PRO-77IR - Niet gecategoriseerd AREXX - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PRO-77IR AREXX in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over PRO-77IR AREXX
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Niet gecategoriseerd in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PRO-77IR - AREXX en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PRO-77IR van het merk AREXX.
GEBRUIKSAANWIJZING PRO-77IR AREXX
Opstarten - Lees eerst deze komplete handleiding voordat u verder gaat - Meer handleidingen kunt u vinden als PDF op de CD daarnaast staat er veel informatie in de HELPFILE van de software. - Installeer de software, zie daarvoor de handleiding op de CD! - Sluit de ontvanger aan op de computer. - Start het programma. - Doe de batterijen in de sensoren - Raadpleeg de helpfunctie van de software bij eventuele vragen. Belangrijke informatie over de Temperatuur Logger - De ontvanger die verbonden is met de computer ontvangt de signalen afkomstig van de sensoren. - De computer kn ook worden aangesloten op een LAN netwerk om zo de sensor data de via de logger software te ontvangen. - De sensoren zenden de temperatuurgegevens naar de ontvanger. - Sensoren kunnen in grote aantallen tegelijkertijd aan het systeem worden gekoppeld. - Losse sensoren voor de Logger zijn verkrijgbaar bij uw leverancier. - We hebben zonder probleem 60 stuks sensoren getest met één USB ontvanger. - De software toont de temperatuurmetingen over lange tijd (loggen)ineengraek. - Extra meegeleverd: Aantrekkelijke screensaver software die alle sensoren toont. - LET OP: De sensoren zijn spatwaterdicht en niet waterdicht! - Het bereik van de sensoren kan variëren als gevolg van omgevingsinvloeden In het geval dat een temperatuursensor zich in een koelkast of diepvries bevindt, is de ontvangst van het temperatuursignaal niet gegarandeerd en is het sterk afhankelijk van de materialen waaruit het koelapparaat is opgebouwd.
S42 Het TL300 Temperatuur Logger Systeem bestaat uit een temperatuur logger software applicatie, een ontvanger (TL-3BS) en twee temperatuursensoren (TL-3TSN) met ingebouwde zender. De ontvanger is via een USB kabel verbonden met een computer waarop de temperatuur logger applicatie draait. De temperatuursensor kan temperaturen meten van –30 tot +80 graden Celsius. Het temperatuurbereik is verder afhankelijk van de gebruikte batterijen. De temperatuur logger applicatiesoftware op de computer toont alle temperatuurgegevens afkomstig van de temperatuursensoren die door de USB ontvanger zijn ontvangen. Ongeveer iedere 45 seconden melden de temperatuursensoren hun gemeten temperatuur aan de USB ontvanger. In de sensorlijst van de software applicatie staat bij iedere sensor tel- kens de datum en tijd van de laatst ontvangen meting. Het rechter- gedeelte van de software applicatie toont een doorlopende tijdslijn met de bijbehorende gemeten temperatuur van de geselecteerde sensor. De sensoren en de ontvanger werken m.b.v radiogolven. De frequentie van de radiogolven bedraagt 433MHz. Deze frequentie is voor ieder- een vrij te gebruiken mits het zendvermogen niet boven de 10 milliwatt uitstijgt. Dit minimale vermogen garandeert een overdracht van enkele tiental- len meters. Afhankelijk van o.a. de directe bebouwing kan dit bereik groter of kleiner zijn. De temperatuursensoren zijn geschikt voor zowel plaatsing binnens- huis als ook buitenshuis en voor iedere andere locatie waarvoor een overzicht van het temperatuurverloop gewenst is. Bij slechte ontvangst kan een kleine verplaatsing of verdraaiing van sensor of ontvanger de ontvangst al sterk verbeteren.
Plaats de batterijen in de sensor. Bij de PRO-66ext dient eerst de connector van de externe temperatuursensor te worden verbonden met de basisunit. Als de connector niet goed is bevestigd of als de externe sensor defect is, wordt een 0-waarde aangegeven! Na het plaatsen van de batterijen verstuurt de sensor direct zijn eerste data. De PRO sensoren hebben twee drukknoppen:
1. Knop 1 is de functieknop met drie functies:
1.a. Weergave temperatuur op het display 1.b. Weergave sensornummer op het display 1.c. Geen weergave op het display
2. Knop 2 is de schakelaar voor de displayverlichting
Meer informatie en software updates vindt u op onze web- site: www.arexx.com Vragen over dit product kunt u stellen op het forum van onze website www.arexx.com. Op dit forum is op veel vragen al een antwoord te vinden. Temp-SensorPRO-66ext Fig. 2. Sensor plaatsen Fig. 1. Batterij plaatsen Fig. 2. Sensor knoppen44 2.1. INSTRUCTIES PRO-77ir Plaats de batterijen in de sensor Bij de PRO-77ir dient eerst de connector van de externe temperatuursensor te worden verbonden met de basisunit. Als de connector niet goed is bevestigd of als de externe sensor defect is, wordt een 0-waarde aangegeven! Na het plaatsen van de batterijen verstuurt de sensor direct zijn eerste data. Infrarood temperatuurmeting Temperatuurmetingen d.m.v. infrarood betekent kennis over de relatie tussen infraroodstraling en de temperatuur van het oppervlak. De hoeveelheid straling heeft een relatie met het oppervlaktemateriaal enwordtuitgedruktd.m.v.deemissiecoëfciëntε. Hetbereikvandezecoëfciëntligttussen0en1,waarbijdemense- lijke huid een emissiviteit van ongeveer 1 heeft en de meeste metalen een heel kleine emissiviteit. Tabel 1 (blz. 53 en 54) toont een aantal typische emissiewaardes. Om de temperatuur van een oppervlakte te meten, dient de juiste coëf- ciëntwaardetewordengegeven.Deoppervlaktetemperatuurkan verschillen van de temperatuur in de kern van een (fysiek) voorwerp. DePRO-IRsensorgebruiktdeemissiecoëfciëntomdetemperatuurte berekenen aan de hand van de ontvangen infraroodstraling. IR-Sensor Fig. 5. Sensor plaatsen Fig. 4. Batterij plaatsen Fig. 6. Sensor knoppen
Uitlezen en veranderen van de emissiecoëfciënt DeemissiecoëfciëntcanbereaddoordejuisteLCDmodete selecteren (met knop 1). De volgende modes zijn beschikbaar: Toon temperatuur De temperatuur wordt getoond in graden Celsius. Toon sensor id De sensor id is wordt getoond in 4 digits. Dezeidwordtgebruiktomdesensorteidenticeren. Blanco LCD scherm In deze mode wordt de PT100 reading tot een minimum beperkt. The radio data transmission blijft actief. Toon emissiviteit. De meest linkse digit toont ‘E’, de meest rechtse 3 digits tonen de actu- ele parameterwaarde van 0.10 tot 1.00. De LCD mode kan worden geselecteerd door kort op de linker knop te drukken. Elke keer dat er kort op de knop wordt gedrukt wordt een volgende LCD mode geselecteerd. Om de emissiewaarde in te stellen dienen de volgende stappen te worden uitgevoerd: Selecteer de juiste LCD mode: toon emissiviteit Druk langere tijd (ongeveer 5 sec.) op de linker knop totdat de ‘E’ digit begint te knipperen. Druk kort om de parameter van de emissiewaarde te verhogen, de verhoging gaat in stappen van 0.05 Wanneer de correcte waarde is geselecteerd, raakt u de sensor niet meer aan. Hij springt na een paar seconden weer naar de toon temperatuur mode. Op dat moment wordt de emissiviteit parameter opgeslageninhetashgeheugenvandesensor. Emissiecoëfciëntwaardes, zie blz. 53 en 5446
2.2. INSTRUCTIES PRO-PT100 Sluit eerst de PT100 sensorkabel aan en plaats de batterijen in de sensor. Na het plaatsen van de batterijen verstuurt de sensor direct zijn eerste data. Callibratie Introductie De PRO-PT100 sensor kan worden gecallibreerd d.m.v. een 2-punts callibratieschema. Op twee bekende referentietemperaturen wordt een meting gedaan met de (nog niet gecallibreerde) PRO-PT100 sensor. De uitkomsten van deze temperatuurmetingen gaan naar de callibratie tool. De callibratie tool geeft twee parameterwaardes af en stuurt deze terug, waarna ze worden ingesteld in de PRO-PT100 sensor. Details We gebruiken twee verschillende bekende temperatuurwaardes om de PRO-PT100 te callibreren. Bij voorkeur worden temperatuurwaardes gekozen die dicht bij de buitenste grenzen liggen van de temperaturen die we verwachten te gaan meten. Je kunt bijvoorbeeld kiezen voor de klassieke combinatie van smeltend ijswater en kokend water als temperatuurreferenties. De meting van van die twee temperaturen worden ingevoerd in de callibratie tool, die beschikbaar is in de multilogger software. PT100-SensorFig. 8. Sensor plaatsenFig. 7. Batterij plaatsenFig. 9. Sensor knoppenPRO-PT10047
DesoftwarevindtuinhetmenuTools->”Pt100CalibrationTool”vanhet logger client programma. Hieronder is een screen shot van de tool te zien: Stroom versterking: De stroom versterkings parameter wordt gebruikt om de referentie temperatuur te meten. Stroom offset: De stroom offset parameter wordt eveneens gebruikt om de referentie temperatuur te meten. Referentie temperatuur 1: De lage temperatuur waarde in graden Celcius Gemeten temperatuur 1: De eerste gemeten temperatuur waarde in graden Celcius Referentie temperatuur 2: De hoge temperatuur waarde in graden Celcius Gemeten temperatuur 2: De tweede gemeten temperatuur waarde in graden Celcius Wanneer de parameters zijn ingesteld, vind u in de twee onderste velden de parameters die u in moet stellen in de PRO-PT100 sensor: De berekende versterking als parameter 1. De berekende offset als parameter 2. Nadatdezeparameterszijningesteld,kuntuveriërenofdesensor de juiste temperatuur voor elke referentie weergeeft. Indien nodig kan dezelfde procedure nogmaals worden uitgevoerd. Fig. 10. Kalibratiescherm48
Uitlezen en het veranderen van de parameterwaardes De sensor heeft twee drukknoppen. De ene knop is voor de display- verlichting en de andere voor de display mode. De twee parameterwaardes die worden verkregen na de callibratie, kunnen worden uitgelezen door de juiste LCD mode te selecteren. De volgende modes zijn beschikbaar Toon tempearatuur. De temperatuur wordt getoond in graden Celsius. Toon sensor id. De sensor id wordt getoond in 4 digits. Deze id wordt gebruiktvoorhetidenticerenvandesensor. Blanco LCD scherm. In deze mode wordt de PT100 display uitlezing (en stroomgebruik) tot een minimum beperkt. De transmissie van sensor data blijft actief. Toon parameter 1. De meest linkse digit toont ‘1’, de 3 meest rechtse digits tonen de actuele parameterwaarde tussen -99 en +99 Toon parameter 2. De meest linkse digit toont ‘2’, de 3 meest rechtse digits tonen de actuele parameterwaarde tussen -49 en +49 De LCD mode kan worden geselecteerd door kort op de linker knop te drukken. Elke keer dat er kort op de knop wordt gedrukt wordt een volgende LCD mode geselecteerd. Om de parameterwaarde in te stellen dienen de volgende stappen te worden uitgevoerd: Selecteer de juiste LCD mode: parameter 1 of 2. Druk langere tijd op de linker knop totdat de ‘1’ of ‘2’ digit begint te knipperen. Druk kort om de parameterwaarde te verhogen, druk langer voor automatische verhoging. Wanneer de correcte waarde is geselecteerd, raakt u de sensor niet meer aan. Hij springt na een paar seconden weer naar de toon temperatuur mode. Op dat moment wordt de parametergegevens opgeslageninhetashgeheugenvandesensor. Achtergrondinformatie De PRO-PT100 sensor bepaalt de temperatuur door het meten van de elektrische weerstand van het PT100 element. De gemeten weerstand wordt lineair gecorrigeerd door de opgegeven gain en offset parame- ters. Tenslotte wordt de weerstandswaarde geconverteerd naar tempe- ratuur d.m.v. de DIN 60751 standaard.49
Het kan voorkomen dat de registratie van de temperatuurgegevens verstoord raakt. Dit kan geconstateerd worden door langdurige afwezigheid van nieuwe temperatuurgegevens van de betreffende sensor in de temperatuurlogger applicatie of door veelvuldige uitval van tussengelegen temperatuurgegevens wat zichtbaar is in de applicatiegraek. We onderscheiden de volgende mogelijke oorzaken voor de verstoorde registratie:
1. Storing in de USB ontvanger
2. Storing in de temperatuursensor
3. Storing in de radio-overdracht tussen temperatuursensor en
USB ontvanger 1.1. Storing in de USB ontvanger De ontvanger ontvangt geen enkel signaal, ook niet als een sensor dicht bij de ontvanger geplaatst is. Mogelijke oorzaken zijn: - Ontvanger is niet via USB kabel met de computer verbonden - USB apparaat niet correct geïnstalleerd - Onbekend softwareprobleem van de computer Suggesties voor het oplossen van het probleem: - Controleer of op het computerbeeldscherm bij de temperatuurweergave-applicatie links onderin continue het woord ‘klaar’ staat. Is dit niet het geval maar verschijnt iedere seconde de mededeling ‘Communicatie met RF_USB mislukt’ dan is de USB ontvanger niet door Windows herkend. - Verwijder USB kabel, wacht een tiental seconden en sluit de kabel opnieuw aan - Temperatuur logger applicatie software verwijderen en opnieuw installeren.
S50 3.2. Storing in de temperatuursensor De ontvanger ontvangt geen signalen van een bepaalde sensor, wel van andere sensoren. Mogelijke oorzaken zijn: - Batterijen in de sensor zijn afwezig of leeg - Batterijen in de sensor zijn verkeerd om geplaatst - Sensor is buiten bereik van de USB ontvanger - Sensor is beschadigd (lekkende batterijen, vervuilde batterijcontacten) - Het radiosignaal wordt gestoord (zie 3) Suggesties voor het oplossen van het probleem: - Plaats volle batterijen in de sensor en herhaal de communicatietest (let op de polarisatie van batterijen) - Zorg dat de batterijcontacten schoon zijn.
Fig. 11. Repeater conguratie voorbeeld conguratie van een repeater voor een groter bereik.51 3.2. Storing in de radio-overdracht De ontvanger ontvangt van geen of slechts een beperkt aantal signalen van een of meerdere sensoren. Mogelijke oorzaken zijn: - Wanden of plafonds tussen sensor en ontvanger bevatten ijzervlechtwerk - Sensoren en/of ontvanger zijn bevestigd op een metalen ondergrond - Sensor of ontvanger bevinden zich in vochtige ruimtes - Tussenliggende ramen met dubbel glas of gecondenseerde ramen - Aanwezigheid binnen ca. 20m van andere 433MHz apparaten - Storing door radio of tv zenders - Aanwezigheid van elektrische of elektronische apparatuur zoals computers of magnetrons binnen een straal van 2-5m - De batterijen van de sensor zijn bijna leeg (zie 2) Suggesties voor het oplossen van het probleem: - Herpositioneer de sensor en/of ontvanger - Verwijder de storingsbron
Een eenvoudige test volstaat om te controleren of er überhaupt com- municatie mogelijk is tussen sensor en ontvanger.
1) Verwijder de batterijen uit de sensor
2) Verwijder de eventueel aanwezige bijbehorende sensor uit de
temperatuurlogger applicatie (via rechter muisknop)
3) Plaats de sensor binnen 1 meter afstand van de ontvanger
4) Plaats de batterijen in de sensor
5) Binnen 5 seconden moet het bijbehorende sensornummer in de
sensorlijst verschijnen. Extra informatie en eventuele updates vind u op www.arexx.com (op het forum of via het Temp Logger menu). Verdere vragen kunt u stellen op het forum van www.arexx.com
SimpelGids