Uebler i41 S - Fietsendrager

i41 S - Fietsendrager Uebler - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis i41 S Uebler in PDF-formaat.

📄 123 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Uebler i41 S - page 47

Gebruikersvragen over i41 S Uebler

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Fietsendrager in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding i41 S - Uebler en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. i41 S van het merk Uebler.

GEBRUIKSAANWIJZING i41 S Uebler

Fietsendrager voor trekhaak Pagina 45

Beste klant, Hartelijk gefeliciteerd met de aankoop van een UEBLER-fietsdrager. De in deze montage- en gebruiksaanwijzing beschreven werkzaamheden en veiligheidsvoorschriften moeten in acht worden genomen. Wij zijn niet aansprakelijk voor schade als gevolg van het niet in acht nemen van de aanwijzingen en voorschriften. Onderdelenoverzicht Bestelnummers Fietsdrager Uebler i21 S voor 2 fietsen Best.-nr. 18100 (wagen met stuur links) Fietsdrager Uebler i31 S voor 3 fietsen Best.-nr. 18120 (wagen met stuur links) Fietsdrager Uebler i41 S voor 4 fietsen Best.-nr. 18140 (wagen met stuur links) ECE-goedkeuringsnummer E24*26R04/00*0136*00 Inhoud van de levering Onderdelenaanduiding Aanwijzing Beschreven en weergegeven worden de montage en bedie- ning van de fietsdrager Uebler i21 S. Voor de fietsdragers Uebler i31 S en i41 S moet overeenkomstig te werk worden gegaan.

M+P-25A-0286 Aanduiding i21 S i31 S i41 S Stuks Stuks Stuks 1 Fietsdrager 1 1 1 2 Houder 1e fiets 1 1 1 3 Houder 2e fiets 1 1 1 4 Houder 3e/4e fiets – 1 2 5 Sleutel 6 8 10 Aanwijzing Wijzigingen in de inhoud van de levering voorbehouden. Laat reparaties of vervanging van onderdelen uitvoeren door een gespecialiseerd bedrijf. Om veiligheidsredenen raadt Ue- bler aan om alleen originele onderdelen te gebruiken die ver- krijgbaar zijn bij uw dealer. Aanwijzing De houders (2), (3) en (4) liggen los in het geleverde pakket en zijn niet voorgemonteerd. De sleutels (5) steken in het slot van de houders (2), (3) en (4) en in het slot van de borghendel (11). Aanduiding i21 S i31 S i41 S Stuks Stuks Stuks 6 Draagframe 1 1 1 7 Snelspanners voor draagframe

8 Draagrails 4 6 8 9 Achterlichten 2 2 2 10 Opname trekhaak 1 1 1 11 Borghendel voor opna- me trekhaak

12 Stekker voor verlich- tingsinrichting

– eigen gewicht = max. laadvermogen a Als de waarden van trekhaak en wagen afwijken, moet de lagere waarde in aanmerking worden genomen. Kogeldruk Eigen gewicht Max. laadvermogen 50 kg Uebler i21 S = ca. 13,5 kg 36,5 kg 60 kg 46,5 kg 70 kg 56,5 kg ≥ 73,5 kg 60 kg Uebler i31 S: kogeldruk

– eigen gewicht = max. laadvermogen Kogeldruk Eigen gewicht Max. laadvermogen 75 kg Uebler i41 S = ca. 20 kg 55 kg ≥ 80 kg 60 kg Elektrische aansluiting Stroomvoorziening 13-polig, 12 V Gewicht fiets Maximaal gewicht per fiets

30 kg b Bij fietsen met een verschillend gewicht, moet de zwaardere fiets dichter bij de wagen worden gemonteerd Maximale buisdiameter van het fietsframe Ronde buis 75 mm Ovale buis 75x45 mm Voorzichtig De trekhaak en de wagen moeten geschikt zijn voor de monta- ge van een fietsdrager:

  • Kogeldruk van de trekhaak (zie typeplaatje op de trekhaak en de gebruiksaanwijzing van de wagen)
  • Materiaal van de trekhaak minstens St 52-3 (zie typeplaatje op de trekhaak) Door niet-inachtneming kan de fietsdrager samen met de ge- monteerde fietsen losraken van de wagen en daardoor uzelf en andere personen verwonden of een ongeluk veroorzaken. De kogelkop moet voor montage worden gereinigd en ontvet. Voorzichtig Door de gewijzigde wagenafmetingen (breedte, hoogte, diepte) tijdens het gebruik van de fietsdrager kan het niet in acht ne

men van deze wagenafmetingen persoonlijk letsel en/of mate- riële schade tot gevolg hebben. Bij afslagen en doorgangen de gewijzigde wagenafmetingen in acht nemen. Voorzichtig achteruitrijden. Voorzichtig De verlichtingsinstallatie voor elke rit controleren op een goede werking, anders kunnen er ongevallen gebeuren. Aanwijzing De fietsdrager van het voertuig demonteren als deze niet wordt gebruikt.- 47 - Fietsdrager op de wagen monteren

3. Fietsdrager (1) verticaal houden en met de opname (10) op de

kogelkop van de trekhaak (15) schuiven (pijl I).

4. Fietsdrager (1) omlaag klappen tot de borghendel (11)

hoorbaar vergrendelt (pijl II). De rode markering op de borghendel (11) mag niet meer zichtbaar zijn.

5. Controleren of de fietsdrager (1) parallel aan de bumper en

ongeveer parallel aan de ondergrond is. Door schudden controleren of de fietsdrager (1) goed vastzit. Indien nodig de fietsendrager (1) verwijderen en opnieuw monteren.

6. Tas (14) van de fietsdrager (1) trekken.

7. Fietsdrager (1) met de sleutel (5) vergrendelen en deze eruit

8. Stekker (12) uit de stekkerhouder van de wielrail (8) trekken.

9. Stekker (12) in de contactdoos (16) van de wagen steken en

helemaal rechtsom draaien. 1 Tas optioneel verkrijgbaar (voor fietsdragers Uebler i21 S bestnr. 25020, voor fietsdrager Uebler i31 S bestnr. 25030, voor fietsdrager Uebler i41 S bestnr. 25040). Aanwijzing Voor de fietsdrager i41 S moet de koppelingshals van de trekhaak (15) een diameter hebben van minimaal 28,5 mm (A).

10. Snelspanner (7) naar boven openen (pijl I) en het

draagframe (6) omhoogklappen (pijl II).

11. Snelspanner (7) weer volledig omlaag sluiten (pijl III) zodat het

dragerframe (6) vast is gezet.

12. De wielrails (8) aan de verbindingsstukken (17) vastpakken,

uitklappen en vastklikken.

13. Werking van de verlichtingsinstallatie controleren.

14. Houder (18) omlaag drukken (pijl I).

15. Kentekenplaat (19) in de kentekenplaathouder (13) schuiven,

omhoog duwen en er helemaal in plaatsen (pijl II).

16. Houder (18) loslaten en controleren of kenteken goed vastzit.

Fietsdrager van de wagen demonteren

1. Linkerzijde van de wielrails aan het verbindingsstuk (17)

vastpakken en inklappen (pijl I).

2. Rechterzijde van de wielrails aan het verbindingsstuk (17)

vastpakken en inklappen (pijl II). Voorzichtig Wielrails (8) altijd aan de verbindingsstukken (17) vastpakken en uitklappen en niet aan de achterlichten (9). Anders kunnen de achterlichten (9) worden beschadigd.

M+P-25A-0294 Aanwijzing Voor het aanbrengen van hogere kentekenplaten de stopper (20) naar achteren duwen en de kentekenplaat volledig in de kentekenplaathouder (13) schuiven. Aanwijzing De kentekenplaat op de fietsdrager moet overeenkomen met de wettelijke kentekenplaat van de wagen en goed leesbaar zijn. Voorzichtig Wielrails (8) altijd aan de verbindingsstukken (17) vastpakken en inklappen en niet aan de achterlichten (9). Anders kunnen de achterlichten (9) worden beschadigd.

3. Snelspanner (7) naar boven openen (pijl I) en het

draagframe (6) omlaagklappen (pijl II).

4. Snelspanner (7) weer volledig omlaag sluiten (pijl III) zodat het

dragerframe (6) vast is gezet.

5. Stekker (12) uit de contactdoos (16) van de wagen trekken en

in de stekkerhouder van de wielrail (8) steken.

6. Fietsdrager (1) met de sleutel (5) ontgrendelen.

7. Tas (14) op de fietsdrager (1) schuiven.

8. Borghendel (11) indrukken en de fietsdrager (1) verticaal

omhoog zetten (pijl I).

9. Fietsdrager (1) naar achteren van de kogelkop van de

trekhaak (15) omlaag trekken (pijl II).

10. Fietsdrager (1) met de opname (10) op de grond zetten en zo

de opname (10) afsluiten.

11. Deksel van de tas (14) sluiten.

Aanwijzing Snelkoppeling (7) en draagframe (6) regelmatig of in geval van verontreiniging/stroefheid reinigen met zeepsop.

M+P-25A-0297- 50 - Fietsen monteren/demonteren Indeling van de fietsen Let op de tegenovergestelde positie van de fietsen in de rijrichting (pijl). Eerste fiets monteren

1. Draaiknop (21) met de sleutel (5) ontgrendelen.

2. Draaiknop (21) opschroeven tot klem (22) is geopend (A).

3. Klem (22) in elkaar drukken en ingedrukt houden.

De klem (23) wordt geopend. Voorzichtig De fietsdrager voor de trekhaak mag uitsluitend voor het trans- port van fietsen worden gebruikt. Er mogen alleen fietsen met een gewicht van elk max. 30 kg op de fietsdrager worden getransporteerd. Hierbij mogen het maximaal toegestane laadvermogen van de fietsdrager, de kogeldruk van de trekhaak alsmede het toege- stane totale gewicht van de wagen en de maximaal toegestane asbelasting van de wagen (zie instructieboekje van de wagen) in geen geval worden overschreden. Door niet-inachtneming kan de fietsdrager samen met de ge- monteerde fietsen van de wagen losraken en daardoor per- soonlijk letsel en/of een ongeluk veroorzaken. Voorzichtig De fietsen moeten zo gelijkmatig mogelijk en met laag zwaar- tepunt op de fietsdrager worden bevestigd en met elk een hou- der aan het fietsframe en spanriemen aan de voor- en achterwielen tegen vallen worden beveiligd. Door niet-inachtneming kunnen de fietsen en/of losse delen tij- dens het rijden losraken van de wagen en bij andere verkeers- deelnemers leiden tot een ongeval met letsel en materiële schade tot gevolg. Voor de montage kinderzitjes en alle losse onderdelen, bijvoor- beeld drinkflessen, zadeltassen, accu’s van e-bikes enz., van de fietsen verwijderen en opbergen. Voorzichtig Door wegglijden/kantelen bestaat gevaar voor letsel. Beveilig de fietsen tegen wegglijden/kantelen. Voer de montage en de demontage van de fietsen samen met een tweede persoon uit. Voorzichtig Afhankelijk van het voertuigtype kan de fietsdrager met de fietsen te dicht bij het uitlaatsysteem van de wagen zijn gepo- sitioneerd. Door de hete uitlaatpijp en/of de hete uitlaatgassen kunnen de fietsdrager en/of de fietsen beschadigd raken. In dit geval mag de fietsdrager niet worden gebruikt. Raadpleeg voor het transport van fietsen met carbondelen de fabrikant/dealer om na te gaan of deze fietsen geschikt zijn voor transport op de fietsdrager. Aanwijzing Zware fietsen dicht bij de wagen en lichte fietsen (bijv. kinder- fietsen) verder achter op de fietsdrager monteren. De eerste fiets met de tandkrans richting de wagen monteren. M+P-25A-0155

4. Geopende klem (23) om het draagframe (6) positioneren en de

samengedrukte klem (22) loslaten. De klem (23) wordt gesloten.

6. Fiets op de wielrails plaatsen en houder (2) met klem (22) ten

opzichte van het fietsframe positioneren. Fiets borgen tegen kantelen.

7. Klem (22) op het fietsframe met draaiknop (21) vastschroeven.

8. Houder (2) met de sleutel (5) vergrendelen en deze eruit trekken.

9. Spanriemen (25) in het midden tussen de wielspaken

M+P-25A-0299 Voorzichtig Houder (2) uitsluitend aan het fietsframe bevestigen, omdat andere onderdelen van de fiets beschadigd kunnen raken. Er mogen geen onderdelen, bijvoorbeeld versnellings- en remka- bels, worden ingeklemd. Defecte houders moeten onmiddellijk worden vervangen. Voorzichtig De spanriemen (25) niet te strak spannen, omdat anders de banden of velgen beschadigd kunnen raken. Aanwijzing De schroefdraden van de houder moeten regelmatig worden gereinigd en gesmeerd, zodat de draaiknoppen niet vastroes

M+P-25A-0300- 52 - Tweede fiets monteren De montage van de tweede fiets wordt op dezelfde wijze als de eerste uitgevoerd. De tweede fiets moet in tegenovergestelde richting worden bevestigd. Derde

fiets monteren De montage van de derde en vierde fiets wordt op dezelfde wijze als de eerste uitgevoerd. De fietsen moeten steeds in tegenovergestelde richting worden bevestigd. De derde fiets wordt met de houder (4) aan de tweede fiets bevestigd. De vierde fiets wordt met de tweede houder (4) aan de derde fiets bevestigd. Fietsen demonteren Demontage van de fietsen en losmaken van de houders°(2), (3) en (4) wordt in omgekeerde volgorde uitgevoerd. Houders (2), (3) en (4) in het zijvak van de tas (14) opbergen. Fietsdrager kantelen/terugklappen Fietsdrager kantelen De fietsdrager kan voor het openen van de achterklep en het laden en lossen van de wagen worden gekanteld. Pedaal (27) bedienen en de fietsdrager (1) kantelen door aan draagframe (6) of bij gemonteerde fietsen aan het fietsframe te trekken. Voorzichtig Houder (3) uitsluitend aan het fietsframe bevestigen, omdat andere onderdelen van de fiets beschadigd kunnen raken. Er mogen geen onderdelen, bijvoorbeeld versnellings- en remkabels, worden ingeklemd. Defecte houders moeten onmiddellijk worden vervangen. 2 Fietsendrager Uebler i31 S, voor 3 fietsen 3 Fietsendrager Uebler i41 S, voor 4 fietsen Voorzichtig Houder (4) uitsluitend aan het fietsframe bevestigen, omdat andere onderdelen van de fiets beschadigd kunnen raken. Er mogen geen onderdelen, bijvoorbeeld versnellings- en rem- kabels, worden ingeklemd. Defecte houders moeten onmiddel- lijk worden vervangen.

M+P-25A-0217 Voorzichtig Fietsdrager langzaam kantelen en controleren of zich geen personen of voorwerpen in het kantelbereik bevinden. Er bestaat klemgevaar voor personen en voorwerpen in het kantelbereik. Opletten dat de fietsdrager tijdens het terugklappen met beide haken volledig vergrendelt, anders kan de fietsdrager tijdens het rijden kantelen en daardoor aan u of andere personen letsel toebrengen en/of materiële schade tot gevolg hebben. Voorzichtig Bij de fietsdrager Uebler i41 S (90° neerklapbaar) kan het stuur van de vierde fiets door de vergrote kantelhoek de grond raken. Hierdoor kan het fietsstuur worden beschadigd. Eventueel de fiets bij het neerklappen demonteren.

het frame (29) vergrendelen.

2. Door schudden controleren of de fietsdrager (1) goed vastzit.

Indien nodig fietsdrager (1) opnieuw kantelen en opnieuw terugklappen. Voorbereiding voor de rit Als de fietsdrager niet compleet beladen is, moeten:

  • niet-benodigde houders van dragerframes worden verwijderd en in de kofferbak worden opgeborgen
  • alle sleutels worden uitgetrokken en opgeborgen.
  • de spanriemen van alle draagrails gesloten zijn. Lampen vervangen Voorzichtig Alle schroefverbindingen en bevestigingen van de fietsdrager en de fietsen moeten na elke montage, voor elke rit en ook tij

dens een langere rit op goede bevestiging worden gecontro- leerd en eventueel worden vastgedraaid. Door niet-inachtneming kan de fietsdrager samen met de ge- monteerde fietsen van de wagen losraken en daardoor per- soonlijk letsel en/of een ongeluk veroorzaken. Deze controle moet, afhankelijk van de toestand van de weg, regelmatig worden herhaald. Voorzichtig De verlichtingsinstallatie voor elke rit controleren op een goede werking, anders kunnen er ongevallen gebeuren. Aanwijzing Het wettelijke kenteken en de verlichtingsinstallatie van de fietsdrager mogen niet bedekt zijn.

M+P-25A-0302 Voorzichtig Om de lampen te vervangen, moet het contact van de wagen uitgeschakeld zijn en de stekker voor de verlichtingsinstallatie uit het stopcontact van de trekhaak zijn getrokken. Niet-inacht- neming kan leiden tot kortsluiting of materiële schade. Bij on- duidelijkheden moeten de lampen door een specialist worden vervangen. Aanwijzing De lampvervanging wordt aan de hand van het linker achter- licht van de fietsendrager beschreven en weergegeven. Voor het rechter achterlicht moet op dezelfde wijze te werk worden gegaan. Aanwijzing Bij de bestelling van een nieuwe gloeilamp moet de naam van de betreffende gloeilamp worden vermeld. Aanduiding Reserveond erdeelnr. 30 Knipperlicht

bij achterlicht links BL PR21W 12V rood E1687 Achteruitrijlichten

bij achterlicht rechts BL P21W 12V wit E1687 33 Rem/achterlichten BL P21/5W 12V wit E1687

1. Afdekking (34) aan de onderzijde van de houder (35) in de

richting van de pijl erop schuiven en de onderliggende kabel volledig losmaken uit de houder (35).

2. Vergrendelingen (36) indrukken en achterlicht (9) uit de

houder (35) trekken.

3. Schroeven (37) eraf schroeven en transparant plaatje (38)

90° linksom draaien en eruit trekken.

5. Gloeilamp (31) uit de fitting (40) trekken.

6. Nieuwe gloeilamp (30, 32, 33) licht in de fitting (39) drukken en

90° rechtsom draaien. Vereiste gloeilampen , zie pagina 53.

8. Transparant plaatje (38) weer handvast met de schroeven (37)

9. Het monteren van het achterlicht (9) vindt in de omgekeerde

volgorde plaats. De vergrendelingen (36) en de afdekking (34) moeten daarbij hoorbaar vastklikken.

M+P-25A-0305 Aanwijzing Nieuwe gloeilampen alleen met een schone doek aanraken en in de fitting (39, 40) plaatsen.

M+P-25A-0306- 55 - Algemene veiligheidsaanwijzingen De bestuurder is ervoor verantwoordelijk dat zicht en akoestische waarneming niet door de fietsdrager, de fietsen of de toestand van de wagen worden beperkt. Hij moet ervoor zorgen dat het voertuig, de fietsdrager en de fietsen volgens de voorschriften zijn en dat de verkeersveiligheid niet in gevaar wordt gebracht. Voorgeschreven verlichting en verlichtingsinstallaties moeten ook overdag aanwezig en functioneel zijn. Deze montage- en gebruiksaanwijzing bevat de algemene toelating van de fietsdrager voor trekhaken en moet altijd in de wagen worden bewaard. Neem de desbetreffende wettelijke bepalingen voor het gebruik van fietsdragers in het land van gebruik in acht. Aanwijzingen m.b.t. afvoer Voer de componenten, het toebehoren en de verpakking op milieuvriendelijke wijze af. Gooi lampen niet bij het huisvuil of restafval. Conform de Europese norm 2012/19/EU moeten in onbruik geraakte elektrische apparaten gescheiden worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze worden gerecycled. Verwijder de lampen van de fietsdrager en geef de niet meer bruikbare componenten af bij een geschikt inzamelpunt. Vraag uw dealer om informatie. Voorzichtig De in deze montage- en gebruiksaanwijzing beschreven werk- zaamheden en veiligheidsvoorschriften moeten in acht worden genomen. De fietsdrager voor de trekhaak is uitsluitend geschikt voor het transport van fietsen. De fietsdrager is niet geschikt voor ge

bruik op ruw terrein. Alle schroefverbindingen en bevestigingen van de fietsdrager en de fietsen moeten na elke montage, voor elke rit en ook tij

dens een langere rit op goede bevestiging worden gecontro- leerd en eventueel worden vastgedraaid. Deze controle moet afhankelijk van de toestand van de weg regelmatig worden her- haald. Tijdens rijden moet de bestuurder door kijken in de achteruit- kijkspiegel de fietsendrager en de fietsen op eventuele ver- schuivingen/verplaatsingen controleren. Bij veranderingen met gereduceerde snelheid naar de volgen- de stopmogelijkheid rijden en schroefverbindingen en bevesti- gingen van de fietsdrager en de fietsen vastdraaien. Door niet-inachtneming kan de fietsdrager samen met de ge- monteerde fietsen van de wagen losraken en daardoor per- soonlijk letsel en/of een ongeluk veroorzaken. Voorzichtig Beweeglijke delen, zoals de schroefdraden van de houders en de snelspanner, moeten regelmatig worden gereinigd en ge- smeerd, zodat de draaiknoppen niet vastroesten. Geen smeermiddel voor alle andere schroefverbindingen ge- bruiken. De schroefverbindingen kunnen hierdoor vanzelf los- raken; de fietsdrager kan samen met de gemonteerde fietsen van het voertuig losraken en daardoor uzelf en andere perso

nen verwonden en/of een ongeluk veroorzaken. Voorzichtig Als de gemonteerde fietsen meer dan 40 cm buiten de buiten- ste rand van het lichtstraalvlak van de stads- en achterlichten van de fietsdrager uitsteken, moet dit kenbaar worden ge

maakt: aan de zijkant maximaal 40 cm van de rand en maxi- maal 150 cm boven de weg, naar voren door een lamp met wit licht, naar achter door een lamp met rood licht. Tijdens het transport van de fietsen de aan de zijkant uitsteken- de wielen extra kenbaar maken. Bij nachtelijke ritten de achterlichten en reflectors van de fietsen afdekken om te voorkomen dat een verkeerde waarne

ming van de verlichting van het voertuig andere verkeersdeel- nemers hindert of verwart. Niet-inachtneming kan leiden tot ongevallen. Voorzichtig Voor de rit moet de werking van de verlichtingsinstallatie wor- den gecontroleerd. Bij ingeschakeld mistachterlicht van de fiet- sendrager moet het mistachterlicht van het voertuig uitgeschakeld zijn; ze mogen niet tegelijkertijd branden. Bij voertuigmodellen die na 01-10-1998 zijn toegelaten, mag de gemonteerde fietsdrager of mogen de gemonteerde fietsen het derde remlicht van de wagen niet afdekken. Het derde remlicht van de wagen moet zichtbaar zijn: rechts en links van de leng

teas van de wagen – in een horizontale hoek van 10° naar boven ten opzichte van de lamprand – in een verticale hoek van 10° en naar beneden ten opzichte van de lamponderzijde – in een verticale hoek van 5°. Indien deze waarden niet worden aangehouden, moet een ‘derde’ reserveremlicht worden gebruikt. Niet-inachtneming kan leiden tot ongevallen. Voorzichtig De montage van de fietsdrager en de fietsen leidt tot verander- de rij- en remeigenschappen en gevoeligheid voor zijwind van de wagen. De maximale snelheid van 130 km/u mag niet wor- den overschreden. De fietsen niet door zeilen, beschermingsdoeken e.d. bedek- ken; deze leiden tot aanzienlijke veranderende eigenschappen met betrekking tot de invloed van wind. Zware lading in de kofferbak zo ver mogelijk naar voren schui- ven om het zwaartepunt niet te veel naar achteren te laten ver- schuiven. Pas het rijgedrag altijd aan de weg-, verkeers- en weersom- standigheden aan en rij extra voorzichtig als de fietsdrager beladen is. Door niet-inachtneming kan de fietsdrager samen met de ge- monteerde fietsen van de wagen losraken en daardoor per- soonlijk letsel en/of een ongeluk veroorzaken. Voorzichtig Als de wagen is uitgerust met een elektrische achterklep, moet bij de montage van de fietsdrager op voldoende vrije ruimte worden gelet. Indien mogelijk moet de elektrische achterklep worden gedeactiveerd en handmatig worden bediend. De fietsdrager demonteren alvorens de autowasstraat in te rijden. Anders kunnen de fietsdrager, de wagen en/of de auto

wasstraat beschadigd raken.- 56 -

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Uebler

Model : i41 S

Categorie : Fietsendrager