Eco Control Audio 500 - Babyfoons NUK - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Eco Control Audio 500 NUK in PDF-formaat.
| Technische kenmerken | Audio monitor met een bereik tot 300 meter, 2,4 GHz frequentie, oplaadbare batterij, geluidsniveaubeheerder. |
|---|---|
| Gebruik | Eenvoudig te gebruiken met één knop voor aan- en uitzetten, volumeregeling en slaapstandfunctie. |
| Onderhoud en reparatie | Reinig met een zachte doek, vermijd vocht, controleer regelmatig de batterijstatus. |
| Veiligheid | Voldoet aan Europese veiligheidsnormen, BPA-vrij, aanbevolen voor gebruik vanaf de geboorte. |
| Algemene informatie | Lichtgewicht, compact ontwerp, compatibel met NUK-accessoires, 2 jaar garantie. |
Veelgestelde vragen - Eco Control Audio 500 NUK
Gebruikersvragen over Eco Control Audio 500 NUK
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Babyfoons in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Eco Control Audio 500 - NUK en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Eco Control Audio 500 van het merk NUK.
GEBRUIKSAANWIJZING Eco Control Audio 500 NUK
Neem a.u.b. ook de uitklappagina in alot.
Italiano 66
1. Beschrijving van het apparatus 51
1.1 Toepassingsdoel 51
1.2 Functiebeschrijving 51
1.3 Goedkeuring 51
1.4 Omvang van de levering 51
2. Veiligheidsaanwijzingen 52
2.1 Algemene aanwijzingen 52
2.2 Bescherming gegen elektrische schok 52
2.3 Voor de verilgheid van uw kind 52
2.4 Bescherming gegen letsel 53
2.5 Materielle schade 53
2.6 Omgang met lipo-accu's. 53
3. Bestanddelen van de babyfoon 54
3.1 Kort overzicht van de meldingen 55
4.Apparaat in gebruik nemen 55
4.1 Oudereenheid aansluiten 55
4.2 Baby-eenheid aansluiten. 56
4.3 Baby-eenheid enoudereenheid metelkaar verbinden 56
4.4 Stroomvoorziening: 57
4.5 Eco-Mode 57
5. Bedieren van de baby-eenheid 58
5.1 Baby-eenheid in- en uitschakelen. 58
5.2 Indicatie led 58
6. Bedieren van deoudereenheid 58
6.1 Oudereenheid in- en uitschakelen 58
6.2 Indicatie led 58
6.3 Overdrachtsgevoeligheid van de VOX-functie instellen 59
6.4 Volume instellen 60
6.5 Mute schakelen 60
6.6 Functie Talk-Back 60
7. Reiniging en onderhoud van het apparatus 61
7.1 Reiniging 61
7.2 Accuervangen. 61
8. Storingen en het verhulpen ervan 62
12. Conformiteitsverklaring 65
1. Beschrijving van het apparatus
1.1 Toepassingsdoel
Met deze babyfoon Eco Control Audio 500)...
kunt u uw baby of petite kinderen in de kinderkamer bewaken. Hij kan ook worden gebruikt voor de geluidsbewaking van senioren.
Dit apparaat is allen bestemd voor droge omgevingen. Voor de werkig in vochtigeruimtes of bij nat waar in de open lucht is dit apparaat Niet geschikt.
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik in privé huishoudens. Het is Niet bedoeld voor commercieel gebruik.
Dit apparaat is alleen bestemd als hulpmiddel. Het verrangt in geen geval de lichamelijk aanwezigheid en bewaking doorouders, babysitter of begeleider.
1.2 Functiebeschrijving
De baby-eenheid 1 wordt in de ruimte geplaatst, die u wilt bewaken. Hij registreert de geluiden en zendt deze snoerloos aan deoudereenheid 8.
Deoudereenheid 8 beschikt over een ingebouwde accu zodate steeds in het zich kunt opstellen. De accu worden geladen met behulp van de meegeleverde voedingseenheid.
De reikwijdteteussen de baby-eenheid en deoudereenheid bedraagt ca. 40 binnenshuis en tot 250m buiten (in het open veld). Het ontvangstbereik van de babyfoon verandert afhankelijk van de omgeving. Dikke muren of metaal kuren de reikwijdtedereduceren.
De babyfoon beschikt over een Eco-Mode waar bij de zender (baby-eenheid) automatisch in de stand-by-modus worden geschakeld zodra uw baby rustig slaapt. Hij schakelt, afhankelijk van de ingestelde gevoeligheid, pas waar in wanner uw baby geluiden maakt of begint te huilen.
Wanner u alle geluiden uit de babykamer wilt horen, kunt u de overdrachtsgevoeligheid van de VOx-functie met de
toets VOX 17 op maximum instellen (=stand 5). Op deutsche stand blijdt de baby-eenheid continu ingeschakeld (zie "6.3 Overdrachtsgevoeligheid van de VOX-functie instellen" op pagina 59).
Wanner u geen enkel geluid wilt horen kurz u via de toets Vol - 11 het volume op mute zetten. In dit geval ziet u alleen via de ledindicatie 16 wanner uw baby geluiden maakt.
Wanner de Eco-Mode geactiveerd is, wordt de hoogfrequente straling in de kinderkamer tot een minimum gereduceerd. De baby-eenheid zendt dan uitsluitend iedere 30 seconden een kort signal aan deoudereenheid om de verbinding te controeren. Wanner deoudereenheid zich buiten de reikwijdte bevindt, worden deouders waarop gewezen door een geluidssignal.
Meer over de Eco-Mode vindt u in "4.5 EcoMode" op pagina 57 en in "6.3 Overdrachtsgeeligheid van de VOX-functie instellen" op pagina 59.
1.3 Goedkeuring
De babyfoon werk op een freiendentie van 2,4 GHz. Dit apparaat mag in alle landen van de EU worden gezruikt. In Rusland en de Oekraine要去en de landspecifieke mbeperkingen in acht worden genomen.
1.4 Omvang van de levering
Babyfoon:
- 1 baby-eenheid (voord de kinderkamer)
- 1 voedingseenheid voor de baby-eenheid
- 1 oudereen heid
- 1 voedingseenheid voor deoudereenheid
- 1 lipo-accu 3,7 V, 1200 mAh
1 gebruiksaanwijzing
1 Quick Start Guide
2. Veiligheidsaanwijzingen
2.1 Algemene aanwijzingen
Lees voor het gebruik deze
gebruiksaanwijzing aandachtig door.
Deze is een bestanddeel van het apparaat en moet te allen bijde beschikbaar�.
- Gebruik het apparaat en zijn accessoires
zo verklaart in de deel 1.1
"Toepassingsdoel".
werden meegeleverd of die uitdukkelijk
in deze gebruiksaanwijzing werden toegestaan.
- Voor ieder gebruik要去 u controlleren of
het apparatus correct functioneert. Naast
de contrôle van de reikwijdte en de
verbinding, worden aanbevolen om de
verbinding op geluid te controlleren
wonneer het in gebruik is.
- De apparaten mogen uitsluitend worden
gebruikt voor de overdracht van geluid in
uw privé-omgeving. ledere person in de
ruimte die kan worden afgeluisterd要去
over het gebruik van het apparaat
worden geinformeerd.
- Let erop dat een overdracht.altijd
afhankelijk is van de omgeving.
wanden, natheid of bomen kunnen de
ontvangst aanzienlijk storen.
Waarschuwing! De volgende veiligheidsaanwijzingen要去en u beschermen gegen een elektrische schok:
- Voer geen reparatiepogingen UIT. De
delen mogen alleen door gekwalificeerd
vakpersoneel worden geopend.
- Het apparaat mag nicht in beschadigde
toestand worden gebruikt.
- Wanner u op reis bent, let er dan steeds
op dat de beschikbare spanning in
overeenstemming is met de technische
gegevens.
2.3 Voor de verilgheid van uw kind

Waarschuwing! Kinderen
het gebruik van het apparatusat
kunnen ontstaan. Daarom moeten
kinderen op afstand van deze
apparaten worden gehunden.
- Let erop dat het apparaat en de
accessoires zich buiten de reikwijdte van
de baby bevinden. De afstand tussen
baby en apparaat/accessoires moet
minstens 1 m bedragen.
correct inschatten en daardoor letsel
oplopen. Neem waarom het volgende in
acht:
- Dit apparaat is nicht bedoeld voor het
gebruik door Personen (ook kinderen)
meteenfysieke,sensorischeof
geestelijkke handicap of zonder
voldoende ervingen/of kennis,
behalve wanner ze door een persoon
- worden begeleid die verantwoordelijk
is voor hun veiligheid of wanner en zij in
het gebruik van het apparatusaat werden
geinstrueerd.
- Kinderen要去ndertoezichtworden
gehouden opdat zeniet met het
apparaat hunnen spelen.
- Let erop dat de verpakkingsfolie nicht
tot een dodelijke valstrik voor kinderen
wordt. Er dreig gevaar voor verstikking.
Verpakkingsfolie is geen spelelgoed.
- Om wurgen te voorkomen要去 het
netsnoer zich steeds buiten de
reikwijdte van de baby bevinden.
- Gebruik het apparaat alleen voor uw
aanvullende veiligheid. Het apparaat kan
nooit als vervanging voor een menselijkke
toezichthouder dienen.
Waarschuwing! Neem de volgende aanwijzingen in acht, om letsel te voorkomen.
- Let erop dat er niemand over de kabels van de voedingseenheid kan struikelen of vallen.
2.5 Materièle schade
Voorzichtig! Neem de volgende voorschriften in acht om materielle schade te voorkomen:
- Stel het apparaat Niet bloot aan direct zonlicht of grote hitte, odomat de UVstraling en oververhitting ertoe kan leiden dat het kunststof bros worden en de elektronica beschadigd zou können worden.
In de nabijheid van het apparaat mogen geen warmtebronnen aanwezig zich en het apparaat mag ook Niet worden afgedekt om oververhitting te voorkomen. - Gebruik het apparaat nooit in vochtige of natte omgeving.
- Gebruik het apparaat Niet in een stoffige omgeving. Dit kan de levensduur verkarten.
- Gebruik nooit scherpe of schurende reinigingsmiddelen odomat het apparaat daardoor beschadigd zou können worden.
- Wonneer het apparaat Niet wordt gebruikt schakel het dan steedsuit met de Aan/ Uit-toets.
2.6 Omgang met lipo-accu's

Waarschuwing!
Om eventuele gevaren te vermijden, die persoonlijk letsel of materiaalschade kunnenveroorzaken, neemt u de volgende aanwijzingen in ache:
Vermijd kortsluitingen.
De polen van de accu's mogen nicht met metalen voorwerpen in aanraking komen, onward dit een kortsluiting tot gevolg kan hebben. Een kortsluiting kan leiden tot een oververhitting van de accu en dientengevolge tot het uitlopen van elektrolyt, explosiegevaar of de vorming van vlammen.
Wanner er elektrolyt is uitgelopen, vermijd dan contact met de huid, ogen en slijmvliezen om letsel te voorkomen. Spoel bij huidcontact met elektrolyt de desbetreffendeplaatsen direct met veel schoon water en consulteer onmiddelijk een arts.
- De ingebouwde accu mag alleen dooreen originele reserveaccu worden verrangen. Indien deze defect is, neem dan contact op met een serviceadres (zie „Contact addresses NUK" op pagina 115).
- Om explosiegevaar te voorkomen, mogen accu's nicht worden verhit of door verbranden worden verwijderd.
- Probeer nooit de accu te openen, de contacten te verbuigen op los te trekken. Gooi de accu Niet op de bodem en sla er geen spijker in.
Een beschadiging kan leiden tot een interne kortsluiting en dientengevolge tot het uitlopen van elektrolyt, explosiegevaar of de vorming van vlammen.
- Gebruikuitsluitend de meegeleverde voedingseenheid voor het laden van de accu.
Een "verkeerde" voedingseenheid zou tot te vol laden van de accu{kunnen leiden waardoor deze kan oververhitten en exploderen.
-
Lipo-accu's mogen alleen op vuurvaste, nicht brandbare ondergronden worden geladen of bewaard.
-
Lipo-accu's mogen alleen onder toezicht worden geladen om in geval van storingijdig te konnen ingrijpen.
-
Lipo-accu's bevatten giftige substanties. Letkaarom op de afvalverwijderingsvoorschriften in "10.3 Accu" op pagina 64.
3. Bestanddelen van de babyfoon
1 Baby-eenheid
2 Luidspreker
3 Bus voor voedingseenheid
4 Microfoon
5 Aan/Uit-toets:
-kort indrukken: inschakelen
- lang indrukken: uitschakelen
6 Power LED
brandt groen wanner de baby- eenheid is ingeschakeld
7 VOX LED
- brandt groen wanner er een verbinding met deoudereenheid is gemaakt;
- schakelt uit wonneer de verbinding tot deoudereenheid is onderbroken.
8 Oudereenheid
9 Accu-afdekking
10 ToetsVol +:
Volume verhogen
11 Toets Vol -:
Volume verlagen
- Mute-schakelen bij de geldingste stand. Geluiden worden alleen nog door de individatie-leds 16 weergegeven.
12 Luidspreker
13 Ver bindingsindicatie
- brandt groen wonneer er een verbinding tussen beiden apparaten bestaat;
knippert groen: wanner er een verbinding bestaat maar de Eco-Mode geactiveerd is; - brandt rood: wanner er geen verbinding:tussenbeide apparaten bestaat.
14 Aan/Uit-toets
15 Indicatie stroomvoorziening POWER
- brandt groen: apparaat is ingeschakeld en de accu is vol;
- knippert groen: accu worden geladen;
- brandt rood en 1 pieptoon ieder 60 seconden: waarschuwing lege accu. Binnen ca. 15 - 20 minutenschakelt deoudereenheid automatischuit.
16 Indicatie leds
- geeft het geluidsniveau in de kinderkamer aan. Hoe meer leds branden, des te luider zich de geluiden;
- toont bij het wijzigen van het volume de verschillende standen. Hoe meer leds branden, des te luider is de overdracht via de luidspreker;
- toont bij het wijzigen van de VOXSensibilititeit de verschillende standen. Hoe meer leds knipperen, des te sneller reageert het apparaat op geluiden. Bij 5 brandende leds worden in permanente overdracht omgeschakeld.
17 Toets VOX
-kort indrukken en met Vol + / - de overdrachtsgevoeligheid instellen
18 Toets TALK:
- door ingedrukt houden van de toets wordt de functie "met de baby spreken" geactiveerd;
- als de baby-eenheid zich in de EcoMode befindt, worden de Talk-Back functie geblokkeerd en worden dit door twee geluidssignalen weergegeben.
19 Bus voor voedingsoenheid
20 Microfoon
3.1 Kort overzicht van de meldingen
| Baby-eenheid | ||
| Lamp Indicatie Betekenis | ||
| Power-LED 6 groen Baby-eenheid is ingeschakeld | ||
| VOX LED 7 | groen Verbinding ok (zonder Eco-Mode) | |
| uit Verbinding ok (in de Eco-Mode) | ||
| Oudereenheid | ||
| Lamp Indicatie Betekenis | ||
| Verbindings-indicatie 13 | groen Verbinding ok (zonder Eco-Mode) | |
| knippert groen Verbinding ok (in de Eco-Mode) | ||
| knippert rood1 pieptoon iedere 30 s | Verbinding onderbroken | |
| Power-LED 15 | groen Oudereenheid is ingeschakeld, accu is vol | |
| brandt rood1 pieptoon iedere 60 s | waarschuwing lege accu. Oudereenheid schakelt binnen 15 min. automatisch uit. | |
| knippert groen Accu wordt geladen | ||
| Indicatie leds 16 | 1 - 5 leds knipperen Insteling VOX-sensibilititeit. Hoe meer leds knipperen, des te gevoeliger reageert het apparaat op geluiden. Bij 5 brandende leds worden in permanente overdracht omgeschakeld. | |
| 1 - 5 leds branden1 - 5 pieptonen | Instelling volume. Hoe meer leds branden, des te luider is de overdracht via de luidspreker. | |
| 1 - 5 leds branden Indicatie volume van de babygeluiden. Hoe meer leds branden, des te luider zichn de geluiden in de babykamer. | ||
| geen 1 pieptoon "Met de baby spreken" (Talk-Back) | ||
| geen | dubbele pieptoon | "Met de baby spreken" (Talk-Back)tijdens geactiveerde Eco-Mode |
4. Apparaat in gebruik nemen
Opmerking: Maak.altijd eerst de kabelverbindingen voordat u de voedingseenheid in het stopcontact steekt.
4.1 Oudereenheid aansluten
Deoudereenheid wordt door de meegeleverde lipo-accu van stroom voorzien. Deze accu kan met de meegeleverde voedingseenheid worden geladen.
Voorzichtig! Om een storing te voorkomen, installeert u eerst de accu in deoudereenheid en verbindt u pas daarna devoedingseenheid met deoudereenheid.
-
Verwijder de accu-afdekking 9 aan dechterzijde van deoudereenheid 8, door deze omlaag te schuiven.
-
Plaats de accu volgens de markingsen in het accuvak. Let waar bij absolutut op de juiste polariteit (+ en -).
- Schuif de accu-afdekking 9 sheer op deoudereenheid 8.
- Steek dekleine stekker van de voedingseenheid in de bus voor de voedingseenheid 19 van de oudereenheid.
- Steek de voedingseenheid in een stopcontact dat overeenkomt met de technische gegevens (zie „9. Technische gegevens" op pagina 63).
- Laad de oudereenheid bij de eerste keer continu gedurende 10 uur op, om devolledige capaciteit van de accu te activeren.
Voor alle aansluitende opladingen van de accu is nog slechts 5 eer nodig. Het opladen kan ook tijdens de werkung worden uitgevoerd.
De led POWER 15 geeft het laadproces aan:
- knippert groen: accu worden geladen;
- brandt groen: accu is vol;
- brandt rood en 1 pieptoon ieder 60 seconden: waarschuwing lege accu. Binnen ca. 15 - 20 minutes schakelt deoudereenheid automatisch UIT.
4.2 Baby-eenheid aansluiten
Opmerking: Installee de baby-eenheid 1 pas wonneer de accu van deoudereenheid 8 volledig is geladen.
- Plaats de baby-eenheid zodanig 1 in de babykamer dat de baby denen nicht kan bereiken.
Optimaal is een afstand tussen babye- en heid en baby van 1 - 2 m. - Steek de stekker van voedingseenheid in de bus 3 van de baby-eenheid 1.
- Steek de voedingseenheid in een stopcontact dat overeenkomt met de technische gegevens (zie ,9. Technische gegevens" op pagina 63).
4.3 Baby-eenheid enoudereenheid met elkaarverbinden
In het algemeen schakelt de baby-eenheid automatisch in zodra de stekker in het stopcontact worden gestoken.
- Schakel de baby-eenheid 1 op de Aan/Uit-toets 5 in. Houd daartoe de Aan/Uittoets kort ingedrukt, tot de power led 6 brandt.
- Schakel deoudereenheid 8 op de Aan/ Uit-toets 14 in. Houd daartoe de Aan/Uittoets kort ingedrukt, tot de led 15 permanent groen brandt.
De verbinding wordt automatisch gemaatkt. Tijdens het makev van de verbinding brandt de verbindingsindicatie 13 rood.
Zodra de verbinding is gemaakt brandt zowel op deoudereenheid de verbindingsindicatie 13 als ook bij de baby-eenheid de VOX LED 7 groen.
Als de verbindingsindicatie 13 groen begint te knipperen, betekent dit, dat er weliswaar een verbinding tussen deoudereenheid en de baby-eenheid bestaat, maar dat uw baby slaapt en waarom de Eco-Mode automatisch werk geactiveerd om de hoogfrequente straling in de kinderkamer te reduceren en energia te sparen.
Als de verbinding oudereenheid-babye- enheid worden onderbroken, proberen de apparaten automatisch een neue verbinding te make.
Indien er binnen 30 seconden geen{nieuwe verbinding tot stand kommt, klinkt er bij de dedoudereenheid 8 in regelmatige afstandenen pieptoon en de verbindingsindicatie 13 brandt rood. Eventueel moet u de standplaats van deoudereenheid veranderen om een nieuwe verbinding te kunnen opbouwen.
-
Kijk eerst maar uw baby of alles in orde is.
-
Probeer dan een neue verbinding te makes door uw standplaats te veranderen.
De verbinding worden automatisch opniew opgebouwd zodra u zich weer binnen de reikwijdtte bevindt.
Zodra de verbinding is gemaakt, brandt de verbindingsindicatie 13 wee groen.
4.4 Stroomvoorziening:
- De stroomvoorziening van de babye- enheid 1 loopt alleen via de voedingseenheid.
- Deoudereenheid 8 kan z stroomaansluiting via de accu worden toegepast.
De laadtoestand van de accu wordt door de led POWER 15 weergegeven:
- brandt groen: apparaat is ingeschakeld en de accu is vol;
- knippert groen: accu worden geladen;
- brandt rood en 1 pieptoon ieder 60 seconden: waarschuwing leg accu. Binnen ca. 15 - 20 minutenschakelt de oudereenheid automatischuit.
In deze 15 minuten können nog alle functies worden geactiveerd en gedeactiveerd. Houd er rekening meed dat het gebruik van bijvoorbeeld de Talk-Back functie en het omhoog draaien van het volume op de hoogste standeererndeijd zo kan worden ingekort. U moet de voedingseenheid aan het stroomnet aansluiten zodra de led POWER 15 begint rood te knipperen.
- Deoudereenheid kan via voedingseenheid aan het stroomnet worden aangesloten en ontvangt van waar de stroom verwijl gewelijkijdig de accu worden geladen. De laadtijd van de accu worden iets langer wonneer deoudereenheid is ingeschakeld. Terwijl de accu worden geladen, knippert de LED 15 groen.
Aanwijzingen:
- Met een volledig opgeladen accu kutu de oudereenheid tot max. 18 uur gebruiken. Dezeijd hangt af van het gebruik (de oudereenheid schakelt vaak in, de intercomfunctie worden veel gebruikt, het volume is hoog enz.).
- De laadtijd van de lege accu bedraagt ongeveer 5uur.
4.5 Eco-Mode
Functiebeschrijving
Deze babyfoon heeft een Eco-Mode-functionie nicht alleen stroom- respons. energiebesparend is maar bovendien ook de hoogfrequentie straling in de babykamer tot op een minimum redueert.
In de VOX-levels 1, 2, 3 en 4 (zie „6.3 Overdrachtsgeeligheid van de VOX-functie instellen" op pagina 59) worden de Eco-Mode na ongeveer 10 seconden automatisch geactiveerd zodia uw baby slaapt en geen geluiden meer maakt.
U herkent dit doordat de verbindingsindicatie 13 begint groen te knipperen. In de Eco-Mode worden nicht alleen de baby-eenheid automatisch op stand-by gezet, maar ook de oudereenheid.
Als de Eco-Mode geactiveerd is, worden alle functies die de baby zonden konnen wekken, automatisch gedeactiveerd. Zo kurz u bijvoorbeeld de Talk-Back functie nicht gebruiken maar blijft u ook in de Eco-Mode steeds met uw baby verbonden en weet u.altijd of u zich nog binnen de reikwijdtebevindt.
Deze babyfoon beschikt over een controle van de reikwijdtde die ook in de Eco-Mode functioneert. Wanner u zich dus buiten de reikwijdtde beweegt, krijgt u automatisch een waarschuwing ook wanner de Eco-Mode geactiveerd is, waar dat de baby-eenheid ook in de stand-by-modus)iedere 30 seconde een signal aan de oudereenheid zendt om de verbinding te controeren.
Als de verbindingsindicatie 13 groen brandt, bestaat er een regulaire verbinding:tussen de baby- en deoudereenheid. Als de
verbindingsindicatie 13 groen knippert, is de Eco-Mode geactiveerd. Als de verbindingsindicatie 13 maar rood wisselt, betekent dit, dat u zich buiten de reikwijdtede bevindt en/of geen verbinding tussen de beiden eenheden bestaat.
Opmerking: Controller de reikwijdtte van uw babyfoon voordat u de Eco-Mode gebruikt. Controller of de eenheden zich altijd binnen de reikwijdtte bevinden zodate u uw baby ook hoort.
Het apparaat schakelt automatisch in de overdrachtsmodus zodra uw baby geluiden maakt die de ingestelde geluidsdrempel (VOX-level 1 - 4) overschrijden. De Eco-Mode worden onmiddelijk gedeactiveerd en
de verbindingsindicatie 13 stopt met knipperen.
In VOX-level 5 vindt een permanente overdracht plaats en is de Eco-Mode gedexeerd.
Wanner u ondanks de geactiveerde EcoMode, wat betekent dat uw baby rustig slaapt, wilt controleren of alle OK is, kurz u de Eco-Mode deactiveren door de permanenten overdrachtsmodus om te schakelen:
-
Druk op de oudereenheid 8 op de toets VOX 17.
-
Druk verwolgens op de toets Vol+ 10, tot alle 5 leds 16 branden.
5. Bedieren van de baby-eenheid
5.1 Baby-eenheid in- en uitschakelen
De baby-eenheid 1 schakelt automatisch in, zodra u de voedingseenheid hebta aangesloten en met het stroomnet hebt verbonden. Daarna kutu de baby-eenheid op ieder moment in- en uitschakelen:
- Om de baby-eenheid 1 in- of uit te schakelen, drukt u op de Aan/Uit-toets 5.
5.2 Indicatie leds
-
De P o w e r L E D 6 brandt groei de baby-eenheid ingeschakeld is.
-
De V O X L E D 7 van de baby-é brandt groen wonneer er een verbinding:tussen baby-eenheid enoudereenheid is gemaakt.
-
De V O X L E D 7 brandt nicht wann baby-eenheid 1 in de Eco-Mode is geschakeld of wonneer er geen verbinding maar deoudereenheid kon worden gemaakt.
6. Bedieren van de oudereenheid
6.1 Oudereenheid in- en uitschakelen
Om deoudereenheid 8 in- ofuit teschakelen, houdt u de Aan/Uit-toets 14 ingedrukt:
- zodra u een geluidssignaal hoort en de Power-LED 15 brandt, is deoudereenheid ingeschakeld;
- zodra u een geluidssignaal hoort en de Power-LED 15uitgaat, is deoudereenheid uitgeschakeld.
6.2 Indicatie leds
-
De verbindingsindicatie 13 op de oudereenheid 8 geeft de verbinderungsstatus maar de baby-eenheid 1 aan:
-
brandt groen, wonneer de verbinding bestaat;
knippert groen wanner de baby-eenheid in de Eco-Mode is en signaleert dat uw baby rustig slaapt; -
brandt rood wanner de verbinding onderbroken is of wanner de babyeenheid uitgeschakeld is.
Aanwijzingen:
- Wonneer de baby-eenheid 1 zich in de Eco-Mode bevindt en de oudereenheid zich buiten de reikwijdtte beweegt, brandt de verbinderingsindicatie 13 rood. Bovendien hoort u jegere 30 seconde een geluidssignaal.
Zodra de oudereenheid 8 zich opniewbinnen reikwijdte bevindt of de oorzaakvoor de verbinderingsstoring werdenverholpen, brandt deverbinderingsindicatie 13 groen encommuniceren de apparaten wee metelkaar. -
Wanner beide eenheden worden ingeschakeld, brandt eerst de verbindingsindicatie 13 rood. Oudereenheid en baby-eenheid worden met elkaar verbonden. Zodra de verbinding bestaat, worden de indicateie groen.
-
De individatie POWER15:
-
brandt groen: apparaat is ingeschakeld en de accu is vol;
-
knippert groen: accu worden geladen;
-
brandt rood en 1 pieptoon ieder 60 seconden: waarschuwing lege accu. Binnen ca. 15 - 20 minutenschakelt deoudereenheid automatischuit. Let erop dat afhankelijk van het gebruik het apparaat ook sneller kan worden uitgeschakeld. (VOX level 5 verbruikt bijvoorbeeldeer energiedan level 1).
-
De 5 indicateles 16 hebben drie verschillende functies en zichen alleen zichtaar bij aktiviteit:
-
geeft het geluidsniveau in de kinderkamer aan. Hoe meer leds branden, des te luider zich de geluiden;
-
toont bij het wijzigen van het volume de verschillende standen. Hoe meer leds branden, des te luider is de overdracht via de luidspreker;
-
toont bij het wijzigen van de VOXSensibilititeit de verschillende standen. Hoe meer leds knipperen, des te sneller reageert het apparatus op geluiden. Bij 5 brandende leds worden in permanente overdracht omgeschakeld.
6.3 Overdrachtsgeeligigkeit van de VOX-functie instellen
Baby's make vele verschillende geluiden. Dat kan van duidelijk snuiven of gebabbel tot luid huilen of roepen gaan. De VOX-functie kan zodanig worden ingesteld dat een geluidsoverdracht alleen bij luid roepen of huilen, maar nicht bij andere geluiden worden geactiveerd.
Met de VOX-functie stelt u de overdrachtsgevoeligheid van de microfoon in. Hoe hoger het VOX-level, des te gevoeliger reageert het apparatus op geluiden.
- Om de VOX-functie te activeren, drukt u kort op VOX 17.
De leds 16 setzen u door te knipperen aan hoe gevoelig uw apparaat is ingesteld.
-
Verhoog of verlaag de overdrachtsgeeligheid met de toets VOL + 10 of VOL - 11. Het gewenste level kommt overeen met het aantal knipperende leds16:
-
VOX-level 1 = zeer lage gevoeligheid, activering alleen wanner de baby heel luid huilt;
- VOX-level 2 = lage gevoeligheid, activering wanneer de baby luid huilt;
- VOX-level 3 = normale gevoeligkeit, activering wanner de baby normala huilt;
- VOX-level 4 = sterke gevoeligheid, activering ook bij zachte geluiden;
- VOX-level 5 = Eco-Mode isuitgeschakeld. De overdracht is ingesteld op permanente werkinq.
Hoe luid de overgedragen geluiden in deoudereenheid worden afgespeeld, stelt u
met de toetsen VOL + 10 en VOL - 11 in (zie,6.4 Volume instellen" op pagina 60).
Opmerking: Voor de wijziging van de overdrachtsgevoeligheid na de activering van de VOX-functie heeft u ca. 2 seconden tijd. Dan schakelt het apparaat automatisch weer over op de overdracht van geluiden. Dit herkent u aan het feit, dat de leds 16 Niet更是 knipperen en dat u met de toetsen VOL + 10 of VOL - 11 alleen het volume kunt veranderen.
Opgelet! In de permanente overdracht VOX level 5 worden continu alle geluiden overgedragen. Wanneer de baby rustig slaapt, worden het volume na enkele seconden automatisch op de laagste stand aangepast om het achtergrundgeluid te minimisieren. Zodra het kind begint geluiden te make, gaat het volume automatisch waar terug maar de Voorinstelling.
6.4 Volume instellen
- Stel het volume waarmee u de geluiden in deoudereenheid kunt horen, in met de toetsen VOL + 10 en VOL-11.
Bij iedere druk op de toets klinkt pieptoon die het ingestelde volume weergeeft. De leds 16 gaan overeenkomstig branden. Hoe luider u de instelling kiest, des te luider worden het geluidssignaal en des te meer leds branden.
Opmerking: Wanner de VOX-functie op geringe gevoeligheid is ingesteld (zie,6.3 Overdrachtsgevoeligheid van de VOX-functie instellen" op pagina 59), worden onafhankelijk van het ingestelde volume geen zachtegeluiden overgedragen. Dat wil zaggen, men hoort nicht meer wanner men het volume verhoegt. Wanner menmeer geluiden wil horen, moet de gevoeligheid van de overdracht op een hoger VOX-level worden verhoogd.
6.5 Mute schakelen
Deoudereenheid kan op "MUTE" wordengeschakeld. Geluiden in de babykamerworden dan nicht meer overgedragen.
- Druk zo vaak op de toets VOL - 11 tot u geen pieptoon meer hoor.
Nu worden er ook geen geluiden meer overgedragen.
Het volume in de babykamer wordt.
verder door de leds 16 weergegeven.
Hoe更是 leds branden,des te luider zijn de geluiden in de babykamer.
- Om de mute-schakeling op te heffen, bedient u de toets VOL + 10.
- Als de oudereenheid op mute is geschakeld en u activeert de Talk-Back functie worden het volume automatisch weeper op de eerste stand ingesteld.
6.6 Functie Talk-Back
Met de functie Talk-Back=kunt u met uw baby spreken.
- Houd de toets TALK 18 van deoudereenheid ingedrukt.
er ebadat u een geluidssignaal hoort, is despreekverbinding gemaakt.
- Sreek gelsektijdig in de microfoon 20 van de oudereenheid.
Uw baby kan u nu horen via de luidspreker 2 van de baby-eenheid. - Laat TALK 18 wellbeing om maar de reactie van uw baby te luisteren.
Aanwijzingen:
-
Als de baby-eenheid 1 zich in de Eco-Mode befindt, worden deze functie gedeactiveerd zodate u uw baby nicht per ongeluk wekt. In dit geval worden door twee op elkaar volgende geluidssignalen aangegeven dat de Talk-Back functie momenteel nicht beschikbaar is.
-
Wanner het volume van deoudereenheid op „MUTE" is gezet (zie 6.4 Volume instellen" op pagina 60), wordt deze automatisch op het volume level I verhoogd zodia u de toets TALK 18 indrukt.
7. Reiniging en onderhoud van het apparaat
7.1 Reiniging

Waarschuwing! Om gevaar van elektrische schok, letsel of beschadiging te voorkomen:
Trek alsijd de voedingseenheid uith het stopcontact voordat u eht apparaat reinigt.
- Dompel de afzonderlijke delen nooit onder in water.
Voorzichtig! Gebruik nooit schurende, bijtende of krassende reinigingsmiddlesen. Daardoor zou het apparaat beschadigd können worden.
- Indien nodig(Int) u de afzonderlijke delen afvegen met een vochtige doeK.
- Gebruik het apparaat pas waar, als alle delen hebemaal droog is.
7.2 Accu verrangen
De ingebouwde lithium-polymeraccu (lipoaccu) 3,7V, 1200 mAh, mag uitsluitend dooreen originele accu worden verrangen. Neem waarvoort contact op met onceproductservice (zie „Product servicebabyphone in Europe" op pagina 116).
- Verwijder de accu-afdekking 9 aan dechterzijde van deoudereenheid 8, door deze omlaag te schuiven.
- Verwijder de defecte accu.
- Plaats de neue accu volgens de markeringen in het accuvak. Let waar bij absolutut op de juiste polariteit (+ en -).
- Schuif de accu-afdekking 9 waar op deoudereenheid 8.
- Laad de neue accu bij de eerste keer continu gedurende 10 uur op, om de volledige capacitit van de accu te activeren (zie ,4.1 Oudereenheid aansluiten" op pagina 55).
8. Storingen en het verhelpen ervan
| Storing Oorzaak Verhelpen | ||
| Baby-eenheid ofoudereenheid werkt nicht | Geen stroomvoorziening Stroomvoorziening tot stand brengen (zie „4.4 Stroomvoorziening:“ op pagina 57) | |
| Accu in deoudereenheid is leeg | Accu laden (zie „4.4 Stroomvoorziening:“ op pagina 57) | |
| Apparaat is Niet ingeschakeld Apparaat inschakelen (zie "4.1 Oudereenheid aansluten" op pagina 55 en "4.2 Baby-eenheid aansluten" op pagina 56) | ||
| De afstand tussen de baby- eenheid en deoudereenheid ist te groot of het signal wordt door dikke muren of andere elektrische apparaten gestoord | Afstandkleiner make of een andereplaats voor deoudereenheid kiezen | |
| Luid fluitend geluid | Terugkoppeling, omdat de afstand baby-eenheid -oudereenheid te gering is | Afstand groter make tot minstens 2 - 3 m |
| Reduceer het volume en het VOX-level van deoudereenheid wonneer u zich daarmee in directe nabijheid van de baby-eenheid bevindt (zie "6.3 Overdrachtsgeeligheid van de VOX-functie instellen" op pagina 59 en "6.4 Volume instellen" op pagina 60). | ||
| Oudereenheid piept | Verbinding maar baby-eenheid is onderbroken | Verbinding makes (zie „4.3 Baby-eenheid enoudereenheid met elkaar verbinden“ op pagina 56) |
| Problemen met de stroomvoorziening | Stroomvoorziening controeren (zie "4.4 Stroomvoorziening:" op pagina 57) | |
| Verbindingsindi-catie 13 brandt rood | Oudereenheid bevindt zich buiten de reikwijdte | Verbinding makes (zie „4.3 Baby-eenheid enoudereenheid met elkaar verbinden“ op pagina 56) |
| Geen geluid van deoudereenheid | Volume is uitgeschakeld Volum e verhogen (zie „Mute schakelen“ op pagina 60) | |
| VOX-functie is te laag ingesteld | Overdrachtsgeeligheid verhogen (zie "6.3 Overdrachtsgeeligheid van de VOX-functie instellen" op pagina 59 resp. "3.1 Kort overzicht van de meldingen" op pagina 55) | |
Wanner deze tips het probleem nicht oplossen,kest u proberen de storing als volgt te verhelpen:
- Neem de accuuit de oudereenheid.
- haal de voedingseenheiduit het stopcontact.
-
Wacht een paur minuten.
-
Plaats de accu terug en sluit de voedingseenheid waar aan.
Als het probleem nog steeds nicht is opgelost, neem dan contact op met de klantenservice (zie „11.1 Servicecenter NUK" op pagina 65).
| Draadloze verbinding 2.4 Ghz FHSS | |
| Zenderfrequentie 2408 MHz - 2474 MHz, max. EIRP 100mW | |
| Aantal kanalen 12 / Automatische kanaalkeuze | |
| Reikwijdte bij vrij zicht ca. 250 m | |
| Reikwijdte in gesloten ruimtes | ca. 40 m. Een overdracht is afhankelijk van de omgeving. Wanden of bomen+kuren de ontvangst aanzienlijk storen. |
| Baby-eenheid | |
| Bedrijfstemperatuur 0 °C tot | 40 °C omgevingstemperatuur |
| Oudereenheid | |
| Bedrijfstemperatuur 0 °C tot | 40 °C omgevingstemperatuur |
| Accu lithium-polymeeraccu | (lipo-accu) 3,7 V, 1200 mAh |
| Bedrijfsduur in normale overdrachtsmodus: > 15 uur | |
| Bedrijfsduur in Eco-Mode: > 18 uur | |
| Laadtijd bij eerste opladen min. 10 uur iedere verdere laadtijd duurt ca. 5 uur | |
| Voedingseenheden | |
| Ingang 100-240 V AC; 50/60 Hz; 0,1 A | |
| Uitgang 5 V ; 2,75 W; | --- |
9.1 FHSS- technologie
Deze babyfoon werkt bij draadloze overdracht met de moderne FHSS-technologie.
Frequency Hopping Spread Spectrum (FHSS) is een digitale freuquentiespreidingsmethode voor de draadloze gegevensoverdracht. Daar bij worden het gehele zendvermogen Niet zoals vroeger op een dragerfrequentie geconcentreerd. Inplaats waarvan wisselt de dragerfrequentie volgens het toevalsprincipe. In de ontvanger worden dan de over verschillende dragerfrequencies verteelde gegevenspakketten weer samengesteld.
Deze methode brengt ten opzicht van de conventionele draadloze overdracht enkele voordelen:
- Het draadloze signalan kan veel moeilijker worden aufgeluisterd odomat de afluisterende person Niet weet over welke dragerfrequencies het werden verdoeffend en hoe het signalaal weeer correct moet worden samengesteld. Daarom
wordt deze methode bijvoorbeeld ook bij bluetooth of bij het militair gebruikt.
- De draadloze overdracht is duidelijk hinter gevoelig voor stoorsignalen. Dat ligt aan het feit dat een bepaalde dragerfrequentie alsijd slechts kort worden gebruikt alvorens op een andere worden omgeschakeld. Indien er nu op een bepaalde frequentie storingen optreden, zichaarvan steeds slechtskleine gegevenspakketten betroffen. Deze fouten können echter door foutcorrigerende methoden worden verholpen.
10. Afval
10.1 Apparaat

Het symbol met de doorgestreepte afvalemmer op wielen betekent dat het product in de Europese Unie geschaden moet worden ingeleverd. Dit geldt
voor dit product en voor alle met dit symbol gekenmerkte accessoires. Gekenmerkte producten mogen nicht met het normale huisvuil worden verwijderd maar要去en bij een aparte inzamelplaats voor recycling van elektrische en elektronische apparaten worden ingeleverd.
Recycling helpt om het verbruik van grondstoffe te reduceren en het milieu te ontzien.
10.2 Verpakking
Als u de verpakking wilt wegwerpen, let dan op de desbeteffende milieuvoorschriften in uw land.
10.3 Accu

Accu's mogen nicht bij het huisvuil.
Verbruike accu's moeten volgens de
voorschriften worden verwijderd.
Voor dit doel+zijn in de handel,haar
batterijen worden verkocht en bij gemeentelijk inzamelplaatsen overeenkomstige bakken voor het verwijderen van accu's opgesteld. Accu's die met de volgende letters zichen gekenmerkt bevatten onder andere de volgendeschadelijke stoffen: Cd (cadmium), Hg (kwiksilver), Pb (lood).
11. Waarborg
Naast de garantieverplichtingen van de verkoper uit het koopcontract verlenen wij als fabrikant bij correct gebruik van het apparaat onder inachtneming van de gebruiksaanwijzing een garantie van 24 maanden vanaf de koop van het apparaat. De koopdatum en het apparaattype要去en door een kassabon worden aangetoond.
De wettelijk rechten van de koper worden door deze fabrieksgarantie nicht beperkt.
Wij verplichten ons om binnen de garantieperiode alle gebreken te verhelppen dieveroorzaakt zich door materiaal- of fabricagefouten. Slijtonderdelen vallen nicht onder de garantie.
Geringe afwijkingen van de aangestreefde hoedanigheid die Niet van betekenis zich voor de waarde en de functionaliteit van het apparatusat, vallen Niet onder de garantieplicht. Er kan evenmin garantie worden verleend wanner de gebreken aan het apparatusat voortvloeienuit transportschade die Niet door ons teverantwoorden is, uit verkeerd gebruik of
gebrekig onderhoud of wanner aan het apparaat ingrepen werden uitgevoerd door Personen die hiertoe Niet door ons werden geauthoriseerd.
De garantieprestatie vindt plaats volgens once keuze. Dit kan+zijn door reparatie, verranging van onderdelen of door verranging van het apparaat. De uitvoering van de garantieprestaties bewerkstelligt noch een verlenging noch een{nieuw begin van de garantieperiode. De garantieperiode voor ingebouwde onderdelen eindigt gewiktijdig met de garantieperiode voor het hele apparaat.
Verdergaande of andere claims in het bijzonder op verranging van schade die buiten het apparaat is ontstaan zijnuitgesloten - voor zover een aansprakelijkheid Niet dwingend wettelijk is voorgeschreven.
Transport Kosten en risico's worden Niet door ons overgenomen.
Deinzending van een apparaat zonder aantoning van de koopdatum worden als reparatiegeval behandeld. Een reparatie van het apparaat vindt pas na overleg met de klant plaats.
Voor eventuele vragen adres en articlelummer bewaren.
11.1 Servicecenter NUK
De service-adressen voor vragen over garantie of bij algemene vragen over het merk NUK vindt u in „Contact addresses NUK" op pagina 115.
11.2 Servicecenter babyfoon
Bij vragen over uw babyfoon, neemt u contact op met once experts voor babyfoon. De product-hotline vindt u onder „Product service babyphone in Europe" op pagina 116, of u neemt contact op met ons via once website www.nuk-service.com.
Artikelnummer: 10.256.438
11.3 Leverancier
Let erop dat dit adres geen service-adres is. Neem bij problemen of vragen over het product contact op met het onder 11.2 genoemde servicecenter.
MAPA GmbH
12. Conformiteitsverklaring
Het apparaat voldoet aan alle toepasbare Europese richtlijnen en de nationale omzettingen. Deze zijn zichtaar uit de EU-conformiteitsverklaring die bij de fabrikant kan worden aangevraagd.
De conformiteitsverklaring vindt u naast de gebruiksaanwijzing in de verkoopverpakking of ook onder www.nuk.de.
Indices
Bij klachten=kunt u contact opnemen met once service helpdesk:
(+)0736411355