DHW080ZK - Hogedrukreiniger MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DHW080ZK MAKITA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Hogedrukreiniger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DHW080ZK - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DHW080ZK van het merk MAKITA.
GEBRUIKSAANWIJZING DHW080ZK MAKITA
Accuhogedrukreiniger GEBRUIKSAANWIJZING 69
- Het apparaat mag niet door kinderen worden gebruikt. Kinderen moeten onder toezicht staan om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen.
- Dit apparaat is niet geschikt voor gebruik door personen (waar- onder kinderen) met een verminderd lichamelijk, zintuiglijk of geestelijk vermogen, of gebrek aan kennis en ervaring.
- Dit apparaat is ontworpen voor gebruik met het reinigingsmiddel dat is bijgeleverd of wordt aanbevolen door de fabrikant. Het gebruik van andere reinigingsmiddelen of chemicaliën kan de veiligheid van het apparaat nadelig beïnvloeden.
Tijdens gebruik van hogedrukreinigers kunnen aerosolen worden gevormd. Het inhaleren van aerosolen kan gevaarlijk zijn voor de gezondheid.
- Afhankelijk van de toepassing kunnen afgeschermde spuitmon- den worden gebruikt voor reinigen met hoge druk, waarmee de uitstoot van waterhoudende aerosolen dramatisch wordt verlaagd. Echter, niet alle toepassingen maken het gebruik van een dergelijk apparaat mogelijk. In het geval afgeschermde spuitmonden niet toegepast kunnen worden als bescherming tegen aerosolen, kan een ademhalingsmasker van klasse FFP 2 of gelijkwaardig noodzakelijk zijn, afhankelijk van de omgeving waarin wordt gereinigd.
- De werkgever moet een risicobeoordeling uitvoeren om de noodzakelijke beschermingsmaatregelen tegen aerosolen vast te stellen, afhankelijk van het te reinigen oppervlak en de omge- ving daarvan. Een ademhalingsmasker van klasse FFP 2, of minimaal gelijkwaardig alternatief, is geschikt als bescherming tegen waterhoudende aerosolen.
- Een hogedrukstraal kan gevaarlijk zijn indien deze verkeerd wordt gebruikt. De straal mag niet worden gericht op personen, stroomvoerende elektrische apparaten en dit apparaat zelf.
- Gebruik het apparaat niet binnen bereik van personen, behalve indien zij beschermende kleding dragen.
Richt de straal niet op uzelf of anderen om kleding of schoeisel te reinigen.
- Explosiegevaar - Spuit geen brandbare vloeistoen.70 NEDERLANDS
Hogedrukreinigers mogen niet worden gebruikt door kinderen of niet-opgeleide personen.
Hogedrukslangen, aansluitingen en koppelingen zijn belangrijk voor de veiligheid van het apparaat. Gebruik uitsluitend slangen, aanslui- tingen en koppelingen die worden aanbevolen door de fabrikant.
- Om de veiligheid van het apparaat te waarborgen, gebruikt u uitsluitend reserveonderdelen van de fabrikant of goedgekeurd door de fabrikant.
- Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de accu’s zijn verwijderd alvorens enige werkzaamheden aan het gereedschap uit te voeren.
- Gebruik het apparaat niet wanneer belangrijke onderdelen van het apparaat beschadigd zijn, bijvoorbeeld een veiligheidsinrich- ting, hogedrukslang, spuitpistool.
Verwijder altijd de accu’s wanneer u het apparaat onbeheerd achterlaat.
- Voldoe aan de vereisten van het lokale waterleidingbedrijf.
- Voor Europese landen: Conform EN12729 (BA) mag het apparaat tevens worden aangeslo- ten op het hoofddrinkwaterleidingnet in het geval een terugstroom- keerklep met aftapinrichting is gemonteerd in de aanvoerslang. TECHNISCHE GEGEVENS Model: DHW080 Max. aanvoersnelheid
6,3 l/min Waterstroomsnelheid
Hogedrukfunctie 5,5 l/min Lagedrukfunctie 4,0 l/min Max. toegestane druk 8,0 MPa Bedrijfsdruk
Hogedrukfunctie 5,5 MPa Lagedrukfunctie 3,0 MPa Max. aanvoerdruk 1,0 MPa Max. aanvoertemperatuur 40°C Max. aanzuighoogte 1 m Nominale spanning 36 V gelijkspanning Afmetingen (l x b x h) 438 mm x 218 mm x 269 mm Gewicht 7,1 - 7,7 kg Beschermingsklasse IPX5 *1: Bij gebruik van de wasborstel. *2: Bij gebruik van de spuitlans.
- In verband met ononderbroken research en ontwikkeling, behouden wij ons het recht voor de bovenstaande technische gegevens zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen.
- De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.
- Het gewicht kan verschillen afhankelijk van de hulpstukken, waaronder de accu. De lichtste en zwaarste com- binatie, overeenkomstig de EPTA-procedure 01/2014, worden getoond in de tabel.71 NEDERLANDS Toepasselijke accu’s en laders Accu BL1815N / BL1820B / BL1830B / BL1840B / BL1850B / BL1860B Lader DC18RC / DC18RD / DC18RE / DC18SD / DC18SE / DC18SF / DC18SH / DC18WC
- Sommige van de hierboven vermelde accu’s en laders zijn mogelijk niet leverbaar afhankelijk van waar u woont. WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu’s en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik van enige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand. WAARSCHUWING: Gebruik geen bekabelde voeding, zoals een accuadapter of draagbare voeding- seenheid met dit gereedschap. De kabel van een dergelijke voeding kan het gebruik hinderen waardoor per- soonlijk letsel wordt veroorzaakt. Symbolen Hieronder staan de symbolen die voor het gereedschap kunnen worden gebruikt. Zorg ervoor dat u de betekenis ervan kent voordat u het gereedschap gaat gebruiken. Lees de gebruiksaanwijzing. Wees vooral voorzichtig en let goed op. Ni-MH Li-ion Alleen voor EU-landen Als gevolg van de aanwezigheid van schadelijke componenten in het apparaat, kunnen oude elektrische en elektronische apparaten, accu‘s en batterijen negatieve gevolgen hebben voor het milieu en de gezondheid van mensen. Gooi elektrische en elektronische appara- ten en accu‘s niet met het huisvuil weg! In overeenstemming met de Europese richt- lijn inzake oude elektrische en elektronische apparaten en inzake accu‘s en batterijen en oude accu‘s en batterijen, alsmede de toe- passing daarvan binnen de nationale wet- geving, dienen oude elektrische apparaten, accu‘s en batterijen gescheiden te worden opgeslagen en te worden ingeleverd bij een apart inzamelingspunt voor huishoudelijk afval dat de milieubeschermingsvoorschrif- ten in acht neemt. Dit wordt op het apparaat aangegeven door het symbool van een doorgekruiste afvalcontainer. Sluit niet aan op een drinkwaterkraan. Richt de straal niet op personen, inclusief uzelf, dieren en stroomvoerende elektri- sche apparaten. Gegarandeerd geluidsvermogenniveau conform EU-richtlijn inzake geluidsemissie buitenhuis. Geluidsvermogenniveau conform de Regelgeving Geluidsregeling van NSW, Australië Gebruiksdoeleinden Dit gereedschap is bedoeld voor het verwijderen van hardnekkig vuil met behulp van een waterstraal. Dit gereedschap is bedoeld voor huishoudelijk gebruik. Geluidsniveau De typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens EN60335-2-79: Geluidsdrukniveau (L
): 70,9 dB (A) Onzekerheid (K): 3,6 dB (A) Het geluidsniveau kan tijdens gebruik hoger worden dan 80 dB (A). OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaar- de(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestme- thode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereed- schap te vergelijken met andere gereedschappen. OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaar- de(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING: Draag gehoorbescherming. WAARSCHUWING: De geluidsemissie tij- dens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veilig- heidsmaatregelen worden getroen ter bescher- ming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder prak- tijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgescha- keld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). Trilling De totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN60335-2-79: Trillingsemissie (a
OPMERKING: De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/ kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te ver- gelijken met andere gereedschappen. OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaar- de(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.72 NEDERLANDS WAARSCHUWING: De trillingsemissie tij- dens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veilig- heidsmaatregelen worden getroen ter bescher- ming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder prak- tijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgescha- keld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). EG-verklaring van conformiteit Alleen voor Europese landen De EG-verklaring van conformiteit is bijgevoegd als Bijlage A bij deze gebruiksaanwijzing. BELANGRIJKE VEILIG- HEIDSWAARSCHUWINGEN WAARSCHUWING: Lees alle veiligheids- waarschuwingen en alle instructies. Het niet vol- gen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. WAARSCHUWING - Bij het gebruik van dit apparaat, moeten basisvoorzorgsmaatregelen altijd worden genomen, waaronder de volgende: Veiligheid op de werkplek
1. Houd iedereen weg uit het werkgebied.
2. Reik niet te ver en sta niet op een onstabiele
ondergrond. Zorg altijd voor een goede stand en lichaamsbalans.
3. Plaats de hogedrukreiniger altijd op een hori-
zontale en stabiele ondergrond. Vermijd daar- bij plaatsen waar het spuitwater wegloopt of zich verzamelt.
4. Alvorens te reinigen, controleert u de omge-
ving en voorwerpen die moeten worden gerei- nigd. De hogedrukstraal kan een veraag of andere oppervlaktebehandeling verwijderen, waaronder giftige chemicaliën. Tref zo nodig preventieve maatregelen.
5. Wees voorzichtig dat u niet over de slang van
de hogedrukreiniger struikelt. Houd tijdens gebruik altijd in de gaten waar de slang ligt.
6. Tijdens gebruik komt er een kleine hoeveel-
heid water uit de onderkant van de hogedruk- reiniger. Zet de hogedrukreiniger niet neer op een plaats waarvan u niet wilt dat deze nat wordt. Persoonlijke veiligheid
1. Als bescherming tegen de straal en weggespo-
ten voorwerpen moeten gebruikers geschikte beschermingsmiddelen gebruiken, zoals beschermende kleding, veiligheidsschoenen, veiligheidshandschoenen, een veiligheidshelm met vizier, gehoorbescherming, enz.
2. Gebruik de hogedrukreiniger niet binnen
bereik van personen, behalve indien zij beschermende kleding dragen.
3. Om de kans op letsel te verkleinen, dient
streng toezicht te worden gehouden wanneer het apparaat in de buurt van kinderen wordt gebruikt.
4. Als wordt aangesloten op het drinkwater-
leidingnet, dient dit beveiligd te zijn tegen terugstromen.
5. Water dat via de terugstroomkeerklep eruit
stroomt, wordt geacht niet drinkbaar te zijn. Elektrische veiligheid
1. Raak de accu’s nooit met natte handen aan.
2. Gebruik het apparaat niet wanneer belangrijke
onderdelen van het apparaat beschadigd zijn, bijvoorbeeld een veiligheidsinrichting, hoge- drukslang of het spuitpistool. Gebruik en verzorging van het elektrisch gereedschap
1. Lees alle instructies voordat u het apparaat
2. Weet hoe u de hogedrukreiniger moet stoppen
en snel de druk kunt aaten. Zorg dat u gron- dig vertrouwd bent met de bedieningsorganen.
Een hogedrukstraal kan gevaarlijk zijn indien deze verkeerd wordt gebruikt. De straal mag niet worden gericht op personen, stroomvoerende elektrische apparaten en dit apparaat zelf.
4. Dit apparaat is niet geschikt voor gebruik
door personen (waaronder kinderen) met een verminderd lichamelijk, zintuiglijk of geestelijk vermogen, of gebrek aan kennis en ervaring.
5. Kinderen dienen onder toezicht te staan om
ervoor te zorgen dat zij niet met het apparaat spelen.
6. Spuit geen brandbare en/of giftige vloeistof-
fen. Dit kan leiden tot een explosie, vergiftiging of schade aan het apparaat.
7. Richt de straal niet op uzelf of anderen om
kleding of schoeisel te reinigen.
8. De hogedrukslang, aansluitingen en koppelin-
gen zijn belangrijk voor de veiligheid van het apparaat. Gebruik uitsluitend slangen, aanslui- tingen en koppelingen die worden aanbevolen door de fabrikant.
9. Volg de instructies wanneer u accessoires
10. Houd de handgrepen droog, schoon en vrij van
11. Blijf opletten - Kijk waar u mee bezig bent.
Gebruik het gereedschap niet wanneer u vermoeid bent of onder invloed van alcohol of drugs.
13. Schakel de hogedrukreiniger niet in zonder
aanvoer van water gedurende langer dan één minuut. Hierdoor zal de motor beschadigd worden waardoor een storing optreedt.73 NEDERLANDS
14. Schakel het apparaat altijd uit en sluit de
wateraanvoer wanneer u de hogedrukreiniger onbeheerd achterlaat.
15. Wees bedacht op de terugslag. Het spuitpis-
tool slaat terug wanneer de hogedrukstraal uit de spuitmond komt. Houd het spuitpistool ste- vig vast om onverwacht letsel te voorkomen.
Controleer op beschadigde of versleten onder- delen vóór gebruik. Verzeker u er tevens van dat de slang correct is aangesloten en tijdens gebruik niet lekt. Het gebruik van een gebrekkig werkend apparaat, kan leiden tot ongevallen.
Dit apparaat is ontworpen voor gebruik met het reinigingsmiddel dat is bijgeleverd of wordt aan- bevolen door de fabrikant. Het gebruik van andere reinigingsmiddelen of chemicaliën kan de veilig- heid van het apparaat nadelig beïnvloeden.
18. Trek niet aan de slang om de hogedrukreiniger
te verplaatsen. Hierdoor zal de slang en aange- sloten onderdelen worden beschadigd, en zal kortsluiting of een defect ontstaan.
19. Plaats geen zware voorwerpen op de slang en
laat er geen voertuigen over rijden.
20. Laat altijd de restdruk in het spuitpistool af
voordat u de slang loskoppelt.
21. Wanneer u de slang aansluit op het waterlei-
dingnet, houdt u zich aan de instructies van het waterleidingbedrijf.
Als de hogedrukreiniger valt of tegen een hard voorwerp wordt gestoten, moet u hem controle
ren op beschadigingen en barsten. Het gebruik van een beschadigde hogedrukreiniger kan leiden tot rookontwikkeling, brand of een elektrische schok, waardoor persoonlijk letsel kan ontstaan.
Tijdens gebruik van hogedrukreinigers kunnen aerosolen worden gevormd. Het inhaleren van aerosolen kan gevaarlijk zijn voor de gezondheid.
24. Afhankelijk van de toepassing kunnen afge-
schermde spuitmonden worden gebruikt voor reinigen met hoge druk, waarmee de uitstoot van waterhoudende aerosolen dramatisch wordt verlaagd. Echter, niet alle toepassin- gen maken het gebruik van een dergelijk apparaat mogelijk. In het geval afgeschermde spuitmonden niet toegepast kunnen worden als bescherming tegen aerosolen, kan een ademhalingsmasker van klasse FFP 2 of gelijk- waardig noodzakelijk zijn, afhankelijk van de omgeving waarin wordt gereinigd.
25. De werkgever moet een risicobeoordeling
uitvoeren om de noodzakelijke beschermings- maatregelen tegen aerosolen vast te stellen, afhankelijk van het te reinigen oppervlak en de omgeving daarvan. Een ademhalingsmasker van klasse FFP 2, of minimaal gelijkwaardig alternatief, is geschikt als bescherming tegen waterhoudende aerosolen.
26. Voorkom onbedoeld starten. Controleer of
de schakelaar in de uit-stand staat alvorens de accu aan te brengen, het apparaat op te pakken of te dragen. Door het apparaat te dra- gen met uw vinger op de schakelaar, of door het apparaat op een voeding aan te sluiten terwijl de schakelaar aan staat, neemt de kans op ongeval- len sterk toe.
27. Haal de accu uit het apparaat voordat u afstel-
lingen maakt, hulpstukken vervangt, of het apparaat opbergt. Dergelijke preventieve vei- ligheidsmaatregelen verkleinen de kans dat het apparaat per ongeluk wordt ingeschakeld.
28. Probeer niet het apparaat of de accu te wijzi-
gen of te repareren, behalve zoals aangegeven in de instructies voor gebruik en verzorging.
29. WAARSCHUWING - Gevaar van inspuiting of
letsel - Richt de waterstraal niet op personen. Gebruik en verzorging van gereedschap dat op een accu werkt
Laad alleen op met de acculader aanbevolen door de fabrikant. Een acculader die geschikt is voor een bepaald type accu, kan brandgevaar ople- veren indien gebruikt met een ander type accu.
2. Gebruik elektrisch gereedschap uitsluitend
met de daarvoor bestemde accu. Gebruik van andere accu’s kan gevaar voor letsel of brandge- vaar opleveren.
3. Als de accu niet wordt gebruikt, houdt u deze
uit de buurt van metalen voorwerpen, zoals paperclips, muntgeld, sleutels, spijkers, schroeven en andere kleine metalen voorwer- pen die een kortsluiting kunnen veroorzaken tussen de accupolen. Kortsluiting tussen de accupolen kan leiden tot brandwonden of brand.
4. Onder zware gebruiksomstandigheden kan
vloeistof uit de accu komen. Voorkom aanra- king! Als u er per ongeluk mee in aanraking komt, spoelt u het er met water af. Als de vloei- stof in uw ogen komt, raadpleegt u tevens een arts. Vloeistof uit de accu kan irritatie en brand- wonden veroorzaken.
5. Gebruik geen accu of gereedschap dat
beschadigd of gewijzigd is. Beschadigde of gewijzigde accu’s kunnen onvoorspelbaar gedrag vertonen dat kan leiden tot brand, explosie of gevaar van letsel.
6. Stel een accu of gereedschap niet bloot
aan vuur of buitensporige temperaturen. Blootstelling aan vuur of temperaturen hoger dan 130 °C kunnen een explosie veroorzaken.
7. Volg alle oplaadinstructies en laad de accu
of het gereedschap niet op buiten het tem- peratuurbereik opgegeven in de instructies. Verkeerd opladen of bij een temperatuur buiten het opgegeven bereik kan de accu beschadigen en de kans op brand vergroten. Onderhoud en reparatie
1. Volg de onderhoudsinstructies die in deze
gebruiksaanwijzing worden gegeven.
2. Om de veiligheid van het apparaat te waarbor-
gen, gebruikt u uitsluitend reserveonderdelen van de fabrikant of goedgekeurd door de fabrikant.
3. Laat uw hogedrukreiniger repareren door een
vakbekwame reparateur met gebruikmaking van uitsluitend identieke vervangingsonder- delen. Zo bent u ervan verzekerd dat de veilig- heid van de hogedrukreiniger behouden blijft.
4. In geval van een defect of storing van de hoge-
drukreiniger, schakelt u deze onmiddellijk uit en verwijdert u de accu(’s). Neem contact op met u uw plaatselijke dealer of servicecentrum.74 NEDERLANDS Aanvullende veiligheidsvoorschriften
1. Voldoe aan de vereisten van het lokale
waterleidingbedrijf.
2. Gebruik het gereedschap niet wanneer de kans
3. Als u het gereedschap op een modderige
ondergrond, natte helling of gladde plaats gebruikt, let u erop dat u stevig staat.
4. Vermijd werken in een ongunstige omgeving
waarin een verhoogde vermoeidheid van de gebruiker kan worden verwacht.
5. Vervang de accu niet in de regen.
6. Dompel het gereedschap niet onder in een
7. Laat het gereedschap niet onbeheerd buiten in
8. Wanneer natte bladeren of vuil blijft kleven aan
de aanzuigmond (ventilatieopening) als gevolg van de regen, verwijdert u deze.
9. Was het gereedschap niet met water onder
10. Wanneer u het gereedschap wast, zorgt u
ervoor dat geen water kan binnendringen in de elektrische delen, zoals de accu, motor en aansluitingen.
11. Wanneer u het gereedschap opbergt, vermijdt
u direct zonlicht en regen, en bergt u het op een plaats op die niet heet of vochtig wordt.
12. Voer inspectie en onderhoud uit op een plaats
waar regen kan worden vermeden.
13. Nadat u het gereedschap hebt gebruikt, ver-
wijdert u het aanklevende vuil en laat u het gereedschap volledig drogen voordat u hem opbergt. Afhankelijk van het seizoen of gebied, bestaat de kans op een storing als gevolg van bevriezing.
14. Laat de aansluitpunten van de accu niet nat
worden met een vloeistof, zoals water, en dompel de accu niet onder. Laat de accu niet in de regen liggen en laad of berg de accu niet op een vochtige of natte plaats op. Als de aan- sluitpunten nat worden of vloeistof binnendringt in de accu, kan kortsluiting ontstaan in de accu en bestaat de kans op oververhitting, brand of explosie.
15. Nadat de accu vanaf het gereedschap of de
acculader is verwijderd, vergeet u niet het accudeksel op de accu te bevestigen en deze op een droge plaats op te bergen.
16. Vervang de accu niet met natte handen.
Aanvullende veiligheidsvoorschriften
1. Voldoe aan de vereisten van het lokale
waterleidingbedrijf.
2. Gebruik geen bekabelde voeding, zoals een
accuadapter of draagbare voedingseenheid met dit apparaat. De kabel van een dergelijke voeding kan het gebruik hinderen waardoor per- soonlijk letsel wordt veroorzaakt. BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betref- fende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwij- zing kan leiden tot ernstige verwondingen. Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu
1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op
(1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen.
2. Haal de accu niet uit elkaar en saboteer hem
niet. Dit kan leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu
aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brand- wonden en zelfs een ontplong veroorzaken.
Als elektrolyt in uw ogen is terechtgekomen, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken.
5. Voorkom kortsluiting van de accu:
(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal. (2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spij- kers, munten e.d. worden bewaard. (3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brand- wonden, en zelfs defecten.
6. Bewaar en gebruik het gereedschap en de
accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger.
7. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan-
neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploen in het vuur.
Laat de accu niet vallen, sla er geen spijker in, snijd er niet in, gooi er niet mee en stoot hem niet tegen een hard voorwerp. Dergelijke handelingen kunnen leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
9. Gebruik nooit een beschadigde accu.
10. De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn
onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke stoen. Voor commercieel transport en dergelijke door derden en transporteurs moeten speciale vereisten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd. Als voorbereiding van het artikel dat wordt getranspor- teerd is het noodzakelijk een expert op het gebied van gevaarlijke stoen te raadplegen. Houd u tevens aan mogelijk strengere nationale regelgeving. Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu moet zodanig worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de verpakking.75 NEDERLANDS
11. Wanneer u de accu wilt weggooien, verwijdert
u de accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu de plaatselijke voorschriften.
12. Gebruik de accu’s uitsluitend met de gereed-
schappen die door Makita zijn aanbevolen. Als de accu’s worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, bui- tensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkage van elektrolyt.
13. Als u het gereedschap gedurende een lange
tijd niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd.
14. Tijdens en na gebruik, kan de accu heet wor-
den waardoor brandwonden of koude brand- wonden kunnen worden veroorzaakt. Wees voorzichtig bij het hanteren van een hete accu.
15. Raak de aansluitpunten van het gereedschap
niet onmiddellijk na gebruik aan omdat deze heet genoeg kunnen zijn om brandwonden te veroorzaken.
16. Zorg ervoor dat geen steenslag, stof of grond
vast komt te zitten op/in de aansluitpunten, openingen en groeven van de accu. Hierdoor kan oververhitting, brand, een barst en een storing in het gereedschap of de accu ontstaan waar- door brandwonden of persoonlijk letsel kunnen ontstaan.
17. Behalve indien gebruik van het gereedschap
is toegestaan in de buurt van hoogspannings- leidingen, mag u de accu niet gebruiken in de buurt van een hoogspanningsleiding. Dit kan leiden tot een storing of een defect van het gereedschap of de accu.
18. Houd de accu uit de buurt van kinderen.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. LET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu’s. Het gebruik van niet-originele accu’s, of accu’s die zijn gewijzigd, kan ertoe leiden dat de accu ontploft en brand, persoonlijk letsel en schade veroor- zaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita. Tips voor een maximale levens- duur van de accu
1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen
is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen.
2. Laad een volledig opgeladen accu nooit
opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.
3. Laad de accu op bij een omgevingstempera-
tuur tussen 10 °C en 40 °C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden.
4. Als de accu niet wordt gebruikt, verwijdert u
hem vanaf het gereedschap of de lader.
5. Laad de accu op als u deze gedurende een
lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken.
FUNCTIES LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren. De accu aanbrengen en verwijderen LET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert. LET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijk letsel worden veroorzaakt. Om de accu aan te brengen, drukt u op de vergren- delknop en opent u tegelijkertijd het deksel. Lijn de lip op de accu uit met de groef in de behuizing en duw de accu op zijn plaats. Steek hem er helemaal in tot hij op zijn plaats wordt vergrendeld met een klikgeluid. Als u het rode deel aan de bovenkant van de knop kunt zien, is de accu niet goed aangebracht. Na het aanbrengen of verwijderen van de accu’s, ver- geet u niet het deksel te sluiten. ► Fig.1: 1. Deksel 2. Vergrendelknop Om de accu’s te verwijderen drukt u de knop aan de voorkant van de accu en trekt u tegelijkertijd de accu omhoog. ► Fig.2: 1. Rood deel 2. Knop 3. Accu LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden. LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Als de accu niet gemakkelijk in het gereedschap kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht. LET OP: Vergeet niet het deksel te vergrende- len voordat u het apparaat gebruikt. Gereedschap-/ accubeveiligingssysteem Het gereedschap is voorzien van een gereedschap-/ accubeveiligingssysteem. Dit systeem schakelt auto- matisch de voeding naar de motor uit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschap kan tijdens het gebruik automatisch stop- pen als het gereedschap of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld:76 NEDERLANDS Overbelastingsbeveiliging Als de accu wordt gebruikt op een manier die ertoe leidt dat een abnormaal hoge stroomsterkte wordt getrok- ken, stopt het gereedschap automatisch zonder enige aanduiding. In dat geval schakelt u het gereedschap uit en stopt u met het gebruik dat er toe leidde dat het gereedschap overbelast raakte. Schakel vervolgens het gereedschap in om weer te starten. Oververhittingsbeveiliging Wanneer het gereedschap oververhit is, stopt het gereedschap automatisch en knippert de accu-indica- tor. Laat in die situatie het gereedschap afkoelen voor- dat u het gereedschap weer inschakelt. Aan Knippert Beveiliging tegen te ver ontladen Als de acculading onvoldoende is, stopt het gereed- schap automatisch. In dit het geval verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en laadt u de accu op. De resterende acculading controleren Alleen voor accu’s met indicatorlampjes ► Fig.3: 1. Indicatorlampjes 2. Testknop Druk op de testknop op de accu om de resterende acculading te zien. De indicatorlampjes branden gedu- rende enkele seconden. Indicatorlampjes Resterende acculading Brandt Uit Knippert 75% tot 100% 50% tot 75% 25% tot 50% 0% tot 25% Laad de accu op. Er kan een storing zijn opgetreden in de accu. OPMERKING: Afhankelijk van de gebruiksomstan- digheden en de omgevingstemperatuur, is het moge- lijk dat de aangegeven acculading verschilt van de werkelijke acculading. OPMERKING: Het eerste (meest linker) indicator- lampje knippert wanneer het accubeveiligingssys- teem in werking is getreden. De resterende acculading controleren KENNISGEVING: De accu-indicator brandt niet wanneer de aan-uitschakelaar in de uit-stand staat. Om de resterende acculading te contro- leren, zet u de aan-uitschakelaar in de hoge- of lagedrukfunctie. Druk op de testknop om de resterende acculadingen te zien. De accu-indicatorlampjes geven per accu de resterende acculading aan. ► Fig.4: 1. Accu-indicatorlampje 2. Testknop Toestand van accu-indicator Resterende acculading Aan Uit Knippert 50% tot 100% 20% tot 50% 0% tot 20% Laad de accu op. Aan-uitschakelaar KENNISGEVING: Draai de aan-uitschakelaar niet met grote kracht. Hierdoor kan de schakelaar defect raken. Draai de aan-uitschakelaar rechtsom of linksom afhan- kelijk van het gewenste drukniveau. Draai de aan-uit- schakelaar rechtsom voor de hogedrukfunctie (2) en linksom voor de lagedrukfunctie (1). Om het apparaat uit te schakelen, draait u de aan-uitschakelaar terug naar de uit-stand (0). ► Fig.5: 1. Lagedrukfunctie (1) 2. Hogedrukfunctie (2)
OPMERKING: De accu-indicators gaan enkele seconden branden wanneer de aan-uitschakelaar in de hoge of lagedrukfunctie wordt gezet. Spuitlansfuncties OPMERKING: De standaard spuitlansen verschillen afhankelijk van het land. Raadpleeg ook de para- graaf “OPTIONELE ACCESSOIRES” voor andere spuitlansen. Spuitlans Afhankelijk van het land ► Fig.6 De breedte van de hogedrukstraal kan worden afge- steld tussen 0° en 25° door de kop van de spuitlans te draaien.77 NEDERLANDS LET OP: Draai, bij het afstellen van de breedte van de hogedrukstraal, niet de hele spuitlans terwijl u hem tegelijkertijd in de richting van het spuitpistool trekt. Hierdoor kan de spuitlans los raken van het spuitpistool en persoonlijk letsel veroorzaken. Vuilfrees Afhankelijk van het land ► Fig.7 Een roterende straal wordt gespoten. Geschikt voor het verwijderen van hardnekkig vuil. KENNISGEVING: Gebruik de vuilfrees niet op kwetsbare oppervlakken zoals ruiten en de car- rosserie van voertuigen. Bediening van de trekker Knijp de trekker in om een waterstraal te spuiten. De straal wordt continu gespoten zo lang de trekker inge- knepen wordt gehouden. De trekker kan worden vergrendeld voor veilig hanteren van het spuitpistool. Om de trekker te vergrendelen, trekt u de stopper eruit en haakt u deze in de groef van het handvat. ► Fig.8: 1. Trekker 2. Stopper 3. Groef KENNISGEVING: Om een mechanische fout in de drukschakelaar te voorkomen, houdt u altijd een pauze van twee seconden alvorens de trekker opnieuw in te knijpen. Veiligheidsventiel Dit apparaat is uitgerust met een veiligheidsventiel die ongewenste overdruk voorkomt. Wanneer de trekker wordt losgelaten, gaat het ventiel open en circuleert het water door de inlaat van de pomp. LET OP: Probeer niet het veiligheidsventiel te manipuleren, en verander de instelling ervan niet. MONTAGE LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. De hogedrukslang aansluiten Sluit de hogedrukslang aan op de uitlaat (met de pistool- -markering). Draai de moer van de hogedrukslang rechtsom om hem op de schroefdraad van de uitlaat te draaien. ► Fig.9: 1. Uitlaat 2. Moer LET OP: Verzeker u ervan dat de hoge- drukslang stevig aangesloten is. Bij een losse aansluiting kan de hogedrukslang eraf geperst wor- den waardoor persoonlijk letsel kan ontstaan. Het spuitpistool bevestigen Sluit de hogedrukslang aan op de inlaat van het spuit- pistool. Draai de moer van de hogedrukslang rechtsom om hem op de schroefdraad van de inlaat te draaien. ► Fig.10: 1. Inlaat 2. Moer LET OP: Verzeker u ervan dat de hoge- drukslang stevig aangesloten is. Bij een losse aansluiting kan de hogedrukslang eraf geperst wor- den waardoor persoonlijk letsel kan ontstaan. Aansluiten op een kraan LET OP: Gebruik altijd een drukbestendige waterslang met een diameter van 13 mm of meer en sluit deze met behulp van geschikte bevesti- gingen aan op de kraan. Als u dit niet doet, kan de waterslang en/of de bevestigingen kapot gaan en tot persoonlijk letsel leiden. KENNISGEVING: Gebruik een zo kort mogelijke drukbestendige waterslang. De stroomsnelheid van het aanvoerwater moet hoger zijn dan de maximale aanvoersnelheid van de pomp. KENNISGEVING: Als u aansluit op het drinkwa- terleidingnet, gebruikt u een terugstroomkeerklep die voldoet aan de regelgeving in uw land. OPMERKING: De toevoerslang wordt geleverd met koppelstukken bevestigd aan beide uiteinden. Als wordt aangesloten op een kraan zonder koppelstuk, moet daarom het koppelstuk aan één uiteinde worden verwijderd. ► Fig.11: 1. Moer van het koppelstuk 2. Koppelstuk
Sluit de toevoerslang aan op de kraan. Gebruik een geschikte bevestiging, zoals een slangklem of kraanaanslui- ting, om het uiteinde van de slang te bevestigen aan de kraan. ► Fig.12: 1. Slangklem 2. Koppelstuk 3. Toevoerslang OPMERKING: De bevestigingsmethode is afhankelijk van de vorm van de kraan waaraan de slang wordt bevestigd. Bereid een geschikte, in de winkel verkrijg- bare, bevestiging voor.
2. Bevestig de waterslangaansluiting op de inlaat
(met de kraan-markering) en sluit vervolgens het kop- pelstuk erop aan. ► Fig.13: 1. Koppelstuk 2. Waterslangaansluiting
3. Inlaat van de hogedrukreiniger
De spuitlans aanbrengen/verwijderen LET OP: Vergrendel altijd de trekker van het spuitpistool wanneer u de spuitlans aanbrengt/ verwijdert. Steek het uiteinde van de spuitlans in de opening van het spuitpistool en draai hem in de richting van de pijl aangegeven in de afbeelding. Om de spuitlans eraf te halen, drukt u hem in de richting van het spuitpistool en draait u hem in de tegenovergestelde richting. ► Fig.14: 1. Spuitpistool 2. Opening 3. Uiteinde van spuitlans78 NEDERLANDS De schuimsproeier aanbrengen Optioneel accessoire LET OP: Vergrendel altijd de trekker van het spuitpistool wanneer u de spuitlans aanbrengt/ verwijdert. Bereid het reinigingsmiddel voor voordat u de schuim- sproeier gebruikt.
1. Verwijder de schuimsproeier vanaf de tank door
de schuimsproeier linksom te draaien. Bevestig de schuimsproeier aan het spuitpistool. ► Fig.15: 1. Schuimsproeier 2. Spuitpistool
2. Giet het reinigingsmiddel in de tank en bevestig
deze aan de schuimsproeier. ► Fig.16: 1. Tank KENNISGEVING: Gebruik altijd een neutraal rei- nigingsmiddel. Een zuur of basisch reinigingsmiddel kan de tank of schuimsproeier beschadigen. De kunststof draagkoer op de bak bevestigen Optioneel accessoire U kunt de Makita-draagkoer bovenop de bak beves- tigen. Plaats de kunststof draagkoer op de bak zodat hij wordt vergrendeld in de bevestigingspunten op het deksel van de bak. ► Fig.17: 1. Kunststof draagkoer
De bak op de trolley bevestigen Optioneel accessoire Wanneer u de bak verplaatst met behulp van een Makita-trolley, zet u de bak op zijn plaats. Verzeker u ervan dat de onderkant van de bak past op het plateau van de trolley. ► Fig.18: 1. Onderkant van de bak 2. Plateau van de trolley LET OP: Als u de trolley gebruikt, mag de bak niet gevuld zijn met water. Als u dit doet, kunt u het evenwicht verliezen waardoor persoonlijk letsel kan ontstaan, of kan de bak vervormd worden waardoor deze lek kan raken. BEDIENING WAARSCHUWING: Raak de hogedrukstraal niet aan en richt deze niet op uzelf of anderen. De hogedrukstraal is gevaarlijk en kan u of anderen pijn doen. WAARSCHUWING: Houd nooit het voorwerp dat u wilt reinigen vast in uw handen terwijl u de hogedrukstraal erop richt, en houd uw handen en voeten uit de buurt van de hogedrukstraal. LET OP: Wees bedacht op de terugslag van de hogedrukstraal en op weggespoten voorwerpen. Houd de spuitlans niet dichter bij het voorwerp dan 30 cm. LET OP: Schakel de hogedrukreiniger niet in zon- der aanvoer van water gedurende langer dan 1 minuut. LET OP: Gebruik de hogedrukreiniger niet gedurende een lange tijd achter elkaar. Hierdoor kan oververhitting of brand ontstaan. Bovendien kan langdurig gebruik leiden tot letsel door trillingen. LET OP: Let op de windrichting. Als het reinigingsmid- del in uw ogen of mond terecht komt, spoelt u deze onmiddellijk uit met schoon water en raadpleegt u zo nodig een arts. KENNISGEVING: Vermijd gebruik van de hogedrukreiniger gedurende langer dan 1 uur. Na gebruik gedurende 1 uur, wacht u dezelfde tijds- duur voordat u het apparaat weer gebruikt. KENNISGEVING: Om het mechanisme van de hogedrukreiniger te beschermen, mag u geen water warmer dan 40 °C gebruiken.
Sluit één uiteinde van de hogedrukslang aan op het spuitpistool en het andere uiteinde op de hogedrukreiniger.
2. Sluit de hogedrukreiniger met behulp van een
waterslang aan op de kraan. Open daarna de kraan. ► Fig.19
3. Open het deksel en breng de accu’s aan in de
Draai de aan-uitschakelaar naar de gewenste functie. ► Fig.21: 1. Lagedrukfunctie (1) 2. Hogedrukfunctie (2) 3. Uit-stand
Om een hogedrukstraal te spuiten, ontgrendelt u de stopper en knijpt u de trekker in. De straal wordt continu gespoten zo lang de trekker ingeknepen wordt gehouden. ► Fig.22: 1. Stopper LET OP: Houd het spuitpistool stevig vast. Het spuitpistool krijgt een terugslag zodra u de trek- ker inknijpt. LET OP: Houd tijdens het spuiten van de hogedrukstraal het spuitpistool altijd vast aan de handgreep en aan de loop. KENNISGEVING: Wees voorzichtig dat u tijdens gebruik niet met kracht aan het spuitpistool trekt. Hierdoor kan de hogedrukreiniger omvallen. KENNISGEVING: Wanneer het gebruik gedu- rende een lange tijd wordt onderbroken, schakelt u de hogedrukreiniger uit en knijpt u de trekker in om het resterende water volledig eruit te laten stromen. Als de hogedrukreiniger langdurig op hoge druk wordt gebruikt, kan hij mogelijk niet opnieuw worden gestart. Als dat het geval is, schakelt u de hogedrukreiniger uit, voert u water aan vanuit een kraan in de inlaat en knijpt u de trekker in terwijl u enige tijd water blijft aanvoeren. Schakel daarna de hogedrukreiniger in. Wanneer u het werk onderbreekt, kunt u het spuitpistool tijdelijk opbergen zoals aangegeven in de afbeelding. ► Fig.2379 NEDERLANDS Na gebruik LET OP: Voer na gebruik van de hogedrukrei- niger altijd de procedure uit die in deze gebruiks- aanwijzing wordt beschreven. Restdruk in het spuitpistool of de hogedrukreiniger kan leiden tot persoonlijk letsel of beschadiging van de pomp.
1. Schakel de hogedrukreiniger uit.
2. Draai de kraan dicht en koppel de aanvoerwater-
4. Knijp de trekker in tot het achtergebleven water in
de hogedrukreiniger eruit is gespoten. ► Fig.25 KENNISGEVING: Laat de motor niet langer dan 1 minuut draaien.
5. Schakel de hogedrukreiniger uit en verwijder de
accu’s. ► Fig.26: 1. Aan-uitschakelaar 2. Accu
6. Koppel de hogedrukslang los van het spuitpistool
KENNISGEVING: Om te voorkomen dat de hogedrukslang beschadigd raakt, laat u het ach- tergebleven water uit de slang lopen voordat u deze opbergt. Water aanvoeren vanuit een tank of reservoir U kunt water aanvoeren vanuit een tank of reservoir in plaats van vanuit een kraan. Sluit de toevoerslang met aanzuigslang aan op de waterslangaansluiting. ► Fig.28: 1. Tank/reservoir 2. Aanzuigslang
3. Toevoerslang 4. Waterslangaansluiting
LET OP: Let erop dat bij het bevestigen van de ring aan het lterhuis u uw hand niet bezeerd aan de slangklem. KENNISGEVING: Gebruik altijd de toevoerslang en aanzuigslang van Makita. KENNISGEVING: Zorg ervoor dat de inlaat van de hogedrukreiniger 1 m (3,28 ft) of minder lager staat dan het wateroppervlak in de tank of het reservoir. Anders zal de hogedrukreiniger niet in staat zijn het water aan te zuigen naar de pomp. Om water in de slang te brengen, verwijdert u de spuit- lans vanaf het spuitpistool en schakelt u de hogedruk- reiniger in terwijl u de trekker ingeknepen houdt. Nadat een continue stroom water uit het spuitpistool komt, laat u de trekker los en brengt u de gewenste spuitlans aan. ► Fig.29: 1. Spuitpistool OPMERKING: Wanneer geen water wordt gespoten, koppelt u de toevoerslang en aanzuigslang los en dompelt u deze onder in water. Sluit hem daarna weer aan op de hogedrukreiniger. ► Fig.30: 1. Toevoerslang en aanzuigslang Bij gebruik van de bak als een watertank U kunt de bak die bij de hogedrukreiniger werd geleverd (afhankelijk van het land), gebruiken als een watertank.
1. Sluit het koppelstuk van de toevoerslang aan op
de waterslangaansluiting. ► Fig.31: 1. Koppelstuk 2. Waterslangaansluiting
3. Inlaat van de hogedrukreiniger
2. Sluit het koppelstuk van de toevoerslang aan op
het lterhuis van de aanzuigslang. ► Fig.32: 1. Aanzuigslang 2. Toevoerslang
3. Maak de bak leeg en vul hem met water.
► Fig.33: 1. Maximaal waterniveau KENNISGEVING: Vul het water niet bij tot boven het maximale waterniveau. KENNISGEVING: Het deksel van de bak is niet waterdicht. Wees voorzichtig het water in de bak niet te morsen bij het verplaatsen.
4. Verwijder de dop vanaf de voedingswaterinlaat en
steek de aanzuigslang door de inlaat, zoals afgebeeld. ► Fig.34: 1. Dop 2. Dophouder 3. Voedingswaterinlaat
OPMERKING: De dop op de voedingswaterinlaat kan op de dophouder worden bevestigd.
5. Plaats de hogedrukreiniger op de bak zodat hij
wordt bevestigd in de bevestigingspunten op het deksel van de bak. ► Fig.35: 1. Hogedrukreiniger 2. Deksel
OPMERKING: Als het water niet wordt aangezogen, dit lang duurt of de waterdruk onvoldoende is, contro- leert u het volgende:
- Controleer of de toevoerslang, aanzuigslang of waterslangaansluiting los zitten.
- Controleer of de koppelstukken van de toevoerslang stevig zijn bevestigd aan de waterslangaansluiting en het lterhuis van de aanzuigslang. Zet ze vast als ze los zitten. Toevoerslang ► Fig.36: 1. Koppelstuk Aanzuigslang ► Fig.37: 1. Slangklem 2. Filterhuis Waterslangaansluiting ► Fig.38: 1. Waterslangaansluiting80 NEDERLANDS KENNISGEVING: Hanteer de bak voorzichtig wanneer u hem draagt. Wanneer u de bak draagt met daarin de hogedrukreiniger en accessoires of water, kan een ongeval of persoonlijk letsel ontstaan als gevolg van het eigengewicht. KENNISGEVING: Als u de bak verplaatst, mag u hem niet schudden, omkeren of buitensporig schuin houden. Als u dit toch doet, kan dat ertoe leiden dat: — het water erin wordt gemorst; — de hogedrukreiniger op het deksel van de bak af valt, of — de wielen van de bak niet kunnen draaien. KENNISGEVING: Wanneer u de bak aan het handvat draagt, kan water eruit worden gemorst als er veel water in zit. KENNISGEVING: Er kan water uit het ontluch- tingsgat komen als het waterniveau binnenin de bak tot aan het ontluchtingsgat komt doordat de bak wordt gekanteld. KENNISGEVING: Ga niet op de bak staan. Het deksel kan barsten. KENNISGEVING: Laat de bak vol met water niet lange tijd staan. Als u dat doet, kan de bak bescha- digd worden en waterlekkage ontstaan. Volg na gebruik de onderstaande procedure:
1. Verwijder de dop vanaf het aftappunt en tap het
water af. ► Fig.39: 1. Aftappunt
2. Veeg het vocht binnenin de bak op met een doek
en laat de bak volledig drogen. KENNISGEVING: Berg de hogedrukreiniger en de accessoires niet op terwijl de binnenkant van de bak nat is. Achtergebleven vocht kan leiden tot een storing en roesten. ONDERHOUD EN OPSLAG LET OP: Zorg er altijd voor dat het gereed- schap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd voordat u een inspectie of onderhoud uitvoert. KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was- benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt. Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud of afstellingen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijd met gebruik van Makita-vervangingsonderdelen. De spuitlans reinigen Gebruik de reinigingsprikker om vuil te verwijderen of een verstopping op te heen in de spuitmond van de spuitlans. ► Fig.40: 1. Reinigingsprikker OPMERKING: Om optimale prestaties te behouden, reinigt u de spuitlans regelmatig. KENNISGEVING: Verwijder vuil of afval niet met grote kracht. Hierdoor kan persoonlijk letsel ont- staan of de spuitmond worden beschadigd waardoor de hogedrukstraal onder een afwijkende hoek wordt gespoten of de prestaties verslechteren. Het lter reinigen Koppel de waterslangaansluiting los en verwijder vuil en afval vanuit de binnenkant van het lter. ► Fig.41: 1. Waterslangaansluiting 2. Filter
Bij gebruik van de aanzuigslang haalt u het lter uit het lterhuis en verwijdert u vuil en afval. ► Fig.42: 1. Filter 2. Filterhuis OPMERKING: Om optimale prestaties te behouden, reinigt u het lter regelmatig. Opslag LET OP: Bewaar het apparaat altijd binnens- huis waar de temperatuur niet onder het nulpunt komt. Als de hogedrukreiniger bevriest en een sto- ring vertoont, neemt u contact op met uw plaatselijke servicecentrum voor reparatie. Berg de accessoires op in het zijvak van de hogedrukreiniger. Voorbeeld van opbergen ► Fig.43: 1. Hogedrukslang 2. Spuitlans
Als uw model werd geleverd met de bak, bergt u de hogedrukreiniger en accessoires erin op. Voorbeeld van opbergen ► Fig.44: 1. Hogedrukreiniger 2. Spuitlans
OPMERKING: Sommige accessoires die in de afbeelding staan, worden in sommige landen gele- verd als optionele accessoires.81 NEDERLANDS PROBLEMEN OPLOSSEN Alvorens u verzoekt om reparatie, kunt u zelf als volgt het probleem opsporen en oplossen. Als u met een probleem kampt dat in deze handleiding niet wordt beschreven, probeer dan niet het gereedschap te demon- teren. Laat reparaties over aan een erkend Makita-servicecentrum, uitsluitend met gebruik van originele Makita-vervangingsonderdelen. Probleemomschrijving Waarschijnlijke oorzaak (storing) Oplossing Hogedrukreiniger start niet. Geen elektriciteit Breng opgeladen accu’s aan. Schakelaar staat niet aan. Zet de schakelaar in de aan-stand. Restdruk aanwezig in de pomp Knijp de trekker in. Accu of elektrische circuit is beschadigd Neem contact op met een erkend servicecentrum voor reparatie. De hogedrukreiniger werd langdurig op hoge druk gebruikt. Schakel de hogedrukreiniger uit, voer water aan vanuit een kraan in de inlaat en knijp de trekker in terwijl u enige tijd water blijft aanvoeren. Schakel daarna de hogedrukreiniger in. Geen/zwakke waterstraal Geen aanvoerwater. Zorg ervoor dat de kraan open staat. Bij gebruik van de toevoerslang en aanzuigslang, vult u deze met water. Slecht aanvoer van water Draai de kraan open. Slechte waterslangaansluiting Controleer de aansluiting tussen de hogedrukreini- ger en de waterkraan. Verstopt(e) slang, lter of spuitmond Ontstop de slang, het lter of de spuitmond. Lucht blokkeert de stroming van water. Zet de schakelaar in de uit-stand en zet hem daarna weer in de aan-stand terwijl u de trekker ingeknepen houdt. Beschadigde of versleten spuitlans Vervang de spuitlans. Pomp of ventiel defect Neem contact op met een erkend servicecentrum voor reparatie. Onvoldoende goede aansluiting van de slangen (bij gebruik van de aanzuigslang) Zet het koppelstuk vast als dit los zit. Sluit het koppelstuk stevig aan. Instabiele hogedrukstraal Verstopte spuitmond Ontstop de spuitmond van de spuitlans met behulp van de reinigingsprikker. Slechte aanzuiging van water Controleer de waterslang, beginnende bij de kraan, op lekkage of verstoppingen. Draai de kraan open. Water is te heet. Voer kouder water aan. Defect ventiel Neem contact op met een erkend servicecentrum voor reparatie. Abnormaal geluid Water is te heet. Voer kouder water aan. Luchtbellen in de pomp. Neem contact op met een erkend servicecentrum voor reparatie. Waterlekkage Slechte aansluiting. Controleer de aansluiting tussen de hogedrukreini- ger en het spuitpistool alsmede de waterkraan. Versleten afdichtingen Neem contact op met een erkend servicecentrum voor reparatie. OPTIONELE ACCESSOIRES LET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven. Bij gebruik van andere accessoires of hulpstukken bestaat het gevaar van persoonlijke let- sel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel. Wenst u meer bijzonderheden over deze acces- soires, neem dan contact op met het plaatselijke Makita-servicecentrum. OPMERKING: Sommige items op de lijst kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Deze kunnen van land tot land verschillen.82 NEDERLANDS Vario-Power-spuitlans ► Fig.45 De druk van de straal kan worden veranderd door de kop van de spuitlans te draaien. LET OP: Wanneer u de druk van de straal ver- andert door de kop van de spuitlans te draaien, mag u de spuitlans niet tegelijkertijd in de rich- ting van het spuitpistool trekken. Hierdoor kan de spuitlans los raken van het spuitpistool en persoonlijk letsel veroorzaken. Schuimsproeier Afhankelijk van het land ► Fig.46 Reinigingsmiddel kan als een schuim worden gespoten. Wasborstel (lang) ► Fig.47 Een lans uitgerust met een borstel. Dit is handig bij het gelijk- tijdig schrobben met de borstel en het afspoelen van vuil. Roterende wasborstel ► Fig.48 Tijdens het spuiten van de hogedrukstraal roteren de drie borstels langzaam binnenin. Geschikt voor het reinigen van licht vuil op een buitenmuur, carrosserie van een voertuig, badkuip, enz. Toevoerslang ► Fig.49 Een toevoerslang om het apparaat aan te sluiten op een kraan of op de aanzuigslang. Aanzuigslang ► Fig.50 Een aanzuigslang om water aan te voeren vanuit een tank of reservoir. Gebruik de toevoerslang om met apparaat aan te sluiten. Verlengstuk voor de spuitlans ► Fig.51 Pijpstukken voor het verlengen van het spuitpistool. Drie verschillende lengten zijn mogelijk door het aantal gebruikte pijpstukken te variëren. Spuitlans voor een voertuigbodem ► Fig.52 Een extra lange spuitlans met een haakse spuitmond. Handig bij het reinigen van moeilijk bereikbare plaatsen, zoals een voertuigbodem of dakgoot. LET OP: Gebruik de spuitlans voor een voer- tuigbodem niet tezamen met het verlengstuk voor de spuitlans. Spatbescherming ► Fig.53 Vermindert het opspatten bij het reinigen van hoeken met de vuilfrees. Draaikoppeling ► Fig.54 Voorkomt dat de hogedrukslang ineen gedraaid raakt. Koppelingadapter ► Fig.55 Een adapter die nodig is om een spuitlans van een ander model te kunnen gebruiken. Voor sommige optionele spuitlansen is een koppe- lingadapter (optioneel accessoire) nodig voor bevesti- ging aan het spuitpistool. Bevestig de koppelingadapter op dezelfde manier aan het spuitpistool als de spuitlans. ► Fig.56: 1. Spuitlans 2. Koppelingadapter
OPMERKING: De koppelingadapter is nodig bij gebruik van de spuitlansen die worden geleverd bij een ander model, HW112 of HW121. Pijpreinigingsset (10 m/15 m) ► Fig.57 Voor het reinigen en ontstoppen van afvoerpijpen en standpijpen. LET OP: Let met name goed op de hoge- drukstraal bij gebruik van de pijpreinigingsset. De waterstraal wordt met zeer hoge druk achter- waarts gespoten. Start de waterstraal pas nadat de spuitlans tot aan minstens de rode markering in de te reinigen pijp is gestoken. Hogedrukverlengslang (5 m/8 m/10 m) ► Fig.58 Verlengslang voor het aansluiten van het spuitpistool op de hogedrukreiniger. Vario-power spuitmond en verlengpijp ► Fig.59: 1. Vario-power spuitmond 2. Verlengpijp De druk van de straal kan worden veranderd door de kop van de spuitlans te draaien. WAARSCHUWING: Breng alleen de vario-po- wer spuitmond aan op de verlengpijp. Breng niet de andere optionele verlengstukken aan op de originele verlengpijp. Als u andere hulpstukken gebruikt dan die worden aanbevolen door de fabri- kant, bestaat het risico van persoonlijk letsel of mate- riële schade. LET OP: Wanneer u de druk van de straal ver- andert door de kop van de spuitlans te draaien, mag u de spuitlans niet tegelijkertijd in de rich- ting van het spuitpistool trekken. Hierdoor kan de spuitlans los raken van het spuitpistool en persoonlijk letsel veroorzaken.83 ESPAÑOL ESPAÑOL (Instrucciones originales) ADVERTENCIA
Notice-Facile