RWC177B4TPNP - Koelkast BERTAZZONI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis RWC177B4TPNP BERTAZZONI in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over RWC177B4TPNP BERTAZZONI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RWC177B4TPNP - BERTAZZONI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RWC177B4TPNP van het merk BERTAZZONI.
GEBRUIKSAANWIJZING RWC177B4TPNP BERTAZZONI
Beste nieuwe eigenaar van een Bertazzoni-apparaat,
Ik wil u bedanken voor uw keuze van een van onze prachtige producten voor uw huis.
Mijn familie is in 1882 begonnen met de productie van keukenapparatuur in Italië, en heeft een reputatie opgebouwd dankzij de kwaliteit van de techniek en de passie voor heerlijk voedsel.
Vandaag de dag onderscheiden onze producten zich door hun unieke mix van authentiek Italiaans design en superieure apparaattechnologie. Het is onze missie om producten te maken die perfect functioneren en vreugde brengen aan hun eigenaren.
Door mooie producten te maken reageren we op de flair van onze klanten voor fraai design. Door onze apparaten veelzijdig en gebruiksvriendelijk te maken, wordt koken met Bertazzoni een waar genot.
Deze handleiding helpt u uw Bertazzoni-apparaat op de veiligste en meest effectieve manier te gebruiken en te onderhouden, zodat het u de komende jaren uiterst tevreden zal stellen.
Geniet ervan!
Paolo Bertazzoni
Voorzitter
Pardo Seetozou
GELDIGHEID VAN DE GEBRUIKERSHANDLEIDING
De volgende handleiding is alleen geldig voor de productcode RWC177B4TPNP.
BELANGRIJKE VEILIGHEIDS- EN MILIEU-INFORMATIE 103
ALGEMENE INFORMATIE 103
INFORMATIE OVER DE HANDLEIDING 103
VEILIGHEIDSINFORMATIE 104
ZORG VOOR HET MILIEU 106
CONFORMITEIT 106
ENERGIEBESPARING 107
DE REKKEN VERWIJDEREN 117
CONTROLEER OF DE DEUR GOED AFSLUIT 118
GEBRUIKER EN ONDERHOUD 119
GEBRUIK 119
VOOR HET EERSTE GEBRUIK 119
INTERNE OPBERGRUIMTE 120
AANBEVELINGEN VOOR HET BEWAREN EN SERVEREN VAN WIJN 122
BEDIENINGSPANEEEL 125
VERZORGING EN ONDERHOUD 127
INSTRUCTIES VOOR HET VERVANGEN VAN LED-LAMPEN 127
REINIGING VAN DE BINNENKANT 127
ONTDOOIEN 127
GELUIDEN EN BETEKENIS 127
STROOMSTORING 127
PROBLEMEN OPLOSSEN 128
FOUTCODES 129
GARANTIE 130
GARANTIE EN SERVICE 130
ALGEMENE INFORMATIE
INFORMATIE OVER DE HANDLEIDING
Deze instructies zijn geldig voor verschillende soorten apparaten en dus kunnen ze beschrijvingen of functies bevatten die uw apparaat niet bevat of ondersteunt.
De afbeeldingen en illustraties in dit document verwijzer naar diverse modellen en kunnen enigszins afwijken van het gekochte product.
De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor persoonlijk letsel of materiële schade veroorzaakt door een onjuiste installatie of een oneigenlijk gebruik van het apparaat.
De fabrikant behoudt zich het recht voor om de verschillende modellen naar noodzaak te wijzigen om te voldoen aan de geldende technische voorschriften.
Neem in geval van klachten contact op met de klantenservice. Lees de aanwijzingen van deze handleiding aandachtig door voordat u het apparaat installeert en/of gebruikt. Op deze manier leert u uw nieuwe apparaat kennen. Houd dit document onder handbereik, zodat u het op elk moment kunt raadplegen, en overhandig het aan eventuele volgende eigenaren.
Lees de veiligheidsberichten in de inleiding van deze handleiding en besteed de nodige aandacht aan veiligheidsaanwijzingen zoals: "Opgelet", "Waarschuwing" en "Gevaar" die in de tekst worden aangegeven.

GEVAAR
Dit symbool duidt op een situatie die gevaarlijk is voor u en voor anderen. Lees de informatie zorgvuldig door en zorg ervoor dat u de oorzaken van potentieel gevaarlijke of dodelijke ongevallen perfect hebt begrepen.

WAARSCHUWING
Dit symbool duidt op veiligheidsinformatie. Lees de informatie zorgvuldig door en zorg ervoor dat u de oorzaken van potentieel gevaarlijke ongevallen perfect hebt begrepen.

OPGELET
Dit symbool duidt op een procedure die de structuur of de onderdelen van het apparaat in gevaar kan brengen. Besteed bijzondere aandacht aan deze procedures.

OPMERKING
Dit symbool markeert methoden of procedures voor het correcte gebruik van het apparaat.
Het model, de verkoopcode en het serienummer zijn op het typeplaatje gedrukt. Raadpleeg het deel Specificaties van deze handleiding voor de plaats van het typeplaatje.

OPMERKING
We adviseren om de gegevens en de serienummers van het apparaat te noteren zodat u ze, indien nodig, onmiddellijk binnen handbereik heeft.

OPMERKING
Vermeld de informatie van het typeplaatje om de aftersales- en onderdelenservices te verbeteren. Voor garantiedoeleinden heeft u tevens de installatiedatum en de naam van uw erkende dealer van Bertazzoni nodig.

WAARSCHUWING
Volg de standaard voorzorgsmaatregelen wanneer u het apparaat gebruikt. Lees alle instructies door voordat het apparaat wordt gebruikt. Bewaar deze instructies en overhandig ze aan elke volgende gebruiker.
VEILIGHEIDSINFORMATIE
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik in het woonomgevingen en soortgelijke toepassingen, zoals:
- Personeelskeukens in winkels, kantoren en andere werkomgevingen;
- in boerderijen en voor gebruik door gasten in hotels, motels en andere woonomgevingen;
- Omgevingen van het bed-and-breakfast type;
- Catering en soortgelijke non-retail toepassingen.
Het apparaat mag op geen enkele andere wijze worden gebruikt dan waarvoor het is bestemd. Het apparaat mag alleen worden gebruikt voor het bewaren van wijn.
De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die voortvloeit uit onjuist gebruik of onjuist vervoer.
Originele reserveonderdelen zijn 10 jaar na de aankoopdatum van het product leverbaar.
RISICO'S VOOR KINDEREN EN KWETSBARE PERSONEN VERMIJDEN
Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met verminderde lichamelijke of zintuiglijke vermogens of die gebrek aan ervaring en kennis hebben, tenzij iemand die verantwoordelijk is voor hun veiligheid toezicht op hen houdt of hen instructies heeft gegeven over het gebruik van het apparaat.
Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat ze met apparaat gaan spelen.
De reiniging en verzorging mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze onder toezicht staan van een volwassene.
Houd het apparaat en het snoer buiten het bereik van kinderen die jonger dan 8 jaar zijn.
- Zorg ervoor dat de stekker uit het stopcontact is gehaald tijdens installatie, onderhoud, reiniging en reparaties.
- Zorg er bij de installatie van het apparaat voor dat de voedingskabel niet afgekneld of beschadigd raakt.
- Als de voedingskabel van dit apparaat beschadigd is, moet het vervangen worden door de fabrikant, de klantendienst of een gelijkaardig gekwalificeerd persoon. Verkeerde installaties en reparaties kunnen een aanzienlijk risico voor de gebruiker vormen.
- Gebruik geen adapter. Gebruik geen verlengsnoer.
- Steek de stekker niet in het stopcontact als het stopcontact los zit. Trek niet aan de kabel om de stekker van het apparaat uit het stopcontact te trekken.
- Haal de stekker uit het stopcontact als u tijdens het gebruik een storing ondervindt. Als het apparaat niet goed werkt, moet het buiten gebruik geplaatst worden tot het door een erkend assistentiecentrum is
gerepareerd. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die voortvloeit uit procedures die door onbevoegde personen zijn uitgevoerd.
- Was het apparaat nooit door er water op te gieten, te gooien of te spuiten. Raak de stekker nooit met natte handen aan.
- Gebruik nooit stoom of stoomreinigers om de koelkast schoon te maken of te ontdooien. Als stoom met de elektrische onderdelen van de koelkast in aanraking komt, kan een kortsluiting of elektrocutie worden veroorzaakt.
- Sluit uw koelkast nooit aan op een energiebesparend apparaat. Dergelijke systemen zijn schadelijk voor uw apparaat.
EXPLOSIEGEVAAR
- Gebruik geen enkel elektrisch apparaat binnenin de voedselopslagcompartimenten.
- Gebruik geen mechanische apparaten of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, gebruik alleen degene die door de fabrikant worden aanbevolen.
- Bewaar geen explosieve stoffen, zoals spuitbussen met een ontvlambaar drijfgas, in dit apparaat.
- Flessen met sterk alcoholische dranken moeten zeer is goed gesloten en verticaal opgeslagen worden.
GEVAAR VOOR LETSEL
- Plaats geen koolzuurhoudende dranken in blikjes of glazen houders in het vriescompartiment. Ze kunnen het ontploffen.
- Gebruik nooit koelkastonderdelen zoals de deur of laden om tegen te leunen of als opstapje. Hierdoor kan het apparaat kantelen of beschadigen.
- Ga niet op het apparaat zitten en plaats er geen zware voorwerpen op.
- Ga niet op de deur of op open lades zitten of leunen. Neem de deur of handgreep niet vast om het apparaat te verplaatsen.
Zet de koelkast niet te vol. Voorwerpen in de koelkast kunnen vallen wanneer de deur wordt geopend, wat letsel of materiële schade kan veroorzaken. - Zorg ervoor dat u uw handen of een ander lichaamsdeel niet in bewegende delen van de koelkast (bijv. automatische ijsmaker) steekt.
VERSTIKKINGSGEVAAR
- De verpakkingsmaterialen kunnen een gevaar voor kinderen vormen. Laat kinderen niet met plastic zakjes, plastic folie of polystyreen spelen.
- Als er een slot op de deur van het apparaat zit, moet de kersleutel buiten bereik van kinderen worden bewaard.
GEVAAR VOOR VOEDSELVERGIFTIGING
- Plaats rauw vlees en vis in geschikte houders in de koelkast om te voorkomen dat ze met ander voedsel in aanraking kunnen komen of erover lekken.
- Laat de deur niet lang open staan om te vermijden dat de temperatuur in de compartimenten van het apparaat aanzienlijk stijgt.
- Reinig regelmatig de oppervlakken die in aanraking kunnen komen met voedsel en de toegankelijke drainagesystemen.
- Schakel de koelkast uit, laat hem ontdooien, reinig en droog hem en lat de deur op een kier staan om te vermijden dat schimmel in het apparaat kan groeien als de koelkast lange tijd niet zal worden gebruikt.
BRANDGEVAAR/WAARSCHUWING VOOR ISOBUTAAN

Het koelcircuit van het apparaat bevat isobutaan (R600a). Dit is een natuurlijke gas met een hoog niveau van milieuvriendelijkheid dat echter brandbaar is.
Zorg er tijdens het transport en de installatie van het apparaat voor dat de onderdelen van het koelcircuit niet beschadigd raken.
Als het koelcircuit beschadigd raakt:
- vermijd open vuur en ontstekingsbronnen.
- ventileer grondig de kamer waarin het apparaat staat.

OPMERKING
Blijf de buurt van het gas als het apparaat beschadigd is of als u een gaslek waarneemt. Het kan brandwonden door koude veroorzaken als het in aanraking komt met de huid.

OPMERKING
Het gastype dat gebruikt wordt in dit product staat op het gegevenslabel dat is aangebracht op de binnenwand aan de linkerkant van de koelkast.

OPGELET
- Beschadig gebieden waar koelmiddel circuleert niet met boor- of snijgereedschap. Als de gaskanalen in de verdamper, de verlengstukken van de slangen of de oppervlaktecoatings zijn doorboord, kan het koelmiddel naar buiten worden geblazen, wat huidirritatie en oogletsel kan veroorzaken. Gebruik geen puntige of scherpe werktuigen om rijp of ijslagen te verwijderen. De koelmiddelleidingen kunnen daardoor beschadigd raken. Lekkend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of ontbranden.
- Probeer brand/vlammen nooit te blussen met water, maar schakel het apparaat uit en dek de vlammen af, bijv. met een blusdeken.
- Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen in de koelkast niet worden afgedekt of geblokkeerd door voorwerpen.
ZORG VOOR HET MILIEU

Dit apparaat voldoet aan de Europese RoHsrichtlijn 2012/19/EU.
Dit apparaat is gemarkeerd in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EG inzake afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA).
Deze richtlijn bevat de voorschriften voor de inzameling en recycling van afgedankte apparatuur in de gehele Europese Unie.

WAARSCHUWING
Zorg ervoor dat oude en versleten apparaten onbruikbaar worden gemaakt voordat u ze afvoert. Dit doet u door de stekker eruit te halen, het netsnoer door te knippen en de clips of klikbouten te verwijderen of te vernietigen. Hiermee wordt voorkomen dat kinderen zich tijdens het spelen in het apparaat opsluiten (verstikkingsgevaar) of op een andere manier hun leven in gevaar brengen.

Het symbool van de doorgestreepte vuilnisbak op het product geeft aan dat Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur (AEEA) niet verwijderd mag worden met gewoon stedelijk afval, maar gescheiden moet worden ingezameld, zodat ze op speciale manier verwerkt kan worden met het oog op het hergebruik of de specifieke behandeling voor de veilige verwijdering en verwerking van eventuele stoffen die schadelijk zijn voor het milieu e voor het scheiden van grondstoffen die gerecycled kunnen worden.
Derhalve moet AEEA worden ingeleverd bij recyclingcentra die beheerd worden door gemeentelijke instanties of afvalverwerkingsbedrijven. Verder kan de AEEA bij de aankoop van een nieuw apparaat worden afgeleverd aan de detailhandelaar, die verplicht is om het gratis terug te nemen (terugname "1 tegen 1"). "Zeer kleine" AEEA (maximale afmeting 25 cm) kan gratis bij de detailhandelaars worden ingeleverd, ook als er geen nieuw apparaat wordt aangeschaft (terugname "0 tegen 1" - dit is echter alleen verplicht voor winkels met een verkoopoppervlak boven de 400 m).
Het apparaat dat u hebt aangeschaft voldoet aan de RoHS-richtlijn van de EU (2011/65/EU). Het bevat geen materialen die in de richtlijn als schadelijk of verboden worden aangemerkt. Dit apparaat bevat geen schadelijke stoffen voor de ozonlaag, noch in het koelcircuit en net zomin in de isolatie.
In overeenstemming met de nationale milieuvoorschriften zijn onze apparaten verpakt met niet-vervuilende en recyclebare materialen:
en Verwijder de verpakking op een milieuvriendelijke wijze.
- Vraag uw dealer om de plaatselijke autoriteiten informatie over de momenteel geldende afvalverwijdering in te winnen.
Voor controles in verband met EcoDesign moeten de installatie en opstelling van het apparaat in overeenstemming zijn met de norm EN 62552. - Ventilatie-eisen, afmetingen en minimumafstand tot de achterwand staan vermeld in de installatiehandleiding.
- Neem contact op met de fabrikant voor meer informatie.
CONFORMITEIT
Besteed speciale aandacht aan de correcte afvalverwijderingsprocedures voor alle verpakkingsmaterialen. Voor de afvalverwijdering:
- Sluit de voedingsspanning af.
- Haal de stekker uit het stopcontact en snijd de voedingskabel af.
- Voorkom dat het koelcircuit tijdens de afvalverwijdering beschadigd raakt.
voo Door aanbrenging van het € merkteken op dit product de bevestigen we de naleving van alle relevante Europese veiligheids-, gezondheids- en milieuvereisten die wettelijk op dit product van toepassing zijn.
ENERGIEBESPARING
Voor een optimale energiebesparing raden we het volgende aan:
- Installeer het apparaat uit de buurt van warmtebronnen, uit direct zonlicht en in een goed geventileerde ruimte.
- Vul de compartimenten niet te veel, omdat dit verhindert dat lucht goed circuleert.
- In het geval van een stroomstoring is het raadzaam de deur van de koelkast gesloten te houden.
- Open de deuren van het apparaat zo weinig en telkens zo kort mogelijk.
- Zorg ervoor dat het apparaat voldoende geventileerd is. Zorg ervoor dat ventilatieopeningen nooit zijn afgedekt.
- Bedek de rekken nooit met aluminiumfolie of ander materiaal dat de luchtcirculatie kan belemmeren.
- Als het apparaat langere tijd leeg blijft staan, is het raadzaam om de stekker uit het stopcontact te halen en, na grondige reiniging, de deur op een kier te laten staan, zodat er lucht in het apparaat kan circuleren. Op die manier voorkomt u condensatie, schimmel of onaangename geuren.
Als u het apparaat op een andere plek wilt zetten, treft u de volgende voorzorgsmaatregelen:
- Haal alle producten uit het apparaat.
- Zet alle losse onderdelen (bijv. rekken) in het apparaat goed vast met tape.
- Draai de verstelbare poten op de basis met de klok mee totdat ze volledig omhoog staan, om te voorkomen dat u ze beschadigt.
- Gebruik tape om de deur gesloten te houden.
- Zorg dat het apparaat gedurende het transport altijd rechtop blijft staan.
- Bescherm het glas aan de buitenkant met een deken of dergelijke gedurende het transport.
2) Bedieningspaneel en temperatuurzone-verdeler
4) Elektromagnetische schakelaar

OPMERKING
De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn schematisch en komen mogelijk niet exact overeen met het product. Als uw product de beschreven onderdelen niet heeft, is de informatie van toepassing op andere modellen.
TECHNISCHE SPECIFICATIES
| ELEMENT | BESCHRIJVING |
| Type stekker | SCHUKO |
| Voltage 220 V – 240 V | |
| Frequentie 50 Hz | |
| Zekering 15 A | |
| Amperage 0.8 A | |
| Capacity | 88 Bordeaux bottles |
Koelmiddel, volume en overige technische specificaties kunnen op het typeplaatje worden gevonden.
KAMERTEMPERATUUR
De toegestane kamertemperatuur hangt af van de klimaatklasse:
| KLIMAATKLASSE | TOEGESTANE KAMERTEMPERATUUR |
| SN (Subnormaal) | + 10 °C tot + 32 °C |
| N (Normaal) | + 16 °C tot + 32 °C |
| ST (Subtropisch) | + 16 °C tot + 38 °C |
| T (Tropisch) | + 16 °C tot + 43 °C |
Informatie over de klimaatklasse kan op het typeplaatje worden gevonden.
VOORBEREIDING VOOR DE INSTALLATIE
Dit apparaat mag niet worden geïnstalleerd in de buhlet apparaat moet op alle elektrische aansluitingen worden van warmtebronnen, zoals verwarmingselementen of aangesloten volgens de landelijke en plaatselijke fornuizen, of op een vochtige locatie. voorschriften.
Roep bij het installeren van dit apparaat de hulp in een of twee andere personen. Dit apparaat kan scherp, randen hebben. Draag PBM die geschikt zijn voor de taak en het milieu.

- Gebruik de in hoogte verstelbare voetjes aan de voorkant van het apparaat om ervoor te zorgen dat het apparaat waterpas staat.
- Het koelsysteem aan de achterkant van het apparaat mag niet tegen de muur komen. Hoe meer ruimte, hoe beter.
- Het apparaat moet worden geïnstalleerd met voldoende ventilatie. Zorg ervoor dat er ruimte boven het apparaat is om lucht te laten ontsnappen en dat er ruimte is tussen de achterkant van het apparaat en de muur.
Steek de stekker van het apparaat in een gemakkelijk toegankelijk stopcontact dat alleen hiervoor wordt gebruikt.
Voor vragen over de stroomvoorziening en/of de elektrische aansluiting kunt u contact opnemen met een gekwalificeerde elektricien of een erkend productservicecentrum.
OPGELET
Gebruik geen verlengsnoeren of tweepolige adapters en verwijder niet de aardingsklem van de aardingskabel.

OPGELET
Een gekwalificeerd elektricien moet ervoor zorgen dat de polen van het stopcontact correct zijn aangesloten.
Controleer of de aarding van de contactdoos correct is.

WAARSCHUWING
Sluit het apparaat niet aan op elektronische energiespaarstekkers.
Het stopcontact moet aan de volgende voorschriften voldoen:
Wacht minstens 3 uur na de installatie voordat het apparaat op de stroomvoorziening wordt aangesloten om schade aan de compressor te vermijden.

BELANGRIJK
Gebruik geen verlengsnoeren en/of meervoudige adapters voor de aansluiting op de stroomvoorziening.
Als de elektrische bedrading of de stroomvoorziening van de woning moet worden aangepast, moeten de noodzakelijke procedures worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
Neem de volgende regels in acht:
- Het stopcontact of paneel moet in geval van nood gemakkelijk bereikbaar zijn; het mag niet achter het product worden verborgen.
- Om ongelukken te voorkomen, moet het snoer achter het apparaat worden vastgezet en mag het niet loshangen.
- Sluit geen andere stekkers aan achter dit apparaat. Als de vochtigheidsgraad hoog is wanneer het apparaat wordt gebruikt, kunnen de buitenoppervlakken corroderen. Houd de installatieruimte droog en goed schoon om corrosie te voorkomen.
- Noch de stekker, noch de kabel mag de achterkant van VENTILATIE het apparaat raken. Anders kan het apparaat beschadigd raken door trillingen van het apparaat. De warmte uit
Om het risico van elektrische schokken te voorkomen:
- Sluit de stekker aan op een geaard stopcontact.
- Verwijder de aardingspen van de stekker niet.
- Gebruik geen adapters.
- Gebruik geen verlengsnoeren.

OPGELET
Sluit de aardingskabel niet aan op de gasleiding. Laat de aarding controleren door een gekwalificeerd elektricien als u niet zeker weet of het apparaat geaard is. Installeer geen zekering op de nulgeleider of op het aardingscircuit.

OPGELET
Het niet opvolgen van deze instructies kan leiden tot brand, elektrische schokken of de dood. Als u de aardingsgeleider van het apparaat op de verkeerde plaats aansluit, kan dit leiden tot elektrische schokken. Laat de aarding controleren door een gekwalificeerde elektricien of onderhoudstechnicus als u twijfelt over de juiste aarding van het apparaat. Installatie, reparaties en andere procedures die worden uitgevoerd door niet-gekwalificeerde personen kunnen gevaren opleveren. Controleer voordat u het apparaat installeert of de parameters voor spanning, belasting en circuitstroom op de typeplaat overeenkomen met de stroomvoorziening in uw huis.
De warmte uit de koelruimte moet worden afgevoerd naar de lucht rond het apparaat. Een onjuiste ventilatie kan leiden tot voortijdige uitval van de compressor, een overmatig energieverbruik en een totale systeemstoring, en kan de garantie die bij het apparaat wordt geleverd ongeldig maken.
Er moet ergens in de kast een luchtinlaat zitten, zodat de lucht vrijelijk naar binnen kan stromen.
Er moet een uitsparing worden aangebracht in de plint onder het apparaat en deze moet netjes rond het rooster worden afgewerkt.
Als alternatief kan een dun gedeelte van de plint worden verwijderd om lucht in het apparaat te laten (600 x 10 mm)
De bovenkant van de kast moet worden ontlucht in de ruimte.
Als de kast het niet mogelijk maakt om de lucht vrij in de ruimte te laten stromen, moeten er een opening in de plint of andere ventilatiemethoden worden gebruikt om een natuurlijke luchtstroom te garanderen.
Er moet ruimte zijn aan de achterkant van de kast om koel lucht langs de condensor te kunnen laten stromen.
Aanbevolen: 500 x 50 mm.
De vrije ruimte aan de achterkant van het apparaat is duidelijk aangegeven.
Voor een goede werking van het apparaat is het belangrijk dat de bovenkant van de kast niet volledig afgedekt is. Een kanaaldiepte van 40-50 mm is normaal voor de meeste units.
In de plint van de kast is een ventilatieopening nodig; hierdoor kan lucht over de compressor worden gezogen en warmte worden uitgewisseld.
In de regel geldt dat hoe meer lucht in en uit kan komen, des te beter en efficiënter het product werkt.

OPMERKING
De ventilatieopening aan de voorzijde van het apparaat mag nooit worden afgedekt of op enigerlei wijze worden geblokkeerd.
AFMETINGEN KAST

text_image
A B C C D E F C G C
text_image
B I C H F J FRONT E BACK C CAfb. 2
A. 600 ~mm
B. 600 ~mm
C. 50 mm
D. 562 mm
E. 1779 mm
F. 581 mm
G. 500 ~mm
H. 15.5 mm
I. 18 mm
J. 19 mm
PRODUCTAFMETINGEN

text_image
G H I JAfb. 3
a. 18 mm dikte
A 596 mm
B 1800 mm
C 1560 mm
D 120 mm
E 416 mm
F 90 mm
Maximaal gewicht van het aangepast deurpaneel: 20 kg.
DE DEUR OMKEREN
We raden u aan om u door iemand te laten helpen de deuren te ondersteunen terwijl u deze handeling uitvoert.
Afhankelijk van de installatiepositie kan de opening van de kast van de wijnkoeler worden omgedraaid. Als dit nodig is, dient u dit te doen voordat u de wijnkoeler in de kast plaatst.
Kantel de wijnkoeler lichtjes naar achteren en zorg dat hij degelijk wordt ondersteund, zodat hij niet omvalt.
1) Zorg dat u de benodigde gereedschappen hebt en trek de stekker uit het stopcontact.
2) Verwijder de twee schroeven uit de bovenste en onderste scharnieren met een schroevendraaier en verwijder het metalen frame.
4) Bevestig het magneetkastje op de andere kant van het frame.
om

text_image
( ) →Afb. 7
5) Draai de deur 180° en zet hem vast aan de kast.

3) Verwijder de 2 schroeven uit het magneetkastje.

Zorg ervoor dat u de arm goed vastzet tijdens de procedure, om te voorkomen dat u uw vingers bezeert of de wijnkoeler beschadigt als de arm valt wanneer u de schroef losdraait.
Alle bovenstaande werkzaamheden moeten worden uitgevoerd terwijl de wijnkoeler is uitgeschakeld. Haal daarom eerst de stekker van de wijnkoeler uit het stopcontact.
INSTALLATIE-INSTRUCTIES (DEUR OP DEURSCHARNIER)
BESCHRIJVING AANTAL
![]() | Beugel | 2 |
![]() | Beugelafdekking | 2 |
![]() | Afdichtstrip | 1 |
![]() | Sleutel voor het afstellen van de onderste hoek | 1 |
![]() | M5x13 flensvlakbouten 4 | |
![]() | ST3.9x16 houtschroeven 11 | |
![]() | M5x16 bolkopbouten met ringen | 1 |
![]() | M5x30 bouten 2 | |
![]() | ST 4x35 zwarte schroeven met verzonken kop | 8 |
![]() | Deurbeugel | 1 |
| [4805] | Gebruikershandleiding | 1 |

OPMERKING
De stekker van het apparaat moet in het stopcontact zitten voordat u het apparaat installeert.
1) Schuif het apparaat in de houten kast met de scharnieren tegen de kast.

2) Open de deur en houd een afstand van 40,5 mm aan tussen de voorkant van de wijnkoeler en de buitenrand van de kastnis, zoals weergegeven in Afb. 10 . Bevestig de verbindingspennen met M5x13 flensvlakbouten aan het apparaat.

text_image
A BAfb. 10
A 40.5 mm
3) Bevestig de beugels aan de binnenwand van de kast met ST3.9x16 schroeven en monteer de beugelafdekkingen.
4) Bevestig de scharnieren aan de andere binnenwand va6) de kast met ST3.9x16 schroeven.

5) Druk de afdichtstrip in de gleuf tussen de zijkant van het apparaat waar de beugels zijn geinstalleerd en de kast.

Bevestig de deurbeugel vooraf aan het aangepaste deurpaneel met behulp van ST3.9x16 houtschroeven, en volg hierbij de afmetingen die zijn weergegeven in Afb. 6.

text_image
A B C D E FAfb. 13
A 596 mm
B 208 mm
C 180 mm
D 59 mm
E 1800 mm
F 90 mm

WAARSCHUWING
Let op dat u de beugel in de juiste richting installeert.
7) Hang het aangepaste deurpaneel met geïnstalleerde beugel op de glazen deur van de wijnkoeler.

8) Zet het aangepaste deurpaneel en de glazen deur aan elkaar vast met behulp van de M5x30 bouten. Door de M5x30 bouten omhoog of omlaag te draaien kunt u de spleet tussen de houten deur en de bovenkant van de kast afstellen. Monteer de M5x16 mm bolkopbouten met ringen totdat ze volledig zijn vastgeschroefd; stel vervolgens de positie van het paneel af door het naar rechts of links te verplaatsen om het op de kast te centreren. Nadat de juiste positie is gevonden, de bouten vastdraaien.

9) Maak de deurafdichting voorzichtig los van de binnenkant van de glazen deur, bevestig de zwarte schroeven met verzonken kop ST4x35 om de glazen deur volledig met het deurpaneel te verbinden. Plaats deurafdichting terug.

DE REKKEN VERWIJDEREN
1) Trek het wijnrek aan de voorzijde uit de telescopische de geleiders.

2) Trek het wijnrek naar voren. De bevestiging van de telescopische geleiders is aan de achterzijde vergrendeld in de positie die op de afbeelding is afgebeeld.

3) Trek het rek omhoog om het te verwijderen.

Het is normaal dat de afdichting wordt samengedrukt nadat het portier is omgekeerd. Als de deur gesloten is, gebruikt u een föhn om de afdichting uit te laten zetten en de opening tussen de deur en het apparaat zelf te vullen. Houd de föhn niet te dicht bij het apparaat, want dit zou de afdichting kunnen beschadigen.
Een afstand van ongeveer 10 cm zou geschikt moeten zijn. Laat na afloop de afdichting en de deur afkoelen voordat u ze aanraakt. Als dit is gebeurd, zou de afdichting op zijn plaats moeten blijven zitten.
Verwijder alle buiten- en binnenverpakkingen. Laat het apparaat minimaal twee uur rechtop staan voordat u stroom inschakelt.
Hiermee wordt de kans op storingen in het koelsysteem als gevolg van de hantering tijdens het transport verkleind.
- Maak de binnenkant van de koelkast schoon zoals aanbevolen in de paragraaf REINIGING EN VERZORGING. Zorg ervoor dat de binnenkant droog is voordat u het apparaat inschakelt.
- Steek de stekker van het apparaat in een geaard stopcontact. De binnenverlichting gaat branden wanneer de deur wordt geopend.
- Laat de wijnkoeler 6 uur werken voordat u er flessen in plaatst en open de deur niet als dit niet nodig is.
Tijdens de werking kunt de volgende normale geluiden horen:
Gezoem: De koelkast werkt. De ventilator van het luchtcirculatiesysteem is in werking.
- Pruttelende, zoemende, borrelende geluiden: als koelmiddel stroomt door de leidingen.
- Klikkend geluid: motor schakelt in of uit.
De deur van dit apparaat kan zowel naar links of naar rechts worden geopend. Bij de aflevering van het apparaat gaat de deur naar links open. Als u wilt dat de deur naar rechts opent, volgt u de instructies in paragraaf DE DEUR OMKEREN van deze handleiding.
Als u een beschadigd product hebt ontvangen, dient u onmiddellijk contact op te nemen met de dealer of distributeur waar u het product hebt gekocht.

OPMERKING
U hoort een geluid wanneer de compressor start. De vloeistoffen en gassen die in het afgedichte koelsysteem zitten, kunnen ook geluid veroorzaken, zelfs als de compressor niet draait. Dat is heel normaal.
U dient deze instructies voor de installatie, het gebruik en het onderhoud van het apparaat zorgvuldig door te lezen en op te volgen.
Lees het gedeelte over probleemoplossing in deze handleiding voor informatie over hoe u de meest voorkomende problemen kunt diagnosticeren en oplossen.

OPMERKING
De randen aan de voorkant van het apparaat kunnen warm aanvoelen. Dit is normaal. Deze gebieden zijn zo ontworpen dat ze warm zijn om condensatie te voorkomen.
INTERNE OPBERGRUIMTE
Deze wijnkoeler beschikt over 3 onafhankelijke temperatuurzones, elk instelbaar van 5 tot 20 °C.
De afbeeldingen in deze paragraaf tonen twee verschillende manieren om de flessen in de koeler te plaatsen. Volg de manier die het beste bij uw behoeften aansluit.
De houten schappen kunnen worden verwijderd om de opslagcapaciteit te vergroten, maar maken het apparaat minder praktisch voor dagelijks gebruik. Voor het verwijderen van een schap, zie paragraaf DE REKKEN VERWIJDEREN.
Voor de meest energiebesparende configuratie moeten de schappen in het apparaat worden geplaatst; zie de bovenstaande afbeeldingen.

In de onderstaande tabel vindt u de meest geschikte bewaartemperatuur voor elk type wijn. Vooral bij kostbare flessen is het raadzaam om de door de producent verstrekte instructies nauwkeurig op te volgen.
Om de organoleptische kwaliteiten van elke wijn optimaal te kunnen appreciëren, is het noodzakelijk dat de wijn bij bepaalde temperaturen wordt bewaard en geconsumeerd.
| TYPE WIJN | BEWAARTEMPERATUUR (°C°C) |
| Jonge en lichte witte wijnen | 10 - 12 |
| Rijpe en gestructureerde witte wijnen | 12 - 14 |
| Aromatische witte wijnen | 8 - 10 |
| Jonge en lichte roséwijnen | 10 - 12 |
| Rijpe, volle roséwijnen | 12 - 14 |
| Jonge rode wijnen | 10 - 14 |
| Jonge, iets tanninerijke en lichtrode wijnen | 14 - 16 |
| Rijpe, tanninerijke en volle rode wijnen | 16 - 18 |
| Zeer rijpe, tanninerijke en volle rode wijnen | 16 - 18 |
| Zoete en aromatische mousserende wijnen | 8 - 10 |
| Zoete en aromatische rode mousserende wijnen | 10 - 12 |
| Mousserende wijnen volgens de Charmat-methode | 8 - 10 |
| Mousserende wijnen volgens de Long Charmat-methode | 10 - 12 |
| Mousserende wijnen volgens de klassieke methode | 8 - 10 |
| Mousserende wijnen volgens de klassieke “Millesimato”-methode | 10 - 12 |
| Droge en halfdroge mousserende wijnen | 8 - 10 |
| Half-mousserende wijnen | 10 - 12 |
| Zoete mousserende wijnen van het type ‘Superieur’ | 10 - 12 |
| Versterkte wijnen, dessert- of strowijnen | 10 - 18 |
Witte wijnen
Mousserende wijnen volgens de klassieke of Charmatmethode
Witte wijnen worden normaal gesproken niet op een hoge
temperatuur geserveerd, omdat ze over het algemeen zuurder zijn dan rode wijnen en niet veel tannine bevatter Daarom zijn ze lekkerder bij een lage temperatuur.
Gezien de grote verscheidenheid aan mousserende wijnen opp de markt is het lastig om voor iedereen een geldige aanbeveling te doen.
Deze wijnen moeten bij voorkeur worden bewaard en geserveerd op een temperatuur tussen 10 °C en 14 °C (50 °F en 57 °F). Jonge, frisse en aromatische wijnen kunnen ook worden geserveerd op een temperatuur van 10 °C (50 °F), terwijl voor minder aromatische wijnen e temperatuur van 12 °C (54 °F) wordt aangeraden.
Temperaturen tussen 12 °C en 14 °C (54 °F en 57 °F) zijn
geschikt voor zachte, rijpe witte wijnen die een paar jaar fles hebben gerijpt. Hogere temperaturen zouden het zoet karakter van de wijn versterken, ten koste van de zuurgraad en de smaak, die juist als aangename en gewenste kenmerken voor dit soort wijn worden beschouwd.
Roséwijnen
Roséwijnen worden gewoonlijk op dezelfde temperatuur geserveerd als witte wijnen. Houd er echter rekening mee dat deze wijnen een bepaalde hoeveelheid tannine kunnen bevatten. Daarom kan het wenselijk zijn om ze op een hogere temperatuur te proeven, zodat ze niet te wrang worden. Daarom worden ze op een temperatuur tussen 10 en 12 °C (50 en 54 °F) geserveerd als ze jong en fris en op een temperatuur tussen 12 en 14 °C (54 en 57 ze steviger en rijper zijn.
Rode wijnen
Rode wijnen bevatten meer tannine en zijn minder zuur. Daarom worden ze meestal op een hogere temperatuur geserveerd.
Jongere en minder tanninerijke wijnen worden meestal aan geserveerd op een temperatuur tussen 14 en 16 °C (57 en 61 °F), terwijl vollere en meer tanninerijke wijnen kunnen worden geserveerd op een temperatuur van 16 °C (64 °F) en in uitzonderlijker gevallen zelfs een temperatuur van 18 °C (64 °F). Sommige wijnen die jarenlang op fles hebben gerijpt, en nog steeds vol en tanninerijk zijn, kunnen op 18 °C (64 °F) of zelfs op 20 °C (68 °F) worden geserveerd. Jonge rode wijnen met weinig tannine en minder structuur kunnen bij lagere temperaturen worden gedronken, tussen12 en 14 °C (54 en 57 °F).
Over het algemeen geldt dat zoetere en meer aromatische mousserende wijnen op lagere temperaturen geserveerd moeten worden, tot 8 °C (46 °F), dit in verband met hun aromatische karakter. Meer tanninerijke mousserende wijnen kunnen op hogere temperaturen, tot 14 °C (57 °F), worden geserveerd.
Doge mousserende wijnen volgens de Charmat- of Martinotti-methode, zoals sommige Prosecco's, moeten over het algemeen tussen 8 en 10 °C (46 en 50 °F) wordt geserveerd. Mousserende wijnen volgens de klassieke methode en de 'méthode Champenoise' zoals Champagne worden normaal gesproken ook op deze temperaturen geserveerd maar voor mousserende wijnen die al enige tijd gerijpt zijn, zoals Millesimati, kan men tot 12 °C (54 °F) gaan om de ontwikkeling van complexe aroma's te bevorderen.
Het is echter raadzaam, vooral bij de beste wijnen, om de op de fles vermelde aanbevelingen van de producent op te volgen.
zMousserende wijnen
°F) als
Voor half-mousserende wijnen gelden dezelfde temperatuuraanwijzingen als voor mousserende wijnen volgens de klassieke of Charmat-methode. Deze wijnen worden over het algemeen geserveerd op een temperatuur tussen 10 en 12 °C (50 en 54 °F). Voor droge en halfdrog mousserende wijnen wordt een iets lagere serveertemperatuur, tussen 8 en 10 °C (46 en 50 °F) aanbevolen.
Versterkte wijnen, dessert- of strowijnen
Dit type kan worden geserveerd op temperaturen tussen 14 en 18 °C (61 en 64 °F) afhankelijk van de persoonlijke smaak. Om de zoete smaak en het hoge alcoholgehalte te verzachten, kan dit type wijn ook worden geserveerd op 10 °C (50 °F).
Droge likeurwijnen, zoals bijvoorbeeld Marsala, bevatten zoveel suiker dat je ze niet in de mond proeft. Voor deze wijnen moet de serveertemperatuur worden ingesteld op basis van wat u wilt benadrukken. Als u de zoetheid van de wijn, de complexiteit van het boeket en de soberheid ervan wilt accentueren, kunt u deze het beste op een hoge temperatuur serveren, tussen 14 °C en 18 °C, waarbij u er rekening mee moet houden dat dit ook de alcoholcomponent zal versterken. Als u de frisheid ervan wilt benadrukken, moet de wijn op lagere temperaturen, tussen de 10 °C en 14 °C, worden geserveerd. Droge, frisse, jonge likeurwijnen kunnen ook op een koelere temperatuur van minder dan 10 °C worden geserveerd om de perceptie van alcohol aanzienlijk te verminderen. Hoe lager de serveertemperatuur, hoe lager de perceptie van aroma's. De aangename en complexe aroma's die kenmerkend zijn voor deze wijnen, vormen een welkome en interessante eigenschap: als u ze te koud serveert, gaat dit belangrijke aspect verloren.
BEDIENINGSPANEEEL

flowchart
graph TD
1 --> A["φ"]
2 --> B["1"]
3 --> C["3"]
4 --> D["4"]
5 --> E["5"]
6 --> F["6"]
7 --> G["7"]
8 --> H["8"]
9 --> I["9"]
10 --> J["10"]
11 --> K["11"]
12 --> L["12"]
13 --> M["13"]
Afb. 20
1) Aan/uit-knop
2) Sabbatmodus
3) Temperatuur bovenste zone
4) Knop voor verhogen van temperatuur bovenste zone
5) Knop voor verlagen van temperatuur bovenste zone
6) Temperatuur middelste zone
7) Knop voor verhogen van temperatuur middelste zone
8) Knop voor verlagen van temperatuur middelste zone
9) Temperatuur onderste zone
10) Knop voor verhogen van temperatuur onderste zone
11) Knop voor verlagen van temperatuur onderste zone
12) Lichtknop
13) Selectie Celsius en Fahrenheit
AAN/UIT-KNOP
Dient om het hele apparaat in of uit te schakelen. Druk 3 seconden op [1] om het apparaat in of uit te schakele Wanneer het apparaat wordt uitgeschakeld, wordt de verbinding met alle externe stroombronnen verbroken en schakelt het over naar de stand-bymodus.
KINDERSLOT ACTIVEREN/DEACTIVEREN
Het kinderslot voorkomt dat kinderen de instellingen van het apparaat veranderen. Druk de knoppen [12] + [13] tegelijkertijd in om het bedieningspaneel te vergrendelen/ontgrendelen.
Wanneer het kinderslot is ingeschakeld, knipperen de temperatuurwaarden op de digitale displays gelijktijdig gedurende 3 seconden, en klinkt er tegelijkertijd een geluidssignaal om aan te geven dat het display is vergrendeld. Deactiveer het kinderslot om instellingen te veranderen.
KNOPPEN VOOR TEMPERATUURREGELING
Druk op de knoppen [4] , [7] , [10] om de temperatuurwaarde te verhogen, de temperatuur wordt bij iedere druk op de knop 1 graad hoger. Druk op de knoppen [5] , [8] , [11] om de temperatuurwaarde te verlagen, de temperatuur wordt bij iedere druk op de knop 1 graad lager. De temperatuur kan in iedere temperatuurzone worden ingesteld tussen de 5°C (41°F) en 20°C (68°F).

OPMERKING
Wanneer u de temperatuur van de drie zones wijzigt, blijven de displays in eerste instantie de huidige temperatuur van de drie zones weergeven. De waarden in de displays zullen geleidelijk veranderen totdat de gewenste ingestelde temperaturen zijn bereikt. Het apparaat heeft enige tijd nodig om de nieuwe ingestelde temperatuur te bereiken. Dit is normaal.
SELECTIE VAN LICHTNUANCE, SELECTIE VAN HELDERHEID VAN HET LICHT ENTERTAINMENTMODUS
Het in- en uitschakelen van de LED-lichten is afhankelijk van het openen/sluiten van de deur. Wanneer de deur wordt geopend, worden de lichten automatisch ingeschakeld. Wanneer de deur wordt gesloten, worden of lichten uitgeschakeld om energie te besparen.
Om de lichtnuance te selecteren, drukt u op de knop [12] om de kleur van de LED-verlichting te veranderen, u heeft de keuze uit amber, blauw of wit.
Druk 3 seconden op de knop [12] om de entertainment-modus in te schakelen en het licht constant aan te houde ook wanneer de deur gesloten is. De displays van de drie temperatuurzones tonen het opschrift 'ON' voor 5 seconden. Na 5 seconden tonen de digitale displays opnieuw de ingestelde temperaturen in de 3 zones.
Om de helderheid van de lichten af te stellen, drukt u op [12] totdat in alle digital displays van de drie temperatuurzones "ON" wordt weergegeven. Druk binnen 5 seconden op [4], [5], [7], [8], [10], [11] om de helderheid van de LED-lichten in te stellen op een van zeven niveaus, L1 tot en met L7, die oplopen in helderheid
Om tussen Celsius en Fahrenheit om te schakelen, drukt u op de knop [13]. ledere druk op de knop bewerkstelligt een omschakeling. In de fabriek wordt standaard Celsius ingesteld.
eSHOWROOM-MODUS
Druk de knoppen [1] + [2] tegelijkertijd 3 seconden lang in om de functie in te schakelen.
Deze modus wordt gebruikt wanneer de koelkast is tentoongesteld in een winkel of wanneer u de koeling wilt uitschakelen en alle andere functies, met uitzondering van de binnenverlichting, wilt deactiveren. Als deze functie is ingeschakeld, geven de digitale displays van de 3 temperatuurzones allemaal "Sn" weer. Als er 72 uur lang geen knop wordt ingedrukt, wordt de modus automatisch gedeactiveerd. Druk [1] + [2] tegelijkertijd in om de showroom-modus op elk gewenst moment uit te schakelen.

OPMERKING
Bewaar geen producten in het apparaat in de showroom-modus, het apparaat blijft namelijk op kamertemperatuur.
SABBAT-MODUS
Druk op [2] om de functie in/uit te schakelen. Wanneer de functie voor de Sabbat-modus is ingeschakeld, worden alle lampjes, zoemers en digitale displays uitgeschakeld. De compressor en ventilator blijven wel gewoon werken. De modus wordt automatisch gedeactiveerd na 96 uur gebruik. Als het apparaat wordt uitgeschakeld, wordt de status vastgehouden. Druk op [2] om de Sabbat-modus op elk gewenst moment uit te schakelen.

WAARSCHUWING
Haal altijd de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat gaat schoonmaken of onderhouden.
INSTRUCTIES VOOR HET VERVANGEN VAN LED-LAMPEN
Voor een optimale binnenverlichting worden de apparaten van bovenaf verlicht met LED-strips en worden verschillende gedeelten direct verlicht met LED-lichten.
Bij storing en/of slijtage van het verlichtingssysteem moet de reparatie uitgevoerd worden door een gekwalificeerde servicetechnicus.
REINIGING VAN DE BINNENKANT
Om de binnenkant van de wijnkoeler schoon te maken, opent u de deur en verwijdert u de rekken. Veeg de binnenkant van het apparaat schoon met een schone doe en een mild schoonmaakmiddel, of met een zachte spons en een oplossing van natriumbicarbonaat en lauw water. Gebruik geen schurende producten of reinigingsmiddelen. Spoel na het wassen grondig af en maak goed droog.
Maak de houten schappen schoon met een zachte, iets vochtige doek. Gebruik geen zeep, schoonmaakmiddelen en/of sponzen die zowel houten als stalen oppervlakken kunnen beschadigen. Maak de rekken zorgvuldig droog voordat u ze terugplaatst in de wijnkoeler.

WAARSCHUWING
Gebruik geen azijn, reinigingsalcohol of reinigingsmiddel op alcoholbasis op de oppervlakken van de binnenkant.
Als het apparaat langere tijd niet zal worden gebruikt, haal dan de stekker uit het stopcontact en maak het apparaat schoon. De deuren moeten een beetje open blijven om schimmelvorming en onaangename geuren te voorkomen.
ONTDOOIEN
De wijnkoeler is ontworpen met een automatisch ontdooisysteem. Bij koudere instellingen kan er echter wat ijs ontstaan. Bovendien geldt: hoe vochtiger de omgevingsomstandigheden, hoe meer ijs er kan ontstaan. Houd de deur zoveel mogelijk gesloten en vermijd het onnodig openen van de deur om de vorming van ijs te minimaliseren.
Als de deur door ijsvorming niet goed sluit, moet u het apparaat mogelijk uitschakelen totdat het ijs is gesmolten (mogelijk tot 24 uur). Gebruik een zachte absorberende doek om het apparaat te drogen.

WAARSCHUWING
Zorg dat u de koelleidingen niet beschadigt.
GELUIDEN EN BETEKENIS
Deze wijnkoeler kan tijdens het gebruik enige normale geluiden produceren.
Harde oppervlakken, zoals de vloer of de muren, kunnen ervoor zorgen dat geluiden luider lijken dan ze in werkelijkheid zijn.
In onderstaande lijst vindt u de meest voorkomende geluiden en hun oorzaken:
- ratelen: veroorzaakt door stromend koelmiddel of door voorwerpen die op het apparaat zijn geplaatst.
- harde of hoge geluiden: de hoogefficiënte compressor kan bij normaal gebruik geluiden produceren.
- spatgeluid: veroorzaakt door water dat van de verdamper naar de waterbak stroomt.
gorgelend geluid: koelmiddel dat het apparaat in stroomt.
luchtgeluid: het is te horen dat er lucht door de condensorventilator over de condensor wordt geblazen.
STROOMSTORING
De meeste stroomstoringen zijn binnen een paar uur opgelost en hebben geen invloed op de temperatuur van het apparaat, zolang u de deur zo min mogelijk opent. Als de stroomstoring langer duurt, moeten er passende maatregelen worden genomen om de inhoud van het apparaat te beschermen.
Als u problemen hebt met uw apparaat, controleert u dit gedeelte voor probleemoplossing voordat u contact opneemt met de klantenservice.
Als het apparaat niet werkt, controleer dan of:
- Het apparaat stroom krijgt.
- De zekeringen in de woning intact zijn en de zekering de stekker niet is doorgebrand.
- Controleer of de koelkast niet uitgeschakeld is.
- Het stopcontact naar behoren werkt. Om dit te controleren, sluit u een ander elektrisch apparaat aan om te zien of het stopcontact defect is.
Als het apparaat wel werkt, maar niet erg goed, controleer dan of:
- Het apparaat niet overbelast is.
- De thermostaat is ingesteld op een geschikte temperatuur.
- De deuren goed sluiten.
- Het koelsysteem aan de achterkant van het apparaat schoon en stofvrij is en de muur erachter niet raakt.
- Er genoeg ventilatie is rond de zij- en achtermuren.
Als het apparaat niet koud genoeg is, controleer dan of:
- De temperatuur niet te hoog is ingesteld.
- Het apparaat niet naast een warmtebron is opgesteld.
- De deur niet te vaak of voor lange periodes wordt geopend.
- De deurafdichting goed afsluit.
- Het apparaat niet is ingesteld op de demo-modus.
- Het apparaat voldoende ventilatie heeft en volgens de in deze handleiding vermelde installatievereisten is geïnstalleerd.
Als het apparaat lawaai maakt, controleer dan of:
- Het apparaat horizontaal en stabiel staat.
- De rekken correct binnen het apparaat zijn geplaatst.
- De kamertemperatuur hoger is dan normaal.
- De deurafdichting goed afsluit.
- De deur niet te vaak of voor lange periodes wordt geopend.
- Het apparaat voldoende ventilatie heeft en volgens de in deze handleiding vermelde installatievereisten is geïnstalleerd.

OPMERKING
Het koelvloeistofgas in de koelkast kan een licht borrelend of gorgelend geluid maken, zelfs als de compressor niet draait.

OPMERKING
Bepaalde ploppende of krakende geluiden zijn normaal. Deze ontstaan doordat de binnenwanden uitzetten en krimpen als gevolg van temperatuurveranderingen.
^in Als het apparaat piept, controleer dan of:
- De deuren goed dicht zijn. Er klinkt een alarm nadat een deur 60 seconden open is.
Als zich overmatig ijs in het apparaat heeft gevormd:
- De omgeving is te vochtig.
- De kamertemperatuur is te laag.
- De deur wordt te vaak geopend.
- Het apparaat heeft een automatisch ontdooisysteem, maar onder bepaalde omstandigheden kan handmatig ontdooien noodzakelijk zijn. Als er zich regelmatig ijs vormt, probeer de koelkast dan op een hogere temperatuur te laten draaien en beperk het aantal keren dat u de deur opent. Ook kunt u de stekker uit het stopcontact halen om het ijs te laten smelten.
- Controleer de deurpakking op knikken, vuil en beschadiging. Als u dit opmerkt en het probleem niet zelf kunt oplossen, neem dan contact op met de klantenservice zodat de afdichting kan worden vervangen.
- Dit kan het gevolg zijn van kastdeur(en) die niet goed is (zijn) aangebracht. Als u het helemaal niet zeker weet, vraag dan uw installateur om de deuren van de kast te controleren.
Als een of meer led-units in het apparaat niet werken:
- Neem contact op met de klantenservice om een servicebezoek te regelen.
Als de behuizing van het apparaat onder stroom staat:
- Het apparaat is niet goed geaard. Neem contact op met uw elektricien om uw elektrische aardingssysteem te testen.
Wanneer er een storing optreedt, moet u contact opnemen met een servicetechnicus voor reparaties
| TOELICHTING CODE OPEN CIRCUIT CODE KORTSLUITING | |
| Bovenste zone sondes in kast | E1 E2 |
| Bovenste zone ijssonde | E3 E4 |
| Middelste zone sondes in kast | E5 E6 |
| Middelste zone ijssonde | E7 E8 |
| Bovenste zone sondes in kast | E9 E10 |
| Onderste zone ijssonde | E11 E12 |

OPMERKING
1) Wanneer er een foutcode is, zal de zoemer drie opeenvolgende alarmsignalen laten horen: "Tik", "Tik", "Tik", de foutcode knippert elke 10 seconden voor een cyclus en het alarm wordt geactiveerd.
Als u het alarmsignaal wilt uitschakelen, drukt u op de aan/uit-toets.
2) Elke keer dat er op een toets wordt gedrukt, laat de zoemer een "Tik" horen.

Bertazzoni zet zich in om de klanten e voorzien van een service van de hoogste kwaliteit. In het onwaarschijnlijke geval dat u product een fabricagedefect vertoont, vragen we u contact op te nemen met ons serviceteam:
https://nl.bertazzoni.com/zorg-en-service
Er zal u gevraagd worden de informatie van het product, het aankoopbewijs, een foto van het zilverkleurige typeplaatje en een beschrijving van het probleem te verstrekken. Zorg ervoor dat u deze informatie bij de hand heeft.









