KH 3236 MULTI-DETECTOR - Metaaldetector POWERFIX - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KH 3236 MULTI-DETECTOR POWERFIX in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over KH 3236 MULTI-DETECTOR POWERFIX
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Metaaldetector in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KH 3236 MULTI-DETECTOR - POWERFIX en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KH 3236 MULTI-DETECTOR van het merk POWERFIX.
GEBRUIKSAANWIJZING KH 3236 MULTI-DETECTOR POWERFIX
Gebruik in overeenstemming met bestemming 38
Veiligheidsvoorschriften 38
Technische gegevens 40
Apparaatbeschrijving 40
Inhoud van de verpakking 40
Uitpakken 40
Batterijenplaatsen 41
Meten van afstanden 41
Meten van oppervlakten 43
Meten van volumen 44
Opsporen van afgedekte objecten 44
Lasermarkering 46
Batterij-indicator 47
Opbergen en reinigen 47
Milieurrichtlijnen 47
Importeur/Service 48
Gebruik in overeenstemming met bestemming
De multetime-detector met laser is ontwikkeld voor het bepalen van de positie van elektrische leidingen, objecten van metaal en hout, voor het projecteren van laserlijnen, voor het berekenen van oppervlakten en volumen, alsmede voor het meten van afstanden. Dit apparaat is alleen bedoeld voor privédoeleinden. Gebruik het apparaat derhalve Niet bedrijsmatig. Een ander of verdergaand gebruik geldt als Niet in overeenstemming met de bestemming en kan tot beschadigingen en letsel leiden. Voor schade door manipulatie aan de laserinrichting, evenals aan de ultrasone zender/ontvanger en in geval de veiligheidsinstrumenties Niet worden opgevolgd is de fabrikant Niet aansprakelijk.
Veiligheidsvoorschriften
Optimaal en veilig werkken met de multidetector is alleen dan möglichk, als u de gebruiksaanwijzing en de veiligheidsinstructies volledig leest en de aanwijzingen die zich daarin bevinden strikt nakomt.
Letselgevaar!
- Gebruik het apparaat Niet opplaatsen waar brandgevaar of explosiegevaar bestaat, zoals bijvoorbeeld in de buurt van brandbare vloeistoffen of gassen.
- Dit apparaat is Niet bedoeld voor gebruik door Personen (met inbegrip van kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijkke vermogens of met gebrek aan ervaring en/of gebrek aan kennis, tenzij ze onder toezicht staan van een voor hun veiligheid verantwoordelijkke persoon of van die persoon aanwijzingen krijgen voor het gebruik van het apparaat.
- Bij kinderen is supervisie noodzakelijk om er voor te zorgen dat ze Niet met het apparaat spelen.
- Ga voorzichtig met de klemnaalden om. Deze zijn zeer spits en+kunnen tot verwondingen leiden.
Waarschuwing voor beschadiging aan het apparaat!
Stel het apparaat Niet bloot aan regen. Gebruik het apparaat Niet in een vochtige of natte omgeving.
- Plaats geen met vloeistof gezulde voorwerpen, zoals vazen op het apparaat.
- Plaats geen open vuurbronnen, zoals bijvoorbeeld kaarsen, op het apparaat.


Het apparaat bevat een laser van Klasse 2. Richt de laser nicht op Personen of dieren. Kijk Niet in de laser. De laser kan oogschade veroorzaken.
- Richt de laserstraal Niet op sterk reflecterende materialen. Gevaar door reflecterend Licht.
- Gebruik het apparaat Niet om wisselspanning in blootligende resp. Niet geisoleerde leidingen op te sporen.
- Gebruik het apparaat Niet als verwangting voor een voltmeter.
Aanwijzingen over onjuiste meetresultaten
Het apparaat herkent Niet altijd alle buizen en leidingen.
De volgende omstandigheden können onnauwkeurige resultaten veroorzaken:
- zeerDICke wanden
- zwakke batterijen
- diepliggende leidingen of buizen
- afgeschermde kabel
- ditke wanden met dunne buizen of leidingen
-
wanden die bekleed zich met metaal
-zeervochtigeomstandigheden -
Met dit apparaat hunnen geen leidingen worden opgespoord in stroomkringen, die van de netspanning zijn geisoleerd.
-
waardoor gelijkstroom stroomt.
-
die voor computer- of telecommunicatiesystemen worden gebruikt.
-
Met dit apparaat+kunnen geen kunststof buizen worden opgespoord, alleen metalen buizen.
Behandeling van de batterijen:
- Door lekkende batterijen kan het apparaat beschadigd raken.
Neem de batterijen uit wanneer u het apparaat langereijd Niet gebruikt. - Trek, als de batterijenlekken, veiligheidshandschoenen aan en maak het batterijvak met een droge doek schoon.
- Houd batterijen uit de buurt van kinderen. Kinderen können batterijen in de mond stoppen en inslikken. Ga onmiddelijk maar een arts als een batterij verwerd ingeslikt.
Afstandsmeter met behulp van ultrasoontrilling
Opspon van: stroomleidingen, metaal, hout
Laserklasse: 2
Max. uitgangsvermogen (P.max): < 1 mW
Golfengte (λ): 650 nm volgens EN60825-1:2007
Voeding: 9V-blokbatterij
Apparaatbeschrijving
1 Meetpunt
2 Display
3 Materialaalschakelaar (STUD/AC WIRE/METAL)
Toets MODE
5 Toets klemnaald
6 Toets READ
7 Toets M (Memory)
Luchtbelwaterpas
9 Laser uitschakelen
10 Ultrasonische zender/ontvanger
1) Functieschakelaar (LASER/DETECTOR/DISTANCE)
Toets RM (Read Memory)
Toets klemnaald
14 Toets + / =
15 Batterijyak
Toets PUSH
Inhoud van de verpakking
Multidetector
9V-blokbatterij
- Gebruiksaanwijzing
Uitpakken
Haal de multieetdetector uit de verpakking. Verwijder alle transportbeveiligingen en verpakkingsmaterialen. Verwijder de beschemfolie van het display ②.
- Open het batterijvak 15 aan de achterkant van de multetime-detector.
- Steek de 9V-blokbatterij op de contactpunten. Let op de juiste polariteit (_ + " op ^ + ^ en ^ - ^ op ^ - ^
- Plaats de band voor het eruit halen van de batterij onder de 9V-blokbatterij en druk de batterij in het batterijvak 15.

Let op!
Dat de kabels nicht bekneld raken.
Dit leidt tot onherstelbare schade aan het apparaat.
- Sluit het batterijvak 15. De klep van het batterijvak moet er hoorbaar inklikken.
Meten van afstanden
- Zet de functieschakelaar ① op „DISTANCE". Het display ② worden ingeschakeld.
Om te wisselen zusammen de metrische en Anglo-Amerikaanse maateenheden, drukt u op de toets MODE 4 en houdt u deze ingedrukt. Druk verzolgens op de toets READ 6 en LAST beide toetsen gelijktijdig waar los. Als u de toetsen loslaat, verandert u de maateenheden.

Aanwijzing:
De meting begint bij het meetpunt !
Bevindt de meting zich buiten het meetbereik, verschijnt op het display „Err" of een onlogisch getal. Het meetbereik ligtCUSen de 0,6m en 16m.
- Houd het apparaat horizontal voor de wand, waarvan u de afstand wilt meten. De ultrasonische zender/ontvanger 要去 in een rechte hoek maar de wand wijzen. Gebruik hiervoord waterpas: De luchtbel in de luchtbel-waterpas 要去 tussen de markeringsstrepen staan (zie afb. 1).
- Druk op de toets READ 6. Op het Display 2 verschijnt de gemeten afstand. Als u de toets READ 6 ingedrukt houdt en het apparaat langzaam over het te meten oppervlak beweegt, meet het apparaat continu de afstanden. Deze worden op het display 2 weergegeven.
Let op de volgende afbeeldingen:

Afb.1

Afb. 2
Des te verder u van de wand bent verwijderd des te groter is het oppervlak (a) dat de multiteit-detector met behulp van de ultrasoontrilling mist (afb. 2).
Zorg erkaarom voor dat de multimeetdetector alsijd op een vlak oppervlak in een rechte hoek worden gericht (afb. 1 en 3). Let op dat er geen voorwerpen in het meetbereik aanwezig zijn.

Fout!
Afb. 3
Tijdens de metingen brandt de displayverlichting. Drukt u binnen 15 seconden geen toets in,.gaat de verlichting weeer UIT. En drukt u binnen 30 seconden geen toets in, dan gaat het display UIT. Druk op de toets READ om het display en de verlichting wee ter activeren.
①Aanwijizing:
Als de batterijen te zwak,zijn,ontstaan onnauwkeurige meetresultaten. Is de batterij te zwak,verschijnt op het display het batterijsymbool.
Optellen van afstanden
U kunt de gemeten afstanden optellen:
- Meet zoals beschreiben de eerste afstand.
- Druk op de toets + / = 10 .Op het display 2 verschijnt " + " en de gemeten afstand worden op de onderste regel weergegeven.
- Meet de volgende afstand. De neue gemeten afstand worden op de bovenste regel weergegeven.
- Druk opniewu op de toets + / = 10 . De neue meetwaarde worden opgeteld bij de oude meetwaarde en op de onderste regel weergegeven.
- Herhaal stap 2t / m 4 om nog meer meetwaarden op te tellen.
- Druk op de toets MODE 4, als u de optelmodus wilt verlaten. Alle waarden worden gewist.
Meten van oppervlakten
- Zet de functieschakelaar ① op „DISTANCE". Het display ② wordeningschakeld.
- Druk eenmaal op de toets MODE ①. Op het display ② knippert de „L" (length = lenghte).
- Druk op de toets READ 6, om de lenghte te meten. Op de bovenste regel verschijnt de gemeten lenghte en de ^ (width = breedte) begint te knipperen.
- Druk op de toets READ ⑥, om de breedte te meten. Op de bovenste regel verschijnt de gemeten breedte en op de onderste regel worden het resultaat weergegeven van de oppervlakteberekening.
Optellen van oppervlakten
- Meet een oppervlak, zoals beschreiben in het hoofdstuk „Meten van oppervlakten".
- Druk op de toets M ①. Op het display ② verschijnt „M+". Het gemeten oppervlak is opgeslagen.
- Druk op de toets MODE ①. Het apparaat is nu gereed voor de tweede meting.
- Meet het volgende oppervlak.
- Druk op de toets + / = 14 .Op het display 2 verschijnt een " + "
- Druk op de toets RM ②. Op de onderste regel worden het resultaat weergegeven van de eerste meting.
- Druk op de toets + / = 10 . De beiden metingen worden opgeteld en het resultaat worden op de onderste regel weergegeven.
- Herhaal stap 2 t/m 7 om nog meer meetwaarden op te tellen.
-
Druk op de toets MODE ①, als u de optelmodus wilt verlaten. Alle waarden worden gewist.
-
Zet de functieschakelaar 1 op "DISTANCE".
Het display ② wordt ingeschakeld. - Druk tweeemaal op de toets MODE 4. Op het display 2 knippert de "L" (length = lenghte).
- Druk op de toets READ 6, om de lenghte te meten. Op de bovenste regel verschijnt de gemeten lenghte en de ^ (width = breedte) begint te knipperen.
- Druk op de toets READ 6, om de breedte te meten. Op de bovenste regel verschijnt de gemeten breedte en de „H" (height = hoogte) begint te knipperen.
- Druk op de toets READ 6, om de hoogte te meten. Op de bovenste regel wordt de gemeten hoogte weergegeven. Op de onderste regel wordt het resultaat weergegeven van de volumeberekening.
Optellen van volumen
- Meet een volume, zoals beschreiben in het hoofdstuk „Meten van volumen".
- Druk op de toets M ①. Op het display ② verschijnt „M+". Het gemeten volume is opgeslagen.
- Druk op de toets MODE 4. Het apparaat is nu gereed voor de tweede meting.
- Meet het volgende volume.
- Druk op de toets + / = 1 Op het display 2 verschijt een " + "
- Druk op de toets RM ②. Op de onderste regel worden het resultaat weergegeven van de eerste meting.
- Druk op de toets + / = 10 . De beide metingen worden opgeteld en hetresultaat wordt op de onderste regel weergegeven.
- Herhaal stap 2t/m 7, om nog meer meetwaarden op te tellen.
- Druk op de toets MODE 4, als u de optelmodus wilt verlaten. Alle waarden worden gewist.
Opsponen van afgedekte objecten
①Aanwijzingen:
- Test het apparaat voor gebruik en laat het apparaat bijvoorbeeld een buis of stroomleiding opsporen waarvan u weet waar deze zich bevindt.
- Raadpleeg in geval van twijfel.altijd een gekwalificeerde aannemer.
Let op!
Vindt het apparaat een wisselstroomvoerende leiding verschijnt op het display . Ga dan in ieder geval nicht op dezeplaats boren!
Gevaar voor een elektrische schok!
Het opsporen van afgedekte objecten verloopt in alle drie de modi (STUD = Hout, AC WIRE = Stroomvoerende leidingen, METAL = Metaal) op bezelfde wijze.
- Zet de functieschakelaar 1 op "DETECTOR".
- Zet de materiaalschakelaar ③ op STUD, AC WIRE of METAL.
- Eerst要去 de meetdetector kalibreren. Plaats de detector vlak op de wand, op de plek waar u maar afgedekte objeven wilt zoeken.
- Druk op de toets PUSH en houd deze ingedrukt tot het geluidssignaal Niet meer te horen is. Het apparaat heeft zich nu op de wand dikte ingesteld. Houd de toets PUSH nog ingedrukt.
- Beweeg demeetdetector langzaam over de wand.
Als de pijlen op het display maar een punt bewegen, nadert u het gezochtte object. Zijn de pijlen compleet en krijgt u een aanhoudend geluidssignaal te horen, markeert u deze positie (zie afb. 4).

Afb. 4
- Ga precies opdezelfde wijze te werk, maar nader nu het object van de andere kant. Zodra u het geluids-sigmaal hoort, markeert u deze positie (zie afb. 4).
Tussen deze posities befindt zich het gezochte object.
Zoeken maar houten objecten
- Ga bij het zoekenaar houten objecten op de manier te werk die beschreiben is in het hoofdstuk „Opsponen van afgedekte objecten".
- Als de multimeetdetector een object heeft gezonden, dient u deze positie te markeren. Om er zeker van te zich dat het object van hout is,zet u de materiaalschakelaar op METAL.
- Zoek nu opdezelfdeplaatsaar metaal.Vindt de multimeetdetector niets, dan is het object van hout.Vindt de multimeetdetector wel nog wat,dan is het object van metaal.
Zoek in dit geval in de modus „STUD" op een andere plaats en herhaal stap 1 t/m 3.
Lasermarkering

Het apparaat bevat een Klasse II laser. Richt de laser Niet op Personen of dieren. Kijk Niet in de laser. De laser kan oogschade veroorzaken.
U kunt de laseremarkering gebruiken om bijvoorbeeld scholderijen, kasten, enz. vertical resp. horizontal uit te lijnen.
- Zet de functieschakelaar 1 op „LASER".
Er worden een laserlijk gprojecteerd.
Horizontale laserlijn

Let op!
Ga voorzichtig met de klemnaalden om.
Deze zicheer spits en kunnen tot verwondingen leiden.
- Houd de meetdetector horizontal gegen de wand en lui neze met behulp van de luchtbelwaterpas ⑧uit. De luchtbel moet:tussen de beiden markeringen staan.
- Schuif de beiden toetsen van de klemnaalden (5 + 18) stevig maar onder. De naalden boren zich in de wand, zodate de meetdetector Niet omlaag kan vallen. De laser zet een horizontale lijn uit op de wand.
①Aanwijizing:
De klemnaalden werkken Niet op stenen en metalen wanden. De wanden要去en een zacht oppervlak hebben.
Verticale laserlijn
- Bevestig een draad aan het oog boven het meetpunt ①.
- Hang de meetdetector aan de wand op de plaat saar u de verticale lijn wilt projecteren. De meet-detector hangt zoals een paslood verticaal maar onder. De laser zet een verticale lijn ut op de wand.
Batterij-indicator
Op het display ② verschijnt het batterijsymbool, als de batterij zwak worden. Vervang zo snel möglichk de batterij (zie hoofdstuk „Batterijenplaatsen"). Anders zijn de meetresultaten nicht correct.
Opbergen en reinigen
- Berg het apparaat op een droge en vorstvrijneplaats op.
- Als u het apparaat gedurende langere tijd Niet gebruikt, haal dan de batterijen uit het batterijyak.
- Reinig het apparaat met een droge, zachte doek.
- Gebruik geen chemische of schurende schoonmaakmiddelen.
U kunst hierdoor de behuizing van het apparaat beschadigen.
Milieurrichtlijnen

Deponeer het apparaat in geen geval bij het normale huisvuil.
Dit product is onderhevig aan de Europese richtlijn 2002/96/EC.
Voer het apparaat af via een erkend afvalverwerkingsbedrijf of via uw gemeenteiniging.
Neem de bestaande voorschriften in acht. Neem in geval van twijfel contact op met de gemeentelijke reinigingsdienst.
Batterijen
Deponeer de batterijen in geen geval bij het normale huisvuil.
Batterijen können giftige stoffen bevatten die schadelijk zijn voor het milieu.
Ontdoe u waarom algid van de batterijen in overeenstemming met de bestaande wettelijk bepalingen.

Voer alle verpakkingsmaterialen op een milieuvriendelijkie manier af.
KOMPERNASS GMBH
BURGSTRASSE 21
44867 BOCHUM, GERMANY
TEL.: +49 (0) 2327 30180
www.kompernass.com
SimpelGids