanningsbron aan de spanningsvereisten die op het naamplaatje zijn aangegeven voldoet.

Niet gebruiken met directe spanning, of transformators zoals boosters. Dit kan resulteren in schade of ongelukken.

2. Spanningsschakelaar

Controleer dat de spanningsschakelaar (oftewel startschakelaar) in de uit-stand (OFF) is gedrukt. Indien u de stekker van het netsnoer in een stopcontact steekt met deze schakelaar op ON gedrukt, zal het elektrische gereedschap direct in werking treden en mogelijk ernstig letsel of ongelukken veroorzaken.

3. Verlengsnoer

Gebruik een verlengsnoer dat dik genoeg is en de aanbevolen capaciteit heeft indien er geen stopcontact in de buurt van de uit te voeren klus is. Houd het verlengsnoer zo kort als mogelijk.

4. Vrijgeven van de borgpen. (Afb. 3)

Bij het klaarmaken voor vervoer van het elektrisch gereedschap zijn de belangrijkste onderdelen vastgezet met een grendelpen.

Verplaats de hendel een stukje zodat u de grendelpen los kunt maken.

Als het gereedschap vervoerd moet worden, dient u met de grendelpen de tandwielkast te vergrendelen.

5. Bevestig de stofzak aan het gereedschap (Afb. 1)

6. Installatie (Afb. 4)

Zorg ervoor dat de machine altijd goed bevestigd is aan de werkbank.

Bevestig het elektrische gereedschap op een vlakke, horizontale werkbank. Gebruik 8 mm bouten met een geschikte lengte voor de dikte van de werkbank.

De lengte van de bouten moet tenminste 25 mm plus de dikte van de werkbank bedragen.

Gebruik bijvoorbeeld 8 × 65 mm bouten voor een werkbank van 25 mm dik.

7. Instellen van de basishouder (Afb. 5)

Los de 6 mm bout met de bijgeleverde 10 mm naafbussleutel. Stel de basishouder in zodat de onderkant contact met de werkbank of het oppervlak van de vloer maakt.

Na de afstelling zet u de 6 mm bout goed vast.

8. Controlexer of de onderste afscherming soepel werkt LET OP

- Deze afkortzaagmachine is uitgerust met een zaagkopvergrendeling als veiligheidsvoorziening.

○ Om de zaagkop te laten zakken zodat deze kan zagen, moet u de vergrendeling vrijzetten door met uw duim op de vergrendelgreep te drukken.

(1) Wanneer u op de handgreep drukt terwijl u op de vergrendelgreep duwt, dient u te controleren of de onderste afscherming soepel draait (Afb. 6).

(2) Controleer of de onderste afscherming naar de oorspronkelijke positie terugkeert wanneer de handgreep omhoog wordt gehaald.

9. Stompe hoek

Voordat het elektrische gereedschap wordt verstuurd vanuit de fabriek, wordt deze afgesteld voor 0°, rechter hoek, linker 45° zaaghellingshoek met de 8 mm bout (A) en 8 mm bout (B).

Bij het wijzigen van de afstelling, wijzig de hoogte van de 8 mm bout (A) of 8 mm bout (B) door hieraan te draaien.

Bij het wijzigen van de hellingshoek naar links 45° en meer, trek de instelpen in de richting getoond in Afb. 7-a en tilt de motorkop naar links.

Bij het wijzigen van de hellingshoek naar rechts, trek de instelpen in de richting getoond in Afb. 7-a en tilt de motorkop naar rechts.

Bij het afstellen van de motorkop naar 0°, plaats de instelpen dan altijd terug in de initiele positie zoals getoond in Afb. 7-b.

10. Controleren van de onderste begrenzing van het zaagblad

Controleer of het zaagblad inderdaad tot 10 mm a 11 mm onder het tafel-inzetstuk gebracht kan worden.

Wanneer u een zaagblad door een nieuw vervangt, regelt u de onderste limietpositie zodanig dat het zaagblad niet in de draaitafel snijdt of dat er niet volledig verzaagd kan worden.

Om de onderste limietpositie van het zaagblad in te stellen volgt u de procedure (1) die hieronder wordt uitgelegd. (Afb. 8)

Ook bij het veranderen van de positie van een 8 mm diepte-afstelbout die dienst doet als een stopper van de onderste limietpositie van het zaagblad.

(1) Draai de 8 mm diepte-afstelbout los, pas de hoogte aan waar de boutkop en het scharnier met mekaar in contact komen en regel de onderste limietpositie van het zaagblad.

OPMERKING

Bevestig dat het zaagblad werd afgesteld zodat het niet in de draaitafel snijdt.

Match de bovenste oppervlakken van het basisoppervlak en de subtafel met een tekenhaak of iets dergelijks. Pad het verticale niveau van de subtafel aan door aan de 8 mm hoogteafstellingsbout te draaien. Zet de houder na de afstelling vast met de 6 mm bout aan de achterkant van de basis, en draai de 6 mm vleugelbout van de subtafel vast.

VOOR HET SNIJDEN

1. Snijden van een groef in de bescherming

Houder (A) heeft een bescherming (zie Afb. 11) waarin een groef moet worden gesneden wanneer het gereedschap voor de eerste keer wordt gebruikt. Los de 6 mm bout om de bescherming iets in te trekken.

Plaats een geschikt stuk hout op de aanslag en het tafeloppervlak en bevestig vervolgens met een bankschroef. Schuif de motorkop naar achteren richting het uiteinde. Draai vervolgens de schuifvegrendelknop vast. Start de werking en wacht totdat het zaagblad de maximale snelheid heeft bereikt. Verlaag vervolgens de greep om een groef in de bescherming te maken. (Zie Afb. 21)

LET OP

Snijd de groef niet te snel daar anders de bescherming mogelijk wordt beschadigd.

Gebruik geen schuifsnijden voor groeftaken.

PRACTISCHE TOEPASSINGEN

WAARSCHUWING

○ Om lichamelijk letsel te voorkomen moet u het werkstuk nooit verwijderen of plaatsen op de tafel terwijl het apparaat wordt bediend.

○ Plaats tijdens de bediening van het apparaat nooit uw ledematen binnen het gebied dat de lijn naast het waarschuwingssymbool aangeeft (Afb. 10). Dit kan gevaarlijke gevolgen hebben.

LET OP

○ Het is uitermate gevaarlijk om onderdelen te verwijderen of te installeren wanneer het zaagblad nog draait.

○ Verwijder zaagsel van de draaitafel tijdens het zagen.

- Indien er te veel zaagsel is opgehoopt, zal het zaagblad van het te zagen materiaal te zien zijn. Houd uw hand uit de buurt van het blad.

1. Bediening van de schakelaar

Het gereedschap zal niet starten tenzij de ontgrendelingsknop wordt ingedrukt terwijl de schakelaar naar achteren is getrokken.

De ontgrendelingsknop kan worden ingeschakeld door deze vanaf links in te drukken.

Nadat de schakelaar op aan staat, zal het zaagblad verder werken zolang u de trekschakelaar indrukt, zelfs wanneer u de ontgrendelingsknop vrijgeeft.

Wanneer de schakelaar wordt losgelaten, schakelt de ontgrendelingsknop automatisch uit om onbedoeld starten van de motor te voorkomen.

WAARSCHUWING

Vergrendel de ontgrendelingsknop nooit in ingedrukte positie.

Door de schakelaar in dat geval aan te trekken kan het gereedschap plotseling gaan werken, wat kan leiden tot verwondingen.

Nederlands

  1. Gebruik van de klem (standaard toebehoren) (Afb. 13)

(1) De bankschroef kan worden bevestigd aan de linker geleider {Geleider (B)} of aan de rechter geleider {Geleider (A)} door de 6 mm bout (A) los te draaien.

(2) De schroefhouder kan worden verhoogd of verlaagd overeenkomstig de hoogte van het werkstuk door de 6 mm vleugelbout (B) los te draaien. Draai de 6 mm vleugelbout (B) na verstelling weer strak aan zodat de schroefhouder wordt gefi xeerd.

(3) Draai de bovenknop vast om het werkstuk stevig op zijn plaats te bevestigen.

WAARSCHUWING

U moet het werkstuk altijd stevig aan de geleider vastmaken of klemmen; anders kan het werkstuk van de tafel geworpen worden en persoonlijk letsel veroorzaken.

LET OP

Let er altijd op dat de motorkop de klem niet kan raken wanneer u deze omlaag brengt om te zagen. Als er de kans bestaat dat dit gebeurt, dient u de 6 mm vleugelbout los te draaien en de klem te verplaatsen naar een plek waar deze het zaagblad en dergelijke niet kan raken.

3. Positioneren van het tafel-inzetstuk (Afb. 14)

Op de draaitafel zijn tafel-inzetstukken gemonteerd. Bij het verlaten van de fabriek zijn de tafel-inzetstukken zo vastgemaakt dat deze geen contact maken met het zaagblad. Het braam aan de onderkant van het werkstuk wordt aanzienlijk verminderd als het tafel-inzetstuk zodanig bevestigd wordt dat de spleet tussen het zijvlak van het tafel-inzetstuk en het zaagblad minimaal is. Voordat u het gereedschap gebruikt, dient u deze spleet als volgt te elimineren.

(1) Afzagen in een rechte hoek

Draai de drie 6 mm machineschroeven los, maak vervolgens het linker tafel-inzetstuk los en draai tijdelijk de 6 mm machineschroeven aan beide uiteinden vast. Bevestig daarna een werkstuk (ongeveer 200 mm breed) in de klem en snijd het af. Nadat het snij-oppervlak met de rand van het tafel-inzetstuk is uitgelijnd, draait u de 6 mm machineschroeven aan beide uiteinden stevig vast. Verwijder het werkstuk en draai de middelste 6 mm machineschroef stevig vast. Stel het rechter tafel-inzetstuk op dezelfde wijze af.

(2) Linkse en rechtse afschuiningen

Regel het tafelinzetstuk volgens dezelfde procedure als voor het versnijden van een rechte hoek.

LET OP

Nadat het tafel-inzetstuk is afgesteld voor het snijden van rechte hoeken, zal het tafel-inzetstuk een klein stukje ingesneden worden wanneer het voor het snijden van afschuinhoeken wordt gebruikt.

Indien u een afschuinhoek wilt maken, dient u het tafelinzetstuk voor het maken van afschuinhoeken af te stellen.

4. Controle bij gebruik van de subgeleider (Afb. 15)

Deze afkortzaagmachine is uitgerust met een subgeleider. Gebruik de subgeleider bij het snijden van een directe hoek of een afschuinhoek. U kunt dan bij het snijden van een linker afschuinhoek, een rechter afschuinhoek of een directe hoek een stabiele snijbewerking van het materiaal met een breed achtervlak verkrijgen.

WAARSCHUWING

Bij links afschuinen dient u de veiligheidskap tegen de klok in te draaien (Afb. 15). Wanneer de subgeleider rechtsom wordt gedraaid, kan het gereedschap of het zaagblad in contact komen met de subgeleider, met letsel tot gevolg.

  1. Gebruik van een inktstreep (Afstellen van de bescherming)

(1) Snijden van een rechte hoek

Draai de 6 mm knopbout los en breng het uiteinde van de afscherming in contact met het werkstuk.

Lijn de inkststreep op het werkstuk uit met de groef in de afscherming om het werkstuk langs de inkstreep te snijden.

(2) Versteksnijden en samengesteld snijden (Versteksnijden + Afschuiningssnijden)

Wanneer u het motorgedeelte laat zakken, komt de onderste afscherming omhoog en verschijnt het zaagblad.

Lijn de inkstreep uit met het zaagblad.

LET OP

Wanneer de draaitafel bij sommige opstellingen wordt rondgedraaid, zal de afscherming bij de geleider naar buiten steken. Draai de 6 mm knopbout los en duw de afscherming naar de ingetrokken positie. Til nooit de onderste afscherming omhoog terwijl het zaagblad ronddraait. Bij het snijden naar rechts onder een hoek van 45° of meer moet de afscherming naar achteren worden geschoven.

De afscherming en geleider kunnen anders contact maken en de snijprestatie nadelig beïnvloeden, en tevens kan dit resulteren in beschadiging van de afscherming.

  1. Het installeren van de zijgreep (Afb. 1)

Installeer de zijgreep die bij het gereedschap wordt geleverd.

  1. Positie van de laserstreep afstellen (alleen voor model C8FSHE)

De inkststreep kan gemakkelijk aan de lasermarkeerinrichting worden gekoppeld. De lasermarkeerinrichting wordt met een schakelaar ingeschakeld (Afb. 16).

Afhankelijk van uw snijkeuze kan de laserlijn worden uitgelijnd met de linkerkant van de snijwijdte (zaagblad), of de inkstreep aan de rechterkant.

Bij het verlaten van de fabriek wordt de laserstreep afgesteld op de breedte van het zaagblad. Stel de positie van het zaagblad en de laserstreep af overeenkomstig de hierna volgende instructies.

(1) Laat de lasermarkeerinrichting oplichten en maak een groef van ongeveer 5 mm diep in het werkstuk dat 20 mm hoog en 150 mm breed is. Houd het gegroefde werkstuk dan in de klem vast en beweeg het niet. Zie "19. Procedure voor het zagen van groeven" voor details betreff ende het maken van groeven.

(2) Draai aan de afsteller en verschuif de laserstreep. (Als u de afsteller naar rechts draait, schuift de laserstreep naar rechts; als u de afsteller naar links draait, schuift de laserstreep naar links.) Wanneer u werkt met de inkstreep uitgelijnd met de linkerkant van het zaagblad, dient de laserstreep met het linker eind van de groef te worden uitgelijnd (Afb. 17).

Wanneer u uitlijnt op de rechterkant van het zaagblad, breng de laserstreep dan in lijn met de rechterkant van de groef.

(3) Nadat de positie van de laserstreep is uitgelijnd, trekt u een haakse inkstreep op het werkstuk en lijnt dan de inkstreep uit met de laserstreep. Bij het uitlijnen van de inkstreep schuift u het werkstuk steeds een klein stukje en bevestigt het dan met behulp van de klem op de plaats waar de laserstreep de inkstreep overlapt. Werk opnieuw aan de groef en controleer de positie van de laserstreep. Als u de positie van de laserstreep wilt veranderen, moet u de afstellingen beschreven in de stappen (1) t/m (3) opnieuw maken.

WAARSCHUWING

○ Zorg dat het hoofdapparaat en de lasermarkeerinrichting zijn uitgeschakeld voordat u de stekker in het stopcontact steekt.
○ Let erop dat u de trekschakelaar niet bedient tijdens het afstellen van de laserstreep, want de stekker zit in het stopcontact tijdens het maken van deze afstelling.
Als u de trekschakelaar per ongeluk bedient, kan het zaagblad gaan draaien, met mogelijk letsel tot gevolg.
○ Verwijder de lasermarkeerinrichting niet om deze voor andere doeleinden te gebruiken.

LET OP (Afb. 18)

○ Laserstraling – Kijk niet in de straal.
○ Laserstraling op de werktafel. Kijk niet in de straal. Als u rechtstreeks in de straal kijkt, kan dit oogletsel veroorzaken.
○ Probeer de laser niet te demonteren.
○ Stel de lasermarkeerinrichting (hoofdblok van het gereedschap) niet aan harde schokken bloot. De positie van de laserstreep kan namelijk verstoord worden en de laserinrichting kan beschadigd raken.
○ Laat de laser alleen oplichten tijdens het snijden. Onnodig oplichten van de laser kan resulteren in een kortere levensduur.
○ Het gebruik van regelaars of het maken van afstellingen die niet in deze handleiding staan beschreven, kan resulteren in blootstelling aan gevaarlijke laserstraling.

OPMERKING

○ Zagen als de inktlijn overlapt met laserlijn.
- Indien de inklijn en de laserlijn elkaar overlappen, zal de intensiteit van het licht veranderen, hetgeen zal resulteren in een stabiele snijoperatie omdat de eenduidigheid van de lijnen gemakkelijk te onderscheiden is. Dit leidt tot een minimum aan zaagfouten.
○ Bij gebruik buitenshuis of in de buurt van een raam is het mogelijk dat u de laserstreep niet goed ziet als gevolg van het zonlicht. Werk in dat geval op een plaats die niet in de zon is zodat u de laserstreep duidelijk kunt zien.
○ Controleer regelmatig of de positie van de laserlijn in orde is. Om dit controleren tekent u op een werkstuk een rechthoek met een hoogte van 20 mm en een breedte van 150 mm, waarna u controleert of de laserlijn gelijk loopt aan de inklijn [Het verschil tussen de inklijn en laserlijn dient minder te zijn dan de breedte van inklijn (0,5mm)] (Afb. 19).

8. Zagen

(1) De breedte van het zaagblad is tevens de breedte van de zaagsnede (zie Afb. 20). Als gevolg hiervan, schuift u het werkstuk naar rechts (bezien vanuit de bediener) wanneer lengte ⓑ is verlangd, of naar links, wanneer lengte is ⓐ is verlangd.
Indien een lasermarkering wordt gebruikt, lijn dan de laserlijn uit met de linkerzijde van het zaagblad, en vervolgens lijnt u de inklijn uit met de laserlijn.
(2) Nadat de stroom is ingeschakeld en het zaagblad op het maximum toerental is gekomen, dient u de handgreep langzaam naar beneden te brengen terwijl u de vergrendelgreep ingedrukt houdt en het zaagblad in de buurt van het te zagen materiaal brengen.
(3) Wanneer het zaagblad contact maakt met het werkstuk, duwt u de handgreep geleidelijk naar beneden om in het werkstuk te snijden.
(4) Wanneer het werkstuk tot de gewenste diepte is gesneden, schakelt u het gereedschap uit en laat het zaagblad dan volledig tot stilstand komen voordat u de handgreep omhooghaalt van het werkstuk om deze weer in de volledig ingetrokken positie te zetten.

LET OP

○ Raadpleeg de tabel met "SPECIFICATIES" voor de maximale zaagcapaciteit.
O Een hogere druk op de handgreep resulteert niet in een hogere snijsnelheid. Integendeel, bij een te hoge druk kan de motor overbelast worden en/of het snijrendement afnemen.
○ Zorg dat de trekschakelaar in de OFF stand staat en de stekker uit het stopcontact is gehaald wanneer het gereedschap niet wordt gebruikt.
○ Schakel het gereedschap altijd uit en laat het zaagblad volledig tot stilstand komen voordat u de handgreep vanaf het werkstuk omhooghaalt. Als de handgreep omhooggehaald wordt terwijl het zaagblad nog ronddraait, kan het afgesneden stuk materiaal vast komen te zitten tegen het zaagblad waardoor er gevaarlijke splinters kunnen rondvliegen.
○ Telkens wanneer een normale of een diepe snijbewerking is voltooid, zet u de schakelaar uit en controleert dan of het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen. Haal daarna de handgreep omhoog en zet deze weer in de volledig teruggetrokken stand.
U moet absoluut eerst het gezaagde materiaal van de bovenkant van de draaitafel verwijderen voor u doorgaat naar de volgende stap.

9. Snijden van smalle werkstukken (Pers-snijden) (Afb. 21)

Schuif de scharnier omlaag naar de houder (A) en draai dan de schuifvastzetknop vast (Afb. 2). Laat de handgreep zakken om het werkstuk te snijden. U kunt nu werkstukken snijden met een afmeting van 65 mm in het vierkant.

10. Zagen van grote werkstukken (Afb. 22, 23)

Het is mogelijk dat een volledige zaagbewerking niet mogelijk is afhankelijk van de hoogte van het werkstuk. In dit geval bevestigt u via de 7 mm gaten in het afschermingsvlak een hulpplaat met de 6 mm schroeven met platte kop en de 6 mm moeren (er zijn twee gaten aan beide kanten). (Afb. 22)

Zie "SPECIFICATIES" voor de dikte van de hulpplaat.

OPMERKING

Bij het snijden in een rechte hoek van een werkstuk dat langer dan 65 mm is of 60 mm in een links afgeschuinde hoek of 45 mm in een rechts afgeschuinde hoek, past u de onderste limietpositie aan zodat de basis van de motorkop niet in contact komt met het werkstuk.

Om de onderste limietpositie van het zaagblad af te stellen, volgt u de procedure (1) getoond in Fig. 23.

(1) Laat de motorkop zakken en draai de 6 mm diepte-afstelbout los en stel ze af zodat er een ruimte van 2 tot 3 mm zit tussen de onderste limietpositie van de motorkop en de bovenkant van het werkstuk aan de onderste limietpositie van het zaagblad waar de kop van de 6 mm diepte-afstelbout in contact komt met het scharnier.

11. Snijden van brede werkstukken (Afb. 24)

Draai de schuifvastzetknop los (Afb. 2), pak de handgreep vast en schuif het zaagblad naar voren. Druk op de handgreep en schuif het zaagblad terug om het werkstuk te snijden. U kunt nu werkstukken snijden met een breedte van 312 mm.

WAARSCHUWING

Leg nooit uw hand op de zijgreep tijdens het snijden want het zaagblad komt dicht bij de zijgreep wanneer de motorkop zakt.

12. Procedure voor verstekzagen

(1) Draai de zijgreep los en trek de hendel omhoog voor hoekstoppers. Stel daarna de draaitafel af totdat de indicator is uitgelijnd met de gewenste instelling op de verstekschaal (Afb. 25).
(2) Draai de zijgreep weer vast om de draaitafel in de gewenste positie te vergrendelen.

Nederlands

(3) De verstekschaal geeft de snijhoek op de hoekschaal en de gradiënt op de graadschaal aan.
(4) De gradiënt, dit is de verhouding tussen de hoogte en de basis van het driehoekige gedeelte dat verwijderd wordt, kan indien gewenst gebruikt worden voor de instelling van de verstekschaal in plaats van de snijhoek.
Om dus een werkstuk met een gradiënt van 2/10 te snijden, zet u de indicator op deze positie.

OPMERKING

  • Er zijn positieve stops aan de rechter- en linkerkant van de middelste 0° instelling, op de plaats van de 15°, 22,5°, 31,6° en 45° instellingen.
    Zorg dat de verstekschaal en het uiteinde van de indicator juist zijn uitgelijnd.
    ○ Wanneer de zaag wordt gebruikt terwijl de verstekschaal en de indicator niet juist zijn uitgelijnd, of wanneer de zijhandgreep niet juist is vastgedraaid, kan dit resulteren in een slechte snijprestatie.

13. Procedure voor afschuinen (Afb. 26)

(1) Draai de klemhendel los en draai het zaagblad naar de linker of rechter afschuinpositie. Bij het kantelen van de motorkop naar rechts trekt u de instelpen naar achteren.

OPMERKING

Draai de klemhendel los, kantel het gereedschap naar links en trek dan aan de instelpen voor het zagen van hoeken van 48 graden.

Draai de klemhendel los en kantel het gereedschap een stukje naar links terwijl u de bevestigingspen in het gereedschap duwt. De instelpen zal nu een stukje verder naar binnen gaan en in de 30° linker en 33,9° linker afschuining-instelgleuf vallen.

Met de instelpen in de gleuf zoals hierboven beschreven, kunt u de 30° linker afschuinpositie instellen door naar de rechterkant te duwen.

Ook, met de instelpen in de gleuf zoals hierboven beschreven, kan de 33,9° linker afschuinpositie worden ingesteld door naar de linkerkant te duwen.

(2) Stel de gewenste afschuinhoek in terwijl u naar de afschuinhoekschaal en de indicator kijkt en zet dan de klemhendel vast.

WAARSCHUWING

Wanneer het werkstuk aan de linker- of rechterkant van het zaagblad is vastgezet, zal het korte afsnijgedeelte op de rechter- of linkerkant van het zaagblad rusten. Schakel de stroom altijd uit en laat het zaagblad volledig tot stilstand komt voordat u de handgreep van het werkstuk omhooghaalt.

Als de handgreep omhooggehaald wordt terwijl het zaagblad nog ronddraait, kan het afgesneden stuk materiaal vast komen te zitten tegen het zaagblad waardoor er gevaarlijke splinters kunnen rondvliegen.

Wanneer een afschuinzaagoperatie halverwege is gestaakt, en u wilt deze operatie afmaken, start dan vanuit de beginpositie, met de motorkop geheel omhoog.

Begint u halverwege, zonder de motorkop eerst geheel naar boven te brengen, dan kan de veiligheidskap vast raken in de zaaggroef en contact maken met het zaagblad.

14. Procedure voor samengesteld snijden

Samengesteld snijden doet u door de aanwijzingen in 13 en 14 hiervoor uit te voeren. Zie de "SPECIFICATIES" voor de maximale afmetingen die mogelijk zijn bij samengesteld snijden.

LET OP

Houd het werkstuk altijd met de rechter- of linkerhand vast en snijd door het ronde gedeelte van de zaag met de linkerhand naar achteren te schuiven.

Het is erg gevaarlijk wanneer u de draaitafel tijdens samengesteld snijden naar rechts draait want het zaagblad kan dan in contact komen met de hand die het werkstuk vasthoudt.

Bij samengesteld snijden (hoek + afschuinen) via links afschuinen, draait u de subgeleider (optioneel toebehoren) naar links terwijl u de snijbewerking uitvoert.

15. Snijden van lange materialen

Bij het snijden van lange materialen moet een extra plateau worden gebruikt dat dezelfde hoogte heeft als de houder en de basis van de speciale extra uitrusting.

Capaciteit: hout (b × h × l)

16. Benodigdheden voor de kroonlijstklem: Kroonlijststopper (L) en (R) (los verkrijgbaar)

(1) De kroonlijst-stoppers (L) en (R) (los verkrijgbaar) maken het zagen van kroon- of koofl ijsten makkelijker zonder het zaagblad te kantelen. Installeer ze in de basis, aan beide zijden, zoals u kunt zien op Afb. 27. Draai nadat u ze ingebracht heeft de 6 mm knopbouten aan om de kroonlijst-stoppers vast te zetten.

(2) De kroonlijstklem (B) (los verkrijgbaar) kan op de linker (B) of de rechter (A) afscherming worden gemonteerd. Hij kan worden aangepast aan de hoek van de kroonlijst voor deze wordt vastgezet.

Draai vervolgens de bovenste knop aan voorzover nodig om de kroonlijst in de juiste stand vast te zetten. Om de klem-assemblage hoger of lager te zetten, moet u eerst de 6 mm knopbout los maken.

Nadat u de hoogte heeft ingesteld, dient u de 6 mm vleugelbout vast te draaien; verdraai vervolgens de bovenste knop voorzover nodig om de kroonlijst in de juiste stand vast te zetten (Afb. 28).

Plaats de kroon- of koofl ijst met de MUURKANT tegen de geleider en de PLAFONDKANT tegen de kroonlijst-stoppers, zoals u kunt zien op Afb. 28. Stel de kroonlijst-stoppers in op de maten van de kroonlijst.

Draai de 6 mm vleugelbout aan om de kroonlijst- stoppers vast te zetten.

WAARSCHUWING

Zorg ervoor dat de kroonlijst altijd goed vast zit tegen de afscherming, want anders kan deze los springen en letsel veroorzaken.

Niet afschuinen. De behuizing of het zaagblad kan hierbij de sub-afscherming raken, hetgeen kan leiden tot letsel.

LET OP

Controleer altijd dat wanneer de motorkop naar beneden wordt gebracht, deze geen contact maakt met de kroonvormklem. Indien er enige kans is dat dit zal gebeuren, maak dan de 6 mm knopbout los en herpositioneer de kroonvormklem zodanig dat het geen contact zal maken met het zaagblad.

17. Procedure voor het zagen van groeven

U kunt een groef zagen in een werkstuk door de 6 mm diepte-stelbout te verdraaien (Afb. 29).

(1) Laat de motorkop naar beneden en draai de 6 mm diepte-afstelbout met de hand. (Waar de kop van de 6 mm diepte-afstelbout in contact komt met het scharnier.)

(2) Stel de gewenste zaagdiepte in door de afstand tussen het zaagblad en het oppervlak van de basis in te stellen. (Afb. 29)

OPMERKING

Wanneer u een enkele groef zaagt aan één van de uiteinden van het werkstuk, kunt u wat over is verwijderen met een beitel.

18. Gebruik de lamp (Alleen model C8FSHE)

WAARSCHUWING

○ Controleer of het gereedschap en de lamp uit zijn voordat u de stekker in het stopcontact steekt.
○ De lamplens kan nog zeer heet zijn meteen na gebruik en mag onder geen enkele omstandigheid worden aangeraakt.
Dit om brandwonden te voorkomen.

LET OP

○ Stel de lamp niet aan harde schokken bloot.

Dit om beschadiging van de lamp of een kortere levensduur van de lamp te voorkomen.

○ Gebruik de lamp alleen bij het zagen.

○ Laat de lamp niet langdurig in de ogen schijnen.

Dit om oogbeschadiging te voorkomen.

○ Gebruik een zacht doekje om vuil van de lamplens te verwijderen, om krassen of andere beschadigingen te voorkomen.

Krassen op de lamplens kunnen resulteren in minder verlichting.

Over de lampschakelaar heen zit een anti-stofkapje. Zorg dat dit kapje niet bekrast wordt of op andere wijze beschadigt.

○ Het kan gebeuren dat er zaagsel in de schakelaar terechtkomt waardoor de lamp niet meer juist werkt.

(1) Steek de stekker van het gereedschap in een stopcontact.

(2) Zet de lampschakelaar in de bovenste stand (ON) om de lamp in te schakelen en in de onderste stand (OFF) om de lamp uit te schakelen. (Zie Afb. 30)

(3) Beweeg de lamparmatuur naar rechts en links om de gewenste positie te bepalen.

  1. Gebruik van de stofzak (standaardaccessoire) (Afb. 31)

(1) Verbind de stofzak met de leiding van het elektrische gereedschap.

(2) Wanneer de stofzak vol is geraakt met zaagstof zal stof uit de stofzak geblazen worden wanneer het zaagblad draait.

Controleer de stofzak periodiek en leeg deze voordat deze vol raakt.

(3) Tijdens afschuinen en afkorten, bevestig de stofzak dan bij de juiste hoek naar het basisoppervlak.

  1. Aansluiten van de stofafzuigunit (los verkrijgbaar) (Afb. 32)

Inhaleer de schadelijk stoff en die worden gegenereerd tijdens het zagen niet.

Het stof kan uw gezondheid en die van omstanders schaden.

Het gebruik van stofafzuigunit kan stofgerelateerde risico's verminderen.

Door aansluiten van de adapter, verbinding en stofverzameladapter van de stofafzuigunit, kan de meeste stof worden verzameld.

Verbind de stofafzuigunit met de adapter.

(1) Verbind in de volgorde van slang (id 38 mm × 3 m lang) en adapter (standaardaccessoire stofafzuigunit) verbinding (optionele accessoire) en stofverzameladapter (optionele accessoire) met de leiding van het elektrische gereedschap.

Verbinding wordt gemaakt door te drukken in de richting van de pijl. (Afb. 32)

De stofverzameladapter (optionele accessoire) wordt vastgezet op de leiding met een slangband. (Optionele accessoire)

BEVESTIGEN EN VERWIJDEREN VAN HET ZAAGBLAD

WAARSCHUWING

Voorkom ongelukken en letsel en schakel het gereedschap derhalve altijd uit en trek de stekker van het netsnoer uit het stopcontact alvorens een zaagblad te bevestigen of te verwijderen.

  1. Bevestigen van het zaagblad (Afb. 33)

(1) Gebruik de meegeleverde 10 mm pijpsleutel om de 6 mm bout waarmee de asafdekking vast zit los te maken en verdraai de vervolgens de asafdekking.

(2) Druk de drijfas-vergrendeling naar binnen en draai de bout los met de 10 mm ringsleutel.

De bout heeft een linkse schroefdraad en wordt derhalve losgedraaid door naar rechts te draaien.

OPMERKING

Als de drijfas-vergrendeling niet gemakkelijk naar binnen gedrukt kan worden om de drijfas te vergrendelen, draait u de bout met de 10 mm ringsleutel terwijl u op de drijfas-vergrendeling drukt.

De drijfas van het zaagblad wordt vergrendeld wanneer de drijfas-vergrendeling naar binnen wordt gedrukt.

(3) Verwijder de bout en de sluitring (D).

(4) Til de onderste afscherming omhoog en monteer het zaagblad.

WAARŠCHUWING

Bij het bevestigen van het zaagblad moet u controleren of de draai-indicatiemarkering op het zaagblad en de draairichting op de tandwielkast juist overeenkomen.

(5) Reinig sluitring (D), en de bout en plaats deze op de zaagbladdrijfas.

(6) Druk de drijfas-vergrendeling naar binnen en haal de bout aan door deze met de 10 mm ringsleutel naar links te draaien.

(7) Draai aan de drijfas-afdekking totdat de haak in de drijfas-afdekking in de oorspronkelijke positie is. Draai vervolgens de 6 mm bout vast.

LET OP

○ Controleer of de drijfas-vergrendeling naar de teruggetrokken positie is teruggekeerd nadat u het zaagblad aangebracht of verwijderd hebt.

○ Draai de bout goed vast zodat deze tijdens de werking van het gereedschap niet los kan schieten.

○ Controleer dat de bout goed is vastgedraaid alvorens de werking van het elektrische gereedschap te starten.

○ Controleer of de onderste afscherming in de gesloten stand is.

  1. Verwijderen van het zaagblad

Maak het zaagblad los door de bevestigingsprocedure in bovenstaande paragraaf 1 in de omgekeerde volgorde uit te voeren.

Het zaagblad kan gemakkelijk verwijderd worden nadat de onderste afscherming is opgetild.

LET OP

Gebruik uitsluitend zaagbladen met een diameter van 216 mm.

TRANSPORT VAN DE HOOFDBEHUIZING

De bankschroefsamenstelling kan tijdens transport vallen. Verwijder de bankschroef of plaats een stuk hout tussen de bankschroef om deze stevig vast te zetten.

Laat de kop vallen en plaats de vergrendelingspen (zie pagina 67 „Vrijgeven van de borgpen”).

Draai de zijhandgreep los, draai de draaischijf zo ver mogelijk naar rechts en zet de draaischijf vast door de hendel naar de vaste positie te draaien. Hierdoor wordt de hoofdbehuizing nog compacter.

Bij het transport van de hoofdbehuizing, dient u deze in uw armen te dragen en de handgreep aan de basis of de draaggreep met beide handen vast te houden.

ONDERHOUD EN INSPECTIE

WAARSCHUWING

Voorkom ongelukken en letsel en controleer derhalve altijd dat het gereedschap met de startschakelaar is uitgeschakeld (OFF) en de stekker van het netsnoer uit het stopcontact is getrokken alvorens onderhoud uit te voeren of het gereedschap te inspecteren.

Nederlands

Meld een eventueel door u geconstateerd gebrek aan de afschermingen of het zaagblad onmiddellijk aan de bevoegde persoon.

1. Inspecteren van het zaagblad

Vervang het zaagblad onmiddelijk bij de eerste tekenen van botheid of schade.

Een beschadigd zaagblad kan leiden tot persoonlijk letsel en een bot zaagblad levert slechte prestaties en overbelas mogelijk de motor.

LET OP

Gebruik nooit een bot zaagblad. Een bot zaagblad leidt meestal tot een grotere druk op de zaaghendel en maakt het gebruik van de electrische machine onveilig.

2. Inspecteren van de bevestigingsschroeven

Inspecteer alle schroeven regelmatig en controleer dat ze goed zijn vastgedraaid. Draai losse schroeven direct vast. Dit nalaten kan namelijk ernstige ongelukken veroorzaken.

3. Inspecteren van de koolborstels (Afb. 35)

In de motor zijn koolborstels toegepast die aan slijtage onderhevig zijn. Overmatig versleten koolborstels kunnen motorstoringen veroorzaken. Wanneer de koolborstels tot in de buurt van de "slijtagegrens" zijn versleten, moeten deze door nieuwe borstels met hetzelfde borstelnummer als aangegeven in de afbeelding worden vervangen. Zorg er tevens voor dat de koolborstels altijd schoon zijn en dat deze soepel in de borstelhouders heen en weer schuiven.

4. Vervangen van de koolborstels (Afb. 35)

Demonteer de borstelkap met een

kruiskopschroevendraaier. De koolborstels kunnen dan gemakkelijk naar buiten worden genomen.

5. Onderhoud van de motor

De motorspoelwikkel is het "hart" van het elektrische gereedschap. Wees voorzichtig zodat de spoel niet wordt beschadigd en/of in aanraking met olie of water komt.

6. Vervangen van het netsnoer

Als het netsnoer van het gereedschap is beschadigd, dient u het gereedschap te retourneren naar een erkend HiKOKI-servicecenter om het netsnoer te laten vervangen.

7. Inspecteren van de onderste afscherming voor correct gebruik

Controleer voor elk gebruik of de onderste afscherming (Afb. 6) soepel heen en weer kan bewegen.

Gebruik het gereedschap alleen wanneer de onderste afscherming correct functioneert en in goede mechanische conditie verkeert.

8. Opslag

Controleer of na gebruik de volgende stappen zijn ondernomen:

(1) De aan/uitknop staat op 'OFF',

(2) De stekker van het netsnoer is uit het stopcontact gehaald,

Bewaar de machine op een droge plek buiten het bereik van kinderen.

9. Smeren

Smeer de volgende oppervlakken éénmaal per maand zodat het elektrische gereedschap langdurig uitermate goed blijft functioneren.

Gebruik bij voorkeur machine-olie.

Te smeren punten:

* Draaiend gedeelte scharnier

* Draaiend gedeelte houder (A)

* Draaiend gedeelte klem-montage

10. Reinigen

Verwijder deeltjes en ander afval of verontreiniging van tijd tot tijd met een met water en een neutraal schoonmaakmiddel bevochtigde doek van het elektrische gereedschap. Voorkom een onjuiste werking van de motor en zorg derhalve dat de motor niet in contact komt met water of olie.

Reinig het apparaat, de leiding, onderste bescherming door te blazen met droge lucht uit een persluchtspuit of een ander gereedschap. (Afb. 36)

(Alleen bij Model C8FSHE)

Indien de laserstraal onzichtbaar wordt wegens zaagsel en dergelijke op het venster van de zender van de laserstraal, maak dit venster dan schoon met een droge doek of met een in sop gedrenkte vochtige doek.

SELECTEREN VAN ACCESSOIRES

De accessoires van deze machine staan vermeld op bladzijde 98.

LET OP

Reparatie, modifi catie en inspectie van HiKOKI elektrisch gereedschap dient te worden uitgevoerd door een erkend HiKOKI Service-centrum.

Vooral laser of LED-apparaat moeten worden onderhouden door de geautoriseerde vertegenwoordiger van laser- of LED-fabrikant.

Laat de reparatie van laser- of LED-apparaat altijd over aan HiKOKI erkend onderhoudscentrum.

Bij gebruik en onderhoud van elektrisch gereedschap dienen de in het land waar u zich bevindt geldende veiligheidsregelgeving en veiligheidsstandaarden stipt te worden opgevolgd.

GARANTIE

De garantie op het elektrisch gereedschap van HiKOKI is in overeenstemming met de wettelijke/landspecifi eke richtlijnen. Deze garantie dekt geen defecten of schade als gevolg van foutief gebruik, misbruik of normale slijtage. In geval van klachten verzoeken wij u het elektrisch gereedschap samen met het GARANTIECERTIFICAAT dat u achterin deze handleiding aantreft naar een erkend servicecentrum van HiKOKI te sturen.

OPMERKING

HiKOKI volgt continu een research-en ontwikkelingsprogramma. De hier gegeven specificaties zijn derhalve zonder voorafgaande kennisgeving wijzigbaar.

Informatie betreffende geluidsvermogen

De gemeten waarden zijn verkregen overeenkomstig EN62841 en voldoen aan de eisen van ISO 4871.

Gemeten A-gewogen geluidsniveau: 105 dB (A).

Gemeten A-gewogen geluidsdrukniveau: 96 dB (A).

Onzekerheid K: 3 dB (A).

Draag gehoorbescherming.

De aangegeven geluidsemissiewaarde is gemeten in overeenstemming met een standaard testmethode en kan worden gebruikt om meerdere gereedschappen met elkaar te vergelijken;

U kunt dit ook vooraf gebruiken als beoordeling van de blootstelling.

WAARSCHUWING

De geluidsemissie tijdens het werkelijke gebruik van het elektrische gereedschap kan verschillen van de aangegeven waarden, afhankelijk van de manieren waarop het gereedschap wordt gebruikt en vooral het soort werkstuk dat wordt verwerkt.
○ Neem kennis van de veiligheidsmaatregelen voor de bescherming van de gebruiker die gebaseerd zijn op een schatting van de blootstelling onder feitelijke gebruiksomstandigheden (rekening houdend met alle onderdelen van de gebruikscyclus, zoals de tijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en wanneer dit onbelast draait inclusief de triggertijd).

Informatie omtrent de te gebruiken stroomvoorziening met elektrisch gereedschap met een opgegeven voltage van 230 V\~

In- en uitschakelen van elektrische apparatuur kan fl actuaties in de spanning teweeg brengen.

Gebruik van dit elektrische gereedschap op een stroomnet in twijfelachtige toestand kan een negatief eff ect hebben op de werking van andere elektrische apparatuur.

Wanneer de impedantie van de stroomvoorziening gelijk is aan of minder dan 0,29 Ohm, zullen zich waarschijnlijk geen negatieve eff ecten voordoen.

Normaal gesproken wordt de maximaal toelaatbare impedantie van de stroomvoorziening niet overschreden wanneer de betreff ende groep waar het gebruikte stopcontact toe behoort gevoed wordt via een verdeeldoos met een opgegeven belaste stroomsterkte van 25 Ampère, of hoger.

Als de stroom uitvalt of als de stekker uit het stopcontact wordt getrokken, dient u de schakelaar onmiddellijk uit (OFF) te zetten. Zo voorkomt u dat het apparaat per ongeluk weer begint te werken wanneer de stroomvoorziening hersteld wordt.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : HiKOKI

Model : C8FSE

Categorie : Zaag