TOP CRAFT TCTS 1702 - Zaag

TCTS 1702 - Zaag TOP CRAFT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis TCTS 1702 TOP CRAFT in PDF-formaat.

📄 80 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice TOP CRAFT TCTS 1702 - page 56
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Nederlands NL

Questions des utilisateurs sur TCTS 1702 TOP CRAFT

0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.

Poser une nouvelle question sur cet appareil

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Aucune question pour l'instant. Soyez le premier à en poser une.

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TCTS 1702 - TOP CRAFT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TCTS 1702 van het merk TOP CRAFT.

GEBRUIKSAANWIJZING TCTS 1702 TOP CRAFT

2. Beschrijving van het gereedschap en leveringsomvang ................................64

10. Reiniging, onderhoud en bestellen van wisselstukken ...................................73

Gevaar! - Handleiding lezen om het letselrisico te verminderen Voorzichtig! Draag een gehoorbeschermer. Lawaai kan aanleiding geven tot gehoorverlies. Voorzichtig! Draag een veiligheidsbril. Vonken die tijdens het werk ontstaan of splinters, spanen en stof die uit het toestel ontsnappen kunnen leiden tot zichtver- lies. Voorzichtig! Draag een stofmasker. Bij het bewerken van hout en andere materi- alen kan stof ontstaan dat schadelijk is voor de gezondheid. Asbesthoudend mate- riaal mag niet worden bewerkt! Voorzichtig! Draag veiligheidshandschoenen. Bij het hanteren van zaagbladen moeten altijd veiligheidshandschoenen worden gedragen. Voorzichtig! Lichamelijk gevaar! Niet in het draaiende zaagblad grijpen! Voorzichtig! Verwondingsgevaar door scherpe randen! TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 56TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 56 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

Let op! Bij het gebruik van toestellen dienen enkele veiligheidsmaatregelen te wor- den nageleefd om lichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Lees daarom deze handleiding / veiligheidsinstructies zorgvuldig door. Bewaar deze goed zo- dat u de informatie op elk moment kunt terugvinden. Mocht u dit toestel aan an- dere personen doorgeven, gelieve dan deze handleiding / veiligheidsinstructies mee te geven. Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handlei- ding en van de veiligheidsinstructies.

1. Veiligheidsaanwijzingen

Waarschuwing! Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen. Nalatigheden bij de inachtneming van de veiligheidsinstruc- ties en aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of zware letsels tot ge- volg hebben. Bewaar alle veiligheids- instructies en aanwijzingen voor de toekomst. Veiligheidsinstructies Let op! Bij gebruik van elektrische gereedschappen dienen de vol- gende fundamentele veiligheids- voorschriften te worden opgevolgd ter bescherming tegen elektrische schok, lichamelijk gevaar en bran- drisico. Lees deze voorschriften en leef ze na alvorens het toestel te gebruiken.

1. Hou u uw werkplaats netjes

- Wanorde op uw werkplaats leidt tot gevaar voor ongelukken.

2. Hou rekening met de omge-

vingsinvloeden - Stel elektrisch materieel niet bloot aan de regen. Gebruik elektrisch materieel niet in vochtige of natte omgeving. Zorg voor een goede verlichting. Gebruik elektrisch mate- rieel niet in de buurt van brandbare vloeistoffen of gassen.

3. Bescherm u tegen elektrische

schok - Vermijd lichamelijk contact met ge- aarde delen, b.v. buizen, radiatoren, fornuizen, koelkasten.

4. Hou kinderen weg!

- Laat geen andere personen het gereedschap of de kabel raken, hou ze weg van uw werkplaats.

5. Bewaar uw gereedschappen op

een veilige plaats - Niet gebruikte gereedschappen moeten in een droge gesloten ruim- te buiten bereik van kinderen wor- den bewaard.

6. Overbelast uw gereedschap niet

- U werkt beter en veiliger in het op- gegeven vermogensgebied.

7. Gebruik het juiste gereedschap

- Gebruik geen te zwakke ge- reedschappen of voorzetstukken voor zwaar werk. Gebruik gereed- schappen niet voor doeleinden en werkzaamheden waarvoor ze niet bedoeld zijn; gebruik b.v. geen handcirkelzaag om bomen te vellen of takken te kappen.

8. Draag de gepaste werkkledij

- Draag geen slobberende kleding of sieraden. Deze kunnen door de bewegende delen gegrepen wor- den. Bij het werken in de open lucht zijn rubber werkhandschoenen en schoenen met profielzolen aan te bevelen. Draag bij lang haar enn TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 57TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 57 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

9. Gebruik een beschermende uit-

rusting - Draag een veiligheidsbril. - Gebruik bij stofverwekkende werk- zaamheden een stofmasker.

10. Onttrek de kabel niet aan zijn ei-

genlijke bestemming - Draag het gereedschap niet aan de kabel en gebruik de kabel niet om de stekker uit het stopcontact te trekken. Bescherm de kabel tegen hitte, olie en scherpe kanten.

11. Beveilig het werkstuk

- Gebruik spaninrichtingen of een bankschroef om het werkstuk vast te houden. Het wordt zodoende veiliger vastgehouden dan met uw hand en maakt het mogelijk de machine met de beide handen te bedienen.

12. Rek uw standbereik niet uit

- Vermijd elke abnormale lichaams- houding. Zorg voor een veilige stand en bewaar steeds uw even- wicht.

13. Onderhoud uw gereedschap

zorgvuldig - Hou uw gereedschappen scherp en schoon om goed en veilig te werken. Neem de onderhoudsvoor- schriften en de instructies voor het verwisselen van gereedschappen in acht. Controleer regelmatig de stekker en de kabel en laat deze bij beschadiging door een erkende vakman vervangen. Controleer de verlengkabel regelmatig en vervang beschadigde kabels. Hou handgre- pen droog en vrij van olie en vet.

14. Trek de netstekker uit het stop-

contact - Bij niet-gebruik, vóór onderhouds- werkzaamheden en vóór het ver- wisselen van gereedschap zoals b.v. zaagblad, boor en alle soorten van machinegereedschappen.

15. Laat geen gereedschapssleutels

steken - Ctroleer of de sleutels en afstelge- reedschappen verwijderd zijn alvo- rens het toestel aan te zetten.

16. Vermijd een onbedoelde aanloop

- Draag geen op het stroomnet aan- gesloten gereedschappen met de vinger op de schakelaar. Vergewis u er zich van dat de schakelaar bij het aansluiten op het stroomnet uitge- schakeld is.

17. Verlengkabel in open lucht

- Gebruik in open lucht enkel ver- lengkabels die ervoor zijn goedge- keurd en overeenkomstig geken- merkt.

18. Wees altijd oplettend

- Hou uw werk in het oog. Ga ver- standig te werk. Gebruik het ge- reedschap niet als u er niet met uw aandacht bij bent.

19. Controleer uw toestel op be-

schadigingen - Voordat u het gereedschap verder gebruikt dient u de veilig- heidsinrichtingen of licht bescha- digde onderdelen zorgvuldig op hun behoorlijke en reglementaire werkwijze te controleren. Contro- leer of de bewegelijke onderdelen naar behoren functioneren en niet klem zitten alsook of onderdelen beschadigd zijn. Alle onderdelen moeten naar behoren gemonteerd zijn om de veiligheid van de ma- chine te verzekeren. Beschadigde veiligheidsinrichtingen en onder- delen dienen deskundig door een erkende vakwerkplaats te worden hersteld of vervangen tenzij in de TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 58TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 58 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

handleidingen anders vermeld. Beschadigde schakelaars dienen door een klantendienst-werkplaats te worden vervangen. Gebruik geen gereedschappen waarvan de scha- kelaar niet kan worden in- of uitge- schakeld.

- Voor uw eigen veiligheid gebruik enkel accessoires en bijkomende toestellen die vermeld staan in de handleiding of door de fabrikant van het gereedschap worden aanbevo- len of opgegeven. Het gebruik van andere inzetgereedschappen of ac- cessoires dan vermeld in de hand- leiding of in de catalogus kan voor u lichamelijk gevaar betekenen.

21. Herstellingen enkel door de

elektrovakman - Dit elektrisch materieel beant- woordt aan de desbetreffende veiligheidsbepalingen. Herstellin- gen mogen enkel door een elek- trovakman worden verricht, anders kunnen zich ongelukken voor de gebruiker voordoen.

22. Sluit de stofafzuiginrichting aan

- Indien inrichtingen voor het aan- sluiten van stofafzuiginrichtingen voorhanden zijn overtuig u er zich van dat deze aangesloten zijn en gebruikt worden. Bijzondere veiligheidsvoorschriften

1. Veiligheidsmaatregelen

Vervormde zaagbladen of zulke met barstjes mogen niet worden gebruikt.

Versleten tafelinzetstuk vervangen.

Enkel de door de fabrikant aanbe- volen zaagbladen gebruiken die beantwoorden aan EN 847-1. Bij het verwisselen van zaagblad erop letten dat de breedte van de sne- de niet kleiner en de dikte van de zaagbladrug niet groter is dan de dikte van het spouwmes.

Erop letten dat een voor het te snij- den materiaal geschikt zaagblad wordt gekozen.

Indien nodig, gepaste persoonlijke beschermingsmiddelen dragen. Deze zouden kunnen bevatten: - gehoorbeschermer om het risico te voorkomen hardhorig te worden, - ademhalingsbescherming ter voorkoming van het risico gevaarlij- ke stof in te ademen. - Bij het hanteren met zaagbladen en ruwe materialen handschoenen dragen. Zaagbladen moeten zoveel mogelijk in een doos worden gedra- gen.

De volgende factoren kunnen het vrijkomen van stof beïnvloeden: - versleten, beschadigde zaagbla- den of zulke met barstjes - aanbevolen afzuigvermogen van de afzuiginstallatie 20 m/s - het werkstuk moet naar behoren worden geleid

Zaagbladen van hooggelegeerd snelstaal (HSS-staal) mogen niet worden gebruikt.

De schuifstok of de handgreep voor een schuifstok moet bij niet-gebruik steeds aan de machine worden bewaard.

De volgende omstandigheden kun- nen het geluid waaraan de bedie- naar is blootgesteld beïnvloeden: - soort zaagblad (b.v. zaagbladen ter vermindering van de geluids- blootstelling) TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 59TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 59 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

- materiaal van het werkstuk - kracht waarmee het werkstuk te- gen het zaagblad wordt geschoven.

De voor de veiligheid verantwoor- delijke persoon dient onmiddellijk op de hoogte te worden gesteld van fouten zodra die zich in de machi- ne voordoen, met inbegrip van de beschermende inrichtingen en het zaagblad.

Schuifstok of de handgreep met schuifhout gebruiken om het werk- stuk veilig langs het zaagblad te leiden.

Spleetspie gebruiken en correct instellen.

Bovenste zaagbladafdekking ge- bruiken en correct instellen.

Voegen of groeven niet uitvoeren zonder voordien een gepaste be- schermende inrichting zoals b.v. tunnelbescherminrichting boven de zaagtafel aan te brengen.

Cirkelzagen mogen niet voor het in- snijden (in het werkstuk beëindigde groef) worden gebruikt.

Gebruik enkel zaagbladen waarvan de maximaal toelaatbare snelheid niet geringer is dan de maximale snelheid van de spil van de tafel- cirkelzaag en van het te snijden materiaal.

Bij het transport van de machine alleen de transportinrichtingen ge- bruiken en nooit de beschermende inrichtingen gebruiken voor het han- teren en het transport.

Tijdens het transport moet het bovenste gedeelte van het zaag- blad afgedekt zijn, b.v. door de be- schermkap.

Lange werkstukken aan het einde van het snijden beveiligen tegen neerkantelen (b.v. afrolstandaard enz.).

4. Bijkomende instructies

Geef de veiligheidsvoorschriften aan alle personen door die aan de machine werken.

Gebruik de zaag niet om brandhout te zagen.

Laat het dwarszagen van rond hout achterwege.

Voorzichtig! Door het roterende zaagblad bestaat gevaar voor ver- wondingen aan handen en vingers.

De machine is voorzien van een veiligheidsschakelaar tegen herin- schakelen na spanningsafval.

Controleer of de spanning op het kenplaatje van het toestel overeen- komt met de netspanning alvorens met de zaagmachine te beginnen werken.

Als u een verlengkabel nodig heeft dient u er zich van te vergewissen dat zijn doorsnede voldoende is voor het opgenomen vermogen van de zaag. Minimumdoorsnede 1 mm2

Kabeltrommel enkel in afgewonden toestand gebruiken.

Controleer de netaansluitkabel. Ge- bruik geen defecte of beschadigde aansluitkabels.

De bedieningspersoon moet min- stens 18 jaar zijn, leerlingen min- stens 16 jaar, maar enkel onder toezicht.

Hou de werkplaats vrij van houtaf- val en rondslingerende delen.

Aan de machine werkende perso- nen mogen niet afgeleid worden.

Let op de draairichting van de mo- tor en het zaagblad. TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 60TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 60 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

Na het uitschakelen van de motor mogen de zaagbladen in geen ge- val worden afgeremd door er zijde- lings tegen te duwen.

Installeer slechts goed scherpge- slepen, niet vervormde, barstvrije zaagbladen.

Veiligheidsinrichtingen aan de machine mogen niet worden gede- monteerd of onbruikbaar gemaakt.

Beschadigde zaagbladen dienen onmiddellijk te worden vervangen.

Gebruik geen zaagbladen die niet overeenkomen met de karakteris- tieke gegevens vermeld in deze gebruiksaanwijzing.

Zorg ervoor dat alle inrichtingen die het zaagblad afdekken behoorlijk werken.

Let op! Uitsnijdingen mogen met deze zaag niet worden uitgevoerd.

Beschadigde of defecte veiligheids- inrichtingen dienen onmiddellijk te worden vervangen.

De spleetspie is een belangrijke veiligheidsinrichting die het werk- stuk geleidt en het dichtgaan van de uitkeping achter het zaagblad en het terugslaan van het werk- stuk voorkomt. Let op de dikte van de spleetspie. De spleetspie mag niet dunner zijn dan het zaag- bladlichaam en niet dikker dan de breedte van de uitkeping.

Bij elke zaagbeurt dient de afdek- kap op het werkstuk te worden verlaagd.

Gebruik bij het in de lengte snijden van smalle werkstukken zeker een schuifstok (breedte kleiner dan 120 mm).

Zaag geen werkstukken die te klein zijn om ze veilig met de hand te kunnen vasthouden.

Bij het op maat snijden van smalle houtstukken moet de parallelaan- slag aan de rechterkant van het zaagblad worden vastgespannen.

U staat tijdens het zagen altijd aan de zijkant van het zaagblad.

De machine niet belasten zodat ze tot stilstand komt.

Druk het werkstuk altijd hard tegen de werkplaat.

Let er goed op dat afgesneden stukken hout niet door de tandkrans van het zaagblad worden gegrepen en weggeslingerd.

Alle bescherm- en veiligheidsin- richtingen moeten aan het einde van een herstelling of onderhoud onmiddellijk terug worden gemon- teerd.

De veiligheids-, werk- en onder- houdsvoorschriften van de fabrikant alsook de afmetingen vermeld on- der “Technische gegevens” dienen in acht te worden genomen.

De desbetreffende voorschriften ter voorkoming van ongevallen en de andere algemeen erkende veiligheidsregelen moeten worden nageleefd.

Voorlichtingsbladen van de vereni- ging ter voorkoming van arbeidson- gevallen in acht nemen.

Sluit telkens bij het werken met de zaag de stofzuiginstallatie aan. De bedieningspersoon moet worden ingelicht over de omstandigheden die het vrijkomen van stof beïnvloe- den, b.v. soort te bewerken materi- aal (opsporing en bron), de beteke- nis van plaatselijke afscheiding en de correcte instelling van kappen/ geleideplaten/geleidingen.

De zaag enkel gebruiken als er een gepaste afzuiginstallatie of een in TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 61TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 61 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

de handel verkrijgbare industriestof- zuiger op is aangesloten.

Verwijder nooit losse splinters, zaagsel of vastgeklemde stukken hout terwijl het zaagblad draait.

Schakel de machine uit alvorens storingen te verhelpen of vastge- klemde stukken hout te verwijderen. - Netstekker trekken -

Bij een uitgesleten zaagspleet het tafelinzetstuk vervangen. - Netstekker trekken -

Dit gereedschap beantwoordt aan de desbetreffende veiligheidsvoor- schriften.

Hou uw werkzone schoon en opge- ruimd. Wanorde en niet verlichte werkzo- nes kunnen leiden tot ongelukken.

Stel het toestel niet bloot aan regen of nattigheid. Door binnendringen van water in een elektrisch materieel verhoogt het risico van een elektrische slag.

Wees aandachtig, let op wat u doet en ga bij het gebruik van elektrisch materieel met verstand te werk. Ge- bruik het toestel niet als u moe bent of onder de invloed bent van drugs, alcohol of geneesmiddelen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van elektrisch materieel kan zwaar letsel tot gevolg hebben.

Gebruik geen elektrisch materieel waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch materieel dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld is gevaarlijk en moet worden hersteld.

Bewaar niet gebruikt elektrisch ma- terieel buiten bereik van kinderen. Laat het toestel niet door personen gebruiken die met dit toestel niet vertrouwd zijn of deze instructies niet hebben gelezen. Elektrisch materieel is gevaarlijk als het door onervaren personen wordt gebruikt.

Hou uw snijgereedschap scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijge- reedschap met scherpe snijkanten gaat minder vaak klem gaan zitten en is gemakkelijker te leiden.

Als de netkabel van het elektrische materieel beschadigd is, dient die door een speciaal vervaardigde netkabel te worden vervangen die verkrijgbaar is via de organisatie van de dienst na verkoop.

Laat uw toestel enkel door gekwali- ficeerd vakpersoneel en enkel met originele wisselstukken herstellen. Zodoende is verzekerd dat de vei- ligheid van het toestel blijft behou- den.

De machine moet worden opge- steld zodat ze veilig staat.

Vóór inbedrijfstelling moeten alle afdekkingen en veiligheidsinrichtin- gen naar behoren zijn gemonteerd.

Het zaagblad moet vrij kunnen draaien.

Bij reeds bewerkt hout op vreemde voorwerpen letten zoals b.v. nagels of schroeven etc.

Voordat u de AAN-/UIT-schakelaar indrukt dient u zich ervan te verge- wissen dat het zaagblad correct is gemonteerd en bewegelijke onder- delen gemakkelijk bewegen.

Neem de aanwijzingen voor het smeren en het verwisselen van ge- reedschap in acht.

De handgrepen dienen droog en vrij van olie en vet te worden gehou- den.

De schuifstok of de handgreep voor een schuifstok moet bij niet-gebruik steeds aan de machine worden TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 62TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 62 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

Bij het transporteren van de ma- chine enkel de transportinrichting gebruiken.

Tijdens het transport moet het bovenste gedeelte van het zaag- blad afgedekt zijn, b.v. door de be- schermkap. Veiligheidsinstructies voor de om- gang met zaagbladen

1. Gereedschap mag alleen worden

gebruikt door opgeleide en ervaren personen die met het omgaan met gereedschap vertrouwd zijn.

2. Het op het gereedschap vermelde

maximum toerental mag niet wor- den overschreden.

3. Gescheurde of beschadigde cir-

kelzaagbladen mogen niet worden gebruikt. Reparaties zijn niet toege- staan.

4. Gereedschap en het lichaam van

gereedschap moeten zodanig wor- den opgespannen dat ze tijdens het gebruik niet los kunnen komen.

5. Bij de montage van het gereed-

schap dient men ervoor te zorgen dat het opspannen op de gereed- schapsnaaf met het oog op het spanvlak van het gereedschap gebeurt en dat de lemmeten niet onderling of met de spanelementen in contact komen.

6. Bevestigingsschroeven en -moeren

dienen met het aanspankoppel aangegeven door de fabrikant te worden aangehaald mits gebruik- making van een gepaste sleutel enz.

7. Het gebruik van slaggereedschap

of verlengstukken voor de sleutel voor het vastdraaien is niet toege- staan.

8. De spanvlakken moeten vrij zijn van

vervuilingen, olie en water!

9. Gelieve de opgaven van de fabri-

kant voor het aanspannen van de spanschroeven in acht te nemen. Als hierover geen informatie be- schikbaar is, dan moeten de span- schroeven van het midden naar buiten worden aangedraaid.

10. Lichtmetaallegeringen mogen al-

leen met oplosmiddelen worden ontharst die geen afbreuk doen aan de mechanische eigenschappen van deze materialen.

11. Het gebruik van losse reductierin-

gen of -bussen voor het reduceren van boorgaten bij cirkelzaagbladen is niet toegestaan. Het gebruik van vast aangebrachte, b.v. ingeperste of door hechtverbinding vastgehou- den ringen in cirkelzaagbladen of van flensbussen bij ander gereed- schap is toegestaan mits ze volgens de criteria van de fabrikant zijn ver- vaardigd.

12. Op grond van de fabricagetole-

ranties kan het nodig zijn dat de reductieringen met een rubberha- mer voorzichtig het boorgat van het zaagblad in moeten worden ge- klopt. Plaats daarvoor de zone rond het boorgat van het zaagblad op een harde ondergrond (bijv. hout), de tanden moeten bij het inkloppen vrij hangen zodat het zaagblad niet wordt gebogen.

13. Vervang de reduceerring door een

nieuwe (verkrijgbaar in de gespeci- aliseerde handel), als hij niet meer vanzelf goed in het zaagblad blijft vastzitten. TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 63TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 63 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

14. Ter voorkoming van letsel moet het

gereedschap conform de instructies van de fabrikant worden gehan- teerd. Tot een veilige hantering hoort gewoonlijk het gebruik van inrichtingen zoals transporthaken, werkspecifieke fixeerinrichtingen, frames (b.v. voor cirkelzaagbladen), kisten, transportwagens enz. Door veiligheidshandschoenen te dragen wordt de greepveiligheid aan het gereedschap verbeterd en het let- selrisico verminderd.

15. Bij gereedschappen met een ge-

wicht van boven de 15 kg kan de gebruikmaking van speciale in- richtingen of bevestigingen bij het hanteren vereist zijn afhankelijk van de constructieve maatregelen die de fabrikant heeft voorzien voor de gemakkelijke hantering van het gereedschap. De fabrikant kan informatie verstrekken aangaande de beschikbaarheid van de vereiste inrichtingen.

16. Deze zaagbladen zijn niet geschikt

voor het bijslijpen!

17. Gelieve bovendien de veiligheids-

instructies van het desbetreffende toestel in acht te nemen.

18. Breng geen veranderingen aan aan

het gereedschap. Bewaar de veiligheidsvoorschriften goed

het gereedschap en leveringsomvang

2.1 Beschrijving van het gereed-

schap (fi g. 1) 1 Zaagtafel 2 Zaagbladbescherming 3 Afzuigslang 4 Spleetbout 5 Zaagblad 6 Tafelinzetstuk 7 Parallelle aanslag 8 Handwiel 9a Instelgreep 9b Vastzetgreep 10 Aan/Uit-schakelaar 11 Geleiderail 12 Dwarsaanslag 13 Verbredingstafel 14 Verlengtafel 15 Afzuigadapter 16 Schuifstok 17 Rubber voeten 18 Tafelsteunen 19 Slobgat in de spleetbout 20 Schroeven met verzonken kop 21 Groef 22 Kartelschroef 23 Bodemplaat 24 Bevestigingsschroef

Open de verpakking en neem het toestel voorzichtig uit de verpak- king.

Verwijder het verpakkingsmateriaal alsmede verpakkings-/transportbe- veiligingen (indien aanwezig).

Bewaar de verpakking indien moge- lijk tot het verloop van de garantie- periode. Let op! Het toestel en het verpakkingsma- teriaal zijn geen speelgoed voor kinderen! Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine stuk- ken spelen! Er bestaat inslik- en ver- stikkingsgevaar!

Tafeluitbreiding met steunen

Met hardmetaal bekleed zaagblad (40 tanden)

Zak met montagemateriaal

De tafelcirkelzaag dient om alle soor- ten hout in de lengte en breedte (enkel met dwarsaanslag) overeenkomstig de grootte van de machine te snijden. Rond hout van welke soort dan ook mag niet worden gesneden. Het toestel mag slechts voor werk- zaamheden worden gebruikt waarvoor het bedoeld is. Elk ander verder gaand gebruik is niet reglementair. Voor daaruit voortvloeiende schade of letsel van wel- ke aard dan ook is de gebruiker/bedie- ner, niet de fabrikant, aansprakelijk. Wij wijzen erop dat onze toestellen overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commercieel, am- bachtelijk of industrieel gebruik. Wij zijn niet aansprakelijk indien het apparaat in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. Alleen de voor de machine gepaste zaagbladen (HM of CV zaagbladen) mogen worden gebruikt. Het gebruik van HSS zaagbladen en doorslijp- schijven van welke soort dan ook is verboden. Het naleven van de veilig- heidsvoorschriften alsmede van de montage-instructies en aanwijzingen aangaande de werking vermeld in deze handleiding maakt eveneens deel uit van het reglementaire gebruik. Personen, die de machine bedienen en onderhouden, moeten hiermee ver- trouwd en van mogelijke gevaren op de hoogte zijn. Bovendien moeten de geldende voorschriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden opgevolgd. Andere algemene regels op het gebied van de arbeidsgeneeskunde en veilig- heid dienen in acht te worden genomen. Veranderingen aan de machine sluiten een aansprakelijkheid van de fabri- kant en daaruit voortvloeiende schade helemaal uit. Ondanks het doelmatig gebruik kunnen bepaalde restrisicofac- toren niet volledig uit de weg worden geruimd. Ten gevolge van de construc- tie en opbouw van de machine kunnen zich de volgende risico’s voordoen:

Raken van het zaagblad in het niet afgedekte zaaggebied.

Terugstoot van werkstukken en werkstukdelen.

Wegspringen van defecte hardme- talen stukken van het zaagblad.

Gehoorschade bij niet-gebruik van de nodige gehoorbeschermer.

Bij gebruik in gesloten vertrekken komt houtstof vrij dat schadelijk is voor de gezondheid.

.......................... 3 dB Draag een gehoorbeschermer. Lawaai kan aanleiding geven tot ge- hoorverlies. De waarden vermeld in de tabel zijn emissiewaarden en komen niet meteen noodzakelijk overeen met de geluids- waarden gemeten op de werkvloer. Hoewel er een correlatie bestaat tussen emissie- en immissiepeilen kan er niet zeker uit worden opgemaakt of al dan niet bijkomende voorzorgsmaatregelen vereist zijn. Factoren die het momenteel op de werkvloer voorhanden zijnde im- missiepeil kunnen beïnvloeden zijn o.a. de duur van de geluidsinwerking, de karakteristieke gesteldheid van de wer- kruimte, andere geluidsbronnen etc. b.v. het aantal machines en andere in de buurt aan de gang zijnde processen. De betrouwbare werkplaatswaarden kun- nen evenwel van land tot land variëren. Deze informatie zal echter de gebruiker in staat stellen, gevaar en risico beter te kunnen beoordelen. Beperk de geluidsontwikkeling en vibratie tot een minimum!

Gebruik enkel intacte toestellen.

Onderhoud en reinig het toestel re- gelmatig.

Pas uw manier van werken aan het toestel aan.

Overbelast het toestel niet.

Laat het toestel indien nodig nazien.

Schakel het toestel uit als het niet wordt gebruikt.

5. Vóór inbedrijfstelling

Controleer of de gegevens vermeld op het kenplaatje overeenkomen met de gegevens van het stroom- net, alvorens het apparaat aan te sluiten.

Sluit de machine alleen aan op een volgens de voorschriften geïnstal- leerde veiligheidswandcontactdoos, die is beveiligd met een zekering van minstens 10A.

Trek altijd de stekker uit het stop- contact voordat u het apparaat an- ders instelt.

Tafelcirkelzaag uitpakken en contro- leren op eventuele transportschade.

De machine moet stabiel worden opgesteld.

Vóór inbedrijfstelling moeten alle afdekkingen en veiligheidsinrich- tingen zoals voorgeschreven zijn gemonteerd.

Het zaagblad moet vrij kunnen draaien.

Bij reeds bewerkt hout op vreemde voorwerpen letten zoals bijv. spij- kers of schroeven enz.

Voordat u de Aan/Uit-schakelaar indrukt, moet u zich ervan verge- wissen dat het zaagblad correct is gemonteerd en beweeglijke onder- delen gemakkelijk bewegen.

Gevaar! Trek vóór alle onderhouds- en montagewerkzaamheden op de cirkelzaag telkens de netstekker uit het stopcontact. Voor de montage is het meegeleverde montagegereedschap nodig, en ook een kruiskopschroevendraaier.

6.1 Montage van de bodemplaat (fi g.

Tafelcirkelzaag omdraaien en op de grond leggen.

De 4 inbusschroeven met onderleg- plaatje demonteren van de behui- zing (fig. 5).

De bodemplaat (23) op de tafelcir- kelzaag leggen (fig. 6).

Nu met de van tevoren gedemon- teerde 4 inbusschroeven met onder- legplaatje de rubber voeten aan de tafelcirkelzaag schroeven (fig. 7).

Tafelverbreding en -verlenging (13/14) met slotschroef (c), veerring (d), onderlegplaatje (a) en moer (b) los bevestigen, zodat de tafelver- breding tegen de geleiderail aan ligt (fig. 8-9).

Steunen (18) los vastschroeven aan de behuizing van de tafelzaag en aan de verbredings- resp. verlengta- fel (fig. 10-11).

Tafelverbreding en -verlenging vlak uitrichten met de zaagtafel (1).

Vervolgens alle schroeven vast- draaien.

De schroef A in de zaagbladbe- scherming (2) drukken en ingedrukt houden. Van boven op de spleet- bout (4) zetten, zodat de schroef in het slobgat (19) zit. Nu de schroef (A) weer loslaten.

Schroef (A) niet te vast aandraaien; de zaagbladbescherming moet vrij beweeglijk blijven.

Afzuigslang (3) vastmaken aan de afzuigadapter (15) en bevestigen aan de afzuigstomp van de zaag- bladafdekking (2) (fig. 13-14). Een geschikte spaanafzuiginstallatie aansluiten aan de afzuigadapter (15).

De demontage gebeurt in omge- keerde volgorde. Opgelet! Voordat u begint te zagen moet de zaagbladbescherming (2) op het te zagen materiaal worden neergelaten.

Bij slijtage of schade moet het ta- felinzetstuk (6) worden vervangen, anders bestaat er verhoogd verwon- dingsgevaar.

De schroef met verzonken kop (20) verwijderen.

Het versleten tafelinzetstuk (6) eruit nemen.

De montage van het nieuwe tafe- linzetstuk gebeurt in omgekeerde volgorde.

Opgelet! Netstekker uittrekken.

De instelling van het zaagblad moet na elke wissel worden gecontro- leerd.

Bodemplaat demonteren (zie 6.1).

De bevestigingsschroeven (24) los- draaien.

Spleetbout (4) zo ver naar boven of beneden schuiven, tot de afstand tussen spleetbout (4) en zaagblad (5) tussen 3 en 5 mm ligt. De maxi- male afstand van 5 mm mag niet worden overschreden (fig. 18).

De schroeven (24) weer vastdraai- en.

Bodemplaat (2) weer monteren (zie 6.1).

6.6 Montage/Wissel van zaagblad

Opgelet! Netstekker uit het stop- contact trekken en veiligheids- handschoenen dragen.

De bodemplaat (23) demonteren (zie 6.1).

Moer losdraaien door een sleutel aan te zetten aan de moer, en met een gaffelsleutel aan de motoras om tegen te houden. Gebruik het meegeleverde gereedschap (fig. 4).

Opgelet! Moer in rotatierichting van het zaagblad draaien. TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 68TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 68 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

Buitenste flens eraf nemen en het oude zaagblad schuin naar bene- den van de binnenste flens aftrek- ken.

Zaagbladflenzen vóór montage van het nieuwe zaagblad zorgvuldig rei- nigen met een draadborstel.

Het nieuwe zaagblad in omgekeer- de volgorde weer erin zetten en vastdraaien. Opgelet! Draairichting in acht nemen, de snijschuinte van de tanden moet in draairichting, d.w.z. naar voor wijzen (zie pijl op de zaagbladbescherming).

Controleer of de veiligheidsinrich- tingen goed functioneren, voordat u weer met de zaag werkt.

7.1 AAN/UIT-schakelaar (fi g. 20)

De zaag kan worden aangezet door de groene toets “I“ in te drukken. Wacht met het zagen tot het zaag- blad zijn maximumtoerental heeft bereikt.

De zaag wordt terug afgezet door de rode toets “0” in te drukken.

7.2 Snijdiepte (fi g. 20)

Het zaagblad (5) kan op de gewenste snijdiepte worden afgesteld door het handwiel (8) te draaien.

Door draaien van de greep (9a) de gewenste hoekmaat instellen op de schaal.

7.4.1. Aanslaghoogte (fi g. 21-23)

De aanslagrail (e) van de paralle- laanslag (7) is voorzien van twee geleidevlakken van verschillende hoogte.

Naargelang de dikte van de te snij- den materialen moet de aanslagrail (e) volgens fig. 22, voor dik mate- riaal (meer dan 25 mm werkstuk- dikte) en volgens fig. 23 voor dun materiaal (minder dan 25 mm werk- stukdikte) worden gebruikt.

7.4.2 Aanslagrail draaien (fi g. 21-23)

Draai eerst de vleugelmoeren (f) los om de aanslagrail (e) te draaien.

U kan dan de aanslagrail (e) van de geleiderail (h) aftrekken en met de overeenkomstige geleiding terug over deze schuiven.

Haal de vleugelmoeren (f) terug aan.

Tijdens het in de lengte snijden van houten stukken moet de paralle- laanslag (7) worden gebruikt.

De parallelaanslag moet aan de rechterkant van de zaagtafel (5) worden gemonteerd.

De parallelaanslag van boven op de geleiderail voor parallelaanslag (12) zetten (fig. 22). TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 69TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 69 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

Op de geleiderail voor parallelaan- slag (11) bevinden zich 2 schalen, die de afstand aangeven tussen aanslagrail (e) en zaagblad (5). Een schaal geeft de maten aan in cm en de andere in inch (fig. 24).

Beide schalen kunnen alleen wor- den gebruikt voor de hoge aanslag- rail (dik materiaal).

Voor dun materiaal moet de afstand tot het zaagblad met de hand wor- den gemeten (bijv. met een duim- stok).

Parallelaanslag (7) instellen op de gewenste maat (l) en fixeren.

7.4.4 Aanslaglengte afstellen

Nodige snijbreedte afstellen.

Om te voorkommen dat het te snij- den goed vastklemt kan de aan- slagrail (e) in lengterichting worden verschoven.

Vuistregel: Het achterste uiteinde van de aanslag sluit aan bij een imaginaire lijn die ongeveer bij het centrum van het zaagblad begint en met 45° naar achteren verloopt.

Vleugelmoeren (f) losdraaien en aanslagrail (e) vooruitschuiven tot de imaginaire 45° lijn wordt geraakt.

Vleugelmoeren (f) terug aanhalen.

Dwarsaanslag (12) de gleuf (29) van de zaagtafel in schuiven.

Kartelschroef (22) losdraaien.

Dwarsaanslag (12) draaien tot de gewenste hoekmaat is ingesteld. De inkeping (w) duidt de ingestelde hoek aan.

Aanslagrail (e) niet te ver naar het zaagblad toe schuiven.

De afstand tussen aanslagrail (e) en zaagblad (5) moet ca. 2 cm be- dragen.

7.6 Justeren van de schaal van de

Een 90° aanslaghoek tegen het zaagblad (5) leggen.

Kartelschroef (22) van de dwars- aanslag (12) losdraaien.

Dwarsaanslag (12) zodanig posi- tioneren dat de aanslagrail haaks (hoek van 90°) t.o.v. het zaagblad (5) staat. Dan dwarsaanslag m.b.v. van de 90° hoek exact uitrichten t.o.v. het zaagblad en de kartel- schroef (22) terug aanhalen.

Controleren of de dwarsaanslag exact 0° aangeeft. Indien dit niet het geval is, gaat u als volgt te werk: - De schroef B, waarmee de in- dicatiewijzer is bevestigd, zo ver losdraaien, dat deze op de correcte positie kan worden ingesteld. - Nu de schroef (B) weer vastdraai- en. TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 70TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 70 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

Na elke nieuwe afstelling is het aan te raden een proefsnede uit te voe- ren om de afgestelde afmetingen te controleren.

Na het aanzetten van de zaag wachten tot het zaagblad zijn maxi- mumtoerental heeft bereikt voordat u de snede uitvoert.

Let op bij het insnijden!

Gebruik het toestel alleen met af- zuiging.

8.1 Uitvoeren van langssneden (fi g.

29) Hierbij wordt een werkstuk in lengterich- ting doorsneden. Eén kant van het werkstuk wordt tegen de parallelaanslag (7) geduwd terwijl de vlakke zijde op de zaagtafel (1) ligt. De zaagbladafdekking (2) moet altijd op het werkstuk worden neergelaten. De werkstand tijdens het zagen in leng- terichting mag nooit in één lijn met het verloop van de snede zijn.

Parallelaanslag (7) afstellen naar- gelang van de hoogte van het werk- stuk en de gewenste breedte (zie 7.4).

Handen met gesloten vingers plat op het werkstuk leggen en het werk- stuk langs de parallelaanslag (7) het zaagblad (5) in schuiven.

Met de linker of rechter hand (naar- gelang de positie van de paralle- laanslag) zijdelings geleiden, maar enkel tot de voorkant van de zaag- bladafdekking (2).

Werkstuk steeds tot het einde van het spouwmes (4) doorschuiven.

De snijafval blijft op de zaagtafel (1) liggen tot het zaagblad (5) opnieuw tot stilstand is gekomen.

Lange werkstukken aan het einde van het snijden beveiligen tegen neerkantelen! (b.v. afrolstandaard etc.)

8.1.1 Snijden van smallere werk-

stukken (fi g. 30) Langssneden van werkstukken met een breedte van minder dan 120 mm moeten zeker met gebruikmaking van een schuifstok (16) worden uitgevoerd. Schuifstok is niet bij de levering begre- pen. Versleten of beschadigde schuifstok onmiddellijk vervangen.

8.1.2 Snijden van zeer smalle werk-

Voor langssneden van zeer smalle werkstukken met een breedte van 30 mm en minder moet zeker een schuifhout worden gebruikt

Daarbij gebruikt u best het laag ge- leidevlak van de parallelaanslag.

Schuifhout niet bij de levering- somvang begrepen! (Verkrijg- baar in de desbetreffende ge- specialiseerde handel). Versleten schuifstok tijdig vervangen. TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 71TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 71 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

8.1.3 Uitvoeren van schuine sneden

(fi g. 32) Schuine sneden worden principieel uitgevoerd mits gebruikmaking van de parallelaanslag (7).

Zaagblad (5) op de gewenste hoek- maat afstellen. (zie 7.3).

Parallelaanslag (7) afstellen naarge- lang de breedte en de hoogte van het werkstuk (zie 7.4).

Snede conform de werkstukbreedte uitvoeren (zie 8.1.1 en 8.1.2)

8.2 Uitvoeren van dwarssneden

Dwarsaanslag (12) in één van de beide groeven (21) van de zaag- tafel schuiven en op de gewenste hoekmaat afstellen (zie 7.5). Indien het zaagblad (5) bovendien schuin wordt gesteld, moet die groef (21) worden gebruikt die voorkomt dat uw hand en de dwarsaanslag met de zaagbladafdekking in contact komen.

Indien nodig aanslagrail (e) gebrui- ken.

Werkstuk hard tegen de dwarsaan- slag (12) drukken.

Dwarsaanslag (12) en werkstuk naar het zaagblad toe schuiven ten- einde de snede uit te voeren.

Let op! Hou altijd het geleide werkstuk vast, nooit het vrije werkstuk dat afgesneden wordt.

Dwarsaanslag (12) altijd blijven vooruitschuiven tot het werkstuk he- lemaal is doorgesneden.

Zaag weer uitzetten. Zaagafval pas verwijderen als het zaagblad stil- staat.

8.3 Snijden van spaanderplaten

Om het uitbreken van de snijkanten bij het snijden van spaanderplaten te voor- komen moet het zaagblad (5) niet hoger dan 5 mm boven werkstukdikte worden afgesteld (zie ook punt 7.2).

9. Vervanging van de

netaansluitleiding Gevaar! Als de netaansluitleiding van dit appa- raat beschadigd wordt, dan moet hij door de fabrikant of diens klantendienst of door een gelijkwaardig gekwalificeer- de persoon vervangen worden, om ge- varen te vermijden. TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 72TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 72 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

10. Reiniging, onderhoud

en bestellen van wisselstukken Gevaar! Trek vóór alle schoonmaakwerk- zaamheden de netstekker uit het stopcontact.

Hou de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiespleten en het motorhuis zo veel mogelijk vrij van stof en vuil. Wrijf het toestel met een schone doek af of blaas het met perslucht bij lage druk schoon.

Het is aan te bevelen het toestel di- rect na elk gebruik te reinigen.

Reinig het toestel regelmatig met een vochtige doek en wat zachte zeep. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen; die zouden de kunststofcomponenten van het toe- stel kunnen aantasten. Let er goed op dat geen water in het toestel te- rechtkomt. Door binnendringen van water in een elektrische apparatuur verhoogt het risico van een elektri- sche schok.

Bij bovenmatige vonkvorming laat u de koolborstels door een bekwame elektri- cien nazien. Gevaar! De koolborstels mogen enkel door een bekwame elektricien worden vervangen.

In het toestel zijn er geen andere te on- derhouden onderdelen. TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 73TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 73 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

10.4 Bestellen van wisselstukken:

Gelieve bij het bestellen van wisselstuk- ken volgende gegevens te vermelden:

Type van het toestel

Artikelnummer van het toestel

Ident-nummer van het toestel

11. Verwijdering en recyclage

Het toestel bevindt zich in een verpak- king om transportschade te voorkomen. Deze verpakking is een grondstof en bijgevolg herbruikbaar of kan naar de grondstofkringloop worden terugge- voerd. Het toestel en zijn accessoires bestaan uit diverse materialen, zoals b.v. metaal en kunststof. Defecte toe- stellen horen niet thuis in het huisvuil. Om zich van het toestel naar behoren te ontdoen dient het naar een geschikte verzamelplaats te worden gebracht. Als u geen verzamelplaats kent gelieve u dan bij de gemeente te informeren.

Bewaar het toestel en de accessoires op een donkere, droge en vorstvrije plaats die voor kinderen ontoeganke- lijk is. De optimale opbergtemperatuur ligt tussen 5° C en 30° C. Bewaar het elektrische gereedschap in de originele verpakking. TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 75TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 75 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

Enkel voor EU-landen Elektrisch gereedschap hoort niet bij het huisvuil thuis! Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EG op afgedankte elektrische en elektro- nische toestellen en omzetting in nationaal recht dienen afgedankte elektrische gereedschappen afzonderlijk te worden verzameld en milieuvriendelijk te worden gerecycleerd. Recyclagealternatief i.p.v. het toestel terug te sturen: De eigenaar van het elektrische toestel is alternatief verplicht, i.p.v. het toestel te- rug te sturen, mede te werken bij de behoorlijke recyclage in geval hij zich van het eigendom ontdoet. Het afgedankte toestel kan hiervoor ook bij een verzamelplaats worden afgegeven die voor een verwijdering als bedoeld in de wetgeving in zake recyclage en afvalverwerking zorgt. Hieronder vallen niet bij de afgedankte toestel- len gevoegde accessoires en hulpmiddelen zonder elektrische componenten. Nadruk of andere reproductie van documentatie en geleidepapieren van de pro- ducten, geheel of gedeeltelijk, enkel toegestaan mits uitdrukkelijke toestemming van iSC GmbH. Technische wijzigingen voorbehouden TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 76TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 76 17.12.15 12:3917.12.15 12:39NL

Op het in de handleiding genoemde toestel geven wij 3 jaar garantie voor het geval dat ons product gebreken mocht vertonen. De periode van 3 jaar gaat in met de gevaarovergang of de overname van het toestel door de klant. De garantie kan enkel worden geclaimd op voorwaarde dat het toestel naar behoren is onderhouden en gebruikt conform de handleiding. Vanzelfsprekend blijven u de wettelijke garantierechten binnen deze 3 jaar behouden. De garantie geldt voor het grondgebied van de Bondsrepubliek Duitsland of van de respectievelijke landen van de regionale hoofdverdeler als aanvulling van de ter plaatse geldende wettelijke voorschriften. Gelieve zich tot uw contactpersoon van de regionaal bevoegde klantendienst of tot het hieronder vermelde serviceadres te wenden. ISC (International Service Center) Eschenstrasse 6 94405 Landau/Isar, Duitsland Tel. Nederlandstalig: +32 (0)78 151 085 Tel. Francophone: +32 (0)78 151 084 MAIL: service@einhell.be TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 77TCTS_1702_EX_BE_SPK7.indb 77 17.12.15 12:3917.12.15 12:39Schunk/Product-ManagementWeichselgartner/General-Manager

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : TOP CRAFT

Model : TCTS 1702

Categorie : Zaag