GCPC 930 I - Elektrische zaag EINHELL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GCPC 930 I EINHELL in PDF-formaat.
| Producttype | Kettingzaag voor boomonderhoud |
| Merk | Einhell |
| Model | GCPC 930 I |
| Motorinhoud | 25,4 cm³ |
| Maximaal motorvermogen | 0,9 kW |
| Snijlengte | 24 cm |
| Geleiderail lengte | 12" (30,5 cm) |
| Kettingsteek | 0,375" (9,525 mm) |
| Kettingschakeldikte | 0,05" (1,27 mm) |
| Stationair toerental | 3300 ± 300 t/min |
| Maximale kettingsnelheid | 21 m/s |
| Inhoud brandstoftank | 230 cm³ |
| Inhoud olietank | 160 cm³ |
| Netto gewicht (zonder ketting en geleiderail) | 3,5 kg |
| Geluidsdrukniveau | 99,2 dB(A) (onzekerheid 3 dB) |
| Gegarandeerd geluidsvermogensniveau | 113 dB(A) |
| Trilling (voorste handgreep) | 8,98 m/s² max (onzekerheid 1,5 m/s²) |
| Trilling (achterste handgreep) | 8,03 m/s² max (onzekerheid 1,5 m/s²) |
| Bougie | L8RTF, elektrodeafstand 0,6 mm |
| Brandstofmengsel | Loodvrije benzine + 2-takt olie (1:40) |
| Antivibratiefunctie | Ja |
| Kettingrem | Ja (voorste handbescherming) |
| Gasblokkering | Ja |
| Kettingsluiter | Ja |
| Luchtfilter onderhoud | Om de 20 bedrijfsuren |
| Bougie onderhoud | Om de 20 bedrijfsuren |
Veelgestelde vragen - GCPC 930 I EINHELL
Gebruikersvragen over GCPC 930 I EINHELL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Elektrische zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GCPC 930 I - EINHELL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GCPC 930 I van het merk EINHELL.
GEBRUIKSAANWIJZING GCPC 930 I EINHELL
NL Originele handleiding Kettingzaag voor het verzorgen van bomen
WAARSCHUWING: DEZE KETTINGZAAG MAG ALLEEN WORDEN INGEZET DOOR VOOR HET VERZORGEN VAN BOMEN OPGELEIDE ARBEIDSKRACHTEN. GEBRUK ZONDER SCHOLING KAN TOT ERNSTIGE VERWONDINGEN LEIDEN.
- Veiligheidsaanwijzingen
- Beschrijving van het gereedschap en leveringsomvang
- Reglementair gebruik
- Technische gegevens
- Vóor inbedrijfstelling
- Bediening
- Reiniging, onderhoud, opbergen en bestellen van wisselstukken
- Verwijdering en recyclage
- Foutopsoring
NL
Gevaar!
Bij het gebruik van toestellen dieren enkele veiligheidsmaatregelen te worden nageleefd om lichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Lees waarom deze handleiding / veiligheidsinstructures zorgvuldig door. Bewaar deze goed zodat u de informatie op elk moment kut terugvinden. Mocht u dit toestel aan andere personen dooregeven, gelieve dan deze handleiding / veiligheidsinstrumentes mee te given. Wij zich Niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zich aan niedraleving van deze handleiding en van de veiligheidsinstrumenties.
1. Veiligheidsaanwijzingen
De overeenkomstige veiligheidsinstrumentes vindt u in de bijgaande brochure.
Gevaar!
Lees alle verilgheidsinstructies en aanwijzigen. Nalatigheden bij de inachtneming van de verilgheidsinstructies en aanwijzingen kannen elektrische schok, brand en/of zware letsels tot gevolg hebben. Bewaar alle verilgheidsinstructies en aanwijzingen voor de toekomst.
2. Beschrijving van het gereedschap en leveringsomvang
2.1 Beschrijving van het gereedschap (fi g. 1A-1C)
- Motorenheid
- Geleiderail
- Zaagketting
- Kettingbescherming
- Bougiesleutel
- Voorste handbescherming (kettingremhendel)
- Voorste handgreep
- Achterste handgreep
- Startergreep
- Aan/Uit-schakelaar
- Gashendel
- Vergrendeling gashendel
- Choke-hendel
- Luchtfi Iterafdekking
- Luchtfi Iter
- Bougie
- Klauwaanslag
- Kettingvanger
- Moer bevestiging geleiderail
-
Kettingsponschroef
-
Brandstoftankdop
- Olietankdop
- Brandstofpomp (Primer)
- Mengfles
- Schroevendraier
- Inbussleutel
- Schroef bevestiging geleiderail
- Ophanginrichting voor bevestigingsriem
Veiligheidsfuncties (fi g. 1A/1B)
3 ZAAGKETTING MET GERINGE TERUGSTOOT helpt u terugstoten of hun kracht met special ontwikkelde veiligheidsinrichtingen op te vangen.
6 KETTINGREMHENDEL/HANDBESCHERMER beschermt de linkerhand van de bedie-ningspersoon moct het die bij draaiende zaag weglijkden van de voorste grep.
KETTINGREM is een veiligheidsfunctie ter vermindering van letsel als gevolg van terugstoten; door deze rem worden de roterende zaagketting binnen millisecondsen stilgezet. Ze worden geactiveerd door de KETTINGREMHENDEL.
10 STOPSCHAKELAAR stopt de motor onmiddelijk als hijuitgeschakeld worden. De stopschakelar dient op EIN (AAN) te worden gezet om de motor (opnieuw) te starten.
12 VEILIGHEIDSLOSSER voorkomt een toevalige verhong van de motortoren. De gashendel kan alleen worden ingedrukt als deveiligheidslosser ingedrukt is.
18 KETTINGVANGELEMENT reduceert het letselgevaar macht de zaagketting bij draaiende motor scheuren of ontglieden. Het kettingvangelement dient om een om zich heben slagende ketting op te vangen.
Aanwijzing! Maakt u zich vertrouwd met de zaag enhaar onderdelen.
2.2 Leveringsomvang
Gelieve de volledigheid van het artikel te controlen aan de hand van de beschrenen omvang van de levering. Indien er onderdelen ontbreken, gelieve u dan binnen 5 werkdaten na aankoop van het artikel te wenden tot ons servicecenter of tot het verkooppunt waar u het apparaat heeft gekocht, en leg een geldig bewijs van aankoop voor. Gelieve waarvoorde garantietabel in de service-informatie aan het einde van de handleiding in acht te nemen.
- Open de verpakking en neem het toestel voorzichtiguit de verpakking.
Verwijder het verpakkingsmaterial alsmede
NL
verpakkings-/transportbeveiligingen (indien aanwezig).
- Controller of de leveringsomvang compleet is.
- Controller het toestel en de accessoires op transportschade.
- Bewaar de verpakking indien möglichk tot het verloop van de garantieperiode.
Gevaar!
Het toestel en het verpakkingsmaterialaal zich geen spellegood voor kinderen! Kinderen moogeniet met plastic zakken, folies enkleine stukken spelien! Er bestaat inslik- en verstikkingsgevaar!
Originelehandleiding
Veiligheidsinstructies
Gevaar! De kettingzaag is een bijzonder type kettingzaag voor het verzorgen van bomen, dat is voorzien voor het gebruik met de rechtter hand aan dechterste grep en de linker hand aan de Voorste grep, door een in de toepassing opgeleide gebruiker voor het snoeien van takken en het afzagen van staandeBoomkruinen, en door personen die de meegeleverde verligheidseisen in de handleiding gelezen en begrepen hebben en die een adequate beschemende utrusting dragen. De kettingzaag mag alleen worden bediend door een voor dit type kettingzaag opgeleide gebruiker. De gebruiker要去 zich geschoold in allewerktechnieken van met de hand bediende kettingzagen. Volgens het doelmatig gebruik is deze kettingzaag Niet voorzien voor de inzet in andere toepassingsgebieden.
De machine mag slechts voor werkzaamheden worden gebruikt waarvoor ze bedoeld is. Elk ander verdier gaand gebruik is nicht reglementair. Voor waaruit voortvloeendiene schade of verwondingen van welke aard dan ook is de gebruiker/bediener, Niet de fabrikant, aansprakelijkk.
Wij wijzen erop dat once gereedschappen overeenkomstig hun bestemming nicht geconstruereeerd zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Wij geen geen garantie indien het gereedschap in ambachtelijkke of industrielle bedrijven alsmede bij gelijk te stellen aktiviteiten worden gebruikt.
Cilinderinhoud van de motor 25,4 cm3
Maximaal motorvermogen 0,9 kW
Snijlengte 24cm
Length geleiderail 12" (30,5 cm)
Kettingdeling (0,375), 9,525 mm
Kettingdikte (0,05"), 1,27 mm
Stationair toerental 3300 ± 300 min
Maximaal toerental met
snijgereedschap 11000 min
Kettingsnelheid max. 21 m/s
Tankinhoud 230 cm
Olietankinhoud 160 cm
Anti-trilfunctie .
Tanding kettingwiel 6 tanden x 9,525 mm
Nettogewicht zonder ketting en geleiderail .3,5 kg
Geluidsdrukniveauu L_PA (ISO 22868)
op de plek van de bediener 99,2 dB(A)
Onzekerheid K. 3 dB(A)
Geluidsdrukniveau L_WA gemeten
(ISO 22868) 108,7 dB(A)
Onzekerheid KwA 3 dB(A)
Geluidsvermogensniveau L_WA
gegarandeerd (ISO 2000/14/EC) 113 dB(A)
Trilling ahv (voorsthe handgreep)
(ISO 22867) max. 8,98m / s^2
Onzekerheid K. 1,5 m/s2
Trilling ahv (achterste handgreep)
(ISO 22867) max. 8,03m / s^2
Onzekerheid K_hy 1,5 m/s
Bougie .L8RTF
Elektrodenafstand 0,6 mm
Type ketting . Kangxin 3/8 LP-44
Carlton N1C-BL-44E
Oregon 91PX044X
Type zwaard .Kangxin AP12-44-509P
Beperk de geluidsontwikkeling en vibratie tot een minimum!
- Gebruik enkel intacte toestellen.
- Onderhoud en reinig het toestel regelmatig.
- Pas uw manier van werken aan het toestel aan.
Overbelast het toestel Niet.
Laat het toestel indien nodig nazien.
Schakel het toestel uit als het nicht worden gebruikt.
Draaghandschoenen.
NL
5. Vóor inbedrijfstelling
Gevaar! Start de motor pas als de zaag helemaal geassembleerd en gebruisklaar is.
Voorzichtig! Draag bij het hanteren van de ketting altijd veiligheidshandschoenen.
5.1 Geleiderail en zaagketting monteren (fi g. 2A-2G)
- Kettingrem ontgrendelen, daartoe voorste handbescherming (6) in de richting van de voorste handgreep (7) drukken (fi g. 2A).
- Verwijder de afdekking van de geleiderail (A) door de moer (19) en de schroef (27) (fi g. 2B) los te draaien.
- Leg de geleiderail (2) in de houder aan de kettingzaag (fi g. 2C).
- Leg de ketting (3) om het aandrijfwiel (C) (fi g. 2E). Let op de draairichting van de ketting (3). De snijschakels (B)要去en zoals in fi g. 2D zich uitgericht.
- Leg de ketting om de geleiderail (fig. 2E)
- De aandrijschakels van de ketting (3)要去 volledig in de rondlopende groef (D), en tussen de tanden van het aandrijfwiel (C) glijden (fi q. 2E).
- Draai de kettingspanschroef (20) gegen de klok in, tot de bout (E) zich aan het einde van zijn schuiftraject bevindt (fi g. 2B/2F).
- Monteer der railafdekking (A).
Aanwijzing! De bout (E) van de kettingspaninrichting moet vastklikken in de boring (G) van de geleiderail (fi g. 2G).
Schuif waarvoord geleiderail (2)ietsnaar voor en terug terwijl u der railafdekking (A) aanbrengt. Draai de moeren (19) handvast aan.
5.2 Kettingspanning instellen (3A/3B)
Voer het instellen van de kettingspanning alleenuit bij uitgeschakelde motor.
- Druk de punt van de geleiderail (2) iotaar boven en stel de kettingspanning in met behulp van de kettingspanschoef (20) (fi g. 3A). Een optimale kettingspanning is bereikt, als de ketting (3) aan de onderkant, in het midden van de geleiderail (2) aanligt zoals in fi g. 3B (B).
- Blij een lichte druk uitoefenen op de punt van de rail en draai de moer (19) vast.
- Voer een functiecontroleuit.Trek de ketting 3 met de hand 1x om de geleiderail (2). Als de ketting (3) maar moeilijk om de geleiderail 2) kan worden gedraaid of blokkeert, dan is
hij te strak gespannen.
Als dat het geval is, voer dan de volgendekleine instellingui:
- Draai de moer (19) los en draai hem waar handvast aan.
- Verlaag de kettingspanning door de kettingspanschroef (20) gegen de klok in te draaien. Stel de spanning in maarkleine stappen en trek de ketting (3) steeds weeper op geleiderail (2) maar voor en terug om te controlenen de ketting (3) soepel kan worden bewogen, maar toch nog nauw aansluit. Aanwijzing: als de ketting (3) te los zit, dan draaithe kettingspanschroef (20) met de klok mee.
- Als de kettingspanning optimaal is ingesteld, dan oefent u een lichte druk ut op de punt van de rail en draait u de moer (19) vast.
Een nieuwe zaagketting rektuit,haarom is het belangrijkm de ketting bij de eerste inbedrijfstelling in korte tijdsintervallen (ca. 5 smden) bij te stellen.Deze tijdsintervallen worden langer bij toenemende bedrijfsduur.
Aanwijzing! Als de zaagketting (3) TE LOS of TE HARD GESPANNEN is, gaan het aandrijfwiel, de geleiderail, de ketting en het lager van de krukas sneller afslijten. Fig. 3B informeert over de correcte spanning A (koude toestand) en spanning B (warme toestand). Fig. C toont een te slappe ketting.
5.3 Motorbrandstof en olie Motorbrandstof
Gebruik voor optimale resultaten normale loodvrijne brandstof gemengd met speciale 2-takt-motorolie in een mengverhouding van 1 tot 40.
Brandstofmengeling
Meng de brandstof met 2-takt-olie in een goedgekeurd reservoir. De correcte mengverhouding van brandstof tot olie vindt u terug in de mengtabel. Schud het reservoir goed om alles zorgvuldig te vermengen.
Aanwijzing! Gebruik voor deze zaag nooit onverdunde brandstof. De motor zou daardoor schade oplopen en u zou hetrecht op garantie voor dit product verliezen. Gebruik geen brandstoffmengeling die langer dan 90 dagen is opgeslagen.
Aanwijzing! Als u een 2-takt-olie in afwijking van de speciale olie gebruikt, dient u superolie voor
NL
luchtgekoelde 2-takt-motoren met een mengverhouding van 1 tot 40 te gebruiken. Neem geen 2-takt-olieproduct met een mengverhouding van 1 tot 100. Door onvoldoend olien worden de motor beschadigd en u verliest in dit geval hetrecht op garantie voor de motor.
Aanbevolen brandstoff en
Sommige gebruikelijke soorten benzine zijn vermengd met additieven zoals alcohol- of etherverbindungen om aan normen voor zuivereuitlaatgassen te beantwoorden. De motor draait tevretenstendell op alle soorten benzine die als aandrijfrmiddel bedoeld zich, ook op met zuurstof verwrijke soorten benzine.Gebruik liefst loodvrijne normale benzine.
Olien van ketting en geleiderail
Telkens als u de brandstoffank met benzine vult dient ook de kettingolietank te worden bijgevuld. Het is aan te bevelen waaroor in de handel verkrijgbare kettingolie te gebruiken.
Motorolie en benzine | Zaagketting

Benzine-en oliemengeling 1:40 I Alleen olie
Controles voor het starten van de motor
Let op! Start of bedien de zaag nooit als geleiderail en de ketting Nietaar behoren erop geplaatst+zijn.
- Vul de brandstoftank met de correcte brandstofmengeling (A) (fig. 4).
- Vul de olietank (B) met hettingolie (fg. 4).
Na het vullen van de ketting- en olietank de tank-dop met de hand aanhalen. Gebruik waarvoor geen gereedschap.
6. Bediening
Controleer het apparaat voor gebruik op eventu- ele schade en gebruik het Niet indien u schade vaststelt. Het apparaat mag alleen met geactiveerde kettingrem worden gestart. De kettingrem is geactiveerd, als de remhendel (6) maar voor is gedrukt.
Verklaring van de werkwijze, die - Controle- ren van de hettingrem - Statische controle.
6.1 Kettingrem
De kettingzaag is voorzien van een kettingrem, die verwondingsgevaar op ground van het gevaar van een terugslag vermindert. De rem worden geactiveerd als er druk worden uitgeoefend op de handbescherming (6). Bijv. als bij een terugslag de hand van de bediener op de handbescherming (6) slaat. Bij activering van de rem stopt de ketting (3) abrupt.
Waarschuwing: De kettingrem is weliswaar bedoeld om het verwondingsgevaar als gevolg van een terugslag te verminderen, maar hij kan geen adequate bescherming bieden als met de zaag achteloos worden gewerkt. Controller regelmatig of de kettingrem aan behoren functioneert. Test de kettingrem vór de eerste snede, na Meermaals snijden, na onderhoudswerkzaamheden en als de kettingzaag aan sterke stoten werk blootgesteld ofGeVallen is.
6.1.1 Controlleren van de kettingrem (fi g. 5A/5B/6)
Statische controle (bij afgezette motor)
Kettingrem gedeactiveerd (ketting (3) vrij verschuijbaar)
- Trek de voorste handbescherming (6) in de richting van de voorste handgreep (7). De voorste handbescherming (6)要去 hoorbaar vastklikken (fi g. 5A).
- De ketting (3)要去 op de geleiderail (2) hun den worden verschoven.
NL
Kettingrem geactiveerd (ketting (3) geblokkeerd)
- Druk de voorste handbescherming (6) in de richting van de geleiderail (2). De voorste handbescherming (6)要去oorbaar vastklikken (fi g. 5B).
- De ketting (3) mag op de geleiderail (2) nicht küssen worden verschoven.
Aanwijzing: De voorste handbescherming (6) moet in beiden posities vastklikken. Gebruik de zaag Niet als u een sterke watstand voelt, of als de voorste handbescherming (6) Niet vastklikt. Breng hem voor reparatie aan die geauthoriserde klantendienst.
Dynamische controle (motor wordt gestart)
- Zet de zaag op een hard, eff en vlak.
- Met de linker hand houdt u de Voorste hand-greep (7) vast.
- Start de kettingzaag volgens de startinstrumentie (zie 6.2 resp. 6.3).
- Deactiveer de kettingrem (trek de voorste handbescherming (6) in de richting van de voorste handgreep (7)) (fi g. 5A).
- Griijp de achechterste greed (8) vast met de rechter hand.
- Geef na een korte opwarmfase vol gas. Druk met de rug van de linker hand de voorste handbescherming (6) in de richting van de geleideraal (2). Daardoor worden de kettingrem geactiveerd (fi g. 6).
Gevaar: Activeer de kettingrem langzaam en met overleg. Houd de zaag met beiden handen vast en let op een goede greed. De zaag mag geen voorwerpen raken.
- De ketting (3) moet abrupt stoppen. Laat mete-teen de gashendel (11) los als de ketting (3) stil staat.
Gevaar: Als de ketting (3) Niet stopt, dan schakelt u de motor uit en brengt u de zaag voor reparatie maar de geauthoriseerde klantendienst.
6.1.2 Controlleren van de koppeling
Voer regelmatte fungtiecontrole van de koppel- inguit. Controller de koppeling voor de eerste snede, naeermaals snijden, na onderhoudswerkzaamheden en als de kettingzaag aan sterke stoten verw bloodgesteld of geallen is.
- Start de kettingzaag volgens de startinstrctie (zie 6.2 resp. 6.3).
- Activeer kort de gashendel (11) en liaison hem weer los, om te garanderen dat de vergren
deling van de smoorklep werk ontspannen en de motor stationair draait.
3. De ketting (3) moet in onbelast bedrijf stoppen.
De koppeling is zo ontworpen, dat bij het verhogen van het stationaire toerental met het
1,25-voudige geen beweging van de ketting mag worden vastgesteld.
Gevaar: Als de ketting (3) Niet stopt, dan schakelt u de motor uit en brengt u de zaag voor reparatie waar de geauthoriseerde klantendienst.
Gevaar: Activeer aktijd de kettingrem (6), voordat u de motor start.
6.2 Starten bij koude motor (fi g. 7A-7E)
Giet in de tank een behoorlijke hoeveelheid benzine-/oliemengsel (zie punt 5.3).
- Apparaat op een hard, eff en vlak zetten.
- Aan/Uit-schakelaar (10) op, I" zetten (fi g. 7A).
- 10x op de brandstofpomp (23) drukken (fi g. 7B).
- Choke-hendel (13) uittrekken (fig. 7C).
Aanwijzing: Door de choke-hendel (13) te activeren word ook de smoorklep ieits geopend en indeze stand vergrendeld. Dit heeft een verhoging van het stationaire toerental tot gevolg, en de zaag start sneller.
- Het apparaat goed vasthouden en de starter-groop (9) tot de eerste wonderstand uittrekken. Nu de startergroop (9) 3x snel aantrekken (fi g.7C/7D).
- Choke-hendel (13) indrukken.
- Het apparaat goed vasthouden en de starter-groop (9) tot de eerste watstand uittrekken. Nu de startergroop (9) meermaals snel aantrekken, tot de motor start (fi g. 7D).
Aanwijzing: De startupgreep (9) Niet laten terug-springen. Dit kan tot beschadigingen leiden. Als de motor is gestart, het apparaat ca. 10 sec. warm laten lopen.
Waarschuwing: Op grond van de iets geopende smoorklep begint het snijgereedschap bij gestar-te motor te werken. Bedien kort de gashendel (11). De vergrendeling van de smoorklep worden ontspannen en de motor keerteregug in het onbelast bedrijf (fig. 7E).
NL
- Mocht de motor Niet na 8 rukken aan de startergrepiet aanslaan, dan herhaalt u de stappen 1-7.
Opgelet! Slaat de motor ook na meerere pogin-gen Niet aan, gelieve dan het hoofdstuk „Fouten verhelpen aan de motora te raadplegen.
Opgelet! Trek het koord van de startupgreep algijdrecht eruit. Als het in een hoek worden UITgetrokken, dan ontstaat er wrijving aan het oog. Door deze wrijving worden het koord doorgeschuurnd enslijk het sneller. Houd steeds de startupgreep vast, als het koord waar vanzelfaar binnen worden getrokken. Laat de startupgreep nooit terugspringen vanuit de uitgetrokken toestand.
6.3 Starten bij warme motor (fi g. 7A-7D)
Het apparaat stond gedurende minder dan 15-20 min stil)
- Het apparatus op een hard, eff en vlak zetten.
- Aan/Jit-schakelaar (10) op, I' zetten (fi g. 7A)
- 10x op de brandstofpomp (23) drukken (fi g. 7B).
- Het apparaat goed vasthouden en de starter-groop (9) tot de eerste watstand uittrekken. Nu de startergroop (9) meermaals snel aantrekken, tot de motor start Het apparaat moet na 1-2 keer doorhalen starten. Mocht de machine na 6 keer doorkalen nog allijd nicht starten, dan herhaalt u de stappen 1-7 onder 6.2 (fi g. 7D).
6.4 Stopen van de motor
- Laat de gashendel los en wacht tot de motor stocht.
- Schuif de STOP-schakelaar omlaag om de motor te stoppen.
Aanwijzing: Om de motor in geval van nood te stoppen, activeert u de kettingrem en brengt u de AAN/UIT-schakelaar maar de stand "Stop (0)".
7. Reiniging, onderhoud, opbergen en bestellen van wisselstukken
Trek vór alle schoonmaak- en onderhoudswerkzaamheid de bougiestekker uit het stopcontact.
7.1 Reiniging
- Hou de verilgheidsinrichtingen, de ventilatiespleten en het motorhuis zo veel möglichelijk vrij van stof en vuil. Wrijf het toestel met een schone doek af of blaas het met perslucht bij lage druk schoon.
- Het is aan te bevelen het toestel direct na elk gebruik te reinigen.
Reinig het toestel regelmatig met een vochtige doek en wat zachte zeep. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen; die zonden de kunststoffcomponenten van het toestel kunnen aantasten. Let er goed op dat geen water in het toestel terechtkomt.
7.2 Onderhoud
Waarschuwing! Alle onderhoudswerkzaamheden op de kettingzaag buiten de punten vermeld in deze handleiding mogen slechts door de geautoriseerde klantenservice worden uitgevoerd.
7.2.1 Luchtfi Iter
Aanwijzing! Gebruik de zaag nooit zonder luchtfi Iter. Anders worden stof en vuil de motor in gezogen die daardoor schade oploopt. Hou de luchtfilter schoon! De luchtfilter moet om de 20 bedrijfsuren worden gereinigd of verrangen.
Schoonmaken van de luchtfilter (fig. 8A/8B)
- Verwijder de bovenste afdekking (14) door de bevestigingschroef (A) van de afdekking te verwijden. De afdekking kan dan worden weggenomen (fi g. 8A).
- Til er de luchtfilter (15)uit (fig.8B).
- Maak de luchtfilter schoon. Was de filter in schoon warm zeepsop. Laat hem dan aan de lucht helemaal drogen.
Aanwijzing: Het is aan te raden een filter alttijd in reserve te honden.
- Zet het luchtfi iter erin. Zet de afdekking van het luchtfi Iter (14) erop. Let erop dat de afdekking nauwkeurig passend erop worden gezet. Draai de bevestigingschroef van de afdekking aan.
NL
7.2.2 Brandstoffliter
Aanwijzing! Gebruik de zaag nooit zonder de brandstoffi Iter. Telkens na 100 bedrijfsuren moet de brandstoffi Iter worden schoongemaakt of bij beschadiging verrangen. Maak de brandstoffank helemaal leeg voordat u de fi Iter verwisselt.
Neem de dop van de brandstoftank af.
- Buig een zachte metalen draad passend.
- Steek de draad de opening van de brandstoftank in en haak de brandstofslang eraan vast. Trek de brandstofslang behoedzaam de opening uit tot u hem met de vingers kan vastgrijpen.
Aanwijzing: Trek de slang nicht hebemaal de tankuit.
- Til de fi Iter de tank uit.
- Trek de fi titer met een draaibeweging af en maak hem schoon; indien hij beschadigt is, verwijdert u de fi titer maar behoren.
- Zet er een neue fi Iter in. Steek een einde van de fi Iter de tankopening in. Vergewis u er zich van dat de fi Iter in de onderste hoek van de tank zit. Zet de fi Iter, indien nodig mits gebruikmaking van een lange schroevendraaier, op+zijn juiste plaats zonder hemECHTER te beschadigen.
- Vul de tank met verse brandstof/olie. Zie hoofdstuk MOTORBRANDSTOF EN OLIE. Breng de dop op de tank terug aan.
7.2.3 Bougie (fi g. 8A/8B)
Aanwijzing! Om het volle vermogen van de zaagmotor te verzekeren, dient de bougie schoon te zich en de correcte elektrodenafstand (0,6 mm) te hebben. De bougie要去 om de 20 bedrijsuren worden gereinigd of verrangen.
- Breng de AAN/UIT-schakelaar maar de stand "stop (0)^a
- Verwijder de bovenste afdekking (14) door de bevestigingschroef (A) van de afdekking te verwijden. De afdekking kan dan worden weggenomen (fi g. 8A).
- Trek de ontstekingskabel (C) al draaiend af van de bougie (fi g. 8B).
- Verwijder de bougie met behulp van een bougiesleutel (fig. 1C/5).
- Maak de bougie schoon m.b.v. een koper-draadborstel of draai er een neue in.
7.2.4 Carburatorafstelling
De carburator is reeds in de fabriek afgesteld op een optimaal vermogen. Mochten bijregelingen moodzakelijk zijn, breng dan de zaag maar de geauthoriseerde klantenservice.
7.2.5 Geleiderail
- Smeer de ster van de geleiderail om de 10 bedrijsuren. Dit is vereist, opdat uw kettingzaag het optimale vermogen kan bereiken (fig.9). Reinig de smeeropening, zet het vetkanon (niet meegeleverd) aan en pomp vet in het lager, tot het aan de buitenkant eruit worden gedrukt.
- Reinig de groef waarin de ketting loopt, en de olie-inlaatopening regelmatig met een in de handel verkrijgbaar reinigingsgereedschap (fig. 10A). Dit is belangrijk om een optimale smering van geleiderailen kettingijdens het bedrivij te garanderen.
- Verwijder bramen en scherpe randen aan de geleiderail (2) door met een vlakke vijl voorzichtig te vrijlen (fig. 10B).
- Keer de geleiderail (2) om de 8 werkuren, opdat deze aan de boven- en onderkant gelijkmatig verslijt.
Oleidoorlaatopeningen
Oliedoorlaatopeningen op de geleiderail moeten worden schoongemaaakt teneinde het behoorlijk oliën van de rail en de kettingijdens het bedrijf te verzekeren.
Aanwijzing: De toestand van de oliedoorlaatopeningen kan gemakkelijk worden gecontroleerd. Als de doorlaatopeningen schoon zijn, gaat er enkele seconden aan het starten van de zaag automatisch olie wegspatten van de ketting. De zaag heeft een automatische smeerinrichting.
De kettingzaag is uitgerust met een automatische smeerinrichting met tandwieaandrijying. Deze inrichting voorziet de geleiderail en de ketting automatisch van de juiste hoeveelheid olie. Naarma- te het motortoerental worden verhoogd, gaat ook de olie sneller maar de staat van de geleiderail stromen.
De kettingsmering is in de fabrik optimaal afgesteld. Mochten bijregelingenoodzakelijk,zijn, breng dan de zaag maar de geauthoriserde klantenservice.
NL
Aan de onderkant van de kettingzaag bevindt zich de afstelschroef voor de kettingsmering (fi g. 14, pos. A). Door de schroefaar links te draaien verhoegt u de kettingsmering, door zeaar rechts te draaien verminder t de kettingsmering.
Om de kettingsmering te controlleren houdt u de kettingzaag met de ketting over een blad papier en geeft u enkele seconde vol gas. Op het papier kan dan telkens de afgestelde hoeveelheid olie worden gecontroleerd.
Controleer regelmatin of de kettingsmering naar behoren functioneert. Test de kettingsmering voor de eerste snede, na meermaals snijden en in elk geval na onderhoudswerkzaamheden.
Olien van de ketting
Vergewis u er zich van dat de automatische smeerinrichting maar behoren werkt. Zorg voor een steeds bevulde olietank met oliie voor ketting, geleiderail en vertanding. Terwijl u met de zaag werkt, dienen de geleiderail en de ketting algtd voldoende te worden geolied om wrijving met de geleiderail te verminderen.
De geleiderail en de ketting mogen nooit zonder olie+zijn. Als u de zaag droog of met te weinig olie gebruikt, gaat het snijvermogen achefteruit, worden de levensduur van de zaagketting korter, worden de ketting snel bot en slijt de geleiderail fl ink af als geolg van oververhitting. Te weinig olie ziet u aan de ontwikkeling van rook of aan het verkleuren van de geleiderail.
7.2.6 Onderhoud van de ketting
Scherpen van de ketting
Aanwijzing! Een scherpe ketting produeert welgevormde spanen. Als de ketting zaagmeel produeert, is ze aan een scherpbeurt toe.
Voor het scherpen van de ketting is special gereedschap vereist waarmee gewaarborgd is dat de messen met de juiste hoek en de juiste diepte worden gescherpt. Aan de onervaren gebruiken van kettingzagen is aan te bevelen de zaagketting door eeneskundige van de lokale Dienst na verkoop te latenten scherpen. Als u het scherpen van uw eigien zaagketting aandurft, koop dan het speciale gereedschap aan bij de professionele Dienst na verkoop.
Ketting scherpen (fi g. 11)
Scherp de ketting met veiligheidshandschoenen en een Ronde vijl.
Scherp de punten alleen met waar buiten gerichte bewegingen (fi g. 12) en neem de waarden volgens fi g. 11 in acht.
Na het scherpen moeten alle snijschakels even breed en lang zich.
Nadat de snijvlakken 3 tot 4 vier zijn gescherpt dient u telkens de hoogte van de dieptebegren-zers te controeren en die, indien nodig, met een vlakvijl dieper te leggen en dan de voorste hoek af te ronden (fi g.13).
De voorste randen vijt u rond.
7.3 Opslag en transport
Breng vór transport en opslag van de kettingzaag de kettingbescherming (4) aan.
Aanwijzing! Berg de kettingzaag nooit longer dan 30 dagen weg zonder de volgende stappen te doorlopen.
Opbergen van de kettingzaag
Als u een kettingzaag langer dan 30 dagen opbergt, dient de zaag hiervoor klaargemaakt te worden. Anders zou de rest van de brandstof die zich in de carburator bevindt verdampen en een rubberachtig bezinkelse hinterlaten. Dit zou de start kenn den bemoeilijken en dure herstelwerkzaamheden tot gevolg hebben.
- Neem de dop van de brandstoftank langzaam eraf om eventuele druk in de tank af te lately. Maak de tank voorzichtig leeg.
- Start de motor en LAST hem draaien tot de zaag stopt teneinde de brandstof uit de carburator te verwijderen.
- Laat de motor afkoelen (ca. 5 minutes).
- Reinig de machine grondig.
Aanwijzing: Berg de zaag op een droge plaats en zo ver möglichk van eventuele ontstekingsbronnen, b.v. kachel, warmwaterboiler die op gas draait, gasdroger etc. op.
Voer de inbedrijfstelling na opslag uit zoals beschreiben in hoofdstuk.5.Voor inbedrijfstelling
Transport
Activeer de kettingrem.
- Beveilig de kettingzaag gegen weglijden om verlies van brandstof, schade of verwondingen te vermijden.
NL
7.4 Bestellen van wisselstukken:
Gelieve bij het bestellen van wisselstukken vol-gende gegevens te vermelden:
Type van het toestel
Artikelnummer van het toestel
- Ident-nummer van het toestel
Wisselstuknummer van het benodigd stuk
Actuelle prijzen en info vindt u terug onder www.isc-gmbh.info
8. Verwijdering en recyclage
Het toestel bevindt zich in een verpakking om transportschade te voorkomen. Deze verpakking is een grondstof en bijgevolg herbruikbaar of kan maar de grondstofkringloop worden terugveoerd. Het toestel en zich accessoires bestaan uit diverse materialien, zoals b.v. metaal en kunststof. Defecte toestellen horen Nietouis het huisvuil. Om zich van het toestel maar behore te ontdoen dient het maar een geschikte verzamelplaats te worden gebracht. Als u geen verzamelplaats kent gelieve u dan bij de gemeente te informeren.
NL
9. Foutopsporing
| Probleem Mogelijk oorzaak Verhelpen | |
| De motor start nicht of hij start maar blijniet draaien. | - Foutief verloop van de start.- Te veel brandstof in de verbrandingsruiimte door misluktte startpo-gingen.- Fout ingestelde carburatormenge-ling.- Bougie vol roet.- Brandstoffi Iter verstopt gereakt. |
| De motor start maar draaait Niet met vol vermogen. | - Verkeerde stand van de hendel aan de choke.- Vervuildeluchtfi Iter-Foutingesteldecarburatormenge-ling. |
| Motor draait onre-gelmatin | - Fout ingestelde carburatormenge-ling. |
| Geen vermogen bij belastimg | - Fout ingestelde bougie. - Bougie schoonmaken / afstellen of verwagen. |
| Motor draaat onrus-tiger. | - Fout ingestelde carburatormenge-ling. |
| Bovenmatigveel rook. | -Verkeerdebrandstofmengeling.-Gebruikdejuistebrandstofmenge-ling (verhouding 40 tot 1) |
| Geen vermogen bij belasting | -Kettingbot-Ketting zit los |
| Motor slaat af | -Benzine tank leeg.- Brandstoffi Iter in de tank fougetepositioneerd |
| Onvoldoendekettingsmering (zwaard en ketting worden warm) | -Kettingolietankleeg.- Oliedoorlaatopeningen verstopt gereakt |
Nadruk of andere reproductie van documentatie en geleidepapieren van de producten, geheel of gedeltelijk, enkel toegestaan mits uitdukkelijke toestemming van iSC GmbH.
Technische wijzigingen voorbehonden
NL
Service-informatie
Wij werken in alle landen die in het garantiebewijs zich genoemd, samen met competente servicepartners, wier contactgegevens u kunt afleiden uit het garantiebewijs. Deze staan voor alle Diensten zoals reparatie, het verschaffen van wisselstukken of slijtdelen of voor de aankoop van verbruiksmaterialien te uwer beschikking.
U moet er reckening mee houden dat bij dit product de volgende delen onderhevig zich aan een slijtage door gebruik of een natuurlijke slijtage, resp. dat de volgende delen nodig zich als verbruiksmaterialien.
| Categorie Voorbeeld | |
| Slijtstukken* | Zwaard, bougie, luchtfilter, benzinefilter |
| Verbruiksmaterialial/verbruiksstukken* Zaagketting | |
| Ontbrekende onderdelen |
- nicht verpflicht bij de leveringsomvang begrepen!
Bij gebreken of defecten verzoeken wij u om de fout te melden op het internet onder www.isc-gmbh.info. Gelieve te zorgen voor een nauwkeurige beschrijving van de fout en waar bij in elk geval de volgende vragen te beantwoorden:
- Heeft het toestel reeds eenmaal gewerkt of was het vanaf het begin defect?
Is uiens opgevallen voordat het defect zich Voordeed (symptom voor het defect)? - Welke foulieve werkwijze vertoont het toestel volgens u (hoofdsymptom)? Beschrijf deze foulieve werkwijze.
NL
Garantiebewijs
Geachte klant,
onze producten worden onderworpen aan een strenge kwaliteitst controle. Mocht dit apparaatECHTER ooit Nietaar behoren functioneren, spijt dit ons ten zeerste en vragen u zich te wenden tot once service-dienst onder het adres vermeld op dit garantiebewijs. Wij staan ook graag Telefonisch tot uw Dienst via het vermelde servicetelefoonnummer.Voor eisen in verband met hetrecht garantie geldt het volgende:
- Deze garantievooraarden zijnuitsluitend gericht aan de gebruikers, d.w.z. tatsächijke Personen die dit product nicht in het kader van hun ambachtelijk noch van een andere zichstandige aktiviteit wilten gebruiken. Deze garantievooraarden regelen aanvullende garantieprestaties, die de hieronder genoemde fabrikant kopers van zijn neue apparaten toezegt in aanvulling tot de wettelijk garantie. Uw wettelijk garantieclaims blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor u gratis.
- De garantieprestatie geldt uitsluiend voor gebreken aan een door u aangekocht zichu apparaat van de hieronder genoemde fabrikant die aantoonhaar berusten op een materiaal- of productiefout, en is maar once keuze beperkt tot het verhelpen van zulke gebreken aan het apparaat of de verranging ervan.
Wij wijzen erop dat once apparaten overeenkomstig hun bestemming nicht ontworpen zich voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Van een garantiecontract is derhalve geen spreke, als het apparaat binnen de garantieperiode in commerciele, ambachtelijkde industrielle bedrijven werden ingezet of aan een daarmee gelijk te stellen belasting verwerd blootgesteld.
3. Van onsze garantie zijn uitgesloten:
-
Schade aan het apparaat als gevolg van Niet-inachtneming van de montagehandleiding of op grond van ondeskundige installment, als gevolg van Niet-inachtneming van de gebruiksaanwijzing (zoals bijv. door aansluiting aan een verkeerde netspanning of stroomsoort) of Niet-inachtneming van de onderhouds- en veiligheidsvoorschriften, door blootstelling van het apparaat aan abnormale omgevingsvooraarden of door nalatig onderhoud en verzorging.
-
Schade aan het apparaat als gevolg van misbruik of ondeskundige toepassingen (zoals bijv. overbelasting van het apparaat of de inzet van Niet toegelaten gereedschappen of toebehoren), binnendringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals bijv. zand, stenen of stof, transportschade), gebruik van geweld of als gevolg van externe invloeden (zoals bijv. schade door vallen).
-
Schade aan het apparaat of aan delen van het apparaat die valt te herleiden tot slijtage als gevolg van gebruik, en als gevolg van normale of andere naturuurlijke slijtage.
-
De garantiperiode bedraagt 24 maanden en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat. Garantieclaims dienen voor het verloop van de garantiperiode binnen de twee weken na het vaststellten van het defect geldend te worden gemaakt. Het indieren van garantiéclaims van verloop van de garantiperiode is uitgesloten. De herstelling of verranging van het apparaat leidt nicht tot een verlenging van de garantiperiode noch worden door deze prestatie een neue garantiperiode voor het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstukken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het terplaatse uitvoeren van een serviceactiviteit.
-
Gelseve om een garantieclaim in te dieren het defecte apparaat aan te melden onder: www.isc-gmbh.info. Houd het aankoopbewijs of een ander bewijs van uw aankoop van hetijke apparaat bij de hand. Apparaten die zonder bijhorende bewijzen of zonder typeplaatje worden teruggestuurd, worden op grond van de ontbrekende mogelijkheid om het apparaat toe te kennen uitgesloten van de garantieprestatie. Valt het defect van het apparaat binnen once garantieprestatie, dan bezorgen wij u per omgaande een gerepareererd of juices apparaat terug.
Uiteraard staan wij ook tot u dienst om, mits betaling van de kosten, defecten van het apparaat te verhopen die buiten de garantieomvang vallen. Te dien einde stuurt u het apparaat aan ons serviceadres op.
Voor slijtstukken, verbruiksmaterial en ontbrekende onderdelen worden verwezen maar de beperkingen van deze garantie conform de service-informatie van deze handleiding.
E
Índice de Contents
NL verkaart de volgende overeenstemming conform EU richtlijn en normen voor het product