57061 - Scarificateur HYUNDAI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 57061 HYUNDAI in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over 57061 HYUNDAI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Scarificateur in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 57061 - HYUNDAI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 57061 van het merk HYUNDAI.
GEBRUIKSAANWIJZING 57061 HYUNDAI
Gebruikershandleiding
Technische gegevens Toerental 3400 rpm Nominaal vermogen 4 kW Gewicht 39 kg Afmetingen voorwiel 200 mm Afmetingen achterwiel 200 mm Type motor H210 Olie SAE30 15W40 Olietank volume 0,6 L Benzine Euro 95 (E10) loodvrij Benzinetank volume 1 L Grasopvangzak volume 45 L Snijhoogte +15 – -15 mm Snijbreedte 400 mm
(geluidsdruk)* 85,9 dB(A)
(onzekerheid) 3,43 dB(A) Vibratie 7,03 m/s
Vibratie onzekerheid 1,5 m/s
*Niveau van de geluidsdruk op de werkplek. Gemeten aan de hand van 2000/14/EC en 2005/88/EC. **De gemeten waarde is minder dan de gegarandeerde waarde: L
dB(A). Gemeten aan de hand van 2000/14/EC en 2005/88/EC. Veiligheid Pictogrammen in de handleiding In deze handleiding worden de volgende pictogrammen gebruikt: 6 Gevaar voor lichamelijk letsel of materiële schade. VERTICUTEER- MACHINE
Wijzigingen voorbehouden; specificaties kunnen zonder opgave van redenen worden gewijzigd. Introductie Deze machine is bedoeld voor het verticuteren van natuurlijk gras. Deze machine is bedoeld om mos en onkruid te verwijderen uit de grond en voor het losmaken van de grond. Hierdoor kan het gazon voedingsstoen beter opnemen en is het schoongemaakt. Het wordt aangeraden om de machine te gebruiken in de lente en herfst. Deze machine is niet bedoeld voor professioneel gebruik. Deze machine is niet bedoeld voor personen onder 18 jaar en personen die niet bekend zijn met de handleiding. Productbeschrijving Onderdelen van de machine A De machine bevat de volgende onderdelen: A. Remhendel B. Bovenste hendel C. Gashendel D. Lage hendel E. Starterhendel F. Grasopvangzak G. Achteruitworpklep H. Hoogteversteller hendel
I. Hoogteversteller snijmesNEDERLANDS9
4 Informatie die als belangrijk moet worden beschouwd, maar die geen verband houdt met letsel. Pictogrammen op de machine B De volgende pictogrammen zijn van toepassing op de machine:
- Lees de handleiding voordat je de machine gebruikt.
- Houd omstanders uit de buurt van de machine.
- Gevaar voor snijwonden. Snijmessen in beweging. Steek je handen of voeten niet dichtbij of onder de opening van de snijplaat.
- Waarschuwing. Verwijder de bougiekabel van de bougie en lees de instructies voor het uitvoeren van reparaties of onderhoud.
- Gebruik de machine niet in een ingesloten en/of slecht geventileerde ruimte. Koolstof monoxide vormt een gevaar voor de gezondheid.
- Gebruik de machine niet wanneer het regent, onweert of als het gras nat is.
- Draag oog- en oorbescherming.
- CE-markering. De machine voldoet aan de eisen en regels van de Europese Commissie.
- Geluidsniveau markering. Het geluidsniveau van de machine is niet hoger dan 98 dB. Algemene veiligheidsvoorschriften WAARSCHUWING! 6 Lees alle veiligheidsvoorschriften en alle instructies. Het niet in acht nemen van de voorschriften en instructies kan een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Veiligheidsvoorschriften Volg bij gebruik van de machine altijd de bijgesloten veiligheidsvoorschriften en onderstaande aanvullende veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op. 6 Bewaar alle voorschriften en instructies voor toekomstig gebruik. Gebruik en onderhoud van de machine 6 Deze machine is niet bedoeld voor personen (inclusief kinderen) met verminderde fysieke, zintuigelijke of mentale capaciteit, of met te weinig ervaring en kennis, tenzij zij onder toezicht of instructies hebben gekregen bij een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. 6 De machine produceert een elektromagnetisch veld tijdens het gebruik. Controleer of de actieve/passieve medische implantaten bij de gebruiker geen problemen veroorzaken bij het gebruik van de machine. 6 Verwijder voor het gebruik vreemde objecten van het gazon die weggeslingerd kunnen worden door de machine. 6 Controleer dat alle bouten, moeren en schroeven goed aangedraaid zijn. 6 Controleer dat het snijmes en de schroef van het snijmes goed vastgemaakt zijn. Wanneer de snijranden geslepen moeten worden, moet dit even op beide zijden worden gedaan om onbalans te voorkomen. Als het snijmes beschadigd is, moet het vervangen worden. 6 Controleer de grasopvangzak voor gebruik op beschadigingen en verminderde functionaliteit. 6 Reik niet te ver. Zorg ervoor dat u stevig staat en altijd in evenwicht blijft. Dit resulteert in een betere controle over de machine in onverwachte situaties. 6 Een sleutel die nog in de machine zit bij een bewegend deel kan resulteren in letsel. Verwijder gereedschapssleutels voor het aanzetten van de machine.10 6 Gebruik de machine niet om takken of snoeiafval te vermalen. 6 Gebruik de machine niet om ongelijke ondergronden gelijk te maken, zoals molshopen. 6 Gebruik de machine niet langer dan 10 uur per jaar. 6 Blijf alert tijdens het gebruik alert op vreemde objecten die weggeslingerd kunnen worden door de machine. 6 Houd kinderen en dieren op een veilige afstand wanneer de machine gebruikt wordt. 6 Til de machine nooit op met draaiende motor. 6 Steek je handen of voeten nooit onder de grasmaaier of in de achteruitworp opening wanneer de motor draait. 6 Verander de nominale snelheid van de motor niet. 6 Op zelfrijdende machines, koppel het zelfrijdende systeem los voor het starten van de motor. 6 Forceer de machine niet. Gebruik de juiste machine voor uw toepassing. De juiste machine zal het werk beter en veiliger doen. 6 Wijzig de instellingen van de motorregelaar niet. 6 Laat de motor niet onnodig op hoge snelheid draaien. 6 Laat de motor niet onbeheerd draaien. 6 Houd handen of voeten uit de buurt van draaiende delen. 6 Vermijd contact met hete brandstof, olie, uitlaatgassen en hete oppervlakken. Raak de motor of uitlaatdemper niet aan. Deze onderdelen worden extreem heet tijdens gebruik en blijven nog enige tijd warm nadat de motor is uitgeschakeld. Laat de motor volledig afkoelen voordat u onderhoud of aanpassingen doorvoert. 6 Schakel de motor onmiddellijk uit, als de machine ongewoon lawaai of trillingen 6 Draag altijd een lange broek en stevig, antislip schoeisel tijdens het gebruik van de machine. 6 Persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een veiligheidsbril, stofmasker, antislip schoeisel, een harde helm en gehoorbescherming verminderen persoonlijk letsel. Draag altijd een veiligheidsbril. 6 Loszittende kleding, sieraden of lang haar kan vast komen te zitten in bewegende delen. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd je haar, kleding en handschoenen weg van bewegende delen. 6 Gebruik de machine niet te lang en neem regelmatig pauzes. Lang gebruik van de machine resulteert in problemen in de bloedsomloop in de handen, veroorzaakt door vibraties. Deze eecten worden erger naarmate de temperatuur laag is en/of als de handgrepen heel stevig vastgehouden worden. De machine kan langer gebruikt worden met de juiste handschoenen en regelmatige pauzes. Limiteer het gebruik per dag. 6 Gebruik de machine niet in een ingesloten en/of slecht geventileerde ruimte. Koolstof monoxide vormt een gevaar voor de gezondheid. 6 Gebruik de machine alleen bij voldoende licht. 6 Gebruik de machine niet wanneer het regent, onweert of als het gras nat is. 6 Gebruik de machine niet op een helling of dalend stuk gazon. Gebruik de machine alleen dwars over hellingen. 6 Gebruik de machine niet wanneer veiligheidssystemen zijn gewijzigd/ uitgeschakeld. 6 Gebruik de machine niet wanneer je moe, ziek of onder de invloed van alcohol of andere drugs bent.NEDERLANDS11 6 Laat de machine repareren als deze beschadigd is. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden apparatuur. 6 Houd de motor en uitlaatdemper vrij van gras, bladeren, overmatig vet of koolstof om de kans op brand te voorkomen. 6 Dompel of spuit de machine nooit met water of andere vloeistoen. Houd de handgrepen droog, schoon en vrij van vuil. Reinig na elk gebruik. 6 Houd u aan de wetgeving voor verwijdering van gas, olie, etc. om het milieu te beschermen. 6 Berg de niet-actieve machine op buiten het bereik van kinderen en sta niet toe dat personen die onbekend zijn met de machine of deze instructies om deze te bedienen. Gebruik van de machine door onervaren gebruikers is gevaarlijk. Brandstofveiligheid 6 Brandstof is licht ontvlambaar en de dampen kunnen explosies veroorzaken. Neem voorzorgsmaatregelen om de kans op ernstig persoonlijk letsel te voorkomen. 6 Gebruik bij het bijvullen of aftappen van de brandstoftank een goedgekeurde brandstofopslagcontainer. Vul de brandstoftank nooit binnenshuis maar in een schone, goed geventileerde buitenruimte. 6 Rook niet, of laat vonken, open vuur of andere bronnen van ontsteking in de buurt van het gebied terwijl u brandstof toevoegt of de machine gebruikt. 6 Houd geaarde geleidende objecten, zoals gereedschap, weg van onder spanning staande elektrische delen en verbindingen om vonken te voorkomen. Vonken kunnen dampen laten ontbranden. 6 Stop de motor altijd en laat hem afkoelen voordat de brandstoftank wordt gevuld. vertoont. Koppel de bougiekabel los en zoek de oorzaak. Ongebruikelijk geluid of trilling is in het algemeen waarschuwing voor problemen. 6 Stop de motor en verwijder de bougiekap in deze situaties: - Voor het uitvoeren van werkzaamheden onder de grasmaaier of de achteruitworp opening. - Voor het uitvoeren van onderhoud, reparaties of inspecties. - Voor het dragen, optillen of verwijderen van de machine. - Voor het onbeheerd laten van de machine. - Voor het aanpassen van de snijhoogte. - Voor het verwijderen en legen van de grasopvangzak. - Na het raken van een onbekend object. 6 In het geval van een snijwond, bedek de wond met een schone doek en druk hard om het bloed te laten stollen. 6 Voorkom het in contact komen van de ogen met benzine en/of olie. Als er contact is geweest met de benzine en/of olie en de ogen, spoel je ogen direct uit. Als de ogen geïrriteerd blijven, neem contact op met een dokter. 6 Gebruik alleen door de fabrikant goedgekeurde hulpstukken en accessoires. Gebruik van onjuiste hulpstukken kunnen persoonlijk letsel veroorzaken. 6 Onderhoud de machine. Controleer de werking van bewegende delen, onderdelen op breuk en andere omstandigheden die van invloed kunnen zijn op de werking van de machine. 6 Wees voorzichtig bij het bewegen van de tanden van de roller. De andere tanden komen hierdoor ook in beweging. Dit kan ook gebeuren als de machine niet aan staat. 6 Stop je vingers niet tussen bewegende delen en stationaire delen.12 Installatie Lage hendel installeren C D E
1. Schroef de lage hendel vast met de
schroeven, ringen en knoppen.
2. Schroef de lage hendel en hoge hendel vast
met de schroeven, ringen en knoppen.
3. Fixeer de kabelklem in positie.
Hoogte van hendel veranderen F
- Schroef de hendel vast met de schroeven en knoppen in gat 2 voor de hoogste positie.
- Schroef de hendel vast met de schroeven in gat 1 voor de laagste positie. 6 Pas de hoogte altijd aan beide zijden van de lage hendel aan. Grasopvangzak installeren G 4 Je kan werken met en zonder grasopvangzak. Met grasopvangzak zal het gras in de grasopvangzak komen. Zonder grasopvangzak zal het gras op de grond komen.
- Leid de kabel van de starterhendel door de kabelgoot. Snijhoogte aanpassen I
- Roteer de knop met de klok mee om het mes omhoog te verplaatsen.
- Roteer de knop tegen de klok in om het mes omlaag te verplaatsen. 6 Stop de motor voor het aanpassen van de snijhoogte. Het snijmes kan ernstige verwondingen veroorzaken. 6 Zorg dat de transporthendel in de transport positie zit. Olie bijvullen 4 Alle motors worden getest in de fabriek Verwijder nooit de dop van de brandstoftank of voeg brandstof toe terwijl de motor draait of wanneer de motor heet is. Gebruik de machine niet met lekken in het brandstofsysteem. 6 Maak de tankdop langzaam los om druk in de tank te laten ontsnappen. 6 Vul de brandstoftank nooit boven de limietmarkering. 6 Vul de brandstoftank buitenhuis aan met een trechter. 6 Vul de benzine en olie bij voor het starten van de motor. 6 Verwijder gemorste brandstof van de brandstoftank en de dop. Gebruik de machine nooit zonder dat de tankdop stevig op zijn plaats zit. 6 Voorkom het ontstaan van een ontstekingsbron voor gemorste brandstof. Als er brandstof wordt gemorst, probeer de motor dan niet te starten maar verplaats de machine weg van het gebied. Wacht met het starten van de motor totdat brandstofdampen zijn verdwenen. Bewaar brandstof in speciaal voor dit doel ontworpen en goedgekeurde containers. 6 Bewaar brandstof op een koele, goed geventileerde plaats, veilig weg van vonken, open vuur of andere ontstekingsbronnen. 6 Bewaar brandstof of een machine met brandstof in de tank nooit in een gebouw waar dampen met vonken in contact kunnen komen zoals open vuur of een boiler, oven, wasdroger. Laat de motor afkoelen voordat u hem opbergt. 6 Benzine is extreem brandbaar. Benzine damp kan ontploen en ernstig letsel of de dood tot gevolg hebben. Wees uiterst voorzichtig bij het hanteren van benzine. Buien bereik van kinderen bewaren.NEDERLANDS13
5. Trek langzaam aan de starterhendel totdat
weerstand te voelen is.
7. Verplaats de gashendel naar de ‘run’ positie.
6 Het snijmes komt direct in beweging na het starten van de motor. 4 De machine kan bewegen wanneer het snijmes in contact staat met de grond. Verticuteren Het snijmes roteert en verwijdert de laag die gevormd wordt door mos, korstmos en onkruid. Tijdens het snijden maakt de machine gaten in de grond die ervoor zorgen dat het gazon losser wordt en voedingsstoen beter absorbeert. 4 Verticuteer het gazon in de lente (april/mei) en de herfst (oktober). Beluchten Het snijmes roteert en kamt het gazon. Lichte mossige plekken worden belucht. Tijdens het beluchten wordt het oppervlakte van de grond beschadigt, waardoor water beter afgevoerd kan worden. Zuurstof wordt ook beter opgenomen. 4 Belucht het gazon tijdens de volledige groeiperiode wanneer het nodig is. Motor uitschakelen K
1. Laat de remhendel los om te stoppen.
2. Verplaats de gashendel naar de ‘o’ positie.
6 Het snijmes draait nog een paar seconden na het uitschakelen van de motor. Verwijder de bougiedop als de machine onbeheerd achter gelaten wordt. Grasopvangzak legen
2. Til de klep op en verwijder de
4. Plaats de grasopvangzak terug.
voordat deze verpakt worden. Mogelijk zit er nog olie in de motor. De hoeveelheid olie die nog in de motor zit varieert.
1. Open de vuldop met peilstok.
2. Maak de peilstok schoon.
3. Plaats de peilstok in de motor.
4. Schroef de peilstok niet vast tijdens het
meten van het oliepeil.
5. Controleer hoeveel olie op de peilstok zit.
4 De olie moet tussen de bovenste en onderste limiet streepjes zitten.
6. Vul de olie bij als er geen olie aan de
7. Verwijder een deel van de olie als er olie
boven het bovenste limiet streepje zit.
8. Sluit de vuldop met peilstok.
Benzine bijvullen 4 De motor wordt geleverd zonder benzine. Tank 1 liter bij voor het starten van de motor.
2. Vul de benzine bij tot het benzine limiet in
de nek van de brandstoftank.
3. Vul de brandstoftank niet te vol.
4. Verwijder gemorste benzine voor het starten
Gebruik Motor starten J 6 Laat de motor volledig afkoelen.
1. Verplaats de motorhendel naar de ‘on’
2. Verplaats de carburatorhendel naar de ‘on’
positie als de motor koud is. 4 Houd de gashendel in de ‘o’ positie wanneer je de carburatorhendel naar de ‘on’ positie verplaatst.
3. Trek de remhendel naar de hoge hendel toe.
4. Pak de starterhendel met de rechterhand.14
Probleemoplossing Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Motor start niet. Gashendel niet in de correcte positie. Verplaats de gashendel naar de correcte positie. Geen brandstof meer. Vul de brandstof bij. Luchtfilterelement is vies. Maak het luchtfilterelement schoon. Bougie is los. Maak de bougie vast. Bougiekabel is los. Maak de bougiekabel vast aan de bougie. Bougie defect, vervuild of onjuist geplaatst. Vervang de bougie. Bougie nat van brandstof (verzopen motor). Droog en installeer de bougie opnieuw. Brandstolter verstopt, carburateur defect, ontsteking defect, kleppen vast etc. Breng de motor naar een gekwalificeerde servicedienst. Motor heeft geen vermogen. Snijhoogte is te diep. Verhoog de snijhoogte. Gras is te hoog. Maai het gras voor het verticuteren. Uitwerpkanaal is geblokkeerd. Verwijder de bougieconnector en verwijder de verstopping. Luchtfilterelement is verstopt. Maak het luchtfilterelement schoon. Slechte verticuteer- resultaten. Snijhoogte is te ondiep. Verlaag de snijhoogte. Beschadigde snijbladen. Laat de snijbladen vervangen. Grasopvangzak vult niet. Grasopvangzak is vol/verstopt. Stop met verticuteren. Leeg de grasopvangzak en maak schoon. Uitwerpkaneel is geblokkeerd. Verwijder de bougieconnector en verwijder de verstopping. Ongewone geluiden. Bouten, moeren en andere gemonteerde onderdelen hebben speling. Draai de onderdelen aan. Vibraties. Snijassemblage zit los. Draai het snijmes aan. Snijassemblage is ongebalanceerd. Balanceer het snijmes.NEDERLANDS15 Onderdelen smeren
- Smeer de kogellagers in elk wiel in minstens een keer per seizoen met olie. Verticuteerroller verwijderen en installeren L 6 Draag beschermende handschoenen tijdens het verwijderen en installeren.
1. Verwijder de bougie.
2. Verwijder de grasopvangzak.
3. Til de machine zodat de voorkant iets
4. Verwijder de vier schroeven van de
5. Til de roller omhoog en trek de roller naar
6. Plaats een nieuwe roller in het zeshoekige
gat en druk op de andere kant van de roller.
7. Maak de roller vast met de twee schroeven.
8. Installeer de afdekking met de vier
schroeven. Olie aftappen 4 Tap de gebruikte olie af terwijl de motor warm is. Warme olie tapt sneller en vollediger af.
1. Veeg het oppervlak rondom de olievuldop
2. Open de vuldop met peilstok.
3. Plaats een geschikte bak naast de machine
om de gebruikte olie op te vangen.
4. Kantel de machine naar rechts. De
gebruikte olie zal afgevoerd worden door de vulhals.
5. Laat de olie volledig afvoeren.
Luchtreiniger onderhouden M 6 Laat geen stof of aarde in het schuimfilter komen. 6 Maak het luchtfilter na elke 25 uur gebruik schoon. 6 Maak het schuimfilterelement regelmatig schoon als de machine in droge, stoge ruimtes gebruikt wordt. Transport en opslag Hou je bij het transporteren of opslaan van de machine aan de volgende voorschriften: 6 Indien de machine voor een maand of langer buiten gebruik wordt gesteld dient u het brandstofreservoir te legen en de olie te verversen. Dit voorkomt problemen bij het opnieuw opstarten. 6 Zorg dat de transporthendel in de transport positie zit. 6 Maak de machine goed schoon en sla de machine overdekt op een droge plaats op. 6 Sla de machine op in een vorstvrije ruimte. 6 Vet het snijmes lichtelijk in om roest te voorkomen. 6 Sla de machine nooit op met brandstof in de motor in een gebouw waar open vlammen of vonken voorkomen. 6 Draag beschermende handschoenen tijdens het transporteren. 6 Houd de motor, geluidsdemper, batterij en de brandstoftank vrij van gras, bladeren of overtollig vet. 6 Leeg de brandstoftank buiten. 6 Laat de motor minimaal 30 minuten afkoelen. 6 Houd de machine altijd rechtop om lekkage van brandstof te voorkomen. Onderhoud Reiniging en onderhoud 6 Laat de motor volledig afkoelen. 6 Gebruik geen hogedrukreiniger of tuinslang om de motor schoon te maken. Water kan de motor beschadigen en het brandstofsysteem beschadigen. 4 Reinig de buitenkant met een droge doek. 4 Reinig de onderkant van de machine met een tuinslang. Til de machine op, zodat de bougie omhoog staat.16 Milieu Verwerking Uw product, accessoires en verpakking moet worden gesorteerd voor milieuvriendelijke verwerking. Houd u aan de wetgeving voor verwijdering van gas, olie, etc. om het milieu te beschermen. Garantie Deze machine is fabrieksmatig geheel gecontroleerd. Er geldt een garantie van 24 maanden na aankoopdatum op materiaal- en productiefouten. De kassabon is tevens het garantiebewijs en dient bij aanspraak op garantie te worden overlegd. Bij eventuele problemen binnen de garantieperiode dient u zich tot uw aankoopadres te wenden. Garantiebepalingen Als de machine tijdens de garantieperiode gebreken vertoont als gevolg van materiaal- en/ of productiefouten, garanderen wij kosteloos herstel op voorwaarde dat:
- De machine op de juiste wijze is gebruikt voor het doel waarvoor het is gefabriceerd.
- De machine op deskundige wijze wordt gerepareerd door personen die door de leverancier zijn aangesteld.
- Het aankoopbewijs wordt overlegd. Oplaadbare batterijen, batterijladers en onderdelen die een normale slijtage vertonen, zijn door deze garantie niet gedekt. Indien zich binnen de garantieperiode een defect voordoet dat niet kan worden hersteld, vindt kosteloze vervanging van de machine plaats.
1. Verwijder de klep.
2. Blaas stof van het schuimfilterelement.
3. Druppel een beetje SAE30 olie op het
schuimfilterelement en knijp zacht om overbodige olie te verwijderen.
6 Vervang de filter als deze versleten, beschadigd is of niet schoongemaakt kan worden. Bougie vervangen 6 Gebruik alleen een originele bougie voor vervanging. Vervang de bougie na 100 uur gebruik voor het beste resultaat. Remschijven vervangen Gebruik alleen originele remschijven voor vervanging. Controleer de remschijven regelmatig en laat de remschijven regelmatig vervangen. Koppelingskabel en remkabel afstellen
SimpelGids