C 9U2 - Niet gecategoriseerd HITACHI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis C 9U2 HITACHI in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Niet gecategoriseerd in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding C 9U2 - HITACHI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. C 9U2 van het merk HITACHI.
GEBRUIKSAANWIJZING C 9U2 HITACHI
ELEKTRISCH GEREEDSCHAP WAARSCHUWING Lees alle waarschuwingen en instructies aandachtig door. Nalating om de waarschuwingen en instructies op te volgen kan in een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel resulteren. Bewaar alle waarschuwingen en aanwijzingen voor eventuele naslag in de toekomst. De term “elektrisch gereedschap” heeft zowel betrekking op elektrisch gereedschap dat via de netvoeding van stroom wordt voorzien als gereedschap dat via een accu (snoerloos) van stroom wordt voorzien.
1) Veiligheid van de werkplek
a) Zorg voor een schone en goed verlichte werkplek. Een rommelige of donkere werkplek verhoogt de kans op ongelukken. b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet in een omgeving met ontplofbare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrisch gereedschap kan vonken afgeven. Deze vonkjes kunnen stofdeeltjes of gassen doen ontbranden. c) Houd kinderen en andere toeschouwers tijdens het gebruik van elektrische gereedschap uit de buurt. Afleidingen kunnen gevaarlijk zijn.
2) Elektrische veiligheid
a) De stekker op het elektrische gereedschap moet geschikt zijn voor aansluiting op de wandcontactdoos. De stekker mag op geen enkele manier gemodificeerd worden. Gebruik geen verloopstekker met geaard elektrisch gereedschap. Deugdelijke stekkers en geschikte wandcontactdozen verminderen het risico op een elektrische schok. b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken zoals leidingen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Wanneer uw lichaam in contact staat met geaarde oppervlakken loopt u een groter risico op een elektrische schok. c) Stel het elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of vochtige omstandigheden. Het risico op een elektrische schok wordt vergroot wanneer er water in het elektrisch gereedschap terechtkomt. d) Behandel het snoer voorzichtig. Draag het gereedschap nooit door dit bij het snoer vast te houden. Trek niet aan het snoer wanneer u de stekker uit het stopcontact wilt halen. Houd het snoer uit de buurt van warmtebronnen, olie, scherpe randen of bewegende onderdelen. Een beschadigd of verward snoer verhoogt het risico op een elektrische schok. e) Gebruik buitenshuis een verlengsnoer dat specifiek geschikt is voor het gebruik buiten. Het gebruik van een snoer dat specifiek geschikt is voor gebruik buitenshuis vermindert het risico op een elektrische schok. f) Als het elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving gebruikt moet worden, dient een voeding met RCD (reststroom-apparaat) beveiliging te worden gebruikt. Gebruik van een RCD vermindert de kans op een elektrische schok.
3) Persoonlijke veiligheid
a) Blijf waakzaam, let voortdurend op uw werk en gebruik uw gezond verstand wanneer u elektrisch gereedschap gebruikt. Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Eén moment van onoplettendheid kan in ernstig lichamelijk letsel resulteren. b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd oogbescherming. Beschermingsmiddelen zoals stofmaskers, niet-glijdende veiligheidsschoenen, een helm of oorbescherming vermindert het risico op lichamelijk letsel. c) Voorkom dat het gereedschap per ongeluk kan starten. Controleer of de schakelaar in de uit- stand staat voordat u de voeding en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of gaat dragen. Zorg ervoor dat u tijdens het verplaatsen van het elektrisch gereedschap uw vingers uit de buurt van de schakelaar houdt en sluit de stroombron niet aan terwijl de schakelaar op aan staat om ongelukken te vermijden. d) Verwijder sleutels en moersleutels uit het gereedschap voordat u het elektrisch gereedschap aanzet. Een (moer-)sleutel die op een bewegend onderdeel van het elektrisch gereedschap bevestigd is kan in lichamelijk letsel resulteren. e) Reik niet te ver. Zorg ervoor dat u te allen tijde stevig staat en uw evenwicht behoudt. Op deze manier heeft u tijdens een onverwachte situatie meer controle over het elektrisch gereedschap. f) Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd uw haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden en lang haar kunnen in de bewegende onderdelen verstrikt raken. g) Indien het elektrisch gereedschap van een aansluiting voor stofafzuiging is voorzien dan dient u ervoor te zorgen dat de stofafzuiging aangesloten en op de juiste manier gebruikt wordt. Het gebruik van stofafzuiging vermindert eventuele stofgerelateerde risico’s.
4) Bediening en onderhoud van elektrisch gereedschap
a) Het elektrisch gereedschap mag niet geforceerd worden. Gebruik het juiste gereedschap voor het karwei. U kunt de klus beter en veiliger uitvoeren wanneer u het juiste elektrische gereedschap gebruikt. b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet als de schakelaar niet goed werkt. Elektrisch gereedschap dat niet via de schakelaar bediend kan worden is gevaarlijk en moet onmiddellijk gerepareerd worden. c) Haal de stekker uit het stopcontact voordat u de voeding en/of de accu van het elektrisch gereedschap losmaakt, afstellingen verricht, accessoires verwisselt of voordat u het elektrisch gereedschap opbergt. Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongeluk opstart. d) Berg elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen op en sta niet toe dat personen die niet bekend zijn met het juiste gebruik van het gereedschap of deze voorschriften dit elektrisch gereedschap gebruiken. Eletrisch gereedschap is gevaarlijk in onbevoegde handen. 05Ned_C9U2_WE 11/19/08, 16:403031 Nederlands e) Het elektrisch gereedschap moet regelmatig onderhouden worden. Controleer het gereedschap op een foutieve uitlijning, vastgelopen of defecte bewegende onderdelen en andere problemen die van invloed zijn op de juiste werking van het gereedschap. Indien het gereedschap defect of beschadigd is moet het gerepareerd worden voordat u het gereedschap opnieuw gebruikt. Slecht onderhouden elektrisch gereedschap is verantwoordelijk voor een groot aantal doe-het-zelf ongelukken. f) Houd snijwerktuigen scherp en schoon. Goed onderhouden snijwerktuigen met scherpe snijranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker in het gebruik. g) Elektrisch gereedschap, toebehoren, bits enz. moeten in overeenstemming met deze instructies worden gebruikt waarbij de werkomstandigheden en het werk in overweging moeten worden genomen. Gebruik van het elektrisch gereedschap voor andere doeleinden dan waarvoor het is bedoelt, kan resulteren in een gevaarlijke situatie.
a) Het gereedschap mag uitsluitend door bevoegd onderhoudspersoneel worden onderhouden die authentieke onderdelen gebruikt. Hierdoor kunt u erop aan dat de veiligheid van het elektrisch gereedschap behouden blijft. VOORZORGMAATREGELEN Houd kinderen en kwetsbare personen op een afstand. Het gereedschap moet na gebruik buiten het bereik van kinderen en andere kwetsbare personen worden opgeborgen.
VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR ALLE ZAGEN
WAARSCHUWING! a) Kom niet met uw handen in de buurt van het zaaggebied en het zaagblad. Houd met de andere hand de extra hendel of motorkap vast. Als u de zaag met beide handen vasthoudt, kunt u zich niet snijden aan het blad. b) Reik niet onder het te zagen werkstuk. De beveiliging biedt geen bescherming voor onder het werkstuk. c) Stel de zaagdiepte in op de dikte van het werkstuk. Onder het te zagen werkstuk mag slechts een volle tand van het zaagblad zichtbaar zijn. d) Houd het te zagen werkstuk nooit met uw handen of tussen uw benen vast. Zorg ervoor dat het te zagen werkstuk op een stabiel platform ligt. Het is belangrijk dat het werkstuk goed wordt ondersteund zodat uw lichaam zo min mogelijk wordt blootgesteld aan gevaar, het blad vastloopt of u de controle verliest. e) Houd het apparaat vast aan de geïsoleerde grepen als u handelingen uitvoert waarbij de zaag mogelijk contact maakt met bedrading of de eigen stroomkabel. Als u contact maakt met een kabel die onder spanning staat, zullen de blootgestelde metalen delen van de zaag onder spanning komen te staan en een shock veroorzaken. f) Bij het schulpen dient u altijd gebruik te maken van een langsgeleider of zaagtandrichtliniaal. Dit verbetert de nauwkeurigheid van de snee en verlaagt de kans op een vastgelopen zaagblad. g) Gebruik altijd bladen van de juiste grootte en vorm (diamant versus rond) van opspandoorngaten. Bladen die niet geschikt zijn voor de hardware van de zaag zullen excentrisch draaien en zo verliest u controle over het apparaat. h) Gebruik nooit beschadigde of onjuiste bouten of moeren voor het blad. De bouten en moeren zijn speciaal ontworpen voor deze zaag, zodat deze optimaal presteert en veilig kan worden gebruikt.
OVERIGE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR
ALLE ZAGEN Oorzaken en voorkoming van terugslag: – terugslag is een plotselinge reactie als het zaagblad klemt, vastloopt of niet goed is uitgelijnd. Hierdoor schiet de zaag omhoog uit het werkstuk en richting de bediener; – als het blad klemt of sterk vastloopt omdat de zaagsnede te smal wordt, stopt het blad en als gevolg van de motorreactie schiet het apparaat snel terug richting de bediener; – als het blad knikt of niet goed is uitgelijnd, zullen de tanden aan de achterzijde van het blad in het bovenste oppervlak van het hout zagen zodat het blad uit de zaagsnede komt en terug kan schieten naar de bediener. Terugslag is het gevolg van verkeerd gebruik en/of onjuiste bediening of omstandigheden. Dit kan worden voorkomen door de juiste voorzorgsmaatregelen te nemen, zoals hieronder vermeld. a) Zorg dat u de zaag met beide handen goed vasthoudt en plaats uw armen zodanig dat u de kracht van de terugslag kunt weerstaan. Ga met uw lichaam aan een van de beide zijden van het blad staan, maar niet op een lijn met het blad. Terugslag kan ervoor zorgen dat de zaag terugschiet, maar de kracht ervan kan worden weerstaan door de bediener, indien deze de juiste voorzorgsmaatregelen heeft getroffen. b) Als het blad vastloopt, of als de snee om welke reden dan ook wordt onderbroken, laat dan de trekker los en houd de zaag bewegingsloos in het materiaal totdat het blad volledig stilstaat. Probeer nooit de zaag uit het werkstuk te halen of terug te trekken terwijl het blad nog beweegt; dit kan terugslag veroorzaken. Onderzoek en corrigeer zaken ter voorkoming van het vastlopen van het blad. c) Als u de zaag opnieuw aanzet in het werkstuk, centreer het zaagblad dan in de zaagsnede en controleer of de zaagtanden niet vastzitten in het materiaal. Als het zaagblad vastloopt, kan deze omhoog gaan of een terugslag geven zodra de zaag opnieuw wordt gestart. 05Ned_C9U2_WE 11/19/08, 16:403132 Nederlands d) Ondersteun grote panelen om zo het risico op het klemmen van het blad en terugslag te voorkomen. Grote panelen kunnen onder hun gewicht doorzakken. Ondersteuning dient te worden geplaatst aan beide zijden onder het paneel, nabij de zaagsnede en de rand van het paneel. e) Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbladen. Niet scherpe of onjuist ingestelde bladen produceren een smalle zaagsnede en dit zorgt voor extra frictie, het vastlopen van het blad en terugslag. f) Bladdiepte en de sluithefbomen van de instellingen van de afschuining moeten goed zijn vergrendeld voordat u kunt gaan zagen. Als het aanpassen van het zaagblad verschuift tijdens het zagen, kan deze vastlopen en terugslag veroorzaken. g) Wees extra zorgvuldig als u rechtstreeks in een bestaande wand zaagt of andere blinde gebieden. Het uitstekende blad zaagt mogelijk in voorwerpen die een terugslag veroorzaken.
a) Controleer voor ieder gebruik of de onderste beveiliging op juiste manier is vergrendeld. Gebruik de zaag niet als de onderste bescherming niet vrij beweegt en onmiddellijk sluit. Klem of bindt de onderste bescherming nooit vast naar de open positie. Als de zaag onopzettelijk valt, kan de onderste bescherming verbuigen. Trek de onderste bescherming omhoog met de terugtrekhendel en zorg ervoor dat deze vrij kan bewegen en het blad of welk ander deel niet raakt, in alle hoeken of snijdiepte. b) Controleer de werking van de veer van de onderste bescherming. Als de bescherming en de veer niet goed functioneren, dienen deze eerst te worden gerepareerd. De onderste bescherming werkt niet goed als gevolg van beschadigde onderdelen, gomachtige aanslag of vuilklonters. c) De onderste bescherming dient alleen handmatig te worden teruggetrokken bij speciale sneden zoals rechtstreeks in een oppervlak en samengestelde sneden. Trek de onderste bescherming omhoog met behulp van de terugtrekhendel en zodra het blad in het materiaal gaat, dient u de onderste bescherming los te laten. Bij alle andere zaagbewerkingen, werkt de onderste bescherming automatisch. d) Let erop dat de onderste bescherming altijd over het blad zit voordat de zaag op een werkbank of de grond wordt gezet. Bij een onbeschermd blad waarbij de motor niet actief is, gaat de zaag terug en snijdt deze in alles wat in de weg zit. Wees u bewust van de tijd die nodig is voordat het blad stopt nadat u de motor hebt gestopt. AANVULLENDE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
VOOR ALLE ZAGEN MET SPLIJTWIG
a) Zorg dat u, afhankelijk van het type zaagblad, het juiste type splijtwig gebruikt. Om goed te kunnen functioneren dient de splijtwig dikker dan het zaagblad zelf, maar dunner dan de tanden van het zaagblad te zijn. b) Stel de splijtwig in zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing. Door de splijtwig verkeerd te positioneren en uit te lijnen kan eventuele terugslag onvoldoende worden voorkomen. c) Gebruik altijd de splijtwig, behalve bij neergaand zagen. De splijtwig dient na het neergaand zagen teruggeplaatst te worden. De splijtwig kan hinderend werken bij neergaand zagen en mogelijk voor terugslag zorgen. d) De splijtwig dient aan het werkstuk te worden vastgemaakt om goed te kunnen werken. De splijtwig kan terugslag moeilijk voorkomen tijdens het zagen van korte stukken. e) Gebruik de zaag niet wanneer de splijtwig krom is. Zelfs een kleine afwijking kan ervoor zorgen dat beschermkap langzamer sluit. VOORZORGSMAATREGELEN BETREFFENDE
HET GEBRUIK VAN DE CIRKELZAAGMACHINE
1. Gebruik geen zaagbladen die vervormd of verbogen
zijn, of waarin barsten en/of scheurtjes zitten.
2. Gebruik geen HSS-zaagbladen (verhard staal).
3. Gebruik geen zaagbladen waarvan de
eigenschappen niet overeenkomen met die omschreven in deze instrukties.
4. Zorg dat, tijdens het zagen, het zaagblad niet tot
stilstand komt door teveel zijwaartse druk.
5. Zorg ervoor dat het zaagblad steeds scherp is.
6. Controleer dat de beschermkap aan de onderkant
soepeltjes en vrij kan bewegen.
7. Gebruik de cirkelzaag nooit wanneer de
beschermkap aan de onderkant in open positie vergrendelt is.
8. Controleer of het terugspring-mechanisme van de
veiligheidskap naar behoren funktioneert.
9. Het zaagblad zelf moet dunner zijn dan de splijtwig;
maar de breedte van de insnijding, d.w.z. de opening gemaakt door de zaagtanden, moet groter zijn dan de dikte van de splijtwig.
10. De cirkelzaag nooit inzetten met schuinstaand of
zijdelings staand zaagblad.
11. Let er steeds op, dat het werkstuk geen vreemde
voorwerpen, zoals b.v. spijkers, bevat.
12. Gewoonlijk dient altijd de splijtwig gebruikt te
worden, behalve wanneer u begint te zagen in het midden van het werkstuk.
13. De zaagbladen van modellen C9U2 en C9BU2 zijn
14. Wees bij model C9BU2 voorzichtig voor terugslag
van de rem. Het model C9BU2 heeft een elektrische rem die functioneert wanneer de schakelaar wordt losgelaten. 05Ned_C9U2_WE 11/19/08, 16:403233 Nederlands TECHNISCHE GEGEVENS *Kontroleer het naamplaatje op het apparaat daar het apparaat afhankelijk van het gebied waar het verkocht wordt gewijzigd kan worden. Model C9U2 C9BU2 Voltage (verschillend van gebied tot gebied)* (110V, 230V) Zaagdiepte 90° 86 mm 45° 65 mm Opgenomen vermogen
- Gewicht (zonder kabel) 6,8 kg STANDAARD TOEBEHOREN (1) Zaagblad (Diam. 235 mm) (bevestigd aan het gereedschap) p. 1
- (2) Steeksleutel p. 1
- (3) Parallelgeleider p. 1
- (4) Vleugelmoer p. 1
- (5) Hefboom (korte type) p. 1
- (6) Stofverzamelaar De standaard toebehoren kunnen zonder aankondiging op ieder moment worden veranderd. EXTRA TOEBEHOREN (los te verkrijgen) (1) Onderlegschijf (A) voor 16 mm (Diameter van gat van zaagblad) voor 30 mm (Diameter van gat van zaagblad) (2) Geleiderail adapter (zie Afb. 14) De extra toebehoren kunnen zonder aankondiging op ieder moment worden veranderd. TOEPASSINGEN Het zagen van verschillende houtsoorten. p. 1
Controleren of de netspanning overeenkomt met de opgave op het naamplaatje.
Controleren of de netschakelaar op “UIT” staat. Wanneer de stekker op het net aangesloten is, terwijl de schakelaar op “AAN” staat, begint het gereedschap onmiddellijk te draaien, hetwelk ernstig gevaar betekent.
Wanneer het werkterrein niet in de buurt van een stopcontact ligt, dan moet men gebruik maken van een verlengsnoer, dat voldoende dwarsprofiel en voldoende nominaal vermogen heeft. Het verlengsnoer moet zo kort mogelijk gehouden worden.
4. Het in gereedheid brengen van een houten werkbank
(Afb.1) Aangezien het zaagblad boven de onderkant van het zaaghout uitsteekt, legt men bij het zagen het zaaghout op een werkbank. Wanneer men van een houtblok als onderstel gebruik maakt, moet men daarvoor een vlakke ondergrond uitkiezen, zodat het ook werkelijk stabiel is. Een onstabiele ondergrond is gevaarlijk.
5. Als u de handgreep gebruikt (Afb.2)
Als u de handgreep gebruikt, maak deze dan stevig aan het platform vast met twee platkopschroeven (M6 × 16). LET OP Om eventuele ongelukken te vermijden, moet men er steeds op letten, dat het na eht zagen overgebleven gedeelte van het gezaagde hout goed vastligt of op de plaats gehouden wordt.
1. Instellen van de zaagdiepte
Draai de knop met uw hand los en houd met de andere hand de handgreep vast zoals aangegeven in Afb. 3. De zaagdiepte kan nu ingesteld worden door de basisplaat in de gewenste stand te zetten. Als u de juiste zaagdiepte heeft ingesteld, kunt u de knop weer vastdraaien. Draai de knop vervolgens stevig vast.
2. Het instellen van de splijtwig
Draai de imbusbout waarmee de splijtwig wordt vastgeklemd los en stel de splijtwig zo af dat de afstand tussen de rand van het zaagblad en de Er zal wat terugslag zijn wanneer de rem in werking is; houd de cirkelzaag daarom goed vast.
15. Er kunnen soms vonken ontstaan bij het afremmen
van de zaag wanneer deze wordt uitgeschakeld, omdat het C9BU2 model gebruik maakt van elektrische remmen. Houd echter in gedachten dat dit niet wijst op een storing aan de machine.
16. Bij model C9BU2: vervang de koolstofborstels door
nieuwe indien de rem niet meer effectief werkt.
17. Haal de stekker uit het stopcontact voor u iets gaat
instellen, vervangen of onderhoud gaat plegen. 05Ned_C9U2_WE 11/19/08, 16:403334 Nederlands splijtwig niet meer dan 3 mm is en dat de rand van het zaagblad niet verder dan 3 mm uitsteekt voorbij de laagste rand van de splijtwig (Afb. 4). Draai de bout vervolgens weer stevig vast.
3. Instellen van de hoek voor verstekzagen
Op Afb. 5 (A) en 5 (B) is te zien hoe u het zaagblad ten opzichte van de basisplaat maximaal 45° kunt verdraaien door de vleugelmoer op de schuine plaat en de vleugelbout aan de basis los te draaien. Na het maken van de instellingen dient u te controleren of de vleugelmoer en de vleugelbout stevig vast zijn gedraaid.
4. Het instellen van de parallelgeleider (Afb. 6)
De zaagstand kan door het verstellen van de parallelgeleider naar rechts of links na het los draaien van de vleugelmoer verzet worden. De parallelgeleider kan aan de rechter of aan de linkerkant van het gereedschap zijn aangebracht.
5. Instellen van de geleider
Met de cirkelzaag kunt u de positie van de geleider waar het zaagblad en de voorgemarkeerde streep in lijn moeten zijn nauwkeurig afstellen. Bij het verlaten van de fabriek is het lineaire gedeelte van de schaal van de geleider in lijn met de centrale positie van het zaagblad gebracht (Afb. 7). Draai de M4-bevestigingsschroef van de geleider los indien u de positie wilt veranderen. Stel de positie als gewenst in.
6. Het gebruik van de stofverzamelaar
Bevestig de afzuigslang aan de stofverzamelaar (die met M4- en M5-schroeven aan het apparaat is vastgemaakt) om het zaagsel met behulp van de stofzuiger op te zuigen. Zorg dat u bij het aanbrengen van de stofverzamelaar altijd het korte type hefboom gebruikt (Afb. 13). WAARSCHUWING Het gebruik van de hefboom die bij levering aan het apparaat is bevestigd, zal leiden tot verbinding van de hefboom met de stofverzamelaar en hindert de werking van de beschermkap aan de onderkant. ZAGEN
1. Plaats de basis op het materiaal en breng de
voorgemarkeerde streep en het zaagblad in lijn met het geleiderstuk voorschaal gedeelte aan de voorkant van de basis (Afb. 7). Indien de basis niet schuin is, moet u het grote gedeelte als geleiderstuk gebruiken (Afb. 7, Afb. 8 (A)). Indien de basis schuin is (45 graden), gebruik dan de kleine voorschaal als geleiderstuk (Afb. 7, Afb. 8 (B)).
2. Er moet op gelet worden, dat de schakelaar op
AAN” staat, voordat het zaagblad met het zaaghout in aanraking komt. De schakelaar wordt ingeschakeld, wanneer de knop ingedrukt wordt en uitgeschakeld, wanneer de knop losgelaten wordt.
3. Wanneer de zaag met gelijkmatige snelheid in rechte
lijn bewogen wordt, dan is het resultaat optimaal. LET OP Voordat u met zagen begint dient u de eigenschappen van het materiaal vast te stellen. Als er een kans bestaat dat het betreffende materiaal schadelijke/giftige stoffen afgeeft, zorg er dan voor dat u de stofzak of een geschikt stofafzuigsysteem op de zaag aansluit. Draag, zo nodig, een stofmasker. De onderkanten van type C9BU2 hebben een beschermende laag PFTE. Zorg dat u niet te hard op het apparaat duwt omdat dit de motor zwaar kan belasten. Met subtiele druk zal het werkstuk makkelijker glijden en kan er met minder kracht worden gezaagd. Wees voorzichtig bij het zagen van hout dat is bedekt met zand of metalen schilfers omdat dit de beschermlaag aan kan tasten. 䡬 Voordat men begint te zagen, moet het zaagblad de volle draaisnelheid bereikt hebben. 䡬 Blijft het zaagblad hangen of het maakt een ongewoon geluid, dan moet de schakelaar onmiddellijk uitgeschakeld worden. 䡬 Het snoer mag nooit in de buurt van het draaiende zaagblad komen. 䡬 Het is zeer gevaarlijk om de cirkelzaag zodanig vast te houden dat het zaagblad naar boven of naar de zijkant wijst. Dit soort gevaarlijke handelingen moeten vermeden worden. 䡬 Draai tijdens zaagwerkzaamheden altijd oogbescherming. 䡬 Wanneer u klaar bent met het werk moet u het stekkertje uit de zaag trekken.
HET AANBRENGEN EN VERWIJDEREN VAN
HET ZAAGBLAD LET OP Als preventieve maatregel tegen ongelukken moet er op gelet worden, dat de schakelaar op
UIT” staat en de stekker uit het stopcontact is.
1. Verwijderen van het zaagblad
(1) Stel, met de basisplaat, de zaag in op zijn maximale zaagdiepte en houd de zaag zoals aangegeven in Afb. 9. (2) Druk de borghendel in, vergrendel de as en draai de moer met de zeskantige kop los met de bijgeleverde steeksleutel. (3) Door de hendel van het beschermdeksel vast te houden terwijl het beschermdeksel geheel in de zaagbeveiliging is geklapt, kunt u het zaagblad eruit nemen.
2. Monteren van het zaagblad
(1) Verwijder het stof dat zich aan de as en onderlegschijven opgehoopt heeft. (2) Zoals getoond in Afb. 10 moet de kant van de onderlegschijf (A) met een naar voren staand middenstuk met dezelfde diameter als de binnendiameter van het zaagblad en de holle kant van de onderlegschijf (B) aan beide kanten van het zaagblad aangebracht worden.
- Sluitring (A) is voor 2 typen zaagbladen die een gat met een diameter van 16 mm en 30 mm hebben bijgeleverd. (Bij aankoop van de cirkelzaagmachine is slechts één sluitring (A) bijgeleverd.) Raadpleeg de plaats waar u de cirkelzaagmachine heeft gekocht indien het gat van het zaagblad een afwijkende diameter heeft en sluitring (A) niet geschikt is. (3) Monteer het zaagblad zodaning dat de pijl op het zaagblad in dezelfde richting wijst als de pijl op de zaagbeveiliging. (4) Draai de moer met de zeskantige kop waarmee het zaagblad vastgeklemd zit met de hand vast. Druk de borghendel in, vergrendel de as en zet de moer goed vast. 05Ned_C9U2_WE 11/19/08, 16:403435 Nederlands LET OP Na het monteren van het zaagblaad dient u nogmaals te controleren of de borghendel stevig is vastgezet in de voorgeschreven stand.
ONDERHOUD EN INSPECTIE
1. Inspectie van het zaagblad
Aangezien het perstatievermogen verminderd wordt door een bot zaagblad en hierdoor een mogelijke weigering van de motor veroorzaakt kan worden, moet een bot zaagblad meteen vervangen worden zodra de slijtage vastgesteld wordt.
2. Inspectie van de bevestigingsschroef
Alle bevestigingsschroeven worden regelmatig geinspecteerd en gecontroleerd of zij juist aangedraaid zijn. Wanneer één van de schroeven losraakt, dan moet deze onmiddellijk opnieuw aangedraaid worden. Gebeurt dat niet, dan kan dat tot aanzienlijke gevaren leiden.
3. Inspectie van de koolborstels (Afb. 11)
Bij de motor zijn koolborstels gebruikt, die onderhevig zijn aan slijtage. Buitengewoon versleten koolborstels leiden tot problemen bij de motor. Dientengevolge dienen de koolborstels vervangen te worden met borstels die hetzelfde nummer hebben als de afbeelding aantoont, wanneer de koolborstel versleten, of bijna versleten is. Bovendien moeten de koolborstels altijd schoon zijn en zich in vrij de borstelhouders bewegen kunnen. LET OP 䡬 Voor het vervangen van de koolborstels moet u altijd originele Hitachi koolborstels nummer (56) zoals in de afbeelding aangegeven gebruiken. 䡬 Bij de model C9BU2 werkt de rem mogelijk niet wanneer u niet-gespecificeerde koolborstels gebruikt. Vervang de koolstofborstels door nieuwe indien de rem niet meer effectief werkt.
4. Het wisselen van de koolborstel
Men demonteert de borsteldeksel met een steeksleutel. Men kan de koolborstel dan gemakkelijk verwijderen.
5. Onderhoud van de motor
De motorwikkeling is het
hert” van het electrishce gereedschap. Er moet daarom bijzonder zorgvuldig op gelet worden, dat de wikkeling niet beschadigd en/of met olie of water bevochtigd wordt.
6. Afstellen van de hoek tussen basisplaat en zaagblad:
Bij het verlaten van de fabriek is deze hoek optimaal afgesteld op 90°. Ga op de volgende wijze te werk als deze hoek opnieuw dient te worden afgesteld: (1) Draai de machine zodat de basisplaat naar boven is gericht (Afb. 12) en draai de vleugelmoer en vleugelbout los (Afb. 5 (A), Afb. 5 (B)). (2) Druk een winkelhaak tegen de basisplaat en het zaagblad en verdraai de koploze schroef met een schroevedraaier voor het verschuiven van de basisplaat. Stel zodanig af dat de basisplaat en het zaagblad recht op elkaar staan.
7. Lijst vervangingsonderdelen
A:Ond. nr. B:Code nr. C:Gebr. nr. D:Opm. LET OP Reparatie, modificatie en inspectie van Hitachi elektrisch gereedschap dient te worden uitgevoerd door een erkend Hitachi Service-centrum. Deze Onderdelenlijst komt van pas wanneer u deze samen met het gereedschap aanbiedt bij het erkende Hitachi Service-centrum wanneer u om reparatie of ander onderhoud verzoekt. Bij gebruik en onderhoud van elektrisch gereedschap dienen de in het land waar u zich bevindt geldende veiligheidsregelgeving en veiligheidsstandaarden stipt te worden opgevolgd. MODIFICATIES Hitachi elektrisch gereedschap wordt voortdurend verbeterd en gewijzigd teneinde gebruik te kunnen maken van de nieuwste technische ontwikkelingen. Daarom is mogelijk dat sommige onderdelen (zoals codenummers en/of ontwerp) zonder voorafgaande kennisgeving gewijzigd worden. GARANTIE De garantie op het elektrisch gereedschap van Hitachi is in overeenstemming met de wettelijke/landspecifieke richtlijnen. Deze garantie dekt geen defecten of schade als gevolg van foutief gebruik, misbruik of normale slijtage. In geval van klachten verzoeken wij u het elektrisch gereedschap samen met het GARANTIECERTIFICAAT dat u achterin deze handleiding aantreft naar een erkend servicecentrum van Hitachi te sturen. Indien door de gebruiker de machine wordt gedemonteerd vervalt de aanspraak op garantie. AANTEKENING Op grond van het voortdurende research-en ontwikkelingsprogramma van HITACHI zijn veranderingen van de hierin genoemde technische opgaven voorbehouden. Informatie betreffende luchtgeluid en trillingen De gemeten waarden zijn verkregen overeenkomstig EN60745 en voldoen aan de eisen van ISO 4871. Gemeten (A-weighted) geluidsniveau: 110 dB(A) Gemeten (A-weighted) geluidsdrukniveau: 99 dB(A) Onzekerheid KpA: 3 dB(A) Draag gehoorbescherming. Typische gewogen effektieve versnellingswaarde: 2,5 m/s
Notice-Facile