SHZ 100 LCD - Ketel STIEBEL ELTRON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SHZ 100 LCD STIEBEL ELTRON in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - SHZ 100 LCD STIEBEL ELTRON
Gebruikersvragen over SHZ 100 LCD STIEBEL ELTRON
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SHZ 100 LCD - STIEBEL ELTRON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SHZ 100 LCD van het merk STIEBEL ELTRON.
GEBRUIKSAANWIJZING SHZ 100 LCD STIEBEL ELTRON
- Algemene aanwijzingen 71
1.1 Veiligheidsaanwijzingen 71
1.2 Andere aandachtspunten in deze documentatie 72
1.3 Meeteenheden 72
- Veiligheid 72
2.1 Voorgeschreven gebruik 72
2.2 Veiligheidsaanwijzingen 72
2.3 Keurmerk 72
-
Toestelbeschrijving 73
-
Instellingen 74
4.1 Bedieningselementen en standaardweergave 74
4.2 Energiezuinigheidsinstellingen in de standardweergave 74
4.3 Andere mogelijke symbolen in de standaardweergave 76
4.4 Standaardinstellingen ____ 76
4.5 Menu-instellingen 77
4.6 Menubegrenzing in-/uitschakelen en instellen ____ 78
-
Reiniging, verzorging en onderhoud ____ 78
-
Problemen oplossen 78
INSTALLATIE
- Veiligheid 79
7.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen 79
7.2 Voorschriften, normen en bepalingen ____ 79
7.3 Waterinstallatie 79
- Toestelbeschrijving 79
9.1 Montageplaats 79
9.2 Ophangbeugel 79
9.3 Elektriciteitskabel 80
- Montage 80
10.1 Wateraansluiting 80
10.2 Montage van het toestel 80
10.3 Elektrische aansluiting 80
10.4 Montage voltooien 81
- Ingebruikname 81
11.1 Eerste ingebruikname 81
11.2 Opnieuw in gebruik nemen 81
- Instellingen 81
12.1 Commerciële modus inschakelen 81
12.2 Regeling Achteruit inschakelen 81
- Buitendienststelling 81
- Storingen verhelpen 82
- Onderhoud 83
15.1 Veiligheidsgroep 83
15.2 Het toestel aftappen 83
15.3 Ontkalken 83
15.4 Veiligheidsweerstand tegen corrosie 83 - Technische gegevens 84
16.1 Afmetingen en aansluitingen 84
16.2 Elektriciteitsschakelschema en aansluitingen 85
16.3 Verwarmingsgrafiek 89
16.4 Storingssituaties 89
16.5 Gegevens over het energieverbruik 90
16.6 Gegevenstabel 91
GARANTIE
MILIEU EN RECYCLING
BIJZONDERE INFO
- Het toestel kan door kinderen vanaf 3 jaar, alsmede door personen met verminderde fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden, wanneer er toezicht op hen gehouden wordt, of wanneer ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel geïnstrueerd zijn en de gevaren die daaruit ontstaan, begrepen hebben. Kinderen in de leeftijd van 3 tot 8 jaar mogen alleen de kraan bedienen die op het toestel aangesloten is. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht geen reiniging of gebruikersonderhoud uitvoeren.
- De aansluiting op het stroomnet is enkel als vaste aansluiting toegestaan in combinatie met de uit-neembare kabeldoorvoer. Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3 mm van de aansluiting van het net kunnen worden losgekoppeld.
- Bevestig het toestel zoals beschreven in het hoofdstuk "Installatie/voorbereidingen".
- Neem de maximaal toegelaten druk in acht (zie hoofdstuk "Installatie/technische gegevens/gegevenstabel").
- Installeer een reststroom-veiligheidsapparaat (RCD).
Gesloten werkwijze:
- Het toestel staat onder druk. Tijdens verwarming druppelt expansiewater uit de veiligheidsklep.
- Stel periodiek de veiligheidsklep in werking, zodat vastzitten, bijv. door kalkafzettingen, voorkomen wordt.
- Tap het toestel af zoals beschreven in het hoofdstuk "Installatie/onderhoud/het toestel aftappen".
- Monteer een type-gekeurd veiligheidsventiel in de koudwateraanvoerleiding. Let erop dat daarvoor, afhankelijk van de statische druk, eventueel ook een reduceerventiel nodig is.
-
Dimensioneer de afvoerleiding op een wijze dat het water bij volledig geopende veiligheidsventiel ongehinderd kan worden afgevoerd.
-
Monteer de afblaasleiding van de veiligheidsklep met een constante afwaartse helling in een vorstvrije ruimte.
- De afblaasopening van de veiligheidsventiel moet geopend blijven naar de atmosfeer.
BEDIENING
1. Algemene aanwijzingen
De hoofdstukken „Bijzondere info” en „Bediening” zijn bedoeld voor de gebruiker van het toestel en voor de installateur.
Het hoofdstuk "Installatie" is bestemd voor de installateur.

Info
Lees deze handleiding voor gebruik zorgvuldig door en bewaar deze op een veilige plaats.
Overhandig de handleiding in voorkomende gevallen aan een volgende gebruiker.
1.1 Veiligheidsaanwijzingen
1.1.1 Structuur veiligheidsaanwijzingen

TREFWOORD Soort gevaar
Hier staan mogelijke gevolgen, wanneer de veiligheids-aanwijzing wordt genegeerd.
Hier staan maatregelen om het gevaar af te wen- den.
1.1.2 Symbolen, soort gevaar
Symbool Soort gevaar

Letsel

Elektrische schok

Verbranden
| GEVAAR | Aanwijzingen die leiden tot zwaar letsel of overlijden, wanneer deze niet in acht worden genomen. |
| WAARSCHUWING | Aanwijzingen die kunnen leiden tot zwaar letsel of overlijden, wanneer deze niet in acht worden genomen. |
| VOORZICHTIG | Aanwijzingen die kunnen leiden tot middelmatig zwaar of licht letsel, wanneer deze niet in acht worden genomen. |
1.2 Andere aandachtspunten in deze documentatie

Info
Algemene aanwijzingen worden aangeduid met het symbool dat hiernaast staat.
Lees de aanwijzingsteksten grondig door.
Symbool Betekenis
| Materièle schade(toestel-, gevolg-, milieuschade) | |
| Het toestel afdanken |
- Dit symbool geeft aan dat u iets moet doen. De vereiste handelingen worden stapsgewijs beschreven.
1.3 Meeteenheden

Info
Tenzij anders wordt vermeld, worden alle maten in millimeter aangegeven.
2. Veiligheid
2.1 Voorgeschreven gebruik
Het toestel is bestemd voor het opwarmen van drinkwater en kan afhankelijk van de werkwijze één of meerdere tappunten voeden.
Het toestel is bestemd voor gebruik in een huishoudelijke omgeving. Het kan veilig worden bediend door personen die daarover niet geïnstrueerd zijn. Het toestel kan eventueel ook buiten een huishouden gebruikt worden, bijv. in het kleinbedrijf, voor zover het op dezelfde wijze gebruikt wordt.
Elk ander gebruik geldt niet als gebruik conform de voorschriften. Als gebruik conform de voorschriften hoort ook het in acht nemen van deze handleiding evenals de handleidingen voor het gebruikte toebehoren. In geval van wijzigingen of aanpassingen aan het toestel vervalt alle garantie.
2.2 Veiligheidsaanwijzingen

De kraan of de veiligheidsgroep kan tijdens de werking een temperatuur van meer dan 60 °C aannemen.
Bij uitlooptemperaturen van meer dan 43 °C bestaat er gevaar voor brandwonden.

WAARSCHUWING Ietsel
Het toestel kan door kinderen vanaf 3 jaar, alsmede door personen met verminderde fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of met een gebrek aan ervaring en kennis worden gebruikt, wanneer er toezicht op hen wordt gehouden, of wanneer ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel zijn geïnstrueerd en de gevaren die daaruit ontstaan, hebben begrepen. Kinderen in de leeftijd van 3 tot 8 jaar mogen alleen de kraan bedienen die op het toestel aangesloten is. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht geen reiniging of gebruikersonderhoud uitvoeren.

Materièle schade
Houd het toestel alsmede de waterleidingen en veiligheidsventielen vorstvrij. Wanneer het toestel wordt losgekoppeld van de stroomvoorziening, is het niet tegen vorst en corrosie beschermd.
- Onderbreek nooit de stroomvoorziening van het toestel.

Info
Gesloten werkwijze: het toestel staat onder druk! Het expansiewater druppelt uit de veiligheidsklep tijdens het verwarmen. Waarschuw uw installateur, als er na het verwarmen nog water nadruppelt.

Info
Open werkwijze: tijdens elke opwarmprocedure druppelt er expansiewater uit de uitloop.
2.3 Keurmerk
Zie het typeplaatje op het toestel.
3. Toestelbeschrijving
Het toestel verwarmt op elektrische wijze drinkwater met het aangesloten verwarmingsvermogen of met snelopwarming. Met de elektronische regeling is een energiebesparende instelling gemakkelijker te regelen. Afhankelijk van de stroomvoorziening en het gebruiksgedrag wordt het verwarmen automatisch uitgevoerd tot aan de ingestelde temperatuur. De standaardweergave geeft informatie over het beschikbare mengwatervolume, de status van de opwarming en de ECO-modus. Bovendien worden mogelijke fouten en de verkalking van de verwarmingsflens aangegeven.
Het stalen binnenreservoir is voorzien van speciaal direct email en van een gelijkspanningsanode. Bij ingeschakelde netspanning beschermt de anode het binnenreservoir op actieve wijze tegen corrosie.
Wanneer de netspanning is ingeschakeld, is het toestel in alle bedrijfsstanden beschermd tegen vorst. Het toestel schakelt op het juiste tijdstip in en weer uit, wanneer het water voldoende is opgewarmd. Het toestel biedt de waterleidingen en de veiligheidsgroep echter geen bescherming tegen vorst.
U kunt het toestel in eenkring-, tweekring- of boilerwerking gebruiken.
Eenkringwerking
In deze werkwijze verwarmt het toestel bij iedere nominale temperatuurinstelling automatisch met het aangesloten verwarmingsvermogen.
Tweekringwerking
Het toestel verwarmt bij elke nominale temperatuurinstelling tijdens de nachtstroom (periodes met laag tarief van de energie-maatschappij) de waterinhoud automatisch op met het aangesloten verwarmingsvermogen. Bovendien kunt u de snelopwarming inschakelen.
Boilerwerking
Het toestel verwarmt nadat u de knop Snelopwarming hebt ingedrukt. Als de ingestelde temperatuur is bereikt, schakelt het toestel uit en niet opnieuw in.

text_image
STIEBEL ELTRON elctroniccomfort Toets Menu Toets ECO 155 l Toets Snelopwarming Toets Nominale temperatuur instellen: 3°C Standaardindicatie met beschikbaar mengwatervolume4. Instellingen
4.1 Bedieningselementen en standaardweergave

text_image
STIEBEL ELTRON electronic comfort 1 2 ECO 155 °C 155 3 - W 4 5 6 7 8 9 26_02_07_0205_1 Symbool ECO-modus
2 Toets Plus
3 Toets Min
4 Weergave mengwatervolume in I
5 Symbool Verwarmingselement
6 Toets voor snelopwarming (in tweekring- of boilerwerking)
7 Symbool Verwarmen
8 Toets Menu
9 Symbool Mengwatervolume
4.1.1 Weergave mengwatervolume

Info
Als u de nominale temperatuur heeft ingesteld op minder dan 40 °C, wordt niet het mengwatervolume, maar de ingestelde nominale temperatuur aangegeven.

Het momenteel beschikbare mengwatervolume van 40 °C wordt aangegeven bij 15 °C koudwaterinlooptemperatuur.

Wanneer er momenteel minder dan 10 l mengwater beschikbaar is, wordt "< 10 l" aangegeven.
| Warmwaterbehoefte voor Mengwatervolume van 40 °C | |
| Baden 120 - 150 l | |
| Douchen 30 - 50 l | |
| Handen wassen 2 - 5 l | |
Het verkrijgbare mengwatervolume is afhankelijk van de grootte van de boiler en van de ingestelde nominale temperatuur.
4.1.2 Symbool Verwarmen
Het symbool verschijnt, wanneer het toestel water verwarmt.
4.2 Energiezuinigheidsinstellingen in de standaardweergave
4.2.1 Symbool ECO-modus
ECO Comfort (fabrieksinstelling)
Deze energiebesparingmodus biedt u altijd de maximale hoeveelheid warm water en daardoor het hoogste comfort.

Het symbool ECO verschijnt.
In de energiebesparende modus ECO Comfort wordt de nominale temperatuur automatisch verlaagd naar 60 °C wanneer een hogere nominale temperatuur is ingesteld:
- 1 week na ingebruikname (fabrieksinstelling: 85 °C)
- 1 week na instelling van de nominale temperatuur hoger dan 65 °C
U kunt deze modus onmiddellijk na de ingebruikname inschakelen door de nominale temperatuur in te stellen op 60 °C of lager (zie hoofdstuk "Standaardinstellingen/Nominale temperatuur instellen").
ECO Plus (bij eenkringwerking)
Deze energiebesparingmodus biedt grote voordelen bij energiebesparing, omdat pas na een grotere warmwaterafname wordt verwarmd.

Het symbool ECO knippert
De nominale temperatuur wordt onmiddellijk automatisch op 60 °C ingesteld.
In de modus ECO Plus verwarmt het toestel automatisch tot de nominale temperatuur, nadat circa 40 % van de boilerinhoud werd afgetapt.
U kunt deze modus in het menu selecteren (zie hoofdstuk "Menu-instellingen/ECO-modus weergeven en instellen").

Info
Wanneer u in de modus ECO Plus de nominale temperatuur verandert, schakelt het toestel automatisch naar de modus ECO Comfort.
ECO Dynamic (bij eenkringwerking)
Deze energiebesparingmodus biedt de mogelijkheid maximale energie-efficiency te verkrijgen door automatische, dynamische aanpassing aan uw gebruiksgedrag.
De modus ECO Dynamic is ideaal wanneer u, afhankelijk van de dag van de week, altijd op hetzelfde tijdstip vergelijkbare hoeveelheden warm water nodig heeft.

Het symbool ECO knippert
De nominale temperatuur wordt onmiddellijk automatisch op 60 °C ingesteld.
Nadat u de modus ECO Dynamic hebt gekozen, evalueert het toestel gedurende een week uw af- taptijden en -hoeveelheden. Gedurende die tijd werkt het toestel eerst in de modus ECO Comfort.
Na de evaluatie wordt, afhankelijk van de dag van de week en het tijdstip, het berekende mengwatervolume voorzien. Daarbij kan maximaal 60 % van de boilerinhoud worden afgenomen voordat het toestel weer opwarmt. Als het momenteel beschikbare mengwatervolume niet volstaat voor de verwachte afname, wordt de volledige boilerinhoud tijdig naar 60 °C verwarmd.
Als de afnametijdstippen en -volumes wijzigen, evalueert het toestel de veranderingen en past het voorziene mengwatervolume eventueel aan.
U kunt deze modus in het menu selecteren (zie hoofdstuk "Menu-instellingen/ECO-modus weergeven en instellen").

Info
Wanneer u in de modus ECO Dynamic de nominale temperatuur verandert, schakelt het toestel automatisch naar de modus ECO Comfort.
4.2.2 Commerciële modus
De installateur heeft de mogelijkheid het toestel voor commerciële toepassingen om te schakelen, bijv. in praktijken of slagerijen (zie hoofdstuk "Installatie/instellingen"). De nominale temperatuur wordt dan handmatig ingesteld. De menu-instelling ECO-modus is niet mogelijk in de commerciële modus.
4.2.3 Aangepast gebruik van tijden met nachttarief (regeling Achteruit bij tweekringwerking)
Deze functie is niet actief bij de fabrieksinstelling. De installateur kan de regeling Achteruit van het toestel inschakelen (zie hoofdstuk "Installatie/instellingen").
D.w.z. dat het toestel gedurende 7 dagen de tijden met laag tarief van uw energiemaatschappij evalueert om de tijden met nachttarief optimaal te gebruiken.
Tijdens de evaluatie verwarmt het toestel de boilerinhoud reeds aan het begin van de nachttariefperiode op, wanneer de nominale temperatuur niet wordt gehaald.
Het doel is het verwarmen op een tijdstip te starten, zodat u pas aan het einde van de nachttariefperiode kunt beschikken over de volledig op nominale temperatuur verwarmde boilerinhoud. Daardoor is er minder energie vereist om het water op deze temperatuur te houden, m.a.w. het energieverbruik in stand-by daalt.

Op het berekende tijdstip begint het toestel met opwarmen.
Het symbool Opwarmen verschijnt.

Na het beëindigen van de opwarming verdwijnt het symbool Opwarmen.
Als de nominale temperatuur niet wordt gehaald, kunt u, indien nodig, met de snelopwarming (zie hoofdstuk "Standaardinstellingen/snelopwarming") in de nachttariefperiode de opwarming ook vóór de automatische starttijd activeren.
4.3 Andere mogelijke symbolen in de standaardweergave

text_image
STIEBEL ELTRON electronic comfort 7 1 2 6 0000 °C kWh Ca 3 + - 4 26.02.07.0206.1 Symbool Nominale temperatuur
2 Symbool Temperatuurbegrenzing
3 Waarde-indicatie bij het actieve symbool
4 Symbool Service/storing
5 Symbool Verkalking
6 Symbool Energieverbruik
7 Symbool Uitlooptemperatuur
4.3.1 Symbool Verkalking

Info
Wanneer het symbool voor de verkalking "Ca" in de standaardweergave verschijnt, is het aan te bevelen de verwarmingsflens te ontkalken. Waarschuw de installateur.
Wanneer het symbool Service/storing in de standaard-weergave verschijnt, informeert u uw installateur. Als het symbool knippert, wordt geen water verwarmd en moet de installateur absoluut worden geïnformeerd.
4.4 Standaardinstellingen
4.4.1 Snelinstellingen met de toetsen
Deze instellingen kunt u direct met de toetsen in de standaard-weergave uitvoeren.

Info
Na elke bediening gaat het toestel automatisch naar de standaardweergave en wordt de ingestelde waarde opgeslagen.
4.4.2 Nominale temperatuur instellen


Stel met de toetsen Plus en Min de nominale temperatuur van 20 tot 85 °C (fabrieksinstelling) in.
Het symbool Nominale temperatuur verschijnt.
Wanneer u in de modus ECO Plus of ECO Dynamic de nominale temperatuur van 60 °C wijzigt, wordt de energiebesparingmodus automatisch omgeschakeld naar ECO Comfort. Meer informatie vindt u in het hoofdstuk "Energiezuinigheidsinstellingen in de standaardweergave".
4.4.3 Uitschakelen


Wanneer u de nominale temperatuur met de toets Min instelt op minder dan 20 °C, is alleen nog de vorstbescherming actief.
4.4.4 Snelopwarming


Druk op de toets Snelopwarming. Het symbool Opwarmen verschijnt.
Tweekringwerking
U kunt de snelopwarming inschakelen met de toets. Daarvoor kan ook een afstandsbediening worden geïnstalleerd. Als de ingestelde temperatuur is bereikt, schakelt de snelopwarming uit en niet opnieuw in.
Boilerwerking
U dient het toestel in te schakelen met de toets voor snelopwarming. Als de ingestelde temperatuur is bereikt, schakelt het toestel uit en niet opnieuw in.
4.5 Menu-instellingen
4.5.1 Algemeen principe van de menu-instellingen

Info
Na elke bediening gaat het toestel automatisch naar de standaardweergave en wordt de ingestelde waarde opgeslagen.


Met de toets Menu roept u één voor één alle informatie en de instelmogelijkheden op. Het overeenkomstige symbool verschijnt.
4.5.2 Uitlooptemperatuur weergeven


Het symbool Uitlooptemperatuur verschijnt.
De actuele uitlooptemperatuur wordt weergegeven.
4.5.3 Nominale temperatuur instellen


Het symbool Nominale temperatuur verschijnt.

Stel met de toetsen Plus en Min de nominale temperatuur van 20 tot 85 °C in.

4.5.4 Temperatuurbegrenzing in-/uitschakelen en instellen


Het symbool Temperatuurbegrenzing verschijnt.
☐ Temperatuurbegrenzing uit (fabrieksinstelling)
/ Temperatuurbegrenzing aan

Schakel de temperatuurbegrenzing uit of in.

Stel met de toetsen Plus en Min de temperatuurbegrenzing van 40 tot 60 °C in.

Temperatuurbegrenzing aan
In de standaardweergave verschijnt het symbool Temperatuurbegrenzing. De ingestelde temperatuurbegrenzing is tevens de maximumwaarde voor de nominale temperatuur.

Info
Bij Temperatuurbegrenzing aan kunnen ECO Plus en ECO Dynamic niet meer worden geselecteerd.
4.5.5 ECO-modus weergeven en instellen

Info
In de commerciële modus (zie hoofdstuk "Energiezuinigheidsinstellingen in de standaardweergave/commerciële modus") worden de ECO-instellingen overgeslagen.


Het symbool ECO-modus verschijnt.
De actuele modus wordt weergegeven. Kies achtereenvolgens de gewenste ECO-modus.
ECO1 ECO Comfort
ECO2 ECO Plus
ECO3 ECO Dynamic
ECO Comfort ECO1
Deze energiebesparingmodus biedt u altijd de maximale hoeveelheid warm water en daardoor het hoogste comfort.
ECO Plus EC02
Deze energiebesparingmodus biedt grote voordelen bij energiebesparing, omdat pas na een grotere warmwaterafname wordt verwarmd.
ECO Dynamic EC03
Deze energiebesparingmodus biedt de mogelijkheid maximale energie-efficiency te verkrijgen door intelligente, dynamische aanpassing aan uw gebruiksgedrag.
4.5.6 Energieverbruik weergeven


Het symbool Energieverbruik verschijnt.
Er wordt een waarde bij benadering weergegeven voor het energieverbruik tot dusver.

Om de waarde weer op nul te zetten houdt u de toets langer dan 3 seconden ingedrukt.
4.5.7 Verkalkingsgraad weergeven, automatisch verschijnen in de standaardweergave in-/uitschakelen


Het symbool Verkalking verschijnt.
De actuele verkalkingsgraad wordt weergegeven.
-- geen / geringe verkalking
CA ontkalking van verwarmingsflens aanbevolen


Automatisch verschijnen in de standaardweergave aan (fabrieksinstelling)
0 automatisch verschijnen in de standaardweergave uit
Schakel het automatisch verschijnen in

de standaardweergave in of uit.
4.5.8 Servicecode weergeven
De installateur krijgt door de servicecode informatie over de oorzaak van een storing (zie hoofdstuk "Storingen verhelpen").


Weergave servicecode
4.6 Menubegrenzing in-/uitschakelen en instellen

Om de menubegrenzing in te stellen houdt u de toets langer dan 3 seconden ingedrukt tot de weergave van de nominale temperatuur knippert.
Lang

Het symbool Nominale temperatuur verschijnt.
Het symbool ECO-modus verschijnt (knipperend bij ECO Plus en ECO Dynamic).
Bij menubegrenzing wordt de nominale temperatuur weergegeven.

Om de menubegrenzing uit te schakelen houdt u de toets langer dan 3 seconden ingedrukt tot de weergave van het mengwatervolume knippert.
Menubegrenzing aan
Bij Menubegrenzing aan blijven alle instellingen behouden.
U kunt de standaardinstellingen Nominale temperatuur en Snelopwarming uitvoeren met de toetsen (zie hoofdstuk "Instellingen/standaardinstellingen"). Menu-instellingen zijn niet mogelijk.

In de weergave bij menubegrenzing verschijnen de symbolen Opwarmen, Verkalking en Service/storing, zoals beschreven in het hoofdstuk "Instellingen/bedieningselementen en standaard-weergave".
5. Reiniging, verzorging en onderhoud
- Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of reinigingsmiddelen met oplosmiddelen. Een vochtige doek volstaat om het toestel te onderhouden en te reinigen.
- Controleer periodiek de kranen. Verwijder kalk op de kraanuitlopen met in de handel verkrijgbare ontkalkingmiddelen.
▶ Laat de elektrische veiligheid van het toestel en de werking van de veiligheidsgroep periodiek controleren door een installateur.
6. Problemen oplossen
| Storing Oorzaak Oplossing | ||
| Het water wordt niet warm. | Er is geen spanning. Controleer de zekeringen van de huisinstallatie. | |
| De uitstroomhoeveelheid is laag. | De straalregelaar in de kraan of de douchekop is verkalkt of vuil. | Reinig en/of ontkalk de straalregelaar of de douchekop. |
| Het symbool Verkalking "CA" verschijnt. | De verwarmingsflens is verkalkt. | Waarschuw de installateur. |
![]() | ||
| Het symbool Service/ storing verschijnt. | Waarschuw de installateur. | |
![]() | ||
| Het symbool Service/ storing knippert en het water wordt niet warm. | Waarschuw in elk geval de installateur. | |
![]() | ||
Het symbool Service/
storing verschijnt.
Het symbool Service/
storing knippert en het
water wordt niet warm.
Als u de oorzaak zelf niet kunt verhelpen, waarschuwt u de installateur. Om u nog sneller en beter te kunnen helpen, deelt u hem de nummers op het typeplaatje mee (000000 en 0000-00000):

text_image
STIEBEL EUTRON Nr.: 000000-0000-000000 Made in Germany 26.02.07.0191INSTALLATIE
7. Veiligheid
Installatie, ingebruikname, evenals onderhoud en reparatie van het toestel mogen alleen door een gekwalificeerde installateur worden uitgevoerd.
7.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen
Wij waarborgen de goede werking en de bedrijfsveiligheid uitsluitend bij gebruik van originele accessoires en vervangingsonderdelen voor het toestel.
7.2 Voorschriften, normen en bepalingen

Info
Neem alle nationale en regionale voorschriften en be- palingen in acht.
7.3 Waterinstallatie
Koudwaterleiding
Als materiaal is thermisch verzinkt staal, roestvrij staal, koper of kunststof toegestaan.
Een veiligheidsklep is verplicht.
Warmwaterleiding
Als materiaal zijn roestvrijstalen, koperen of kunststof buizen toegestaan.

Materiële schade
Neem het hoofdstuk "Technische gegevens/storingssituaties" in acht bij het gebruik van kunststof buizen.
Het toestel moet in gesloten werkwijze met drukkranen worden gebruikt.
Het toestel moet in open werkwijze met drukloze kranen worden gebruikt.
8. Toestelbeschrijving
8.1 Leveringsomvang
Bij het toestel wordt het volgende geleverd:
- ophangbeugel (2 stuks bij toestellen 120 l en 150 l)
- Overbruggingshulpstukken 5 mm (2 stuks voor boven, 2 stuks voor onder)
- Afdekkappen
8.2 Toebehoren
Met de ombouwkit Relais (artikelnummer255789) is een bijkomende scheiding tussen laag en hoog tarief mogelijk op de elektrische toestelaansluiting (zie "Technische gegevens/elektriciteitsschema's en aansluitingen").
Gesloten (drukvaste) werkwijze
Voor een gesloten (drukvaste) werkwijze zijn, afhankelijk van de statische druk, verschillende veiligheidsgroepen leverbaar. Deze typegekeurde veiligheidsgroepen beschermen het toestel tegen een verboden drukoverschrijding.
Drukkranen zijn verkrijgbaar als accessoire.
Open (drukloze) werkwijze
Drukloze kranen zijn verkrijgbaar als accessoire.
9. Voorbereidingen
9.1 Montageplaats
Het toestel is uitsluitend voorzien voor vaste wandmontage. Zorg ervoor dat de wand voldoende draagvermogen heeft.
Monteer het toestel altijd verticaal, in een vorstvrije ruimte en in de buurt van het tappunt.
9.2 Ophangbeugel
▶ Teken de maten voor de ophangbeugel af op de wand.
▶ Boor de gaten en bevestig de ophangbeugel met schroeven en pluggen. Kies bevestigingsmateriaal dat past bij de sterkte van de wand.
Bij de toesteltypes met 120 of 150 liter nominale inhoud zijn 2 ophangbeugels vereist.

1 Overbruggingshulpstuk onder
2 Overbruggingshulpstuk boven
3 Afdekkap
▶ Compenseer oneffenheden van de wand met de meegeleverde afstandsstukken.
▶ Schuif de afdekkappen erop.
9.3 Elektriciteitskabel

text_image
270 120D0000042052
10. Montage
10.1 Wateraansluiting

Info
Voer alle werkzaamheden voor wateraansluiting en installatie uit conform de voorschriften.
▶ Sluit de hydraulische aansluitingen met een vlakke afdichting aan.
Gesloten (drukvast) voor de voeding van verschillende tappunten
Monteer de veiligheidsgroep in de koudwatertoevoerleiding. Let er daarbij op dat, afhankelijk van de statische druk, de juiste veiligheidsgroep wordt gekozen.
▶ Houd rekening met de instructies in de montagevoorschriften van de veiligheidsgroep.
Open (drukloos) voor de voeding van één tappunt

Info
Blokkeer de uitloop en de kraanzwenkarm niet. Gebruik geen straalregelaars of luchtspuiters.
▶ Spoel deze grondig door.
▶ Gebruik de door ons aanbevolen open kranen.
10.2 Montage van het toestel

10.3 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING Elektrische schok Voer alle werkzaamheden voor elektriciteitsaansluitingen en montage uit conform de voorschriften.

WAARSCHUWING Elektrische schok De aansluiting op het stroomnet is alleen op vast ge- plaatste kabels toegestaan in combinatie met de uit- neembare kabeldoorvoer. Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3 mm van het stroomnet- werk kunnen worden losgekoppeld.

Materièle schade Installeer een reststroom-veiligheidsapparaat (RCD).

Materiële schade Zorg ervoor dat het toestel aangesloten is op de aard- leiding!

text_image
1 2 3 4 5 E Z B 1 2 3 26_02_07_0201_1 Elektronische module Regeling
2 Schakelaar voor werkwijze
3 Schakelaar voor vermogen
4 Elektronische module Bediening
5 Aansluitkabel elektronische modules
▶ Draai de 4 schroeven eruit.
▶ Verwijder de onderste kap.
- Trek de kabeldoorvoer er aan de onderkant uit. Druk daarvoor op de vergrendelhaakjes.
▶ Schuif de kabeldoorvoer over de verbindingskabel heen en vergrendel de kabeldoorvoer opnieuw.

Info
U kunt het vermogen en de werkwijze alleen omschakelen, wanneer het toestel van het stroomnet is ontkoppeld.

E Z B

1 2 3
164
E Eenkringwerking
Z Tweekringwerking
B Boilerwerking
1 Vermogen 1
2 Vermogen 2
3 Vermogen 3

Info
Bij speciale schakeling zonder externe schakelcontactgevers voor de tariefomschakeling (tweekringschakeling, meting met twee meters, 1/N/PE \~ 230 V) houdt u rekening met het hoofdstuk "Technische gegevens/elektriciteitsschema's en aansluitingen".
▶ Selecteer het vermogen en de werkwijze met de schakelaars op de elektronische module Regeling en kies de gewenste aansluiting (zie hoofdstuk "Technische gegevens/elektrici-1 teitsschema's en aansluitingen").
- Kruis met een pen het geselecteerde aansluitvermogen en de -spanning aan op het typeplaatje.
▶ Sluit eventueel een afstandsbediening voor de snelopwarming aan op de netaansluitklem.
10.4 Montage voltooien
▶ Steek de 5-polige steekverbinding van de verbindingskabel op de elektronische module Bediening, positie X2.
▶ Plaats de onderste kap.
▶ Draai de 4 schroeven erin.
Gesloten (drukvaste) werkwijze:
▶ sluit de veiligheidsgroep aan op het toestel door de buizen op het toestel te schroeven.
Open (drukloze) werkwijze
▶ Schroef het toestel en de kraan op elkaar.
11. Ingebruikname
11.1 Eerste ingebruikname
▶ Open de warmwaterkraan totdat het toestel is gevuld en het leidingnet luchtvrij is.
▶ Let op het maximaal toegelaten doorstroomvolume bij een volledig geopende kraan (zie hoofdstuk "Technische gegevens/gegevenstabel").
▶ Gesloten (drukvaste) werkwijze:
Reduceer, indien gewenst, het doorstroomvolume op de smoring van de veiligheidsgroep.
Monteer de afblaasleiding van de veiligheidsgroep met een constante afwaartse helling.
Houd rekening met de instructies in de installatiehandleiding van de veiligheidsgroep.
▶ Schakel de netspanning in.
▶ Controleer de werkmodus van het toestel. Controleer eventueel de werking van de snelopwarming.
▶ Gesloten (drukvaste) werkwijze:
controleer de goede werking van de veiligheidsgroep.
Wanneer na de ingebruikname een uitlooptemperatuur van 55 °C is bereikt, wordt de temperatuur automatisch afgestemd en schakelt de verkalkingsidentificatie in. Daarvoor wordt de opwarming gedurende ca. 5 minuten onderbroken.
11.1.1 Overdracht van het toestel
Leg aan de gebruiker de werking van het toestel uit en maak hem vertrouwd met het gebruik ervan.
▶ Wijs de gebruiker op mogelijk gevaar, met name verbrandingsgevaar.
▶ Geef deze instructies mee.
11.2 Opnieuw in gebruik nemen
Zie hoofdstuk "Eerste ingebruikname".
12. Instellingen

(Zie ook hoofdstuk "Technische gegevens/elektriciteitsschema's en aansluitingen".)
12.1 Commerciële modus inschakelen
▶ Steek de overeenkomstige jumper om teneinde de commerciele modus in te schakelen.
S Jumper ECO (energiebesparingmodus)
E ECO Aan (fabrieksinstelling)
A ECO Uit (commerciële modus)
12.2 Regeling Achteruit inschakelen
▶ Steek de jumper om om de regeling Achteruit in te schakelen.
R Jumper regeling Achteruit
Regeling Achteruit Aan
A Regeling Achteruit Uit (fabrieksinstelling)
13. Buitendienststelling
▶ Verbreek de verbinding tussen het toestel met de zekering in de huisinstallatie en de netspanning.
- Tap het toestel af. Zie hoofdstuk "Onderhoud/toestel aftappen".
14. Storingen verhelpen

Info
Bij temperaturen lager dan -15 °C kan de veiligheidstemperatuurbegrenzer worden geactiveerd. Het toestel kan al bij opslag of bij het transport aan deze temperaturen zijn blootgesteld.


Weergave servicecode
▶ Roep de weergave van de servicecode in het menu op (zie hoofdstuk "Instellingen/menu-instellingen").
- De stekkers worden beschreven in hoofdstuk "Technische gegevens/elektriciteitsschema's en aansluitingen".
| Storing Code Oorzaak Oplossing | ||||
| Geen weergave | Er is geen spanning. | Breng de stroomvoorziening tot stand. | ||
| Er is geen verbinding met de elektronische module Bediening. | Controleer of stekker X2 er op de juiste wijze is ingestoken. | |||
| De elektronische module Bediening is defect. | Controleer de elektronische module Bediening en vervang deze eventueel. | |||
| Het symbool Verkalking "CA" verschijnt. | De verwarmingsflens is verkalkt. | Ontkalk de verwarmingsflens. Het symbool wordt automatisch gereset. | ||
| Ca | ||||
| Het symbool Service/ storing verschijnt. | 2 | Constante weergave van nominale temperatuur | De temperatuursensor heeft een storing. | Controleer of stekker X10 er op de juiste wijze is ingestoken. |
| 4 | Controleer de temperatuursensor. | |||
| 15 | De gelijkspanningsanode heeft een storing. | Controleer of stekker X7 er op de juiste wijze is ingestoken. Controleer de gelijkspanningsanode en de bedrading. | ||
| 128 | De laatst ingestelde nominale waarden zijn actief, eventueel constante weergave 128. | De communicatie tussen de elektronische modules Regeling en Bediening heeft een storing. | Controleer of stekker X2 op de juiste wijze is ingestoken in beide modules. | |
| Controleer de modules en de aansluitkabel. | ||||
| Het symbool Service/ storing knippert en het water wordt niet warm. | 6 | Constante weergave van nominale temperatuur | De temperatuursensor is defect. | Controleer of stekker X10 er op de juiste wijze is ingestoken. |
| Controleer de temperatuursensor. | ||||
| 8 | Het symbool Verwarmen wordt niet getoond. | De veiligheidstemperatuurbegrenzer is geactiveerd, omdat de regelaar defect is. | Los de oorzaak van de storing op. Vervang de veiligheidstemperatuurbegrenzer. | |
| De veiligheidstemperatuurbegrenzer is geactiveerd, omdat de temperatuur lager is dan -15 °C. | Druk op de resettoets (zie afbeelding). | |||
| De snelopwarming schakelt niet in. | Controleer de toets. | |||
| De verwarmingsflens is defect. | Vervang de verwarmingsflens. | |||
| 32 | Bescherming tegen drooglopen | Er zit geen water in de boiler. | Vul de boiler. | |
| Er is geen anodestroom. | Controleer of stekker X7 er op de juiste wijze is ingestoken. Controleer de gelijkspanningsanode en de bedrading. | |||
| De verwisselbare smeltzekering is geactiveerd. | Controleer de verwisselbare smeltzekering. | |||
| 64 | Het relais is defect. | Vervang de elektronische module Regeling. | ||

WAARSCHUWING Elektrische schok Scheid alle polen van het toestel van het elektriciteitsnet voor aanvang van alle werkzaamheden.
Voor enkele onderhoudswerkzaamheden is het noodzakelijk de onderste kap te verwijderen.
Wanneer het toestel bovendien moet worden afgetapt, raadpleeg dan het hoofdstuk "Toestel aftappen".
Neem de dompeldiepte van de veiligheidstemperatuurbegrenzer in acht (zie hoofdstuk "Afmetingen en aansluitingen").
15.1 Veiligheidsgroep
▶ Het is verplicht de veiligheidsgroep periodiek te testen.
15.2 Het toestel aftappen

WAARSCHUWING Verbranding Tijdens het aftappen kan er heet water uitlopen.
Indien de boiler voor onderhoudswerkzaamheden of bij vorstgevaar moet worden afgetapt voor de bescherming van de volledige installatie, gaat u als volgt te werk:
▶ sluit de afsluitklep in de koudwateraanvoerleiding.
▶ Open de warmwaterklep van alle aftappunten.

1 Kap aftapkraan
▶ Schroef het kapje van de aftapkraan eraf.
15.3 Ontkalken
- Ontkalk de flens pas wanneer deze is gedemonteerd en behandel het oppervlak van de boiler en de gelijkspanningsanode niet met ontkalkingsmiddelen.
15.4 Veiligheidsweerstand tegen corrosie
Zorg ervoor dat bij servicewerkzaamheden de veiligheids- weerstand tegen corrosie op de isolatieplaat niet wordt be- schadigd of wordt verwijderd.
▶ Monteer de veiligheidsweerstand tegen corrosie na vervanging weer conform de voorschriften.

text_image
1 2 3 4 D00000480511 Veiligheidsweerstand tegen corrosie
2 Drukplaat
3 Isolatieplaat
4 Koperen verwarmingsflens
16.1 Afmetingen en aansluitingen

D0000021508
| SHZ 30 LCD SHZ 50 LCD SHZ 80 LCD SHZ 100 | |||||||||
| LCD | SHZ 120 LCD | SHZ 150 LCD | |||||||
| a10 | Toestel | Hoogte | mm | 770 | 740 | 1050 | 1050 | 1210 | 1445 |
| a20 | Toestel | Breedte | mm | 410 | 510 | 510 | 510 | 510 | 510 |
| a30 | Toestel | Diepte | mm | 420 | 510 | 510 | 510 | 510 | 510 |
| b02 | Doorvoer elektr.kabels I | ||||||||
| b03 | Doorvoer elektr.kabels II | ||||||||
| c01 | Koudwatertoevoer | Buitendraad | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | |
| c06 | Warmwateruitloop | Buitendraad | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | |
| i14 | Wandbevestiging I | Hoogte | mm | 700 | 600 | 900 | 900 | 900 | 1100 |
| Max. ∅ bevestigingsschroef | mm | 12 | 12 | 12 | 12 | 12 | 12 | ||
| i15 | Wandbevestiging II | Hoogte | mm | 300 | 300 | ||||
| Max. ∅ bevestigingsschroef | mm | 12 | 12 | ||||||
16.1.1 Veiligheidstemperatuurbegrenzer dompeldiepte

text_image
280 D00004786816.2 Elektriciteitsschakelschema en aansluitingen

text_image
13 12 11 10 9 X2X12 X2X12 K2 K5K2K4K8 X10 X7 E Z B 1 2 3 31 21 32 212 5 3 1 2 3 4 6 5 LFB LLF L3 L2 L1 N + - 6 4 5 6 26.02.07.02551 Elektronische module Bediening
2 Temperatuursensor
3 Gelijkspanningsanode
4 Afstandsbediening voor snelopwarming (willekeurige fase kan worden aangesloten, zonder vermogensoverdracht)
5 EVU-contact (willekeurige fase kan worden aangesloten, zonder vermogensoverdracht)
6 Netaansluitklem
7 Schakelaar voor vermogen
8 Schakelaar voor werkwijze
9 Jumper ECO (energiebesparingmodus)
10 Jumper regeling Achteruit
11 Elektronische module Regeling
12 Veiligheidstemperatuurbegrenzer
13 Verwarmingselementen elk 2 kW \~ 230 V
16.2.1 Tweekringwerking
meting met één meter met EVU-contact

1/2 kW 1/N/PE \~ 230 V
2/2 kW 1/N/PE \~ 230 V
26_02_07_0248
1/4 kW 1/N/PE \~ 230 V
2/4 kW 1/N/PE \~ 230 V
3/4 kW 1/N/PE \~ 230 V
26_02_07_0249
1/4 kW 2/N/PE \~ 400 V
2/4 kW 2/N/PE \~ 400 V
3/4 kW 2/N/PE \~ 400 V
26_02_07_0250_
1/6 kW 3/N/PE \~ 400 V
2/6 kW 3/N/PE \~ 400 V
3/6 kW 3/N/PE \~ 400 V
26_02_07_0251
1 Contact van de stroomregeling
16.2.2 Eénkring- en boilerwerking

1 kW 1/N/PE \~ 230 V
2 kW 1/N/PE \~ 230 V
3 kW 1/N/PE \~ 230 V
4 kW 1/N/PE \~ 230 V
3 kW 2/N/PE \~ 400 V
4 kW 2/N/PE \~ 400 V
6 kW 3/N/PE \~ 400 V
16.2.3 Tweekringwerking
meting met twee meters met EVU-contact, éénfasig

1/N/PE \~ 230 V

text_image
L3 L2 L1N 5 K1 K2 K2 K1 3 2 1 L1 L2 L3 N 26.02.07.0252_1 Contact van de stroomregeling
2 Nachtstroom
3 Dagtarief
Speciale schakeling zonder externe schakelcontactgevers voor de tariefomschakeling

Info
Wanneer externe schakelcontactgevers voor de tarief- omschakeling ontbreken, loopt de vermogensafrekening ook tijdens de nachttariefperiode via de meter voor het hoge tarief.

1/N/PE \~ 230 V

text_image
L3 L2 L1N 5 6 3 2 L1 L2 L3 N 26.02.07 02562 Nachtstroom
3 Dagtarief
Als de elektrische installatie achteraf niet kan worden uitgebreid met de overeenkomstige schakelcontactgevers, is een bijkomende scheiding laag tarief-hoog tarief op de elektrische toestelaansluiting absoluut vereist (ombouwkit Relais, zie hoofdstuk "Toestelbeschrijving/Toebehoren").
Aanpassingswerk aansluitvariant 1:

Info
Op de schakelaar voor het vermogen is instelling 3 niet toegelaten.


1/2 kW 1/N/PE \~ 230 V
2/2 kW 1/N/PE \~ 230 V

text_image
L3 L2 L1N 5 2 A 3 1 B 8 9 4 3 2 L1 L2 L3 26_02_07_0257_2 Nachtstroom
3 Dagtarief
4 Toebehoren "Ombouwkit Relais" (zie hoofdstuk "Toestelbeschrijving/Toebehoren")
Aanpassingswerk aansluitvariant 2:

Info
Op de schakelaar voor het vermogen is instelling 3 niet toegelaten.


1/4 kW
1/N/PE \~ 230 V

2/4 kW
1/N/PE \~ 230 V

text_image
L3 L2 L1 N 5 2 A 3 1 B 8 9 4 3 2 L1 L2 L3 26.02.07.0258_2 Nachtstroom
3 Dagtarief
4 Toebehoren "Ombouwkit Relais" (zie hoofdstuk "Toestelbeschrijving/Toebehoren")
▶ Plaats de brug 8-L2. De snelopwarming tijdens de vrijgave van het nachttarief wordt gemengd afgerekend via hoog tarief en laag tarief.
16.2.4 Tweekringwerking
meting met twee meters met EVU-contact, meerfasig

1/N/PE \~ 230 V
2/N/PE \~ 400 V

text_image
L3 L2 L1 N 5 6 K1 K2 K2 K1 3 2 1 L1 L2 L3 N 26.02.07.0253_2/N/PE \~ 400 V
3/N/PE \~ 400 V

text_image
L3 L2 L1 N 5 6 K1 K2 K2 K1 3 2 1 L1 L2 L3 N 26_02_07_0254_1 Contact van de stroomregeling
2 Nachtstroom
3 Dagtarief
16.3 Verwarmingsgrafiek
De opwarmtijd is afhankelijk van de boilerinhoud, van de koudwatertemperatuur en van het verwarmingsvermogen.
Grafiek met koudwatertemperatuur van 15 °C:
Nominale temperatuur instellen op 65 °C

Nominale temperatuur instellen op 85 °C

16.4 Storingssituaties
Bij een storing kunnen er temperaturen tot 95 °C bij 0,6 MPa voorkomen.
16.5 Gegevens over het energieverbruik
De productgegevens voldoen aan de EU-verordeningen betreffende de richtlijn voor milieuvriendelijke vormgeving van energiegere-lateerde producten (ErP).
| SHZ 30 LCD | SHZ 50 LCD | SHZ 80 LCD | SHZ 100 LCD | SHZ 120 LCD | SHZ 150 LCD | ||
| 231251 | 231252 | 231253 | 231254 | 231255 | 231256 | ||
| Fabrikant | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | |
| Lastprofiel | S | M | M | L | XL | XL | |
| Energieklasse | A | B | B | C | C | C | |
| Energetisch rendement | % | 38 | 40 | 40 | 39 | 38 | 40 |
| Jaarlijks stroomverbruik | kWh | 489 | 1286 | 1223 | 2611 | 4382 | 4086 |
| Temperatuurinstelling af fabriek | °C | 85 | 85 | 85 | 85 | 85 | 85 |
| Geluidsniveau | dB(A) | 15 | 15 | 15 | 15 | 15 | 15 |
| Mogelijkheid voor exclusieve werking tijdens daluren | - | - | - | - | - | - | |
| Smart-functie | X | X | X | X | - | X | |
| Wekelijks stroomverbruik met Smart | kWh | 12,217 | 23,177 | 22,723 | 49,746 | 82,096 | |
| Wekelijks stroomverbruik zonder Smart | kWh | 14,960 | 25,904 | 27,414 | 54,239 | 89,632 | |
| Dagelijks stroomverbruik | kWh | 2.773 | 6.548 | 6.618 | 13,042 | 20.219 | 20.161 |
| Boilervolume | l | 30 | 50 | 80 | 100 | 120 | 150 |
| Mengwatervolume 40 °C | l | 59 | 97 | 159 | 198 | 235 | 292 |
De informatie betreffende het energierendement en het jaarlijkse stroomverbruik geldt uitsluitend bij geactiveerde intelligente regeling (Smart-functie).
16.6 Gegevenstabel
| SHZ 30 LCD SHZ 50 LCD SHZ 80 LCD | SHZ 100 LCD SHZ 120 LCD SHZ 150 LCD | ||||||
| 231251 | 231252 | 231253 | 231254 | 231255 | 231256 | ||
| Hydraulische gegevens | |||||||
| Nominale inhoud | I | 30 | 50 | 80 | 100 | 120 | 150 |
| Mengwatervolume van 40 °C (15 °C/65 °C) | I | 59 | 97 | 159 | 198 | 235 | 292 |
| Elektrische gegevens | |||||||
| Aansluitvermogen ~ 230 V | kW | 1-4 | 1-4 | 1-4 | 1-4 | 1-4 | 1-4 |
| Aansluitvermogen ~ 400 V | kW | 1-6 | 1-6 | 1-6 | 1-6 | 1-6 | 1-6 |
| Fasen | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | |
| Nominale spanning | V | 230/400 | 230/400 | 230/400 | 230/400 | 230/400 | 230/400 |
| Frequentie | Hz | 50-60 | 50-60 | 50-60 | 50-60 | 50-60 | 50-60 |
| Werkwijze éénkring | X | X | X | X | X | X | |
| Werkwijze tweekring | X | X | X | X | X | X | |
| Werkwijze boiler | X | X | X | X | X | X | |
| Werkingsgebied | |||||||
| Temperatuurinstelbereik | °C | 20-85 | 20-85 | 20-85 | 20-85 | 20-85 | 20-85 |
| Max. toegelaten druk | MPa | 0,6 | 0,6 | 0,6 | 0,6 | 0,6 | 0,6 |
| Testdruk | MPa | 0,78 | 0,78 | 0,78 | 0,78 | 0,78 | 0,78 |
| Max. toegelaten temperatuur | °C | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 |
| Max. doorstroomvolume | l/min | 18 | 18 | 18 | 18 | 18 | 18 |
| Geleidbaarheid drinkwater min./max. | μS/cm | 100-1500 | 100-1500 | 100-1500 | 100-1500 | 100-1500 | 100-1500 |
| Energiegegevens | |||||||
| Energieverbruik in stand-by/24 uur bij 65 °C | kWh | 0,46 | 0,54 | 0,67 | 0,86 | 0,99 | 1,16 |
| Energierendementsklasse | A | B | B | C | C | C | |
| Uitvoeringen | |||||||
| Beschermingsgraad (IP) | IP25 | IP25 | IP25 | IP25 | IP25 | IP25 | |
| Uitvoering gesloten | X | X | X | X | X | X | |
| Uitvoering open | X | X | X | X | X | X | |
| Kleur | wit | wit | wit | wit | wit | wit | |
| Afmetingen | |||||||
| Hoogte | mm | 770 | 740 | 1050 | 1050 | 1210 | 1445 |
| Breedte | mm | 410 | 510 | 510 | 510 | 510 | 510 |
| Diepte | mm | 420 | 510 | 510 | 510 | 510 | 510 |
| Gewichten | |||||||
| Gevuld gewicht | kg | 53 | 78 | 118 | 140 | 165 | 203 |
| Leeg gewicht | kg | 22,9 | 27,6 | 37,6 | 39,5 | 42,4 | 52 |
Garantie
Voor toestellen die buiten Duitsland zijn gekocht, gelden de garantievoorwaarden van onze Duitse ondernemingen niet. Bovendien kan in landen waar één van onze dochtermaatschappijen verantwoordelijk is voor de verkoop van onze producten, alleen garantie worden verleend door deze dochtermaatschappij. Een dergelijk garantie wordt alleen verstrekt, wanneer de dochtermaatschappij eigen garantievoorwaarden heeft gepubliceerd. In andere situaties wordt er geen garantie verleend.
Voor toestellen die in landen worden gekocht waar wij geen dochtermaatschappijen hebben die onze producten verkopen, verlenen wij geen garantie. Een eventueel door de importeur verzekerde garantie blijft onverminderd van kracht.
Milieu en recycling
▶ Gooi het toestel en de materialen na gebruik weg con- rm de nationale voorschriften.

▶ Wanneer op het toestel een doorgestreepte vuilcontainer is afgebeeld, brengt u het toestel voor hergebruik en recycling naar de gemeentelijke inzamelpunten of terugnamepunten in de handel.

Dit document bestaat uit recyclebaar papier.
▶ Gooi het document na de levenscyclus van het toestel overeenkomstig de nationale voorschriften weg.
PAP


