BRM 56 BSA - Grasmaaier Grizzly - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BRM 56 BSA Grizzly in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over BRM 56 BSA Grizzly
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BRM 56 BSA - Grizzly en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BRM 56 BSA van het merk Grizzly.
GEBRUIKSAANWIJZING BRM 56 BSA Grizzly
NL Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing....58
Lees voor de inbedrijfstelling deze bedieningshandleiding aandachtig door. Bewaar de handleiding goed en geef deze door aan de volgende gebruiker van deze soldeerbout, zodat iedere gebruiker te allen tijde kan beschikken over de informatie.
Inhoud
Gebruiksdoeleinde 58
Pictogrammen/Symbolen 59
Symbolen op het apparaat....59
Symbolen in de gebruiksaanwijzing..60
Veiligheidsinstructies....60
Algemene beschrijving 63
Beschrijving van de werking ......63
Overzicht....63
Beschermingsinrichtingen......63
Omvang van de levering....64
Ingebruikname 64
Hoofdigger van de handgreep monteren....64
Grasvangmand monteren/ledigen ....64
Mulchkit....65
Zijdelingse grasuitworp 65
Starterkabel monteren 65
Motorolie ingieten en oliepeil contro- leren....65
Benzine ingieten 66
Snoeihoogte instellen....66
Bediening 67
Motor starten en stoppen 67
Maaien....67
Werkinstructies 67
Reiniging en onderhoud 68
Reiniging en algemene onderhoudswerkzaamheden....68
Luchtfilter uitwisselen 69
Bougie wisselen / instellen......69
Motorolie verversen 69
Bowdenkabel instellen....70
Mes slijpen/uitwisselen 70
Algemene opslaginstructies 70
Opslag tijdens langere bedrijfsonderbrekingen....70
Afvalverwijdering/milieubescher- ming ....71
Garantie 71
Onderhoudsintervallen 73
Tabel Onderhoudsintervallen....73
Foutopsporing 74
Vertaling van de originele CE- conformiteitsverklaring...... 124
Explosietekening....126
Het apparaat is uitsluitend voor het maaien van gazon- en grasvlakten tot 1800 m² thuis bestemd.
Dit apparaat is niet geschikt voor commercieel gebruik. Bij commercieel gebruik vervalt de garantie.
ledere andere toepassing, die in deze handleiding niet uitdrukkelijk toegestaan wordt, kan tot beschadigingen aan het apparaat leiden en een ernstig gevaar voor de ge-
bruiker vormen.
Het apparaat is voor het gebruik door volwassenen bestemd. Kinderen en ook personen, die met deze handleiding niet vertrouwd zijn, mogen het apparaat niet gebruiken.
De bediener of gebruiker van het apparaat is verantwoordelijk voor ongelukken of schades aan andere personen of hun eigendom.
De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die door onreglementair gebruik of verkeerde bediening werd veroorzaakt.
Pictogrammen/Symbolen
Symbolen op het apparaat

elet!
Gebruiksaanwijzing lezen.

Gevaar voor verwondingen door weggeslingerde onderdelen. Omringende Personen op een veilige afstand tot het apparaat houden.

Gevaar voor verwondingen door scherpe messen!
en en handen op een veilige afstand houden.

Opgepast - Giftige dampen! traat niet in gesloten en bedienen.

Opgepast – Benzine is brandbaar! broken en warmtebronnen op veilige afstand houden.

Opgepast - Gevaar voor gen!
Voor onderhoudswerkzaam- heden motor uitschakelen en bougiedop afrekken.

Hete oppervlakke Gevaar voor brandwonden.

Opgepast: gevaar voor verwondingen! Draag oog- en gehoorbescherming.

Gevaar! Handen en voeten op stand houden.

Aanduiding van het geluidsvolume L_wa in dB.
Symbolen aan de hoofdigger van de handgreep:

text_image
STOP
Apparaat stoppen: Veiligheidsbeugel loslaten
Apparaat stoppen: Veiligheidsbeugel loslaten
Symbool aan het tankdeksel:

Aanwijzing op benzinevulpijp



Opgepast! Vóór de start oliepeil nakijken.
Symbool aan het olievuldeksel:

Aanwijzing op olievulpijp
Pictogrammen aan de gashendel

Positie snel
Positie langzaam
Symbolen in de gebruiksaan-wijzing

Gevaarsymbool met informatie over de preventie van personen- of zaakschade.

Gebodsteken (in plaats van het uitroepingsteken wordt het gebod toegelicht) met informatie over de preventie van schade.

Aanduidingsteken met informatie over hoe u het apparaat beter kunt gebruiken.
Veiligheidsinstructies
Deze paragraaf behandelt de essentiële veiligheidsvoorschriften bij het werk met het apparaat.

WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen. Verzuim bij de naleving van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kan een elektrische schok, brand en/of ernstige verwondingen veroorzaken.
Aanwijzingen:
- Dit apparaat dient niet om door personen (kinderen inbegrepen) met beperkte fysieke, motorieke of psychische capaciteiten of met een tekort aan ervaring en/of kennis gebruikt te worden; tenzij zij van een voor de veiligheid instaande persoon onder toezicht staan of tenzij zij van deze laatste instructies krijgen, hoe het apparaat te gebruiken is.
-
Kinderen dienen onder toezicht te staan om te vrijwaren dat ze niet met het apparaat spelen.
-
Lees de gebruiksaanwijzing zorgvul-dig. Maak u met de instelbare onder-delen en met het correcte gebruik van het apparaat vertrouwd.
- Laat nooit toe, kinderen of andere personen, die de gebruiksaanwijzing niet kennen, het apparaat te gebruiken. Lokale bepalingen kunnen de minimumleeftijd van de gebruiker vastleggen.
- Maai nooit terwijl er personen, in het bijzonder kinderen, of dieren zich in de nabijheid bevinden. Bij verstrooiing kunt u de controle over het apparaat verliezen.
- De bediener of gebruiker van het apparaat is verantwoordelijk voor ongelukken of schades aan andere personen of hun eigendom.
- Houd rekening met geluidsoverlast en plaatselijke verordeningen.
Voorbereidende maatregelen:
- Tijdens het maaien dient er altijd vast schoeisel en dienen er altijd lange broeken gedragen te worden. Maai niet op blote voeten of in lichte sandalen. Loszittende kledij, sieraden of lang haar kunnen door bewegende onderdelen vastgegrepen worden. Het dragen van geschikte kledij doet het risico voor verwondingen afnemen.
- Controleer het terrein, waarop het apparaat gebruikt wordt, en verwijder alle voorwerpen (bijvoorbeeld stenen, stokken, draden), die vastgegrepen en weggeslingerd kunnen worden.
- Waarschuwing: benzine is in hoge mate ontbrandbaar. Vuur of ontploffingen kunnen tot ernstige brandwonden leiden:
- Bewaar benzine uitsluitend in de daarvoor voorziene reservoirs.
- Tank uitsluitend in de open lucht en
rook niet terwijl u benzine ingiet.
- Benzine dient vóór de start van de motor ingegoten te worden. Terwijl de motor draait of bij een heet apparaat mag de tankdop niet geopend of benzine bijgevuld worden.
- Indien er benzine overgelopen is, mag er geen poging ondernomen worden, de motor te starten. In plaats daarvan dient het apparaat van het door benzine bevuilde oppervlak gereinigd te worden. ledere ontstekingspoging dient vermeden te worden totdat benzinedampen verdampt zijn.
- Omwille van de veiligheid dienen benzinetank- en andere tankdoppen bij beschadiging uitgewisseld te worden.
• vervang defecte geluiddempers.
- Vóór het gebruik dient er altijd een visuele controle doorgevoerd te worden, of het snoeigereedschap, de bevestigingsbouten en de complete snoei-eenheid versleten of beschadigd is/zijn. Om een onbalans te vermijden, mag/mogen versleten of beschadigd gereedschap en bouten slechts per paar uitgewisseld worden.
- Wees voorzichtig bij apparaten met verschillend snoeigereedschap omdat de beweging van een mes tot rotatie van de overige messen kan leiden.
- Gebruik uitsluitend reserveonderdelen en aan slijtage onderhevige toebehoren, die door de fabrikant geleverd en aanbevolen worden. Het gebruik van vreemde onderdelen kan tot verwondingen leiden en heeft een onmiddelijk verlies van de garantieclaim tot gevolg.
Hantering:
- Laat de verbrandingsmotor niet draaien in gesloten lokalen, waar er zich gevaarlijk koolmonoxide kan ophopen.
- Maai uitsluitend bij daglicht of bij een goede kunstmatige verlichting. Een onverlicht werkterrein kan tot ongevallen leiden.
- Vermijd zo mogelijk het gebruik van het apparaat bij nat gras.
-
Let altijd op een veilige stand, in het bijzonder op hellingen. Daardoor kunt u het apparaat in onverwachte situaties beter controleren.
-
Werk altijd dwars op de helling, nooit op- of neerwaarts.
- Wees uiterst voorzichtig als u de rijdrichting op de helling wijzigt.
- Maai niet op overdreven steile hellingen (max. 10°).
- Beweeg het apparaat slechts stapvoets voort.
- Wees uiterst voorzichtig wanneer u het apparaat omkeert of het naar u toe trekt.
- Houd het snoeigereedschap stil wanneer het apparaat gekanteld moet worden, voor het transport op andere vlakten dan gras en wanneer het apparaat van de te maaien vlakte weg of in de richting van de te maaien oppervlakte voortbewogen wordt.
- Gebruik nooit het apparaat met beschadigde beschermingsinrichtingen of beschermroosters of zonder aangebouwde beschermingsinrichtingen, bijvoorbeeld stootbescherming en/of grasvanginrichtingen. Daardoor wordt ervoor gezorgd dat de veiligheid van het apparaat gehandhaafd blijft.
- Wijzig de regelaarinstelling van de motor niet of draai deze niet dol. U zou het apparaat kunnen beschadi-gen.
NLBE
- Voordat u de motor start, ontkoppelt u al het snoeigereedschap en alle aan-drijvingen.
- Start of activeer de startschakelaar met voorzichtigheid en dit in overeenstemming met de door de fabrikant verstrekte instructies. Let op voldoende afstand van de voeten tot het snoeigereedschap. Er bestaat gevaar voor verwondingen.
- Bij het starten of aanzetten van de motor mag het apparaat niet gekanteld worden tenzij het apparaat bij het procédé opgetild moet worden. In dit geval kantelt u het apparaat slechts in die mate als absoluut noodzakelijk is en tilt u enkel de van de gebruiker afgewende zijde op.
- Start de motor niet wanneer u vóór het uitwerpkanaal staat.
- Schakel de motor op instructie in en enkel wanneer uw voeten zich op een veilige afstand tot het snoeigereedschap bevinden.
- Breng nooit handen of voeten tegen of onder draaiende onderdelen. Neem altijd een veilige afstand tot de uitwerpopening in acht. Eén moment van onoplettendheid bij het gebruik van het apparaat kan tot ernstige verwondingen leiden.
- Het apparaat nooit met een draaiende motor optillen of dragen.
- Zet de motor uit, trek de bougiedop af en vergewis u dat alle beweegbare onderdelen stilstaan:
- voordat u blokkeringen lost of verstoppingen in het uitwerpkanaal verhelpt;
- voordat u het apparaat controleert, reinigt of eraan werkt;
- wanneer een vreemd voorwerp geraakt werd. Zoek naar beschadigingen aan het apparaat en voer de
noodzakelijke reparaties door voor- dat u herstart en met het apparaat werkt;
- indien het apparaat ongewoon sterk begint te trillen, is een onmiddellijke controle noodzakelijk.
- Zet de motor uit
- wanneer u het apparaat verlaat;
- voordat u bijtankt;
- Bij het uitlopen van de motor dient de smoorklep gesloten te worden.
- Laat het apparaat nooit zonder toe-zicht op de werkplaats achter.
- Werk niet met een beschadigd, onvolledig of zonder de toestemming van de fabrikant omgebouwd apparaat.
Het gebruik van machines voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.
Onderhoud en opslag:
- Zorg ervoor dat alle moeren, bouten en schroeven vast aangedraaid zijn en het apparaat zich in een veilige arbeidstoestand bevindt. Tal van ongevallen zijn te wijten aan slecht onderhouden apparaten.
- Bewaar het apparaat nooit met benzine in de tank in een gebouw, waar benzinedampen mogelijkkerwijs met open vuur of met vonken in aanraking kunnen komen.
- Laat de motor afkoelen voordat u het apparaat in gesloten lokalen wegzet. Er bestaat brandgevaar.
- Om brandgevaar te vermijden, houdt u motor, uitlaat en de zone rond de brandstoftank vrij van gras, bladeren of vrijkomend vet (olie).
- Controleer regelmatig de grasvang-inrichting op slijtage of verlies van de functionaliteit.
- Vervang versleten of beschadigde onderdelen omwille van de veiligheid.
Vervang defecte geluiddempers.
- Indien de brandstoftank geledigd dient te worden, dient dit in de open lucht te gebeuren.
- Behandel uw apparaat met zorgzaamheid. Houd het gereedschap scherp en netjes om beter en veiliger te kunnen werken. Leef de onderhoudsvoor-schriften na.
- Tracht niet, het apparaat zelf te repa- reren, tenzij u hiervoor een opleiding genoten heeft. Al de werkzaamheden, die niet in deze handleiding vermeld worden, mogen uitsluitend door klan- tenserviceafdelingen, die door ons ge- machtigd werden, uitgevoerd worden.
- Bewaar het apparaat op een droge plaats en buiten het bereik van kinderen. Machines zijn gevaarlijk als ze door onervaren personen gebruikt worden.
Algemene beschrijving

De afbeelding van de voornaamste functionele onderdelen vindt u op de pagina 2 - 4.
Beschrijving van de werking
Het apparaat wordt met een 4-takt motor (Briggs & Stratton 675 Series) met een zeer groot prestatievermogen aangedreven. Het Ready-Start systeem met temperatuurgeregelde, automatische choke, de achterwielaandrijving en de mesremfunctie vergemakkelijken de bediening van het apparaat.
Het apparaat is met een hoogwaardige plaatstalen behuizing en een opvouwbare handgreephendel uitgerust. Er staan drie bedrijfsmodi ter beschikking van de gebruiker: maaien met grasvangmand, mulchmaaien of maaien met zijdelingse grasuitworp.
Overzicht

1 Bovenste hoofdigger van de handgreep
2 Aandrijfbeugel
3 Veiligheidsbeugel
4 Onderste hoofdigger van de handgreep
5 2 Kabelklem
6 Stootbescherming
7 Olietankdop met oliemeetstaaf
8 Tankdeksel
9 Motorafdekking
10 Uitlaatbescherming
11 Bougiedop + Bougie
12 2 voorwielen
13 Luchtfilter
14 Luchtfilterafdekking
15 Zijdelingse uitworp met stootbescherming
16 Plaatstalen behuizing
17 2 voorwielen
18 Hefboom voor de instelling van de snoeihoogte
19 Grasvangmand (tweedelig)
20 2 Vastzethefboom ter bevesti-
ging van de draagbalk
21 Starterkabelgeleiding
22 Startergreep met starterkabel
23 Gashendel
24 Mulchkit
25 Zijdelings uitwerpkanaal
Beschermingsinrichtingen

3 Veiligheidsbeugel
Bij het loslaten van de veilig- heidsbeugel stopt het apparaat.
6 Stootbescherming
bescherm de bedieningsper- soon tegen weggeslingerde onderdelen en tegen een on- opzettelijke aanraking van de messen wanneer er zonder
grasvangmand gemaaid wordt.
10 Uitlaatbescherming
verhindert dat handen of ont- vlambare materialen met een hete uitlaat in aanraking komen.
15 Zijdelingse uitworp met stoot-bescherming
verhindert het zijdelingse wegslingeren van gemaaid gras en vaste delen en rijgt het gemaaide gras zijdelings aanee.
Omvang van de levering
Pak het apparaat uit en controleer, of de inhoud volledig is:
- Benzinegrasmaaier (reeds gemon- teerd)
- ingeklapte hoofdigger van de hand- greep
- Grasvangmand
- Mulchkit
- Zijdelings uitwerpkanaal
- 2 Kabelklem
- Montagetoebehoren voor de bevestiging van de hoofdliggers (aan de dwarsbalkopname)
- Bougiedop
- Gebruiksaanwijzing
- Gebruiksaanwijzing Briggs & Stratton
Ingebruikname

Opgepast! Gevaar voor verwondingen door roeterend mes. Voer werkzaamheden aan het apparaat uitsluitend bij een uitgeschakeld en stilstaand mes door.

Neem ook de bijgeleverde gebruiksaanwijzing van Briggs & Stratton in acht.
Voordat u het apparaat start, moet u
- Beschermdoppen afnemen
- de hoofdigger van de handgreep monteren
- eventueel de grasvangmand/de mulchkit/het zijdelingse uitwerpkanaal monteren.
- de starterkabel monteren
- motorolie ingieten
- benzine ingieten
- ventueel de snoeihoogte instellen
Hoofdigger van de handgreep monteren

Opgepast! Let erop dat bij de montage van de hoofdigger van de handgreep de bowdenkabels niet geplet worden.

-
Verwijder met een schroefsleutel (sleutelwijdte 13) de draagbalkbevestigende schroeven en moeren (26) aan het apparaat.
-
Bevestig de onderste hand- greephendel (4) met de draag- balkbevestigende schroeven en moeren (26).

-
Klap de bovenste handgreephendel (1) uit (kleine afbeelding) en duw de vastzethefboom (20) in de richting van de draagbalk.
-
Bevestig de bowdenkabels met behulp van de kabelklem (5) aan de hoofdigger.
Opgelet: apparaat niet zonder volledig aangebrachte grasvangmand of zonder stootbescherming bedienen. Gevaar voor verwondingen!

Vangmand monteren:
- Stang het stangenmechanisme (27) van de vangmand in het net van de vangmand (28).
- Stulp de kunststofstrips (29) over het stangenmechanisme van de vangmand.

Grasvangmand aan het apparaat aanbrengen:

Vóór het gebruik van de vangmand moeten de mulchkit en het zijdelingse uitwerpkanaal verwijderd zijn (zie F, G)
- Til de stootbescherming (6) op.
- Haak de grasvangmand (19) in de daarvoor voorziene ophan- ging (30) aan de achterzijde van het apparaat vast.
- Til de stootbescherming (6) op en neem de grasvangmand uit.
Vangmand afnemen/ledigen:
- Til de stootbescherming (6) op en neem de vangmand (19) uit.
- Ledig de vangmand (zie hoofdstuk „Afvalverwijdering/milieubescherming“) en monteer ze weer.
Mulchkit

Vóór het gebruik van de mulchkit moet het zijdelingse uitwerpkanaal verwijderd zijn (zie G)

Mulchkit aanbrengen
- Verwijder de vangzak ( 19), E indien deze aangebracht is.
- Til de stootbescherming (6) op.
- Breng de mulchkit (24) aan. De rode beveiligingsknop kikt vast.
Mulchkit verwijderen
- Til de stootbescherming (6) op.
- Schuif de rode beveiligingsknop naar beneden en verwijder de mulchkit (24).
Zijdelingse grasuitworp

Vóór het gebruik van de zijdelingse grasuitworp moet de mulchkit (F 24) aangebracht en de grasvangzak verwijderd zijn (E19).

Zijdelings uitwerpkanaal aanbrengen
- Til de zijdelingse stootbescherming (15) op.
- Haak het zijdelingse uitwerpkanaal (25) vast en leg de zijdelingse stootbescherming (15) neer. Deze houdt het zijdelingse uitwerpkanaal in positie.
Starterkabel monteren

-
Trek de veiligheidsbeugel (3) in de richting van de hoofdigger (1) van de handgreep en houd deze tegen.
-
Trek langzaam de starterkabel aan de startergreep (22) in de richting van de hoofdigger en haak de starterkabel in de starterkabelgeleiding (21) vast.
- Laat de veiligheidsbeugel (3) los.
Motorolie ingieten en oliepeil controleren

Zet het apparaat op een effen vloer
- Draai de olietankdop met meetstaaf (A7) los en giet olie in de tank. De
NLBE
olietank bevat 0,6 l olie. Gebruik olie van een bekend merk (bijvoorbeeld SAE 30).
-
Om het oliepeil te controleren, veegt u de meetstaaf met een schoon vodje af en brengt u de meetstaaf weer tot aan de aanslag in de tank aan.
-
Lees na het uittrekken het oliepeil aan de meetstaaf af. Het oliepeil moet zich in het gemarkeerde veld tussen merkteken "Minimum" en merkteken "Maximum" bevinden.
-
Veeg eventueel gemorste olie af en sluit de olietankdop ( A7) terug.


Telkens vóór het maaien contro- leert u het oliepeil en vult u bij het bereiken van het onderste punt van de markering olie bij.
Benzine ingieten

Waarschuwing! Benzine is ont- vlambaar en schadelijk voor de gezondheid:
- Benzine in daarvoor voorziene reservoirs bewaren.
- Tanken uitsluitend in de open lucht en nooit bij een draaiende motor of hete machine.
- Tankdeksel voorzichtig openen opdat de overdruk kan afne- men.
- Bij het tanken niet roken.
- Huidcontact en het inademen van de dampen vermijden.
- Gemorste benzine verwijderen.
- Benzine op een veilige afstand tot vonken, open vlammen en andere ontstekingsbronnen houden.

- Gebruik geen mengsels van benzine met olie.
- Gebruik loodvrije normale of superbenzine.
- Gebruik uitsluitend zuivere benzine.
- Bewaar benzine niet langer dan één maand lang omdat de kwaliteit van benzine verslechtert.
- Schroef het tankdeksel ( A 8) los en giet benzine tot aan de onderkant van de vulpijp in.
Giet de tank niet helemaal vol opdat de benzine plaats heeft om uit te zetten.
- Veeg rond het tankdeksel benzineresten af en sluit het tankdeksel terug.
Snoeihoogte instellen
Het apparaat bezit 10 posities voor de instelling van de snoeihoogte (van 25-80 mm):

-
Trek de hefboom (18) naar buiten en verschuif deze tot in de gewenste positie.
-
Duw de hefboom weer naar binnen.
De correcte snoeihoogte bedraagt bij een siergazon ongeveer 30 - 45 mm, bij een nuttig gazon ongeveer 40 - 65 mm.

Om voor de eerste keer in het seizoen te snoeien, dient een hoge snoeihoogte gekozen te worden.
Bediening

Neem de geluidswering en lokale voorschriften in acht.
Motor starten en stoppen

Waarschuwing! Benzine is ont- vlambaar. Start de motor op een afstand van minstens 3 m van de plaats, waar ze ingegoten wordt.

Start het apparaat op een vaste, effen vloer, zo mogelijk niet in hoog gras. Vergewis u dat het snoeige-reedschap noch voorwerpen, noch de grond raakt.

Controleer regelmatig benzine en oliepeil (zie „Ingebruikname“) en vul tijdig bij.
Motor starten:
- Zet de gashendel (23) in positie

- Trek de veiligheidsbeugel (3) in de richting van de hoofdligger van de handgreep en houd deze tegen.
- Trek aan de startergreep (22), de motor start.
Motor stoppen:
- Laat de veiligheidsbeugel (3) los. De motor schakelt uit en het mes wordt afgeremd.
Maaien

- Start de motor (zie

- Wielaandrijving :
Aan: trek de aandrijfbeugel (2) n de richting van de hoofdigger
van de handgreep, de maaier beweegt voorwaarts.
Uit: laat de aandrijfbeugel (2)
los. Het apparaat blijft stilstaan.

Zet voor korte werkonderbrekingen en voor een vermindering van het geluid de gashendel (23) in positie .

De wijziging van het motortoerental via de beide posities + heeft geen invloed op de snelheid van de aandrijfwielen. Deze zijn niet regelbaar.
Werkinstructies
- Maai zo droog mogelijk gras om de grasnerf te ontzien.
- Stel de snoeihoogte zodanig in, dat het apparaat niet overbelast wordt.
- Breng het apparaat stapvoets in zo recht mogelijke stroken. Om compleet te maaien, moeten de banen elkaar altijd enkele centimeters overlappen.
• Beweeg niet achterwaarts. - Werk op hellingen altijd dwars op de helling.
- Indien de messen met een vreemd voorwerp in aanraking komen, zet u de motor onmiddellijk uit. Wacht de stilstand van het mes af en controleer het apparaat op beschadigingen. Hervat het werk uitsluitend bij een onbeschadigd apparaat.
- Schakel bij langere werkonderbrekingen en voor het transport het apparaat uit en wacht de stilstand van het mes af.
- Reinig het apparaat telkens na gebruik zoals in het hoofdstuk „Reiniging en onderhoud“ beschreven.
Reiniging en onderhoud

Laat reparatiewerkzaamheden en onderhoudswerkzaamheden, die niet in deze handleiding beschreven zijn, op een service-werkplaats doorvoeren. Maak uitsluitend gebruik van originele Grizzly-wisselstukken. Er be-staat gevaar voor ongevallen!
Voer onderhouds- en reinigings- werkzaamheden in principe bij een uitgeschakelde motor en een afgetrokken bougiedop door. Er bestaat gevaar voor verwondingen!
Laat het apparaat vóór alle onderhouds- en reinigingswerkzaamheden afkoelen. Elementen van de motor zijn heet. Er bestaat gevaar voor brandwonden!

Draag bij de omgang met het mes handschoenen.

Neem voor reinigings- en onderhoudswerkzaamheden ook de bijgeleverde bedieningshandleiding van Briggs & Stratton in acht.

Wij adviseren dat u zich voor onderhoudswerkzaamheden aan de motor tot een Briggs & Stratton-dealer richt.
Reiniging en algemene onder- houdswerkzaamheden

Apparaat kantelen (servicestand):
Voor de reiniging en voor onder- houdswerkzaamheden aan de onderzijde van het apparaat moet u het apparaat aan de bovenste
handgreephendel (1) achterwaarts kantelen.
-
Verwijder de grasvangmand ( 19), indien deze aangebracht is.
-
Zet de snoeihoogte in de hoogste stand (18).
-
Los de snelspanhefbomen (20) en klap de onderste hoofdigger (1) van de handgreep in de richting van het apparaat (zie „Hoofdigger van de handgreep monteren“).
De bowdenkabels (31) mogen daarbij niet geklemd geraken.

Let erop dat de snelspanhefbomen (20) zijwaarts komen te liggen. Het gevaar voor verwondingen bestaat wanneer het apparaat achteruit kantelt.

Kantel het apparaat niet opzij of voorwaarts. Bedrijfsvloeistoffen kunnen uitlopen en de motor kan beschadigd worden..
- Houd het apparaat steeds netjes. Gebruik om te reinigen een borstel of een doek, maar geen bijtende reini- gings- of oplosmiddelen.
Gebruik om te reinigen van de motor geen water, het zou de brandstofinstallatie kunnen verontreinigen.
- Verwijder na het maaien vastklevende plantenresten met een stuk hout of plastic. Reinig in het bijzonder de ventilatieopeningen, de uitwerpopening en het bereik van de messen. Gebruik geen harde of puntige voorwerpen, u zou het apparaat kunnen beschadigen.
- Smeer de wielen van tijd tot tijd met olie in.
- Controleer de grasmaaier telkens vóór gebruik op zichtbare gebreken zoals
losse, versleten of beschadigde onderdelen. Ga de vaste zitting van alle moeren, bouten en schroeven na.
- Controleer afdekkingen en beschermingsinrichtingen op beschadigingen en correcte zitting. Wissel deze eventueel uit.
Luchtfilter uitwisselen

Bedien het apparaat nooit zonder luchtfilter. Stof en vuil geraken anders in de motor en leiden tot beschadigingen aan de machine.

-
Draai de schroef aan de luchtfilterafdekking (14) los en klap de afdekking open.
-
Neem de luchtfilter (13) uit.
-
Vervang een defecte luchtfilter door een nieuwe filter (zie „reserveonderdelen“).
-
Voor de montage brengt u de nieuwe luchtfilter (13) in de luchtfilterafdekking (14) aan (zie pijl op de luchtfilter).
-
Klap de luchtfilterafdekking dicht en schroef deze weer vast.
Bougie wisselen / instellen

Versleten bougies of een te grote ontstekingsafstand leiden tot een vermindering van het vermogen van de motor

-
Trek de bougiedop (11) af door gelijktijdig aan de bougie te trekken en te draaien.
-
Schroef de bougie te gen de richting van de wijzers van de klok in met een bougiesleutel uit.
-
Kijk de ontstekingsafstand met behulp van een (in de gespecialiseerde handel verkrijgbaar)
voelkaliber na. De ontstekingsafstand moet 0,76 mm bedragen.
-
Stel de afstand eventueel in doordat u de aardelektrode van de bougie voorzichtig buigt.
-
Reinig de bougie met een draadborstel.
-
Breng de gereinigde en ingestelde bougie aan of vervang een beschadigde bougie door een nieuwe (aanbevolen aanzetmoment 20 Nm, met draai-momentsleutel vastgesteld) (zie „Reserveonderdelen“).
Motorolie verversen

Kantel het apparaat via de hand-greephendel achterwaarts om de motorolie te verversen. Leg het apparaat niet op de zijkant opdat er geen bedrijfsvloeistoffen kunnen uitlopen.

- Ververs de motorolie voor de eerste keer na ongeveer 5 bedrijfsuren, daarna telkens na 50 bedrijfsuren of jaarlijks.
- Ververs de motorolie wanneer de motor warm is.
- Voer de oude olie op milieuvriendelijke wijze af (zie „Afvalverwijdering/milieubescherming“)
-
Open de olieaftapplug (binnenvierkant) aan de onderzijde van het apparaat.
-
Laat de motorolie in een geschikt reservoir wegvoieien.
-
Veeg de gemorste motorolie af en schroef de olieaftapplug weer in.
-
Zet het apparaat waterpas en vul motorolie bij (zie „Inbedrijfstelling“).
Bowdenkabel instellen
Als de bowdenkabel voor de aandrijving versteld werd en teveel speling heeft, kunt u hem afstellen.

-
Draai de kleine borgmoer (32a) losser.
-
- Draai de instelmoer (32b) te- gen de richting van de wijzers van de klok in:
Bowdenkabel wordt korter.
- Draai de instelmoer (32b) in de richting van de wijzers van de klok:
Bowdenkabel wordt langer.
Mes slijpen/uitwisselen
- Laat een stop mes altijd op een servicewerkplaats bijslijpen omdat men daar een controle van de onbalans kan doorvoeren.
- Laat een beschadigd mes of een mes met onbalans altijd op een service-werkplaats uitwisselen.
De carburateur werd in de fabriek vooraf op een optimaal vermogen ingesteld. Indien instellingen achteraf noodzakelijk zijn, laat u de instellingen op een service-werkplaats doorvoeren.
Opslag
Algemene opslaginstructies

Bewaar het apparaat niet met een gevulde vangmand. Bij heet weer begint het gras onder invloed van warmte te broeien. Er bestaat brandgevaar.
- Reinig en onderhoud het apparaat vóór de opslag.
- Laat de motor afkoelen voordat u het apparaat in gesloten lokalen wegzet.
- Gebruik voor de bewaring van de brandstof geschikte en toegestane reservoirs.
- Bewaar het apparaat op een droge en tegen stof beschermde plaats en dit buiten het bereik van kinderen.
- Voor een plaatsbesparende bewaring kunt u de bovenste hoofdigger van de handgreep naar beneden klappen (zie C kleine afbeelding). Los de snelspanhefboom en klap de hoofdigger van de handgreep in opdat het apparaat minder plaats in beslag neemt. De bowdenkabels mogen daarbij niet gekneld worden.
- Omhul het apparaat niet met nylonzakken omdat vochtigheid en schimmel tot ontwikkeling zouden kunnen komen.
Opslag tijdens langere bedrijf-sonderbrekingen

Veronachtzaming van de opslagin- structies kan door brandstofresten in de carburateur tot startproblemen of permanente beschadigingen leiden.
- Ledig de benzinetank op een goed geventileerde plaats.
- Ledig de carburateur: Start daarvoor de motor en laat hem draaien totdat de motor stopt. Laat de motor afkoelen.
- Ververs de olie (zie „Motorolie verversen“).
- Conserveer de motor:
-
Draai de bougie uit (zie „Reiniging en onderhoud“ (Bougie wisselen / instellen);
-
Giet een eetlepel motorolie door de bougieopening in de motorruimte;
- Trek meermaals langzaam aan de starterkabel bij een afgetrokken veiligheidsbeugel en dit om de olie in het binnenste gedeelte van de motor te verdelen.
- Schroef de bougie weer vast.
- Voer oude olie en benzineresten op milieuvriendelijke wijze af (zie „Afvalverwijdering/milieubescherming“).

De benzinetank moet niet geledigd worden wanneer u aan de benzine een brandstofstabilisator toevoegt (zie "Reserveonderdelen" en bedieningshandleiding Briggs & Stratton).
Afvalverwijdering/milieu- bescherming
- Breng het apparaat, de toebehoren en de verpakking naar een geschikt recyclagepunt.
- Ledig de benzine- en olietank zorgvuldig en geef uw apparaat in een recyclingpark af. De gebruikte kunststof- en metalen onderdelen kunnen per soort gescheiden worden en zodoende aan een recycling onderworpen worden.
- Oude olie en benzineresten in een recyclingpark afgeven en niet in de riolering of in de afvoer gieten.
- Raadpleeg hiervoor uw Grizzly-dealer.
- De afvalverwijdering van uw defecte ingezonden apparaten voeren wij gratis door.
- Werp gesnoeid gras niet in de vuilnisbak, maar onderwerp het aan compostering of verdeel het als mulchlaag onder struiken en bomen.
Garantie
- De garantieperiode voor dit apparaat bedraagt 2 jaar vanaf aankoopdatum en geldt uitsluitend voor de eerste koper. Dit apparaat is niet geschikt voor commercieel gebruik. Bij commercieel gebruik vervalt de garantie.
-
Gelieve eventueel verschillende garantievoorwaarden voor de motor in acht te nemen en daarbij zorgvuldig de bijgevoegde bedieningshandleiding van de motorfabrikant te lezen. „Briggs & Stratton“. Uw garantieclaims worden door deze garantie niet in negatieve zin beïnvloed. Voor problemen met de motor van uw grasmaaier is de bevoegde „Briggs & Stratton“ ser vice in overeenstemming met bijgevoegde dealerlijst te contacteren. Indien er van een ander probleem sprake is, geeft u het apparaat in een niet-gedemonteerde toestand en met aankoop- en garantiebewijs terug aan de dealer.
• Van de garantie uitgesloten zijn: -
Schade, die aan natuurlijke slijtage, overbelasting of onoordeelkundige bediening te wijten is.
- Apparaten, die voor een commerciele toepassing gebruikt worden.
- Beschadigingen, die ten gevolge van veronachtzaming van de bedieningshandleiding ontstaan zijn of als de reinigingsintervallen niet nageleefd werden.
- Apparaten, waarbij reeds technische ingrepen doorgevoerd werden.
- Volgende onderdelen zijn aan normale slijtage onderhevig en vallen daarom niet onder de garantie: snoei-inrichting, bougies, luchtfilter, startkabel.
- Gelieve geen apparaten zonder voor- afgaande telefonische coördinatie naar onze servicewerkplaatsen te
NLBE
zenden. In het andere geval kunnen u ten gevolge van weigering van acceptatie kosten ten deel vallen.
- De reparatie of de uitwisseling van het apparaat leidt noch tot een verlenging van de garantieperiode, noch wordt door deze voor het apparaat te leveren prestatie of voor eventueel ingebouwde onderdelen een nieuwe garantieperiode ingeleid. Dit geldt ook bij gebruik-making van een service ter plaatse.
- De afvalverwijdering van uw defecte ingezonden apparaten voeren wij gratis door.
Technische gegevens
Benzinegrasmaaier...... BRM 56 BSA
Vermogen 2,36 kW Motor 4-Takt Briggs & Stratton 675 Series
Motorslagvolume ....190 cm ^4
Toerental van de messen .....2800 min ^-1
Aanzetmoment messen 45 Nm
Wielaandrijving....3,3 km/h
gegarandeerd....98 dB(A)
Vibratie (an)
aan de handgreep .. 4,932 m/s²; K=1,5 m/s²
De aangegeven trillingemissiewaarde werd volgens een genormaliseerd testmethode gemeten en kan ter vergelijking van een stuk elektrisch gereedschap met een ander gebruikt worden.
De aangegeven trillingemissiewaarde kan ook voor een inleidende inschatting van de blootstelling benut worden.

Waarschuwing:
Afhankelijk van de manier, waarop het elektrische gereedschap gebruikt wordt, kan de trilingemissiewaarde tijdens het effectieve gebruik van het elektrische gereedschap van de aangegeven waarde verschillen.
De noodzaak bestaat, veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de operator vast te leggen, die op een inschatting van de blootstelling in de effectieve gebruiksomstandigheden gebaseerd zijn (hierbij moet er met alle aandelen van de bedrijfscyclus rekening gehouden worden, zo bijvoorbeeld met tijden, tijdens dewelke het elektrische gereedschap uitgeschakeld is, en tijden, tijdens dewelke het weliswaar ingeschakeld is, maar zonder belasting functioneert).
Geluids- en trilwaarden worden in overeenstemming met de in de conformiteitverklaring vermelde normen en bepalingen vastgesteld.
Technische en optische wijzigingen kunnen in het kader van de verdere ontwikkeling zonder aankondiging doorgevoerd worden. Alle in deze gebruiksaanwijzing vermelde afmetingen, aanwijzingen en gegevens zijn daarom niet bindend. Wettige aanspraken, die op basis van deze gebruiksaanwijzing gemaakt worden, kan men daarom niet doen gelden.
Reserveonderdelen
Onderdelen kunnen direct bij ons servicecenter worden besteld. Bij bestellingen dient u het machinetype en het artikelnummer aan te geven:
Reserve mes 13700420
Original Luchtfilter....30250010
Original Bougie....30220210
B&S Brandstofstabilisator, 125 ml 30230028
B&S Motorolie, 600 ml....30230029
Onderhoudsset (Luchtfilter, 30 ml brandstofstabilisator, 600 ml motorolie, bougie)....30270000
Onderdelen en toebehoren voor de motor (bijvoorbeeld luchtfilter en bougies) kunt u rechtstreeks via Briggs & Stratton bestellen. Mocht u andere onderdelen nodig hebben, dan kunt u de artikelnummers aan de explosietekening ontnemen.
Onderhoudsintervallen
Voer de in de tabel vermelde onderhoudswerkzaamheden regelmatig door. Door een regelmatig onderhoud wordt de levensduur van het apparaat verlengd. U komt bovendien tot optimale snoeiprestaties en vermijdt ongevallen.
Tabel Onderhoudsintervallen
| Onderhouds-werkzaamheden (zie „Reiniging en onderhoud“) | Vóór na | Na eerste 5 uren | Na 8 uren | Na 50 uren | Jaar- lijks | |
| het werk | ||||||
| Schroeven, moeren, bouten nakijken en aandraaien | √ | |||||
| Motoroliepeil/benzinestand controleren en, zo nodig, motorolie/benzine bijvullen | √ | √ | ||||
| Bedieningselementen/bereik en ge- luiddempers reinigen | √ | √ | ||||
| Vingerbescherming reinigenb | √ | |||||
| Motorolie verversen | √ √ | √ | ||||
| Luchtfilter uitwisselena | √ | |||||
| Bougie reinigen/instellen/uitwisselen | √ | √ | ||||
| Geluiddempers en vonkenvangers nakijkenb | √ | √ | ||||
| Luchtkoelingssysteem reinigena,b | √ | |||||
^a bij aanzienlijke stofproductie of sterke vervuiling vaker reinigen
^b zie bedieningshandleiding van Briggs & Stratton
Foutopsporing
| Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing van de fout | ||
| Motor start niet | Te weinig benzine in de tank Benzine ingieten | |
| Verkeerde startvolgorde | Aanwijzingen om de motor te starten in acht nemen (zie „Bediening“) | |
| Bougiedop niet correct opgestokenVol roet gekomen bougie | Bougiedop opsteken Bougie reinigen, instellen of vervangen (zie „Reiniging en onderhoud“) | |
| Foutief ingesteld carburateur-mengsel | Carburateur op een servicewerkplaats laten instellen | |
| Motor start, maar apparaat draait niet met maxima-le capaciteit | Vervuilde luchtfilter | Luchtfilter vervangen (zie „Reiniging en onderhoud“) |
| Foutief ingesteld carburateur-mengsel | Carburateur op een servicewerkplaats laten instellen | |
| Gashendel niet in de correcte positie | Gashendel in positie (zie „Bediening“) | |
| Motor hapert, loopt vast | Foutief ingesteld carburateur-mengsel | Carburateur op een servicewerkplaats laten instellen |
| Vol roet gekomen bougie | Bougies reinigen, instellen of vervangen (zie „Reiniging en onderhoud“) | |
| Motor wordt over-verhit | Ventilatiesleuven verstopt Ventilatiesleuven reinigen | |
| Verkeerde bougie Bougie wisselen | ||
| Te weinig motorolie in de motor | Motorolie ingieten (zie „Ingebruik-name“) | |
| Aandrijving scha-kelt niet in | Bowdenkabels versteld | Bowdenkabels instellen of door een servicewerkplaats laten instellen |
| Resultaat van het werk niet bevredi-gend of motor werkt moeilijk | Gras te kort of te hoog | Snoeihoogte wijzigen (zie „Snoeihoogte instellen“) |
| Mes stomp | Mes op servicewerkplaats laten scherpen of uitwisselen | |
| Mes door gras geblokkeerd, grasvangmand vol, uitwerpkanaal verstopt | Gras verwijderen (zie „Reiniging en onderhoud“) | |
| Mes roteert niet | Mes door gras geblokkeerd Gras verwijderen | |
| Mes niet correct gemonteerd | Mes op servicewerkplaats laten monteren | |
| Abnormale gelu-iden, gerammel of trillingen | Mes niet correct gemonteerd | Mes op servicewerkplaats laten monteren |
| Mes beschadigd | ||

(zie „Bediening“)