RT-SM 305 L - Tafelzaag EINHELL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis RT-SM 305 L EINHELL in PDF-formaat.
| Merk | EINHELL |
| Model | RT-SM 305 L |
| Producttype | Tafelzaag (universele zaag, verstekzaag) |
| Voeding | 230 V ~ 50 Hz |
| Vermogen | 1800 W |
| Toerental onbelast | 4800 min⁻¹ |
| Zaagblad | ø 210 x ø 30 x 2,8 mm, 24 tanden hardmetaal |
| Tabelzwaaibereik | -52° / 0° / +60° |
| Maximale verstekzaaghoek | 45° naar links |
| Snijbreedte bij 90° | 310 x 65 mm |
| Snijbreedte bij 45° | 220 x 65 mm |
| Snijbreedte bij dubbel verstek (2 x 45°) | 220 x 35 mm |
| Gewicht | 15 kg |
| Laser | Klasse 2, 650 nm, ≤ 1 mW, voeding 2 x 1,5 V (AAA) |
| Hoofdfuncties | Afkorten, verstekzaag, dubbel verstek, trekfunctie, diepte-aanslag, geleidingslaser |
| Leveringsomvang | Zaag, spanner, rolsteun, beugels, spanenbox, poten, zijstukken, afstandsstukken, schroeven, montagegereedschap |
| Veiligheid | Zaagbladbescherming, asblokkering, veiligheidsbout, ontgrendelingshendel, noodstop (Aan/Uit-schakelaar) |
| Onderhoud | Regelmatige reiniging met vochtige doek, controle van koolborstels door een specialist, geen interne onderdelen te onderhouden |
| Reserveonderdelen | Verkrijgbaar via ISC GmbH (www.isc-gmbh.info); vermeld type, artikelnummer en identificatienummer |
| Garantie | 2 jaar (behalve bij professioneel gebruik, slijtdelen en batterijen) |
Veelgestelde vragen - RT-SM 305 L EINHELL
Gebruikersvragen over RT-SM 305 L EINHELL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Tafelzaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RT-SM 305 L - EINHELL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RT-SM 305 L van het merk EINHELL.
GEBRUIKSAANWIJZING RT-SM 305 L EINHELL
- Omvang van de levering 56 4. Reglementair gebruik 56
- Technische gegevens 56-57
- Vóór ingebruikneming 57 - 58
- Gebruik 58-60
- Vervangen van de netaansluitkabel 60
- Reiniging, onderhoud en bestellen van wisselstukken
- Afvalverwijdering en recyclage 61 11. Verwijderen van batterijen 61
Let op!
Bij het gebruik van gereedschap dienen enkele veiligheidsmaatregelen te worden nageleefd om lichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Lees daarom deze handleiding/veiligheidsinstructies zorgvuldig door. Bewaar deze goed zodat u de informatie op elk moment kunt terugvinden. Mocht u dit gereedschap aan andere personen doorgeven, gelieve dan deze handleiding/veiligheidsinstructies mee te geven. Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handleiding en van de veiligheidsinstructies.
1. Veiligheidsinstructies
De overeenkomstige veiligheidsinstructies vindt u in de bijgaande brochure!
WAARSCHUWING
Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen.
Nalatigheden bij de inachtneming van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of zware letsels tot gevolg hebben.
Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor de toekomst.
1.1 Speciale aanwijzingen omtrent de laser

Let op! Laserstraling. Niet in de straal kijken. Laserklasse 2
Achtung
Laserstrahlung
Nooit rechtstreeks in de stralengang kijken. - De laserstraal nooit richten op weerkaatsende oppervlakken noch op personen of dieren. Ook een laserstraal met een gering vermogen kan schade berokkenen aan het oog. - Voorzichtig - als u anders te werk gaat dan hier beschreven kan dit leiden tot een blootstelling aan gevaarlijke straling. - Lasermodule nooit openen. - Als de afkortzaag een tijdje niet wordt gebruikt, is het aan te raden de batterijen te verwijderen.
- Het is niet toegestaan veranderingen aan de laser uit te voeren teneinde het vermogen van de laser te verhogen.
- De fabrikant is niet aansprakelijk bij schade die te wijten is aan niet-naleving van de veiligheidsinstructies.
2. Beschrijving van het gereedschap
2.1 Trek-, afkort- en verstekzaag (fig. 1-3)
- Handgreep
- AAN/UIT-schakelaar
- Ontgrendelhefboom
- Machinekop
- Zaagasvergrendeling
- Zaagbladafdekking bewegelijk
- Zaagblad
- Spaninrichting
- Rolsteun met eindaanslag
- Bevestigingsbeugel voor rolsteun
- Aanslagrail
- Tafelinzetstuk met schaal voor snijlengte
- Grendelstandhefboom
- Vastzetgreep
- Wijzer
- Schaal
- Draaitafel
- Vaststaande zaagtafel
- Schaal
- Wijzer
- Laser
- Vastzetschroef
- Spanopvangbox
- Trekgeleiding
- Vastzetschroef voor trekgeleiding
- Batterijvak laser
- Borgbout
- Opbergvak voor zaagbladen
- Grendelknop voor opbergvak
- Vastzetschroef voor werkstukholder
- Rubberbuffer
- Steunvoet
- Afzigadapter
- Kartelschroef voor snijdieptebeperking
- Aanslag voor snijdieptebeperking
2.2 Onderstel (fig. 4)
A. Standvoeten B. Zijgedeelte C. Tussenverstijving D. Hoekverstijving E. Onderste dwarsverstijvingen F. Bovenste dwarsverstijvingen
NL
3. Omvang van de levering (fig. 1, 5)
- Trek-, afkort- en verstekzaag
- Spaninrichting (8)
- Rolsteun met eindaanslag (9) 2x bevestigingsbeugel voor rolsteun (10)
- Spanopvangbox (23) 4x standvoeten (A) 2x zijgedeelte (B)
- 2x tussenverstijving (C) 4x hoekverstijving (D)
- 2x onderste dwarsverstijvingen (E) 2x bovenste dwarsverstijvingen (F) 4x moer (G) 4x sluitring (H) 32x moer (I) 4x sluitring (J) 28x sluitring (K) 28x schroef (L) 4x schroef (M)
- 4x schroef (N) Inbussleutel (O) Schroefsleutel (P)
De trek-, afkort- en verstekzaag dient om hout en kunststof af te korten overeenkomstig de grootte van de machine. De zaag is niet geschikt voor het snijden van brandhout.
De machine mag slechts voor werkzaamheden worden gebruikt waarvoor ze bedoeld is. Elk ander, verder gaand gebruik is niet reglementair. Voor daaruit voortvloeiende schade of verwondingen van welke aard dan ook is de gebruiker/bediener, niet de fabrikant, aansprakelijk.
Wij wijzen erop dat onze toestellen overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Wij zijn niet aansprakelijk indien het toestel in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten worden gebruikt.
Alleen de voor de machine gegaste zaagbladen mogen worden gebruikt. Het gebruik van snijschijven van welke soort dan ook is verboden.
Het naleven van de veiligheidsvoorschriften alsmede van de montage-instructies en aanwijzingen aangaande de werking vermeld in deze handleiding maakt eveneens deel uit van het reglementaire gebruik.
Personen die de machine bedienen en onderhouden moeten hiermee vertrouwd zijn en van mogelijke gevaren op de hoogte zijn. Bovendien moeten de geldende voorschriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden opgevolgd. Andere algemene regels op het gebied van de arbeidsgeneeskunde en veiligheid dienen in acht te worden genomen.
Veranderingen aan de machine sluiten een aansprakelijkheid van de fabrikant en daaruit voortvloeiende schade helemaal uit. Ondanks een doelmatig gebruik kunnen bepaalde resterende risicofactoren niet volledig uit de weg worden geruimd. Ten gevolge van de constructie en opbouw van de machine kunnen zich de volgende punten voordoen:
Raken van het zaagblad in het niet afgedekte zaaggebied. Grijpen in het draaiende zaagblad (snijwonden). - Terugstoot van werkstukken en werkstukdelen. Zaagbladbreuken. - Wegslingeren van defecte hardmetalen stukken van het zaagblad. Gehoorschade bij niet-gebruik van de nodige gehoorbeschermer. - Bij gebruik in gesloten vertrekken komt houtstof vrij dat schadelijk is voor de gezondheid.
| Wisselstroommotor: | 230V ~ 50Hz |
| Vermogen: | 1800 watt |
| Bedrijfsmodus: | S1 |
| Nullasttoerental n0: | 4800 t/min. |
| Hardmetaalzaagblad: | Ø 210 x Ø 30 x 2,8 mm |
| Aantal tanden: | 24 |
| Zwenkbereik: | -52° / 0°/ +60° |
| Versteksnede: | 0° tot 45°aar links |
| Zaagbreedte bij 90°: | 310 x 65 mm |
| Zaagbreedte bij 45°: | 220 x 65 mm |
| Zaagbreedte bij 2 x 45°(dubbele versteksnede): | 220 x 35 mm |
| Gewicht: | ca. 15 kg |
| Laserklasse: | 2 |
| Golfengte laser: | 650 nm |
| Vermogen laser: | ≤ 1 mW |
| Voeding lasermodule: | 2 x 1,5 V micro (AAA) |
Geluidsemissiewaarden
Het geluid van deze zaag wordt gemeten volgens DIN EN ISO 3744; 11/95, E DIN EN 31201; 6/93, ISO 7960 aanhangsel A; 2/95. Het geluid op de werkvloer kan 85 dB (A) overschrijden. In dit geval zijn geluidswerende maatregelen voor de gebruiker vereist. (Gehoorbeschermer dragen!)
Onbelast draaien
De waarden vermeld in de tabel zijn emissiewaarden en komen niet noodzakelijk overeen met de geluidswaarden gemeten op de werkvloer. Hoewel er een correlatie bestaat tussen emissie- en immissieniveaus kan er niet zeker uit worden opgemaakt of al dan niet bijkomende voorzorgsmaatregelen vereist zijn. Medebepalende factoren die het momenteel op de werkplaats voorhanden zijnde immissieniveau kunnen beïnvloeden zijn o.a. de duur van de geluidsinwerking, de karakteristieke gesteldheid van de werkruimte, andere geluidsbronnen etc. b.v. het aantal machines en andere in de buurt plaats hebbende processen. De betrouwbare werkplaatswaarden kunnen evenwel van land tot land variëren. Deze informatie zal de gebruiker in staat stellen, gevaar en risico beter te kunnen beoordelen.
Totale vibratiewaarden (vectorsom van drie richtingen) bepaald volgens EN 61029.
Trillingsemissiewaarde ah = 1,297 m / s2
6. Vóór ingebruikneming
6.1 Algemeen
- De machine moet worden opgesteld zodat ze veilig staat, d.w.z. ze moet aan een werkbank, het standaardonderstel of iets dergelijks worden vastgeschroefd. Vóór ingebruikneming dienen alle afdekkingen en veiligheidsinrichtingen naar behoren te zijn gemonteerd.
- Het zaagblad moet vrij kunnen draaien. Bij reeds bewerkt hout op vreemde voorwerpen letten, zoals bijvoorbeeld spijkers of schroeven, enz.
- Voordat u de AAN/UIT-schakelaar indrukt, dient u zich ervan te vergewissen dat het zaagblad correct is gemonteerd en dat bewegende onderdelen gemakkelijk bewegen.
- Controleer of de gegevens vermeld op het
typeplaatje overeenkomen met de gegevens van het stroomnet, alvorens de machine aan te sluiten.
6.2 Zaag monteren (fig. 1-3, 6)
- Om de draaitafel (17) anders af te stellen, de vastzetgreep (14) met ca. 2 hele slagen losdraaien om de draaitafel (17) te ontgrendelen. Grendelstandhendel (13) indrukken, draaitafel (17) en wijzer (15) op de gewenste hoekmaat van de schaal (16) draaien en fixeren met behulp van de vastzetgreep (14). De zaag heeft grendelstanden bij de posities -45°, -30°, -22,5°, -15°, 0°, 15°, 22,5°, 30°, 45° en 60°, waar u de grendelstandhendel kunt vastklikken.
- De zaag uit de onderste stand vrijzetten door de machinekop (4) lichtjes omlaag te drukken en tegelijk de borgbout (27) uit de motorbehuizing te trekken. Draai de borgbout (27) 90° voordat u hem loslaat, zodat de zaag ontgrendeld blijft. Machinekop (4) omhoogzwenken tot de ontgrendelhefboom (3) vastklikt.
- De spaninrichting (8) kan zowel links als rechts op de vaste zaagtafel (18) worden gemonteerd. Vastzetschroeven voor werkstukhouder (30) losdraaien.
- De rolsteun met eindaanslag (9) over een van de bevestigingsbeugels voor rolsteun (10) geleiden en deze op de vaste zaagtafel (18) monteren, overeenkomstige vastzetschroef (30) aandraaien (fig. 6).
- De tweede bevestigingsbeugel voor rolsteun (10) aan de overkant van de zaag monteren en borgen met de overeenkomstige vastzetschroef (30).
- De machinekop (4) kan alleen links tot max. 45° schuin worden gesteld door de vastzetschroef (22) los te draaien.
- Wordt de zaag zonder onderstel gebruikt, dient de steunvoet (32) om te voorkomen dat de zaag naar voren kantelt terwijl u met de zaag werkt. Draai daarvoor de steunvoet (32) eruit tot hij het opsteloppervlak van de zaag raakt.
6.3 Onderstel monteren en zaag op het onderstel vastschroeven (fig. 4-25)
- De standvoeten (A) van onderen in de tussenverstijvingen (C) steken, zoals voorgesteld in fig. 7. Zorg ervoor dat de rubbervoeten op de standvoeten (A) georiënteerd zijn, zodat de contactvlakken recht zijn.
- Standvoeten (A) op de tussenverstijvingen (C) vastschroeven met behulp van schroeven (N), sluitringen (H) en moeren (G), zoals voorgesteld in fig. 8-9.
NL
- Zijgedeelten (B) van boven over de tussenverstijvingen (C) geleiden (fig. 10).
- Zijgedeelten (B) op elke verbindingsplaats op de tussenverstijvingen (C) vastschroeven m.b.v. 3 schroeven (L), sluitringen (K) en moeren (I) (fig. 11-12).
- De beide onderste dwarsverstijvingen (E) in de overeenkomstige uitsparingen van één van de tussenverstijvingen (C) steken tot tegen de aanslag (fig. 13). Onderste dwarsverstijvingen (E) op de tussenverstijving (C) telkens vastschroeven d.m.v. 2 schroeven (L), sluitringen (K) en moeren (I), zoals voorgesteld in fig. 14-15.
- Op dezelfde helft van het onderstel de beide bovenste dwarsverstijvingen (F) in de overeenkomstige uitsparingen van het zijgedeelte (B) schuiven tot tegen de aanslag (fig. 16). Telkens een hoekverstijving (D) mede in de uitsparing van het zijgedeelte (B) steken. Let wel dat de hoekverstijvingen (D) telkens slechts aan één kant van het onderstel passen; dit is het geval als de gaten in het zijgedeelte (B), in de bovenste dwarsverstijvingen (F) en in de hoekverstijvingen (D) overeenstemmen (fig. 17).
- Dan de bovenste dwarsverstijvingen (F), hoekverstijvingen (D) en het zijgedeelte (B) telkens vastschroeven met 2 schroeven (L), sluitringen (K) en moeren (I), zoals voorgesteld in fig. 18-19.
- De beide helften van het onderstel in elkaar steken zodat de onderste en bovenste dwarsverstijvingen (E, F) in de overeenkomstige uitsparingen op het zijgedeelte (B) en tussenverstijving (C) zitten (fig. 20).
- Onderste dwarsverstijvingen (E) op de tweede helft van het onderstel vastschroeven zoals beschreven onder 5. (fig. 21/1).
- Bovenste dwarsverstijvingen (F) op de tweede helft van het onderstel vastschroeven zoals beschreven onder 6. (fig. 21/2).
- De vier rubber buffers (32) aan de onderkant van de zaag aftrekken (fig. 22).
- De zaag op het onderstel plaatsen zodat de gaten waarin de rubberbuffers (32) zaten overeenstemmen met de 4 gaten aan de bovenkant van het onderstel. Dan de 4 schroeven (M) van beneden door het onderstel en de zaagvoeten steken en zaag op het onderstel vastschroeven d.m.v. de sluitringen (J) en moeren (I) (fig. 23-25).
6.4 Nauwkeurig instellen van de aanslag voor afkortsnede 90° (fig. 1, 26-28)
- De draaitafel (17) in de 0° stand fixeren.
- De vastzetschroef (22) losdraaien en met de handgreep (1) de machinekop (4) helemaal naar rechts neigen. 90° aanslagwinkelhaak (a) tussen zaagblad (7) en draaitafel (17) aanleggen.
- Contramoer (36) losdraaien en justeerschroef (38) draaien tot de hoek tussen zaagblad (7) en draaitafel (17) 90° bedraagt.
- Om deze afstelling te fixeren contramoer (36) terug aanhalen.
- Controleer daarna de stand van de wijzer (20) op de schaal (19). Indien nodig, wijzer (20) losdraaien m.b.v. de kruiskopschroevendraaier, maar de 0° stand van de schaal (19) brengen en vastzetschroef terug aanhalen.
- De aanslagwinkelhaak is niet bij de levering begrepen.
6.5 Nauwkeurig instellen van de aanslag voor versteksnede 45° (fig. 1, 26, 29-30)
- De draaitafel (17) in de 0° stand fixeren.
- De vastzetschroef (22) losdraaien en met de handgreep (1) de machinekop (4) helemaal naar links tot 45° neigen. 45°-aanslagwinkelhaak (b) tussen zaagblad (7) en draaitafel (17) aanleggen.
- Justeerschroef (37) draaien tot de hoek tussen zaagblad (7) en draaitafel (17) exact 45° bedraagt.
- De aanslagwinkelhaak is niet bij de levering begrepen.
7. Gebruik
7.1 Afkortsnede 90° en draaitafel 0° (fig. 1-3, 31) Bij snijbreedten tot ca. 100 mm kan de trekfunctie van de zaag in de achterste positie worden gefixeerd d.m.v. de vastzetschroef voor trekgeleiding (25).
Mocht de zaagbreedte meer dan 100 mm bedragen, dient erop te worden gelet dat de vastzetschroef voor trekgeleiding (25) los is en de machinekop (4) bewegelijk is.
Machinekop (4) naar de bovenste stand brengen. - Machinekop (4) aan de handgreep (1) naar achteren schuiven en, indien nodig, in deze stand fixeren. (naargelang de snijbreedte). Leg het te zagen hout op de aanslagrail (11) en op de draaitafel (17). - Het materiaal op de vaststaande zaagtafel (18) vastzetten m.b.v. de spaninrichting (8) zodat het tijdens het zagen niet kan verschuiven. Op de ontgrendelhefboom (3) drukken teneinde
de machinekop (4) vrij te zetten.
- AAN / UIT-schakelaar (2) indrukken om de motor in te schakelen.
- Bij gefixeerde trekgeleiding (25): met de handgreep (1) de machinekop (4) gelijkmatig en met lichte druk omlaag bewegen tot het zaagblad (7) het werkstuk heeft doorsneden. Bij niet gefixeerde trekgeleiding (25): Kop (4) van de machine helemaal naar voren trekken en dan met de handgreep (1) gelijkmatig en met lichte druk helemaal omlaag bewegen. Dan de machinekop (4) traag en gelijkmatig helemaal naar achteren schuiven tot het zaagblad (7) het werkstuk volledig heeft doorsneden.
- Na het zagen de machinekop (4) in zijn bovenste ruststand brengen en de AAN/UIT-schakelaar (2) loslaten.
Let op! Door de terughaalveer slaat de machine vanzelf omhoog, waarom de handgreep (1) aan het einde van de zaagsnede niet loslaten, maar de machinekop (4) langzaam en onder lichte tegendruk omhoog bewegen.
7.2 Afkortsnede 90° en draaitafel 0° - 45° (fig. 1-3, 32)
Met de afkortzaag kunnen afkortsneden van 0° tot 52° naar links en van 0° tot 60° naar rechts ten opzichte van de aanslagrail worden uitgevoerd.
- Draaitafel (17) loszetten door de vastzetgreep (14) los te draaien. Grendelstandhendel (13) indrukken, draaitafel (17) en wijzer (15) op de gewenste hoekmaat van de schaal (16) draaien en fixeren m.b.v. de vastzetgreep (14). De zaag heeft grendelstanden bij de posities -45°, -30°, -22,5°, -15°, 0°, 15°, 22,5°, 30°, 45° en 60° waar u de grendelstandhendel kunt laten vastklikken.
- De vastzetgreep (14) opnieuw aanhalen om de draaitafel (17) te fixeren.
- Zaagsnede uitvoeren zoals beschreven onder punt 7.1.
7.3 Versteksnede 0° - 45° en draaitafel 0° (fig. 1-3, 33)
Met de afkortzaag kunnen versteksneden naar links van 0° tot 45° ten opzichte van het werkvlak worden uitgevoerd.
- Spaninrichting (8), indien nodig, demonteren of aan de overkant van de vaststaande zaagtafel (18) aanbrengen. Machinekop (4) naar de bovenste stand brengen.
- De draaitafel (17) in de 0° stand fixeren.
- De vastzetschroef (22) losdraaien en de machinekop (4) naar links neigen m.b.v. de handgreep (1) tot de wijzer (20) de gewenste
maat op de schaal (19) aangeeft. Vastzetschroef (22) terug aanhalen en snede uitvoeren zoals beschreven onder punt 7.1.
7.4 Versteksnede 0° - 45° en draaitafel 0° - 45° (fig. 1-3, 34)
Met de afkortzaag kunnen versteksneden naar links van 0° tot 45° ten opzichte van het werkvlak en tevens van 0° tot 52° naar links of van 0° tot 60° naar rechts ten opzichte van de aanslagrail worden uitgevoerd (dubbele versteksnede).
- Spaninrichting (8), indien nodig, demonteren of aan de overkant van de vaststaande zaagtafel (18) aanbrengen. Machinekop (4) naar de bovenste stand brengen.
- Draaitafel (17) loszetten door de vastzetgreep (14) los te draaien.
- Met de handgreep (1) de draaitafel (17) op de gewenste hoek afstellen (zie hieromtrent ook punt 7.2).
- De vastzetgreep (14) opnieuw aanhalen om de draaitafel te fixeren.
- De vastzetschroef (22) losdraaien en met de handgreep (1) de machinekop (4) naar links op de gewenste hoekmaat neigen (zie hieromtrent ook punt 7.3). Vastzetschroef (22) opnieuw aanhalen.
- Zaagsnede uitvoeren zoals beschreven onder punt 7.1.
7.5 Snijdieptebegrenzing (fig. 35)
- Met de schroef (34) kan de snijdiepte traploos worden afgesteld. Draai te dien einde de kartelmoer op de schroef (34) los en klap de aanslag voor de snijdieptebegrenzing (35) naar buiten. Stel de gewenste snijdiepte in door de schroef (34) in- of uit te draaien en haal daarna de kartelmoer op de schroef (34) terug aan.
- Controleer de afstelling aan de hand van een proefsnede.
7.6 Spaanopvangbox (fig. 36-37, pos. 23)
De zaag is voorzien van een spaanopvangbox (23) voor spanen. De spaanopvangbox (23) kan op de afzuigadapter (33) worden gestoken.
Om de spaanopvangbox (23) leeg te maken klapt u die open, zoals in fig. 37 getoond, en klopt u die voorzichtig uit.
Op de afzuigadapter (33) kan ook een gepaste stofzuiginrichting worden aangesloten.
7.7 Verwisselen van zaagblad (fig. 1, 38-41) Netstekker uit het stopcontact verwijderen!
Machinekop (4) omhoogzwenken en in deze stand arreteren d.m.v. de borgbout (27). Op de ontgrendelhefboom (3) drukken en zaagbladbescherming (6) omhoog klappen tot de uitsparing in de zaagbladbescherming (6) boven de flenssschroef (39) is. - Met één hand de zaagasvergrendeling (5) indrukken en met de andere hand de sleutel (P) op de flenssschroef (39) aanzetten. - De zaagasvergrendeling (5) hard indrukken en de flenssschroef (39) langzaam met de wijzers van de klok mee draaien. Na maximaal een hele slag klikt de zaagasvergrendeling (5) vast. Draai dan met wat meer kracht de flenssschroef (39) met de wijzers van de klok mee los. - Draai de flenssschroef (39) er helemaal uit en neem de buitenflens (40) af. Neem het zaagblad (7) van de binnenflens af en trek het waar beneden eruit. - Flenssschroef (39), buitenflens (40) en binnenflens zorgvuldig schoonmaken. - Het nieuwe zaagblad (7) in omgekeerde volgorde monteren en aanhalen. - Let op! De afschuining van de tanden, d.w.z. de draairichting van het zaagblad (7), moet overeenkomen met de richting van de pijl op het huis. - Controleer of de veiligheidsinrichtingen naar behoren werken voordat u met de zaag verder werkt. Let op! Telkens na het verwisselen van zaagblad controleren of het zaagblad al loodrecht staande alsook op 45° gekanteld in het tafelinzetstuk (12) vrij draait. Let op! Het verwisselen en richten van het zaagblad (7) dient naar behoren te worden uitgevoerd.
7.8 Opbergvak voor reservezaagblad (fig. 42, pos. 28)
De zaag is voorzien van een opbergvak (28) voor een reservezaagblad. Bij het uitklappen van het opbergvak (28) dient u de grendelknop (29) aan de rechterzijde van de zaag te trekken en het opbergvak (28) tegelijkertijd uit te trekken.
7.9 Bedrijf laser (fig. 43-45, pos. 21)
Inschakelen: Breng de AAN/UIT-schakelaar laser (42) maar de stand "I" om de laser (21) in te schakelen. Een laserlijk wordt op het te bewerken stuk geprojecteerd die exact aanduidt langs waar het snijden dient te geleuren.
Uitschakelen: Breng de AAN/UIT-schakelaar laser (42) maar de stand "0".
Instellen van de laser: De laser kan, indien nodig, worden bijgere geld door de schroeven (41) wat los te draaien. Haal de schroeven aan het einde van de justeerwerkzaamheden terug aan. Let op! Niet rechtstreeks in het laserlicht kijken!
Verwisselen van batterijen: Zorg ervoor dat de laser (21) uitgeschakeld is. Verwijder het deksel van het batterijvak (43). Neem de afgewerkte batterijen eruit en verrang ze door nieuwe (2 x 1,5 volt type R03, LR 03 micro, AAA). Let bij het installeren op de juiste polariteit van de batterijen. Sluit het batterijvak opnieuw d.m.v. het deksel.
7.10 Transport (fig. 1-3)
Vastzetgreep (14) aanhalen om de draaitafel (17) te vergrendelen. - Ontgrendelhefboom (3) bedienen, machinekop (4) omlaagdrukken en arreteren d.m.v. de borgbout (27). De zaag is dan in de onderste stand vergrendeld. - Trekfunctie van de zaag in de onderste stand fixeren d.m.v. de vastzetschroef voor trekgeleiding (25). - Draag de machine aan de vaststaande zaagtafel (18) of, als de zaag op het onderstel is gemonteerd, aan de overeenkomstige greeproggen van het onderstel. - Om de machine opnieuw op te bouwen gaat u te werk zoals beschreven in punt 6.2.
7.11 Verwijderen van batterijen
Zorg ervoor dat de verpakking milieuvriendelijk wordt gerecycleerd. Let op een soort bij soort recyclage. Batterijen horen niet thuis in het gewone huisvuil. Elke verbruiker is wettelijk gehouden batterijen in te leveren op de daarvoor voorziene inzamelplaatsen. Stuur afgedankte batterijen naar iSC GmbH, Eschenstraße 6 in D-94405 Landau. Daar is door de fabrikant een behoorlijke verwijdering verzekerd.
8. Vervangen van de netaansluitkabel
Als de netaansluitkabel van dit gereedschap wordt beschadigd, dient deze door de fabrikant of door de Dienst na verkoop of een overeenkomstig gekwalificeerd persoon te worden vervangen om te voorkomen dat iemand in gevaar wordt gebracht.
9. Reiniging, onderhoud en bestellen van wisselstukken
Trek vóór alle schoonmaakwerkzaamheden de netstekker uit het stopcontact.
9.1 Reiniging
- Houd de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiespleten en het motorhuis zo veel mogelijk vrij van stof en vuil. Wrijf het gereedschap met een schone doek af of blaas het met perslucht bij lage druk schoon.
- Het is aan te bevelen de machine onmiddellijk na elk gebruik schoon te maken. Maak de machine regelmatig met een vochtige doek en wat zachte zeep schoon. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen; die zouden de kunststofdelen van de machine kunnen aantasten. Zorg ervoor dat er geen water in de machine terecht kan komen.
9.2 Koolborstels
Bij bovenmatige vonkvorming laat u de koolborstels door een erkende elektricien nazien. Let op! De koolborstels mogen enkel door een erkende elektricien worden vervangen.
9.3 Onderhoud
Binnen in het toestel zijn er geen andere te onderhouden onderdelen.
9.4 Bestellen van wisselstukken:
Gelieve bij het bestellen van wisselstukken de volgende gegevens te vermelden:
type van het toestel, artikelnummer van het toestel, identnummer van het toestel, stuknummer van het gewenste wisselstuk
Actuele prijzen en info vindt u terug onder www.isc-gmbh.info
10. Afvalverwijdering en recyclage
De machine bevindt zich in een verpakking om transportschade te voorkomen. Deze verpakking is een grondstof en bijgevolg herbruikbaar of kan de grondstofkringloop terug in worden gebracht. De machine en haar accessoires bestaan uit diverse materialen, zoals b.v. metaal en kunststof. Ontdoet u zich van defecte onderdelen op de inzamelplaats waar u gevaarlijke afvalstoffen mag afgeven. Informeer u in uw speciaalzaak of bij uw gemeentebestuur!
11. Verwijderen van batterijen
Batterijen bevatten materialen die schadelijk zijn voor het milieu. Batterijen horen niet thuis bij het huisvuil. Gooi ze niet in het vuur of in het water. Batterijen moeten worden ingezameld, gerecycleerd of milieuvriendelijk verwijderd. Stuur afgedankte batterijen naar iSC GmbH, Eschenstraße 6 in D-94405 Landau. Daar is door de fabrikant een behoorlijke verwijdering verzekerd.


Enkel voor EU-landen
Elektrisch gereedschap hoort niet bij het huisvuil thuis.
Volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG op afgedankte elektrische en elektronische toestellen en omzetting in nationaal recht dienen afgedankte elektrische gereedschappen afzonderlijk te worden verzameld en milieuvriendelijk te worden gerecycleerd.
Recyclagealternatief i.p.v. het verzoek het toestel terug te sturen:
In plaats van het elektrische toestel terug te sturen is het alternatief dat de eigenaar van het toestel gehouden is mee te werken aan de adequate recyclage als het eigendom wordt opgegeven. Hiervoor kan het afgedankte toestel eveneens bij een inzamelplaats worden afgegeven waar het toestel wordt verwijderd als bedoeld in de wetgeving inzake afvalwerking en recyclage. Dit geldt niet voor toebehoren en hulpmiddelen zonder elektrische componenten die bij de afgedankte toestellen zijn bijgevoegd.
D
- Het product beantwoordt aan de eisen van EN 61000-3-11 en is onderworpen aan speciale aansluitvoorwaarden. Dat wil zeggen dat het gebruik op willekeurige vrij te kiezen aansluitpunten niet toegestaan is.
- Het toestel kan bij ongunstige netomstandigheden leiden tot tijdelijke spanningsschommelingen.
- Het product is uitsluitend bedoeld om te werken op aansluitpunten die a) een maximaal toegestane netimpedantie van 0,315 Ohm niet overschrijden of b) een permanente stroombelastbaarheid van het net van minstens 100 A per fase hebben. U dient zich als gebruiker ervan te vergewissen, indien nodig in overleg met uw energievoorzieningsmaatschappij, dat uw aansluitpunt waarop u uw product wilt gebruiken, aan een van de beide genoemde eisen a) of b) voldoet.
Nadruk of andere reproductie van documentatie en geleidepapieren van de producten, geheel of gedeeltelijk, is alleen toegestaan met uitdrukkelijke toestemming van ISC GmbH.

Technische wijzigingen voorbehouden

GARANTIEBEWIJS
Onze producten zijn aan een strenge kwaliteitscontrole onderhevig. Mocht dit apparaat echter ooit niet naar behoren functioneren, dan spijt het ons ten zeerste en vragen wij u om contact op te nemen met onze servicedienst op het adres vermeld op dit garantiebewijs. Wij staan ook graag telefonisch tot uw dienst via het hieronder vermelde servicetelefoonnummer. Voor vorderingen in verband met garantie geldt het volgende:
- Deze garantievoorwaarden regelen bijkomende garantieprestaties. Uw wettelijke garantieclaims blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor u gratis.
- De garantieprestatie heeft uitsluitend betrekking op gebreken die te wijten zijn aan materiaal- of fabricagefouten en is beperkt tot het verhelpen van deze gebreken of het vervangen van het apparaat. Wij wijzen erop dat onze apparaten overeenkomstig hun bestemming niet geconstrueerd zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Een garantieovereenkomst komt daarom niet tot stand als het apparaat in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. Uitgesloten van onze garantie zijn verzend- of transportschade, schade door niet-naleving van de montage-instructies of op grond van ondeskundige installatie, niet-naleving van de handleiding (zoals door b.v. aansluiting op een verkeerde netspanning of stroomsoort), oneigenlijke of onoordeelkundige toepassingen (zoals b.v. overbelasting van het apparaat of gebruik van niet-toegestane inzetgereedschappen of toebehoren), niet-naleving van de onderhouds- en veiligheidsbepalingen, binnendringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals b.v. zand, stenen of stof), gebruikmaking van geweld of invloeden van buitenaf (zoals b.v. schade door neervallen) alsmede normale slijtage die zich bij het doelmatig gebruik van het apparaat voordoet. Dit geldt vooral voor accu's waarop wij 12 maanden garantie geven. Er kan geen aanspraak op garantie worden gemaakt als op het apparaat reeds ingrepen werden uitgevoerd.
- De garantieperiode bedraagt 2 jaar en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat. Garantieclaims dienen voor het verloop van de garantieperiode binnen de twee weken na het vaststellen van het defect geldend te worden gemaakt. Het geldend maken van garantieclaims na verloop van de garantieperiode is uitgesloten. De herstelling of vervanging van het apparaat leidt noch tot een verlenging van de garantieperiode noch worden door deze prestatie een nieuwe garantieperiode voor het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstukken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het ter plaatse uitvoeren van een serviceactiviteit.
- Om een garantieclaim geldend te maken dient u het defecte apparaat franco op te sturen aan het hieronder vermelde adres. Voeg het originele verkoopbewijs of een ander gedateerd bewijs van aankoop bij. Gelieve daarom de kassabon als bewijs goed te bewaren! Wij verzoeken u de reden van de klacht zo nauwkeurig mogelijk te beschrijven. Valt het defect van het apparaat binnen onze garantieprestatie, dan bezorgen wij u per omgaande een hersteld of nieuw apparaat terug.
Uiteraard staan wij ook tot uw dienst om, mits betaling van de kosten, defecten van het apparaat te verhelpen die buiten de garantieomvang vallen. Te dien einde stuurt u het apparaat naar ons serviceadres.