SinePower DSP 212 - Batterijlader DOMETIC - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SinePower DSP 212 DOMETIC in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over SinePower DSP 212 DOMETIC
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Batterijlader in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SinePower DSP 212 - DOMETIC en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SinePower DSP 212 van het merk DOMETIC.
GEBRUIKSAANWIJZING SinePower DSP 212 DOMETIC
Montagehandleiding en gebruiksaanwijzing....99
DA Sinus ensretter
Lees deze handleiding voor de montage en de ingebruikname zorgvuldig door en bewaar hem. Geef de handleiding bij het doorgeven van het product aan de gebruiker.
Inhoudsopgave
1 Verklaring van de symbolen ....100
2 Algemene veiligheidsinstructies ....100
3 Omvang van de levering .....104
4 Reglementair gebruik ....104
5 Technische beschrijving .....105
6 Omvormer monteren....106
7 Omvormer aansluiten .....107
8 Omvormer gebruiken....108
9 Omvormer onderhouden en reinigen ....109
10 Verhelpen van storingen....110
11 Garantie....111
12 Afvoer 111
13 Technische gegevens....112
1 Verklaring van de symbolen

GEVAAR!
Veiligheidsaanwijzing: Het niet naleven leidt tot overlijden of ernstig letsel.

WAARSCHUWING!
Veiligheidsaanwijzing: Het niet naleven kan leiden tot overlijden of ernstig letsel.

LET OP!
Het niet naleven ervan kan leiden tot materiële schade en de werking van het product beperken.

INSTRUCTIE
Aanvullende informatie voor het bedienen van het product.
2 Algemene veiligheidsinstructies
2.1 Algemene veiligheid
De fabrikant kan in de volgende gevallen niet aansprakelijk worden gesteld voor schade:
• montage- of aansluitfouten
- beschadiging van het product door mechanische invloeden en overspanningen
- veranderingen aan het product zonder uitdrukkelijke toestemming van de fabrikant
- gebruik voor andere dan de in de handleiding beschreven toepassingen
Neem de volgende essentiële veiligheidsmaatregelen in acht bij het gebruik van elektrische toestellen, ter bescherming tegen:
- brandgevaar
- verwondingen
• elektrische schokken
2.2 Essentiële veiligheid

GEVAAR!
- Gebruik in het geval van brand een brandblusser die geschikt is voor elektrische toestellen.

WAARSCHUWING!
- Gebruik het toestel alleen volgens de voorschriften.
- Let erop dat de rode en zwarte klem elkaar nooit raken.
- Koppel het toestel los van het elektricieitsnet – voor iedere reiniging en ieder onderhoud – voor het vervangen van een zekering
- Als u het toestel demonteert: - Maak alle verbindingen los. - Zorg ervoor dat alle in- en uitgangen spanningsvrij zijn.
- Als het toestel of de aansluitkabel zichtbaar beschadigd zijn, mag u het toestel niet in gebruik nemen.
- Als de aansluitkabel van dit toestel wordt beschadigd, moet deze, om gevaren te vermijden, door de fabrikant, de betreffende klantenservice of een gelijkwaardig gekwalificeerde persoon vervangen worden.
- Reparaties aan dit toestel mogen uitsluitend door vakmonteurs uitgevoerd worden. Door ondeskundige reparaties kunnen grote gevaren ontstaan.
- Dit toestel kan door kinderen vanaf 8 jaar en ouder evenals door personen met verminderde fysieke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of tekortschietende ervaring en/of kennis gebruikt worden, als ze worden begeleid of hun is uitgelegd hoe ze het toestel veilig kunnen gebruiken. Ook dienen ze inzicht te hebben in de gevaren die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
- Elektrische toestellen zijn geen speelgoed!
Bewaar en gebruik het toestel buiten het bereik van kinderen.
- Er moet toezicht worden gehouden op kinderen, zodat ze niet met het toestel gaan spelen.

LET OP!
- Vergelijk voor de ingebruikneming de spanning op het typeplaatje met de aanwezige energievoorziening.
-
Let erop dat andere voorwerpen geen kortsluiting bij de contacten van het toestel veroorzaken.
-
Trek de stekker nooit aan de aansluitkabel uit het stopcontact.
- Bewaar het toestel op een droge en koele plaats.
2.3 Veiligheid bij de montage van het toestel

GEVAAR!
- Monteer het toestel niet op plaatsen waar gevaar voor gas- of stofexplosie bestaat.

VOORZICHTIG!
- Let op een stabiele stand! Het toestel moet zo veilig opgesteld en bevestigd worden, dat het niet kan omvallen of naar beneden kan vallen.

LET OP!
- Stel het toestel niet bloot aan een warmtebron (zonnestraling, verwarming enz.). Vermijd zo een extra opwarming van het toestel.
- Stel het toestel op een droge en tegen spatwater beschermde plaats op.
2.4 Veiligheid bij de elektrische aansluiting van het toestel

GEVAAR! Levensgevaar door stroomschok!
- Als u aan elektrische installaties werkt, zorg er dan voor dat er iemand in de buurt is die u in geval van nood kan helpen.

WAARSCHUWING!
- Sluit altijd slechts één verbruiker op de omvormer aan. Bij de aansluiting van twee of meer verbruikers kan er kortsluiting ontstaan.
- Zorg voor een voldoende grote leidingdoorsnede.
- Leg de leidingen zo aan, dat ze niet door deuren of motorkappen beschadigd kunnen raken.
Geplette kabels kunnen tot levensgevaarlijke verwondingen leiden.

VOORZICHTIG!
- Installeer de leidingen zodanig dat er niet over gestruikeld kan worden en beschadiging van de kabel uitgesloten is.

LET OP!
- Gebruik holle buizen of leidingdoorvoeren, als leidingen door plaatwanden of andere wanden met scherpe randen geleid moeten worden.
- Plaats het 230-V-netsnoer en de 12-V-gelijkstroomleiding niet in dezelfde kabelgoot (holle buis).
- Leg de leidingen niet los of scherp geknikt.
- Bevestig de leidingen goed.
- Trek niet aan leidingen.
2.5 Veiligheid bij het gebruik van het toestel

GEVAAR! Levensgevaar door stroomschok!
- Blanke leidingen nooit met blote handen aanraken. Dit geldt vooral bij gebruik op het wisselstroomnet.

WAARSCHUWING!
- Gebruik het toestel uitsluitend in gesloten, goed geventileerde ruimtes.

VOORZICHTIG!
- Gebruik het toestel niet
-
in een zouthoudende, vochtige of natte omgeving
– in de buurt van agressieve dampen
– in de buurt van brandbare materialen
– in explosieve omgevingen -
Let er voor de ingebruikneming op dat de toevoerleiding en de stekker droog zijn.
- Onderbreek bij werkzaamheden aan het toestel altijd de stroomtoevoer.
- Let erop dat ook na het activeren van de veiligheidsinrichting (zekering) delen van het toestel onder spanning kunnen blijven staan.
- Maak geen kabels los als het toestel nog in gebruik is.

LET OP!
- Let erop dat de luchtinlaat- en uitlaatopeningen van het toestel niet worden afgedekt.
- Let op een goede ventilatie.
3 Omvang van de levering
| Pos. in afb. 1, Omschrijving pagina 3 | |||||
| 1 Sinusomvormer | |||||
| 2 | H | o | u | d | e |
| 3 Bevestigingsschroeven | |||||
| -Bedieningshandleiding | |||||
4 R e g l e m e n

WAARSCHUWING!
De omvormer mag niet worden gebruikt in voertuigen waarbij de pluspool van de accu met het chassis is verbonden.
De omvormers worden gebruikt om gelijkspanning om te zetten in een wisselspanning van 230 V, 50 Hz:
Via de USB-aansluiting kunnen toestellen met accu en USB-interface worden opgeladen (5 V, 2000 mA).
Dit toestel is uitsluitend voor het gebruik in voertuigen geschikt.
5 Technische beschrijving
De omvormers kunnen overal gebruikt worden waar een DC-aansluiting voorhanden is.
De uitgangsspanning komt overeen met de huishoudspanning uit het stopcontact (zuivere sinusspanning, vervorming < 5%).
Neem de waarden voor continu uitgangsvermogen en piekuitgangsvermogen in acht, zoals ze in hoofdstuk hoofdstuk „Technische gegevens” op pagina 112 staan vermeld. Toestellen met een hogere vermogensbehoefte mogen niet worden aangesloten.

INSTRUCTIE
Houd er bij de aansluiting van toestellen met elektrische aandrijving (bijv. boormachine, koelkast, e.d.) rekening mee dat die voor het opstarten vaak een hoger vermogen nodig hebben dan is aangegeven op het typeplaatje.
De omvormer beschikt over verschillende beveiligingen:
- Overspanningsbeveiliging: De omvormer schakelt uit, als de spanningswaarde boven de uitschakelwaarde stijgt. Hij start weer, als de spanning tot de herstartwaarde daalt.
- Onderspanningsbeveiliging: De omvormer schakelt uit, als de spanningswaarde onder de uitschakelwaarde daalt. Hij start weer, als de spanning tot de herstartwaarde stijgt.
- Oververhittingsbeveiliging: De omvormer schakelt uit, als de temperatuur binnen in het toestel of de temperatuur bij de koelplaat hoger is dan een uitschakelwaarde. Hij start weer, als de spanning tot de herstartwaarde stijgt.
- Overbelastingsbeveiliging en beveiliging tegen kortsluiting: De led op de omvormer meldt een bedrijfsstoring, als er een te grote last is aangesloten of een kortsluiting werd veroorzaakt.

INSTRUCTIE
De afzonderlijke schakelwaarden vindt u in hoofdstuk „Technische gegevens“ op pagina 112.
5.1 Bedieningselementen
| Pos. in afb. 2, Beschrijving pagina 3 |
| 1 Hoofdschakelaar: Schakelt het toestel in en uit |
| 2 Status-LED: Zie hoofdstuk „Bedrijfsindicaties“ op pagina 109 |
5.2 Aansluitingen

INSTRUCTIE
Afgebeeld is de versie voor Continentaal Europa.
| Pos. in afb. 2, Beschrijving pagina 3 | |
| 3 USB-aansluiting | |
| 4 Wisselstroomcontactdoos | |
| 5 Gelijkstroomstekker | |
| 6 Ventilator (achterkant) | |
| 7 Alleen DSP 412, DSP 424: Aansluiting voor externe schakelaar |
6 Omvormer monteren
6.1 Montage-instructies
Neem bij de keuze van de montageplaats de onderstaande instructies in acht:
- De omvormer kan horizontaal en verticaal worden gemonteerd.
- De omvormer moet op een plaats worden ingebouwd die beschermd is tegen vocht.
- De omvormer mag niet in omgevingen met ontvlambare materialen worden ingebouwd.
-
De omvormer mag niet in stoffige omgevingen worden ingebouwd.
-
De montageplaats moet goed geventileerd zijn. Bij installaties in gesloten, kleine ruimtes moet er ventilatie mogelijk zijn. De vrije minimumafstand om de omvormer moet minimaal 5 cm bedragen (afb. 3, pagina 4).
- De luchtinlaat aan de onderzijde resp. de luchtuitlaat aan de achterzijde van de omvormer moeten vrij blijven.
- Bij omgevingstemperaturen boven 40 °C (bijv. in motor- of verwarmingsruimtes, directe zonnestraling), vermindert het maximale uitgangsvermogen van de omvormer. Daardoor kan het tot uitschakeling van de omvormer wegens overbelasting komen.
- Het montagevlak moet vlak zijn en voldoende stevigheid bieden.

LET OP!
Controleer voor het boren of er geen elektrische kabels of andere delen van het voertuig door boren, zagen en vijlen beschadigd kunnen raken.
6.2 Omvormer monteren
▶ Monteer de omvormer zoals weergegeven (afb. 4, pagina 4).
7 Omvormer aansluiten

WAARSCHUWING!
Sluit altijd slechts één verbruiker op de omvormer aan. De aansluiting van twee of meer verbruikers mag alleen door een elektrotechnicus conform de plaatselijke voorschriften m.b.t. de bescherming tegen elektrische schokken gebeuren.

LET OP!
- Bij verwisseling van de polen brandt een interne zekering door, die door Dometic service moet worden vervangen. Bovendien kan de elektronica worden beschadigd.
- Neem in acht dat de omvormer alleen met volgende spanning mag worden gebruikt:
- DSP212, DSP412: 12 V---
- DSP224, DSP424: 24 V=
▶Sluit de omvormer aan zoals weergegeven:
- Accu aansluiten:
DSP212, DSP224: afb. 5, pagina 5
DSP412, DSP424: afb. 6, pagina 5
- Verbruikers aansluiten: afb. 7, pagina 6
Externe schakelaar voor het in- en uitschakelen aansluiten (alleen DSP412, DSP424)

INSTRUCTIE
De omvormer is ingeschakeld zodra de externe of de hoofdschakelaar (afb. 2 1, pagina 3) zijn ingeschakeld. Als de besturing alleen via de externe schakelaar moet gebeuren, moet de hoofdschakelaar op de stand „0“ worden geschakeld.
▶ Sluit de externe schakelaar zoals weergegeven aan (afb. 8, pagina 6).
8 O m v o r m e r

VOORZICHTIG!
Neem bij de aansluiting van verbruikers de geldende bepalingen in acht.
8.1 Omvormer inschakelen
▶ Schakel de omvormer met de hoofdschakelaar (afb. 2 1, pagina 3) in (stand „l“) ...
▶ ... of (alleen DSP412, DSP424) schakel de omvormer met de externe schakelaar in (optioneel).
√ De blauw status-led (afb. 2, 2, pagina 3) brandt.
√De verbruiker wordt voorzien van wisselspanning.
Toestel met USB-interface opladen

INSTRUCTIE
Lees ook de bedieningshandleiding voor het toestel dat u op de USB-aansluiting wilt laden.
▶ Sluit het toestel zoals weergegeven op de USB-aansluiting aan (afb. 9, pagina 7).
8.2 Bedrijfsindicaties
De blauwe led (afb. 2, 2, pagina 3) geeft de bedrijfstoestand van de omvormer weer.
Indicatie Ingangsspanning
Continu branden Normaal bedrijf
Lang knipperen, korte onderbreking Omvormer oververhit/overbelast
Snel knipperen Overspanning/onderspanning
Uit Andere fout
9 Omvormer onderhouden en reinigen

LET OP!
Geen scherpe of harde voorwerpen of reinigingsmiddelen bij het reinigen gebruiken. Dit kan het product beschadigen.
▶Reinig het product af en toe met een vochtige doek.
10 Verhelpen van storingen

WAARSCHUWING!
Open het toestel niet. Er bestaat gevaar voor een elektrische schok!

INSTRUCTIE
Bij gedetailleerde vragen over de gegevens van de omvormer kunt u contact opnemen met de fabrikant (adressen, zie achterzijde van de handleiding).
De led (afb. 2, 2, pagina 3) geeft de storing aan:
Led-indicatie Oorzaak Oplossing
| Snel knipperen Te hoge ingangsspanning Controleer de ingangsspanning en verlaag deze. | |
| Te lage ingangsspanning De accu moet worden opgeladen.Controleer de leidingen en verbindingen. | |
| Lang branden, korte onderbreking | Thermische overbelasting Schakel de omvormer en de verbruiker uit.Wacht ca. 5 – 10 minuten en schakel de omvormer zonder verbruiker weer in.Verminder de belasting en zorg voor een betere ventilatie van de omvormer. Schakel daarna de verbruiker weer in. |
| Te hoge belasting Schakel de omvormer uit en verwijder de verbruiker.Schakel de omvormer zonder verbruiker weer in. Als er nu geen te hoge belasting meer wordt aangegeven, is er sprake van kortsluiting bij de verbruiker of was de volledige belasting hoger dan het vermogen dat in het gegevensblad stond.Controleer de leidingen en verbindingen. | |
Uit Andere fout Neem contact op met de klantenservice.
11 Garantie
De wettelijke garantieperiode is van toepassing. Als het product defect is, wendt u zich tot het filiaal van de fabrikant in uw land (adressen zie achterkant van de handleiding) of tot uw speciaalzaak.
Voor de afhandeling van de reparatie of garantie dient u de volgende documenten mee te sturen:
- een kopie van de factuur met datum van aankoop,
- reden van de klacht of een beschrijving van de storing.
12 Afvoer
▶Laat het verpakkingsmateriaal indien mogelijk recyclen.

Als u het product definitief buiten bedrijf stelt, informeer dan bij het dichtstbijzijnde recyclingcentrum of uw speciaalzaak naar de betreffende afvoervoorschriften.
Volgende technische gegevens gelden voor alle omvormers:
| Uitgangsspanning: | 230 V~ ± 10 %, zuivere sinusgolf (vervorming < 5%) |
| Uitgangsfrequentie: 50 Hz ± 0,5 Hz | |
| Maximaal rendement: >90 % | |
| Warmteafvoer: temperatuur- en lastgestuurde ventilator | |
| Omgevingstemperatuur bedrijf: 0 °C tot +50 °C | |
| Omgevingstemperatuur opslag: -30 °C tot +70 °C | |
| Luchtvochtigheid: 0 – 95 %, niet-condenserend | |
| Keurmerk/certificaat: | ![]() |
| DSP212 D | SP412 DSP2 | 24 DSP424 | ||
| Art.-nr.: 9600002603 | 9600003593 | 96000025419600003595 | 96000025409600003594 | 96000025429600003596 |
| Nominale ingangs-spanning: | 12 V--- | 24 V--- | ||
| Ingangsspanningsbereik: | 10 – 16,5 V--- | 20 – 33 V--- | ||
| Nominaal vermogen: | 150 W | 350 W | 150 W | 350 W |
| Maximaal vermogen gedurende 1 min: | 170 W | 400 W | 170 W | 400 W |
| Piekvermogen gedurende 1 s: | 300 W | 700 W | 300 W | 700 W |
| Stroomverbruik bij nullast: | <0,6 A | <0,6 A | <0,4 A | <0,4 A |
| Afmetingen b x l x h: | afb. 10, pagina 7 | |||
| Gewicht: | 1,1 kg | 1,2 kg | 1,1 kg | 1,2 kg |
Veiligheidsinrichtingen
| 12 V 24 V | ||
| Ingang: Onderspanning | ||
| AC-uitgang: Overspanning, kortsluiting, overbelasting | ||
| Temperatuur: Uitschakeling | ||
| Bescherming tegen kortsluiting: ja, lpk | ||
Overspanningsbeveiliging
| Toestel | Overspanning | |
| Uitschakeling Herstart | ||
| DSP212, DSP412 16,5 V 15,5 V | ||
| DSP224, DSP424 33 V 31 V | ||
Onderspanningsbeveiliging
| Toestel | Onderspanning | |
| Uitschakeling Herstart | ||
| DSP212, DSP412 | 10 V | 12 V |
| DSP224, DSP424 20 V | 24 V | |
De actuele EG-conformiteitsverklaring voor uw apparaat ontvangt u op de desbetreffende productpagina van dometic.com of direct via de fabrikant (zie achterzijde).
