GA-212 - Gitaarversterker ROLAND - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GA-212 ROLAND in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over GA-212 ROLAND
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Gitaarversterker in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GA-212 - ROLAND en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GA-212 van het merk ROLAND.
GEBRUIKSAANWIJZING GA-212 ROLAND
Gebruikershandleiding
GA-212
Een gitaarversterker met een vermogen van 200 W en twee aangepaste luidsprekers van 30 cm.

GA-112
Een gltaarversterker met een vermogen van 100 W en één aangepaste luidspreker van 30 cm.
Gebruikershandleiding
Gitaarversterker
GA-212
GA-112
De PROGRESSIVE AMP-technologie van Roland levert een bredere en vollere gitaarklank
Door deze nieuw ontwikkelde PROGRESSIVE AMP-technologie met COSM ontstaat een originele drive control die voortdurende en vloeiende veranderingen mogelijk maakt zowel voor gain als voor de verschillende geluidskenmerken van de versterker onder elkaar. Deze functie biedt een verscheidenheid aan rijke geluiden en is dan ook ideaal voor allerlei muziekperformances, van een zuiver en helder geluid tot een vet geluid en extreme "high gain"-geluiden. Bovendien kunt u ook aangenaam muziek met vervorming spelen.
Intuitief gebruik
De GA-212 en GA-112 zijn uitgerust met vier kanalen waarvoor u verschillende tonen kunt instellen. Elke regelaar heeft een LED-lampje dat de huidige instelling aangeeft. Met het LED-lampje kunt u in een oogopslag de toon en een wijziging van het kanaal controleren. De kanaalinstellingen worden automatisch opgeslagen na elk gebruik. Dankzij de exclusieve footcontroller is de voetbediening van de gitaarversterker heel eenvoudig (p. 8).
Uitgerust met een eenvoudige bediening van de basisfuncties en uitbreidbaar
Naast 3-band EQ maken ook de presence en mid boost het creëren van veelzijdige klanken mogelijk. De exclusief ontworpen reverb biedt grote ruimtelijke effecten. Het apparaat is uitgerust met twee onafhankelijke effectenloops en kan voor elk kanaal afzonderlijk worden ingesteld. Het apparaat beschikt over de basisfuncties die nodig zijn voor liveoptredens en -opnames. U kunt ook eenvoudig een Link-aansluiting maken zodat u een krachtiger geluid kunt spelen.
Wat is COSM?
COSM (Composite Object Sound Modeling) is de innovatieve geluidsmodelleringstechnologie van Roland. COSM analyseert de verschillende factoren van het oorspronkelijke geluid, zoals de elektrische en fysische kenmerken en maakt vervolgens een digitaal model dat hetzelfde geluid kan reproduceren.

AUTO OFF-functie
- Het apparaat beschikt over een energiebesparende AUTO OFF-functie die het apparaat automatisch uitschakelt ongeveer 4 uur na de laatste handeling.
- Wanneer het apparaat de fabriek verlaat, is volgens de standaardinstellingen de AUTO OFF-functie ingeschakeld (ON).
- Als u de energiebesparende instelling wilt uitschakelen, stelt u de [AUTO OFF]-schakelaar in op OFF zoals beschreven op p. 6.
Informatie over de exclusieve footcontroller
- De exclusieve footcontroller (GA FOOT CONTROLLER) is een beschikbare optie.
Copyright © 2012 ROLAND CORPORATION
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag op enige manier worden gereproduceerd zonder schriftelijke toestemming van ROLAND CORPORATION.
"Welk type podiumversterkers hebben gitaristen echt nodig?" Na lang en intensief onderzoek en ontwikkeling brengt Roland u het antwoord: de GA.
De GA is een versterker met een intuitieve bediening en brengt een geluid voort dat de geestdrift van de gitarist perfect overdraagt.
Door de nadruk te leggen op deze belangrijkste punten, ontstond een liveversterker met geluidskenmerken die alle gitaristen kunnen bekoren, een eenvoudige bediening en alle functies die nodig zijn voor indrukwekkende liveoptredens.
Wij zijn blijven zoeken en experimenteren tot we een geluid gevonden hadden waarvan we wisten dat deze het hart van de speler zou kunnen veroveren. Met de GA worden al onze inspanningen beloond en wij geloven dat deze unieke versterker van Roland een geluidskwaliteit levert die verder gaat dan buizenversterkers en transistorversterkers.
Het was ook belangrijk om een eenvoudige en intuïtieve bediening in te bouwen. Gitaristen willen zich namelijk "alleen concentreren op hun muziekperformance zonder dat ze worden afgeleid door technische details". Deze versterker is precies daarom ontworpen en is dankzij deze eenvoudige en intuïtieve bediening dus ideaal geschikt voor alle gitaristen.
De GA's vormen de nieuwste generatie podiumversterkers, ontstaan uit jarenlange technologische ervaring en knowhow van Roland.
Lees zorgvuldig onderstaande hoofdstukken voordat u dit apparaat gebruikt: BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES (binnenin het voorblad), "HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN" (p. 2) en "BELANGRIJKE OPMERKINGEN" (p. 3). Deze hoofdstukken bevatten belangrijke informatie over de juiste bediening van het apparaat. Om er bovendien zeker van te zijn dat u elke functie van uw nieuwe apparaat goed begrijpt, leest u best de hele gebruikershandleiding. De handleiding moet als referentie worden bewaard en voorhanden zijn.
INSTRUCTIES TER VERMIJDING VAN BRAND, ELEKTRISCHE SCHOKKEN OF VERWONDING VAN PERSONEN
Over de aanduidingen ⚠ WAARSCHUWING en ⚠ OPGELET
| ⚠ WAARSCHUWING | Gebruikt voor instructies die de gebruiker waarschuwen voor levensgevaarlijke risico's of risico's op verwondingen indien het apparaat verkeerd wordt gebruikt. |
| ⚠ OPGELET | Gebruikt voor instructies die de gebruiker waarschuwen voor risico's op verwondingen of materiaalschade indien het apparaat verkeerd wordt gebruikt.* Materiaalschade verwijst naar schade of negatieve effecten die veroorzaakt worden met betrekking tot de woning en de volledige inrichting, alsook huisdieren. |
Over de symbolen
| Het symbol △waarschuwt de gebruiker voor belangrijke instructies en waarschuwingen. De specifieke betekenis van het symbool wordt bepaald door het pictogram binnen de driehoek. Het symbool links wordt gebruikt voor algemene waarschuwingen voor gevaar. | |
| Het symbool ◎waarschuwt de gebruiker voor items die nooit mogen worden gebruikt (verboden). De specifieke handeling die niet mag worden gedaan, wordt door het pictogram binnen de cirkel aangeduid. Het symbool links betekent dat het apparaat nooit gedemonteerd mag worden. | |
| Het symbool ● wijst de gebruiker op handelingen die moeten worden uitgevoerd. De specifieke handeling die moet worden uitgevoerd, wordt door het pictogram binnen de cirkel aangeduid. Het symbool links geeft aan dat het netsnoer uit het stopcontact moet worden getrokken. |
LET STEEDS OP HET VOLGENDE
⚠ WAARSCHUWING
Let erop dat het netsnoer geaard is
Sluit het netsnoer van dit apparaat aan op een geaard stopcontact.

Demonteer het apparaat niet zelf en breng er geen wijzigingen in aan
Open het apparaat niet en voer geen interne wijzigingen uit.

Repareer het apparaat niet zelf en vervang geen onderdelen ervan
Probeer het apparaat niet te herstellen of onderdelen ervan te vervangen (behalve als deze handleiding specifieke instructies geeft om dat te doen). Laat het onderhoud over aan uw handelaar, het dichtstbijzijnde Roland Service Center of een erkende Roland-verdeler, zoals vermeld op de pagina "Informatie".

Gebruik het apparaat niet en sla het niet op op plaatsen die:
- aan extreme temperaturen worden blootgesteld (bv. rechtstreeks zonlicht in een gesloten voertuig, in de buurt van een verwarmingsleiding, op materiaal dat warmte produceert);
- nat zijn (bv. bad, wasruimte, op natte vloeren);
- aan damp of rook worden blootgesteld;
- aan zout worden blootgesteld;
- vochtig zijn;
- aan regen worden blootgesteld;
- stoffig of zanderig zijn;
- aan hoge trillingsniveaus en schokken worden blootgesteld.


Plaats het apparaat niet op een instabiele ondergrond
Zorg ervoor dat het apparaat altijd horizontaal en stabiel is geplaatst. Plaats het nooit op een standaard die kan wankelen of op aflopende oppervlakken.

Sluit het netsnoer aan op een stopcontact met de juiste spanning
Het apparaat mag alleen worden aangesloten op een voeding van het type dat beschreven is of dat op de achterzijde van het apparaat is aangeduid.

⚠ WAARSCHUWING
Gebruik alleen het meegeleverde netsnoer
Gebruik uitsluitend het bevestigde netsnoer. Gebruik het meegeleverde netsnoer niet met andere apparaten.

Verdraai of buig het netsnoer niet overmatig en plaats er geen zware voorwerpen op
Verdraai of buig het netsnoer niet te sterk en plaats er geen zware voorwerpen op. Dit kan het snoer zowel binnenin als aan de buitenkant beschadigen en kortsluitingen veroorzaken. Beschadigde snoeren kunnen brand of schokken veroorzaken!

Vermijd overmatig gebruik aan een te hoog volumeniveau
Dit apparaat kan, apart of in combinatie met een versterker of luidsprekers, geluidsniveaus produceren die permanente gehoorschade kunnen veroorzaken. Gebruik het apparaat niet langdurig aan een hoog volumeniveau of aan een niveau dat oncomfortabel is. Als u gehoorverlies of oorsuizingen ervaart, moet u onmiddellijk stoppen met het gebruik van het apparaat en een audioloog raadplegen.

Laat geen vreemde voorwerpen of vloeistoffen in het apparaat komen, plaats geen voorwerpen die vloeistoffen bevatten op het apparaat
Plaats geen voorwerpen die vloeistoffen bevatten op de versterker. Zorg ervoor dat er geen voorwerpen (bv. brandbare voorwerpen, munten, draden) of vloeistoffen (bv. water, fruitsap) in het apparaat terechtkomen. Op die manier vermijdt u kortsluitingen, verkeerde werking of andere defecten aan het apparaat.


⚠ WAARSCHUWING
Schakel het apparaat uit als het afwijkend reageert of er een defect optreedt
Schakel het apparaat onmiddellijk uit, trek het netsnoer uit het stopcontact en vraag onderhoud aan bij uw handelaar, dichtstbijzijnde Roland Service Center of een erkende Roland-verdeler, zoals vermeld op de pagina "Informatie" als:
- het netsnoer of de stekker beschadigd zijn;
- er rook of ongewone geuren uit het apparaat komen;
• voorwerpen of vloeistoffen in het apparaat zijn terechtgekomen;
- het apparaat aan regen werd blootgesteld (of op een andere manier nat is geworden);
- het apparaat niet normaal lijkt te werken of opmerkelijk anders functioneert.

Volwassenen dienen toezicht te houden op plaatsen waar kinderen aanwezig zijn
Als het apparaat wordt gebruikt op plaatsen waar kinderen aanwezig zijn, dient u erop te letten dat het apparaat niet ruw wordt behandeld. Er moet altijd een volwassene in de buurt zijn om toezicht te houden en advies te geven.

Laat het apparaat niet vallen en bescherm het tegen zware schokken
Bescherm het apparaat tegen zware schokken. (Laat het niet vallen!)

Laat het apparaat geen stopcontact delen met een buitensporig aantal andere apparaten
Laat het netsnoer van het apparaat geen stopcontact delen met een buitensporig aantal andere apparaten. Wees vooral voorzichtig met verlengkabels. Het totale stroomverbruik van alle apparaten die u op de verlengkabel hebt aangesloten, mag nooit het maximumvermogen (watt/ampère) voor de verlengkabel overschrijden. Buitensporige belasting kan de isolatie van de kabel opwarmen en uiteindelijk doen smelten.

Gebruik het apparaat niet in het buitenland
Raadpleeg uw handelaar, het dichtstbijzijnde Roland Service Center of een erkende Roland-verdeler, zoals vermeld op de pagina "Informatie", vooraleer u het apparaat in het buitenland gebruikt.

Sluit het apparaat niet aan op een stopcontact als er condens aanwezig is
Bij verplaatsing van een locatie naar een andere waar de temperatuur en/ of vochtigheid sterk verschilt, kunnen er waterdruppels (condens) gevormd worden in het apparaat. In dit geval kunt u defecten veroorzaken als u het apparaat aansluit op een stopcontact. Zorg eerst dat de condens is verdampt door het apparaat enkele uren te laten rusten. Vervolgens kunt u het apparaat aansluiten op een stopcontact.

! OPGELET
Plaats het apparaat op een goed geventileerde locatie
Het apparaat moet zo worden geplaatst dat de ventilatie niet door de locatie of positie wordt verstoord.

Houd de stekker vast als u het netsnoer aansluit of loskoppelt
Neem altijd alleen de stekker van het netsnoer vast bij het aansluiten op en het loskoppelen van een stopcontact of dit apparaat.

Maak regelmatig de stekker van het netsnoer schoon
U moet regelmatig de stekker loskoppelen en schoonmaken met een droge doek om al het stof en andere ophopingen te verwijderen van de polen. Trek ook de stekker uit het stopcontact als het apparaat langere tijd niet zal worden gebruikt. Stofophoping tussen de stekker en het stopcontact kan leiden tot slechte isolatie en brand veroorzaken.

Ga op een veilige manier om met de kabels
Zorg ervoor dat de snoeren en kabels niet in de war raken. Plaats alle snoeren en kabels buiten het bereik van kinderen.

Verwijder alle zwenkwielen in situaties waarin het apparaat niet mag bewegen
In situaties waarin de onverwachte beweging van het apparaat een gevaar kan betekenen (bijvoorbeeld wanneer het apparaat op een podium is opgesteld of wanneer het in een voertuig wordt vervoerd) moet u alle zwenkwielen op voorhand verwijderen.

Klim nooit op het apparaat en plaats er geen zware voorwerpen op
Klim nooit op het apparaat en plaats er geen zware voorwerpen op.

Neem het netsnoer nooit vast met natte handen bij het aansluiten of loskoppelen
Neem het netsnoer of de stekkers ervan nooit vast met natte handen bij het aansluiten op of loskoppelen van een stopcontact of dit apparaat.

! OPGELET
Koppel alles los voordat u het apparaat verplaatst
Koppel het netsnoer los van het stopcontact en verwijder alle snoeren uit externe apparaten voordat u het apparaat verplaatst.

Trek het netsnoer uit het stopcontact voordat u het apparaat schoonmaakt
Schakel het apparaat uit en trek het netsnoer uit het stopcontact voordat u het apparaat schoonmaakt (p. 6).

Trek het netsnoer uit het stopcontact als u bliksem verwacht in uw omgeving
Trek het netsnoer uit het stopcontact als u bliksem verwacht in uw omgeving.

Verwijder het luidsprekerrooster of de luidspreker niet
Verwijder op geen enkele wijze het luidsprekerrooster of de luidspreker. De luidspreker kan niet door de gebruiker vervangen worden. In de behuizing zijn spanningen en stromen aanwezig die elektrische schokken kunnen veroorzaken.

BELANGRIJKE OPMERKINGEN
Stroomtoevoer
- Sluit dit apparaat niet aan op een stopcontact dat tegelijkertijd door een elektrisch apparaat wordt gebruikt dat door een signaalomzetter of een motor (zoals een koelkast, wasmachine, microgolfoven of airconditioner) wordt bestuurd. Afhankelijk van de manier waarop elektrische apparaten worden gebruikt, kan ruis van de stroomvoorziening defecten aan dit apparaat of hoorbare ruis veroorzaken. Als het niet mogelijk is om een apart stopcontact te gebruiken, plaats dan een ruisfilter voor de stroomvoorziening tussen dit toestel en het stopcontact.
- Schakel altijd alle apparaten uit voordat u aansluitingen maakt om defecten of storingen aan de apparatuur te voorkomen.
- Zelfs als de LED's zijn uitgeschakeld wanneer het apparaat is uitgeschakeld, betekent dit niet dat het apparaat volledig van de stroomtoevoer is losgekoppeld. Schakel eerst de schakelaar van het apparaat uit en trek vervolgens het netsnoer uit het stopcontact als u de stroom volledig wilt uitschakelen. Zorg er daarom voor dat u het netsnoer aansluit op een stopcontact dat gemakkelijk bereikbaar is.
- Volgens de fabrieksinstellingen zal de GA-212/GA-112 ongeveer 4 uur nadat u bent gestopt met spelen of nadat u het apparaat hebt gebruikt, automatisch worden uitgeschakeld. Als u niet wilt dat het apparaat automatisch wordt uitgeschakeld, stelt u de AUTO OFF-schakelaar in op OFF zoals beschreven op p. 6.
Plaatsing
- Als u het apparaat gebruikt in de buurt van eindversterkers (of andere apparatuur met grote eindversterkers) kan er ruis ontstaan. Om het probleem te verhelpen kunt u het apparaat anders richten of verder van de storingsbron plaatsen.
- Dit apparaat kan radio- en televisieontvangst verstoren. Gebruik dit apparaat niet in de buurt van dergelijke ontvangers.
- Er kan ruis ontstaan als draadloze communicatieapparaten, zoals gsm's, in de buurt van dit apparaat worden gebruikt. Dergelijke ruis kan ontstaan als een oproep wordt ontvangen of gemaakt of tijdens gesprekken. Verplaats dergelijke apparaten zodat ze zich op een grotere afstand van dit apparaat bevinden of schakel ze uit als u dergelijke problemen ervaart.
-
Stel het apparaat niet bloot aan rechtstreeks zonlicht, plaats het niet in de buurt van warmtebronnen, laat het niet achter in een gesloten voertuig en stel het niet bloot aan extreme temperaturen. Zorg ervoor dat hetzelfde deel van het apparaat niet langdurig verlicht wordt door verlichtingstoestellen waarvan de lichtbron zich doorgaans dichtbij het apparaat bevindt (zoals een pianolamp), of krachtige spots. Overmatige warmte kan het apparaat vervormen of verkleuren.
-
Laat voorwerpen uit rubber, vinyl of gelijkaardige materialen niet langdurig op het apparaat liggen. Dergelijke voorwerpen kunnen de afwerking verkleuren of beschadigen.
- Kleef geen stickers, transfers en dergelijke op het apparaat. De afwerking kan beschadigd worden als u het kleefmateriaal tracht te verwijderen.
- Afhankelijk van het materiaal en de temperatuur van het oppervlak waarop u het apparaat plaatst, kunnen de rubberen voetstukken mogelijk het oppervlak verkleuren of ontsieren. U kunt een stuk vilt of stof onder de rubberen voetstukken plaatsen om dit te voorkomen. Zorg er in dit geval voor dat het apparaat niet verschuift of per ongeluk in beweging komt.
- Plaats geen voorwerpen die water bevatten op het apparaat. Vermijd ook het gebruik van insecticiden, parfum, alcohol, nagellak, spuitbussen, enzovoort in de nabijheid van het apparaat. Verwijder onmiddellijk alle vloeistof die op het apparaat gemorst wordt met een droge, zachte doek.
Onderhoud
- Gebruik en zachte, droge doek of een doek die lichtjes bevochtigd is om het apparaat af te vegen. Veeg met gelijkmatige kracht het volledige oppervlak schoon. De afwerking kan beschadigd worden als u te hard op dezelfde plaats wrijft.
- Gebruik geen benzine, verdunners, alcohol of andere oplosmiddelen om verkleuring en/of vervorming te voorkomen.
Reparaties en gegevens
- Het is mogelijk dat alle gegevens in het apparaatgeheugen worden verwijderd als het apparaat voor herstelling wordt verzonden. Noteer belangrijke gegevens indien mogelijk steeds op papier. Tijdens herstellingen wordt al het mogelijke gedaan om gegevensverlies te vermijden. In sommige gevallen (bijvoorbeeld wanneer er een defect is aan de geheugencircuits zelf), is het echter niet mogelijk om de gegevens te herstellen. Roland kan niet aansprakelijk worden gesteld voor dergelijk gegevensverlies.
Extra voorzorgsmaatregelen
- Houd er rekening mee dat de inhoud van het geheugen onherstelbaar verloren kan gaan als gevolg van een defect of onjuist gebruik van het apparaat. Om te voorkomen dat u belangrijke gegevens verliest, raden wij aan om geregeld de instellingen die u in het apparaatgeheugen hebt opgeslagen, op papier te noteren.
-
Als gegevens die waren opgeslagen op het apparaatgeheugen eenmaal verloren zijn gegaan, kan het soms helaas onmogelijk zijn om deze te herstellen. Roland kan niet aansprakelijk worden gesteld voor dergelijk gegevensverlies.
-
Draag voldoende zorg bij het gebruik van de knoppen, schuifknoppen of andere bedieningselementen van het apparaat en bij het gebruik van aansluitingen en ingangen. Ruw omgaan met de apparatuur kan defecten veroorzaken.
- Neem het aansluitstuk vast als u kabels loskoppelt. Trek nooit aan de kabel. Op die manier vermijdt u kortsluitingen of schade aan de inwendige elementen van de kabel.
- Tijdens normaal gebruik straalt het apparaat een kleine hoeveelheid warmte uit.
- Houd het volume van het apparaat binnen de perken om te vermijden dat u andere personen stoort.
- Verpak het apparaat indien mogelijk in de doos (inclusief opvulling) waarin het werd geleverd als u het moet vervoeren. Anders zult u gelijkaardige verpakkingen moeten gebruiken.
- Gebruik alleen het opgegeven zwelpedaal (Roland EV-5, BOSS FV-500L, BOSS FV-500H, apart verkrijgbaar). Als u andere zwelpedalen aansluit, kunt u defecten en/of schade aan het apparaat veroorzaken.
- Sommige kabels bevatten weerstanden. Gebruik geen kabels met weerstanden om aansluitingen op dit apparaat uit te voeren. Het gebruik van dergelijke kabels kan het geluidsniveau extreem verlagen of zelfs onhoorbaar maken. Neem contact op met de fabrikant van de kabel voor informatie over kabelspecificaties.
Auteursrecht
- Roland, BOSS en COSM zijn gedeponeerde handelsmerken of handelsmerken van Roland Corporation in de Verenigde Staten en/of andere landen.
- Bedrijfs- en productnamen in dit document zijn gedeponeerde handelsmerken of handelsmerken van hun respectieve eigenaars.
- MMP (Moore Microprocessor Portfolio) verwijst naar een patentportfolio in verband met de architectuur van microprocessoren, die werd ontwikkeld door Technology Properties Limited (TPL). Roland heeft deze technologie in licentie genomen van de TPL Group.
- Dit product bevat het met eCROS geïntegreerde softwareplatform van eSOL Co., Ltd. eCROS is een handelsmerk van eSOL Co., Ltd. in Japan.
Voorpaneel
PROGRESSIVE AMP
PROGRESSIVE AMP is een originele versterker ontworpen volgens de nieuwste COSM-technologie. Door voortdurend het gedrag van de voor- en eindversterkers te veranderen kunt u een breed scala aan geluiden creëren.
[DRIVE]-regelaar/ [BOOST]-knop
![ROLAND GA-212 - [DRIVE]-regelaar/ [BOOST]-knop - 1](/content/2026/04/671526/images/4fef1e13459954b764573757b65ff7c8ac6b889d3456483f387546c6cba94ca7.jpg)
text_image
VOLUME DRIVE VOLUME VOICE BOOSTHiermee regelt u de mate van vervorming.
| [BOOST]-knop | [DRIVE]-regelaar Minimum- tot maximumwaarde |
| OFF Zuiver tot vet | |
| ON Vet tot extreem | |
* Als BOOST is ingeschakeld, kan het zwelpedaal dat is aangesloten op de DRIVE-aansluiting van de exclusieve footcontroller (p. 8) het geluid veranderen van zuiver naar extreem.
[VOICE]-knop
![ROLAND GA-212 - [VOICE]-knop - 1](/content/2026/04/671526/images/e7762948e8af4549a405b8b234284b985ae8b481dd030bf07260c30a0a2162f6.jpg)
text_image
PROGRESSIVE AMP VOICE DRIVE VOLUME BOOSTHiermee wijzigt u de geluidskenmerken.
[VOLUME]-regelaar
![ROLAND GA-212 - [VOLUME]-regelaar - 1](/content/2026/04/671526/images/4189f63b00f77ed48c8a1084b5a849f29621946094ce8879d762af405a7257d5.jpg)
text_image
PROGRESSIVE VOICE DRIVE VOLUME BOOSTHiermee regelt u het volume.
Geluidsindicator

Als u de vervorming regelt met de [DRIVE]-regelaar, verandert de kleur van de geluidsindicator naargelang de mate van de vervorming. (U kunt de LED-weergave uitschakelen als u deze niet wilt gebruiken, bijvoorbeeld op een donker podium.)
Raadpleeg p. 10 als u de instelling wilt maken.
INPUT-ingangen
Gebruik deze ingangen om een elektrische gitaar aan te sluiten. Gebruik HIGH of LOW naargelang het uitgangsniveau van de gitaar. Normaal gezien sluit u de gitaar aan op HIGH. Sluit gitaren met een hoog uitgangsniveau dat waarschijnlijk zal vervormen, aan op LOW.
[MID BOOST]-knop
Hiermee schakelt u de boost van de middentonen in en uit.
![ROLAND GA-212 - [MID BOOST]-knop - 1](/content/2026/04/671526/images/dff0eb1877a331ecd8a2aad56c3ad1871889dc948e746bcd4de8d550386248ae.jpg)
Hiermee regelt u het geluidsniveau van de lage tonen.
[MIDDLE]-regelaar
Hiermee regelt u het geluidsniveau van de middentonen.
[TREBLE]-regelaar
Hiermee regelt u het geluidsniveau van de hoge tonen.
![ROLAND GA-212 - [TREBLE]-regelaar - 1](/content/2026/04/671526/images/7928936ba9064cd103957af30ce74e5068dbfe9bd6375c3774eab034aaec8a82.jpg)
text_image
BASS MIDDLE TREBLE BOOST[MANUAL]-knop, [CH 1]–[CH 4]-knoppen
Elke regelaar op het voorpaneel van de GA-212/GA-112 heeft een origineel LED-lampje waarmee u in een oogopslag de instellingen kunt controleren tijdens een optreden of bij kanaalwijzigingen.
Het eenvoudig gestructureerde bedieningssysteem maakt een intuïtief gebruik mogelijk.
[MANUAL]-knop
Wanneer het apparaat wordt ingeschakeld, wordt handmatige bediening (MANUAL) geactiveerd. Bij handmatige bediening (MANUAL) stemmen de LED-lampjes en regelaars altijd overeen.
![ROLAND GA-212 - [MANUAL]-knop - 1](/content/2026/04/671526/images/a18bf49406d9ffdcdb4f0cf1d6050f901e412092e76e0d760ee0d348d668c2e6.jpg)
text_image
MANUAL CH 1 CH 2 CH 3 CH 4![ROLAND GA-212 - [MANUAL]-knop - 2](/content/2026/04/671526/images/925272786f37900d9e0f4e941ab77e7069deaa648f8c052ad3b66242357fd197.jpg)
text_image
PROGRESSIVE AMP VONE DRIVE MEDIUM PULSE BASS MIDDLE TRESLE PLISP PRESENCE REVERB BOST A BLED-lampjes van de regelaars
Een LED-lampje geeft de instelling van een regelaar weer.
Als een van de [CH 1]-[CH 4]-knoppen wordt ingedrukt om het kanaal (de instellingen) te wijzigen, veranderen de LED-lampjes van de regelaars ook onmiddellijk.

Als de [MANUAL]-knop wordt ingedrukt, lichten de LED-lampjes op op de huidige posities van de regelaars.
Als de opgeslagen instelling van de regelaar zich op het maximumniveau bevindt en de regelaarstand op het minimumniveau staat, draait u de regelaar rechtsom voordat u wijzigingen doorvoert om de ingestelde waarde te verlagen. Als het omgekeerde waar is, draait u de regelaar linksom voordat u wijzigingen doorvoert om de ingestelde waarde te verhogen.


flowchart
graph TD
A["[EFX LOOP A"]-knop, [EFX LOOP B]-knop] --> B["[PRESENCE"]-regelaar]
B --> C["Hiermee geeft u een helderder contour aan de midden- en hoge tonen. Dit geeft een helder, open geluid."]
B --> D["[REVERB"]-regelaar]
D --> E["Hiermee past u het galmniveau aan."]
C --> F["EFX LOOP"]
C --> G["PRESENCE"]
C --> H["REVERB"]
C --> I["MASTER"]
I --> J["GA-212"]
J --> K["ON"]
L["CH 3"] --> M["CH 4"]
N["[MASTER"]-regelaar] --> O["Hiermee regelt u het algemene volume."]
[ON]-schakelaar
Hiermee schakelt u het apparaat in en uit.
Het apparaat inschakelen
* Als alle apparaten correct zijn aangesloten (p. 6), volgt u de onderstaande
Als alle apparaten correct zijn aangesloten (p. 6), volgt u de onderstaande procedure om de apparaten in te schakelen. Als u de apparatuur in de verkeerde volgorde inschakelt, bestaat er een risico dat de apparatuur beschadigd of defect raakt.
* Zet het volume altijd op nul voordat u het apparaat in- of uitschakelt. Zelfs als het volume volledig op nul staat, kunt u nog geluid horen wanneer het apparaat wordt in- of uitgeschakeld. Dit is normaal en wijst niet op een defect.
* Het apparaat is voorzien van een beveiligingscircuit. Het duurt even (een paar seconden) voordat het apparaat normaal functioneert nadat het is ingeschakeld.
- Schakel alle apparaten in, behalve het apparaat dat is aangesloten op de LINE OUT-aansluiting.
- Schakel de GA-212/112 in.
- Schakel het apparaat in dat op de LINE OUT-aansluiting is aangesloten.
Het apparaat uitschakelen
- Verlaag, voordat u het apparaat uitschakelt, het volume van alle apparaten en schakel de apparaten uit in de omgekeerde volgorde dan de volgorde waarin u ze hebt ingeschakeld.
OPGELET
* Volgens de fabrieksinstellingen zal de GA-212/GA-112 ongeveer 4 uur nadat u bent gestopt met spelen of nadat u het apparaat hebt gebruikt, automatisch worden uitgeschakeld. Als u niet wilt dat het apparaat automatisch wordt uitgeschakeld, stelt u de AUTO OFF-schakelaar in op OFF zoals beschreven op p. 6.
* Om de stroom volledig uit te schakelen, schakelt u eerst het apparaat uit en trekt u vervolgens het netsnoer uit het stopcontact. Raadpleeg het gedeelte Stroomtoevoer (p. 3).
[CH 1]–[CH 4]-knoppen
Uitgezonderd de [MASTER]-regelaar worden de instellingen van alle regelaars en knoppen op het voorpaneel opgeslagen in de [CH 1]-[CH 4]-knoppen. Met deze functie slaat u de laatste posities van de regelaars op. Er is dus geen speciale bewerking nodig om de instellingen op te slaan.
![ROLAND GA-212 - [CH 1]–[CH 4]-knoppen - 1](/content/2026/04/671526/images/9bdb56b3406d0e2a14a34f97844a9840c25652f427b624f1845d6dd8bf86756c.jpg)
text_image
Hiermee schakelt u tussen vier typen voorpaneelinstellingen. MANUAL CH 1 CH 2 CH 3 CH 4 PROGRESSIVE AMP BASS MIDDLE TREBLE UTILISP PRESENCE REVERB MASTER GA-212 VOLUME DRIVE VOLUME A B RESET RESET RESET RESET RESET RESET RESET Bereik waarin de instellingen kunnen worden opgeslagen.De knopinstellingen kopieren
U kunt de instellingen van de [MANUAL]-knop of van elk van de [CH 1]-[CH 4]-knoppen kopieren naar een ander kanaal.

Houd de knop die moet worden gekopieerd (de [MANUAL]-knop of een van de [CH 1]-[CH 4]-knoppen) ingedrukt.

Selecteer een van de [CH 1]-[CH 4]-knoppen waarnaar u wilt kopieren en houd deze ingedrukt.

text_image
MANUAL CH 1 CH 2 CH 3 CH 4* U kunt de [MANUAL]-knop niet selecteren als het kanaal waarnaar wordt gekopieerd.
De kanaalinstellingen opslaan met behulp van de schrijfbewerkingsfunctie
Het automatisch opslaan van kanaalinstellingen kan worden gewijzigd in het opslaan van kanaalinstellingen met behulp van de schrijffunctie. In de schrijfbewerkingsmodus kunt u de instellingen opslaan door een van de [CH 1]-[CH 4]-knoppen gedurende een paar seconden ingedrukt te houden.
Raadpleeg p. 10 als u de instelling wilt maken.
Achterpaneel (Apparatuur aansluiten)
AC IN-aansluiting
Sluit het meegeleverde netsnoer aan op deze aansluiting.
Op een stroomvoorziening

FOOT CONTROL-aansluiting
Hiermee kunt u een stereokabel aansluiten op de GA FOOT CONTROL-aansluiting van de footcontroller.
* Gebruik altijd een stereokabel.

LINK IN-aansluiting/LINK OUT-aansluiting
Gebruik deze aansluitingen om Link-aansluitingen voor gitaarversterkers te maken. Raadpleeg p.9 voor meer informatie.
THRU/TUNER OUT-aansluiting
Het directe geluid van een gitaar wordt uitgestuurd vanaf de INPUT-aansluiting.
Gebruik deze aansluiting om Link-aansluitingen met een apparaat te maken.
Raadpleeg p.9 voor meer informatie.
U kunt ook een tuner aansluiten.

Deze schakelaar bedient de AUTO OFF-functie die het apparaat automatisch uitschakelt wanneer de opgegeven tijdsduur is verstreken.
Als de AUTO OFF-functie is ingeschakeld, wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld na ongeveer 4 uur sinds de laatste handeling.
Stel de schakelaar in op OFF als u niet wilt dat het apparaat automatisch wordt uitgeschakeld.
Als u het apparaat opnieuw wilt inschakelen nadat het is uitgeschakeld door de AUTO OFF-functie, schakelt u de [ON]-schakelaar opnieuw in (p. 5) of stelt u de [AUTO OFF]-schakelaar in op OFF.
MAIN IN-aansluitingen
Als u het geluid dat met een multi-effectapparaat of andere apparaten is gecreëerd, wilt uitsturen, sluit u het apparaat aan op de MAIN IN-aansluitingen.
GA-212 geeft het geluid van de A-ingang weer via de linkerluidspreker en het geluid van de B-ingang via de rechterluidspreker. Als u alleen de A-aansluiting gebruikt, wordt hetzelfde geluid weergegeven via de rechteren de linkerluidspreker. Als u alleen de B-aansluiting gebruikt, wordt het geluid alleen weergegeven via de rechterluidspreker.
GA-112 mixt de geluiden van de A- en B-aansluiting en geeft deze weer via de luidspreker.
OPGELET
* Als de AUTO OFF-functie is ingeschakeld en er komen alleen signalen van de MAIN IN-aansluitingen binnen zonder dat u andere bewerkingen uitvoert, wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld na ongeveer 4 uur.
LINE OUT-uitgang
Gebruik deze uitgang om het apparaat op een PA-systeem, recorder of andere externe apparatuur aan te sluiten.
EFX LOOP A-, B-aansluitingen
Deze worden gebruikt om externe effectapparaten aan te sluiten.
Er zijn twee systemen: A en B (mono).
Sluit de INPUT van het externe effectapparaat aan op de SEND-aansluiting en de OUTPUT op de RETURN-aansluiting.
[LOOP]-schakelaar
Als PARALLEL is ingesteld, worden het geluid van de externe effecten en het directe geluid met elkaar gemixt.
Als SERIES is ingesteld, wordt alleen het geluid van de externe effecten weergegeven.
* U hoort geen geluid als SERIES is ingesteld en het volume van het externe effectapparaat op nul staat of het apparaat niet is ingeschakeld.
[LEVEL]-schakelaar
Gebruik deze schakelaar om het in- en uitgangsniveau van een effectenloop te veranderen. Selecteer +4 dBu of -10 dBu afhankelijk van het in- en uitgangsniveau van de aangesloten apparatuur. Als het in- en uitgangsniveau van de aangesloten apparatuur hoog is, stelt u +4 dBu in. Als het niveau laag is, stelt u -10 dBu in.
* Afhankelijk van de stroomvoorziening die u gebruikt, kunnen de twee kabels die op SEND en RETURN zijn aangesloten, een storend geluid geven als deze uit elkaar worden geplaatst. Leg daarom de twee kabels bij elkaar.
Extern effectapparaat
OUTPUTINPUT
\*1 Belangrijke opmerkingen over FOOT CONTROL/LINK IN- en LINK OUT-aansluitingen
- Sluit geen ander apparaat dan de GA-212/GA-112 voor Link-aansluiting of de exclusieve GA FOOT CONTROLLER (GA-FC) aan op de FOOT CONTROL/LINK IN-ingang.
- Sluit geen ander apparaat dan de GA-212/GA-112 voor Link-aansluiting aan op de LINK OUT-uitgang.
- Dit instrument is uitgerust met gebalanceerde TRS-aansluitingen. Onderaan vindt u bedradingsschema's voor deze aansluitingen.

* Zet het volume altijd op nul en schakel alle apparaten uit voordat u aansluitingen maakt om defecten of storingen aan de apparatuur te voorkomen.
* Als u verbindingskabels met weerstanden gebruikt, is het mogelijk dat het geluidsvolume van de apparatuur die op de ingangen (INPUT-, MAIN IN- en RETURN-aansluitingen) is aangesloten, te laag is. Gebruik in dit geval verbindingskabels zonder weerstanden.
Exclusieve footcontroller (afzonderlijk verkrijgbaar)
De footcontroller aansluiten
Sluit een stereokabel aan op de FOOT CONTROL/LINK IN-aansluiting van de GA-212/GA-112.
* Gebruik altijd een stereokabel.
* Gebruik kabels zonder weerstanden.

U kunt de kanalen wijzigen door de footcontroller te gebruiken. Als u op de [FUNCTION]-schakelaar drukt, kunt u ook BOOST, MID BOOST, EFX LOOP A, EFX LOOP B en REVERB in- en uitschakelen.
* Het in- en uitschakelen (ON/OFF) van BOOST, MID BOOST, EFX LOOP A, EFX LOOP B en REVERB met behulp van de footcontroller wordt niet opgeslagen in het kanaal.

text_image
Knippert in de Function-modus. FUNCTION BOOST MID BOOST EFX LOOP A EFX LOOP B REVERB MANUAL CH 1 CH 2 CH 3 CH 4De zwelpedalen gebruiken
Als u de zwelpedalen (Roland EV-5, BOSS FV-500L, BOSS FV-500H, apart verkrijgbaar) aansluit, kunt u de DRIVE-waarde en het volume met behulp van het pedaal veranderen.

text_image
EXP PEGAL EXE-PIR CONTROLDRIVE-aansluiting
Gebruik deze aansluiting om de DRIVE te bedienen. Als BOOST is uitgeschakeld, kan het zuivere geluid heel vet worden en als BOOST is ingeschakeld, krijgt u een extreem geluid.
Als een zwelpedaal is aangesloten op de DRIVE-aansluiting, kan de DRIVE-waarde ingesteld worden van 0 tot de huidige DRIVE-waarde op het paneel. Als het pedaal volledig is ingedrukt, wordt de DRIVE-waarde toegepast die door de regelaar op het paneel wordt weergegeven.

text_image
DRIVE-waarden die met behulp van de zwelpedalen kunnen worden bepaald. (Voorbeeld)VOLUME-aansluiting
Hiermee kunt u het volume regelen. U kunt het volume geleidelijk laten aanzwellen of dempen.
* Het volume dat u kunt regelen met behulp van het zwelpedaal dat op deze aansluiting is aangesloten, verschilt van het [VOLUME] op het paneel. De pedaalbediening is niet gekoppeld aan het niveau van de [VOLUME]-regelaar.
Het MINIMUM VOLUME van een zwelpedaal instellen
Met de [MINIMUM VOLUME]-regelaar van een zwelpedaal kunt u de waarde instellen voor het moment waarop het pedaal helemaal omhoog staat (de laagste waarde).

Instellingen voor DRIVE-waarde na het wijzigen van het kanaal
Als een zwelpedaal is aangesloten op de DRIVE-aansluiting, kunt u nadat het kanaal is gewijzigd de DRIVE-waarde instellen op de huidige pedaalwaarde en niet op de waarde die is opgeslagen in het kanaal. Raadpleeg p. 10 als u de instelling wilt maken.
* Gebruik alleen het opgegeven zwelpedaal (Roland EV-5, BOSS FV-500L, BOSS FV-500H, apart verkrijgbaar). Als u andere zwelpedalen aansluit, kunt u defecten en/of schade aan het apparaat veroorzaken.
Link-aansluitingen met een apparaat maken
U kunt een Link-aansluiting maken met een ander apparaat. Link-aansluitingen zorgen voor meer geluidsdruk en een krachtig effect op een groot podium.
Als de versterkers zijn aangesloten zoals onderaan beschreven, kunt u het kanaal wijzigen met behulp van de footcontroller en een zwelpedaal gebruiken met de aangesloten versterker.

flowchart
graph TD
A["Versterker waarop een gitaar is aangesloten"] -->|Achterzijde| B["Achterpanel"]
C["Versterker waarmee Link-aansluiting is gemaakt"] -->|Achterzijde| D["Achterpanel"]
B --> E["GA FOOT CONTROL"]
B --> F["THRU/TUNER OUT"]
B --> G["EFX LOOP A"]
D --> H["GA FOOT CONTROL"]
D --> I["THRU/TUNER OUT"]
E --> J["LOOP"]
F --> K["LEVEL"]
G --> L["RETURN"]
G --> M["SEN"]
N["Input-aansluiting op het voorpaneel"] --> O["* Draai de [MASTER"]-regelaar van de versterker die moet worden aangesloten, op 0 voordat u een aansluiting maakt. Regel het volume nadat u de aansluiting hebt gemaakt. * Als de gitaar op HIGH is aangesloten, sluit u de versterker aan op HIGH. Als de gitaar op LOW is aangesloten, sluit u de versterker aan op LOW.]
D --> P["Kabel: stereo 1/4"-jack"]
D --> Q["Kabel: 1/4"-jack"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style C fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style D fill:#ccf,stroke:#333
style E fill:#cff,stroke:#333
style F fill:#cff,stroke:#333
style G fill:#cff,stroke:#333
style H fill:#cff,stroke:#333
style I fill:#cff,stroke:#333
style J fill:#ffc,stroke:#333
style K fill:#ffc,stroke:#333
style L fill:#ffc,stroke:#333
style M fill:#ffc,stroke:#333
style O fill:#cfc,stroke:#333
style P fill:#fcc,stroke:#333
style Q fill:#fcc,stroke:#333
style R fill:#fcc,stroke:#333
style S fill:#fcc,stroke:#333
style T fill:#fcc,stroke:#333
style U fill:#fcc,stroke:#333
style V fill:#fcc,stroke:#333
style W fill:#fcc,stroke:#333
style X fill:#fcc,stroke:#333
style Y fill:#fcc,stroke:#333
style Z fill:#fcc,stroke:#333
De versterkers stapelen (stack)
U kunt de GA-212/GA-112 gebruiken met een stack of toren van versterkers.
LET OP
U kunt een stack maken met maximaal één apparaat. Maak geen stack met twee of meer apparaten. Volg zorgvuldig de onderstaande instructies als u een stack maakt.

* Zorg ervoor dat u deze apparaten gebruikt op stabiele, horizontale locaties.
* Zorg ervoor dat steeds minstens twee personen de apparaten optillen en dragen om letsels door het om- of neervallen van de apparaten te voorkomen.
* Let op dat uw vingers niet vast komen te zitten.
De versterkers stapelen (stack)
* Als de versterkers gestapeld zijn, moet u deze gelijkrichten zodat de hoeken van de bovenste en de onderste versterker correct en veilig in elkaar passen. Als de hoeken niet in elkaar passen, kunnen de apparaten vallen.
* Stapel de GA-212 en de GA-112 niet.
* Als u de apparaten wilt stapelen, verwijdert u altijd alle zwenkwielen van alle versterkers.
De zwenkwielen plaatsen en verwijderen (alleen voor GA-212)
De zwenkwielen zijn niet op het apparaat geïnstalleerd wanneer het apparaat vanaf de fabriek wordt geleverd. Plaats of verwijder de zwenkwielen zoals weergegeven in de afbeelding.

text_image
JA NEE
text_image
Voorzijde van het apparaatAndere instellingen
Als u bepaalde knoppen indrukt en tegelijkertijd het apparaat inschakelt, kunt u de volgende instellingen configureren voor het apparaat.
| Instellingen Handeling | ||
| De fabrieksinstellingen herstellen (*) | Houd de [EFX LOOP B]- en de [CH 4]-knoppen ingedrukt en schakel het apparaat in. | |
| Opslaan op een kanaal | De kanaalinstellingen automatisch opslaan (standaardinstelling) | Houd de [EFX LOOP A]-knop ingedrukt en schakel het apparaat in. |
| De kanaalinstellingen opslaan met behulp van de schrijfbewerkingsfunctie (p. 5) | Houd de [EFX LOOP B]-knop ingedrukt en schakel het apparaat in. | |
| DRIVE-waarde na het wijzigen van het kanaal | De waarde die is opgeslagen op een kanaal (standaardinstelling) | Houd de [VOICE]-knop ingedrukt en schakel het apparaat in. |
| Huidige waarde van het zwelpedaal Houd de [BOOST]-knop ingedrukt en schakel het apparaat in. | ||
| Geluidsindicator | Kleurweergave inschakelen (standaardinstelling) | Houd de [MID BOOST]- en de [VOICE]-knoppen ingedrukt en schakel het apparaat in. |
| Kleurweergave uitschakelen | Houd de [MID BOOST]- en de [BOOST]-knoppen ingedrukt en schakel het apparaat in. | |
| De Link-modus instellen* De instellingen van de tweede versterker werken volgens de instellingen van de eerste versterker. | De tweede versterker geeft de bediening van de footcontroller (het schakelen tussen kanalen, het zwelpedaal en het in- en uitschakelen van REVERB) weer (standaard) | Houd de [EFX LOOP A]- en [MID BOOST]-knoppen ingedrukt en schakel het apparaat in. |
| De tweede versterker geeft alle bedieningen op het voorpaneel (behalve MASTER) en de footcontroller weer | Houd de [EFX LOOP B]- en [MID BOOST]-knoppen ingedrukt en schakel het apparaat in. | |
| De kanaalinstellingen van de eerste versterker kopieren naar de tweede versterker | Houd de [EFX LOOP A]-, [EFX LOOP B]- en [MID BOOST]-knoppen op de eerste versterker ingedrukt terwijl de tweede versterker is ingeschakeld en schakel het apparaat in. | |
* De instellingen voor elk kanaal worden ook teruggezet op de fabrieksinstellingen.
Bedradingsschema

flowchart
graph TD
A["INPUT (HIGH)"] --> B["COSM AMPLIFIER"]
C["INPUT (LOW)"] --> B
B --> D["FOOT CONTROLLER EXP PEDAL VOLUME"]
D --> E["MASTER"]
E --> F["POWER AMP"]
E --> G["Alleen voor GA-212"]
H["THRU/TUNER OUT"] --> E
I["LINE OUT"] --> E
J["POWERS"] --> K["SPEAKER"]
L["DRIVE VOLUME"] --> M["EMitters"]
N["MAIN IN A"] --> O["EMitters"]
P["MAIN IN B"] --> Q["EMitters"]
R["EFX LOOP A SEND"] --> S["LOOP [SERIES/PARALLEL"]]
T["EFX LOOP A RETURN"] --> U["LOOP [SERIES/PARALLEL"]]
V["EFX LOOP B SEND"] --> W["LOOP [SERIES/PARALLEL"]]
X["EFX LOOP B RETURN"] --> Y["LOOP [SERIES/PARALLEL"]]
Z["REVERB"] --> B
Alleen als de footcontroller is aangesloten
Roland GA-212
Roland GA-112: Gitaarversterker
| GA-212 GA-112 | ||
| Nominaal uitgangsvermogen | 200 W 100 W | |
| Nominaal ingangsniveau | INPUT HIGH: 10 dBu | |
| INPUT LOW: 0 dBu | ||
| MAIN IN A, B: -10 dBu | ||
| EFX LOOP A, B RETURN: -10 dBu, +4 dBu (aanpasbaar) | ||
| Nominaal uitgangsniveau | LINE OUT: -10 dBu | |
| EFX LOOP A, B SEND: -10 dBu, +4 dBu (aanpasbaar) | ||
| THRU / TUNER OUT: -10 dBu | ||
| Luidspreker 30 cm (12 inch) x 2 30 cm (12 inch) x 1 | ||
| Bedieningselementen | [ON]-schakelaar[AUTO OFF]-schakelaar[VOICE]-knop[BOOST]-knop[MID BOOST]-knopEFX LOOP[A]-, [B]-knopEFX LOOP A-, B[LOOP]-schakelaarsEFX LOOP A-, B[LEVEL]-schakelaars[MANUAL]-knop[CH 1]-[CH 4]-knop | |
| [MASTER]-regelaar[DRIVE]-regelaar[VOLUME]-regelaar[BASS]-regelaar[MIDDLE]-regelaar[TREBLE]-regelaar[PRESENCE]-regelaar[REVERB]-regelaar | ||
| Indicators | GeluidsindicatorLED-regelaar x 7 (behalve MASTER-regelaar)VOICEBOOSTMID BOOSTEFX LOOP A, BMANUALCH 1-CH 4 | |
| Aansluitingen | AC IN-aansluitingINPUT HIGH/LOW-aansluitingen (1/4"-jacks)MAIN IN A-, B-aansluitingen (1/4"-jacks)LINE OUT-aansluiting (1/4"-jack)FOOT CONTROL/LINK IN-aansluiting (stereo 1/4"-jack)LINE OUT-aansluiting (stereo 1/4"-jack)THRU/TUNER OUT-aansluiting (1/4"-jack)EFX LOOP A, B SEND-aansluitingen (1/4"-jacks)EFX LOOP A, B RETURN-aansluitingen (1/4"-jacks) | |
| Stroomverbruik 75 W 45 W | ||
| Afmetingen 715 (B) x 337 (D) x 560 (H) mm 615 (B) x 337 (D) x 504 (H) mm | ||
| Gewicht 32 kg | 24,5 kg | |
| Accessoires | Zwenkwiel x 4 (alleen GA-212)NetsnoerGebruikershandleiding | |
| Opties (afzonderlijk verkrijgbaar) | GA FOOT CONTROLLER (GA-FC) | |
* 0 dBu = 0,775 Vrms
* Met het oog op productverbetering kunnen de specificaties en/of het uitzicht van dit toestel worden gewijzigd zonder voorafgaande kennisgeving.
Roland

For EU Countries
Dit symbool geeft aan dat in landen van de EU dit product gescheiden van huishoudelijk afval moet worden aangeboden, zoals bepaald per gemeente of regio. Producten die van dit symbool zijn voorzien, mogen niet samen met huishoudelijk afval worden verwijderd.
