AF-S DX NIKKOR 18-200MM F-3.5-5.6G ED VR II - Fotolens NIKON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis AF-S DX NIKKOR 18-200MM F-3.5-5.6G ED VR II NIKON in PDF-formaat.

📄 148 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice NIKON AF-S DX NIKKOR 18-200MM F-3.5-5.6G ED VR II - page 72
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Español ES Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : NIKON

Model : AF-S DX NIKKOR 18-200MM F-3.5-5.6G ED VR II

Categorie : Fotolens

Download de handleiding voor uw Fotolens in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AF-S DX NIKKOR 18-200MM F-3.5-5.6G ED VR II - NIKON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AF-S DX NIKKOR 18-200MM F-3.5-5.6G ED VR II van het merk NIKON.

GEBRUIKSAANWIJZING AF-S DX NIKKOR 18-200MM F-3.5-5.6G ED VR II NIKON

Veiligheidsvoorschriften

WAARSCHUWING Haal het toestel niet uit elkaar Buiten het bereik van kinderen houden Het aanraken van de inwendige delen van het fototoestel of van het objectief kan een letsel veroorzaken. Herstellingen mogen alleen worden uitgevoerd door bevoegde technici. Indien het fototoestel of het objectief breekt na een val of een ander ongeluk, laat u het product door een door Nikon erkende servicedienst nakijken nadat u de stekker uit het stopcontact hebt gehaald en/of de batterijen hebt verwijderd. Zorg ervoor dat kleine kinderen de batterijen of andere kleine onderdelen niet in hun mond kunnen stoppen. Schakel het toestel onmiddellijk uit bij storingen

Indien u merkt dat er rook of een ongewone geur uit het fototoestel of het objectief komt, moet u de batterij onmiddellijk verwijderen om brandwonden te vermijden. Verdere bediening van het toestel kan een letsel tot gevolg hebben. Nadat u de stroombron hebt verwijderd of losgekoppeld, laat u het toestel nakijken door een door Nikon erkende servicedienst. Gebruik het fototoestel of het objectief niet in de buurt van ontvlambare gassen Het bedienen van elektronische apparatuur in de buurt van ontvlambare gassen kan leiden tot een ontploffing of brand. Kijk niet naar de zon door het objectief of de beeldzoeker Kijken naar de zon of naar ander fel licht door het objectief of de beeldzoeker kan een blijvend oogletsel veroorzaken.

Let op de volgende punten bij het gebruik van het fototoestel en het objectief

  • Houd de camera en het objectief droog. Indien u deze voorzorgsmaatregel niet in acht neemt, kan dit brand of een elektrische schok tot gevolg hebben.
  • Bedien het fototoestel of het objectief niet of raak deze niet aan met natte handen. Indien u deze voorzorgsmaatregel niet in acht neemt, kan dit een elektrische schok tot gevolg hebben.
  • Wanneer u opnames maakt bij tegenlicht, mag u het objectief niet naar de zon richten en moet u vermijden dat zonlicht rechtstreeks in het objectief valt. Dit kan namelijk leiden tot oververhitting van de camera met mogelijk brand tot gevolg.
  • Wanneer u het objectief niet gebruikt gedurende een langere periode, bevestig dan zowel de voorste als de achterste objectiefdoppen om het objectief te beschermen tegen direct zonlicht. Indien u deze voorzorgsmaatregel niet in acht neemt, kan dit brand tot gevolg hebben, aangezien het objectief het zonlicht kan convergeren op een ontvlambaar voorwerp. ■ Terminologie LOCK

OFF NORMAL ACTIVE 1 Zonnekap (P. 78) 2 Bevestigings-index voor zonnekap (P. 78) 3 Instel-index voor zonnekap (P. 78) 4 Montage-index voor zonnekap (P. 78) 5 Zoomring (P. 75) 6 Schaal brandpuntsafstand (P. 75) 7 Index brandpuntsafstand 8 Afstandschaal 9 Afstandsindexlijn 0 Scherpstelring (P. 75) a Montage-index b Rubberen pakking van objectiefvatting (P. 79) c CPU-contacten (P. 79) d Scherpstelstandschakelaar (P. 75) e ON/OFF-schakelaar voor vibratiereductie (P. 76) f Vibratiereductiemodusschakelaar (P. 76) g Schakelaar zoomvergrendeling ( ): Referentiepagina

Gefeliciteerd met de aanschaf van een AF-S DX NIKKOR 18-200mm f/3,5-5,6G ED VR II-objectief. DX NIKKORobjectieven werden speciaal ontwikkeld voor gebruik met digitale Nikon SLR-camera's (Nikon DX-formaat), zoals de D300-reeks en de D90. Wanneer het objectief is geplaatst op camera's van Nikon DX-formaat, is de beeldhoek van het objectief gelijk aan circa 1,5× de brandpuntsafstand in 35mm-formaat. Lees deze instructies eerst door en raadpleeg de Gebruikshandleiding van uw camera alvorens u dit objectief gebruikt. ■ Belangrijkste functies

  • Door vibratiereductie te activeren (VRII) kunnen langere snelle sluitertijden (circa vier keer langer*) worden gebruikt waardoor meer snelle sluitertijden en zoomstanden kunnen worden toegepast, vooral wanneer u de camera vasthoudt om te fotograferen. (*Gebaseerd op resultaten verkregen volgens de meetvoorwaarden van Nikon. De effecten van vibratiereductie kunnen variëren naargelang de opnameomstandigheden en het gebruik.)
  • U kunt schakelen tussen de stand NORMAL, waarmee de effecten van cameratrillingen worden verminderd bij normale opnameomstandigheden, en de stand ACTIVE, waarmee de effecten van ruwere camerabewegingen worden verminderd, zoals bij het fotograferen van een bewegend voertuig. In de stand NORMAL onderscheidt de camera automatisch cameratrillingen van panbewegingen om de effecten van cameratrillingen tijdens horizontaal of verticaal pannen te kunnen verminderen.
  • De superieure optische prestaties en de weergavekenmerken worden gemaximaliseerd door het gebruik van drie asferische objectiefelementen en twee ED-glaselementen (extra-low dispersion) die zorgen voor een correctie van de chromatische aberratie. Daarnaast produceert het afgeronde diafragma een zachte en aangename beeldwaas in delen van het beeld waarop niet is scherpgesteld. ■ Scherpstellen, zoomen en scherptediepte Voor u scherpstelt, draait u aan de zoomring 5 om de brandpuntsafstand aan te passen tot de gewenste compositie gekadreerd is. Als uw camera is uitgerust met een knop of hendel voor een scherptedieptevoorbeeld (stop-down), kunt u een voorbeeld bekijken van de scherptediepte via de zoeker van de camera.
  • Dit objectief is uitgerust met het Nikon Internal Focusing-systeem (IF). Naarmate de opnameafstand afneemt, neemt de brandpuntsafstand ook af.
  • De afstandschaal geeft niet de precieze afstand weer tussen het onderwerp en de camera. De waarden vormen een schatting en dienen alleen als richtlijn te worden gebruikt. Bij het fotograferen van verafgelegen landschappen, kan de scherptediepte de bediening beïnvloeden zodat de camera scherpstelt op een positie dichter dan oneindig.
  • Wanneer de schakelaar voor zoomvergrendeling g ingesteld is op de stand LOCK bij een brandpuntsafstand van 18mm, is de zoomring vergrendeld. Vergrendel tijdens het dragen van de camera de zoomring om te verhinderen dat het objectief verlengt door zijn eigen gewicht. ■ De diafragma instellen Gebruik het fototoestel om de instellingen van de diafragma aan te passen. ■ Variabele maximale diafragma's Wanneer u het objectief zoomt van 18mm naar 200mm, vermindert het maximale diafragma met 1 1/3 stop. Het is echter niet nodig de instellingen van het diafragma aan te passen om een juiste belichting te verkrijgen, omdat de camera deze variabele automatisch compenseert. ■ Scherpstellen (fig. A) Stel de scherpstelfunctieschakelaar van de camera in overeenkomstig de volgende tabel. Camera's scherpstelling stand AF (A/S/C)

Scherpstelstand van objectief M/A Handmatige Autofocus scherpstelling handmatige (hulpverlichting is aanpassing beschikbaar.) Handmatige scherpstelling (hulpverlichting is beschikbaar.) Raadpleeg de Gebruikshandleiding van de camera voor meer informatie over de scherpstelmodi van de camera. Autofocus handmatige aanpassing (M/A-stand) 1 Stel de scherpstelmodusschakelaar d in op M/A. 2 Autofocus is ingeschakeld, maar u kunt dit opheffen door de aparte scherpstelring 0 te draaien terwijl u de ontspanknop half ingedrukt houdt of door te drukken op de AF-ON-knop op fototoestellen die hiermee zijn uitgerust. 3 Druk de ontspanknop of de AF-ON-knop opnieuw half in om de handmatige scherpstelling te annuleren en autofocus te hernemen.

Goede resultaten behalen met autofocus Zie “Opmerkingen bij het gebruik van groothoek of ultragroothoek AF NIKKOR-objectieven” (P. 81).

■ Vibratiereductiestand (VRII) De ON/OFF-schakelaar voor vibratiereductie instellen (fig. B) Het basisconcept van vibratiereductie ON: Hoog

Aantal vibraties Cameratrilling Cameratrillingen bij het fotograferen van een bewegend voertuig Panopnames Laag

Laag Intensiteit van de vibraties Hoog Zet de Vibratiereductiemodus-schakelaar op NORMAL. Zet de Vibratiereductiemodus-schakelaar op ACTIVE. Bij het maken van foto's Bij het maken van panopnames Bij het fotograferen van een bewegend voertuig

OFF: Zet de Vibratiereductiemodusschakelaar op NORMAL of ACTIVE. Zet de Vibratiereductiemodusschakelaar op NORMAL. Zet de Vibratiereductiemodusschakelaar op ACTIVE. De effecten van cameratrillingen worden verminderd wanneer de ontspanknop half wordt ingedrukt en ook op het moment dat de sluiter wordt losgelaten. Omdat de vibratie wordt verminderd in de zoeker, is het eenvoudiger om automatisch/ handmatig scherp te stellen en het onderwerp precies te kadreren. De effecten van cameratrillingen worden niet verminderd. De Vibratiereductiemodus-schakelaar instellen (fig. C) Zet de ON/OFF-schakelaar voor vibratiereductie op ON en kies een vibratiereductiestand met de Vibratiereductiemodus-schakelaar. NORMAL: Het vibratiereductiemechanisme vermindert in de eerste plaats de effecten van cameratrillingen. De effecten van cameratrillingen worden ook verminderd tijdens horizontaal en verticaal pannen. ACTIVE: Het vibratiereductiemechanisme vermindert effecten van zowel normale als intense cameratrillingen, zoals bij het fotograferen van een bewegend voertuig. In deze stand worden de cameratrillingen niet automatisch onderscheiden van panbewegingen. Opmerkingen over het gebruik van de vibratiereductie

  • Nadat u de ontspanknop half hebt ingedrukt, wacht u totdat het beeld in de beeldzoeker stabiliseert alvorens u de ontspanknop verder indrukt.
  • Als een gevolg van de eigenschappen van vibratiereductie is het mogelijk dat het beeld in de beeldzoeker vaag wordt na het loslaten van de sluiterknop. Dit is geen storing.
  • Zet bij panorama-opnamen de vibratiereductiemodusschakelaar op NORMAL. Als het fototoestel gepand wordt in een grote cirkel, wordt er geen compensatie uitgevoerd voor bewegingen van het fototoestel in de panrichting. Zo worden alleen de effecten van verticale cameratrillingen verminderd tijdens horizontaal pannen.
  • Schakel het fototoestel niet uit of verwijder het objectief niet van het fototoestel terwijl de vibratiereductie in werking is. Als u deze voorzorgsmaatregel niet in acht neemt, kan het objectief klinken en aanvoelen alsof een interne component is losgekomen of afgebroken wanneer ermee wordt geschud. Dit is geen storing. Schakel het fototoestel opnieuw in om dit te corrigeren.
  • Bij fototoestellen met ingebouwde flitser werkt de vibratiereductie niet wanneer de ingebouwde flitser wordt opgeladen.
  • Bij autofocuscamera's die uitgerust zijn met een AFON-knop, werkt de vibratiereductie niet wanneer u de AF-ON-knop indrukt.
  • Als het fototoestel op een statief met drie poten is geplaatst, stelt u de ON/OFF-schakelaar voor vibratiereductie e in op OFF. Wanneer u echter een statief (met een of drie poten) gebruikt zonder het statiefhoofd vast te maken, zet u de schakelaar op ON.

■ De ingebouwde flitser en vignettering

  • De ingebouwde flitser kan niet worden gebruikt op afstanden van minder dan 0,6 m.
  • Gebruik ter voorkoming van vignettering geen zonnekap.
  • Vignetteren is het verduisteren van de hoeken rond een beeld, wat voorkomt wanneer het licht dat door de flitser wordt weergegeven, wordt belemmerd door de zonnekap of door het objectiefvat, afhankelijk van de brandpuntsafstand of de opnameafstand. Camera's

D300-reeks/ D200/D100 D90/D80 Ondersteunde brandpuntsafstand/ Opnameafstand

  • 35mm of langer/Geen beperking D40-reeks De ingebouwde flitser van de D100 heeft een bereik dat geschikt is voor brandpuntsafstanden van 20mm en meer. Vignetteren doet zich voor bij een brandpuntsafstand van 18mm.

■ Gebruik van de zonnekap De zonnekap blokkeert lichtstralen die een negatief effect hebben op de beelden. De kap beschermt eveneens het glazen oppervlak van het objectief. De zonnekap bevestigen

  • Zorg ervoor dat de montage-index voor zonnekap (C) wordt uitgelijnd met de instel-index voor zonnekap (B) 3.
  • Om het vastmaken of verwijderen van de zonnekap te vergemakkelijken, neemt u deze vast aan de bevestigings-index voor zonnekap (A) in plaats van aan de buitenste rand.
  • Als de zonnekap niet correct is bevestigd, kan er vignettering voorkomen.
  • U kunt het objectief opbergen met de zonnekap in omgekeerde positie vastgemaakt. ■ Onderhoud van het objectief
  • Zorg ervoor dat de CPU-contacten c niet vuil of beschadigd worden.
  • Als de rubberen pakking van de objectiefvatting b is beschadigd, moet u het objectief voor reparatie naar de dichtstbijzijnde door Nikon erkende servicedienst brengen.
  • Reinig het objectief met een blaasbalgje. Om vuil en vlekken te verwijderen, gebruikt u een zachte, zuivere katoenen doek of een objectiefdoekje met ethanol (alcohol) of objectiefreiniger. Maak ronddraaiende bewegingen van het midden naar de buitenkant en let erop dat u geen strepen maakt of andere onderdelen van het objectief aanraakt.
  • Gebruik nooit organische oplosmiddelen zoals thinner of benzeen om het objectief te reinigen. Deze kunnen namelijk schade, brand of gezondheidsproblemen veroorzaken.
  • NC-filters zijn beschikbaar om het voorste objectiefelement te beschermen. De zonnekap helpt ook om de voorkant van het objectief te beschermen.
  • Wanneer u het objectief in het flexibele objectiefetui opbergt, maakt u zowel de voorste als de achterste objectiefdoppen vast.
  • Wanneer het objectief is geïnstalleerd op een fototoestel, mag u het fototoestel en het objectief niet optillen of vasthouden aan de zonnekap.
  • Bewaar het objectief op een koele, droge plaats wanneer u deze gedurende een lange periode niet gebruikt om schimmel- en roestvorming te voorkomen. Berg het objectief ook op om deze te beschermen tegen rechtstreeks zonlicht of chemicaliën zoals kamfer en naftaleen.
  • Laat geen water op het objectief komen en laat het objectief niet in water vallen. Hierdoor zal het objectief roesten en slecht functioneren.
  • Bepaalde onderdelen van het objectief zijn vervaardigd uit versterkt plastic. Zet het objectief nooit in een overmatig hete ruimte om schade te voorkomen.
  • 72mm makkelijk te bevestigen voorste objectiefdop LC-72
  • Achterste objectiefdop LF-1

■ Specificaties G-type AF-S DX Zoom-NIKKORobjectief met ingebouwde CPU en Nikon-bajonetvatting (speciaal ontworpen voor gebruik met Nikon digitale SLR—Nikon DX-formaat— camera's) Brandpuntsafstand: 18mm-200mm Maximaal f/3,5-5,6 diafragma: Objectiefconstructie: 16 elementen in 12 groepen (3 asferische objectieven en 2 ED-objectiefelementen) Beeldhoek: 76º-8º Schaal 18, 24, 35, 50, 70, 135, 200mm brandpuntsafstand: Afstandsinformatie: Doorgeven aan camerabody Zoombediening: Handmatig via aparte zoomring Scherpstelling: Nikon Internal Focusing-systeem (IF), autofocus met Silent Wave Motor; handmatig scherpstellen met aparte scherpstelring Vibratiereductie: Objectief-shiftmethode met behulp van voice coil-motoren (VCM's) Opnameafstand- Gradueel in meter van 0,5 m tot schaal: oneindig ( ) Type objectief:

Kortste scherpstelafstand: Aantal diafragmalamellen: Diafragma: Diafragmaschaal: 0,5 m bij alle zoominstellingen 7 stuks (afgerond) Volledig automatisch f/3,5 tot f/22 (bij 18mm), f/5,6 tot f/36 (bij 200mm) Belichtingsmeting: Door middel van de volledige diafragmamethode Montageafmeting: 72 mm (P = 0,75 mm) Afmetingen: Circa 77 mm (diameter) × 96,5 mm (afstand van de objectiefvatting op de camera) Gewicht: Circa 565 g Wijzigingen in ontwerp en technische gegevens voorbehouden zonder voorafgaande kennisgeving of verplichting vanwege de fabrikant. ■ Opmerkingen bij het gebruik van groothoek of ultragroothoek AF NIKKOR-objectieven In de volgende situaties is het mogelijk dat de autofocus niet werkt zoals verwacht bij het fotograferen met groothoek of ultragroothoek AF NIKKOR-objectieven. D Een persoon die voor een verafgelegen achtergrond staat

1. Wanneer het hoofdonderwerp binnen de

scherpstelhaakjes relatief klein is Wanneer een persoon die voor een verafgelegen achtergrond staat binnen de scherpstelhaakjes wordt geplaatst zoals weergegeven in fig. D, is het mogelijk dat er wordt scherpgesteld op de achtergrond terwijl het onderwerp wazig blijft.

2. Wanneer het hoofdonderwerp een

complex patroon heeft E Een bloemenveld Wanneer het onderwerp een complex patroon of weinig contrast heeft, bv. een bloemenveld zoals weergegeven in fig. E, kan het moeilijk zijn om scherp te stellen met autofocus.

Oplossing voor dergelijke situaties (1) Stel scherp op een ander onderwerp dat zich op dezelfde afstand van de camera bevindt, activeer de scherpstelvergrendeling, pas de kadrering aan en maak de foto. (2) Stel de scherpstelstand van de camera in op handmatige scherpstelling en stel handmatig scherp op het onderwerp. Zie “Goede resultaten behalen met autofocus” in de Gebruikshandleiding van de camera.