D200 - Rolstoel Vermeiren - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis D200 Vermeiren in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - D200 Vermeiren
Gebruikersvragen over D200 Vermeiren
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Rolstoel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding D200 - Vermeiren en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. D200 van het merk Vermeiren.
GEBRUIKSAANWIJZING D200 Vermeiren
2.1. Beoogd gebruik en indications 71
2.2. Veiligheidsinstructies en relevante risico's 72
2.3. Symbolen op de rolstoel 73
2.4. Transport 74
2.5. Opvouwen/Ontvouwen 77
2.6.Opslag 79
3.Uw rolstoel gebruiken 79
3.1.De remmen bedienen 79
3.2. Transfer in/uit de rolstoel 82
3.3. Comfortaanpassingen 82
3.4.Rijden met de rolstoel 87
4. Onderhoud 93
4.1. Tijdstippen voor onderhoud 93
4.2. Onderhoudsinstructies 94
4.3. Probleemoplossing 95
4.4.Verwachte levensduur 96
4.5.Hergebruik 96
4.6.Beindig van gebruik 96
4.7.Garantie 96
5. Technische specificaties 96
Voorwoord
Proficiat! U bent eigenaar van een Vermeiren-rolstoel!
Deze rolstoel verw der vervaardigd door gekwalificeerd en toegewijd personeel. Hij werden ontworpen en geprodueerd volgens hoge kwaliteitsnormen, bewaakt door Vermeiren.
Bedankt voor uw vertrouwen in de producten van Vermeiren. Om u te ondersteunen bij het gebruik van deze rolstoel en+zijn bedieningsmogelijkheden, bieden we u deze handleiding aan. Lees deze informatatie zorgvuldig door: het za l helpen om vertrouwd te raken met de besturing, mogelijkheden en beperkingen van uw rolstoel.
Indien u na het lezen van deze handleiding nog vragen heeft, aarzel dan nicht om contact op te nemen met uw vakhandelaar. Hij/Zij za u met plezier verdier helpen.
Belangrijke opmerking
Om uw veriligte te garanderen, en om de levensduur van uw producte te verlengen, raden we u aan om er goed zorg voor te dragen en om regelmatig nazicht en onderhoud te lately uitvoeren.
Deze handleiding houdt rekening met de recentste productontwikkelingen. De Firma Vermeiren behoudt zich hetrecht voor om wijzigingen aan dit type product door te voeren zonder verplicht teijken om voordien geleverde producten aan te passen of te verrangen.
Afbeeldingen van het product worden gebruikt om de instructies in deze handleiding te verduidelijk. Details van het afgebeelde product konnen afwijken van uw aangekochtete product.
Beschikbare informatatie
Op unsere website http://www.vermeiren.com/ kan u steeds de meest recente versie terugvinden van de informatie in deze handleiding. Contacteer deze website regelmatig voor möglichke updates.
Personen met een visuele beperking kuren de elektronische versie van de handleiding downloads en met behulp van een tekst-naar-spraak softwareapplicatie lately voorlezen.
| i | Gebruiksaanwijzing Voor gebruiker en vakhandelaar |
| i | Installatiehandleiding Voor de vakhandelaar |
| i | Servicehandleiding voor rolstoelen Voor de vakhandelaar |
| i | EC-conformiteitsverklaring |
NL
1. Uw product


- Handgrepen
- Rug
- Armleggers
- Armsteunen
- Zit
- Voetsteunen
- Voetplaten
- Voorwielen
- Remmen
- Achterwielen
- Aandrijfhoepels
- Tiphulp
- Kruis
- Identificatieplaat
Enkel voor D200 30^
- Hendel voor ruginclinatione
- Duwstang
1.1. Opties
Neem contact op met uw vakhandelaar voor opties. Hij advisiert u graag.
2. Voor gebruik
2.1. Beoogd gebruik en indications
-
Dit product is een medisch hulpmiddel.
-
Indications en contra-indications: De gebruiker kan de rolstoel zich voortbewegen of latent duwen door een begeleider. De rolstoel is bedoeld vooroudere personen of mensen die moeilijk of Niet hunnen lopen, onder andere door verlamming, verlies van ledematen, defect of aandoingen van ledematen, contracturen of gewrichtsaandoingen, hart- en bloedsomloopinsufficientre, evenwichtsstoornissen, cachexie (afname van het spierweefsel), ... Gebruik deze rolstoel NIET indien u lijdt aan psychische of mentale beperkingen waardoor u uzelf of andere mensen in gevaar kan brengen bij het rijden. Consulteer waarom eerst uw dokter, en informeer uw vakhandelaar over+zijn/haar advies.
-
Deze rolstoel is geschikt voor gebruik binnen en buiten.
-
Deze rolstoel isuitsluitend ontworpen voor het vervoer/transfer van een (1) persoon met een maximumgewicht van 130kg . Het is Niet bedoeld om goederen of objecten te vervoeren, noch voor enig ander gebruik dan hiervoor beschreven.
- Gebruik enkel accessoires en reserveonderdelen die werden goedgekeurd door Vermeiren.
Lees eerst alle technische details en limieten van uw rolstoel in hoofdstuk 5.. - De garantie op dit product is gebaseerd op normalaal gebruik en onderhoud Zoals beschreiben in deze handleiding. De garantie vervalt bij schade die werk veroorzaakt door verkeerd gebruik of gebrek aan onderhoud.
2.2. Veiligheidsinstructies en relevante risico's
AVOORZICTHIG
Gevaar voor letsel en/of beschadiging
Lees de instructies in deze handleiding en volg ze nauwkeurig op. Zo Niet, kan dit leiden tot lichamelijk letsel of beschadiging aan uw rolstoel.
Houd rekening met de volgende algemene waarschuwingen tijdens het gebruik:
NL
- Gebruik de rolstoel nicht indien u onder invloed bent van alcohol, medicijnen of andere substanties die uw rijvermogen verminderen.
-
Houd er rekening mee dat sommige onderdelen van uw rolstoel zeer warm of koud+kunnen worden door omgevingstempoatuar, de zon of verwarmingstoestellen. Wees daaram voorzichtig bij het aanraken. Draag beschermende kleding bij koud weeR. Bij buitengebruik kunnen rijhandsschoenen de grip op de aandriijfoepels verbeteren.
-
Wijzig uw product op geen enkele manier.
Houd er rekening mee dat uw rolstoel, afhankelijk van de gebruike instelling, bij sommige diefstalsystemen interferentie kan geben. Hierdoor kan het winkelalarm in werkung gesteld worden.
leder ernstig incident [MDR (EU) 2017/745 §2 (65)] dat zich heeft voorgedaan met trekking tot het product dient gerapporteerd te worden aan de producent en de bevoegde autoriteit van de lidstaat waarin de gebruiker en/of patient gesestigd is.
2.3. Symbolen op de rolstoel
| TYPE | Type aanduiding |
| REF | Catalogusnumber |
| SN | Serienummer |
| MD | Medisch hulpmiddel |
| Producent | |
| Fabricatedatum | |
| CE | EC-conformiteitsverklaring |
| ! | Let op: belangrijke informatatie |
| i | Het is aangeraden om de handleiding te lezen |
| Risico voor knellen | |
| max | Maximum gewicht van de gebruiker in kg |
| Gecrashest product; kan gezruikt worden als zitplaats in een voertuig | |
| Niet bedoeld om te gebruiken als een zitplaats in een voertuig | |
| Kan gezrukt worden als zitplaats in een voertuig; duidt de bevestigingspunten aan |
2.4. Transport
2.4.1. Transport per voertuig, als bagage
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
-
Gebruik voor het vastmaken van de rolstoel en de passagiers NOOIT bezelfde gordel.
-
Verwijder de voetsteunen, armsteunen en accessoires.
- Berg de voetsteunen, armsteunen en accessoires veilig op.
- Indien möglichk, vouw de rolstoel op en verwijder de weiterwienen.
- Plaats de rolstoel in de bagageruimte.
- Indien de rolstoel en de passagiersruimte NIET gescheiden zijn, sjor het frame van de rolstoel goed vast aan het voertuig. U kunt hiervoort gebruik makeen van de veiligheidsgordels die in het voertuig voorhanden zijn.
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
-
Voor D200 30^ : Gebruik de rolstoel NIET als zit in een voertuig.
-
De rolstoel heeft de crashest van ISO 7176-19: 2022 doorstaan en is zo ontworpen en getest om enkel gebruikt te worden als voorwaartse zit in een voertuig.
- Gebruik de bekkengordel van de rolstoel Niet als riem voor inzittenden, deze is hiervoor Niet geschikt.
- Gebruik de bekkengordel van de rolstoel en de beschikbare driepuntsgordel in het voertuig om borst- en hoofdimpact met het voertuig te vermijden.
- Gebruik geen lichaamsondersteuningen om de gebruiker vast te make in het voertuig, tenzij deze werden gelabeld als overeenkomstig met de vereisten in ISO 7176-19:2022.
- Na betrokkenheid in enige vorm van botsing, LAST dan voor verder gebruik uw rolstoel inspectoren door uw vakhandelaar of de vertegenwoordiger van de fabrikant.
De rolstoel is getest met een vierpunts rolstoelvastzetsystem en een driepunts veiligheidssystem voor inzittenden.
Probeer zoveel möglich gebruik te makes van de zetel van het voertuig en de rolstoel te bewaren in de laadruimte.
2.4.2.1. Procedure om de rolstoel vast te makeen aan het voertuig:
- Controller of het voertuig is uitergerust met een geschikt rolstoel vastzetsystemen en een veiligheidssystem voor inzitenden volgens ISO 10542.
- Controller dan de onderdelen van het rolstoel vastzetsystem en het verilgheidssystem voor inzittenden Niet versleten, verruld, beschadigd of gebroken zich.
- Indien uitgerust met een verstelbare zit en/of een kantelbare rug, controllerer of de rolstoelgebruiker zorecht möglichz it. Als de toestand van de gebruiker dit Niet toe LAST,要去 een risicoanalyse worden uitgevoerd om de veiligheid van de gebruiker tijdens transport te evalueren.
- Verwijder alle gemonteerde accessoires zoals dieinbladen en beademingsapparatuur en zet ze op een veilige plaats.
-
Positioneer de rolstoel maar voren in de rijrichting, centraalussen de vastzet rails die zich vastgemaakt in de vloer van het voertuig.
-
Maak de voorste veriligteidsgordels vast volgens de instructies van het op de aangegeven plaat sriem-systeme van de fabrikant (Figuur 1). Dezeplaats is gemarkeerd op de rolstoel door een symbool (Figuur 2).
- Rol de rolstoel maar achefteren tot de voorste gordels strak�.
- Activeer de remmen van de rolstoel.
- Maak de achefterste veiligheidsgordels vast volgens de instructies van het op de aangegeven plaats riem-systeme van de fabrikant (rond het welbevestigingsblok en boven de asbus) (figuur 1). Deze plaats is gemarkeerd op de rolstoel door een symbool (figuur 2).

Figur 1

Figuur 2
2.4.2.2. Procedure om de rolstoelgebruiker vast te make:
- Verwijder beiden armsteunen.
- Indien aanwezig, bevestig de rolstoel bebekengordel.
- Bevestig het veiligheidssystem voor inzittenden volgens de instructies van het riem-systemen van de fabrikant.
i Draag de bekkengordel laag over de voorkant van de bekken, zodat de hoek van de bekkengordel binnen de gewenste zone van 30^ tot 75^ met de horizontale is, zoals aangegeven op de figuur.
Een steilere (grotere) hoek binnen de gewenste zone is wenselijk.

- Trek de riem strak aan volgens de instructies van het riem-systeem van de fabrikant en in overeenstemming met het comfort van de gebruiker.
- Zorg ervoor dat de veiligheidsriem verbonden worden in een rechte lijn aan het ankerpunt van het voertuig en dat er geen bochten in de riem zichtaar zich, bijvoorbeeld op de as van het achterwiel.
- Installer de armsteunen indien gewenst. Zorg ervoor dat de gordels Niet gedraaid zich of weggehonden worden van het lichaam door rolstoel onderdelen zoals armsteunen of wielen.
- Plaats de gordelgesp zo dat de ontgrendelingsknop Niet geraakt kan worden door onderdelen van de rolstoel bij een botsing.
- Zorgt ervoor dat de schoudergordel goed over de schouder passen, zie figuur 4.
Gordels mogen Niet weggehonden worden van het lichaam door rolstoel onderdelen zoals armsteunen of WIelen.

Figuur 3
De gordels zich volledig in contact met schouder,
borst en bekken. Bekkengordel laag op het bekken,
vlakbij de kruising van dij en bekken

Figur 4
2.5. Opvouwen/Ontvouwen
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel
- Houd uw vingers weg van de bewegende onderdelen van de rolstoel.
2.5.1. De rolstoel ontvouwen
- Ga aan de achterzijde van de rolstoel staan.
- Gebruik de handgrepen om de rolstoel zo ver möglich te openen.
- Ga aan de voorzijde van de rolstoel staan.
- Duw beide buizen waaraan de zit bevestigd is verder maar beneden.
NL
2.5.2. De rolstoel opvouwen
- Klap de voetplaten omhoog, of verwijder de voetsteunen (zie § 3.3.1.).
- Neem de zit aan de voor- en awhile deve vast en trek deze waar boven.
2.5.3. De rugsteun uivouwen/opvouwen (D200 Split)
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel
Zorg ervoor dat de rug stevig vergrendeld is voor gebruik.
2.5.3.1. De rugleuning opvouwen
- Houd de rugbuis vast en druk op hendel (1) tot de rug uit de rugbuis (3) komt.
- Laat de bovenste rugbuis (2) zakken totdat deze volledig is opgevouwen.
2.5.3.2. De rugleuning uityouwen
- Til de rugbuis (2) op tot davon verarerendeld is.
- Zorg ervoor dat de rug stevig vergrendeld is.

- Neem het achechterwiel en druk naqfknop (1) in.
- Houd de naafknop ingedrukt en plaats het Achterwiel in de asbus tot deze Nieteer verdien kan.
- Laat de naafknop los.
- Kijk ng of het wiei goed vastzit.
- Zorg ervoor dat de remmen afstaan.
- Neem de rolstoel vast aan het frame aan de zijde waar u het wil wil afnemen.
- Druk op de knop in het midden van de naaf van het wieil.
- Trek het wiei van het frame weg.

NL
2.6. Opslag
VOORZICHTIG
Gevaar voor beschadiging
Zorg ervoor dat uw rolstoel droog worden bewaard om schimmel of schade aan de bekleding te voorkomen, zie hoofdstuk 5..
3. Uw rolstoel gebruiken
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
Lees eerst de voorgaande hoofdstukken en informeer uzelf over het beoogde gebruik. Gebruik uw rolstoel NIET voordat u alle instructies gelezen en begrepen heeft.
- Als u nog vragen heeft of als u ergens aan twijfelt, aarzel dan nicht om contact op te nemen met uw lokale vakhandelaar, zorgverlener, of technisch adviseur om u te helpen.
3.1. De remmen bedieren
VOORZICTHIG
Gevaar voor letsel
- De remmen dieren nicht om af te remmen tijdens het rijden. Gebruik de rem enkel om te vermijden dat de rolstoel in stilstaande positie wegrolt.
- De werkking van de handremmen worden beinvloed door slijtage en verruiling van de banden (water, olie, slick, ...). Controller voor elk gebruik de staat van de banden.
- De remmen zijn instelbaar en{kunnen verouderen. Controlleroor elk gebruik de goede Werking van de remmen.
- Zorg ervoor dat alvorens de remmen los te zetten, de rolstoel vlak staat. Los nooit beiden remmen tegelijk.
3.1.1. Parkeerremmen
3.1.1.1. Om de remmen in te schakelen:
- Trek de remhendels maar voren tot u een duidelijk klik voelt.
3.1.1.2. Om de remmen los te zieten:
- Zet eerst een rem los door de hendel maar achteren te trekken.
- Houd het ongeremde viel, met uw hand, vast aan de grijphoepel.
- Herhaal dit voor het tweede wieI met parkeerrem.

3.1.2.1. Om de remmen in te schakelen:
- Trek aan de remhendels (1) in een knijpende beweging.
- Iedere remhendel (1) kan vergrendeld worden door de vergrendelingshendel (2) maar beneden te duwen met uw vinger.
- Laat de remhendel (1) los.
3.1.2.2. Om de remmen los te zieten:
- Trek aan de remhendel (1). De vergrendelingshendel (2) worden door deze beweging gelost.
- Houd de hangrepen stevig vast terwijl u de remhendels (1) los zet.
3.2. Transfer in/uit de rolstoel
VOORZICHTIG
Kans op letsel of schade
-
Indien u de transfer nicht veilig op eigén kracht kan uitvoeren, vraag dan hulp.
-
Niet op de voetplaten gaan staan.
3.2.1. Transfer
- Plaats de rolstoel zo zich möglichk bij de stoel, zetel of bed van/haar waar u zich wilt verplaatsen.
- Activeer beiden parkeerremmen, zie §3.1..
-
Klap de voetplaten omhoog, of verwijder de voetsteunen (zie § 3.3.1.).
-
Indien u zich langs de zijkant in ofuit de rolstoel wilt verplaatsen, verwijder dan de armsteun aan die zijde (zie § 3.3.2.) en kantel de remhendel maar beneden.
-
Beweeg maar/uit uw rolstoel door kracht te zetten op uw armen, of met behulp van een begeleider of liftmaterieel.
3.2.2. Zitten in de rolstoel
Enkele aanbevelingen om comfortabel van uw rolstoel gebruik te make:
- Ga zitten op de zit met uw onderrug gegen de rugsteun.
Zorg dat uw bovenbenen horizontaal zich. Stel eventueel de lengte van de voetsteunen bij (zie installmentiehandleiding).
3.3. Comfortaanpassingen
VOORZICTHIG
Kans op letsel of schade
- De volgende aanpassingen voor comfort konnen gedaan worden door de begeleider. Alle andere instellenen worden gedaan door de vakhandelaar volgens de installmentehandleiding, zich voorwoord.
- Houd steeds rekening met de draaicirkel van de voetplaat om te voorkomen dat voorbijgangers verwond raken, of dat objcten beschadigd raken.
Zorg ervoor dat uw vingers, kledij, gespen Niet geklemd raken bij het verstellen.
3.3.1. Voetsteunenplaatsen of verwijdersen

3.3.1.1.Devoetsteunen monteren
- Houd de voetsteun zijdelings aan de buitenkant van het frame van de rolstoel en monteer de voetsteun met de dop (1) in het frame.
- Zwenk de voetsteun waar binnen tot deze vastklikt.
- Vouw de voetplaat waar beneden.
3.3.1.2. De voetsteunen verwijderen
- Trek aan de hendel (2).
- Draai de voetsteun maar buiten tot deze uit de geleiding komt.
- Trek de voetsteun omhoog UIT dop.
3.3.2. De armsteunenplaatsen of verwijderen
VOORZICTIG
Gevaar voor letsel
Houd vingers, gespen en kledingstukken weg van de onderkant van de armsteun.
3.3.2.1. De armsteunen monteren
- Plaats de awhile de van de armsteun in de houder (1). (Fig A)
- Zorg ervoor dat de armsteun vastklikt in het systeme.
- Klap de armsteun maar yoren.
- Plaats de voorzijde van de armsteun (4) in de houder (3) tot deze vastklikt. (Afb. B)

NL
3.3.2.2. De armsteunen openen en verwijderen
- Druk op de hendel (2) en trek de Voorzijde van de armsteun omhoog. (Fig C)
- Klap de armsteun maarachten.
- U verwijdert de armsteun door de achechterzijde van de armsteun uit de houder (3) te trekken. (Fig D)
- U verwijdert de armsteun door op de knop (5) te drukken en de achechterzijde van de armsteun uit de houder (1) te trekken. (Fig C & D)

3.3.3. Ruginclination (D200 30^ )
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
Denk eraan dat de stabiliteit afneemt als de rug maar achteren worden gekanteld.
Zorg ervoor dat de remmen van de rolstoel geactiveerd zijn voordat u de ruginclinatie versteld.
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel
- Plaats uw vingers, kledij NietCUSEN het verstelmechanisme.
Bij model D200 30^ is het möglichk om de rug, met een maximale inclinatie van 30^ (4 verzschillende posities: stappen van 10^ ), maar afterwards te kantelen. Zorg ervoor dat de patient in de rolstoel zit wanner de begeleider de ruginclinatie verstelt en dat de rolstoel Niet achterover kantelt.

- Trek de hendel (1) aan beiden kanten maar de handgreep (2) om de rughoek te verstellen.
- De pen (A) komt uit de groef van deplaat metuitsulpingen (B).
- Trek beiden rugbuizen geleidelijk aan\ aar achefteren tot de gewenste positie (4\ verschillende posities bij tandverstelling: 5^ - 15^ - 25^ - 35^ ).
- Laat de hendels los. Controller of de pen (A) terug goed is gespositioneerd in de groef van de plaat (B).
Als de rolstoel trommelremmen heeft; dan worden de hendels als remmen gebrukt.
3.3.4. De duwstangplaatsen of verwijderen (D200 30^ )
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
Zorg ervoor dat de knappen (A) terug goed zich vastgemaakt.
- Als de rolstoel over een duwstang beschikt, dient deze altiijd gemonteerd te zich ter verhoging van de stabiliteit.

3.3.4.1. Om de duwstang te monteren
- Monteer de duwstang (B) in de linkse handgreep met behulp van de sterknop (A).
- Draai de duwstang (B) maar de rechterkant.
- Monteer de haak (C) over de rechte handgreep (D) zoals aangegeven in de figuur. Gebruik de boringen (1) of (2) om de spanning van de rug in te stellen.
3.3.4.2. Om de duwstang te verwijdersen
- Maak de sterknop (A) aan de rechtse handgreep los.
- Verwijder de haak (C) van de rechtse handgreep (D).
3.3.5. Handvathoogte (niet voor D200 Split)
De handvatten können versteld worden over een afstand van 150mm in stappen van 30mm
- Draai de schroef (1) los.
- Beweeg het handvat omhoog/omlaag tot degewenste hoogte.
- Draai de inbusbout goed vast.
- Herhaal voor het andere handvat. Zorg ervoor dat beiden handvatten stevig় vastgezet.

3.3.6. De zitdiepte aanpassen (indien van toepassing)
Indien aanwezig, kan de zitdiepte worden gewijzigd door het zitzeil aan te passen (traploos, bereik 35~mm ).

3.3.7. De anti-tipping verstellen (indien van toepassing)
VOORZICTHIG
Gevaar voor letsel
Voor D200 30^ : De anti-tipping moet steeds gemonteerd en neergelaten zich.
Verstel de hoogte van de anti-tipping in 7 posities als volgt (bereik 120mm : stappen van 20 mm):

- Zet de sterknop (1) los.
- Beweeg de buis van de anti-tipping in de gewenste hoogte.
- Draai de sterknop handvast aan.
- Controller dat de anti-tipping goed is vastgemaakt.
3.4. Rijden met de rolstoel
i Afhankelijk van uw medische toestand en het type rolstoel, kan u de rolstoel zich rijden, of deze latent duwen door een begeleider.
VOORZICTHIG
Risico voor knellen
Vermijd dat uw vingers gekneld raken zusammen de wielspaken.
Vermijd dat uw handen gekneld raken:tussen de aandrijfhoepels wonneer u door smalle doorgangen rijdt.
- Wanner u met een begeleider rijd, houd dan uw armen uit de buurt van de wielen, en uw voeten op de voetplaten.
AVOORZICHTIG
Kans op letsel of schade
Rijd NIET op hellingen, hindernissen, treden of stoepranden die groter zichn dan beschreiben in hoofdstuk 5..
- Begeef uzelf Niet in het verkeer met uw rolstoel. Blijf altaid op het voetpad.
Bedien de aandrijfoepels nicht met natte handen.
- Pas op als de weg gaten of spleten heeft waardoor de wielen können vastlopen.
- Vermijd stenen en andere objcten die de wielen konnen blokkeren.
- Houd steeds rekening met de draaicirkel van de voetplaat om te voorkomen dat voor bijgangers verwond raken, of dat objcten beschadigd raken.
-
Voor gebruik, zorg ervoor dat:
-
alle aanpassingen stevig vastzitten, zie §3.3..
- de parkeerremmen goed werken.
- de banden in goede staat zich, zie §4.2.1..
3.4.1. Rijden met een begeleider
- Zet de remmen los, of LAST ze loszetten door uw begeleider, terwijl hij/zij de rolstoel vasthoudt om beweging te voorkomen, zie §3.1.
- De begeleider houdt de handgrepen of duwstang vast en duwt de rolstoel in de gewenste richting.
- Wanner u gestopt bent, zet u de remmen weeer vast terwijl de rolstoel op zichplaats gehonden worden, zie §3.1.
3.4.2. Zelf rijden
- Zet de parkeerremmen een voor een los, zie §3.1..
- Neem de aandrijfhoepels aan de bovenzijde vast.
- Leun voorwaarts en duw de hoepels maar voor tot uw armen gestrekt zijn.
- Breng uw handen terug maar de bovenzijde van de hoepels en herhaal de beweging.
- Om te stoppen: wacht tot de rolstoel stopt en beweeg voorwaarts/achterwaarts door de aandriijfoepels te gebruiken. Zet de parkeerremmen een voor een aan, zich §3.1..
3.4.3. Rijden op hellingen
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel
- Als uw begeleider te weinig kracht heeft om de rolstoel te controleren, stop dan met rijden enzet onmiddelijk de remmen vast.
- Wonneer u stopt op een (kleine) helling, gebruik dan de remmen.


- Bevestig de veiligheidsgordel.
- Vraag een begeleider of omstaander om u te helpen.
- Rijd traag en in een rechte lijn. Bij het oprijden van de helling, leun Lichtjes maar voor (A/B). Bij het afrijden van de helling, leun achefterwaarts gegen derug.
- Rijd nooit achefterwaarts op een helling.
3.4.4. Rampen gebruiken
VOORZICHTIG
Kans op kantelen en vallen
-
Gebruik enkel rampen die goedgekeurd werden door Vermeiren en overschrijd hun maximaal toegestane belasting Niet.
Zorg ervoor dat de rolstoel de grond of ramp Niet raakt door de kanteling. -
Gebruik enkel rampen met hulp van een of twee begeleiders.
-
Pas de positie van de rugsteun, zit en voetsteun aan om het ingenomen volume van der rolstoel te beperken, en om de stabiliteit tijdens inclinatie te vergroten.
- Verwijder de voetsteunen, die §3.3.1.
- Volg de instructies in §3.4.3.
Kans op kantelen en vallen
- Trappen mogen enkel genomen worden met behulp van twee begeleiders.
- Neem geen trappen die oncegepast zich voor rolstoelen.

- Verwijder de voetsteunen, zich §3.3.1.
- Laat een begeleider de rolstoel Lichtjes waar achteren kantelen.
- De tweede begeleider neemt het frame van de rolstoel aan bij de kanten aan de voorzijde vast.
- Blij rustig zitten, vermijd plotse bewegingen en houd uw armen binnen de rolstoel.
- Beide begeleiders tillen en duwen de rolstoel van trede maar trede op de weiterwieten.
- Na het nemen van de trap, monteert u de voetsteunen weeer op hun plaats, zie §3.3.1.
3.4.6. Omgaan met hindernissen
AVOORZICTHIG
Kans op kantelen en vallen
-
Indien u uw rolstoel onvoldoende beheerst, vraag hulp van een begeleider.
Zorg ervoor dat de voetplaten de grond Niet raken bij het nemen van een obstakel. -
Gebruik uw rolstoel Niet op roltrappen.
- Indien beschikbaar, bevestig uw veiligeidsgordel.
3.4.6.1. Kleine stoepranden (op of af)
Deze können voorwaarts genommen worden (E/F) met behulp van een begeleider, of door ervaren rolstoelgebruikers alleen.


- De begeleider beweegt de rolstoel voorwaarts waar de stoeprand. Zorg ervoor dat de voetplaten de stoeprand zich zullen raken.
- Leun anschterwaarts om de druk op de voorwielen te verminderen.
- De begeleider houdt de handgrepen stevig vast. Indien nodig kan hij de trapdop gebruiken om de voorwienen omhoog te houden totdat ze de stoeprand voor bijহn.
- De begeleider vermindert de druk op de handgrepen en trapdop om de voorwielen van der rolstoel zachtjes op de grond teplaatsen.
- Vervolgens houdt hij de handgrepen stevig vast terwijl hij de rolstoel op de weiterwielen op/af de stoeprand rijdt.
Een geoefende gebruiker kan zichkle bleine stoepranden voorwaarts nemen:

Afjijden:
- Breng de balans op de weiterwielen om de druk op de voorwelen te verminderen.
- Neem de hindernis.

Oprijden
- Rijd tot aan het trothoir.
- Leun hinterover zodat u op de halten bewanseert.
- Rol al balancerend de voorwieten over het troitoir.
- Leun voorover om meer stabiliteit te hebben.
- Rol de awhileen over het troattoir.

3.4.6.2. Medium stoepranden (op of af)
Deze要去en achefterwaarts genomen worden met een begeleider:


- De begeleider draait de rolstoel om zodat de awhile den de stoeprand eerst bereiken (G/H).
- Afrijden: Leun voorwaarts (G) om uw zwaartepunt maar voor te verplaatsen.
Oprijden: Leun achefterwaarts (H) om uw zwaartepunt maar,achter te verplaatsen.
- De begeleider trekt de rolstoel zachtjes op/af de stoeprand.
3.4.6.3.Hoge stoepranden
Hoge stoepranden, maar onder de maximaal toegestane hoogte (zie §5.),要去en genomen worden met behulp van twee begeleiders.
Afrijden:
- Verwijder de voetsteunen.
- De begeleider beweegt de rolstoel voorwaarts maar de stoeprand.
- Leun hinterwaarts om de druk op de voorwielen te verminderen.
- De begeleider houdt de handgrepen stevig vast en gebrukt indien nodig de trapdop om de voorwienen omhoog te honden totdat ze de stoeprand voor bij zijn.
- De tweede begeleider neemt het frame van de rolstoel aan de voorzijde vast en trekt deijken over de stoeprand.
- De eerste begeleider vermindert de druk op de handgrepen en trapdop om de voorwielen op de grond teplaatsen.
Oprijden
- Verwijder de voetsteunen.
- De eerste begeleider draait de rolstoel om zodate de achterwieten de stoeprand eerst bereiken.
-
Leun achefterwaarts om uw zwaartepunt waar achefter te verplaatsen.
-
De tweeede begeleider neemt het frame van de rolstoel aan de voorzijde vast en trekt/duwt de awhileien over de stoeprand. De eerste begeleider houdt de handgrepen stevig vast en tilt ze op om te voorkomen dat de rolstoel omkantelt.
4. Onderhoud
Regelmatig onderhoud zorgt ervoor dat uw rolstoel in een perfect werkende staat blijft. Voor de onderhoudshandleiding kan u de website van Vermeiren raadplegen: www.vermeiren.com.
4.1. Tijdstippen voor onderhoud
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel of beschadiging
- Reparaties en verrangingen mogen enkel uitgevoerd worden door opgeleid personeel, en enkel originele onderdelen van Vermeiren mogen hierbij gebruikt worden.
1 De LASTe pagina van deze handleiding bevat een registratieformulier voor de vakhandelaar om elke service te registereren.
De onderhoudsfrequentie hangt af van de frequentie en intensiteit van gebruik. Neem contact op met uw vakhandelaar om een tijschema vast te leggen voor nazicht/ onderhoud/reparatie.
4.1.1. Voor ieder gebruik
Kijk de volgende punten na:
- Alle onderdelen: aanwezig en nicht beschadigd of versleten.
Alle onderdelen: schoon, zie § 4.2.2..
Wielen, rugsteun, zit, kuitsteunen, armsteunen, voetplaten: stevig bevestigd.
Staat van de wielen, zie § 4.2.1..
Staat van de frameonderdelen: geen verrorming, instabilititeit, zwakte of losse verbindingen.
Zit, rugsteun, armleggers, kuitsteunen en hoofdsteun (indien van toepassing): geen overmatige slijtage (bijv. gedeukte plekken, schade of scheuren).
-
Remmen: onbeschadigd en werkend
-
Voor D200 30^ : Systeem voor ruginclinatie: Onbeschadigd en correct functionerend (vergrendeling, belasting, geen verrorming of slijtage)
Contacteer uw vakhandelaar voor eventuele reparaties of verranging van onderdelen.
4.1.2. Jaarlijs of vaker
Laat uw rolstoel nakijken en onderhouden door uw vakhandelaar, ten minste een keer per Jaar of vaker. De minimale onderhoudsfrequentie is afhankelijk van het gebruik en moet daarom besproken worden met uw vakhandelaar.
4.1.3. Bij opslag
Zorg ervoor dat uw rolstoel droog wordt bewaard om schimmel of schade aan de bekleding te voorkomen, zie hoofdstuk 5..
4.2. Onderhoudsinstructies
4.2.1. Wienen banden
De goede werkung van de remmen hangt af van de staat van de banden, die onderhevig zich aan slijtage en verontreinigung (water, olie, modder,...).
Houd de wielen vrij van draden,haar, zand en gezels.
Kijk het profiel van de banden na. Als de profieldiepte minder dan 1 mm bedraagt,要去en de banden verrangen worden. Contacteer hiervoor uw vakhandelaar.
Pomp de banden op volgens de correcte spanning (zie drukindicatie op de banden).
Instructies voor het verwangen van de banden kan u terugvinden in de installmentiehandleiding.
VOORZICTHIG
Gevaar voor beschadiging door vocht
- Gebruik nooit een tuinslang of hagedrukreiniger om de rolstoel schoon te make.
Veeg alle harde onderdelen schoon met een vochtig doek (niet doorweekt). Indien nodig, gebruik een milde zeep die geschikt is voor vernis en synthetische materialen.
De bekleding kan schoon worden gemaatk met lauw water en een milde zeep. Gebruik geen agressieve schoonmaakmiddelen.
4.2.3. Ont smetting
AVOORZICTHIG
Gevaar voor beschadiging
- Ontsmetting mag enkel worden uitgevoerd door getraind personeel. Neem contact op met uw vakhandelaar.
4.3. Probleemoplossing
Ook wonneer u de rolstoel correct gebruikt, is het toch möglich dat er een technisch probleem opttreedt. Neem in dat geval contact op met uw vakhandelaar.
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel of beschadiging
- Probeer NOOIT zich uw rolstoel te repareren.
De volgende tekenen können wijzen op een ernstig probleem. Neem waarom steeds contact op met uw vakhandelaar als u een van de volgende afwijkingen opmerkt:
Vreemde geluiden;
- Oneven bandenslijtage op een van de banden;
- Schokkerige bewegingen;
- De rolstoel buigt af waar eén kanit;
- Beschadigde of kapotte wieilmontages.
4.4. Verwachte levensduur
De rolstoel is ontworpen voor een gemiddelde levensduur van 5aar. De levensduur za toenemen of afnemen afhankelijk van de gebruiks规矩ie, rijomstandigheden en onderhoud.
4.5. Hergebruik
Voor ieder hergebruik moet de rolstoel ontsmet, geinspecteerd en onderhonden worden volgens de instructies in § 4.1. en § 4.2..
4.6. Beeindiging van gebruik
Op het einde van de levensduur要去 de rolstoel vernietigen volgens de lokale milieuuwetgeving. De Beste manier om dit te doeon, is de rolstoel te demonteren om het vervoer van de recycleerbare onderdelen te vergemakkelijken.
4.7. Garantie
De garantie op dit product is onderhevig aan de algemene voorwaarden van ieder land.
5. Technische specificaties
Onderstaande technische gegevens zijn enkel geldig voor deze rolstoel, bij standardinstellungen en optimale omgevingsfactoren. Houd bij gebruik rekening met deze details. Deze waarden�nieteer van toepassing als uw stoei werd gewijzigd, of wonneer het beschadigd of ernstig versleten is.
| Merk Vermeiren | |
| Productgroep Manuele rolstoel | |
| Type D200 | D200 30° |
| Beschrijving Afmetingen | |
| Max. gebruikersgewicht 130 kg | |
| Totale langte 1010 mm | |
| Totale bredte 580 mm | 600 mm |
| 620 mm | |
| 640 mm | |
| 660 mm | |
| 680 mm | |
| 700 mm | |
| 720 mm | |
| Totale hoogte 880 mm - 940 mm | |
| Totaal gewicht | |
| D200 | 16 kg |
| D200 30° | 17,9 kg |
| Gewicht zwaarste onderdeel | |
| D200 | 8,5 kg |
| D200 30° | 10 kg |
| Massa van afneembare | |
| onderdelen | 1,5 kg |
| Voetsteunen | 1,20 kg (D200) of 2 kg (D200 30°) |
| Armsteunen | 4,4 kg |
| Achterwielen | |
| Statische stabiliteit bergaf 16° (in standard configuratie) | |
| Statische stabiliteit bergop | |
| D200 | 12° (in standard configuratie) |
| D200 30° | 9,5° (gemeten met anti-tipping,plaats de asblok maar aktheren) |
| We behouden ons hetrecht voor om technische wijzigingen te introducieren. | |
| Meettolerantie +/- 15 mm / 1,5 kg / 1,5° | |
| Statische stabiliteit bijwaarts 20° (in standard configuratie) | |
| Zithoek 5° | |
| Effectieve zitdiepte 430 mm | |
| Effectieve zitbreedte 380 mm | |
| 400 mm | |
| 420 mm | |
| 440 mm | |
| 460 mm | |
| 480 mm | |
| 500 mm | |
| 520 mm | |
| Zithoogte aan voorzijde 470 mm - | 530 mm |
| Rughoek | |
| D200 | 5° |
| D200 30° | 5° - 35° |
| Rughoogte 420 mm | |
| Afstand:tussen voetplaat en zit 380 mm - 500 mm | |
| Hoek been tot zit 98,5° | |
| Hoek van de voetplaat -1,5° - 18,5° | |
| Afstand:tussen armlegger en zit | 220 mm - 240 mm |
| Afstand voorzijde armlegger | 410 mm |
| Horizontale afstand van de as (uitwijking) | 37 mm |
| Minimale draaicirkel | 1500 mm |
| Diameter中断wieten | 22" |
| 24" | |
| Diameter voorwieten | 200 mm |
| Gebruiktemperatuur | +5°C - +41°C |
| Opslag en gebruiksluchtvochtigheid | 30% - 70% |
| We beholden ons hetrecht voor om technische wijzigingen te introducieren. Meettolerantie +/- 15 mm / 1,5 kg / 1,5° | |
Vorwort
99
1. Ihr Produkt 101
1.1. Optionen 102