WST 5522 - Grasmaaier MTD - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis WST 5522 MTD in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - WST 5522 MTD
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding WST 5522 - MTD en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. WST 5522 van het merk MTD.
GEBRUIKSAANWIJZING WST 5522 MTD
Gegevens op het typeplaatje Deze gegevens zijn belangrijk om vast te stellen welk type zitmaaier u hebt bij het bestellen van vervangingsonderdelen en voor de klantenservice. U vindt het typeplaatje in de buurt van de motor. Vul alle gegevens van het typeplaatje van uw machine in het onderstaande vakje in. Deze en andere gegevens over het apparaat vindt u in de aparte CE- conformiteitsverklaring die deel uitmaakt van deze gebruiks- aanwijzing. Afbeeldingen Vouw de pagina's met afbeeldingen aan het begin van de gebruiksaanwijzing open. In deze gebruiksaanwijzing worden verschillende modellen beschreven. Details van afbeeldingen kunnen verschillen van de door u gekochte machine. Voor uw veiligheid Juist gebruik van de machine Deze machine is uitsluitend bestemd – voor gebruik overeenkomstig de beschrijvingen en veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing; – als draadmaaier voor het maaien van gras in huis- en hobbytuinen. Elk ander gebruik is geen gebruik volgens de voorschriften. Het gebruik anders dan volgens de voorschriften heeft het vervallen van de garantie en afwijzing van elke verantwoordelijkheid van de zijde van de fabrikant tot gevolg. De gebruiker is aansprakelijk voor alle schade van derden en van hun eigendom. Bij eigenmachtige veranderingen van de machine bestaat geen aansprakelijkheid van de fabrikant voor daaruit voortkomende schade. Neem de veiligheids- en bedieningsvoorschriften in acht Lees als gebruiker van deze machine de gebruiksaanwijzing voor het eerste gebruik zorgvuldig door. Handel volgens de voorschriften en bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik. Geef kinderen of andere personen die deze gebruiksaanwijzing niet kennen nooit toestemming om deze machine te gebruiken. Geef de gebruiksaanwijzing met de machine mee aan een nieuwe eigenaar. Algemene veiligheids- voorschriften In dit hoofdstuk vindt u algemene veiligheidsvoorschriften. Waarschuwingen die betrekking hebben op bepaalde onderdelen van de machine, op functies of op handelingen, vindt u op de desbetreffende plaats in deze gebruiksaanwijzing. Voordat u de machine in gebruik neemt Bij vermoeidheid en ziekte mag het apparaat niet worden gebruikt. Personen die deze machine gebruiken, mogen niet onder invloed zijn van alcohol, drugs of medicijnen. Personen jonger dan 16 jaar mogen het apparaat niet bedienen en mogen geen overige werkzaam- heden zoals onderhouds-, reinigings- of instelwerkzaam- heden aan het apparaat uitvoeren. Plaatselijke bepalingen kunnen de minimumleeftijd van de gebruikers vastleggen. Deze machine is niet bestemd om te worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met beperkt fysieke, sensorische of geestelijke vermogens, met gebrekkige ervaring en/of gebrekkige kennis, tenzij onder toezicht van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of voorzien van aanwij- zingen van deze persoon ten aanzien van het gebruik van de machine. Er dient op te worden toegezien dat kinderen niet met deze machine spelen. Maak uzelf voor het begin van de werkzaamheden vertrouwd met alle voorzieningen en bedienings- elementen en hun functies. Bewaar brandstof alleen in daarvoor goedgekeurde tanks en nooit in de buurt van een verwarmingsbron (bijvoorbeeld een oven of warm-waterboiler). Vul de tank uitsluitend buitenshuis. Vul de tank nooit met benzine als de motor loopt of heet is. Vervang een beschadigde uitlaat, tank of tankdeksel. Controleer vóór gebruik of snijkop, bevestigingselementen, stootbescherming en deflector versleten of beschadigd zijn. Laat versleten of beschadigde delen door een gespecialiseerd bedrijf vervangen. Vervangingsonderdelen en toebehoren moeten voldoen aan de door de fabrikant vastgelegde eisen.Nederlands Gebruiksaanwijzing Gebruik daarom alleen originele vervangingsonderdelen en origineel toebehoren of de door de fabrikant toegelaten vervan-gingsonderdelen en toebehoren.Alleen de door de fabrikant vrijgegeven snijdraden/snijvoorzieningen gebruiken.Laat reparaties uitsluitend uitvoeren door een gespecialiseerd bedrijf. Tijdens de werkzaamheden met de machine Tijdens werkzaamheden met of aan de machine moet u passende werkkleding dragen, zoals:– stevige schoenen,– lange broek,– nauwsluitende kleding,– gehoorbescherming,– veiligheidsbril.Alle veiligheidsvoorzieningen moeten altijd volledig en zonder gebreken op de machine zijn aangebracht.Verander de veiligheids-voorzieningen niet.Gebruik de machine alleen in de door de fabrikant voorgeschreven en geleverde technische toestand.Verander nooit de in de fabriek ingestelde instellingen van de motor.Voorkom open vuur en vonkvorming en rook niet. Altijd voor werkzaamheden aan deze machine Ter bescherming tegen verwondingen altijd voor werkzaamheden (bijvoorbeeld onderhouds- en instelwerk-zaamheden) aan deze machine en het verplaatsen (bijvoorbeeld optillen of dragen) van de machine– de motor uitschakelen,– wacht tot alle bewegende delen volledig tot stilstand zijn gekomen en de motor is afgekoeld,– trek de bougiestekker van de motor los op onbedoeld starten van de motor te voorkomen,– neem de aanvullende veiligheidsvoorschriften in het motorhandboek in acht. Na gebruik van de machine Verlaat de machine nooit zonder de motor uit te schakelen. Veiligheidsvoorzieningen Afbeelding 1 Gevaar Gebruik nooit een machine met beschadigde veiligheidsvoor- zieningen of zonder dat deze zijn gemonteerd. Veiligheidsbeugel (1) De veiligheidsbeugel dient voor uw veiligheid om motor en messen in een noodgeval te stoppen. Er mag niet worden geprobeerd om deze functie uit te schakelen. Stootbescherming (5) De stootbescherming beschermt u tegen letsel door naar buiten geslingerde voorwerpen. Deflector (7) De deflector beschermt u tegen letsel door de snijkop of naar buiten geslingerde voorwerpen. Symbolen op de machine Op de machine vindt u diverse stickers met symbolen. Deze hebben de volgende betekenis:Let op! Lees de gebruiksaanwijzing vóór de ingebruik-neming.Tijdens werkzaam-heden met het gereedschap altijd veiligheidsbril en gehoorbescherming dragen.Houd derden uit de buurt van het gevaarlijke gebied. Minimumafstand 15 m.Gevaar door naar buiten geworpen voorwerpen! Verwondingsgevaar! Handen en voeten uit de buurt van draaiende delen houden! Voorzichtig bij het maaien op hellingen! Niet op hellingen met een stijgingspercen-tage van meer dan 15° maaien.Waarschuwing voor heet oppervlak!Waarschuwing voor giftige dampen!Benzine is ontvlambaar!Nooit metalen snijdraden/snijvoor-zieningen gebruiken.
De trimdraden altijd correct bevestigen.Zorg ervoor dat de symbolen op de machine altijd goed leesbaar zijn.Vervang beschadigde of niet meer leesbare symbolen. Symbolen in de gebruiksaanwijzing In deze gebruiksaanwijzing worden symbolen gebruikt die op gevaren of op belangrijke aanwijzingen wijzen. Deze symbolen hebben de volgende betekenis: Gevaar U wordt gewezen op gevaren die samenhangen met de beschreven handeling. Er bestaat verwondingsgevaar voor personen. Let op U wordt gewezen op gevaren die samenhangen met de beschreven handeling en waarbij schade aan de machine kan ontstaan. Aanwijzing Geeft belangrijke informatie en gebruikstips aan.
!Gebruiksaanwijzing Nederlands
Monteren De montage van het gereedschap is weergegeven op de pagina met afbeeldingen (afbeelding 6) van deze gebruiksaanwijzing. Afvoeren Verpakkingsresten, oude apparaten, enz. moeten volgens de geldende voorschriften worden afgevoerd. Bedienings- en weergaveelementen Let op Schade aan de machine Hier worden eerst de functies van de bedienings- en indicatie-elementen beschreven. Bedien nog geen van de beschreven functies. Afbeelding 1 1 Veiligheidsbeugel 2 Stuurstang 3 Greep van trekstarter 4 Vleugelmoer ter bevestiging van de stuurstang 5 Stootbescherming 6 Wiel 7 Deflector 8 Snijkop 9 Snijdraad 10 Huis 11 Motor Bediening Raadpleeg ook de aanwijzingen in het handboek bij de motor. Gevaar Ongeval Verwondingsgevaar door naar buiten geslingerde stenen of andere voorwerpen. – Personen, kinderen of dieren mogen zich bij het maaien nooit in de buurt van de machine bevinden. – Tijdens de werkzaamheden altijd veiligheidsschoenen, lange broek, nauw sluitende kleding, gehoorbescherming en veiligheidsbril dragen. Val – Gebruik de machine alleen stapvoets. – Wees bijzonder voorzichtig als u achteruit maait en u de machine naar u toe trekt. – Bij het maaien op steile hellingen kan de machine kantelen en u kunt gewond raken. Maai altijd dwars op een helling, nooit omhoog of omlaag. Maai niet op hellingen met een stijging van meer dan 15°. – Wees bijzonder voorzichtig wanneer u van rijrichting verandert en let altijd op dat u stevig staat. – Er bestaat verwondingsgevaar bij het maaien aan de grens van een gazon. Maaien in de buurt van randen, heggen of steile hellingen is gevaarlijk. Houd bij het maaien de veiligheidsafstand aan. – Bij het maaien van nat gras kan de machine wegglijden door verminderde grip op de grond en u kunt vallen. Maai alleen als het gras droog is. – Werk alleen bij daglicht of bij voldoende kunstlicht. Verwonding – De door de stuurstang gegeven veiligheidsafstand tot het rondlopende gereedschap moet altijd in acht worden genomen. – Het werkbereik van de bediener bevindt zich tijdens gebruik achter de stuurstang. – Bij het starten achter het gereedschap gaan staan. – Houd nooit uw handen of voeten onder draaiende delen. – Gebruik de machine niet bij slechte weersomstandigheden of bij kans op regen of onweer. – Stop de motor en wacht tot het maaigereedschap tot stilstand is gekomen: – voordat u de machine kantelt, – voor het verplaatsen van de machine over een ander oppervlak dan gras. – Zet de motor uit. Om onbedoeld starten van de motor te voorkomen: Motor laten afkoelen en bougiestekker lostrekken, – voordat u de machine controleert, reinigt of instelt en voordat u werkzaamheden aan de machine uitvoert, – als een voorwerp is geraakt; gereedschap op beschadiging controleren en bij beschadiging een gespecialiseerd bedrijf raadplegen, – als de machine ongewoon te trillen begint. Controleer de machine onmiddellijk. – Til of draag nooit een machine met lopende motor. – Controleer het gebied waar wordt gewerkt en verwijder alle voorwerpen die meegenomen en weggeslingerd kunnen worden. – Als het maaigereedschap een voorwerp (bijvoorbeeld een steen) raakt of als de machine ongewoon begint te trillen: Zet de motor u it. Machine vóór verder gebruik door een gespeciali- seerde werkplaats op schade laten onderzoeken. Verstikkingsgevaar door koolmonoxyde! Laat de verbrandingsmotor alleen buitenshuis lopen. Explosie- en brandgevaar – Benzinedampen zijn explosief en benzine is zeer brandbaar. – Voeg brandstof toe voordat u de motor start. Houd de tank gesloten wanneer de motor loopt of nog heet is. – Tank alleen met brandstof vullen als de motor is uitgeschakeld en afgekoeld. Voorkom open vuur en vonkvorming en rook niet. Vul de tank uitsluitend buitenshuis. – Als brandstof is gemorst, mag u de motor niet starten. Verwijder de machine van de plaats waar de brandstof is gemorst en wacht tot de brandstofdampen vervluchtigd zijn. – Ter voorkoming van brand- gevaar dient u de volgende delen vrij van gras en naar buiten komende olie te houden: – Motor – Uitlaat – Benzinetank. Gevaar voor struikelen – Gebruik de machine alleen stapvoets. !Nederlands Gebruiksaanwijzing
Let op Schade aan de machine – Stenen, rondslingerende takken en andere voorwerpen kunnen leiden tot schade aan de machine en aan de werking daarvan. Verwijder vaste voorwerpen uit het gebied waar wordt gewerkt. – De snijkop nooit met asfalt, beton, grind of iets dergelijks in aanraking laten komen. – Controleer voor elk gebruik snijkop en snijdraad op beschadigingen en slijtage. Beschadigde of versleten delen voor het gebruik vervangen. – Gebruik de machine uitsluitend als deze geheel in orde is. Controleer de machine optisch voor ieder gebruik. Controleer in het bijzonder of veiligheidsvoorzieningen, bedieningselementen en schroefverbindingen niet beschadigd zijn en goed vastzitten. Vervang beschadigde delen voor het gebruik. Gebruikstijden Neem de geldende voorschriften met betrekking tot gebruikstijden in acht (vraag eventueel na bij uw gemeente). Positieaanduidingen Bij het aangeven van posities op de machine (links, rechts, enz.) gaan wij altijd uit van de geleidingsstang gezien in de werkrichting van de machine. Voor de eerste ingebruikneming Vullen met motorolie Let op De machine wordt in verband met het transport zonder motorolie geleverd. Voeg daarom voor de eerste ingebruikneming motorolie toe. Zie daarvoor het motorhand- boek. Aanwijzingen betreffende de motor Neem de informatie in de gebruiks- aanwijzing van de motor in acht. Instelwerkzaamheden voor elk gebruik Verwondingsgevaar Altijd voor werkzaamheden aan deze machine – Zet de motor uit. – Wacht tot alle bewegende delen volledig tot stilstand gekomen zijn. – De motor moet afgekoeld zijn. Zet de motor uit om onbedoeld starten van de motor te voorkomen. Maaihoogte instellen Let op Maaihoogte bij oneffen terrein zodanig kiezen dat de snijdraad nooit met de bodem in aanraking komt. Afbeelding 2 Stel de maaihoogte van het gras naar wens in. Beide vleugelmoeren (2) aan de snijkop (1) losdraaien. Snijkop op de gewenste hoogte instellen. Vleugelmoeren weer vastdraaien. Tanken en oliepeil controleren Benzine, loodvrij tanken (zie motorhandboek). Vul de brandstoftank maximaal tot 2 cm onder de rand van de vulopening. Sluit de brandstoftank stevig af. Controleer het oliepeil. Voeg indien nodig olie toe (zie het handboek van de motor). Motor starten Afbeelding 3 Gevaar Ter bescherming tegen verwondingen, – de motor alleen starten als u achter het gereedschap staat; – handen en voeten uit de buurt van het snijgereedschap houden; – breng nooit handen of voeten of andere lichaamsdelen in de buurt van draaiende delen. Kan de machine niet bij het starten. Plaats de machine op een egaal oppervlak met bij voorkeur kort of weinig gras. De snijkop draait bij het starten van de motor en bij lopende motor altijd mee. Aanwijzingen betreffende de motor Neem de informatie in de gebruiks- aanwijzing van de motor in acht. – Enkele modellen hebben geen gashendel, het toerental wordt automatisch ingesteld. De motor loopt altijd moet optimaal toerental. – Ook bij een warme motor kan het eventueel noodzakelijk zijn om de choke of de primer te bedienen. – Enkele modellen hebben geen choke en geen primer. De motor stelt zich automatisch op de start in. Bij een koude motor: Open de benzinekraan (indien aanwezig). Gereedschappen met Choke of Primer: Chokehendel op stand zetten of Primer 1–5x krachtig indrukken – afbeelding 3A. Bij een warme motor: Open de benzinekraan (indien aanwezig). Afbeelding 3B Ga achter de machine staan, druk de veiligheidsbeugel in en houd deze vast. Trek langzaam aan de trekstart- greep tot een weerstand merkbaar wordt. Trek dan snel en met kracht verder. Laat de trekstartgreep niet terugschieten, maar geleid deze langzaam terug. Als de motor loopt: Na het starten van de motor (afhankelijk van de uitvoering): – de choke (indien aanwezig) terugzetten, – Motor kort laten warmlopen. Aanwijzing Zie het motorhandboek voor meer informatie over de bediening van de motor. Motor stoppen Afbeelding 4 Laat de veiligheidsbeugel los. De motor en de messen stoppen na korte tijd.
!Gebruiksaanwijzing Nederlands
Met de machine werken Bij het maaien een langzamere loopsnelheid kiezen. Bij hoog of vast gras nog langzamer lopen! De hoofduitwerprichting is aan de linkerzijde. Kies de maai-richting zo dat wegslingeren van maaigoed in de richting van gebouwen, straten, wegen en passerende personen uitgesloten is. Maaien tot aan de rand is mogelijk wanneer randen, muren en dergelijke zich aan de linker-zijde van het gereedschap bevinden. Bij afnemend snijvermogen de snijdraad controleren. Te korte of versleten trimmerdraden vervangen. Vervangen van de snijdraad AanwijzingGebruik uitsluitend de originele snijdraad van de fabrikant om letsel te voorkomen.Afbeelding 5 draad verwijderen. De nieuwe snijdraad op de helft bijeenleggen. De uiteinden van de snijdraad door het oog (1) aan de snijkop trekken. De snijdraad tot kort voor de bevestigingsstrip (2) doortrekken. De draaduiteinden kruisgewijs over elkaar legen en stevig onder de bevestigingsstrip trekken. Na beëindiging van de werkzaamheden Wacht tot alle bewegende delen volledig tot stilstand zijn ge-komen en de motor is afgekoeld. Sluit de benzinekraan (in dien aanwezig, zie de gebruiks-aanwijzing van de motor). Trek de bougiestekker van de motor los.AanwijzingZet de machines alleen met een afgekoelde motor in een gesloten ruimte. Transporteren Korte stukken handmatig Gevaar Voorwerpen kunnen door de draaiende snijkop worden meegenomen en weggeslingerd en daardoor schade veroorzaken. Als u de machine wilt verplaatsen over andere oppervlakken dan gras, dient u eerst de motor te stoppen. Met een voertuig Gevaar Altijd vóór het transport motor stoppen en laten afkoelen. De bougiestekker lostrekken. Vervoer de machine niet in een gekantelde positie. Zorg ervoor dat de machine bij transport op of in een voertuig niet kan gaan schuiven. Vervoer de machine alleen met een lege brandstoftank. Tankdop moet stevig afgesloten zijn. Machines met uitklapbare stang:Afbeelding 6 Voor gemakkelijker opbergen de stuurstang ineenklappen. Reiniging/Onderhoud Gevaar Ter voorkoming van verwondingen, voor alle werkzaamheden aan de machine – de motor uitschakelen, – wacht tot alle bewegende delen volledig tot stilstand zijn gekomen en de motor is afgekoeld, – trek de bougiestekker van de motor los op onbedoeld starten van de motor te voorkomen, – neem de aanvullende veiligheidsvoorschriften in het motorhandboek in acht. Let op Kantel de machine altijd zo dat de bougie omhoog wijst, zodat er door brandstof of olie geen schade aan de motor ontstaat. Onderhoud Let op Neem de onderhoudsvoorschriften in het motorhandboek in acht. Laat de machine aan het einde van het seizoen nazien en onderhouden door een onderhoudsbedrijf. Alle reparaties alleen door een gespecialiseerd bedrijf laten uitvoeren. Let op Gevaar voor het milieu door motorolie. Geef na het olieverversen de oude olie af bij een inzamelplaats voor oude olie of een afvalverwerkings- bedrijf. AanwijzingNeem de controle- en onderhouds-intervallen in de gebruiksaanwijzing van de motor in acht. Voor elk gebruik Oliepeil controleren. Indien nodig olie bijvullen. Schroefverbindingen op stevig vastzitten controleren. Indien nodig vastdraaien. Veiligheidsvoorzieningen controleren. Schneidkopf und Schneidfaden prüfen. Na de eerste 2–5 bedrijfsuren Vervang de olie. Zie het meegeleverde motorhandboek. Eenmaal per seizoen Ververs de olie. Zie het meegeleverde motorhandboek. Scharnierpunten aan de veiligheidsbeugel met een beetje lichte olie smeren. Wielassen met een beetje lichte olie smeren. Laat de machine aan het einde van het seizoen nazien en onderhouden door een onderhoudsbedrijf. Reiniging Let op Reinig de machine na elk gebruik. Een niet-gereinigde machine veroorzaakt materiaalschade en functiestoringen. Gebruik voor het reinigen geen hogedrukreiniger.
!Nederlands Gebruiksaanwijzing
Gereedschap reinigen Gevaar Tijdens werkzaamheden aan het gereedschap kunt u zich verwonden. Draag ter bescherming werkhandschoenen. Let op Kantel de machine altijd zo dat de bougie omhoog wijst, zodat er door brandstof of olie geen schade aan de motor ontstaat. De machine niet met water afspuiten. Anders kunnen elektrische delen beschadigd raken. Reinig de machine indien mogelijk altijd meteen na het maaien. De onderzijde van het gereedschap met snijkop, stootbescherming en deflector met borstel, handveger of doek reinigen. Zet de machine op de wielen en verwijder alle zichtbare gras- en vuilresten. Buiten bedrijf stellen Gevaar Explosie- en brandgevaar. Bewaar de machine met brandstof (benzine) in de tank nooit in ruimten waarin brandstofdampen met open vuur of vonken in aanraking kunnen komen. Let op Schade aan de machine. Zet de machine weg met een afgekoelde motor en alleen in een schone en droge ruimte. Bescherm de machine tegen roest wanneer deze langdurig wordt opgeborgen, bijvoorbeeld tijdens de winter. Na het seizoen of indien de machine langer dan een maand niet wordt gebruikt: Laat de brandstof in een geschikte bak lopen en behandel de motor zoals beschreven in het motorhandboek, Let op Tap de brandstof alleen buitenshuis af. Gereedschap reinigen. Alle metalen onderdelen ter bescherming tegen roest afvegen met een lap met olie (zonder hars) of met oliespray inspuiten. Garantie In elk land gelden de garantie- bepalingen die door onze maatschappij of importeur worden uitgegeven. Storingen aan uw apparaat verhelpen wij kosteloos in het kader van de garantie, indien een materiaal- of produktiefout hiervan de oorzaak is. Neem voor een reparatie binnen de garantietermijn contact op met uw leverancier of de dichtstbijzijnde vestiging. Informatie over de motor De fabrikant van de motor is aansprakelijk voor alle problemen met de motor ten aanzien van vermogen, vermogensmeting, technische gegevens, garantie en service. Meer informatie vindt u in de apart meegeleverde gebruiksaanwijzing van de motor. Storingen herkennen en oplossen Storingen bij het gebruik van het gereedschap hebben vaak eenvoudige oorzaken, die u dient te kennen en deels zelf kunt verhelpen. In geval van twijfel is uw leverancier of een onderhouds- bedrijf graag bereid u te helpen.
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Er kan niet aan het startkoord worden getrokken. Veiligheidsbeugel niet bediend. Duw de veiligheidsbeugel tegen de stuurstang. Snijkop geblokkeerd. Trek de bougiestekker los en maak de blokkering ongedaan. Motor defect. Ga naar een gespecialiseerd bedrijf. Motor start niet. Maaier staat in hoog gras. Zet de maaier op een oppervlak met laag gras. Geen brandstof in de tank. Vul de tank met schone, verse brandstof. Bougiestekker niet vastgestoken. Steek de bougiestekker vast.Gebruiksaanwijzing Nederlands
Motor start niet. Brandstof oud of vuil. Vervang de brandstof door verse brandstof. Luchtfilter vuil. Reinig het luchtfilter. Choke niet bediend. Choke bedienen. Primer niet bediend bij koude start. Bedien de primer. Onregelmatig onbelast lopen van de motor. Bougiestekker defect. Door een gespecialiseerd bedrijf laten vervangen. Elektrodenafstand van de bougie niet correct. Elektrodenafstand corrigeren (zie motorhandboek). Luchtfilter vuil. Reinig het luchtfilter. Motor oververhit. Motoroliepeil te laag. Motorolie bijvullen. Motorkoeling gestoord. Omgeving van de motor reinigen. Ongewone geluiden (gerammel, geratel, geklepper). Schroeven, moeren of andere bevestigingsonderdelen zijn losgeraakt. Maak de onderdelen vast. Als de geluiden blijven: Ga naar een gespecialiseerd bedrijf. Schokken, trillingen. Snijkopbevestiging is losgeraakt. Beide vleugelmoeren aan de snijkop weer vastdraaien. Snijkop beschadigd. Door een gespecialiseerd bedrijf laten vervangen. Motorbevestiging losgeraakt. Motor laten vastzetten door een reparatiebedrijf. Slecht maaivermogen. Snijdraad te kort of versleten. Nieuwe snijdraad monteren. Aandrijfriem van de snijkop beschadigd of versleten. Door een gespecialiseerd bedrijf laten vervangen. Gras te vochtig. Laat het gazon drogen. Sterke afname van het motorvermogen. Snijhoogte groter kiezen, indien nodig twee keer maaien. Probleem Mogelijke oorzaak OplossingMagyar Használati utasítás
Notice-Facile