Pure 23921 - Drone Revell - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Pure 23921 Revell in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Pure 23921 Revell
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Drone in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Pure 23921 - Revell en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Pure 23921 van het merk Revell.
GEBRUIKSAANWIJZING Pure 23921 Revell
Met nieuwe assistentiefunctie die ervoor zorgt dat de quadcopter auto matisch op de gewenste hoogte blijft
- Met stevige beschermring - Met Headless-Mode, flipfunctie en twee snelheidsniveaus
Veiligheidsaanwijzingen:
- Lees de handleiding voor de eerste inbedrijfstelling volledig door en zorg dat u deze begrijpt.
- Dit model is geschikt voor volwassenen en jongeren vanaf 14 jaar. Ouderlijk toezicht is vereist wanneer jongeren met de helikopter vliegen.
- Dit model is geschikt voor gebruik binnenshuis en bij droog weer en windstilte in de open lucht.
- Houd de handen, het gezicht en losse kleding uit de buurt van het model wanneer ermee wordt gevlogen.
- Schakel de zender en het model uit wanneer deze niet worden gebruikt.
- Verwijder de batterijen uit de zender wanneer deze niet wordt gebruikt.
- Houd het model steeds in het oog, zodat u er niet de controle over verliest. Als het model onoplettend en zorgeloos wordt gebruikt, kan aanmerkelijke schade het gevolg zijn.
- Bewaar deze handleiding goed. - Het model mag uitsluitend volgens de aanwijzingen in deze handleiding worden gebruikt.
- Rijd niet met het model in de buurt van personen, dieren, open water en elektriciteitsleidingen.
- Dit model is niet geschikt voor mensen met een licharnelijke of geestelijke beperking. Wij adviseren personen zonder ervaring met modelvoertuigen om het model onder leiding van een ervaren piloot te leien gebruiken.
- In zijn algemeenheid moet ervoor worden gezorgd, dat niemand gewond kan raken door de modelauto,
ook als er storingen optreden of de auto defect raakt.
- Het product mag uitsluitend worden gerepareerd of gewijzigd met toegelaten, originele onderdelen. Het model kan anders beschadigd raken of een gevaar vormen.
- Bedien het model, om risico's te voorkomen, altijd in een positie waarvanuit u eventueel snel kunt uitwijken.
Veiligheidsaanwijzingen voor vliegende modellen:
- U neemt met uw vliegmachine deel aan het luchtverkeer. U bent als piloot verantwoordelijk voor uw model, u bent aansprakelijk voor uw model en voor door het gebruik ontstane schade.
- Wanneer u uw vliegmachine commercieel wilt gebruiken, hebt u een opstijgvergunning nodig.
- Zorg dat u voor de eerste inbedrijfs-telling vertrouwd bent met de functies van het model.
- Controleer de correcte werking van het product voor elke vlucht.
• Volg de aanwijzingen van de fabrikant altijd op.
- Let altijd op wind, weersomstandigheden en eventuele hindernissen.
• U moet bemande vliegtuigen altijd
- Vlieg niet over vreemde privé terreinen, samenscholingen van mensen, militaire objecten, ziekenhuizen, energiecentrales, gevangenissen en dergelijke.
- Vlieg niet in de buurt van vliegvelden (<1,5 km).
Vlieg niet zonder direct visueel contact met het model, het moet zich altijd in direct zicht bevinden. Het is wettelijk verboden een model bijv. aan de hand van slechts een videobbeeld te besturen.
- Wanneer u zich niet aan deze veiligheidsaanwijzingen houdt, bent u eventueel strafbaar!
- Meer informatie en hulp is verkrijgbaar bij de vereniging voor onbemande luchtvaartsystemen: "http://www.uaydach.org".
- Het is sinds 2005 verplicht verzekerde te zijn voor modellen waarmee buiten wordt gevlogen. Neem hiervoor contact op met de verzekeringsmaatschappij waar u uw particuliere WA verzekering hebt afgesloten en zorg ervoor dat uw nieuwe en eerdere modellen door deze verzekering worden gedekt. Laat een schrifelijke bevestiging opmaken en bewaar deze goed. Als alternatief biedt de Deutsche Modellflieger Verband (DMFV, Duitse modelvliegersvereniging) op internet onder www.dmfv.aero een gratis proefildmaatschap aan incl. verzekerking.
Veiligheidsaanwijzingen met betrekking tot de zender:
- Voor de zender raden wij het gebruik van alkali mangaanbatterijen aan. Oplaadbare batterijen (accumulatoren) zijn een milieuvriendelijk alternatief voor wegwerpbatterijen voor deze zender en andere huishoudelijke elektrische apparaten.
- Als de de zender niet goed meer werkt, moeten er nieuwe batterijen worden geplaatst c.q. moeten de batterijen worden opgeladen.
Veiligheidsaanwijzingen m.b.t. batterijen:
- Oplaadbare batterijen moeten voor het laden uit de zender worden verwijderd.
- Niet-oplaadbare batterijen mogen niet worden opgeladen.
- Oplaadbare batterijen mogen alleen onder toezicht van volwassenen worden opgeladen.
- Gebruik geen batterijen van verschillende typen of nieuwe en gebruikte batterijen door elkaar.
- Gebruik uitslutend de aanbevolen batterijen of batterijen van een gelijkwaardig type. - Plaats batterijen altijd met de polen (+ en -) in de juiste richting. - Verwijder lege batterijen uit de zender. - De aansluitklemmen mogen niet worden kortgesloten. - Verwijder de batterijen uit de zender wanneer deze langere tijd niet wordt gebruikt.
Veiligheidsaanwijzingen bij de lader:
- Niet-oplaadbare batterijen mogen niet worden opgeladen.
- Deze lader is niet geschikt voor kinderen en voor personen met lichamelijke of geestelijke beperkingen of met ontoereikende kennis over en ervaring met laders, behalve onder toezicht van of na vakkundige instructie door een persoon die bevoegd is om de ouderlijke macht uit te defenen.
- Op kinderen moet toezicht worden gehouden - de lader is geen speelgoed! - De lader is specifiek afgestemd op het laden van de LiPo-accu van dit model. De lader mag uitsluitend worden gebruikt voor het laden van de modelaccu. Gebruik hem niet voor andere accu's of oplaadbare batterijen. - Transformatoren, adapters en laders die met het model worden gebruikt, moeten regelmatig worden gecontroleerd op schade aan kabels, stekkers, behuizingen en andere onderdelen. Eventuelle beschodigingen moeten eerst worden gerepareerd voordat de apparaten verder gebruikt morgen worden.
Het model is uitgerust met een LiPo-accu. Neem de volgende veiligheidsaanwijzingen in acht
- Werp LiPo-accu's nooit in het vuur en bewaar ze niet op hete plekken.
- Gebruik uitsluitend de meegeleverde lader om de accu op te laden. Bij gebruik van een andere lader kan de accu onherstelbaar beschadigd raken; dit kan ook leiden tot schade aan naburige onderdelen en tot persoonlijk letsel!
- Gebruik nooit een lader voor NiCd-/NiMH-accu's!
- Laad de accu steeds op op een vuurvaste ondergrond en in een brandveilige omgeving.
- Laat de accu niet onbeheerd achter tijdens het laden.
- Demonteer de contacten van de accu in geen geval en probeer ze niet aan te passen. Beschadig de cellen van de accu niet en maak ze niet open. Er bestaat ontploffingsgevaar!
• Houd de LiPo-accu buiten bereik van kinderen. - Accu's moeten ontladen zijn of de accucapaciteit moet uitgeput zijn voordat u ze weggooit. Dëk vrijliggende polen af met plakband om kortsluiting te voorkomen!
Onderhoud en verzorging:
- Neem het model alleen af met een schone, vochtige doek.
- Voorkom blootstelling van model, accu en batterijen aan direct zonlicht en/of directe inwerking van warmte.
- Zorg ervoor dat model, zender en lader nooit met water in contact komen; hierdoor kan de elektronica beschadigd raken.
Wijzigingen in techniek en kleur voorbehouden!
Benodigde accu voor het model: Voeding: =
Nominaal vermogen: 1 x DC 3,7 V / 2 Wh
Oplaadbare LiPo-accu (inbegrepen) Capaciteit: 520 mAh
Benodigde batterijen/accu's voor de zender:
Voeding: = DC 6 V
Batterijen: 4 x 1,5 V "AAA" (niet inbegrepen)

1 MODEL
2A Regelaar voor liftkracht en draaling. Kört loodrecht indrukken: Headless Mode Lang loodrecht indrukken: fliplunctie
2B Regelaar voor voor-/achteruit en zijwaarts vliegen. Kort, loodrecht indrukken: tweede snelheidsniveau
2C Trim voor draaaling
2D Irim voor voor- en achteruit
2E Trim voor zijwaarls
2F ON/OFF-schakelaar
2G Display
2H Alleen in besturingsmodus 1: trimregeling voor vooruit/achteruit
3 BATTERIJEN PLAATSEN (ZENDER)
3A Schroef de afdekking los en neem hem weg.
3B Plaats 4 AAA-batterijen van 1,5 V. Let op de richting van de polen, zoals aangegeven in het batterijvak.
3C Sluit de afdekking van het batterijvak en schroef hem vast.
4 HET MODEL OPLADEN
Let op: vóór het opladen en na elke vlucht moeten de accu en de motoren steeds 15 tot 30 minuten afkoelen, anders kunnen deze onderdelen beschadigd raken. Bij het laden moet steeds toezicht worden gehouden. Laad de accu steeds op op een vuurvaste ondergrond en in een brandveiligge omgeving.
4A
- Verwijder de accu uit het model om deze op te laden.
4B
- Steek de USB-stekker van de USB-lader in een willekeurige USB-poort van een computer of iets dergelijks, met een vermogen van ten minste 500 mA.
- Verbind de accu dan met de stekker van het USB-laadsnoer.
• Tijdens het laden brandt een led op de USB-lader. - Wanneer het laden is voltooid, gaat de led in de lader uit.
Na een laadtijd van ca. 80 minuten kan het model ca. 5 - 7 minuten vliegen.
Waarschuwing: De accu wordt gewoonlijk niet warm tijdens het laden. Als de accu toch warm of zelfs heet wordt en/of er veranderingen aan het oppervlak te zien zijn, moet het laden onmiddellijk worden algebroken!
5 STARTVOORBEREIDING
5A Schakel voordat u het model start de zender in en schuif de accu in het accuvak van het model.
5B Verbind de stekker van de accu daarna met de aansluiting in het model en zet het model op een vlakke, horizontale en stevige ondergrond. Na een korte initialisatiefase gaan de statusled's permanent branden en is het model klaar voor gebruik.
5C Beweeg de regelaar voor liftkracht en draaling 2A naar linksonder en tegelijk de regelaar voor voor-/achteruit en zijnwaarts vliegen 2B naar rechtsonder. Let op: wanneer beide regelaars helemaal naar beneden en naar buiten worden bewogen, worden de rotoren onmiddellijk uitgeschakeld, ook als het model in de lucht is. Beweeg de regelaar voor liftkracht en draaling 2A helemaal naar beneden en houdt hiem daar om de rotoren na de landing uit te schakelen.
5D Let op: het model wordt geleverd met een beschermring. Om deze te monteren, moeten eerst alle vier de rôtoren worden verwijderd. Brehg dan de beschermring van bovenaf aan en druk deze vast. Vlieg nooit met het model zonder gemonleeide beschermring.
Schakel na het vliegen eerst het model en daarna de zender uit. Koppel de accu los van het model en verwijder hem uit het model.
6 TRIMMEN VAN DE BESTURING
Voor een goed vlieggedrag van het model is het noodzakelijk dat de besturing juist is getrimd. Het afstellen van de trim is eenvoudig, maar er is wel wat geduld en gevoel voor vereist. Neem de volgende aanwijzingen in acht: Beweeg de liffkrachtregelaar voorzichtig naar boven en laat de helikopter opstijgen tot een hoogte van 0,5 à 1 meter.
6A Als het model vanzelf snel of langzaam naar links of rechts beweegt ... drukt u de trimregelaar voor zijwaarts vliegen (2E) een aantal maal in de tegenovergestelde richting.
6B Als het model vanzelf snel of langzaam om zijn as draait ... drukt u de trimknop voor draaien (2C) in de tegenovergestelde richting in.
6C Als het model vanzelf snel of langzaam naar voren of naar achteren beweegt ...
drukt u de trimregelaar voor vooruit/achteruit vliegen (2D) een aantal maal in de tegenovergestelde richting.
7 BESTURING
Het model is uitgerust met een automatische assistentiefunctie voor hoogtecontrole, die het vergemakkelijkt om snel te keren het model te besturen. De assistentiefunctie is een sensor die luchtdrukverschillen per ca. 10 centimeter hoogte kan meten en de quadcopter aan de hand daarvan op een bepaalde hoogte houdt. Zo kunt u zich de eerste keren concentreren op het voor-/achteruit en zijwaarls vliegen.
Let op: door externe invloeden kan het voorkomen dat de druk binnenin het model verandert, waardoor het model vanzelf langzaam slijgt of daalt. Dit is geen defect. In dit geval is het voldoende om kort tegen te sturen met de regelaar voor liftkracht en draafing 2A.
Opmerking: Voor een rustig vlieggedrag van het model hoeven de regelaars maar minimaal te worden bewogen! De richtingsindicales hebben betrekking op de vliegrichting terwijl het model van achteren wordt gezien. Als het model naar de piloot toe vliegt, moet in de betreffende tegenovergestelde richting worden gestuurd.
Schakel het model in zoals bij punt 5 en start de rotoren door de regelaars 2A en 2B naar beneden en naar buiten te drukken.
7A Beweeg de liftkracht-/draalingsregelaar (2A) voorzichtig naar voren om op te stijgen of hoger te gaan vliegen.
7B Beweeg de regelaar voor liftkracht/draaien (2A) naar achteren om te landen of lager te gaan vliegen.
7C Beweeg de regelaar voor voor- en achteruit en zijwaarts vliegen (2B) voorzichtig naar voen om vooruit te vliegen.
7D Trek de regelaar voor voor- en achteruit en zijwaarts vliegen (2B) voorzichtig naar achteren om achteruit te vliegen.
7E Beweeg de regelaar voor voor- en achteruit en zijwaarts vliegen (2B) voorzichtig naar links om naar links te vliegen.
7F Beweeg de regelaar voor voor- en achteruit en zijwaarts vliegen (2B) voorzichtig naar rechts om naar rechts te vliegen.
7G Beweeg de liftkracht-/draalingsregelaar (2A) naar links om het model linksom te laten draajen.
7H Beweeg de liftkracht-/draalingsregelaar (2A) naar rechts om het model rechtsom te laten draaien.
71 Als u loodrecht en kort (ca. 0,3 seconden) op regelaar 2A drukt, wordt Headless Mode
geactiveerd. Met de Headless Mode worden beginnende vliegers ondersteund, doordat de quadrocopter altijd in de richting vliegt waarin wordt gestuurd met de regelaar voor vooruit/achteruit en zijwaarts vliegen (2B), ongeacht de draaling die het toestel heeft ten opzichte van de piloot. Een voorbeeld: als het model 180° gedraaid is en u het naar u toe wilt laten vliegen, moet u voor uw gevoel achteruit vliegen en links en rechts omwisselen. Als de Headless Mode is geactiveerd, is dat niet meer nodig, omdat de interne processor de stuurrichtingen steeds automatisch omrekent. Door nogmaals op de knop 2A te drukken, wordt de Headless Mode weer gedeactiveerd.
Let op: Telkens bij het inschakelen registreeft het model uw oriëntatie. Dat betekent, dat u zich vervolgens bij het sturen niet mag draalen, omdat u dan in een andere stand komt ten opzichte van het model. Als u van positie bent veranderd en de Headless Mode toch wilt gebruiken - of als de stuurichting niet meer klopt door een botsing - moet het model opnieuw worden opgestart.
7) Als u loodrecht en lang (ca. 2 seconden) op regelaar 2A drukt, wordt de flipfunctie geactiveerd. Bij de volgende beweging van stuurregelaar 2B maakt het model een flip van 360° in de overeenkomstige richting. Zorg er hierbij voor dat het model op een veiligheidshoogte van ongeveer 2 meter vliegt en een voldoende opgeladen accu heeft.
7K Als u loodrecht, kort op regelaar 2B drukt, wordt het tweede snelheidsniveau geactiveerd. De zender piept tweemaal kort als bevestiging. Als u nogmaals op de knop drukt, wordt teruggeschakeld naar het eerste snelheidsniveau.
ACCUTOESTAND:
- Wanneer de aandrijving van het model minder krachtig begint te worden, is de accu bijna leeg. Land op tijd om te voorkomen dat het model neerstort.
AANWIJZINGEN VOOR VEILIG VLIEGEN
ALGEMENE VLIEGTIPS:
- Zet het model altijd op een vlakke ondergrond. Een schuin vlak kan het startgedrag van het model onder bepaalde omstandigheden negatiel beïnvloeden.
• Beweeg de regelaars altijd langzaam en met gevoel. - Houd het model altijd in het oog, kijk niet naar de zender!
- Beweeg de liftkrachtregelaar weer een beetje naar beneden zodra het model loskomt van de grond. Pas de liftkrachtregelaar aan om de vlieghoogte te handhaven.
- Beweed de liftkrachtregelaar iets naar boven als het model teveel daalt.
- Beweeg de liftkrachtregelaar weer iets naar beneden als het model teveel stijgt.
- Het is vaak al genoeg om de richtingsregelaar een heel klein beetje in de gewenste richting te tikken om een bocht te maken. De eerste keren dat met het model wordt gevlogen, heeft men meestal de neiging de regelaars te heftig te bedienen. Beweeg de regelaars altijd langzaam en voorzichtig, in geen geval snel en schokkenig.
- Beginners kunnen na het afstellen van de trim het best eerst de beheersing van de liftkrachtregelaar oefenen. Het model hoelt aanvankelijk niet per se rechtuit te vliegen. Het is better om eerst te proberen een constante hoodje van ongeveer een meter boven de grond te handhaver door de liftkrachtregelaar steeds kortstondig aan te raken. Oefen daarna pas met het naar links en rechts sturen van het model.
8 DE PROPELLERS VERVANGEN
Als de rotorbladen van het model beschadigd raken, moeten deze vervangen worden. Ga als volgt te werk:
8A Let bij het monteren op de correcte plaatsing van de rotoren.
8B Gebruik de meegeleverde rotortrekker om de rotoren naar boven toe los te trekken.
8C Druk de nieuwe rotor weer voorzichtig vast op de motoras.
9 GEAVANCEERDE INSTELLINGEN
Omschakelen tussen vliegmodus 1 en 2
Het begrip vliegmodus heeft betrekking op de toewijzing van de stuurregelaars:
Mode 1
Mode 2
Regelaar 2A: voor- en achteruit en draaing Regelaar 2B: liftkracht en zijwaarts
Regelaar 2A: liftkracht en draaing Regelaar 2B: voor-/achteruit en zijwaarts
9A Omschakelen naar mode 1:
• Houd regelaar 2A linksboven en regelaar 2B rechtsboven
- 7et tegelijk de ON/OFF-schakelaar 2F op ON (model blijft uit)
- Beweeg de regelaars 2A en 2B ten minste tweemaal helemaal door om ze te kalibreren
- Afsluitend een trimknop ten minste twee seconden vasthouden
9B Omschakelen naar mode 2:
• Houd de regelaars 2A en 2B linksboven
- Zet tegelijk de ON/OFF-schakelaar 2F op ON (model blijft uit)
- Beweeg de regelaars 2A en 2B ten minste tweemaal helemaal door om ze te kalibreren
- Afsluitend een trimknop ten minste twee seconden vasthouden
9C Omkeren van de stuurrichting van de regelaars
De stuurrichting van de regelaars kan worden aangepast in het setup menu. Gebruik deze functie alleen als u al voldoende ervaring met de omgang met het model hebt opgedaan (mode 2, het model ingeschakeld):
• Houd regelaar voor liftkracht 2A helemaal naar beneden
- Druk tegelijk de regelaar voor voor-/achteruit 2B ten minste een seconde lang verticaal naar beneden
• Op de display wordt 'SE' weergegeven. Keer nu de stuurrichtingen van de betreffende assen om met de trimknoppen
- Houd de regelaar voor voor-/achteruit 2B ten minste 2 seconden recht naar onderen gedrukt om de wijzigingen op te slaan en het menu te verlaten
9D Gevoeligheid van de stuurregelaars
Door de gevoeligheid van de stuurregelaars te veranderen, kan de vliegsnelheid van het model worden aangepast. Gebruik deze functie alleen als u al voldoende ervaring met het model hebt opgedaan (mode 2, het model uitgeschakeld):
- Beweeg regelaar voor liftkracht 2A helemaal naar beneden en houd hem daar. Druk regelaar voor voor /achteruit 2B ten minste een seconde lang verticaal naar beneden Laat wanneer 'SE' op de display wordt weergegeven alle regelaars los
- Druk nu de regelaar voor liftkracht 2A verticaal naar beneden. Elke keer dat er weer wordt gedrukt, wordt doorgeschakeld tussen draaling, voor- en achteruit en zijwaarts vliegen. Met drie knipperende punten in de trimbalk wordt aangegeven, wat er op dat moment kan worden gewijzigd
- Door op de betreffende trimregelaar te drukken, kan de gevoeligheid worden ingesteld op een waarde tussen 20 (langzaam) en 60 (snel)
- Houd de regelaar voor voor-/achteruit 2B ten minste 2 seconden recht naar onderen gedrukt om de wijzigingen op te slaan en het menu te verlaten
9E De sensoren opnieuw kalibreren
Soms kan het nodig zijn om de gyroscopische sensor van het model opnieuw te kalibreren. Controleer voordat u het model opnieuw kalibreert, of de accu vol is en de rotoren niet beschadigd zijn. Als het model nog steeds wegdrijft in een richting en het beschikbare timbereik niet voldoende is om dit te compenseren, ga dan als volgt te werk:
38 39
Mode 2:
- Model en zender ingeschakeld en verbonden
- Schakel over naar het tweede snelheidsniveau door regelaar 2B loodrecht in te drukken
• Houd nu regelaar 2A naar rechtsonder en beweeg regelaar 2B snel heen en weer - Wanneer de statusled's knipperen, is de procedure voltooid
Mode 1:
- Model en zender ingeschakeld en verbonden
- Schakel over naar het tweede snelheidsniveau door regelaar 2B loodrecht in te drukken
- Houd nu regelaar 2A naar rechtsonder, houd tegelijk ook regelaar 2B naar beneden en beweeg deze snel heen en weer
- Wanneer de statusled's knipperen, is de procedure voltooid
PROBLEEMOPLOSSING
Probleem: De propellers bewegen niet.
Oorzaak: A) Er is geen verbinding.
B) De accu is te zwak of leeg.
Oplossing: A) Alles uitschakelen en in de juiste volgorde inschakelen.
B) De accu opladen.
Probleem: Het model stopt zonder zichtbare oorzaak tijdens de vlucht en verliest hoogte.
Oorzaak: • De accu is te zwak
Oplossing: • De accu opladen.
Probleem: Het model kan niet worden bestuurd met de zender.
Oorzaak: A) De ON/OFF-schakelaar staat op „OFF".
B) De batterijen zijn verkeerd geplaatst.
c) De batterijen hebben niet väldoende energie meer.
Oplossing: A) Zet de ON/OFF-schakelaar op „ON"
B) Controleer of de batterijen juist zijn geplaatst.
c) Plaats nieuwe batterijen.
Probleem: Het model draait alleen nog om zijn hoogteas of slaat bij het starten over de kop.
Oorzaak: • Verkeerde rangschikking van de propellers.
Oplossing: · Propellers monteren zoals beschreven in de handleiding
Probleem: Het model wil geen loopings maken.
Oorzaak: · Accu te zwak.
Oplossing: · Accu opladen.
Probleem: Het model slaat over de kop bij het opstijgen.
Oorzaak: • De rotoren zijn verkeerd gemonteerd.
Oplossing: • Monteer de rotoren A en B volgens de montage-instructies.
Meer lips en trucs vindt u op www.revell-control.de
SERVICEAANWIJZINGEN
Op www.revell-control.de vindt u bestelmogelijkheden en vervangingstips voor reserveonderdelen, alsmede andere nuttige informatie over alle modellen van Revell Control.

23921
.Revel
Control
QUADROCOPTER
PURE
CARACTERÍSTICAS DESTACADAS
Quadrocóptero
Wetgeving voor inzameling van afgedankte elektrische en
elektronische apparatuur: Verwijder alle verbruikte batterijen afzonderlijk. Lever oude elektrische apparaten in bij uw gemeentelijke inzamelpunt voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. De overige onderdelen horen bij het huisvull. Dank voor uw medewerking!
Let op: Gevaar door hitteontwikkeling en draaiende onderdelen wanneer de auto in gebruik is! De auto mag alleen onder toezicht van volwassenen worden gebruikt
Hiermee verklaart Revell GmbH, dat dit product in overeenstemming is mel de fundamentele eisen en de overige toepasselijke bepalingen van de richtlijn 1999/5/EC. U kunt de conformiteitsverklaring vinden op www.revell-control.de.