MMT330 - Temperatuur- en vochtigheidssonde VAISALA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MMT330 VAISALA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Temperatuur- en vochtigheidssonde in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MMT330 - VAISALA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MMT330 van het merk VAISALA.
GEBRUIKSAANWIJZING MMT330 VAISALA
Over deze beknopte handleiding gas. Zelfs een klein temperatuurverschil tussen de omgeving en de meetopnemer kan een fout van enkele procentpunten opleveren voor de RV-waarde. Deze handleiding helpt u bij de installatie van de Vaisala HUMICAP® Vochtigheiden temperatuurmeter HMT330-serie, de Vaisala DRYCAP® Dauwpunt- en temperatuurmeter DMT340-serie en de Vaisala HUMICAP® Vocht- en temperatuurmeter-serie voor olie, de MMT330. Raadpleeg de desbetreffende gebruikershandleidingen voor gedetailleerde gebruiksinstructies bij de producten. De meetopnemer met een kabel verbinden Belangrijk Meten van het dauwpunt Verbind de meetopnemer met een kabel en zorg ervoor dat de sensorkop horizontaal of verticaal gemonteerd is. Zo kan eventueel condenswater op de buis niet op de sensor terechtkomen. Als u de meetopnemer in een ruimte met een hogere Temperatuur dan de omliggende omgeving plaatst, moet u er altijd voor zorgen dat u het ingangspunt zorgvuldig isoleert. Laat de kabel ook enigszins doorhangen, om te voorkomen dat condenswater langs de kabel op de sensorkop terechtkomt. - Indien een monsternemingssysteem wordt gebouwd in plaats van een directe meetopnemer te installeren, moet het systeem in elk geval lekdicht zijn. Roestvrij staal is het aanbevolen materiaal voor de bouw van zo'n monsternemingssystemen. Bij dauwpunten tot -40°C / -40°F kan ook PTFE gebruikt worden. 0507-024 - Het dauwpunt is een drukafhankelijke parameter. De druk op de sensor moet tevens de werkelijke procesdruk zijn. De temperatuur is niet van doorslaggevend belang, zolang deze maar boven het procesdauwpunt ligt, zodat geen condensatie ontstaat. Meten van de relatieve vochtigheid Wanneer u de vochtigheid meet, is het van het grootste belang dat de meetopnemer dezelfde temperatuur heeft als het gemeten Afbeelding 1 De sensorkop horizontaal monteren De cijfers verwijzen naar afbeelding 1 hierboven.
Verzegelen. Isoleren. Isoleer de kabel. Laat de kabel enigszins doorhangen. Op die manier loopt geen condenswater langs de kabel op de sensorkop. - Raadpleeg de gebruikershandleidingen voor verdere installatie-instructies voor meetopnemers met een kabel en voor andere installatiemogelijkheden. VAISALA _______________________________________________________________________ 23
Meten van vocht in olie - Voer de meting uit op een locatie die representatief is voor uw gehele oliesysteem (bijvoorbeeld een aanvoerleiding of retourleiding met hoge doorstroomsnelheid naar het reservoir). De sensor geeft uitsluitend de waarden van de vloeistof waarmee deze in contact staat. Standaardinstallatie transmitterbehuizing Maak de behuizing vast door de transmitter met 4 schroeven, bijvoorbeeld M6 (niet meegeleverd) aan de wand te bevestigen. Raadpleeg de gebruikershandleidingen voor het gebruik van de optionele montageplaten. - Meet niet op plaatsen waar zich water kan verzamelen, zoals op de bodem van oliereservoirs en in bochten van een pijpleiding. Vermijd ook zones waar zich veel luchtbellen kunnen vormen door de turbulentie van pompen of roerinrichtingen. 0510-026 Afbeelding 2 Standaardmontage Werking 0503-023 Afbeelding 3 Binnenkant van de transmitter De cijfers verwijzen naar de afbeelding hierboven.
Servicepoort (RS-232) DIP-schakelaars voor analoge-uitgangsinstellingen Stroomtoevoer en schroefaansluitingen voor signaalbedrading Relais-/RS-485 module (optioneel) Aardverbinding Stroomtoevoermodule (optioneel) Relaismodule/derde analoge-outputmodule (optioneel) Meetopnemer Output-isolatiemodule/DC-DC converter (optioneel) Instelknoppen met indicatorled 24 __________________________________________________________________ M210742EN-A
Voor stroomverbindingen en analoge/seriële verbindingen wordt één elektriciteitskabel met een afscherming en drie tot tien draden aanbevolen. De kabel moet een diameter van 8...11 mm hebben. Het aantal kabeldoorvoeren hangt af van de transmitteropties. Zorg voor een goede aarding van de afscherming van de elektriciteitskabel om optimale EMCprestaties te bereiken. Snijd de kabelmantel af tot op de gewenste lengte. Snijd het vlechtwerk of de folie van de afscherming af op afmeting X (zie afbeelding 2). Duw de hoge kopmoer (item 1) en de afdichting met contactbus van het drukstuk (item 2+3) op de kabel zoals afgebeeld in het schema. Buig het vlechtwerk of de folie van de afscherming over ongeveer 90° (item 4). Duw de afdichting met de contactbus van het drukstuk (item 2+3) tot aan het vlechtwerk of de folie van de afscherming. Maak het onderste gedeelte (item 5) vast aan de behuizing. Duw de afdichting met de contactbus van het drukstuk (item 2+3) gelijk met het onderste gedeelte (item 5). 0504-049 Draai de hoge kopmoer (item 1) op Afbeelding 4 De afscherming van de het onderste gedeelte (item 5). elektriciteitskabel aarden Als u voor de aansluiting gebruikmaakt van een 24-VAC stroomtoevoer, verdient het aanbeveling voor elke transmitter een afzonderlijke zwevende toevoer te gebruiken. WAARSCHUWING De AC-(net)stroomverbinding mag alleen door een erkende installateur aan de stroomtoevoermodule worden gekoppeld. WAARSCHUWING Verbind alleen draden die niet onder spanning staan. LET OP Wanneer u slechts één AC-toevoer heeft, verbind dan nooit dezelfde draad met de + connector van een meetopnemer en met de – connector van een andere transmitter. Dat veroorzaakt kortsluiting in de transformator. VAISALA _______________________________________________________________________ 25
Opstartprocedure - Enkele seconden na het aanzetten van de transmitter gaat de led aan de bovenzijde van de transmitter continu branden, ten teken dat de transmitter normaal werkt. Wanneer de transmitter met display voor het eerst wordt aangezet, wordt het taalkeuzevenster geopend. - Selecteer de taal met de en druk op SELECT. pijltoetsen 0511-114 Afbeelding 5 Taalkeuzemenu - De druk heeft invloed op de vochtigheidsberekeningen en de nauwkeurigheid. Om nauwkeurige berekeningen te verkrijgen, moet dan ook rekening worden gehouden met de procesdruk. Onderhoud
Wanneer het meetinstrument uit de fabriek wordt verzonden, is deze volledig gekalibreerd en afgesteld. - Als u reden heeft om aan te nemen dat het toestel niet langer voldoet aan de nauwkeurigheidsspecificaties, moet het toestel worden gekalibreerd. Kalibratie en aanpassingen kunnen uitgevoerd worden in de Vaisala Service Centers of door de gebruiker zelf. SERVICECENTRUM NOORD-AMERIKA, telefoon: +1 781 933 4500 SERVICECENTRUM EUROPA, telefoon: +358 9 8949 2658 SERVICECENTRUM TOKIO, telefoon: +81 3 3266 9617 SERVICECENTRUM PEKING, telefoon: +86 108526 1199 www.vaisala.com - De DMT340 heeft ongeveer 6 minuten nodig om te starten als gevolg van een zelfdiagnoseprocedure. Tijdens die procedure worden de uitgangssignalen geblokkeerd. 26 __________________________________________________________________ M210742EN-A
Notice-Facile