DOLMAR ES2141TLC - Zaag

ES2141TLC - Zaag DOLMAR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis ES2141TLC DOLMAR in PDF-formaat.

📄 128 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice DOLMAR ES2141TLC - page 55
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over ES2141TLC DOLMAR

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ES2141TLC - DOLMAR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ES2141TLC van het merk DOLMAR.

GEBRUIKSAANWIJZING ES2141TLC DOLMAR

NL Elektrische kettingzaag Gebruiksaanwijzing

NEDERLANDS (Originele instructies)
Verklaring van het onderdelenoverzicht

1. Kettingrem vastgezet18. Schede34. Vergrendelen
2. Kettingrem losgezet19. Snoerhaak35. Ontgrendelen
3. Achterhandgreep20. Stelschroef voor oliepomp (op de onderkant)36. Werkgebied bij omzagen
4. Aan-uitschakelaar37. Valrichting
5. Voorhandgreep21. Kettingwiel38. Gevarenzone
6. Beschermkap van voorhandgreep22. Opening39. Vluchtroute
7. Zaagblad23. Haak40. Lengte van zaagblad
8. Zaagketting24. Pen41. Afstand tussen punt van mes en dieptevoeler
9. Hendel25. Stelschroef
10. Stelschroef/-knop26. Stelknop42. Minimaal 3 mm
11. Afdekking van kettingwiel27. Losdraaien43. Hoek van zijplaat
12. Beschermkap van achterhandgreep28. Vastdraaien44. Olietoevoergroef
29. Stelschroef voor zaagketting45. Olietoevoergat
13. Getande kam30. Netsnoer van gereedschap46. Slijtgrensmarkering
14. Oliepeilglas31. Verlengsnoer47. Koolborsteldop
15. Olievuldop32. Stekker en stopcontact (de vorm kan van land tot land verschillen)48. Schroevendraaier
16. Uit-vergrendelknop
17. Kettingvanger33. Draagriem

TECHNISCHE GEGEVENS

ModelES-154ES-154 TLCES-164ES-164 TLCES-174ES-174 TLCES-184ES-184 TLC
ES-2131ES-2131 TLCES-2136ES-2136 TLCES-2141ES-2141 TLCES-2146ES-2146 TLC
Max. kettingsnelheid 14,5 m/s (870 m/min)
StandaardzaagbladLengte van zaagblad300 mm 350 mmmm 400 mm 450 mm
Zaaglengte260 mm 320 mm 355 mm 415 mm
Type zaagbladKettingwielzaagblad
StandaardzaagkettingType 492(91PX)
Steek 3/8"
Aantal schakels46525662
Aanbevolen zaagbladlengte300 - 450 mm
Totale lengte (zonder zaagblad)505 mm
Nettogewicht*14,7 kg
*25,4 - 5,7 kg
Verlengsnoer (los verkrijgbaar)DIN 57282/H07RN-F L = 30 m max., 3 x 1,5 mm2
  • Als gevolg van ons doorlopende onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma, zijn de technische gegevens van dit gereedschap onderhevig aan veranderingen zonder voorafgaande kennisgeving.
  • De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.
    *1 Het gewicht is exclusief de zaagketting, het zaagblad, de zaagbladschede en olie.
    *2 De lichtste en zwaarste combinatie in gewicht volgens de EPTA-procedure 01/2014. Het gewicht kan verschillen afhankelijk van het/de hulpstuk(ken).

Symbool

END218-8

Hieronder staan de symbolen die voor het gereedschap kunnen worden gebruikt. Zorg ervoor dat u de betekenis ervan kent voordat u het gereedschap gaat gebruiken.

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 1

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 2

..... Lees de gebruiksaanwijzing en volg de waarschuwingen en veiligheidsinstructies op.

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 3

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 4

..... Draag oogbescherming.

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 5

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 6

...... Draag gehoorbescherming.

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 7

DUBBEL GEÏSOLEERD

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 8

...... Let op: bijzondere voorzichtigheid en aandacht vereist!

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 9

...... Let op: trek de stekker onmiddellijk uit het stopcontact als het netsnoer beschadigd is!

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 10

text_image ...... Let op: terugslag! ...... Bescherm tegen regen en vocht! ...... Draag een veiligheidshelm, veiligheidsbril en oorbescherming! ...... Draag veiligheidshandschoenen! ...... Trek de stekker uit het stopcontact! ...... EHBO

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 11

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 12

text_image Gebruik altijd twee handen om de kettingzaag te bedienen. Wees bedacht op terugslag van de kettingzaag en vermijd zagen met de punt van het zaagblad.

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 13

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 14

text_image ...... Kettingolie ...... Kettingrem losgezet ...... Kettingrem vastgezet ...... Verboden!

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 15

Alleen voor EU-landen

Als gevolg van de aanwezigheid van schadelijke componenten in het apparaat, kunnen gebruikte elektrische en elektronische apparaten negatieve gevolgen hebben voor het milieu en de gezondheid van mensen.

Gooi elektrische en elektronische apparaten niet met het huisvuil weg! In overeenstemming met de Europese richtlijn inzake oude elektrische en elektronische apparaten en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dienen gebruikte elektrische en elektronische apparaten gescheiden te worden ingezameld en te worden ingeleverd bij een apart inzamelingspunt voor huishoudelijk afval dat de milieubeschermingsvoorschriften in acht neemt.

Dit wordt op het apparaat aangegeven door het symbool van een doorgekruiste afvalcontainer.

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 16

Gegarandeerd geluidsvermogenniveau conform EU-richtlijn inzake geluidsemissie buitenhuis.

DOLMAR ES2141TLC - Symbool - 17

Geluidsvermogenniveau conform de Regelgeving Geluidsregeling van NSW, Australië

Gebruiksdoeleinden ENE085-1

Het gereedschap is bedoeld om stammen te zagen.

Voeding ENF002-2 Het gereedschap mag uitsluitend worden aangesloten op een voeding met dezelfde spanning als aangegeven op het typeplaatje en werkt alleen op enkele-fase wisselstroom. Het gereedschap is dubbel geïsoleerd en mag derhalve ook op een niet-geaard stopcontact worden aangesloten.

Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap GEA010-2

⚠ WAARSCHUWING: Lees alle veiligheidswaarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en technische gegevens behorend bij dit elektrische gereedschap aandachtig door. Als u niet alle onderstaande aanwijzingen naleeft, kan dat resulteren in brand, elektrische schokken en/of ernstig letsel.

Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen.

De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoorschriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos).

Veiligheidswaarschuwingen specifiek voor kettingzagen GEB037-9

  1. Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting terwijl de kettingzaag in bedrijf is. Alvorens de kettingzaag te starten, controleert u dat de zaagketting niet raakt. In slechts een kort moment van onoplettendheid tijdens het gebruik van de kettingzaag kan uw kleding of lichaam in aanraking komen met de zaagketting.

  2. Houd de kettingzaag altijd vast met uw rechterhand aan de achterhandgreep en uw linkerhand aan de voorhandgreep. Houd de kettingzaag nooit vast met uw handen verwisseld, omdat dan de kans op persoonlijk letsel groter is.

  3. Houd de kettingzaag alleen vast aan de geïsoleerde vlakken omdat de zaagketting met verborgen bedrading of zijn eigen snoer in aanraking kan komen. Wanneer de zaagketting in aanraking komt met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde metalen delen van de kettingzaag onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.

  4. Draag oogbescherming. Verdere beschermingsmiddelen voor oren, hoofd, handen, benen en voeten worden aanbevolen. Afdoende beschermingsmiddelen verkleinen de kans op persoonlijk letsel als gevolg van rondvliegend afval of onbedoelde aanraking van de zaagketting.

  5. Bedien de kettingzaag niet in een boom, op een ladder, op het dak of enige instabiele ondergrond. Als de kettingzaag op deze manier wordt bediend, kan dat leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

  6. Zorg altijd voor een stevige stand en bedien de kettingzaag alleen terwijl u op een vaste, stabiele en horizontale ondergrond staat. Op een gladde of instabiele ondergrond kunt u uw evenwicht of de controle over de kettingzaag verliezen.
  7. Bij het afzagen van een tak die onder spanning staat, let u goed op eventuele terugslag. Wanneer de spanning in de houtvezels vrij komt, kan de onder spanning staande tak de gebruiker een terugslag geven en/of de controle over de kettingzaag doen verliezen.
  8. Wees uiterst voorzichtig bij het zagen van struiken en jonge boompjes. Het dunne materiaal kan zich vasthaken aan de zaagketting en naar u toe geslingerd worden of u uit balans brengen.
  9. Draag de kettingzaag aan de voorhandgreep terwijl deze uitgeschakeld is en van uw lichaam af gekeerd is. Bij het transporteren of opbergen van de kettingzaag moet altijd de zaagbladschede om het zaagblad worden gedaan. Een juiste behandeling van de kettingzaag verkleint de kans op het per ongeluk aanraken van de bewegende zaagketting.
  10. Volg de instructies voor het smeren, ketting spannen en verwisselen van het zaagblad en de zaagketting. Een verkeerd gespannen of gesmeerde zaagketting kan breken of de kans op terugslag verhogen.
  11. Zaag uitsluitend hout. Gebruik de kettingzaag niet voor doeleinden waarvoor deze niet bedoeld is. Bijvoorbeeld: gebruik de kettingzaag niet om kunststof, steen of bouwmaterialen anders dan hout te zagen. Het gebruik van de kettingzaag voor andere werkzaamheden dan waarvoor deze bedoeld is, kan leiden tot gevaarlijke situaties.
  12. Probeer niet een boom te vellen voordat u een goed begrip hebt van de risico's en hoe u deze kunt vermijden. Bij het vellen van een boom kan ernstig letsel worden toegebracht aan de operator en/of omstanders.
  13. Oorzaken van terugslag en wat de gebruiker hieraan kan doen:

Terugslag kan zich voordoen wanneer de neus of punt van het zaagblad een voorwerp raakt of wanneer het hout zich sluit en de zaagketting in de zaagsnede vastklemt.

Zagen met alleen de punt van het zaagblad kan een plotselinge, omgekeerde reactie veroorzaken waardoor het zaagblad omhoog geworpen wordt in de richting van de gebruiker.

Het beknellen van de zaagketting langs de bovenrand van het zaagblad kan het zaagblad snel terugwerpen in de richting van de gebruiker.

Deze beide reacties kunnen ertoe leiden dat u de controle over de kettingzaag verliest waardoor ernstig persoonlijk letsel kan ontstaan. Wees niet afhankelijk van alleen de veiligheidsvoorzieningen ingebouwd in uw kettingzaag. Als gebruiker van de kettingzaag moet u meerdere stappen ondernemen om ervoor te zorgen dat uw zaagwerkzaamheden zonder ongevallen of letsel verlopen.

Terugslag is het gevolg van misbruik van de kettingzaag en/of onjuiste gebruiksprocedures of -omstandigheden, en kan worden voorkomen door goede voorzorgsmaatregelen te treffen, zoals hieronder vermeld:

  • Houd de kettingzaag stevig vast, met de duimen en vingers rondom de handgrepen van de kettingzaag, met beide handen en positioneer uw lichaam en armen zodanig dat u een eventuele terugslag kan opvangen. De kracht van een terugslag kan worden opgevangen door de gebruiker mits de juiste voorzorgsmaatregelen getroffen worden. Laat de kettingzaag nooit los (zie afb. 1).
  • Reik niet te ver en zaag nooit boven schouderhoogte. Dit helpt te voorkomen dat de punt van het zaagblad per ongeluk iets raakt en biedt een betere controle van de kettingzaag in onverwachte situaties.
  • Gebruik bij het vervangen van het zaagblad of de zaagketting uitsluitend onderdelen die zijn opgegeven door de fabrikant. Vervanging door een verkeerd zaagblad of zaagketting kan ertoe leiden dat de zaagketting breekt en/of het zaagblad terugslaat.
  • Volg de instructies van de fabrikant over het slijpen en onderhouden van de zaagketting. Het verlagen van de hoogte van de dieptevoeler kan leiden tot toegenomen terugslag.

AANVULLENDE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

  1. Lees de gebruiksaanwijzing om uzelf bekend te maken met de bediening van de kettingzaag.
  2. Alvorens de kettingzaag voor het eerst te gebruiken dient u de bediening ervan uitgelegd te krijgen. Als dat niet mogelijk is, moet u eerst proefzagen met ronde stammen op een bok voordat u daadwerkelijk met de kettingzaag werkt.
  3. De kettingzaag mag niet worden gebruikt door kinderen of jeugd jonger dan 18 jaar. Jongeren ouder dan 16 jaar kunnen uitgezonderd worden van deze regel mits zijn les krijgen onder toezicht van een expert.
  4. Werken met een kettingzaag vereist een hoge mate van concentratie. Werk niet met een kettingzaag als u zich niet volledig fit voelt. Werk altijd rustig en voorzichtig.
  5. Werk nooit onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen.

Juist gebruik

  1. De kettingzaag is uitsluitend bedoeld voor het zagen van hout. Gebruik hem niet voor het zagen van bijvoorbeeld kunststof of poreus beton.
  2. Gebruik de kettingzaag uitsluitend voor bedieningen die beschreven staan in deze gebruiksaanwijzing. Gebruik hem bijvoorbeeld niet voor het snoeien van hagen of soortgelijke werkzaamheden.
  3. De kettingzaag mag niet worden gebruikt voor bosbouwwerkzaamheden, bijv. voor het omzagen en

takken afzagen van staande bomen. Door het netsnoer van de kettingzaag heeft de gebruiker niet de mobiliteit en veiligheid die noodzakelijk zijn voor dergelijk werk.

  1. De kettingzaag is niet bedoeld voor commercieel gebruik.
  2. Overbelast de kettingzaag niet.

Persoonlijke-veiligheidsuitrusting

  1. Kleding moet nauwsluitend zijn, maar de bewegelijkheid niet belemmeren.
  2. Draag de volgende beschermende kleding tijdens het werk:

  3. Een goedgekeurde veiligheidshelm, als er gevaar bestaat voor vallende takken en dergelijke;

  4. Een gezichtsmasker of veiligheidsbril;
  5. Geschikte gehoorbescherming (oorschelpen, of aangepaste of kneedbare oordoppen). Octaafbandanalyse op verzoek beschikbaar.
  6. Stevige, lederen veiligheidshandschoenen;
  7. Lange broek gemaakt van een sterke stof;
  8. Veiligheidsoverall van snijbestendige stof;
  9. Veiligheidsschoenen met antislipzolen, stalen neus en snijbestendige, stoffen voering;
  10. Een mondmasker, indien tijdens het werk stof wordt geproduceerd (bijv. bij het zagen van droog hout).

Beveilig uzelf tegen elektrische schokken

DOLMAR ES2141TLC - Beveilig uzelf tegen elektrische schokken - 1

De kettingzaag mag niet worden gebruikt tijdens nat weer of in een vochtige omgeving omdat de elektromotor niet waterdicht is.

  1. Steek de stekker van de kettingzaag alleen in een stopcontact van een getest elektrisch circuit.

Controleer dat de netspanning overeenkomt met die op het typeplaatje. Zorg ervoor dat het stopcontact op een groep zit met een zekering van 16 A. Als de kettingzaag in de open lucht wordt gebruikt, moet deze zijn aangesloten op een op reststroom werkende stroomonderbreker die in werking treedt bij een reststroom van maximaal 30 mA.

DOLMAR ES2141TLC - Beveilig uzelf tegen elektrische schokken - 2

Als het netsnoer of verlengsnoer beschadigd raakt, moet u onmiddellijk de stekker uit het stopcontact trekken.

  1. Alvorens met het werk te beginnen, controleert u dat de kettingzaag zich in goede werkende staat bevindt, en dat deze voldoet aan de veiligheidsregels.

Controleer met name dat:

  • De kettingrem goed werkt;
  • De uitlooprem goed werkt;
  • Het zaagblad en de afdekking van het kettingwiel goed zijn gemonteerd;
  • De ketting is geslepen en gespannen overeenkomstig de regels;
  • Het netsnoer en de stekker niet beschadigd zijn; Raadpleeg het hoofdstuk "CONTROLES".

  • Zorg er met name altijd voor dat het gebruikte verlengsnoer de juiste dwarsdoorsnede heeft (zie "TECHNISCHE GEGEVENS"). Bij gebruik van een kabelhaspel moet u het snoer helemaal uitrollen. Bij gebruik van de kettingzaag in de open lucht, controleert u dat het gebruikte snoer geschikt is voor

gebruik in de open lucht en als zodanig is gemarkeerd.

  1. Houd het netsnoer uit de buurt van het zaaggebied en geleid het netsnoer zodanig dat het tijdens het omzagen niet blijft haken achter takken en dergelijke.
  2. Gebruik de kettingzaag niet in de buurt van brandbaar stof of gas aangezien de motor vonken kan produceren en explosiegevaar oplevert.
  3. Werk uitsluitend op een vaste ondergrond en terwijl u stevig staat. Let met name goed op obstakels (bijv. het snoer) in het werkgebied. Let met name goed op op plaatsen waar vocht, ijs, verse houtsnippers of schors de ondergrond glad kunnen maken. Gebruik de kettingzaag niet terwijl u op een ladder of in een boom staat.
  4. Let met name goed op wanneer u op een schuine ondergrond staat omdat wegrollende stammen en takken een gevaarlijke situatie kunnen opleveren.
  5. Zaag nooit boven schouderhoogte.
  6. Houd de kettingzaag met beide handen vast bij het inschakelen en tijdens gebruik. Houd de achterhandgreep met uw rechterhand vast en de voorhandgreep met uw linkerhand. Houd de handgrepen stevig vast met uw duim. Het zaagblad en de zaagketting mogen met geen enkel voorwerp in aanraking zijn op het moment dat de kettingzaag wordt ingeschakeld (zie afb. 1).
  7. Verwijder vreemde voorwerpen, zoals zand, stenen, spijkers, draad, enz., uit het gebied waarin wordt gezaagd. Vreemde voorwerpen beschadigen het zaagblad en de zaagketting, en kunnen gevaarlijke terugslag veroorzaken.
  8. Wees met name voorzichtig wanneer u zaagt in de buurt van afrasteringen. Raak de afrastering niet met de kettingzaag want hierdoor kan een terugslag ontstaan.
  9. Raak de grond niet met de kettingzaag.
  10. Zaag alleen enkele stukken hout en geen bundels of stapels.
  11. Vermijd het zagen van dunne takjes en wortels omdat deze in de kettingzaag verstrengeld kunnen raken. Hierdoor kunt u uw evenwicht verliezen.
  12. Gebruik een stabiele ondersteuning (bok) wanneer u in gezaagd hout zaagt.
  13. Gebruik de kettingzaag niet voor het los peuteren of wegvegen van stukjes hout en andere voorwerpen.
  14. Houd de kettingzaag zodanig vast dat geen enkel lichaamsdeel van u in het verlengde van de lijn van de zaagketting liegt (zie de afbeelding) (zie afb. 2).
  15. Bij het verplaatsen tussen twee zaagsneden, gebruikt u de kettingrem om te voorkomen dat de ketting per ongeluk in werking wordt gesteld. Houd de kettingzaag bij het dragen vast aan de voorhandgreep en houdt uw vinger daarbij niet om de aan-uitschakelaar.
  16. Trek de stekker uit het stopcontact wanneer u een pauze neemt of de kettingzaag alleen achterlaat. Leg de kettingzaag neer op een plaats waar deze geen gevaar oplevert.

Terugslag

  1. Tijdens het gebruik van de kettingzaag kan een gevaarlijke terugslag optreden. Een terugslag treedt op wanneer de punt van het zaagblad (met name het

laatste kwart) in aanraking komt met hout of een ander massief voorwerp. Hierdoor zal de kettingzaag in de richting van de gebruiker worden gedwongen (zie afb. 3).

  1. Let op de volgende punten om terugslag te voorkomen:

  2. Begin een zaagsnede nooit met de punt van het zaagblad.

  3. Gebruik de punt van het zaagblad niet om te zagen. Let met name goed op wanneer u verder gaat zagen in een reeds gemaakte zaagsnede.
  4. Begin te zagen met draaiende ketting.
  5. Slijp de ketting altijd op de juiste wijze. Stel vooral de dieptevoeler in op de juiste hoogte.
  6. Zaag nooit door meerdere takken tegelijk.
  7. Let er bij het afzagen van takken op dat het zaagblad niet in aanraking komt met andere takken.
  8. Houd bij het afzagen afstand tot andere stammen in de buurt. Kijk altijd naar de punt van het zaagblad.
  9. Gebruik een bok.

Veiligheidsvoorzieningen

  1. Controleer altijd dat de veiligheidsvoorzieningen in werkende staat verkeren alvorens met het werk te beginnen. Gebruik de kettingzaag niet als de veiligheidsvoorzieningen niet goed werken.

- Kettingrem:

De kettingzaag is uitgerust met een kettingrem die de zaagketting binnen een fractie van een seconde tot stilstand brengt. De kettingrem wordt in werking gesteld wanneer de beschermkap van de voorhandgreep naar voren wordt geduwd. De zaagketting staat dan binnen 0,15 seconde stil en de voeding naar de motor wordt onderbroken (zie afb. 4).

- Uitlooprem:

De kettingzaag is uitgerust met een uitlooprem die de zaagketting onmiddellijk tot stilstand brengt wanneer de aan-uitschakelaar wordt losgelaten. Hierdoor wordt voorkomen dat de zaagketting blijft draaien terwijl de kettingzaag is uitgeschakeld, zodat gevaarlijke situaties worden voorkomen.

- D e beschermkappen van de voor- en achterhandgrepen beschermen de gebruiker tegen verwondingen door houtsnippers die naar achteren kunnen worden geworpen, of door een gebroken zaagketting.

- D e uit-vergrendeling voorkomt dat de kettingzaag per ongeluk wordt ingeschakeld.

- D e kettingvanger beschermt de gebruiker tegen verwonding in het geval dat de ketting springt of breekt.

Vervoer en opslag

DOLMAR ES2141TLC - Vervoer en opslag - 1

Wanneer de kettingzaag niet in gebruik is of wordt vervoerd, trekt u de stekker uit het stopcontact en plaatst u de schede om het zaagblad. Draag of vervoer de kettingzaag nooit met draaiende zaagketting.

  1. Draag de kettingzaag aan alleen de voorhandgreep met het zaagblad naar achteren gericht.
  2. Bewaar de kettingzaag op een veilige, droge en afgesloten plaats, buiten het bereik van kinderen. Bewaar de kettingzaag niet buitenshuis.

Onderhoud

  1. Trek de stekker uit het stopcontact alvorens enige instel- of onderhoudswerkzaamheden uit te voeren.
  2. Controleer het netsnoer regelmatig op beschadiging van de isolatie.
  3. Maak de kettingzaag regelmatig schoon.
  4. Laat eventuele beschadiging van de kunststof behuizing onmiddellijk en vakkundig repareren.
  5. Gebruik de kettingzaag niet als de aan-uitschakelaar niet goed werkt. Laat deze eerst vakkundig repareren.
  6. Onder geen beding mag de kettingzaag op enigerlei wijze worden veranderd. Uw veiligheid staat op het spel.
  7. Voer geen onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit anders dan beschreven in deze gebruiksaanwijzing. Alle andere werkzaamheden moeten worden uitgevoerd door een erkend servicecentrum.
  8. Gebruik uitsluitend originele vervangingsonderdelen en accessoires die ontworpen zijn voor uw model kettingzaag. Als u andere onderdelen gebruikt, wordt de kans op een ongeval vergroot.
  9. Wij accepteren geen enkele aansprakelijkheid voor ongevallen of schade in geval een niet-goedgekeurd zaagblad, zaagketting of ander vervangingsonderdeel of accessoire wordt gebruikt.

EHBO

DOLMAR ES2141TLC - EHBO - 1

Werk niet alleen. Werk altijd binnen hoorafstand van iemand anders.

  1. Houd altijd een EHBO-doos bij de hand. Vervang de verbruikte items uit de EHBO-doos onmiddellijk.
  2. Mocht u hulp nodig hebben na een ongeval, vermeldt het volgende:

• Waar vond het ongeval plaats?
- Wat is er gebeurd?
• Hoeveel gewonden zijn er?
- Welke verwondingen hebben zij?
• Wie meldt het ongeval?

OPMERKING:

Personen met een slechte bloedsomloop die worden blootgesteld aan sterke trillingen, kunnen verwondingen aan bloedvaten of het zenuwstelsel oplopen. Trillingen kunnen de volgende symptomen veroorzaken in de vingers, handen of polsen: "slapen" (ongevoeligheid), tintelingen, pijn, stekend gevoel, veranderen van huidskleur of van de huid.

Als een van deze symptomen zich voordoet, raadpleegt u uw huisarts!

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.

⚠ WAARSCHUWING:

Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende product altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet volgen van de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

NAMEN VAN ONDERDELEN

(Model met moer: de afdekking van het kettingwiel wordt vastgezet met moeren.)

Voor Model ES-154, ES-164, ES-174, ES-184, ES-2131, ES-2136, ES-2141, ES-2146 (zie afb. 5)

(Model met hendel: de afdekking van het kettingwiel wordt vastgezet met een hendel.)

Voor Model ES-154 TLC, ES-164 TLC, ES-174 TLC, ES-184 TLC, ES-2131 TLC, ES-2136 TLC, ES-2141 TLC, ES-2146 TLC (zie afb. 6)

(Voor alle modellen) (zie afb. 7)

ONDERDELEN AANBRENGEN EN VERWIJDEREN

DOLMAR ES2141TLC - ONDERDELEN AANBRENGEN EN VERWIJDEREN - 1

LET OP:

- Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is getrokken alvorens enige werkzaamheden aan het gereedschap uit te voeren.

De afdekking van het kettingwiel aanbrengen en verwijderen

Om de afdekking van het kettingwiel te verwijderen voert u de volgende stappen uit:

(Voor modellen met een moer) (zie afb. 8)

Draai de moer los.

(Voor modellen met een hendel) (zie afb. 9)

Duw de hendel omhoog tot hij volledig is geopend en stopt.

Draai de hendel linksom.

Om de afdekking van het kettingwiel aan te brengen, voert u de bovenstaande stappen in omgekeerde volgorde uit.

De zaagketting aanbrengen en verwijderen

DOLMAR ES2141TLC - De zaagketting aanbrengen en verwijderen - 1

LET OP:

- Draag altijd handschoenen tijdens het aanbrengen en verwijderen van de zaagketting.

Om de zaagketting aan te brengen voert u de volgende stappen uit:

  1. Controleer de richting van de zaagketting. De pijlmarkering op de zaagketting toont de richting van de ketting (zie afb. 10).

  2. Leg een uiteinde van de zaagketting rond de voorkant van het zaagblad en het andere uiteinde rondom het kettingwiel.

  3. Plaats het zaagblad op de kettingzaag.

  4. Lijn de spanschuif uit met de opening in het zaagblad (zie afb. 11).

  5. Plaats de afdekking van het kettingwiel zodanig dat de haken langs de openingen liggen en de pen in de bus van de afdekking van het kettingwiel valt (zie afb. 12).

  6. Draai de moeren vast of draai de hendel helemaal rechtsom om de afdekking van het kettingwiel vast te zetten, en draai hem daarna iets los om de spanning te kunnen afstellen (zie afb. 13 en 14).

  7. Draai de stelschroef voor de zaagketting/knop om de spanning van de zaagketting af te stellen. (Zie de tekst onder "De kettingspanning afstellen" voor de procedure.)

  8. Draai de moeren vast of draai de hendel rechtsom om de afdekking van het kettingwiel vast te zetten.

Om de zaagketting te verwijderen voert u de volgende stappen uit:

  1. Maak de afdekking van het kettingwiel los.

  2. (Voor modellen met een moer) Draai de stelschroef voor de zaagketting linksom om de spanning van de zaagketting af te halen. (Voor modellen met een hendel) Draai de stelknop in de richting “-” om de spanning van de zaagketting af te halen (zie afb. 15 en 16).

  3. Verwijder de afdekking van het kettingwiel.

  4. Haal de zaagketting en het zaagblad van de kettingzaag af.

De kettingspanning instellen

De zaagketting kan na vele gebruiksuren los gaan zitten.

Controleer regelmatig de kettingspanning vóór gebruik.

  1. Maak de afdekking van het kettingwiel iets los.
  2. Til de punt van het zaagblad iets op.
  3. Draai de stelschroef/-knop voor de zaagketting om de spanning van de zaagketting in te stellen (zie afb. 17 en 18).
  4. Span de zaagketting totdat de onderkant van de zaagketting in de groef in het zaagblad valt (zie cirkel).
  5. Blijf het zaagblad licht vasthouden, stel de kettingspanning in en zet u de afdekking van het kettingwiel vast. Controleer of de zaagketting niet los hangt aan de onderkant.

Controleer of de zaagketting goed langs de onderkant van het zaagblad loopt.

DOLMAR ES2141TLC - De kettingspanning instellen - 1

LET OP:

  • Span de zaagketting niet te strak. Door een buitensporig hoge kettingspanning kan de zaagketting breken, het zaagblad slijten en de stelknop afbreken.
  • Een te slappe zaagketting kan van het zaagblad af lopen en verhoogt daarmee de kans op een ongeval.
  • Voer de werkzaamheden van het aanbrengen en verwijderen van de zaagketting uit op een schone plaats zonder zaagsel en dergelijk vuil.

Een verlengsnoer aansluiten

DOLMAR ES2141TLC - Een verlengsnoer aansluiten - 1

LET OP:

- Zorg ervoor dat de stekker van het verlengsnoer niet in het stopcontact is gestoken (zie afb. 19).

Om het verlengsnoer aan te sluiten, maakt u het met behulp van de snoerhaak vast aan het netsnoer van de kettingzaag.

Maak de snoerhaak vast aan het verlengsnoer op ongeveer 100 - 200 mm vanaf de contrastekker. Hierdoor wordt per ongeluk loskoppelen voorkomen.

BEDIENING

DOLMAR ES2141TLC - BEDIENING - 1

LET OP:

- Houd het gereedschap stevig vast met uw rechterhand aan de achterhandgreep en met uw linkerhand aan de

voorhandgreep tijdens het gebruik van het gereedschap.

In- en uitschakelen (zie afb. 20)

DOLMAR ES2141TLC - In- en uitschakelen (zie afb. 20) - 1

LET OP:

  • Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is getrokken alvorens de werking van de aan-uitschakelaar te controleren.
  • Controleer altijd, voordat u de stekker in het stopcontact steekt, of de aan-uitschakelaar op de juiste manier schakelt en weer terugkeert naar de uit-stand nadat deze is losgelaten.

Om te voorkomen dat de aan-uitschakelaar per ongeluk wordt bediend, is een uit-vergrendelknop aangebracht.

Om het gereedschap te starten, drukt u de uitvergrendelknop in en knijpt u de aan-uitschakelaar in.

Laat de aan-uitschakelaar los om het gereedschap te stoppen.

Smeren

DOLMAR ES2141TLC - Smeren - 1

LET OP:

- Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat u de zaagketting smeert.

Smeer de zaagketting en het zaagblad met een biologisch afbreekbare zaagkettingolie met een hechttoevoeging. De hechttoevoeging in de zaagkettingolie voorkomt dat de olie te snel van de zaagketting afvliegt. Minerale olie mag niet worden gebruikt vanwege het schadelijke effect op het milieu (zie afb. 21).

DOLMAR ES2141TLC - LET OP: - 1

LET OP:

- Bedien de kettingzaag niet wanneer de olietank leeg is. Vul tijdig olie bij voordat de olietank leeg is.

- Vermijd dat de olie in aanraking komen met uw huid en ogen. Olie in het oog veroorzaakt irritatie. In het geval de olie in het oog komt, moet u het betreffende oog onmiddellijk spoelen met schoon water en direct een huisarts raadplegen.

- Gebruik nooit afvalolie. Afvalolie bevat kankerverwekkende bestanddelen. De verontreinigingen in afvalolie veroorzaken een versnelde slijtage van de oliepomp, het zaagblad en de zaagketting. Afvalolie is schadelijk voor het milieu.

Om olie bij te vullen voert u de volgende stappen uit (zie afb. 22):

  1. Reinig het gebied rondom de olievuldop zorgvuldig om te voorkomen dat vuil in de olietank kan komen.
  2. Draai de olievuldop eraf en vul olie bij tot aan de onderrand van de vulnek.
  3. Draai de olievuldop stevig terug op zijn plaats.
  4. Veeg eventueel gemorste olie zorgvuldig weg.

OPMERKING:

- Als de kettingzaag voor het eerst wordt gebruikt, kan het maximaal twee minuten duren voordat de zaagkettingolie het zaagmechanisme begint te smeren. Laat gedurende deze tijd de kettingzaag onbelast draaien (zie "CONTROLES").

- Wanneer u voor het eerst kettingolie bijvult, of de olietank bijvult nadat deze geheel leeg is geraakt, vult u olie bij tot aan de onderrand van de vulnek. Anders kan de olietoevoer gehinderd worden.

  • Gebruik de zaagkettingolie uitsluitend voor kettingzagen van Makita/Dolmar, of een in de winkel verkrijgbare gelijkwaardige olie.
  • Gebruik nooit olie die is verontreinigd met vuil- en stofdeeltjes of vluchtige olie.
  • Gebruik botanische olie voor het snoeien van bomen. Minerale olie kan schadelijk zijn voor bomen.
  • Voordat u begint te zagen, controleert u of de bijgeleverde olietankdop erop is gedraaid.

CONTROLES

Alvorens met de werkzaamheden te beginnen, voert u de volgende controles uit:

De kettingspanning controleren

DOLMAR ES2141TLC - De kettingspanning controleren - 1

WAARSCHUWING:

  • Trek altijd de stekker uit het stopcontact voordat u de kettingspanning controleert en draag daarbij een veiligheidsbril.
    (Voor modellen met een moer) (zie afb. 17)
    (Voor modellen met een hendel) (zie afb. 18)
    Controleer of de zaagketting goed langs de onderkant van het zaagblad loopt (zie cirkel).
    Controleer de kettingspanning veelvuldig omdat een nieuwe ketting door gebruik langer wordt.
    Door een buitensporig hoge kettingspanning kan de zaagketting breken, het zaagblad slijten en de stelknop afbreken.
    Een te slappe zaagketting kan van het zaagblad af lopen en verhoogt daarmee de kans op een ongeval.
    Als de zaagketting te slap staat: Raadpleeg het tekstdeel getiteld "De kettingspanning instellen" en stelt u de kettingspanning opnieuw in.

De werking van de aan-uitschakelaar controleren

DOLMAR ES2141TLC - De werking van de aan-uitschakelaar controleren - 1

LET OP:

Controleer altijd, voordat u de stekker in het stopcontact steekt, of de aan-uitschakelaar op de juiste manier schakelt en weer terugkeert naar de uit-stand nadat deze is losgelaten.

Om te voorkomen dat de aan-uitschakelaar per ongeluk wordt bediend, is een uit-vergrendelknop aangebracht.

Om het gereedschap te starten, drukt u de uitvergrendelknop in en knijpt u de aan-uitschakelaar in. Laat de aan-uitschakelaar los om het gereedschap te stoppen.

Knijp de aan-uitschakelaar niet hard in zonder de uitvergrendelknop in te drukken. Hierdoor kan de aan-uitschakelaar kapot gaan.

De kettingrem controleren

OPMERKING:

- Als de kettingzaag niet kan worden gestart, controleert u of de kettingrem is losgezet. Om de kettingrem los te zetten, trekt u de beschermkap van de voorhandgreep stevig naar achteren tot u voelt dat deze aangrijpt (zie afb. 23 en 24).

Controleer de kettingrem als volgt:

  1. Houd de kettingzaag met beide handen vast bij het inschakelen. Houd de achterhandgreep met uw

rechterhand vast en de voorhandgreep met uw linkerhand. Zorg ervoor dat het zaagblad en de zaagketting geen enkel voorwerp raken.

  1. Druk eerst de uit-vergrendelknop in en knijp daarna de aan-uitschakelaar in. De zaagketting begint onmiddellijk te draaien.
  2. Duw de beschermkap van de voorhandgreep naar voren met de rug van uw hand. Controleer of de zaagketting onmiddellijk tot stilstand komt.

DOLMAR ES2141TLC - OPMERKING: - 1

LET OP:

- Als de zaagketting niet onmiddellijk tot stilstand komt, mag u de kettingzaag onder geen enkele voorwaarde gebruiken. Neem contact op met een erkend DOLMAR-servicecentrum.

De uitlooprem controleren

Schakel de kettingzaag in.

Laat de aan-uitschakelaar helemaal los. Controleer of de zaagketting binnen één seconde tot stilstand komt.

DOLMAR ES2141TLC - De uitlooprem controleren - 1

LET OP:

- Als de zaagketting niet onmiddellijk tot stilstand komt, mag u de kettingzaag onder geen enkele voorwaarde gebruiken. Neem contact op met een erkend DOLMAR-servicecentrum.

De kettingsmeerinrichting controleren

Alvorens met het werk te beginnen, controleert u het oliepeil in de olietank en de olietoevoer.

Het oliepeil kan worden gecontroleerd door het peilglas aangegeven in de afbeelding (zie afb. 25).

Controleer de olietoevoer op de volgende manier: Start de kettingzaag.

Terwijl de zaagketting draait, houdt u de zaagketting ongeveer 15 cm boven een boomstam of de grond. Als de smering voldoende is, zullen de oliespetters een dunne oliestreep vormen.

Let op de windrichting en stel uzelf niet onnodig bloot aan de oliespetters.

DOLMAR ES2141TLC - De kettingsmeerinrichting controleren - 1

LET OP:

- Als geen oliestreep wordt gevormd, mag u de kettingzaag niet gebruiken. De levensduur van de zaagketting zal dan worden verkort. Controleer het oliepeil. Maak de olietoevoergroef en het olietoevoergat in het zaagblad schoon (raadpleeg "ONDERHOUD").

De kettingsmering afstellen (zie afb. 26)

U kunt de toevoersnelheid van de oliepomp afstellen met behulp van de stelschroef.

WERKEN MET DE KETTINGZAAG

DOLMAR ES2141TLC - WERKEN MET DE KETTINGZAAG - 1

LET OP:

  • Als minimale voorbereiding dient een beginnende gebruiker eerst te oefenen door stammen te zagen op een schraag of bok.
  • Bij het zagen van losse stukken hout dient u een veilige steun te gebruiken (een schraag of zaagbok). Zet niet uw voet op het werkstuk om dat tegen te houden en vraag ook nooit iemand anders om het vast te houden.
  • Zet ronde stukken zo vast dat ze niet kunnen gaan draaien.

  • Houd alle delen van uw lichaam uit de buurt van de zaagketting wanneer de motor draait.

  • Houd de kettingzaag stevig vast met beide handen wanneer de motor draait.
  • Reik niet te ver. Zorg ervoor dat u altijd stevige steun voor de voeten hebt en uw evenwicht behoudt.

Afzagen (zie afb. 27)

Plaats bij het afzagen de getande kam op het hout waarin u wilt zagen, zoals aangegeven in de afbeelding.

Zaag met draaiende zaagketting in het hout en til de achterhandgreep op terwijl u met de voorhandgreep het zagen geleidt. Gebruik op deze manier de getande kam als scharnierpunt.

Vervolg de zaagsnede door licht op de voorhandgreep te drukken en de kettingzaag iets terug te trekken. Plaats de getande kam lager tegen het hout en til de voorhandgreep weer op.

Als u meerdere zaagsneden maakt, schakelt u de kettingzaag uit tussen de zaagsneden.

DOLMAR ES2141TLC - Afzagen (zie afb. 27) - 1

LET OP:

- Als de zaagketting langs de bovenrand van het zaagblad wordt gebruikt om te zagen, kan de kettingzaag in uw richting worden bewogen als de ketting klem komt te zitten. Om deze reden moet u met de onderrand van het zaagblad zagen zodat de kettingzaag van uw lichaam af wordt bewogen (zie afb. 28).

Als hout onder spanning staat, zaagt u eerst de kant met de duwkracht (A). Maak de eindsnede aan de kant met de trekkracht (B). Hiermee voorkomt u dat het zaagblad bekneld raakt (zie afb. 29).

Takken afzagen

DOLMAR ES2141TLC - Takken afzagen - 1

LET OP:

- Takken afzagen mag uitsluitend worden uitgevoerd door opgeleide personen. Door het risico van terugslag kan een gevaarlijke situatie ontstaan.

Ondersteun bij het afzagen van takken zo mogelijk de kettingzaag op de boomstam. Zaag niet met de punt van het zaagblad omdat hierdoor de kans op terugslag ontstaat.

Let met name goed op bij takken die onder spanning staan. Zaag geen takken vanaf de onderkant als deze niet worden ondersteund.

Ga bij het afzagen van takken niet bovenop de omgezaagde boomstam staan.

Inzagen en in de richting van de houtnerf zagen

DOLMAR ES2141TLC - Inzagen en in de richting van de houtnerf zagen - 1

LET OP:

- Inzagen en in de richting van de houtnerf zagen mag uitsluitend worden uitgevoerd door personen met speciale training. Het risico van terugslag vormt een kans op letsel.

Als u in de richting van de houtnerf zaagt, moet de hoek zo klein mogelijk zijn. Voer het zagen zo voorzichtig mogelijk uit, want de getande kam kan niet worden gebruikt (zie afb. 30).

Omzagen

LET OP:

- Omzagen mag uitsluitend worden uitgevoerd door opgeleide personen. Het werk is gevaarlijk. Houd u aan de plaatselijke regelgeving als u een boom wilt omzagen (zie afb. 31).

- Voordat u met het omzagen begint, controleert u de volgende punten:

(1) Uitsluitend de personen die betrokken zijn bij het omzagen mogen zich in de buurt bevinden;
(2) ledere betrokken persoon moet een ongehinderde vluchtroute hebben door een gebied van ongeveer 45° aan weerskanten van de vallijn. Let op het risico van struikelen over elektrische snoeren;
(3) De voet van de stam met vrij zijn van vreemde voorwerpen, wortels en takken;
(4) Binnen een afstand van 2 1/2 keer de lengte van de boom mogen zich geen personen of voorwerpen bevinden in de richting waarin de boom zal vallen.

- Let met betrekking tot ieder boom op de volgende punten:

  • De richting waarin de boom overhelt;
    • Losse of droge takken;
    • Hoogte van de boom;
  • Natuurlijke overhang;
  • Of de boom verrot is of niet.

  • Let op de windsnelheid en -richting. Zaag geen bomen om als er sterke rukwinden zijn.

  • Afkorten van worteluitwassen: Begin met de grootste uitwassen. Maak eerst de verticale zaagsnede.
  • Zaag een inkeping: De inkeping bepaalt de richting waarin de boom valt en geleidt de val. De inkeping wordt gemaakt aan de kant waarheen de boom moet vallen. Maak de inkeping zo dicht mogelijk bij de grond. Maak eerst de horizontale zaagsnede tot een diepte van 1/5 tot 1/3 van de stamdiameter. Maak de inkeping niet te groot. Maak vervolgens de diagonale zaagsnede (zie afb. 32).
  • Maak eventuele correcties aan de inkeping over de gehele breedte ervan.
  • Maak de zaagsnede aan de achterkant iets hoger dan de horizontale zaagsnede van de inkeping. De zaagsnede aan de achterkant moet precies horizontaal zijn. Laat ongeveer 1/10 van de stamdiameter over tussen de zaagsnede aan de achterkant en de inkeping.

De houtvezels in het niet-doorgezaagde deel van de stam werken als een scharnier. Zaag niet de volledige diameter van de stam door omdat dan de boom ongecontroleerd zal vallen. Plaats bijtijds wiggen in de zaagsnede aan de achterkant (zie afb. 33).

- Alleen kunststof- of aluminiumwiggen mogen worden gebruikt om de zaagsnede aan de achterkant open te houden. IJzeren wiggen mogen niet worden gebruikt.

- Ga aan de zijkant van de vallende boom staan. Houd aan de achterkant van de vallende boom een gebied vrij met een hoek van 45° aan weerskanten van de vallijn (zie de afbeelding bij "Werkgebied bij omzagen"). Let goed op vallende takken.

- Alvorens met het omzagen te beginnen, moet een vluchtroute worden voorbereid en vrijgemaakt. De vluchtroute dient schuin naar achteren van de verwachtte vallijn te lopen, zoals aangegeven in de afbeelding (zie afb. 34).

ONDERHOUD

LET OP:

  • Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat u een inspectie of onderhoud uitvoert.
  • Draag altijd handschoenen tijdens het uitvoeren van inspectie- of onderhoudswerkzaamheden.
  • Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol, enz. Dit kan leiden tot verkleuren, vervormen of barsten.

Voer de hieronder beschreven onderhoudswerkzaamheden regelmatig uit. Garantieclaims worden uitsluitend geaccepteerd mits deze werkzaamheden regelmatig en goed zijn uitgevoerd. Alleen de onderhoudswerkzaamheden die in deze gebruiksaanwijzing worden beschreven, mogen door de gebruiker worden uitgevoerd. Alle andere werkzaamheden moeten worden uitgevoerd door een erkend DOLMAR-servicecentrum.

De kettingzaag schoonmaken

Maak de kettingzaag regelmatig schoon met een poetsdoek. Met name de handgrepen moeten vrij van olie worden gehouden.

De kunststofbehuizing controleren

Voer regelmatig een visuele controle uit op alle onderdelen van de behuizing. In het geval een onderdeel beschadigd is, laat u dit onmiddellijk op de juiste wijze repareren door een erkend DOLMAR-servicecentrum.

De zaagketting slijpen

LET OP:

- Trek altijd de stekker uit het stopcontact en draag veiligheidshandschoenen bij het uitvoeren van werkzaamheden aan de zaagketting.

Slijp de zaagketting als (zie afb. 35):

  • Poederachtig zaagsel wordt geproduceerd tijdens het zagen van vochtig hout;
  • De zaagketting moeizaam in het hout binnendringt, zelfs wanneer hoge druk wordt uitgeoefend;
  • De messen duidelijk beschadigd zijn;
  • De kettingzaag naar links of rechts trekt in het hout. De reden hiervan is een ongelijkmatige scherpte van de zaagketting, of een beschadiging aan slechts een kant.

Slijp de zaagketting veelvuldig, maar slijp iedere keer slechts een weinig materiaal weg.

Twee of drie bewegingen met een vijl zijn doorgaans voldoende voor regelmatig bijslijpen. Als de zaagketting meerdere malen is bijgeslepen, laat u deze een keer slijpen door een erkend DOLMAR-servicecentrum.

Regels met betrekking tot het slijpen:

  • Alle messen moeten dezelfde lengte hebben. Als de messen een verschillende lengte hebben, draait de zaagketting niet soepel en kan de zaagketting breken.
  • Slijp de zaagketting niet meer als de messen de minimale lengte van 3 mm bereikt hebben. In dat geval moet een nieuwe zaagketting worden gemonteerd.

  • De dikte van de houtsnippers wordt bepaald door het hoogteverschil tussen de dieptevoeler (ronde neus) en de punt van de messen.

  • De beste zaagprestaties worden bereikt met de volgende afstand tussen de dieptevoeler en de punt van de messen.
    Kettingmes 492 (91PX): 0,65 mm (zie afb. 36)

WAARSCHUWING:

  • Een te groot hoogteverschil verhoogt de kans op terugslag.
  • De slijphoek van 30^ moet hetzelfde zijn voor alle messen. Als de slijphoek verschillend is, draait de zaagketting niet soepel en ongelijkmatig, slijt de zaagketting sneller, en kan de zaagketting breken.
  • De zijplaathoek van de messen wordt bepaald door de diepte waarmee de ronde vijl doordringt. Als de opgegeven vijl goed wordt gebruikt, wordt de juiste zijplaathoek automatisch verkregen.
  • De juiste hoek voor de zijplaat van elke zaagketting is als volgt:
    Kettingmes 492 (91PX): 80° (zie afb. 37)

Vijl en vijlbeweging

  • Gebruik een speciale ronde vijl (los verkrijgbaar) voor het slijpen van een zaagketting. Normale ronde vijlen zij niet geschikt.
  • De diameter van de ronde vijl voor elke zaagketting is als volgt:
    Kettingmes 492 (91PX): 4,0 mm
  • De vijl mag alleen tijdens de voorwaartse beweging met het mes in aanraking komen. Til de vijl van het mes af tijdens de achterwaartse beweging.
  • Slijp eerst het kortste mes. Daarna is de lengte van het kortste mes de standaard voor alle overige messen van de zaagketting.
  • Beweeg de vijl zoals aangegeven in de afbeelding (zie afb. 38).
  • De vijl kan gemakkelijker worden bewogen als een vijlhouder (los verkrijgbaar) wordt gebruikt. Op de vijlhouder staan merktekens voor de juiste slijphoek van 30° (lijn de merktekens parallel uit met de zaagketting) en beperkt de diepte waartoe de vijl doordringt (tot 4/5 van de vijldiameter) (zie afb. 39).
  • Nadat de zaagketting is geslepen, controleert u de hoogte van de dieptevoeler met behulp van het kettingmeetgereedschap (los verkrijgbaar) (zie afb. 40).
  • Verwijder eventueel uitstekend materiaal, ongeacht hoe klein, met een speciale platte vijl (los verkrijgbaar).
  • Maak de voorkant van de dieptevoeler weer rond.

Het zaagblad schoonmaken en het retourkettingwiel smeren

LET OP:

  • Draag tijdens deze werkzaamheden altijd een veiligheidsbril. Bramen vormen een kans op letsel.
    Controleer de loopvlakken van het kettingwiel regelmatig op beschadigingen. Maak het zaagblad schoon met behulp van een geschikt gereedschap en verwijder zo nodig bramen (zie afb. 41).
    Als de kettingzaag veel wordt gebruikt, smeert u het retourkettingwiel minstens eenmaal per week. Voordat u nieuw vet aanbrengt, maakt u eerst het gat van 2 mm in

de punt van het zaagblad schoon, en perst u vervolgens een kleine hoeveelheid universeelvet (los verkrijgbaar) in het gat.

De olietoevoer schoonmaken (zie afb. 42)

- Maak de olietoevoergroef en het olietoevoergat in het zaagblad schoon.

Nieuwe zaagketting

Gebruik beurtelings twee of drie zaagkettingen, zodat de zaagketting, het kettingwiel en de loopvlakken van het zaagblad gelijkmatig slijten.

Draai het kettingwiel om bij het verwisselen van de zaagketting zodat de gleuf in het zaagblad gelijkmatig slijt.

LET OP:

- Gebruik uitsluitend zaagkettingen en zaagbladen die zijn goedgekeurd voor gebruik met dit model kettingzaag (zie "TECHNISCHE GEGEVENS").

Controleer de conditie van het kettingwiel voordat u een nieuwe zaagketting monteert (zie afb. 43).

LET OP:

- Een versleten kettingwiel beschadigt een nieuw zaagketting. Vervang in dat geval eerst het kettingwiel. Monteer bij het vervangen van het kettingwiel altijd een nieuwe borgring.

De kettingrem en uitlooprem onderhouden

De remmen zijn uiterst belangrijke veiligheidsvoorzieningen. Net als ieder ander onderdeel van de kettingzaag zijn de remmen onderhevig aan een bepaalde mate van slijtage. Ze moeten regelmatig worden geïnspecteerd door een erkend DOLMAR-servicecentrum. Deze maatregel is voor uw eigen veiligheid.

De koolborstels vervangen

Verwijder en controleer de koolborstels regelmatig. Vervang deze wanneer ze tot aan de slijtgrensmarkering zijn afgesleten. Houd de koolborstels schoon en zorg ervoor dat ze vrij kunnen bewegen in de houders. Beide koolborstels dienen tegelijkertijd te worden vervangen. Gebruik alleen identieke koolborstels (zie afb. 44). Gebruik een schroevendraaier om de koolborsteldoppen te verwijderen. Haal de versleten koolborstels eruit, plaats de nieuwe erin, en zet de koolborsteldoppen goed vast. Nadat de koolborstels vervangen zijn, steekt u de stekker van het netsnoer in het stopcontact en laat u de koolborstels inlopen door het gereedschap gedurende 10 minuten onbelast te laten draaien (zie afb. 45).

Het gereedschap bewaren

Biologisch afbreekbare zaagkettingolie kan slechts een beperkte tijdsduur bewaard worden. Twee jaar na de productiedatum begint biologisch afbreekbare olie hechteigenschappen te ontwikkelen, waardoor schade aan de oliepomp en de onderdelen van het smeersysteem kan worden veroorzaakt.

– Alvorens de kettingzaag gedurende langere tijd buiten gebruik te stellen, leegt u de olietank en giet u er een kleine hoeveelheid motorolie (SAE 30) in.
- Laat de kettingzaag een korte tijd draaien om alle resten van de biologisch afbreekbare olie uit de

olietank, het smeersysteem en het zaagmechanisme te spoelen.

OPMERKING:

- Nadat de kettingzaag buiten gebruik is gesteld, zal gedurende enige tijd een kleine hoeveelheid kettingolie eruit lekken. Dit is normaal en duidt niet op een defect.

Bewaar de kettingzaag op een geschikte ondergrond.

Voordat u de kettingzaag weer in gebruik neemt, vult u de olietank met nieuwe BIOTOP-zaagkettingolie.

Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties,

onderhoud en afstellingen te worden uitgevoerd door een erkend DOLMAR-servicecentrum, en altijd met gebruikmaking van originele DOLMAR-vervangingsonderdelen.

PROBLEMEN OPLOSSEN

Alvorens om reparatie te verzoeken, voert u eerst zelf een inspectie uit. Als u een probleem ondervindt dat niet in deze handleiding wordt beschreven, mag u niet proberen het gereedschap uit elkaar te halen. Vraag in plaats daarvan een erkend Dolmar-servicecentrum.

Toestand tijdens defect Mogelijke oorzaak Oplossing
De kettingzaag start niet.Geen voeding.Sluit aan op de voeding. Controleer de voeding.
Netsnoer defect.Stop onmiddellijk met het gebruik van het gereedschap en vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.
Storing van gereedschap.Stop onmiddellijk met het gebruik van het gereedschap en vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.
Zaagketting draait niet. Kettingrem is vastgezet. Zet de kettingrem los.
Onvoldoende prestaties. Koolborstels versleten.Vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.
Geen olie op de zaagketting.Olietank is leeg. Vul de olietank.
Olietoevoergroef is verstopt. Reinig de groef.
De stelschroef van de oliepomp is verkeerd afgesteld.Stel de toevoersnelheid van de oliepomp af.
De zaagketting stopt niet, ook niet wanneer de kettingrem in werking treedt.Remband is versleten.Stop onmiddellijk met het gebruik van het gereedschap en vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.
Het gereedschap trilt abnormaal sterk.Zaagblad of zaagketting zit los.Stel het zaagblad en de kettingspanning in.
Storing van gereedschap.Stop onmiddellijk met het gebruik van het gereedschap en vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.

014314

VERKRIJGBARE ACCESSOIRES

LET OP:

- Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Dolmar-gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing wordt beschreven. Het gebruik van andere accessoires of hulpstukken kan gevaar voor persoonlijk letsel opleveren. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor de aangegeven gebruiksdoeleinden.

Mocht u meer informatie willen hebben over deze accessoires, dan kunt u contact opnemen met uw plaatselijke Dolmar-servicecentrum.

- Zaagketting

- Schede

• Zaagblad

- Zaagkettingolie

OPMERKING:

- Sommige items op de lijst kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Zij kunnen van land tot land verschillen.

Geluid

De typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens EN62841-4-1:

Geluidsdrukniveau ( L_pA ): 89 dB (A)

Geluidsvermogenniveau ( L_WA ): 100 dB (A)

Onzekerheid (K): 3 dB (A)

ENG907-1

- De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/ kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.

- De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

WAARSCHUWING:

• Draag gehoorbescherming.

- De geluidsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap

wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt.

- Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).

Trillingen

De totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN62841-4-1:

Gebruikstoepassing: zagen in hout

Trillingsemissie ( a_h ): 6,7 m/s ^2

Onzekerheid (K): 1,5 m/s²

ENG901-2

- De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.

- De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

DOLMAR ES2141TLC - Trillingen - 1

WAARSCHUWING:

- De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt.

- Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).

EU-verklaring van conformiteit

Alleen voor Europese landen

De EU-verklaring van conformiteit is opgenomen als Bijlage A in deze instructiehandleiding.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : DOLMAR

Model : ES2141TLC

Categorie : Zaag