HPM20, HPM30, HPM40 GRE

HPM20, HPM30, HPM40 - Pompe à chaleur pour piscine GRE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis HPM20, HPM30, HPM40 GRE in PDF-formaat.

Page 45
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : GRE

Model : HPM20, HPM30, HPM40

Categorie : Pompe à chaleur pour piscine

Download de handleiding voor uw Pompe à chaleur pour piscine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HPM20, HPM30, HPM40 - GRE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HPM20, HPM30, HPM40 van het merk GRE.

GEBRUIKSAANWIJZING HPM20, HPM30, HPM40 GRE

B- BOMBAS DE CALOR para D WARMTEPOMP voor piscinas sobre suelo verwijderbare zwembaden

A MAARSCHUWINGEN Dit symbool geeft aan dat er Dit symbool geeft aan dat er in

informatie beschikbaar is, zoals de dit apparaat R32 wordt Bedieningshandleiding of de gebruikt, een koelmiddel met

Installatiehandleiding. lage verbrandingssnelheid.

Dit symbool geeft aan dat de

Dit symbool geeft aan dat de . persoonlijke servicedienst deze Gebruikershandleiding vooraf l apparatuur moet behandelen zorgvuldig moet worden gelezen. zoals aangegeven in de

Installatiehandleiding.

ALGEMENE WAARSCHUWINGEN

. Het negeren van de waarschuwingen kan leiden tot schade aan de zwembadinstallatie of tot ernstig letsel, en kan zelfs de dood tot gevolg hebben. . Alleen een vakman op het gebied van de betreffende technische vakgebieden (elektriciteit,

hydraulica of koeltechnieken) is bevoegd onderhoud of reparaties uit te voeren aan het apparaat. De gekwalificeerde technicus die werkzaamheden op het apparaat uitvoert, moet persoonlijke beschermingsmiddelen gebruiken / dragen (zoals een veiligheidsbril, handschoenen, etc...) om het risico op verwondingen te voorkomen tijdens werkzaamheden op het apparaat.

. Controleer véér het uitvoeren van ongeacht welke werkzaamheden of de stroom uitgeschakeld is en de toegang tot het apparaat vergrendeld is. . Dit apparaat is niet bestemd voor een gebruik door personen (inclusief kinderen) waarvan de

lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens verminderd zijn of door personen zonder enige ervaring en kennis, tenzij: — zij via een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon onder toezicht staan of van tevoren instructies hebben ontvangen betreffende het gebruik van het apparaat; — enzij de mogelijke gevaren begrijpen. . Kinderen moeten onder toezicht staan, om te voorkomen dat zij niet met het apparaat spelen.

Het apparaat moet worden geïnstalleerd volgens de instructies van de fabrikant en met respect voor de heersende lokale en nationale normen. De installateur is verantwoordelijk voor het installeren van het apparaat en de naleving van de nationale regelgeving met betrekking tot de installatie. De fabrikant kan in geen geval aansprakelijk worden gesteld wanneer de ter plaatse geldende installatienormen niet worden

. Voor alle andere tussenkomsten dan het eenvoudig gebruikersonderhoud zoals beschreven in deze handleiding, moet het product worden onderhouden door een vakman.

. Elke slechte installatie en/of verkeerd gebruik kan leiden tot ernstige materiële schade of lichamelijke letsels (die tot de dood kunnen leiden).

. Raadpleeg de garantievoorwaarden voor de gegevens van de toegelaten evenwichtsvoorwaarden van het water voor de werking van het apparaat.

. Elke deactivering, verwijdering of ontwijking van een van de ingebouwde beveiligingselementen in

het apparaat doet automatisch de garantie vervallen, evenals het gebruik van vervangende onderdelen afkomstig van een niet-geautoriseerde derde fabrikant.

. Spuit geen insecticide of andere chemische producten (al dan niet brandbaar) in de richting van het apparaat, dit kan de behuizing beschadigen en brand veroorzaken. . Raak de ventilator en de bewegende delen niet aan en houd voorwerpen en uw vingers uit de buurt

van de bewegende delen tijdens de werking van het apparaat. De bewegende delen kunnen ernstig en zelfs _43-

dodelijk letsel tot gevolg hebben. WAARSCHUWINGEN MET BETREKKING TOT ELEKTRISCHE APPARATEN

. De elektrische voeding van het apparaat moet worden beschermd door een speciale aardlekbeveiliging (RCD) van 30 mA conform de normen van het land waar het geïnstalleerd wordt. . Een aangepaste scheidingsmethode die voldoet aan alle lokale en nationale regelgeving voor

overspanning van categorie III, die alle polen van het voedingscircuit snijdt, moet worden geïnstalleerd in het voedingscircuit van het apparaat. Deze scheidingsmethode wordt niet meegeleverd met het apparaat en moet door de installateur worden geleverd.

Q Controleer véér alle werkzaamheden dat: — De spanning, aangegeven op het kenplaatje van het apparaat overeenkomt met deze van het net, — het voedingsnet geschikt is voor het gebruik van dit apparaat, en beschikt over een stopcontact met aarding, — of de stekker (indien aanwezig) is aangepast aan het stopcontact. . Een apparaat in bedrijf niet loskoppelen en opnieuw aansluiten. . Niet aan de voedingskabel trekken om deze los te koppelen. . Indien de voedingskabel beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door de fabrikant, zijn servicedienst of een gekwalificeerd technicus, om de veiligheid te garanderen. . Geen onderhoud of een servicebeurt uitvoeren aan het apparaat met vochtige handen of wanneer het apparaat vochtig is. . Alvorens het apparaat aan te sluiten op de voedingsbron verifiéren of het aansluitblok of het

stopcontact waar het apparaat op zal worden aangesloten, in goede staat verkeert en niet beschadigd of verroest is.

. Haal bij onweerachtig weer de stekker van het apparaat uit het stopcontact om te voorkomen dat dit wordt beschadigd door de bliksem.

. Dompel het apparaat niet onder in water modder ; houd de stroomonderbreker uit de buurt van water

WAARSCHUWINGEN VOOR APPARATEN DIE EEN KOELMIDDELEN BEVATTEN

. Het R32-koelmiddel is een koelmiddel van categorie A2L, dat wordt beschouwd als potentieel ontvlambaar.

. Het fluidum R32 niet afblazen in de atmosfeer. Deze vloeistof is een gefluoreerd broeikasgas, dat

valt onder het Protocol van Kyoto, met een potentiële bijdrage aan de globale opwarming (GWP) = 675 voor R32 (zie Europese reglementering EG 517/2014).

. Het apparaat moet worden opgeslagen in een goed verluchte ruimte uit de buurt van bronnen van vlammen.

. Installeer het apparaat buiten. Installeer het apparaat niet binnenshuis of in een afgesloten en niet- geventileerde ruimte buiten.

. Probeer niet op andere wijze dan deze aanbevolen door de fabrikant het ontdooi- of reinigingsproces te versnellen.

. Het apparaat moet worden opgeslagen in een ruimte zonder vonkenbron die constant in werking is (bijv. een gasapparaat of elektrische verwarming in werking).

Q Niet doorboren of verbranden.

. Merk op dat het R32-koelmiddel een geur kan verspreiden.

. Om te voldoen aan de relevante milieu- en installatienormen, in het bijzonder aan decreet nr. 2015-

1790 en / of de EU-reglementering 517/2014, moet minstens eenmaal per jaar een lektest worden uitgevoerd op het koelcircuit. Deze bewerking moet worden uitgevoerd door een gecertificeerde specialist in koelsystemen.

. Bewaar de beeldschermregelaar in een droge ruimte om te voorkomen dat de beeldschermregelaar door vocht wordt beschadigd

ONDERHOUD: WAARSCHUWINGEN VOOR APPARATEN DIE R32-KOELMIDDELEN BEVATTEN

. Tijdens de onderhoudsfase van het apparaat, dienen de samenstelling en de staat van de warmtegeleidende vloeistof gecontroleerd te worden en dienen eventuele sporen van koelvloeistof opgespoord te worden.

. Tijdens de jaarlijkse controle dient in overeenstemming met de van kracht zijnde wetgeving de afdichting van het apparaat, de juiste aansluiting van de hoge en lage drukregelaars op het koelcircuit en de onderbreking van het elektrisch circuit in geval van activering gecontroleerd te worden.

. Tijdens de onderhoudsfase dient men te controleren of er geen sporen zijn van corrosie of olievlekken rond de koelcomponenten. . De buis niet solderen of lassen als er koelmiddel in de machine zit. Laad het gas niet op in een

Controle van de zone . Bij werkzaamheden aan systemen met ontvlambare koelmiddelen zijn veiligheidscontroles noodzakelijk om het risico op vonkvorming te reduceren.

Werkprocedure . De werkzaamheden moeten worden uitgevoerd met een controleprocedure om het risico op het vrijkomen van ontvlambaar gas of damp bij de werkzaamheden te reduceren. . Voorafgaand aan welke werkzaamheden ook aan het koelcircuit, dient men het apparaat verplicht

uit te schakelen en enkele minuten te wachten alvorens temperatuur- of drukmeters aan te brengen, omdat bepaalde onderdelen, zoals de compressor en de leidingen, temperaturen van meer dan 100°C kunnen bereiken en de hoge drukken ernstige brandwonden kunnen veroorzaken.

Algemene werkzone . Alle onderhoudspersoneel en andere personen die werken in de directe omgeving moeten worden geïnformeerd over de uit te voeren werkzaamheden. Werkzaamheden in besloten ruimtes moet worden vermeden.

Controle van de aanwezigheid van koelmiddel . De zone moet véér en tijdens de werkzaamheden met behulp een geschikte koelmiddeldetector worden gecontroleerd, zodat de technicus geïnformeerd wordt over de mogelijk toxiciteit en ontvlambaarheid van de lucht. Verifieer dat de gebruikte koelmiddeldetector geschikt is voor het gebruik met de betreffende koelmiddelen, d.w.z. dat deze geen vonken kan veroorzaken, correct geïsoleerd en perfect veilig is. Aanwezigheid van een brandblusser . Als werkzaamheden bij hoge temperatuur op het koelapparaat of aanliggende onderdelen moeten worden uitgevoerd, moet een geschikte brandblusser zich binnen handbereik bevinden. Plaats een poeder- of CO2-brandblusser in de buurt van de werkzone.

Afwezigheid van een ontstekingsbron . Er mag geen enkele vonkbron worden gebruikt bij werkzaamheden aan een koelsysteem waarbij diens leidingen worden blootgelegd. Alle mogelijke bronnen van vonken, inclusief een sigaret, moeten zich op voldoende afstand bevinden van de installatiezone, reparatie, verwijdering of eliminatie wanneer koelmiddel kan vrijkomen in de omgeving. Voorafgaand aan de werkzaamheden moet de zone rond de apparatuur worden bekeken om te verzekeren dat er geen brandgevaar of gevaar voor vonken aanwezig is. Bordjes met "Niet roken” moeten worden aangebracht. Ventilatie van de zone . U moet zorgen dat de zone voldoende open en verlucht is voordat u toegang heeft tot de installatie. Tijdens het onderhoud van het apparaat moet een correcte verluchting worden aangehouden voor een veilige verspreiding van accidenteel in de lucht vrijgekomen koelmiddel.

Controle van de koelapparatuur . De aanbevelingen voor onderhoud en service van de fabrikant moeten altijd worden opgevolgd. Gebruik bij het vervangen van elektrische componenten enkel componenten die van hetzelfde type en van

de dezelfde kwaliteit zijn, zoals aanbevolen / goedgekeurd door de fabrikant. Raadpleeg bij twijfel de technische service van de fabrikant voor assistentie.

. De volgende controles moeten worden uitgevoerd op installaties die gebruik maken van ontvlambare koelmiddelen:

— de markeringen op de apparatuur moeten zichtbaar en leesbaar blijven, alle nietleesbare markeringen en signaleringen moeten worden hersteld;

— de koelmiddelleidingen of -componenten moeten zodanig worden geïnstalleerd dat het onwaarschijnlijk is dat ze worden blootgesteld aan substanties die koelmiddel bevattende componenten kunnen aantasten, behalve indien deze componenten zijn gemaakt van materialen die normaal bestand zijn tegen corrosie of daartegen afdoende zijn beschermd.

Controle van elektrische componenten

. De reparatie en het onderhoud van elektrische componenten moet in eerste instantie veiligheidscontroles en inspectieprocedures van de componenten omvatten. Als er een storing optreedt die de veiligheid in gevaar kan brengen, mag het circuit niet onderspanning worden gesteld zolang deze storing niet volledig is verholpen. Als de storing niet onmiddellijk kan worden verholpen, en de werkzaamheden moeten worden voortgezet, moet een geschikte tijdelijke oplossing worden gevonden. De eigenaar van de apparatuur moet hierover worden geïnformeerd zodat alle betrokken personen op de hoogte worden gesteld.

. De reparatie en het onderhoud van elektrische componenten moet in eerste instantie de volgende veiligheidscontroles omvatten:

— de condensatoren moeten worden ontladen: dit moet gebeuren op veilige wijzen zonder vonkvorming te veroorzaken;

— er mag geen enkele elektrische component of elektrische bedrading blootgesteld worden tijdens het laden, het herstellen of het aflaten van het systeem:;

— de aardverbinding moet continu aanwezig zijn.

Reparaties van geïsoleerde componenten

. Bij reparaties aan geïsoleerde componenten moeten alle elektrische voedingen worden ontkoppeld van de apparatuur waarop werkzaamheden worden uitgevoerd, en dit voér het verwijderen van de isolerende kappen. Als de apparatuur toch om dwingende reden tijdens de reparaties elektrisch moet worden gevoed, moet een continu werkend lekdetectieapparaat worden aangebracht op het meest kritieke punt om een mogelijk gevaarlijke situatie te signaleren.

. Er moet bijzondere aandacht worden besteed aan de volgende punten om ervoor te zorgen dat bij het werken aan elektrische componenten de behuizing niet wordt gewijzigd wat het beschermingsniveau zou kunnen aantasten. Dit moet het volgende omvatten: beschadigde kabels, een te groot aantal verbindingen, klemmen die niet voldoen aan de oorspronkelijke specificaties, een niet-correcte installatie van de kabelwartels, etc.

. Verzeker u ervan dat het apparaat correct bevestigd is.

. Controleer of de dichtingen of isolatiematerialen niet zijn aangetast zodanig dat ze niet langer het binnendringen van een explosieve atmosfeer in het circuit zouden verhinderen. De reserve-onderdelen moeten voldoen aan de specificaties van de fabrikant.

Reparatie van intrinsiek veilige componenten

. Indien een permanente elektrische inductie- of capaciteitsbelasting wordt aangebracht, moet worden gecontroleerd of deze niet de toegestane spanning en stroom van de apparatuur overschrijdt tijdens het gebruik.

. Normaal veilige componenten zijn de enige types waarbij het mogelijk is om te werken in de aanwezigheid van een ontvlambare atmosfeer wanneer deze worden gevoed. Het testapparaat moet tot de correcte klasse behoren.

. Vervang componenten alleen door onderdelen die door de fabrikant zijn gespecificeerd. Andere onderdelen kunnen het koelmiddel ontsteken bij een lek.

. Controleer of de bedrading geen slijtage, corrosie, overmatige druk, trillingen, schade door scherpe

randen of andere nadelige omgevingsinvloeden vertonen. De controle moet ook rekening houden met de

effecten van veroudering of continue trillingen veroorzaakt door bronnen zoals compressoren of ventilatoren.

Detectie van brandbaar koelmiddel Potentiéle bronnen van vonken mogen nooïit worden gebruikt voor het opsporen of detecteren van

koelmiddellekken. Een halidelamp (of een andere detector met een open vlam) mag niet worden gebruikt.

De volgende lekdetectiemethoden worden aanvaardbaar geacht voor alle koelsystemen. Elektronische lekdetectoren kunnen worden gebruikt om koelmiddellekken te detecteren, maar bij

brandbaar koelmiddel is de gevoeligheid mogelijk niet voldoende of moet de kalibratie opnieuw worden uitgevoerd. (De detectieapparatuur moet worden gekalibreerd op een plaats waar geen koelmiddel aanwezig is). Verzeker u ervan dat de detector geen potentiële vonkbron is en aangepast is aan het gebruikte koelmiddel. De lekdetectieapparatuur moet worden ingesteld op een percentage van het koelmiddel-LFL en moet worden gekalibreerd voor het gebruikte koelmiddel. Het juiste percentage gas (maximaal 25%) moet worden bevestigd.

Lekdetectievloeistoffen zijn ook geschikt voor het gebruik met de meeste koelmiddelen, het gebruik

van chloorhoudende detergent daarentegen moet worden vermeden omdat dit kan reageren met het koelmiddel en de koperen leidingen kan aantasten.

Als er een vermoeden van een lek is, moeten alle open vlammen worden verwijderd / gedoofd. Bij het detecteren van een koelmiddellek en als solderen noodzakelijk is , moet al het koelmiddel uit

het systeem worden afgelaten of geïsoleerd (met afsluitkleppen) in een deel van het systeem dat verwijderd is van het lek.

Verwijdering en afvoeren Bij toegang tot het koelmiddelcircuit om reparaties uit te voeren, of om andere redenen, moeten

conventionele procedures worden gebruikt. Bij ontvlambare koelmiddelen is het echter essentieel om de aanbevelingen op te volgen omdat rekening moet worden gehouden met de ontvlambaarheid. De volgende procedure moet worden gevolgd:

verwijder het koelmiddel; laat het circuit af met een inert gas (optioneel voor A2L); afvoeren (optioneel voor A2L); spoelen met een inert gas (optioneel voor A2L); open het circuit door afzagen of lossolderen. De koelmiddelvulling moet worden gerecupereerd in geschikte recuperatiecilinders. Bij apparaten andere ontvlambare koelmiddelen bevatten dan A2L-koelmiddelen moet het systeem worden gespoeld

met stikstofgas zonder zuurstof om de apparatuur geschikt te maken voor brandbare koelmiddelen. Het kan noodzakelijk zijn om dit proces meerdere keren te herhalen. Perslucht of zuurstofgas mogen niet worden gebruikt om koelsystemen te spoelen.

Vulprocedure Controleer dat de vacuümpompuitlaat zich niet in de buurt bevindt van een mogelijke bron van

vonken en dat er verluchting is.

Naast de conventionele vulprocedures moet aan de volgende eisen worden voldaan.

Verzeker dat er bij het gebruik van een vulsysteem geen verontreiniging mogelijk is tussen verschillende koelmiddelen. De slangen of leidingen moeten zo kort mogelijk zijn om de hoeveelheid koelmiddel die ze bevatten zo beperkt mogelijk te houden.

De cilinders moeten in de juiste positie worden gehouden conform de instructies.

Zorg ervoor dat het koelsysteem geaard is voordat het vullen met koelmiddel gebeurt.

Label het systeem na het vullen (indien dit nog niet zou zijn gedaan).

Let er vooral op het koelsysteem niet te overvullen.

Vooraleer het systeem opnieuw te vullen, moet een druktest worden uitgevoerd met het juiste

spoelgas. Het systeem moet worden gecontroleerd op lekkage na het vullen en voor de indienststelling. Voer een opvolglektest uit voordat de locatie wordt verlaten.

Ontmanteling Vooraleer een ontmantelingsprocedure uit te voeren, moet de technicus goed bekend zijn met de _47-

apparatuur en diens kenmerken. Wij bevelen sterk aan om met zorg alle koelmiddel volledig te recuperen. Voorafgaand aan het uitvoeren van deze taak moet een monster van de olie en het koelmiddel worden genomen voor het geval van een hergebruik van het gerecupereerde koelmiddel. Het is noodzakelijk om de aanwezigheid van een stroomvoorziening te controleren véér het uitvoeren van deze taak.

1. Maak u vertrouwd met de apparatuur en diens werking. 2. Isoleer het systeem elektrisch. 3. Voordat u de procedure start, moet u ervoor zorgen dat:

— er een mechanische behandelingssysteem aanwezig is als de koelmiddelcilinders moeten worden gemanipuleerd; — alle persoonlijke beschermingsmiddelen beschikbaar zijn en correct worden gebruikt; — het recuperatieprocces voortdurend wordt opgevolgd door een bevoegd persoon; — de apparatuur en de recuperatiecilinders voldoen aan de relevante normen. 4. Laat het koelsysteem af, indien mogelijk. 5. Als er geen vacuüm kan worden gecreëéerd, breng dan een opvangsysteem aan zodat het koelmiddel kan worden verwijderd vanaf verschillende punten op het systeem.

6. Zorg dat de fles op de weegschaal staat voordat u begint met de recuperatieprocedure.

7 Start de recuperatiemachine en laat deze werken conform de instructies.

8. Overvul de flessen niet (met niet meer dan 80% van het vulvolume van de vloeistof).

9. Overschrijd de maximale werkingsdruk van de cilinder niet, zelfs niet tijdelijk.

10. Wanneer de cilinders correct zijn gevuld en de procedure is voltooid, zorg er dan voor dat de

cilinders en apparatuur snel van de locatie worden verwijderd en dat de alternatieve afsluitkleppen op de apparatuur worden gesloten.

11. Het gerecupereerd koelmiddel mag niet in een ander koelsysteem worden gebruikt zonder

voorafgaand te zuiveren en te controleren. STORINGOPLOSSING . Soldeerwerkzaamheden dienen uitgevoerd te worden door erkende soldeerspecialisten. Voor de vervanging van de leidingen mag uitsluitend gebruik gemaakt worden van koperen buizen overeenkomstig de norm NF EN 12735-1. . Detectie van lekken, testen onder druk:

— _nooit droge zuurstof of lucht gebruiken, gevaar voor brand of ontploffingen,

— gedehydreerde stikstof of een mengsel van stikstof en het op het typeplaatje aangegeven koelmiddel gebruiken.

— de druk van de test aan de lage en hoge druk zijde mag niet hoger zijn dan 42 bar in het geval apparaat is voorzien van de optie manometer.

. Voor leidingen van het hogedrukcircuit uitgevoerd met een koperen buis van een diameter gelijk aan of meer dan 15/8, dient een certificaat 82.1 overeenkomstig de norm NF EN 10204 aangevraagd te worden bij de leverancier en dat aan het technisch installatiedossier toegevoegd dient te worden.

. De technische informatie met betrekking tot de veiligheidseisen van de verschillende toegepaste richtlinen staan aangegeven op het typeplaatje. Al deze informatie dient geregistreerd te worden in de installatiehandleiding van het toestel die deel uit dient te maken van het technische installatiedossier: model, code, serienummer, max. en min. TS, PS, fabricatiejaar, CE-markering, adres van de fabrikant, koelvloeistof en gewicht, elektrische instellingen, thermodynamische en akoestische prestaties.

LABELING . De apparatuur moet worden geëtiketteerd om aan te geven dat deze buiten gebruik is gesteld en dat het koelmiddel is afgelaten. . Het label moet worden gedateerd en ondertekend. . Let er bij apparaten die een ontvlambaar koelmiddel bevatten op dat etiketten op het apparaat zijn aangebracht die aangeven dat het ontvlambaar koelmiddel bevat. RECUPERATIE . Tijdens het aflaten van koelmiddel voor onderhoud of buitenbedrijfstelling wordt aanbevolen om de goede praktijken op te volgen voor het veilig en volledig aflaten van koelmiddel. . Gebruik bij het overbrengen van koelmiddel naar de cilinder een recuperatiecilinder geschikt voor

het koelmiddel. Verzeker u ervan dat u over het juiste aantal cilinders beschikt om de vloeistof volledig te recupereren. Alle gebruikte cilinders moeten ontworpen zijn voor het recuperen van koelmiddel en moeten een etiket dragen voor het betreffende koelmiddel. De cilinders moeten uitgerust zijn met een vacuümklep en beschikken over afsluitkleppen die goed werken. De lege recuperatiecilinders worden leeggezogen en, indien mogelijk, gekoeld véér het recuperatieproces.

. De recuperatie-apparatuur moet in goede werkingsstaat verkeren, de gebruiksaanwijzing van de apparatuur moet binnen handbereik zijn en de apparatuur moet geschikt zijn voor het koelmiddel, indien van toepassing, evenals voor ontvlambaar koelmiddel. Daarnaast moet een set gekalibreerde weegschalen beschikbaar zijn. Deze moeten in goede werkingsstaat verkeren. De slangen moeten volledig zijn, mogen geen lekken of losse verbindingen hebben, en moeten in goede staat zijn. Controleer voordat u de recuperatiemachine gebruikt of deze in goede staat verkeert, en goed is onderhouden en of de bijbehorende elektrische componenten dicht zijn om te voorkomen dat er brand ontstaat bij het vrijkomen van koelmiddel. Raadpleeg bij twijfel de fabrikant.

. Het gerecupereerde koelmiddel moet worden teruggestuurd naar de koelmiddelleverancier in een recuperatiecilinder, met een afvaloverdrachtsbrief Meng geen verschillende koelmiddelen in de recuperatiesystemen, en vooral niet in de cilinders.

. Na het demonteren van de compressor of het aflaten van de compressorolie, controleren of het koelmiddel volledig is verwijderd om te vermijden dat het zich met het smeermiddel zou mengen. Het aflaatproces moet worden uitgevoerd voordat de compressor naar de leverancier wordt terug gestuurd. Enkel de elektrische verwarming van het compressorlichaam kan worden gebruikt om dit proces te versnellen. Het aflaten van de vloeistoffen in een systeem moet op volledig veilige wijze gebeuren.

RECYCLING Dit symbool wordt opgelegd door de Europese AEEA-richtlijn 2012/19/EU (richtlijn betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur) en betekent dat uw apparaat niet met het huisvuil mag worden weggegooid. Dit moet selectief worden verwerkt voor hergebruik, recyclage of herstelling. Als het apparaat mogelijk milieugevaarlijke stoffen bevat, dan moeten deze verwijderd of geneutraliseerd orden. Vraag uw dealer om informatie over de wijze van recycling.

MINI HEATER Gebruik en Onderhoud gebruiksaanwijzing

4. Installatie en aansluiting

Dank u voor het gebruiken van de GRE zwembad warmtepomp voor uw zwembad verwarming, het zal uw zwembadwater verwarmen en het op een constante temperatuur houden wanneer de omgevingstemperatuur boven 12 C is.

À LET OP: Deze gebruiksaanwijzing bevat alle benodigde informatie voor het gebruik en de installatie van

De installateur moet de gebruiksaanwijzing lezen en de instructies zorgvuldig volgen bij plaatsing en] onderhoud.

De installateur is verantwoordelijk voor de installatie van het product en moet alle instructies opvolgen van da fabrikant en de regels in toepassing. Verkeerde installatie niet volgens de gebruiksaanwijzing heeft uitsluiting van de gehele garantie tot gevolg.

De fabrikant verwerpt elke verantwoordelijkheid voor de schade veroorzaakt door de mensen, objecten en of de fouten wegens de installatie die niet de aanwijzing van de gebruiksaanwijzing volgen. Elk gebruik zonder

bevestiging bij het begin van de fabricatie zal beschouwd worden als gevaarlijk.

CE Standard, gas R32.

Model HPM20 HPM30 HPM40 Code 71245 71258 71606 * Optreden bij luchttemperatuur 28°C, watertemperatuur 28°C, luchtvochtigheid 80%

erwarmingscapaciteit(kW/) 2.5 4.2 5.5 Stroomverbruik (kW) 0.59 1 1.31 cop 42 42 42 * Capaciteit bij luchttemperatuur 15°C, watertemperatuur 26°C, luchtvochtigheid 70% Koel capaciteit (kW) 1.9 3.2 4.2 Stroomverbruik (kW) 0.56 0.91 1.2 [COP 3.4 3.5 3.5 * Algemene data

oltage (V) 220-240V50Hz/1PH [Werk stroom (A) 2.6 44 5.8 Zekering(A) 7.5 10 16 Maximaal zwembadvolume ** (m°) <20 <30 <40 Geadviseerd flow(m3/h) 2 2 2.5 Maximale / minimale werkdruk (Mpa) 4.2/0.05 Maximum drukverlies (Kpa) 15 15 15 Warmtewisselaar Titanium warmtewisselaar Beschermingsklasse IPX4 JAansluitingen (mm) 38/32

entilator snelheid (rpm) 2500 1100 1100 Geluidsniveau 10m 48 dB(A) 46 dB(A) 46 dB(A) Geluidsniveau 1m 57 dB(A) 55 dB(A) 55 dB(A) [Mype koeling (R32) 160g 290g 400g * Afmetingen/ Gewicht Netto gewicht (kg) 18 26 30 transport gewicht (kg) 19 28.5 33 Netto afmetingen (mm) 313*364.5*428.5 |435*436.5*511.5| 515*487*541.5 [Transport afmetingen (mm) 380*455*500 496*525*575 570*570*605

*Bovenstaande gegevens zijn onderhevig aan modificatie zonder opgave. ** Kijk op onze verpakking of website voor meer details.

2.1 Levering van de verpakking

Voor het transport worden de warmtepompen op de pallet bevestigd en afgedekt met een kartonnen doos. Om schade te voorkomen, moet de warmtepomp op de verpakking worden overgebracht.

Al het materiaal, zelfs als het transport ten laste van de leverancier komt, kan tijdens de routering bij de klant worden beschadigd en het is de verantwoordelijkheid van de geadresseerde om te zorgen voor de correspondentie van de levering.

De geadresseerde moet bij levering alle opmerkingen noteren op de leveringsbon van de vervoerder als er schade is aan de verpakking. VERGEET NIET TE BEVESTIGEN DOOR GEREGISTREERDE BRIEF AAN DE VERVOERDER BINNEN 48 UUR.

* Het magazijn moet licht, ruim, open, goed geventileerd zijn, ventilatie-apparatuur hebben en geen vuurbron.

* Warmtepomp moet worden opgeslagen en in verticale positie in de originele verpakking worden overgedragen. Als dit niet het geval is, kan deze niet meteen worden gebruikt; een minimale periode van 24 uur is nodig voordat de elektrische stroom wordt ingeschakeld.

2.3 Transport naar de eindbestemming

*Tijdens het uitpakken van het product en de overdracht van het oorspronkelijke pallet naar de eindbestemmimg, is het noodzakelijk om de verticale positie van de warmtepomp te handhaven.

* Roken en het gebruik van vlammen zijn verboden in de buurt van de R32-machine.

*De wateraansluiting is niet bedoeld om de warmtepomp te fixeren en is geen vervanging van de vloerbevestiging. Integendeel, het gewicht van de warmtepomp kan de leidingen en het product beschadigen. De fabrikant is niet verantwoordelijk in geval van schade.

4. Installatie en aansluiting

Volg alstublieft de volgende regels wanneer u de warmtepomp installeert: 1.Elke toevoeging van chemicaliën moet plaatsvinden in de buizen gelokaliseerd na de warmtepomp.

2.Houdt de hele warmtepomp altijd recht . Als het apparaat in een diagonale positie was gehouden, wacht tenminste 24 uren met het starten van de warmtepomp.

4.1 Warmtepomp plaatsing

Het apparaat zal goed werken in elke gewenste locatie zolang de volgende drie onderdelen aanwezig zijn:

1. Frisse lucht — 2.Elektriciteit — 3.Zwembadfilters

Het apparaat mag worden geïnstalleerd in virtueel elke buiten locatie zolang als de gespecificeerde minimumafstanden met andere objecten wordt aangehouden (zie tekening hieronder). Raadpleeg alstublieft uw installateur voor installatie met een zwembad binnenshuis. Installatie in een locatie met veel wind is helemaal geen probleem, wel in de situatie met een gasverwarming (inclusief waakvlam problemen).

ATTENTIE: Installeer het apparaat nooit in een afgesloten ruimte met een gelimiteerde luchthoeveelheid in waarde lucht uitgestoten door het apparaat weer hergebruikt wordt, of nabij bosschage dat de luchtinlaat kan blokkeren. Zulke locaties verhinderen de continueuze levering van frisse lucht, wat resulteert in een

gereduceerde efficiencie en mogelijk voldoende warmte afgifte tegengaat.

4.2 Initiéle werking

Opmerking: Om het water in het zwembad (of de hot tub) te verwarmen, moet de filterpomp draaien om het water door de warmtepomp te laten circuleren. Als het water er niet doorheen stroomt, zal de warmtepomp de oververhittingsbeveiliging activeren en een uitschakeling veroorzaken.

4.3 Slangaansluiting

De fabriek levert alleen de warmtepomp. Alle andere componenten, inclusief twee slangen, moeten door de gebruiker of de installateur worden geleverd.

4.4 Elektrische verbinding

Voor het aansluiten van het apparaat, verifiéer dat het stroomvoltage overeenkomt met het werk voltage van de warmtepomp.

De RCD-stekker is meegeleverd met een voedingskabel die een elektrische bescherming kan bieden. De testknop is om de capaciteit van de stroomonderbreker te controleren.

Zorg ervoor dat de stekker stevig

Als de stekker niet goed vastzit, kan dit een elektrische schok,

oververhitting of brand

Trek nooit de stekker uit het

stopcontact tijdens gebruik

Anders kan dit een elektrische schok of brand veroorzaken als gevolg van

Gebruik nooit beschadigde elektrische draden of niet-gespecificeerde elektrische draden.

Anders kan dit een elektrische

Nadat alle verbindingen gemaakt zijn en gecontroleerd, voer dan de volgende procedure uit: 1.Zet de filter pomp aan. Controleer op lekkage en verifieer dat het water stroomt van en naar het zwembad.

2.Sluit de stroom aan de waterpomp aan en druk op de aan/uit knop op het elektronische controlepaneel. Het apparaat zou opstarten nadat de tijdvertraging voorbij is (zie onder).

3.Na een paar minuten, controleer of de lucht die uit het apparaat komt koeler is.

4.Wanneer de filterpomp uitgezet wordt, moet het apparaat ook automatisch afslaan, wanneer niet, stel dan de doorvoer schakelaar bij.

5. Laat de warmtepomp en de filterpomp 24 uren per dag lopen totdat de gewenste watertemperatuur is bereikt. De warmtepomp zal op dit punt stoppen. Hierna, zal het automatisch herstarten (zolang als de filterpomp loopt) wanneer de watertemperatuur van het zwembad 2 graden daalt onder de ingestelde temperatuur.

Afhankelijk van de initiële temperatuur van het water in het zwembad en de luchttemperatuur, kan het verscheidene dagen duren om het water te verwarmen tot de gewenste temperatuur. Een goede zwembad afdekking kan de benodigde lengte van tijd dramatisch inkorten. Tijdvertraging - De warmtepomp heeft een ingebouwde 3-minuten opstart vertraging om het circuit te beschermen en excessief contact verval te voorkomen. Het apparaat zal automatisch herstarten nadat deze tijdvertraging afloopt. Zelfs een korte stroomonderbreking zal deze tijdvertraging starten en voorkomen dat het apparaat onmiddellijk herstart. Meerdere stroomonderbrekingen tijdens deze vertraging periode hebben geen effect op de 3-minuten periode van de vertraging.

4.5 Condensatie De lucht aangetrokken door de warmtepomp wordt sterk gekoeld door de werking van de warmtepomp om

het water van het zwembad te verwarmen, wat condensatie kan veroorzaken op de bladen van de verdamper. De hoeveelheid condensatie kan zoveel zijn als verscheidene liters per uur bij hoge relatieve vochtigheid. Dit is soms foutief beschouwd als een water lekkage.

\3-MNDLTO0S KL OPMERKING:

(1) Bovenstaande elektrisch bedrading schema is alleen ter referentie, onderwerp alstublieft de machine volgens het bedradingschema.

(2) De zwembad warmtepomp moet ook verbonden worden met een aarding draad, alhoewel de warmtewisselaar van het apparaat elektrisch geïsoleerd is van de rest van het apparaat. Het aarden van het apparaat is nog steeds nodig om u te beschermen tegen kortsluitingen in het apparaat. Verbinding is ook nodig.

Afsluiting: Een afsluiting betekent (circuit onderbreken, gezekerde of niet-gezekerde schakelaar) moet geplaatst worden binnen het zicht en of direct bereikbaar vanaf het apparaat. Dit is normaal gebruik op commerciële en residentiële warmtepompen. Het voorkomt het op afstand aan zetten van het apparaat en staat het afsluiten van de stroom van het apparaat toe terwijl het apparaat wordt nagekeken.

6. Scherm bediening systeem

6.1 De knoppen van de LED draad bediening

Wanneer de warmtepomp aan is, toont het LED scherm de invoer watertemperatuur. LED 1 brandt als de compressor draait. LED 2 brandt als er problemen zijn.

6.2 Start of stop dewarmtepomp

Druk op om het warmtepomp apparaat te starten, het LED scherm toont de gewenste watertemperatuur

voor 5 seconden, dan toont het de invoer watertemperatuur.

Druk op om het waterpomp apparaat stop tezetten.

6.3 Watertemperatuur instelling

Druk op en om de gewenste watertemperatuur in te stellen (bereik:.10—42C)

en om de nieuwe gegevens op te slaan.

Opmerking ; de warmtepomp kan alleen werken als het water circulatie/filtratie systeem draait.

6.4 Hoe de parameters tecontroleren

Druk op Fey het zal de parametercontrole binnengaan, druk op en om de code d0 /d1te

kiezen, Druk op ,het zal de gemeten waarde tonen. Tenslotte druk op

verlaten. Code Parameter do Omgevingstemperatuur di Water temperatuur

het kan de parameterdata niet instellen door eindgebruikers.

Storing Fout Reden Oplossing code : 1. Wacht tot de 1. De omgevingstemperatuur A " Bescherming tegen te lage is lager dan 12 C omgevingstemperatuur stijgttot omgevingstemperatuur PO . 13 C testarten. 2. Controller mislukt. 2. Vervang de nieuwe controller. Fout in de pl Watertemperatuursensor Vervang de nieuwe watertemperatuursensor open circuit of kortsluiting. watertemperatuursensor. Uitval van de k : . Omgevingstemperatuursensor | Vervang de nieuwe omgevingstemperatuursen P2 . H à open circuit of kortsluiting. omgevingstemperatuursensor. sor 1. Lage drukschakelaar Het moet worden gerepareerd Lage druk bescherming EL losgekoppeld ofdefect.

door de professionele technici.

7.2 Andere fouten en oplossingen (Geen verschijning op LED draad controller)

Warmtepo mp werkt niet

LED draadcontroller geen verschijning.

Geen stroomvoorziening

Controleer stroomkabel en groep in de meterkast.

LED draad controller toont de actuele watertemperatuur.

1. Watertemperatuur bereikte ingestelde waarde, HP onder constante temperatuur status.

2. Warmtepomp begint net te lopen.

1. Controleer watertemperatuur instelling. 2. Start warmtepomp na een paar minuten.

LED toont actuele watertemperatuur, er verschijnt geen fout code.

1. Ventilator draait NIET. 2. Luchtventilator hij is niet genoeg.

3. Niet genoeg koelmiddel.

1. Controleer de kabelverbindingen tussen de motor en ventilator, wanneer nodig, moet het vervangen worden.

2. Controleerlocatie van het warmtepomp apparaat, en elimineer alle obstakels om een goede luchtventilatie mogelijk te maken.

3. Vervang of repareer

het warmtepomp apparaat.

2. Controleer de titanium warmtewisselaar zorgvuldig of het defect is.

No lOnderdeel HPM20 | No Onderdeel HPM20

(1) U moet het water voorziening systeem regelmatig controleren om te voorkomen dat lucht het systeem binnentreedt en lage water doorvoer voorkomen, omdat het de prestaties en

betrouwbaarheid van het HP apparaat kanverminderen.

(2) Reinig uw zwembaden en filter systeem regelmatig om schade aan het apparaat te vermijden

als een resultaat van eenvuil of verstopt filter.

(3) Laat het water in de warmtepomp altijd leeglopen in de winter of wanneer de omgevingstemperatuur onder 0 ‘C daalt, anders zal de titaniumwisselaar beschadigd raken door bevriezing. In dat geval vervalt uw garantie.

(4) In omgekeerde manier, moet u controleren dat het apparaat volledig met water gevuld is

voordat u het apparaat weer opnieuw opstart.

(5) Wanneer het apparaat werkt, is er de gehele tijd een klein water verlies onder het apparaat.

Q La garanzia non copre i casi in cui il Prodotto: (1) sia stato oggetto di un uso non corretto; (Il) sia stato riparato, manipolato o la manutenzione sia stata effettuata da una persona non autorizzata o (Ill) sia stato riparato o la manutenzione sia stata effettuata con pezzi non original. Qualora il difetto di conformità del Prodotto sia conseguenza di una installazione o messa in marcia non corretta, la presente garanzia risponderà solo nel caso in cui la suddetta installazione o messa in marcia sia compresa nel contratto di compravendita del Prodotto e sia stata realizzata dal venditore o sotto la suaresponsabilità.

NL - GARANTIECERTIFIKAAT 1 ALGEMENE ASPEKTEN Q In overeenkomst met de voorliggende bepalingen wordt door de verkoper gegarandeerd dat het produkt verkocht onder deze garantie (“het Produkt”) geen enkel defekt vertoont op het moment vanlevering. Q De Garantieperiode voor het Produkt bedraagt twee (2) jaar en is geldig vanaf het moment dat het Produkt aan de koper geleverd wordt. Q Indien er zich een defekt aan het Produkt zou voordoen en de koper dit zou mededelen aan de verkoper gedurende de geldige Garantieperiode, dan zal de verkoper het Produkt repareren of laten repareren op zijn eigen kosten alwaar de verkoper dit geschikt zou achten, behalve in het geval dat dit onmogelijk of buitensporig zou zijn. 1.4indien het Produkt niet gerepareerd of vervangen kan worden, dan kan de koper na verhouding prijsreduktie aanvragen, of, indien het defekt belangrijk genoeg is, de ontbinding van het verkoopcontractaanvragen. Q Die delen van het Produkt die onder deze Garantie vervangen of gerepareerd zijn, kunnen de duur van de Garantieperiode voor het oorspronkelijke Produkt niet verlengen, maar zullen beschikken over een eigen garantie. Q Voor de toepassing van deze garantie moet de koper de aankoopdatum en de levering van het Produkt kunnen aantonen. Q Indien er meer dan zes maanden verlopen zijn sinds de levering van het Produkt aan de koper, en deze plotseling aangeeft dat het Produkt niet aan de eisen voldoet, dan zal de koper de oorsprong en het bestaan van de volgens hem bestaande defekten moeten kunnen aantonen. Q Dit Garantiecertifikaat beperkt of veroordeelt niet bij voorbaat de rechten die de gebruikers hebben en die gebaseerd zijn op nationale normen.

2BIJZONDERE VOORWAARDEN Q Deze garantie dekt de produkten waarnaar deze handleiding verwijst.

Q Het huidige Garantiecertifikaat is slechts van toepassing in landen van de Europese Unie.

Q Voor de toepassing van deze garantie en in geval deze garantie van toepassing is al naar gelang de serie en

het model van het Produkt, moet de koper de aanwijzingen van de Fabrikant in de documenten die bij het Produkt bijgesloten zijn, strikt opvolgen.

Q Indien er een tijdsperiode vastgesteld wordt voor de vervanging, het onderhoud of het reinigen van verschillende delen of onderdelen van het Produkt, dan is de garantie alleen geldig in geval deze tijdsperiode strikt aangehouden is.

3BEPERKINGEN Q De huidige garantie is uitsluitend geldig bij verkoop aan gebruikers, waarbij onder “gebruiker” verstaan wordt een persoon die het Produkt aanschaft met een doel dat niet binnen het gebied van zijn professionele activiteiten valt.

+ _ Er bestaat geen garantie in verband met normale slijtage bij gebruik van het Produkt. Wat betreft de delen, componenten en/of vervangbare of verbruiksmaterialen zoals batterijen, gloeilampen, enz. zal men zich moeten richten naar hetgeen in de documenten staat die het Produktvergezellen.

. De garantie dekt niet de gevallen waarbij het Produkt (i) onderhevig is geweest aan ongepast gebruik, (ii) gerepareerd, onderhouden of gemanipuleerd is door een persoon die daarvoor geen toestemming heeft, of (iii) gerepareerd of onderhouden is met niet oorspronkelijke onderdelen. Indien het defekt van het Produkt het gevolg is van een incorrecte installering of ingebruikneming, dan is deze garantie slechts van toepassing indien de installering of ingebruikneming in kwestie in het contract van koop en verkoop van het produkt opgenomen is en door de verkoper of onder diens verantwoording uitgevoerd is.

il contenuto di questo documento senza nessun preawviso

Wij behouden ons het recht voor geheel of gedeeltelijk de kenmerken van onze artikelen of de inhoud van

deze handleiding zonder voorafgaand bericht te wijzigen

Reservamo-nos o direito de alterar, total ou parcialmente, as caracteristicas dos nossos artigos ou o conteüdo deste documento sem aviso prévio.