DURO GTMM13 - Detector

GTMM13 - Detector DURO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis GTMM13 DURO in PDF-formaat.

📄 44 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice DURO GTMM13 - page 2
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : DURO

Model : GTMM13

Categorie : Detector

Download de handleiding voor uw Detector in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GTMM13 - DURO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GTMM13 van het merk DURO.

GEBRUIKSAANWIJZING GTMM13 DURO

Als het apparaat niet overeen- komstig deze gebruiksaanwij- zing gebruikt wordt, kan de voorziene bescherming nega- tief beïnvloed worden. Bewaar deze handleiding en geef deze door aan andere gebruikers. TECHNISCHE GEGEVENS Model: GT-MM-13 Batterijgrootte: 9 V Block (Gelijkstroom) / 6F22/6LR61 Stroomopname: 15 mA Omgevingstemperaturen: -20 tot 40 °C Max. Vervuilingsgraad:

Max. Bedrijfshoogte: 2000 m Alleen voor Gebruik binnenshuis INHOUD Technische gegevens 2 Levering 3 Veiligheidsvoorschriften 3 Onderdelen + bedieningselementen 7 Bediening 8 Uitpakken 8 Batterij inzetten 8 Het apparaat aan- en uitschakelen 8 Verborgen objecten opsporen 8 Modus uitkiezen 10 Apparaat kalibreren 10 Het verborgen object zoeken of de positie ervan bepalen 11 Reiniging 14 Opbergen 14 Afvoer 14 Conformiteitsverklaring 153 Omdat onze producten voortdurend verder worden ontwikkeld en verbeterd, zijn veranderingen in design en technische veranderingen mogelijk. Deze gebruiksaanwijzing kan ook als pdf-bestand van onze homepage www.gt-support.de worden gedownload. LEVERING Multidetector 1 x 9 V blokbatterij / 6F22 Gebruiksaanwijzing met ga- rantiebewijs VEILIGHEIDS- VOORSCHRIFTEN Lees de volgende aan- wijzingen aandachtig door en bewaar deze gebruiks- aanwijzing, voor het geval u la- ter iets wilt nalezen. Als u het artikel aan iemand anders doorgeeft, geef dan ook deze gebruiksaanwijzing mee. Waarschuwing! Bij het ge- bruik van op batterijen aan- gedreven apparaten moeten ter bescherming tegen brandgevaar en tevens tegen lichamelijk letsel en zaak- schade enkele fundamentele veiligheidsmaatregelen, inclusief de volgende voor- schriften worden nageleefd. Houd uw werkruimte in orde!

  • Wanorde in de werkruimte leidt tot ongevalsrisico’s. Houd rekening met omgevingsinvloeden!
  • Stel het apparaat niet bloot aan regen. Gebruik het appa- raat niet in een vochtige of natte omgeving.
  • Dit artikel kan door kinde- ren vanaf 8 jaar en ouder, en tevens door personen met verminderden fysieke, sensorische of mentale ca- paciteiten of een gebrek aan4 ven gebruik, zoals ze in de handleiding zijn beschreven. Controleer uw apparaat op beschadigingen!
  • Controleer het apparaat voor het werk op beschadigingen. Controleer of het apparaat naar behoren zal functione- ren. Gebruik het apparaat niet, als enig onderdeel defect is. Bewaar uw apparaten op een veilige plaats!
  • Ongebruikte apparaten en batterijen moeten op een droge plaats worden be- waard die niet bereikbaar is voor kinderen. Reparaties
  • Dit apparaat beantwoordt aan de betre ende veilig- heidsvoorschriften. Repara- ties mogen alleen door be- voegde vakmensen en met originele reserveonderdelen worden uitgevoerd, anders bestaat er mogelijk gevaar ervaring en kennis worden gebruikt, mits er toezicht op hen wordt gehouden, of als zij instructies hebben gekregen over het veilige gebruik van het artikel en ze de eventuele gevaren die daaruit kunnen ontstaan, begrijpen. Kinderen mo- gen niet met het apparaat spelen. Kinderen mogen dit artikel niet zonder toezicht reinigen of er gebruikerson- derhoud aan plegen.
  • Laat kinderen of hulpbe- hoevende personen zonder toezicht geen elektrische apparaten gebruiken.
  • Bewaar het verpakkingsma- teriaal buiten de reikwijdte van kinderen. Er bestaat ver- stikkingsgevaar. Waarschuwing! Gebruik het meetapparaat alleen voor werkzaamheden die overeen- komen met het voorgeschre-5 voor ongelukken voor de gebruiker. Aanwijzingen voor de bat- terijen
  • Laad de batterijen nooit op- nieuw op! Explosiegevaar!
  • Houd nieuwe en gebruikte batterijen uit de buurt van kinderen. Gooi de batterijen niet in het vuur, sluit ze niet kort en demonteer ze niet.
  • Let bij het plaatsen op de juiste polariteit.
  • Reinig de batterij- en appa- raatcontacten zo nodig voor- dat u de batterijen plaatst.
  • Verwijder lege batterijen on- middellijk uit het apparaat! Verhoogd leeglooprisico!
  • Stel de batterijen niet bloot aan extreme omstandighe- den zoals radiatoren, zonne- schijn! Verhoogd leegloopri- sico!
  • Vermijd contact van batterij- vloeistof met huid, ogen en slijmvliezen. Spoel bij contact de getro en gebieden on- middellijk overvloedig met veel schoon water en raad- pleeg onmiddellijk een arts.
  • Let op. Explosiegevaar bij on- deskundig vervangen van de batterij. Vervang alleen door hetzelfde of een gelijkwaar- dig batterijtype.
  • Batterijen kunnen levens- gevaarlijk zijn als ze worden ingeslikt. Als u vermoedt dat een batterij werd ingeslikt of op een andere manier in het lichaam is terechtgekomen, dient u onmiddellijk medi- sche hulp in te roepen.
  • Verwijder de batterijen uit het apparaat wanneer u het langere tijd niet gebruikt.6 – Zeer diep liggende stroomleidingen of pijpen – Met metaal beklede wan- den – Zeer vochtige omstandig- heden – Afgeschermde kabels – Elektrostatische oplading – Test het apparaat voor het gebruik steeds door – Een bekende buis resp. een bekende stroomlei- ding te laten herkennen. – Informeer in twijfelgeval- len altijd bij een erkende aannemer. Let op! De multisensor is ontworpen voor gebruik in het privéhuishouden. Voor bedrijfsmatig gebruik in werkplaatsen etc. is deze ongeschikt. Extra veiligheidsaanwijzin- gen voor buis- en stroomlei- dingdetectoren
  • Gebruik het gereedschap niet, om wisselspanning in niet geïsoleerde resp. vrij liggende leidingen vast te stellen.
  • Gebruik het apparaat niet als vervanging voor een voltmeter.
  • Het moet u duidelijk zijn, dat het apparaat misschien niet altijd alle pijpen en lei- dingen goed herkent.
  • Oefen tijdens de plaatsbe- paling geen extra druk uit op de sensor.
  • De volgende omstandighe- den kunnen onnauwkeurige resultaten veroorzaken: – Zwakke batterij – Dikke wanden met dunne buizen of stroomleidingen – Zeer dikke wanden7 ONDERDELEN + BEDIENINGSELEMENTEN

a Geeft een stroomvoerende elektrische leiding aan b Geeft de noodzakelijke vervanging van de batterij aan c Signaalsymbool d Modusindicator e Balkindicator afstand tot het object

4. Batterijvak (achterkant)

6. Geïntegreerde marker8

2. Plaats de batterij in het bat-

terijvak. Let bij het plaatsen op de juiste polariteit.

3. Sluit het batterijvak.

VERWIJZING: De batterijtoe- standsindicator 1b verschijnt op het display als de batterij moet worden vervangen. Het apparaat aan- en uitscha- kelen

  • Druk op de toets ON/OFF om het apparaat in- en uit te schakelen. Na 60 seconden zonder invoer schakelt het apparaat automa- tisch uit. Verborgen objecten opsporen Let op! Om personen- of zaakschades te vermijden, moet het volgende beslist worden nageleefd: – Balken en draagbalken worden op regelmatige afstanden in het metsel- werk geplaatst. Bepaal de afstand tussen de balken of draagbalken, voordat u BEDIENING Uitpakken
  • Neem alle onderdelen uit de verpakking en controleer of de omvang van de levering compleet en niet beschadigd is. Neem eventueel contact op met het op het garan- tiebewijs aangegeven ser- viceadres.
  • Verwijder zorgvuldig al het verpakkingsmateriaal.
  • Verwijder de beschermende lm. Houd kinderen uit de buurt van het verpakkingsmateri- aal. Bij inslikken bestaat er verstikkingsgevaar. Let er ook op, dat de zak van de ver- pakking niet over het hoofd getrokken wordt. Batterij inzetten U hebt een 9 volt blokbatterij nodig van de grootte 6F22 (bij de levering inbegrepen).

Open het batterijvak aan de achterkant van het apparaat.9 werkzaamheden aan het muurwerk uitvoert. – Onregelmatigheden in de afstanden duiden bijvoor- beeld op elektrische leidin- gen of waterleidingen. – Afhankelijk van de toe- stand van de oppervlakken kunnen er meetfouten op- treden. – Als u wat opspoort, moet u steeds controleren of dit eventueel een elektrische leiding is. – Als het bliksemsymbool op het display verschijnt, betreft het een stroomvoe- rende elektrische leiding. – Statische opladingen kun- nen het detectiebereik van een elektrische leiding met maximaal 30 cm vergroten. – Werk in dit gedeelte niet aan het muurwerk. – Werkzaamheden in het gebied van elektrische leidingen zijn alleen toege- staan, als voordat het werk begint gewaarborgd is, dat de stroomtoevoer naar de betre ende leidingen on- derbroken is. – Het geregistreerde object kan afhankelijk van de diep- te breder of smaller zijn, dan het display aangeeft. – Markeer steeds het begin en het einde van het ob- ject. Het midden tussen de beide markeringen is dan het midden van het object. U kunt de volgende objecten (materialen) met het apparaat opsporen:

  • hout/balken (STUD), maxi- male plaatsbepalingsdiepte 25 mm
  • metaal (METAL), maximale plaatsbepalingsdiepte 40 mm

met de instelling DEEP kun- nen bijzonder diep liggende balken/hout en metalen delen worden gepeild (max. plaats- bepalingsdiepte 45 mm)

  • elektrische leidingen (AC), maximale plaatsbepalings- diepte 70 mm10 Modus uitkiezen

1. Druk op de mode-toets

/ ) om de gewenste modus uit te kiezen STUD

Apparaat kalibreren Het apparaat moet worden gekalibreerd op de eigenschap- pen van het lichaam (wand, vloer, plafond:

  • voor het begin van elke zoe- kactie
  • regelmatig tijdens een zoek- proces (telkens na 60 secon- den) VERWIJZING: De hernieuwde kalibratie na 60 seconden is no- dig, om het optreden van meet- fouten te verminderen.

1. Houd het apparaat tegen

het oppervlak (kies een plaats, waar zich met grote waarschijnlijkheid geen ge- zocht object bevindt).

2. Druk de kalibratieknop 5 in

en houd de knop ingedrukt (1 korte pieptoon is te ho- ren). Beweeg het apparaat niet terwijl u dit doet. 2 kor- te pieptonen bevestigen de geslaagde kalibrering.

Houd de toets nog ingedrukt en start de zoekprocedure. Tip:

  • Tijdens de ijking moet het apparaat rustig gehouden worden en mag het niet worden bewogen.
  • Als u te dicht op het object of direct op het object kali- breert kan de ijking misluk- ken. In dit geval toont het display het symbool „

en klinkt er een lange piep- toon. Dan moet u het apparaat weer opnieuw inschakelen, om de ijking te starten. Houd het apparaat dit maal enige centimeters verder naar rechts of links van het vorige oppervlak.11 Het verborgen object zoeken of de positie ervan bepalen De zoek- resp. plaatsbepalings- procedure is in alle 4 modi gelijk en wordt aan de hand van de afbeeldingen verduidelijkt. Het gevonden object moet steeds twee maal met het ap- paraat worden overkruist. De overkruising gebeurt hierbij in tegengestelde richtingen. Na de ijking schuift u het ap- paraat langzaam in horizontale richting langs de wand (zie af- beelding). U mag het apparaat niet optillen of kantelen. a) Het display geeft alleen de modus aan = geen object in de buurt. Als u het gezochte object nadert, wordt de eerste balk in het LCDscherm opgevuld. Bij een volledig staafdi- agram, zet u op dit punt een markering (zie afbeelding). b) Toenemende balkweergave in het display = het apparaat nadert het object c) Volledige balkweergave in het display met continue pieptoon = het apparaat be- vindt zich bij het begin van het object Markeer dit punt12 Beweeg het apparaat verder in dezelfde richting tot er geen balken meer op het scherm ver- schijnen. Dan beweegt. u het apparaat in de tegengestelde richting, om de andere hoek van het voorwerp te markeren. Zet de markering daar, waar het diagram volledig is opgevuld (zie afbeeldingen). Markeer dit punt Het gezochte object bevindt zich tussen de beide aangege- ven markeringen. VERWIJZING: Als u metalen objecten zoekt in de METAL -modus, kan het noodzakelijk zijn het zoekproces in een hoek van 90° te herhalen. Parallel aan het apparaat lopende metalen steunbalken kunnen de sensor in het apparaat storen. Als er voortdurend maar 1 balk wordt weergegeven, betekent dit niet, dat er een object werd opgespoord. Alleen als het apparaat volle- dige balken laat zien en er een continue pieptoon klinkt, kunt u er zeker van zijn, dat u een object hebt opgespoord. Draai bij het lokaliseren van elektrische leidingen het appa- raat 90 ° en meet opnieuw. In AC-modus worden alleen onder spanning staande elek-13 trische leidingen weergegeven. Naast de balkweergave wordt dan het bliksemsymbool

weergegeven. Onder spanning staande lei- dingen die onder houten op- pervlakken of gipsplaat liggen, kunnen een onjuist resultaat opleveren. Koppel in dit geval de voeding los, kalibreer de sensor en ge- bruik de modus DEEP om de dode kabel te lokaliseren. Als u weet, dat op een bepaalde plaats leidingen lopen, maar u deze niet met het apparaat in de AC-modus kunt vinden, ge- bruikt u de modus METAL. Elek- trische leidingen kunnen door metalen bekledingen worden afgeschermd. Dicht bij elkaar lopende balken en stroomvoe- rende elektrische leidingen kun- nen het eenduidige opsporen van de afzonderlijke objecten belemmeren. Het apparaat meet in de DEEP-modus ook verborgen stijlen, latten en metaal in wan- den tot een diepte van 45 mm. Hier wordt de aanwezigheid van stijlen, latten en metaal her- kend. Er kan echter geen onder- scheid worden gemaakt tussen hout en metaal.14 REINIGING De multidetector is onder- houdsvrij. Reinig het appa- raat met een droge of licht bevochtigde doek. OPBERGEN

  • Bewaar het apparaat op een droge en vorstvrije plaats, buiten het bereik van kinde- ren.
  • Verwijder de batterijen, als u de multidetector gedu- rende een langere tijd niet gebruikt. AFVOER Doe ook de verpak- kingsmaterialen vol- gens de regels en in overeenstemming met de mili- eueisen weg. Dit zijn grondstof- fen die opnieuw kunnen wor- den gebruikt. Het apparaat mag niet bij het huishoudafval worden verwijderd. Als het apparaat niet meer bruikbaar is, moet u de batterijen uit het apparaat verwijderen. Vraag de verant- woordelijke afvalverwerkings- maatschappij naar de vereiste maatregelen voor de afvalver- wijdering. Batterijen en accu’s horen niet bij het huisvuil. Elke consument is wettelijk verplicht batterijen en accu’s bij een inzamelpunt van de15 gemeente, wijk of in de winkel af te geven. Alle batterijen en accu’s kunnen hierdoor op een milieubewuste manier worden verwijderd. CONFORMITEITS- VERKLARING De conformiteit van het product met de wettelijk voorgeschreven normen wordt gewaarborgd. De volledige conformiteitsverklaring vindt u op het internet op www.gt-support.de16 La protection prévue peut être compromise si appareil n’est pas utilisé conformément à ce mode d’emploi. Conservez ce mode d’emploi et transmet- tez-le aux autres utilisateurs. SPECIFICATIONS TECHNIQUES Modèle : GT-MM-13 Type de piles : 9V pile bloc (Courant conti- nu) / 6F22/6LR61 Consommation de courant : 15 mA Température ambiante : -20 à 40 °C Degré de pollution max. :