HTA FKTSA 40Li A1 - Niet gecategoriseerd FLORABEST - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HTA FKTSA 40Li A1 FLORABEST in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Niet gecategoriseerd in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HTA FKTSA 40Li A1 - FLORABEST en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HTA FKTSA 40Li A1 van het merk FLORABEST.
GEBRUIKSAANWIJZING HTA FKTSA 40Li A1 FLORABEST
Bedienungs- und Sicherheitshinweise Originalbetriebsanleitung ACCU-KETTINGZAAG 40 V Bedienings- en veiligheidsaanwijzingen Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
Bescherm de accu tegen water en vochtigheid. Wisselstroom Bescherm de accu tegen vuur. Gelijkstroom Gegarandeerd geluidsvermogensniveau in dB. T5A Miniatuurzekering Gebruik altijd uw beide handen bij het gebruik van het product. Draag gehoorbescherming! Draag een veiligheidsbril! Contact met de punt van de geleidingsrail met eventuele voorwerpen moet altijd worden voorkomen. Draag een stofmasker! Contact met de punt kan ertoe leiden dat de geleidingsrail plotseling naar boven en achteren springt, wat ernstig letsel tot gevolg kan hebben. Draag beschermende handschoenen! 305 mm Max. lengte van de geleidingsrail: 305 mm Draag anti-slip veiligheidsschoenen! Juiste richting van de zaagtanden. Draag een hoofdbescherming! Kettingolie bijvullen. Draag nauwsluitende beschermende kleding! Draairichting van de zaagketting. Niet blootstellen aan regen! Aandrijfafdekking sluiten.
66 NL / BEACCU-KETTINGZAAG 40 V
HTA FKTSA 40-Li A1 Q Inleiding Hartelijk gefeliciteerd met de aankoop van uw nieuwe product. U heeft voor een hoogwaardig product gekozen. De gebruiksaanwijzing is een deel van het product. Deze bevat belangrijke aanwijzingen voor veiligheid, gebruik en verwijdering. Maakt U zich voor de ingebruikname van het product met alle bedienings- en veiligheidsvoorschriften vertrouwd. Gebruik het product alleen zoals beschreven en voor de aangegeven toepassingsgebieden. Overhandig alle documenten bij doorgifte van het product aan derden. Q Beoogd gebruik Deze accu-kettingzaag 40 V (hierna „Product“ of „Elektrisch gereedschap”) is alleen geschikt voor het zagen van hout. Het product is niet geschikt voor andere toepassingen (bijvoorbeeld zagen van metselwerk, kunststof of voedsel). Het product mag alleen door volwassenen worden gebruikt. Kinderen jonger dan 16 jaar mogen het product niet gebruiken, behalve onder toezicht. Andere toepassingen of wijzigingen van het product worden als niet beoogd beschouwd en kunnen leiden tot risico’s zoals levensgevaar, letsel en beschadigingen. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die voortvloeit uit niet beoogd gebruik. Het product is niet bedoeld voor commercieel gebruik of andere toepassingen. Gebruik of bewaar het elektrisch gereedschap niet in de regen of natte omgevingen. Neem alle toepasselijke plaatselijke voorschriften, normen en verordeningen in acht. Het gebruik van luidruchtig elektrisch gereedschap is alleen toegestaan op bepaalde tijden in overeenstemming met nationale of plaatselijke voorschriften. Snijlengte voor hout: 283 mm. Q Beschrijving van onderdelen Afbeelding A:
Draaiknop voor aandrijfafdekking
Draaiknop voor kettingspanning
Aan- / uit-schakelaar
Geleidingsrailbescherming Afbeeldin g B:
Weergave laadtoestand Afbee ldin g C:
Laadtoestand-led – rood Afbee ldin g F:
Schroef geleidingsrail
Pen voor kettingspanning
, 50/60 Hz Energieverbruik: 160 W UITGANG: Nominale spanning: 36 V Laadstroom: 3,0 A Laadduur: ongeveer 60 min Beschermingsklasse: II / Geluidsemissie: Gemeten waarde voor geluid bepaald volgens EN 60745. Het A-beoordeelde geluidsniveau van het elektrisch gereedschap is normaal gesproken: Geluidsdrukniveau L
: 96,5 dB(A) Onzekerheid K
: 3 dB Gegarandeerd geluidsvermogensniveau L
100 dB(A) (volgens 2000/14/EC gewijzigd van 2005/88/EC) WAARSCHUWING! Draag gehoorbescherming! Trillingswaarde: (voorste handgreep) Hand-/armtrilling a
Onzekerheid K: 1,5 m/s
WAARSCHUWING! u Het trillingsniveau zal variëren naar gelang het gebruik van het gereedschap en kan in sommige gevallen boven de in deze instructies aangegeven waarde liggen. De trillingsbelasting kan onderschat worden als het gereedschap regelmatig op zo’n manier wordt gebruikt. Probeer de impact van de trilling zo laag mogelijk te houden. Voorbeelden van maatregelen om de trillingsbelasting te verminderen omvatten het dragen van handschoenen bij het gebruik van het gereedschap en het beperken van de werktijd. Daarbij moeten alle onderdelen van de bedrijfscyclus worden overwogen (bijvoorbeeld tijden wanneer het gereedschap is uitgeschakeld en die waarin het is ingeschakeld, maar zonder belasting werkt). INSTRUCTIE u Het in deze instructies genoemde trillingsniveau is gemeten volgens een gestandaardiseerde meetmethode in EN 60745 en kan worden gebruikt voor de vergelijking van apparaten. De vermelde emissiewaarde van de trilling kan ook worden gebruikt voor een eerste beoordeling van de blootstelling. 68 NL / BEVeiligheidsinstructies Q Algemene veiligheidsinstructies voor elektrisch gereedschap WAARSCHUWING! u Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen. Het niet naleven van veiligheidsinstructies en aanwijzingen kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of zwaar letsel. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor de toekomst. De term „Elektrisch gereedschap“ in de veiligheidsinstructies heeft betrekking op elektrische gereedschappen op netspanning (met netsnoer) en op snoerloze elektrische gereedschappen (zonder netsnoer). Veiligheid op de werkplek
1. Houd uw werkomgeving schoon en
goed verlicht. Wanorde en onverlichte werkgebieden kunnen tot ongelukken leiden.
2. Werk niet met het elektrisch
gereedschap in een potentieel explosieve omgeving waar ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof aanwezig zijn. Elektrisch gereedschap genereert vonken, die het stof of de dampen kunnen ontsteken.
3. Houd kinderen en andere personen
tijdens het gebruik van elektrisch gereedschap uit de buurt. Bij afleiding kunt u de controle over het apparaat verliezen. Elektrische veiligheid
1. De aansluitstekker van het elektrisch
gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen enkele manier worden gewijzigd. Gebruik adapterstekkers in combinatie met elektrisch geaard gereedschap. Niet-gemodificeerde stekkers en bijpassende stopcontacten verminderen het risico van een elektrische schok.
2. Vermijd lichamelijk contact met
geaarde oppervlakken zoals buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er is een verhoogd risico op elektrische schokken als uw lichaam geaard is.
3. Houd elektrisch gereedschap uit
de buurt van regen of vocht. Het binnendringen van water in elektrisch gereedschap verhoogt het risico van een elektrische schok.
4. Gebruik het snoer niet om het
elektrisch gereedschap te dragen, op te hangen of de stekker uit het stopcontact te halen. Houd het snoer uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen of bewegende delen van het apparaat. Beschadigde of verwarde snoeren verhogen van een elektrische schok.
5. Als u buitenshuis met elektrisch
gereedschap werkt, gebruik dan alleen verlengsnoeren die geschikt zijn voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis vermindert het risico van een elektrische schok.
6. Als het gebruik van elektrisch
gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdbaar is, gebruik dan een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico van een elektrische schok. Veiligheid van personen
1. Wees altijd attent, let op wat u doet
en ga tijdens het werk met elektrisch gereedschap voorzichtig te werk. Gebruik geen elektrisch gereedschap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onachtzaamheid bij het gebruik van elektrisch gereedschap kan ernstig letsel veroorzaken.
2. Draag persoonlijke
beschermingsmiddelen en altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, antislip-veiligheidsschoenen, veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van het type en gebruik van het elektrisch gereedschap, vermindert het risico op letsel.
3. Voorkom onbedoeld opstarten.
Zorg ervoor dat het elektrisch gereedschap uitgeschakeld is, voordat u het op het stroomnet en/of de accu aansluit, het optilt of draagt. Als tijdens het dragen van het elektrisch gereedschap de vinger op een schakelaar houdt of het apparaat al hebt ingeschakeld op het stroomnet, kan dit tot ongevallen leiden. 69 NL / BE4. Verwijder afstelgereedschap of steeksleutels voordat u het elektrisch gereedschap inschakelt. Gereedschap dat of een sleutel die zich in een draaiende gedeelte van het apparaat bevindt, kan letsel veroorzaken.
5. Vermijd een abnormale
lichaamshouding. Zorg voor een veilige positie en behoud altijd uw evenwicht. Hiermee kunt u het elektrisch gereedschap beter onder onverwachte omstandigheden controleren.
6. Draag geschikte kleding. Draag
geen losse kleding of sieraden. Houd haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Losse kleding, sieraden of lang haar kunnen worden vastgegrepen door bewegende delen.
7. Als stofafzuiging- en
-opvangvoorzieningen worden gemonteerd, zorg er dan voor dat ze op de juiste manier zijn aangesloten en worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging kan risico door stof verminderen. Gebruik en behandeling van het elektrisch gereedschap
1. Overbelast het apparaat niet.
Gebruik voor uw werk het juiste elektrische gereedschap. Met het juiste elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger in het gespecificeerde vermogensbereik.
2. Gebruik geen elektrisch gereedschap
waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
3. Haal de stekker uit het stopcontact
en/of verwijder de accu, voordat u instellingen aan het apparaat uitvoert, onderdelen van toebehoren vervangt of het apparaat weglegt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt het onbedoeld starten van elektrisch gereedschap.
4. Houd ongebruikt elektrisch
gereedschap buiten het bereik van kinderen. Laat geen personen het apparaat gebruiken, die hier niet mee vertrouwd zijn of deze instructies niet hebben gelezen. Elektrisch gereedschap is gevaarlijk wanneer het door onervaren mensen wordt gebruikt.
5. Onderhoud elektrisch gereedschap
met zorg. Controleer of bewegende delen correct werken en niet vastzitten, of er onderdelen zijn gebroken of zo beschadigd, dat de werking van het elektrisch gereedschap niet in het gedrang komt. Laat voordat u het apparaat gebruikt beschadigde onderdelen repareren. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden elektrisch gereedschap.
6. Houd snijgereedschap scherp
en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijkanten lopen minder vast en zijn gemakkelijker te leiden.
7. Gebruik elektrisch gereedschap,
toebehoren, afstelgereedschap enz. volgens deze instructies. Houd daarbij rekening met de werkomstandigheden en uit te voeren activiteit. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere dan de bedoelde toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden. Gebruik en behandeling van het accugereedschap
1. Laad de accu’s alleen op in
opladers die door de fabrikant zijn aanbevolen. Voor een oplader, die voor een bepaald soort accu geschikt is, bestaat brandgevaar, wanneer deze met andere accu’s wordt gebruikt.
2. Gebruik alleen de daarvoor
bedoelde accu’s in het elektrisch gereedschap. Het gebruik van andere accu’s kan leiden tot letsel en brandgevaar.
3. Houd de ongebruikte accu uit de
buurt van paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of ander kleine metalen voorwerpen die het onderbreken van de contacten kunnen veroorzaken. Kortsluitingen tussen de accucontacten kan leiden tot brandwonden of vuur.
4. Bij onjuist gebruik kan er vloeistof
uit de accu lekken. Vermijd het contact ermee. Spoel met water af in geval van toevallig contact. Als de vloeistof in uw ogen komt, zoek dan extra medische hulp. Lekkende accuvloeistof kan huidirritatie of brandwonden veroorzaken. 70 NL / BEService
1. Laat uw elektrisch gereedschap
alleen door gekwalificeerd personeel en alleen met originele reserveonderdelen repareren. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van het apparaat wordt gehandhaafd. Q Veiligheidsinstructies voor kettingzagen
1. Houd bij een lopende zaag alle
lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting. Controleer voor het starten van de zaag, of de zaagketting niets aanraakt. Wanneer u met een kettingzaag werkt, kan een moment van onvoorzichtigheid ertoe leiden, dat kleding of lichaamsdelen door de zaagketting worden gegrepen.
2. Houd de kettingzaag altijd met
uw rechterhand op de achterste handgreep en uw linkerhand op de voorste handgreep vast. Het vasthouden van de kettingzaag in omgekeerde werkhouding verhoogt het risico op verwondingen en mag niet worden gebruikt.
3. Houd het elektrisch gereedschap
alleen aan de geïsoleerde greepoppervlakken vast, omdat de zaagketting in contact kan komen met verborgen stroomleidingen. Het contact van de zaagketting met een onder spanning staande leiding kan metalen onderdelen van het apparaat onder spanning zetten en tot een elektrische schok leiden.
4. Draag een veiligheidsbril en
gehoorbescherming. Andere beschermende uitrusting voor hoofd, handen, benen en voeten wordt aanbevolen. Geschikte beschermende kleding vermindert de kans op letsel door rondvliegend spaanmateriaal en per ongeluk contact met de zaagketting.
5. Werk niet op een boom met de
kettingzaag. Als u op een boom werkt, bestaat er kans op letsel.
6. Zorg er altijd voor dat u stevig staat
en gebruik de kettingzaag alleen, wanneer u op een stevige, veilige en vlakke ondergrond staat. Gladde oppervlakken of onstabiele oppervlakken om op te staan zoals op een lader kunnen tot het verlies van evenwicht of controle over de kettingzaag leiden.
7. Houd er rekening mee dat een tak
onder spanning terugveert. Wanneer de spanning in houtvezels vrijkomt, kan de tak onder spanning de gebruiker raken en/of de kettingzaag buiten controle raken.
8. Wees vooral voorzichtig bij het
snijden van struikgewas en jonge bomen. Het dunnen materiaal kan in de zaagketting verstrikt raken en u raken of u het evenwicht laten verliezen.
9. Draag de kettingzaag bij de voorste
handgreep in uitgeschakelde stand, de zaagketting weg van uw lichaam. Bij het vervoer of bewaren van de kettingzaag steeds de beschermhoes aanbrengen. Zorgvuldige omgang met de kettingzaag vermindert de kans op onbedoeld contact met de lopende zaagketting.
10. Volg de instructies voor de smering,
kettingspanning en het wisselen van de toebehoren. Een onjuist gespannen of gesmeerde ketting kan ofwel het scheuren of het terugslagrisico vergroten.
11. Houd de handgrepen droog,
schoon en vrij van olie en vet. Vettige, olieachtige handgrepen zijn glad en leiden tot controleverlies.
12. Alleen hout zagen. Gebruik
de kettingzaag niet voor werkzaamheden, waarvoor deze niet is bedoeld - voorbeeld: Gebruik de kettingzaag niet voor het zagen van plastic, metselwerk of bouwmaterialen, die niet van hout zijn. Het gebruik van de kettingzaag voor oneigenlijke werkzaamheden kan leiden tot gevaarlijke situaties. Oorzaken en vermijding van tegenslag Terugslag kan ontstaan, wanneer de punt van de geleidingsrail een voorwerp raakt of wanneer het hout buigt en de zaagketting in de snede vast komt te zitten. Het aanraken met de punt van de geleidingsrail kan in sommige gevallen tot een onverwachte naar achteren gerichte reactie leiden, waarbij de geleidingsrail naar boven en in de richting van de gebruiker wordt geduwd. Het vastlopen van de zaagketting aan de bovenkant van de geleidingsrail kan de rail heftig terugstoten in de richting van de gebruiker. 71 NL / BEElk van deze reacties kan ertoe leiden dat u de controle over de zaag verliest en uzelf misschien zwaar verwondt. Vertrouw niet uitsluitend op de in de kettingzaag ingebouwde veiligheidsvoorzieningen. Als gebruiker van een kettingzaag moet u verschillende maatregelen nemen om zonder ongevallen en letsel te kunnen werken. Een terugslag is het gevolg van een verkeerd of foutief gebruik van het elektrisch gereedschap. Dit kan door de juiste voorzorgsmaatregelen, zoals hieronder beschreven, worden voorkomen:
1. Houd de zaag met beide handen
vast, waarbij duimen en vingers de handgrepen van de kettingzaag omsluiten. Breng uw lichaam en de armen in een positie, waarbij u weerstand biedt tegen terugslagkrachten. Indien gepaste maatregelen worden genomen, kan de gebruiker de terugslagkrachten beheersen. Laat de kettingzaag nooit los.
2. Vermijd een abnormale
lichaamshouding en zaag niet boven schouderhoogte. Daardoor wordt onbedoeld contact met de punt van de geleidingsrail voorkomen en is een betere controle van de kettingzaag in onverwachte situaties mogelijk.
3. Gebruik altijd de vervangende
rails en de zaagkettingen die door de fabrikant zijn voorgeschreven. Onjuiste vervangende rails en zaagkettingen kunnen scheuren van de ketting en/of tot terugslag leiden.
4. Volg de instructies van de fabrikant
op voor het slijpen en het onderhoud van de zaagketting. Een te lage dieptebegrenzer verhoogt de neiging tot terugslag. Q Trillings- en geluidsreductie Beperk de gebruikstijd, gebruik trillings- en geluidsarme bedrijfsmiddelen en draag persoonlijke beschermingsmiddelen om trillings- en geluidsgerelateerde effecten te verminderen. De volgende maatregelen helpen trillingen- en geluidsgerelateerde risico’s te verminderen: ¢ Gebruik het product alleen volgens het gebruiksdoel en zoals in deze gebruiksaanwijzing beschreven. ¢ Zorg ervoor dat het product in perfecte staat en goed onderhouden is. ¢ Gebruik het juiste plaatsingsgereedschap voor dit product en controleer dat deze perfect zijn. ¢ Houd het product veilig aan de handgrepen/ grijpvlakken vast. ¢ Onderhoud het product volgens de aanwijzingen en zorg voor voldoende smering (indien van toepassing). ¢ Plan uw werkproces zo, dat het gebruik van producten met een hoge trilwaarde over een langere periode wordt verspreid. Q Gedrag in noodsituaties Maak u met behulp van deze gebruikshandleiding vertrouwd met het gebruik van dit product. Leer de veiligheidsinstructies uit uw hoofd en houd u zich hier beslist aan. Dit helpt risico’s en gevaren te vermijden. ¢ Wees bij het gebruik van dit product altijd opmerkzaam, zodat u vroegtijdig risico’s kunt herkennen en op kunt treden. Snelle interventie kan ernstig letsel en materiële schade voorkomen. ¢ Zet het product bij storingen onmiddellijk uit en verwijder de accu. Laat het apparaat door een gekwalificeerde technicus controleren en eventueel repareren voordat u dit weer gebruikt. Q Restrisico’s Ook als u het product correct gebruikt, blijft er een mogelijk risico voor persoonlijk letsel en zaakschade bestaan. De volgende gevaren kunnen onder andere optreden in verband met het ontwerp en de uitvoering van het product: ¢ Gezondheidsschade die uit trillingsemissies ontstaat, als het product voor een langere periode niet wordt gebruikt, niet juist beheerd en onderhouden wordt. ¢ Persoonlijk letsel en zaakschade veroorzaakt door defect zaaggereedschap of plotselinge inslag van een verborgen voorwerp tijdens het gebruik. ¢ Gevaar voor letsel en zaakschade veroorzaakt door vliegende voorwerpen. 72 NL / BEWAARSCHUWING! u Dit product genereert tijdens het gebruik een elektromagnetisch veld! Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden actieve of passieve medische implantaten beïnvloeden! Om het gevaar op ernstig of dodelijk letsel te verminderen, raden wij aan dat personen met medische implantaten hun arts en de fabrikant van het medisch implantaat raadplegen alvorens het product te gebruiken! Q Veiligheidsinstructies voor opladers ¢ Dit apparaat kan gebruikt worden door kinderen vanaf acht jaar en door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of met onvoldoende ervaring en kennis, mits deze personen onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het gebruik van het apparaat zodat zij de daarmee samenhangende gevaren begrijpen. ¢ Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. ¢ Reiniging en gebruiksonderhoud mogen niet zonder toezicht door kinderen worden uitgevoerd. ¢ Laad geen niet-oplaadbare batterijen op. Het niet opvolgen van deze instructie leidt tot gevaren. ¢ Als de netaansluitleiding van dit apparaat beschadigd is geraakt, moet dit, om gevaar te voorkomen, door de klantenservice van de fabrikant of een vakkundige reparateur worden vervangen. ¢ Bescherm elektrische onderdelen tegen vocht. Dompel het product niet onder in water of ander vloeistoffen, om een elektrische schok te voorkomen. Houd het product nooit onder stromend water. Let op de aanwijzingen voor schoonmaken, onderhoud en reparatie. ¢ Deze oplader is alleen geschikt voor het opladen van accu’s van het volgende type: FAP 40 A1 WEES VOORZICHTIG! EXPLOSIEGEVAAR!
Laad niet-oplaadbare batterijen nooit op. Bescherm de 45 accu tegen warmte, bijvoorbeeld ook voor permanent zonlicht, vuur water en vocht. Er bestaat gevaar voor ontploffing. 73 NL / BEQ Voor het eerste gebruik Q Uitpakken WAARSCHUWING! u Het product en het verpakkingsmateriaal zijn geen kinderspeelgoed! Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine delen spelen! Er bestaat gevaar voor opname door de mond en verstikking!
1. Pak alle onderdelen uit en leg deze op een
vlak en stabiel oppervlak.
2. Verwijder het verpakkingsmateriaal en
verpakkings- en transportbeveiligingen (indien aanwezig).
3. Zorg ervoor dat de levering compleet en
vrij van mogelijke schade is. Neem contact op met de dealer, waar u dit product heeft gekocht, wanneer u ontdekt dat er onderdelen ontbreken of defect zijn. Gebruik het product niet voordat ontbrekende onderdelen zijn vervangen of defecte onderdelen zijn vervangen. Het gebruik van een onvolledig of beschadigd product leidt tot letsel en zaakschade.
4. Zorg ervoor dat u over de benodigde
accessoires en gereedschappen voor de ingebruikname en het gebruik beschikt. Dit omvat ook geschikte persoonlijke beschermingsmiddelen. Q Toebehoren Voor het veilige en correcte gebruik van dit product zijn onder andere de volgende accessoires zoals gereedschap en plaatsingsgereedschap nodig. o Geschikte persoonlijke beschermingsmiddelen o Oliespuit met naaldpunt o Slijpset (kettingvijl) Zorg ervoor dat u over de benodigde accessoires en gereedschappen voor de ingebruikname en het gebruik beschikt. Dit omvat ook geschikte persoonlijke beschermingsmiddelen. Accessoires en gereedschap zijn verkrijgbaar bij speciaalzaken. Let bij de aankoop altijd op de technische vereisten van dit product (zie „Technische gegevens“). Vraag bij twijfel een gekwalificeerde specialist en laat uw door uw speciaalzaak adviseren. INSTRUCTIE u Deze gebruiksaanwijzing bevat informatie en instructies over verschillende plaatsingsgereedschappen en hun toepassingsgebieden. De getoonde plaatsingsgereedschappen zijn niet noodzakelijkerwijs opgenomen in de levering, maar laten de mogelijke toepassingen van dit product zien. Q Voor het gebruik Q Accu plaatsen/verwijderen Accu plaatsen:
uit met de accu-opening en schuif deze daarin. Controleer dat deze zichtbaar vastklikt. Accu verwijderen:
los en verwijder de accu
wordt met lage lading geleverd. Laad de accu
voor gebruik liefst 60 minuten op. u Haal steeds de stekker van de oplader
uit het stopcontact voordat u de accu
uit de oplader haalt of plaatst. u Laad de accu
nooit op, wanneer de omgevingstemperatuur onder 10 °C of boven 40 °C ligt. u Laad een accu
nooit direct na het snelladen voor een tweede keer op. Er bestaat het gevaar dat de accu
wordt overbeladen en daardoor de levensduur van accu
wordt verminderd. u Laat de oplader
tussen opeenvolgend opladen minimaal 15 minuten rusten. u Als er geen accu
geplaatst en deze is aangesloten op de stroomvoorziening, licht de opladerled
2. Steek de stekker in het stopcontact. De
licht rood op, tegelijkertijd licht de opladerled
voortdurend groen op om aan te geven dat het opladen voltooid is. Tegelijkertijd licht de opladerled
uit het stopcontact en haal de accu
in het product. Opladerleds Groene led knippert Oplader klaar Rode led knippert voortdurend Accu laadt op Groene led knippert voortdurend Accu volledig geladen Rode en groene led knipperen Accu defect Rode en groene led knipperen voortdurend Accu te koud of te warm Q Accu-laadtoestand controleren o Druk voor het controleren van de acculaadtoestand op de knop acculaadtoestand
. De toestand of het resterende vermogen van de accu
wordt op het display acculaadtoestand
voor het gebruik op, als deze op de middelste of laagste laadtoestand staat. Q Veiligheidsfuncties
Achterste handgreep met achterste handbescherming
beschermt de hand tijdens het springen of gescheurde zaagketting
, en houdt takken en takjes uit de buurt van de achterste handgreep
is een veiligheidsvoorzieningen die de zaagketting
bij een terugslag direct stopt; de kettingrem kan ook handmatig worden ingeschakeld; beschermt de linkerhand van de gebruiker, wanneer hij van de voorste handgreep
Zaagketting met geringe terugslag Helpt met speciaal ontworpen veiligheidsvoorzieningen om terugslagen op te vangen.
Klauwenaanslag De klauwenaanslag
is voorgemonteerd op het product. Een montage is niet nodig. Demonteer de klauwenaanslag
niet en voer geen aanpassingen uit. De ketting moet met volle snelheid lopen, voordat de klauwenaanslag
het hout raakt. Gebruik de klauwenaanslag
om het product op het hout te ondersteunen. Gebruik de klauwenaanslag
tijdens het zagen als draaipunt.
In-/uitschakelen met de ketting- directe-stop Bij het loslaten van de in-/uitschakelaar
schakelt het apparaat meteen uit.
Inschakelvergrendeling Om het product in te schakelen, moet de inschakelvergrendeling
worden ontgrendeld Q Montage WAARSCHUWING! Schakel het product steeds uit en verwijder de accu, voordat u inspectiewerkzaamheden uitvoert, toebehoren aanbrengt, afstelwerkzaamheden uitvoert, vloeistoffen bijvult of smeert! 75 NL / BEWAARSCHUWING! u Het product product moet voor gebruik volledig worden geassembleerd! Gebruik niet alleen een gedeeltelijk of met defecte onderdelen geassembleerd product! u Volg de montage-instructies stap voor stap en gebruik de meegeleverde afbeeldingen als visueel hulpmiddel om het product eenvoudig te monteren! WEES VOORZICHTIG! LETSELGEVAAR! De snijranden van de zaagketting zijn erg scherp! Draag altijd beschermende handschoenen bij het hanteren van de ketting! Geleidingsrail en zaagketting WAARSCHUWING! u Gebruik uitsluitend zaagkettingen aangeduid met „low-kickback“ of zaagkettingen, die voldoen aan de vereisten voor lage terugslag! Een algemene zaagketting (een ketting zonder terugslagverminderende beschermingsrail) mag alleen door ervaren professionele gebruikers worden gebruikt! u Hoe dan ook, een low-kickback zaagketting beschermt niet volledig tegen terugslag! Een low-kickback of veiligheids-zaagketting mag nooit als volledige bescherming voor letsel worden beschouwd! Gebruik daarom een low-kickback zaagketting samen met terugslag-beschermings-voorziening zoals de voorste handbescherming/kettingrem! WEES VOORZICHTIG! LETSELGEVAAR! u Installeer nooit een nieuwe zaagketting op en versleten aandrijfwiel of op een versleten geleidingsrail. De ketting kan terugslaan of scheuren met een mogelijk hoog risico op letsel. Monteer de geleidingsrail
voor het gebruik. Gebruik uitsluitend een geleidingsrail
volgens de technische gegevens (zie „Technische gegevens“) van het product.
1. Plaats het product op een geschikt en stabiel
2. Schroef de draaiknop van de aandrijfafdekking
tegen de klok in en neem deze samen met de aandrijfafdekking
3. Plaats de zaagkettinggeleider in de gleuf
van de geleidingsrail
. Zorg ervoor dat de messen van de zaagketting
weg van het product naar de bovenkant van de geleidingsrail
4. Plaats de zaagkettinggeleider om het
. Steek het uiteinde met sleuven van de geleidingsrail
op de schroef van de geleidingsrail
. Lijn de geleidingsrail
zo uit, dat de pen voor de kettingspanning
kan worden ingevoegd. Als de pen voor de kettingspanning
niet in de onderste boring van de geleidingsrail
kan worden ingevoegd, is een aanpassing van de pen voor de kettingspanning
nodig. Span de ketting door het instellen van de draaiknop voor de kettingspanning
niet van het aandrijfwiel
5. Plaats de aandrijfafdekking
en draak de draaiknop van de aandrijfafdekking
aan zodat de aandrijfafdekking vast zit, maar niet te vast. Span de zaagketting
(zie „Zaagketting spannen“). Zaagketting spannen WEES VOORZICHTIG! LETSELGEVAAR! u Houd altijd een juiste kettingspanning aan! Een losse ketting verhoogt het risico op een terugslag! Een losse ketting kan uit de gleuf van de geleidingsrail springen! Een losse ketting zorgt voor snelle slijtage van ketting, geleidingsrail en aandrijfwiel! u Te sterke spanning van de ketting overbelast de motor en veroorzaakt schade, te zwakke spanning ver-oorzaakt een losspringende ketting, terwijl een juist gespannen ketting zorgt voor het beste zaagresultaat en langere levensduur! De levensduur van de ketting hangt hoofdzakelijk af van voldoende smering en correcte spanning! 76 NL / BEOPMERKING u Regelmatig spannen van de zaagketting draagt bij tot veiligheid van de gebruiker en vermindert en/of voorkomt slijtage en schade aan de ketting. Voor het werk en met intervallen van ongeveer 10 minuten raden we aan de kettingspanning te controleren en zo nodig te corrigeren. De ketting verhit tijdens het werk en wordt daardoor iets verlengd. Deze „Verlenging“ kan vooral bij nieuwe kettingen worden verwacht. u Span of wissel de ketting niet, wanneer deze warm is, omdat deze bij afkoeling iets korter wordt. Als u dit niet doet, kan dit leiden tot schade aan de geleidingsrail of de motor, omdat de ketting nu te strak is. Kettingspanning en -smering hebben een belangrijk effect op de levensduur van de ketting. u De ketting is correct gespannen als deze aan het onderste uit-einde van de geleidingsrail niet doorzakt en een volle slag met beschermende handschoenen kan worden gedraaid. Als de ketting met 9 N (ongeveer 1 kg) wordt aangespannen, moet de afstand van de zaagketting tot de geleidingsrail minder dan 2 mm bedragen. u Bij een nieuwe ketting neemt de spanning met de tijd af. Span de ketting na de eerste 5 sneden na =, maar niet later dan 10 minuten na het begin van de werkzaamheden.
1. Plaats het product op een geschikt en
2. Maak de draaiknop van de
3. Draai de draaiknop voor de
met de klok mee, om de kettingspanning te verhogen en tegen de klok in om deze te verminderen.
4. Trek de draaiknop van de
opnieuw. Herhaal indien nodig de instellingsstappen om de juiste spanning te krijgen. Kettingsmering WAARSCHUWING! u Het product is niet gevuld met kettingolie! Het is essentieel om voor het gebruik olie toe te voegen! Gebruik het product nooit zonder kettingolie of met een lege olietank, omdat dit uitgebreide schade aan het product zal veroorzaken! u Gebruik de geleidingsrail en zaagketting nooit zonder smeerolie! Het product droog of met te weinig olie gebruiken, vermindert de snijprestaties, verkort de levensduur van het product door oververhitting van de ketting en geleidingsrail. Ontoereikende smering wordt door rook of verkleuring van de geleidingsrail aangegeven! Voldoende smering van de zaagketting tijdens het gebruik is essentieel om wrijving met de geleidingsrail te minimaliseren. Dit product is uitgerust met een automatisch oliesmeersysteem. Het oliesmeersysteem levert automatisch een voldoende hoeveelheid olie aan de geleidingsrail
regelmatig en vul olie bij, als het niveau de „MIN“- markering bereikt. De olietank bevat ongeveer 180 ml olie. o Als u geen biologische olie bij de hand hebt, gebruik dan kettingolie met een laag verdikkingsmiddel. o Leeg de olietank als u deze voor een langere periode (6 – 8 weken) niet gebruikt.
1. Plaats het product op een geschikt en stabiel
2. Schroef het olietankdeksel
eraf en vul de olie bij.
3. Veeg gemorste olie op en sluit het
„Kettingsmering controleren“). 77 NL / BEQ Bediening WEES VOORZICHTIG! LETSELGEVAAR! u Blijf met uw handen uit de buurt van de zaagketting, wanneer het product in gebruik is! Q Kettingrem De kettingrem is een veiligheidsmechanisme dat wordt ingeschakeld door de voorste handbescherming
. Als er een terugslag ontstaat, helpt de kettingrem de zaagketting
zeer snel te stoppen. Testen van de kettingrem WAARSCHUWING! u Controleer altijd de kettingrem op juiste werking, voordat u het product gebruikt! Gebruik het product niet, als de kettingrem niet juist werkt! u Het product moet na elke terugslag of val worden gecontroleerd. De volgende functionele test moet voor elk gebruik worden uitgevoerd. Het doel van de kettingremmen- test is, de mogelijk van letsel door terugslag te verminderen.
1. Plaats het product op een geschikt en
stabiel oppervlak. Zorg ervoor dat de zaagketting
niet het oppervlak of andere voorwerpen raakt.
2. Garandeer dat de kettingrem niet
uitgeschakeld is. Trek de voorste handbescherming
terug in de richting van de voorste handgreep
3. Houd het product met de linkerhand aan de
en de rechterhand aan de achterste handgreep
en druk de aan-/uitschakelaar
in, om het product in te schakelen (zie „In- en uitschakelen“).
5. Terwijl de motor loopt, activeert u de
kettingrem door uw linkerhand tegen de voorste handbescherming
te bewegen. De zaagketting
en de motor zullen direct stoppen. OPMERKING u De motor start niet, wanneer de kettingrem in de uitgeschakelde stand staat. u De kettingrem mag niet worden gebruikt, om het product tijdens normaal gebruik in en uit te schakelen. Q In- en uitschakelen Testen van de kettingsmering OPMERKING u Controleer voor elk gebruik de kettingsmering.
1. Schakel het product in (zie „In- en
uitschakelen“) en houd het boven een lichte ondergrond. Het product mag de grond niet raken. Als er oliesporen te zien zijn, werkt het product perfect.
2. Als er geen oliesporen te zien zijn, reinigt
u de oliekanalen van de geleidingsrail
om een goede automatische smering van de zaagketting
tijdens het gebruik te garanderen. Gebruik een borstel of doekje om de resten van de oliedoorstroom te verwijderen. Inschakelen:
1. Controleer de kettingrem (zie „Kettingrem“).
2. Houd het product met de linkerhand aan de
en de rechterhand aan de achterste handgreep
houd deze in deze stand.
4. Druk de aan/uit-schakelaar
in, om het product in te schakelen. Schakel daarna de inschakelvergrendeling
1. Laat de aan/uit-schakelaar
los, om het product uit te schakelen. 78 NL / BEQ Zaagtechnieken Algemeen WAARSCHUWING! u Probeer niet om het product met geweld naar buiten te trekken, als de zaagketting vast komt te zitten. Schakel het product uit, verwijder de accu en gebruik een hefboomarm of wig om de zaagketting vrij te maken. o Zo hebt u een betere controle, wanneer u met de onderkant van de geleidingsrail
) en niet met de bovenkant van de geleidingsrail (met schuifketting) zaagt. o De zaagketting
mag tijdens het doorzagen of daarna niet de grond of een ander voorwerp raken. o Let erop dat de zaagketting
niet in de zaagsnede vast komt te zitten. De boomstam mag niet breken of splinteren. o Let ook op de voorzorgsmaatregelen (zie „Veiligheidsinstructies“). Bomen omhakken WAARSCHUWING! u Er is veel ervaring voor nodig om bomen om te hakken. Hak alleen bomen om, als u veilig met het product om kunt gaan. Gebruik het product nooit als u zich onzeker voelt. u Hak geen bom, als er een sterke of wisselvallige wind is, wanneer het risico van schade aan eigendommen bestaat of wanneer de boom op leidingen kan vallen. u Stap nooit voor een boom met inkepingen. u Als de boom begint te vallen, trekt u het product uit de snede, schakelt deze uit, legt deze opzij en verlaat u de werkplek via de ontsnappingsroute. u Verwijder direct na het beëindigen van het zaagproces de gehoorbescherming, zodat u geluiden en waarschuwingen kunt horen. OPMERKING u Om veiligheidsredenen adviseren wij onervaren gebruikers om geen boomstam met een lengte van de geleidingsrail te zagen, die kleiner is dan de diameter van de stam. o Zorg ervoor dat er geen mensen of dieren in de buurt van het werkgebied zijn. De veilige afstand tussen de te kappen boom en de dichtstbijzijnde werkplek moet 2 ½ boomlengtes zijn. o Let op de valrichting: U moet zich in de buurt van de gekapte boom veilig kunnen bewegen, om de gekapte boom gemakkelijk in lengte te kunnen zagen en te snoeien. Er moet worden voorkomen dat de vallende boom in een andere boom blijft hangen. Let op de natuurlijke valrichting, die afhangt van de helling en kromming van de boom, windrichting en aantal takken. o Ga op een hellend terrein boven de te kappen boom staan. o Kleine bomen met een diameter van 15 – 18 cm kunnen gewoonlijk met een snede worden gezaagd. o Bij bomen met een grotere diameter moeten kerfsneden en een valsnede worden gemaakt (zie afb. M).
Verwijder naar beneden hangende takken, door de snede boven de tak te maken. Snoei nooit hoger dan tot schouderhoogte.
Verwijder het kreupelhout rondom de boom, om een gemakkelijke terugtrekking te garanderen. De vluchtroute moet ongeveer 45° achter de geplande valrichting liggen.
3. Inkeping snijden:
Plaats een inkeping in de richting, waarin de boom moet vallen. Begin met de onderste, horizontale snede. De zaagdiepte moet ongeveer 1/3 van de stamdiameter zijn. Maak nu een schuine zaagsnede met een snijhoek van ongeveer 45°, van boven, die precies aansluit op de onderste zaagsnede. 79 NL / BE4. Valsnede: Voer de valsnede van de andere kant van de stam uit, terwijl u rechts van de boomstam staat en met trekkende zaagketting
(met de onderkant van de geleidingsrail
) zaagt. De valsnede moet horizontaal minstens 5 cm boven de horizontale inkeping lopen. Deze moet zo diep zijn, dat de afstand tot de inkepingslijn minstens 1/10 van de stamdiameter bedraagt. Het niet doorgezaagde deel van de stam wordt als breekmaat gebruikt. Plaats een wig of een koevoet in de inkeping, zodra de snijdiepte dit toelaat, om het vastlopen van de geleidingsrail
te voorkomen. Als de stamdiameter groter is dan de lengte van de geleidingsrail
, maakt u twee sneden. Na het uitvoeren van de inkeping valt de boom vanzelf of met de hulp van een wig of koevoet. Snoeien WAARSCHUWING! u Veel ongelukken gebeuren bij het snoeien. Zaag geen takken af, als u op de boomstam staat. Houd rekening met het terugslaggebied, wanneer takken onder spanning staan. Snoeien is de benaming voor het verwijderen van takken en twijgen van een gekapte boom. o Verwijder de steuntwijgen pas na het op lengte maken. o Onder spanning staande takken moeten van boven naar benden worden gezaagd, om het vastlopen van de zaagketting
voorkomen. o Bij het afzagen van dikkere takken gebruikt u dezelfde techniek als bij het op lengte maken. Werk links van de stam en zo dicht mogelijk bij het product. Indien mogelijk rust het gewicht van het product op de stam. o Verander de locatie om takken achter de stam af te zagen. o Takken die vertakt zijn worden individueel op lengte gesneden. Op lengte snijden Op lengte snijden is het zagen van gekapte boomstammen in kleine stukken. o Let erop dat de zaagketting
bij het zagen de grond niet raakt. o Let op de goede stand en en staat bij hellend terrein boven de stam.
1. Stam ligt op de grond:
Zaag van boven de stam helemaal door en let erop aan het einde van de snede de grond niet te raken. Als het mogelijk is de stam draaien, zaagt u deze voor 2/3 door. Draai vervolgens de stam om en zaag de rest van de stam van boven door.
2. Stam wordt aan een zijde
ondersteund: Zaag eerst van onder naar boven (met de bovenkant van de geleidingsrail
1/3 van de stamdiameter door, om splitten te voorkomen. Zaag dan eerst van boven naar onder (met de onderkant van de geleidingsrail
) op de eerste snede, om vastlopen te voorkomen.
3. Stam wordt aan beide
uiteinden ondersteund: Zaag eerst van boven naar onder (met de onderkant van de geleidingsrail
) 1/3 van de stamdiameter door. Zaag dan van onder naar boven (met de bovenkant van de geleidingsrail
), tot de snedes elkaar raken.
4. Zagen op een zaagbok:
Eerste gebruiker moeten als minimale training, stammen op een zaagbok zagen. Houd het product met beide handen vast en leid deze tijdens het zagen voor het lichaam. Wanneer de geleidingsrail
door de stam is, leidt u het product rechts langs het lichaam. Houd de linkerarm zo recht mogelijk. Kijk uit voor de vallende stam. Ga zo staan dat de gescheiden stam geen risico met zich meebrengt. Let op uw voeten. De gescheiden stam kan bij het vallen letsel veroorzaken. Bewaar uw evenwicht. Q Na het gebruik
1. Schakel het product uit, neem de accu
uit en laat het eventueel afkoelen.
2. Controleer, reinig en bewaar het product zoals
hieronder beschreven. 80 NL / BEQ Reiniging en onderhoud WAARSCHUWING! Schakel het product uit, haal de accu eruit en laat het product afkoelen, voordat u inspectie-, onderhouds-, of reinigingswerkzaamheden uitvoert! Q Reiniging o Houd het product altijd schoon, droog en vrij van olie of vetten. Verwijder stof na elk gebruik en voor elke opslag. o Regelmatige goede reiniging draagt bij aan een veilig gebruik en verlengt de levensduur van het product. o Controleer voor elk gebruik het product op versleten en kapotte onderdelen. Gebruik het product niet, als u defecte of versleten onderdelen aantreft. o Let op dat er geen vloeistoffen in het binnenste van het product komen. o Reinig het product met een droge doek. Gebruik een borstel voor moeilijk bereikbare plaatsen. o Verwijder in het bijzonder vuil en stof van de ventilatieopeningen met een doek en een borstel. o Verwijder de aandrijfafdekking
en reinig de omliggende gebieden. o Reinig de geleidingsrail
en let speciaal op de oliedoorgangen en de tanden van de rail. o Blaas hardnekkig stof met perslucht (max. 3 bar) weg. OPMERKING u Gebruik geen chemische, alkalische, schurende of andere agressieve reinigings- of desinfectiemiddelen, om het product te reinigen, omdat deze de oppervlakken kunnen beschadigen. Q Onderhoud Controleer het product en toebehoren (bijvoorbeeld plaatsingsgereedschap) voor en na elk gebruik op slijtage en beschadiging. Vervang ze indien nodig door nieuwe zoals beschreven in deze handleiding. Let daarbij op de technische vereisten (zie „Technische gegevens“). Voer de onderhoudswerkzaamheden genoemd in de volgende tabel op regelmatige basis uit. Regelmatig onderhoud van uw product verlengt de levensduur. U bereikt bovendien optimale snijprestaties en vermijdt ongelukken. Deel Actie Voor elk gebruik Na elk gebruik Voorste hand- bescherming/ kettingrem
Controleer de smering, indien nodig naslijpen of vervangen
na elke reiniging, na 10 uur gebruik of minstens een keer per week, afhankelijk wat eerst komt. o Voor het smeren moet de geleidingsrail
met name de vertanding van de rail, grondig worden gereinigd (zie „Reiniging“). o Smeer de afzonderlijke kettingschakels met behulp van een oliespuit met naaldpunt. Breng afzonderlijke oliedruppels op de verbindingen en op de tandpunten van de afzonderlijke kettingschakels aan. Controle van de geleidingsrail o Controleer de geleidingsrail
regelmatig op slijtage. o Verwijder bramen en maak de geleidevlakken recht met een platte vijl. o Reinig de oliekanalen (zie „Reiniging“). De zaagketting slijpen Laat de zaagketting professioneel slijpen of slijp deze zelf met een slijpset die geschikt is voor zaagkettingen aanbevolen voor uw product. Let op de slijpinstructies bij de slijpset. 81 NL / BEQ Reparatie Binnenin dit product bevinden zich geen delen, die door de gebruiker kunnen worden gerepareerd. Neem contact op met een gekwalificeerde technicus om het product te controleren en te laten repareren. Q Opslag o Schakel het product uit en verwijder de accu
o Maak het product schoon zoals hierboven beschreven. o Leeg de olietank en voer de olie af volgens de plaatselijke voorschriften, als het product voor een langere periode niet wordt gebruikt. o Installeer altijd de geleidingsrailbescherming
o Bewaar het product en de accessoires op een donkere, droge, vorstvrije en goed geventileerde plaats. o Bewaar het product altijd op een voor kinderen niet bereikbare plaats. De optimale bewaartemperatuur ligt tussen 10 ˚C en 30 ˚C. o Wij raden aan het product in de originele verpakking te bewaren of met een geschikte doek tegen stof te beschermen. o Controleer bij langer bewaren van de accu regelmatig de oplaadstatus. Het optimale bewaarklimaat is koel en droog. Q Transport o Schakel het product uit en verwijder de accu
o Breng indien aanwezig de beschermingsvoorzieningen voor het transport aan. o Draag het product altijd bij de grepen. o Bescherm het product tegen stoten en sterke trillingen, die vooral voorkomen tijdens het transport in voertuigen. o Bescherm het product tegen glijden en kantelen. Q Storing en het verhelpen van storing WAARSCHUWING! u Voer alleen dergelijke werkzaamheden uit, die in deze gebruiksaanwijzing worden uitgelegd! Alle andere inspectie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden moeten door een geautoriseerde klantenservice of een gelijkwaardig gekwalificeerde specialist worden uitgevoerd. Vermeende slechte werking, storingen of schade zijn vaak te wijten aan oorzaken die door de gebruiker zelf kunnen worden gecorrigeerd. Controleer daarom het product voordat u contact opneemt met een specialist aan de hand van de onderstaande tabel. In de meeste gevallen kunnen de storingen snel worden opgelost. Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Product start niet Accu niet juist aangebracht Juist aanbrengen Accu ontladen Accu verwijderen en opladen Accu beschadigd Door een specialist laten controleren Ander elektrisch defect aan het product Door een specialist laten controleren Product bereikt niet het volledige vermogen Accucapaciteit te laag Accu verwijderen en opladen Ventilatieopenin- gen geblokkeerd Ventilatieopenin-gen reinigen Onbevredi- gend resultaat Gereedschap is versleten Vervangen door nieuw gereedschap Gereedschap is niet geschikt voor de taak Een geschikt gereedschap gebruiken Product stopt plot- seling Product overbelast Product van het werkstuk halen en opnieuw inschakelen Accu ontladen Accu verwijderen en opladen Accu te heet Accu verwijderen en laten afkoelen Overmatig trillen en geluid Gereedschap is bot of beschadigd Vervangen door nieuw gereedschap Schroeven/ moeren zitten los Schroeven/ moeren vastdraaien 82 NL / BEQ Afvoer De verpakking bestaat uit milieu- vriendelijke grondstoffen die u via de plaatselijke recyclingcontainers kunt afvoeren. Neem de aanduiding van de verpakkingsmaterialen voor de af- valscheiding in acht. Deze zijn ge- markeerd met de afkortingen (a) en een cijfers (b) met de volgende betekenis: 1–7: kunststoffen / 20–22: papier en vezelplaten / 80–98: composietmaterialen. Het product en de verpakkingsma- terialen zijn recyclebaar; verwijder deze afzonderlijk voor een betere afvalbehandeling. Het Triman-logo geldt alleen voor Frankrijk. Informatie over de mogelijkheden om het uitgediende product na gebruik te verwijderen, verstrekt uw gemeentelijke overheid. Gooi het afgedankte product om-wille van het milieu niet weg via het huisvuil, maar geef het af bij het daarvoor bestemde depot of het gemeentelijke milieupark. Over afgifteplaatsen en hun openingstij- den kunt u zich bij uw aangewe- zen instantie informeren. Defecte of verbruikte batterijen moeten volgens de richtlijn 2006/66/EG en diens verande- ringen worden gerecycled. Geef batterijen en / of het product af bij de daarvoor bestemde verzamelstations. Milieuschade door verkeerde afvoer van batterijen! Verwijder de batterijen/accu uit het product voordat u ze weggooit. Batterijen mogen niet via het huisafval worden afgevoerd. Ze kunnen giftig zwaar metaal bevatten en moeten worden behandeld als gevaarlijk afval. De chemische symbolen van de zware metalen zijn als volgt: Cd = cadmium, Hg = kwikzilver, Pb = lood. Geef verbruikte batterijen daarom af bij een gemeentelijk inzamelpunt. Q Service WAARSCHUWING! u Laat uw product door de klantenservice of een gekwalificeerde elektricien en alleen met originele reserveonderdelen repareren. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van het product wordt gegarandeerd. u Laat de stekker of het netsnoer altijd vervangen door de fabrikant van het product of de klantenservice. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van het product wordt gegarandeerd. Q Garantie Het product wordt volgens strenge kwaliteitsrichtlijnen zorgvuldig geproduceerd en voor levering grondig getest. In geval van schade aan het product kunt u rechtmatig beroep doen op de verkoper van het product. Deze wettelijke rechten worden door onze hierna vermelde garantie niet beperkt. Op dit product verlenen wij 3 jaar garantie vanaf aankoopdatum. De garantieperiode start op de dag van aankoop. Bewaar de originele kassabon alstublieft. Dit document is nodig als bewijs voor aankoop. Wanneer binnen 3 jaar na de aankoopdatum van dit product een materiaal- of productiefout optreedt, dan wordt het product door ons – naar onze keuze – gratis voor u gerepareerd of vervangen. Deze garantie komt te vervallen als het product beschadigd wordt, niet correct gebruikt of onderhouden wordt. De garantie geldt voor materiaal- en productiefouten. Deze garantie is niet van toepassing op productonderdelen, die onderhevig zijn aan normale slijtage en hierdoor als aan slijtage onderhevige onderdelen gelden (bijv. batterijen) of voor beschadigingen aan breekbare onderdelen, zoals bijv. schakelaars, accu’s of dergelijke onderdelen, die gemaakt zijn van glas. De garantie voor deze oplaadbare batterij is 1 jaar vanaf de aankoopdatum. 83 NL / BEAfwikkeling in geval van garantie Om een snelle afhandeling van uw reclamatie te waarborgen dient u de volgende instructies in acht te nemen: Houd bij alle vragen alstublieft de kassabon en het artikelnummer (bijv. IAN 123456) als bewijs van aankoop bij de hand. Het artikelnummer vindt u op de typeplaat, ingegraveerd, op het titelblad van uw handleiding (linksonder) of als sticker op de achter- of onderzijde. Wanneer er storingen in de werking of andere gebreken optreden, dient u eerst telefonisch of per e-mail contact met de onderstaande service- afdeling op te nemen. Een als defect geregistreerd product kunt u dan samen met uw aankoopbewijs (kassabon) en vermelding van de concrete schade alsmede het tijdstip van optreden voor u franco aan het u meegedeelde servicepunt verzenden. Service Nederland Tel.: 0900 0400 223 (0,10 EUR/Min.) E-Mail: owim@lidl.nl Service Belgiё Tel.: 070 270 171 (0,15 EUR/Min.) E-Mail: owim@lidl.be IAN 292275 Q Originele conformiteitsverklaring Wij, OWIM GmbH & Co. KG, Stiftsbergstraße 1, DE-74167 Neckarsulm, DUITSLAND, verklaren onder eigen verantwoordelijkheid dat het product: Accu-kettingzaag 40 V HTA FKTSA 40-Li A1, modelnummer: HG03225, versie: 11/2017, waarnaar deze verklaring verwijst, voldoet aan de normen/normatieve documenten 2006/42/EC, 2000/14/EC, 2014/30/EU, 2011/65/EU. Toegepaste standaardnormen: EN 60745-1/A11:2010 EN 60745-2-13:2009/A1:2010 EN 55014-1:2006/A2:2011 EN 55014-2:2015 EN 61000-3-2:2014 EN 61000-3-3:2013 EN 60335-1:2012/A11:2014 EN 60335-2-29:2004/A2:2010 EN 62233:2008 EN 50581:2012 Bovendien wordt volgens de geluidsemissierichtlijn 2000/14/EG bevestigt: Geluidsvermogensniveau gegarandeerd: 100 dB(A) gemeten: 96,5 dB(A) Toegepaste conformiteitsbeoordelingsprocedure volgens bijlage V, 2000/14/EG Gerapporteerde plaats: Intertek Deutschland GmbH (NB 905) Typegoedkeuringscertificaat nr.: 17SHW1730-01 Serienummer: IAN 292275 Tobias König Afdelingshoofd / documentverantwoordelijke OWIM GmbH & Co. KG, Stiftsbergstraße 1, DE- 74167 Neckarsulm, GERMANY Neckarsulm, 14.08.2017 De conformiteitsverklaring vindt u ook onder: www.owim.com. Het onderwerp van de hierboven beschreven verklaring voldoet aan de voorschriften van de richtlijn 2011/65/EU van het Europese Parlement en de Raad van 8 juni 2011 betreffende beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur. 84 NL / BEObsah Legenda použitých piktogramů ................................................................................... Strana 86 Úvod ......................................................................................................................................... Strana 87 Stanovený účel ........................................................................................................................... Strana 87 Seznam dílů ............................................................................................................................... Strana 87 Obsah dodávky ........................................................................................................................ Strana 88 Technické údaje ........................................................................................................................ Strana 88 Bezpečnostní pokyny ........................................................................................................ Strana89 Všeobecné bezpečnostní pokyny pro elektrické nářadí ............................................................. Strana 89 Bezpečnostní pokyny pro řetězové pily .................................................................................... Strana 91 Minimalizace vibrací a hluku ..................................................................................................... Strana 92 Chování v nouzových situacích ................................................................................................. Strana 92 Zbytková nebezpečí ................................................................................................................... Strana 92 Bezpečnostní pokyny pro nabíječky .......................................................................................... Strana 93 Před prvním použitím ........................................................................................................ Strana 93 Vybalení ..................................................................................................................................... Strana 93 Příslušenství ................................................................................................................................ Strana 93 Před použitím ........................................................................................................................ Strana 94 Vložení / vyjmutí akumulátoru ................................................................................................... Strana 94 Nabíjení akumulátoru ............................................................................................................... Strana 94 Kontrola stavu nabití akumulátoru ............................................................................................. Strana 94 Ochranné funkce ...................................................................................................................... Strana 95 Montáž ..................................................................................................................................... Strana 95 Obsluha .................................................................................................................................. Strana 97 Brzda řetězu .............................................................................................................................. Strana 97 Zapnutí a vypnutí ...................................................................................................................... Strana 98 Techniky řezání ......................................................................................................................... Strana 98 Po použití .................................................................................................................................. Strana 100 Čistění a péče ....................................................................................................................... Strana 100 Čištění ....................................................................................................................................... Strana 100 Údržba ..................................................................................................................................... Strana 100 Opravy ..................................................................................................................................... Strana 101 Uskladnění ................................................................................................................................ Strana 101 Přeprava .................................................................................................................................... Strana 101 Závady a jejich odstranění ............................................................................................ Strana 101 Likvidace ................................................................................................................................. Strana 102 Opravy .................................................................................................................................... Strana 102 Záruka ..................................................................................................................................... Strana 103 Původní prohlášení o shodě ........................................................................................... Strana 103 85 CZLegenda použitých piktogramů: Přečtěte si návod k použití. Otevřete kryt pohonu. Snižte napnutí řetězu. Pozor/výstraha Zvyšte napnutí řetězu. Pouze pro použití v suchém interiéru. Brzda řetězu uvolněna. Před výměnou příslušenství, čištěním a při nepoužívání výrobek vypněte a vyjměte akumulátor. Brzda řetězu aktivována. Třída ochrany II (dvojitá izolace) Úniková cesta
Notice-Facile