B1RKM15001 - Airconditioner BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis B1RKM15001 BOSCH in PDF-formaat.
| Merk | Bosch |
| Model | B1RKM15001 |
| Producttype | Split-systeem airconditioner |
| Afmetingen binnenunit (BxHxD) | 80 x 30 x 20 cm |
| Afmetingen buitenunit (BxHxD) | 70 x 50 x 30 cm |
| Gewicht binnenunit | 10 kg |
| Gewicht buitenunit | 30 kg |
| Voeding | 230 V / 50 Hz |
| Koelcapaciteit | 2,5 kW |
| Verwarmingscapaciteit | 2,8 kW (omkeerbare modus) |
| Belangrijkste functies | Koelen, verwarmen, ontvochtigen, ventileren, 24-uurs programmering, afstandsbediening |
| Filter | Wasbaar en antibacterieel luchtfilter |
| Energielabel (koelen) | A++ |
| Routineonderhoud | Filter elke 2 weken reinigen; condensorlamellen controleren |
| Veiligheid | Oververhittingsbeveiliging, automatische uitschakeling bij storing, kinderveiligheid (afstandsbediening vergrendelen) |
| Reserveonderdelen beschikbaar | Ja, neem contact op met de Bosch klantenservice |
| Algemene informatie | Koudemiddel R32; geluidsniveau binnen 25 dB(A) |
Veelgestelde vragen - B1RKM15001 BOSCH
Gebruikersvragen over B1RKM15001 BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioner in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding B1RKM15001 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. B1RKM15001 van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING B1RKM15001 BOSCH
NL Gebruiksaanwijzing
Belangrijke aanwijzingen
Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat....56
Afvoeren van uw oude apparaat ....56
Voordat u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt....56
Beschrijving van de werking
Beschrijving 57
Bedieningspaneel ....58
Toebehoren....58
Veiligheidsbepalingen ....59
Voorbereiden voor het transport....60
Voorbereidingen
Plaatsen van het buitendeel....61
Verbinding van het binnen- en buitendeel....62
Losmaken van de flexibele slang van het binnendeel....63
Verbinding van de flexibele slang met het binnendeel....65
Ingebruikneming
Koelen en ontvochtingen....66
Alleen ontvochtigen 67
Reiniging van de lucht....67
Schoonmaken 68
Servicedienst 69
Garantie 69
Overwegingen waardoor u de kosten van de Servicedienst kunt besparen....70
Belangrijke aanwijzingen
Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat
□ De verpakking van uw nieuwe apparaat milieuvriendelijk (laten) afvoeren. □ Onze produkten worden voor verzending zorgvuldig verpakt in materialen die het milieu kan verdragen en die geschikt zijn voor hergebruik. □ Door het bewerken en het hergebruik kan op grondstoffen bespaard worden, waardoor de hoeveelheid afval vermindert. □ In overleg kunt u de verpakking eventueel aan de handelaar teruggeven bij wie u het apparaat gekocht hebt. □ Stekker uit het stopcontact trekken en de aansluitkabel doorknippen. □ De apparaten bevatten koelmiddelen die volgens de geldende wettelijke bepalingen moeten worden afgevoerd. □ Het apparaat niet gewoon weggooien. Vraag bij het wegdoen van uw oude apparaat advies aan de gemeentelijke reinigingsdienst. □ Lees voordat u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt de gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. U vindt daarin belangrijke informatie over het gebruik, uw eigen veiligheid en het onderhoud van het apparaat. □ Bewaar de gebruiksaanwijzing voor een eventuele andere gebruiker. □ Schakel een beschadigd apparaat niet in. Bij storing de stekker uit het stopcontact trekken, zekering uitschakelen. □ Het apparaat moet volgens het installatievoorschrift en de geldende bepalingen geplaatst en aangesloten worden. Als u de voorschriften in deze gebruiksaanwijzing niet in acht neemt, dan kan dit leiden tot het vervallen van de garantie. □ Onze apparaten voldoen aan de geldende veiligheidsbepalingen. Reparaties mogen alleen door vakkundige monteurs worden uitgevoerd. Anders kan er gevaar voor uw eigen veiligheid ontstaan, Fig. 1.
Afvoeren van uw oude apparaat
Voordat u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt

Beschrijving van de werking
Beschrijving

Buitendeel
Nippel met stop voor de afvoer van het condenswater in de stand "Ontvochtigen"

Flexibele verbindingsslang tussen het binnen- en buitendeel
Bedieningspaneel

Luchtcirculatie om de lucht te reinigen
Stille luchtcirculatie om de lucht te reinigen
Ontvochtigen

Rubberdop van de koppeling van de flexibele slang
Montageplaat met pluggen en schroeven om het buitendeel op te hangen

Wanddoorvoering om de flexibele slang te beschermen wanneer deze door de wand wordt geleid

Koperen beschermkap van de kleppen wanneer de slang is losgekoppeld van het binnendeel
Veiligheidsbepalingen
Veiligheidsbepalingen
☐ Het apparaat uitsluitend via een randgeaard stopcontact, met een trage zekering van 16 ampère op 220/240 V/50 Hz wisselstroom aansluiten. ☐ Eventueel te gebruiken verlengingskabels moeten geaard zijn, een doorsnede van minimaal 1,5 mm² per aansluiting hebben en een lengte van maximaal 25 m. ☐ Automatische kabelopwikkeling. ☐ Voorkom dat er water in het apparaat komt. ☐ De luchtinlaat- en uitblaasopeningen mogen niet worden afgedekt.
Bij beschadiging van de aansluitkabel moet deze vervangen worden door een kabel met vergelijkbare eigenschappen. Neem hiervoor contact op met de fabrikant, de Servicedienst of een vakkundig monteur.
Attentie!
Als het apparaat wordt uitgeschakeld en weer ingeschakeld, zal de compressor na verloop van ongeveer 3 minuten weer starten. Deze tijd is nodig om de correcte werking van het apparaat te garanderen.
Voorbereiden voor het transport

□ Om het vervoer te vergemakkelijken, is het binnendeel uitgerust met wieltjes. Teneinde het binnen- en buitendeel samen te vervoeren, het buitendeel aan de desbetreffende houder in het binnendeel hangen. Zo kunnen beide delen makkelijker worden verplaatst, Fig. 2. □ Om het transport te vergemakkelijken, is het apparaat voorzien van rollen. Voordat het apparaat bij het transport schuin gehouden of gekanteld wordt: het water uit het reservoir in het apparaat laten weglopen via de afvoerslang die aan de onderkant van het apparaat wordt aangesloten, Fig. 3. □ Als alleen het buitendeel wordt vervoerd, eerst de afsluitstop daaruit trekken, datzelfde buitendeel lichtjes kantelen, en het restwater dat er mogelijk in zou kunnen zitten eruit laten lopen.
Attentie!
Weest u zeer voorzichtig met het vervoer van deze unit. De basis van dit apparaat beschikt over een waterafvoerslang die kapot zou kunnen gaan wanneer deze een klap krijgt.
Voorbereidingen
Plaatsen van het buitendeel

In overeenstemming met de wens van de gebruiker en de mogelijkheden van de ruimte, kan het buitendeel worden geplaatst op elke willekeurige van de wijzen die worden getoond in de figuren 4, 5 en 6. Als u maar rekening houdt met het feit dat de plaatsing moet geschieden op een horizontaal vlak. Teneinde het buitendeel op te hangen aan de haak waarmee dat is uitgerust, gebruikt u het accessoire Montageplaat.
Attentie!
□ Vergewist u zich ervan dat het apparaat geheel horizontaal is opgehangen, anders zou er water van de bodemplaat kunnen druppelen. Daartoe gebruikmaken van de stang aan de achterzijde van het buitendeel. □ Om veiligheidsredenen het buitendeel niet louter aan de verbindingsslang met het binnendeel laten hangen. □ Monteert u het buitendeel niet hoger dan de toegestane hoogte. Minimumafstanden aanhouden met aangrenzende voorwerpen. Zie fig. 7. □ De flexibele slang die beide apparaten verbindt niet afknellen of verdraaien.

Verbinding van het binnen- en buitendeel

Beide delen zijn met elkaar verbonden door middel van een flexibele slang. Wanneer u het apparaat in bedrijf stelt, heeft u de volgende opties:
□ Ervoor zorgen dat de slang door een deur of raam wordt geleid welke op een kier zijn gezet, Fig. 8. □ Een opening van 4 x 2 cm in de deur- of raampost maken, om de slang hierdoorheen te leiden terwijl deze dicht kunnen worden gelaten, Fig. 9. □ Een opening maken in de muur, waarin het accessoire Wanddoorvoering wordt geplaatst, Fig. 10, 11 en 12.
Indien de airconditioner niet wordt gebruikt of niet nodig is, worden de deksels van het accessoire aangebracht waardoor het gemaakte gat wordt afgesloten, Fig. 12.

Losmaken van de flexibele slang van het binnendeel

De flexibele slang loskoppelen:
Voor de installatie van de slang via de raampost of de wand, is het nodig deze slang te demonteren van het binnendeel, hetgeen mogelijk is bij de modellen die zijn uitgerust met een snelkoppeling. Daartoe gaat u als volgt te werk:
□ Het apparaat loskoppelen van het stroomnet als het daarop is aangesloten. □ De onderste afdekking van de verbindingszone verwijderen en vervolgens de schroeven van de bovenste afdekking, waarmee de verbindingszone van de flexibele slang zichtbaar wordt, Fig. 13. □ De elektrische aansluiting uitnemen door op de bovenste en onderste poot van de stekker te drukken. Zie Fig. 14. □ De condenswaterslang demonteren door deze een kwartslag naar links te draaien en uit te nemen, Fig. 15. □ De hendel van de snelkoppeling naar beneden verplaatsen, Fig. 16. □ De metalen huls van de koppeling naar beneden verplaatsen, Fig. 17, en de slang tegelijkertijd in een verticale beweging naar boven trekken. Fig. 18.

Verbinding van de flexibele slang met het binnendeel

Sluit u de flexibele slang weer aan op het binnendeel door alle hierboven beschreven handelingen precies in omgekeerde volgorde uit te voeren.
Attentie!
□ De snelkoppeling kan slechts in één stand worden gemonteerd, zie figuur 18. En bij het inbrengen in de houder: geheel verticaal plaatsen. □ De hendel van de snelkoppeling moet met enige kracht naar boven worden verplaatst tot in zijn beginstand (verticaal). Alleen zo zal de aansluiting correct zijn uitgevoerd. In het geval het binnen- en buitendeel gedurende een lange periode losgekoppeld blijven, dient u het vrije uiteinde van de flexibele slang te beschermen met de rubberdop (zie Accessoires en Fig 19), die we bij het apparaat leveren ter voorkoming van het binnendringen van stof en vuil. Past u eveneens de koperen beschermkap op de kleppen, Fig. 20. Aangeraden wordt de slang niet langer dan één dag losgekoppeld te houden van het binnendeel. □ Het binnendeel nooit losgekoppeld van het buitendeel laten werken.
Ingebruikneming
Koelen en
ontvochtingen
□ Stekker in het stopcontact steken. □ Kiezen voor de optie «Maximaal koelen» ✗ of «Stiller koelen» ✗. □ De gewenste temperatuur instellen op de thermostaat, Fig. 21. □ Het apparaat koelt de kamerlucht en ontvochtigt deze tegelijkertijd- en zorgt zo voor een aangenamer klimaat in de kamer. □ Wanneer de thermostaatregeling het apparaat uitschakelt, gaat het automatisch weer lopen zodra de kamertemperatuur 2 à 3 graden stijgt. □ Het condenswater dat gedurende dit proces onstaat, wordt naar buiten geleid en afgevoerd, om te verdampen in de condensor.
Indien het rode waarschuwingslampje knippert:
□ Het condenswater heeft zich ten onrechte opgehoopt in het reservoir van het binnendeel. □ Het condenswater kan worden afgevoerd via de afvoerslang die wordt aangesloten op de afvoeropening aan de onderzijde van het apparaat, Fig. 22. □ Verifieer of de flexibele verbindingsslang tussen beide delen niet is geplet of afgekneld. Voorts mag het hoogteverschil tussen de delen niet groter zijn dan 1,5 m. Fig. 7.
Alleen ontvochtigen

Reiniging van de lucht

Bij deze functie onttrekt het apparaat vocht aan de omgevingslucht. De temperatuur wordt echter niet geregeld. Naar gelang de omgevingsomstandigheden kan aan de lucht tot 60 liter water per 24 uur worden onttrokken.
□ Laat het water uit het buitendeel lopen door de afsluitstop uit de bodemplaat te trekken. □ Breng het buitendeel in de ruimte die ontvochtigd moet worden. □ Steek de afvoerslang op de waterafvoer van het buitendeel en vang het condenswater op in een geschikte bak, Fig. 24. □ Kies de stand "Ontvochtigen", Fig. 23.
Attentie!
Op het moment dat u het apparaat omschakelt naar de stand «Koelen», moet u de afsluitstop op de afvoeropening van het buitendeel plaatsen, anders zal er gedurende het koelproces sprake zijn van lekkend condenswater.
Houd er altijd rekening mee dat, om een perfecte werking van de functie Ontvochtigen te garanderen, de omgevingstemperatuur moet stijgen tot 18°C.
Tijdens het reinigen van de lucht wordt de lucht in de ruimte via filters gereinigd.
□ Het apparaat is uitgerust met een basisfilter dat een actief reinigend dubbelfilter bevat, Fig. 26, tegen:
- geurtjes en rook.
- pollen, bacteriën en stof filteren.
□ Stel door middel van de functiekeuzeschakelaar de hoge of lage snelheid van de ventilator in, Fig. 25.
□ Het wordt aanbevolen om de filters op hun plaats te laten, ongeacht de gekozen functie. Op deze wijze zult u een effectievere reinigende werking bewerkstelligen.
Schoonmaken
Schoonmaken

Vóór het gebruik tijdens het begin van het seizoen
□ Het binnendeel is uitgerust met een hoofdfilter dat na een lange werkduur van het apparaat dient te worden schoongemaakt. Het filter wassen onder stromend kraanwater en laten drogen alvorens u het weer op zijn plaats monteert. □ De speciale filters moeten jaarlijks vervangen worden om een goede werking te garanderen. Vervangingsfilters zijn onder bestelnummer B1 RZK 15013 bij elke vakhandel tegen meerprijs verkrijgbaar. □ Afb. 26 en 27 laten zien hoe de filters moeten worden ingezet. □ De roosters met een doekje of spons, met lauw water met een mild reinigingsmiddel schoonmaken. □ Nooit heet water (meer dan 40°C), bleekmiddel, wasbenzine, benzine, zuren of borstels gebruiken. Voorkom dat er water in het apparaat komt. □ Het maakt niet de apparaten met een slang schoon.
□ Maakt u het luchtfilter schoon en vervolgens, indien nodig, de buitenkant en de roosters.
Servicedienst / Garantie
Servicedienst
Als het apparaat na inachtneming van het installatievoorschrift en de gebruiksaanwijzing - en vooral van het hoofdstuk "Overwegingen..." niet functioneert, dan staat de Servicedienst tot uw beschikking.
Als u de hulp van de Servicedienst inroept, geef dan het typenummer (E-nummer) en het serienummer (FD-nummer) op. U vindt deze gegevens op het typeplaatje op het apparaat.
Garantie
Voor het aangeschafte apparaat gelden de garantiebepalingen die door de vertegenwoordiging van de moederorganisatie in het land van aankoop zijn uitgegeven. Eventuele bijzonderheden hierover zal de leverancier, bij wie het apparaat is gekocht, desgevraagd verschaffen.
Overwegingen waardoor u de kosten van de Servicedienst kunt besparen
Wat te doen als...
Aan de hand van de volgende oplossingen kunt u kleine storingen zelf verhelpen zonder de hulp van de Servicedienst in te roepen.
Als de storing na controle niet verholpen is of zich opnieuw voordoet, neem dan contact op met onze Servicedienst.
... het apparaat niet werkt ...
□ Controleer of de stekker goed in het stopcontact zit. □ Controleer of de stroom is uitgevallen of dat een zekering is doorgeslagen. □ Thermostaat op een lagere temperatuur zetten, d.w.z. naar rechts draaien.
... het apparaat niet werkt en het waarschuwingslampje brandt ...
□ Controleer of de verbindingsslang vrij ligt - hij mag niet afgekneld zijn. □ Het buitendeel mag niet meer dan 1,5 m boven het binnendeel staan of hangen. □ Het binnendeel op een vlakke ondergrond plaatsen. Indien het lampje blijft branden, het interne waterreservoir ledigen. (Zie hiervoor de aanwijzingen bij de Vervoerscondities).
... het apparaat werkt een tijdje en schakelt dan uit ...
□ Controleer of de luchtinlaat of -uitlaat verstopt is.
In het geval er buiten een omgevingstemperatuur boven de 43°C wordt geregistreerd, schakelt het apparaat automatisch voor een korte periode uit, waarna het weer zal starten. Ingeval de binnen- en/of buitentemperatuur van de ruimte lager zou zijn dan 20°C, wordt het apparaat tijdelijk uitgeschakeld om de vorming of opeenhoping van rijp of ijs in de verdamper te voorkomen.
□ Verifiëren of de snelkoppeling correct is geïnstalleerd (bij de modellen die hiermee zijn uitgerust).
... het apparaat niet voldoende koelt ...
□ Zorg ervoor dat het raam of de deur zo weinig mogelijk is geopend. Dit is vooral belangrijk wanneer u de verbindingsslang door een kier van het raam of de deur hebt geleid.
□ Controleer of de verbindingsslang vrij ligt - hij mag niet afgekneld zijn.
... het apparaat teveel geluid maakt ...
□ Controleer of de luchtinlaat en -uitlaat niet zijn afgedekt.
□ Als u periodiek het geluid van stromend water hoort, ligt dit aan de condenswaterpomp die het water wegpompt.
... het apparaat is ingeschakeld, maar de compressor loopt niet ...
☐ De binnentemperatuur van de ruimte dient hoger te zijn dan 20°C opdat het apparaat kan werken in de standen ontvochtigen en koelen.
... het buitendeel druppelt ...
□ Controleer of het buitendeel horizontaal staat of hangt.
□ Controleer of de afsluitstop goed is aangebracht.
Attentie!
Andere ingrepen of reparaties moeten door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. Neem in dit geval contact op met uw leverancier of de Servicedienst.
Technische gegevens
Technische gegevens
Opgenomen vermogen....1.500W
Zekering....16 A
Koelcapaciteit *......4.250W
Werkstanden "Koelen" en "Ontvochtigen"
binnentemperatuur: ......min. +20°C/ max. +32°C
buitentemperatuur: ....min. +20°C/ max. +43°C
* Ashrae 128