Romeo N - Thermostaat FERROLI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Romeo N FERROLI in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Thermostaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Romeo N - FERROLI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Romeo N van het merk FERROLI.
GEBRUIKSAANWIJZING Romeo N FERROLI
142Legenda 1 Keuzetoets modus OFF, zomer - winter/reset storingen 2 Toets automatische/handbediende werking verwarming 3 Programmeertoets verwarming - warm tapwater 4 Toets instellen tijd en dag 5 Toets regelen verwarmingstemperatuur 6 Toets regelen temperatuur tapwater 7 Toets informatie/gebruikersinstellingen 8 Toets vakantiefunctie/kopiëren programma verwarming - tapwater 9 Toets handmatig verlagen kamertemperatuur 10 Toets handmatig verhogen kamertemperatuur 11 Tijdvakken verwarmingsprogramma 12 Aanduiding dag van de week 13 Aanduiding uren en minuten 14 Aanduiding modus OFF 15 Aanduiding handbediende werking verwarming 16 Aanduiding automatische werking verwarming 17 Aanduiding vakantiefunctie 18 Aanduiding brander ingeschakeld en momenteel vermogen 19 Aanduiding zomermodus 20 Aanduiding werking warm tapwater 21 Aanduiding wintermodus 22 Aanduiding werking verwarming 23 Aanduiding storing 24 Aanduiding kamertemperatuur 25 Aanduiding antivriesfunctie omgeving 26 Aanduiding buitentemperatuur (alleen als de optionele buitensonde is aangesloten) 27 Type storing / Informatie 28 Aanduiding RESET (knipperend) van de storing 29 OpenTherm-communicatie aanwezig 30 Aanduiding ECO tapwater bezig code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
2.1 (Fase 1) Correct instellen van tijdstip en dag
1. Druk op de toets . De aanduiding van de dag
begint te knipperen: druk op de toetsen / om de juiste dag in te stellen; DAY 1 is maandag, DAY 7 is zondag.
2. Druk op de toets . De aanduiding van de uren
begint te knipperen: druk op de toetsen / om de juiste tijd in te stellen, van 00 tot 23.
3. Druk op de toets . De aanduiding van de
minuten begint te knipperen: druk op de toetsen / om de juiste minuten in te stellen, van 00 tot 59.
4. Druk op de toets .
2.2 (Fase 2) Instellen van het automatische weekprogramma
Nadat de tijd en dag zijn ingesteld voert de thermostaat het vooraf ingestelde automatische programma uit. Het verwarmingsprogramma bestaat uit 6 verschillende tijdvakken met een eigen temperatuur, genummerd van 1 tot 6. De tijdvakken kunnen worden ingesteld tussen 00:00 en 24:00, in stappen van 10 minuten. Elke temperatuur kan worden ingesteld van 7°C tot 32,5°C, in stappen van 0,1°C. Er kan dus een willekeurige combinatie van tijd en temperatuur worden geprogrammeerd gedurende dag, en elke dag van de week kan verschillend zijn. Standaard is onderstaand automatisch programma ingesteld: Van maandag tot en met vrijdag Tijdvak 1 Tijdvak 2 Tijdvak 3 Tijdvak 4 Tijdvak 5 Tijdvak 6 Begintijd 06:30 08:00 12:00 14:00 18:00 22:30 Temperatuur 21°C 18°C 21°C 18°C 21°C 16°C Zaterdag en zondag Tijdvak 1 Tijdvak 2 Tijdvak 3 Tijdvak 4 Tijdvak 5 Tijdvak 6 Begintijd 08:00 10:00 12:00 14:00 18:00 23:00 Temperatuur 21°C 21°C 21°C 21°C 21°C 16°C code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
144Ga als volgt te werk om het standaard automatische programma te wijzigen.
1. Druk op de toets . Wanneer de programmering van warm tapwater geactiveerd is, kiest u met de
het radiatorsymbool; bevestig daarna met de toets . De 6 dagelijkse tijdvakken knipperen en nummer 1 van DAY 1 wordt gevolgd door een pijl ( ) om aan te geven dat het mogelijk is tijdvak 1 van Maandag te veranderen.
2. Druk op de toets . De aanduiding van uren en minuten begint te knipperen: druk op de
toetsen / om de begintijd van het tijdvak te wijzigen in stappen van 10 minuten. Houd de knop ingedrukt om de uren en de minuten snel te veranderen.
3. Druk op de toets . De aanduiding van de kamertemperatuur in huis begint te knipperen: druk op de
om de temperatuur te veranderen in stappen van 0,1°C. Houd de toets ingedrukt om de temperatuur snel te veranderen.
4. Druk op de toets . De 6 tijdvakken van de dag knipperen.
5. Druk vervolgens op de toets
om tijdvak 2 van maandag op het display op te roepen, dat dan kan worden gewijzigd door punt 2 tot en met 4 te herhalen.
6. De overige tijdvakken kunnen op het display weergegeven worden door 3, 4, 5 of 6 te kiezen met de
7. Nu kan het programma voor de volgende dag ingesteld worden:
a. Druk op de toets om de dag DAY 2 op het display op te roepen. Het programma voor dinsdag kan gewijzigd worden door stap 2 tot en met 6 te herhalen. b. Druk op de toets om het programma van maandag op dinsdag te kopiëren. Druk meerdere malen op de toets om hetzelfde programma op de overige dagen van de week te kopiëren. code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
145Let op! Zorg er bij het instellen van het programma voor dat elk tijdvak een ander begintijdstip heeft. Hier kunt u uw eigen programma noteren Tijdvak 1 Tijdvak 2 Tijdvak 3 Tijdvak 4 Tijdvak 5 Tijdvak 6 Maandag Begintijd Temperatuur Dinsdag Begintijd Temperatuur Woensdag Begintijd Temperatuur Donderdag Begintijd Temperatuur Vrijdag Begintijd Temperatuur Zaterdag Begintijd Temperatuur Zondag Begintijd Temperatuur code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
1462.3 (Fase 3) Selectie van de werkingsmodus Selectie modus OFF Als u de woning voor lange tijd verlaat (zie ook de vakantiefunctie) of eenvoudigweg de verwarming uit wilt zetten, druk dan op toets zodat het symbool op het display verschijnt. De verwarming wordt uitgeschakeld en alleen geactiveerd als de kamertemperatuur onder 5°C daalt: deze maatregel heeft tot doel om vorst in huis te voorkomen. Als de verwarmingsketel is voorzien van een voorraadvat geeft hij geen warm tapwater af; een ketel van het doorstroomtype geeft wel warm tapwater. Selectie zomermodus Als u de verwarming uit wilt schakelen maar wél over warm tapwater wilt beschikken, drukt u op de toets zodat op het display het symbool verschijnt. De verwarming wordt uitgeschakeld en alleen geactiveerd als de kamertemperatuur onder 5°C daalt: deze maatregel heeft tot doel om vorst in huis te voorkomen. Elke soort verwarmingsketel levert warm tapwater. Selectie wintermodus Om de verwarming weer in te schakelen en terug te gaan naar de eerder ingestelde werkingsmodus, drukt u weer op de toets zodat het symbool op het display verschijnt. Elke soort verwarmingsketel levert warm tapwater. Automatische werking van de verwarming (in de wintermodus) Druk op toets zodat op het display het symbool verschijnt. De thermostaat werkt volgens het automatische weekprogramma en geeft de 6 tijdvakken weer. Het actieve vak wordt aangegeven door een pijl. Als er geen pijl op het display wordt weergegeven, betekent dit dat het huidige tijdstip tussen 00:00 en het begin van tijdvak 1 ligt. code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
147Uitsluiting ingestelde temperatuur Tijdens de automatische werking kan de waarde van de kamertemperatuur tijdelijk worden gewijzigd, in stappen van 0.1 °C, door op de toetsen / te drukken. Houd de toets ingedrukt om de temperatuur snel te veranderen. De uitsluitfunctie, die op het display met het knipperend symbool wordt weergegeven, wordt geannuleerd zodra er een tijdvak wordt gewijzigd. Handbediende werking van de verwarming (in wintermodus) Om de thermostaat op een vaste kamertemperatuur te gebruiken, drukt u op de toets zodat op het display het symbool verschijnt (de 6 tijdvakken worden niet weergegeven). Stel vervolgens de kamertemperatuur in, in stappen van 0,1°C, door op de toetsen / te drukken. Door de toets ingedrukt te houden verandert de temperatuur snel. De handbediende werking blijft van kracht zolang er geen andere werkingsmodus geselecteerd wordt.
2.4 (Fase 4) Temperatuurregeling verwarming - warm tapwater
Verwarming - Druk op de toets : op het display verschijnt de huidige temperatuurinstelling van het water in het verwarmingscircuit. Dit kan worden geregeld met de toetsen / in stappen van 1°C. Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten. Warm water - Druk op de toets : op het display verschijnt de huidige temperatuurinstelling van het water in het warmwatercircuit. Dit kan worden geregeld met de toetsen / in stappen van 1°C. Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten. code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
Deze functie dient om de verwarming uit te schakelen (en als de ketel is voorzien van een extra voorraadvat, ook om de productie van warm tapwater uit te schakelen) gedurende een bepaalde periode, d.w.z. van 1 uur tot 45 dagen, in stappen van telkens 1 uur. Zodoende kunt energie en dus kosten besparen als u niet thuis bent. Op het moment dat de vakantiefunctie afloopt, start de eerder ingestelde werkingsmodus weer. De verwarming wordt alleen geactiveerd als de kamertemperatuur onder 5°C daalt: deze maatregel heeft tot doel om vorst in huis te voorkomen. Volg onderstaande aanwijzingen op om de vakantiefunctie in te stellen en te activeren.
1. Druk op de toets . Het symbool begint te knipperen, het symbool verschijnt (vast) en de aanduiding
van de uren en de minuten wordt –00:01, wat staat voor de tijd die nog resteert tot het einde van de vakantiefunctie.
toetsen / om de tijd die nog resteert tot het einde van de vakantiefunctie te verlengen, in stappen van 1 uur (-00:01 betekent 1 uur; -45:00 betekent 45 dagen). Houd de toets ingedrukt om de uren en dagen snel te veranderen. 3. Tijdens de vakantiefunctie blijft op het display de tijd zichtbaar die nog resteert totdat de betreffende functie afloopt. Om de vakantiefunctie te annuleren, druk op de toets of een willekeurige andere toets die gekoppeld is aan een andere werkingsmodus. code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
1493.2 Wijzigen van de gebruikersparameters Weersafhankelijke temperatuur - Compensatiecurve met buitentemperatuur Door een buitensonde (optioneel) te installeren kan het regelsysteem werken met een weersafhankelijke temperatuur. De buitensonde moet verbonden zijn met de stuurkaart van de verwarmingsketel: raadpleeg hiervoor het betreffende boekje. In deze modus wordt de temperatuur van de verwarmingsinstallatie geregeld overeenkomstig de externe weersomstandigheden, zodat gedurende het hele jaar een hoog comfort en energiebesparing worden gegarandeerd. Met name wordt bij stijging van de buitentemperatuur de aanvoertemperatuur van de installatie volgens een vastgestelde stooklijn verlaagd. Met de weersafhankelijke temperatuurregeling wordt de temperatuur die is ingesteld met "Regelen verwarmingstemperatuur"de maximale aanvoertemperatuur voor de installatie. Aanbevolen wordt om de maximale waarde in te stellen, zodat het systeem bij het regelen gebruik kan maken van het gehele werkingsbereik. De stooklijn kan worden ingesteld van 1 tot 10 overeenkomstig de volgende grafiek. Buitentemperatuur Aanvoertemperatuur installatie
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU
weergegeven. Druk op de toetsen / om de stooklijn te wijzigen in stappen van 1 eenheid. Houd de toets ingedrukt om de waarde snel te veranderen.
3. Druk op een willekeurige toets om het menu te
150Wanneer de stooklijn op 0 wordt gezet, is de regeling volgens de weersafhankelijke temperatuur uitgeschakeld. Het systeem moet in de installatiefase door gekwalificeerd personeel worden ingeregeld. Ter verhoging van het comfort kan de gebruiker echter ook enige aanpassingen programmeren. Als de kamertemperatuur lager blijkt dan de gewenste waarde, wordt aanbevolen een hogere stooklijn in te stellen, en omgekeerd. Verhoog of verlaag de stooklijn met één eenheid en verifieer wacht het resultaat in de omgeving af. Nadat de stooklijn is ingesteld, is parallelle verplaatsing van de lijn mogelijk van 20 tot 40, zoals te zien is in de volgende grafieken: Buitentemperatuur Aanvoertemperatuur installatie Buitentemperatuur Aanvoertemperatuur installatie
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU
4. Druk op de toetsen / om de parallelle
verplaatsing van de stooklijnen te wijzigen in stappen van 1°C.
5. Druk op een willekeurige toets om het menu te
151Weersafhankelijke temperatuur - Compensatie afhankelijk van de ruimtetemperatuur. Naarmate de ruimtetemperatuur de ingestelde waarde nadert, wordt de temperatuur van de verwarmingsinstallatie verder ge- regeld om de gewenste waarde zo nauwkeurig mogelijk te bereiken, zonder overtollige warmte en energieverspilling, waardoor het omgevingscomfort van de gebruiker aanzienlijk wordt verbeterd.
3.3 Activering programmering tapwater
Volg onderstaande aanwijzingen op om de programmering voor warm tapwater te activeren.
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk op de toets totdat de parameter P1 verschijnt.
Stel de gewenste waarde in met de toetsen / . 0 = Programma gedeactiveerd, continu comfort zowel in de zomer als de winter. 1 = Programma alleen geactiveerd in de winter 2 = Programma geactiveerd in zomer en winter 3 = Programma gedeactiveerd, economy continu in zowel de zomer als de winter
4. Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten.
Om het automatische weekprogramma in te stellen, ga te werk zoals beschreven in paragraaf “Fase2. Instelling van het automatische weekprogramma”: selecteer bij punt “1” het kraansymbool en bedenk dat bij punt “3” EC (Economy) of CO (Comfort) wordt ingesteld in plaats van een temperatuur. De thermostaat beschikt over een wekelijkse tijdprogrammering die gebaseerd is op twee niveaus: tijdens het niveau COMFORT houdt de ketel het voorraadvat op de ingestelde temperatuur; tijdens het niveau Economy geeft de ketel geen warm tapwater af. Raadpleeg het documentatiemateriaal van de verwarmingsketel voor details omtrent het soort voorraadvat. Let op: Vergewis u ervan dat de thermostaat op de wintermodus en op automatische werking is gezet. code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
1523.4 Voorverwarmingsfunctie Deze functie is uitsluitend actief wanneer de automatische werking van de verwarming is gekozen. Bij instelling op Automatisch vervroegt de functie het starten van het verwarmingssysteem (niet vóór 00:00 van de dag in kwestie), zodat de door de gebruiker ingestelde kamertemperatuur al bereikt is op het moment dat het geprogrammeerde tijdvak begint. De thermostaat berekent een eerste, theoretische voor-ontstekingstijd: als de geprogrammeerde kamertemperatuur eerder bereikt wordt dan berekend, wordt de voorverwarmingstijd verkort, en omgekeerd. In feite is dit een zelfleerproces met het doel de kortst mogelijke voorontstekingstijd te bepalen. De thermostaat biedt bovendien de mogelijkheid om een vaste voorverwarmingscurve in te stellen: in dit geval stijgt de kamertemperatuur met 3°C per uur. Het is dus belangrijk dat de automatische verwarming geprogrammeerd wordt op grond van het tijdvak waarin comfortabele warmte gewenst wordt, en niet volgens het tijdstip waarop de verwarmingsinstallatie gestart moet worden. Volg onderstaande aanwijzingen op om deze functie in of uit te schakelen.
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk herhaaldelijk op de toets totdat de parameter P2 verschijnt.
Stel 0 in met de toetsen / om voorverwarming uit te schakelen. Stel 1 in met de toetsen / om automatische voorverwarming te activeren. Stel 2 in met de toetsen / om voorverwarming in te schakelen met een vaste stijging van 3°C per uur.
4. Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten.
Tijdens de voorverwarmingsfunctie knippert het symbool °C van de kamertemperatuur. De voorverwarmingsfunctie eindigt wanneer het verschil tussen de geprogrammeerde kamertemperatuur en de werkelijke kamertemperatuur minder dan 0.5 °C bedraagt. code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
1533.5 Maximaal aantal tijdvakken per dag Het verwarmingsprogramma bestaat uit 6 verschillende tijdvakken met een eigen temperatuur, genummerd van 1 tot 6. Indien gewenst kunnen ze tot een minimum van 2 worden teruggebracht.
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk op de toets totdat de parameter P3 verschijnt.
Druk op de toetsen / om het aantal tijdvakken per dag te wijzigen van 2 tot 6.
4. Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten.
3.6 Minimum verwarmingstemperatuur
Volg onderstaande aanwijzingen op om de minimumwaarde van het water in het verwarmingscircuit in te stellen, in stappen van 1°C.
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk herhaaldelijk op de toets totdat de parameter P4 verschijnt.
Druk op de toetsen / om de parameter in te stellen, in stappen van 1°C. Houd de toets ingedrukt om de waarde snel te veranderen.
4. Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten.
1543.7 Installatie vullen Met deze functie wordt de werkingswijze van het elektrische apparaat voor vulling van het watersysteem beheerd (op bepaalde typen verwarmingsketels).
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk herhaaldelijk op de toets totdat de parameter P5 verschijnt.
Stel 0 in met de toetsen / om het elektrische apparaat voor het vullen uit te schakelen. Stel 1 in met de toetsen / om handmatig vullen van de installatie te activeren. Stel 2 in met de toetsen / om automatisch vullen van de installatie te activeren.
4. Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten.
Let op: Stel handmatig vullen in op de stuurkaart van de ketel. Tijdens handbediende werking en als de in de verwarmingsketel geïnstalleerde sensor onvoldoende druk meet, begint op het display het pictogram Bar te knipperen; door op de toets
drukken wordt de betreffende magneetklep geactiveerd. Tijdens vullen van de installatie, zowel handmatig als automatisch, blijft het Bar-pictogram branden. Wanneer de nominale drukwaarde weer bereikt is keert de thermostaat terug naar de normale weergave.
3.8 Selectie meeteenheid temperatuur
Volg onderstaande aanwijzingen op om de thermostaat te gebruiken in °C of °F.
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk herhaaldelijk op de toets totdat de parameter P6 verschijnt.
Stel 0 in met de toetsen / om °C te kiezen. Stel 1 in met de toetsen / om °F te kiezen.
4. Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten.
1553.9 Correctie lezen kamertemperatuur Volg onderstaande aanwijzingen op om de uitlezing van de kamertemperatuur te corrigeren van –2°C tot + 2°C, in stappen van 0.1°C.
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk herhaaldelijk op de toets totdat de parameter P7 verschijnt.
Stel de parameter in met de toetsen / , in stappen van 0.1°C.
4. Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten.
3.10 Ingang telefooncontact
De normale werking van de thermostaat wordt gegarandeerd zolang het telefooncontact geopend is. Het sluiten van dit contact, dat op het display wordt aangegeven met de symbolen < >, kan worden gebruikt voor geforceerde uitschakeling van de verwarming door de thermostaat, of regeling van de omgevingstemperatuur op een vaste, vooringestelde waarde. Volg onderstaande aanwijzingen op om beide functies in te stellen.
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk herhaaldelijk op de toets totdat de parameter P8 verschijnt.
Stel 0 in met de toetsen / om de verwarming uit te schakelen wanneer het contact gesloten wordt. Stel in op 1 met de toetsen / om de omgevingstemperatuur op een vaste, vooringestelde waarde te regelen (via de volgende parameter P9) bij het sluiten van het contact.
4. Druk op de toets .
5. Het display geeft de parameter P9 weer.
156Stel de omgevingstemperatuur in die de thermostaat moet regelen bij het sluiten van het contact (in het geval dat de parameter P8 is ingesteld op 1) door op de toetsen / te drukken met stappen van 0,1°C. Als de toets ingedrukt gehouden wordt, verandert de temperatuur sneller.
6. Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten.
De werkingswijze van de thermostaat bij het openen en sluiten van het telefooncontact kan binnen maximaal 60 seconden worden gewijzigd.
Volg onderstaande instructies om na te gaan welk type protocol er wordt gebruikt.
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk op de toets totdat de parameter OT verschijnt.
4. Controleer of hij is ingesteld op “1”.
3.12 Set Max CH en Set DHW
Volg onderstaande instructies om na te gaan of de instellingen van het setpoint voor verwarming en warm tapwater zowel gelezen als geschreven kunnen worden in de ketel (0 = default), of alleen geschreven (1).
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk herhaaldelijk op de toets totdat de parameter FS verschijnt.
4. Controleer of hij is ingesteld op “1”.
1573.13 Contrast (voor versies met backlight) Volg onderstaande instructies om het contrast van het display te wijzigen.
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk herhaaldelijk op de toets totdat de parameter D1 verschijnt.
4. Werk met de toetsen / om het contract aan te passen.
3.14 Duur verlichting (voor versies met backlight)
Volg onderstaande instructies om de duur van de backlight verlichting te veranderen
1. Druk 3 seconden op de toets .
2. Op het display wordt de parameter CU weergegeven.
3. Druk herhaaldelijk op de toets totdat de parameter D2 verschijnt.
4. Werk met de toetsen / om de duur in seconden aan te passen.
De thermostaat geeft de gebruiker bepaalde informatie omtrent de status van de verwarmingsketel. Telkens wanneer de toets wordt ingedrukt, wordt cyclisch onderstaande informatie weergegeven: T1 Temperatuur aanvoerwater verwarmingscircuit T2 Temperatuur warm tapwater T3 Temperatuur retourwater verwarmingscircuit (uitsluitend voor verwarmingsketels met sensor) T4 Setpoint temperatuur aanvoerwater, berekend door de thermostaat P5 Momenteel brandervermogen F6 Momentele ventilatorsnelheid (uitsluitend voor condensatieketels) F7 Momenteel debiet warm tapwater (uitsluitend voor verwarmingsketels zonder voorraadvat, met stromingsmeter)
Momentele druk in installatie (uitsluitend voor verwarmingsketels met druksensor)
Model thermostaat V Softwareversie van de thermostaat Druk op een willekeurige toets om het menu te sluiten.
4.2 Onderbreking van de voedingsspanning
Als er een onderbreking in de voedingsspanning optreedt slaat de thermostaat de werkingswijze en de actualisering van de kalender (dag, uur en minuten) op. De reservelading duurt minimaal 5 uur (uitsluitend gegarandeerd als de thermostaat minstens 1 uur elektrisch gevoed werd). Is dit niet het geval, dan moeten eerst de dag, de uren en de minuten en vervolgens de werkingsmodus opnieuw ingesteld worden. code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
1594.3 Diagnostiek De thermostaat controleert de toestand van de ketel voortdurend en signaleert eventuele storingen op het display met het alarmpictogram en een foutcode: raadpleeg de documentatie van de ketel voor een beschrijving van de storing. Er zijn storingen die permanente blokkeringen veroorzaken (aangeduid met de letter “A” en het symbool ): de werking wordt hervat door op de toets te drukken. Andere storingen veroorzaken tijdelijke blokkeringen (aangeduid met de letter “F”). Deze worden automatisch opgeheven zodra de waarde weer binnen het normale werkingsbereik van de verwarmingsketel komt.
4.4 Storing sonde kamertemperatuur
Wanneer de sonde van de kamertemperatuur van de thermostaat defect is, geeft het display storing E92 weer met het symbool . De verwarming wordt uitgeschakeld.
4.5 Storing sonde buitentemperatuur
Tijdens werking met weersafhankelijke temperatuur, en wanneer de buitensonde (optioneel) defect is, geeft het display storing E93 weer met het symbool . De temperatuur wordt nu geregeld volgens de waarde van "Regelen verwarmingstemperatuur". Los de storing op door de buitensonde te herstellen of de regeling met weersafhankelijke temperatuur uit te schakelen.
4.6 Fabrieksinstellingen herstellen
Let op! Met deze procedure worden alle parameters van de thermostaat teruggezet op de fabriekswaarden. Daarna moet de procedure voor het automatische weekprogramma worden herhaald en moeten de gebruikersparameters opnieuw worden ingesteld. Houd de toetsen / tegelijkertijd 10 seconden ingedrukt: nu wordt alleen de tekst RE knipperend weergegeven. Als u de toetsen loslaat voordat de 10 seconden verstreken zijn, wordt de procedure onderbroken. Nadat de reset is voltooid, activeert de thermostaat alle displaysymbolen. code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
1604.7 Installatie De thermostaat moet aan de muur bevestigd worden op ongeveer 1,5 m boven de vloer, uit de buurt van voordeuren, ramen of warmtebronnen die van invloed kunnen zijn op de kamertemperatuur. Schakel de elektrische voeding naar de verwarmingsketel uit vóór het begin van de installatie. Verwijder het voorste deel van de thermostaat door het op te lichten met een schroevendraaier op de punten A. Bevestig vervolgens het achterste deel van de thermostaat aan de muur met de meegeleverde bevestigingsschroeven en zorg dat de 2 draden door de gaten boven de klemmen lopen. Gebruik voor de elektrische aansluiting de klemmen “COM”. Gebruik voor het aansluiten van het telefooncontact (potentiaalvrij contact), indien van toepassing, de klemmen “AUX”. Plaats de voorkant van de thermostaat terug
Gebruik een tweepolige kabel (2x0,75 mm², max. 2x2,5 mm²) en zorg ervoor dat deze apart van de netvoedingskabels lopen. De kabel mag maximaal 50 m lang zijn. code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
Instelling tijd 12:00 Instelling dag Day 1=Maandag Werkingswijze Automatisch Handbediende verwarmingstemperatuur 20°C Antivriestemperatuur woning 5°C CU Stooklijn 0=Niet actief OF Parallelle verplaatsing van de stooklijnen 30°C P1 Activering programmering tapwater 0=Niet actief P2 Voorverwarmingsfunctie 0=Niet actief P3 Maximaal aantal tijdvakken per dag 6 P4 Minimum verwarmingstemperatuur - P5 Installatie vullen 0=Niet actief P6 Selectie meeteenheid temperatuur 0=°C P7 Correctie lezen kamertemperatuur 0 P8 Selectie werking ingang telefooncontact 0=Uitschakelen verwarming P9 Handbediende temperatuur bij sluiten van ingang telefooncontact 20°C OT Type communicatieprotocol OpenTherm 1 FS Forcering aanvoertemperatuur tapwater 0 D1 Contrastniveau LCD (alleen voor versies met backlight) 2 D2 Duur backlight-verlichting (alleen voor versies met backlight) 10 code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
162NL In overeenstemming met verordening 811/2013 is de klasse van het temperatuurregelsysteem: Klasse Bijdrage aan de seizoensgebonden energie- eciëntie van de omgevingsverwarming Beschrijving V +3% Kit externe klokthermostaat VI +4% Kit met externe klokthermostaat gekoppeld aan een buitensonde; gemonteerd op een ketel met modulerende brander VIII +5% Zonebeheerkit, gecombineerd met 3 klokthermostaatkits; gemonteerd op ketel met modulerende brander code 3541Z220 - Rev. 05 - 12/2021
Notice-Facile