ARXP35M - Airconditioning DAIKIN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ARXP35M DAIKIN in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ARXP35M - DAIKIN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ARXP35M van het merk DAIKIN.
GEBRUIKSAANWIJZING ARXP35M DAIKIN
2.1.2 Om de toebehoren van de buitenunit uit te nemen..... 36
3.1 Installatieplaats voorbereiden.................................................... 36
3.1.1 Vereisten inzake de plaats waar de buitenunit
geïnstalleerd wordt...................................................... 36
3.1.2 Bijkomende vereisten inzake de installatieplaats van
3.2.1 Vereisten voor de koelmiddelleidingen ....................... 37
4.2.1 De installatiestructuur voorzien................................... 37
4.2.4 Ervoor zorgen dat de buitenunit niet kan omvallen..... 38
4.3 De koelmiddelleiding aansluiten................................................ 38
4.3.1 Over het aansluiten van de koelmiddelleidingen ........ 38
4.3.2 Voorzorgsmaatregelen bij het aansluiten van
koelmiddelleidingen .................................................... 39
4.3.3 Koelmiddelleiding op buitenunit aansluiten................. 39
4.5.1 Over het toevoegen van koelmiddel ........................... 39
4.5.2 Over het koelmiddel.................................................... 40
4.5.3 Bepalen hoeveel koelmiddel toegevoegd moet
worden ........................................................................ 40
4.5.4 De hoeveelheid bepalen om opnieuw volledig te
4.5.6 De label voor fluorhoudende broeikasgassen
4.6.1 Specificaties van de standaardcomponenten van de
4.7.1 De installatie van de buitenunit voltooien.................... 41
4.7.2 De buitenunit sluiten ................................................... 42
5 Inbedrijfstelling 42
5.1 Checklist voor de inbedrijfstelling .............................................. 42
5.2 Checklist tijdens inbedrijfstelling................................................ 42
6 Als afval verwijderen 42
6.1 Overzicht: Als afval verwijderen ................................................ 42
6.3.2 Gedwongen koelen starten/stoppen met de
1 Over de documentatie
1.1 Over dit document
INFORMATIE Controleer of de gebruiker de papieren documentatie heeft en vraag hem/haar deze bij te houden om deze later te kunnen raadplegen. Bedoeld publiek Erkende installateurs Documentatieset Dit document is een onderdeel van een documentatieset. De volledige set omvat:
- Algemene voorzorgsmaatregelen met betrekking tot de veiligheid:
- Veiligheidsinstructies te lezen vóór de installatie
- Formaat: Papier (in de doos van de buitenunit)
- Montagehandleiding buitenunit:
- Installatie-instructies
- Formaat: Papier (in de doos van de buitenunit)
- Uitgebreide handleiding voor de installateur:
- De installatie voorbereiden, referentiegegevens,…
- Formaat: Digitale bestanden op http://www.daikineurope.com/ support-and-manuals/product-information/ Laatste herzieningen van de meegeleverde documentatie kunnen op de regionale Daikin-website of via uw dealer beschikbaar zijn. De documentatie is oorspronkelijk in het Engels geschreven. Alle andere talen zijn vertalingen. Technische gegevens
- Een deel van de recentste technische gegevens is beschikbaar op de regionale Daikin-website (publiek toegankelijk).
- De volledige recentste technische gegevens zijn beschikbaar op het Daikin-extranet (authenticatie vereist).2 Over de doos Montagehandleiding (A)RXP20~35M5V1BR32 Split-reeks3P519299-5B – 2018.12 2 Over de doos
2.1.1 De buitenunit uitpakken
2.1.2 Om de toebehoren van de buitenunit uit te
nemen 1 Hef de buitenunit op.2 Verwijder de accessoires op de bodem van de verpakking. b ec d
1× 1× 1× 1× a Algemene voorzorgsmaatregelen met betrekking tot deveiligheidb Montagehandleiding buitenunitc Label gefluoreerde broeikasgassend Meertalig label gefluoreerde broeikasgassene Afvoerplug (op de bodem van de doos) 3 Voorbereiding
3.1 Installatieplaats voorbereiden
WAARSCHUWINGHet toestel wordt opgeslagen in een ruimte zonderontstekingsbronnen die voortdurend branden (bijvoorbeeld:open vuur, een draaiend gastoestel of een draaiendeelektrische verwarming).
3.1.1 Vereisten inzake de plaats waar de
buitenunit geïnstalleerd wordt Houd rekening met de volgende richtlijnen inzake de benodigde ruimte: ≤1200>150 >150>50>300 >300(mm)(mm)
a Luchtuitlaatb LuchtinlaatEr wordt geadviseerd een stootplaat te monteren wanneer deluchtuitlaat aan wind blootgesteld is.Installeer bij voorkeur de buitenunit met de luchtuitlaat naar de muurgericht en NIET rechtstreeks aan wind blootgesteld.
a Stootplaatb Belangrijkste windrichtingc Luchtuitlaat
3.1.2 Bijkomende vereisten inzake de
installatieplaats van de buitenunit in koude klimaten Bescherm de buitenunit tegen directe sneeuwval en zorg ervoor datde buitenunit NOOIT ingesneeuwd raakt.4 Installatie Montagehandleiding (A)RXP20~35M5V1BR32 Split-reeks3P519299-5B – 2018.12
a Afdakje tegen de sneeuwb Voetstukc Belangrijkste windrichtingd LuchtuitlaatVoorzie altijd minstens 300 mm vrije ruimte onder de unit. De unitmoet bovendien ook minstens 100 mm boven de maximaalverwachte sneeuwhoogte geplaatst zijn. Zie "4.2 De buitenunitmonteren"op pagina37 voor meer informatie.In streken met heftige sneeuwval is het belangrijk om eeninstallatieplaats te selecteren waar de sneeuw GEEN invloed heeftop de unit. Wanneer de sneeuw zijwaarts kan vallen, zorg ervoor datde spoel van de warmtewisselaar NIET door de sneeuw gehinderdkan worden. Indien nodig, monteer een afdakje tegen de sneeuw eneen voetstukje.Zie ook2 4.2 De buitenunit monteren [}37]
3.2.1 Vereisten voor de koelmiddelleidingen
- Materiaal leidingen: Met fosforzuur gedeoxideerd naadlooskoper.▪ Diameter leidingen:Vloeistofleiding Ø6,4mm (1/4")Gasleiding Ø9,5mm (3/8")▪ Hardingsgraad en dikte leidingen:Buitendiameter (Ø) Hardingsgraad Dikte (t) (a) 6,4mm (1/4") Gegloeid (O) ≥0,8mm
9,5mm (3/8") Gegloeid (O)(a) Afhankelijk van de toepasselijke wetgeving en de maximalebedrijfsdruk van de unit (zie "PS High" op het naamplaatjevan de unit), zijn mogelijk dikkere leidingen vereist.
3.2.2 Lengte koelmiddelleiding en
hoogteverschil Wat? AfstandMaximaal toegestane leidinglengte 15mMinimaal toegestane leidinglengte 1,5mMaximaal toegestaan hoogteverschil 12m
Als de temperatuur hoger is dan 30°C en de vochtigheid meer dan80% bedraagt, moet het isolatiemateriaal minstens 20 mm dikzijn om condensatie aan de oppervlakte van de isolatie tevoorkomen. 4 Installatie
4.2 De buitenunit monteren
4.2.1 De installatiestructuur voorzien
>300 Voorzie altijd minstens 300 mm vrije ruimte onder de unit. De unitmoet bovendien ook minstens 100 mm boven de maximaalverwachte sneeuwhoogte geplaatst zijn. Voorzie in dat geval besteen voetstuk.
4.2.2 De buitenunit installeren
4.2.3 Afvoer voorzien
OPMERKINGNeem de gepaste maatregelen om te voorkomen dat hetafgevoerde condensaat NIET kan bevriezen als de unit ineen koud klimaat is geïnstalleerd.INFORMATIEVoor meer informatie over de beschikbare opties, neemcontact op met uw verdeler.OPMERKINGVoorzie minstens 300mm vrije ruimte onder de unit. Zorg daarbij ervoor dat de unit minstens 100 mm boven de mogelijke hoogte van sneeuw staat.1 Gebruik een afvoerplug voor de afvoer.2 Gebruik een slang van Ø16mm (lokaal te voorzien).
a Afvoerpoortb Onderste framec Afvoerplugd Slang (lokaal te voorzien)
4.2.4 Ervoor zorgen dat de buitenunit niet kan
omvallen Voer de volgende stap uit als de unit wordt geïnstalleerd op eenplaats waar ze aan sterke winden is blootgesteld:1 Maak 2kabels klaar zoals getoond op de volgende afbeelding(ter plaatse te voorzien).2 Leg de 2kabels over de buitenunit.3 Stop een stuk rubber tussen de kabels en de buitenunit zodatde kabels de verf niet kunnen beschadigen (lokaal te voorzien).4 Maak de uiteinden van de kabels vast en draai ze vast.
4.3 De koelmiddelleiding aansluiten
GEVAAR: RISICO OM ZICH TE VERBRANDEN
4.3.1 Over het aansluiten van de
koelmiddelleidingen Alvorens de koelmiddelleidingen aan te sluitenControleer of de buitenunit en binnenunit gemonteerd zijn.Typische werkstroomDe koelmiddelleiding aansluiten betekent:▪ De koelmiddelleiding op de binnenunit aansluiten▪ De koelmiddelleiding op de buitenunit aansluiten▪ De koelmiddelleiding isoleren▪ Houd rekening met de richtlijnen voor:▪ Buigen van leidingen▪ Leidinguiteinden optrompen▪ Gebruik van de afsluiters4 Installatie Montagehandleiding
4.3.2 Voorzorgsmaatregelen bij het aansluiten
van koelmiddelleidingen
- Gebruik de flaremoer die op de hoofdunit is bevestigd.
- Om gaslekken te voorkomen, brengt u koelmachine- olie aan op alleen de binnenkant van de verbreding. Gebruik koelmachine-olie voor R32.
- Hergebruik GEEN verbindingen. WAARSCHUWING Sluit de koelmiddelleidingen goed aan voordat u de compressor inschakelt. Als de koelmiddelleidingen NIET zijn aangesloten en de afsluiter tijdens het afpompen openstaat, wordt lucht in het circuit gezogen wanneer de compressor wordt ingeschakeld. Dit veroorzaakt dan een abnormale druk in de koelcyclus, wat kan leiden tot schade aan de apparatuur en zelfs letsels.
4.3.3 Koelmiddelleiding op buitenunit
- Leidinglengte. Houd de lokale leidingen zo kort mogelijk.
- Bescherming leidingen. Bescherm de lokale leidingen tegen fysieke schade. 1 Sluit de koelvloeistofaansluiting van de binnenunit aan op de vloeistofafsluiter van de buitenunit.
a Vloeistofafsluiter b Gasafsluiter c Servicepoort 2 Sluit de gasaansluiting van de binnenunit aan op de gasafsluiter van de buitenunit. OPMERKING Er wordt geadviseerd de koelmiddelleidingen tussen de binnen- en de buitenunit in een buis te leggen of afwerkingstape rond deze leidingen te wikkelen.
OPMERKING Overtreft de maximale werkdruk van de unit NIET (zie “PS High” op het naamplaatje van de unit). OPMERKING Gebruik een aanbevolen bellentestoplossing van bij uw groothandelaar. Gebruik geen zeepwater want hierdoor kunnen de flaremoeren breken (zeepwater kan immers zout bevatten en zout absorbeert vocht dat kan bevriezen als de leidingen afkoelen), en bovendien kunnen de flareverbindingen erdoor gaan corroderen (want zeepwater kan ammonia bevatten dat zorgt voor een corrosief effect tussen de messing flaremoer en de koperen flare). 1 Vul het systeem met stikstofgas tot op een manometerdruk van minstens 200 kPa (2 bar). Het is aanbevolen de druk tot 3000kPa (30bar) te verhogen om kleine lekken te vinden. 2 Test op lekkages door de bubbeltestoplossing op alle verbindingen aan te brengen. 3 Verwijder alle stikstofgas.
1 Vacumeer het systeem tot de druk op het verdeelstuk −0,1MPa (−1bar) aangeeft. 2 Wacht 4-5minuten en controleer de druk: Indien de druk… Dan… Niet verandert Er zit geen vocht in het systeem. Deze procedure is voltooid. Stijgt Er zit vocht in het systeem. Ga verder met de volgende stap. 3 Vacumeer het systeem minstens 2 uur tot een meterdruk van −0,1kPa (–1bar). 4 Controleer na het uitschakelen van de pomp de druk gedurende minstens 1uur. 5 Indien u het beoogd vacuüm NIET kunt bereiken of het vacuüm NIET gedurende 1uur kunt bewaren, doe dan het volgende:
- Controleer opnieuw op lekken.
- Vacuümdroog opnieuw. OPMERKING Vergeet niet om na de installatie van de koelmiddelleiding en het vacuümdrogen de afsluiters te openen. Wanneer u het systeem probeert te gebruiken met gesloten afsluiters kan de compressor schade oplopen.
4.5 Koelmiddel bijvullen
4.5.1 Over het toevoegen van koelmiddel
De buitenunit is in de fabriek gevuld met koelmiddel, maar in sommige gevallen kan het volgende vereist zijn: Wat Wanneer Extra koelmiddel bijvullen Wanneer de totale lengte van de leiding de voorgeschreven lengte overschrijdt (zie later). Volledig opnieuw vullen met koelmiddel Voorbeeld:
- Wanneer het systeem wordt verplaatst.
- Na een lek. Extra koelmiddel bijvullen De externe koelmiddelleiding van de buitenunit moet worden gecontroleerd (lektest, vacuümdrogen) alvorens extra koelmiddel bij te vullen. INFORMATIE Afhankelijk van de units en/of de omstandigheden van de installatie, moet de elektrische bedrading aangesloten zijn alvorens u koelmiddel kunt bijvullen. Typische workflow – extra koelmiddel bijvullen bestaat doorgaans uit de volgende stappen: 1 Bepalen of en hoeveel extra koelmiddel moet worden bijgevuld. 2 Indien nodig, extra koelmiddel bijvullen. 3 Het label voor gefluoreerde broeikasgassen invullen en bevestigen op de binnenkant van de buitenunit.4 Installatie Montagehandleiding
R32 Split-reeks 3P519299-5B – 2018.12 Volledig opnieuw vullen met koelmiddel Controleer of de volgende voorwaarden zijn vervuld alvorens volledig opnieuw te vullen met koelmiddel: 1 Alle koelmiddel is uit het systeem verwijderd. 2 De externe koelmiddelleiding van de buitenunit is gecontroleerd (lektest, vacuümdrogen). 3 Vacuümdrogen is uitgevoerd op de interne koelmiddelleiding van de buitenunit. OPMERKING Vacuümdroog tevens de koelmiddelleidingen in de buitenunit vooraleer deze opnieuw te vullen. Typische workflow – volledig opnieuw vullen met koelmiddel bestaat doorgaans uit de volgende stappen: 1 Bij te vullen hoeveelheid koelmiddel bepalen. 2 Koelmiddel bijvullen. 3 Het label voor gefluoreerde broeikasgassen invullen en bevestigen op de binnenkant van de buitenunit.
4.5.2 Over het koelmiddel
Dit product bevat gefluoreerde broeikasgassen. Laat de gassen NIET vrij in de atmosfeer. Koelmiddeltype: R32 Waarde globaal opwarmingspotentieel (GWP): 675 OPMERKING In Europa worden de broeikasgasemissies van de totale koelmiddelvulling in het systeem (uitgedrukt in tonnen CO
equivalent) gebruikt om de onderhoudsintervallen te bepalen. Houd u aan de geldende wetgeving. Formule om broeikasgasemissies te berekenen: GWP- waarde koelmiddel × totale koelmiddelvulling [in kg] / 1000 Neem contact op met uw installateur voor meer informatie.
WAARSCHUWING: ONTVLAMBAAR MATERIAAL
Het koelmiddel in deze unit is weinig ontvlambaar. WAARSCHUWING Het toestel wordt opgeslagen in een ruimte zonder ontstekingsbronnen die voortdurend branden (bijvoorbeeld: open vuur, een draaiend gastoestel of een draaiende elektrische verwarming). WAARSCHUWING
- Doorboor of verbrand GEEN onderdelen van de koelmiddelcyclus.
- Gebruik GEEN andere schoonmaakmiddelen of manieren om het ontdooien te versnellen dan die aanbevolen door de fabrikant.
- Denk eraan dat het koelmiddel in het systeem geurloos is. WAARSCHUWING Het koelmiddel in de unit is weinig ontvlambaar, maar lekt normaal NIET. Als het koelmiddel in de kamer lekt en in contact komt met vuur van een brander, een verwarming of een fornuis, dan kan er brand ontstaan of kan een schadelijk gas worden gevormd. Schakel alle verwarmingstoestellen met verbranding uit, verlucht de kamer en neem contact op met de dealer waar u de unit hebt gekocht. Gebruik de unit NIET totdat iemand van de servicedienst heeft bevestigd dat het deel met het koelmiddellek gerepareerd is.
4.5.3 Bepalen hoeveel koelmiddel toegevoegd
moet worden Bij een totale leidinglengte van… Dan… ≤10m Vul GEEN extra koelmiddel bij. >10m R=(totale lengte (m) van vloeistofleiding–10m)×0,020 R=Hoeveelheid extra bijgevuld koelmiddel (kg) (afgerond in eenheden van 0,01kg) INFORMATIE De leidinglengte is de lengte van de leidingen gerekend volgens één richting.
4.5.4 De hoeveelheid bepalen om opnieuw
volledig te vullen INFORMATIE Indien het systeem opnieuw volledig gevuld moet worden, bedraagt de totale hoeveelheid koelmiddel hiervoor: de in de fabriek gevulde hoeveelheid koelmiddel (zie naamplaatje unit) + de aldus vastgestelde bijkomende hoeveelheid.
4.5.5 Extra koelmiddel bijvullen
- Gebruik uitsluitend R32 als koelmiddel. Andere stoffen kunnen ontploffingen en ongelukken veroorzaken.
- R32 bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het heeft een aardopwarmingsvermogen (GWP) van 675. Laat deze gassen NIET vrij in de atmosfeer.
- Gebruik bij het vullen van koelmiddel ALTIJD beschermende handschoenen en een veiligheidsbril. Voorwaarde: Controleer of de koelmiddelleiding is aangesloten en gecontroleerd (lektest en vacuümdrogen) alvorens koelmiddel bij te vullen. 1 Sluit de koelmiddelfles aan op de servicepoort. 2 Vul de nodige hoeveelheid koelmiddel bij. 3 Open de gasafsluiter.
4.5.6 De label voor fluorhoudende
broeikasgassen bevestigen 1 Vul de label als volgt in:4 Installatie Montagehandleiding
a Als bij de unit een meertalig label voor fluorhoudende broeikasgassen is geleverd (zie accessoires), neemt u de gewenste taal en kleeft u ze op a. b Koelmiddelvulling af fabriek: zie naamplaatje van de unit c Bijgevulde hoeveelheid koelmiddel d Totale hoeveelheid koelmiddel e Broeikasgasemissies van de totale koelmiddelvulling uitgedrukt in ton CO
-equivalent f GWP = Globaal opwarmingspotentieel OPMERKING In Europa worden de broeikasgasemissies van de totale koelmiddelvulling in het systeem (uitgedrukt in ton CO
equivalent) gebruikt om de onderhoudstermijnen te bepalen. Volg de toepasselijke wetgeving. Formule om de broeikasgasemissies te berekenen: GWP-waarde van het koelmiddel × Totale koelmiddelvulling [in kg] / 1000 2 Bevestig het label op de binnenkant van de buitenunit naast de gas- en vloeistofafsluiters.
- Al de bedrading MOET door een erkende elektricien uitgevoerd worden en MOET voldoen aan de geldende wetgeving.
- Maak elektrische verbindingen op de bevestigde bedrading.
- Alle op de site geleverde componenten en alle elektrische constructies MOETEN voldoen aan de geldende wetgeving. WAARSCHUWING Gebruik ALTIJD een meeraderige kabel als stroomtoevoerkabel. WAARSCHUWING Als het netsnoer beschadigd is, MOET de fabrikant, zijn vertegenwoordiger, zijn servicevertegenwoordiger of gelijkaardige bevoegde personen het snoer vervangen om een gevaarlijke situatie te voorkomen. WAARSCHUWING Sluit de elektrische voeding NIET aan op de binnenunit. Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken. WAARSCHUWING
- Gebruik GEEN lokaal aangekochte elektrische onderdelen binnenin het product.
- Tak de elektrische voeding niet af voor de afvoerpomp, etc. van het klemmenblok. Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken. WAARSCHUWING Houd de bedrading tussen de units uit de buurt van koperen leidingen die niet thermisch geïsoleerd zijn aangezien dergelijke leidingen heel warm worden.
4.6.1 Specificaties van de
standaardcomponenten van de bedrading Onderdeel Voedingskabel Spanning 220~240V Fase 1~ Frequentie 50Hz Draaddikten MOETEN voldoen aan de toepasselijke wetgeving Kabel tussen de units (binnen↔buiten) 4-aderige kabel ≥1,5 mm² en geschikt voor 220~240
Aanbevolen lokale zekering 16A Aardlekschakelaar MOETEN voldoen aan de toepasselijke wetgeving
4.6.2 De elektrische bekabeling op de
buitenunit aansluiten 1 Verwijder het servicedeksel. 2 Open de kabelklem. 3 Sluit de kabel tussen de units en de elektrische voeding als volgt aan: 50 Hz 220-240 V c d
a b e a Verbindingskabel b Voedingskabel c Onderbreker d Aardlekschakelaar e Elektrische voeding f Aarde 4 Draai de klemschroeven goed vast. Gebruik bij voorkeur een kruiskopschroevendraaier.
4.7 De installatie van de buitenunit
4.7.1 De installatie van de buitenunit voltooien
a Gasleiding b Isolatie gasleiding c Doorverbindingskabel d Vloeistofleiding e Isolatie vloeistofleiding f Afwerkkleefband 2 Plaats het servicedeksel terug.5 Inbedrijfstelling Montagehandleiding (A)RXP20~35M5V1BR32 Split-reeks3P519299-5B – 2018.12
4.7.2 De buitenunit sluiten
OPMERKING Wanneer u het deksel van de buitenunit sluit, let op dat u het aanhaalkoppel van 1,3N•m NIET overtreft.
5 Inbedrijfstelling OPMERKING Laat de unit NOOIT werken zonder de thermistoren en/of druksensoren/-schakelaars. De compressor zou anders vuur kunnen vatten.
5.1 Checklist voor de inbedrijfstelling
Controleer na de installatie van de unit eerst de volgende punten. De unit MOET worden gesloten nadat alle onderstaande controles zijn uitgevoerd; ALLEEN dan kunt u de unit opstarten. De binnenunit moet juist gemonteerd zijn. De buitenunit moet juist gemonteerd zijn. Het systeem is goed en op de juiste manier geaard en de aardingsklemmen zijn goed aangehaald. De voedingsspanning komt overeen met de spanning op het identificatieplaatje van de unit. Er zijn GEEN losse aansluitingen of verbindingen of beschadigde elektrische onderdelen in de schakelkast. Er zijn GEEN beschadigde onderdelen of buizen die tegen de binnenkant van de binnen- of buitenunit gedrukt worden. Er zijn GEEN koelmiddellekkages. De koelmiddelleidingen (gas en vloeistof) zijn thermisch geïsoleerd. De juiste buismaten werden geplaatst en de leidingen zijn goed en op de juiste manier geïsoleerd. De afsluiters (gas en vloeistof) op de buitenunit staan volledig open. De volgende ter plaatse te voorziene bedradingen werden gelegd conform dit document en de geldende wetgeving tussen de binnenunit en de buitenunit. Afvoer De afvoer moet vlot stromen. Mogelijk gevolg: Er kan condenswater naar beneden druppelen. De binnenunit ontvangt de signalen van de gebruikersinterface. De vermelde kabels worden gebruikt voor de doorverbindingskabel. De zekeringen, onderbrekers of lokaal geïnstalleerde beveiligingen zijn overeenkomstig dit document geïnstalleerd en zijn NIET overbrugd.
5.2 Checklist tijdens inbedrijfstelling
Ontluchten. Proefdraaien.
Voorwaarde: De gegevens van de voeding MOETEN binnen het opgegeven bereik vallen. Voorwaarde: Proefdraaien is mogelijk in de stand koelen of verwarmen. Voorwaarde: Proefdraaien moet worden uitgevoerd volgens de instructies in de gebruiksaanwijzing van de binnenunit om zeker te zijn dat alle functies en onderdelen goed werken. 1 In de koelstand, selecteer de laagst programmeerbare temperatuur. In de verwarmingsstand, selecteer de hoogst programmeerbare temperatuur. Indien nodig kan proefdraaien worden gedeactiveerd. 2 Stel de temperatuur op normaal niveau in wanneer het proefdraaien beëindigd is. In de koelstand: 26~28°C, in de verwarmingsstand: 20~24°C. 3 Het systeem stopt 3minuten na het uitschakelen van de unit. INFORMATIE
- De unit verbruikt ook nog stroom wanneer ze uitgeschakeld is.
- Wanneer de stroom wordt hersteld na een stroompanne, werkt de unit verder in de eerder geselecteerde stand.
5.4 De buitenunit starten
Zie de installatiehandleiding van de binnenunit voor meer informatie over de configuratie en inbedrijfstelling van het systeem. 6 Als afval verwijderen OPMERKING Probeer het systeem NIET zelf te ontmantelen: het ontmantelen van het systeem en het behandelen van het koelmiddel, van olie en van andere onderdelen MOETEN conform met de geldende wetgeving uitgevoerd worden. De units MOETEN voor hergebruik, recyclage en terugwinning bij een gespecialiseerd behandelingsbedrijf worden behandeld.
6.1 Overzicht: Als afval verwijderen
Typische werkstroom Het systeem als afval verwijderen bestaat doorgaans uit de volgende stappen: 1 Het systeem afpompen. 2 Het systeem naar een gespecialiseerd verwerkingsbedrijf brengen. INFORMATIE Zie de onderhouds- en reparatiehandleiding voor meer bijzonderheden.6 Als afval verwijderen Montagehandleiding
GEVAAR: ONTPLOFFINGSGEVAAR Afpompen – Koelmiddellekken. Als u het systeem wil afpompen en er zit een lek in het koelmiddelcircuit:
- Gebruik NIET de automatische afpompfunctie van de unit die al het koelmiddel uit het systeem naar de buitenunit kan sturen. Mogelijk gevolg: Zelfontbranding en explosie van de compressor door lucht die in de draaiende compressor terechtkomt.
- Gebruik een afzonderlijk aftapsysteem zodat de compressor van de unit NIET moet draaien. OPMERKING Om het koelmiddel te verwijderen (door leeg te pompen), stop de compressor vooraleer de koelmiddelleidingen te verwijderen. Indien de compressor nog steeds werkt en de afsluiter open staat tijdens het verwijderen van het koelmiddel, zal lucht in het systeem gezogen worden. Hierdoor zal de compressor beschadigd worden of kan het systeem schade oplopen als gevolg van de abnormale druk in de koelmiddelcyclus. Het afpompen pompt alle koelmiddel uit het systeem naar de buitenunit. 1 Verwijder het kleppendeksel van de vloeistofafsluiter en de gasafsluiter. 2 Voer gedwongen koelen uit. Zie "6.3 Een gedwongen koeling starten en stoppen"op pagina43. 3 Sluit de vloeistofafsluiter na 5 à 10 minuten (bij heel lage omgevingstemperaturen (<−10°C) na slechts 1 of 2 minuten) met een zeskantsleutel. 4 Controleer op het verdeelstuk of het vacuüm is bereikt. 5 Draai na 2 à 3minuten de gasafsluiter dicht en stop gedwongen koelen.
a Gasafsluiter b Sluitrichting c Zeskantsleutel d Kleppendeksel e Vloeistofafsluiter
6.3 Een gedwongen koeling starten en
stoppen Er zijn 2methodes voor gedwongen koelen:
- Methode 1. Met de ON/OFF-schakelaar van de binnenunit (indien voorzien op de binnenunit).
- Methode 2. Met de gebruikersinterface van de binnenunit.
6.3.1 Gedwongen koelen starten/stoppen met
de AAN/UIT-schakelaar van de binnenunit 1 Houd de ON/OFF-schakelaar minstens 5 seconden lang ingedrukt. Gevolg: Het toestel begint te werken. INFORMATIE Gedwongen koelen stopt automatisch na 15minuten. 2 Druk op de ON/OFF-schakelaar om eerder te stoppen.
6.3.2 Gedwongen koelen starten/stoppen met
de gebruikersinterface van de binnenunit 1 Stel de bedrijfsstand in op koelen. Voor de procedure, zie "Proefdraaien" in de montagehandleiding van de binnenunit.7 Technische gegevens Montagehandleiding (A)RXP20~35M5V1BR32 Split-reeks3P519299-5B – 2018.12 7 Technische gegevens Een subset van de meest recente technische gegevens is beschikbaar op de regionale website van Daikin (publiek toegankelijk). De volledige set meest recente technische gegevens is beschikbaar op de Daikin Business Portal (authenticatie vereist).
INDOOR OUTDOOR Voor gebruikte onderdelen en nummering, zie het bedradingsschema op de unit. De onderdelen zijn genummerd met Arabische cijfers in oplopende volgorde en wordt in het overzicht hieronder aangegeven door het symbool “*” in de onderdeelcode. Legende eengemaakt bedradingsschema : ONDERBREKER : AANSLUITING : CONNECTOR : AARDING : LOKALE BEDRADING : ZEKERING : BINNENUNIT : BUITENUNIT : VEILIGHEIDSAARDING : VEILIGHEIDSAARDING (SCHROEF) : GELIJKRICHTER : RELAISCONNECTOR : KORTSLUITCONNECTOR : KLEM : KLEMMENSTROOK : DRAADKLEM WHT : WIT YLW : GEEL PNK : ROZE
Notice-Facile