SDMHX93 - Monitor SONY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SDMHX93 SONY in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Monitor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SDMHX93 - SONY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SDMHX93 van het merk SONY.
GEBRUIKSAANWIJZING SDMHX93 SONY
- Nederlands : Néerlandais
- Macintosh is een handelsmerk in licentie gegeven aan Apple Computer, Inc., geregistreerd in de Verenigde Staten en andere landen.•Windows is een geregisteerd handelsmerk van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en andere landen.• IBM PC/AT en VGA zijn geregistreerde handelsmerken van IBM Corporation in de Verenigde Staten.• VESA en DDC zijn handelsmerken van de Video Electronics Standard Association. ENERGY STAR is een in de V.S. geregistreerd merk.• Adobe en Acrobat zijn handelsmerken van Adobe Systems Incorporated.• WOW, SRS en het symbool zijn handelsmerken van SRS Labs, Inc.• WOW technologie is geinkorporeerd met verlof van de licentiehouder SRS Labs, Inc.• Alle andere vermelde productnamen kunnen handelsmerken of geregistreerde handelsmerken zijn van hun respectieve bedrijven.
- Bovendien zijn "" en "" niet telkens vermeld in deze handleiding. http://www.sony.net/ Voorzorgsmaatregelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 Onderdelen en bedieningselementen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 Opstelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .7 Instelling 1: De videosignaalkabels aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . 7 Instelling 2: De audiokabel aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 Instelling 3: Het netsnoer aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 Instelling 4: Snoeren en kabels bundelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9 Instelling 5: De monitor en de computer aanzetten . . . . . . . . . . . 9 Instelling 6: De hellingshoek en draaihoek aanpassen . . . . . . . . 10 Het ingangssignaal selecteren (INPUT toets) . . . . . . . . . . . . . . . . 11 De monitor instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .11 Het menu gebruiken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11 BEELD/AUDIO menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12 MODUS menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12 BEELD menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13 De instelling voor BACKLIGHT aanpassen . . . . . . . . . 13 De instelling voor CONTRAST 6 aanpassen . . . . . . . . . . . 13 De instelling voor HELDERH aanpassen . . . . . . . . . . . 13 Het GAMMA aanpassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13 De KLEUREN aanpassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14 De instelling voor SCHERPTE aanpassen . . . . . . . . . . . . . 14 AUDIO menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14 TREBLE, BASS of BALANS aanpassen . . . . . . . . . . . . . . . 14 SURROUND aanpassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15 MODUS RESET menu (standaardinstellingen voor elke modus herstellen) 0 . . . . . . 15 SCHERM menu (alleen analoog RGB-signaal) . . . . . . . . . . . 15 POSITIE MENU menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16 INGANG ZOEKEN AAN/UIT menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17 LANGUAGE menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17 0 RESET menu (standaardinstelling herstellen) . . . . . . . . . . . . . 17 TOETSEN SLOT menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18 Technische kenmerken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .18 Het volume regelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18 Energiespaarfunctie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19 De MODUS instellen (BEELD/AUDIO) ( modus) . . . . . . . . . . 19 Functie voor het automatisch aanpassen van de helderheid (lichtsensor) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19 De beeldkwaliteit automatisch regelen (alleen analoog RGB-signaal) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20 Verhelpen van storingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .20 Schermberichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20 Foutsymptomen en oplossingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22 Zelfdiagnosefunctie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24 Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .254 Voorzorgsmaatregelen Waarschuwing betreffende voedingsaansluitingen
- Gebruik het meegeleverde netsnoer. Als u een ander netsnoer gebruikt, moet u nagaan of het compatibel is met de lokale stroomvoorziening. Voor de klanten in de Verenigde Staten Wanneer u het juiste netsnoer niet gebruikt, beantwoordt deze monitor niet aan de voorgeschreven FCC-normen. Voor de klanten in het Verenigd Koninkrijk Gebruik de monitor in het Verenigd Koninkrijk met het juiste netsnoer voor het Verenigd Koninkrijk. Installatie Plaats de monitor niet:
- op plaatsen waar deze blootstaat aan extreme temperaturen, bijvoorbeeld dicht bij een radiator, heteluchtblazer of in de volle zon. Wanneer de monitor blootstaat aan extreme temperaturen, zoals in een auto die in de volle zon geparkeerd staat of in de buurt van een heteluchtblazer, kan de behuizing vervormen of de werking verstoord raken.
- op een plek waar deze blootstaat aan mechanische trillingen of schokken.
- in de buurt van apparatuur die een krachtig magnetisch veld produceert, zoals een TV of diverse andere huishoudelijke apparaten.
- op plaatsen waar deze blootstaat aan veel stof, vuil of zand, bijvoorbeeld dicht bij een open venster of een buitendeur. Bij tijdelijk gebruik buiten moeten de nodige maatregelen worden getroffen ter bescherming tegen stof en vuil in de lucht. Indien dat niet gebeurt, kan het toestel onherstelbare schade oplopen. Behandeling van het LCD-scherm
- Richt het LCD-scherm niet naar de zon om beschadiging te voorkomen. Let op wanneer u de monitor in de buurt van een venster plaatst.
- Druk of kras niet op het LCD-scherm. Plaats geen zware voorwerpen op het LCD-scherm. Hierdoor kan de uniformiteit van het scherm afnemen of kan het LCD-paneel defect raken.
- Wanneer de monitor in een koude omgeving wordt gebruikt, kunnen er nabeelden op het scherm verschijnen. Dat is normaal en duidt niet op storing. Het scherm werkt weer normaal wanneer de normale omgevingstemperatuur is bereikt.
- Wanneer een stilstaand beeld te lang op het scherm staat, kan er gedurende enige tijd een nabeeld zichtbaar zijn. Dit nabeeld zal na verloop van tijd verdwijnen.
- Tijdens gebruik zal het LCD-paneel warm worden. Dat is normaal en duidt niet op storing. Betreffende de ingebouwde stereoluidsprekers Houd magnetische opnamesystemen, cassettes en diskettes uit de buurt van de luidsprekeropening omdat de luidsprekers een magnetisch veld produceren. Dit magnetisch veld kan gegevens op de magneetbanden en discs beschadigen. Opmerking bij het LCD (Liquid Crystal Display) Het LCD-scherm is vervaardigd met behulp van precisietechnologie. Op het LCD-scherm kunnen echter permanent heldere rode, blauwe of groene stipjes zichtbaar zijn of er kunnen ook onregelmatig gekleurde strepen of heldere zones zichtbaar zijn op het LCD-scherm. Dat is normaal. (Effectieve beeldpunten: meer dan 99,99%) Onderhoud
- Trek de stekker uit het stopcontact alvorens de monitor te reinigen.
- Reinig het LCD-scherm met een zachte doek. Gebruik geen glasreinigingsmiddel dat een antistatische oplossing of soortgelijke toevoeging bevat omdat de coating van het LCD- scherm hierdoor kan worden beschadigd.
- Reinig de behuizing, het voorpaneel en de bedieningselementen met een zachte doek die lichtjes is bevochtigd met een mild zeepsopje. Gebruik geen schuursponsje, schuurpoeder of solventen zoals alcohol of benzine.
- Wrijf, druk of tik niet op het scherm met een scherp of schurend voorwerp zoals een balpen of schroevendraaier. Daardoor kan de beeldbuis immers worden beschadigd.
- Merk op dat het materiaal of de coating van het LCD-scherm kan worden aangetast bij blootstelling aan vluchtige oplosmiddelen zoals bijvoorbeeld insecticide of bij langdurig contact met rubber of vinyl. Transport
- Koppel alle kabels los van de monitor en pak het LCD-scherm met beide handen vast om het te vervoeren. Let er hierbij op dat u het scherm niet krast. Als u de monitor laat vallen, kunt u gewond raken of kan de monitor worden beschadigd.
- Transporteer deze monitor altijd in de originele verpakking. De monitor afvoeren
- Voer de monitor niet af samen met gewoon huishoudelijk afval.
- De fluorescentiebuis in deze monitor bevat kwik. Deze monitor dient te worden afgevoerd conform de lokale voorschriften terzake. Het toestel moet in de buurt van een makkelijk bereikbaar stopcontact worden geplaatst. alleen voor 240 V wisselstroom Voorbeeld van stekkertypes voor 100 tot 120 V wisselstroom voor 200 tot 240 V wisselstroom5
Onderdelen en bedieningselementen Zie voor nadere bijzonderheden de pagina's waarnaar tussen haakjes wordt verwezen. A 1 (stroom) schakelaar en 1 (stroom) indicator (pagina's 9, 19, 24)Als u de monitor wilt in- of uitschakelen, drukt u op de 1 (stroom) schakelaar.De stroomindicator brandt groen als de monitor is ingeschakeld en brandt oranje als de monitor zich in de stroombesparingsstand bevindt.B Lichtsensor (pagina 19)Met deze sensor wordt de helderheid van de omgeving gemeten. Blokkeer de sensor niet met papier, enzovoort.C Stereoluidsprekers (pagina 18)De luidsprekers zetten audiosignalen om in geluid.D MENU toets (pagina 11)Met deze toets wordt het menuscherm in- en uitgeschakeld. E m/M en 2 (volume) toetsen (pagina's 11, 18) Met deze toetsen kunt u de menuonderdelen selecteren, wijzigingen aanbrengen en het "Volume" menu weergeven om het volume te regelen.F OK toets (pagina 11)Met deze toets activeert u het geselecteerde menuonderdeel en de wijzigingen die zijn gemaakt met de m/M toetsen (5). G INPUT toets (pagina 11)Met deze toets kunt u het video-invoersignaal schakelen tussen INPUT1, INPUT2 en INPUT3 als er twee computers zijn aangesloten op de monitor.H toets (pagina 19)Met deze toets wijzigt u de MODUS (BEELD/AUDIO).I Achterklep (pagina 7)Schuif dit paneel omhoog om kabels of snoeren aan te sluiten.J Hoofdtelefoonaansluiting (pagina 18)Deze aansluiting voert audiosignalen naar de hoofdtelefoon.
Voorkant van het LCD-scherm Zijaanzicht van het LCD-scherm
(wordt vervolgd)6 Achterkant van het LCD-scherm K AC IN aansluiting (pagina 8) Hierop sluit u het netsnoer aan (meegeleverd). L Veiligheidsvergrendeling De veiligheidsvergrendeling moet worden gebruikt met het Kensington Micro Saver Security System. Micro Saver Security System is een handelsmerk van Kensington. M Audio-ingang voor INPUT1 (pagina 8) Via deze aansluiting worden audiosignalen ingevoerd wanneer de aansluiting is verbonden met de audio-uitgang van een computer of andere audioapparatuur die is aangesloten op INPUT1. N HD15 ingang (analoog RGB) voor INPUT1 (pagina 7) Via deze aansluiting worden analoge RGB-videosignalen (0,700 Vp-p, positief) en synchronisatiesignalen ingevoerd. O Audio-ingang voor INPUT2 (pagina 8) Via deze aansluiting worden audiosignalen ingevoerd wanneer de aansluiting is verbonden met de audio-uitgang van een computer of andere audioapparatuur die is aangesloten op INPUT2. P HD15 ingang (analoog RGB) voor INPUT2 (pagina 7) Via deze aansluiting worden analoge RGB-videosignalen (0,700 Vp-p, positief) en synchronisatiesignalen ingevoerd. Q Audio-ingang voor INPUT3 (pagina 8) Via deze aansluiting worden audiosignalen ingevoerd wanneer de aansluiting is verbonden met de audio-uitgang van een computer of andere audioapparatuur die is aangesloten op INPUT3. R DVI-D ingang (digitaal RGB) voor INPUT3 (pagina 7) Via deze aansluiting worden digitale RGB-videosignalen ingevoerd conform DVI Rev. 1.0. S Kabelhouder (pagina 9) Hiermee worden kabels en snoeren aan de monitor bevestigd.
Opstelling Voordat u de monitor in gebruik neemt, moet u controleren of de verpakking de volgende items bevat:•LCD-scherm• Netsnoer• HD15-HD15 videosignaalkabel (analoog RGB)• DVI-D videosignaalkabel (digitaal RGB)• Audiokabel (stereoministekker)• CD-ROM (hulpprogramma's voor Windows/Macintosh, gebruiksaanwijzing, enzovoort)• Garantiekaart• Installatiehandleiding Instelling 1: De videosignaalkabels aansluiten Schuif de achterklep omhoog. Een computer aansluiten die is voorzien van een DVI uitgang (digitaal RGB) Gebruik de bijgeleverde DVI-D-videosignaalkabel (digitale RGB) om de computer aan te sluiten op de DVI-D-ingang van de monitor (digitale RGB) voor INPUT3. Een computer aansluiten die is voorzien van een HD15 uitgang (analoog RGB) Sluit de computer met de meegeleverde HD15-HD15 videosignaalkabel (analoog RGB) aan op de HD15 ingang (analoog RGB) van de monitor voor INPUT1 of INPUT2.Sluit de computer aan zoals hieronder wordt afgebeeld. x Aansluiting op een IBM PC/AT of compatibele computer
- Zet de monitor en de computer uit voordat u deze aansluit.• Als u de computer aansluit op de HD15 ingang (analoog RGB) van de monitor, raadpleegt u "Een computer aansluiten die is voorzien van een HD15 uitgang (analoog RGB)".OpmerkingRaak de pinnen van de videosignaalkabel niet aan omdat deze hierdoor kunnen verbuigen.naar de DVI uitgang (digitaal RGB) van de computernaar de DVI-D ingang (digitaal RGB)DVI-D videosignaalkabel (digitaal RGB) (meegeleverd)IBM PC/AT of compatibele computernaar de HD 15 ingang (analoog RGB)naar de HD15 uitgang (analoog RGB) van de computerHD15-HD15 videosignaalkabel (analoog RGB) (meegeleverd)(wordt vervolgd)8 xAansluiting op een Macintosh Gebruik desgewenst een adapter (niet meegeleverd) bij aansluiting op een Macintosh. Sluit de adapter aan op de computer voordat u de videosignaalkabel aansluit. Instelling 2: De audiokabel aansluiten Sluit de meegeleverde audiokabel aan op de betreffende audio-ingang van de monitor. U kunt het geluid van uw computer of andere audio-apparatuur die is aangesloten op de audio-ingangen van de monitor, beluisteren via de luidsprekers van de monitor of een hoofdtelefoon. Zie "Het volume regelen" op pagina 18 voor meer informatie. Instelling 3: Het netsnoer aansluiten 1 Sluit het bijgeleverde netsnoer aan op de AC IN ingang van de monitor. 2 Sluit het andere uiteinde van het netsnoer aan op een stopcontact. Macintosh HD15-HD15 videosignaalkabel (analoog RGB) (meegeleverd) naar de uitgang van de computer naar de HD 15 ingang (analoog RGB) naar de audio-ingang naar de audio-uitgang van de computer of andere audio-apparatuur audiokabel (meegeleverd)
netsnoer (meegeleverd) naar stopcontact
Instelling 4: Snoeren en kabels bundelen 1 Schuif de achterklep omhoog. 2 Zet de videosignaalkabel, de audiokabels en het netsnoer vast met de kabelhouder op de kast. 3 Schuif de achterklep omlaag. Instelling 5: De monitor en de computer aanzetten 1 Druk op de 1 (stroom) schakelaar links aan de achterkant van de monitor. De 1 (stroom) indicator licht groen op. 2 Zet de computer aan. 3 Druk op de INPUT toets om het gewenste ingangssignaal te selecteren. Het beeld van de geselecteerde invoer verschijnt op het scherm. Zie "Het ingangssignaal selecteren (INPUT toets)" op pagina 11 voor meer informatie. De installatie van de monitor is voltooid. Pas desgewenst het beeld van de monitor aan met de bedieningselementen op de monitor (pagina 11). achterklep
INPUT MENU licht groen op INPUT (wordt vervolgd)10 Als er geen beeld verschijnt op het scherm
- Controleer of het netsnoer en de videosignaalkabel goed zijn aangesloten.
- Als "GEEN INPUT SIGNAAL" op het scherm verschijnt: – De computer staat in de energiespaarstand. Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis. – Controleer of het ingangssignaal juist is ingesteld door op de INPUT toets te drukken (pagina 11).
- Als "KABEL NIET AANGESLOTEN" op het scherm verschijnt: – Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten. – Controleer of het ingangssignaal juist is ingesteld door op de INPUT toets te drukken (pagina 11).
- Als "BUITEN BEREIK" op het scherm verschijnt, moet u de oude monitor opnieuw aansluiten. Pas vervolgens de grafische kaart van de computer aan het volgende bereik aan. Zie "Foutsymptomen en oplossingen" op pagina 22 voor meer informatie over berichten op het scherm. Geen specifieke drivers vereist. De monitor voldoet aan de "DDC" Plug & Play norm en herkent automatisch alle monitorinformatie. Op de computer hoeft geen specifieke driver te worden geïnstalleerd. Wanneer u de computer voor het eerst aanzet nadat de monitor is aangesloten, kan de installatiewizard op het scherm verschijnen. Volg in dit geval de instructies op het scherm. De Plug & Play monitor wordt automatisch geselecteerd zodat u deze monitor kunt gebruiken. De verticale frequentie wordt ingesteld op 60 Hz. De monitor produceert geen vervelend geknipper, zodat u deze meteen kunt gebruiken. U hoeft de verticale frequentie niet hoog in te stellen. Instelling 6: De hellingshoek en draaihoek aanpassen U kunt de monitor verstellen binnen de hieronder weergegeven hoeken. Pak beide zijden van het LCD-scherm vast en stel de gewenste hoek in. Comfortabel gebruik van de monitor Pas de kijkhoek van de monitor aan de hoogte van uw bureau en stoel aan zodat er geen licht van het scherm in uw ogen wordt gereflecteerd. Opmerking Als u de hellingshoek en hoogte aanpast, moet u langzaam en voorzichtig te werk gaan, zodat de monitor niet tegen het bureau klapt. Analoge RGB Digitale RGB Horizontale frequentie 28–80 kHz 28–64 kHz Verticale frequentie 48–75 Hz 60 Hz Resolutie 1280 × 1024 of minder 1280 × 1024 of minder
Het ingangssignaal selecteren (INPUT toets) Druk op de INPUT toets.Het invoersignaal wordt gewijzigd als u op deze toets drukt. De monitor instellen Met het schermmenu kunt u veel instellingen van de monitor wijzigen. Het menu gebruiken 1 Geef het hoofdmenu weer. Druk op de MENU toets om het hoofdmenu weer te geven op het scherm. 2 Selecteer het menu. Druk op de m/M toetsen om het gewenste menu weer te geven. Druk op de OK toets om naar het eerste menuonderdeel te gaan. 3 Selecteer het onderdeel dat u wilt aanpassen. Druk op de m/M toetsen om het onderdeel te selecteren dat u wilt aanpassen en druk vervolgens op de OK toets. Als een van de menuonderdelen is.Als u selecteert en op de OK toets drukt, wordt het vorige menu weergegeven.Bericht op het scherm (verschijnt ongeveer 5 seconden in de linkerbovenhoek)Configuratie van het invoersignaalINPUT1: HD15 HD15 ingang (analoog RGB) voor INPUT1INPUT2: HD15 HD15 ingang (analoog RGB) voor INPUT2INPUT3: DVI-D DVI-D ingang (digitaal RGB) voor INPUT3INPUT Voor het instellen Sluit de monitor en de computer aan en zet deze aan. Voor de beste resultaten wacht u minstens 30 minuten voordat u de instellingen gaat aanpassen. MENU EX I TBEELD/AUDIO1280 1024 60Hzx/ FILM
(wordt vervolgd)12 4 Pas het onderdeel aan. Druk op de m/M toetsen om de instelling aan te passen en druk vervolgens op de OK toets. Wanneer u op de OK toets drukt, wordt de instelling opgeslagen en verschijnt het vorige menu op het scherm. 5 Sluit het menu. Druk één keer op de MENU toets om naar het normale beeld terug te keren. Als er geen toets wordt ingedrukt, wordt het menu automatisch gesloten na ongeveer 45 seconden. x Standaardinstellingen herstellen U kunt de aanpassingen opnieuw instellen met het RESET menu. Zie 0 (RESET) op pagina 17 voor meer informatie over het opnieuw instellen van de aanpassingen. BEELD/AUDIO menu U kunt de volgende onderdelen aanpassen met het BEELD/ AUDIO menu.
- MODUS RESET 0 x MODUS menu U kunt de helderheid van het scherm aanpassen aan de functie waarvoor u het scherm wilt gebruiken. Voor elke modus kunt u BEELD/AUDIO instellingen opgeven. De gewijzigde instellingen worden automatisch toegepast op de afzonderlijke ingangen (INGANG1/INGANG2/INGANG3). 1 Druk op MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om "FILM" te selecteren en druk op de OK toets. Het MODUS menu verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om de gewenste modus te selecteren en druk op de OK toets. De standaardinstelling is FILM.
- FILM: scherp beeld met sterk contrast.
- PC: beeld met zachte kleurtonen.
- AUTO: hiermee wordt de helderheid van het scherm automatisch aangepast aan de helderheid van de omgeving (functie voor het automatisch aanpassen van de helderheid). Zie "Functie voor het automatisch aanpassen van de helderheid (lichtsensor)" op pagina 19 voor meer informatie. OpmerkingIn de AUTO modus kunt u de achtergrondverlichting niet aanpassen.
x BEELD menu U kunt de volgende onderdelen aanpassen met het BEELD menu.
- SCHERPTE De instelling voor BACKLIGHT aanpassen Pas de achtergrondverlichting aan wanneer het scherm te helder is om het beter leesbaar te maken. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om (BEELD) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD menu verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om " BACKLIGHT" te selecteren en druk op de OK toets. Het "BACKLIGHT" menu verschijnt op het scherm. 5 Druk op de m/M toetsen om het verlichtingsniveau aan te passen en druk op de OK toets. De instelling voor CONTRAST 6 aanpassen Pas het beeldcontrast aan. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om (BEELD) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD menu verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om "6 CONTRAST" te selecteren en druk op de OK toets. Het "CONTRAST" menu verschijnt op het scherm. 5 Druk op de m/M toetsen om het contrast aan te passen en druk op de OK toets. De instelling voor HELDERH aanpassen Pas de beeldhelderheid (zwartniveau) aan. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om (BEELD) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD menu verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om " HELDERH" te selecteren en druk op de OK toets. Het "HELDERH" menu verschijnt op het scherm. 5 Druk op de m/M toetsen om de helderheid aan te passen en druk op de OK toets. Het GAMMA aanpassen U kunt de kleurtinten op het scherm afstemmen op de originele kleurtinten. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om (BEELD) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD menu verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om " (GAMMA)" te selecteren en druk op de OK toets. Het GAMMA menu verschijnt op het scherm. 5 Druk op de m/M toetsen om de gewenste modus te selecteren en druk op de OK toets. EX I TBEELD1280 1024 60Hzx/ : 100 : 70 : 50 SCHERPTE FILM EX I T1280 1024 60Hzx
GAMMA 1GAMMA 2GAMMA 3GAMMA 4GAMMA
(wordt vervolgd)14 De KLEUREN aanpassen U kunt het beeldkleurenniveau van het witte kleurenveld kiezen uit de standaardinstellingen voor kleurtemperatuur. U kunt desgewenst de kleurtemperatuur ook nauwkeuriger aanpassen. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om (BEELD) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD menu verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om " (KLEUREN)" te selecteren en druk op de OK toets. Het KLEUREN menu verschijnt op het scherm. 5 Druk op de m/M toetsen om de gewenste kleurtemperatuur te selecteren en druk op de OK toets. Als u de kleurtemperatuur wijzigt van 9300K in 6500K, krijgt de witbalans een blauwe tint in plaats van een rode tint. De kleurtemperatuur nauwkeurig aanpassen U kunt de kleurtemperatuur instellen voor elke modus (SPEL/FILM/PC/AUTO). 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om (BEELD) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD menu verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om " (KLEUREN)" te selecteren en druk op de OK toets. Het KLEUREN menu verschijnt op het scherm. 5 Druk op de m/M toetsen om "AANPASSEN" te selecteren en druk op de OK toets. Het menu voor het nauwkeurig aanpassen van de kleurtemperatuur verschijnt op het scherm. 6 Druk op de m/M toetsen om R (Rood) of B (Blauw) te selecteren en druk op de OK toets. Druk op m/M toetsen om de kleurtemperatuur aan te passen en druk vervolgens op de OK toets. Doordat deze instelling de kleurtemperatuur verandert door de R en B componenten ten opzichte van G (groen) te wijzigen, is de G component vast. 7 Druk op de m/M toetsen om te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. De nieuwe kleurinstelling wordt opgeslagen in het geheugen en automatisch opgeroepen wanneer "Gebruiker" wordt geselecteerd. Het KLEUREN menu verschijnt op het scherm. De instelling voor SCHERPTE aanpassen U kunt de randen van beelden, enzovoort scherper maken. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om (BEELD) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD menu verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om "SCHERPTE" te selecteren en druk op de OK toets. Het "SCHERPTE" menu verschijnt op het scherm. 5 Druk op de m/M toetsen om de scherpte aan te passen en druk op de OK toets. x AUDIO menu U kunt de volgende onderdelen aanpassen met het AUDIO menu.
- SURROUND TREBLE, BASS of BALANS aanpassen 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om (AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. 4 Druk op de m/M toetsen om TREBLE, BASS of BALANS te selecteren en druk op de OK toets. 5 Druk op de m/M toetsen om de gewenste modus te selecteren en druk op de OK toets. EX I T 1280 1024 60Hzx
SURROUND aanpassen 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets.Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om (AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets. 4 Druk op de m/M toetsen om SURROUND te selecteren en druk op de OK toets. 5 Druk op de m/M toetsen om de gewenste modus te selecteren en druk op de OK toets.• SRS WOW: Dankzij diepe lage tonen en heldere hoge tonen ontstaat een krachtig surround sound waarmee u optimaal kunt genieten van films en spellen.• UIT: het SRS WOW-effect wordt uitgeschakeld.Met de nieuwste technologie van SRS Labs, Inc. die is geïmplementeerd in SRS WOW, kunt u de geluidskwaliteit van diverse audiobronnen aanzienlijk verbeteren.
MODUS RESET menu (standaardinstellingen voor elke modus herstellen)
U kunt de aangepaste instellingen terugzetten op de standaardinstellingen. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (BEELD/AUDIO) te selecteren en druk op de OK toets.Het BEELD/AUDIO menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om "0 RESET" te selecteren en druk op de OK toets.Het "RESET" menu verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om de gewenste modus te selecteren en druk op de OK toets.• OK: hiermee herstelt u de standaardinstellingen voor elke modus in het BEELD/AUDIO menu.• ANNULEREN: hiermee annuleert u het terugzetten en keert u terug naar het BEELD/AUDIO menu. SCHERM menu (alleen analoog RGB-signaal) U kunt de volgende onderdelen aanpassen met het SCHERM menu.•AUTO•FASE•PITCH• H CENTRERING• V CENTRERING x De beeldkwaliteit automatisch aanpassen Als de monitor een ingangssignaal ontvangt, worden de beeldpositie en -scherpte (fase/pitch) automatisch aangepast zodat er een scherp beeld op het scherm verschijnt (pagina 20).OpmerkingAls de functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit is geactiveerd, werkt alleen de 1 (stroom) schakelaar.Als het beeld niet volledig wordt aangepast met de functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteitU kunt de beeldkwaliteit voor het huidige ingangssignaal verder automatisch aanpassen. Zie "AUTO" hieronder. Als u de beeldkwaliteit nog verder moet aanpassenU kunt de beeldscherpte (fase/pitch) en -positie (horizontale/verticale positie) handmatig aanpassen. Deze instellingen worden opgeslagen in het geheugen en automatisch opgeroepen wanneer de monitor een eerder ontvangen en geregistreerd ingangssignaal ontvangt. x De beeldkwaliteit voor het huidige ingangssignaal verder automatisch aanpassen (AUTO) 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om (SCHERM) te selecteren en druk op de OK toets.Het SCHERM menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om "AUTO" te selecteren en druk op de OK toets.Pas de fase, pitch en horizontale/verticale positie van het scherm aan voor het huidige ingangssignaal en sla deze aanpassingen op.EX I T1280 1024 60Hzx SRS WOW UIT SURROUNDOpmerkingAls u digitale RGB-signalen ontvangt via de DVI-D-ingang voor INPUT3, hoeft u geen wijzigingen aan te brengen.EX I T1280 1024 60Hzx
AUTO FASE P TCH H CENTRERING V CENTRERINGSCHERM (wordt vervolgd)16 x De beeldscherpte handmatig aanpassen (Fase/Pitch) U kunt de beeldscherpte als volgt aanpassen. Deze aanpassing is effectief wanneer de computer is aangesloten op de HD15 ingang (analoog RGB) van de monitor. 1 Stel de resolutie op de computer in op 1280 × 1024. 2 Plaats de CD-ROM in het CD-ROM-station. 3 Start de CD-ROM, selecteer het land/de regio en het model en geef het testpatroon weer. Voor Windows Klik op [Utility] t [Windows]/[Win Utility.exe]. Voor Macintosh Klik op [Utility] t [Mac]/[Mac Utility]. 4 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 5 Druk op de m/M toetsen om (SCHERM) te selecteren en druk op de OK toets. Het SCHERM menu verschijnt op het scherm. 6 Druk op de m/M toetsen om "FASE" te selecteren en druk op de OK toets. Het "FASE" aanpassingsmenu verschijnt op het scherm. 7 Druk op de m/M toetsen tot de horizontale strepen tot een minimum zijn gereduceerd. Pas het beeld zo aan dat de horizontale strepen tot een minimum zijn gereduceerd. 8 Druk op de OK toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. Als er verticale strepen op het hele scherm zichtbaar zijn, moet u de pitch als volgt aanpassen. 9 Druk op de m/M toetsen om "PITCH" te selecteren en druk op de OK toets. Het "PITCH" aanpassingsmenu verschijnt op het scherm. 10 Druk op m/M toetsen totdat de verticale strepen verdwijnen. Pas de scherminstelling zo aan dat de verticale strepen verdwijnen. 11 Klik op [END] op het scherm om het testpatroon uit te schakelen. x De beeldpositie handmatig aanpassen (H CENTRERING/V CENTRERING) Pas de beeldcentrering als volgt aan wanneer het beeld niet in het midden van het scherm wordt weergegeven. 1 Stel de resolutie op de computer in op 1280 × 1024. 2 Plaats de CD-ROM in het CD-ROM-station. 3 Start de CD-ROM, selecteer het land/de regio en het model en geef het testpatroon weer. Voor Windows Klik op [Utility] t [Windows]/[Win Utility.exe]. Voor Macintosh Klik op [Utility] t [Mac]/[Mac Utility]. 4 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 5 Druk op de m/M toetsen om (SCHERM) te selecteren en druk op de OK toets. Het SCHERM menu verschijnt op het scherm. 6 Druk op de m/M toetsen om "H CENTRERING" of "V CENTRERING" te selecteren en druk op de OK toets. Het "H CENTRERING" aanpassingsmenu of "V CENTRERING" aanpassingsmenu verschijnt op het scherm. 7 Druk op de m/M toetsen om het testpatroon in het midden van het scherm te plaatsen. 8 Klik op [END] op het scherm om het testpatroon uit te schakelen. POSITIE MENU menu U kunt de positie van het menu wijzigen als deze een beeld op het scherm blokkeert. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om (POSITIE MENU) te selecteren en druk op de OK toets. Het "POSITIE MENU" menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om de gewenste positie te selecteren en druk op de OK toets. U kunt kiezen uit 9 posities waar het menu wordt weergegeven. EX I T 1280 1024 60Hzx
INGANG ZOEKEN AAN/UIT menu Als u AUTO AAN selecteert in het INGANG ZOEKEN AAN/ UIT menu, zoekt de monitor automatisch naar invoersignalen via een ingang en wordt de invoer automatisch gewijzigd voordat de stroombesparingsstand van de monitor wordt ingeschakeld. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (INGANG ZOEKEN AAN/UIT) te selecteren en druk op de OK toets. Het INGANG ZOEKEN menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om de gewenste modus te selecteren en druk op de OK toets.
- AAN: als de geselecteerde ingang geen invoersignaal heeft of als u een ingang selecteert met de INPUT toets op de monitor en deze ingang geen invoersignaal heeft, verschijnt het bericht (pagina 20) en zoekt de monitor automatisch naar invoersignalen via andere ingangen om de invoer te wijzigen. Als de invoer is gewijzigd, wordt de geselecteerde ingang weergegeven in de linkerbovenhoek van het scherm. Wordt er geen invoersignaal ontvangen, dan wordt de stroombesparingsstand van de monitor automatisch ingeschakeld.
- UIT: de invoer wordt niet automatisch gewijzigd. Druk op de INPUT toets om de invoer te wijzigen. LANGUAGE menu 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om (LANGUAGE) te selecteren en druk op de OK toets. Het LANGUAGE menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om een taal te selecteren en druk op de OK toets.
- : Chinees 0 RESET menu (standaardinstelling herstellen) 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om 0 (RESET) te selecteren en druk op de OK toets. Het RESET menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om de gewenste stand te selecteren en druk op de OK toets.
- OK: hiermee worden alle standaardinstellingen hersteld. Hierbij wordt de " LANGUAGE" instelling niet hersteld.
- ANNULEREN: hiermee wordt het herstellen geannuleerd en keert u terug naar het menuscherm. EX I T 1280 1024 60Hzx
ANNULEREN RESET (wordt vervolgd)18 TOETSEN SLOT menu Alle toetsen vergrendelen om ongewenst aanpassen of herstellen te vermijden. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu wordt op het scherm weergegeven. 2 Druk op de m/M toetsen om (TOETSEN SLOT) te selecteren en druk op de OK toets. Het TOETSEN SLOT menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om "AAN" of "UIT" te selecteren.
(stroom) schakelaar en INPUT toets werken. Als u een andere handeling probeert uit te voeren, verschijnt het pictogram op het scherm.
- UIT: schakelt " TOETSEN SLOT" uit. Als " TOETSEN SLOT" is ingesteld op "AAN" en u op de MENU toets drukt, wordt " TOETSEN SLOT" automatisch geselecteerd. Technische kenmerken Het volume regelen U kunt het geluid van uw computer of andere audio-apparatuur die is aangesloten op de audio-ingangen van de monitor, beluisteren via de luidsprekers van de monitor of een hoofdtelefoon. Het volume kan worden aangepast met een apart "Volume" menu vanuit het hoofdmenu. 1 Druk op de m/M toetsen wanneer er geen menu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om het volume aan te passen. Het menu verdwijnt automatisch na ongeveer 5 seconden. Opmerkingen
- U kunt het volume niet aanpassen als het hoofdmenu wordt weergegeven op het scherm.
- Als de monitor in de energiespaarstand staat, komt er geen geluid uit de luidsprekers of de hoofdtelefoons. EX I T1280 1024 60Hzx
Energiespaarfunctie Deze monitor voldoet aan de richtlijnen voor energiebesparing die zijn opgesteld door VESA, ENERGY STAR en NUTEK. Wanneer de monitor is aangesloten op een computer of DPMS (Display Power Management Signaling) compatibele videokaart, gaat de monitor automatisch minder stroom verbruiken zoals hieronder afgebeeld. SDM-HX73 SDM-HX93
- Als de computer overschakelt naar de modus "actief uit", valt het ingangssignaal weg en verschijnt "GEEN INPUT SIGNAAL" op het scherm. Na 5 seconden wordt de energiespaarstand voor de monitor geactiveerd.** "Diepe sluimer" is een energiespaarstand die is gedefinieerd door de Environmental Protection Agency. De MODUS instellen (BEELD/AUDIO)
modus) Als u herhaaldelijk op de toets aan de rechterkant van de monitor drukt, kunt u de modus kiezen uit SPEL t FILM t PC t AUTO. Als u "AUTO" selecteert, wordt de helderheid van het scherm automatisch aangepast aan de helderheid van de omgeving (functie voor het automatisch aanpassen van de helderheid). Zie "Functie voor het automatisch aanpassen van de helderheid (lichtsensor)" voor meer informatie. Druk herhaaldelijk op de toets. De standaardinstelling voor MODUS is "FILM". Als u één keer op de toets drukt, wordt "FILM" (de standaardinstelling) weergegeven. Druk u nogmaals op deze toets, dan wordt "PC" weergegeven. Wanneer u op de toets drukt, wordt de modus als volgt gewijzigd: De afzonderlijke modi verschijnen op het scherm. Het menu verdwijnt automatisch na ongeveer 5 seconden. Functie voor het automatisch aanpassen van de helderheid (lichtsensor) Deze monitor heeft een functie waarmee de helderheid van het scherm automatisch wordt aangepast aan de helderheid van de omgeving. De helderheid van het scherm wordt ingesteld op het meest geschikte niveau als u de modus instelt op AUTO met de toets aan de rechterkant van de monitor of in het BEELD/ AUDIO menu. De helderheid van het scherm is standaard ingesteld op FILM. Als u de modus instelt op AUTO met de toets aan de rechterzijde van de monitor, wordt de aanpassingsbalk ook weergegeven. U kunt de balk aanpassen met de m/M toetsen. De helderheid van het scherm wordt aangepast aan het niveau dat u hebt ingesteld. Energiestand Stroomverbruik 1 (stroom) indicator normale werking 50 W (max.) groen actief uit* (diepe sluimer)** 1 W (max.) oranje 1 (stroom) uitgeschakeld 1 W (max.) uit Energiestand Stroomverbruik 1 (stroom) indicator normale werking 60 W (max.) groen actief uit* (diepe sluimer)** 1 W (max.) oranje 1 (stroom) uitgeschakeld 1 W (max.) uit
(wordt vervolgd)20 De beeldkwaliteit automatisch regelen (alleen analoog RGB-signaal) Als de monitor een ingangssignaal ontvangt, worden de beeldpositie en -scherpte (fase/pitch) automatisch aangepast zodat er een scherp beeld op het scherm verschijnt. Fabrieksinstelling Als de monitor een ingangssignaal ontvangt, wordt deze automatisch afgestemd op een van de fabrieksinstellingen die in het geheugen van de monitor zijn opgeslagen om een beeld van hoge kwaliteit in het midden van het scherm te verkrijgen. Wanneer het ingangssignaal overeenkomt met de fabrieksinstelling, wordt het beeld automatisch op het scherm weergegeven met de juiste standaardinstellingen. Als ingangssignalen niet overeenkomen met de fabrieksinstellingen Als de monitor een ingangssignaal ontvangt dat niet overeenkomt met een van de fabrieksinstellingen, wordt de functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit van de monitor geactiveerd waardoor er altijd een scherp beeld verschijnt op het scherm (binnen het volgende frequentiebereik): Horizontale frequentie: 28–80 kHz Verticale frequentie: 48–75 Hz De eerste keer dat de monitor ingangssignalen ontvangt die niet overeenkomen met een van de fabrieksinstellingen, kan het langer dan normaal duren voordat het beeld op het scherm verschijnt. De instelgegevens worden automatisch opgeslagen in het geheugen zodat de monitor op dezelfde manier werkt als wanneer de monitor signalen ontvangt die wel overeenkomen met een van de fabrieksinstellingen. Fase, pitch en beeldpositie handmatig aanpassen Voor sommige ingangssignalen kunnen beeldpositie, fase en pitch niet helemaal automatisch worden aangepast. Deze instellingen kunnen dan handmatig worden aangepast (pagina 16). Wanneer u deze instellingen handmatig aanpast, worden deze als gebruikersstanden in het geheugen opgeslagen en automatisch weer opgeroepen wanneer de monitor dezelfde ingangssignalen ontvangt. Verhelpen van storingen Lees dit gedeelte door voordat u contact opneemt met de technische ondersteuning. Schermberichten Als er iets fout is met het ingangssignaal, wordt een van de volgende berichten weergegeven op het scherm. Zie "Foutsymptomen en oplossingen" op pagina 22 om dit probleem op te lossen. Als "BUITEN BEREIK" verschijnt op het scherm Dit geeft aan dat het ingangssignaal niet wordt ondersteund door de monitor. Controleer de volgende items. Zie "Foutsymptomen en oplossingen" op pagina 22 voor meer informatie over schermberichten. Als "xxx.x kHz / xxx Hz" wordt weergegeven Dit geeft aan dat de horizontale of verticale frequentie niet wordt ondersteund door de monitor. De cijfers staan voor de horizontale en verticale frequenties van het huidige ingangssignaal. Als "RESOLUTIE i 1280 × 1024" wordt weergegeven Dit geeft aan dat de resolutie niet wordt ondersteund door de monitor (1280 × 1024 of minder). Als "GEEN INPUT SIGNAAL" verschijnt op het scherm Dit geeft aan dat er geen signaal wordt ingevoerd via de gekozen aansluiting. Als INGANG ZOEKEN AAN/UIT (pagina 17) is ingesteld op AAN, zoekt de monitor een ander invoersignaal en wordt de invoer automatisch gewijzigd. BUITEN BEREIKINGANG#: XXXXXXXX . XKHz / XXXHzINFORMATI
Als "KABEL NIET AANGESLOTEN" verschijnt op het scherm Dit geeft aan dat de videosignaalkabel niet is aangesloten op de gekozen aansluiting. Als INGANG ZOEKEN AAN/UIT (pagina 17) is ingesteld op AAN, zoekt de monitor een ander invoersignaal en wordt de invoer automatisch gewijzigd. INFORMATIE INGANG#: XXXXX
KABEL NIET AANGESLOTEN22
Foutsymptomen en oplossingen Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de aangesloten computer of apparatuur wanneer u problemen hebt met een aangesloten computer of andere apparatuur. Gebruik de zelfdiagnosefunctie (pagina 24) als u het probleem niet kunt oplossen met de volgende aanwijzingen. Probleem Controleer deze punten Geen beeld De 1 (stroom) indicator licht niet op of de 1 (stroom) indicator licht niet op wanneer de 1 (stroom) schakelaar wordt ingedrukt.
- Controleer of het netsnoer goed is aangesloten. De 1 (stroom) indicator is groen. • Gebruik de zelfdiagnosefunctie (pagina 24).
"KABEL NIET AANGESLOTEN"
verschijnt op het scherm.
- Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten en of alle stekkers goed vastzitten (pagina 7).
- Controleer of de pinnen van de video-ingang niet zijn verbogen of naar binnen zijn gedrukt.
- Controleer of de instelling voor ingangsselectie juist is (pagina 11).
- Er is een videosignaalkabel aangesloten die niet is bijgeleverd. Als u een videosignaalkabel aansluit die niet is bijgeleverd, kan "KABEL NIET AANGESLOTEN" op het scherm verschijnen. Dit duidt niet op een storing. "GEEN INPUT SIGNAAL" wordt op het scherm weergegeven of de 1 (stroom) indicator brandt oranje.
- Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten en of alle stekkers goed vastzitten (pagina 7).
- Controleer of de pinnen van de video-ingang niet zijn verbogen of naar binnen zijn gedrukt.
- Controleer of de instelling voor ingangsselectie juist is (pagina 11). xProbleem veroorzaakt door een aangesloten computer of andere apparatuur en niet door de monitor
- De computer staat in de energiespaarstand. Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis.
- Controleer of de grafische kaart goed is bevestigd.
- Controleer of de computer is ingeschakeld. "BUITEN BEREIK" verschijnt op het scherm (pagina 20). xProbleem veroorzaakt door een aangesloten computer of andere apparatuur en niet door de monitor
- Controleer of het videofrequentiebereik binnen de monitorspecificaties valt. Als u een oude monitor door deze monitor hebt vervangen, moet u de oude monitor opnieuw aansluiten en de grafische kaart van de computer aanpassen binnen het volgende bereik: Horizontale frequentie: 28–80 kHz (analoge RGB), 28–64 kHz (digitale RGB) Verticale frequentie: 48–75 Hz (analoge RGB), 60 Hz (digitale RGB) Resolutie: 1280 × 1024 of minder Bij gebruik van Windows. • Als u een oude monitor door deze monitor hebt vervangen, moet u de oude monitor opnieuw aansluiten en de volgende procedure uitvoeren. Selecteer "SONY" in de lijst met "fabrikanten" en "SDM-HX73 of SDM-HX93" in de lijst met "modellen" in het Windows- venster voor apparaatselectie. Als "SDM-HX73 of SDM-HX93" niet verschijnt in de lijst met "modellen", moet u "Plug & Play" proberen. Bij gebruik van een Macintosh systeem.
- Gebruik desgewenst een adapter (niet meegeleverd) bij aansluiting op een Macintosh. Sluit de adapter aan op de computer voordat u de videosignaalkabel aansluit.23
Het beeld flikkert, springt, oscilleert of is vervormd.
- Pas de pitch en fase aan (alleen analoog RGB-signaal) (pagina 16).
- Isoleer en elimineer potentiële bronnen van elektrische of magnetische velden zoals monitors, laserprinters, elektrische ventilatoren, fluorescerende verlichting of televisies.
- Plaats de monitor uit de buurt van netsnoeren of plaats een magnetische afscherming bij de monitor.
- Probeer de monitor aan te sluiten op een ander stopcontact, bij voorkeur op een ander circuit.
- Verander de stand van de monitor. xProbleem veroorzaakt door een aangesloten computer of andere apparatuur en niet door de monitor
- Raadpleeg de handleiding van de grafische kaart voor de juiste instelling van de monitor.
- Controleer of de grafische modus (VESA, Macintosh 19" Color, enzovoort) en de frequentie van het ingangssignaal worden ondersteund door deze monitor. Sommige grafische kaarten hebben een synchronisatiepuls die te smal is om de monitor correct te laten synchroniseren, ook al ligt de frequentie binnen het juiste bereik.
- Deze monitor verwerkt geen interlace-signalen. Stel deze in op progressieve signalen.
- Pas de verversingsfrequentie van de computer aan (verticale frequentie) om een optimaal beeld te verkrijgen (60 Hz wordt aanbevolen). Het beeld is wazig. • Pas het contrast en de helderheid aan (pagina 13).
- Pas de scherpte aan (pagina 14).
- Pas de pitch en fase aan (alleen analoog RGB-signaal) (pagina 16). xProbleem veroorzaakt door een aangesloten computer of andere apparatuur en niet door de monitor
- Stel de resolutie op de computer in op 1280 × 1024. Echobeeld (ghosting). • Gebruik geen videoverlengkabels en/of videoschakeldozen.
- Controleer of alle stekkers goed vastzitten. Het beeld is niet gecentreerd of heeft niet de juiste afmetingen (alleen analoog RGB-signaal).
- Pas de pitch en fase aan (pagina 16).
- Pas de beeldpositie aan (pagina 16). In sommige standen wordt het scherm niet helemaal gevuld. Het beeld is te klein. xProbleem veroorzaakt door een aangesloten computer of andere apparatuur en niet door de monitor
- Stel de resolutie op de computer in op 1280 × 1024. Het beeld is donker. • Pas de achtergrondverlichting aan (pagina 13).
- Pas de helderheid aan (pagina 13).
- Pas de gamma aan in het GAMMA menu (pagina 13).
- Na het inschakelen van de monitor duurt het enkele minuten voordat het scherm oplicht.
- Als de modus is ingesteld op AUTO, kan de monitor donker worden als er weinig licht in de omgeving is (pagina's 12, 19). Golvend of elliptisch patroon (moire) is zichtbaar.
- Pas de pitch en fase aan (alleen analoog RGB-signaal) (pagina 16). De kleur is niet gelijkmatig. • Pas de pitch en fase aan (alleen analoog RGB-signaal) (pagina 16). Onzuivere witweergave. • Pas de kleurtemperatuur aan (pagina 14). De knoppen van de monitor werken niet ( verschijnt op het scherm).
- Als "TOETSEN SLOT" is ingesteld op "AAN", moet u deze op "UIT" instellen (pagina 18). De resolutie die op het menuscherm wordt weergegeven, is onjuist.
- Afhankelijk van de instelling van de grafische kaart, kan de resolutie die op het menuscherm wordt weergegeven, niet overeenkomen met de resolutie die in de computer is ingesteld. Probleem Controleer deze punten (wordt vervolgd)24 De gegevens van deze monitor weergeven Houd de MENU toets langer dan 5 seconden ingedrukt terwijl de monitor een videosignaal ontvangt totdat het infovenster verschijnt. Als u nogmaals op de MENU toets drukt, verdwijnt het venster. Als een probleem niet kan worden opgelost, neemt u contact op met een erkende Sony dealer en geeft u de volgende informatie:
- Gedetailleerde beschrijving van het probleem
- Naam en specificaties van uw computer en grafische kaart
- Type ingangssignalen (analoog RGB/digitaal RGB) Zelfdiagnosefunctie Deze monitor heeft een zelfdiagnosefunctie. Als er een probleem is met de monitor of computer(s), wordt het scherm leeg en licht de 1 (stroom) indicator groen op. Als de 1 (stroom) indicator oranje brandt, is de stroombesparingsstand van de computer ingeschakeld. Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis. Het beeld verdwijnt en de 1 (stroom) indicator is groen
Zet de 1 (stroom) schakelaar uit en koppel de videosignaalkabels los van de monitor. 2 Zet de monitor aan door op de 1 (stroom) schakelaar te drukken. Als de vier kleurbalken verschijnen (wit, rood, groen, blauw), werkt de monitor goed. Sluit de video-ingangskabels weer aan en controleer de instelling van de computer(s). Als de vier kleurbalken niet verschijnen, kan de monitor defect zijn. Informeer de erkende Sony dealer over dit probleem. Als de 1 (stroom) indicator oranje brandt Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis. De energiespaarstand van de computer wordt uitgeschakeld en de 1 (stroom) indicator licht groen op. Het beeld verschijnt op het scherm. MENU INFORMATIE MODEL : SDM-HX93 SER. NO : 1234567 MANUFACTURED : 2003-40 VoorbeeldModelnaamSerienummerProductieweek en -jaar INPUT MENU 1 (stroom) indicator25
positief of negatief (apart horizontaal en verticaal, of composite sync) Digitaal RGB (DVI) signaal: TMDS (Single link) Audio-invoer Stereo mini-aansluiting, 0,5 Vrms Luidsprekeruitgang 3 W × 2 Hoofdtelefoonaansluiting Stereo mini-aansluiting Stroomvereisten SDM–HX73 100–240 V, 50–60 Hz, Max. 1,0 A SDM–HX93 100–240 V, 50–60 Hz, Max. 1,1 A Stroomverbruik Max. 50 W (SDM-HX73) Max. 60 W (SDM-HX93) Werkingstemperatuur 5–35
- Horizontale synchronisatiebreedte moet meer dan 4,8% van de totale horizontale tijd zijn of 0,8 µsec, afhankelijk van wat het grootst is.
- Horizontale onderdrukkingsbreedte moet meer dan 2,5 µsec zijn.
Notice-Facile