SNMD 33 A1 - Naaimachine SILVERCREST - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SNMD 33 A1 SILVERCREST in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Naaimachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SNMD 33 A1 - SILVERCREST en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SNMD 33 A1 van het merk SILVERCREST.
GEBRUIKSAANWIJZING SNMD 33 A1 SILVERCREST
k. Haakse schroevendraaier m. Draad (1x blauw, 1x roze, 1x geel) o. Transporteurplaat b. Ritsvoet d. Knoopsgatvoet
h. Viltkussen (2x) j. Naald Doos (3x enkel naald, 1x Tweelingnaald) l. Schroevendraaier (groot en klein) n. Tornmesje/ reinigingsborstel p. Rand-/quiltgeleider Draad-in-de-naald hulp
Garenspanknop Steeklengteknop Steekkeuzeknop Platbodemstuk Persvoet
19. Netsnoeraansluiting
2. Opspoeldraadgeleider
16. Bovendraadgeleider
20. Aan-/uitschakelaar
Van harte gefeliciteerd met de aankoop van uw naaimachine. U heeft een kwaliteitsproduct aangeschaft, dat met de grootste zorgvuldigheid werd vervaardigd. Deze gebruiksaanwijzing geeft informatie over alle toepassingsmogelijkheden van uw nieuwe naaimachine. Wij wensen u veel plezier en veel succes met uw naaimachine. Voordat u de naaimachine voor de eerste keer gebruikt, dient u vertrouwd te geraken met de functies van het apparaat en moet u leren hoe u het apparaat correct gebruikt. Lees de volgende gebruiks- en veiligheidsaanwijzingen. Bewaar deze instructies. Indien u het apparaat uitleent aan derden geeft u deze instructies mee. Inleiding Gebruik volgens voorschrift De naaimachine is ... - als draagbaar apparaat - voor het naaien van huishoudelijke textielen - uitsluitend in privé huishoudens De naaimachine is ... - voor een vaste opstelling - voor het verwerken van andere materialen (b.v. leer, tent- en zijldoek en vergelijkbare zware stoffen) - voor industrieel gebruik te gebruiken niet te gebruiken Inleiding
NL / BE Korte kennismaking AccessoiresNominale spanning Nominaal vermogen Afmetingen Lengte van snoer Gewicht Materiaal Bedieningselementen Weergave-elementen Grijpersysteem Naaldsysteem Radio-ontstoord TÜV gekeurd Productgarantie Klasse – machine – naailampje – totaal – greep ingeklapt – netsnoer – kabel van voetpedaal – machine – netschakelaar aan/uit – voetpedaal voor naaisnelheid – steekaanduiding – naailampje 230V/ 50 Hz 70 Watt 70 Watt ca. (bxhxd) ca. 1,8 m ca. 1,4 m ca. 6.0 kg aluminium/kunststof aanwezig aanwezig aanwezig 130/705H conform de EU-richtlijn
3 jaar 100 mW 397 x 277 x 194.5 mm CB-grijper
NL / BE 29 Inleiding Technische gegevensBelangrijke veiligheidsinstructies Bij gebruik van een elektrisch apparaat, dienen altijd de standaard veiligheidsmaatregelen in acht genomen te worden, waaronder de volgende: Lees alle voorschriften goed door voordat u deze naaimachine in gebruik neemt. GEVAAR - WAARSCHUWING -
BEWAAR DEZE HANDLEIDING
Om de kans op elektrische schok te minimaliseren: Om de kans op brandwonden, vuur, elektrische schok of persoonlijke letsels te minimaliseren:
1. Laat deze naaimachine nooit onbeheerd achter terwijl de stekker in het stopcontact zit.
3. De naaimachine is uitgerust met een LED-lamp. Indien de LED-lamp stuk is, moet deze door de
fabricant of zijn klantendienst vervangen worden om gevaar te vermijden.
1. Sta niet toe dat de machine gebruikt wordt als een stuk speelgoed. Extra oplettendheid is geboden
wanneer deze naaimachine gebruikt wordt door of in de nabijheid van kinderen.
2. Gebruik deze naaimachine enkel zoals voorgeschreven in deze handleiding. Gebruik enkel de door
de fabrikant aanbevolen accessoires vermeld in deze handleiding.
3. Gebruik de naaimachine nooit als de stekker of de stroomkabel beschadigd is, als deze niet werkt
zoals het hoort, als deze op de grond of in het water gevallen is of als deze beschadigd is. Breng de machine naar het dichtstbijzijnde erkende verdeelpunt of service center voor revisie, reparatie, elektrische of mechanische afstelling.
4. Gebruik de machine nooit als één van de ventilatieopeningen geblokkeerd is. Houd de
ventilatieopeningen van de naaimachine en de voetweerstand vrij van opeenhopingen van stof, pluisjes, losse stukjes stof en draad.
5. Houd uw vingers verwijderd van de bewegende delen. Uiterste voorzichtigheid is geboden in de
buurt van de naaimachinenaald.
6. Gebruik steeds de juiste naaldplaat. De verkeerde naaldplaat kan de naald doen breken.
7. Gebruik geen kromme naalden.
8. Trek niet aan de stof of duw de stof niet terwijl u naait. Hierdoor kan de naald buigen en dus breken.
9. Schakel de machine altijd uit (schakelaar op stand "O") als u aanpassingen uitvoert in de buurt van
de naald zoals het inrijgen van de naald, het wisselen van naald, het plaatsen van de spoel of het wisselen van persvoetje, enz.
10. Haal de stekker altijd uit het stopcontact voor het verwijderen van afdekplaten, het oliën van de machine of
voor het uitvoeren van om het even welk ander onderhoudswerk beschreven in deze handleiding.
11. Laat niets vallen of steek niets in de openingen van de machine.
12. Gebruik de machine niet buitenshuis.
13. Gebruik de machine niet in ruimtes waar spuitbussen gebruikt worden of waar zuurstof wordt toegediend.
14. Om de machine uit te schakelen, zet u alle schakelaars op de "uit"-stand ("O") en haalt u vervolgens
de stekker uit het stopcontact.
15. Verwijder de stekker niet uit het stopcontact door aan de stroomkabel te trekken maar grijp de
stekker zelf vast en trek hieraan.
16. Het geluidsniveau bedraagt onder normale omstandigheden 75dB(A).
17. Zet de machine uit of haal de stekker uit het stopcontact wanneer de machine niet goed werkt.
18. Zet niets op het voetpedaal.
19. Als het snoer aan het voetpedaal is beschadigd, moet het worden vervangen door de fabrikant, een
erkende reparateur of een persoon met vergelijkbare kennis en ervaring om gevaar te voorkomen.
20. Dit toestel is niet bedoeld voor gebruik door personen (ook kinderen) met verminderde lichamelijke,
zintuiglijke of mentale functies, of met onvoldoende ervaring en kennis, tenzij ze onder toezicht staan of geïnstrueerd worden over het gebruik van het toestel door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
21. Kinderen moeten onder toezicht staan, zodat ze niet met het toestel kunnen spelen.
Deze naaimachine is enkel bestemd voor huishoudelijk gebruik. Trek de stekker van dit apparaat altijd onmiddellijk na gebruik uit het stopcontact evenals vooraleer u het apparaat schoon maakten onderhoudt. Bewaar de gebruiksaanwijzing op een gepaste plaats in de buurt van de machine en geef ze mee indien u de machine uitleent aan een derde.
NL / BE Belangrijke veiligheidsinstructiesNaaimachine op het lichtnet aansluiten NL / BE 31 Opgepast: Gloeilamp Voetpedaal Neem de steker uit de wandcontactdoos wanneer u de naaimachine niet gebruikt. FC-2902B (netspanning 220-240V) van Raadpleeg de onderstaande tekeningen voor het aansluiten van de machine op het lichtnet. Wanneer de Aan-/uitschakelaar van de stand ("O") in de stand ("I") wordt gezet schakelt dat de naaimachine aan en wordt de lamp ontstoken. (A) Het voetpedaal dient tot het regelen van de snelheid van de naaimachine. Opgepast: Bij twijfel omtrent de juiste aansluiting van de naaimachine op het lichtnet moet een elektriciën worden geraadpleegd. Neem de steker uit de wandcontactdoos wanneer u de naaimachine niet gebruikt. De machine mag uitsluitend worden gebruikt met het voetpedaal FDM (zhejiang founder motor corporation ltd, China) Houd het platbodemstuk horizontaal en schuif in de richting van de pijl op zijn plaats. Het platbodemstuk kan als accessoiredoos worden gebruikt. Voorbereiding Platbodemstuk aanbrengen AAPersvoethendel met twee standen Naald aanbrengen
NL / BE Opgepast: Zet de Aan-/uitschakelaar in de uitstand ("O"). De naald moet regelmatig worden vervangen, zeker wanneer deze tekenen van slijtage vertoont en problemen veroorzaakt. Monteer de naald aan de hand van de nevenstaande tekening. A. Draai de naaldborgbout los, breng een nieuwe naald aan en zet de borgbout goed vast. B. De naald moet met de platte kant van de kolf naar achteren worden gemonteerd . C/D. Druk de naald omhoog tot deze stuit. Alleen naalden in perfecte staat gebruiken: Er kunnen problemen optreden bij het gebruik van: - kromme naalden - botte naalden - beschadigde punten
Bij het naaien van verscheidene lagen dikke stof kan de persvoet in een hogere stand gesteld worden, wat het aanbrengen van de stof vergemakkelijkt (A). VoorbereidingA
NL / BE 33Opgepast:2. Persvoet bevestigen3. Persvoet losnemen4. Rand-/quiltgeleider bevestigen Zet de Aan-/uitschakelaar in de stand UIT ("O") voor u de bovenstaande handelingen uitvoert.1. Druk de persvoethouderstang omhoog (a).Bevestig de persvoethouder (b) aan handvan de tekening.Laat de persvoethouder (b) dalen tot degleuf (c) zich recht boven het asje (d)bevindt.Druk de hendel (e) in de richting van depijl.Druk de persvoethouder (b) omlaag tot depersvoet (f) er in vastklikt.Druk de persvoet omhoog. Druk de hendel (e) in de richting van de pijl, waardoor de persvoet loskomt. Steek de rand-/quiltgeleider (g) aan de hand van de tekening in de gleuf. Stel de positie in als functie van zomen, vouwen e.d.
De spoelpinnen worden gebruikt om de draadspoelen op hun plaats te houden wanneer de draad in de machine gevoerd wordt. Om ze te gebruiken, zet u de spoelpinnen rechtop. Druk ze neer wanneer u het apparaat opbergt.A. Bovenste draadB. GatC. Verwarring
Indien u draad gebruikt die vaak rond een spoelpin verward geraakt (D), steekt u de draad doorheen het gat (B) van de spoelpin zoals afgebeeld. Het gat moet naar de draadspoel wijzen.KlospenOpmerking: Persvoethouder bevestigen Voorbereiding Spoelpinnen monteren34 NL / BE Zet de lege spoel op de garenwinder. a. Viltkussen Zet de garenklos op de garenkloshouder en geleid de draad van de garenklos via de geleider naar de spoel. Wikkel de draad met de hand een paar keer met de wijzers van de klok mee om de spoel. Duw de spoel naar rechts tegen de garenwinder (spoelpositie). Druk zachtjes op het voetpedaal. Als het spoeltje vol is, stopt de garenwinder automatisch. Druk het spoeltje weer naar links en neem het weg. Zolang de garenwinder in de spoelpositie staat, naait de naaimachine niet. Druk de garenwinder naar links (naaipositie) voordat u met het naaien begint. Nb: Opgepast: Zet de Aan-/uitschakelaar in de uitstand ("O"). De spoel kan alleen worden aangebracht of verwijderd wanneer de naald zich in de hoogste stand bevindt.
1. Trek het deksel in de richting van de pijl.
2. Houd de spoelhouder in de ene hand.
3. Plaats de spoel (2) zodanig dat het garen
met de wijzers van de klok mee van de spoel wordt getrokken (zie pijltje). (3)
4. Haal het garen onder de spanveer door.
5. Houd de spoelhouder aan de draaisluiting
6. Plaats deze in het schuitje.
Spoel aanbrengen Onderdraad opspoelen VoorbereidingNL / BE 35 Attentie: Hoofdschakelaar op ("O") zetten! Naaivoetstang omhoogzetten, draadhevel in de hoogste stand zetten. a. Viltkussen
1. Garenklos op de garenkloshouder zetten.
2. Garen door de geleider naar voren
tussen de draadspanningsschijven,
3. Dan naar beneden en naar links onder
4. naar boven en van rechts naar links over
de draadhevel leggen en naar voren trekken.
5. Garen naar beneden in de draadgeleider
aan de naaldhouder en van voor naar achter door het oog van de naald trekken. Bovendraad inrijgen Voorbereiding
Draad-in-de-naald hulp Dit artikel kan u gebruiken indien u hulp nodig hebt om de draad in de naald te krijgen.
1. Hulpmiddel van achteren naar voren
doorheen het oog van de naald steken.
2. De bovenste draad doorheen de lus van
het hulpmiddel steken.
3. Het hulpmiddel met de draad terug
doorheen het oog van de naald trekken.
NL / BE Nb: Onderdraadspanning Bovendraadspanning Onder normale omstandigheden is het niet nodig, de spoelspanning na te stellen. U kunt de spanning van het opgespoelde garen testen door de spoelhouder en de spoel uit het spoelhuis te nemen en deze aan het garen vast te houden. Beweeg ze een of tweemaal heen en weer. Wanneer de spoelspanning goed is, moet er3à5cmgarenuitdespoel komen. Bij te grote spoelspanning komt er in het geheel geen garen uit. Bij te weinig spoelspanning zal er veel meer garen uit de spoel komen. De spoelspanning kan worden nagesteld met de kleine schroef in de zijkant van de spoelhouder. De normale bovendraadspanning is: "AUTO" De bovendraadspanning kan hoger worden ingesteld door de knop op het naasthogere nummer te draaien. De bovendraadspanning kan lager worden ingesteld door de knop op het naastlagere nummer te draaien. A. Normale bovendraadspanning B. Bovendraadspanning onvoldoende C. Bovendraadspanning te groot Neem de bovendraad in de linkerhand. Draai de naald met het handwiel in de hoogste stand . Trek de onderdraad met de bovendraad uit de opening in de naaldplaat. Trek beide draden onder de persvoet door naar achteren.
Interne garenterugvoer VoorbereidingNL / BE 37 Afhechten Naaiwerk losnemen Draad afsnijden Druk aan het einde van de stof op de achteruitnaaihendel. Naai enkele steken achteruit. Laat de hendel los en de machine naait weer vooruit (A). Draai het handwiel tot de garenopnemer in de hoogste stand staat, druk de persvoethendel omhoog en druk het naaiwerk naar achteren uit de machine. Houd het garen met beide handen achter de persvoet, trek het in de uitsparing (B) en beweeg de handen naar onder.
Standaard naaien Let op Tweelingnaald:
1. Tweelingnaalden kunnen voor algemeen gebruik en decoratieve stiksels worden gebruikt.
2. Wanneer u met een tweelingnaald naait, mag de steekbreedte niet meer dan "3" zijn.
3. Europese naalden zijn genummerd 65, 70, 80 etc. Amerikaanse en Japanse naalden zijn genummerd 9,
4. Vervang regelmatig de naald (ongeveer na elk kledingstuk) en/ of zodra de draad breekt of steken worden
overgeslagen. Attentie: Hoe dikker de stof en hoe dikker het garen, des te sterker moet de naald zijn. NAALD NR. STOFFEN GAREN Stikken / Praktische toepassingen Naald- en garentabel 9-11(65-75)12(80) Fijne stoffen: dunne katoen, voile, serge, zijde, mousseline, gebreide katoen, tricot, jersey, crêpe-stoffen, geweven polyester, overhemd- en blousestoffen. Middelzware stoffen: katoen, satijn, zeildoek, dubbelgebreide stoffen, lichte wollen stoffen. Licht katoen-, nylon- ofpolyestergaren. Middelzware stoffen: katoenen zeildoek, wollen stoffen en dikke gebreide stoffen, badstof en spijkerstof. Zware stoffen: zeildoek, wollen stoffen, tentstof en gequilte stof, spijkerstof en meubelbekledingstof (fijn tot middelzwaar).Dikke wollen stof, mantelstof,meubelbekledingstof, leer en vinyl.14(90)16(100)18(110)De meeste garens die in de handelverkrijgbaar zijn, zijn middeldik engeschikt voor deze stoffen en naalden.Gebruik polyestergaren voorsynthetische stoffen en katoengarenvoor natuurlijke stoffen voor het besteresultaat.Gebruik altijd hetzelfde garen voor deboven- en onderdraad.Extra dik garen, tapijtgaren(naaivoetdruk moet hoger wordeningesteld). NAALD-, STOF- EN GARENKEUZESteekbreedteknop Steeklengteknop
NL / BE Voor de aan de steekkeuzeknop draaien tot het gewenste symbool " " of de letter op de indicator verschijnt. Naaldpositie van links tot midden instelbaar door aan de steekbreedteknop te draaien. De steeklengte kan met behulp van de steeklengteknop worden ingesteld. Voor de aan de steekkeuzeknop draaien tot het gewenste symbool " " of de letter op de indicator verschijnt. De steeklengte en de steekbreedte afhankelijk van het materiaal instellen. Voor de andere aan de steekkeuzeknop draaien tot het gewenste symbool of de letter op de indicator verschijnt. De steeklengte en steekbreedte naar wens instellen. Voor de andere , aan de steeklengteknop draaien tot "S1", voor de andere , aan de steeklengteknop draaien tot "S2", en draaien tot het gewenste symbool of de letter op de indicator verschijnt. De steeklengte en steekbreedte naar wens instellen. rechte steek zigzagsteek steken uit de bovenste rij
Draai aan de steekkeuzeknop zodat de pijl op "A" (rechte-steekpositie) staat. Algemene regel: Hoe dikker het materiaal, des te dikker moet het garen en de naald, en des te langer moet de steek zijn. Kies uw naaldpositie, van naald links naar naald rechts, door de steekbreedteknop te veranderen van "0" tot "5". Steekkeuze Rechte steek en naaldstand Steeklengteknop S1-S2 Steekbreedteknop Steekkeuzeknop Steekvenster Achteruitnaaihendel Standaard naaienNL / BE 39 Draai aan de steekkeuzeknop tot "B". De max. zigzagbreedte is "5". De breedte kan echter worden verminderd. De zigzagsteek wordt met behulp van de steekbreedteknop tussen "0" en "5" ingesteld. De dichtheid van de zigzagsteek kan met behulp van de steeklengteknop van "0.5" tot "4" worden ingesteld. De normale instelling ligt bij "2.5". Meet-informatie over dichte zigzagsteken vindt u onder "siersteken". Wanneer de steeklengte is ingesteld tussen "0" en "1" zijn de steken erg dicht bij elkaar, dit vormt de satijn steek, welke wordt gebruikt voor het maken van knoopsgaten en decoratieve steken. Wanneer u zeer fijne stof naait, breng dan een dun papier aan onder de stof. Nadat u klaar bent met naaien, verwijder het papier dan door het voorzichtig weg te trekken. De functie van de steekbreedteknop bij de zigzagsteek De functie van de steeklengteknop bij de zigzagsteek Satijn steek Fijn stof
Steek Steekbreedte Steeklengte A2.51~4 De ritsvoet kan links of rechts gemonteerd worden, afhankelijk van de kant van de voet waar genaaid moet worden (1). Om verder dan de ritsopening te naaien moet de naald in de stof worden gestoken, de persvoet moet omhooggezet worden en het treklipje moet onder de persvoet door worden gedrukt. Breng de voet omlaag en naai verder. Het is eveneens mogelijk, een sierkoordje in een geerband te naaien, waardoor een paspel verkregen wordt . De steeklengteknop per stofdikte tussen "1" en "4" instellen. (2)
Zigzagsteek Steekbreedteknop Steeklengteknop Ritsvoet Standaard naaienBlindzoomvoet
NL / BE Onder meer voor gordijnzomen, broekzomen en rokzomen. Onzichtbare zoom voor dikke stoffen. Vouw de stof zoals op de tekening te zien is, met de achterzijde boven (1). Leg de stof onder de voet. Draai het handwiel vooruit tot de naald links volledig gedaald is. De naald moet net in de vouw dringen (2). Stel de geleider na (3) met de knop (4) tot de geleider aanligt op de vouw. Druk het voetpedaal licht in en naai met geringe snelheid en leid de stof langs de geleider. Steek Steekbreedte Steeklengte D1~23~5
Installeer de t ransporteurplaat. Werkstuk onder de voet schuiven. Knoop op de aangegeven plaats leggen. Voet laten zakken, steekbreedte op "0" zetten en eerst enkele steken in het linker knoopgat naaien. Stel de zigzagbreedte exact in op het linker en rechter gat van de knoop (meestal tussen 3en4). Met het handwiel proefsteken maken tot de naald precies in het rechterknoopgat steekt (dit kan per knoop variëren). Knoop aannaaien. Steekbreedte op "0" zetten en enkele steken in één knoopgat naaien. Wordt een kraag gewenst, leg een stopnaald op de knoop en naai erover heen. Bij knopen met 4 gaten, eerst de voorste twee gaten naaien, dan het werkstuk naar voren schuiven en verder als beschreven. Steek Steekbreedte Steeklengte B0~50 Knopenvoet Standaard naaienKnoopsgatvoet NL / BE 41Voorbereidingen: Nb: Stof voorbereiden:Tips:Verwijder de zigzagvoet en monteer de knoopsgatvoet.Stel de steeklengte in tussen "0,5" en "1".De steekdichtheid is afhankelijk van de stofdikte.Maak altijd eerst een proefknoopsgat.Meet de diameter van de knoop en voeg 0,3 cm voorde versterkingsribben. Voeg bij dikke knopen wat meertoe. Teken op de stof de positie en de lengte van hetknoopsgat af.Plaats de stof zodanig dat de naald zich op het verstvan u verwijderde merkstreepje bevindt.Trek de knoopsgatvoet zo dicht mogelijk naar u toe.Breng de voet omlaag.a. Draai de steekkeuzeknop op " ". Naai op matigesnelheid tot aan het eindmerk.b. Draai de steekkeuzeknop op " " en stik 5 6verstevigingssteken.c. Draai de steekkeuzeknop op " " en naai hetlinkerdeel van het knoopsgat tot aan het eindmerk.d. Draai de steekkeuzeknop op " " en stik een paarverstevigingssteken.Neem de stof onder de voet uit. Trek de bovendraaddoor de achterkant van de stof en knoop de boven- enonderdraad samen. Snijd het knoopsgat in het middenopen met het tornmesje en pas daarbij op, de stekenaan de linker- en rechterkant niet door te snijden. - Voor de beste resultaten moet u de bovendraadspanning iets losser zetten. - Gebruik bij dunne en rekbare stoffen verstevigingsmateriaal. - Bij stretchstoffen en tricots wordt aangeraden, paspel te gebruiken.- De zigzagsteek moet over het paspel gestiktworden (e).
Steek Steekbreedte Steeklengte 50.5~1 Standaard naaien42 NL / BE Steek Steekbreedte Steeklengte E, F 3~5 S1, S2 Nb: Stretch-overlockStandaard overlockDubbele overlockGebruik nieuwe balpennaalden ofstretchnaalden! Voor naden, naaien en afwerken van randen, zichtbare zoom. Voor fijne gebreide stoffen, jersey, halsboorden. (A) Voor fijne gebreide stoffen, jersey, halsboorden. (B) Voor fijne gebreide stoffen, handgebreide stoffen, naden. (C)Alle overhandse steken zijn geschikt voor het in één keer naaien en afwerken van zomen alsmede voor zichtbare assemblages. Voor het afwerken moet de naald zich net boven de rand van de stof worden geplaatst. AB C Kant en elastiek naaien, stoppen, verstellen,kanten afwerken.Leg de stof onder de persvoet. De steeklengtekan sterk worden ingekort. (1) Voor het herstellen van een scheur verdient het aanbeveling, aan de achterkant een stuk stof te gebruiken. De steekdichtheid kan worden ingesteld met de steeklengte. Naai om te beginnen het midden en daarna links en rechts. Naai, afhankelijk van stof en scheur, 3à5rijen steken. (2) Steek Steekbreedte Steeklengte C3~51~2
Overhandse steek Zigzag in 3 etappes Standaard naaienNL / BE 43 Steek Steekbreedte Steeklengte A2.5S1,S2 Met deze steken worden twee stukken stof met een geringe tussenruimte aan elkaar gezet. - Sla de randen van de twee stukken stof om voor de zoom en rijg de randen aan een stuk dun papier maar laat daartussen een kleine ruimte. - Trek zacht aan de twee draden en stik langs de rand. - Gebruik enigszins dikker garen dan normaal. - Verwijder na het naaien de rijgdraad en het papier. Leg aan de achterzijde aan het begin en het einde van de naden knopen. Steek Steekbreedte Steeklengte F 3~5 S1 Drievoudige rechte steek (1) Moeilijk te naaien stoffen. De machine naait twee steken vooruit en één steek achteruit. Dit geeft een drievoudige versterking. Steek Steekbreedte Steeklengte B 3~5 S1, S2 Drievoudige zigzagsteek (2) Voor moeilijk te naaien stoffen, zomen en het samenvoegen van decoratieve delen. De drievoudige zigzagsteek is uitermate geschikt voor moeilijk te naaien stoffen zoals denim, corduroy, enz.
Patchworksteken Standaard naaien Stretchsteek* Borduurraam niet meegeleverd met machine.
NL / BE Transporteurplaat aanbrengen Voorbereidingen voor monogrammen en borduren - Demonteer de persvoet en de persvoethouder. - Monteer de transporteurplaat. - Trek de persvoethendel omlaag voor u met naaien begint. - Selecteer de steekbreedte aan de hand van de lettergrootte of het motief. - Teken de letters of het motief op de achterzijde van de stof. - Span de stof zo strak mogelijk op het borduurraam. - Leg het werk onder de naald. Kijk of de persvoethouderstang zich in de laagste stand bevindt. - Draai het handwiel en trek de onderdraad door de stof omhoog. Maak op het beginpunt een paar aanhechtingssteken. - Houd de borduurraam met duim en wijsvinger van beide handen. - Coördineer naaisnelheid en de beweging van het borduurraam. Steek Steekbreedte Steeklengte B1~50 Steek Steekbreedte Steeklengte B 3~5 0.5~1 - Knip het motief uit en rijg het aan de stof. - Naai de applicatie langs de buitenrand vast. - Knip de stof buiten de steken af. Niet in de steken knippen. - Verwijder de rijgdraad. - Leg onder de applicatie knopen in de boven- en onderdraad of rafelen te voorkomen. Monogrammen maken en borduren met een borduurraam* Appliceersteken Standaard naaienSteek Steekbreedte Steeklengte I3~51~2 NL / BE 45 Attentie: Naai bij het gebruik van de tweelingnaald altijd langzaam en voorzichtig om een optimaal resultaat te verkrijgen. Bij het gebruik van de tweelingnaald voor zigzagsteken de steekbreedte altijd tussen "0" en "3" instellen. Wanneer de steekbreedte hoger dan "3" wordt ingesteld, kan de tweelingnaald breken. - De beide garens die u gebruikt, moeten van dezelfde kwaliteit, resp. dikte zijn, maar kunnen wel verschillen in kleur. - Bevestig de tweelingnaald net zoals een gewone naald met de platte kant naar achteren. - Volg de instructie voor inrijgen van de bovendraad van een naald. Elke naald apart inrijgen. Steek Steekbreedte Steeklengte A2.51~4 Deze machine kan automatisch Festoneren voor decoratieve randen.
1. Langs de zoomlijn naaien.
2. De stof dicht langs de naailijn afknippen.
Zorg dat u de naaidraden daarbij niet doorknipt.
Festonafkanten Tweelingnaald Standaard naaien46 NL / BE Attentie: Steekplaat verwijderen (1): Reinigen van de transporteur (2): Reinigen en oliën van de grijper (3-7): Belangrijk: Machine uitschakelen door de stekker uit het stopkontakt van het stroomnet te trekken. Tijdens het reinigen mag de machine in geen geval aan het stroomnet aangesloten zijn. Aan het handwiel draaien tot de naald in de hoogste stand staat. Grijperdeksel openen. Met uw vinger de ontgrendelingshevel naar boven drukken. Spoelhuls verwijderen. Het gehele bereik met het schoonmaakkwastje reinigen. Spoelhuls verwijderen. De beide grijperbaanklemmen (3) zoals afgebeeld naar buiten draaien. Grijperbaanring (4) en grijper (5) verwijderen en met een zacht doekje reinigen. Bij punt (6) een beetje naaimachine-olie (1-2 druppels) aanbrengen. Grijperbaan (7) in de linkse stand zetten. Grijper (5) inzetten. Aan het handwiel draaien, en de grijperbaanring (4) inzetten en de grijperbaanklemmen (3) weer terugdraaien. Spoelhuls en steekplaat weer inzetten. Stof-en draadresten moeten regelmatig worden vewijderd. Uw naaimachine dient regelmatig door uw vakhandlaar te worden.gecontroleerd
Maintenance Onderhoud van de machineProbleem Oorzaak Oplossing Bovendraad breekt Onderdraad breekt Overgeslagen steken Naald gebroken Steken te los Stof rimpelt of lubbert Onregelmatige steken, hortende doorvoer Lawaaiige machine Machine verstopt
1. Machine niet goed ingeregen.
2. Garen te strak gespannen.
3. Garen te dik voor het naaldoog.
4. Naald niet goed aangebracht.
5. Garen om de klospen gewikkeld.
6. Naald beschadigd.
1. Spoelhouder verkeerd
2. Spoelhouder verkeerd
3. Onderdraad te strak
1. Naald niet goed aangebracht.
2. Naald beschadigd.
4. Voet niet goed gemonteerd.
1. Naald beschadigd.
2. Naald niet goed aangebracht.
3. Verkeerde naald voor deze stof.
1. Machine niet goed ingeregen.
2. Spoelhouder verkeerd
naald/stof/garencombinatie.
4. Verkeerde garenspanning.
1. Naald te dik voor de stof.
2. Verkeerde steeklengte.
3. Garen te strak gespannen.
1. Slechte kwaliteit garen.
2. Spoelhouder verkeerd
3. Er is aan de stof getrokken.
1. Machine moet geolied worden.
2. Stof of olie op de spoelhaak of
3. Naald beschadigd.
Het garen zit vast in de spoelhaak.
1. Opnieuw inrijgen.
2. Garenspanning verminderen (lager nummer)
3. Dikkere naald gebruiken.
4. Naald verwijderen en met de platte kant van
de kolf naar achteren plaatsen.
5. Klos verwijderen en het garen er op wikkelen.
1. Spoelhouder verwijderen, opnieuw
aanbrengen en aan het garen trekken. Het garen moet gemakkelijk van de spoel getrokken kunnen worden.
2. Controleer de spoel en de spoelhouder.
3. Onderdraadspanning verminderen zoals
1. Naald verwijderen en met de platte kant van
de kolf naar achteren plaatsen.
2. Nieuwe naald aanbrengen.
3. Naald kiezen aan de hand van garen en stof.
4. Controleren en beter aanbrengen.
1. Nieuwe naald aanbrengen.
2. Naald opnieuw aanbrengen (platte kant naar
3. Naald kiezen aan de hand van garen en stof.
4. Andere voet gebruiken.
1. Inrijgen controleren.
2. Spoelhouder inrijgen aan de hand van de
3. De naalddikte moet absoluut geschikt zijn
voor het garen en de stof.
4. Garenspanning nastellen.
1. Dunnere naald gebruiken.
1. Beter garen gebruiken.
2. Spoelhouder verwijderen, opnieuw inrijgen en
3. Tijdens het naaien niet aan de stof trekken.
1. Nasmeren volgens de voorschriften.
2. Spoelhaak en transporteurklauwen
schoonmaken volgens voorschrift.
Bovendraad en spoelhouder losnemen, handwiel heen en weer draaien en garenresten verwijderen. Nasmeren volgens de voorschriften. NL / BE 47 Maintenance Kleine storingen verhelpen48 NL / BE Op dit apparaat verstrekken wij een garantie van 3 jaar vanaf de aankoopdatum. Het apparaat werd uiterst zorgvuldig vervaardigd en voor aflevering gecontroleerd. Bewaar de kassabon a.u.b.; deze geldt als bewijs van uw aankoop. Wanneer u aanspraak op de garantie wilt maken, kunt u telefonisch contact opnemen met uw serviceadres. Alleen dan kan worden gegarandeerd dat het product gratis kan worden teruggestuurd. De garantie is alleen van toepassing op materiaal- en fabrieksfouten en geldt niet voor aan slijtage onderhevige onderdelen of voor beschadigingen aan breekbare onderdelen zoals schakelaars. Het product is alleen bedoeld voor privé-gebruik en niet voor industrieel gebruik. Bij misbruik of een ondeskundige behandeling, ingrijpen met geweld of bij ingrepen, die niet door onze geautoriseerde servicevestiging zijn uitgevoerd, vervalt de aanspraak op garantie. Uw wettelijke rechten worden door deze garantie niet beperkt. Vervaardiger Afvalverwerking / / Service / VervaardigerGarantie - Apparaten met een gevaarlijk defect direct inleveren en ervoor zorgen dat ze niet meer gebruikt kunnen worden. - Dit produkt is onderhevig aan de Europese richtlijn 2002/96/EC - Voor een correcte afvalverwerking lever het apparaat in bij erkende afvalverwerkingsbedrijven of bij de gemeentelijke milieuparken. - Let op de aktueel geldende voorschriften voor een correcte afvalverwerking. Bij twijfels, neem kontakt op met de lokale afvalverwerkingsinrichtingen. - Voor een correcte afvalverwerking, verwijder de verpakking volgends de geldende milieurichtlijnen. Bewaar de transportverpakking van de naaimachine. Ten eerste kan deze bij de bewaring van het apparaat van nut zijn. Ten tweede kunt u deze bij eventuele schade aan het apparaat als verpakking gebruiken om het apparaat terug te sturen. De meeste schade onstaat namelijk bij het versturen van het apparaat. Afvalverwerking Garantie Crown Technics GmbH Lerchenstrasse 2 DE-74226 Nordheim In deze gebruikaanwijzing kan geen rekening met iedere denkbare toepassing worden gehouden. Voor meer informatie of bij problemen, die niet of niet uitvoerig genoeg in deze gebruiksaanwijzing zijn opgenomen, kunt u contact opnemen met het servicenummer Serviceadres: 00800 555 00 666 ( ) Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef deze in ieder geval door aan de volgende gebruiker. gratis CROWN Service Center teknihall Elektronik GmbH Breitefeld 15 DE-64839 M nsterü IAN 74612 Servicenummer sewingguide-service-be@teknihall.com Gelieve erop te letten dat het volgende adres geen service-adres is. Contacteer eerst het bovengenoemde service center.Einleitung Entsorgung Service Einleitung...............................................................................................................................Seite 50 Seite 50 Seite 50 Seite 50 Technische Daten..................................................................................................................Seite 51 Seite 52 Seite 53 Seite 53 Seite 54 Seite 54 Seite 55 .............................................................................................Seite 55 Seite 56 Seite 56 Seite 57 Seite 58 Seite 58 Seite 59 Seite 59 Seite 60 Seite 60 Seite 61 Seite 61 Seite 62 Seite 62 Seite 63 Seite 64 Seite 64 Seite 65 Seite 65 Seite 66 Seite 66 Seite 67 Seite 67 Seite 68 Seite 69 ......................................................................................................................Seite 70 Seite 70 Seite 70 Seite 70 Bestimmungsgemäße Verwendung ......................................................................................
Notice-Facile