RP2302FC - Freesmachine MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis RP2302FC MAKITA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over RP2302FC MAKITA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Freesmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RP2302FC - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RP2302FC van het merk MAKITA.
GEBRUIKSAANWIJZING RP2302FC MAKITA
In verband met ononderbroken research en ontwikkeling behouden wij ons hetrecht voor bovenstaande technische gegevens te wijzigen zonder voorafgaande kennisgeving.
- De technische gegevens können van land tot land verschillen.
Gewicht volgens EPTA-procedure 01/2014
Gebruiksdoelseinden
Het gereedschap is bedoeld voor het afkanttrimmen en profileren van hout, kunststof en soortgelijke materialen.
Voeding
Het gereedschap mag alleen worden aangesloten op een voeding vandezelfde spanning als aangegeven op het typeplaatje, en kan alleen worden gezrukt op enkelfase-wisselstroom. Het gereedschap is dubbel-geisoleerd en kan derhalve ook op een Niet-geaard stopcontact worden aangesloten.
Geluidsniveau
De typische, A-gewogen geluidsniveauaus zijn gemeten volgens EN62841-2-17:
Model RP1802
Geluidsdrukniveau (L_pA) : 85 dB (A)
Geluidsvermogenniveau (L_WA) : 96 dB (A)
Onzekerheid (K): 3 dB (A)
Model RP1802F
Geluidsdrukniveau (L_pA) : 85 dB (A)
Geluidsvermogenniveauu (L_WA) :96 dB (A)
Onzekerheid (K): 3 dB (A)
Model RP1803
Geluidsdrukniveau (L_pA) : 85 dB (A)
Geluidsvermogenniveau (L_WA) : 96 dB (A)
Onzekerheid (K): 3 dB (A)
Model RP1803F
Geluidsdrukniveau (L_pA) : 85 dB (A)
Geluidsvermogenniveau (L_WA) :96 dB (A)
Onzekerheid (K): 3 dB (A)
Model RP2302FC
Geluidsdrukniveau (L_pA) : 88 dB (A)
Geluidsvermogenniveau (L_WA) : 99 dB (A)
Onzekerheid (K): 3 dB (A)
Model RP2303FC
Geluidsdrukniveau (L_pA) : 88 dB (A)
Geluidsvermogenniveauu (L_WA) : 99 dB (A)
Onzekerheid (K): 3 dB (A)
OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijkken met andere gereedschappen.
OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/konnen ook worden gebrukt voor eenbeordeling vooraf van de blootstelling.

WAARSCHUWING: De geluidsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap worden gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee worden gewerkt.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zichn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met allefasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijsduurgedurende welke het gereedschap isuitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).
OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijkken met andere gereedschappen.
OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebrukt voor eenbeordeling vooraf van de blootstelling.
WAARSCHUWING: Draag gehoorbescherming.
WAARSCHUWING: De geluidsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap worden gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee worden gewerkt.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zichen gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met allefasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijsduurgedurende welke het gereedschap isuitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijsduur).
Trilling
De totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN62841-2-17:
Model RP1802
Gebruikstoepassing: Groeven frozen in MDF
Trillingsemissie (a_h) .. 5,1m / s^2
Onzekerheid (K): 1,5 m/s
Model RP1802F
Gebruikstoepassing: Groeven frozen in MDF
Trillingsemissie (a_h) .. 5,1m / s^2
Onzekerheid (K): 1,5 m/s2
Model RP1803
Gebruikstoepassing: Groeven frozen in MDF
Trillingsemissie (a_h):5,1m / s^2
Onzekerheid (K): 1,5 m/s
Model RP1803F
Gebruikstoepassing: Groeven frozen in MDF
Trillingsemissie (a_h) .. 5,1m / s^2
Onzekerheid (K): 1,5 m/s²
Model RP2302FC
Gebruikstoepassing: Groeven frozen in MDF
Trillingsemissie (a_h) .. 4,2m / s^2
Onzekerheid (K): 1,5 m/s²
Model RP2303FC
Gebruikstoepassing: Groeven frozen in MDF
Trillingsemissie (a_h) .. 4,2m / s^2
Onzekerheid (K): 1,5 m/s²
OPMERKING: De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standardtestmethode en kan/ können worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijkden met andere gereedschappen.
OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de bloatstelling.
WAARSCHUWING: De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven Waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap worden gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee worden gewerkt.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zichen gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder pracktijkomstandigheden (rekening houdend met allefasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduurgedurende welke het gereedschap isuitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).
EG-verklaring van conformiteit
Alleen voor Europese landen
De EG-verklaring van conformiteit is bijgevoegt als Bijlage A bij deze gebruiksaanwijzing.
Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap
WAARSCHUWING: Lees alle veiligheids-waarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en technische gegevens behorend bij dit elektrische gereedschap aandachtig door. Als u nicht alle onderstaande aanwijzingen naleeft, kan dat resulteren in brand, elektrische schokken en/of ernstig letsel.
Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen.
De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoorschriften duidt op gereedschappen die op stroom van het Lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos).
Veiligheidswaarschuwingenspecifiek voor een bovenfrees
- Houd het elektrisch gereedschap alleen vast bij het geisoleerde oppervlak waarhat het snijgarnituur metল eigen snoer in aanraking kan komen. Wanner onder spanning staande draden worden geraakt, zullen de Niet-geisoleerde metalen delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.
-
Gebruik klemmen of andere bevestigingsmiddelen om het werkstuk op een stabel platforme bevestigen en te ondersteunen. Als u het werkstuk in uw hand of gegen uw lichaam geklemd houdt, is het onvoldoende stabel en kurz u de controle erover verliezen.
-
De schacht van het snijgarnituur moet overeenkomen met de aanwezige spankop.
- Gebruikuitsluitend een bit met een nominaal toerental dat minstens gelijk is aan het maximumtoerental vermeld op het gereedschap.
- Draag gehoorbeschermingijdens langdurig gebruik.
- Behandel de bovenfreesbits zeer voorzichtig.
- Controller het bovenfreesbit voor gebruik nauwkeurig op barsten of beschadigingen. Vervang een bebarsten of beschadigd bit onmiddelijk.
- Voorkom dat u spijkers raakt. Inspector het werkstuk op spijkers en verwijder deze zo nodig voordat u ermee begint te werken.
- Houd het gereedschap met beiden handen stevig vast.
- Houd uw handen uit de buurt van draaiende delen.
- Zorg ervoor dat het bovenfreesbit het werkstuk Niet raakt voordat u het gereedschap hebt ingeschakeld.
- Laat het gereedschap eenijdje draaien voor dat u het op het werkstuk gezruikt. Controller op trillingen of schommelingen die op een verkeerd gemonteerd bit+kennen wijzen.
- Let goed op de draairichting van het boven-freesbit en de voortgangsrichting.
- Laat het gereedschap Niet onnodig ingeschakeld. Bedien het gereedschap alleen terwijl u het vasthoudt.
- Schakel het gereedschap uit en wacht.altijd tot het bovenfreesbit volledig tot stilstand is gekomen voordat u het gereedschap uit het werkstuk verwijdert.
- Raak het bovenfreesbit Niet onmiddelijk na gebruik aan. Het kan bijzonder heet+zijn en brandwonden op uw huid veroorzaken.
- Smeer Niet zonder na te denken thinner, benzine, olie en dergelijk op de voet van het gereedschap. Deze middelen konnen scheuren in de voet van het gereedschapveroorzaken.
- Sommige materialen bevatten chemische stoffen die giftig{kunnen zich. Wees voorzichtig dat u geen stof inademt en het stof Niet op uw huid komt. Volg de veiligheidsinstrumenties van de leverancier van het materiaal op.
- Draag.altijd een stofmasker/ademhalingsap-paraat dat geschikt is voor het materiaal en de toepassing waarmee u werkt.
- Plaats het gereedschap op een stabiele plek. Anders kan het gereedschap per ongeluk vallen en letsel veroorzaken.
- Houd het snoer uit de buurt van uw voet en andere voorwerpen. Anders kan het snoer verstrekt raken en een ongeval met vallen perooraeken waardoor persoonlijk letsel ontstaat.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.
WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle verilgheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het Niet naleven van de verilgheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIONS
ALET OP: Controller altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker ervan uit het stopcontact is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap te controleren of af te stellen.
De freesdiepte instellen
Fig.1: 1. Vergrendelhendel 2. Zeskantstelbout
- Aanslagblok 4. Stelknop
- Diepteaanwijzer 6. Aanslagstang
- Stelmoer van de aanslagstang
-
Sneltoevoerknop
-
Plaats het gereedschap op een vlakke ondergrond. Zet de vergrendelhendel los en beweeg het gereedschapshuis omlaag totdat het bovenfreesbit net de vlakke ondergrond raakt. Zet de vergrendelhendel vast om het gereedschap te vergrendelen.
- Draai de stelmoer van de aanslagstang linksom. Breng de aanslagstang omlaag tot deze de zeskantstelbout raakt. Lijn de diepteaanwijzer uit met de "0" op de schaalverdeling. De freesdiepte worden door de diepteaanwijzer aangegeven op de schaalverdeling.
- Houd de sneltoevoerknop ingedrukt en beweeg de aanslagstang omhoog tot de gewenste freesdiepe is verkreten. Een uiterst nauwkeurige instelling is möglichk door de stelknop te draaien (1 mm per omwenteling).
- Door de stelmoer van de aanslagstang rechtsom te draaien, kurz u de aanslagstang stevig vastzetten.
- Nu kan uw vooraf bepaalde freesdiepte worden verkreten door de vergrendelhendel los te zetten en daarna het gereedschapshuis omlaag te brengen totdat de aanslagstang de zeskantstelbout van het aanslagblok raakt.
Nylonmoer
ALET OP: Stel de nylonmoer nicht te laag af. Het bovenfreesbit za daardoor gevaarlijk uitsteken.
De bovenste begrenzing van het gereedschapshuis kan worden ingesteld met behulp van de nylonmoer.
Fig.2: 1. Nylonmoer
Aanslagblok
ALET OP: Aangezien door buitensporig frezen de motor overbelast kan worden of het gereed-schap moeilijk te besturen kan zich, mag de freesdiepte Niet meer dan 15mm per werkgang bedragen bij het frezen van groeven met een bit van 8 mm diameter.
ALET OP: Bij het frezen van groeven met een bit van 20mm diameter mag de freesdiepte nicht更是 bedragen dan 5mm per werkgang.
ALETOP: Om dieper te freeze, freest u in tweet of drie werkgangen met een steeds lager ingeseld bovenfreesbit.
Aangezien het aanslagblok drie zeskantstelbouteh heeft die per omwenteling 0,8 mm hoger of lager stellen, kurz u gemakkelijk drie verschillende freesdiepten realiseren zonder de aanslagstang opnieuw te hoeven instellen.
▶ Fig.3: 1. Aanslagstang 2. Zeskantstelbout 3. Aanslagblok
Stel de laagste zeskantstelbout in op de grootste freesdiepte volgens de procedure beschreiben onder "De freesdiepte instellen".
Stel de twee resterende zeskontstelbauten in op minder grote freesdiepten. De verschillen in de hoogte van deze zeskontstelbauten zijn gelijk aan de verschillen in freesdiepte-instelling.
Om de zeskantstelboute in te stellen, draait u de zeskantstelboute met een schroevendraier of steeksleutel. Het aanslagblok is tevens handig voor het uitvoeren van drie werkgangen met een steeds groete freesdiepe-te-instelling voor het freeze van diepe groeven.
In- en uitschakelen
ALET OP: Controller altijd, voordat u de stekker in het stopcontact steekt, of de trekkerschakelaar op de juiste manier schakelt en wee terugkeert maar de uit-stand nadat deze is losgelaten.
ALET OP: Zorg ervoor dat de asvergrendeling is ontgrendeld voordat u het gereedschap inschakelt.
Een vergrendelknop is aanwezig om te voorkomen dat de trekkerschakelaar per ongeluk worden ingedrukt.
Fig.4: 1. Vergrendelknop 2. Trekkerschakelaar
Om het gereedschap te starten, drukt u de vergrendelknop in en knijpt u de trekkerschakelaar in. Laat de trekkerschakelaar los om het gereedschap te stoppen. Om het gereedschap continu te latent werken, drukt u de vergrendelknop verder in verwijl u de trekkerschakelaar ingeknepen houdt.
Om het gereedschap te stoppen, knijpt u de trekkerschakelaar in zodat de vergrendelknop automatisch terugkeert. Laat daarna de trekkerschakelaar los. Nadat u de trekkerschakelaar hebts losgelaten, treedt deuit-vergrendelfunctie in werkung om te voorkomen dat de trekkerschakelaar worden ingeknenpen.
ALET OP: Houd het gereedschap stevig vast wonneer u het uitschakelt om de reactiekracht op te vangen.
Elektronische functies
Het gereedschap is uitgerust met elektronische functies voor een eenvoudige bediening.
Indicatorlampje
Fig.5: 1. Indicatorlampje
Het indicatorlampje brandt groen wanner de stekker van het gereedschap in het stopcontact zit. Als het indicatorlampje Niet brandt, kan het netsnoer of de regelaar stuk zich. Als het indicatorlampje brandt, maar het gereedschap Niet start ondanks dat het gereedschap ingeschakeld is,+kunnen de koolborstels versleten zich, of kan de regelaar, de motor of de aan-uitschakelaar kapot zich.
Beveiling against onbedoeld inschakelen
Het gereedschap kan nicht worden ingeschakeld, verwijl de trekkerschakelaar is ingeknepen, ook nicht wanneer het gereedschap van stroom worden voorzien.
Op dat moment knippert het indicatorlampje rood en geeft aan dat de beveiligingsfunctie gegen onbedoeld herstarten in werkig is getreden.
Om de beveiliging gegen onbedoeld inschakelen te deactiveren,That u de trekkerschakelaar los.
Zachte-startfunctie
De functie zachte-start minimiseert de startschok en attendant het gereedschap geleidelijk opstarten.
Constant-toerentalregeling
Alleen voor de modellen RP2302FC en RP2303FC
Maakt een gladde afwerking möglichk odomat het toeren-tal constant worden gehonden, zichs bij belasting.
Toerentalregelaar
Alleen voor de modellen RP2302FC en RP2303FC
WAARSCHUWING: Gebruik de toerentalregelaar Niet tijdens bedrijf. Als gevolg van de reactiekracht zou de gebruiker het bovenfreesbit kennen aanraken. Dit kan leiden tot persoonlijk letsel.
KENNISGEVING: Als het gereedschap gedurende een lange tijd continu op een laag toerental worden gebruikt, worden de motor overbelast, waardoor het gereedschap defect raakt.
KENNISGEVING: De toerentalregelaar kan slechts tot stand 6 worden gedraaid en teruggedraaid tot stand 1. Forceer de regelaar Niet voor bij de 6 of de 1 omdat de toerentalregeling daardoor defect kan raken.
U kunt het toerental van het gereedschap veranderen door de toerentalregelaar te draaien en in te stellen op een cijfer van 1 tot en met 6.
Fig.6: 1. Toerentalregelaar
Het toerental wordt hoger wanner u de knop in derichting van het cijfer 6 draait. Het toerental wordt lager wanner u de toerentalregelaar in de richting van het cijfer 1 draait.
Hiermee kan het ideale toerental worden geselecteerd voor een optimale verwerking van het materiaal, d.w.z. het toerental kan zo worden afgesteld dat het geschikt is voor het materiaal en de diameter van het bit.
Zie de onderstaande tabel voor de verhoudingCUSden de cijfers op de toerentalregelaar en het toerental van het gereedschap bij benadering.
| Cijfer min | -1 |
| 1 9.000 | |
| 2 11.000 | |
| 3 14.000 | |
| 4 17.000 | |
| 5 20.000 | |
| 6 23.000 |
De lampen inschakelen
Alleen voor de modellen RP1802F, RP1803F, RP2302FC en RP2303FC
ALETOP: Kijk Niet direct in het lampllicht of in de lichtbron.
Knijp de trekkerschakelaar in om de lamp in te schakelen. De lamp blijft branden zolang u de trekkerschakelaar ingeknepen houdt. De lamp gaat ongeveer 10 seconden nadat de trekker is losgelaten uit.
Fig.7: 1. Lamp
OPMERKING: Gebruik een droge doeok om vuil van de lens van de lamp af te vegen. Wees voorzichtig dat u de lens van de lamp Niet bekrant omdat dan de verlichting minder worden.
MONTAGE
ALET OP: Zorg.altijd dat het gereedschap isuitgeschakeld en dat+zijn stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren.
Het bovenfreesbit aanbrengen en verwijderen
ALET OP: Breng het bovenfreesbit stevig aan. Gebruik.altijd de steeksleutel die bij het gereed-schap werdegeverd. Een loszittend of te strak vastgezet bovenfreesbit kan gevaarlijk zich.
KENNISGEVING: Draai de spankopmoer nicht vastzonder dat een bovenfreesbit is aangebracht, en breng geen bits met een dunne schacht aan zonder een spankegelbus te gebruiken. Dit kan beide leiden tot het afbreken van de spankegel.
- Steek het bovenfreesbit zo ver möglichk in de spankegel.
- Druk op de asvergrendeling zodate de as stil staat en zet de spankopmoer stevig vast met de steeksleutel. Als u bovenfreesbits met een Kleinere schachtdiameter gebrukt, steekt u eerst een passende spankegelbus in de spankegel, en brengt u daarna het bovenfreesbit aan.
▶ Fig.8: 1. Asvergrendeling 2. Steeksleutel 3. Losdraaien 4. Vastdraaien
Om het bovenfreesbit te verwijderen, volgt u de procedure voor het aanbrengen in de omgekeerde volgorde.
BEDIENING
WAARSCHUWING: Verzeker u er voor gebruik alsijd van dat de aanslagstang stevig is vastgezet met behulp van de stelmoer van de aanslagstang. Anders kan tijdens gebruik de freesdiepte veranderen en persoonlijk letsel worden voroorzaakt.
ALETOP: Controller voordat u het gereedschap bedient of het gereedschap automatisch omhoog komt tot aan de bovenste begrenzing, en het bovenfreesbit nicht uitsteekt tot onder de voet van het gereedschap nadat de vergrendelhendel is losgezet.
ALET OP: Gebruik alkijd beiden handgrepen en houd het gereedschap tijdens gebruik stevig aan beiden handgrepen vast.
ALETOP: Controller voordat u het gereed-schap bedient of de krullenvanger goed is aangebracht.
Fig.9: 1. Krullenvanger
- Plaats eerst de voet op het werkstuk dat u wilt freeze, zonder dat het bovenfreesbit het werkstuk raakt.
- Schakel het gereedschap in en wacht totdat het bovenfreesbit op volle snelheid draait.
- Breng het gereedschapshuis omlaag en beweeg het gereedschap voorwaarts over het oppervlak van het werkstuk. Houd waar bij de voet vlak op het oppervlak van het werkstuk en beweeg het gereedschap gelijkmatig totdat het freeze knaar is.
Fig.10
Bij het frezen van de rand van het werkstuk moet het oppervlak van het werkstuk zich aan de linkerkant van het bovenfreesbit bevinden, gezien in de voortgangsrichting.
▶ Fig.11: 1. Werkstuk 2. Draairichting van het bit 3. Aanzicht vanaf de bovenkant van het gereedschap 4. Voortgangsrichting
OPMERKING: Als u het gereedschap te snel voorwaarts beweegt, kan de snede van slechte kwaliteit zich, of het bovenfreesbit of de motor worden beschadigd. Als u het gereedschap te langzaam voorwaarts beweegt, kan hierdoor de snede verbranden en lelijk worden. De juiste voortgangssnelheid is afhankelijk van de maat van het bovenfreesbit, het soort werkstuk en de freesdiepte.
Alvorens in het eigenglijke werkstuk te werkken, is het raadzaam eerst een proefsnede te make in een stuk afvalhout. Zodoende(Int) u precies zien hoe de snede eruit komt te zien en(Int) u tevens de afmetingen controleren.
OPMERKING: Als u de langsgeleider of de trimgeleider gebruikt, zorgt u ervoor dat u deze langs de rechterkant aanbrengt, gezien in de voortgangsrichting. Hierdoor blijft deze gelijklopen met de zijkant van het werkstuk.
▶ Fig.12: 1. Voortgangsrichting 2. Draairichting van het bit 3. Werkstuk 4. Langsgeleider
Langsgeber
De langsgeleider worden gebruikt bij hetrechtuit frezen van een schuine cant of groef.
- Monteer de langsgeber op de geleiderhouser met behulp van de klemschroef (B). Steek de geleiderhouser in de gaten in de voet van het gereedschap en draai de klemschroef (A) vast. Om de afstand tussen het bovenfreesbit en de langsgeber in te stellen, draait u de klemschroef (B) los en draait u de fijnregelschroef (1,5 mm per omwenteling). Op de gewenste afstand, draai de klemschroef (B) vast om de langsgeber op zichnplaats vast te zetten.
▶ Fig.13: 1. Klemschroef (A) 2. Langsgeleider 3. Geleiderhouser 4. Fijnregelschroef 5. Klemschroef (B)
- Beweegijdens het frezen het gereedschap met de langsgleider strak langs de zijkant van het werkstuk.
U kunt de werkbreedte van de langsgeleider waar wens vergroten door een extra stuk hout te bevestigen met behulp van de handige gaten in de langsgeleider. Bij gebruik van een bovenfreesbit met een groe diameter, bevestigt u stukjes hout aan de langsgeleider met een dikte vaneer dan 15mm (5 / 8^ ) om te voorkomen dat het bovenfreesbit de langsgeleider raakt.
Fig.14: 1. Langsgeleider 2. Hout
A = 55 mm (2-3/16")
B=55mm(2-3/16")
C = 15 mm (5/8") of dikker
Als de afstand:tussen de zijkant van het werkstuk en de freespositie te groot is voor de langsgeleider, of als de zijkant van het werkstuk Nietrecht is, kan de langsgeleider Niet worden gebruikt. In dat geval klemt u een rechte lat op het werkstuk en gebruikt u deze als een geleider om de voet langs te bewegen.Beweeg het gereedschap in de richting van de pijl.
Fig.15
Langsgeleider voor fijnregelen
Optioneel accessoire
Steek de twee stangen in de buitenste bevestigingsgaten van de geleiderhouser, en zet ze vast door de twee klemschroeven (B) vast te draaien. Verzeker u ervandat de vingerschroef (A) is vastgedraaid, steek de twee stangen in de voet en draai de klemschroeven (A) vast.
Fig.16: 1. Klemschroef (B) 2. Vingerschroef (A)
- Klemschroef (A)
Fijnregelfunctie voor het positioneren van het bit ten opzichte van de langsgeleider
Fig.17: 1. Vingerschroef (A) 2. Vingerschroef (B)
-
Schaalverdelingring
-
Draai de vingerschroef (A) los.
- Draai de vingerschroef (B) om de positie indien nodig in te stellen (eén omwenteling verandert de positie met 1 mm).
- Draai de vingerschroef (A) volledig vast.
De schaalverdelingring kan afzonderlijk worden gedraaid zodate de schaalverdeling kan worden uitgelijnd met de stand (0).
De breedte van de geleiderschoen afstellen
Draai de schroeven, aangegeven in de cirkels in de afbeelding, los om de bredte van de langsgeber te veranderen. Nadat de bredte is veranderd, draait u de schroeven volledig vast. Het afstelbereik van de geleiderschoen is van 280 mm tot en met 350 mm.
Fig.18: 1. Schroef
Afgesteld op de minimale breedte
Fig.19
Aftgesteld op de maximale breedte
Fig.20
Malgeleider
Optioneel accessoire
In de malgeleider zit een gat waar het bovenfreesbit doorheen steekt, waardoor het möglichk worden om de bovenfrees te gebruiken met malpatronen.
Fig.21
-
Trek aan de borgplaathendel en breng de malgeleider aan.
Fig.22: 1. Malgeleider 2. Borgplaathendel -
Bevestig de mal op het werkstuk. Plaats het gereedschap op de mal en beweeg het gereedschap terwijl de malgeleider langs de zijkant van de mal glijdt.
Fig.23: 1. Bovenfreesbit 2. Voet van het gereedschap
3. Grondplaat 4. Mal 5. Werkstuk 6. Malgeleider
OPMERKING: Het werkstuk worden gefreedsd op een iets andere grootte dan de mal. Zorg voor de afstand (X)ussen het bovenfreesbit en de buitenrand van de malgeleider. De afstand (X) kan worden berekend met behulp van de volgende vergelijkking:
Afstand (X) = (buitendiameter van de malgeleider diameter van het bovenfreesbit) / 2
Trimgeleider
Optioneel accessoire
Trimmen, gebogen lijnen freeze in fineerhout voor meubels en dergelijkkeiten kannen gemakkelijk worden gedaan met de trimgeleider. Het geleiderwiel rolt langs de gebogen freeslijn en zorgt zo voor een gave snede.
Monteer de trimgeleider op de geleiderhouser met behulp van de klemschroef (D). Steek de geleiderhouser in de gaten in de voet van het gereedschap en draai de klemschroef (A) vast. Om de afstand tussen het bovenfreesbit en de trimgeleider in te stellen, draait u de klemschroef (D) los en draait u de fijnregelschroef (1,5 mm per omwenteling). Draai de klemschroef (C) los om het geleiderwiel omhoog of omaag te verstellen. Draai na het verstellen alle klemschroeven stevig vast.
Fig.25: 1. Geleiderhouser 2. Fijnregelschroef
- Klemschroef (D) 4. Klemschroef (C)
- Geleiderwiel 6. Klemschroef (A)
Beweegijdens het frezen het gereedschap zodanig dat het geleiderwiel langus de zijkant van het werkstuk rolt.
Fig.26: 1. Bovenfreesbit 2. Geleiderwiel
3.Werkstuk
Stofafzuigaansluitmond
Gebruik de stofafzuigaansluitmond om stof af te zuigen.
- Breng de stofafzuigaanslutmond met behulp van de vingerschroef aan op de voet van het gereedschap zodanig dat de stofafzuigaanslutmond past in de inkeping in de voet van het gereedschap.
Fig.27: 1. Stofafzuaigaansluitmond 2. Vingerschroef
2. Sluit een stofzuiger aan op de stofafzugaansluitmond.
Fig.28
De schroef M6x135 gebruiken om de freesdiepte in te stellen
Wanner het gereedschap worden gebruikt met een in de winkel verkrijgbare bovenfreestafel, kan de gebruiker met behulp van deze schroef de freesdiepte in een Klein bereik afstellen vanaf de bovenkant van de tafel.
De schroef en ring monteren op het gereedschap
- Plaats de platte ring om de schroef.
- Steek de schroef door het schroefgat in de voet van het gereedschap en draai deze daarna in het schroefdraadgedeelte van de motorsteun van het gereedschap. Breng op dat moment een beetje vet of smeerolie aan binnenin het schroefgat in de voet van het gereedschap en op het schroefdraadgedeelte van de motorsteun.
Fig.30: 1. Platte ring 6 2. Schroef M6 x 135
▶ Fig.31: 1. Schroef M6 x 135 in het schroefgat
▶ Fig.32: 1. Schroef M6 x 135
2. Schroefdraadgedeelte van de motorsteun
De freesdiepte instellen
- De freesdiepte kan in een Klein bereik worden afgesteld door deze schroef met behulp van een schroevendraaier te draaien vanaf de bovenkant van de tafel (1,0 mm per volledige omwenteling).
- Door de schroef rechtsom te draaien, worden de freesdiepte groter, en door de schroef linksom te draaien, worden de freesdiepte kleiner.
Fig.33: 1. Schroevendraaier
ONDERHOUD
ALET OP: Zorg.altijd dat het gereedschap is uitge-schakeld en+zijn stekkeruit het stopcontact is verwijderd alvorens te beginnen met inspectie of onderhoud.
KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol en dergelijkke. Hierdoor konnen verkleuring, verrormingen en barsten worden veroorzaakt.
Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparations, onderhoud of afstellen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en.altijd met gebruik van Makita-verbangingsonderdelen.
De koolborstels verrangen
Fig.34: 1. Slijtgrensmarkering
Controleer regelmatig de koolborstels.
Vervang ze wanner ze tot aan de slijtgrensmarkering versleten+zijn. Houd de koolborstels schoon, zodat ze gemakkelijk in de holders glijden. Beide koolborstels dieren tegelijkertijd te worden verrangen. Gebruikuitsluitend identieke koolborstels.
- Gebruik een schroevendraier om de koolborsteldoppen te verwijdenen.
- Haal de versleten koolborstels eruit, schuif de neue erin, en zet daarna de koolborsteldoppen weer goed vast.
Fig.35: 1. Koolborsteldop
Alleen voor de modellen RP1803, RP1803F en RP2303FC
Nadat de koolborstels verrangen zijn, steekt u de stekker van het netsnoer in het stopcontact en LAST u de koolborstels inlopen door het gereedschap gedurende 10 Minutes onbelast te latent draaien. Test verwolgens de werkung van het gereedschapijdens het draaien, en de werkung van de elektrische rem door de trekkerschakelaar los te latent.
Als de elektrische rem Niet goed werk, neemt u contact op met uwplaatselijke Makita-servicecentrum voor reparatie.
ALET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreiben. Bij gebruik van andere accessoires of hulpstukken bestaat het gevaar van personlijke letsel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel.
Wenst u meer bijzonderheden over deze accessoires, neem dan contact op met hetplaatslijke Makita-servicecentrum.
Vlakgroefbits en groefbits
- Randbits
- Diverse laminaattrimbits
- Langsgeber
- Trimgeleider
Geleiderhouser
Malgeleiders
Malgeleideradapter
Borgmoer
Spankegel
Spankegelbus
Steeksleutel
Stofafzuaigaansluitmond
OPMERKING: Sommige items op de lijst+kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Deze+kunnen van land tot land verschillen.
Bovenfreesbits
Vlakgroefbit
Fig.36
Eenheid: mm
| D A L1 L2 | |||
| 6 20 50 15 | |||
| 1/4" | |||
| 12 12 60 | 30 | ||
| 1/2" | |||
| 12 10 60 | 25 | ||
| 1/2" | |||
| 8 8 60 25 | |||
| 6 8 50 18 | |||
| 1/4" | |||
| 6 6 50 18 | |||
| 1/4" | |||
U-groefbit
Fig.37
Eenheid: mm
| D A L1 | L2 R | |||
| 6 6 50 | 18 3 |
V-groefbit
Fig.38
Eenheid: mm
| D A L1 | L2 θ | |||
| 1/4" 20 | 50 15 90° |
Afkantrimbit met boorpunt
Fig.39
Eenheid: mm
| D A L1 | L2 L3 | |||
| 12 12 60 | 20 35 | |||
| 8 8 60 | 20 35 | |||
| 6 6 60 | 18 28 |
Dubbele afkantrimbit met boorpunt
Fig.40
Eenheid: mm
| D | A | L1 | L2 | L3 | L4 |
| 6 | 6 | 70 | 40 | 12 | 14 |
Plankver bindingsbit
Fig.41
Eenheid: mm
| D | A1 | A2 | L1 | L2 | L3 |
| 12 | 38 | 27 | 61 | 4 | 20 |
Papegaaienbekbit
Fig.42
Eenheid: mm
| D | A1 | A2 | L1 | L2 | L3 | R |
| 6 | 25 | 9 | 48 | 13 | 5 | 8 |
| 6 | 20 | 8 | 45 | 10 | 4 | 4 |
Afschuinbit
Fig.43
Eenheid: mm
| D | A | L1 | L2 | L3 | θ |
| 6 | 23 | 46 | 11 | 6 | 30° |
| 6 | 20 | 50 | 13 | 5 | 45° |
| 6 | 20 | 49 | 14 | 2 | 60° |
Kwartholprofielbit
Fig.44
Eenheid: mm
| D A L1 | L2 R | |||
| 6 20 43 | 8 4 | |||
| 6 25 48 | 13 8 |
Afkanttrimbit met kogellager
Fig.45
Eenheid: mm
Papegaaienbekbit met kogellager
Fig.46
Eenheid: mm
| D | A1 | A2 | L1 | L2 | L3 | R |
| 6 | 15 | 8 | 37 | 7 | 3,5 | 3 |
| 6 | 21 | 8 | 40 | 10 | 3,5 | 6 |
| 1/4" | 21 | 8 | 40 | 10 | 3,5 | 6 |
Afschuinbit met kogellager
Fig.47
Eenheid: mm
| DA1 | A2 L1 L2 θ | ||||
| 6 26 8 | 42 12 45° | ||||
| 1/4" | |||||
| 6 20 8 | 41 11 60° |
Kwartrondbit met kogellager
Fig.48
Eenheid: mm
| DA1 | A2 A3 | L1 L2 L3 R | |||||
| 6 20 | 12 8 40 | 10 5,5 4 | |||||
| 6 26 | 12 8 42 | 12 4,5 7 | |||||
Kwartholprofielbit met kogellager
Fig.49
Eenheid: mm
| D | A1 | A2 | A3 | A4 | L1 | L2 | L3 | R |
| 6 | 20 | 18 | 12 | 8 | 40 | 10 | 5,5 | 3 |
| 6 | 26 | 22 | 12 | 8 | 42 | 12 | 5 | 5 |
Ojiefbit met kogellager
Fig.50
Eenheid: mm
| D A1 | A2 L1 | L2 L3 R1 | R2 | ||||
| 6 20 | 8 40 10 | 4,5 2,5 | 4,5 | ||||
| 6 26 | 8 42 12 | 4,5 3 | 6 |
ESPECIFICACIONES
SimpelGids