75264001 - Bewegingsdetector BERKER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 75264001 BERKER in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - 75264001 BERKER
Gebruikersvragen over 75264001 BERKER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Bewegingsdetector in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 75264001 - BERKER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 75264001 van het merk BERKER.
GEBRUIKSAANWIJZING 75264001 BERKER
Bedieningshandleiding

Aanwezigheidsmelder Komfort
Veiligheidsinstructies 48
Principe aanwezigheidsmelder ..... 49
Functie aanwezigheidsmelder 'Standard' 50
Functie aanwezigheidsmelder 'Komfort' 50
Beschrijving van de bedrijfstanden 51
Montage 54
Instelling 56
Instelhulpe 58
Detectiegebied 60
Opsteekkapjee 62
Dit apparaat is een product van het EIB-systeem en voldoet aan de EIBA-richtlijnen. Voor een goed begrip is gedetailleerde vakkennis door instabus-scholing een eerste vereiste.
De werking van het apparaat is van de gebruikte software afhankelijk.
Gedetailleerde informatie over de software die kan worden geladen en de functies die hiermee mogelijk zijn, alsmede informatie over de software zelf, vindt u in de product-database van de fabrikant.
Planning, installatie en inbedrijfstelling van het apparaat geschieden met behulp van door de EIBA gecertificeerde software.

Veiligheidsinstructies
Installatie en montage van elektrische apparaten mogen uitsluitend door een landelijk erkend installatiebedrijf worden uitgevoerd.
Bij veronachtzaming van de installatie-instructies kunnen schade aan het toestel, brand of andere gevaren optreden.
Principe van de aanwezigheidsmelder
Een aanwezigheidsmelder behoort tot de groep van de passieve infrarood (PIR)-melders, evenals een bewegingsmelder of een melder voor alarminstallaties.
Op grond van de interne opbouw en de signaaldetectie en -evaluatie ontstaan er evenwel verschillende toepassingsmogelijkheden:
■Een bewegingsmelder schakelt bij detectie helderheids-afhankelijk een verlichting in en helderheids-onafhankelijk weer uit, wanneer geen beweging meer herkend wordt.
■Een alarmmelder geeft helderheids-onafhankelijk een bewegingsmelding aan een alarm-centrale. Dikwijls zijn er instelmogelijkheden voor het aantal impulsen in een tijdvenster. Het detectiegebied is op een kleinere hoek (90°, meestal zelfs kleiner) begrensd.
■Een aanwezigheidsmelder dient ertoe, de verlichting bij detectie helderheidsafhankelijk in te schakelen en vervolgens weer uit te schakelen, wanneer deze niet meer nodig is, d.w.z. het is te licht geworden of er is niemand meer aanwezig. De "aanwezigheid" van een persoon wordt dus afhankelijk van een ingestelde helderheidswaarde geregistreerd.
De verschillen tussen deze PIR-melders zijn hoofdzakelijk gelegen in de uitvoering van de Fresnel-lens, de justering op de omgevingscondities, de montagewijze en de hoedanigheid van het bewegings- en helderheidsignaal.
Een aanwezigheidsmelder wordt uitsluitend aan het plafond bevestigd en bewaakt het onderliggende oppervlak.
De melder werkt met een passieve infrarood-sensor (PIR) en reageert op warmtebeweging, afkomstig van personen, dieren of voorwerpen.
Werking aanwezigheidsmelder 'Standard'
Deze aanwezigheidsmelder dient zowel voor aanwezigheidsbewaking (bedrijfsstand aanwezigheidsmelderfunctie) als voor bewegingsdetectie (bedrijfsstand plafond-detectiefunctie) in binnenruimten.
In beide bedrijfsstanden zijn 2 uitgangskanalen beschikbaar, die afzonderlijk geparametriseerd kunnen worden.
Het instellen bij de bedrijfsstanden plafonddetector en aanwezigheidsmelder geschiedt bij parametrisering van de aanwezigheidsmelder 'Standard' via de ETS software.
Achteraf omschakelen tussen de bedrijfsstanden is niet mogelijk. Om van bedrijfsstand te switchen, is een nieuwe programmering noodzakelijk.

De aanwezigheidsmelder 'Standard' is als individueel toestel inzetbaar. Het gebruik van twee aanwezigheidsmelders 'Standard' in één ruimte, om het detectiegebied te vergroten, is niet mogelijk. Beide toestellen zouden elkaar beïnvloeden.
Werking aanwezigheidsmelder 'Komfort'
Voor de instabus-aanwezigheidsmelder 'Komfort' zijn drie bedrijfsstanden instelbaar:
- plafonddetector
• aanwezigheidsmelder - meldstand
De instelling van de bedrijfsstanden geschiedt bij de parametrisering van het toestel door de ETS software.
Daarbij kan worden ingesteld, of slechts één bedrijfsstand actief is (mono-bedrijf) of tussen twee bedrijfsstanden via de instabus EIB geswitcht kan worden (wisselstand, b.v. overdag aanwezigheidsmelding en 's nachts meldstand).
In beide bedrijfsstanden zijn 2 uitgangskanalen beschikbaar, die afzonderlijk parametriseerbaar zijn.

De aanwezigheidsmelder 'Komfort' is al naar gelang de toepassing als los toestel, als 'centrale' of als impulsgever inzetbaar. Bij toepassing als centrale/impulsgever kan het detectiegebied worden vergroot. De aanwezigheidsmelder 'Komfort' kan ook samen met BERKER Automatic-inbouwschakelaars als centrale of impulsgever worden ingezet. Als impulsgever voor helderheidsonafhankelijk inschakelen kan ook een toetssensor worden gebruikt.
Beschrijving van de bedrijfsstanden met vooringestelde parameters Bedrijfsstand plafonddetectie
In de bedrijfsstand plafonddetectie herkent het toestel bewegingen en verzendt bij detectie direct een geparametriseerd radiogram, wanneer de gemeten helderheidswaarde beneden het ingestelde schemerniveau ligt.
Het toestel werkt nu onafhankelijk van de lichthelderheid. Zodra niet langer bewegingen worden herkend, verzendt het toestel bij beëindiging van de detectie het geparametriseerde radiogram na afloop van een ingestelde zendvertragingstijd.
Bedrijfsstand aanwezigheidsmelding
In de bedrijfsstand aanwezigheidsmelding registreert het toestel de aanwezigheid van een persoon en verzendt bij detectie een geparametriseerd radiogram, wanneer de gemeten helderheidswaarde beneden het ingestelde schemerniveau ligt.
Zodra geen aanwezigheid meer herkend wordt en de ingestelde zendvertragingstijd afgelopen is of het ingestelde schemerniveau gedurende minimaal 10 minuten met een dubbele waarde overschreden werd, zendt de aanwezigheidsmelder bij beëindiging van de detectie het geparametriseerde radiogram na afloop van een ingestelde zendvertragingstijd.
Het functionaliteitsverschil ten opzichte van de bedrijfsstand plafonddetectie is gelegen in de verwerking ...
a) van het bewegingssignaal
In tegenstelling tot de detectorfunctie leiden pas meerdere achter elkaar optredende bewegingsimpulsen tot herkenning van iemands aanwezigheid (presentie).
b) van het helderheidssignaal
Het als schemerniveau evalueerbare en instelbare helderheidsgebied is groter dan bij de bedrijfsstand plafonddetectie.
Pas na overschrijding van de dubbele waarde van het ingestelde schemerniveau (uitschakelhelderheid) wordt, ook bij iemands aanwezigheid, bij beeindiging van de detectie na ca. 10 minuten het geparametriseerde radiogram verzonden.
Deze uitschakelhelderheid kan via een correctiefactor in de parameters worden gewijzigd.
c) van het bewegings- en helderheidssignaal (gecombineerde evaluatie)
De verlichting wordt ingeschakeld, wanneer iemand aanwezig is en gelijktijdig de helderheidswaarde het ingestelde schemerniveau onderschrijdt.
De verlichting wordt uitgeschakeld, wanneer niemand aanwezig is of wanneer er zonder verlichting nog voldoende licht is.
Meldstand (alleen 'Komfort'-versie)
In deze bedrijfsstand met de functie 'melden' detecteert het toestel helderheidsonafhankelijk bewegingsimpulsen en telt deze aan de hand van een impulsteller. Wanneer binnen een vastgelegde tijd (standaardwaarde: 10 seconden) minimaal het vastgelegde aantal impulsen (standaardwaarde: 4 impulsen) geteld worden, wordt het bij aanvang van de detectie geparametriseerde radiogram verzonden.
Wanneer niet langer bewegingsimpulsen gedetecteerd worden, zendt de aanwezigheidsmelder na afloop van de standaard zendvertraging van 10s het geparametriseerde radiogram aan het eind van de detectie.
In de meldstand werkt de aanwezigheidsmelder 'Komfort' altijd als niet-verbonden toestel.
Overige productkenmerken:
- Alarmfunctie: Bij het lostrekken van de aanwezigheidsmelder kan een geparametriseerd radiogram worden verzonden.
- Teach-in functie: Wijziging van de inschakeldrempel van de schemerfase is via een radiogram mogelijk.
Een precieze beschrijving van de functionaliteit vindt u in de instabus documentatie bij deze producten.

De aanwezigheidsmelder wordt samen met een instabus buskoppeling uitsluitend aan plafonds gemonteerd. Aanwijzingen omtrent montage en installatie van een buskoppeling vindt u in de technische documentatie van dit product.
Aanwezigheidsmelder opsteken, daarbij niet op de lens drukken. Het elektrisch contact geschiedt via de gebruikers-interface (AST).
Storingsbronnen:
Niet in de onmiddellijke nabijheid van een warmtebron, b.v. een lamp, monteren (afbeelding links). De afkoelende lamp kan door het PIR-sensorsysteem als warmteverandering herkend worden en tot hernieuwde detectie leiden. Monteer de aanwezig-heidsmelder ook niet in de buurt van ventilatoren, radiatoren of ventilatie-schachten. Luchtbewegingen (b.v. ook door geopende vensters) kunnen waargenomen worden en tot opnieuw inschakelen leiden.
Evt. het detectiegebied met behulp van het bijgeleverde opsteekkapje inperken (z. hfdst. Opsteekkapje).

U dient erom te denken, dat het detectiegebied door obstakels, b.v. meubels, pilaren etc. wordt verkleind. Bewegingen in de detectieschaduw worden dan niet herkend.
De helderheidssensor (1) dient op de van het venster afgewende zijde gemonteerd te worden, om ongewenste strooilichtinvloed uit te sluiten.
De aanwezigheidsmelder trillingvrij monteren, aangezien sensorbewegingen eveneens een inschakeling kunnen triggeren.
Aanwijzing: Rechtstreekse zonnestra- ling op het sensorvenster vermljden. De sensoren kunnen door de hoge warmtestraling vernield raken.

text_image
time max min lux ① ②Instelling
Na montage en programmering met de ETS is het mogelijk, de in de software vastgelegde instellingen in een gedefinieerd gebied met behulp van potmeters op het toestel te wijzigen, wanneer deze functie softwarematig is vrijgegeven.
Om de helderheid, de inschakelduur en de gevoeligheid in te stellen, eerst de sierring (4) van de aanwezigheids-melder lostrekken. De potmeters zijn dan toegankelijk. (afbeelding links)
(1) Inschakeltijd: time
De softwarematig ingestelde „extra zendvertraging“ correspondeert met de middelste stand van de draairegelaar en is tot +/- 50% wijzigbaar, b.v. 120 s +/- 60 s.
(2) Helderheid: lux
Fijnafstelling van het softwarematig ingestelde schemerniveau. Het instelgebied is afhankelijk van de gekozen bedrijfsstand en omvat het gehele gebied van een schemerniveau, b.v. 300 – 600 lux.

text_image
④ sens max min ③(3) Gevoeligheid: sens
Traploze reducering van het max. bereik van 100% naar ca. 20% onafhankelijk van de software-instelling.
Sierring (4) na het instellen weer opsteken. De neus van de heldeheids-sensor moet in de uitsparing in de sierring (4) vastklikken.

Tip:
Hoe minder bewegingen er in het bewaakte gebied te verwachten zijn, des te langer dient de extra zendvertraging gekozen te worden. Op die manier kan te vroeg uitschakelen van de verlichting worden verhinderd.
Instelhulp
Zijn de softwarematige instellingen niet exact genoeg, kunnen met behulp van de draairegelaars lux en time de waarden in een begrensd gebied worden aangepast; wanneer deze functie softwarematig is vrijgegeven. Overschrijden de noodzakelijke aanpassingen deze ingestelde gebieden, dient de parametrisering van het toestel gecorrigeerd te worden. Daarna het toestel opnieuw programmeren.
| Last blijft ook bij hoge vals licht-inval ingeschakeld (fel zonlicht) ingeschakeld | |
| Oorzaak | Remedie |
| Ingestelde helderheidswaarde te hoog | Regelaar lux in richting maan-symbol draaien |
| Last schakelt ondanks te geringe helderheid bij beweging niet in | |
| Oorzaak | Remedie |
| Ingestelde helderheidswaarde te laag | Regelaar lux in richting zon-symbol draaien |
| Last schakelt uit, ofschoon personen aanwezig zijn en de verlichting niet toereikend | |
| Oorzaak | Remedie |
| Ingestelde tijd is te kort | Tijd met regelaar time verlengen |
| Detectieprobleem, het te bewaken oppervlak ligt niet binnen het detectiegebied, meubels of pilaren vormen een obstakel | Detectiegebied controleren |
| Last schakelt zonder herkenbare beweging in | |
| Oorzaak | Remedie |
| Storingsbronnen in het detectiegebied | zie hfdst. Montage |
| Last schakelt kort uit en onmiddellijk weer in | |
| Oorzaak | Remedie |
| Na uitschakeling wordt de ingestelde minimumhelderheid onderschreden, toestel schakelt bij bewegingsdetectie onmiddelijk weer in. | Reglaar lux een klein stukje richting zon-symbool verstellen |
Opmerkingen over de helderheidsmeting:
De door de aanwezigheidsmelder gemeten helderheidswaarden hangen van een aantal factoren af.
Zo speelt de reflectie van het licht door het direct onder de melder liggende oppervlak een beslissende rol. Lichte oppervlakken, zoals b.v. wit papier op de het bureau reflecteren per definitie meer licht dan b.v. een donkere vloerbedekking. Dit kan er eventueel toe leiden, dat de instelling van een aanwezigheidsmelder moet worden veranderd, wanneer het lichte bureau onder de melder naar een andere plek in de ruimte wordt verplaats en op de plaats waar het bureau stond nu een donkere vloerbedekking prijkt.
Detectiegebied
De aanwezigheidsmelder heeft en detectiegebied van 360°.
Het PIR-sensorsysteem werkt met 6 detectie-niveaus en 80 lenzen.
Het bereik bedraagt ca. 5 m in doorsnee op tafelhoogte (ca. 80 cm). Op de vloer wordt een doorsnede van ca. 8 m gerealiseerd.
Deze specificatie geldt voor plafondmontage bij een montagehoogte van 2,5 m en tangentiale, d.w.z. zijdelingse bewegingsrichting.
Aanwijzingen:
Bij een bewegingsrichting rechtstreeks naar de bewegingsmelder toe, moet met een verminderde reikwijdte rekening worden gehouden. In dat geval is detectie in het buitenste 4m-gebied niet gewaarborgd.
Loopt een persoon te snel op de aanwezigheidsmelder toe, kan de indruk van een geringere reikwijdte ontstaan.
Let in dit verband ook op de mogelijke inschakelvertragingen van de gebruikte lampen.
Dit punt is met name belangrijk bij toepassing als plafonddetector.
Bij duidelijk hogere montagehoogtes vermindert de gevoeligheid van het toestel navenant.

text_image
0 1m 2m 3m 4m 5mAanzicht detectieveld van boven: afbeelding links

Aanzicht detectieveld van opzij: afbeelding links
Opsteekkapje

Het transparante opsteekkapje is ter bescherming van de lens voorafgaand aan levering aangebracht.
Voor een maximaal detectiebereik het kapje van het toestel aftrekken.
Met het bijgeleverde opsteekkapje kunnen ongewenste detectiegebieden of storingsbronnen (zie hfdst. Montage, storingsbronnen) via inperking van het detectiegebied worden uitgeschakeld.
Bepaal eerst, welke gebieden niet bewaakt hoeven worden.
Knip het van de aanwezigheidsmelder gehaalde kapje langs de gemarkeerde lijnen zo uit, dat de tevoren bepaalde gebieden door het kapje afgedekt worden.

text_image
I IIDoor het uitknippen verandert de diameter van het detectiegebied op de vloer als volgt:
Gebieden I tot III zie afbeelding links.
Complete kapje zonder
uitgeknipte vlakken,
gebied I: ∅ ca. 2,20 m
Gebied II uitgeknipt: ∅ ca. 4,00 m
Gebied II+III uitgeknipt: ∅ ca. 6,00 m
Montage zonder kapje: ∅ ca. 8,00 m
De gegevens zijn gerelateerd aan een montagehoogte van ca. 2,50 m.

Montage van het kapje geschiedt, door het op de lens te steken en vast te klikken (afbeelding links).
Technische gegevens
Aansluiting: via gebruiksinterface (2 x 5 polig)
Detectiehoek: 360°
Nominaal bereik schrijfttafelhoogte : ∅ ca. 5 m
Nominal bereik
vloer: ∅ ca. 8 m
Montagehoogte voor nominaal bereik: ca. 2,5 m
Bij andere mintagehoogten varieert het nominaal bereik.
Aantal lenzen / Detectieniveaus: 80 / 6
Technische wijzigingen voorbehouden
Garantie
Wij bieden garantie in het kader van de wettelijke bepalingen.
U gelieve het apparaat franco met een beschrijving van de fout/storing aan onze centrale service-afdeling te zenden.
Berker GmbH & Co.KG
Klagebach 38
Gelieve deze handleiding na installatie aan uw klant te overhandigen.
Instructions de service

CE Het CE-teken is een vrijhandelsteken dat uit-sluitend voor de autoriteiten bedoeld is en geen toezegging van produkteigenschappen inhoudt.
SimpelGids