W 600 FLEXIO 18V - Verfspuit WAGNER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis W 600 FLEXIO 18V WAGNER in PDF-formaat.
| Producttype | Draadloos verfpistool (verfspuit) |
| Merk | Wagner |
| Model | W 600 FLEXIO 18V |
| Voeding | Lithium-ion-accu 18 V (PBA 18V, 2,5 Ah) |
| Lader | AL 1810 CV, ingang 220-240 V~, uitgang 14,4-18 V, 1000 mA |
| Laadtijd | Ongeveer 120 min (80%), 154 min (100%) |
| Gebruik | Vloeibare coatings: verven, beitsen, vernissen, primers, enz. |
| Inhoud reservoir (Standaard) | 800 ml |
| Inhoud reservoir (Wall Extra I-Spray) | 1300 ml |
| Spuitvermogen | 200 W |
| Max. debiet (Wall Extra I-Spray) | 500 ml/min |
| Max. viscositeit (Wall Extra I-Spray) | 4000 mPas |
| Totaalgewicht (met accu) | 1,7 kg |
| Gewicht accu | 0,37 kg |
| Geluidsdrukniveau | 76 dB(A) |
| Trillingsniveau | < 2,5 m/s² |
| Projectgrootte (beits) | Ongeveer 30 m hekwerk |
| Projectgrootte (vernis) | Ongeveer 9 deuren |
| Projectgrootte (muurverf) | Ongeveer 26 m² muur |
| Verwisselbare spuitkoppen | Standaard en Wall Extra I-Spray (meegeleverd) |
| Instellingen | Luchtdebiet, straalbreedte (horizontaal, verticaal, rond), productdebiet |
| Onderhoud | Reinig spuitmond en luchtkap na gebruik; vervang luchtfilter indien nodig |
| Garantie | 3 jaar + 1 extra jaar bij registratie (3+1) |
Veelgestelde vragen - W 600 FLEXIO 18V WAGNER
Gebruikersvragen over W 600 FLEXIO 18V WAGNER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Verfspuit in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding W 600 FLEXIO 18V - WAGNER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. W 600 FLEXIO 18V van het merk WAGNER.
GEBRUIKSAANWIJZING W 600 FLEXIO 18V WAGNER
Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing
HARTELIJK DANK VOOR UW VERTROUWEN
Wij feliciteren u met de aankoop van dit merkproduct van Wagner en zijn ervan overtuigd, dat u er veel plezier van zult hebben.
Lees voor inbedrijfname de bedieningshandleiding aandachtig door en neem de veiligheidsaanwijzingen in acht. Bewaar de bedieningshandleiding zorgvuldig en houd deze bij het product, als u dit eens zou doorgeven.
Voor vragen, suggesties en wensen staan wij graag voor u klaar via de website www.wagner-group.com/service.
Inhoudsopgave
- Uitleg van de gebruikte symbolen....68
- Algemene veiligheidsaanwijzingen....68
- Veiligheidsaanwijzingen voor spuitpistolen....72
- Veiligheidsinstructies oplader en accu....73
- Beschrijving/ Leveringsomvang 74
- Toepassingsbereik 75
- Voorbereiding van de werkplek (bij binnenwandverf)....75
- Opladen....76
- Voorbereiden van het materiaal 76
- Inbedrijfstelling 77
- Instelling van de gewenste spuitstraalvorm (Wall Extra I-Spray spuitopzet) ..... 77
- Instelling van de gewenste spuitstraalvorm (Standard spuitopzet) .....78
- Instelling van de materiaalhoeveelheid (Wall Extra I-Spray spuitopzet) ..... 78
- Instelling van de materiaalhoeveelheid (Standard spuitopzet)....78
- Instelling van de luchthoeveelheid (Afb. 11)....79
- Spuittechniek 79
- Werkonderbreking 80
- Buiten bedrijf stellen en reinigen.... 80
- Buiten bedrijf stellen en reinigen (Wall Extra I-Spray spuitopzet)....81
- Buiten bedrijf stellen en reinigen (Standard spuitopzet)....82
- Onderhoud 82
- Reserveonderdelenlijst 83
- Accessoires....84
- Verhelpen van storingen.... 85
- Technische gegevens 86
- Milieu 87
- Belangrijke aanwijzing m.b.t. productaansprakelijkheid! 87
1. Uitleg van de gebruikte symbolen
![]() | Dit symbool duidt op een potentieel gevaar voor u, resp. het apparaat. Onder dit symbool vindt u belangrijke informatie over het vermijden van letsel en schade op het apparaat. |
![]() | Gevaar voor een elektrische schok |
![]() | Duidt toepassingstips en andere bijzonder nuttige aanwijzingen aan. |
![]() | Draag bij het werken een geschikte veiligheidsbril. |
![]() | Draag bij het werken een geschikt beschermend masker. |
2. Algemene veiligheidsaanwijzingen
Waarschuwing! Lees alle veiligheidsinstructies, aanwijzingen, illustraties en technische


gegevens die bij dit elektrisch gereedschap zijn meegeleverd. Het niet naleven van de onderstaande aanwijzingen kan elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsrichtlijnen en aanwijzingen voor de toekomst. De term "elektrisch gereedschap" die in de veiligheidsrichtlijnen wordt gebruikt, verwijst naar elektrische gereedschappen met netvoeding (met netsnoer) en naar elektrisch gereedschap op een accu (zonder netsnoer).
1. Veiligheid op de werkplek
a) Houd de werkplek schoon en goed verlicht. Wanorde en niet verlichte werkplekken kunnen tot ongevallen leiden.
b) Werk niet met het elektrisch gereedschap in een omgeving met explosiegevaar waar ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof aanwezig zijn. Elektrisch gereedschap wekt vonken op die stof of dampen kunnen ontsteken.
c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van elektrisch gereedschap op afstand. Bij afleiding kunt u de controle over het elektrische gereedschap verliezen.
2. Elektrische veiligheid
a) De stekker van het elektrisch gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen enkele manier worden gewijzigd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met elektrisch geaarde elektrische gereedschappen. Ongewijzigde stekkers en passende wandcontactdozen verminderen het risico van elektrische schokken.
b) Voorkom contact van uw lichaam met geaarde oppervlakken van b.v. buizen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op elektrische schokken wanneer uw lichaam is geaard.
c) Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht. Het binnendringen van water in elektrisch gereedschap verhoogt het risico van een elektrische schok.
d) Gebruik het netsnoer niet om het elektrisch gereedschap te dragen, op te hangen of de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het netsnoer uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen of bewegende delen. Een beschadigd of verward netsnoer verhoogt het risico van een elektrische schok.
e) Gebruik voor buitenshuis werken met elektrisch gereedschap alleen verlengkabels die ook geschikt zijn voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis, vermindert het risico van een elektrische schok.
f) Indien het gebruik van het elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, gebruik dan een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risico van een elektrische schok.
3. Veiligheid van personen
a) Wees alert, let op wat u doet en gebruik uw gezond verstand bij het werken met elektrisch gereedschap. Gebruik het elektrisch gereedschap niet als u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen bent. Een moment van onachtzaamheid bij het gebruik van het elektrisch gereedschap kan ernstig letsel veroorzaken.
b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen en draag altijd een veiligheidsbril. Het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals stofmasker, antislip veiligheidsschoenen, veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van type en gebruik van het elektrisch gereedschap, vermindert het risico van letsel.
c) Zorg ervoor dat het elektrische gereedschap is uitgeschakeld voordat u het op het lichtnet en/of de accu aansluit, het optilt of draagt. Wanneer u bij het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de schakelaar houdt of het apparaat ingeschakeld op het lichtnet aansluit, kan dit tot ongelukken leiden.
d) Verwijder afstelgereedschap of moersleutels voordat u het apparaat inschakelt. Een gereedschap of sleutel in een draaiend deel van het elektrisch gereedschap kan letsel veroorzaken.
e) Vermijd een abnormale lichaamshouding. Zorg voor een goede houding en bewaar op elk moment uw evenwicht. Hiermee kunt u het elektrische gereedschap onder onverwachte omstandigheden beter controleren.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sierraden. Houd haren, kleding en handschoenen verwijderd van bewegende delen. Loszittende kleding, sierraden of lange haren kunnen door bewegende delen worden gegrepen.
g) Wanneer stofafzuigings- of stofopvangvoorzieningen kunnen worden gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging beperkt het gevaar door stof.
h) Pas op voor een vals gevoel van veiligheid en neem de veiligheidsvoorschriften voor elektrisch gereedschap in acht, ook wanneer u na veelvuldig gebruik vertrouwd met het elektrisch gereedschap bent. Onoplettendheid kan binnen een fractie van een seconde tot ernstig letsel leiden.
4. Gebruik en behandeling van het elektrische gereedschap
a) Overbelast het elektrische gereedschap niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Met het juiste elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven vermogensbereik.
b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de afneembare accu voordat u instellingen aan het apparaat uitvoert, accessoires wisselt of het elektrische gereedschap opbergt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt onbedoeld inschakelen van het elektrische gereedschap.
d) Bewaar elektrisch gereedschap, wanneer het niet wordt gebruikt, buiten bereik van kinderen. Laat geen personen met het apparaat werken die daar niet mee vertrouwd zijn of die deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrisch gereedschap is gevaarlijk wanneer dit door onervaren personen wordt gebruikt.
e) Onderhoud het elektrische gereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende delen van het apparaat correct werken en niet klemmen, en of onderdelen zodanig zijn gebroken of beschadigd dat de werking van het elektrisch gereedschap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen repareren voordat u het elektrisch gereedschap gebruikt. Veel ongevallen worden veroorzaakt door slecht onderhouden elektrisch gereedschap.
f) Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijker te geleiden.
g) Gebruik elektrisch gereedschap, accessoires, hulpmiddelen enz. in overeenstemming met deze aanwijzingen en zoals voor dit specifieke type apparaat is voorgeschreven. Houd daarbij rekening met de werkomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor ander dan het bedoelde gebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties.
h) Zorg ervoor dat de grepen en greepvlakken schoon en vrij van olie en vet blijven. Gladde grepen en greepvlakken maken een veilig gebruik en controle over het elektrisch gereedschap in onverwachte situaties onmogelijk.
5. Gebruik en behandeling van het accugereedschap
a) Laad de accu's alleen op met door de fabrikant aanbevolen opladers. Een oplader die voor een bepaald type accu is ontworpen, kan brandgevaar veroorzaken wanneer hij voor andere accu's wordt gebruikt.
b) Gebruik alleen de daarvoor bestemde accu's in het elektrische gereedschap.
Gebruik van andere accu's kan leiden tot letsel en brandgevaar.
c) Houd de ongebruikte accu uit de buurt van paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een overbrugging van de contacten kunnen veroorzaken. Kortsluiting tussen de accu-contacten kan leiden tot brandwonden of brand.
d) Bij verkeerd gebruik kan er vloeistof uit de accu lekken. Vermijd contact ermee. Bij toevallig contact, spoelen met water. Als de vloeistof in uw ogen komt, moet u medische hulp inroepen. Lekkende accuvloeistof kan huidirritatie of brandwonden veroorzaken.
e) Gebruik geen beschadigde of gewijzigde accu. Beschadigde of gewijzigde accu's kunnen zich onvoorspelbaar gedragen en leiden tot brand, explosie of gevaar voor verwondingen.
f) Stel een accu niet bloot aan vuur of hoge temperaturen. Brand of temperaturen boven 130°C kunnen een explosie veroorzaken.
g) Volg alle oplaadinstructies en laad de accu of het draadloze gereedschap nooit op buiten het temperatuurbereik dat in de gebruiksaanwijzing wordt vermeld. Onjuist opladen of opladen buiten het temperatuurbereik kan de accu vernietigen of het risico van brand vergroten.
6. Service
a) Laat uw elektrisch gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd vakpersoneel en uitsluitend met originele reserveonderdelen. Daarmee blijft de veiligheid van het apparaat gewaarborgd.
b) Onderhoud nooit beschadigde accu's. Alle onderhoud aan accu's mag alleen worden uitgevoerd door de fabrikant of erkende servicecentra.
3. Veiligheidsaanwijzingen voor spuitpistolen
- Let op! Draag adembescherming: verfnevel en oplosmiddeldampen zijn schadelijk voor de gezondheid. Werk uitsluitend in ruimten met goede natuurlijke ventilatie of gebruik geforceerde ventilatie. Het dragen van werkkleding, veiligheidsbril, gehoorbescherming en handschoenen wordt aanbevolen.

LET OP! GEVAAR VOOR LETSEL!
Richt de spuitstraal nooit op personen of dieren!

Stopcontacten en schakelaars beslist afplakken. Gevaar voor een elektrische schok door binnendringend spuitmateriaal!

Pas op! Apparaat nooit met beschadigde of ontbrekende spuitkopafdichting laten werken. Bij ontbrekende of beschadigde spuitkopafdichting kan vloeistof in het apparaat binnendringen en daardoor het risico op een elektrische schok toenemen.
Controleer de spuitkopafdichting voor elk gebruik en draai de moer goed vast.
- De spuitpistolen mogen niet worden gebruikt voor het verspuiten van brandbare stoffen.
- De spuitpistolen mogen niet worden gereinigd met brandbare oplosmiddelen.
- Houd rekening met gevaren die het gevolg kunnen zijn van het verspoten materiaal en neem tevens de aanwijzingen op de verpakking of van de fabrikant van het materiaal in acht.
- Verspuit geen materialen waarvan u de eventuele gevaren niet kent.
- De spuitpistolen mogen niet worden gebruikt op arbeidsplaatsen, die vallen onder de wetgeving voor plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen.
- Om explosiegevaar tijdens spuitwerkzaamheden te voorkomen, moet worden gezorgd voor goede natuurlijke of geforceerde ventilatie.
- Tijdens het spuiten mogen zich in de omgeving geen ontstekingsbronnen bevinden, zoals open vuur, brandende sigaretten, vonken, gloeidraden en hete oppervlakken.
- Let erop, dat tijdens het gebruik van de W 600, zowel binnen als buiten, geen oplosmiddeldampen door het apparaat worden aangezogen.
- Het spuitpistool is geen speelgoed. Laat nooit kinderen met het spuitpistool werken of ermee spelen.
-
Verwijder de accu voordat u werkzaamheden aan het spuitpistool uitvoert.
-
Dek de oppervlakken die niet moeten worden gespoten af. Houd er tijdens de werkzaamheden rekening mee dat verfnevel b.v door de wind over grote afstanden kan worden verplaats en daardoor schade kan veroorzaken.
- Open het apparaat nooit om zelf reparaties uit te voeren aan elektrische delen!
- Het apparaat mag uitsluitend worden gebruikt met goede werkend ventiel. Stop het gebruik van het apparaat wanneer er verf in de ventilatieslang (Afb. 1, 16) omhoog komt! Demonteer en reinig de ventilatieslang, het ventiel en het membraan; vervang zonodig het membraan.
- Leg het spuitpistool niet neer.
Met originele WAGNER accessoires en reserveonderdelen heeft u de garantie dat aan alle veiligheidsvoorschriften is voldaan.
4. Veiligheidsinstructies oplader en accu

Gebruik het gereedschap alleen met BOSCH POWER FOR ALL compatibele PBA 18V-accu's met minstens 2,5 Ah en geschikte opladers. De accuspanning moet overeenkomen met de laadspanning van de oplader. Laad geen niet-oplaadbare accu's op. Anders bestaat er gevaar voor brand en explosie.
- Houd de oplader uit de buurt van regen of vocht. Het binnendringen van water in elektrisch gereedschap verhoogt het risico van een elektrische schok.
- Houd de oplader schoon. Er bestaat gevaar voor elektrische schokken als gevolg van verontreiniging.
- Controleer voor elk gebruik de oplader, de kabel en de stekker. Gebruik de oplader niet als u schade vaststelt. Open de oplader niet zelf en laat deze alleen repareren door gekwalificeerd personeel, en alleen met originele reserveonderdelen. Beschadigde opladers, kabels en stekkers verhogen het risico op elektrische schokken.
- Gebruik de oplader niet op gemakkelijk brandbare oppervlakken (bijv. papier, textiel, etc.) of in brandbare omgevingen. Er bestaat brandgevaar als gevolg van de verhitting van de oplader tijdens het opladen.
- De accu wordt gedeeltelijk opgeladen geleverd. Laad de accu voor het eerste gebruik volledig op in de oplader, zodat de accu optimaal presteert.
- Gebruik de accu alleen in de producten van de fabrikant. Dit is de enige manier om de accu te beschermen tegen gevaarlijke overbelasting.
- Houd accu's buiten het bereik van kinderen.
- Maak de accu niet open. Er bestaat gevaar voor kortsluiting.
- Er kunnen ook dampen ontsnappen als de accu is beschadigd of onjuist wordt gebruikt. Zorg voor frisse lucht en raadpleeg een arts als u klachten hebt. De dampen kunnen de ademhalingswegen irriteren.
- Controleer de aangetaste delen. Maak ze schoon of vervang ze indien nodig. Controleer de aangetaste delen. Maak ze schoon of vervang ze indien nodig.
- De accu kan beschadigd raken door scherpe voorwerpen zoals spijkers of schroevendraaiers of door geweld van buitenaf. Er kan interne kortsluiting ontstaan en de accu kan verbranden, roken, exploderen of oververhit raken.
- Onderhoud nooit beschadigde accu's. Alle onderhoud aan accu's mag alleen worden uitgevoerd door de fabrikant of erkende servicecentra.
- Bescherm de accu tegen hitte, bijv. ook tegen permanent zonlicht, vuur, vuil, water en vocht. Er bestaat gevaar voor ontploffing en kortsluiting.
- Gebruik en bewaar de accu alleen bij een omgevingstemperatuur tussen -20°C en +50°C. Laat de accu bijvoorbeeld in de zomer niet in de auto liggen. Bij temperaturen < 0°C kunnen de prestaties afnemen, afhankelijk van het apparaat.
-
Laad de accu alleen op bij omgevingstemperaturen tussen 0°C en +35°C. Opladen buiten het temperatuurbereik kan de accu beschadigen of het risico van brand vergroten.
-
Beschrijving/ Leveringsomvang
| Beschrijving/ Leveringsomvang (Afb. 1) | |
| 1) Sproeikop 2) Luchtkap (voor instellen van de werkrichting) | |
| 3) Wartelmoer 4) Instelling spuitstraalbreedte | |
| 5) Wall Extra I-Spray spuitopzet 6) Materiaalhoeveelheidregulering | |
| 7) Luchtregeling 8) Accu-indicator | |
| 9) Luchtfilter kap 10) | AAN/UIT-schakelaar (bevindt zich aan beide kanten) |
| 11) Trekker 12) Accu* | |
| 13) Accu-vergrendeling* 14) Container | |
| 15) Ventiel 16) Ventilatieslang | |
| 17) Roerstaaf 18) Vultrechter (2 stuks) | |
| 19) Oefeningsposter 20) Standard spuitopzet | |
| 21) Oplader* 22) | Reservemondstukafdichting (Standard spuitopzet)** |
| 23) Smeervet** | |
* Niet bij alle modellen meegeleverd.
** Bevindt zich in het reservoir, a.u.b. voor inbedrijfname verwijderen!
6. Toepassingsbereik
Met de W 600 kan een groot aantal coatingmaterialen verwerkt worden.
Afhankelijk van de coatingstof moeten een ander spuitopzetstuk en een ander vermogensniveau worden gebruikt:
| Verwerkbare materialen Spuitopzet Niveau | ||
| DunvloeibStandardmaterialen: | ||
| Oplosmiddelhoudende en waterverdunbare lakken, beitsen, grondverven, 2-componentlakken, blanke lakken, autolakken en houtveredelingsmiddelen. Alle coatingmaterialen met rood Perfect Spray-logo | ![]() | tot![]() |
| Binnenwandverf (dispersies en latexverf) Alle coatingmaterialen met groen Perfect Spray-logo | Wall Extra I-Spray![]() ![]() | tot![]() |
Niet-verwerkbare materialen
Materialen die sterk schurende bestanddelen bevatten, pleisters, façadeverf, logen en zuurhoudende coatingmaterialen. Brandbare coatingmaterialen.
7. Voorbereiding van de werkplek (bij binnenwandverf)


Stopcontacten en schakelaars beslist afplakken. Gevaar voor een elektrische schok door binnendringend spuitmateriaal!
Dek alle oppervlakken en objecten af, die niet gespoten moeten worden of verwijder deze uit het werkbereik. Wagner stelt zich niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door verfnevel (overspray).
Silicaatverf tast bij contact glas- en keramiekvlakken aan! Alle overeenkomstige oppervlaken moeten daarom beslist compleet worden afgedekt.

Let op de kwaliteit van het gebruikte afplakband.
Gebruik op behang en geverfde ondergronden niet een te sterk hechtend plakband om beschadigingen bij het verwijderen te vermijden. Verwijder de plakbanden langzaam en gelijkmatig; in geen geval schoksgewijs. Laat de oppervlakken alleen zo lang als nodig is afgeplakt, om mogelijke resten bij het verwijderen te minimaliseren.
Let ook op de instructies van de plakbandfabrikant.
8. Opladen
Voordat u de oplader op het lichtnet aansluit, moet u controleren of de netspanning overeenkomt met de specificatie op het typeplaatje van de oplader.
-
Steek de netstekker van de oplader in het stopcontact (de accu-laadindicator (9) brandt constant).
-
Plaats de accu in de oplader, de accu- laadindicator (9) begint te knipperen.

text_image
9
Als de accu-laadindicator constant brandt wanneer de accu is geplaatst, is de accu ofwel volledig opgeladen ofwel oververhit en moet deze eerst afkoelen.
- Zodra de accu volledig is opgeladen, verwijdert u de accu uit de oplader.
- Trek de netstekker van de oplader uit het stopcontact.
Accu-indicator
Groen = Voldoende acculading
Oranje = Slechts kleinere werkzaamheden nog mogelijk
Knippert = Accu moet worden opgeladen oranje

text_image
89. Voorbereiden van het materiaal
- Roer het materiaal grondig om in de originele bak. Bij binnenwandverf wordt hiervoor een roerwerk aanbevolen.

De W 600 werd ontwikkeld, om iedere universele verf onverdund te kunnen verwerken. Bij gladde ondergrond en bijzonder dikvloeibare, gel-achtige verf moet 10% verdund worden. Ook bij te grove verstuiving of een, zelfs bij maximale instelling, te geringe transporthoeveelheid kan verdunning noodzakelijk zijn. Gedetailleerde informatie over de afzonderlijke materialen en de maximaal toegestane verdunning is te vinden op het technische gegevensblad van de materiaalfabrikant (bijv. beschikbaar op internet).

Spuitmateriaal minimaal op kamertemperatuur leidt tot een beter spuitresultaat.
10. Inbedrijfstelling
- Container van het spuitpistool losschroeven.
• Aanzuigstok uitrichten (afb. 2)
Bij een juiste stand van de aanzuigstok kan de inhoud van het container nagenoeg zonder restant worden verspoten.
Bij spuitwerkzaamheden op liggende voorwerpen: aanzuigstok naar voren draaien. (Afb. 2 A)
Bij spuitwerkzaamheden boven het hoofd: aanzuigstok naar achteren draaien. (Afb. 2 B)
- Container op papieren onderlaag zetten en geprepareerd coatingmateriaal m.b.v. de meegeleverde vultrechter (afb. 1, 17) vullen. Draai het reservoir stevig aan het spuitpistool vast.
- Voor- en achterstuk van het pistool aan elkaar koppelen (afb. 3).
- Plaats de accu.

Controleer of de accu goed en stevig is geplaatst. Een accu die tijdens het gebruik losraakt, kan schade aan eigendommen of persoonlijk letsel veroorzaken.

- Apparaat met AAN /UIT schakelaar (afb. 4, 1) inschakelen (pos. I).
- Spuitbeeld aan het spuitpistool instellen.

De bijgevoegde oefeningsposter is ideaal, om zich met de bediening van het spuitpistool vertrouwd te maken. Na deze eerste spuitpogingen, moet doelmatig op karton of soortgelijke ondergrond een spuittest worden uitgevoerd, om de materiaal- en luchthoeveelheid voor een optimaal spuitbeeld vast te stellen. Gedetailleerde informatie over deze instellingen is te vinden in de volgende hoofdstukken 11 -15.
11. Instelling van de gewenste spuitstraalvorm (Wall Extra I-Spray spuitopzet)

WAARSCHUWING! Gevaar voor verwonding! Nooit tijdens het instellen van de luchtkap aan de handbeugel trekken.
Door draaien aan de luchtkap (afb. 5, 1) kunnen 2 verschillende spuitstraalvormen ingesteld worden.

Draai de moer (afb. 5, 2) geheel vast, zodat er geen verf in het apparaat kan binnendringen. Controleer regelmatig of de moer tijdens het gebruik is losgekomen.
Afb. 6 A = verticale vlakke straal → voor het horizontaal opbrengen van verf
Afb. 6 B = horizontale vlakke straal → voor het verticaal opbrengen van verf
Met de rode instelhendel kan aanvullend tussen een brede Den een smalle () spuitstraal omgeschakeld worden.

12. Instelling van de gewenste spuitstraalvorm (Standard spuitopzet)



WAARSCHUWING! Gevaar voor verwonding! Nooit tijdens het instellen van de luchtkap aan de handbeugel trekken.
Draai de wartel (afb. 7, 1) iets los en draai de luchtkap (2) in de gewenste spuitvormstand (pijl). Draai vervolgens de wartel weer vast.
Afb. 8 A = verticale vlakke straal → voor het horizontaal opbrengen van verf
Afb. 8 B = horizontale vlakke straal → voor het verticaal opbrengen van verf
Afb. 8 C = ronde straal → voor hoeken en randen en voor moeilijk bereikbare oppervlakken
13. Instelling van de materiaalhoeveelheid (Wall Extra I-Spray spuitopzet)


De materiaalhoeveelheid kan door draaien van de regelaar voor de materiaalhoeveelheid (afb. 9, 1) stapsgewijs van 1 (minimum) tot 12 (maximum) worden ingesteld.
14. Instelling van de materiaalhoeveelheid (Standard spuitopzet)


Hoeveelheid materiaal instellen door de stelschroef op de trekker te verdraaien. (Afb. 10)
minder materiaal → linksom draaien (-)
meer materiaal → rechtsom draaien (+)
15. Instelling van de luchthoeveelheid (Afb. 11)

Afhankelijk van de viscositeit (vloeibaarheid) van het te verspuiten materiaal en de aard van het te coaten object kan het zinvol zijn de luchthoeveelheid te variëren. Zeer dunvloeibare materialen, zoals waterige beits, hoeven niet met de maximale luchthoeveelheid te worden verstoven. Het is aan te raden daarbij de luchthoeveelheid te reduceren en daardoor de spuitnevel te minimaliseren. Dat geldt ook bij gebruik van de Detail spuitopzet en de Corner&Reach spuitopzet (accessoires).
Verhoog de luchthoeveelheid door op de + knop te drukken (afb. 11, 1) en verlaag het door op de - knop te drukken (afb. 11, 2).
dunvloeibare materialen
dikvloeibare materialen (bijv. binnenwandverf)
Het spuitresultaat wordt grotendeels bepaald door hoe glad en schoon het te spuiten oppervlak vooraf is gemaakt. Behandel het oppervlak daarom zorgvuldig voor en houd het stofvrij.
- Dek oppervlakken die niet moeten worden gespoten af.
- Dek schroefdraden en dergelijke aan het spuitobject af.

Belangrijk: Begin buiten het te spuiten oppervlak en voorkom onderbrekingen binnen het te spuiten oppervlak.
- De spuitbeweging moet niet met de pols worden uitgevoerd, maar met de arm. Zo blijft tijdens het spuiten de afstand tussen het spuitpistool en het oppervlak altijd gelijk. Kies een afstand van 5 - 15 cm, afhankelijk van de gewenste straalbreedte. Bij de verwerking van binnenwandverf moet de afstand ca. 20-30 cm (lengte ca. één roerstaaf) bedragen.
Afb. 12 A/12 B: GOED gelijkmatige afstand tot het object.
Afb. 12 C: FOUT ongelijke afstand heeft een ongelijke verfaanbrenging als resultaat.
- Beweeg het spuitpistool gelijkmatig heen en weer of op en neer, afhankelijk van de instelling van de spuitstraalvorm.
- Gelijkmatige bewegingen met het spuitpistool geven een uniforme oppervlaktekwaliteit.

Belangrijk: Mondstuk en luchtkap tijdens het gebruik regelmatig afvegen, zodat het mondstuk niet verstopt raakt

Spuit bij slecht dekkende verf of sterk zuigende ondergrund in "kruisgang" (afb. 13).
- Binnenwandverf in krachtige tinten minstens tweemaal aanbrengen (eerste verflaag eerst laten drogen). Daardoor word een dekkende aanbrenging bereikt.

Voor grotere projecten is het handig om een opgeladen reserve-accu bij de hand te hebben om zonder onderbreking door te kunnen werken.
17. Werkonderbreking
•Schakel het apparaat uit.
- Apparaat alleen op vlakke en schone oppervlakken neerzetten om kantelen te voorkomen!
- Bij langere pauzes reservoir door kort opendraaien en vervolgens weer afsluiten ontluchten.
- Na de werkonderbreking mondstukopeningen reinigen.
- Bij het verwerken van 2-componentenlakken moet het apparaat direct worden gereinigd.
18. Buiten bedrijf stellen en reinigen
Deskundige reiniging is een voorwaarde voor een storingsvrij gebruik van het verfopbrengapparaat. Bij niet of ondeskundig uitgevoerde reiniging vervalt elke aanspraak op garantie.

WAARSCHUWING!
Het achterstuk van het pistool nooit in water of andere vloeistof onderdompelen. Behuizing uitsluitend met een doordrenkte doek reinigen.
1) Schakel het apparaat uit. Ontlucht het container bij lange werkonderbrekingen en bij het beëindigen van de werkzaamheden. Dit kan worden gedaan door het container
kort open te draaien en weer af te sluiten of door de trekker in te drukken en de verf terug te laten lopen in de verfemmer.
2) Druk op de accu-vergrendeling (13) en verwijder de accu als u klaar bent met uw werk.
3) Pistool demonteren. Haak (afb. 3 b "klik") iets omlaag drukken. Voorste en achterste pistooldeel tegen elkaar draaien en uit elkaar halen.
4) Container losschroeven. Overig coatingmateriaal in verfblik teruggieten.
5) Maak container en stijgbuis met een kwast zo ver mogelijk schoon. Reinig de ontluchtingsboring (Afb. 14, 1).

19. Buiten bedrijf stellen en reinigen (Wall Extra I-Spray spuitopzet)


LET OP! Reinig nooit afdichtingen, membraan en sproeier- of luchtopeningen van het spuitpistool met spitse metalen voorwerpen.
Luchttoevoerslang en membraan zijn slechts beperkt oplosmiddelbestendig.
Niet in oplosmiddel leggen, maar alleen afvegen.
1) Het apparaat mag uitsluitend met onbeschadigd membraan (afb. 15, 3) worden gebruikt. Indien er verf in de beluchtingsslang is gekomen, dient u het membraan te controleren en te reinigen (zie hoofdstuk Onderhoud).
2) Luchtkap (afb. 16, 1) voor eenvoudige demontage in verticale positie zetten en verwijderen.
3) Wartelmoer losschroeven (afb. 16, 2). Reinig luchtkap (1) en spuitkop (3) met kwast en oplosmiddel resp. water.

Pas op! Verwijder nooit de rode spuitkopafdichting uit de spuitkop. Bij ontbrekende of beschadigde spuitkopafdichting kan vloeistof in het apparaat binnendringen en daardoor het risico op een elektrische schok toenemen.
4) Spuitpistool en container aan de buitenkant met een in oplosmiddel resp. water gedrenkte doek reinigen.
5) Zet alle delen weer in elkaar (zie "Montage").
Montage

Pas op! Apparaat nooit met beschadigde of ontbrekende spuitkopafdichting laten werken. Bij ontbrekende of beschadigde spuitkopafdichting kan vloeistof in het apparaat binnendringen en daardoor het risico op een elektrische schok toenemen.
1) Spuitkopafdichting (afb. 17, 4) in het spuitkop controleren.
2) Moer (afb. 18, 2) op het pistool schroeven en goed vast draaien.

Draai de moer (afb. 18, 2) geheel vast, zodat er geen verf in het apparaat kan binnendringen.
3) Luchtkap (afb. 19, 1) op moer vast klikken. Controleer of de luchtkap aan beide kanten volledig vast klikt. (Afb. 19, 2)
4) Steek de reservoirafdichting van onder af op de stijgbuis en schuif deze door tot over de kraag. Draai de reservoirafdichting daarbij licht heen en weer.
5) Steek de stijgbuis met reservoirafdichting in het pistoollichaam.
Om het pistool gemakkelijker te kunnen monteren, kunt u na het reinigen een ruime hoeveelheid smeervet (bijgeleverd) aanbrengen op de O-ring van het voorstuk (afb. 23, 3).
20. Buiten bedrijf stellen en reinigen (Standard spuitopzet)


LET OP! Reinig nooit afdichtingen, membraan en sproeier- of luchtopeningen van het spuitpistool met spitse metalen voorwerpen.
Luchttoevoerslang en membraan zijn slechts beperkt oplosmiddelbestendig.
Niet in oplosmiddel leggen, maar alleen afvegen.
1) Het apparaat mag uitsluitend met onbeschadigd membraan (afb. 15, 3) worden gebruikt. Indien er verf in de beluchtingsslang is gekomen, dient u het membraan te controleren en te reinigen (zie hoofdstuk Onderhoud).
2) Draai de wartel los en verwijder luchtkap en spuitkop. Reinig luchtkap, spuitkopafdichting en spuitkop met kwast en oplosmiddel resp. water (Afb. 20)
3) Maak de buitenzijde van spuitpistool en reservoir schoon met een in oplosmiddel resp. water gedrenkte doek.
4) Zet alle delen weer in elkaar (zie "Montage").
Montage

Pas op! Apparaat nooit met beschadigde of ontbrekende spuitkopafdichting laten werken. Bij ontbrekende of beschadigde spuitkopafdichting kan vloeistof in het apparaat binnendringen en daardoor het risico op een elektrische schok toenemen.
1) Spuitkopafdichting (afb. 21, 1) over de naald (3) schuiven, de groef (gleuf) moet daarbij naar u wijzen.
2) Breng de spuitkop (afb. 21, 2) aan op het pistoollichaam en zoek de juiste positie door deze te draaien.
3) Breng de luchtkap aan op de spuitkop en draai deze met de wartel vast.
4) Steek de reservoirafdichting van onder af op de stijgbuis en schuif deze door tot over de kraag. Draai de reservoirafdichting daarbij licht heen en weer.
5) Steek de stijgbuis met reservoirafdichting in het pistoollichaam.
Om het pistool gemakkelijker te kunnen monteren, kunt u na het reinigen een ruime hoeveelheid smeervet (bijgeleverd) aanbrengen op de O-ring van het voorstuk (afb. 24, 5).
21. Onderhoud
Luchtfilter
Waarschuwing!

Apparaat nooit zonder luchtfilter in werking zetting, eventueel aangezogen vuil kan het functioneren beïnvloeden. Controleer het luchtfilter na ieder gebruik op vervuiling. Voor het wisselen stekker eruit trekken.
1) Druk de beide vergrendelingen (afb. 22, 1) in en verwijder de filterafdekking.
2) Verwijder de luchtfilter (2) en vervang deze afhankelijk van de vervuiling.
3) Plaats het nieuwe luchtfilter in de houders (3).
4) Klik de filterafdekking weer vast.
Ventilatieslang / Membraan
- Trek de ventilatieslang (afb. 15, 1) boven van het pistoollichaam af. Draai het ventieldeksel (2) los. Verwijder het membraan (3). Reinig alle onderdelen zorgvuldig en vervang ze bij beschadiging.
- Plaats het membraan (Afb. 15, 3) met de stift naar boven op het onderste deel van het ventiel. Zie daarvoor ook de markering op het pistoollichaam.
- Breng voorzichtig het ventieldeksel (Afb. 15, 2) aan en draai het vast.
- Steek de ventilatieslang (Afb. 15, 1) op het ventieldeksel en op de nippel op het pistoollichaam.
22. Reserveonderdelenlijst
| Reserveonderdelenlijst Wall Extra I-Spray spuitopzet (Afb. 23) | ||
| Pos. | Benaming Bestelnr. | |
| Wall Extra I-Spray spuitopzet compl. met reservoir 1300 ml 2361 746 | ||
| 1 | Luchtkap 2382 753 | |
| 2 | Wartel met spuitkop 2382 751 | |
| 3 | O-ring spuitopzet 2362 875 | |
| 4 | Ventilatieslang, ventieldeksel, membraan 2382 754 | |
| 5 | Stijgbuis 2389 021 | |
| 6 | Reservoirafdichting 2389 023 | |
| 7 | Reservoir (1300 ml) met deksel 2305 155 | |
| Reserveonderdelenlijst Standard spuitopzet (Afb. 24) | ||
| Pos. | Benaming Bestelnr. | |
| Standard spuitopzet compl. met reservoir 800 ml | 2361 730 | |
| 1 | Wartel | 2362 873 |
| 2 | Luchtkap 2362 877 | |
| 3 | Spuitkop | 2362 878 |
| 4 | Spuitkopafdichting | 0417 706 |
| 5 | O-ring spuitopzet 2362 875 | |
| 6 | Ventilatieslang, ventieldeksel, membraan 2304 027 | |
| 7 | Stijgbuis (geen marking of R)* | 2362 876 |
| Stijgbuis (markering AR of AU)* | 2367 410 | |
| 8 | Reservoirafdichting (geen marking of R)* | 2323 039 |
| Reservoirafdichting (markering AR of AU)* | 2370 527 | |
Reserveonderdelenlijst Standard spuitopzet (Afb. 24)
9 Reservoir (800 ml) met deksel 0413 909
* Controleer voor de bestelling, of zich onderaan de binnenkant van uw spuitopzetstuk een markering bevindt. Schroef hiervoor het reservoir eraf en verwijder de reservoirafdichting.

Reserveonderdelenlijst W 600 (Afb. 25)
| Pos. | Benaming Bestelnr. | |
| 1 | Luchtfilter 2430342 | |
| 2 | Luchtfilter kap 2430341 | |
| 3 | Roerstaaf 2304 419 | |
| 4 | Accu (Li-lon, PBA 18 V, 2,5 Ah) 2432719 | |
| 5 | Oplader EU (AL 1810 CV) 2432723 | |
| Smeervet (zonder afb.) 2315 539 |
23. Accessoires
Het CLICK&PAINT SYSTEM biedt met het juist opzetstuk en diverse toebehoren voor elke klus het juiste gereedschap.
Meer informatie over de productenreeks van WAGNER voor renovatiewerkzaamheden onder www.wagner-group.com
- Verhelpen van storingen
| Storing | Oorzaak | Oplossing |
| Er komt geen coating-materiaal uit de spuitkop | Apparaat niet ingeschakeld (trekker kan niet worden ingetrokken)Accu leeg, defect of incompatibelSpuitkop verstoptAanzuigstok verstoptMateriaalhoeveelheid te kleinAanzuigstok losGeen drukopbouw in de containerOntluchtingsboring (Afb. 14, 1) verstopt | Gebruik de AAN / UIT schakelaar aan de zijkant van het apparaatOpladen of vervangenReinigenReinigenMateriaalhoeveelheid verhogenInstekenContainer vastdraaienReinigen |
| Coatingmateriaal druppelt na uit de spuitkop | Spuitkop losSpuitkop versletenSpuitkopafdichting ontbreekt of is versletenOphoping coatingmateriaal aan luchtkap, spuitkop of naald | AandraaienVervangenVervangenReinigen |
| Te grove verstuiving | Coatingmateriaal te dikvloeibaarHoeveelheid materiaal te grootSproeier verontreinigdLuchtkap verkeerd gemonteerdLuchtfilter sterk vervuildTe lage drukopbouw in containerTe geringe luchthoeveelheid | VerdunnenMateriaalhoeveelheid reducerenReinigenLuchtkap goed vast klikken (afb. 19, 2)VervangenContainer vastdraaienLuchthoeveelheid verhogen |
| Spuitstraal trilt | Coatingmateriaal in container is bijna opRaakt op luchtfilter sterk vervuildSpuitkopafdichting ontbreekt of is versleten | NavullenVervangenVervangen |
| Coatingmateriaal vormt uitlopers | Teveel coatingmateriaal opgespoten. | Materiaalhoeveelheid reduceren |
| Teveel coatingmateriaalnevel (Overspray) | Afstand tot het spuitobject te grootTeveel coatingmateriaal-opgespotenTe grote luchthoeveelheid | Spuitafstand verkleinenMateriaalhoeveelheid reducerenLuchthoeveelheid verlagen |
| Verf in de ventilatieslang | Membraan vuilMembraan defect | Membraan reinigenMembraan vervangen |
| Slechte dekkracht aan de wand | Spuitmateriaal te koudSterk zuigende ondergrond of verf met slechte dekkrachtAfstand te groot | Spuitmateriaal moet eerst op kamertemperatuur zijnIn kruisgang spuiten (afb. 13)Dichter bij het object |
* Gemeten volgens EN 62841-1
Informatie over het trillingsniveau
Het aangegeven trillingsniveau is volgens een genormaliseerde testprocedure gemeten en kan ter vergelijking van elektrisch gereedschap worden gebruikt.
Het trillingsniveau dient ook voor een inleidende inschatting van de trillingsbelasting.
Pas op! De trillingsemissiewaarde kan tijdens het feitelijke gebruik van het elektrische gereedschap van de aangegeven waarde afwijken, afhankelijk van de wijze waarop het elektrische gereedschap wordt gebruikt. Het is noodzakelijk om veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bedienende persoon vast te leggen, die op een schatting van de blootstelling tijdens de feitelijke gebruiksvoorwaarden berusten (hierbij dienen alle delen van de bedrijfscyclus in acht genomen te worden, bijvoorbeeld tijden, waarin het elektrische gereedschap is uitgeschakeld, en zulke, waarin het weliswaar is ingeschakeld maar zonder belasting draait).
26. Milieu

Aan het einde van de levensduur moet het apparaat, inclusief toebehoren en verpakking, op milieuvriendelijke wijze worden gerecycled. Scheid verpakkingsmaterialen per soort en lever ze bij een inzamelplaats voor recycling in. Oude apparaten en oplaadbare accu's/batterijen mogen niet bij het huisvuil worden weggegooid. Steun de milieubescherming en breng het apparaat en de accu naar een plaatselijk afvalverwerkingspunt, neem contact op met onze klantendienst of vraag ernaar bij de vakhandel.
27. Belangrijke aanwijzing m.b.t. productaansprakelijkheid!
Op grond van een EU-verordening is de fabrikant alleen volledig aansprakelijk voor zijn product bij productfouten, als alle onderdelen van de fabrikant komen of door de fabrikant zijn vrijgegeven en als de toestellen vakkundig gemonteerd en gebruikt worden. Bij het gebruik van vreemde toebehoren en reserveonderdelen kan de aansprakelijkheid geheel of gedeeltelijk vervallen, als het gebruik van de vreemde toebehoren of vreemde reserveonderdelen tot een productfout leidt.
3 + 1 jaar garantie op dit WAGNER product voor doe-het-zelvers
J. Wagner GmbH, gevestigd in D-88677 Markdorf, verleent u naast de wettelijke garantie een garantie (apparaatgarantie) voor dit product voor een periode van 36 maanden. De garantieperiode wordt met nog 12 maanden verlengd als het product binnen 28 dagen na aankoop via internet wordt geregistreerd op https://go.wagner-group.com/3plus1.
De garantie omvat het gratis verhelpen van gebreken die terug te voeren zijn op het gebruik van defect materiaal tijdens de fabricage van het product of op montagefouten van het product, evenals het gratis vervangen van defecte onderdelen, tenzij een garantie-uitsluiting van toepassing is.
De wettelijke rechten met betrekking tot materiële gebreken, waarop u als koper voor het beoogde doel vanaf het moment van levering van het gekochte artikel recht hebt, worden door de bovenstaande garantie niet beperkt. De garantie, evenals uw wettelijke garantierecht, vervalt als het apparaat door iemand anders dan het geautoriseerde servicepersoneel van WAGNER wordt geopend.
De gedetailleerde garantievoorwaarden kunt u op aanvraag verkrijgen bij onze geautoriseerde WAGNER partners (zie de website of de gebruiksaanwijzing) of in tekstvorm op onze website:
- Wijzigingen voorbehouden -
EU-conformiteitsverklaring
Wij verklaren dat dit product voldoet aan de volgende normen:
2006/42/EG, 2014/30/EU, 2014/35/EU, 2011/65/EU, 2012/19/EU
En normatieve dokumenten:
EN 62841-1, EN 50580, EN 62133-2,
EN 60335-1, EN 60335-2,
EN 55014-1, EN 55014, EN 61000-3-2, EN 61000-3-3
De EU-conformiteitsverklaring wordt met het product meegeleverd.
Indien nodig kan de verklaring met bestelnummer 2424598 worden nabesteld.






tot


tot