PA924 - Ontvanger Monacor - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PA924 Monacor in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over PA924 Monacor
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ontvanger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PA924 - Monacor en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PA924 van het merk Monacor.
GEBRUIKSAANWIJZING PA924 Monacor
Deze handleiding is bedoeld voor de instal-. lateur van het apparaat die de nodige vakkennis heeft met betrekking tot de 100 V- (of 70 / 50 V-)geluidstechniek. Voor de bedie- ning (vhoofdstuk 5) daarentegen is er geen technische vakkennis vereist.
Lees de handleiding grondig door, alvorens het apparaat in gebruik te nemen, enbewaar ze voor latere raadpleging. Op deuitklapbare pagina 3 vindt u een overzicht van alle bedieningselementen en de aanslui-tingen.
1 Overzicht
De afbeeldingen 1 en 2 tonen het model PA-924. De bedieningselementen en aansluitingen van het model PA-948 zijn identiek.
1.1 Frontpaneel
1 Montageprofiel (2×) voor inbouw in een rack
2 Toetsen LINE, TUNER, CD en TAPE, om de respectieve ingang (23) voor het AUXkanaal te selecteren; als aanduiding van de selectie, brandt de led boven de betreffende toets
3 Aanduiding uittgangsnavoue
4 POWER-led ON
5 Mengregelaars om het geluidsvolume voor de kanalen 1 tot 4 in te stellen
6 Mengregelaar voor het instellen van het volume voor het AUX-kanaal
7 Klankregelaar voor de hoge tonen (TREBLE) en de lage tonen (BASS)
8 Regelaar MASTER voor het totale geluids-volume
9 POWER-schakelaar
Aanwijzing: Als eenoodstroomeenheid een gelijsk spanning van 24V maar de aansluiting DC INPUT (10) stuart, kurz u de versterker nicht uitschakelen.
1.2 Achterzijde
10 Schroefklemmen DC INPUT om aan te sluiten op eenoodvoeding (= 24V)
11 Keuzeschakelaar CHIME voor het gong-type: "2T" = gongsignaal met 2 tonen, "4T" = gongsignaal met 4 tonen
12 DIP-schakelaars 1 tot 4 voor de kanalen 1 tot 4: om een kanaal voorrang te geven ten opzichte van het AUX-kanaal plantaatst u de betreffende schakelaar op "ON".
13 Regelaar CHIME om het geluidsvolume van het gongsignal in te stellen
14 Uitgang MIX OUT (XLR, gebalanceerd) voor het mengsinaal; het uitgangs-niveau is onafhankelijk van de regelaar MASTER (8)
15 Schroefklemmen SPEAKER OUTPUT (afneembaar) voor het aansluiten van de luidsprekers: Hoofdstuk 4.2.1 en afbeeldenen op pagina 3
16 Schroefklemmen CHIME REMOTE om een drukknop voor gongactivering aan te sluiten
17 POWER-jack voor het aansluiten op een stopcontact (230V / 50Hz) met behulp van het bijgeleverde netsnoer
18 Houser voor de netzekering Vervang een gesmolten zekering uitsluitend door een zekering van hetzelfdete type!
19 LED +48 V, telkens voor de kanalen 1 tot 4: brandt als de fantoomvoeding voor het kanaal is ingeschakeld
20 Schakelaar PH.PWR, telkens voor de kanalen 1 tot 4, om de fantoomvoeding van 48V in te schakelen Neem de aanwijzingen in hoofdstuk 4.2.2 in acht.
21 Ingang (XLR, gebalanceerd), telkens voor de kanalen 1 tot 4, voor het aansluien van een microloon of een monogeluidsbron met lijnsignaalniveau
22 GAIN-regelaar, telkens voor de kanalen 1 tot 4, voor het aanpassen van de ingangsgevoeligheid op de aangesloten geluidsbron
23 Ingangen LINE, TUNER, CD en TAPE (Cinch) voor het aansluiten van stereogeluidsbronnen met Iijnsignaalniveau
24 Uitgang REC (Cinch) voor het aansluiten van een stereo-opnameapparaat; het uitgangsiveau is onafhankelijk van de regelaar MASTER (8)
25 Uitgang PRE OUT en ingang AMP IN (Cinch) voor het aansluiten van een apparaat om de klank te bewerken Hoofdstuk 4.2.6
Opmerking: Als PRE OUT en AMP IN Niet voor het aansluien van een apparaat worden gebruikt, moeten ze zoals in afb. 2, via de jumper met elkair verbonden zijn. Anders worden de signalastroom onderbroken.
2 Veiligheidsvoorschriften
Het apparatus is in overeenstemming met alle relevante EU-Richtlijnen en is waarom gekenmerkt met de -markering.
WAARSCHUWING

De netspanning van het apparaat is levensgevaarlijk. Open het apparaat Niet, en zorg dat u niets in de ventilatieopeningen steekt! U loopt het risico van een elektrische schok.
- Het apparaat is enkel geschikt voor gebruik binnenshuis. Vermijd druip- en spatwater enplaatsen met een hove vochtigheid. Het toegestane omgevingstemperatuurbereik bedraagt 0 - 40^
- Plaats geen bekers met vloeistof zoals drinkglazen etc. op het apparatus.
- De warmte die in het apparaat ontstaat,要去 door ventilatie worden afgevoerd. Dek waarom de ventilatieopengingen van de behuizing Niet af.
Koppel het apparaat onmiddelijk van devoeding, wonneer:
- het apparaat of het netsnoer zichtaar beschadigd is,
- er een defect zou konnen optreden nadat het apparaat bijvoorbeeld geval- len is,
-
het apparaat slecht functioneert.
Het apparaat moet in elk geval worden hersteld door een gekwalificeerd vakman. -
Trek de stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact, maar aan de stekker zich.
- Verwijder het stof enkel met een droge doek. Gebruik zeker geen chemicalien of water.
In geval van ongeoorloofd of verkeerd gebruik, verkeerde aansluiting, foutieve bediening of van herstelling door een Niet-gekwalificeerd person vervalt de garantie en de verantwoordelijkheid voor hieruit resulterende materièle of lichamelijke schade.
Wanner het apparaat definitiefuit bedrijf worden genomen, bezorg het dan voor milieuvriendelijkke verwerking aan een plaatselijk recyclagebedrijf.
3 Toepassingen
Deze ELA-monoversterker met vijf mengbare ingangskanalen is speciala ontworpen voor het gebruik met 100 V- (of 70 / 50 V-) luidsprekers. Het is evenwel ook möglich om in deplaats hiervan laagohmige luidsprekers te gebruiken.
De versterker beschikt over:
- vier XLR-ingangen voor de kanalen 1 tot 4 met instelbare gevoeligheid (lijniveau tot microfoonniveau); fantoomvoeding (+48 V) voor elk kanaal individuel inschakelbaar
- vier cinch-ingangen, waarvan er een voor het kanaal AUX worden geselecteerd
DIP-schakelaars om de kanalen 1 tot 4 voor rang ten opzichte van het AUX-kanaal te gezven - een XLR- en een cinch-uitgang voor het mengsinaal
- cinch-jacks om een apparaat voor het bewerken van de klank in te schakelen
- een aansluiting voor een drukknop om een gongsignaal van 2 of 4 tonen te activeren
- een aansluiting voor een noodvoedig (= 24V)
- veiligheidsschakelingen gegen overbelasting, kortsluiting en oververhitting
4 Installatie
De installmente mag uitsluitend door een gekwalificeerdevakman wordenuitgevoerd!
4.1 Opstelling
De versterker kan vrij worden opgesteld of in een rack voor apparatuur met een bredte van 482mm worden ingebouwd. In elk geval moet de lustd door alle ventilatieoppeningen konnen stromen, om voldoende ventilatie van de versterker te verzekeren.
4.1.1 De montage in een rack
Schroef de twee meegeleverde montageprofielen (1) op de apparaatzijden vast. Voor de montage in een rack zichn 2 rackenheden (voor model PA-924) of 3 rackenheden (voor model PA-948) nodig. Om te voorkomen dat het rack topzwaar worden, dient de versterker in het onderste gedeelte van het rack gemonteerd te worden. De montageprofielen alleen zichn Niet voldoende voor een veilige bevestiging. Het apparaat要去 links en rechts ook door rails of onderaan door een bodemplaat ondersteund worden.
De lucht die door versterker worden afgegeben, moet UIT het rack kuren worden afgevoerd. Anders hoopt de warmte zich op in het rack, waardoor Niet enkel de versterker maar ook andere apparaten in het rack kuren worden beschadigd. Bij een onvoldoende warmteafvoer moet u in het rack een ventilator plaatsen.
4.2 Aansluitingen en instellengen
WAARSCHUWING

Tijdens het gebruik staandeluidsprekerklemmen(15) onder een levengevaarlijke spanning tot 100V .Alle aansluitingenmogen pas worden aangesloten,als de geluidsinstallatie is uitgeschakeld!
4.2.1 Luidsprekers
U kunt ofwel 100 V-luidsprekers (of 70 V- of 50V-luidsprekers) of laagohmige liquidsprekers aansluten. De liquidsprekertypes mogen nicht gemengd worden aangesloten.
Gebruik afhankelijk van het luidsprekertypee de overeenkomstige klemmen SPEAKER OUTPUT (15):
- 100 V-luidsprekers op "100V" en "COM" aansluien: Afb. 3
(70 V-luidsprekers op "70V" en "COM", 50 V-luidsprekers op "50V" en "COM": Afb. 4 of 5)
De versterker mag met max. 240 W RMS (PA-924) of max. 480 W RMS (PA-948) door de luidsprekers worden belast.
- Sluit laoghmige luidsprekers op "4 Ω" en "COM" aan. De totale impedantie van de luidsprekers要去 ten minste 4 Ω bedragen. De afbeeldingen 6 tot 9 tonen verschillende manieren om de minimale impedantie van 4 Ω te realiseren. Er zijn nog darüber andere möglichkheden.
Let bij de aansluiting op de correcte polariteit.
De klem COM is de negatieve pool.
Om makkelijker te werken,kest u de klemmenstrook uit zich stekkerverbinding trekken.
4.2.2 Geluidsbronnen voor de kanalen 1-4
Elk kanaal 1 tot 4 beschikt over een XLR-bus (21) voor het aansluiten van een microloon of een monogeluidsbron met lijnsignaalniveau (bv. mono-uitgang van een mengpaneel). De bus is gebalanceerd bedraad, maar kan via een geschikte adapter ook asymmetrisch worden aangesloten, bv. via de audiokabel MCA-158 (Cinch XLR) van MONACOR.
Pas met de regelaar GAIN (22) van het kaaal de ingangsgevoeligheid aan het uitgangsiveau van de geluidsbron aan: bij aansluiting van een microfoon draait uaar rechts open, bij aansluiting van een apparaat met lijnniveau draait uaar links terug. Corrigeer eventueel de regelaarpositie na de ingebruikname: als de mengregelaar (5) van het kaaal voor het instellen van het gewenste volume erg ver moet worden teruggedraaid (geluid te luid of vervormd) of opengedraaid (geluid te stil), draait u de regelaar GAIN overeenkomstig terug of open.
Fantoomvoeding
Om voor een kanaal de fantoomvoeding van 48V in te schakelen (bv. bij aansluiting van een condensatormicroloon), stelt u de bijbehorende schakelaar PH.PWR (20) in op "ON". Bij ingeschakelde fantoomvoeding brandt de led +48V (19).
LET OPI!
- Bedien de schakelaar alleen bijuitgeschakelde versterker (schakelplopen).
- Schakel de fantoomvoeding alleen in, wanner een geluidsbron met fantoomvoeding is aangesloten. Geluidsbronnen die Niet geschikt+zijn voor fantoomvoed ingbiv. microfoon met ongebalancererde uitgang),kunnen erdoor worden beschadigd.
4.2.3 Geluidsbronnen voor het AUX-kanaal
Er zijn vier ingangen (23) beschikkaar voor de aansluiting van stereogeluidsbronnen met lijnsignaalniveau (bv. tuner, cd /mp3-speler, pc). Met de overeenkomstige toets (2) op de voorzijde worden tijdens het gebruik een van de ingangen voor het AUX-kanaal geseleeteerd.
Sluit de apparaten telkens aan op een paar cinch-jacks L/R. In de versterker worden de signalen van de beiden stereokanalen tot een monosignaal gemengd.
4.2.4 Voorrangschakeling
Met de DIP-schakelaars 1 tot 4 (12) kurz u elk individueleel kanaal 1 tot 4 voorrang geven ten opzichte van het AUX-kanaal (schakelaarstand "ON"). Het volume van het AUX-kanaal wordt sterk gedempt, als op een Voorangs-kanaal een signaal (bv. een aankondiging via een microfoon) aanwezig is.
4.2.5 Drukknop voor gongactivering
Via een aangesloten drukknop kan de gong worden geactiveerd. Sluit de drukknop aan op de klemmen CHIME REMOTE (16).
Gong instellen
Na de ingebruikname met de schakelaar CHIME (11) stelt u het gongtype in ("2T" = gongsignaal met 2 tonen, "4T" = gongsignaal met 4 tonen) en met de regelaar CHIME VOLUME (13) het volume van het gonsignaal.
4.2.6 Apparaat voor de klankbewerking
Via de cinch-jacks PRE OUT en AMP IN (25) kunt u een toestel om klank te bewerken (bv. equalizer, effectenapparaat) aansluien: Het mensignaal worden via PRE OUT uitgevoerd, door het apparaat voor klankbewerking geleid en via AMP IN maar de versterker gestuurd.
1) Verwijder de jumper die de jacks PRE OUT en AMP IN verbindt.
2) Sluit de ingang van het aan te sluiten apparaat aan op de uitgang PRE OUT.
3) Sluit de uitgang van het aan te sluiten apparaat aan op de ingang AMP IN.
Aanwijzing: Bij verwijderen van het aangesloten apparaat mag u Niet vergeten om PRE OUT en AMP IN via de jumper met elkaar te verbinden. Anders worden de signalstroom onderbroken.
4.2.7 Extra versterker en opnameapparaat
De XLR-uitgang MIX OUT (14) kan voor het aansluiten van een extra versterker (of een ander nageschakeld audioapparaat) worden gebruikt. Verbind de uitgang met een gebalanceerd bedrade lijniveau-ingang.
Voor het aansluiten van een geluidsopnameapparaat is de uitgang REC (24) geschikt. Voor het aansluiten van een stereoapparaat zijn twee jacks L/R beschikbaar. Omdat deversterker monostabel werkt,+zijn de signalen op beiden bussen identiek.
Het uitgangssignaal van MIX OUT en REC wordt Niet beinvloed door de instelling van de regelaar MASTER (8).
4.2.8 Netvoeding en noodvoeding
1) Als de versteker in geval van een stroomonderbreking moet blijven werken, verbindt u de schroefklemmen DC INPUT (10) met eenoodvoeding (= 24V) ,bv.met dedoodvoeding PA-24ESP van MONACOR.
Aanwijzingen:
- Als er = 24V aanwezig is op de klemmen DC INPUT, dan is de versterker ook in gebruik, als de in-/uitschakelaar POWER (9) op "Uit" staat. Als de nooodvoeding samen met de netvoeding is aangesloten, kut u door bediening van de in-/uitschakelaar omschakelenussen mood- en netstroom.
- Bijoodvoedingbedrijf geeft de versterker eenkleiner vermogen af dan bij netvoedingbedrijf.
2) Ten slotte verbindt u het meegeleverde netsnnoer erst met de jack (17) en plugt u de stekker ervan in een stopcontact (230V / 50Hz)
5 Bediening
Om schakelploppen te vermijden, schakelt u de aangesloten geluidsbronnen voor de versterker PA-924/-948 in. Als op de PA-924/-948 een nageschakelde versterker is aangesloten, schakelt u deze als laatste in. Na gebruik schakelt u de apparaten in de omgeekerde volgorde uit.
1) Draai de regelaar MASTER (8) voor het totale geluidsvolume volledig maar links, voordat u het apparaat de eerste koer inschakelt. Zo vermijdt u een te hoog geluidsvolume.
2) Schakel de versterker in met de schakelaar POWER (9) (I = "Aan O = "Uit" .Bij ingeschakeld apparaat brandt de POWER-led ON (4).
Opmerking: Als de versterker bij het uitvallen van de netvoeding via een noodvoeding worden gebruikt, is de in-/uitschakelaar zonder werkinq
3) Draai de regelaar MASTER (6) zo ver open tot de volgende instellenen goed via de luidsprekers te horen zich.
4) Selecteer de geluidsbron voor het AUX-kanaal: druk op de toets (2) die overeenstent met de ingang waarop de geluidsbron is aangesloten (bv. toets CD voor de geluidsbron op de ingang CD); de led boven de toetslicht op.
5) Stel met de mengregelaars CHANNEL 1 tot CHANNEL 4 (5) en AUX (6) voor elk kanaal het gewenste geluidsvolume in. Draai de regelaars van de Niet gebruekte kanalen volledig maar links.
Als er een drukknop voor activering van het gongsignaal is aangesloten, drukt u hierop indien nodig (bv. voor een aankondiging).
Aanwijzing: Het volume van het AUX-kanaal wordt sterk gedempt:
- voor de duur van het gongsignaal
- als er op een prioritair kanaal een signaal aanwezig is (bv. een aankondiging)
6) Stel met de regelaar MASTER het gewenste volume voor de geluidsinstallatie in. Het uitgangsiveau worden aangegeven door de ledketting (3). Als de rode led CLIP brandt, draait u de MASTER-regelaar en /of de betreffende kanaalmengregelaars overeenkomstig terug.
OPGELET
Stel het volume nooit te hoog in. Langdurige blootstelling aan hoge volumes kan het gehoor beschadenig!
Het gezoor raakt aangepast aan hoge volumes die na eenijdje Nieteer zo hoog lijken.Verhoog waarom het volume Niet nogmeer,nadat u er gewoon aan bent geraakt.
7) Stel de klank in met de regelaars TREBLE en BASS (7). Corrigeer eventueel aansluitend de volumeregeling.
Gevoeligheid: 2,5-100 mV
Aansluiting: XLR (gebalanceerd)
Fantoomvoeding: 48 V, voor elk kanaal individuel schakelbaar
Ingangen AUX
Gevoeligheid: 350mV
Aansluiting: . CinchLinks/Rechts
Ingang AMP IN
Gevoeligkeit: 1 V
Aansluiting: . Cinch
Frequentiebereik: 50-16000Hz, ±3dB
Equalizer
Lage tonen: ±10dB/100 Hz
Hoge tonen: ± 10dB / 10kHz
Signaal/Ruis-verhouding: < 75 dB
Stroomvoorziening
Netspanning: 230V/50Hz
Vermogensopname:
PA-924: 640 VA
PA-948: 1090 VA
Noodvoeding
PA-924: 24V/18A
PA-948: 24V/27A
Omgevingstemperatuur:0-40°C
- 430mm zonder montageprofielen
Wijzigingen voorbehonden.