5CD891SC0 - Koelkast BLAUPUNKT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 5CD891SC0 BLAUPUNKT in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 5CD891SC0 - BLAUPUNKT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 5CD891SC0 van het merk BLAUPUNKT.
GEBRUIKSAANWIJZING 5CD891SC0 BLAUPUNKT
2 VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN 2 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen 3 Algemene veiligheidsaanwijzingen 4 Dagelijks gebruik 5 Verzorging en reiniging 5 Montage 5 Service 6 Energie besparen 6 Milieubescherming 7 Verpakkingsmaterialen 7 Het apparaat afvoeren 8 OVERZICHT 9 MONTAGE 9 Benodigde ruimte 9 Het waterpas stellen van het apparaat 10 Deuren waterpas zetten 11 Rubberen blokken 11 Opstelplaats 12 Opstellingsplaats 12 Elektrische aansluiting 13 DAGELIJKS GEBRUIK 13 Gebruik van het bedieningspaneel 13 Bedrijfstoestand 14 Weergave van de toetsen 17 Multi-temperatuurzone 18 Eerste inbedrijfstelling 18 Dagelijks gebruik 20 Aanbeveling voor temperatuurinstelling 20 Effect op de bewaartermijn van voedsel 21 Invriezen van vers voedsel 21 Bewaren van diepvriesproducten 21 Ontdooien 22 Toebehoren 22 Beweeglijke legplanken 22 Plaatsing van de deurvakken 22 Nuttige aanwijzingen en tips 23 Aanwijzingen voor het bewaren van ingevroren voedsel 23 Aanwijzingen voor het koelen van vers voedsel 24 Reiniging 24 Beschrijving voor ontdooien (No Frost) 25 Probleemoplossing2 VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN Lees voorafgaand aan de installatie en het eerste gebruik van het toestel voor uw veiligheid en ter waarborging van een correct gebruik deze gebruiksaanwijzing met inbegrip van de aanwijzingen en waarschuwingen, zorgvuldig door. Ter voorkoming van onnodige fouten en ongelukken is het van belang dat iedereen die het apparaat gebruikt, zich volledig vertrouwd heeft gemaakt met de bediening en de veiligheidsaspecten ervan. Bewaar deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze bij het apparaat blijft als het wordt verplaatst of verkocht, zodat iedereen die het apparaat tijdens de levensduur ervan gebruikt voldoende is geïnformeerd over het gebruik en de veiligheid ervan. Volg ter bescherming van leven en eigendommen de aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing op, aangezien de fabrikant niet aansprakelijk is voor schade die door het niet naleven ervan wordt veroorzaakt. Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke beperkingen of gebrek aan ervaring en kennis, als ze onder toezicht staan of een instructie voor het veilige gebruik van het apparaat hebben gekregen en de daarmee verbonden gevaren begrijpen.
- Kinderen in de leeftijd van 3 tot 8 jaar mogen deze koelkast in- en uitruimen.
- Kinderen moeten onder toezicht staan om er zeker van te zijn dat ze niet met het apparaat spelen.
- Reiniging en onderhoud van het apparaat mag door kinderen boven 8 jaar alleen worden uitgevoerd onder toezicht van een voor hen verantwoordelijke persoon.
- Bewaar alle verpakkingen buiten het bereik van kinderen. Er bestaat verstikkingsgevaar.
- Bij het afvoeren van het apparaat moet de stekker uit het stopcontact worden gehaald, moet de aansluitkabel zo dicht mogelijk bij het apparaat worden afgeknipt en moet de deur worden verwijderd om te voorkomen dat spelende kinderen een elektrische schok oplopen of in het apparaat opgesloten raken.
- Indien dit apparaat met magnetische deurafdichting een ouder apparaat met een vergrendeling op de deur of het deksel moet vervangen, controleer dan of deze vergrendeling onbruikbaar is voordat u het oude apparaat afvoert. Zo voorkomt u dat het gevaarlijk wordt voor een kind.3 ALGEMENE VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN WAARSCHUWING! Houd de ventilatieopeningen in de behuizing van het apparaat of in de installatieconstructie vrij van obstakels. WAARSCHUWING! Gebruik geen mechanische hulpmiddelen of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, uitgezonderd die welke door de fabrikant worden aanbevolen. WAARSCHUWING! Beschadig niet het koelmiddelcircuit. WAARSCHUWING! Gebruik geen andere elektrische apparaten (zoals ijsmachines) in koelkasten, tenzij deze voor dit doel zijn goedgekeurd door de fabrikant. WAARSCHUWING! Let er bij het opstellen van het apparaat op dat de netkabel niet wordt afgekneld of beschadigd. WAARSCHUWING! Bevestig geen meervoudige stekkerdozen of draagbare stroomvoorzieningen aan de achterkant van het apparaat.
- Bewaar geen explosieve stoffen zoals spuitbussen met brandbaar drijfgas in dit apparaat.
- In het koelmiddelcircuit van het apparaat bevindt zich het koelmiddel isobutaan (R-600a), een natuurlijk gas met een hoge milieuvriendelijkheid, dat echter ontvlambaar is.
- Let er bij het transport en de montage van het apparaat op dat geen van de onderdelen van het koelmiddelcircuit wordt beschadigd. – Vermijd open vuur en ontstekingsbronnen. – Ventileer de ruimte waar het apparaat zich bevindt goed.
- Het is gevaarlijk om de technische gegevens te wijzigen of het product op een of andere manier aan te passen. Elke beschadiging van de kabel kan kortsluiting, brand en/of een elektrische schok veroorzaken.
- Dit apparaat is bestemd voor gebruik in de huishouding en soortgelijke toepassingen, zoals bijvoorbeeld: – In personeelskeukens in winkels, kantoren en andere werkomgevingen. – Op boerderijen, voor gasten in hotels, motels en andere woonomgevingen. – In pensions en soortgelijke omgevingen. – In horeca en soortgelijke toepassingen buiten de handelssector. WAARSCHUWING! Alle elektrische onderdelen, stekkers, netkabels, compressor, enz. moeten worden vervangen door een gecertificeerde onderhoudsmonteur of gekwalificeerd onderhoudspersoneel. WAARSCHUWING! De bij dit apparaat geleverde gloeilamp is een "speciale gloeilamp" die alleen met het bijgeleverde apparaat kan worden gebruikt. Deze "speciale gloeilamp" is niet geschikt voor huishoudelijke verlichting.
- De netkabel mag niet worden verlengd.
- Zorg ervoor dat de netstekker niet wordt bekneld of beschadigd door de achterkant van het apparaat. Een beknelde of beschadigde netstekker kan oververhit raken en brand veroorzaken.4
- Zorg ervoor dat de netstekker van het apparaat toegankelijk is.
- Trek niet aan de netkabel.
- Steek de netstekker niet in het stopcontact als het stopcontact los zit. Er bestaat gevaar voor elektrische schokken of brand.
- U mag het apparaat niet zonder de lamp gebruiken.
- Dit apparaat is zwaar. Wees voorzichtig wanneer u het verplaatst.
- Neem geen artikelen uit het vriesvak en raak deze niet aan indien uw handen vochtig/nat zijn, want dit kan leiden tot schaafwonden of koudebrandwonden.
- Het apparaat mag niet gedurende langere tijd aan direct zonlicht worden blootgesteld.
- Plaats geen hete voorwerpen op de kunststof onderdelen van het apparaat.
- Plaats geen voedsel direct tegen de achterwand.
- Bevroren voedsel mag na ontdooiing niet opnieuw worden ingevroren.
- Bewaar voorverpakte diepvriesproducten volgens de instructies van de fabrikant van de diepvriesproducten.
- De aanbevelingen van de fabrikant voor de opslag van het apparaat moeten strikt worden opgevolgd. Zie de desbetreffende instructies.
- Plaats geen koolzuurhoudende dranken in het vriesvak, omdat hierdoor druk op de houder wordt uitgeoefend, wat een explosie kan veroorzaken en het apparaat kan beschadigen.
- IJslolly's kunnen koudebrandwonden veroorzaken indien deze rechtstreeks uit het apparaat worden gegeten.
- Neem de volgende instructies in acht om verontreiniging van het voedsel te voorkomen.
- Langer openen van de deur kan leiden tot een aanzienlijke temperatuurverhoging in de vakken van het apparaat.
- Reinig oppervlakken die met voedsel in aanraking kunnen komen en toegankelijke afvoersystemen regelmatig.
- Bewaar rauw vlees en rauwe vis in geschikte containers in de koelkast, zodat deze niet in contact komen met ander voedsel of daarop druppelen.
- Twee-sterrenvriesvakken (indien aanwezig in het apparaat) zijn geschikt voor het bewaren van ingevroren voedsel, het bewaren of bereiden van consumptie-ijs en het maken van ijsblokjes.
- Eén-, twee- en driesterrenvakken (indien aanwezig in het apparaat) zijn niet geschikt voor het invriezen van vers voedsel.5
- Schakel het apparaat uit, ontdooi het, maak het schoon, droog het en laat de deur open om schimmelvorming in het apparaat te voorkomen, indien het langere tijd leeg wordt gelaten.
VERZORGING EN REINIGING
- Schakel het apparaat uit en trek de netstekker uit het stopcontact voordat u onderhoud uitvoert.
- Gebruik geen metalen voorwerpen om het apparaat te reinigen.
- Gebruik geen scherpe voorwerpen om de ijsafzetting uit het apparaat te verwijderen. Gebruik een kunststof krabber.
- Controleer regelmatig de afvoer in de koelkast op ontdooid water. Reinig indien nodig de afvoer. Als de afvoer verstopt is, verzamelt het water zich op de bodem van het apparaat. MONTAGE BELANGRIJK! Volg zorgvuldig de instructies voor de elektrische aansluiting in de afzonderlijke hoofdstukken.
- Pak het apparaat uit en controleer het op beschadigingen. Sluit het apparaat niet aan wanneer het beschadigd is. Meld eventuele schade onmiddellijk aan de dealer bij wie u het toestel hebt gekocht. Bewaar in dat geval de verpakking.
- Het verdient aanbeveling ten minste vier uur te wachten voordat u het apparaat aansluit, zodat de olie weer in de compressor kan terugstromen.
- Zorg voor voldoende luchtcirculatie rond het apparaat, anders kan het oververhit raken. Volg de desbetreffende installatie-instructies om voor voldoende ventilatie te zorgen.
- Waar mogelijk moeten de afstandhouders van het product tegen een muur staan om te voorkomen dat warme onderdelen (compressor, condensor) worden aangeraakt, hetgeen tot brandwonden kan leiden.
- Het apparaat mag niet in de buurt van verwarmingselementen of fornuizen worden geplaatst.
- Let erop dat de netstekker bereikbaar is nadat het toestel is gemonteerd. SERVICE
- Alle elektrische werkzaamheden die nodig zijn voor het onderhoud van het apparaat moeten worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien of een vakbekwaam persoon.
- Dit product moet worden onderhouden door een erkend servicecentrum en er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt.6 ENERGIE BESPAREN
- Plaats geen heet voedsel in het apparaat;
- Pak het voedsel niet dicht op elkaar omdat dit de luchtcirculatie belemmert;
- Let erop dat het voedsel niet met de achterzijde van het vak/de vakken in aanraking komen;
- Open de deur(en) niet tijdens een stroomstoring;
- Vermijd het veelvuldig openen van de deur(en);
- Laat de deur(en) en niet te lang open staan;
- Stel de thermostaat niet op te koude temperaturen in;
- Wij adviseren om niet alle toebehoren zoals lades, planken en deurvakken te verwijderen om het energieverbruik te verminderen.
MILIEUBESCHERMING Dit apparaat bevat geen gassen die de ozonlaag kunnen aantasten, noch in het koelmiddelcircuit, noch in de isolatiematerialen. Het apparaat mag niet met het huisvuil worden afgevoerd. Het isolatieschuim bevat ontvlambare gassen: Het apparaat moet worden afgevoerd in overeenstemming met de apparatenverordening, die u bij uw lokale autoriteiten kunt verkrijgen. Voorkom beschadiging van de koeleenheid, met name van de warmtewisselaar. Materialen gemarkeerd met het symbool zijn recycleerbaar. Het symbool op het product of de verpakking geeft aan dat dit product niet als huishoudelijk afval mag worden behandeld. In plaats daarvan moet het naar de desbetreffende inzamelpunten voor de recycling van elektrische en elektronische apparaten worden gebracht. Wanneer u ervoor zorgt, dat dit apparaat correct wordt afgevoerd, draagt u ertoe bij, mogelijke schade aan het milieu en de menselijke gezondheid, die kan ontstaan wanneer dit product verkeerd wordt afgevoerd, te voorkomen. Voor meer informatie over het recyclen van dit product kunt u contact opnemen met uw gemeente, uw vuilnisophaaldienst of de winkel waar u het product hebt gekocht.7 VERPAKKINGSMATERIALEN De materialen met het symbool zijn recycleerbaar. Gooi met het oog op recycling de verpakking in een geschikte verzamelcontainer.
1. Trek de stekker uit het stopcontact.
2. Snijd de netkabel los en voer deze af.
WAARSCHUWING! Let bij het gebruik, het onderhoud of de afvoer van het apparaat op het geel- of oranjekleurige symbool aan de linkerkant, dat zich op de achterkant van het apparaat bevindt (achterwand of compressor). Het is een waarschuwingssymbool voor brandgevaar. Er bevinden zich brandbare materialen in de koelmiddelleidingen en in de compressor. Houd het apparaat tijdens gebruik, onderhoud en afvoer uit de buurt van vuurbronnen.8 OVERZICHT
Deze afbeelding dient alleen ter illustratie, raadpleeg uw apparaat voor meer informatie.
- • Laat voldoende ruimte over zodat de deur kan worden geopend.
Stel daartoe de twee nivelleervoetjes aan de voorkant van het toestel af.
- Zet de koelkast waterpas en veranker hem door de pootjes te verstellen.
- Draai de voeten handmatig rechtsom om deze te verhogen.
- Draai de voeten handmatig linksom om deze te laten zakken.
Na het transport of inruimen van de deurvakken met voedsel of dranken kunnen de bovenste twee deuren verkeerd uitgelijnd raken. Er worden 3 type C-ringen gebruikt om de deuren af te stellen. Volg het onderstaande proces om de deuren waterpas te zetten.
1. Voordat u de uitlijning van de deuren controleert, moet u ervoor zorgen dat het apparaat
2. Als de bovenkant van de twee bovenste deuren niet is uitgelijnd, til dan de onderste deur iets op
en plaats een type C-ring met een clip tussen de onderkant van de deur en het middelste scharnier.
WAARSCHUWING! Pas op dat uw vingers niet tussen de deur komen. Maak gebruik van gereedschap. WAARSCHUWING! Houd type C-ringen uit de buurt van kinderen om te voorkomen dat kinderen ze inslikken. Het gaat hier om kleine onderdelen.11 RUBBEREN BLOKKEN Aan elke deur bevindt zich een rubberen blok. Deze werken als een veer die de stoot dempt wanneer de deur sluit. Trek niet aan de rubberen blokken. Als ze ontbreken op de deuren, neem er dan een uit de toebehorentas en stop deze in het gat van de deur.
WAARSCHUWING! Houd rubberen blokken uit de buurt van kinderen om te voorkomen dat kinderen ze inslikken. Het gaat hier om kleine onderdelen.
OPSTELPLAATS Installeer dit apparaat op een plaats waar de omgevingstemperatuur overeenkomt met de klimaatklasse die op het typeplaatje van het apparaat is aangegeven: voor koelapparaten met klimaatklasse:
- Subnormaal (SN): Dit koelapparaat is bestemd voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 10 °C tot 32 °C;
- Normaal (N): Dit koelapparaat is bestemd voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16 °C tot 32 °C;
- Subtropisch (ST): Dit koelapparaat is bestemd voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16 °C tot 38 °C.
- Tropisch (T): Dit koelapparaat is bestemd voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16 °C tot 43 °C.12 OPSTELLINGSPLAATS Het apparaat moet ver van warmtebronnen zoals verwarmingselementen, verwarmingsketels, direct zonlicht, enz. worden geplaatst. Zorg ervoor dat de lucht vrij kan circuleren aan de achterkant van de kast. Wanneer het apparaat onder een uitstekende hangkast wordt geplaatst, moet de minimale afstand tussen de bovenkant van het apparaat en de hangkast ten minste 50 mm bedragen om optimale prestaties te garanderen. Idealiter wordt het apparaat echter niet onder een uitstekende hangkast geplaatst. Het exact waterpas stellen wordt gegarandeerd door een of meer stelvoeten aan de onderzijde van het apparaat. Dit koelapparaat is niet bedoeld als inbouwapparaat. WAARSCHUWING! Het apparaat moet van het elektriciteitsnet kunnen worden losgekoppeld; de stekker moet daarom na de installatie gemakkelijk bereikbaar zijn.
ELEKTRISCHE AANSLUITING Voordat u de netkabel in het stopcontact steekt, moet u controleren of de spanning en de frequentie die op het typeplaatje zijn aangegeven, overeenkomen met het elektriciteitsnet in uw woning. Het apparaat moet worden geaard. De stekker van de voedingskabel is voor dit doel voorzien van een contact. Indien het stopcontact van het elektriciteitsnet in uw woning niet geaard is, moet het apparaat worden geaard volgens de geldende voorschriften waarbij een gekwalificeerde elektricien moet worden geraadpleegd. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid indien de bovenstaande veiligheidsvoorschriften niet in acht worden genomen. Dit apparaat voldoet aan de EEG-richtlijnen.13 DAGELIJKS GEBRUIK
1 Temperatuur van het koelvak 2 Temperatuur van het vriesvak 3 Temperatuur van de overgangszone
a. Het bedieningspaneel brandt gedurende 3 seconden op 100% en keert dan terug naar de instelling die voor het uitschakelen bestond (modus en temperatuur). Het systeem wordt 25 seconden na de laatste toetsbediening automatisch vergrendeld. Na de vergrendeling gaat de verlichting van het bedieningspaneel 120 seconden na de laatste toetsaanslag uit. No Frost Koelkast Ovrgangszone Vriezer Modus Vergrendeling 3s14 b. De temperatuur van de koelkast/vriezer/overgangszone wordt apart weergegeven door de temperatuur van elke zone in te stellen.
2.1.1 Het bedieningspaneel licht 2 minuten op zodra de deur van het koelvak of vriesvak
wordt geopend. (er wordt één deursignaal tegelijk gedetecteerd)
2.1.2 Het bedieningspaneel licht op bij elke toetsdruk, terwijl het licht 2 minuten na de laatste
2.1.3 Weergave tijdens normaal gebruik
Temperatuurweergave van het koelvak: geeft de temperatuur van de huidige instelling weer. Temperatuurweergave van het vriesvak: geeft de temperatuur van de huidige instelling weer. Temperatuurweergave van de overgangszone: geeft de temperatuur van de huidige instelling weer.
3. WEERGAVE VAN DE TOETSEN
3.1 Temperatuurregeling van het koelvak
a. Temperatuurregeling van het koelvak: Deze toets kan zowel in de gebruikersmodus als in de supermodus worden gebruikt. Na het invoeren van de temperatuurregeling van het koelvak knippert deze toets. Als u de toets herhaaldelijk bedient, wordt de temperatuur gewijzigd in een opeenvolging van "2 °C, 3 °C, 4 °C, 5 °C, 6 °C, 7 °C, 8 °C, – –(uit)". Daarna betekent een knippering van 5 seconden dat de temperatuurselectie is voltooid. b. Koelvak uitschakelen: Druk op de toets "Temperatuurregeling van het koelvak", selecteer "– –", 5 seconden knipperen betekent dat de temperatuurselectie is gemaakt, d.w.z. dat het koelvak niet meer wordt gekoeld.
3.2 Temperatuurregeling van het vriesvak
Temperatuurregeling van het vriesvak: Deze toets kan zowel in de gebruikersmodus als in de vakantiemodus worden gebruikt. Na het invoeren van de temperatuurregeling van het vriesvak knippert de toets. Als u de toets herhaaldelijk bedient, wordt de temperatuur gewijzigd in een opeenvolging van "–14 °C, –15 °C, –16 °C, –17 °C, –18 °C, –19 °C, –20 °C, –22 °C". Daarna betekent een knippering van 5 seconden dat de temperatuurselectie is voltooid.15
3.3 Temperatuurregeling van de overgangszone
a. Temperatuurregeling van de overgangszone: Deze toets kan zowel in de gebruikersmodus als in een van de andere modi worden gebruikt. Na het invoeren van de temperatuurregeling van de overgangszone knippert deze toets. Als u de toets herhaaldelijk bedient, wordt de temperatuur gewijzigd in een opeenvolging van "5 °C, 4 °C, 3 °C, 2 °C, 1 °C, 0 °C, –1 °C, –2 °C, –3 °C, –4 °C, –5 °C, –6 °C, –7 °C, –8 °C, –9 °C, –10 °C, –11 °C, –12 °C, –13 °C, –14 °C, –15 °C, –16 °C, –17 °C, –18 °C, –19 °C, –20 °C, – –(uit)". Daarna betekent een knippering van 5 seconden dat de temperatuurselectie is voltooid. b. Het aanpasbare vak uitschakelen: Druk op de toets "Temperatuurregeling van de overgangszone", selecteer "– –", 5 seconden knipperen betekent dat de temperatuurselectie is gemaakt, d.w.z. dat de overgangszone niet meer wordt gekoeld.
3.4 Modus vergrendelen/ontgrendelen
a. Als u herhaaldelijk op deze toets drukt, wordt de bedrijfsmodus van de koelkast in deze opeenvolging gewijzigd: "ECO-modus – Vakantiemodus – Supermodus – Gebruikersmodus". Een knippering van 5 seconden betekent dat de temperatuurselectie is voltooid. b. Druk lang op de toets om de supermodus te activeren/deactiveren. – Ontgrendelen: Houd in de supermodus de toets 3 seconden ingedrukt, waarna alle toetsen na een pieptoon worden ontgrendeld. – Vergrendelen: Houd in de ontgrendelmodus de toets 3 seconden ingedrukt, waarna alle toetsen na een pieptoon worden ontgrendeld.
3.5 Op toets drukken
Korte pieptoon na elke toetsdruk Alle toetsen functioneren alleen in de ontgrendelmodus.
3.6 Vergrendelingsfunctie
Wanneer binnen 25 seconden geen bediening plaatsvindt, wordt het display automatisch vergrendeld.
Druk op de Modus-toets, om de Eco-modus te selecteren. Het ECO-pictogram blijft branden na 5 seconden knipperen en dan kunt u de ECO-modus activeren. De temperatuur van de koelkast en vriezer wordt ingesteld volgens de volgende temperatuur16 Omgevingstemperatuur (T) T ≤ 13 °C 13 °C < T ≤ 20 °C 20° C< T ≤ 27 °C 27 °C < T ≤ 34 °C T > 34 °C Temperatuur koelkast 3 °C 4 °C 5 °C 6 °C 8 °C Temperatuur vriezer -18 °C -18 °C -18 °C -16 °C -15 °C
De toets "Vriezer" en "Koelkast" werkt niet in de ECO-modus. De temperatuur van de overgangszone kan vrij worden aangepast door de temperatuur van de overgangszone te bedienen. De ECO-modus deactiveren: Houd de Modus-toets ingedrukt, dan wordt de ECO modus na 5 seconden gedeactiveerd en kunt u de gewenste modus selecteren.
Druk op de Modus-toets, om de vakantiemodus te selecteren. Het pictogram blijft branden na 5 seconden knipperen en daarna kunt u de vakantiemodus activeren. De temperatuur in het koelvak bedraagt 17 °C, de toets "Koelkast" werkt niet, het vakantiepictogram knippert drie keer in alarm. De temperatuur van het vriesvak en van de overgangszone kan vrij worden ingesteld. Vakantiemodus deactiveren: Houd de Modus-toets ingedrukt, dan wordt de Vakantiemodus na 5 seconden gedeactiveerd en kunt u de gewenste modus selecteren.
3.9 Superfrost-modus
Druk op de Modus-toets. Het pictogram blijft branden na 5 seconden knipperen en daarna kunt u de vriesmodus activeren. Vriesmodus: De temperatuur in het vriesvak bedraagt –25 °C, de toets "Vriesvak" werkt niet, het pictogram voor invriezen knippert drie keer in alarm. De temperatuur van het koelvak en van de overgangszone kan vrij worden ingesteld. Vriesmodus deactiveren: Voldoen aan de volgende voorwaarden. – handmatig beëindigen van de vriesmodus. – Vriestijd meer dan 50 uur De modus blijft hetzelfde als voor het activeren van de superfrost-modus.
4.0 Deuropeningsalarm
Als de (bovenste) koelkastdeur 60 seconden open blijft staan, wordt regelmatig een alarm geactiveerd totdat de deur weer wordt gesloten.17 MULTI-TEMPERATUURZONE
1. Koelkasttemperatuur 2 °C ~ 8 °C / Uit
Geregeld via het bedieningspaneel
2. Fresh-Zone-temperatuur 2 °C ~ 8 °C
3. Temperatuur nulgradenzone –3 °C ~ 0 °C
4. Vriezertemperatuur –22 °C ~ –14 °C
Geregeld via het bedieningspaneel
5. Temperatuur overgangszone –20 °C ~ 5 °C / Uit
Geregeld via het bedieningspaneel18 EERSTE INBEDRIJFSTELLING Reiniging van de binnenruimte Voorafgaand aan de eerste inbedrijfstelling dient u voor het verwijderen van de typische geur van een gloednieuw product, de binnenruimte en alle binnenruimte-accessoires af te wassen met lauw water en een beetje neutrale zeep, en deze vervolgens grondig te drogen. BELANGRIJK! Gebruik geen reinigingsmiddelen of schuurmiddelen, aangezien deze het oppervlak beschadigen. DAGELIJKS GEBRUIK Plaats de verschillende soorten voedsel in de verschillende vakken volgens de onderstaande tabel Koelkastvakken Soorten voedsel Deur of deurvakken van het koelvak
- Voedsel met natuurlijke conserveermiddelen, zoals jam, sap, drankjes, smaakmakers.
- Bewaar hier geen bederfelijk voedsel. Crisper-zone
- Fruit, kruiden en groenten moeten apart worden bewaard in de crisper-lade.
- Bananen, uien, aardappelen en knoflook moeten niet in de koelkast worden bewaard Koelkastplank
- Zuivelproducten, eieren, gebak, pasta, pizza
- Voedsel dat niet gekookt hoeft te worden, zoals kant-en- klaar voedsel, worstproducten, etensresten. Vochtige Fresh-zone
- Behoud van vocht en versheid. Verlenging van de bewaartermijn.
- Verse groenten en fruit, bederfelijk voedsel. Nulgradenzone
- –3 °C ~ 0 °C, op zichzelf bewaren en hypervers
- Voor kortstondig en koel bewaren van voedsel zoals rauw vlees, vis, zeevruchten en koelen van gebak.19
- –20 °C ~ 5 °C, breed variabel temperatuurbereik.
- 3 °C ~ 5 °C: vers fruit, groenten.
- 0 °C ~ 2 °C: Dranken, bier, rode wijn, bederfelijke dranken
- –7 °C ~ –1 °C: Voor kortstondig en koel bewaren van voedsel zoals rauw vlees, vis, zeevruchten, knoedels.
- –20 °C ~ –8 °C: Voor langdurig en koel bewaren van voedsel zoals rauw vlees, vis, zeevruchten, knoedels. Vriesvak
- De bovenstaande informatie dient als aanbeveling voor de temperatuurinstelling voor de gebruiker.
- De instelling van de temperatuur van de overgangszone hangt af van het soort voedsel.
- Bij de aanbevolen instelling is de optimale bewaartijd in de koelkast niet meer dan 3 dagen.
- Bij de aanbevolen instelling is de optimale bewaartijd in de vriezer niet meer dan 1 maand.
- Bij andere instellingen kan de optimale bewaartermijn korter worden.
Omgevingstemperatuur Temperatuur instellen
Koelkast op 2 °C Vriezer op -20 °C Normaal
Koelkast op 4 °C Vriezer op -18 °C Winter (beneden 16 °C)
- Het vriesvak is geschikt voor het invriezen van vers voedsel en het langdurig bewaren van bevroren en diepgevroren voedsel.
- Plaats het verse voedsel dat moet worden ingevroren in het vriesvak.
- De maximale hoeveelheid voedsel die binnen 24 uur kan worden ingevroren, staat aangegeven op het typeplaatje.
- Het invriesproces duurt 24 uur: Gedurende deze tijd mag geen ander voedsel worden ingevroren.
BEWAREN VAN DIEPVRIESPRODUCTEN
Laat het apparaat bij het eerste gebruik of na een lange periode van niet-gebruik minstens 2 uur op de hoogste stand werken voordat u voedsel in het vak plaatst. BELANGRIJK! In geval van onbedoelde ontdooiing, bijvoorbeeld wanneer de stroom langer uitgeschakeld is geweest dan de in de tabel met technische kenmerken onder "Ontdooitijd" aangegeven waarde, moet het ontdooide voedsel snel worden geconsumeerd of onmiddellijk worden gekookt en vervolgens (na het koken) opnieuw worden ingevroren. ONTDOOIEN Bevroren of diepgevroren voedsel kan vóór gebruik in het koelvak of op kamertemperatuur worden ontdooid, afhankelijk van de tijd die voor dit proces beschikbaar is. Kleine stukken kunnen zelfs nog bevroren, rechtstreeks uit de vriezer, worden gekookt. In dat geval duurt het koken langer.22 TOEBEHOREN BEWEEGLIJKE LEGPLANKEN De wanden van de koelkast zijn voorzien van een reeks geleiderails, zodat de legplanken naar wens kunnen worden geplaatst!
PLAATSING VAN DE DEURVAKKEN
Om het bewaren van voedselverpakkingen van verschillende afmetingen mogelijk te maken, kunnen de deurvakken op verschillende hoogten worden geplaatst. Ga voor deze aanpassingen als volgt te werk: Trek de deurvakken langzaam in de richting van de pijl totdat ze loskomen en positioneer ze daarna opnieuw naar wens.
NUTTIGE AANWIJZINGEN EN TIPS
Hier zijn enkele belangrijke aanwijzingen waarmee u het invriesproces optimaal kunt benutten:
- De maximale hoeveelheid voedsel die binnen 24 uur kan worden ingevroren, staat aangegeven op het typeplaatje;
- Het invriesproces duurt 24 uur. Gedurende deze tijd mag geen andere voedsel worden ingevroren;
- Vries alleen vers en grondig schoongemaakt voedsel van hoge kwaliteit in;
- Bereid voedsel voor in kleine porties zodat het snel en volledig kan worden ingevroren en later alleen de benodigde hoeveelheid hoeft te worden ontdooid;
- Wikkel het voedsel in aluminiumfolie of polyethyleen en zorg ervoor dat de verpakkingen luchtdicht zijn;
- Zorg ervoor dat vers, niet-bevroren voedsel niet in contact komt met reeds ingevroren voedsel, om een temperatuurstijging hiervan te voorkomen;
- Mager voedsel kan beter en langer worden bewaard dan vet voedsel; zout vermindert de houdbaarheid van voedsel;
- Waterijs dat onmiddellijk nadat het uit het vriesvak is gehaald wordt geconsumeerd, kan eventueel een koudebrandwond op de huid veroorzaken;
- Het wordt aanbevolen de invriesdatum op elke afzonderlijke verpakking aan te geven, zodat u deze niet onnodig uit het vriesvak hoeft te halen, wat eventueel tot koudebrandwonden op de huid kan leiden;23
- Wij adviseren om de invriesdatum op elke afzonderlijke verpakking aan te geven, zodat u de bewaartijd in de gaten kunt houden.
AANWIJZINGEN VOOR HET BEWAREN VAN
INGEVROREN VOEDSEL Om de beste prestaties van dit apparaat te verkrijgen, moet u:
- Erop letten dat het commercieel ingevroren voedsel correct is opgeslagen door de detailhandelaar;
- Ervoor zorgen dat het diepgevroren voedsel zo snel mogelijk van de supermarkt naar de vriezer wordt overgebracht;
- De deur niet vaak openen of langer open laten dan nodig is.
- Erop letten dat eenmaal ontdooid voedsel snel bederft en niet opnieuw kan worden ingevroren;
- De door de voedselfabrikanten opgegeven bewaartijd niet overschrijden.
AANWIJZINGEN VOOR HET KOELEN VAN VERS
VOEDSEL Let op het volgende om optimale prestaties te bereiken:
- Bewaar geen warm voedsel of verdampende vloeistoffen in de koelkast.
- Bedek of verpak het voedsel, vooral als het van zichzelf een sterke geur heeft.
- Verpak (alle soorten) voedsel in polyethyleen-zakken en leg deze op de glazen planken boven de groentelade.
- Om het zekere voor het onzekere te nemen, kunt u deze beter slechts een of twee dagen op deze manier bewaren.
- Gekookt voedsel, koude gerechten enz.: Deze moeten worden afgedekt en kunnen op elke gewenste plank worden gelegd.
- Fruit en groenten: Deze moeten grondig worden schoongemaakt en in de daarvoor bestemde lade(n) worden gelegd.
- Boter en kaas: Deze moeten in speciale luchtdichte containers worden gedaan, in aluminiumfolie worden gewikkeld of in polyethyleen-zakken worden ingepakt, zodat er zo min mogelijk lucht wordt ingesloten.
- Melkflessen: Deze moeten een deksel hebben en worden bewaard in de deurvakken aan de binnenkant van de deur.
- Bananen, aardappelen, uien en knoflook mogen niet in de koelkast worden bewaard, tenzij deze zijn verpakt.24 REINIGING Om hygiënische redenen moet de binnenkant van het apparaat, met inbegrip van de accessoires binnenin, regelmatig worden gereinigd. LET OP! Het apparaat mag tijdens het reinigen niet op het elektriciteitsnet zijn aangesloten. Gevaar voor een elektrische schok! Voordat u het apparaat reinigt, moet u het uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken, of de stroomonderbreker of zekering uitschakelen. Reinig het apparaat nooit met een stoomreiniger. Het vocht kan zich ophopen in de elektrische onderdelen, er bestaat gevaar voor elektrische schokken! Hete dampen kunnen tot beschadiging van de kunststof onderdelen leiden. Het apparaat moet droog zijn voordat het weer in gebruik wordt genomen. BELANGRIJK! Etherische oliën en organische oplosmiddelen kunnen kunststof onderdelen aantasten, bijvoorbeeld citroensap of het sap van sinaasappelschillen, boterzuur, schoonmaakmiddelen die azijnzuur bevatten.
- Zorg ervoor dat dergelijke stoffen niet in contact komen met de onderdelen van het apparaat.
- Gebruik geen schuurmiddelen.
- Pak het voedsel uit de vriezer. Bewaar het goed afgedekt op een koele plaats.
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker eruit of schakel de stroomonderbreker of de zekering uit.
- Reinig het apparaat en de accessoires in de binnenruimte met een doek en lauwwarm water. Was na het reinigen alles af met schoon water en wrijf het droog.
- Neem het apparaat weer in gebruik als alles droog is. BESCHRIJVING VOOR ONTDOOIEN (NO FROST) Dit is een volledig vorstvrije koel-vriescombinatie (No Frost) die automatisch ontdooit.25 PROBLEEMOPLOSSING LET OP! Ontkoppel het apparaat vóór het storingzoeken van de stroomvoorziening. Het verhelpen van storingen die niet in deze handleiding worden genoemd, mag alleen worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien of een vakbekwaam persoon. BELANGRIJK! Tijdens de normale werking zijn enkele geluiden te horen (compressor, koelmiddelcircuit). Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Het apparaat werkt niet.
1. De netstekker zit niet in
het stopcontact of zit los.
1. Steek de netstekker in het
2. Controleer de zekering en
vervang deze indien nodig.
3. Storingen in het stroomnet
moeten door een elektricien worden verholpen. Het apparaat vriest of koelt te hard. De temperatuur is te koud ingesteld of het apparaat werkt in de SUPER-modus. Draai de temperatuurregelaar tijdelijk op een warmere stand. Het voedsel is niet voldoende bevroren.
1. De temperatuur is niet
2. De deur stond een
3. Een grote hoeveelheid
warm voedsel werd in de afgelopen 24 uur in het apparaat geplaatst.
4. Het apparaat bevindt
zich in de buurt van een warmtebron.
1. Raadpleeg het gedeelte over
de aanvankelijke temperatuurinstelling.
2. Open de deur niet langer dan
3. Draai de temperatuurregelaar
tijdelijk op een koudere stand.
4. Raadpleeg het gedeelte over
de installatieplaats. Sterke ijsvorming op de deurafdichting. De deurafdichting is niet luchtdicht. Verwarm de lekkende delen van de deurafdichting voorzichtig met een föhn (op een koele stand). Vervorm daarbij handmatig de verwarmde deurafdichting, zodat deze goed past.26
Neem, als de storing zich weer voordoet, contact op met het Service-Center. Deze gegevens zijn nodig om u snel en correct te kunnen helpen. Vul hier de benodigde gegevens in; u vindt deze op het typeplaatje. Abnormale geluiden.
1. Het apparaat staat niet
2. Het apparaat raakt de
muur of andere voorwerpen.
bijvoorbeeld een buis, aan de achterzijde van het apparaat raakt een ander deel van het apparaat of de muur.
1. Stel de nivelleerpootjes
2. Beweeg het apparaat een
3. Buig indien nodig het
onderdeel voorzichtig uit de weg. Water op de bodem. Het waterafvoergat is verstopt. Raadpleeg het gedeelte over reiniging en onderhoud.INDICE
Notice-Facile