TAD2235E - Airconditioning Toyotomi - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TAD2235E Toyotomi in PDF-formaat.
| Technische specificaties | Mobiele airconditioner Toyotomi TAD2235E, vermogen van 2200W, koelcapaciteit van 8000 BTU/u, energieklasse A. |
|---|---|
| Bedieningsmodi | Koeling, ontvochtiging, ventilatie. |
| Afmetingen en gewicht | Afmetingen: 30 x 30 x 70 cm, gewicht: 25 kg. |
| Gebruik | Ideaal voor kamers tot 30 m b2, gemakkelijk te verplaatsen dankzij de wieltjes. |
| Onderhoud | Filters regelmatig schoonmaken, waterreservoir legen als het apparaat in ontvochtigingsmodus wordt gebruikt. |
| Veiligheid | Bescherming tegen oververhitting, automatische uitschakeling bij vol reservoir. |
| Algemene informatie | 2 jaar garantie, geluidsniveau van 65 dB, afstandsbediening inbegrepen. |
Veelgestelde vragen - TAD2235E Toyotomi
Gebruikersvragen over TAD2235E Toyotomi
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TAD2235E - Toyotomi en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TAD2235E van het merk Toyotomi.
GEBRUIKSAANWIJZING TAD2235E Toyotomi
Het apparatus is gemuld met brand- baar gas R290.

Lees voor ingebruikneming van het apparaat de gebruiksaanwijzing.

Lees voor installmentie van het apparaat de installmentehandleiding.

Lees voor reparatie van het apparaat de servicehandleiding.
VEILIGHEIDSTIPS BELANGRIJK
- Neem vór ingebruikneming de gebruiks-aanwijizing zorgvuldig door.
- Het apparaat dient gebruikt te worden bij een kamertemperatuur:tussen 16^ en 35^. Er kan zich ijs op de spoelen gaan vormen als de temperatuur beneden 16^ is.De compressor schakelt automatisch ter bescherminguit als de kamertemperatuur boven 35^ komt.
Wacht ALTIJD 3 minuten voordat u het apparaat opnieuw aanzet.
WAARSCHUWING
- Stel kinderen, gehandicapten of ouderen NOOIT direct bloot aan de luchtstroom. Pas de richting van de luchtstroom aan.
- Houd kinderen uit de buurt van het apparaat. Vooral kinderen lopen risico. De ventilator aan de binnenkant draait op hoge snelheid. Het bedekken van de ventilator kan de prestaties van de airconditioner beinvloeden of de airconditioner doen uityallen.
- Steek NOOIT voorwerpen in de luchtafvoer of luchtinlaat.
Haal de stekker NIET uit het stopcontact als uw handen nat+zijn. U kunt onder stroom komen te staan. - NIET gebruiken in een vochtige omgeving.
- Aansluiting dient te geschieden conform de geldende regelgeving voor stroomaansluitingen.
- ALTIJD aansluiten op een monofasig stopcontact van 220~240V, 50 Hz.
- Zorg ervoor dat de stekker goed in het stopcontact past.
- Zorg ervoor dat stroomkabels NIET onder
tapijten, kleedjes of matjes lopen.
- Kort de kabel NIET in en breng GEEN wijzigingen aan.
- Voer GEEN overdreven drukuit op de kabel.
- Zorg ervoor dat de stekker stofvrij is.
- Gebruik GEEN verlengkabel.
Schakel het apparaat NIET aan of UIT door de stekker in het stopcontact teplaatsen of er uit te halen. U kunt onder stroom ko men te staan of er kan brand uitbreken. - Als de stroomkabel van het apparaat beschadigd is, moet het door de fabrikant, servicedienst of dealer worden verrangen om gevaarlijke situates te voorkomen.
- Schäkel het apparaat uit en koppel het los als er kans is op bliksem. Raak de ontvochtiger, condensator en de pijpen NIET aan.
- Gebruik het apparaat NIET zonder filter.
- Dit apparaat kan worden gezbruikt door kinderen vanaf 8aar en door personen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijkke vermogens of door personen die ervaring of kennis waaroor ontberen, mits zij onder toezicht staan of aanwijzingen hebben gekregen hoe zij het toestel要去en gezruiken en als zij hebben begrepen wat de waaruit voortkomende gezaren konnen zijn.
- Kinderen mogen nicht met het apparaat spelen.
- Reiniging of onderhoud door kinderen dient onder toezicht te gebeuren.
- Het gebruik van het apparaat in de bad kamer of wasruimte is verboden.
- Het spul NIET in het luchtkanaal drogen. Als er spul in het luchtkanaalterecht komen, neem dan contact op met eenvakman om dit verder af te handelen.
WAARSCHUWING
- Plaats het apparaat op een afstand van meer dan 30~cm van de muur en andere objecten. (Afb. G)
-
Als het apparaat worden gebruikt om een omgeving met een zeer hoge vochtigheidsgraad te koelen dan kan het voorkomen dat de bovenplaat en dechterplaatlicht vochtig worden. Veeg deze nattigheid van het apparaat voordat de vloer of het tapijt nat worden.
-
Verwijder het afvoerwater voordat u het apparaat verplaatst.
- Voorkom roestvorming en gebruik het apparaat NIET in een vochtige, ziltige omgeving.
- Gebruik het apparaat NIET in direct zonlicht.
- Gebruik het apparaat NIET voor specifieke doeleinden zoals het conserveren van levensmiddelen, planten, precisieapparatuur, kunst en medicijnen.
- Plaats dieren, planten, verbrandingsapparatuur NIET in de directe luchtstroom van het apparaat.
- Beweeg de objecten NIET over het apparaat enplaats de objecten NIET op het apparaat.
- Leg het apparaat NIET op+zijn kant en houd het NIET ondersteboven.
Het Koudemiddel
-
Voor het functioneren van de airconditioner, circuleert er een speciaal koudemiddel in het systeme. Het gebruike koudemiddel is het speciaal gereinigde fluoride R290. Het koudemiddel is ontvlambaar en reukloos. Voorts kan dit onder bepaalde omstandigheden leiden tot explosies.
-
Verteileken met gewone koudemiddelen is R290 een Niet-verontreinigend koudemiddel zonder schade voor de ozonlaag. De invloed op het broeikaseffect is ook lager, R290 beschikt over uitstekende thermo-dynamische kenmerken die toe een zeer hoge energia-efficientie leiden. De apparaten hoeven.daarom minder te worden gezuld.
-
Verwijs waar het typeplaatje voor de vuh hoeveelheid van de R290.
WAARSCHUWING
- Het apparatus is gemuld met ontvlambaar gas R290.
- Het apparaat moet worden geinstalleerd, bediend en opgeslagen in een ruimte met een oppervakte groter dan 11m^2 (voor TAD-2220E, 2226E) of van 15m^2 (voor TAD-2229E, 2235E).
- Het apparaat moet worden opgeslagen in een ruimte zonder continu werkende ontstekingsbronnen. (bijvoorbeeld: open vuur, een werkend gastroestel of een
werkende elektrische verwarming.)
- Het apparaat要去 worden opgeslaugen in een goed geventileerde ruimte waar de grootte van de ruimte overeenkomt met de voor de werkig aangegeven ruimte.
- Het apparaat moet zodanig worden op geslagen zodate er geen mechanische schade kan optreden.
- In de op een apparaat aangesloten leidingen mag zich geen ontstekingsbron bevinden.
- Houd alle benodigde ventilatieopeningen vrij van obstakels.
- NIET doorboren of verbranden.
- Houd er rekening mee dat koudemidde len geen een geur bevatten.
- Gebruik geen middelen om devriesproces of om te reinigen, anders dan de door de fabrikant aanbevolen.
- Het onderhoud mag uitsluitend worden uitgevoerd zoals aanbevolen door de fabrikant.
- Indien een reparatie vereist is, naam dan contact op met het dichtstbijzijnde servicecentrum. Eventuele reparations uitgevoerd door ongekwalificeerd personeel konnen gevaarlijk zijn.
- Naleving van de nationale gasverorde. ning moet in acheit worden genomen.
- Lees de speciale handleiding (zie sunt 13).





Dit symbol geeft aan dat dit product in de EU Niet bij het gewone huisvuil mag worden afgevoerd. Om möglichke schade aan het milieu of de volks gezondheid door on
gecontroleerde afvalverwijdering te voorkomen, dient dit product op verantwoorde wijze te worden gerecycled om duurzaam hergebruik van grondstoffen te bevorderen. Voor het inleveren van uw gebruekte apparaat kutu gebruik maken van het inleveren inzamelsystemeom contact opnemen met de winkel waar het product gekocht is. Deze winkel kan dit product op milieuveilige wijze afvoeren voor recycling.
R290:3
OVERZICT
Het doel van het apparaat is het verspreiden van gelokaliseerde toevoer van koele lust. Het apparaat za lzwel op de werkplek of als u in uw luie stoel zit een groe bijdrage leveren aan uw persoonlijk comfort.
Het apparaat is dankzij vier (4) zwenkwielen eenvoudig van kamer waar kamer te verplaatsen. De lustcht worden zowel gekoeld als gedroogd en zorgt voor een comfortabel gevoel, ook als het buiten vochtig of regenachtig is. Meubels en stoffen blijven in goede conditie als u het apparaat als ontvochtinger gebruikt.
Conventionele airconditioners verbruiken veel energia om een kamer inclusief muren en meubilair te koelen. Dit apparaat zorgt alleen waar waar het nodig is voor koele en droge lucht. Er worden geen energia verspild aan het koelen van de omgeving.
De bediening is eenvoudig. De ingebouwde timer kan ingesteld worden met een werkelijk van 0.5 tot 24 uur en het apparaat worden automatisch aan- en uitgeschakeld.
Dit is vooral handig als het bedtijd is. De slaapfunctie is handig voor het slapengaan. Door de ingestelde temperatuur langzaam te verhogen, kutu comfortabeler slapen.
Ontluchting is nicht vereist. Als het apparaatECHTER uitsluitend is bedoeld voor gebruik in een ruimte dan kan de koeling worden versterkt door de ontluchtingsset te gebruiken die wordt meegeleverd bij het apparaat.
FUNCTIES
1. WERKINGSPRINCIPLE VOOR KOELING / WERKINGSPRINCIPLE VOOR VERWARMING (voor TAD-2235E):
Normaalgesproken worden koele lucht / warme lucht (voor TAD-2235E) door de circulatieventilator via de lamellen aan de voorzijde maar buiten geblazen..
2.AUTOMATISCHE WERKING:
De gewenste functie blijft in het geheugen opgeslagen zolang het apparaat is aangesloten op het stopcontact. Bij stroomuitval dient de gewenste functie opnieuw te worden ingesteld zo-dra de storing is verholpen.
3. THERMOSTAAT:
De compressor schakelt automatisch aan of UIT en regelt zo de gewenste temperatuur.
4. TIMER:
Het apparatus schakelt aan en uit na de ingesteldeijd (0.5, 1, 1.5 ....24uur).
5. AUTOMATISCHE UITSCHAKELING ALS DE AFVOERTANK VOL IS:
Als het chassis vol zit met water worden het apparaat automatischuitgeschakeld.De zoemer geeft dan een signaal van 8 seconden af en de melding "H8" wordt weergegeven op de afstandsbediening.
6. LUCHTFILTER:
Het apparaat worden door een voorfilter beschermd gegen stof.
1. BESCHRIJVING
Afb. A VOORZIJDE
A1 Luchtafvoer
A2 Horizontale lamellen
A3 Voorpaneel
A4 Vertical ventilatieroooster
A5 Zwenkwie!
Afb. B ACHTERZIJDE
B1 Luchtinlaat (verdamper)
B2 Uitlaat
B3 Luchtinlaat (condensator)
B4 Haak voor voedingskabel
B5 Stekker
B6 Stroomkabel
B7 Waterafvoer voor doorlopende afvoer
(alleen bij ontvochtigen)
B8 Afstandsbedieninghouser
B9 Bedieningspaneel
B10 Aanzuigrooster (voorfilter)
Afb. C BEDIENINGSPANEEL
C1 Aan/uit-toets
C2 Slaapmodusknop
C3 Toets voor ventilatorsnelheden
C4 Timertoets
C5 Functietoets
C6 Navigatietoetsen
C7 Lampje koelfunctie
C8 Lampje droogfunctie
C9 Lampje ventilatorfunctie
C10 Lampje Auto / hoge / medium /
lage luchtstroom
C11 Knop voor X-FAN-werking
(working met interne droging)
C12 Lamp met warmtefunctie (voor TAD-2235E)
C13 Knop voor temperatuursinstelling
(niet van toepassing voor dit apparaat)
C14 Lichtknop
C15 Gezondheids-/veiligheidsknop
(niet van toepassing voor dit apparaat)
C16 “en SWING-knop
(niet van toepassing voor dit apparaat)
C17 TURBO-knop
(niet van toepassing voor dit apparaat)
C18 KLOK-knop
C19 ¥/knop
C20 WiFi knop
Indicatiepictogrammen op de afstandsbediening

① Ventilatorsnelheid instellen
② Signaal versturen
③ (niet toePASSIELijk voor dit apparaat)
④ X-fanwerking
(working met interne droging)
⑤ Temperatuur instellen
⑥ AAN-timer / UIT-timer
⑦ Tijd instellen
⑧ Licht
⑨ Type temperatuursweergave
10 Temperatuur instellen
⑪ Omgevingstemperatuarbinnen
② Slaapmodus
③ Kinderslot
Ventilatormodus
15 Ontvochtigingsmodus
16 Koelmodus
17 Auto.Modus
16 Werkingsmodus
19 Warmtefunctie (voortAD-2235E)
20-25(niet toepadsselijk voor dit apparaat)
⑦WiFi-functionie
23 Klok
Ventilatieregeling
2. GEBRUIK
HANDELINGEN:
1. DE AAN/UIT-KNOP INSCHAKELEN. (C1.)
2. DE FUNCTIETOETS (MODE C5) GEBRIKEN.
Druk op de modusknop (C5) om uw gewenste bedrijfsmodus in te stellen "Koel" (C7), "Ontvochtigen" (C8), "Ventilator" (C9) of "Warm" (C12) (voort TAD-2235E).
KOELEN (C7)
Tijdens het koelen worden de lucht gekoeld en worden de warme lucht via het afvoerkanaal maar buiten afgevoerd.
LET OP: In KOEL-modus kurz u de ingestelde temperatuur en de VENTILATOR-snelheid aanpassen.
ONTVOCHTIGEN (C8)
De lucht worden ontvochtigd en stroomt door het apparaat zonder dat er worden gekoeld.
LET OP: De slenelheid van de ventilator kanijdens het ontvoch-tigen nicht worden aangepast.
VENTILATOR (C9)
De ventilator verplaatst alleen lustch, de temperatuur in de kamer kan hier Niet mee worden aangepast.
LET OP: Alle modusindicatoren van het apparaat zich UIt. De VENTILATOR-snelheid kan worden aangepast.
Verwarmingsfunctie (C12) (voortAD-2235E)
In deze modus brandt het lampij van de verwarmingsmodus felgekleurd. Het zeven-segmentendisplay toont de ingestelde temperatuur. Instelbereik van de temperatuur is 16^ 30^
3. DE TIMERTOETS EN DE NAVIGATIETOETSEN (C6) GEBRUIKEN
Druk op de timerknop (C4) om maar de timerinstelleningen te gaan. Hier drukt u op "+" of "-" (C6) om de timerinstelling aan te passen. De timerinstelling verspringt 0,5 uur wanner u op "+" of "-" drukt voor een verschil van minder dan 10 uur. Bij meer dan 10 uur verspringt de timerinstelling met 1 uur wanner u op "+" of "-" drukt.
Nadat de timerinstelling is voltooid, geeft het apparaat de temperatuur weeer als er u gedurende 5 seconden niets doet. De status worden op het digitale display weergegeven wanner de timerfunctie worden gestart. In timermodus drukt u opniew op de timerknop om de timermodus uit te schaken.
4. DE TOETS VOOR VENTILATORSNELHEDEN (C3) GEBRIKEN
Druk op de ventilatorsnelheidsknop (C3) om de gewenste luchtstroom in te stellen. Onder de "Ontvochtigingsmodus" is deze knop ongeldig.
Auto............ Werking bij luchtstroom automatisch aangepast aan de omgevingstemperatuur
High......Hoge luchtstroom
Med ....Medium luchtstroom
Low...........Lage luchtstroom
5. APPARAAT UITSCHAKELEN
Druk de aan/uit-toets (C1) in en alle lampjes gaan UIT.
Druk op de knop "Sleep" (C2) om de slaapstand in te schakelen. Wanner het apparaat in koelmodus werk, worden de ingestelde temperatuur verhoogd met 1^ per uur. Na 2 uur blijft het apparaat bij gelijke temperatuur werkken.
(Voor TAD-2235E) Als de controller in de verwarmingsmodus staat en nadat de scaapmodus is opgestart, za de vooraf ingestelde temperatuur binnen 1aar afnemen met 1^ ; de vooraf ingestelde temperatuur zal binnen 2aar met 2^ afnemen en nervolgens werkht het apparaat de gehele vrij op deze temperatuur.
LET OP: Slaapfunctie isuitsuitend voor de koelmodus en verwarmingsmodus (voortAD-2235E) en is Niet beschikbaar voor de ventilator-, ontvochtiger- en de automatischemodus.
HORIZONTAAL, VERSTELBAAR VENTILATIEROOSTER (A2)
De luchtuiatlaat kan maar boven of maar beneden worden bijgesteld. (Fig. K1)
WAARSCHUWING:
Zet de horizontally ventilatierooesters Niet in de laagste of hoogste stand in de KOEL- of ONTVOCHTIGINGS-modus als de ventilatorsnelheid voor een langere periode is ingesteld op Laag. Er kan condens ontstaan op de ventilatieroosters.
VERTICAAL, VERSTELBAAR VENTILATIEROOSTER (A4)
De luchtuitlaat kan maar rechts of maar links worden bijgesteld. (Fig. K2)
WAARSCHUWING:
Zet de verticale ventilatierooversenietinde meestrechtseof linkse stand in de KOEL- of ONTVOCHTIGINGS-modus als de ventilatorsnelheid voor een langereperiode is ingesteld op Laag. Er kan condens ontstaan op de ventilatierooversers.
AFSTANDSBEDIENINGHOUDER (B8)
Om te voorkomen dat u de afstandsbediening kwijtraakt,kest u deze in de afstandsbedieninghouser van het apparaatplaatsen wanner u de afstandsbediening Niet gebruikt.
3. DE AFSTANDSBEDIENING GEBRUIKEN
Wanner u de stroom inschakelt, geeft de airconditioner een geluidssignaal af. Zodra de werkingsindicator “AAN staat (rode indicator), kurz u de airconditioner bedieren met behulp van de afstandsbediening. Als u op de knop op de afstandsbediening drukt, knippert het signaalpictogram “ op de afstandsbediening eenkeer en geeft de airconditioner een geluidssignaal af, wat betekent dat het signaal is verzonden aan de airconditioner.
De functies werken hetzelfde als die op het bedieningspaneel van de airconditioner. (Afb. C)
De ingestelde temperatuur en het klokpictogram worden op het display weergegeven als het apparaat UIT staat.
Als u een functie instelt met de afstandsbediening, worden de bijbehorende instellingspictogrammen en -lampjes weergegeven op het display.
LET OP:
- Het interval:tussen twee handelingen mag nicht longer dan 5 seconden zich. Anders worden de instelleningenmodus van de afstandsbedieninguitgeschakeld.
KNOP VOOR TIMER-/TEMPERATUURINSTELLING (C6)
Door de instelknop (C6) énmaal in te drukken wordt de ingestelde temperatuur met 1^ ( ^ F ) worden verhoogd of verlaagd.
Door de instelknop (C6) gedurende 2 seconden ingedrukt te houden, verandert de ingestelde temperatuur op de afstandsbediening snel.
LET OP:
- In de UIT-stand en door de knop “▼” en de “MOUS” knop tegelijkertijd in te drukken kurz u tussen °C en °F schakelen.
- De temperatuur kan nicht worden aangepast in automodus.
KNOP VOOR X-FAN-WERKING (werking met interne droging) (C11) Door op de X-FAN-knop (C11) of houdt de ventilatorsnelheidsknop (C3) voor 2 seconden in de Koel- of Ontvochtigen-modus in te drukken, worden het pictogram 念 weergegeven en blijft de binnenventilator voor eenaar minuten draaien om de binnenunit te drogen zelfs als u het apparaat hebt uitgeschakeld. Na
activering is de X-FAN OFF standaard ingesteld. X-FAN is nicht beschikbaar in de Auro- of Ventilatormodus. Deze functie geeft aan dat het vocht op de verdamper van de binnenunit wordt afgeblazen nadat het apparaat is gestopt om schimmel te voorkomen.
- Nadat de X-FAN functie is ingeschakeld: Na met een druk op de ON-/OFF-knop het apparaat te hebben uitgeschakeld, blijft de binnenventilator nog enkele Minutes met lage snelheid draaien. Houd gedurende dezeperiode de ventilatorsnelheidsknop voor 2 Seconden ingedrukt om de binnenventilator onmiddelijk te stoppen.
- Nadat de X-FAN functie isuitgeschakeld: Na met een druk op de ON-/OFF-knop het apparaat te hebben uitgeschakeld, schakelt de volledige unit ommiddelijk uit.
TIMER-KNOP (C4)
UIT-TIMER
Druk op de TIMER OFF-knop om de automatische uitschakeltimer te starten. Om het automatische timerprogramma te annuleren kunt u gewoon opnieuw de knop indrukkken. De TIMER OFFinstelling is hetzelfde als de RIMER ON.
AAN-TIMER
Druk op de TIMER ON-knop om de automatische inschakeltimer te starten. Om het automatische timerprogramma te annuleren kurz u gewoon opniewe de knop indrukken.
Na het indrukken van deze knop,verdwijnt en knippert "ON". 00:00 wordt
weergegeven voor de ON-tijdsinstelling. Druk binnen 5 seconden op de of -knop om de tijsdwaarde aan te passen. Ledere druk op een van beiden knopen verandert de tijsdinstelling met 1 minuut. Als u een van beiden knopen ingedrukt houdt, verandert de tijsdinstelling snel met 1 minuut en verrolgens met 10 minutes. Druk binnen 5 seconden na het instellen op de TIMER ON-knop om te bevestigen.
KINDERSLOTFUNCTIE (Voor de afstandsbediening)
Pas de knoppen (C6) tegelijkertijd aan om de kinderslotfunctie inof uit te schaken.
Als het kinderslot AAN staat, brandt het pictogram " op de afstandsbediening. Als u de afstandsbediening gebruikt, geeft de afstandsbediening geen signala at.
LIGHTKNOP
Druk op de "licht"-knop (C14) om het Licht van het apparaatschemtuit te schakenen. "pictogram op de afstandsbediening verdwijnt. Druk opniewu op de LICT-knop om het Licht van het apparaatschemt in te schakenen. en het pictogram op de afstandsbediening zal worden weergegeven.
WIFI-KNOP (C20)
Bedieningspaneel: Druk nadat het apparaat is ingeschakeld op de "WiFi"-knop (C20) om de WiFi-functie in- of uit te schaken. Houd de knop 10 seconden in
Afstandsbediening: Druk op de "WiFi"-knop (C20) om de WiFi-functionie in- of uit te schaken. Wanner de WiFi-functionie is ingeschakeld worden het "WiFi"-pictogram op de afstandsbediening weergegeven; Druk in de UIT-stand tegelijkkertijd voor 1 seconde de MODUS"-knop (C5) in en de "WiFi"-knop (C20) in en de WiFi-module za de standard fabrieksinstellungen herstellen.
KLOK-KNOP (C18)
Druk op de KLOK-knop (C18), Knippert. Druk binnen 5 seconden op de ▲- of▼-knop om de huidigeijd aan te passen. Als u een van bevde knoppen langer dan 2 seconden ingedrukt houdt, wordt deijd elké 0,5 seconden met 1 minutut verlengd of verdort en verrolgens elké 0,5 seconden met 10 minutes.
Drukijdens het knipperen na het instellen opnieuw op de KLOK-knop om deinstilling te bevestigen en za constant worden weergegeven.
Batterijen: Verwijder de achterkant van de afstandsbediening enplaats de batterijen met de plus- en minpool in de juiste richting. (Afb. D)
WAARSCHUWING
- Gebruik alleen AAA-batterijen of IEC R03 batterijen van 1,5V.
- Gebruik GEEN oplaadbare batterijen.
- De batterijen要去egelijkkertijd worden verrangen.
- Gooi de batterijen NIET in vuur i.v.m. ontploffingsgevaar.
- Plaats de batterijen volgens de aangeduide polariteit (+/-).
- Houd batterijen en andere objcten die kunnen worden ingeslikt uit de buurt van kinderen. Raadpleeg onmiddelijk een arts als een object worden ingeslikt.
- Voer overtollig water uit de tank af door een pan onder de waterafvoer teplaatsen. (Afb. E2)
- Verwijder de stop van de afvoer en vang het water op in de pan.
- Plaats de stop terug zo gauw het water stocht met stromen.
- Verwijder de pan met water
-
Zet de ventilator van het apparaat aan om de binnenkant te drogen. LET OP:
-
Verwijder het afvoerwater een keer per week.
- Bij koelen of drogen worden de condens afgevoerd maar het chassis en verneveld door de vernevelaar. Aangezien de temperatuur van de condensator hoog is, zal het meeste water verdampen en in de buitenlucht worden opgenommen. Daardoor worden er normala gesproken slechts weinig condenswater verzameld in het chassis en is het Niet nodig om het water regelmatig te verwijderen.
- Als het chassis vol zit met water, geeft de zoemer 8 geluidssignalen af en wordt "H8" weergegeven om de gebruiker erop attendant te makeat het water dient te worden verwijderd.
5. VOORTDURENDE AFVOER
Er zijn twee manieren om het verzamelde water te verwijderen:
1. AFVOER VIA DE OPENING IN DE BODEM (Fig. I)
LET OP: Als u gebruikmaakt van de optie voortduren afvoer via de opening in de bodem, installeer dan de afvoerpijp voor gebruik. Anders worden de werking van het apparaat negatif beinvoed door slechte afvoer.
Bereid de nnderstaand accessoire voor.
11 Afvoerleiding
12 Leidingbandjes
I3 Schroef
14 Afvoerleidingklem
15 Rubberen dop
INSTALLATIE VAN DE AFVOERLEIDINGKLEM
- Verwijder de rubberen dop van de afvoeropening. (Fig. 16)
- Bevestig de afvoerleidingklem (I4) met een schroef (I3) aan de rechterkant van de weiterplaat in de buurt van de afvoeropening. (Fig. I7)
- Sluit de afvoerleiding (I1) aan op de afvoeropening en schroef deze vast. Maak hem verrolgens vast met leidingbandjes (I2) (Fig. 18)
- Plaats de rubberen dop (I5) aan de andere Kant van de afvoer-leiding, maar deze vast met leidingbandjes (I2) en plaats deze in de afvoerleidingklem. (Fig. 19)
Voor voortdurende afvoer neemt u de afvoerleiding uit de klem en verwijdert u de rubberen dop van de afvoeropening om het water af te voeren. (Fig. 19)
LET OP:
-
Plaats de rubberen dop na het afvoeren van water terug op de afvoerleiding enplaats de leiding in de klem.
-
Nadat de waterbeveiliging is opgeheven en de compressor 3 minutes heeft stilgestaan, begint het apparatusaat wee ter werken.
Bereid de onderstaande onderdelen voor. (Fig. J)
J1 Afoerleiding met een binnendiameter van 14mm (niet inbegrepen, op de markt verkrijgbaar)
J2 Verbindingsstuk afvoer
- Om water af te voeren, verwijdert u de afvoerdop (J3), door deze linksom te draaien en verrolgens de rubberen dop (J4) van de opening te verwijderen. (Fig. J5)
- Schroef het verbindingsstuk van de afvoer (J2) op de opening door maar rechts te draaien. (Fig. J6)
- Sluit de afvoerslang (J1) horizontal, onder de afvoeropening, aan op het verbindingsstuk van de afvoer. Vermijd oneffen ondergronden en vouw de leiding Niet. (Fig. J7)
6. INSTALLATIE VAN DE HAAK VOOR DE VOEDINGSKABEL (Fig. L)
Monteer de haak voor de voedingskabel (L1) met schroeven (L2) aan dechterkant van het apparaat. (Fig. L3) De bovenste haak wijst maar boven. De lagere haak wijst maar beneden. Wikkel de voedingskabel rond de draadhaak. (Fig. L4)
7. SCHOONMAKEN
HET AANZUGROOSTER (Afb. F) SCHOONMAKEN
- Maak het aanzuigrooster (B10) om de twee weken schoon.
-
Om het aanzuigfilter van buitenlucht te verwijderen (B10), trekt u het filter UIT door de clip op het filter in te drukken. (Fig. F1)
-
Verwijder het stof met een stofzuiger.
WAARSCHUWING
- Raak de ontvochtiger NIET aan. Dit kan letsel of schade veroorzaken.
DE BUITENKANT SCHOONMAKEN
Maak de buitenkant van het apparaat schoon met een zachte vochtige doek.
WAARSCHUWING
- Gebruik NOOT benzine, oplosmiddelen, chemische producten of poetsmiddelen, dit kan de buitenkant beschadigen.
- Zet het apparataat uit en koppel het los van de voeding voordat u de airconditioner schoonmaakt. Anders kan deze een elektrische schok veroorzaken.
Maak de airconditioner NIET schoon met water. Anders kan deze een elektrische schok veroorzaken. - Verwijder het afvoerwater uit het chassis en trek de stekker uit het apparaat.
8. LANGDURIGE OPBERGEN
Het volgende worden aanbevolen aan het eind van elk seizoen, of als u gedurende een langereperiode Niet van plan bent om uw apparaat te gebruiken.
- Laat de ventilator (C9) van het apparaat 5 à 6 uur draaien om de binnenkant te drogen.
- Verwijder het afvoerwater uit de tank en koppel het apparaat los.
- Maak het apparaat schoon
Verwijder vuil of stof met een zachte vochtige doek of een stofzuiger en behandel na met een zachte droge doek.
- Maak het aanzuigrooster (B10) schoon en verrang het.
- Berg het apparaat op.
Het originele verpakkingsmaterial vormt de Beste opbergplaats voor uw apparaat. Bedek het apparaat met een groe plastic zak als u het originele verpakkingsmaterial Niet meer hebts en berg het apparaat op in een koele droge omgeving.
WAARSCHUWING
Berg het apparaat ALTIJD verticaal op.
- Plaats GEEN zware objcten op het apparaat.
9. VERVOER
P Probeer het apparaat bij voorkeur in verticale positie te vervoeren. Als het apparaat meer dan een half uur in een horizontale positie is geweest dan DIENT HET APPARAAT 24 UUR VERTICAAL TE HEBBEN GESTAAN VOOR INGEBRUIKNEMING. Het Niet correct opvolgen van deze instructies kan schade aan de compressor tot gevolg hebben. Zorg ervoor dat de afvoertank leeg is voordat u het apparaat gaat verplaatsen/vervoeren.
10.PROBLEMEN
| PROBLEEM | DORZAAK OPLOSSING | |
| De airconditio- ner werknet. | Stroomstoring.Voedingskabel zit los.De luchtschakelaar isuitge- schakeld of dezekering is doorge-brand.Circuitstoring.Het apparaat startopnieuw op na plotseling te zich ge- stopt. | Wacht na stroomher-stel.Plaats de stekker terug in het stopcontact.Schakel een profes-sional in om de luchtschakelaar of ze- kering te verrangen.Schakel een profes-sional in om het circuitte verrangen.Wacht 3 min. en zet hetap- paraat waar aan. |
| Het apparaatwerk, maarde kamerwordniet gekoeld. | De spanning is te laag.De luchtfilter is te vuil.De ingestelde temper-atuur is nicht correct.Deuren en ramen zichniet gesloten. | Wacht nadat de span- ning is herstel.Maak de luchtfilter schoon.Pas de temperatuur aanSluit deuren en ramen. |
| Airconditionerkan geen sig-naal van deaf- stands-bedieningontvangen ofde afstandsbedieningheeft geenbereik. | Het apparaat ondervin-dt een ernstige storing,zoals stati- sche drukof onstabiele spanning.De afstandsbedieningis Niet binnen het ont-vangstbereik.Het apparaat worden ge-blok- keerd door ob-stakels.De gevoeligheid van deaf- standsbediening islaag.Er is een fluorescenti-elamp in de kamer. | Verwijder de stekker.Steek de stekker na 3minutes te- rug in hetstopcontact en zet hetapparaat aan.Het ontvangsbereikvan de afstandsbedi- ening is 8 m. Blij bin-nen dit bereik.Verwijder de obstakels.Controler de batterijenvan de afstandsbedien-ing Als de spanninglaag is, vergan dan debatterijen.Breng de afstandsbedi- ening/DDicht bij het ap- paraat.Zet de fluorescenti-elamp uit en probeerhet opnieuw. |
| Erkommen geenlucht uitt deairconditioner. | De luchtafvoer of deluchtin- laat is verstopt.De verdamper wordtont- dooid.(Controler door de fil- ter te verwijderen.) | Verwijder de obstakels.Dit is normalaal. De air-conditi- oner worden ont-doodid. Nadat het ont-dooloen worden de wer- king hervat. |
| Ingesteldetem- peratuurkan Niet wor-den aange-past. | Het apparaat staat inauto- modus.De gewenste temperatu- uur valt buiten hetbereik van het appara- at. | De temperatuur kan ni-et worden aangepast inauto- modus.Stel een temperatuur intus- sen de 16 °C en 30 °C. |
VOORDAT U HULP INROEPT
Dit zich geen mankementen.
| Een sissend of een hol geluid: | Dit geluid wordt veroorzaakt door de koelende lucht die door de pi-jpen stroomt. |
| Een piepend geluid: | Dit geluid wordt veroorzaakt door- dat het apparaat tengevolge van temperatuurschommelingen uitzet of krimpt. |
| Geur: | Geur van tabak, cosmetica of voedsel kan zich ophopen in het apparaat. |
| Het apparaat start nicht meteien en functiewi-zigingen worden Niet direct | Om overbelasting van de motor van de compressor te voorkomen zal het apparaat meer dan drie minuten worden uitgeschakeld. |
STORINGANALYSE
Storingcode
| H8 | Watertank is vol. 1. Giet het water UIT de tank. 2. Als “H8” nog steeds worden weergegeven, schakel dan een professional in om het apparaat na te kijken. |
| F1 | Storing in de omgeving- stem- peratuursensor. Schakel een professional in om dit op te losers. |
| F2 | Storing in de tempera-tuursensor van de ver-damper. | Schakel een professional in om dit op te losesten. |
| F0 | 1. Er lekt koelmiddel. 2. Systeem worden ge-blok-keerd. | Schakel een professional in om dit op te losesten. |
| H3 | Overbelastingsbeveiliging van de compressor. | 1. Als de omgevingstemperatuur te hoog is, zêt het apparaat dan uit en zêt het pas weeer aan als de omgevingstemperatuur onder de 35 °C komt. 2. Controller en de verdamper en conden- sator worden geblok-keerd door voorwer- pen. Als dat zo is, verwijder dan de voor- wer-pen, zêt het apparaat uit en start het opnieuw op. 3. Als de storing Niet is verholpen, neem dan contact op met de klantenservice. |
| E8 | Overbelasting | |
| F4 | Sensor voor de buietenbuisttemperatuur is open/maakt kortsluiting. |
11. SPECIFICATIONS
| MODEL TAD-2220E | TAD-2226E | TAD-2229E | TAD-2235E | |
| STROOMVOORZIENING | Monofasig 220~240 V, 50 Hz | Monofasig 220~240 V, 50 Hz | Monofasig 220~240 V, 50 Hz | Monofasig 220~240 V, 50 Hz |
| KOELVERMOGEN | 2,0 kW (6.824 BTU) | 2,6 kW (8.871 BTU) | 2,9 kW (9.895 BTU) | 3,5 kW (11.942 BTU) |
| INPUT KOELVERMOGEN | 765 W 1.00 | W 935 W 1.3 | 45 W | |
| VERWARMINGSCAPACITET | ---- | 3,0 kW (10.236 BTU) | ||
| VERWARMINGSVERMOGEN OPNAME | ---- | 1.150 W | ||
| Klasse EE / EER* | A / 2,60 | A / 2,60 | A+ / 3,10 | A / 2,60 |
| EE-klasse / COP* | ---- | A+ / 2,60 | ||
| STROOMVERBRUJK IN STANDBYMODUS | 0,5 W | 0,5 W | 0,5 W | 0,5 W |
| LUCHOTHYCHTINGSERVMOGEN | 1,0 L/h | 1,43 L/h | 1,60 L/h | 1,80 L/h |
| AARDLEKSTROOM | 3,6 A | 4,5 A | 4,1 A | 5,9 A / 5,0 A (Koelen' Verwarmingsfunctie) |
| LUCHSTROOM (MAX.) | 300 m³/h | 320 m³/h | 360 m³/h | 360 m³/h |
| VOOR KAMERS TOT | 10 - 16 m² | 12 - 17 m² | 13 - 19 m² | 15 - 22 m² |
| GEBRUUKSTEMPERATUUR BEREIK | 16~35°C | 16~35°C | 16~35°C | 16°C~35°C / 10°C~27°C (Koelen' Verwarmingsfunctie) |
| GELUIDSVERMOGENSIWEAU | 63 dB | 63 dB | 64 dB | 65 dB |
| BEVELIGING APPARAAT | IPX0 IPX0 | IPX0 IPX0 | ||
| VALEUR NOMINALE DU FUSIBLE | 3,15 A | 3,15 A | 3,15 A | 3,15 A |
| AFMETINGEN (B×H×D) | 315×770× 395 mm | 315×770× 395 mm | 390×820× 405 mm | 390×820× 405 mm |
| GEWICH | 22,5 kg | 25,5 kg | 32,0 kg | 35,0 kg |
| COMPRESSOR | ROTARY | ROTARY | ROTARY | ROTARY |
| KOELVLOEISTOF | R290 / 0,13 kg | R290 / 0,18 kg | R290 / 0,22 kg | R290 / 0,24 kg |
| AARDOPWARMINGSPONTENTIEL (GWP) | 3 3 | 3 3 |
*Conform aan EN-14511-2018
LET OP: De koelcapaciteit is afhankelijk van de temperatuur en de vochtigkeit in de kamer.
Frequentieband(en) waarbinnen de radioapparatuur werk: 2400MHz-2483.5MHz
Het maximale vermogen van radiofrequentie doorgegeven bennen de frequentieband(en) waarbinnen de radioapparatuur werk: 20dBm
12. ACCESOIRESET VOOR ONTLUCHTING
Als het apparaat uitsluitend is bedoeld voor gebruik in een ruimte dan kan de koeling worden versterkt door de volgende accessoiresuit de ontluchtingsset te gebruiken die worden meegeleverd bij het apparaat.
HET AFVOERKANAAL GEBRUIKEN (Afb. H)
- Bereid de onderstaande accessoires voor.
H1 Adaptermondstuk uitlaatpijp (Bevestig aan apparaat) H2 Uittlaatpijp
H3 Uitlaatmondstuk (boven) + uitlaatmondstuk (onder) - Om het uitlaatmondstuk (boven) en uitlaatmondstuk (onder) te verbinden, drukt u de klem stevig in de gleuf. (Fig. H4)
- Steek een uiteinde van de uiltaatpijp (flexiblebuis) (H2) in het adaptertermondstuk van de uiltaatpijp (H1) door linksom te draaien. Installeer uiltaatmondstuk (boven + onder) (H3) aan de andere kant van de uiltaatpijp. (Fig. H5)
- Plaats deijke met "TOP" maar boven. Plaats het adaptermondstuk van de uitlaatpijp in de gleuf van de uitlaat tot u een geluid hoort. (Fig. H6)
- Plaats de uitlaatslang buiten. (Fig. H7)
LET OP: Plaats het apparaat zo zich mogelijk bij een raam of deur. (H5, H6, H7)
13. Speciale handleiding
De vereiste vaardigheden voor onderhoudstechnici (reparaties mo-gen uitsluitend worden UITgevoerd door vakmensen).
a. Alle arbeiders die zich bezighouden met het koelsystem moeten de geldige certificering uittgerekt door de gezaghebbende organisatie en de kwalificatie voor de bediening van het koelsystem dragen.
b. Het apparaat ken uitsluitend worden gerepareerd volgens de methode die door de fabrikant van de apparatuur worden aanbevolen.
Als een andere technicus nodig is voor het onderhoud en de reparatie van het apparaat,要去en deze worden begeleid door de person die de kwalificatie draagt voor het gebruik van het ontv Lambare koudemiddel.
Voorbereidingswerkzaamheden met betrekking tot de verigheid voor de installmentie
Voordat de apparaten met het ontvlambare koudemiddel worden onderhonden moet de veiligheid worden geinspecteerd om het brandgevaar tot het minimum te beperken.
De werkzaamheden zullen worden uitgevoerd volgens een gecontroleerde procedure omijdens de werkzaamheden het risico van ontvlambaar gas of ontvlambare damp te minimaleren.
Detectie van ontvlambare koudemiddelen
In geen geval mogen er potentielle ontstekingsbronnen worden gebruikt bij het zoeken of detecteren van lekkage van koudemiddelen. Een halogenide zaklamp (of elke andere detector met een open vlam) mag Niet worden gebruikt.
Omgeving controlleren
- Alle onderhoudspersoneel en andere mensen die in de nabijheid werkken要去en worden geinstrueerd over de aard van de uit te voeren werkzaamheden. Werk in afgesloten ruimten要去en worden vermeden. Het gebied rond het werkgebied要去en worden afgeschieren. Zorgervoort dat de omstandigheden binnen het gebied veilig zijn gemaakt door contro op ontvlambaar materiaal.
- Vóor enijdens de werkzaamheden要去 het gebied met een daartoe geschikte detector van koudemiddelen worden gecontroleerd omervoorte zorgen dat de technicus zich bewust is van möglich giftige of ontv Lambare atmosferen.
Zorg ervoor dat de gebruekte lekdetectieapparatuur geschikt is voor gebruik met alle toepasselijkke koudemiddelen, d.w.z. vorkvrij, adequaat afgedicht of wezenlijk veilig is.
- Niemand die werkzaamheden uitvoert in verband met een koel-systeme waar bij deblootstelling van leidingen betrokken is,要去ventuele ontstekingsbronnen op zo'n manier gebruiken dat deze kuren leiden tot brand of ontploffing. Alle möglichke ontstekingsbronnen waaronder het roken van sigaretten要去en op voldoende afstand worden gehouden van de plaatsvan installmentatie, reparatie, verwijdering en afvoer waar bij möglichk koudemiddel in de omringende ruimte kan worden vrijgeveen.
Voorafgaand aan de werkzaamheden moet het gebied rond de apparatuur worden onderzoucht om er zeker van te zichen dat er geen brandgevaar of ontstekingsrisico bestaat. Er worden "Niet roken"-borden opgehangen. - Als er hitte-stralende werkzaamheden op het koelsysteme of bijbehorende onderdelen要去en worden uitgevoerd, zullen er passende brandblusmidddelen beschikbaar worden gesteld. Zorg voor een droogpoeder-of blusapparaat naast het werkgebied.
Zorg ervoor dat het gebied in de buitenlucht staat of goed ge
ventileerd worden voordat het systeme worden opengemaaakt of er dithe-stralende werkzaamheden worden uitgevoerd. Gedurende de periode dat de werkzaamheden worden uitgevoerd, blijft een zekere mate van ventilatie aanwezig. De ventilatie要去 het vrijkomende koudemiddel op een veilige manier afvoeren en bij voorkeur uitsoten uitwendig in de atmosefer.
Koelapparatuur controlleren
Wanneer elektrische componenten worden veranderd要去 denze geschickt zijn voor het doel en voor de juiste specifiec. De voorschriften voor onderhoud en service van de fabrikant要去 te allen tijde worden opgevolgd. Raadpleeg in geval van twijfel de technische afdeling van de fabrikant.
De volgende controles moeten worden toegepast hij installaties die ontvlambare koudemiddelen gebruiken.
- De werkelijkke lading koudemiddel is in overeenstemming met de grootte van de ruimte waarin de koudemiddelhoudende onderdelen worden geinstalleer.
- De ventilatiemachines en uitgangen werkenaar behoren en worden Niet belemmerd;
- Als er een indirect koelcircuit worden gebruikt, dan worden het secundaire cicuit gecontroleerd op de aanwezigheid van koudemiddel;
- De marketing op de apparatuur blijft zichtaar en leesbaar Markeringgen en opschriften die onleesbaar�zijn worden gecorrigeerd.
- De koelleidingen of componenten worden in een positie geinstalleerd waarin het onwaarschijnlijk is dat deze worden bloot-gesteld aan een stof die möglichk koudemiddelhoudende componenten corrodeert tenzij de componenten zijn vervaardigd van materiaalen die van nature resistant�n gegen corrosie of die maar behoren beschermd�n gegen corrosie.
Elektrische apparaten controleren
Reparatie en onderhoud van elektrische componenten omvatten initiale veiligheidscontroles en inspectieprocedures. Als er een defect optreedt dat de veiligheid in gevaar kan brengen, mag geen enkele elektrische voeding op het circuit worden aangesloten totdat het defect maar tevredenheid worden opgelost. Als het defect Niet onmiddelijk kan worden verholpen, maar hetoodzakelijk is voor de continuiteit, moet er een adequate tijdige oplossing worden gezruikt. Dit zaan aan de eigenaar van de apparatuur worden medegedeeld zodate alle partijen hierover geinformeerd+zijn.
De initièle veiligheidscontroles moeten omvatten:
- Dat de condensatoren worden ontladen: dit moet op een veilige manier gebeuren om de kans van vonden te vermijden;
- Dat er geen onder spanning staande componenten en bedrading worden blootgesteld tijdens het vullen, repareren of reiniging van het systeme;
- Dat er continue aarding is.
Reparaties aan verzegelde componenten
Bij reparations aan verzegelde onderdelen要去en alle elektrische voorzieningen worden losgekoppeld van de bewerkte apparatuur, voordat de verzegelde afdekkingen worden verwijderd, enz. Als het absolutnoodzakelijk is om de apparatuurijdens het onderhoud van elektricititeit te voorzien, moet op het meest kritieke punt een permanent werkende vorm van lekdetectie worden geplaatst om te waarschuwen voor een potentieel gevaarlijke situatie. Er worden bijzondere aandacht besteed aan het volgende om ervoor te zorgen datijdens werkzaamheden aan elektrische componenten de behuizing Niet zodenig worden gewijzigd dat het beschemningsniveau worden aangetast.
Dit omvat schade aan kabels, een buitensporig aantal aansluitingen, klemmen die nicht volgens de oorspronkelijke specifiecities bijn gekmaakt, schade aan afdichtingen, onjuiste montage van wartels, enz.
Zorg ervoor dat het apparaat veilig bevestigd is
- Zorg ervoor dat de afdichtingen of pakkingen Niet zodenanig zich aangetast, dat deze nicht langer dienen ter voorkoming van het binnendringen van een ontvlambare atmosefer. Reserveonderdelen要去en overeenkomstig de specifieations van de fabrikant zich.
LET OP: Het gebruik van siliconenkit kan een nadelige invloed hebben op sommige soorten apparatuur voor lekdetie. Wezenlijk vlilige componenten hoeven Niet te worden geisoleerd voordat er werkzaamheden aan worden uitgevoerd.
Bekabeling
Controleer dat de bekabeling Niet onderhevig is aan slijtage, corrosie, buitensporige druk, trillingen, scherpe randen of enig ander negatieve milieu-effecten. Bij de controle moet ook rekening worden gehonden met de efecten van veroudering of continue trillingen van bronnen zoals compressors of lamellen.
Methoden voor lekdetectie
De volgende methoden voor lekdetectie worden aanvaardhaar ge
acht voor alle koelsystemen.
Elektronische lekdetectors konnen worden gebrukt voor het opsporen van koudemiddellemeken, maar in het geval van ontvambare koudemiddelen kan de gevoeligheid Niet toereikend zijn of要去 deze opniewu worden gekalibreerd.
(Detectieapparatuur moet worden gekalibreerd in een koudemiddelvrije omgeving.) Zorg ervoor dat de detector geen potentielle ontstekingsbron is en geschikt is voor het gebruikte koudemiddel.
Apparatuur voor lekdetiekie moet worden ingesteld op een percentage van de LFL (de onderste ontstekingsgrens) van het koudemiddel en要去 worden gekalibreerd op het gebruekte koudemiddel en het overeenkomstige percentage gas (25% maximaal)要去 worden bevestigd.
Lekdetectievloeistoffen zijn geschikt voor gebruik met de meeste koudemiddelen maar het gebruik van chloorhoudende reinigingsmiddelen要去en worden vermeden want het chloor kan reageren met het koudemiddel en de koperen leidingen corroderen.
Als u het vermoeden hebt van een lek要去en alle open vlammen worden verwijderd of gedoofd.
Als een lekkage van koudemiddel worden geconstasteerd dat gesoldeerd要去en, moet al het koudemiddel uit het systeme worden verwijderd of worden geisoleerd (door middel van afsluitkranen) in een deel van het systemeat op afstand ligt van het lek. Voor apparaten die ontvlambare koudemiddelen bevatten, worden verrolgens zuurstofvrijie stikstof (FN) door het systeme gespoeld zowel voor en tijdens het soldeerproces.
Verwijdering en evacuation
Bijk het ingrijpen in het koudemiddelcircuit om rep0arabiesuit te voeren - of voor enig ander doel -要去en conventionele procedures worden gezrukt. Voor ontvlambare koudemiddelen beschter is het belangrijk dat de Beste praktijkken worden gevolgd aangezien ontv lambaarheid een belangrijke factor is. De volgende procedure要去en worden gevolgd:
koudemiddel verwijderen;
- het circuit met inert gas spoelen
- evacueren;
- opniew spoelen met inert gas;
open het circuit door te snijden of te solderen.
De koudemiddelvulling要去en teruggewonnen in de juiste cilinders voor het terugwinnen van koudemiddelen.
Voor apparaten die ontvlambare koudemiddelen bevatten要去 het systemen worden "doorgespoeld" met OFN om het apparaat te beveiligigen. Dit proces要去 möglichk verschillende keren worden herhaald.
Perslicht of zuurstof mag Niet worden gebrukt voor het doorspoelen van koelsystemen.
Voor apparaten die ontv Lambare koudemiddelen bevatten, worden het spoelen verwzeenlijk door het vacuum in het systeme te breken met behulp van zuurstofvrije stikstof (OFN) en dit te blijven vullen totdat de werkdruk is bereikt, verrolgens te ontluchten in de atmosefer en tenslotte aan een vacuum te trekken.
Dit proces moet worden herhaald totdat al het koudemiddel in het systeme is verwijderd.
Wanneer de LASTE OFN-vulling is gebruikt, moet het systeme worden ontlucht tot de atmssferische druk om werkzaamheden maybek te makeen. Deze handeling is absolutuitoodzakelijk als er soldeerwerkzaamheden aan de leidingen要去 plaatsvinden.
Zorg ervoor dat de uitaat van de vacuumpomp zich Niet in de buurt van ontstekingsbronnen bevinden en dat ventilatie aanwezig is.
Procedures voor het vullen
Naast de conventionele vulprocedures要去en de volgende voorschriften in acht worden genomen.
Zorg ervoor dat er geen verontreiniging van verschillende koudemiddelen ontstaat bij het gebruik van vulapparatuur. Slangen of leidingen moeten zo kort mogelijkke zijn om de hoeveelheid koudemiddel die zich daarin bevindt tot een minimum te beperken.
- Cilinders moetenrechtop staan.
- Zorg ervoor dat het koelsysteme geaard is voordat het systeme met koudemiddel worden gezuld.
- Label het systeem wanner het vullen compleet is (indien dit nog Niet is gebeurd).
- Uiterste zorg moet worden besteed zoday het koelsystemeert overloopt.
Vór het vullen van het systeme moet de druk worden getest met behulp van het juiste spoelgas.
Het systeem moet na het vullenaar voor de buitengebruikstelling worden getest op lekke.
Voordat deplaats worden verlaten moet er een follow-up test op lek-kages worden uitgevoerd.
Buitengebruikstelling
Voordat u deze procedure uitvoert is het Cruciaal dat de technicus
volledig vertrouwd is met de apparatuur en alle bijbehorende details. Het is aan te bevelen dat alle koudemiddelen veilig worden teruggewonnen. Voordat de taak wordt uitgevoerd worden een olie- en koudemiddemonster genomen in geval er een analyse nodig is voordat het teruggewonnen koudemiddel worden hergebruikt.
Het is crucialaat der elektrische stroom beschikbaar is voordat er aan de taak worden begonnen.
a) Maak u vertrouwd met apparatuur en de werking ervan.
b) Het systeem elektrisch isoleren.
c) Voordat u de procedure uitprobeert, moet u ervoor zorgen dat:
- er indien nodig mechanische apparatuur beschikbaar is voor het behandelen van koelcilinders;
- alle personlijke beschermingsmiddelen beschikbaar zich en correct worden gezruikt;
- het terugwinningsproces te allen tijde onder toezicht staat van een bevoegde persoon;
- De terugwinningsapparatuur en cilinders voldoen aan de van toepassing zijnde normen.
d) Indien möglichk het koelsysteme aftappen.
e) Als er geen vacuum möglich is, maar dan een spruitstuk zodate het koudemiddel uit de verschillende delen van het system kan worden verwijderd.
f) Zorg ervoor dat de cilinder zich op de weegschaal bevindt voorDat de terugwinning plaatsvindt.
g) Start de terugwinningsmachine en werk overeenkomstig de instructies van de fabrikant.
h) Cilinders Niet overvullen. (Niet meet dan 80% van het volume van vloeibare vulling).
i) Overschrijd de maximale werkdruk van de cilinder Niet, zichs Niet tijdelijk.
j) Wanner de cilinders correct bevuld zich en het proces voltooid is, zorg er dan voor dat de cilinders en de apparatuur snel van de locatie worden verwijderd en dat alle isolatieventielen op de apparatuur zich afgesloten.
k) Teruggewonnen koudemiddel mag nicht in een nader koelsystem worden overgevuld tenzij het gereinigd en gecontroleerd is.
Labelen
De apparatuur要去 worden voorzien van een label waarop staat vermeld dat dit uit bedrijf is genommen geleegd is. Het label要去 worden gedateerd en ondterekpend. Voor apparaten die ontvlambare koudemiddelen bevatten要去 ervoor worden gezorgd dat er labels op de apparatuur bevestigd zijn waarop staat vermeld dat de apparatuur ontvlambare koudemiddelen bevat
Terugwinning
Bij het verwijderen van een koudemiddel uit een systemm, zowel voor onderhoud als buitengebruiktelling, worden aanbevolen dat alle koudemiddelen veilig worden verwijderd.
Zorg er voor dat er bij het overbrengen van koudemiddelen in de cilinders uitsluitend geschikte cilinders voor het terugwinnen van koudemiddelen worden gezruikt. Zorg ervoor dat het juiste aanl椎ders voor de totale systeembelasting beschikbaar is. Alle te gebruiken cilinders zijn bestemd voor het teruggewonnen koudemiddel en gelabeld voor dat bepalde koudemiddel (d.w.z. speciale cilinders voor de terugwinning van koudemiddelen). De cilinders moeten volledig�zijn met een overdrukventiel en bijbehorende afsluieters in goede staat. Lege terugwinningscilinders worden geevacuereerd en indien möglichke gekoeld voordat de terugwinning plaatsvindt.
De terugwinningsapparatuur moet in goede staat verkeren met instructies voor de aanwezige apparatuur en moet geschikt zijn voor de terugwinning van alle relevante koudemiddelen, met inebrip van, indien van toepassing, ontvlambare koudemiddelen. Bovendien moet een set gekalibreerde weegschalen beschikbaar zichen en bij voorbaat in goede staat. Slangen要去en compleet met lekkagevrijne snelkoppelingen en bij voorbaat in goede staat. Voordat u de terugwinningsmachine gebruikt moet u controlleren of deze nar behoren functioneert, goed onderhoden is en dat alle bijbehorende elektrische componenten verzegeldelijk om ontsteking het het vrijkommen van koudemiddel te voorkommen. Neem in geval van twilfel contact op met de fabrikant.
Het teruggewonnen koudemiddel worden in de correct terugwinnings-cilinder maar de leverancier van koudemiddelen en het desbetreffende overdrachtsformulier voor afvalstoffen moet worden opgesteld. Meng een koudemiddelen in terugwinningsapparaten en vooral Niet in cylinders.
Als compressoren of compressoroliën要去en worden verwijderd, zorg er dan voor dat deze发展格局 aan een aanvaardbaariveau om te waarborgen dat ontvlambare koudemiddelen Niet in het smeermiddel achechterblijven. De evacuation jeort worden uitgevoerd voordat u de compressor aan de leverancier returneert. Om dit proces te versnellen mag uitsluitend elektrische verwarming van de behuizing van de compressor worden gebruikt. Wanner olie uit een system wont afgetapt,要去 dit op een veilige manier worden uitgevoerd.
BEPERKTE GARANTIE
TOYOTOMI CO., LTD. (TOYOTOMI) garandeert dat bij normalaal gebruik en onderhoud alle verkochte producten en delen waar van gedurende 24 MAANDEN vanaf de datum van levering aan de oorspronkelijke koper in de detailhandel vrij় van materiaaal- of productiefouten. Dit is onderhevig aan de volgende voorwaarden:
DIT VALT ONDER DE GARANTIE: Producten of delen waarvan die materiaal- of productiefouten bevatten.
DIT VALT NIET ONDER DE GARANTIE:
Deze garantie geldt nicht voor mankindementen als gevolg van nalatigheid van anderen; het net volgens de gebruiksaanwijzing installeren, bedieren of onderhonden van het apparaat (gebruiksen onderhoudsvoorschriften worden meegeleverd bij elk nuew apparaat); onredelijk gebruik; oncevallen; wijzigingen; gebruik van net erkende en net door TOYOTOMI gestandaardiseerde onderden en accessoires; elektrische storing, d.w.z. als gevolg van overbelasting van het stroomnet, kortsluiting enz.; onjuiste installmentie; of reparatie door iemand anders dan een door TOYOTOMI aangegeven voorziening.
WIE VALT ER ONDER DE GARANTIE: De oorspronkelijke koper in de detailhandel.
DIT DOEN WIJ: TOYOTOMI herstelt of verwangt, maar eigenainzicht, zonder kosten alle defekte onderden die worden gedekt door deze beperkte garantie mits u de onderdenaar uw dichtstblijnnde erkende dealer of TOYOTOMI-distributeur brengt.
ZO KUNT U GEBRUIKMAKEN VAN UW
GARANTIEVOORZIENGEN: De defecte producten of onderden met deze BEPERKTE GARANTIE dienenaar een erkende dealer of TOYOTOMdistributeur te worden gebracht. Als er bij u in de buurt geen voorziening beschikbaar is kunt u contact opnemen met unsere KLANTENSERVICE via:
TOYOTOMI EUROPE SALES B.V.
E-MAIL: info@toyotomi.eu
Alleen TOYOTOMI is bevoegd om de voorwaarden van de beperkte garantie op enigerlei wijze te verlengen of te wijzigen.
Het is in sommige gebieden nicht toegestaan om uitsluiting of beperking van incidentele schade of gevolgschade toe te passen of beperkingen in te stellen voor de duur van een impliciete garantie en het kan dus+zijn dat deze beperkingen of uitsluitingen Niet op u van toepassing zich. Deze beperkte garantie zorgt voor specifieke wettelijkrechten en deze rechten+kennen per gebied verzillen.